CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

3.2 Raad Leeuwarden, reactie D66 Onderwerp rekenkamer

Raadsvergadering 21 januari 2026, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken2.166 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Motie: ‘Als overheidsingrijpen kinderen weer bescherming biedt’ De raad van de gemeente Leeuwarden, in vergadering bijeen op [08-10-2025], behandelende de aanbevelingen Rekenkamer omtrent de jeugdbeschermingsketen; Constaterende dat;  Uit de aanbevelingen van de Rekenkamer blijkt dat we onze richting en rol moeten bepalen als het gaat om de jeugdbeschermingsketen. We focus en kaders moeten vaststellen binnen de samenwerking tussen de politiek en de jeugdbeschermingsketen en onze informatiepositie als raad moeten versterken.  Uit diverse rapportages van de afgelopen weken blijkt dat diverse GI’s er niet voor kunnen zorgen dat een kind de juiste en adequate bescherming krijgt ondanks alle toezicht die er is.  Onze grootste GI, het Regiecentrum, dit soort problemen nu niet lijkt te hebben en we dit graag zo willen houden.  Het woord ‘Jeugdbescherming’ maar 3x voorkomt in de Jeugdagenda 2024-2028.  Wij als raad van plan zijn om gezamenlijk met de woordvoerder jeugd bij elkaar te komen om een volgende stap te zetten met de aanbevelingen van de Rekenkamer. Overwegende dat;  Het nog steeds lijkt dat wij zelfs als centrumgemeente nog weinig politieke doorzettingsmacht hebben richting de GI’s om op signalen zoals in het rapport ‘Als overheidsingrijpen kinderen geen bescherming biedt’ (sept.

2025), te acteren, maar ook om zicht te krijgen als raad op het goede werk wat veel jeugdbeschermers doen in het veld.  Wij graag als een volgende stap willen maken met de aanbevelingen die de Rekenkamer ons geeft om onze jeugdbeschermingsketen te verbeteren en onze rol als raad te pakken.  Wij graag middels onderstaande interventies kunnen bekijken waar de weeffouten zitten binnen de Jeugdwet en waar we dus wel/niet invloed op hebben maar wel op zouden moeten hebben.  Wij graag de decentralisatie zien slagen en juist de zorg voor kind en ouder dichtbij willen organiseren, dus ook onze lokale volksvertegenwoordigers de invloed geven die ze zouden moeten hebben om hun controlerende, kaderstellende en volksvertegenwoordigende taak op dit vlak effectief te kunnen uitoefenen.  In gezamenlijke bijeenkomsten die de woordvoerders jeugd gaan organiseren we moeten nadenken wat voor kaders (voorbeelden in de bijlage 1) we het college willen meegeven binnen dit addendum ‘jeugdbeschermingsbeleid’ in de Jeugdagenda 2024-2028. Verzoekt het college om;  Een addendum jeugdbescherming toe te voegen aan de jeugdagenda met (toetsbare) beleidskaders jeugdbescherming (Voorbeelden bijlage 1). En deze door de raad te laten vaststellen.  Bij de totstandkoming daarvan de raad te betrekken. En gaat over tot de orde van de dag, Johan Magré namens D66 Leeuwarden

Bijlage 1: Eventuele kaders:  Gemeente als regisseur via de nieuwe WGR Versterk de democratische positie van gemeenten binnen de jeugdhulpregio. Geef gemeenteraden instemmingsrecht op beleid, begroting en inkoop. Richt een programmaraad op waarin raadsleden en wethouders gezamenlijk koers bepalen. Beperk de dominante rol van centrumgemeenten en verdeel zeggenschap eerlijk. Leg vast hoe individuele gemeenten kunnen ingrijpen bij falend regionaal beleid of casussen.  Doorbreek de informatiemuur tussen praktijk en politiek Zorg dat raadsleden en bestuurders toegang krijgen tot relevante informatie, zonder de AVG te schenden. Ontwikkel kaders voor het delen van casuïstiek en signalen. Verplicht instellingen gemeenten te informeren bij plaatsingen, incidenten en rechterlijke uitspraken, en stel een regeling op met samenvattingen van klachten en escalaties.  Extern en onafhankelijk toezicht organiseren Doorbreek het zelftoezicht van instellingen. Laat incidenten analyseren door onafhankelijke deskundigen. Geef de IGJ een proactief mandaat en laat gemeenten audits inkopen bij signalen van structureel falen.  Instellingen toetsen op publieke waarden Veranker in contracten dat instellingen ouders en jongeren serieus betrekken. Verplicht co-productie van rapportages en deel ernstige incidenten met gemeentelijk toezicht.

Zo wordt institutionele zelfbescherming doorbroken en het burgerperspectief hersteld. Een gemeentelijk toetsingskader (Bijlage ) vast te stellen voor gecertificeerde instellingen gericht op naleving van de Jeugdwet en het Kinderrechtenverdrag en eventueel te werken aan een Kinderrechtenverslag. (Bijlage 3)  Stimuleer politieke reflectie en actieve raadssturing Voorkom dat gemeenteraden alleen achteraf reageren. Gebruik technische sessies voor inhoudelijke toetsing. Leg belangrijke besluiten, zoals beleidswijzigingen en plaatsingen, expliciet voor aan de raad en stimuleer signalering via ervaringsdeskundigen.  Herstel morele verantwoordelijkheid en bouw lerend vermogen op Maak ruimte voor reflectie, herstel en publieke verantwoording. Wijs een bestuurlijk aanspreekpunt aan per casus en ontwikkel herstelprotocollen met erkenning, excuses en herstelacties. Bijlage 2: Concept-toetsingskader Kinderrechten voor gecertificeerde instellingen Toetsingskader Kinderrechten voor Gecertificeerde Instellingen Inleiding Gecertificeerde instellingen hebben als kerntaak het waarborgen van de veiligheid en ontwikkelingskansen van kinderen. Dit toetsingskader biedt een leidraad voor professionals bij het naleven van kinderrechten, in lijn met de Jeugdwet en internationale mensenrechtenverdragen.

Het versterkt een kinderrechtensensitieve benadering en ondersteunt een integrale beoordeling van veiligheid, rechten en belangen van kinderen en hun ouders in situaties van (dreigend) geweld of onveiligheid. Juridisch en normatief kader Dit kader is gebaseerd op: • Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) • Verdrag van Istanbul • Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), art. 8 (recht op familieleven) Belangrijke artikelen uit het IVRK: • Art. 3: Het belang van het kind als eerste overweging • Art. 12: Recht van het kind om gehoord te worden • Art. 19: Recht op bescherming tegen alle vormen van geweld • Art.

5 & 9: Recht op begeleiding van ouders en bescherming van gezinsleven Kernprincipes • Veiligheid voorop, met behoud van het recht op familieleven • Kinderrechten als leidraad, inclusief participatie en hoorrecht • Preventie van geweld, inclusief gender- en cultuursensitiviteit • Non-discriminatie • Voorkomen van secundaire victimisatie • Interprofessionele samenwerking Doel en reikwijdte Het toetsingskader biedt richtlijnen voor: • Besluitvorming en opstellen van hulpverlenings- en veiligheidsplannen • Samenwerking met ketenpartners • Monitoring en evaluatie van veiligheid en kinderrechten @ Toepassingsprincipes 1. Veiligheid als eerste voorwaarde Interventies zijn gericht op duurzame veiligheid voor kinderen én ouders, op basis van actuele risicoanalyses. 2. Kinderrechten als leidraad Het belang van elk kind wordt individueel gewogen. Kinderen worden actief gehoord op een bij hun leeftijd passende wijze. 3. Gender- en geweldssensitieve benadering Bij de analyse wordt rekening gehouden met machtsverhoudingen en structureel geweld. Neutrale framing wordt vermeden als dit de aard van het geweld miskent. 4. Voorkomen van secundaire victimisatie Slachtoffende ouders worden ondersteund, niet bestraft. 5. Interprofessionele samenwerking Samenwerking met ketenpartners zoals Veilig Thuis, politie, vrouwenopvang en GGZ is essentieel.

Toetsingsvragen per casus 1. Is het kind veilig? Waarop is deze inschatting gebaseerd? 2. Is er structureel overleg met ketenpartners? 3. Is er een actuele risico-inschatting bij contact tussen kind en ouder/verzorger? 4. Is de stem van het kind gehoord en meegewogen? 5. Draagt het besluit bij aan duurzame veiligheid en herstel voor kind en ouder? Emotionele en psychologische veiligheid • Kinderen krijgen een vaste vertrouwenspersoon of mentor. • Er wordt herstelgericht gewerkt na incidenten, waar veilig en gepast. Toetsingsvragen: 1. Wordt systematisch ruimte geboden aan kinderen om zorgen over veiligheid te uiten? 2. Hoe wordt de balans bewaakt tussen contact met familie en de emotionele veiligheid van het kind? Recht op familie en hechting • Contactherstel wordt gericht op veiligheid én hechting. • Uithuisplaatsing alleen bij ernstige risico’s en met onafhankelijke toetsing. • Veilig contact wordt gefaciliteerd, bijvoorbeeld via begeleide omgang. Toetsingsvragen: 1. Wordt het contact met familie veilig gefaciliteerd? 2. Is de scheiding van kind en ouders goed gemotiveerd en tijdelijk van aard? Gender- en   cultuursensitieve   veiligheid • Beleid is alert op specifieke risico’s voor meisjes/vrouwen, zoals seksueel geweld en eergeweld. • Er wordt rekening gehouden met culturele dynamieken zonder geweld te relativeren.

Toetsingsvragen: 1. Worden meisjes en jongens gelijkwaardig beschermd? 2. Is er aandacht voor culturele dynamieken zonder normvervaging bij geweld? Monitoring, klachten en toezicht • Toegankelijke klachtenregeling voor kinderen en ouders. • Externe toetsing (inspecties, vertrouwensinspecteurs). • Interne evaluaties en kind-/oudertevredenheidsonderzoeken. Toetsingsvragen: 1. Hoe wordt geborgd dat kinderen veilig kunnen klagen of melden? 2. Hoe vaak wordt het beleid geëvalueerd op effectiviteit? 3. Leiden meldingen of inspecties tot verbetermaatregelen? Organisatorische structuur en preventie • Risicotaxatie en veiligheidsbeoordeling bij aanvang en periodiek herzien. • Medewerkers getraind in trauma- en geweldsensitief werken. • Contact met familieleden alleen indien dit veilig en in het belang van het kind is. Slotbepalingen  Met dit toetsingskader verbindt Gecertificeerde instelling) internationaal erkende mensenrechtenverdragen met haar dagelijkse werkpraktijk.  Door structureel aandacht te besteden aan veiligheid, gendergelijkheid en kinderrechten, draagt Jeugdbescherming bij aan een rechtvaardige en beschermende omgeving voor kinderen en hun ouders.  Dit document wordt jaarlijks herzien en afgestemd op wettelijke eisen en maatschappelijke ontwikkelingen.

 De directie is eindverantwoordelijk voor de uitvoering en borging van het beleid Implementatie * Ontwikkeling en toepassing van een standaard checklist. * Beslisondersteuning via gestructureerde casusbesprekingen. * Jaarlijkse toetsing van de uitvoering aan dit kader. * Betrekken van ervaringsdeskundigen bij de evaluatie en verbetering van beleid. *Veiligheidsbeoordelingen bij aanvang van elk traject (risicotaxatie) *Samenwerking met politie, Veilig Thuis, vrouwenopvang en jeugdbescherming *Personeel getraind in trauma- en geweldsensitief werken Bijlage 3: Voorbeeld Kinderrechtenverslag Een voorbeeld van een Kinderrechtenverslag omvat de volgende onderdelen: - Samenvatting van de betrokkenheid van jongeren in besluitvorming; - Analyse van de klachtenprocedures en hoe deze kinderrechten waarborgen; - Verantwoording over vrijheidsbeperkingen en alternatieve maatregelen; - Evaluatie van de zorg en de betrokkenheid van ouders in het zorgtraject. Kinderrechtenverslag 1. Samenvatting van de betrokkenheid van jongeren in besluitvorming Bij (naam gecertificeerde instelling) staat de stem van het kind centraal. Jongeren worden structureel betrokken bij beslissingen die hun veiligheid, welzijn en toekomst raken. In 2025 zijn jongeren op verschillende manieren gehoord: via individuele gesprekken, kindgesprekken en door deelname aan kindpanels.

We werken bij (naam gecertificeerde instelling) met het KIES kindplan van het Expertisecentrum Kind & Scheiding. Kinderen geven aan dat zij het belangrijk vinden dat hun mening serieus genomen wordt, vooral bij beslissingen over verblijfplaats, school en contact met ouders. In ..% van de evaluatiegesprekken gaven jongeren aan dat zij zich betrokken voelden bij de besluitvorming. We blijven hierin investeren door medewerkers te trainen in kindgerichte gespreksvoering. 2. Analyse van de klachtenprocedures en hoe deze kinderrechten waarborgen (Naam gecertificeerde instelling) beschikt over een onafhankelijke klachtenregeling die toegankelijk is voor kinderen, ouders en andere betrokkenen. In 2025 zijn er .. klachten ingediend door of namens jongeren. Deze betroffen vooral de omgangsregeling en het gevoel niet gehoord te worden. De klachten zijn behandeld door een onafhankelijke klachtencommissie. In ... van de gevallen is de klacht (deels) gegrond verklaard en is het beleid of de begeleiding aangepast. De organisatie heeft daarnaast geïnvesteerd in de zichtbaarheid van de vertrouwenspersoon van het AKJ, die een cruciale rol speelt in de toegang tot klachtmogelijkheden en het versterken van rechtspositie van kinderen. 3.

Verantwoording over vrijheidsbeperkingen en alternatieve maatregelen Binnen (naam gecertificeerde instelling) zelf worden geen directe vrijheidsbeperkingen toegepast, aangezien de organisatie geen residentiële zorg verleent. Wel houden we toezicht op de toepassing ervan binnen pleegzorg of gesloten jeugdhulp. In 2025 zijn we in .. dossiers betrokken geweest bij casussen waarin vrijheidsbeperking (zoals gesloten plaatsing) speelde. In alle gevallen is er getoetst of deze maatregel proportioneel en noodzakelijk was, en zijn er alternatieven onderzocht zoals intensieve ambulante begeleiding of plaatsing in een kleinschalige woonvorm. Ook is steeds gezorgd voor toetsing door de kinderrechter. 4. Evaluatie van de zorg en de betrokkenheid van ouders in het zorgtraject Ouders spelen een essentiële rol in het jeugdbeschermingsproces. In 2025 is in 100% van de dossiers de betrokkenheid van ouders actief vormgegeven, via gezinsgesprekken, ouderbegeleiding en gezamenlijke evaluatiemomenten. We hebben in 2025 gewerkt aan het verbeteren van de communicatie met ouders door het inzetten van visuele hulpmiddelen, tolken en eenvoudige taal. In het kader van het streven naar herstel van gezinsrelaties, is de samenwerking met wijkteams en vrijwillige hulpverleners versterkt. 5.

Borging van het recht op contact met familie na uithuisplaatsing Het recht op contact met ouders, broers, zussen en andere betekenisvolle personen wordt door (naam gecertificeerde instelling) erkend als fundamenteel kinderrecht. Bij elke uithuisplaatsing stellen we, in samenspraak met het kind en de ouders, een omgangs- of contactregeling op. Deze wordt opgenomen in het hulpverleningsplan en minimaal elke drie maanden geëvalueerd. In 2025 is in ..% van de uithuisplaatsingen het contact met ouders binnen een week tot stand gebracht. Slechts in ..% van de gevallen is het contact beperkt of tijdelijk opgeschort, uitsluitend vanwege veiligheidsoverwegingen. In die situaties is gezocht naar alternatieve vormen van contact, zoals briefwisseling of begeleide videogesprekken. Wij werken nauw samen met pleeggezinnen, residentiële instellingen en ouders om contactmomenten zo goed mogelijk te laten verlopen. Begeleide omgang en relatiehersteltrajecten via gespecialiseerde hulpverleners worden actief ingezet om het familiecontact duurzaam te ondersteunen. 6. Waarborging van het recht op veiligheid Het recht op veiligheid is een ononderhandelbaar kinderrecht. (Naam gecertificeerde instelling) erkent dat het waarborgen van fysieke, emotionele en psychologische veiligheid voor elk kind de hoogste prioriteit heeft.

In bepaalde situaties komen kinderen uit onveilige thuissituaties waarbij sprake is van mishandeling, verwaarlozing of huiselijk geweld. Daarom geldt: contactherstel met ouders mag nooit ten koste gaan van de veiligheid van het kind. In 2025 zijn er meerdere casussen geweest waarin kinderen aangaven bang te zijn voor contact met een ouder. In die gevallen is zorgvuldig onderzoek gedaan, waarbij de stem van het kind leidend was. (Naam gecertificeerde instelling) dwingt nooit tot omgang als dit aantoonbaar onveilig is. Elke omgangsregeling wordt vooraf getoetst op risico’s, en bij signalen van geweld wordt de omgang direct geschorst en herbeoordeeld in overleg met de rechter. We werken met het principe van ‘veiligheid eerst’, waarbij trauma en eerdere mishandeling expliciet worden erkend en meegewogen in besluitvorming. Daarnaast zorgen we voor scholing van medewerkers op het gebied van trauma, veiligheidsplanning en het signaleren van structureel geweld binnen gezinnen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/ff64b8d8-6958-4df0-af92-0fcf2c864ff5?agendaItemId=e2023067-ba23-4281-a9ef-948b5f3d88ea