CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

2.1 VRIJ - Tweede bestuursrapportage 2024 - vastgesteld

Raadsvergadering 26 november 2024, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken14.031 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Januari tot en met augustus 2024 - concept 2 Inhoud 1. Inleiding ................................ ................................ ................................ ........................... 3 1.1 Aanleiding, opdracht en gevolgde werkwijze ................................ ..................... 3 2. Beleidsmatige stand van zaken ................................ ................................ ................... 4 2.1 Indeling................................ ................................ ................................ .............. 4 2.2 Voorkomen ................................ ................................ ................................ ........ 5 2.3 Bestrijden en Beheersen ................................ ................................ ................... 7 2.4 Nieuwe ambities ................................ ................................ .............................. 16 3. Bedrijfsvoering ................................ ................................ ................................ ............18 4. Financiële stand van zaken ................................ ................................ ........................24 4.1 Toelichting resultaat 2024 ................................ ................................ ............... 25 4.2 Toelichting incidentele afwijkingen ................................ ................................ ...

26 4.3 Gewijzigde financiële overzichten ................................ ................................ .... 37 Bijlage 1: gegevens per gemeente ................................ ................................ ....................39 Bijlage 2: oorzaken overschrijding opkomsttijden ................................ ..........................46 3 1. Inleiding 1.1 Aanleiding, opdracht en gevolgde werkwijze Elf gemeenten hebben hun taken op het gebied van brandweer en crisisbeheersing via een gemeenschappelijke regeling ondergebracht bij Veiligheidsregio IJsselland. Veiligheidsregio IJsselland bestrijdt incidenten waar het moet, maar beperkt nog liever risico’s waar het kan. Daarvoor staan wij zeven dagen per week, 24 uur per dag klaar met kennis, mensen en middelen. We investeren in ons vakmanschap, in verbinding met onze partners en in een sterke interne binding met ons vak en onze collega’s. Nieuwe ontwikkelingen en risico’s in het veiligheidsdomein vragen om een flexibele invulling van onze rol. In de Financiële verordening Veiligheidsregio IJsselland staat dat het dagelijks bestuur het algemeen bestuur informeert over de realisatie van de programmabegroting door middel van tussentijdse rapportages. Deze tweede bestuursrapportage 2024 geeft aan wat de veiligheidsregio in de maanden januari tot en met augustus gedaan heeft en wat dat gekost heeft.

De inrichting van deze tussentijdse rapportage sluit aan bij de indelingssystematiek van de programmabegroting. De rapportages gaan in op afwijkingen in de lasten en baten (begrotingswijzigingen) en de geleverde prestaties. Deze rapportage dient voor 1 november door het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur aangeboden te worden. Hoofdstuk 2 gaat over de beleidsmatige stand van zaken van de uitvoering van de programmabegroting. Daarna wordt in hoofdstuk 3 ingegaan op de bedrijfsvoering. Tot slot wordt in hoofdstuk 4 ingegaan op de financiële stand van zaken. Onderdeel hiervan zijn twee verplichte overzichten, namelijk het aangepaste overzicht taakvelden en het overzicht van baten en lasten. 4 2. Beleidsmatige stand van zaken 2.1 Indeling De inrichting van deze tweede bestuursrapportage dient volgens de financiële verordening aan te sluiten op de indelingssystematiek van de programmabegroting. De rapportage moet onder andere ingaan op afwijkingen in de geleverde inhoudelijke prestaties. Dit hoofdstuk brengt de stand van zaken in beeld. Het programma Veiligheid is verdeeld in de onderdelen ‘Voorkomen’, ‘Bestrijden en Beheersen’ en ‘Aanvullende ambities’. Deze bestuursrapportage kent dezelfde indeling. In de begroting staat bij elk onderdeel: • Wat willen we bereiken? • Wat gaan we daarvoor doen? • De van belang zijnde prestatie-indicatoren.

Dit hoofdstuk bevat per onderdeel de tekst van de begrotingsprestaties van het aandachtspunt ‘Wat gaan we daarvoor doen?’. In een tabel onder ieder onderdeel staat per prestatie-indicator wat de stand van zaken van de uitvoering van de begroting na acht maanden is. Die stand van zaken is op de volgende manier aangegeven: Er is of zal worden voldaan aan de prestatie-indicator. Het is de vraag of dit jaar voldaan wordt aan de prestatie-indicator. Er wordt dit jaar niet meer voldaan aan de prestatie-indicator. De drie programma’s ‘Veilig Leven’, ‘Vandaag voorbereid op morgen’ en ‘Toekomstbestendige brandweerzorg’ zijn bij ‘Voorkomen’ respectievelijk ‘Bestrijden en Beheersen’ in beeld gebracht. In de bijlage zijn prestatiegegevens per gemeente opgenomen in de vorm van tabellen of staafdiagrammen. De informatie over ‘Wat gaat het kosten?’ staat in het hoofdstuk ‘Financiële stand van zaken’.

5 2.2 Voorkomen Risico’s beperken waar het kan en branden, rampen, crises en andere incidenten bestrijden waar het moet. Dat is de missie van Veiligheidsregio IJsselland. Bij het beperken van risico’s werken we samen met gemeenten en onze veiligheidspartners. Gelijktijdig willen we inwoners, bedrijven en instellingen uitdagen om zelf een actieve bijdrage te leveren aan een veilig IJsselland. 2.2.1 Wat gaan we doen? De geprioriteerde risico’s staan beschreven in de beleidsagenda. We zijn alert op nieuwe risico’s en bepalen van deze en de al bekende risico’s welke rol voor ons is weggelegd. Hierbij is een goede informatievoorziening noodzakelijk. Deze gaan we verder ontwikkelen. We investeren in netwerken om partners en inwoners bewust te maken van risico’s zodat zij, indien mogelijk, risico’s kunnen beperken. Wij adviseren provincie en gemeenten onder andere over evenementen, ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen (milieu, bouwen en gebruik). We houden toezicht op risicovolle bedrijven en hebben bij deze bedrijven de mogelijkheid om een bedrijfsbrandweer aan te wijzen. We leveren een actieve bijdrage aan de integrale uitvoering van de Omgevingswet, bijvoorbeeld door deelname aan de Omgevingstafel. 2.2.2 Stand van zaken na acht maanden Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 1.

Het regionaal risicoprofiel dat we elke vier jaar opstellen is volledig, actueel en door het bestuur vastgesteld. We sluiten aan bij het landelijk format om ook bovenregionaal toe te werken naar een landelijk risicoprofiel. Het regionaal risicoprofiel is als onderdeel van de Strategische Beleidsagenda geactualiseerd. Dit heeft geen nieuwe risico’s of thema’s opgeleverd voor de komende periode. Landelijk is een nieuw format opgesteld waarin er sprake is van drie levels: 4-jaarlijks, jaarlijks en continue proces van risicomanagement. Veiligheidsregio IJsselland heeft op basis van dit kader een proces opgesteld om meer in gezamenlijkheid en meer bewust te besluiten over op te pakken risico’s. 2. Er vindt permanente risicomonitoring plaats in de veiligheidsketen. Nieuwe en actuele risico’s worden geduid met partners. Zo nodig worden acties ingezet. De methodiek om te komen tot deze kortcyclische Elke twee weken, of indien nodig vaker, is er overleg over actuele risico’s. Op basis van dit overleg en het opgestelde veiligheidsbeeld worden acties uitgezet in de veiligheidsregio en/ of bij de operationele diensten.

6 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden risicomonitoring wordt verder doorontwikkeld. Het gezamenlijk voorwaarts denken en handelen met partners is samen met de ontwikkeling van een veiligheidsinformatieknooppunt (VIK) één van de vijf deelprojecten van het programma ‘Vandaag voorbereid op morgen’. Permanente risicomonitoring is hier een onderdeel van. Deze deelprojecten worden geïmplementeerd en verder ontwikkeld. 3. Voor alle risico’s wordt bekeken welke consequenties er zijn voor de crisisorganisatie, brandweer, interne organisatie en betrokken netwerken. Op basis hiervan worden, indien noodzakelijk, benodigde acties ingezet. Er zijn drie risico’s voor 2024 geprioriteerd. Deze zijn en worden opgepakt door themahouders en in afstemming met partners worden acties ingezet. 4. Alle aanvragen van provincie en gemeenten voor een advies van de veiligheidsregio worden beoordeeld (betreft onder andere evenementen, ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen). Afhankelijk van het ingeschatte risico wordt de aanvraag wel of niet inhoudelijk behandeld. Advisering is gebaseerd op een multidisciplinaire analyse van de voorliggende vraag. Alle ingediende aanvragen zijn beoordeeld en indien nodig multidisciplinair opgepakt. 5. In ieder advies op een omgevingsvergunning is een paragraaf ‘risicogerichtheid’ opgenomen.

In deze paragraaf staat een advies, aanvullend op de wettelijke regels, gericht op het verder beperken van onveilige situaties. 6. Er wordt jaarlijks toezicht gehouden bij de meest risicovolle bedrijven in de regio (de Seveso- inrichtingen), dit samen met de In samenwerking met de veiligheidsregio’s in Oost- Nederland wordt aan deze inspecties vormgegeven.

7 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden Omgevingsdienst en de Nederlandse Arbeidsinspectie. 2.2.3 Deelprogramma Veilig Leven: iedereen aan zet In het programma Veilig Leven werkt Veiligheidsregio IJsselland aan een integrale aanpak om de zelfredzaamheid van haar inwoners te bevorderen. Dit doen we deels zelf en deels in samenwerking met andere organisaties. De belangrijkste doelgroepen zijn vooralsnog zelfstandig wonende ouderen en jeugd. Op dit moment zien we veel ontwikkelingen op het gebied van een weerbare en veerkrachtige samenleving. Dit hangt nauw samen met actuele maatschappelijke kwesties, zoals de toegenomen militaire dreiging. Dit vraagt om zowel op landelijk als regionaal niveau na te denken over het versterken van netwerk-samenwerkingen en het vergroten van zelfredzaamheid in de samenleving. Veiligheidsregio IJsselland is goed aangesloten op landelijke initiatieven vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid en het Landelijk Netwerk Bevolkingszorg. Regionaal betekent dit dat we, in lijn met de huidige activiteiten binnen het deelprogramma Veilig Leven en de lopende acties in de gemeenten op dit thema, werken aan een geïntegreerde aanpak die aansluit bij de landelijke ontwikkelingen. De eerste gesprekken hierover hebben inmiddels plaatsgevonden, en meer duidelijkheid over het vervolg wordt verwacht na de bestuurderstweedaagse begin oktober.

De in te zetten acties op dit thema zullen consequenties hebben op capaciteit en wellicht om herprioritering vragen binnen het domein van Veilig Leven. In het najaar zal dit leiden tot een plan van aanpak op de thema’s van maatschappelijke weerbaarheid en de thema’s van Veilig Leven. 2.3 Bestrijden en Beheersen Ondanks inspanningen om risico’s te beperken en de zelfredzaamheid te vergroten, zijn niet alle branden, rampen, crises en andere incidenten te voorkomen. Daarom bestrijden we branden, rampen, crises en andere incidenten waar het moet. Deze paragraaf beschrijft wat de stand van zaken na vier maanden is van de wettelijke taken die wij uitvoeren op het gebied van brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio). 2.3.1 Wat gaan we doen? Brandweerzorg We houden brandweerposten operationeel en paraat. Van daaruit leveren we 24 uur per dag, zeven dagen per week brandweerzorg met opgeleide en geoefende mensen (vrijwillig en beroeps) en adequaat materieel en materiaal. We bereiden ons voor op het bestrijden van branden en op hulpverlening bij ongevallen anders dan brand. Dit doen we door het aanbieden van een opleidings-, trainings- en oefenprogramma, dat jaarlijks wordt geactualiseerd. De drie meldkamers in Oost-Nederland zijn samengevoegd.

Samen met de andere veiligheidsregio’s in Gelderland en Overijssel ontwikkelen we de meldkamer tot een knooppunt van informatie, die ondersteunt bij de bestrijding van branden, andere incidenten en bij de crisisbeheersing.

8 Rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR We bereiden ons voor op de crises die voort kunnen komen uit de risico’s in het regionaal risicoprofiel en permanente risicomonitoring. De noodzakelijke operationele voorbereiding voor deze mogelijke crises wordt met alle teams en organisaties die daarbij van belang zijn, afgestemd. We zijn alert op nieuwe risico’s en bepalen hierbij welke rol er voor ons is weggelegd. We helpen onze partners in de zorgsector bij hun eigen voorbereiding op crisisomstandigheden. Dit doen wij door onderlinge samenwerking en het denken in keteneffecten te stimuleren. Maar ook door hun crisisteams mee te nemen in hetzelfde raamwerk voor crisismanagement dat de veiligheidsregio toepast. In crisisomstandigheden, of bij dreiging daarvan: • geven GHOR-functionarissen leiding aan de processen waar zij rechtstreeks op sturen: acute gezondheidszorg en publieke gezondheidszorg; • coördineert de GHOR de inzet van aanbieders van gezondheidszorg en vormt zij de verbinding tussen de zorgsector en de multidisciplinaire crisisorganisatie; • faciliteert de GHOR aanbieders van gezondheidszorg om, binnen hun eigen verantwoordelijkheid, keuzes te maken die het effect voor de gehele zorgketen optimaliseren. Wij en onze partnerorganisaties doorleven de consequenties van het regionaal (zorg-) risicoprofiel.

Dit is terug te zien in onze advisering, maar ook in de informatiebronnen die wij voor onszelf en onze partners ontsluiten. We houden de rampbestrijdingsplannen, die wettelijke verplicht zijn in onze regio, actueel en beoefenen deze. We volgen de ontwikkelingen in het kader van de evaluatie van de Wet veiligheidsregio's en de drie grote werken en voeren eventuele wijzigingen door in onze crisisorganisatie. De regionale ontwikkelingen op het gebied van crisisbeheersing worden programmatisch opgepakt. De veiligheidsregio is verantwoordelijk om blijvend aandacht te hebben voor het selectieproces van piketfunctionarissen, het aanbieden van een opleidings-, trainings- en oefenprogramma en het faciliteren van de teams met de juiste middelen, planvorming, het continue evalueren van inzetten en oefeningen en het vakbekwaam houden van de crisisfunctionarissen. De crisisorganisatie en de daarbij behorende processen worden vastgelegd in een door het algemeen bestuur vastgesteld crisisplan. In opdracht van de gemeenten coördineren wij, in het kader van de crisisbeheersing, het proces van Bevolkingszorg (inclusief crisiscommunicatie). De processen van Bevolkingszorg worden aangepast op basis van het landelijke uniform kwaliteitsniveau, landelijke projecten en nieuwe wetgeving.

In 2024 zal meer duidelijk worden welke kwaliteitsslag nodig is en wat dat betekent voor de organisatie van Bevolkingszorg in IJsselland. De aanpassing van de organisatie van Bevolkingszorg en de daarbij behorende processen worden vastgelegd in het Handboek Bevolkingszorg en Crisiscommunicatie. 9 2.3.2 Stand van zaken na acht maanden Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden Brandweerzorg 1. Inzet van de brandweer vindt plaats conform het vastgestelde dekkingsplan. In de eerste acht maanden van 2024 is in 94.76% van de uitrukken voldaan aan de normtijden uit het dekkingsplan. In 5.24%van de incidenten wordt de opkomsttijd dus overschreden. De meldingen waarbij de gebiedsgerichte opkomsttijd overschreden zijn, waren categorie II-gebieden: woningen en gebouwen met zelfredzame personen inclusief industrie. De overschrijding van de bandbreedte (tussen de 7 en 13 minuten) zit tussen een paar seconde en maximaal twee minuten. De oorzaak van de overschrijdingen wisselt: verkeershinder, langzame opkomst maar ook bijvoorbeeld het later ter plaatse melden van het voertuig. 2. Het opleidings-, trainings- en oefenprogramma voor de brandweer is actueel en uitgevoerd. Het opleiden, trainen en oefenen van de brandweer gaat goed, maar we hebben te maken met een aantal knelpunten. Zo is de uitstroom van brandweermedewerkers hoger dan we gewend zijn.

Enerzijds heeft dit te maken met leeftijd; anderzijds met de trend dat mensen zich korter committeren aan de brandweer. De werving en selectie van vrijwilligers heeft om die reden geresulteerd in twee extra klassen met manschappen (vijf i.p.v. drie) ten opzichte van andere jaren. Ook voor de komende jaren voorzien we dat we een verhoogd aantal manschappen moeten gaan opleiden. Dat heeft financiële gevolgen. Naast manschappen zullen ook opleidingen als bevelvoerder en chauffeur om dezelfde redenen vaker gegeven moeten gaan worden. De grootste zorg hierbij is om voldoende nieuwe mensen te vinden. Er wordt hard gewerkt om een nieuwe elektronische leeromgeving (ELO) in huis te halen. Daarnaast wordt het kwaliteitsregistratiesysteem met betrekking tot oefenen, het zogenoemde

10 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden “Veiligheidspaspoort”, vernieuwd. Beide zaken vergen de eerst helft van 2024 capaciteit om dit goed ingericht te krijgen. 3. Brandweermaterieel en materiaal wordt aangeschaft en onderhouden volgens de investeringsplanning en het onderhoudsplan. Het onderhoud en de investeringen lopen op schema. 4. De alarmeringsregelingen, werkprocessen en multidisciplinaire informatievoorziening van brandweer en crisisbeheersing in de meldkamer zijn in orde. De gezamenlijke meldkamer draait sinds maart 2023. Er zijn nog punten van afstemming en fouten die in het systeem en werkwijzen worden ontdekt. Er is een gezamenlijk overleg op het niveau van Oost-5 om deze samen met de meldkamer op te pakken. 5. Toekomstbestendige brandweerzorg De implementatie van bouwsteen ‘verplichtend karakter’, wat tot gevolg heeft dat vrijwilligers geen kazernerings- of consignatiediensten meer mogen draaien. Het één en ander hangt nog wel af van de landelijke en regionale besluitvorming hierover. Er heeft nog geen landelijke besluitvorming plaatsgevonden over bouwsteen 1. 6. Toekomstbestendige brandweerzorg Het dekkingsplan geeft input voor de in en na 2023 te maken keuzes op het gebied van risicobeheersing/ brandveilig leven en repressieve brandweerzorg.

Bij de objecten waar de opkomsttijd wordt overschreden, wordt bekeken welke risicobeheersende maatregelen genomen kunnen worden om risico’s te beperken en welke activiteiten in het kader van brandveilig leven kunnen worden ingezet om de bewustwording te verhogen. 7. Toekomstbestendige brandweerzorg In 2024 wordt het landelijke kader Uitruk op Maat verder geïmplementeerd. Deze vorm van flexibele uitruk wordt naar behoefte bij de posten geïmplementeerd. Op dit moment is op 18 posten Uitruk op Maat geïmplementeerd. Rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR

11 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 9. Actuele risico’s zijn afgestemd met bestuur en in samenwerking met partners heeft operationele voorbereiding plaatsgevonden en is per risico duidelijk wat ieders rol is. Er vindt operationele voorbereiding plaats op de risico’s die door het bestuur ieder jaar centraal worden gesteld. De ervaring leert dat de veiligheidsregio ook wordt ingezet op nieuwe vormen van risico’s zoals vluchtelingen, COVID-19 en gevolgen van klimaatverandering. Op basis van deze ontwikkeling moet opnieuw worden bepaald wat de rol van de veiligheidsregio en crisisorganisatie is in deze ontwikkeling. Dit wordt opgepakt in het programma ‘Vandaag voorbereid op morgen’ dat in het najaar van 2023 is gestart. Er begint meer lijn te ontstaan in de landelijke, Oost-5 en regionale planvorming. De samenwerking op dit vlak is versterkt, waardoor er efficiënter wordt gewerkt. De planvorming is meer uitwisselbaar en ingericht op meer regio- overschrijdende incidenten. Op basis van landelijke planvorming is de operationele voorbereiding in de regio’s geüniformeerd en aangepast. Dit is bijvoorbeeld aan de orde op het gebied van cyber, ruwe aardolie en tekort aan gas. De inhoud van het zorgrisicoprofiel vormt voor de GHOR de basis voor verdere planvorming en voor opleidingen, trainingen en oefeningen met partners in de zorg.

Hierbij trekt de GHOR op met het bureau Netwerk Acute Zorg (de organisator van het Regionaal Overleg Acute Zorg, ROAZ). 10. De rampbestrijdingsplannen die wettelijk verplicht zijn in onze regio, zijn actueel en worden beoefend. De rampbestrijdingsplannen zijn actueel en maken onderdeel uit van het MOTO- programma. We houden daarbij rekening met de toekomstige ontwikkelingen die bij de Seveso- inrichtingen gaan spelen. Op 25 september 2024 heeft het algemeen bestuur akkoord gegeven op het uitstellen van het actualiseren van de rampbestrijdingsplannen van drie Seveso-bedrijven. Dit komt doordat er bij deze bedrijven de aankomende tijd

12 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden aanpassingen worden doorgevoerd, die vragen om een aanpassing van het rampbestrijdingsplan. Door de huidige plannen een jaar langer te laten gelden kunnen deze aanpassingen direct meegenomen worden. 11. Er is aansluiting met de landelijk door het RCDV benoemde drie grote werken. Eventuele actiepunten worden opgepakt. Vanuit de veiligheidsregio zijn wij betrokken bij de drie grote werken: - Crisisbeheersing en informatievoorziening - Vakbekwaamheid - Goed werkgeverschap Deze onderwerpen worden vanuit de RCDV en de betrokken vakraden opgepakt en uitgewerkt in programmalijnen en verbetervoorstellen. Zo vindt er bijvoorbeeld op het gebied van vakbekwaamheid een doorontwikkeling plaats, waarbij het onderwijsstelsel meer adaptief moet zijn om zo in te kunnen spelen op actuele onderwerpen. 12. Bij (acute en niet-acute) crisissituaties is de crisisorganisatie geactiveerd en operationeel conform het crisisplan. Zie bijlage 1 voor alle GRIP-incidenten en inzetten van het ROT. 13. Het opleidings-, trainings- en oefenprogramma voor de crisisfunctionarissen, de Bevolkingszorg- functionarissen en de GHOR-functionarissen is actueel, uitgevoerd en in lijn met de gezamenlijke visie op leren en ontwikkelen.

Het multidisciplinaire OTO-programma (opleidings- trainings- en oefenprogramma) voor de crisisfunctionarissen is gebaseerd op de gezamenlijke visie op kwaliteit. Uitvoering van dit programma ligt op schema.

13 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 14. Inzet van de crisisorganisatie bij rampen, crises en andere incidenten wordt in alle gevallen geëvalueerd conform het evaluatiebeleid. Leerpunten worden gerapporteerd aan de Veiligheidsdirectie en het bestuur. Alle inzetten zijn geëvalueerd en indien nodig en/of gewenst zijn leerarena’s georganiseerd. 15. Partners in de zorgsector melden incidenten met (mogelijke) keteneffecten bij de operationele GHOR- organisatie. Het vraagt blijvende aandacht vanuit de GHOR, onder andere door trainingen en oefeningen met en bij partners in de zorgsector. Voorbeelden hiervan uit de afgelopen periode zijn Saxenburgh Medisch Centrum en Zorggroep Raalte. Verder zijn er werksessies over de samenwerking in crisissituaties gehouden of gepland met de drie ziekenhuizen in onze regio, de ambulancezorg en de projectleiders zorgcoördinatie. 16. Wij hebben regionaal zicht op de mate waarin onze adviezen worden overgenomen, en wat de afweging was als dit niet gebeurde. Onze evenementenadviezen worden overgenomen in de vergunningen. De wijze van controle op naleving van de voorwaarden verschilt per gemeente. 17. Bij alle risico’s in het regionaal (zorg-) risicoprofiel hebben wij informatiebronnen ontsloten.

Voor een deel van de risico’s werken we multidisciplinair vanuit het VIK en in Oost-5 verband samen om kwalitatieve en kwantitatieve informatie te ontsluiten. Dit betreft onder andere uitval nutsvoorzieningen, overstroming, en natuurbrand. Voor de risico’s die specifiek betrekking hebben op de zorg hebben de GHOR’en in Oost-5 verband al in 2023 een project ‘witte informatiebron’ opgezet. Dit project is goed aangesloten bij en volgend op de multidisciplinaire ontwikkelingen rond informatiegestuurde veiligheid in Oost-5 en KCR2.

14 Bevolkingszorg In opdracht van de gemeenten coördineren wij, in het kader van de crisisbeheersing, het proces van Bevolkingszorg. In het algemeen bestuur is akkoord gegeven op de landelijke actiepunten verwoord in het project Uniform Kwaliteitsbeleid Bevolkingszorg. Het Veiligheidsberaad heeft opdracht gegeven een landelijk kwaliteitsniveau voor bevolkingszorg inclusief crisiscommunicatie te beschrijven. Hiertoe zijn een stuur- en projectgroep Uniform Kwaliteitsniveau Bevolkingszorg in het leven geroepen. Het beoogd effect is enerzijds het leveren van input voor de nieuwe wetgeving waarin bevolkingszorg en crisiscommunicatie vaste onderdelen moeten zijn. Anderzijds werken aan het verhogen van het kwaliteitsniveau van bevolkingszorg en landelijke samenwerking. Momenteel worden deze punten uitgewerkt in een landelijk implementatieplan. Focuspunten zijn het verbeteren van de samenwerking en uitwisselbaarheid tussen regio’s en het uniformeren van opleidingen en examinering. De richting die nu wordt voorgesteld in het kader van bevolkingszorg en crisiscommunicatie sluiten aan bij de koers die we al hadden ingezet. Regionaal moeten we blijven investeren in werving en selectie. Het lukt om het team voldoende gevuld te houden maar daar is wel meer moeite voor nodig dan enkele jaren geleden. Dit leidt ook tot extra opleidingsinspanningen.

In afstemming met de adviseurs crisisbeheersing zijn we gestart met een verdieping op het begrip kwaliteit. Welke verantwoordelijkheid hebben we nu eigenlijk waar neergelegd en hoe kunnen we daar beter op sturen? Dat zijn de belangrijkste vragen die we met elkaar willen onderzoeken. Programma ‘Vandaag voorbereid op morgen’ Voor het versterken van risico- en crisisbeheersing en informatiemanagement zijn door het Rijk extra structurele gelden beschikbaar gesteld. Veiligheidsregio IJsselland ontvangt in 2023 en 2024 ongeveer 1,3 miljoen euro. Er heeft voor 2024 besluitvorming plaatsgevonden over de inzet van deze gelden. Toekenning voor risico- crisisbeheersing houdt vooral verband met het versterken van de samenwerking op landelijk en oost-5 niveau, de ontwikkeling van een veiligheidsinformatiepunt en het risicogericht werken. Hier wordt structureel capaciteit voor aangenomen. Het algemeen bestuur heeft de veiligheidsregio twee opdrachten gegeven: 1. Regisseer het risicogericht werken in het brede veiligheidsnetwerk 2. Organiseer het strategisch crisismanagement Met het programma ‘Vandaag voorbereid op morgen’ geven we invulling aan deze twee opdrachten. Ons programma bestaat uit drie onderwerpen. • Risico's in beeld: We willen weten wat er op ons afkomt, wat de risico's zijn, wat dat voor ons kan betekenen en welke partijen betrokken zijn.

Het Veiligheidsinformatieknooppunt (VIK), wat op dit moment opgericht wordt, is een belangrijke manier om de risico’s in beeld te krijgen. Samenwerking met ketenpartners is hiervoor noodzakelijk. • Risicoreductie: We willen proactief met onze partners de juiste acties bepalen om de risico’s die we in beeld hebben te verminderen. Bijvoorbeeld door de omgeving anders in te richten, meer te handhaven of een publiekscampagne te starten. • Voorbereiden incidenten: We willen op basis van benoemde risico’s goed voorbereid zijn op een inzet van de crisisorganisatie en de samenwerking met partners. Dit gaat ook over mensen, middelen, het delen van kennis en het spreken van dezelfde taal. De opdrachten die een jaar geleden zijn geformuleerd en de daaraan gekoppelde ontwikkelingen sluiten aan bij de tijd waarin we nu leven. Zo zien we dat er steeds meer aandacht ontstaat voor maatschappelijke weerbaarheid. In de afgelopen maanden zijn 15 stappen gemaakt om dit als vierde onderwerp toe te voegen aan het programma. De komende maanden gaan we onderzoek hoe we hier concreet invulling aan geven. De projecten binnen het programma vallen onder de bovenstaande vier onderwerpen. Zie hieronder de huidige stand van zaken van deze projecten. De uitvoering van deze projecten is gedaan samen met onze partners.

Er is een kopgroep samengesteld met drie gemeentesecretarissen om hen ook voldoende te betrekken bij de ontwikkelingen. Op ambtelijk niveau vindt afstemming plaats met een multidisciplinaire klankbordgroep en met de adviseurs Crisisbeheersing van de gemeenten in het Regionaal overleg Samenwerking Crisisbeheersing (RSC). Partners zijn betrokken en met hen vindt nadere afstemming plaats. Dit gebeurt bijvoorbeeld op het gebied van het VIK en bij het selecteren van risico’s. Een deel van bovenstaande projecten is (nagenoeg) afgerond. Hiermee stappen we grotendeels over van de projectfase naar borging in de organisatie.

16 2.4 Nieuwe ambities 2.4.1 Wat gaan we doen? Naast de ambities die we hebben voor ‘voorkomen’ en ‘bestrijden’, gaan we in 2024 ook aan de slag met: • Wij geven uitvoering aan de maatregelen die geselecteerd zijn om de CO2-uitstoot van de veiligheidsregio te verminderen. Op die manier blijven wij tevens gecertificeerd op niveau 3 van de CO2-prestatieladder. In 2024 willen we doorgroeien naar niveau 4. Naast de prestatieladder worden ook andere initiatieven ontplooid in het kader van duurzaamheid, bijvoorbeeld bij het onderdeel brandweer. • Informatievoorziening (inclusief voldoen aan Woo) & Informatieveiligheid (inclusief BIO), als vervolg op de acties die in 2023 worden ingezet. • Invoering gewijzigde gemeenschappelijke regeling. • Herijking huisvestingsbeleid. • Het versterken van onze positie op de arbeidsmarkt. 2.4.2 Stand van zaken na acht maanden CO2-prestatieladder Veiligheidsregio IJsselland is in 2022 en 2023, als eerste veiligheidsregio, gecertificeerd op niveau 3 (van 5) van de CO2-prestatieladder. Het daarbij geformuleerde doel was het bereiken van 50% CO2-reductie in 2025 ten opzichte van 2019 (pré-coronajaar). De maatregelen, waarvoor gekozen is om het doel te bereiken, worden momenteel uitgevoerd. Zo zijn we overgegaan op de afname van groene stroom en worden de vaste brandstoftanks gevuld met biodiesel.

Door uitvoering van deze en een aantal andere maatregelen hebben we tot en met het jaar 2023 al een reductie van 45% CO2 bereikt! Andere regio’s kijken over onze schouder mee en een groot aantal veiligheidsregio’s zijn inmiddels ook bezig met de CO2-prestatieladder en de overgang naar biodiesel. In dit jaar 2024 proberen we een trede te stijgen naar certificering op niveau 4. Daartoe moeten we CO2-reductie bereiken in twee voor ons belangrijke ketens. Momenteel wordt onderzocht welke ketens daarvoor het meest geschikt zijn. Daarnaast richten we ons ook op het algemene onderwerp ‘duurzaamheid’. We doen dat door acties uit te voeren die de medewerkers zelf aandragen en waar zij hun schouders onder willen zetten. Informatievoorziening en informatieveiligheid De organisatie wordt geconfronteerd met snelle ontwikkelingen op het gebied van automatisering, informatiebehoefte en een toename van digitale risico’s en dreigingen. Daardoor zien we ook vernieuwde wet- en regelgeving op ons afkomen op het gebied van onder andere informatieveiligheid. Dit vereist de inrichting van een moderne digitale werkomgeving die enerzijds medewerkers optimaal ondersteunt in de uitvoering van hun taken, en anderzijds voldoet aan de eisen van veiligheid en beheersbaarheid. In dat kader is besloten om een nieuwe ICT-omgeving op basis van Microsoft 365 (MS365) te implementeren.

In de afgelopen periode zijn, naast het volgen van de bestuurlijke besluitvormingsroute, de noodzakelijke voorbereidingen getroffen en is een gedetailleerd plan opgesteld voor de migratie naar deze nieuwe omgeving. Inmiddels is de implementatie in gang gezet, waarmee een belangrijke stap is gezet richting een toekomstbestendige, veilige en efficiënte digitale werkomgeving. 17 Inmiddels is de stap gezet om ook onze ‘kroonjuwelen’, oftewel de kritische bedrijfsprocessen in kaart te brengen in het kader van onze bedrijfscontinuïteit. Daarnaast i er landelijk gestart met een verkenning voor een SOC/CERT. In juli 2024 heeft ons managementteam het privacybeleid vastgesteld. Dit beleidskader ligt in lijn met het vastgestelde informatieveiligheidsbeleid. Vanuit deze kaders wordt nu verdere invulling gegeven aan processen, procedures en werkafspraken. De landelijke ontwikkeling KCR2, de Oost-5 ontwikkeling Informatie Gestuurde Veiligheid en het regionale VIK (veiligheidsinformatieknooppunt) krijgen steeds meer gestalte. In samenwerking met financiën gaan we kijken naar de begroting van informatievoorziening. We zien namelijk steeds meer digitalisering en groei van cloud-applicaties, terwijl de budgetten daarvoor niet altijd goed zijn geborgd. Dit wordt de komende maanden opgepakt.

De behoefte aan expertise op het gebied van informatievoorziening vanuit de organisatie (naast Oost-5 en landelijke ontwikkelingen) is groot en we kunnen de vragen niet allemaal aan. Prioritering zal aangebracht moeten worden. Gemeenschappelijke regeling Het algemeen bestuur nam op 27 maart 2024 kennis van de resultaten van de zienswijzeronde van de colleges van B&W langs de deelnemende gemeenteraden over de concept-wijziging van de GR VRIJ. Het bestuur nam een besluit over de zienswijze van de gemeenteraad van Kampen. De wijzigingen in de GR VRIJ zijn op 28 maart ter vaststelling voorgelegd aan de Colleges, die daarvoor goedkeuring moeten vragen aan hun gemeenteraad. In de vergadering van 10 juli 2024 is een unanieme meerderheid geconstateerd voor het vaststellen van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling VRIJ. De komende maanden wordt er gewerkt aan de publicatie, zodat de regeling in werking kan treden. Huisvestingsbeleid Er is gewerkt aan een normenkader met uitgangspunten met betrekking tot de kaders voor nieuwbouw, verbouw, onderhoudskosten en duurzaamheidsaspecten. Tevens is er een blauwdruk ontwikkeld voor de functionele en bouwtechnische standaard voor de IJssellandse Kazerne, zodat in de toekomst regionale uniformiteit ontstaat in het gebouwenbestand.

Dit moet leiden tot toetsingskaders voor het bepalen van de urgentie om kazernes te verbouwen dan wel nieuw te bouwen en uitgangspunten voor een sobere en doelmatige verbetering van de kwaliteit van de huisvesting. Naast het toetsingskader voor verbetering van de kwaliteit voor de huisvesting van de brandweer, wordt ook een doorkijk gemaakt naar de meerjarenplanning voor onderhoud met bijbehorende investeringen. Deze beide documenten hebben in juli opiniërend voorgelegen bij het algemeen bestuur. Besluitvorming hierover zal binnenkort plaatsvinden. Parallel zal ook onderzocht worden of de huidige constructie van verhuur door gemeenten aan de veiligheidsregio toekomstbestendig is voor beide partijen. Arbeidsmarkt Door te investeren in aantrekkelijk en goed werkgeverschap versterken we onze positie op de arbeidsmarkt. Daarnaast hebben we vanaf 2024 een nieuwe functie van corporate recruiter binnen het team HRM om het werving- en selectieproces en arbeidsmarktcommunicatie verder te professionaliseren. Deze functie is per 1 mei 2024 ingevuld. Daarnaast koppelen we kantoorfuncties aan repressieve functies om het werk interessanter te maken. Zo versterken we de interne mobiliteit en diversiteit. In Q3 en Q4 van 2024 lopen onder regie en begeleiding van de recruiter grotere wervingscampagnes voor rollen en functies op het gebied van crisismanagement en functie van vrijwilligers.

18 3. Bedrijfsvoering De paragraaf Bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken van de voornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering, zoals opgenomen in de begroting 2024. De voornemens uit de begroting staat in onderstaande tabel bij ‘prestatie-indicator’. 3.1.1 Stand van zaken na acht maanden Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 1. HRM - Wnra Voorbereiden op de komst van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren. We wachten op landelijke besluitvorming over het van toepassing verklaren op de veiligheidsregio’s. 2. HRM – rechtspositie vrijwilligers In 2024 is er bij vrijwilligers met een verplicht werkverband door kazernering of consignering, meer duidelijkheid over de omgang met de vrijwillige aanstelling. Het dekkingsplan op basis van gebiedsgerichte opkomsttijden, is het toetsingskader om de kwaliteit van de brandweerzorg te blijven garanderen. We wachten op landelijke besluitvorming over het van toepassing verklaren op de veiligheidsregio’s. 3. HRM – persoonlijk leiderschap We maken medewerkers bewust van de eigen rol en stimuleren om regie te nemen in werken aan je veerkracht, vitaliteit en je ontwikkeling. Dit ondersteunen we en maken we inzichtelijk door het verder optimaliseren van onze dataverwerking en werkprocessen en strategische personeelsplanning.

Met behulp van de nieuwe ontwikkelgerichte gesprekcyclus Talent in Beeld brengen we in kaart wat de behoeften zijn van medewerkers en organisatie nu, en in de toekomst. Medewerkers hebben daarin zelf regie en zijn zelf verantwoordelijk voor hun vitaliteit en ontwikkeling. 4. HRM – talentontwikkeling Daarnaast heeft Veiligheidsregio IJsselland talentontwikkeling en mobiliteit als één van de belangrijkste pijlers voor de komende jaren benoemd. We willen ieders talent in beeld hebben en we stimuleren om deze te ontwikkelen, zowel in het belang van de medewerker, als in het belang van de organisatie. Met het trainingsplatform VR Academy richten we ons onverminderd op Onderdeel van Talent in Beeld is de zogenaamde vlootschouw, waarbij per medewerker/leidinggevende gekeken wordt welke ontwikkeling of loopbaanstap het meest passend is. Het beleid is vastgesteld voor de hele organisatie. Daarnaast ontwikkelen we leiderschap in het werk door extra aandacht te hebben voor managementvaardigheden. Dit

19 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden de ontwikkeling van medewerkers en leidinggevenden. doen we bijvoorbeeld bij het arbobeleid, waar we van verzuim naar veerkracht gaan. Alle leidinggevenden zijn getraind in het leidinggeven aan talent. Aan het eind van het jaar worden de eerste vlootschouw gehouden waarna we een start kunnen maken me de invulling van de strategische personeelsplanning. 5. HRM - duurzame inzetbaarheid We willen iedere medewerker in staat stellen om vanuit eigen regie zo gezond en vitaal mogelijk zijn werk te doen. Dit doen we aan de hand van de bredere kijk van Positieve Gezondheid en het spinnenweb dat dit ondersteunt. Onze visie op positief gezond werkgeverschap en de begeleiding van HRM, leidinggevenden en arbodienst om de medewerker hierin juist te faciliteren zijn hierop ingericht en zal in 2024 verder door ontwikkeld worden. Het inzetbaarheidsprotocol is besproken en akkoord bevonden in het MT en wordt nu voorgelegd voor instemming aan de OR en bekrachtigd aan het DB. We moeten nog steeds extra investeren in de relatie met de arbodienst door veel wisselingen in onze contactpersonen. Dit is helaas binnen de sector door de huidige arbeidsmarkt niet ongewoon. 6.

HRM – arbeidsmarkt Vanuit de strategische personeelsplanning zijn we per functie aan het bepalen hoe we deze het beste kunnen en moeten gaan invullen en (waar nodig) hoe we de arbeidsmarkt het beste kunnen benaderen. We investeren vooral hiervoor in ons netwerk. Strategische personeelsplanning hangt nauw samen met de vlootschouw, die organisatiebreed in het najaar zal plaatsvinden. Samen met de corporate recruiter die per 1 mei is gestart, gaan we volop investeren in het versterken van onze arbeidsmarktpositie. 7. Duurzaamheid Als veiligheidsregio willen wij het goede voorbeeld geven door onze processen te verduurzamen. Op die manier willen we een bijdrage leveren aan het zoveel mogelijk beperken van de nadelige effecten van klimaatverandering. Hiertoe investeren we in het verder reduceren van onze CO2-uitstoot op basis van de huidige footprint. Dit raakt de hele organisatie, waarbij bedrijfsvoering een Als eerste veiligheidsregio zijn we in 2022 (en 2023) gecertificeerd op niveau 3 van de CO2-prestatieladder. We hebben inmiddels een reductie van 45% bereikt! In 2024 proberen we (wederom als eerste veiligheidsregio) een trede te stijgen op de ladder van niveau 3 naar niveau 4. Ook bij onze gebouwen zijn we bezig met duurzaamheid, zie punt 9.

20 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden aanjagende rol heeft vanwege de raakvlakken met alle processen. 8. Open overheid Op weg naar een goede uitvoering van de wet willen we in 2024 aan de slag met het actief openbaar maken van de documenten, die staan genoemd in het VNG Implementatieplan actief openbaar maken. De MT’s van GGD en VRIJ stemden in met de voorstellen van het gezamenlijke projectteam Open Overheid. Het actief openbaar maken wordt opgepakt samen met de GGD volgens de nieuwe landelijke richtlijnen, die eind 2024 van kracht worden. We hebben 1 Woo-verzoek ontvangen en afgehandeld binnen de wettelijke termijn. 9. Facilitaire zaken - gebouwen In 2024 is nieuw huisvestingsbeleid voorbereid en voorgelegd aan het bestuur ter besluitvorming. Voor de komende vijf jaren is een prioriteringslijst gemaakt van alle kazernes inclusief voorstellen over renovaties en/of nieuwbouw. De financiële effecten worden verwerkt in de begroting 2025. Daarnaast zal in 2024 aan het bestuur een verduurzamingsvoorstel gebouwen worden voorgelegd als onderligger bij het huisvestingsbeleid en worden diverse maatregelen doorgevoerd om onze gebouwen duurzaam te maken en om de stijgende energiekosten verder op te vangen. Dit is passend bij de wens om op termijn een CO2-neutrale organisatie te worden, voor nu wordt 50% reductie nagestreefd.

In het voorjaar 2024 is gewerkt aan de Blauwdruk van de IJssellandse brandweerkazerne en aan een Normenkader conform opdracht van het algemeen bestuur, in juli 2024 is dit opiniërend besproken door het algemeen bestuur. Op 25 september 2024 heeft het algemeen bestuur akkoord gegeven op deze documenten. Tegelijkertijd wordt er gewerkt aan de nieuwbouw van de kazerne Heino conform de afspraken in het algemeen bestuur. Duurzaamheidsmaatregelen worden in overleg met de afdelingen vastgoed van de gemeentes doorgevoerd waar “logische” momenten zich voordoen, zoals bij groot onderhoud etc. De veiligheidsregio heeft zelf op diverse kazernes laadpalen geplaatst ten behoeve van het laden van voertuigen. 10. Facilitaire zaken - inkoopbeleid In 2024 zijn meerdere aanbestedingen van diensten en materieel voorzien. Bij deze aanbestedingen zal duurzaamheid en SROI (Social Return on Het inkoopbeleid is op 5 april 2023 vastgesteld door het dagelijks bestuur. De strategisch inkoopadviseur is vanuit facilitaire zaken betrokken

21 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden Investment) nadrukkelijk als afwegingskader worden meegenomen om duurzaam inkopen te bevorderen. bij alle grotere inkooptrajecten. Daarnaast wordt in ons systeem van inkopen de toepassing van het inkoopformulier afgedwongen met de bijbehorende procedurele spelregels. De lijnmanager blijft echter verantwoordelijk voor de inkoopprocessen in het eigen team. 11. Facilitaire Zaken - verzekeringen Aan de hand van verdere besluitvorming op landelijk niveau gaan de veiligheidsregio’s en het NIPV samenwerken op het gebied van ongevallenverzekeringen voor medewerkers. Dit gebeurt vanuit het oogpunt van goed werkgeverschap. Het is de bedoeling dat Veiligheidsregio IJsselland verder en intensiever gaat deelnemen aan twee noodzakelijke onderdelen van de samenwerking, namelijk aan een Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en een Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s Het algemeen bestuur stemde op 22 juni 2022 in met de deelname aan beide stichtingen. Op dit moment is er geen aanleiding om over de verzekeringsportefeuille nadere opmerkingen te maken. 12. Informatieveiligheid We gaan structureel investeren in mensen en middelen om de weerbaarheid van onze organisatie te versterken en de continuïteit van onze processen zo goed mogelijk te waarborgen. De transitie naar de overgang van MS365 is in volle gang.

Informatieveiligheid is goed geborgd in dit project. We merken dat we worden ingehaald door de tijd. De (digitale) weerbaarheid krijgt continu aandacht waardoor ook extra verzwaring van wet- en regelgeving wordt neergelegd. Onze kroonjuwelen (kritische bedrijfsprocessen) t.a.v. van onze bedrijf continuïteit moet naast MS365 de komende periode prioriteit krijgen.

22 3.1.2 Aanvullende informatie In vervolg op de projectopdracht ‘versterking bedrijfsvoering VR/GGD’ in 2023, vindt in 2024 verdieping plaats op de verbeterstappen die in gezamenlijkheid zijn bepaald. De verbeterstappen zijn gericht op het creëren van een basisniveau voor dienstverlening voor veiligheidsregio en GGD op het gebied van HRM, Facilitair, Financiën en ICT. Bij het bepalen van dat basisniveau wordt ook kritisch gekeken welke taken onderdeel moeten zijn van de gezamenlijke bedrijfsvoering en welke taken het beste op een andere manier georganiseerd kunnen worden. De onderliggende afspraken hiervoor worden eind 2024 vastgelegd in een nieuwe samenwerkingsovereenkomst. De directies van de veiligheidsregio en GGD hebben elk kwartaal afstemming over de gemene rekening om actief te sturen op de gezamenlijke financiële middelen en de gezamenlijke formatie, zodat ook in beheersmatig opzicht de continuïteit van de gezamenlijke bedrijfsvoering structureel goed geborgd is. HRM De afgelopen tijd hebben we geïnvesteerd in onze arbeidsmarktcommunicatie en weten we onze maatschappelijke rol beter te benutten in onze uitingen. Ook weten we per functie specifieker en beter sociale media in te zetten. We hebben nog steeds te maken met krapte op de arbeidsmarkt en dat zal de komende jaren niet veranderen.

De krapte speelt vooral bij bepaalde functies zoals een financieel adviseur, en is minder aan de orde bij het vinden van brandweerpersoneel, alhoewel er hier ook wel minder reacties komen op vacatures. Met de ervaringen van dit jaar en met de inzet van een recruiter denken we dat we hier goed op in kunnen blijven spelen in de toekomst. HRM heeft in overleg met de MT's van beide organisaties (VR en GGD) een meerjarenplan opgesteld. De belangrijkste aandachtspunten zijn: aantrekkelijk werkgeverschap, datagedreven werken, en het waarborgen van een solide basis te midden van de bedrijfsmatige, maatschappelijke en technologische veranderingen, evenals het versterken van het organisatievermogen. ICT Binnen het ICT-team is de afgelopen periode gewerkt aan diverse essentiële pijlers die centraal staan in de doorontwikkeling van het organisatieonderdeel. Een belangrijke focus was de overgang naar de nieuwe werkomgeving Microsoft 365. De voorbereidingen hiervoor hebben een aanzienlijke impact gehad op de tijdsbesteding van het ICT-team, gezien de complexiteit en omvang van dit traject. Daarnaast heeft de teamcultuur en de manier van samenwerken prioriteit gekregen, waarbij succesvolle stappen zijn gezet. Deze ontwikkelingen zijn noodzakelijk om als team door te groeien naar een volwassen beheerorganisatie die in staat is de uitdagingen van de toekomst effectief aan te gaan.

Op het gebied van contractmanagement met leveranciers is er eveneens vooruitgang geboekt, waardoor er meer grip is verkregen op contracten en er betere controle is over de financiële processen binnen ICT. Dit draagt bij aan een meer solide en transparante bedrijfsvoering. Verder is er gewerkt aan het toekomstbeeld voor het gehele IT-domein, waarbij de samenwerking tussen verschillende domeinen binnen de organisatie aanzienlijk is versterkt. Dit legt een belangrijke basis voor verdere integratie en samenwerking in de toekomst. Informatievoorziening Op informatiebeheer is inmiddels (tijdelijke) personele invulling gevonden. Hierdoor werken we momenteel achterstalligheden weg en worden richtingen verkent hoe informatiebeheer binnen de organisatie op een goede manier in te richten. 23 Door de personele invulling wordt met de expertise ook aangesloten bij het MS365 project en is gestart met het opstellen van formats voor het jaarlijks rapporteren richting bestuur op basis van de vastgestelde archief KPI’s. Daarnaast is er gewerkt aan een module contractmanagement waardoor meer grip ontstaat op het beheer van contracten. Dit wordt nog verder geïmplementeerd. Facilitaire zaken Binnen de vakgroep facilitaire zaken is hard gewerkt om het gebouwenbeheer meer structuur te geven.

In het voorjaar zijn inspecties doorgevoerd op de onderhoudselementen waarvoor de veiligheidsregio als huurder verantwoordelijk is. In overleg met de financieel adviseur is vastgesteld dat de planmatige werkzaamheden binnen budget in 2024 kunnen worden uitgevoerd. Verder is er gewerkt aan een blauwdruk voor de brandweerkazernes, de mogelijk toekomstige standaard voor kazernes en een normenkader met uitgangspunten met betrekking tot de kaders voor nieuwbouw, verbouw, onderhoudskosten en duurzaamheidsaspecten. Met betrekking tot inkoop heeft facilitaire zaken, samen met financiën, een coördinerende rol op de juiste toepassing van ons inkoopbeleid en de begeleiding van inkooptrajecten. Naar aanleiding van de recente opmerkingen van de accountant is intern afgestemd hoe inkooptrajecten verbeterd kunnen worden en hoe deze zijn geborgd. Binnen de verzekeringsportfolio is een analyse gemaakt over het schadebeeld van de veiligheidsregio. Hoewel hier geen opvallende afwijkingen ten opzichte van het landelijke beeld zijn waargenomen, zal wel worden ingezet op preventie met betrekking tot aanrijdingsschades door hier bij vakbekwaamheidstrajecten extra aandacht aan te besteden. 24 4. Financiële stand van zaken Dit hoofdstuk biedt een overzicht van de financiële prestaties van Veiligheidsregio IJsselland gedurende het lopende boekjaar.

Het geeft inzicht in zowel de uitvoering van de begroting als de financiële gezondheid van de organisatie tot op heden met een vooruitblik naar het eind van 2024. Op basis van de eerste acht maanden van 2024 wordt de prognose voor het jaarlijks resultaat geschat op een positief saldo van 434.500 euro. Deze gunstige ontwikkeling is voornamelijk te danken aan openstaande vacatures en een incidentele prijscompensatie van de BDuR vanwege de hoge inflatie in voorgaande jaren. Van het resultaat is een bedrag van 283.708 euro afkomstig uit de extra BDuR-gelden voor het versterken van Informatievoorziening (IV) en Crisisbeheersing (CB). Dit geld is gelabeld en mag de hoogte van de gemeentelijke bijdragen niet raken, noch mag dit aan het eind van het boekjaar terugvloeien naar de deelnemende gemeentes. Ondanks het gemelde voordeel blijven de kosten voor energie, brandstof en opleidingen hoger dan begroot. Deze extra uitgaven worden echter gecompenseerd door een aantal voordelen binnen de begroting waardoor we tot nu toe in staat zijn geweest om deze kostenstijgingen op te vangen. Raadpleeg de onderstaande tabel voor een gedetailleerde toelichting. Nadat het algemeen bestuur deze tweede bestuursrapportage heeft vastgesteld worden de financiële wijzigingen incidenteel via een begrotingswijziging verwerkt in de begroting 2024.

Kostencategorieën Primaire begroting 2024 1e BERAP 2024 2e BERAP 2024 Totaal 2024 V/N Gewijzigde begroting 2024 1 Personeelskosten 31.122.767 202.203 -258.246 -56.043 V 31.066.724 2 Huisvestingskosten 5.960.413 409.109 357.146 766.255 N 6.726.668 3 Brandweermaterieel 6.215.442 20.803 -140.554 -119.751 V 6.095.691 4 Opleiden & Oefenen 2.937.965 613.174 -97.661 515.513 N 3.453.478 5 Automatisering & verbindingen 2.248.229 -91.385 - -91.385 V 2.156.844 6 Rente 383.550 - 126.976 126.976 N 510.526 7 Beheerskosten 1.227.560 - - - - 1.227.560 8 Overige kosten 1.846.413 50.000 93.502 143.502 N 1.989.915 Totaal lasten 51.942.339 1.203.904 81.163 1.285.066 N 53.227.406 9a Baten -220.094 -252.339 -120.284 -372.623 V -592.717 9b Bijdrage GGD -2.987.695 - - - - -2.987.695 10 Algemene dekkingsmiddelen -48.413.574 -481.401 -375.624 -857.025 V -49.270.599 Totaal baten -51.621.363 -733.740 -495.908 -1.229.648 V -52.851.011 Saldo baten en lasten 320.976 470.164 -414.745 55.419 N 376.395 25 Toevoeging aan reserves 63.322 - - - - 63.322 Onttrekking aan reserves -384.298 -490.000 - -490.000 V -874.298 Resultaat 2024 0 -19.836 -414.745 -434.581 V -434.581 4.1 Toelichting resultaat 2024 Het geprognosticeerde resultaat van de Veiligheidsregio IJsselland bedraagt voor 2024 434.581 euro.

Sinds 2023 ontvangt de Veiligheidsregio IJsselland aanvullende middelen van het Ministerie van Justitie en Veiligheid om de Crisisbeheersing en Informatievoorziening binnen de organisatie te versterken. Een belangrijke voorwaarde van deze middelen is dat ze de gemeentelijke bijdrage niet mogen beïnvloeden en dat eventuele overschotten niet mogen terugvloeien naar de gemeenten. Dit deel van het resultaat van 434.581 euro bedraagt 283.708 euro waarmee het resultaat voor de gemeentes uitkomt op 150.874 euro. Resultaat Saldo Resultaat 2024 434.581 Reservering extra BDuR-gelden 283.708 Resultaat deelnemende gemeentes 150.874 Onderstaande tabel toont de prognose voor de extra BDuR-gelden in 2024. Voor dit jaar zijn de begrote baten voor crisisbeheersing (CB) en informatievoorziening (IV) respectievelijk 960.234 euro en 638.400 euro, wat resulteert in een totale primitieve begroting van 1.598.634 euro. Daarnaast zijn loon- en prijsindexeringen toegekend, waarbij CB 45.408 euro en IV 30.189 euro aan extra bijdragen ontvangen. Dit brengt de totale baten van de BDuR-uitkering op 1.674.231 euro. Aan de lastenzijde wordt het extra geld als volgt verdeeld: 1.000.093 euro voor CB en 390.430 euro voor IV, wat resulteert in totale lasten van 1.390.523 euro. Het saldo voor CB komt daarmee uit op 5.549 euro, terwijl het saldo voor IV 278.159 euro bedraagt.

Dit resulteert in een positief totaalsaldo van 283.708 euro voor de extra BDuR-middelen in 2024. Het hoge positieve saldo voor IV wordt voornamelijk verklaard door de geplande implementatie van een Security Operations Center (SOC) en Computer Emergency Response Team (CERT). De aanbesteding hiervan wordt voorbereid door het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV). Aangezien deze ontwikkeling nog in de toekomst ligt, kunnen de middelen voor IV momenteel nog geen structurele invulling krijgen. Kostencategorieën Primaire begroting 2024 Baten Begroting Crisisbeheersing 960.234 Begroting Informatievoorziening 638.400 Totaal primitieve begroting 1.598.634 Loon- prijsindex Crisisbeheersing 45.408 Loon- prijsindex Informatievoorziening 30.189 Totale baten extra BDuR 2024 1.674.231 Lasten Besteding extra geld Crisisbeheersing 1.000.093 Besteding extra geld Informatievoorziening 390.430 Totale lasten extra BDuR 2024 1.390.523 Saldo Crisisbeheersing 5.549 Saldo Informatievoorziening 278.159 Saldo extra BDuR 2024 283.708 26 4.2 Toelichting incidentele afwijkingen 4.2.1 Personeelskosten Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal 2024 V/N 1 Personeelskosten Vrijval loonsom beroepsmedewerkers -337.797 -357.094 -694.891 V Hogere kosten inhuur derden 490.000 490.000 N Hogere kosten verzekering personeel 50.000 50.000 N Kosten woon-werkverkeer 98.847 98.847 N Totaal

202.203 -258.246 -56.043 V 1e Bestuursrapportage Ruimte in de loonsom beroepsmedewerkers Aan het einde van het jaar wordt verwacht dat er ongeveer 297.000 euro overblijft op de loonsom voor beroepspersoneel. Dit wordt deels veroorzaakt door het effect van gemiddeld drie vacatures waarvan de invulling is vertraagd. In de praktijk worden niet alle salarissen betaald op het maximum van de schaal, deels vanwege de instroom van nieuwe medewerkers. Hierdoor ontstaat er incidentele ruimte in dit deel van de loonsom. Daarnaast is bij het vrijkomen van de loonsom voor beroepspersoneel rekening gehouden met de CAO- stijging die per 1 mei zal plaatsvinden. Hoewel de exacte hoogte van deze stijging nog niet bekend is, kan de verhoging worden gefinancierd uit de reguliere begroting. Ruimte inhuur derden In de loop van 2024 staat de implementatie van Microsoft 365 op de agenda voor onze organisatie. De verwachte consultancykosten voor deze implementatie bedragen 490.000 euro in het komende jaar. Deze kosten worden gedekt uit een deel van het jaarrekeningresultaat van 2023, waarvoor een bestemmingsreserve specifiek voor dit doel is gevormd. De onttrekking aan deze reserve heeft in 2024 plaatsgevonden en wordt nader toegelicht in de paragraaf ‘Bestemmingsreserves’.

Hogere kosten verzekering personeel In verband met het afsluiten van een nieuwe ongevallenverzekering voor de beroepsmedewerkers zijn de verzekeringskosten voor de Veiligheidsregio IJsselland voor 2024 toegenomen voor een bedrag van 50.000 euro. 2e Bestuursrapportage Ruimte in de loonsom beroepsmedewerkers In navolging op de eerder gepresenteerde vrijval van 337.797 euro in de loonsom van beroepsmedewerkers, zoals gerapporteerd in de 1e BERAP, wordt voor de rest van het jaar een aanvullende vrijval van 357.094 euro verwacht. Het is hierbij van belang te vermelden dat de CAO-loonstijging, die per 1 mei 2024 is ingegaan en een financieel effect heeft van 671.411 euro, kunnen vooralsnog binnen de reguliere begroting worden gedekt. Hierdoor is geen aanvullende bijdrage vanuit de deelnemende gemeenten vereist om dit financieel effect op te vangen. De verwachte vrijval van 357.094 euro in de loonsom is voornamelijk toe te schrijven aan de niet ingevulde vacatureruimte en het feit dat niet alle medewerkers het maximumsalaris in hun schaal ontvangen. De onbenutte vacatureruimte komt voornamelijk 27 voort uit het niet volledig inzetten van de extra BDuR-gelden voor informatievoorziening. In de volgende alinea zal een nadere toelichting worden gegeven op dit onderwerp.

Kosten woon-werkverkeer Per 1 januari 2023 ontvangen de medewerkers van de Veiligheidsregio IJsselland een vergoeding voor woon-werkverkeer. De totale kosten van deze beleidswijziging zijn echter nog niet volledig opgenomen in de begroting van 2024, aangezien de exacte hoogte van deze kosten bij het opstellen van de begroting voor dit jaar nog niet volledig bekend was. Dit resulteert in een verwacht incidenteel tekort van 98.847 euro voor het jaar 2024. 4.2.2 Huisvestingskosten Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal 2024 V/N 2 Huisvestingskosten Hogere energielasten 275.000 38.093 313.093 N Hogere schoonmaakkosten 120.000 - 120.000 N Hogere afschrijvingslasten 14.109 - 14.109 N Hogere onderhoudskosten - 259.344 259.344 N Hogere afvalverwerkingskosten - 59.709 59.709 N Totaal 409.109 357.146 766.255 N 1e Bestuursrapportage Energielasten Hoewel we gunstige signalen ontvangen over de dalende tarieven op de energiemarkt, blijven we voorzichtig vanwege de voortdurende onzekerheden en de dynamiek van de energiemarkt. Deze onzekerheid wordt verder versterkt door de voortdurende ontwikkelingen in de samenleving, zoals geopolitieke spanningen en verschuivingen in energiebeleid. Als gevolg hiervan voorzien we een nadelig effect op onze energielasten van circa 275.000 euro.

Schoonmaakkosten De schoonmaakkosten voor de kazernes zijn aanzienlijk gestegen vanwege aanzienlijke stijgingen van de lonen in de schoonmaaksector. Deze stijgingen zijn sneller gegaan dan de indexering die was voorzien in de primitieve begroting. Als gevolg hiervan voorzien we een nadeel van 120.000 euro met betrekking tot de schoonmaakkosten. Afschrijvingslasten Door het vroegtijdig opstellen van de begroting van Veiligheidsregio IJsselland moet er voor de budgettering van de afschrijvingslasten uit worden gegaan van een prognose op nog toekomstige vervangingsinvesteringen. In het boekjaar 2023 is er meer geïnvesteerd in huisvesting dan bij het opstellen van de begroting over 2024 was verwacht. Hierdoor vallen de afschrijvingslasten in 2024 14.109 euro hoger uit. 2e Bestuursrapportage Energielasten De energielasten blijven voor de Veiligheidsregio IJsselland onverminderd hoog in vergelijking met de situatie vóór de energiecrisis van 2022. Als gevolg hiervan wordt er voor 28 2024 een aanvullend incidenteel tekort van 38.093 euro verwacht met betrekking tot de energielasten. Dit tekort is toe te schrijven aan de aanhoudende hoge energieprijzen, die nog steeds boven het pre-crisisniveau liggen.

Onderhoudslasten In 2024 zijn er onverwachte afrekeningen van servicekosten voor een aantal kazernes ontvangen, wat resulteert in een incidenteel tekort van 259.344 euro met betrekking tot de onderhoudskosten. Om te voorkomen dat dergelijke grote afrekeningen opnieuw leiden tot budgetoverschrijdingen, is in overleg met de betrokken gemeenten besloten de voorschotten voor de servicekosten in 2024 aan te passen. Deze aangepaste voorschotten zijn nu afgestemd op de daadwerkelijk verwachte totale servicekosten voor het jaar 2024. In de huidige prognose voor de onderhoudskosten van 2024 is rekening gehouden met deze verhogingen. Het doel is om toekomstige afrekeningen voorspelbaarder te maken en ongewenste financiële consequenties te voorkomen. Afvalverwerkingslasten In 2024 wordt een incidenteel tekort van 59.709 euro voorzien voor de kosten van afvalverwerking. In de huidige begroting zijn geen middelen voor deze kosten opgenomen. Normaal gesproken zouden dergelijke tekorten kunnen worden gecompenseerd door overschotten op andere budgetposten. Echter, op dit moment zijn er geen beschikbare overschotten binnen het huisvestingsbudget om dit tekort op te vangen. Voor 2025 is dit probleem opgelost, aangezien de begroting voor dat jaar voorziet in specifieke middelen voor afvalverwerking. Dit voorkomt dat vergelijkbare tekorten in de toekomst opnieuw ontstaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/1a145ed3-5e3b-46ae-b1dc-6bf9c0a2053a?agendaItemId=e5b25006-bd0d-4f76-ab3a-3cb1de020c70