CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Kaderbrief 2027.pdf

Commissie Bestuur en Financiën 17 juni 2026, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 8.: Kaderbrief 20274.851 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanbieding Jaarlijks geeft de gemeenteraad in de Kadernota de richting voor de nieuwe of veranderde plannen voor de komende jaren. En ook hoeveel geld de gemeente daaraan uitgeeft. In dit verkiezingsjaar brengen wij geen Kadernota 2027 uit, maar een Kaderbrief 2027. Met het vaststellen van de Kaderbrief 2027 werken we toe naar de Programmabegroting 2027-2030. De Programmabegroting wordt in het najaar aan de raad aangeboden. Na de vaststelling van de Programmabegroting 2027-2030 komen de budgetten vrij voor de uitvoering van de plannen en lopende ontwikkelingen.

Deze kaderbrief vormt input voor de nieuwe coalitieperiode In deze Kaderbrief 2027 wordt vanuit de startpositie van de programmabegroting 2026 – 2029 het actuele beeld gegeven. Deze actualisatie vormt input voor de nieuwe coalitieperiode. In de Kaderbrief leggen wij u de actuele ontwikkelingen van het gemeentefonds en de autonome en onontkoombare ontwikkelingen voor. Beleid waarin nog ambitie is opgenomen en waarin nog keuze dienen te worden gemaakt leggen wij aan u ter besluitvorming voor via een afzonderlijk voorstel. Deze besluiten betrekken wij bij de opstelling van de Programmabegroting 2027 – 2030.

Overbruggen van het ravijn vraagt invulling bezuinigingsopgave Met deze Kaderbrief 2027 geven we ook verdere invulling aan onze solide financiële strategie waarin we de ravijnjaren die door het Rijk zijn gecreëerd, kunnen overbruggen. Wij onderzoeken onze structurele budgetten vanuit een kwalitatieve lijn en een technische lijn op mogelijkheden om invulling te geven aan de voorliggende besparingsopgave. Wij willen u de Programmabegroting 2027 – 2030 met een sluitend meerjarenperspectief voorleggen. We zijn nog in afwachting van de Meicirculaire 2026 met daarin de eerste uitkomsten van de besluitvorming van de nieuwe landelijke coalitie. Zoals gebruikelijk betrekken we de uitkomsten van deze circulaire bij de opstelling van onze Programmabegroting.

Regionalisering Jeugdzorg en Wmo In 2026 geven we verder invulling aan het besluit om de Jeugdzorg en de Wmo te regionaliseren. Vanaf 2027 kopen wij de Jeugdzorg en Wmo-maatwerkvoorzieningen regionaal in via de Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Utrecht-West en is de toegang tot deze hulp meer in regie van de gemeente. Ook ontwikkelen wij de ondersteuning aan inwoners vanuit partijen in het Voorveld verder door.

2

Financieel beeld Samenvatting Het financiële uitgangspunt voor de Kaderbrief 2027 is een herstel op termijn: een sluitende begroting voor 2027 en herstel van onze reservepositie. Dit in afwachting van de opgaven vanuit het nieuwe coalitieakkoord en de keuzes in mogelijke dekkingsmaatregelen. We houden daarnaast rekening met de huidige financiële ontwikkelingen, zoals de inflatie. Kaderbrief 2027-2030 (bedragen x € 1.000) A. Startpositie: Programmabegroting 2026-2029

2027

2028

2029

2030

-2.682

-2.819

-1.961

-1.961

Autonome ontwikkelingen B. Autonome ontwikkelingen gemeentefonds

2.898

2.995

3.087

3.296

C. Autonome en onontkoombare ontwikkelingen

-5.108

-5.108

-5.108

-5.108

Totaal autonome ontwikkelingen

-2.210

-2.113

-2.021

-1.812

D. Aanvragen autonome - en beleidswensen

-1.148

-1.073

-808

-808

Totaal Aanvragen autonome - en beleidswensen

-1.148

-1.073

-808

-808

-

-

-

-

E2. Inkomsten inflatievolgend verhogen

564

564

564

564

E3. Inzet algemene dekkingsmiddelen

348

348

348

348

E4. Financieel plafond Investeringen

-

-

-

-

Totaal dekkingsmogelijkheden

912

912

912

912

-5.128

-5.093

-3.878

-3.669

-

-

-

-

-5.128

-5.093

-3.878

-3.669

Aanvragen autonome - en beleidswensen

Dekkingsmogelijkheden E1. Uitgaven verlagen

Stand Kaderbrief 2027 (negatief bedrag = nadeel; positief bedrag = voordeel) waarvan incidenteel Structureel saldo Kaderbrief 2027-2030

Ontwikkeling gemeentefonds – Voorjaarsnota Rijk 2026 De besluitvorming over de Voorjaarsnota 2026 van het Rijk is op dit moment (medio april 2026) nog niet afgerond. De uitkomsten van de Voorjaarsnota 2026 worden op z’n vroegst door het Rijk verwerkt in de Meicirculaire 2026. Deze Gemeentefondscirculaire verwerken we in de Programmabegroting 2027 – 2030. Autonome- en beleidsontwikkelingen In de Kaderbrief zoeken we met de beperkte financiële middelen die het Rijk beschikbaar stelt en de gehanteerde beleidsuitgangspunten een balans tussen de financiële middelen die nodig zijn voor de noodzakelijke uitgaven voor autonome beleidsontwikkelingen en de beschikbare financiële middelen. Belangrijke uitgangspunten zijn het komen tot een sluitende meerjarenbegroting waarbij we incidentele dekkingsmiddelen inzetten om de ravijnjaren te overbruggen en onze reservepositie versterken. Hierdoor blijft de opgenomen stijging van de gemeentelijke belastingen en heffingen beperkt tot inflatievolgend. Dekkingsmogelijkheden Uit bovenstaande tabel valt af te lezen dat het meerjarenperspectief van de Kaderbrief 2027 negatieve begrotingssaldi laat zien, dit vraagt om maatregelen. In de Programmabegroting 2027 – 2030 leggen wij u voor hoe te komen tot een sluitend meerjarenperspectief. In de Kaderbrief 2027 gaan wij uit van een inflatievolgende bijstelling van de gemeentelijke belastingen.

En het zoveel mogelijk opvangen van de kostenstijgingen door de inflatie vanuit de hiervoor gevormde stelposten.

3

Leeswijzer In het volgende hoofdstuk wordt ingegaan op de uitgangspunten, die bij de Programmabegroting 2027 2030 worden gehanteerd. Per programma is vervolgens een nadere toelichting gegeven op de beleidswensen. In aparte hoofdstukken wordt vervolgens ingegaan op het strategisch financieel beleid voor 2028 - 2030. Daarna worden de autonome ontwikkelingen en de dekkingsmogelijkheden toegelicht. In de bijlage is een compleet financieel beeld van deze Kaderbrief opgenomen.

Toelichting tabellen Bij de financiële cijfers worden lasten/ nadeel met een negatief getal weergegeven en baten/ voordeel met een positief getal. Onttrekkingen uit de reserves zijn voor de exploitatie een bate en dus een positief getal. Toevoegingen aan de reserves zijn lasten voor de exploitatie en dus een negatief getal. Voor de leesbaarheid is gekozen om bedragen af te ronden op € 1.000. Indien daarvan wordt afgeweken, dan wordt dat bij de tabel aangegeven. Het kan gebeuren dat hierdoor bij de tabellen een minimaal verschil optreedt door deze afrondingen.

4

Uitgangspunten Kaderbrief 2027 Uitgangspunten Kaderbrief 2027 We hanteren de volgende uitgangspunten voor het opstellen van de Programmabegroting 2027 - 2030. Indexeringen CAO De hoogte van de loonsom in geld (€) wordt bepaald door de toegestane formatie per functie te vermenigvuldigen met de werkgeverslasten, op basis van het schaalmaximum en de meest actuele CAO. De huidige CAO heeft een looptijd tot en met 31 maart 2027. In deze Kaderbrief is rekening gehouden met een loonstijging in 2027 van 5,1%. Wij verwachten dat in de Meicirculaire 2026 een bijstelling wordt opgenomen voor de loonindexering in de komende jaren. Bij het opstellen van de Programmabegroting 2027 - 2030 gebruiken wij de laatst bekende informatie. Prijsontwikkeling materiële budgetten De prijsontwikkeling wordt op basis van het algemene indexcijfer in 2027 geraamd op 2,2%. Wij verwachten dat in de Meicirculaire 2026 een bijstelling wordt opgenomen voor de prijsindexering in de komende jaren. Bij het opstellen van de Programmabegroting 2027 - 2030 gebruiken wij de laatst bekende informatie. Gemeenschappelijke regelingen en subsidies Gemeenschappelijke regelingen leggen jaarlijks de ontwerpbegrotingen voor zienswijze voor aan de gemeenteraden. In de zienswijzen benadrukken wij dat wij voor een bezuinigingsopgave staan als gevolg van de kortingen op het Gemeentefonds (ravijnjaren).

In deze Kaderbrief gaan wij uit van een algemeen indexatie van 3,3% voor gemeenschappelijke regelingen. Niet alle gemeenschappelijke regelingen zijn vergelijkbaar. We betrekken de besluitvorming bij de opstelling van de Bestuursrapportage. Voor de subsidies houden we rekening met een gemiddelde indexering van 3,3%. Hiervoor is een structureel budget opgenomen van € 313.000. Algemene uitkering Bij het opstellen van de Kaderbrief 2027 is uitgegaan van de september- en decembercirculaire 2025. De financiële effecten van de Meicirculaire 2026, die eind mei of begin juni wordt gepubliceerd, betrekken we bij de opstelling van de Programmabegroting 2027 - 2030. Via een raadsinformatiebrief zullen wij u informeren over de financiële effecten van de Meicirculaire 2026. Indexering belastingen, heffingen en overige inkomsten De belastingen, heffingen en overige inkomsten verhogen we jaarlijks met het algemene indexcijfer van het CPB. Voor 2027 wordt dat 3,3%. Meerjarenperspectief De baten en lasten in het meerjarenperspectief presenteren we op basis van constante prijzen met prijspeil 2027.

5

Ontwikkelingen per programma De nieuwe ontwikkelingen die zijn opgenomen in de Kadebrief beschrijven we per programma. De continuering van onze going-concerntaken nemen we op in de begroting.

6

Programma 1 Bestuur Artificiële Intelligentie en datagedreven werken (€ 365.000 2027 en 2028 & € 100.000 2029 structureel) Digitalisering en datagedreven werken vormen de kern van de gemeentelijke dienstverlening. Informatiebeheer is daarmee van groot belang voor een transparante, efficiënte en betrouwbare overheid. Data en Informatie vormen een belangrijk onderdeel van de fundamenten van de gemeente: het ondersteunt besluitvorming, dienstverlening aan inwoners en bedrijven, beleidsontwikkeling en verantwoording aan de samenleving. En met AI voegen we daar technologie aan toe die ons in staat stelt significante stappen hierin te maken, passend bij de technologische ontwikkelingen breder in de samenleving. In zowel het laatste toezichtsrapport van onze provinciale toezichthouder op het gebied van informatiebeheer als in het rapport van de rekenkamercommissie over informatieveiligheid wordt aangegeven dat we vooruitgang hebben geboekt, maar nog belangrijke stappen moeten zetten om compliant te worden met geldende wet- en regelgeving zoals de AVG, AWB, WOO, en AI Act. Additionele middelen worden hiervoor beschikbaar gesteld. Ten aanzien van de implementatie van AI hanteren we een use case gedreven aanpak. Dat heeft als voordeel dat we direct waarde creëren op basis van een concrete vraag vanuit de organisatie.

We beginnen klein zodat we kunnen leren en schalen op wanneer dat mogelijk is. Tegelijk borgen we beleid, technologie, werkwijzen, kennis en kunde in de organisatie zodat opschaling mogelijk en verantwoord is. In 2026 leggen we een fundament voor datagedreven werken en AI. In de aankomende jaren investeren we, in aanvulling op bestaande budgetten, € 365.000 (per jaar, in 2027 en in 2028) en vanaf 2029 € 100.000 (structureel). Deze middelen worden ingezet voor de projectaanpak, eventueel benodigde middelen voor de hieruit volgende lijnactiviteiten worden in de projectfase nader uitgewerkt waarover te zijner tijd besluitvorming zal plaatsvinden.

7

Programma 2 Veiligheid VRU Kadernota 2027 (€ 187.000 structureel) Om de taakuitvoering en de organisatie toekomstbestendig te houden, is het nodig dat de VRU haar organisatie robuust inricht en op orde komt en blijft. De VRU heeft daartoe het toekomstscenario ‘op orde’ uitgewerkt waarbij de benodigde middelen zijn uitgewerkt om de huidige taken te kunnen blijven uitvoeren. De financiële gevolgen daarvan zijn beschreven in de VRU-Kadernota 2027. De aanvullende uitgaven vanuit het scenario ‘op orde’ kennen een opbouw over de jaren. In de VRUKadernota 2027 is een bijstelling van de financiële uitgangspunten (zoals ijkpuntscores Gemeentefonds en loon- en prijsindexeringen) opgenomen. Door de gestelde financiële uitgangspunten stijgt onze bijdrage in 2027 tot € 5,146 miljoen, een verhoging van € 180.000. Ook onze IGPP-vergoeding (individueel gemeentelijk pluspakket voor deel van het onderhoud van de brandweerkazernes) stijgt door de bijstelling van de financiële uitgangspunten met € 3.000 in 2026 en € 7.000 in 2027. Ter dekking van deze uitgaven (€ 187.000) zetten wij onze stelpost lonen- en prijsindexatie in.

Wet Veilige jaarwisseling (€ 60.000 structureel) De jaarwisseling vraagt de afgelopen jaren steeds meer bestuurlijke en ambtelijke aandacht. Net als in de rest van het land zien we tijdens de jaarwisselingen verharding van incidenten, toename van geweld tegen hulpverleners en gebruik van (zwaar) illegaal vuurwerk. Wij bereiden ons daarbij voor op de uitvoering van de Wet Veilige Jaarwisseling, die vanaf 2026 meer verantwoordelijkheid bij ons neerlegt om de jaarwisseling lokaal veilig en beheersbaar te organiseren. Dat vraagt om tijdige en bewuste bestuurlijke keuzes over preventieve maatregelen en een integrale handhavingsstrategie. Een zorgvuldige en afgewogen voorbereiding voor een veilige jaarwisseling vraagt om structurele beleidsmatige capaciteit binnen team Veiligheid (0,5 fte beleidsadviseur Openbare Orde en Veiligheid, € 60.000). Deze beleidsadviseur is ook verantwoordelijk voor andere landelijke ontwikkelingen binnen het veiligheidsdomein. Naast deze structurele inzet kunnen er per jaar incidentele uitvoeringskosten ontstaan, bijvoorbeeld voor communicatie of het ondersteunen van lokale initiatieven rond de jaarwisseling. Deze kosten worden afzonderlijk afgewogen binnen de bestaande budgetten.

Weerbaarheid en Veerkracht (p.m.) In de begroting 2026 is met een p.m.-post rekening gehouden met de ambitie om de gemeentelijke weerbaarheid en veerkracht te versterken. In 2027 werken we deze ambitie verder uit door verder te gaan met een samenhangend pakket aan voorbereidingen gericht op noodsituaties en maatschappelijke weerbaarheid. De gemeente werkt hierin structureel samen met de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) en het Rijk, binnen landelijke en regionale afspraken over crisisbeheersing en maatschappelijke continuïteit. De verwachting is dat het Rijk deze ontwikkeling op termijn zal ondersteunen met aanvullende instrumenten en/of incidentele middelen, maar op dit moment bestaat hierover nog onvoldoende concreet zicht. Met financiering van het Rijk en in samenwerking met de VRU, is in 2026 in Stichtse Vecht door middel van een pilot ervaring opgedaan met de inrichting en werking van noodsteunpunten op vijf verschillende locaties. Met de financiering van deze pilot is een aantal noodzakelijke investeringen gedaan die toekomstige incidentele kosten verlagen. Maatschappelijke weerbaarheid tegen het verhoogde risico op noodsituaties vraagt echter om continue inzet op de zelf- en samenredzaamheid van de samenleving. Onder andere door netwerken te activeren en te onderhouden, handelingsperspectieven te bieden en noodsteunpunten verder te ontwikkelen.

Hiervoor is naast eventuele incidentele middelen van het Rijk op termijn structurele capaciteit nodig.

8

Programma 3 Fysiek Klein onderhoud wegen (€ 300.000 structureel) Op 13 mei 2025 heeft de raad ingestemd met een aanpassing in de financiële methodiek met betrekking tot het groot onderhoud wegen. Onderdeel van dit voorstel was het vervallen van de oorspronkelijke toevoeging aan de voorziening groot onderhoud wegen (besluitpunt 5) en een verhoging van het budget voor dagelijks onderhoud (besluit punt 6 en 7). Voor 2025 is deze verhoging doorgevoerd via de Bestuursrapportage 2025. In de meerjarenbegroting moet deze verhoging nog doorgevoerd worden. Uit nader onderzoek blijkt dat een structurele verhoging met € 300.000 nodig is om het dagelijks onderhoud op het vastgestelde niveau te kunnen uitvoeren.

Herinrichting speeltuinen (€ 0 structureel) Vanaf 2027 zijn er geen budgetten voor Spelen opgenomen in de meerjareninvestering. Om de speel- en sportplekken op het vastgestelde en gewenste kwaliteitsniveau te brengen en houden zijn investeringen nodig. Op basis van het beleidskader “Buiten Spelen, Natuurlijk!” zijn kwaliteitskaarten uitgewerkt, waarin een keuze is gemaakt voor scenario 3, streefbeeld. In dit scenario is opgenomen welke speel- en sportplekken ingericht blijven als speel- en sportplekken en welke plekken buurt initiatiefplekken worden. Voorgesteld wordt om een jaarlijks vervangingsbudget van € 455.000 op te nemen in de meerjareninvesteringsplanning met ingang van 2027. Vanaf 2032 kan het investeringsbudget worden teruggeschroefd naar € 380.000. Met de voorgestelde investeringen van € 455.000 per jaar zijn afschrijvingslasten ter hoogte van circa €30.000 gemoeid en totale kapitaallasten (inclusief rente) met een hoogte van circa €40.000. Omdat er elk jaar geïnvesteerd wordt, stijgt de totale bijkomende kapitaallast jaarlijks. Dus na 4 jaar investeren is de kapitaallast circa € 160.000. Door de inhaalslag in investeringen, kunnen de onderhoudslasten ieder jaar dalen tot € 125.000 in 2031. Dat is € 160.000 lager dan het huidige onderhoudsbudget. Tot en met 2031 kunnen daardoor de nieuwe kapitaallasten opgevangen worden door een verlaging van de onderhoudslasten.

Voldoen wettelijke inzamelplicht GFT hoogbouw (€ 0 structureel) De Europese Kaderrichtlijn Afvalstoffen die vertaald is in de Wet Milieubeheer verplicht de gescheiden inzameling van bioafval (GFT) uiterlijk per 31 december 2023. Voor Nederlandse gemeenten houdt dit in dat zij alle aangesloten huishoudens voorzieningen moeten geven om hun GFT aan de bron gescheiden aan te kunnen bieden, ook die huishoudens waarvoor dat tot nu toe niet of nauwelijks het geval was. Dit betekent dat vanaf 2024 bewoners van flats en appartementen in Stichtse Vecht ook GFT apart moeten kunnen aanbieden. De gemeente moet daartoe verzamelcontainers plaatsen die goede service bieden (beperkte loopafstand) en niet gevoelig zijn voor vervuiling van het GFT (alleen toegankelijk met afvalpas voor wie dit geldt). GFT dat niet wordt gescheiden heeft een groot gewichtsaandeel in het restafval. Door hoogbouwbewoners ook in de gelegenheid te stellen hun GFT voortaan te scheiden, zijn zij ook in staat voortaan minder restafval te produceren. De investeringskosten voor GFT-cocons in de hoogbouw zijn € 250.000 (circa 100 cocons à € 2.500). De afschrijftermijn van de cocons is 20 jaar. De bijkomende exploitatiekosten (kapitaallasten en inzamelingskosten) bedragen in totaal circa € 30.000. Omdat verwerking van GFT per ton ca.

€ 60 minder kost dan die van restafval, kunnen de exploitatiekosten deels worden terugverdiend. De jaarlijkse besparing ligt naar verwachting rond de € 15.000. Het restant wordt verwerkt in de afvalstoffenheffing.

9

SPUK CDOKE (€ 0 structureel) Vanaf 2023 heeft de gemeente jaarlijks middels een Specifieke Uitkering (SPUK CDOKE) 1,1mln ontvangen voor de inzet van capaciteit voor de uitvoering van klimaat- en energiebeleid. De gemeente Stichtse Vecht heeft deze middelen sinds begroting 2024 structureel opgenomen. In 2027 krijgt gemeente Stichtse Vecht een uitkering van circa € 2,2 miljoen per jaar tot en met (naar verwachting) minimaal 2030. Het Rijk stimuleert om deze middelen structureel inzetbaar te maken, zodat gemeenten vast personeel kunnen aannemen. Deze uitkering vindt in 2027 plaats door een bijzondere fondsuitkering. Dat betekent minder verantwoordingslasten. Wel kan het Rijk informatie opvragen om te kijken of de duurzaamheidsdoelen worden bereikt en de kosten passend zijn. In de periode 2027-2030 wordt ingezet op de volgende thema’s om aan de duurzaamheidsdoelstellingen te voldoen: Uitvoering van het duurzaamheidsprogramma, het opstellen en uitvoeren van het (verplichte) warmteprogramma. Het verder vormgeven van het soortenmanagementplan, continuering samenwerking Stichting Duurzame Vecht middels een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) en verduurzaming eigen vastgoed, energieadvies en circulariteit. De additionele middelen worden structureel (budgetneutraal) aan de begroting toegevoegd.

SPUK Realisatiestimulans (p.m.) Het kabinet streeft ernaar dat er jaarlijks 100.000 nieuwe woningen worden gebouwd, waarvan twee derde betaalbaar. Om gemeenten te ondersteunen bij deze opgave, heeft het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) de Realisatiestimulans ingevoerd. Gemeenten ontvangen een vaste bijdrage van € 7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw start in de periode 2025 tot en met 2029. Verwacht wordt dat de regeling ook na 2029 zal doorlopen, maar dit is nog niet definitief aangekondigd door het Rijk. Het doel van de Realisatiestimulans is om woningbouw haalbaar te maken in heel Nederland, ook waar betaalbare woningen anders moeilijk tot stand komen. Gemeenten kunnen de bijdrage laagdrempelig aanvragen bij het Rijk. Woningen die al zijn gesubsidieerd via andere rijksmiddelen, zoals de Woningbouw Impuls en Start Bouw Impuls, zijn uitgesloten van deze regeling. Er worden een strategie en bestedingsplan uitgewerkt en ter besluitvorming voorgelegd aan College en Raad De prognose is dat er in 2026 wordt gestart met de bouw van 170 woningen in het betaalbare segment. De inkomsten en programmering van de middelen uit de realisatiestimulans worden structureel opgenomen. De omvang hiervan wordt verder gespecificeerd in de Programmabegroting en Bestuursrapportage.

10

Programma 4 Sociaal Regionalisering Jeugdzorg en Wmo (p.m.) Het budget van TIM Stichtse Vecht wordt per 2027 verdeeld over de nieuwe structuur met: •

gemeentelijke toegang

•

VIA als vraag- en informatiepunt

•

ondersteuning door het voorveld

•

regionale inkoop van jeugdhulp en Wmo-begeleiding

•

de nieuwe Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Utrecht-West (GR SD UW).

Uitgangspunt is om zoveel mogelijk binnen bestaande middelen te werken, door herverdeling van het budget van TIM Stichtse Vecht. Daarbij gaan we uit van de uitgaven in 2025 (26,2 mln.). Op moment van schrijven is het niet mogelijk om een indicatieve herverdeling te maken. Deze zal worden opgenomen in de Programmabegroting 2027-2030, inclusief een financiële prognose en beleidsmaatregelen (inclusief mijlpalen). In 2027 is er ook sprake van incidentele kosten voor de regionale samenwerking. Dit betreft frictiekosten voor de oprichting van de GR SD UW. En projectkosten voor de voorbereiding van de inkoop van de jeugdhulp en Wmo-begeleiding. In de loop van 2026 zijn deze kosten inzichtelijk en zullen we deze verwerken in de Programmabegroting 2027-2030.

Invoering Participatie in balans (2027 € 75.000 incidenteel, daarna € 0 via bijdrage Gemeentefonds) De Participatiewet in Balans, die per 1 januari 2026 werd ingevoerd, heeft gevolgen voor de uitvoering van de Participatiewet en de begeleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De wet richt zich op meer maatwerk en minder regels, met een grotere nadruk op vertrouwen in de inwoner en de professional. Voor de invoering van deze wet in 2027 wordt een incidenteel bedrag van € 75.000 beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn bedoeld voor de implementatie van nieuwe werkwijzen, zoals aanpassingen in processen, communicatie en systemen, die noodzakelijk zijn om de wet effectief uit te voeren. De kosten zullen in 2027 voornamelijk betrekking hebben op de inrichting van het beleid en de uitvoering, evenals de noodzakelijke systeemaanpassingen.

CAO aan de slag 2026-2027 (Kansis) (€ 0 via stelpost lonen en prijzen) De Cao "Aan de slag" 2026-2027 heeft invloed op de uitvoering van het beleid rondom de participatie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, specifiek binnen de dienstverlening van Kansis en Kansis Groen. Deze cao-aanpassing zal resulteren in verhoogde loonkosten voor de uitvoering van het begeleid werken en beschut werk. De impact van de Cao wordt begroot op basis van de stelpost lonen en prijzen, wat betekent dat de extra kosten door middel van de beschikbare stelposten worden gefinancierd. De structurele verhoging in de loonkosten zal vanaf 2026 doorwerken in de begroting, maar aangezien het geen extra budget vereiste boven de stelposten, worden deze kosten als neutraal in de begroting verwerkt.

Gemeenschappelijke Regeling GGD Regio Utrecht (€ 0 via stelpost lonen en prijzen) Op basis van de conceptbegroting 2027 van de GGDrU wordt voor Stichtse Vecht uitgegaan van een geraamde bijdrage van € 3.678.000 in 2027, tegenover € 3.615.000 in 2026. Dit betekent een structurele stijging van circa € 63.000, die voortkomt uit verwachte autonome ontwikkelingen (loon- en prijsindexaties). De conceptbegroting 2027 van de GGDrU is beleidsarm opgesteld en bevat de bezuinigingen die op verzoek van het Algemeen Bestuur zijn verwerkt.

11

Programma 5 Samenleven In de Kaderbrief 2027 zijn er geen autonome ontwikkelingen of beleidswensen voor dit programma toe te lichten.

12

Strategisch financieel beleid 2027 – 2030 In dit hoofdstuk is een prognose opgenomen voor ons incidenteel en ons structureel weerstandsvermogen. Hiermee richten wij ons niet alleen op een sluitende meerjarenbegroting, maar ook op het behouden van een solide reservepositie.

Incidenteel weerstandsvermogen In de concept Jaarstukken 2025 is in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing een benodigd weerstandsvermogen van € 10,8 miljoen berekend. In deze Kaderbrief hanteren we voor de omvang van ons weerstandsvermogen de vastgestelde norm dat de ratio weerstandsvermogen tussen de 1,4 en 2,0 (ruim voldoende) moet liggen. Uit het onderstaande overzicht valt af te lezen dat de negatieve begrotingssaldi de weerstandsratio onder de vastgestelde norm laat dalen. Wij onderzoeken onze structurele budgetten vanuit een kwalitatieve lijn en een technische lijn op mogelijkheden om invulling te geven aan de voorliggende besparingsopgave. Wij willen u de Programmabegroting 2027 – 2030 met een sluitend meerjarenperspectief voorleggen. Indien het geprognosticeerde begrotingsresultaat in de komende jaren in positieve zin afwijkt van het onderstaande beeld dan verbeteren we hiermee onze reservepositie. Kaderbrief 2027-2030 (bedragen x € 1.000)

2026 *1)

2027

2028

2029

2030

Beginstand Algemene Reserve

17.539

13.862

8.734

3.641

-237

Algemene reserve weerstandratio 1

10.800

10.800

10.800

10.800

10.800

Algemene reserve vrij deel

6.739

3.062

-2.066

-7.159

-11.037

Mutaties jaarrekening 2025

286

Mutaties begroting 2026 Begrotingsresultaat

-3.963 -5.128

-5.093

-3.878

-3.669

Eindstand Algemene Reserve

13.862

8.734

3.641

-237

-3.907

Benodigde weerstandscapaciteit (conform Jaarrekening 2025)

-10.800

-10.800

-10.800

-10.800

-10.800

1,28

0,81

0,34

-0,02

-0,36

Ratio weerstandsvermogen

*1) De mutaties opgenomen in de kolom 2026 zijn gebaseerd op de concept jaarrekening 2025.

Structureel weerstandsvermogen In de Programmabegroting 2026 – 2029 is voor de jaren na 2026 een structureel weerstandsvermogen beschikbaar. In de jaren 2026 tot en met 2029 is het structureel weerstandsvermogen nog beschikbaar om de benoemde risico's op te kunnen vangen. In de Programmabegroting 2027 – 2030 zullen we voor 2027 tot en met 2030 de benodigde omvang van het structureel weerstandsvermogen bepalen.

13

Toelichting autonome ontwikkelingen en dekkingsmogelijkheden Wij geven hieronder een korte toelichting op de autonome ontwikkelingen en de dekkingsmogelijkheden, die opgenomen zijn in deze Kaderbrief.

B. Autonome ontwikkelingen gemeentefonds B. Autonome ontwikkelingen gemeentefonds (bedragen x € 1.000)

2027

2028

2029

2030

Septembercirculaire 2025 (RIB 9-10-2025) Decembercirculaire 2025 (RIB 15-01-2026)

2.898 0

2.995 0

3.087 0

3.296 0

Totaal Autonome ontwikkelingen gemeentefonds

2.898

2.995

3.087

3.296

In deze Kaderbrief hebben wij de september- en decembercirculaire 2025 gebruikt voor de indicatieve begrotingsprognose voor 2027 - 2030. De VNG blijft zich inzetten voor een betere financiële positie van gemeenten, waarbij taken en middelen in balans zijn. De Meicirculaire 2026 komt pas beschikbaar na het opstellen van de Kaderbrief 2027. Deze circulaire betrekken we bij het opstellen van de Programmabegroting 2027 - 2030.

C. Autonome en onontkoombare ontwikkelingen C. Autonome en onontkoombare ontwikkelingen (bedragen x € 1.000)

2027

2028

2029

2030

Raming loonindexering

-2.685

-2.685

-2.685

-2.685

Raming prijsindexering

-1.643

-1.643

-1.643

-1.643

Raming indexeringen Gemeenschappelijke Regelingen

-468

-468

-468

-468

Raming indexeringen subsidies Rente

-313 pm

-313 pm

-313 pm

-313 pm

-5.108

-5.108

-5.108

-5.108

Totaal Autonome en onontkoombare ontwikkelingen

Indexering In het hoofdstuk 'Uitgangspunten' staat beschreven welke indexatie is toegepast. Dit resulteert in 2027 in een structurele begrotingsbijstelling van de loonsom van € 2,7 miljoen. Vanwege de gestegen prijzen verwachten wij een bijstelling van onze prijsgevoelige exploitatiebudgetten van € 1,6 miljoen. Ook gemeenschappelijke regelingen krijgen te maken met hogere loon- en prijsindexaties. Dit resulteert in een structurele begrotingsbijstelling van € 468.000. Bij het opstellen van de Programmabegroting 2027 2030 gaan we voor onze bijdrage uit van de vastgestelde begrotingen van de gemeenschappelijke regelingen. De indexering van de subsidies leidt tot een structurele bijstelling van de begroting met € 313.000. Rente Wij zetten de lijn voort vanuit de Programmabegroting 2026 ingezette uitgangspunten van een realistische prognose voor onze totale investeringsvolume en de versterking van onze reservepositie. Op basis van deze uitgangspunten zal de Programmabegroting 2027 – 2030 worden opgesteld. In de begroting zullen wij de omslagrente actualiseren. Hierbij houden wij rekening met de maximaal toegestane bandbreedte volgens de verslaggevingsvoorschriften (Besluit Begroting en Verantwoording).

14

E. Dekkingsmogelijkheden E. Dekkingsmogelijkheden (bedragen x € 1.000)

2026

E1. Uitgaven verlagen

2027

-

2028

-

2029

-

-

Uitgaven verlagen (bezuinigingen)

-

-

-

-

E2. Inkomsten verhogen

564

564

564

564

Tariefsverhoging belastingen - inflatievolgend

564

564

564

564

E3. Inzet algemene dekkingsmiddelen

348

348

348

348

Inzet stelpost loon- en prijsstijgingen

348

348

348

348

-

-

-

E4. Financieel plafond Investeringen Financieel plafond Investeringen

-

-

-

-

-

Totaal Dekkingsmogelijkheden

912

912

912

912

1. Uitgaven verlagen Als dekkingsmaatregel onderzoeken wij onze structurele budgetten om invulling te geven aan de voorliggende besparingsopgave van ongeveer € 5 miljoen. De uitkomsten verwerken wij in de Programmabegroting 2027 – 2030. Zodat een sluitende meerjarenbegroting aan u kan worden aangeboden. 2. Het verhogen van inkomsten Belastingverhogingen inflatievolgend We verhogen de belastingen alleen volgend aan de inflatie. We stellen voor om de OZB, RZB, parkeerbelasting, precariobelasting en de toeristen- en forensenbelasting te verhogen met het algemene indexcijfer van 3,3%. 3. Het inzetten van algemene dekkingsmiddelen Stelpost loon- en prijsstijgingen De stelpost loon- en prijsstijgingen zetten we in om de loon- en prijsstijgingen in 2027 uit de tot nu toe ontvangen concept Kadernota’s 2027 van verbonden partijen op te vangen. 4. Financieel plafond investeringen In de Programmabegroting 2027 – 2030 actualiseren wij weer ons Investeringsplan. Hierin gaan we uit van het bij de Kadernota 2026 vastgestelde investeringsplafond. En wordt het planningsoptimisme dat vanuit de Jaarrekening 2025 en de Bestuursrapportage 2026 naar voren komt uit het plan gehaald. Het geactualiseerde Investeringsplan vormt de basis voor de berekening van de kapitaallasten voor de komende jaren.

15

Bijlage 1 - Financieel overzicht Kaderbrief 2027 Financieel overzicht Kaderbrief 2027 Kaderbrief 2027-2030 (bedragen x € 1.000)

2027

2028

2029

2030

A. Startpositie: Programmabegroting 2026-2029

-2.682

-2.819

-1.961

-1.961

B. Autonome ontwikkelingen gemeentefonds Septembercirculaire 2025 (RIB 9-10-2025) Decembercirculaire 2025 (RIB 15-01-2026) B. Totaal effect ontwikkelingen gemeentefonds

2.898 0 2.898

2.995 0 2.995

3.087 0 3.087

3.296 0 3.296

C. Autonome en onontkoombare ontwikkelingen Raming loonindexering Raming prijsindexering Raming indexeringen Gemeenschappelijke Regelingen Raming indexeringen subsidies Opstellen realistische investeringsplanning Diverse kleine mutaties C. Totaal effect Autonome en onontkoombare ontwikkelingen

-2.685 -1.643 -468 -313 PM PM -5.108

-2.685 -1.643 -468 -313 PM PM -5.108

-2.685 -1.643 -468 -313 PM PM -5.108

-2.685 -1.643 -468 -313 PM PM -5.108

D. Aanvragen autonome - en beleidswensen Professionalisering van datagedreven werken en AI VRU (Kadernota 2027) Wet Veilige Jaarwisseling Klein onderhoud wegen Herinrichting speeltuinen (jaarlijkse investering € 455.000), vrijval onderhoud SPUK CDOKE SPUK realisatiestimulans Voldoen wettelijke inzamelplicht GFT € 250.000 (hoogbouw) Invoering Participatie in balans CAO aan de slag 2026-2027 (Kansis) GGD (Kadernota 2027) D. Totaal effect Aanvragen autonome - en beleidswensen

-365 -187 -60 -300 PM -75 -100 -61 -1.148

-365 -187 -60 -300 PM -100 -61 -1.073

-100 -187 -60 -300 PM -100 -61 -808

-100 -187 -60 -300 PM -100 -61 -808

-

-

-

-

564 564 348 348 -

564 564 348 348 -

564 564 348 348 -

564 564 348 348 -

912

912

912

912

-5.128 -5.128

-5.093 -5.093

-3.878 -3.878

-3.669 -3.669

E. Dekkingsmogelijkheden E1. Uitgaven verlagen Uitgaven verlagen (bezuinigingen) E2. Inkomsten inflatievolgend verhogen Tariefsverhoging belastingen - inflatievolgend E3. Inzet algemene dekkingsmiddelen Inzet stelpost loon- en prijsstijgingen E4. Financieel plafond Investeringen Financieel plafond Investeringen E. Totaal dekkingsmogelijkheden Stand Kaderbrief 2027 (negatief bedrag = nadeel; positief bedrag = voordeel) waarvan incidenteel Structureel saldo Kaderbrief 2027-2030

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/3230/documents/65715