13.0 Informatienota 2018-3-Prognose zorgkosten Jeugdhulp (Q3-2017).pdf
Tekst van het document
College van burgemeester en wethouders - 2018-01-30T09:00:00+01:00 - 2018_B&W_000291/3 College van burgemeester en wethouders GOEDGEKEURD Zitting van 30 januari 2018 Dienstverlening - Beleid Leefwereld 1 2018_B&W_00029 Prognose zorgkosten Jeugdhulp (Q3-2017) - informeren Samenstelling: Aanwezig: de heer O. Akkerman, Wethouder; de heer W. Brus, Wethouder; mevrouw H.J. Frantzen-Boeve, Wethouder; de heer D. Oosterveen, Wethouder; mevrouw D. Cazemier, Waarnemend secretaris Afwezig: de heer R. Bats Informatienota Inleiding Vier keer per jaar maakt de bedrijfsvoeringsorgansiatie (BVO) Jeugdzorg van de regio IJsselland een inschatting van de te verwachten zorgkosten in het lopende jaar. In deze informatienota wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de prognoses die de BVO heeft gemaakt voor de gemeente Steenwijkerland op basis van de gegevens januari tot en met september 2017 (Q3). Op 11 oktober 2017 is de raad geïnformeerd over de prognoses voor 2017 op basis de gegevens uit het eerste half jaar (Q2) en op 20 juli over de prognoses op basis van gegevens uit het eerste kwartaal. Kernboodschap In onderstaande tabel zijn per 'zorgsoort' de te verwachte kosten van jeugdhulp weergegeven voor de gemeente Steenwijkerland. College van burgemeester en wethouders - 2018-01-30T09:00:00+01:00 - 2018_B&W_000292/3 Toelichting In de eerste kolom zijn de verschillende vormen van zorg weergegeven.
De LTA-zorg betreft hooggespecialiseerde zorg die - vanwege de zeer geringe aantallen cliënten - landelijk wordt ingekocht via het Landelijk Transitie Arrangement (LTA). GGZ betreft de Geestelijke Gezondheidszorg voor jeugdigen die voorheen deel uitmaakte van de Zorgverzekeringwet. De voormalig AWBZ-zorg betreft voornamelijk de begeleiding van kinderen met een chronische beperking, zowel individueel als in groepsverband (dagbesteding). Ook respijtzorg (kortdurend verblijf) en persoonlijke verzorging maakt deel uit van deze zorg. De voormalig provinciale jeugdhulp is uitgesplitst in jeugdzorg+ (gesloten jeugdzorg, die alleen op last van de rechter kan worden ingezet), jeugd- en opvoedhulp (waaronder pleegzorg) en Jeugdbescherming en Jeugdreclassering. In de tweede kolom zijn de kosten van het werkelijke gebruik in 2016 weergegeven. NB: in 2016 was de verevening nog van kracht, waardoor de feitelijke uitgaven van onze gemeente afwijken van de cijfers in deze kolom. NB: de kosten voor JB en JR zijn in 2016 niet apart gespecificeerd, waardoor de prognose 2017 op dit onderdeel niet kan worden vergeleken met de kosten in 2016. In de derde kolom is de prognose voor 2017 weergegeven op basis van de declaratiegegevens en een uitvraag van het onderhanden zijnde werk tot en met september 2017.
Aangezien de verevening in 2017 niet meer van kracht is, gelden de cijfers in deze kolom als de tot nog toe best mogelijke inschatting van de werkelijk te verwachten uitgaven in 2017. In de vierde kolom is de prognose voor 2017 afgezet tegen het verwachte aandeel van Steenwijkerland in de regionale kosten, waarbij rekening wordt gehouden met de omvang van de gemeente. Een getal van 100 in deze kolom betekent dat de prognose voor Steenwijkerland precies gelijk is aan het verwachte aandeel van Steenwijkerland in de regionale kosten. Een getal onder 100 betekent dat de prognose lager ligt dan dit aandeel en een getal boven de 100 betekent dat het geprognotiseerde gebruik hoger is dan dit aandeel. Conclusies De BVO verwacht dat de kosten van individuele voorzieningen jeugdhulp voor onze gemeente in 2017 € 8,94 mln zullen bedragen. Dit is € 288.000 (3%) hoger dan in de gemeentebegroting is begroot, maar € 696.000 (4%) minder dan op grond van ons aandeel verwacht mag worden. In 2016 waren de kosten nog hoger dan op grond van het Steenwijkerlandse aandeel verwacht mocht worden. College van burgemeester en wethouders - 2018-01-30T09:00:00+01:00 - 2018_B&W_000293/3 De prognose voor 2017 is € 270.000 (3%) hoger dan de kosten van de individuele voorzieningen voor kinderen uit Steenwijkerland in 2016.
Dit wordt veroorzaakt door zowel een stijging van het aantal voorzieningen als verschuiving naar wat zwaardere zorg. De kosten voor de LTA-zorg, de jeugd GGZ en de pgb's liggen fors lager dan op grond van ons aandeel verwacht mag worden (resp. 28%, 25% en 20%). Dit beeld is grotendeels gelijk aan dat in 2016. De kosten voor de voormalige awbz-zorg en de voormalige provinciale jeugdzorg liggen resp. 5% en 11% hoger dan op grond van ons aandeel mag worden verwacht. Dit beeld is ook grotendeels gelijk aan dat in 2016. Consequenties voor de gemeente De geprognotiseerde overschrijding van het begrote budget kan naar verwachting worden opgevangen binnen de beschikbare middelen voor het sociaal domein. Om de relatief hogere zorgkosten voor de voormalig AWBZ en de voormalig provinciale jeugdzorg terug te dringen, is versterking van het preventief jeugdbeleid belangrijk. Hieraan wordt gewerkt langs drie pijlers: de invoering van sociaal werk, dat tevens tot opdracht heeft het bieden van lichte ondersteuning van jeugdigen en opvoedondersteuning (inclusief gezinscoaching); het samenvoegen van uitvoering van de jeugdgezondheidszorg voor 0-4 jarigen met die voor 4-12 jarigen, waardoor er nu één sterke kernpartner is op het gebied van primaire preventie (namelijk de GGD). het versterken van de samenwerking met scholen en kinderopvang, via de transformatieagenda jeugdhulp-onderwijs.
Hierover is de raad op 11 oktober geïnformeerd. Langs deze drie lijnen is een krachtig speelveld ontstaan. De komende jaren is de opgave om de samenwerking tussen onderwijs/kinderopvang, sociaal werk, de ggd en de gemeente op inhoud te versterken. De ggd krijgt de opdracht om deze samenwerking op inhoud te coördineren. Communicatie n.v.t. Vervolg Op basis van de gegevens over heel 2017 zal de BVO een nog verfijndere prognose opstellen. Deze wordt in het eerste kwartaal van 2018 verwacht. Over de nieuwe prognose zal de raad opnieuw worden geïnformeerd. De definitieve cijfers over 2017 worden opgenomen in de jaarrekening van de BVO die in juli 2018 wordt verwacht. Besluit Beslispunt 1 Het college besluit deze informatienota ter kennis name te versturen aan de gemeenteraad.