6.1 Omgevingsdienst - Ontwerpbegroting 2026 Omgevingsdienst
Tekst van het document
Ontwerpbegroting 2026Ontwerpbegroting 2026 Inhoudsopgave Voorwoord Programma's en thema's De 3 W's van Regulering Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Wat gaat het kosten? Doorkijk 2027-2029 De 3 W's van Toezicht en Handhaving Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Wat gaat het kosten? Doorkijk 2027-2029 De 3 W's van Advies Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Wat gaat het kosten? Doorkijk 2027-2029 De 3 W's van Facultatieve taken Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Wat gaat het kosten? Doorkijk 2027-2029 2 De 3 W's van Projecten Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Wat gaat het kosten? Doorkijk 2027-2029 Financiële begroting Wijziging financiering Omgevingsdienst IJsselland Programma indeling Lasten en baten totaal Financiële mutaties toegelicht Lasten en baten programmabegroting Overhead - van diffuus naar robuust Overhead op basis van reële kosteninschattingen Overheadkosten Meerjarenraming 2027-2029 Meerjarenbalans Paragrafen Paragraaf Risico's en Weerstandvermogen Paragraaf Bedrijfsvoering Bijlage Investeringsbegroting 3 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Voorwoord Voor u ligt de ontwerpbegroting 2026 van Omgevingsdienst IJsselland.
2026 is een jaar waarin veel gemeenten voor lastige keuzes worden gesteld, omdat krimpende financiële middelen op gespannen voet staan met het uitvoeren van alle belangrijke taken die een gemeente heeft. Eén van die belangrijke taken is het beschermen en bevorderen van een veilige, gezonde en duurzame fysieke leefomgeving. Een taak waarvoor Omgevings- dienst IJsselland in het leven is geroepen. Met oog voor de lastige financiële situatie van gemeenten, doet Omgevingsdienst IJsselland er alles aan om de aan ons beschikbaar gestelde middelen op efficiënte wijze in te zetten, zodat we een maximaal rendement kunnen behalen voor onze eigenaren, namelijk de 11 gemeenten in IJsselland en de provincie Overijssel. Zo zijn wij er voor 2026 in geslaagd om het uurtarief dat onze eigenaren betalen voor onze diensten met 2 euro te verlagen. Tegelijkertijd is het op dit moment ook de realiteit dat de hoeveelheid middelen die beschikbaar wordt gesteld, onvoldoende is om de taakuitvoering op tenminste een wettelijk minimum uitvoeringsniveau te kunnen brengen en om te kunnen voldoen aan de landelijke robuustheidseisen die gelden voor omgevingsdiensten. Voor beide is een structurele investering nodig. Hiermee is gelijk de belangrijkste ontwikkeling voor 2026 genoemd, namelijk het effectueren van onze route naar een robuuste Omgevingsdienst IJsselland.
Onder andere het Rijk, IPO en VNG hebben op basis van verschillende onderzoeken geconcludeerd dat het stelsel van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) 3 in Nederland onvoldoende functioneert, met grote milieuschade als gevolg. Daarom is een proces gestart om in heel Nederland te komen tot robuuste omgevingsdiensten. Het Rijk, IPO en VNG eisen dat op 1 april 2026 alle omgevingsdiensten in Nederland robuust zijn. Net als nagenoeg alle andere omgevingsdiensten in Nederland, is ook onze omgevingsdienst niet robuust. Het algemeen bestuur van Omgevingsdienst IJsselland maakt zich daarom sterk voor een zelfstandig robuuste omgevingsdienst in IJsselland, die past bij de maatschappelijke opgaven in ons IJssellandse werkgebied en die ook voldoet aan de landelijke robuustheidseisen. Het algemeen bestuur heeft op 19 december 2024 daarom besloten om: In te stemmen met de ontwikkelroute naar een robuuste 1. Omgevingsdienst IJsselland met slimme allianties en daarmee te streven om de taakuitvoering en de organisatie van Omgevingsdienst IJsselland in 2028 in overeenstemming te brengen met het landelijke robuustheidsniveau. 2. Het benodigde structurele budget van ca.
€ 2,3 miljoen (prijspeil 2025) voor het actualiseren van vergunningen en het herstellen van de balans in de toezichtscapaciteit, te verwerken in de Kaderbrief 2026 en de Ontwerpbegroting 2026 (dit noemen we het blauwe spoor). Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Voorwoord 3. Over het benodigde structurele budget van ca. € 1 miljoen (prijspeil 2025), waarvan ca. € 500 K in 2027 en ca. € 500 K in 2028, voor het voldoen aan het landelijke robuustheidsniveau voor strafrechtelijke handhaving en bodemtoezicht, voor het instellen van een structureel innovatiebudget van 1% van de begroting en voor het ophogen van het opleidingsbudget tot 3% van de loonsom (dit noemen we het rode spoor), op korte termijn op strategisch-bestuurlijk niveau in gesprek te gaan met het Rijk om te vragen op welke wijze het Rijk gaat bijdragen aan de financiering van dit budget. 4. Opdracht te geven aan de secretaris-directeur om uitvoering te geven aan de ontwikkelroute naar een robuuste Omgevingsdienst IJsselland. Dit besluit laat zien dat het algemeen bestuur streeft naar een robuuste omgevingsdienst in IJsselland, die voldoet aan de landelijke robuustheidseisen. Mede gelet op de financiële impact van deze ontwikkeling voor de gemeenten en de provincie, hecht het algemeen bestuur waarde aan het volgen van een realistische route naar de gewenste robuustheid.
Het volledig voldoen aan de landelijke robuustheidseisen op 1 april 2026 acht het algemeen bestuur niet realistisch en daarom is gekozen voor een realistische route, waarmee de gewenste robuustheid in 2028 behaald kan worden. Een structurele investering in Omgevingsdienst IJsselland betekent investeren in mensen en hun deskundigheid. Door de krachten te bundelen in Omgevingsdienst IJsselland kunnen onze eigenaren voldoen aan de verplichte kwaliteitscriteria voor VTH-taken. Onze mensen vormen het kapitaal van onze organisatie. Met de krapte op de arbeidsmarkt als gegeven, investeren wij in de ontwikkeling van onze nieuwe collega’s door hen zelf op te leiden. Maarten Offinga voorzitter bestuur Omgevingsdienst IJsselland Jan Dirk Nijkamp secretaris-directeur Omgevingsdienst IJsselland 4 Gelet op voorgaande hopen wij dat onze eigenaren structureel willen investeren in Omgevingsdienst IJsselland, zodat we gezamenlijk op adequate wijze kunnen werken aan een veilige, gezonde en duurzame fysieke leefomgeving in IJsselland. Uit een landelijke visitatie van omgevingsdiensten blijkt eens te meer dat Omgevingsdienst IJsselland, met haar betrokken en deskundige medewerkers, het investeren waard is. Leeswijzer Deze ontwerpbegroting bestaat uit twee hoofddelen: onze programma’s en een financiële begroting. Het eerste deel betreft de programma’s.
In dat deel staat de inhoud van ons werk centraal. Hierin laten we zien wat we voor onze eigenaren willen bereiken, wat we daarvoor doen en wat het gaat kosten. Het tweede deel betreft de financiële begroting. In dat deel staan de ontwikkelingen op financieel gebied centraal en zijn de verplichte financiële onderdelen van deze ontwerpbegroting uitgewerkt. Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Programma's In het regionaal uniform beleid voor de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH), geven de colleges van de deelnemers hun ambities en prioriteiten mee voor de milieutaken van de Omgevingsdienst IJsselland. Omgevingsdienst IJsselland heeft vervolgens de taakuitvoering gerangschikt in diverse programma’s en hun “drie w’s”: wat willen we bereiken, wat gaan we hiervoor doen en wat kost het. De eerste ‘w’ heeft daarbij één grote gemene deler: ons doel is altijd om een veilige, gezonde en duurzame fysieke leefomgeving te hebben en te houden. Programma’s en thema’s Wij onderscheiden vijf programma’s: Regulering, zoals vergunningverlening; 1. 2. Toezicht en handhaving, verdeeld in Veilig en gezond en Energie en duurzaamheid; 3. Advisering; 4. Facultatieve taken; 5. Projecten. Voor de ambities die passend zijn bij de robuustheidseis, worden extra medewerkers in dienst genomen.
Deze nieuwe collega’s geven wij bijzondere aandacht in het kader van inwerktijd, begeleiding, intensieve training en opleiding. In de uitvoering worden zij in het begin voornamelijk ingezet op relatief eenvoudige werkzaamheden. 5 Aan onze programma’s koppelen wij onder meer de milieuthema’s uit het voornoemde VTH-beleid: Zeer zorgwekkende stoffen; Ondermijning; Circulaire economie; Bodem en water; Energie en duurzaamheid; Klimaat. Het verbinden van de regionale beleidscyclus met onze programmabegroting, helpt om beleid concreet en uitvoerbaar te maken. In de programma’s wordt de urenbegroting vermeld. Deze begroting biedt de basis voor het regionale uitvoerings- programma, het UVP. In het UVP worden de programma’s uit de begroting verbonden aan de beleidsdoelen en de inzet concreter uitgewerkt. Ook bepalen we de gevolgen op onze taakuitvoering op basis van markante wettelijke en/of maatschappelijke ontwikkelingen. Voorbeelden van dergelijke ontwikkelingen zijn Kaderrichtlijn Water en (herziening) Richtlijn Industriële Emissies. Met onderzoek wordt duidelijk wat de structurele gevolgen zijn voor het UVP, uitgedrukt in project-uren. In 2026 wordt een impactanalyse uitgevoerd naar de ontwikkelingen binnen de Kaderrichtlijn Water en Richtlijn Industriële Emissies. Dit kan gevolgen hebben voor ons UVP.
Ook gelden als bijzondere aandachtspunten de nieuwe regelgeving rondom asbest vanaf eind 2025 én de rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM). Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage De drie W's van Regulering Wat willen we bereiken? De essentie bij vergunningverlening, draait om de afweging of en onder welke voorwaarden milieubelastende activiteiten (MBA’s) mogen plaatsvinden. Wat gaan we hiervoor doen? We handelen volgens de vergunningenstrategie uit het voornoemde regionale VTH-beleid en binnen de wettelijke termijnen, zoals gesteld binnen het Omgevingsrecht en de Algemene wet bestuursrecht. We behandelen en/of beoordelen informatieplicht, meldingen, maatwerkverzoeken en vergunningaanvragen. Er wordt informatie verstrekt waarmee burgers en ondernemers plannen verder kunnen uitwerken binnen de geldende kaders. Een goede dienstverlening en duidelijke communicatie staan hierbij centraal. Wat gaat het kosten? Voor de uitvoering van onze basistaken hebben wij uren begroot. In 2026 starten we daarnaast organisatiebreed met het actualiseren van vergunningen. Dit heeft het Algemeen Bestuur op 10 oktober 2024 vastgesteld binnen het ontwikkeltraject voor een robuuste omgevingsdienst. U vindt alle uren in Tabel 1.
Programma's Tabel 1 - Uren programma Regulering 6 Doorkijk 2027-2029 De ontwikkelingen binnen de Richtlijn industriële emissies en Kaderrichtlijn Water zorgen mogelijk voor extra inzet in de periode 2027-2029. Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage De drie W's van Toezicht en Handhaving Wat willen we bereiken? Toezicht en Handhaving kent twee onderdelen: Veilig en gezond en Energie en duurzaamheid. De essentie bij beide programmaonderdelen, is het bevorderen en indien nodig afdwingen van naleefgedrag. Wat gaan we hiervoor doen? We handelen volgens de toezicht-, sanctie- en gedoogstrategieën uit het regionale VTH-beleid en daarmee de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). We houden toezicht bij bedrijven en toetsen hen op naleving van de milieuregelgeving. We zetten daarbij verschillende vormen van toezicht in, zoals planmatig/periodiek, thematisch, gebiedsgericht, ketentoezicht en ondermijning. Ook houden wij toezicht bij oplevering van een vergunning en naar aanleiding van klachten. Indien de geconstateerde overtredingen niet worden opgelost, gaan we handhaven. Het bestuurlijke handhavingstraject kan ertoe leiden dat zaken aan het Openbaar Ministerie (OM) worden overgedragen voor een flankerend strafrechtelijk traject.
Wij zijn in staat om voldoende te investeren in samenwerking met andere instanties en hebben een externe oriëntatie. Het Ketentoezicht is hier een voorbeeld van. Daarnaast beoordelen we inkomende onderzoeken voor de Onderzoeksplicht energiebesparing. Wat gaat het kosten? Naast onze basistaken en facultatieve taken, komen voor Toezicht de uren voor het ontwikkeltraject voor een robuuste omgevingsdienst. Dit betekent ook hier een uitbreiding van formatie, met de reeds benoemde bijzondere aandacht voor nieuwe medewerkers. Hierbij richten wij ons op het herstellen van de balans in de toezichtscapaciteit. Onderstaande tabellen bieden een overzicht van de begrote uren. Programma's 7 Tabel 2a - Uren programma Toezicht & Handhaving Veilig en Gezond Tabel 2b - Uren programma Toezicht & Handhaving Energie en Duurzaamheid Doorkijk 2027-2029 We breiden buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) uit. Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage De drie W's van Advisering Wat willen we bereiken? De essentie van dit programma is het beoordelen van rapportages en adviseren over milieuvraagstukken. Wat gaan we hiervoor doen? Wij verstrekken adequaat advies over onder andere omgevingsplannen, milieuzonering, bodem, geluid, geur, lucht, externe veiligheid en juridische expertise.
Voor met name de advisering op omgevingsplannen speelt Omgevingsdienst IJsselland een cruciale rol. Zo brengen wij onze milieuexpertise in en werken we nauw samen met gemeenten, provincie en andere partners om een integrale benadering van de leefomgeving te waarborgen. Wat gaat het kosten? In tabel 3 vindt u een raming van onze uren. Programma's Doorkijk 2027-2029 In het kader van de landelijke robuustheidscriteria is vastgesteld dat de formatie voor bodemtoezicht onvoldoende is (dit hoort bij het rode spoor). Deze noodzakelijke uitbreiding is opgenomen in de ontwerpbegroting. Zoals eerder aangehaald, voorzien wij een toename in bodemenergiesystemen en daarmee een toename in de beoordeling van deze systemen en het toezicht daarop. In het programma betreffende de facultatieve taken, ziet u een doorkijk die ook geldt voor advisering. 8 Tabel 3 - Uren programma Advisering Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Programma's De drie W's van Facultatieve taken Wat willen we bereiken? Naast de verplichte basistaken milieu kunnen er ook facultatieve taken worden uitgevoerd.
Doelen voor facultatieve taken: Bijdragen aan de verbetering van de leefomgeving door extra initiatieven; Ondersteunen van ambities, zoals duurzaamheidsprojecten; Versterken van samenwerking met deelnemers, partners en maatschappelijke organisaties; Creëren van bewustwording en betrokkenheid bij burgers en ondernemers over milieuthema’s; Ontzorgen van deelnemers voor taakuitvoering. Wat gaan we hiervoor doen? Wij voeren de volgende taken/activiteiten uit voor betrokken deelnemers: Bouwtaken voor gemeente(n); Toezicht en handhaving energielabels; Faciliteren van de Regionale Omgevingstafel IJsselland; Behandelen bezwaar en beroep; Beleidsadvies bodem; IJVI Beheer en IJVI Ontwikkeling (IJVI is ons IJssellandse VTH-systeem). Wat gaat het kosten? Voor elke facultatieve taak is (of wordt) een dienstverlenings- overeenkomst (DVO) afgesloten. De insteek is dat de facultatieve taken aanvullend moeten zijn op de basistaken milieu, dat deze basistaken niet mogen verdringen en het kostendekkend is. Bij de uitvoering van de bouwtaken zien we een stijgende trend over de afgelopen jaren. Deze is voor een deel verwerkt in de begroting. 9 Tabel 4 - Lasten programma Facultatieve taken Doorkijk 2027-2029 Voor de facultatieve taak Bezwaar & Beroep willen we geleidelijk voor meer deelnemers deze taak uitvoeren, onze inzet is te groeien naar negen deelnemers in 2029.
Vanuit de facultatieve taak van het leveren van de voorzitter en secretaris aan de Regionale omgevingstafel willen we de komende jaren deze rol invullen vanuit onze organisatie. Nu werken we met externen. De doorontwikkeling van de Wet kwaliteitsborging bouw vormt een aandachtspunt voor de uitvoering van onze bouwtaken. Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage 10 Programma's De drie W's van Projecten Wat willen we bereiken? De doelen voor projecten zijn geënt op ons basistakenpakket milieu: Bijdragen aan de verbetering van de leefomgeving door extra initiatieven; Versterken/versnellen kennisopbouw van onze vakmensen; Ondersteunen van ambities, zoals duurzaamheidsprojecten; Versterken van samenwerking met deelnemers, partners en maatschappelijke organisaties; Creëren van bewustwording en betrokkenheid bij burgers en ondernemers over milieuthema’s. Wat gaan we hiervoor doen? Met de Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht (SPUK-THE) kunnen wij over meerdere jaren extra capaciteit voor toezicht en handhaving realiseren. Zo kunnen we de organisatie verder professionaliseren. Ook kunnen wij bedrijven bezoeken en de uitvoering van energiebesparende maatregelen verbeteren. Wat gaat het kosten? Het UVP 2026 onderscheidt projecten op basis van project-uren, zoals eerder is benoemd bij de uitleg over programma's en thema's.
Doorkijk 2027-2029 We verwachten dat de rijksoverheid de SPUK-THE verlengt voor de komende jaren. Tabel 5 - Lasten programma Projecten Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage 11 Financiële begroting Wijziging financiering Omgevingsdienst IJsselland Overhead: knippen leidt tot inzicht Vanaf begrotingsjaar 2026 wordt er een andere financieringssystematiek toegepast voor de bijdrage voor de overhead door onze deelnemers. Voortaan wordt de overhead middels een vaste verdeelsleutel verrekend met de deelnemers. Dat betekent dat de overhead nu niet meer afhankelijk is van de gemaakte uren, maar wordt berekend aan de hand van de verdeelsleutel. Verderop in dit document leggen wij uit wat wordt verstaan onder overhead. Opdrachtgevers en Omgevingsdienst IJsselland hebben een hybride vorm van financiering afgestemd. Er is een knip gemaakt, waarbij enerzijds de bijdrage voor de overhead een vast bedrag is, gebaseerd op de verdeelsleutel. Dit beschouwen wij als inputfinanciering. Anderzijds spreken we van output-financiering. Dat betreft de directe kosten van de primaire taken, die verrekend worden op basis van een uurtarief. De verdeelsleutel voor de overhead is berekend op basis van de structurele ingebrachte uren voor de primaire taken. Deze berekening leidt tot een vaste bijdrage.
Dit voorkomt achteraf onduidelijke herberekeningen op basis van gemaakte uren. In de verdeelsleutels voor de berekening van de deelnemersbijdragen is rekening gehouden met de wijziging in bevoegd gezag en daarmee een verschuiving van 1.200 minder uren voor de provincie en 1.200 meer uren voor een aantal gemeenten. Programma indeling Vanaf begrotingsjaar 2026 hebben wij een programma indeling voor de primaire taken. Voor projecten of facultatieve taken worden afspraken gemaakt met een dienstverleningsovereenkomst of aparte projectafspraken. Tabel 7 - Opbouw productiviteitsnorm Het uurtarief voor structurele taken in 2026 bedraagt €73. Het totaal kostprijs dekkende tarief voor 2026 bedraagt €115. Ten opzichte van het uurtarief van 2025 is dit tarief ten opzichte van 2025 gedaald met €2 inclusief indexering. Tabel 6 - Programma totaaloverzicht Tabel 8 - Opbouw uurtarief Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage 12 Lasten en baten totaal Financiële begroting Tabel 9 -Lasten en baten Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage 13 Financiële mutaties toegelicht Loonindexatie Op basis van de gegevens van 2022 tot en met 2024 hebben we vastgesteld dat de loonaanpassingen niet correct zijn verwerkt. Voor de jaren 2022 en 2023 hadden de oorspronkelijke loonaanpassingen aangepast moeten worden aan de daadwerkelijke cao-verhogingen.
In plaats daarvan zijn deze loonaanpassingen van zowel de cao als de indexatie volledig opgenomen in de begroting van het volgende jaar. Dat betekent voor zowel 2022 als 2023 een correctie van -1,3% resp. -2,3%. Voor 2024 was de werkelijke cao-loonsverhoging 5%. Voor dat jaar moet eveneens een correctie plaatsvinden, omdat deze loonsverhoging nog niet in de begroting is verwerkt. Dat betekent voor 2024 een correctie van +2,25%. Financiële begroting Ten opzichte van het genoemde percentage in de kaderbrief 2026 ad. 3,8% vindt hierop in totaal een correctie van -1,35% plaats, waarbij de indexatie in begroting 2026 2,45% wordt. Prijsindexatie Op basis van de opgenomen indexaties in de jaren 2022 t/m 2025 zien wij dat de prijsindexatie niet juist zijn gecorrigeerd. De werkelijke prijsverhoging door inflatie is niet in de begroting van het volgend boekjaar opgenomen. Om zo dicht mogelijk bij de werkelijkheid te komen, wordt de prijsindexatie in de voorgaande kaderbrieven vergeleken met de Prijs Bruto Binnenlands Product (Bron: CBS CEP 2024). In onderstaand tabel zien wij dat er een structureel tekort zit (nacalculatie) in de begroting van afgelopen jaren. Tabel 10a - Looncorrectie Tabel 11a - Prijscorrectie Blauwe spoor In 2026 worden de taken uitgevoerd voor actualisatie van vergunningen en het herstellen van de balans in de toezichts- capaciteit.
Dit is een structurele mutatie van € 2,206 miljoen. Deze uitbreiding in taken is gebaseerd op 20.032 uren primaire taken 2026. Naast de kosten voor loon zijn er ook extra kosten voor materiële overhead. Ten opzichte van het genoemde percentage in de kaderbrief ad. 2,2% vindt hierop in totaal een correctie van +10,6% plaats, waarbij de indexatie in begroting 2026 12,8% wordt. Tabel 10b - Loonindexatie Tabel 11b - Prijscorrectie Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage 14 Lasten en baten programmabegroting Financiële begroting Tabel 12 - Lasten en baten programmabegroting De begroting 2026 is ingedeeld in een aantal programma's. Naast de programma's is er een overzicht van de overhead kosten. Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Overhead - van diffuus naar robuust De diverse ontwikkelingen en de eis om robuust te zijn, vragen veel van onze medewerkers. In dezelfde mate doet het een beroep op onze interne dienstverlening dat wordt uitgevoerd door de vakgroepen van het team Bedrijfsvoering. Dit team faciliteert de organisatie om de taken te kunnen uitvoeren, vanuit een gelijkwaardig partnerschap. Dat betekent dat zij zowel ondersteunen als leidend principe zijn vanuit wet- en regelgeving. Dit team versterkt het fundament van binnenuit.
Omdat Bedrijfsvoering niet als primair proces wordt gezien, worden hun kosten betaald vanuit de overhead. Dat geldt ook voor de personeelskosten van de directeur-secretaris, de lijnmanagers, stafleden, coördinatoren en voor een deel van het team Opgaven & Ontwikkeling (O&O). Overhead wordt, conform het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), apart weergegeven van de programma’s. De inhoudelijke programma’s Regulering, Toezicht en Handhaving en Advisering bevatten geen kosten en opbrengsten van overhead meer. Het doel van de aparte weergave is om de overhead inzichtelijker te maken en organisaties onderling beter te kunnen vergelijken op hun uitgaven hieraan. In de programma’s wordt alleen dat deel van de lasten opgenomen dat betrekking heeft op het primaire proces. De definitie van overhead volgens het BBV luidt ‘alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces’. Het betreft zowel personele als materiële kosten. In de begroting 2026 zijn de leidinggevenden aan de overhead toegerekend. In de BBV-notitie “Overhead” is mede aangegeven dat vanaf begrotingsjaar 2026 gemeenschappelijke regelingen het deel van de tijd dat leidinggevenden inhoudelijke taken vervullen toegerekend moeten worden aan het primaire proces.
Naast de eerder vermelde personeelskosten, zoals opleidings- en salariskosten, rekenen we materiële kosten tot de overhead. Dit betreft onder andere: Huisvesting; Communicatiekosten; Juridische en organisatieadvies kosten. Kosten voor Informatiemanagement (IM), waar ICT Support en Beheer deel van uitmaken. Overhead op basis van reële kosteninschattingen Overheadkosten hebben voor een groot deel een vast karakter en ademen niet automatisch mee met omzetschommelingen. Een stijging van het aantal taken en omzet leidt niet voor alle overheadkosten tot een stijging van kosten. Wel zijn er variabele onderdelen hierin zoals een deel van de ICT-kosten, huisvesting en overige personeelslasten. Andere onderdelen van de overhead stijgen niet. Kostenbesparingen en zo efficiënt mogelijk werken, hebben continu onze aandacht. Tegelijk moeten we middelen inzetten voor toenemende maatschappelijke opgaven. Er wordt steeds meer gevraagd om sturing op ‘resultaten’ en outcome. Het gaat dan om de effecten van ons handelen op de leefomgeving. 15 Financiële begroting Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Overheadkosten Tabel 13- Overheadkosten Financiële begroting 16 In tabel 13 vindt u een overzicht van de verschillende kosten voor overhead.
Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Tabel 14 - Meerjarenraming Meerjarenraming 2027 – 2029 Financiële begroting 17 Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Tabel 15 - Meerjarenbalans Meerjarenbalans 2027 – 2029 Financiële begroting 18 Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage Paragrafen Paragraaf Risico’s en Weerstandsvermogen Deze paragraaf geeft inzicht in het risicoprofiel, de risico’s en het beschikbare weerstandsvermogen. Hiernaast staat een overzicht van de risco-inventarisatie. De risico-inventarisatie zoals deze nu is opgesteld, resulteert in een benodigd weerstandsvermogen van €313.250. 19 Tabel 16 - Risico-inventarisatie Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage
Wet- en regelgeving en landelijke standaarden Bedrijfsvoering werkt samen met het team Opgaven & Ontwikkeling om de organisatie in lijn te brengen met wet- en regelgeving. Denk aan de Archiefwet, de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Wet digitale overheid, de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer en de Wet open overheid. Op het gebied van informatieveiligheid (security) zorgt Bedrijfsvoering ervoor dat we op termijn aan de verplichtingen kunnen voldoen die gesteld zijn vanuit de Baseline Informatieveiligheid Overheid (BIO). Momenteel wordt de Europese Network and Information Security directive, ofwel de NIS2-richtlijn, vertaald naar Nederlandse wetgeving (de Cyberbeveiligingswet). Hieruit vloeit de BIO 2.0 voort. Tot slot helpt Bedrijfsvoering de organisatie om te kunnen inzetten op de belangrijkste ontwikkelingen in standaardisatie, met name het Informatiemodel VTH Fysieke Leefomgeving, uniforme registratie van Milieu Belastende Activiteiten (MBA’s) en de aansluiting op de Kennisinfrastructuur VTH (KIS VTH). De KIS VTH vloeit als vierde pijler voort uit het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH (IBP VTH). Hoe snel wij hiermee resultaten kunnen boeken, hangt mede af van de ontwikkelingen vanuit Omgevingsdienst NL. Paragrafen Paragraaf Bedrijfsvoering Voor de weg naar robuustheid, is de komende jaren veel inzet nodig.
Een robuuste formatie vraagt extra inzet voor ons imago als een aantrekkelijke werkgever en voldoende kwalitatieve en kwantitatieve menskracht om alle taken goed uit te voeren. Wij maken er ons hard voor om te borgen dat onze medewerkers groeien, dat wij hen boeien en aan ons blijven binden. Als organisatie beogen wij een waar kennisexpertisecentrum te worden. Bedrijfsvoering richt zich daarbij ook op het werken aan digitale vaardigheid en digitale volwassenheid. Met deze inhaalslag groeit onder meer het begrip van gezamenlijke zorg voor datakwaliteit; iedereen die immers met data omgaat, of dat genereert, is verantwoordelijk voor de kwaliteit daarvan. Daarmee is Bedrijfsvoering meer in staat om samen met de collega’s uit het primaire proces de relatie te leggen tussen taken, mensen en middelen. Ook kan Bedrijfsvoering gericht aan de slag met de robuustheidsopgaven voor Business Intelligence, waar helpend in samenwerking met de noordoostelijke omgevingsdiensten. Dat helpt ook om stappen te maken met toegankelijkere en beter bruikbare VTHA-informatie en andere sturingsinformatie. Bedrijfsvoering houdt een directe lijn met het team Opgaven & Ontwikkeling (O&O).
Met O&O als aanjager werkt Omgevingsdienst IJsselland aan: eerder en beter in beeld brengen van ontwikkelingen om daar actiever op in te spelen; professionalisering van opgaven en het projectenportfolio; versterken van de accountlijn met onze deelnemers; starten van een innovatiebeweging; verkennen van slimme allianties. 20 Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage
21 Investeringsbegroting Investeringen hebben een meerjarig nut. De kosten hiervan komen gedurende meerdere jaren ten laste van de exploitatie. Dit zijn de afschrijvingslasten. Afgeschreven wordt op basis van de . Bijlage Tabel 17a - Investeringsbegroting Programma's en thema's | Financiële begroting | Paragrafen | Bijlage economische levensduur van de investering en er wordt lineair afgeschreven. In onderstaand overzicht worden de geraamde investeringen weergegeven. . Tabel 17b - Investeringsbegroting IJVI Colofon Samenstelling: Omgevingsdienst IJsselland Ontwerp: Movi Communicatie Omgevingsdienst IJsselland Lübeckplein 2 8017 JZ Zwolle Postbus 40252 8004 DG Zwolle 088 5251050 info@odijsselland.nl www.odijsselland.nl