Bijlage 1.4 - Stikstofdepositieberekening
Tekst van het document
r
AERIUS Calculator 2024 stikstofberekening 21 APPARTEMENTEN DUDOK DE WITSTRAAT, BREUKELEN
Plangegevens Naam
AERIUS berekening t.b.v. 21 appartementen
Plantype
AERIUS Calculator 2024
Status
Definitief
Datum
11 februari 2025
Projectnummer
24AF073
Opdrachtgever
Het Bouw Bureau Industrieweg 8 4104 AR CULEMBORG
Opsteller
Ad Fontem Ruimtelijk Advies Stationsstraat 37 7622 LW BORNE
074 255 7020 info@ad-fontem.nl www.ad-fontem.nl
Y. Yildirim LLB
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
Contactpersoon
01
INLEIDING
1
02
AERIUS CALCULATOR 2024
2
03
TOETSING ONTWIKKELING
3
03.1 Ligging projectgebied t.o.v. Natura 2000-gebied
3
03.2 Methode
4
03.3 Uitgangspunten
5
03.4 Conclusie
12
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
Inhoudsopgave
AERIUS BEREKENING
01 INLEIDING Voor de locatie aan de Dudok de Witstraat in Breukelen is een plan ontwikkeld. De bestaande appartementen worden gesloopt en er worden 21 appartementen teruggebouwd. Bij de bouw van de nieuwe appartementen zal de prefab bouwmethode worden toegepast. Daarmee kan worden voldaan aan de gevraagde kwaliteit en kunnen de appartementen snel worden gebouwd. Verder worden de appartementen gasloos gerealiseerd en gaat men voor de bouwtijd uit van ongeveer 10 maanden. De start van de werkzaamheden is vooralsnog gepland voor 09-09-2024. Binnen het projectgebied komen het perceel voor die kadastraal bekend staan als gemeente Breukelen-Nijenrode, sectie B, perceelnummers 3649 en 3650. In figuur 1 is de globale ligging van het projectgebied aangegeven (rode ster). In figuur 2 de begrenzing van het projectgebied (rood omkaderd). In figuur 3 is een impressie weergegeven van de beoogde appartementen.
Figuur 2: begrenzing projectgebied (bron: kadastralekaart.com)
01
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
Figuur 1: globale ligging projectgebied (bron: kadastralekaart.com)
AERIUS BEREKENING
Figuur 3: impressie beoogde appartementen (bron: Het Bouw Bureau) Als een bouwproject afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied, is daarvoor, naast een omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit bouwen (artikel 5.1 lid 1 sub a Omgevingswet) en een omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit zelf, een omgevingsvergunning voor een Natura 2000activiteit nodig. Op voorhand zijn negatieve effecten voor Natura 2000-gebieden niet uit te sluiten. Derhalve heeft initiatiefnemer Ad Fontem gevraagd om een AERIUS-berekening uit te voeren en het effect van de voorgenomen ontwikkeling op kwetsbare Natura 2000 gebieden te onderzoeken. Voorliggende AERIUS-berekening voorziet daarin. De AERIUS-berekening is uitgevoerd met behulp van de AERIUS calculator 2024 en de daarvoor ontwikkelde handreiking ‘instructie gegevensinvoer voor AERIUS calculator 2024’.
02 AERIUS CALCULATOR 2024 Als een bouwproject afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied, is daarvoor, naast een omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit bouwen (artikel 5.1 lid 1 sub a Omgevingswet) en een
activiteit nodig.
Degene die bouw- en sloopwerkzaamheden verricht, moet altijd adequate maatregelen treffen (zoals werkvoertuigen minder stationair laten draaien) om de stikstofemissie te beperken (artikel 7.19a, Bbl). Dat geldt alleen voor een van de volgende gevallen:
02
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit zelf, een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-
AERIUS BEREKENING
•
Voor het bouwen is een omgevingsvergunning voor een technische bouwactiviteit nodig.
•
Voor het bouwen is een bouwmelding nodig.
•
Voor het slopen is een melding nodig omdat er meer dan 10 m³ aan afval vrijkomt.
•
Informatie over maatregelen die de stikstofemissie beperken, moet naar het bevoegd gezag toegestuurd worden met: o
de bouwmelding of sloopmelding (artikel 7.5c Bbl);
o
de vergunningaanvraag voor de technische bouwactiviteit (artikel 7.12a Omgevingsregeling).
Om te onderzoeken of het plan/project leidt tot een toename van stikstofdepositie is gebruik gemaakt van de AERIUS Calculator 2024. Het rekeninstrument AERIUS Calculator 2024 berekent zowel de stikstof- als ammoniakdepositie als gevolg van projecten en plannen op Natura 2000-gebieden. Met het rekeninstrument kan de uitstoot van stikstof/ammoniak en de neerslag daarvan op Natura 2000gebieden worden berekend. De uitkomst van de berekening geeft inzicht in de uitvoerbaarheid van een plan of project voor wat betreft stikstof en ammoniak.
03 TOETSING ONTWIKKELING 03.1
Ligging projectgebied t.o.v. Natura 2000-gebied
Het projectgebied ligt binnen de bebouwde kom van Breukelen en niet binnen een Natura 2000gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied ligt op circa 1,5 km afstand en betreft Oostelijke Vechtplassen. In figuur 4 is de ligging van het projectgebied ten opzichte van dit natuurgebied
03
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
aangegeven (rode pijl).
AERIUS BEREKENING
Figuur 4: globale ligging projectgebied t.o.v. dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden (bron: AERIUS Calculator 2024) Daarnaast liggen er meerdere Natura 2000-gebieden op een groter afstand van het projectgebied, waarvan enkele gebieden hieronder worden opgesomd: ◼
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (circa 8,9 km);
◼
Botshol (circa 9,3 km);
◼
Naardermeer (circa 13,8 km).
Over het algemeen geldt dat de AERIUS calculator automatisch de depositiebijdrage van activiteiten binnen het projectgebied rekent tot een straal van 25 km. Dus de natuurgebieden die niet op bovenstaande kaart zijn weergegeven, of zijn opgesomd, worden automatisch in de voorliggende AERIUS-berekening meegenomen.
03.2 Methode
03.2.1 Beoogde Situatie Om de emissie/depositie van stikstof en ammoniak als gevolg van de ontwikkeling te berekenen, wordt in de voorliggende AERIUS-berekening een onderscheid gemaakt in de aanleg- en
Aanlegfase Er kunnen in de aanlegfase op twee mogelijke manieren stikstof en ammoniak vrijkomen: A
Inzet werkmateriaal: 1
dit betreft het werkmateriaal dat wordt ingezet voor het bouwen van de beoogde appartementen.
B 04
Verkeersbewegingen aanlegfase:
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
gebruiksfase.
AERIUS BEREKENING
dit betreft de verkeersbewegingen van- en naar het projectgebied c.q. de bouwplaats. De calculator berekent de depositiebijdrage van het wegverkeer met een implementatie uit de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 tot een afstand van 25 kilometer van de weg. Bij voorliggende ontwikkeling ligt het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied op circa 1,5 km afstand van het projectgebied. Verkeersbewegingen van en naar het projectgebied dienen derhalve meegenomen te worden. Gebruiksfase Tijdens de gebruiksfase kan er op twee mogelijke manieren stikstof en/of ammoniak vrijkomen: A
Gebruik van de appartementen: uitgegaan wordt dat er geen sprake zal zijn van een gasaansluiting in de nieuwe appartementen. Hierdoor zal er geen sprake zijn van de uitstoot van stikstof en/of ammoniak. Er vindt immers geen emissie plaats als gevolg van het verwarmen, het koken en/of verwarmen van tapwater in de appartementen. Dit onderdeel kan dan ook verder buiten beschouwing worden gelaten.
B
Verkeersbewegingen gebruiksfase: dit betreft de verkeersbewegingen van en naar de appartementen. De calculator berekent de depositiebijdrage van het wegverkeer met een implementatie uit de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 tot een afstand van 25 kilometer van de weg. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is gelegen op circa 1,5 km afstand. Dit betekent dat de verkeersbewegingen in de berekening meegenomen dienen te worden.
Een algemeen criterium voor verkeer van en naar inrichtingen is dat de gevolgen niet meer aan de inrichting worden toegerekend wanneer het verkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is dit het geval op het moment dat het aan- en afvoerende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt. De berekening heeft dienovereenkomstig plaatsgevonden
03.3 Uitgangspunten
03.3.1 Aanlegfase Algemeen
op basis van ervaringen bij vergelijkbare bouwprojecten elders in het land. In deze gegevens is uitgegaan van het brandstofverbruik per type werkvoertuig. Het (te verwachten) aantal draaiuren is berekend op basis van het aantal dagen dat een werkvoertuig gemiddeld op de bouwplaats staat. Deze twee gegevens zijn met elkaar vermenigvuldigd om het totaal aantal brandstofverbruik en de daarmee gemoeide stikstof- en ammoniak depositie te berekenen. Deze berekeningen zijn conform de
05
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
Voor de berekening van de stikstofdepositie in de aanlegfase is er gebruik gemaakt van kengetallen
AERIUS BEREKENING
‘Instructie gegevensinvoer voor AERIUS-calculator 2024, waarin o.a. de formule ‘B = 0,095 * P max + 0,54 * D’ is opgenomen en gebruikt kan worden voor het berekenen van het brandstofverbruik. Voor wat betreft de mobiele werktuigen is rekening gehouden met een stageklasse IV (vanaf bouwjaar 2014). Deze werktuigen zijn vrij nieuw, duurzaam en goed te vinden. Bovendien kan er AdBlue worden toegepast, waardoor de uitstoot van NOx en NH3 wordt beperkt. Bij de toepassing van AdBlue dient echter rekening gehouden te worden met het onderzoek van de TNO (Ligterink et al 2021). Op basis hiervan is bepaald dat het AdBlue verbruik maximaal 6% van het dieselverbruik mag bedragen. Verder wordt bij het maken van berekeningen altijd worst-case naar boven afgerond, met uitzondering van het AdBlue verbruik, waarbij worst-case naar beneden. Door gebruik te maken van deze uitgangspunten kan er een defensieve inschatting worden gemaakt van de te verwachten inzet die in de praktijk mogelijk lager zal uitvallen. Inzet werkmateriaal Sloopfase In deze fase vinden de sloopwerkzaamheden plaats die verricht moeten worden voor het kunnen bouwen van de woningen. Tevens Verwacht wordt dat hiervoor de volgende mobiele werktuigen moeten worden ingezet:
Toelichting Voor de sloop van de bestaande appartementen zal naar verwachting een sloopkraan benodigd zijn. Aangezien de bebouwing met name uit gevelstenen bestaat, wordt gesteld dat die eenvoudig te breken zijn met een sloopkraan. Het opruimen van het projectgebied zal naar verwachting de meeste tijd in beslag nemen. Hiervoor zijn een shovel en vrachtwagen met een puincontainer naar verwachting noodzakelijk. Hoelang de sloopwerkzaamheden zullen duren, is op voorhand niet exact bekend. Gelet op de omvang van de te slopen bebouwing wordt uitgegaan van maximaal 8 weken voor de sloopwerkzaamheden.
werkdag uit 6 uren bestaat, is voor de sloopkraan rekening gehouden met maximaal 60 draaiuren (berekening: 6*5*2). In de overige 6 weken kan het puin op het terrein naar verwachting worden opgeruimd. Voor de shovel is derhalve maximaal 180 draaiuren opgenomen (berekening: 6*5*4). Hoeveel vrachtwagens met containers nodig zijn, is nog niet bekend. Dit omdat niet bekend is hoeveel puin er zal vrijkomen. Op het internet is voor het berekenen van het aantal puin de volgende vuistregel 06
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
Het slopen zelf zal mogelijk in de eerste twee weken kunnen worden uitgevoerd. Uitgaande dat een
AERIUS BEREKENING
te vinden: lengte muur * hoogte muur * dikte muur * 1,3. De huidige bebouwing heeft een lengte van ongeveer 48 meter en breedte van ongeveer 9 meter en een hoogte van 7 meter. Uitgaande van een stenen muur met een dikte van 10 cm, komt naar verwachting in totaal 103,74 m³ puin vrij (berekening: (48 * 7 * 0,1 * 1,3) + (9 * 7 * 0,1 * 1,3) * 2). Uitgaande van een vrachtwagen met een containerinhoud van 30 m³ zijn er afgerond 4 containers nodig (berekening: 103,74 / 30). Bouwrijp maken v.d. gronden Nadat de huidige bebouwing is gesloopt, kunnen de gronden bouwrijp worden gemaakt voor het bouwen van de appartementen. Verwacht wordt dat hiervoor de volgende mobiele werktuigen moeten worden ingezet:
Toelichting Voor de fundering heeft de initiatiefnemer gekozen voor mortelschroef heipalen die de grond worden aangebracht met een heistelling. Het is op voorhand niet exact bekend hoeveel heipalen noodzakelijk zullen zijn en binnen welk tijdsbestek die aangebracht kunnen worden. Uitgegaan wordt van een heipaal op elke hoek van het complex en in het midden. Uitgaande van onderstaand ontwerp zijn dat 27 heipalen. Ervan uitgaande dat er op een werkdag maximaal 3 heipalen (2 per uur) aangebracht kunnen worden, bedraagt de inzet voor de heistelling afgerond 54 draaiuren (berekening: 27/3*6)
Als de heipalen zijn aangebracht, dan worden de geprefabriceerde betonnen funderingsbalken op de
aangevoerd en op hun plek gelegd. Hierbij zal een hijskraan noodzakelijk zijn. Hiervoor en voor eventueel overig hijswerk wordt maximaal 5 dagen uitgetrokken, wat neerkomt op maximaal 30 draaiuren voor de hijskraan. Het is niet bekend hoeveel vrachtwagens nodig zijn om de mortelschroef heipalen, geprefabriceerde betonnen funderingsbalken en de geïsoleerde kanaalplaatvloeren aan te voeren. Uitgegaan wordt van
07
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
plaats gelegd. Vervolgens worden de geïsoleerde kanaalplaatvloeren als prefab elementen
AERIUS BEREKENING
maximaal 10 vrachtwagens voor het aanvoeren van de benodigdheden tijdens het bouwrijp maken. Dit komt neer op 20 zware verkeersbewegingen (berekening: 10*2). Tot slot wordt voor eventueel graafwerk en/of het ophogen van gronden rekening gehouden met een dag graafwerk met graafmachine en maximaal 2 vrachtwagens voor het afvoeren van grond. Dit komt neer op 6 draaiuren (berekening: 1*6) en 4 zware verkeersbewegingen (berekening: 2*2). Realisatiefase Als de fundering is aangebracht, kunnen de appartementen worden opgebouwd. Verwacht wordt dat hiervoor de volgende mobiele werktuigen ingezet moeten worden:
Toelichting Allereerst worden de wanden aangevoerd en op de plek gezet. Na het schoren van de wanden kan de verdiepingsvloer al snel gelegd worden. Voor het plaatsen van de wanden en verdiepingsvloer wordt een hijskraan noodzakelijk geacht, waarvoor maximaal 5 volle dagen wordt uitgetrokken. Dit komt neer op 30 draaiuren voor de hijskraan (berekening: 5*6). Voor de geprefabriceerde balkonplaten moet er nog wel beton worden gestort. Naar verwachting kan dit binnen een dag of twee gedaan. Dit komt neer op maximaal 12 draaiuren voor de betonpomp. Deze bouwcyclus herhaalt zich voor de tweede verdieping, waardoor alle uren zijn verdubbeld. Nadat de ruwbouw is opgebouwd, kan het wind- en waterdicht worden gemaakt. Dankzij prefab materialen kan dit snel worden gedaan, waarna de afbouw kan plaatsvinden. Ook hiervoor is gedacht aan prefabricage, zoals de lucht-waterwarmtepomp die van tevoren al op een frame is gemonteerd. De meeste montage handelingen zijn dan al gedaan en het hele ‘pakketje’ kan zo de woning in voor aansluiting. De kopgevels worden voorzien van speciaal gevelsysteem dat ter plaatse wordt aangebracht en voorzien van steenstrips, waarmee een mooi geheel gevelbeeld kan worden gecreëerd. De rest van de afbouw vindt ook plaats in componenten, zoals de noodtrappen, balustrades e.d. die allemaal eenvoudig op locatie en zonder inzet van mobiele werktuigen gemonteerd kunnen
Tijdens de bouw moeten diverse benodigdheden naar de bouwplaats worden gebracht. Het is op voorhand niet bekend hoeveel vrachtwagens daarvoor noodzakelijk zijn. Ervan uitgaande dat per appartement 2 vrachtwagens noodzakelijk zijn voor het brengen van benodigdheden, komt dit neer op 42 vrachtwagens (berekening: 21*2). Volledigheidshalve wordt uitgegaan van maximaal 50 vrachtwagens. Dit komt neer op 100 zware verkeersbewegingen (berekening: 50*2).
08
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
worden.
AERIUS BEREKENING
Afrondingsfase In de afrondingsfase vinden de werkzaamheden plaats om het terrein woonrijp te maken, nadat de appartementen zijn gerealiseerd. Verwacht wordt dat hiervoor de volgende mobiele werktuigen ingezet moeten worden:
Toelichting Voor de afrondingsfase wordt rekening gehouden met een graafmachine voor het afgraven / ophogen van gronden ten behoeve van de aanleg van bestrating en parkeerplaatsen. Ook wordt rekening gehouden met de inzet van een shovel voor het eventueel afvoeren van grond. Een trilplaat of een trilstamper zal hoogstwaarschijnlijk ingezet moeten worden om de gronden aan te stampen of te trillen, alvorens de bestrating gelegd kan worden. Daarnaast wordt de inzet van een klein graafmachine noodzakelijk geacht voor het eventueel aanplanten van bomen/groenvoorzieningen en wellicht wat klein graafwerk. Voor wat betreft afrondingsfase wordt gelet op de grootte van het onbebouwde terrein maximaal 4 weken uitgetrokken, waarvan 1 week voor het graafwerk, 2 weken voor het aanleggen van bestrating en parkeerplaatsen en het resterende week voor onvoorziene werkzaamheden en eventueel aanplanten van bomen/groenvoorzieningen. Hiervan uitgaande komt dit neer op maximaal 30 draaiuren voor de graafmachine, shovel, mini-graafmachine en trilplaat/trilstamper. De bestrating kan met de hand worden gelegd, maar volledigheidshalve wordt hierbij een bestratingsmachine uitgetrokken voor maximaal 60 draaiuren. Ook tijdens de afrondingsfase moeten diverse benodigdheden naar de bouwplaats worden gebracht.
voor de bestrating maximaal 3 vrachtwagens voldoende zijn. Dit komt neer op 6 zware verkeersbewegingen (berekening: 3*2). Verder wordt voor het eventueel afvoeren van grond en brengen van bomen/groenvoorzieningen nog rekening gehouden met 2 extra vrachtwagens. Dit komt neer op 4 zware verkeersbewegingen (berekening: 2*2). Verkeersbewegingen aanlegfase
09
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
Het is op voorhand niet bekend hoeveel vrachtwagens daarvoor noodzakelijk zijn. Geacht wordt dat
AERIUS BEREKENING
Voor het berekenen van de emissie van NOx en NH3 als gevolg van wegverkeer in de aanlegfase wordt er onderscheid gemaakt in licht- en zwaar verkeer. Lichtverkeer Dit betreffen de verkeersbewegingen van bouwvakkers, projectleiders, externe aannemers e.d.. Uitgaande van een doorlooptijd van maximaal 10 maanden en dat binnen deze periode dagelijks maximaal 10 lichte voertuigen tegelijkertijd op de bouwplaats aanwezig zijn, leidt dit tot 2.000 lichte voertuigen tijdens de gehele aanlegfase (berekening: (5*5*4)*6). Dit komt neer op 4.000 lichte verkeersbewegingen (berekening: 2.000*2) tijdens de gehele aanlegfase. Zwaar verkeer Voor wat betreft het zware verkeer is in de aanlegfase rekening gehouden met in totaal 71 vrachtwagens. Dit leidt tot 142 zware verkeersbewegingen (berekening: 71*2). Ook moeten de werktuigen éénmalig worden gebracht en weer opgehaald. Dit zijn 4 verkeersbewegingen per vrachtwagen. Er is rekening gehouden met 12 machines. Derhalve is worst-case rekening gehouden met 48 extra zware verkeersbewegingen. In totaal bedraagt het aantal zware verkeersbewegingen in de aanlegfase 190. Bij het opnemen van de lijnbron voor de verkeersbewegingen in de aanlegfase is rekening gehouden met een route conform het plan van aanpak, via de Brugoprit naar Engel de Ruijterstraat naar Willink van Collenstraat naar Huyck Aertsenstraat en dan Dudok de Witstraat.
Tevens wordt middels een aparte stagnerende lijnbron rekening gehouden met evt. manoeuvrerende bewegingen op de bouwplaats. Voor de evt. emissies van de vrachtwagens als gevolg van stationair draaien is op basis van de kengetallen, zoals opgenomen in de instructie ‘instructie gegevensinvoer voor AERIUS-calculator 2024’, een aparte bron opgenomen (puntbron type ‘anders’). Het kengetal NOx voor zware verkeersbewegingen bedraagt in 2025 afgerond 93 g/uur en voor NH3 0,90 g/uur. Er is hierboven rekening gehouden met 190 zware verkeersbewegingen. Dit zijn 95 zware vrachtwagens (berekening: 186/2). Ervan uitgaande dat een vrachtwagen maximaal 5 minuten op de bouwplaats stationair draait, dan komt dit afgerond neer op: ◼
0,74 NOx kg/j (berekening: (95*5/60)*93/1.000);
◼
0,01 NH3 kg/j (berekening: (95*5/60)*0,90/1.000).
motoren. Het gaat in de aanlegfase om 2.000 lichte en 83 zware voertuigen. Geacht wordt dat de lichte voertuigen minimaal 1x per dag met een koude motor de bouwplaats zullen verlaten. Dit zijn derhalve 2.000 koude starts van lichte voertuigen tijdens de gehele aanlegfase. Zware voertuigen zetten de motor niet uit, want ze draaien stationair tijdens het laden/lossen. Hiervoor hoeft dan ook geen rekening gehouden te worden met de koude start van motoren.
10
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
Conform de handreiking ‘Koude start’ wordt tot slot rekening gehouden met de koude start van
AERIUS BEREKENING
03.3.2 Gebruiksfase 03.3.2.1
Verkeersbewegingen van en naar de woningen
Er zijn in de beoogde situatie 21 appartementen aanwezig. Volgens de initiatiefnemer worden ze gerealiseerd voor de sociale huursector. (huur, appartement, midden/goedkoop (incl. sociale huur). Het projectgebied ligt in een woonwijk (Wijk 02 Breukelen) op redelijk korte afstand van het centrum van Breukelen (Schil centrum), waarvoor weinig stedelijke stedelijkheidsgraad geldt (tussen 5001.000 adressen per km²). Op basis van deze uitgangspunten en de verkeerskengetallen opgenomen in de CROW uitgave 381 bedraagt de maximale verkeersgeneratie van de toekomstige appartementen 108 verkeersbewegingen per etmaal (berekening: 24 * 4,5). Bij het gebruik van de appartementen is het gebruikelijk dat er om de zoveel tijd een vuilniswagen langskomt om vuilnis op te halen. Volgens de CROW uitgave 381 moet bij wonen worden uitgegaan dat 2% van het aantal verkeersbewegingen zwaar verkeer betreft. Hiervan uitgaande komt dit neer op dagelijks afgerond 3 zware verkeersbewegingen (berekening: 108 * 0,02). Voor de ontsluiting is net als in de referentiesituatie gekozen om een rechtstreekse verbinding te maken met de Straatweg, via waar de huidige bewoners eenvoudig het centrum en de overige delen van Breukelen kunnen bereiken.
Geacht wordt dat de verkeersbewegingen in het heersende verkeersbeeld zijn opgenomen, als deze de Straatweg en in beide richtingen de eerst mogelijke kruising hebben bereikt. Aangezien er twee richtingen zijn, zijn de verkeersbewegingen over beide richtingen evenredig (50%/50%) verdeeld. Verder dienen de emissies van vuilniswagens als gevolg van stationair draaien tevens meegenomen te worden. Voor het berekenen van de emissie NOx en NH3 als gevolg van het stationair draaien wordt gebruik gemaakt van de ‘instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024’, waarin voor zwaar verkeer in het jaar 2026 de volgende kengetallen zijn opgenomen: ◼
NOx 91,04 g/uur;
◼
NH3 0,9 g/uur.
Uitgaande van deze kengetallen, 3 zware verkeersbewegingen per etmaal en een gemiddelde tijd van
◼
4,16 kg/NOx/jaar (berekening: 3 * 365 / 2 * 5 / 60 * 91,04 / 1.000);
◼
0,05 kg/NH3/jaar (berekening: 3 * 365 / 2 * 5 / 60 * 0,9 / 1.000).
Conform de handreiking ‘Koude start’ wordt tot slot rekening gehouden met de koude start van motoren. Het gaat in de gebruiksfase om 21 appartementen. Hierbij geldt een verkeersgeneratie van 108 lichte verkeersbewegingen per etmaal, zoals hierboven berekend. Voor de koude start van de motoren van lichte voertuigen wordt in de berekening rekening gehouden met minimaal 2 koude
11
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
5 minuten voor het stationair draaien, komt dit op jaarbasis afgerond neer op:
AERIUS BEREKENING
starts, 1 om naar werk te gaan en 1 om naar de supermarkt te gaan. Dit zijn derhalve 108 koude starts voor lichte voertuigen (berekening: 108/2*2). Wat betreft de motor van zware voertuigen, zoals een vuilniswagen, hoeft er geen rekening gehouden te worden met de koude start van motoren, aangezien ze met een warme motor komen en stationair zullen draaien tijdens het ophalen van vuilnis. 03.4 Conclusie De berekeningen voor de aanleg- en gebruiksfase zijn uitgevoerd met het programma AERIUS Calculator 2024. Voor de aanlegfase is gerekend voor het rekenjaar 2025, omdat uitgegaan wordt dat het project in dit jaar pas kan worden uitgevoerd en de appartementen in het jaar daarop bewoond kunnen worden (2026). De bijdrage aan de stikstofdepositie in de omliggende Natura 2000-gebieden is in alle gevallen berekend voor een omgevingsvergunning Natura 2000-activiteit. Als bijlage bij deze rapportage behoren de AERIUS analysebestanden (pdf) met rekenresultaten (bronnen, rekenpunten en resultaten) van de aanleg- en gebruiksfase van de beoogde situatie. Als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling komt er zowel NOx als NH3 vrij. Door uitvoering van de voorliggende AERIUS berekening voor de aanleg- en gebruiksfase is aangetoond dat dit niet leidt tot een meetbare depositie van NOx of NH3 in Natura 2000-gebied dat gevoelig is voor stikstof en ammoniak.
De ontwikkeling leidt niet tot een verslechtering van de milieukwaliteit van Natura 2000gebieden. Er hoeft geen nader onderzoek uitgevoerd te worden. De AERIUS Calculator 2024 biedt voldoende inzicht in het effect van de voorgenomen activiteit op Natura-2000-gebieden voor het aspect stikstof en ammoniak. De uitkomsten van de berekeningen met de AERIUS Calculator zijn geldig en toepasbaar voor ruimtelijke plannen. Het aspect stikstof en ammoniak vormen geen belemmering voor de uitvoering van de voorgenomen ontwikkeling. Er hoeft geen omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit te worden
12
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
verleend.
Ad Fontem ruimtelijk advies
074 255 7020
Stationsstraat 37
info@ad-fontem.nl
137622 LW Borne
www.ad-fontem.nl
A D FONTEM RU IMTE L IJK A DV IE S
AERIUS BEREKENING