CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

18.5 College 2 - UVP2026 (1)

Raadsvergadering 21 januari 2026, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken6.500 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VTH-programma 2026 Lokaal uitvoeringsprogramma vergunningverlening, toezicht en handhaving

1 Voorwoord Dit programma geeft inzicht in de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) in de fysieke leefomgeving in 20 26. Het heeft betrekking op het domein bouwen en ruimtelijke ordening. Zoals gebruikelijk kijken we bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma voor het nieuwe, komende jaar terug naar het voorgaande jaar. Daarbij zetten we door monitoring verkregen resultaten om naar getalsmatige uitgangspunten , daarnaast schaven we waar nodig de processen bij. We richten onze blik ook op de toekomst, wat kunnen we verwachten en waarop moeten we anticiperen. Ook komend jaar krijgen we nog te maken met de uitwerking van de Omgevingswet op onze processen, met name het onderdeel Wet kwaliteit sborging voor het bouwen (Wkb). In 2026 worden de meerdere gereedmeldingen verwacht. Daarbij moeten we ook rekening houden met strijdigheden en hoe we daar als bevoegd gezag vanuit onze toezichthoudende rol op reageren. De extra werkzaamheden en de veranderingen die daarmee gepaard gaan , vragen om een flexibele houding om de dienstverlening en kwaliteit op hetzelfde niveau te houden. In de praktijk blijkt dat niet iedereen zich aan de regels houdt en dat het toetsen van plannen, toezicht en handhaving noodzakelijk zijn. Ook in onze gemee nte vinden overtredingen plaats en worden bijvoorbeeld voorschriften in de bouw niet nageleefd .

Bewust en onbewust worden de regels en voorschriften om verschillende redenen niet nageleefd. Hierdoor wordt afbreuk gedaan aan de veiligheid en de kwaliteit van onze fysieke leefomgeving. Bij de uitvoering van onze toezicht - en handhavingstaak staat de menselijke maat centraal. We praten met elkaar en handelen niet uitsluitend naar de letter, maar voor al ook naar de geest van de wet. De voorbereiding van het uitvoeringsprogramma is voor een deel een getalsmatige exercitie. Dit vanuit het doel om onze capaciteit zo gericht mogelijk te verdelen. We onderscheiden drie programma’s, waarop voor de uitvoering van de taken als volgt wordt ingezet: - Vergunningverlening; - Toezicht en handhaving; - juridische advisering. Vergunningverlening Door monitoring kunnen we vaststellen dat we richting de zomer van 2025 te maken hadden met een piek in het aantal aanvragen om een omgevingsvergunning. Door monitoring en opgedan e ervaring kunnen we daar voor 2026 op anticiperen. Toezicht en handhaving Toezicht en handhaving zijn belangrijke instrumenten voor het waarborgen van een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving. Door actief toezicht wordt wet- en regelgeving beter nageleefd. In het programma hebben we een inschatting gemaakt van de werkvoorraad en de beschikbare capaciteit. Uit het voorliggende programma blijkt dat de capaciteit voldoende is om het programma uit te kunnen voeren.

Wanneer blijkt dat n iet alle toezichtstaken kunnen worden uitgevoerd , wordt op basis van de risicoanalyse besloten om bij het bouwtoezicht een aantal taken niet of niet volledig uit te voeren. Het tekort wordt dan voor een deel opgevangen door in de lagere categorieën niet alle onderdelen van het bouwproces te controleren . Voor een effectief toezicht wordt de beschikbare toezichtscapaciteit zo flexibel mogelijk ingezet. Een hoge werkvoorraad bij vergunningverlening kan er toe leiden dat een aanvraag niet op alle onderdelen wordt getoetst. Waar nodig wordt het college betrokken als er ingrijpende keuzes gemaakt moeten worden. 2 Inhoud 1. Inleiding .............................................................................................................................................. 3 1.1 VTH-programma als basis voor uitvoering ........................................................................................ 3 1.2 Aandachtspunten Interbestuurlijk toezicht (IBT) provincie ......................................................... 4 1.3 Ontwikkelingen .................................................................................................................................. 5 2 Werkwijze VTH ..........................................................................................................................................

7 2.1 Omgevingswet en Wkb ......................................................................................................................... 7 2.2 Werkwijze vergunningverlening ........................................................................................................... 8 2.3 Werkwijze Toezicht en Handhaving .................................................................................................... 9 3. Formatie VTH .................................................................................................................................. 12 3.1 Wat gaan we doen? ........................................................................................................................ 13 3.2 Projecten .......................................................................................................................................... 15 3.3 Onvoorzien ....................................................................................................................................... 15 3.4 Risico’s ............................................................................................................................................. 15 Bijlagen ..........................................................................................................................................................

16 1 Productbladen ............................................................................................................................................ 16 2 Beleidsdoelen VTH ..................................................................................................................................... 18 3 Risicoanalyses bouwen en ruimtelijke ordening ........................................................................................ 19 4 Verantwoordelijkheden ............................................................................................................................. 21 5 Handreiking Toezicht en handhaving Wet kwaliteitsborging bouw Handelingsperspectieven voor gemeenten Versie 2 en aanvullend stoplichtmodel ................................................................................... 22 3 1. Inleiding 1.1 VTH-programma als basis voor uitvoering Voor u ligt het uitvoeringsprogramma Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) gemeente Steenwijkerland 2026. Het opstellen en vaststellen van een jaarlijks uitvoeringsprogramma is een wettelijke plicht op grond van artikel 13.8 van het Omgevingsbesluit. Het programma wordt jaarlijks vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en wordt daarna ter kennisgeving aan de raad aangeboden.

Met dit programma geeft het college van burgemeester en wethouders de voorgenomen activiteiten weer van de uitvoering van de taken vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van bouwen en ruimtelijke ordening. Het uitvoeringsprogramma voorzi et in de gewenste en noodzakelijke prioritering. Het uitvoeringsprogramma is integraal van opzet en is voor het college een instrument om de doelstellingen voor het komend jaar vast te stellen en daarbij ook te bepalen welke capaciteit en financiële middelen hiervoor benodigd zijn. Het verbindt de gemaakte beleidskeuzes over doelen en prioriteitsbepaling van de gemeente Steenwijkerland met de uitvoering. In die zin vormt het programma de leidraad bij de uitvoering van activiteiten. Het uitvoeringsprogramma vormt een belangrijk onderdeel in de totale beleidscyclus “Big - Eight”. Wat volgt uit het uitvoeringsprogramma is de monitoring en de verslaglegging (evaluatie) in 2026. De verbetermaatregelen die voortkomen uit deze evaluatie worden gebruikt als verbetering van de probleemanalyse en prioriteiten. Dit maakt de beleidscyclus sluitend en draagt bij aan een hogere kwaliteit en beheersing van risico's rondom de VTH - taken. Het VTH-beleidsplan, het VTH-Jaarverslag en het VTH-uitvoeringsprogramma behoren tot de strategische cyclus.

Opgestelde werkprocessen en protocollen en de kwartaalrapportages behoren tot de operationele cyclus. Onderstaand een overzicht van de Big-8 cyclus. Per 1 januari 2018 is de Omgevingsdienst IJsselland (ODIJ S) operationeel. De ODIJ S voert het VTH milieutakenpakket uit. Voor het takenpakket van de ODIJ S wordt een apart programma opgesteld. Zo is duidelijk welke taken de ODIJ S in 2026 voor ons uitvoert. Beide programma’s worden jaarlijks vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en wordt daarna ter kennisgeving aan de raad aangeboden.

4 1.2 Aandachtspunten Interbestuurlijk toezicht (IBT) provincie De provincie Overijssel heeft binnen het domein Omgevingsrecht in het kader van IBT een toetsing uitgevoerd, waarbij het oordeel over de gemeente Steenwijkerland positief is: kleurbeeld groen. Hieronder staan de verbeterpunten die de provincie Overijssel heeft aangedragen, samen met de acties die wij in 2025 hebben ondernomen om deze punten aan te pakken en uit te voeren. Actualiseer, zoals voorgenomen, in 2025 het VTH- beleidsplan en betrek hierbij de beleidskeuzes voor de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Omdat er nog onvoldoende ervaring is opgedaan met de Wkb door het nog geringe aantal meldingen en nog geen gereed- meldingen of strijdigheden, en daarmee de theorie nog niet voldoende in de praktijk getoetst is, zullen we ook in 2026 gebruik maken van de handreiking van de VNG “toezicht en handhaving Wet kwaliteitsborging bouw versie 2” als handelingskader. (Bijlage 5) De ervaringen die we daarbij opdoen zullen we vervolgens vertalen naar een beleidsplan wat zal worden meegenomen bij de actualisatie van het VTH beleid. Werk aan de koppeling tussen het VTH-beleidsplan, het uitvoeringsprogramma 2026 en het jaarverslag 2024. De monitoring van de thuistaken is geborgd in ons zaaksysteem IJVI. De door monitoring verzamelde resultaten gelden als uitgangspunt voor het uitvoeringsprogramma 2026.

Aandachtspunt is de meetbaarheid van de voorgenomen doelen bij de actualisatie van het VTH-beleid. Zorg voor verdere ontwikkeling van indicatoren en streefwaarden voor de gestelde doelen in het uniforme regionale VTH-beleid voor de taken bij de Omgevingsdienst. In samenwerking met de Omgevingsdienst IJsselland zijn doelstellingen geformuleerd in het VTH-beleid. Meetbare doelstellingen zijn verder uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma. Geef in 2025 beter inzicht in de werking van het dynamisch risicoprioriterings- instrument (RPI) en de daarbij horende risico-inschattingen, zodat inzichtelijk is hoe deze de toezichtstaken sturen. In paragraaf 3.2 van het regionale uitvoeringsprogramma is de werking van het RPI toegelicht. Zorg voor een actualiteitstoets van de relevante vergunningen die bij De actualisatietoetsen en eventuele actualisatie van vergunningen is gepland voor 2026. Zie hiervoor paragraaf 3.1 van het regionale uitvoeringsprogramma. 5 de Omgevingsdienst zijn belegd en actualiseer deze indien nodig volgens de wettelijk vastgestelde termijnen. Geef in het jaarverslag 2024 over de taken belegd bij de Omgevingsdienst inzicht in de realisatie van de gestelde doelen. In het jaarverslag 2024 voor de taken bij de Omgevingsdienst is op diverse onderdelen inzicht gegeven in de mate van realisatie van de doelen.

1.3 Ontwikkelingen Bij de totstandkoming van dit document is rekening gehouden met landelijke beleidsontwikkelingen en (toekomstige) wijzigingen in wetgeving. Vergunningverlening Toezicht en Handhaving Aandachtspunten Situatie 2025 Ontwikkelingen 2026 Omgevingswet en Wet kwaliteits- borging. Actualisatie VTH- beleidsplan Uit het jaarverslag 2024 en monitoring 2025 is gebleken dat de werkzaamheden in het kader van de Wkb toenemen, maar dat de opgedane ervaring nog te gering is, waardoor er nog een onvolledig beeld is over de doorwerking van het nieuwe stelsel op de huidige werkzaamheden en wat we daar beleidsmatig over willen vaststellen. De ervaringen die we opdoen zullen we vervolgens vertalen naar een beleidsplan wat zal worden meegenomen bij de actualisatie van het totale VTH beleid. Ja –mits / nee De gemeente Steenwijkerland profileert zich als een ja-mits gemeente, maar merkt dat sommige inwoners geen ‘nee’ accepteren. Na een afwijzing door adviseurs volgt vaak een escalatie via management, college en raad. Bezwaarprocedures worden steeds vaker gecombineerd met verzoeken om voorlopige voorzieningen en Woo-verzoeken, die uiteindelijk weer bij de adviseurs terechtkomen. Naar verwachting zal deze trend zich doorzetten naar 2026.

Daarmee claimt een kleine groep inwoners, die een keurig en correct antwoord hebben gehad, een aanzienlijk deel van de beschikbare tijd, die vervolgens niet kan worden besteed aan welwillende inwoners en ondernemers. Toenemende werkdruk en krapte op de arbeidsmarkt De grote werkvoorraad en daarmee werkdruk waar Steenwijkerland mee te maken heeft zijn niet uniek. Zo geeft ook de Omgevingsdienst aan dat het afhandelen van adviesaanvragen en het houden Ook in 2026 zal er nog krapte op de arbeidsmarkt zijn. Als organisatie hebben wij dienstverlening hoog in het vaandel staan. Dat betekent dat alle zeilen worden bijgezet 6 van toezicht onder druk staan door capaciteitsgebrek en de situatie op de arbeidsmarkt. Dit levert niet alleen een vertraging in onze behandeling van aanvragen op, maar ook een toename in de werkdruk en vragen en klachten van aanvragers. om onze inwoners en ondernemers, ondanks de hoge werkvoorraad, binnen afgesproken termijnen van antwoord te voorzien. Bij ketenpartners ontstaat eveneens een onbalans tussen werkvoorraad en capaciteit. We zullen blijven sturen en inzetten op de afgesproken termijnen. Monitoring Het zaaksysteem “IJVI” wordt gebruikt voor monitoring van de werkzaamheden. Niet alle data is te genereren, daarom komt een deel van de data nog uit zelf bijgehouden lijsten.

Vanaf 2026 zal er gewerkt worden met een doorontwikkeld dashboard waardoor beter gemonitord kan worden en o.a. werkprocessen geoptimaliseerd kunnen worden. 7 2 Werkwijze VTH Als college van B&W streven we naar een veilige, gezonde, aantrekkelijke en duurzame omgeving om in te wonen, werken en leven. Soms kan het gedrag van individuele burgers of bedrijven dit streven bedreigen en een risico opleveren voor de leefomgeving. De g emeente heeft in beginsel de zorg om de risico's beheersbaar te houden. Er is echter altijd een grens aan de middelen die we daarvoor kunnen en willen inzetten. Daarbij kijken we vooral naar de risico’s voor de leefomgeving: grote risico’s geven we meer prioriteit dan kleine risico’s. Onze beleidsdoelen zijn gestoeld op de doelstelling van de Omgevingswet. Doelen van de Omgevingswet zijn een veilige en gezonde leefomgeving bewerkstelligen en deze behouden, beheren en ontwikkelen op een duurzame, resultaatgerichte wijze. Daarnaast voldoen we aan geldende beleidsdoelen en kwaliteitseisen. In onze kwaliteitsverordening zijn beleidsdoelen opgenomen. Deze hebben betrekking op de thema’s dienstverlening, uitvoeringskwaliteit en financiën. Het beleid bevat meerjarendoelstellingen. De vertaling van deze meerjarendoelstellingen in jaarlijks meetbare doelen/resultaten vindt in dit uitvoeringsprogramma plaats.

In bijlage 2 zijn de te meten beleidsdoelen uitgewerkt in een tabel. De doelen zijn voorzien van een indicator en een streefwaarde. Deze doelen worden gemonitord. Tussentijds wordt de voortgang geëvalueerd, waardoor waar nodig tijdig kan worden bijgesteld. Met het jaarverslag VTH geven we aan in hoeverre de doelen zijn bereikt en in hoeverr e de resultaten bijdragen aan de meerjarendoelstellingen. 2.1 Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen Vergunningverlening Per 1 januari 2024 zijn de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen in werking getreden. Er is veel tijd besteed aan de veranderende proces sen rondom vergunningverlening, vooral waar het gaat om nieuwe onderdelen als adviesrecht, participatieplicht voor aanvragers en de mogelijkheden om af te wijken van het omgevingsplan. Een belangrijk onderwerp voor vergunningverlening is de zogenaamde ‘knip'. Door de Omgevingswet is het toetsingskader van de omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk anders dan onder het oude Wabo systeem. Onder de Wabo ken den we één omgevingsvergunning voor de activiteit het bouwen van een bouw werk. Onder de Omgevingswet kunnen twee vergunningen nodig zijn: een omgevingsvergunning voor de (technische) bouwactiviteit en een omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit. Dat laatste is de ruimtelijke toets aan het omgevingsplan en de redelij ke eisen van welstand.

In plaats van een omgevingsvergunning voor de technische bouwactiviteit kan voor bepaalde bouwwerken worden volstaan met een melding op grond van de Wkb. Deze meldingen worden behandeld door team VTH. Om het bouwwerk te kunnen realis eren blijft naast een melding Wkb ook een ruimtelijke omgevingsvergunning nodig. Wkb beleid In 2025 is gebruik gemaakt van de handreiking van de V ng “toezicht en handhaving Wet kwaliteitsborging bouw versie 1” als handelingskader voor de Wkb. De handreiking is met de ervaringen van het eerste jaar aangepast naar een tweede versie. In samenwerking met andere gemeenten in de regio IJsselland is de handreiking van de Vng uitgebreid met een stoplichtmodel dat wordt gebruikt in geval van geconstateerde strijdigheden. Afhankelijk van de aard van de strijdigheid en de oplosbaarheid hie rvan kan worden bepaald of overgegaan moet worden tot handhaving. De handreiking plus stoplichtmodel wordt opgenomen als handelingskader en verbonden aan het uitvoeringsprogramma 2026. Het complete 8 handelingskader is een dynamisch model. Juri sprudentie en mogelijk niet in deze versie van het handelingskader voorziene of nieuwe praktijksituaties zullen het handelingskader vervolgens verfijnen. De ervaringen in 2024 en 2025 waren beperkter dan verwacht.

De ervaring en resultaten met het vernieuwde handelingskader inclusief stoplichtmodel en een aangekondigde wetstechnische oplossing om het bevoegd gezag te ondersteunen bij vraagstukken in de uitvoeringspraktijk, zullen betrokken worden bij de actualisatie van het huidige VTH beleid. Tot het moment van actualisatie van het VTH beleid dient het huidige handelingskader als beleidslijn voor de Wkb. De handreiking en het stoplichtmodel is opgenomen als bijlage 5. Handhaving Eventuele significante wijzigingen ten opzichte van het voorliggende uitvoeringsprogramma worden in 2026 in beeld gebracht en zo nodig ter besluitvorming aan het college voorgelegd. Bij de invoering van de Wkb zijn naast de al bestaande meldingen ‘start bouw’ en ‘einde bouw’ een aantal nieuwe meldingen ingevoerd welke een plek in het proces hebben gekregen . Het betreft de ‘bouwmelding’, de ‘melding strijdigheid’ en de ‘gereedmelding bouw'. Deze vijf meldingen behandelt het team Toezicht en Handhaving, waarbij op basis van de huidige prioriteiten de meeste aandacht zal uitgaan naar de meldingen ‘bouwmelding’ e n ‘gereedmelding bouw’. Bij een ‘melding strijdigheid’ of bij het uitblijven van een goedkeurende verklaring door de kwaliteitsborger wordt het hiervoor beschreven stoplichtmodel gehanteerd waarbij wordt gekeken naar alle omstandigheden en op basis daarvan wordt een passende handhavingssanctie bepaald.

Het is aan de opdrachtgever om met de kwaliteitsborger afspraken te maken om te komen tot een volledig dossier bevoegd gezag inclusief een verklaring van de kwaliteitsborger. Het in gebruik nemen van de woning is zonder volledige gereedmelding niet toegestaan. Of de ingebruikname feitelijk wordt verboden door het opleggen van handhaving ssancties (in die gevallen dat de woning toch in gebruik genomen wordt zonder gereedmelding), hangt af van de omstandigheden van het geval. Hierbij speelt mee wat de afwijking van het Besluit bouwen leefomgeving (Bbl) is en binnen welke termijn dit kan worden opgelost. 2.2 Werkwijze vergunningverlening Om burgers en ondernemers goed van dienst te kunnen zijn is het van belang om de dienstverleningsprocessen goed in te richten. Dienstverlening houdt onder andere in dat er een tijdig besluit volgt op een aanvraag. Als streefwaarde houden we daarbij aan dat in slechts 2% van de aanvragen buiten de termijn een beschikking volgt. En dat in maximaal 40% van de gevallen de beslistermijn moet worden verlengd. De inzet van een businesscasemanager, die het aanspreekpunt is en manager van ondernemersvraagstukken op het gebied van VTH, zorgt voor het gericht verbeteren van dienst verlening, waarbij andere casemanagers meer ruimte hebben om bijvoorbeeld vooroverleg met inwoners te hebben.

Ook in 2026 blijven we de dienstverlening binnen VTH doorontwikkelen , waarbij rekening wordt gehouden met de nog nieuwe Omgevingswet. Centraal in de dienstverlening onder de Omgevingswet staat de omslag van systeemdeken naar klantgericht denken. Oftewel de behoefte van de klant staat centraal en dienstverlening richt je hierop in. Wij gaan omgevingsbewust en oplossingsgeric ht te werk. Dit betekent dat als er sprake is van strijdigheid met wet- en regelgeving en/of er weerstand is tegen bepaalde initiatieven , wij het gesprek hierover aangaan om te komen tot een oplossing binnen de wettelijke mogelijkheden. Daarnaast vindt ook vaak vooroverleg plaats over nog in te dienen vergunningaanvragen. 9 Daarbij wordt door ons steeds nadrukkelijker aan initiatiefnemers gevraagd in hoeverre zij hun omgeving hebben betrokken bij de plannen. Dit voorkomt dat initiatiefnemers en omwonenden/ belangenorganisaties "achteraf" voor verrassingen komen te staan. Het team vervult tevens een belangrijke vraagbaakfunctie, zowel voor collega’s als voor burgers en ondernemers. Op jaarbasis zijn er honderden telefonische en schriftelijke contacten over een eventuele vergunningplicht in een bepaalde situatie. Soms leidt dit tot een aanvraag, heel vaak ook niet, omdat er in de betreffende casus geen vergunning - of meldingsplicht aan de orde is.

Ook wordt regelmatig om informatie gevraagd, op het gebied van omgevingsplan of vergunning. Tot slot is er frequent sprake van voo roverleg over een initiatief, dan wel naar aanleiding van een toezicht en handhavingstraject. 2.3 Werkwijze Toezicht en Handhaving Een belangrijk onderdeel van handhaving is het toezicht. Onder toezicht wordt hier verstaan het toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften als bedoeld in afdeling 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht. Tot dit toezicht, ook wel handhavingstoezicht genoemd, behoren onder meer de periodieke controles die de gemeente uitvoert om op verschillende beleidsterreinen na te gaan in hoeverre de regels worden nageleefd. Dit om eventuele overtredingen te kunnen aanpakken. Ook behoren daartoe incidentele contr oles naar aanleiding van klachten en hercontroles om te zien of eerder geconstateerde overtredingen zijn beëindigd of niet worden herhaald. In de praktijk leidt toezicht er toe dat veel overtredingen worden voorkomen en dat veel reeds gepleegde overtredingen worden beëindigd. Toezicht is daarmee niet alleen een zeer effectief, maar ook een zeer doelmatig handhavingsinstrument, omdat het vaak niet meer nodig is om een sanctiebesluit te nemen met alle tijdrovende voorbereidings en mogelijke bezwaar - en beroepsprocedures. Het belang van goed toezicht staat buiten kijf.

Zonder toezicht heeft de gemeente nagenoeg geen zicht op mogelijke overtredingen. Ondanks dat is het onmogelijk en ongewenst om op alle voorschriften toe te zien en om tegen alle normschendingen handhavend op te treden. Toezicht en handhaving is geen zelfstandig doel. Het dient ingezet te worden ter behoud en herstel van de kwaliteit van de leefomgeving. Bovendien zijn de beschikbare middelen, vooral uitgedrukt in geld en menskracht, niet onbeperk t en moeten efficiënt en effectief ingezet worden. De beschikbare capaciteit die in de begroting is vastgesteld voor toezicht en handhaving is thans leidend. De basis voor de gestelde prioriteiten en doelen komt onder andere voort uit de risicoanalyse. De wetgever schrijft voor dat een risicoanalyse ten grondslag moet liggen aan beleid. Uitgangspunt bij het benoemen van de risico's is het geaccepteerde risico. Het geaccepteerde risico is een door experts geschat risico waarbij het aannemelijk is dat de ris ico's beheerst worden. Het risico wordt gedefinieerd als het gemiddelde van de negatieve effecten die zich bij niet naleving van de regelgeving kunnen voordoen, vermenigvuldigd met de kans op overtreding als niet wordt gehandhaafd.

Door een controlefrequen tie aan te houden die lager ligt dan de controlefrequentie behorende bij het geaccepteerd risico, wordt de kans op overtredingen groter en daarmee de kans op negatieve effecten/gevolgen/risico’s. De volgende effecten kunnen worden onderscheiden: 1) Veiligheid: In hoeverre leidt de overtreding tot aantasting van de fysieke veiligheid en leidt de overtreding tot veiligheidsrisico’s voor de omgeving of derden (zoals brandgevaar, explosiegevaar of instortingsgevaar)? 2) Leefbaarheid: In hoeverre leidt de overtreding tot aantasting van de leefomgeving, de leefbaarheid maar ook uiterlijk, aanzien en privacy? 10 3) Volksgezondheid: In hoeverre heeft de overtreding gevolgen voor de volksgezondheid op lange termijn (zoals vochtigheid, onvoldoende toetreding van licht of lucht en het gebruik van of de blootstelling aan schadelijke stoffen)? 4) Financieel-economisch aspect: In hoeverre leidt de overtreding tot financieel-economische schade? 5) Natuur: In hoeverre leidt de overtreding tot aantasting van de natuur (zoals bodemverontreiniging, zwerfafval en de aantasting van flora en fauna)? 6) Imago: Hoe groot is het politiek-bestuurlijke risico als gevolg van de begane overtreding? Verder geldt v oor de gemeente een beginselplicht tot handhaving.

Als tijdens toezicht een overtreding wordt geconstateerd dan ‘moet’ hierop gehandhaafd worden, tenzij dit kan/moet worden gedoogd. Handhaving moet proportioneel zijn, waarbij er een balans moet zijn tussen het doel en de middelen die worden ingezet. Bij handhaving moet er rekening worden gehouden met proportionaliteit en subsidiariteit, wat betekent dat de motivatie om te handhaven moet worden bepaald op basis van de ernst van de situatie en d e geschiktheid van de gekozen maatregelen. Handhavingsverzoeken Een formeel verzoek tot handhaving heeft juridisch gezien een bijzondere status. Indien een belanghebbende ons wijst op de overtreding van een wet of regel dan moeten wij, nadat wij deze waarneming hebben geverifieerd, hierop normaal gesproken handhaven. D it laatste ongeacht de prioriteringsrangorde van het betreffende onderwerp. Dit houdt in dat schaarse juridische handhavingscapaciteit soms moet worden besteed aan niet prioritaire onderwerpen. In veel van deze gevallen is ook sprake van een overtreding di e nauwelijks zichtbaar is (bijv. de schutting is 3 centimeter te hoog) en/of er is geen reële overlast. De beginselplicht om te handhaven geldt ook in deze situaties maar handhaving levert in deze gevallen niets op. Het conflict wordt vaak verergerd en er volgen (tegen)handhavingsverzoeken over en weer, waar we ook weer veel tijd in moeten steken.

In dit soort gevallen, waarin de belangen van de betrokkenen nauwelijks worden geraakt, gaan we de verzoeken scherper beoordelen. Het resultaat van die afweging k an zijn dat van handhaving wordt afgezien, gelet op het karakter van het overtreden voorschrift, het daarbij betrokken algemene belang en de belangen van de verzoeker. Als besluiten worden gemotiveerd, dan is deze handelswijze in lijn met jurisprudentie van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2014:1982). Risico’s en prioriteitstelling Het VTH-beleid gaat uit van het willen wonen, werken en leven in een veilige, leefbare en gezonde omgeving. De rode draad in het VTH-beleid is dat de inschatting van risico’s voor de leefomgeving doorslaggevend is voor de prioriteiten die wij stellen bij h et stimuleren en/of afdwingen van het naleefgedrag. Omdat we de beperkte capaciteit die we hebben niet op alles kunnen inzetten geven we prioriteit aan de thema’s en gevallen waarin de risico’s van niet-naleving (kans keer effect) het grootst zijn. Dit betekent dat niet alles getoetst en/of gecontroleerd wo rdt. Incidenten kunnen zich voordoen, mogelijk juist op de terreinen en onderdelen die minder prioriteit hebben gekregen op basis van het VTH-beleid. Voor het taakveld toezicht en handhaving op bouwen en ruimtelijke ordening is een risicoanalyse uitgevoerd (zie bijlage 3).

Dit vormt de basis voor het plannen van taken en activiteiten in dit programma. Daarbij wordt ook ingezet op gedragssturing. Door zichtbaar te zijn en actief toezicht te houden wordt naleving van de geldende regels gestimuleerd. Op deze wijze wordt in 2026 ingezet op preventie, naast het inzetten van het gebruikelijke instrumentarium van vergunningverlening, locatiecontroles en 11 de juridische dwangmiddelen. Deze manier van werken sluit aan bij de meerjarendoelstelling uit het beleid: “ Door inzet van preventieve instrumenten, zoals duidelijke communicatie en gerichte voorlichting, voorkomen wij handhaving”. 12 3.

Formatie VTH Onderdeel Functie fte’s Aant al Uren Vergunningverlening Omgevingswet Vergunningverlener 6,88 10 9976 Casemanager 2,9 10 4205 Constructeur 0,38 1 545 Totaal 10,16 21 14726 Toezicht VTH Toezichthouder vergunningen 1,78 2 2581 Toezichthouder RO 0,89 1 1290 Toezichthouder monumenten 1 1 1450 Constructief 0,12 1 180 Totaal 3,79 5 5501 Juridisch Jurist toezicht en handhaving 3 3 4350 Jurist vergunningverlening 2,89 3 4190 Vacature allround jurist VTH 1 0 1450 Totaal 6,89 6 9990 Administratief Administratieve ondersteuner 2,67 3 3871 Totaal 2,67 3 3871 Algemeen Teamleider VTH 1 1 1450 Coördinator vergunningen 1 1 1450 Senior Beleidsadviseur VTH 1 1 1450 Totaal 3 3 4350 13 3.1 Wat gaan we doen? Vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening Aantal Uren Bouwtechnisch gevolgklasse 2&3 Categorie 1 Tijdelijke bouw, eenvoudige bouwwerken en verbouwingen bij publieksfuncties, bedrijfsfuncties en woonfuncties, waarbij de bouwkosten niet meer bedragen dan € 100.000,-. 62 124 Categorie 2 bouwkosten tussen de € 100.000,- en de € 1.000.000,- bedragen en verbouw van gebouwen met een publieksfunctie. 35 175 Categorie 3 omvangrijke bouwprojecten, waarbij de bouwkosten meer dan € 1.000.000 bedragen.

4 48 Totaal 101 347 Bouwen ruimtelijk gevolgklasse 1,2,3 Categorie 1 Tijdelijke bouw, eenvoudige bouwwerken en verbouwingen bij publieksfuncties, bedrijfsfuncties en woonfuncties, waarbij de bouwkosten niet meer bedragen dan € 100.000,-. 190 1900 Categorie 2 bouwkosten tussen de € 100.000,- en de € 1.000.000,- bedragen en verbouw van gebouwen met een publieksfunctie. 73 949 Categorie 3 omvangrijke bouwprojecten, waarbij de bouwkosten meer dan € 1.000.000 bedragen. 6 192 Totaal 269 3041 Conceptaanvraag 280 2800 Tijdelijk afwijken omgevingsplan 26 416 Strijdigheid binnenplanse omgevingsplanactiviteit 30 630 Strijdigheid buitenplanse omgevingsplanactiviteit 78 2370 Conceptverzoek monument 21 462 Aanvraag monumenten 24 528 Aanvraag uitvoeren van werk/aanleg 43 430 Aanvraag Milieuactiviteit 4 20 Aanvraag slopen 12 24 Overleg ketenpartners 100 Redactieraad 100 Projecten 200 Bijdrage beleidsontwikkeling 100 Omgevingsplan advies 200 Ontwikkeling Omgevingswet 200 Key users IJvi 200 Mailafhandeling/informatieverzoeken 600 Balie 600 Ondersteuning legalisatie 100 Subsidie monumenten 50 Constructief 545 Totaal 518 10675 Juridisch advies 240 Bezwaar 30 1170 Beroep 12 432 Hoger beroep 5 180 Voorlopige Voorziening 3 60 Bouwplanoverleg 150 Omgevingstafel 50 Juridische kwaliteitszorg 100 Bestuurlijke advisering 240 Redactieraad IJvi 100 Advies beleid 200 Advies omgevingsplannen 200 Juridische

ontwikkeling 208 Onvoorzien 333 Totaal 50 3663 14 Toezicht en handhaving Aantal Uren Categorie 1 Tijdelijke bouw, eenvoudige bouwwerken en verbouwingen bij publieksfuncties, bedrijfsfuncties en woonfuncties, waarbij de bouwkosten niet meer bedragen dan € 100.000,-. 252 504 Categorie 2 bouwkosten tussen de € 100.000,- en de € 1.000.000,- bedragen en verbouw van gebouwen met een publieksfunctie. 108 972 Categorie 3 omvangrijke bouwprojecten, waarbij de bouwkosten meer dan € 1.000.000 bedragen. 10 180 Hercontroles bouw 54 Wkb advies/proces 100 Ontwikkeling 150 Overleg juridisch 240 Handhaving complex 100 Overleg ketenpartners 150 Behandelen klachten/meldingen Bouw 100 Brandveiligheid 100 Onvoorzien 251 Afwijken bestemmingsplan 1080 Uitvoeren van werk 50 Monumenten 1290 Constructief 180 Totaal 370 5501 Juridisch afstemmen/overleg toezicht 240 Juridisch afstemmen/overleg juridisch 240 Afwijzen verzoek om handhaving 17 412 Handhavingswaarschuwingen 26 70 Vooraankondiging 17 468 Lasten onder bestuursdwang/dwangsom 10 270 Invordering 4 120 Bezwaar 7 252 Beroep 5 158 Hoger beroep 2 70 Voorlopige voorziening 2 70 Bestuurlijke advisering 288 Juridische ontwikkeling 150 Advies beleid 200 Tegenlezen stukken OD 384 Onvoorzien 340 Project 618 WOO-verzoeken klachten meldingen 725 Totaal 90 5075 Onderdeel Benodigd aantal fte Aanwezig fte Overschot/tekort Vergunningverlening 9,70fte 10,16 fte

+0,46 Juridisch vergunningverlening 2,53fte 2,89 fte +0,36 Juridisch toezicht 3,0 fte 3,0 fte 0,0 Juridisch allround 0,5 fte 0,5 fte Vacature 0,5 fte Vth toezicht 3,79 fte 3,79 fte 0,0 15 3.2 Projecten Project illegale bewoning bedrijventerreinen. Illegale bewoning op bedrijventerreinen brengt risico’s met zich mee voor zowel bewoners als bedrijven. Het gaat om veiligheidsrisico’s, strijdigheid met bestemmingsplannen en mogelijke verstoring van de bedrijfsvoering. Doel van het project Het beëindigen van illegale bewoning op bedrijventerreinen en het borgen van toezicht en handhaving in het reguliere werkproces VTH. Aanpak • Opstellen projectplan/toezichtskader en hier toepassing aan geven. • Uitvoeren van gerichte controles op bedrijventerreinen. • Opstarten van handhavingsprocedures waar nodig. • Inbedden van toezicht en handhaving in het reguliere VTH-programma om herhaling te voorkomen. Inzet Voor 2026 is 618 uur gereserveerd. Het project zal mogelijk in 2027 doorlopen. Indien nodig zal in het uitvoeringsprogramma 2027 opnieuw tijd worden gereserveerd. Kernboodschap Gemeente Steenwijkerland pakt illegale bewoning op bedrijventerreinen actief aan om veiligheid en naleving van bestemmingsplannen te waarborgen. 3.3 Onvoorzien Naast de in de bovengenoemde paragrafen beschreven taken en prioriteiten, kunnen zich niet geplande ontwikkelingen voordoen.

Daarvoor is in het programma bij de afzonderlijke VTH-taken een post onvoorzien meegenomen. 3.4 Risico’s Onderstaande tabel beschrijft de risico’s en aandachtspunten in relatie tot de uitvoering van het VTH Uitvoeringsprogramma. Risico’s 2026 Risico’s vergunningverlening Risico’s toezicht en handhaving In dit uitvoeringsprogramma wordt rekening gehouden met een normale stroom van vergunningaanvragen. Een afwijking van deze normale stroom zorgt voor mogelijke stagnatie van het vergunning-verleningsproces. Wat kan leiden tot imagoschade en maatschappelijk en bestuurlijk risico. Er komen veel uitdagingen op het team Toezicht en Handhaving af. De huidige capaciteit is voldoende. Bij een piek wordt er geprioriteerd. Het risico hierbij is dat er bepaalde zaken blijven liggen. In sommige gevallen zullen de toezichthouders moeten afstemmen met de handhavingsjuristen om te inventariseren of er voldoende capaciteit is om bestuurlijk te kunnen handhaven. 16 Bijlagen 1 Productbladen Productblad 1 Vergunningverlening en Toezicht Toelichting taak Vergunningverlening Toelichting taak Toezicht Het in behandeling nemen van (concept)aanvragen omgevingsvergunning voor de activiteiten bouwen, omgevingsplanactiviteiten en monumenten. De processtappen, termijnbewaking en standaardbrieven worden bijgehouden in het zaaksysteem IJVI.

Het ter plaatse controleren of werkzaamheden /activiteiten overeenkomstig de omgevingsvergunning worden uitgevoerd en het toezicht op bouw- of sloop activiteiten aan panden die onder (rijks) monumentenwetgeving vallen. Daarnaast het toezicht op het verbod om gronden en bouwwerken te gebruiken in strijd met het omgevingsplan. Uren beschikbaar 2026 Vergunningverlening Uren beschikbaar 2026 Toezicht Vergunningverlener 9976 uur Toezichthouder vergunningen 2581 uur Casemanager 4205 uur Toezichthouder Monumenten 1450 uur Constructeur 545 uur Toezichthouder omgevingsplannen 1290 uur Constructeur 180 uur Totaal uren beschikbaar 2026 Vergunningverlening Totaal uren beschikbaar 2026 Toezicht Vergunningverlening 14726 uur Toezicht uur 5501 uur Doelstellingen output Doelstellingen output - Bouwwerken die voldoen aan vergunning c.q. wet/regelgeving. - 98% van de aanvragen wat betreft omgevingsvergunning bouw, OPA, monument en sloop worden binnen de wettelijke termijn afgehandeld. - Minimaal 75% van de verzoeken om aanvulling binnen 21 dagen verzenden. - Naleving van wet- en regelgeving - 100% van de geconstateerde overtredingen worden ongedaan gemaakt. Doelstellingen outcome Doelstellingen outcome Veilige gebouwen en bouwwerken die voldoen aan vergunningen en wet en regelgeving.

De gemeente kiest er in algemene zin voor om in het kader van de stimulering van het naleefgedrag de nadruk op de vergunningverleningsfase te leggen. Daardoor zijn minder toezichtinspanningen nodig bij het toezicht op de uitvoering en het gebruik van de vergunningen. - Behoud grote monumentale en gezichtsbepalende panden. - Veilige gebouwen en bouwwerken die voldoen aan vergunningen en wet en regelgeving. - Gebruik gronden in overeenstemming met omgevingsplannen. Indicatoren Indicatoren - Aanvragen afhandelen binnen wettelijk termijn - Maximale doorlooptijd - Het aantal overtredingen m.b.t. veiligheid en gezondheid - Aantal gecontroleerde objecten en aantal controles - Het aantal stilleggingen t.o.v. het aantal verleende vergunningen - Aantal waarschuwingen en handhavingsbeschikkingen. Monitoring Monitoring Vier keer per jaar worden de beschikbare cijfers geanalyseerd. Hierbij wordt een relatie gelegd tussen de besteding van de beschikbare uren en de gerealiseerde output. Zo nodig vindt bijsturing plaats. Registratie van de vergunningen en controles worden bijgehouden in IJVI. 17 Productblad 1 Specialismen Toelichting taak juridische werkzaamheden vergunningverlening Toelichting taak juridische werkzaamheden handhaving Het juridische takenpakket is divers en omvangrijk. Onderstaande tabel geeft globaal aan uit welke taken de beide onderdelen bestaan.

Als we spreken over procedures, dan wordt daar bij vergunningverlening mee bedoeld: (pre)mediation, zienswijzen, bezwaar, beroep, hoger beroep en voorlopige voorzieningen. Bij toezicht gaat het dan om procedures naar aanleiding van handhavingsverzoeken (handhavingswaarschuwing, vooraankondiging en lasten), het bezwaar, beroep, hoger beroep en voorlopige voorzieningen tegen de lasten, maar ook om de behandeling van klachten. Taken Taken - Juridisch advies vergunningen - Juridisch advies algemeen - Juridische kwaliteitszorg - Bezwaar - Beroep - Juridisch advies handhaving - (pre)mediation - Handhavingsprocedures Uren beschikbaar 2026 Uren beschikbaar 2026 Juristen vergunningverlening 4190 uur Juristen toezicht/handhaving 4350 uur Doelstelling output Doelstelling output Borging van de juridische kwaliteit van de producten van het cluster vergunning- verlening. Naleving van regels en voorschriften Omgevingswet Doelstelling Outcome Doelstelling Outcome - Behoud grote monumentale en gezichtsbepalende panden - Veilige gebouwen en bouwwerken die voldoen aan vergunningen en wet en regelgeving. - Behoud grote monumentale en gezichtsbepalende panden - Veilige gebouwen en bouwwerken die voldoen aan vergunningen en wet en regelgeving. - Gebruik gronden in overeenstemming met omgevingsplannen.

Indicatoren Indicatoren - Aantal procedures - Aantal beschikkingen wat geen stand houdt in procedures - Aantal waarschuwingen en handhavingsbeschikkingen. - Aantal procedures - Aantal beschikkingen wat geen stand houdt in procedures Monitoring Monitoring Vier keer per jaar worden de beschikbare cijfers geanalyseerd. Hierbij wordt een relatie gelegd tussen de besteding van de beschikbare uren en de gerealiseerde output. 18 2 Beleidsdoelen VTH Voor de uitvoering van VTH-taken hanteren we de volgende doelen:

19 3 Risicoanalyses bouwen en ruimtelijke ordening Met het uitvoeren van de risicoanalyses wordt duidelijk wat de prioriteiten zijn in de verschillende taakvelden. Na toepassing van de analyse ontstaan zogenaamde ‘prioriteitsblokken’, die op basis van hun risicoscore (kans x effect) zijn ingedeeld in vijf klassen. De grootste risico’s krijgen de hoogste prioriteit. Risicoanalyse bouwen Het gehanteerde werkproces bij toezicht bouw voor vergunningen is afkomstig van de Vereniging Bouw en W oning Toezicht Nederland (VBWT). De vereniging bouw- en woningtoezicht Nederland heeft een stappenplan opgesteld, bestaande uit 28 stappen, die als standaard stappenplan (landelijk) wordt gehanteerd bij toezicht bouwcontroles. De hoeveelheid controles die wordt uitgevoerd is niet met zekerheid te zeggen. Dit is afhankelijk van de hoeveelheid bouwprojecten die ontplooid worden, er wordt daarom aanbod gestuurd gewerkt. Om ervoor te zorgen dat Steenwijkerland als gemeentelijke organisatie inzicht krijgt in de te verwachte aantallen wordt er gebruik gemaakt van een prognos e op basis van de afgelopen jaren, monitoring en verwachting voor het komend jaar. De uit te voeren toezichtscontrole is geheel op maat gemaakt voor het type bouwproces. De risicomodule dient zo gelezen te worden dat het object met de hoogste prioriteit bovenaan staat.

Object Klasse Woningsplitsing/ bovenwoning I Basis Onderwijsfunctie / Buitenschoolse Opvang I Kinderdagverblijf I Gebouwen met logiesfunctie I Publieksfunctie Cat III > 1.000.000 I Publieksfunctie Cat II 100.000 - 1.000.000 I Wonen Cat. lll > 1.000.000 II Kantoorfunctie Cat II 100.000 - 1.000.000 II Wonen Cat. ll 100.000 - 1.000.000 II Kantoorfunctie Cat III > 1.000.000 II Wonen Cat. l < 100.000 II Industrie Cat III > 1.000.000 II Industrie Cat II 100.000 - 1.000.000 II Monumentenvergunning / Monumentenbescherming II Kantoorfunctie Cat I < 100.000 III Publieksfunctie Cat I < 100.000 III Gezondheidszorgfunctie met bedgebied III Tijdelijke bouw overig III Industrie Cat I < 100.000 III Gezondheidszorgfunctie zonder bedgebied III Sloopmelding >10m3 IV Tijdelijke bouw wonen IV Bouwwerk geen gebouw zijnde complex IV Bouwwerk geen gebouw zijnde eenvoudig IV 20 Risicoanalyse ruimtelijke ordening Het programma voor Ruimtelijke Ordening bestaat voornamelijk uit handhaving achteraf en is daarmee repressief. Dit betekent dat het toezicht voor Ruimtelijke Ordening feitelijk handhaving betreft. Het taakveld RO behelst voor heel klein deel vergunningverlening dit gaat om het verwerken van illegale ontwikkelingen (illegale aanleg, project - afwijkingsbesluiten en binnenplanse afwijkingen).

Het toezicht vindt risico -gestuurd plaats waarbij wordt ingezet op het bestrijden van illegale activiteiten. Omdat het illegale activiteiten betre ft is het aantal te verwachten zaken een prognose. In onderstaande tabel is een overzicht gepresenteerd van de categorieën objecten van de activiteit Ruimtelijke Ordening. Indien er keuzes gemaakt moeten worden in de aan te pakken zaken is de risico indeling daarin leidend. Zaken met een hoog risicoprofiel krijgen voorrang op zaken met een lager risicoprofiel. In de tabel hieronder is de prognose weergegeven op basis van voorliggende jaren. Object Klasse Camping/ recreatiepark I (Illegale) bewoning; permanente bewoning recreatieverblijven I (Illegale) bouw; (buitengebied) I (Illegale) bewoning; illegale kamerverhuur I (Illegale) gebruik bedrijf (buitengebied) I (Illegale) gebruik bedrijf (bebouwde kom) I (Illegale) bouw; (bebouwde kom) I (Illegale) bouw; monumenten I (Illegale) gebruik gronden (buitengebied) II (Illegale) gebruik wonen (buitengebied) II Woningsplitsing (buitengebied) II Plaatsen duurzame installaties (vergunning en illegaal) II (Illegale) gebruik overig (buitengebied) II Woningsplitsing (bebouwde kom) II Overige agrarische activiteiten II (Illegale) gebruik gronden (bebouwde kom) III (Illegale) gebruik wonen (bebouwde kom) III (Illegale) gebruik overig (bebouwde kom) III (Illegale) bouw; bouwwerken geen gebouw

zijnde (bebouwde kom) III (Illegale) bouw; bouwwerken geen gebouw zijnde (buitengebied) III Bed and Breakfast / gastenverblijf III (illegale) slopen IV (Illegale) aanleg IV (Illegale) kap IV (Tijdelijke) afwijking bestemmingsplan/omgevingsplan IV Niet gesloopte objecten (wel verplichting) IV Kruimelgevallen / binnenplanse afwijkingen V (Illegale) reclame bouwwerken V Excessen welstand V Landschappelijke inpassing - erfinrichtingsplannen V (illegale) inrit/uitrit V Ontwikkelingsovereenkomsten V 21 4 Verantwoordelijkheden Het gemeentebestuur is verantwoordelijk voor de handhaving waarbij het van belang is dat op bestuurlijk niveau de keuzes worden gemaakt. Verder mag van het bestuur worden verwacht dat zij voldoende steun geeft aan de ambtelijke organisatie, die is belast met de uitvoering van dit taakveld. De bevoegd- en verantwoordelijkheden zijn als volgt verdeeld: Rol gemeenteraad Sinds de komst van de Wabo is de rol van de gemeenteraad op het gebied van handhaving gewijzigd. Aan de raad wordt het door het college vastgestelde handhavingsbeleid en uitvoeringsprogramma ter kennisname voorgelegd. De raad heeft formeel geen wettelijke bevoegdheden waar het gaat om de toepassing/uitvoering van handhaving. Rol college Het college is verantwoordelijk voor handhaving en vormt het bestuursorgaan dat bestuursrechtelijk optreedt.

Door het college moeten prioriteiten worden gesteld, zowel op beleidsniveau als op zaakniveau. Het college beslist zowel over de vaststelling van h et handhavingsbeleid als over de uitvoering van handhaving. Rol van de burgemeester De burgemeester heeft een drieledige rol op het gebied van handhaving. Enerzijds heeft de burgemeester eigenstandige handhaving sbevoegdheden op het gebied van Algemeen bestuur, Openbare Orde en Veiligheid. Anderzijds is hij, als lid van het college, (mede)verantwoordelijk voor het handhavingsbeleid. Verder is de burgemeester vanuit het zogenaamde driehoeksoverleg direct betrokken b ij het aansturen van de politie. Voor wat betreft de integrale handhaving is de burgemeester tevens coördinerend portefeuillehou der. Rol provincie De provincie heeft een wettelijke regierol met betrekking tot handhaving. In het kader van de interbestuurlijke verhoudingen is een bestuursovereenkomst afgesloten over de wijze waarop het interbestuurlijke toezich t vorm krijgt. Het vastgestelde uitvoeringsprogramma wordt jaarlijks aan de provincie toegezonden. Rol directeur Omgevingsdienst (OD-IJ) De directeur OD-IJ is verantwoordelijk voor een adequate uitvoering van taken voor wat betreft het milieu basistakenpakket +.

22 5 Handreiking Toezicht en handhaving Wet kwaliteitsborging bouw Handelingsperspectieven voor gemeenten Versie 2 en aanvullend stoplichtmodel Wij streven naar een hoge bouwkwaliteit. Op basis van de handreiking en het stoplichtmodel wordt bij een strijdigheid prioritering gegeven in de handhavingsmaatregel afhankelijk van de aard van de strijdigheid en de oplosbaarheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/d035f27b-d660-4f14-b5c8-35e9e86e7fcc?agendaItemId=e2023067-ba23-4281-a9ef-948b5f3d88ea