CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

1.0 VRIJ - Programmabegroting 2024 Veiligheidsregio IJsselland concept.pdf

Raadsvergadering 4 april 2023, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken9.316 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

2 Inhoudsopgave Documentgegevens .............................................................................................................. 4 Inleiding ................................................................................................................................. 5 Samen veiligheid versterken .............................................................................................. 5 De programmabegroting .................................................................................................... 6 Ontwikkelingen ................................................................................................................... 7 Opbouw van de begroting .................................................................................................. 8 Begroting in één oogopslag ................................................................................................... 9 Programma Veiligheid ......................................................................................................... 10 Voorkomen ....................................................................................................................... 10 Bestrijden en Beheersen ..................................................................................................

12 Nieuwe ambities ............................................................................................................... 15 Verplichte paragrafen .......................................................................................................... 17 Bedrijfsvoering ................................................................................................................. 17 Verbonden partijen ........................................................................................................... 20 Financiële paragrafen....................................................................................................... 23 Financiële begroting ............................................................................................................ 27 Cao-ontwikkelingen .......................................................................................................... 27 Het overzicht van baten en lasten en de toelichting .......................................................... 27 Gemeentelijke bijdrage (algemene dekkingsmiddelen)..................................................... 28 Rijksbijdrage (algemene dekkingsmiddelen) .................................................................... 28 Overige bijdragen .............................................................................................................

29 Uiteenzetting van de financiële positie ................................................................................. 29 Nieuw beleid .................................................................................................................... 29 Financieel perspectief ...................................................................................................... 29 Meerjarenperspectief........................................................................................................ 29 Jaarlijks terugkerende arbeidskosten ............................................................................... 29 Vervangingsinvesteringen ................................................................................................ 30 Reserves en voorzieningen .............................................................................................. 30 Incidentele baten en lasten .............................................................................................. 30 3 Bijlagen ............................................................................................................................... 31 Gemeentelijke bijdrage 2024 ............................................................................................

31 Investeringen 2024 ........................................................................................................... 31 Overzicht baten en lasten ................................................................................................. 32 Specificatie kosten overhead ............................................................................................ 32 Geprognotiseerde balans ................................................................................................. 32 EMU-saldo ....................................................................................................................... 32 4 Documentgegevens Deze begroting is vastgesteld door het algemeen bestuur van Veiligheidsregio IJsselland op 12 juli 2023. De heer P.H. Snijders De heer A.H. Schreuders Voorzitter Veiligheidsregio IJsselland Secretaris Veiligheidsregio IJsselland 5 Inleiding Samen veiligheid versterken Veiligheidsregio IJsselland blijft in 2024 continu klaar staan met kennis, mensen en middelen om de kerntaken goed uit te voeren: het versterken van veiligheid, beperken van risico’s waar het kan en bestrijden van incidenten wanneer dat moet. De veiligheidsregio investeert daarvoor in vakmanschap van medewerkers, in verbinding met onze partners en in een sterke interne binding met ons vak en onze collega’s.

Nieuwe ontwikkelingen en risico’s in het veiligheidsdomein vragen om een flexibele invulling van onze rol en wijze van samenwerken met onze partners. IJssellands fundament Vanuit onze wettelijke basis werken we toe naar een breder IJssellands fundament. Dat fundament bestaat uit vijf onderdelen: 1. Samenwerken met onze partners, collega veiligheidsregio’s, collega’s in het aangrenzend deel van Duitsland, organisaties en inwoners. Én deze samenwerking waar nodig versterken. 2. Helpen: daar waar we gevraagd worden en we waarde kunnen toevoegen. 3. Flexibel en adaptief opereren en blijven leren en ontwikkelen, zowel in de operatie als in de bedrijfsvoering. 4. Transparant en voorspelbaar zijn in brede zin, van de aanpak van crises tot de financiële verantwoording. 5. Informatiegestuurd werken: pro-actief informatie verzamelen, verrijken en delen. Acties om het IJssellands fundament te versterken We gaan door op de ingezette weg en versterken het IJssellands fundament. Door dit samen met onze partners te doen, kunnen we van grotere meerwaarde voor de samenleving in IJsselland zijn. Dit betekent: 1. Risicogericht werken als basis van ons werk. We delen samen met onze partners informatie. Het gezamenlijk duiden van deze informatie geeft meerwaarde. Op basis hiervan signaleren en monitoren we risico’s en zetten acties uit. 2.

De crisisorganisatie is inzetbaar voor de klassieke crises, maar ook voor nieuwe, meer onvoorziene en langdurige crises. Dit betekent dat we: a. de crisisorganisatie flexibeler gaan maken, waardoor sneller kan worden op- en afgeschaald. b. competenties ontwikkelen waardoor de crisisfunctionarissen inzetbaar zijn ongeacht welke soort crisis en duur van de crisis. Minder gericht op inhoud, meer gericht op flexibiliteit en aanpassingsvermogen. 3. Doorontwikkeling van de uitrukorganisatie van de brandweer: evenwichtig, op maat, flexibel en dynamisch. Passend binnen de kaders van het dekkingsplan en de Europese regelgeving. 4. Het vergroten van burgerkracht binnen het programma Veilig leven. 5. De nieuwe Meldkamer Oost Nederland gebruiken als katalysator voor de (operationele) samenwerking binnen de Oost-5 veiligheidsregio’s. 6 De programmabegroting U leest de Programmabegroting 2024 van Veiligheidsregio IJsselland. Vanuit de Strategische beleidsagenda 2023-2026 beschrijven we met welke ontwikkelingen we in 2024 aan de slag gaan. Op basis van de beleidsmatige en financiële kaders die door het algemeen bestuur op 15 februari 2023 zijn vastgesteld, is de begroting uitgewerkt. In de begroting is onderscheid gemaakt tussen de wettelijke taken en de aanvullende beleidsambities. De begroting is op hoofdlijnen en wordt in de jaarplannen van 2024 concreet uitgewerkt.

Via de bestuursrapportages worden de begroting en de jaarplannen verbonden tot een samenhangend geheel. In de aanloop naar de begroting 2024 hebben wij een toets laten uitvoeren op de toekomstbestendigheid van de meerjarenbegroting. De algemene conclusie is dat de meerjarenbegroting 2024-2027 een goede basis is voor de continuïteit van de organisatie. Echter, een aantal ontwikkelingen, zoals informatieveiligheid en de invoering van de omgevingswet, leidt mogelijk tot meerkosten die niet structureel uit de begroting gefinancierd kunnen worden. Dit geldt ook voor de opgave om een toekomstbestendige uitrukorganisatie voor de brandweer te creëren, binnen de kaders die door Europese regelgeving gesteld worden. Dergelijke ontwikkelingen leiden tot nieuw beleid, zonder dat bestaand beleid kan worden afgebouwd. Bestuurlijk is het van belang de begroting goed te blijven monitoren om steeds vroegtijdig te kunnen beoordelen in welke mate “nieuw voor oud” als leidend principe voor de begroting kan gelden. De extra gelden die landelijk structureel beschikbaar zijn gesteld ten behoeve van de ontwikkeling van crisisbeheersing en informatievoorziening geven budgettair extra ruimte om de ontwikkelingen zoals aangegeven in de beleidsagenda verder vorm te geven.

Voor 2024 bedraagt de extra bijdrage, gelijk aan die in 2023, in elk geval € 774.925 voor crisisbeheersing en € 515.200 voor informatievoorziening. Er is een opbouw van de gelden voorzien richting 2026. In 2023 wordt besloten of het extra bedrag voor 2024 geheel of gedeeltelijk naar de regio’s komt. Deze gelden worden ingezet conform de landelijk gestelde uitgangspunten: 1. Het toekomstgericht - in lijn met de contourennota - verder professionaliseren van crisisbeheersing als vak door veiligheidsregio's door te werken aan: preparatie op en waarborgen bij langdurige crises, (langdurig) bemensen en ondersteunen van crisisteams, interregionale en Rijk-regio samenwerking en risico- en crisiscommunicatie. 2. De informatiepositie van de veiligheidsregio's te versterken en te waarborgen door het inrichten van gegarandeerde veiligheidsinformatieknooppunten per veiligheidsregio. Dit stelt veiligheidsregio's in staat om gegarandeerd 24/7 inzicht te hebben in een dynamisch risicobeeld, de besluitvorming tijdens crises te ondersteunen en informatie uit te wisselen met netwerkpartners. Voor de ontwikkeling en beheer van informatiesystemen een impuls nodig. Vanwege de verbinding tussen Regio's en Rijk en de behoefte om hier eenheid in te organiseren wordt dit gezamenlijk door de veiligheidsregio's en het Rijk georganiseerd. 3.

Het instellen van een hoogwaardig en gegarandeerd informatie-, actie- en coördinatiepunt voor Rijk, Regio's en partners: KCR2. 7 Ontwikkelingen We zorgen dat we aangesloten zijn bij de 'drie grote werken' die de komende jaren door de Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio (RCDV) voorrang hebben gekregen. Dit zijn: 1. Toekomstbestendige brandweerzorg 2. Herziening van het brandweeronderwijs 3. Bovenregionale crisisbeheersing en daaraan gekoppelde informatievoorziening 1. Toekomstbestendige brandweerzorg Met Europese regelgeving als directe aanleiding en goed werkgeverschap als drijvend motief, houden we de organisatievormen, waarbij brandweervrijwilligers gekazerneerd of geconsigneerd zijn tegen het licht. Tevens maken we nieuwe keuzes over de organisatievorm en/of de aanstelling van vrijwilligers. Met het nieuwe dekkingsplan als uitgangspunt wordt ook de gehele regionale uitrukorganisatie beoordeeld en worden er nieuwe scenario's uitgewerkt. Dit met als doel om de huidige uitrukorganisatie te verbeteren. 2. Herziening van het brandweeronderwijs Op landelijk niveau wordt de komende jaren gewerkt aan de herziening van het brandweeronderwijsstelsel om het brandweeronderwijs te verbeteren en te vereenvoudigen. Vanuit IJsselland denken we mee met deze ontwikkelingen en bekijken we welke invloed deze op onze organisatie hebben. 3.

Bovenregionale crisisbeheersing en daaraan gekoppelde informatievoorziening In 2024 zal het risicogericht werken een steeds vastere basis krijgen. We moeten ons niet organiseren op de crisis die we hebben gehad, maar zorgen voor slagkracht en flexibiliteit om in te spelen op de behoefte van morgen. Dit doen we binnen een gezamenlijke verwachting dat het crisislandschap de komende jaren nog complexer wordt voordat het mogelijk weer vereenvoudigd. Dit betekent dat het risicoprofiel dynamischer moet zijn en gericht op zowel een lange als meer korte termijn. Dat we meer gezamenlijk met partners risico's te signaleren, gezamenlijk duiden, gezamenlijk ieders rol te bepalen en acties uitzetten. Het kunnen signaleren en duiden van dat wat ons bedreigt helpt voor de bewustwording, maar leidt niet automatisch tot voorkomen of verminderen van de effecten of tot goede voorbereiding op een eventuele respons. Het gezamenlijk ontwikkelen van voorwaarts handelend vermogen, samen proberen om voor de bal uit te komen zal een belangrijk ontwikkelpunt blijven. Door een veiligheidsinfomatieknooppunt (VIK) te ontwikkelingen, zijn we beter in staat om risico's vroegtijdig te signaleren, analyseren en te duiden. Bij de ontwikkeling van het VIK gaat speciale aandacht uit naar een multi-plus-disciplinaire duiding van dat wat ons bedreigd of kan bedreigen.

De VR heeft hierbij een faciliterende, organiserende en coördinerende rol. Alle multi-plus-partners uit de veiligheidsketen, zowel lokaal als nationaal worden hier zo goed mogelijk op aangesloten. Activiteiten zoals planvorming, opleiding, training en oefening, risicocommunicatie, veilig leven kunnen daarmee afgestemd worden op de risico's die voor dat moment het meest actueel zijn. Deze ontwikkeling past in de landelijke lijn om informatiegestuurd de veiligheid te versterken. Landelijk wordt vanuit het Rijk KCR2 (knooppunt coördinatie rijk regio’s) opgebouwd om dynamische informatie-uitwisseling tussen overheidsorganisaties op alle 8 niveaus in het veiligheidsdomein mogelijk te maken. Vanuit de veiligheidsregio’s sluiten we hier op aan door vanuit onze eigen sector VIK’s te gaan vormgeven. Hierin werken we intensief samen binnen Oost-5 verband. Programma Opvang Vluchtelingen IJsselland Het Programma Opvang Vluchtelingen IJsselland wordt in 2023 gecontinueerd, inclusief de organisatorische aansturing vanuit de veiligheidsregio. Het jaar 2023 wordt benut om opties te verkennen en hierover besluiten te nemen, afhankelijk daarvan krijgt het programma een vervolg in het jaar 2024.

Opbouw van de begroting De begroting is zodanig opgebouwd dat elke lezer (raadslid, medewerker, bestuurder en inwoner) op een snelle en overzichtelijke manier over de informatie kan beschikken die hij/ zij nodig heeft. De begroting is ook op hoofdlijnen uitgewerkt in de digitale samenvatting (begroting in een oogopslag). Vanuit de begroting in een oogopslag kan op elk onderdeel worden geklikt om in het document zelf de benodigde achtergrondinformatie te raadplegen. Zo ontstaat er balans tussen de wettelijk verplichte opbouw van de begroting en de leesbaarheid en herkenbaarheid voor iedere doelgroep waarvoor de begroting bedoeld is. 9 Begroting in één oogopslag

10 Programma Veiligheid Voorkomen Risico’s beperken waar het kan en branden, rampen, crises en andere incidenten bestrijden waar het moet. Dat is de missie van Veiligheidsregio IJsselland. Bij het beperken van risico’s werken we samen met gemeenten en onze veiligheidspartners. Gelijktijdig willen we inwoners, bedrijven en instellingen uitdagen om zelf een actieve bijdrage te leveren aan een veilig IJsselland. Wat willen we bereiken?  Minder branden, rampen, crises en andere incidenten.  Minder slachtoffers en schade. Eigenlijk willen we natuurlijk nul slachtoffers en nul euro schade, maar iedereen in onze maatschappij realiseert zich, dat dat een utopie is. Zeker ook omdat veiligheid begint bij het gedrag van elke burger, die natuurlijk zelfbeschikkingsrecht heeft. Zie verder bij Veilig Leven: iedereen aan zet. Wat gaan we daarvoor doen? De geprioriteerde risico’s staan beschreven in de beleidsagenda. We zijn alert op nieuwe risico’s en bepalen van deze en de al bekende risico’s welke rol voor ons is weggelegd. Hierbij is een goede informatievoorziening noodzakelijk. Deze gaan we verder ontwikkelen. We investeren in netwerken om partners en inwoners bewust te maken van risico’s zodat zij, indien mogelijk, risico’s kunnen beperken. Wij adviseren provincie en gemeenten onder andere over evenementen, ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen (milieu, bouwen en gebruik).

We houden toezicht op risicovolle bedrijven en hebben bij deze bedrijven de mogelijkheid om een bedrijfsbrandweer aan te wijzen. We leveren een actieve bijdrage aan de integrale uitvoering van de Omgevingswet, bijvoorbeeld door deelname aan de Omgevingstafel. Prestatie-indicatoren  Het regionaal risicoprofiel dat we elke vier jaar opstellen is volledig, actueel en door het bestuur vastgesteld. We sluiten aan bij het landelijk format om ook bovenregionaal toe te werken naar een landelijk risicoprofiel.  Er vindt permanente risicomonitoring plaats in de veiligheidsketen. Nieuwe en actuele risico’s worden geduid met partners. Zo nodig worden acties ingezet. De methodiek om te komen tot deze kortcyclische risicomonitoring wordt verder doorontwikkeld.  Voor alle risico’s wordt bekeken welke consequenties er zijn voor de crisisorganisatie, brandweer, interne organisatie en betrokken netwerken. Op basis hiervan worden, indien noodzakelijk, benodigde acties ingezet.  Alle aanvragen van provincie en gemeenten om een advies van de veiligheidsregio worden beoordeeld (betreft onder andere evenementen, ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen). Afhankelijk van het ingeschatte risico wordt de aanvraag 11 wel of niet inhoudelijk behandeld. Advisering is gebaseerd op een multidisciplinaire analyse van de voorliggende vraag.

 In ieder advies op een omgevingsvergunning is een paragraaf ‘risicogerichtheid’ opgenomen. In deze paragraaf staat een advies, aanvullend op de wettelijke regels, gericht op het verder beperken van onveilige situaties.  Er wordt jaarlijks toezicht gehouden bij de meest risicovolle bedrijven in de regio (de Seveso-inrichtingen), dit samen met de Omgevingsdienst en de Nederlandse Arbeidsinspectie. Deelprogramma Veilig Leven: iedereen aan zet In het programma Veilig Leven werkt Veiligheidsregio IJsselland aan een integrale aanpak om de zelfredzaamheid van haar inwoners te bevorderen op de volgende gebieden:  Het voorkomen van incidenten doordat bewoners zich meer bewust zijn van (on)veilige situaties in hun leefomgeving. Daarnaast weten zij wat ze zelf kunnen doen om incidenten, zoals ongevallen en branden, te voorkomen.  Daarbij richten we ons, naast bewustwording, steeds meer op werkelijke gedragsverandering.  Als incidenten zich toch voordoen, willen we dat inwoners weten hoe ze moeten handelen om de gevolgen van de brand, het ongeval en/of de gebeurtenis zoveel als mogelijk te beperken. Dit gebeurt onder andere door voorlichting, onderwijs, games, oefeningen en woningchecks. Deels door de veiligheidsregio zelf, deels door andere organisaties waarmee de veiligheidsregio een samenwerking aangaat.

En dit gebeurt ook, door burgerkracht te bevorderen en de samenredzaamheid te stimuleren. De belangrijkste doelgroepen zijn vooralsnog zelfstandig wonende ouderen en jeugd. In 2024 gaan we verder met het verkennen van de mogelijkheden om burgerkracht en samenredzaamheid in onze regio aan te boren en te versterken. Daarbij willen we ook meer en meer ons virtuele kennisplatform uitbouwen. Wat gaat dat kosten? meerjarenramingen x € 1.000,-- Voorkomen Begroting 2024 2025 2026 2027 Exploitatielasten 2.422.840 2.423 2.423 2.423 Exploitatiebaten 0 0 0 0 Geraamde saldo baten en lasten Onttrekking reserves 0 0 0 0 Storting reserves 0 0 0 0 Geraamd resultaat 2.422.840 2.423 2.423 2.423 12 Bestrijden en Beheersen Ondanks inspanningen om risico’s te beperken en de zelfredzaamheid te vergroten, zijn niet alle branden, rampen, crises en andere incidenten te voorkomen. Daarom bestrijden we branden, rampen, crises en andere incidenten waar het moet. Deze paragraaf beschrijft de wettelijke taken die wij uitvoeren op het gebied van brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio). Wat willen we bereiken? Brandweerzorg  Beperking van letsel bij mens en dier en schade bij brand.  Beperking van letsel bij mens en dier en schade bij ongevallen anders dan brand (bij ongevallen op de weg, het spoor, het water en bij bedrijven).

 Een snelle en adequate brandweerzorg die past binnen het wettelijk normenstelsel. Rampenbestrijding en crisisbeheersing  Zoveel mogelijk borgen van de continuïteit van de samenleving bij rampen en crises.  Het geven van ondersteuning in de nafase van een incident. Wat gaan we daarvoor doen? Brandweerzorg We houden brandweerposten operationeel en paraat. Van daaruit leveren we 24 uur per dag, zeven dagen per week brandweerzorg met opgeleide en geoefende mensen (vrijwillig en beroeps) en adequaat materieel en materiaal. We bereiden ons voor op het bestrijden van branden en op hulpverlening bij ongevallen anders dan brand. Dit doen we door het aanbieden van een opleidings-, trainings- en oefenprogramma, dat jaarlijks wordt geactualiseerd. De drie meldkamers in Oost-Nederland zijn samengevoegd. Samen met de andere veiligheidsregio’s in Gelderland en Overijssel ontwikkelen we de meldkamer tot een knooppunt van informatie, die ondersteunt bij de bestrijding van branden en andere incidenten en bij de crisisbeheersing. Rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR We bereiden ons voor op de crises die voort kunnen komen uit de risico’s in het regionaal risicoprofiel en permanente risicomonitoring. De noodzakelijke operationele voorbereiding voor deze mogelijke crises wordt met alle teams en organisaties die daarbij van belang zijn, afgestemd.

We zijn alert op nieuwe risico’s en bepalen hierbij welke rol er voor ons is weggelegd. We helpen onze partners in de zorgsector bij hun eigen voorbereiding op crisisomstandigheden. Dit doen wij door onderlinge samenwerking en het denken in keteneffecten te stimuleren. Maar ook door hun crisisteams mee te nemen in hetzelfde raamwerk voor crisismanagement dat de veiligheidsregio toepast. 13 Wij en onze partnerorganisaties doorleven de consequenties van het regionaal (zorg-) risicoprofiel. Dit is terug te zien in onze advisering, maar ook in de informatiebronnen die wij voor onszelf en onze partners ontsluiten. We houden de rampbestrijdingsplannen, die wettelijke verplicht zijn in onze regio, actueel en beoefenen deze. We volgen de ontwikkelingen in het kader van de evaluatie van de Wet veiligheidsregio's en de drie grote werken en voeren eventuele wijzigingen door in onze crisisorganisatie. De regionale ontwikkelingen op het gebied van crisisbeheersing worden programmatisch opgepakt. De veiligheidsregio is verantwoordelijk om blijvend aandacht te hebben voor het selectieproces van piketfunctionarissen, het aanbieden van een opleidings-, trainings- en oefenprogramma en het faciliteren van de teams met de juiste middelen, planvorming, het continue evalueren van inzetten en oefeningen en het vakbekwaam houden van de crisisfunctionarissen.

De crisisorganisatie en de daarbij behorende processen worden vastgelegd in een door het algemeen bestuur vastgesteld crisisplan. In opdracht van de gemeenten coördineren wij, in het kader van de crisisbeheersing, het proces van Bevolkingszorg. De processen van Bevolkingszorg worden aangepast op basis van het landelijke uniform kwaliteitsniveau, landelijke projecten en nieuwe wetgeving. In 2024 zal meer duidelijk worden welke kwaliteitsslag nodig is en wat dat betekent voor de organisatie van Bevolkingszorg in IJsselland. De aanpassing van de organisatie van Bevolkingszorg en de daarbij behorende processen worden vastgelegd in het Handboek Bevolkingszorg. In crisisomstandigheden, of bij dreiging daarvan:  geven GHOR-functionarissen leiding aan de processen waar zij rechtstreeks op sturen: acute gezondheidszorg en publieke gezondheidszorg;  coördineert de GHOR de inzet van aanbieders van gezondheidszorg en vormt zij de verbinding tussen de zorgsector en de multidisciplinaire crisisorganisatie;  faciliteert de GHOR aanbieders van gezondheidszorg om, binnen hun eigen verantwoordelijkheid, keuzes te maken die het effect voor de gehele zorgketen optimaliseren. Prestatie-indicatoren Brandweerzorg  Inzet van de brandweer vindt plaats conform het vastgestelde dekkingsplan.  Het opleidings-, trainings- en oefenprogramma voor de brandweer is actueel en uitgevoerd.

 Brandweermaterieel en materiaal wordt aangeschaft en onderhouden volgens de investeringsplanning en het onderhoudsplan.  De alarmeringsregelingen, werkprocessen en multidisciplinaire informatievoorziening van brandweer en crisisbeheersing in de meldkamer zijn in orde. 14 Rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR  Actuele risico’s zijn afgestemd met bestuur en in samenwerking met partners heeft operationele voorbereiding plaatsgevonden en is per risico duidelijk wat ieders rol is.  De rampbestrijdingsplannen die wettelijk verplicht zijn in onze regio, zijn actueel en worden beoefend.  Er is aansluiting met de landelijk door het RCDV benoemde drie grote werken. Eventuele actiepunten worden opgepakt.  Bij (acute en niet-acute) crisissituaties is de crisisorganisatie geactiveerd en operationeel conform het crisisplan.  Het opleidings-, trainings- en oefenprogramma voor de crisisfunctionarissen, de Bevolkingszorg-functionarissen en de GHOR-functionarissen is actueel, uitgevoerd en in lijn met de gezamenlijke visie op leren en ontwikkelen.  Inzet van de crisisorganisatie bij rampen, crises en andere incidenten wordt in alle gevallen geëvalueerd conform het evaluatiebeleid. Leerpunten worden gerapporteerd aan de Veiligheidsdirectie en het bestuur.  Partners in de zorgsector melden incidenten met (mogelijke) keteneffecten bij de operationele GHOR-organisatie.

 Wij hebben regionaal zicht op de mate waarin onze adviezen worden overgenomen, en wat de afweging was als dit niet gebeurde.  Bij alle risico’s in het regionaal (zorg-)risicoprofiel hebben wij informatiebronnen ontsloten. Deelprogramma Toekomstbestendige brandweerzorg Het programma Toekomstbestendige brandweerzorg richt zich op de volgende thema’s: maatwerk in incidentbestrijding, informatiegestuurd werken, voor en met elkaar werken, vakinhoud in beweging en organisatie. De belangrijkste projecten waar in 2024 aan gewerkt wordt, zijn:  De implementatie van besluiten over de aanpassingen van de brandweerorganisatie. Dit op basis van keuzen die in 2023 gemaakt worden en nodig zijn vanwege enkele knelpunten in de dekking van het IJssellands verzorgingsgebied en Europese regelgeving, die verplichte vormen van kazerneren en consigneren van vrijwilligers niet langer toestaan. Belangrijke voorwaarden met betrekking tot de Europese regelgeving zijn de financiële compensatie door het Rijk en duidelijkheid over de rechtspositionele gevolgen.  Het dekkingsplan geeft input voor de in en na 2024 te maken keuzes op het gebied van risicobeheersing/ brandveilig leven en repressieve brandweerzorg.  In 2024 wordt het landelijke kader Uitruk op Maat verder geïmplementeerd.  De verdere doorontwikkeling van brandonderzoek zal leiden tot een verhoging van de eigen vakbekwaamheid.

Deelprogramma Risico- en Crisisbeheersing Het programma Risico- en Crisisbeheersing richt zich op het informatiegestuurd werken (beter voorbereid zijn op risico’s) in de hele veiligheidsketen en het zorgen voor een respons die langdurig kan worden volgehouden. Het jaar 2024 zal voor een groot deel gebaseerd zijn op het uitvoeren van de plannen die in 2023 gemaakt zijn aan de hand van de vijf opdrachten van het algemeen bestuur: 15  Een Veiligheidsinformatie Knooppunt (VIK) wat risico’s en een eventuele stapeling daarvan signaleert en deze voorziet van een duiding. Dit leidt tot een integraal en dynamisch risicobeeld.  De veiligheidsketen zorgt op basis van het integraal risicobeeld waar mogelijk voor het voorkomen van incidenten, het verminderen van de gevolgen en het goed voorbereid zijn op een eventuele respons.  Bij een crisis wordt er snel gekomen tot rolduidelijkheid in de veiligheidsketen en scherpe bestuurlijke afspraken.  De veiligheidsregio is in staat om de operationele respons en bestuurlijke afstemming bij een regionale crisis enkele weken tot maanden te organiseren en te coördineren.  Er start in de beginfase van een crisis een parallelproces om te zorgen voor een goede continuering en overdracht van de respons. Financiering van het programma gebeurt uit de door het Rijk ter beschikking gestelde aanvullende structurele gelden.

In 2023 zullen deze uitgaven incidenteel zijn (gericht op het starten van het proces, ontwikkeling, doorontwikkeling en komen van opdracht tot besluitvorming). In 2024 zal een deel van deze gelden structureel ingezet gaan worden, op enig moment gaat de ontwerpfase over in een beheerfase. Wat gaat dat kosten? meerjarenramingen x € 1.000,-- Bestrijden en beheersen Begroting 2024 2025 2026 2027 Exploitatielasten 36.228.408 36.318 36.293 36.293 Exploitatiebaten -476.954 -477 -477 -477 Geraamde saldo baten en lasten 35.751.454 35.841 35.816 35.816 Onttrekking reserves -287.980 -90 -65 0 Storting reserves 0 0 0 0 Geraamd resultaat 35.463.474 35.751 35.751 35.816 Nieuwe ambities Welke nieuwe ambities hebben wij in 2024? Naast de ambities die we hebben voor ‘voorkomen’ en ‘bestrijden’, gaan we in 2024 ook aan de slag met:  Wij geven uitvoering aan de maatregelen die geselecteerd zijn om de CO2-uitstoot van de veiligheidsregio te verminderen. Op die manier blijven wij tevens gecertificeerd op niveau 3 van de CO2-prestatieladder. In 2024 willen we doorgroeien naar niveau 4. De kosten dekken we binnen de begroting. Naast de prestatieladder worden ook andere initiatieven ontplooid in het kader van duurzaamheid, bijvoorbeeld bij het onderdeel brandweer.

 Informatievoorziening (inclusief voldoen aan Woo) & Informatieveiligheid (inclusief BIO), als vervolg op de acties die in 2023 worden ingezet. 16  Invoering gewijzigde gemeenschappelijke regeling.  Herijking huisvestingsbeleid.  Het versterken van onze positie op de arbeidsmarkt: onder andere door kantoorfuncties te koppelen aan repressieve functies om het werk interessanter te maken. Zo versterken we de interne mobiliteit en diversiteit. 17 Verplichte paragrafen Bedrijfsvoering In het jaar 2024 werken we verder toe naar een vitale bedrijfsvoering die in staat is de organisatie optimaal te faciliteren. Dit doen we op basis van de volgende speerpunten:  Het meerjarig behouden van een gezonde financiële begroting.  Duurzame inzetbaarheid personeel, doelgroepenbeleid en mobiliseren van medewerkers.  Interactie, risico- en crisiscommunicatie en zichtbaarheid in ons netwerk.  Informatiemanagement/ informatieveiligheid.  Duurzaamheid en verzekerbaarheid. Op die manier kunnen de bedrijfsvoeringsteams meegroeien in de ontwikkeling waarin we snel moeten schakelen in crisissituaties, met name daar waar dit een langdurig karakter kent. Bedrijfsvoering speelt een belangrijke rol in het bieden van de juiste randvoorwaarden, zodanig dat de reguliere processen gewoon kunnen doorlopen.

Wet normalisering rechtspositie ambtenaren We bereiden ons voor op de mogelijke komst van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren. We zijn nog in afwachting wanneer deze wet van toepassing wordt verklaard voor veiligheidsregio’s. Rechtspositie vrijwilligers In 2024 is er bij vrijwilligers met een verplicht werkverband door kazernering of consignering, meer duidelijkheid over de omgang met de vrijwillige aanstelling. Dit kan ook betekenen, dat bij zittende vrijwilligers, de kazernering of consignering verdwijnt, en de vrije opkomst wordt ingevoerd. Dit hangt af van het risicoprofiel en de gewenste opkomstsnelheid. Het dekkingsplan op basis van gebiedsgerichte opkomsttijden, is het toetsingskader om de kwaliteit van de brandweerzorg te blijven garanderen. Een verandering van de huidige uitrukorganisatie met vrijwilligers, waarbij sprake is van een verplicht karakter, is onvermijdelijk. Persoonlijk leiderschap en ontwikkeling Aan de hand van de kernwaarden van de organisatie wordt de gewenste organisatieontwikkeling en organisatiecultuur verder vorm gegeven. Met als basis positief gezond werkgeverschap maken we medewerkers en organisatie bewust van de eigen rol en stimuleren we actief om regie te nemen in werken aan je veerkracht, vitaliteit en je ontwikkeling.

Dit ondersteunen we en maken we inzichtelijk door het verder optimaliseren van onze dataverwerking en werkprocessen en strategische personeelsplanning. Daarnaast heeft Veiligheidsregio IJsselland talentontwikkeling en mobiliteit als één van de belangrijkste pijlers voor de komende jaren benoemd. We willen ieders talent in beeld hebben en we stimuleren om deze te ontwikkelen, zowel in het belang van de medewerker, als in het belang van de organisatie. Met het trainingsplatform VR Academy richten we ons onverminderd op de ontwikkeling van medewerkers en leidinggevenden. 18 Duurzame inzetbaarheid We zetten in op duurzame inzetbaarheid. We willen iedere medewerker in staat stellen om vanuit eigen regie zo gezond en vitaal mogelijk zijn werk te doen Dit doen we aan de hand van de bredere kijk van Positieve Gezondheid en het spinnenweb dat dit ondersteunt. Onze visie op positief gezond werkgeverschap en de begeleiding van HRM, leidinggevenden en arbodienst om de medewerker hierin juist te faciliteren zijn hierop ingericht en zal in 2024 verder door ontwikkeld worden. Aantrekkelijk werkgeverschap en arbeidsmarkt Om succesvol te blijven in de krappe arbeidsmarkt nu en in de toekomst is het noodzakelijk dat we de juiste medewerkers vinden, binden, en boeien door een aantrekkelijk werkgever te zijn.

Gekeken naar het vraagstuk zijn er een aantal hoofdthema’s die kunnen bijdragen aan het vergroten van de aantrekkelijkheid van Veiligheidsregio IJsselland als werkgever. Dit zijn de volgende onderwerpen: stimuleren (interne) mobiliteit, gerichte werving, selectie op basis van de kernwaarden en fit met de organisatie, onboarding (Voel je vrij), ieders talent in beeld (o.a. talentontwikkeling en gesprekscyclus), formatieontwikkeling, inrichting van het werk/taken en strategische personeelsplanning. Al deze onderwerpen pakken we integraal en in samenhang op. Vanuit de strategische personeelsplanning zijn we per functie aan het bepalen hoe we deze het beste kunnen en moeten gaan invullen en (waar nodig) hoe we de arbeidsmarkt het beste kunnen benaderen. We investeren vooral hiervoor in ons netwerk. Duurzaamheid Maatschappelijk liggen er stevige opgaven op het gebied van duurzaamheid. De klimaatverandering brengt nieuwe risico’s met zich als gevolg van toenemende extreme weersomstandigheden (langdurige droogte, extreme regenval etc). Als veiligheidsregio willen wij het goede voorbeeld geven door onze processen te verduurzamen. Op die manier willen we een bijdrage leveren aan het zoveel mogelijk beperken van de nadelige effecten van klimaatverandering. Hiertoe investeren we in het verder reduceren van onze CO2-uitstoot op basis van de huidige footprint.

Dit raakt de hele organisatie, waarbij bedrijfsvoering een aanjagende rol heeft vanwege de raakvlakken met alle processen. Open overheid De Wet open overheid (Woo) is bedoeld om overheden transparanter te maken en moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. De wet trad grotendeels in werking op 1 mei 2022. Volgens de Woo moeten bestuursorganen jaarlijks in de begroting aandacht besteden aan de beleidsvoornemens voor de uitvoering van de wet (openbaarheidsparagraaf). Op weg naar een goede uitvoering van de wet (voor actief en passief openbaar maken, verbetering van de informatiehuishouding) willen we in 2024 aan de slag met:  Het actief openbaar maken van de documenten, die staan genoemd in het VNG Implementatieplan actief openbaar maken.  Het kiezen en uitvoeren van prioritaire eisen uit het VNG-meerjarenplan voor het op orde brengen van de informatiehuishouding. Gebouwenbeheer In 2024 is nieuw huisvestingsbeleid voorbereid en voorgelegd aan uw bestuur ter besluitvorming. Voor de komende vijf jaren is een prioriteringslijst gemaakt van alle kazernes 19 inclusief voorstellen over renovaties en/of nieuwbouw. De financiële effecten worden verwerkt in de begroting 2025.

Daarnaast zal in 2024 aan het bestuur een Verduurzamingsvoorstel Gebouwen worden voorgelegd als onderligger bij het Huisvestingsbeleid en worden diverse maatregelen doorgevoerd om onze gebouwen duurzaam te maken en om de stijgende energiekosten verder op te vangen. Dit is passend bij de wens om op termijn een CO2-neutrale organisatie te worden, voor nu wordt 50% reductie nagestreefd. Contract- en inkoopbeleid In 2023 is het contractbeheer geactualiseerd en op orde gebracht, ook is het inkoopbeleid geactualiseerd en vastgesteld. In 2024 zijn meerdere aanbestedingen van diensten en materieel voorzien. Bij deze aanbestedingen zal duurzaamheid en SROI (Social Return on Investment) nadrukkelijk als afwegingskader worden meegenomen om duurzaam inkopen te bevorderen. Verzekeringen Aan de hand van verdere besluitvorming op landelijk niveau gaan de veiligheidsregio’s en het NIPV samenwerken op het gebied van ongevallenverzekeringen voor medewerkers. Dit gebeurt vanuit het oogpunt van goed werkgeverschap. Het is de bedoeling dat Veiligheidsregio IJsselland verder en intensiever gaat deelnemen aan twee noodzakelijke onderdelen van de samenwerking, namelijk aan een Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en een Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s. Verplichte beleidsindicatoren Wij zijn vanaf 2018 verplicht om de beleidsindicatoren in onderstaand tabel in de begroting op te nemen.

De indicatoren in onderstaand tabel is bij ministeriële regeling vastgesteld. De bedoeling hiervan is dat er (bij behoefte) transparanter kan worden gebenchmarkt. Het is niet zo dat er per definitie ‘actief’ iets met de cijfers gedaan wordt. Taakveld Naam Eenheid Indicator Bestuur en ondersteuning Formatie FTE per 1.000 inwoners 0,52 Bestuur en ondersteuning Bezetting FTE per 1.000 inwoners Bij jaarrekening Bestuur en ondersteuning Apparaatskosten Kosten per inwoner € 44,20 Bestuur en ondersteuning Externe inhuur Kosten als % totale loonsom + totale kosten inhuur externen 4% Bestuur en ondersteuning Overhead % van de totale kosten 17% 20 Informatiemanagement en -veiligheid De digitalisering van onze informatievoorziening komt steeds meer in de stroomversnelling. De behoefte aan informatiegestuurde veiligheid stelt hoge eisen aan onze architectuur en infrastructuur op ICT-gebied. Met name waar het gaat om het faciliteren van interne en externe samenwerking en de behoefte aan datagedreven oplossingen. Parallel aan deze ontwikkeling stelt de informatiebeveiliging steeds hogere eisen aan organisaties om de weerbaarheid bij digitale verstoringen te versterken. De Baseline Informatiebeveiliging Overheid krijgt een wettelijke status. Daarnaast is de verwachting dat de vitaliteitsbeoordeling van de veiligheidsregio’s als sector ook tot strenge informatieveiligheidseisen gaat leiden.

Een en ander betekent dat wij structureel gaan investeren in mensen en middelen om de weerbaarheid van onze organisatie te versterken en de continuïteit van onze processen zo goed mogelijk te waarborgen. Verder zien we dat ook de crisisorganisatie steeds meer rol krijgt in het beheersen van effecten die ontstaan bij digitale verstoringen. Communicatie Het communicatielandschap is volop in beweging. De impact van ons handelen is groot, de onderlinge verbindingen en afhankelijkheden groeien en informatie verspreidt zich sneller zonder dat er altijd regie gevoerd wordt. Het gebruik van data en kennis over draagvlak en gedrag vraagt om gelaagde communicatie op maat. Om aan te sluiten bij de ontwikkelingen moeten we investeren in analyse en duiding van krachtenvelden en onderliggende beweegredenen, in transparantie, authenticiteit en consistentie in de communicatie waarmee we echt openheid geven, in het omarmen en toepassen van technologie, data gebruiken om inzichten te verkrijgen, in het leggen van verbindingen en in het kiezen voor interactie en inclusieve communicatie.

De ontwikkelingen binnen het communicatielandschap in combinatie met de ambities vanuit de strategische beleidsagenda rondom crisisbeheersing, risicocommunicatie vanuit risicogericht werken / veilig leven en de doorontwikkeling van de brandweerorganisatie zorgen samen met de uitdagingen rondom arbeidsmarktcommunicatie, duurzaamheid en informatieveiligheid voor extra benodigde investering in dit vakgebied. Verbonden partijen Met het inzetten van verbonden partijen kunnen we bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen van Veiligheidsregio IJsselland. Het deelnemen in een verbonden partij kan ook risico’s met zich meebrengen. Dit laatste is een belangrijke reden geweest om in het Besluit begroting en verantwoording (BBV) de verplichting op te nemen om de bijdrage/ het risico van verbonden partijen te melden in een afzonderlijke paragraaf van zowel de begroting als de jaarstukken. Een verbonden partij is een publiekrechtelijke of privaatrechtelijke organisatie waarin we zowel een bestuurlijk als een risicodragend financieel belang hebben. Een bestuurlijk belang is in deze context zeggenschap in de vorm van vertegenwoordiging in het bestuur of het hebben van stemrecht.

Een risicodragend financieel belang wil zeggen dat we verlies kunnen lijden bij een eventueel faillissement van de verbonden partij en/of aansprakelijk kunnen worden gehouden voor een bepaald bedrag als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. 21 De Commissie BBV beveelt aan om, vanwege het maatschappelijke of algemene belang en de mogelijke risico’s, ook organisaties op te nemen in de paragraaf verbonden partijen indien:  formeel juridisch geen sprake is van een verbonden partij door het ontbreken van een financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, maar  er wel sprake is van een structurele bekostiging in overwegende mate van (de activiteiten van) een organisatie via één of meer geldstromen (begrotingsfinanciering, subsidie en overeenkomst van opdracht) én een bestuurlijke belang. Hieronder zijn drie partijen genoemd, die gezien kunnen worden als verbonden partijen van Veiligheidsregio IJsselland. Stichting Brandweeropleidingen Gelderland Overijssel (Stichting BOGO) Doelstelling Het ontwikkelen en verzorgen van opleidingen, oefeningen en trainingen van brandweermedewerkers in opdracht van zes veiligheidsregio’s, onder andere Veiligheidsregio IJsselland, op niet commerciële/ marktgerichte basis. Stichting BOGO is gevestigd in Hattem. Bestuurlijk en financieel belang Veiligheidsregio IJsselland heeft een bestuurlijk belang in Stichting BOGO.

Er is sprake van zeggenschap en stemrecht door de vertegenwoordiging in het bestuur. De commandant brandweer/ directeur VRIJ heeft zitting in het bestuur van de BOGO. Hij is benoemd op voordracht van het bestuur van Veiligheidsregio IJsselland. Formeel heeft de veiligheidsregio geen financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, in de Stichting BOGO. Veiligheidsregio IJsselland doet namelijk alleen betalingen aan de stichting voor afgesproken tegenprestaties. Formeel juridisch is Stichting BOGO daardoor voor de veiligheidsregio geen verbonden partij. Maar wat dit betreft volgen wij de aanbeveling van de Commissie BBV, genoemd in de inleiding, op en blijven wij Stichting BOGO opnemen in de paragraaf Verbonden partijen. Risico Als veiligheidsregio nemen we van de BOGO opleidingen af op basis van instroom en doorontwikkeling van beroepsbrandweerlieden/ brandweervrijwilligers. Sinds enkele jaren factureert en ontvangt de BOGO de hele bedragen voorafgaand aan de opleidingen. Mocht de BOGO in financiële problemen komen dan kunnen de vooruitbetalingen voor de veiligheidsregio wel een risico opleveren als de afgesproken opleidingen niet of beperkt doorgaan en terugbetaling aan de veiligheidsregio niet mogelijk is.

Het risico is klein omdat de Stichting BOGO een gedegen financieel beheer voert, vertegenwoordigers van de veiligheidsregio’s en drie gemeenten het bestuur vormen en omdat de zes veiligheidsregio’s geen andere financiële banden met de BOGO hebben dan alleen die van opdrachtgevers. 22 Werkgevers Vereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV) Doelstelling De landelijke Werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV) heeft tot doel het namens de veiligheidsregio’s, als gezamenlijke werkgeversorganisatie, voeren van onderhandelingen en sluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten en arbeidsvoorwaardenovereenkomsten met werknemersorganisaties ten behoeve van het personeel van de veiligheidsregio’s. Bestuurlijk en financieel belang Veiligheidsregio IJsselland heeft een bestuurlijk belang in de WVSV. Volgens de statuten van de vereniging is de voorzitter van het algemeen bestuur van Veiligheidsregio IJsselland afgevaardigde naar de algemene vergadering van de WVSV. Een lid van het algemeen bestuur (de waarnemend voorzitter) is plaatsvervangend lid van die algemene vergadering. De kosten van de vereniging worden gedekt uit de contributiegelden. Voor haar lidmaatschap is de veiligheidsregio per verenigingsjaar een contributie verschuldigd, waarvan de hoogte elk jaar door de algemene vergadering wordt vastgesteld.

De contributie vormt geen risicodragend financieel belang in de zin van het BBV. De veiligheidsregio’s kunnen ook niet aansprakelijk worden gehouden voor een bepaald bedrag als de WVSV haar verplichtingen niet nakomt. De WVSV is daarmee geen verbonden partij, zoals omschreven in het BBV. Risico Geen bijzondere risico's. Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) Doelstelling Het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid is ingesteld door de Wet veiligheidsregio’s en heeft wettelijke taken op het gebied van de brandweerzorg, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening. Daarnaast voert het NIPV werkzaamheden uit in opdracht van en voor een of meer veiligheidsregio’s. Bestuurlijk en financieel belang Het NIPV heeft een algemeen bestuur, dat bestaat uit de voorzitters van de veiligheidsregio’s gezamenlijk. Daarmee heeft Veiligheidsregio IJsselland een bestuurlijk belang in het NIPV. De bijdrage van Veiligheidsregio IJsselland voor collectieve en individuele dienstverlening van het NIPV bedraagt circa 1,8 miljoen euro per jaar. Formeel heeft de veiligheidsregio geen financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, in het NIPV omdat de veiligheidsregio alleen betalingen doet aan het NIPV voor afgesproken tegenprestaties. Formeel juridisch is het NIPV daardoor voor de veiligheidsregio geen verbonden partij.

We volgen echter wel de aanbeveling van de Commissie BBV, genoemd in de inleiding, op en blijven het NIPV opnemen in de paragraaf Verbonden partijen. Risico Het risico is nihil. Het NIPV is een publiekrechtelijk rechtspersoon, net als gemeenten en veiligheidsregio’s. 23 Financiële paragrafen De paragrafen hierna bevatten de beleidslijnen voor relevante beheersmatige financiële aspecten, zoals genoemd in het Besluit begroting en verantwoording. Hoofdlijn is dat het financiële beleid is gericht op optimale financiering van de inkomsten en uitgaven (op korte en lange termijn) en op het voorkomen en beperken van financiële risico’s, een en ander binnen geldende normen en kaders. Deze paragrafen vormen, samen met de geldende besluiten en kaders (zie tabellen 2 en 3), een instrument voor het transparant maken van het financiële beleid en daarmee voor het sturen, beheersen en controleren op de genoemde ambities. De paragrafen in tabel 1 laten zien welke normen/kaders gelden, de toepassing/het beleid binnen Veiligheidsregio IJsselland (VRIJ), alsmede wettelijke kengetallen. Tabel 1: norm/kader Beeld VRIJ 2024 Toelichting Paragraaf onderhoud van kapitaalgoederen Actueel beeld van positie voor onderhoud van vastgoed en materieel. Huisvesting: de volledige huisvestingskosten inclusief groot onderhoud zijn in beeld. Materieel: vanaf 2021 wordt gewerkt met een meerjaren onderhoudsplan.

Huisvesting: VRIJ huurt gebouwen van gemeenten, jonge kazernes tijdelijk uitgezonderd. De gemeenten zorgen voor groot onderhoud, de kosten zijn gebaseerd op hun begrotingen Materieel: VRIJ heeft rijdend materieel in eigendom. De onderhoudskosten worden beheerst met het MJOP. Financieringsparagraaf Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen bedraagt 8,2%. 8,2% * € 50,3 miljoen = € 4,1 miljoen. Tot aan deze limiet kan kort (looptijd < 1 jaar) worden geleend. De organisatie probeert zoveel mogelijk met kort geld te financieren. VRIJ blijft binnen deze norm. Renterisiconorm De renterisiconorm voor 2024 is 20% van het begrotingstotaal. 20% * € 50,3 miljoen = € 10,1 miljoen. Deze norm bepaalt hoeveel maximaal geleend (herfinanciering) mag worden voor een periode langer dan een jaar. Doel is om renterisico’s gelijkmatig over de jaren te spreiden. VRIJ blijft binnen deze norm Liquiditeitsplanning/financieringsbehoefte Zorg voor voldoende liquiditeiten en financiering in 2024. VRIJ heeft een meerjarige liquiditeitsprognose en actualiseert die periodiek. Bronnen van de behoefte zijn: investeringen in materieel, gebouwinterieur en automatisering. Bij het aantrekken van middelen neemt VRIJ de kasgeldlimiet en de renterisiconorm in acht. Schatkistbankieren Drempelbedrag van 2% van het begrotingsvolume 2% * € 50,3 miljoen = € 1.006.000.

De saldoregulatie is ingesteld op € 1.000.000 De Wet HOF verplicht de lagere overheden geldelijke overschotten te beleggen bij het Rijk. De rekening-courantpositie van VRIJ blijft binnen deze norm. VRIJ hoeft geen geld onder te brengen bij het Rijk. 24 Tabel 1: norm/kader Beeld VRIJ 2024 Toelichting Rentevisie Inschatting van de toekomstige renteontwikkeling. Aanwezig en nieuwe investeringen: werkelijke rente op langlopende leningen.. Eventuele incidentele voordelen door lagere rente worden via de periodieke bestuursrapportages in beeld gebracht. Renteschema Zicht op externe rentelasten over korte en lange financiering. In 2024 toe te rekenen externe rente: € 383.550. VRIJ heeft geen andere rentebronnen en – kosten. Deze rente wordt toegerekend aan de taakvelden (programma’s, inclusief overzicht overhead). Tabel 2: Geldende besluiten met beleid en kaders Vastgesteld Financiële verordening 2017 Kaders Risicomanagement en weerstandsvermogen 2017 Treasurystatuut 2018 Nota reserves en voorzieningen 2018 Tabel 3: Wettelijke kaders Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF) Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) 25 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Om risico’s te kunnen beheersen is risicomanagement binnen een organisatie belangrijk.

Risicomanagement betreft alle activiteiten binnen een organisatie die er op gericht zijn om de risico’s die de organisatiedoelstellingen kunnen beïnvloeden binnen een aanvaardbaar niveau te houden. Binnen risicomanagement zijn twee zaken belangrijk: - het verhogen van het risicobewustzijn van organisatie en medewerkers die leidt tot een betere sturing op de risico’s via beheermaatregelen. - het bepalen van de benodigde omvang van de weerstandscapaciteit (binnen Veiligheidsregio IJsselland bestaat deze vooral uit de algemene reserve). Veiligheidsregio IJsselland beschikt over een risicoprofiel. Dit profiel is in 2017 als onderdeel van het risicomanagement uitgewerkt en niet meer volledig actueel. Het profiel bestaat uit de tien risico’s waarbij de kans maal (financieel) effect in 2017 het hoogst was. Op basis van de analyse van 2017 is een benodigd weerstandsvermogen (algemene reserve) berekend van € 1,18 miljoen. Het beschikbare weerstandsvermogen is echter lager en bedraagt € 1,0 miljoen. De omvang van het weerstandsvermogen (de algemene reserve) is gebaseerd op een rekenregel van 2,5% van de totale uitgaven die bij de start van de veiligheidsregio in 2014 bestuurlijk is vastgesteld. Recent is een externe toets uitgevoerd op de meerjarenbegroting 2024 – 2027 van Veiligheidsregio IJsselland.

Hierbij is mede gekeken naar de risico’s die door IJsselland worden gesignaleerd ook in vergelijking met vier andere vergelijkbare veiligheidsregio’s. In totaal worden door de vijf veiligheidsregio’s samen (dus inclusief IJsselland) circa 50 risico’s gesignaleerd in de P&C cyclus. Veiligheidsregio IJsselland heeft 27 risico’s gesignaleerd en dat is meer dan gemiddeld. Dit is een indicatie dat IJsselland relatief meer risico’s onderkent in haar P&C cyclus. Door de andere veiligheidsregio’s worden ook risico’s gesignaleerd die IJsselland niet benoemt. Hiervan zijn circa 15 die ook voor IJsselland van toepassing kunnen zijn en die bij de eerstvolgende actualisatie van het risicoprofiel mee worden genomen. Hoewel IJsselland relatief veel risico’s signaleert, dateert de meer gedetailleerde risicoanalyse dus van 2017. Met gebruikmaking van de geïnventariseerde risico’s in de vier andere veiligheidsregio’s wordt voor medio 2023 een gedetailleerde risico-inventarisatie en -analyse uitgevoerd. Deze inventarisatie wordt uitgevoerd met alle leidinggevenden en leidt tot een vastlegging van de risico’s in een geactualiseerde risicomatrix. Bij deze exercitie zal meer aandacht, dan in 2017, worden besteed aan: - het formuleren van beheermaatregelen waarmee de effecten van risico’s worden verminderd of voorkomen.

- het benoemen van eigenaren van risico’s en beleggen van de verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de beheermaatregelen. De andere veiligheidsregio’s, waarmee vergeleken is, wijzen op het grote belang van het formuleren van beheermaatregelen. Hiermee kan ook een mogelijke beroep op het weerstandsvermogen worden beperkt. Het voornemen is om vanaf 2023 jaarlijks, aan de hand van een eenvoudige methodiek, met alle leidinggevenden de risicomatrix inclusief beheermaatregelen actueel te houden. Naast mogelijke financiële effecten van risico’s wordt hierbij ook gekeken naar de effecten op de continuïteit van de bedrijfsprocessen en het imago van Veiligheidsregio IJsselland. 26 Hoewel de omvang van het weerstandsvermogen binnen Veiligheidsregio IJsselland ten opzichte van de andere vier vergelijkbare veiligheidsregio’s laag is, is het advies om o.b.v. de externe toets op de begroting de norm voor de omvang van de algemene reserve te handhaven. Er is nog maar beperkt beroep gedaan op de algemene reserve sinds 2014 en zo wordt voorkomen dat er onnodig “dood” geld op de plank ligt. Wanneer in de toekomst blijkt dat de omvang van de algemene reserve te beperkt is dan zal een bijstelling plaats moeten vinden.

Kengetallen 2023 Rekening 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Netto schuldquote 58% 66% 64% De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. 64% in 2024 is voldoende. Solvabiliteitsratio 14% 13% 12% De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Met 12% heeft VRIJ een laag solvabiliteitspercentage. Structurele exploitatieruimte 0% 0% 0% Dit kengetal vergelijkt de structurele baten en lasten met de totale baten. 27 Financiële begroting Cao-ontwikkelingen De werkgevers en vakcentrales hebben dinsdag 28 februari 2023 een principeakkoord over de nieuwe arbeidsvoorwaarden voor medewerkers in dienst bij de veiligheidsregio’s, inclusief brandweervrijwilligers, bereikt. Het akkoord kent een looptijd van 16 maanden tot 1 mei 2024. De daadwerkelijke invoering van de afspraken kan pas gebeuren als ook de leden van de werkgevers én de vakcentrales een definitief akkoord op de afspraken geven. Dit proces neemt minimaal acht weken in beslag. Dit gaat over de tijdsgrens heen van uiterste opleverdatum begroting 2024. Derhalve zijn deze nog niet verwerkt in de onderliggende stukken en bijdragen deelnemende gemeenten.

Prognose De cao-ontwikkelingen zijn significant hoger dan de in de Kadernota 2024 opgenomen loonindex van 4,2%. Definitieve uitwerking van het effect wordt berekend na akkoord en verwerking in de nieuwe salaristabellen en overige arbeidsvoorwaarden. Via de bestuursrapportage zullen we rapporteren hoe deze verhoogde kosten gedekt gaan worden. Prognose op basis van principe akkoord: Beschikbare index begroting 2023/2024 Benodigde index begroting 2024 Tekort index begroting 2024 Structurele meerkosten lonen 1.078.217 2.500.424 1.422.207 Het overzicht van baten en lasten en de toelichting Het saldo van de totale exploitatiebegroting over 2024 bedraagt 46,9 miljoen euro. Hiervan kan 38,2 miljoen euro rechtstreeks worden toegerekend aan het programma Veiligheid. De ramingen van de ondersteunende diensten (overhead) komen per saldo uit op 8,7 miljoen euro. Hieronder wordt de financiële begroting weergegeven. De financiële begroting presenteert de geraamde baten en lasten per (sub)programma, waarbij de overheadkosten apart inzichtelijk zijn gemaakt. In bijlage 4 vindt u een overzicht op hoofdlijnen van de overheadkosten.

meerjarenramingen x € 1.000,-- Programma Veiligheid Begroting 2024 2025 2026 2027 Exploitatielasten Voorkomen 2.422.840 2.423 2.423 2.423 Bestrijden en beheersen 36.228.408 36.318 36.293 36.293 Totaal exploitatielasten 38.651.248 38.741 38.716 38.716 Exploitatiebaten Voorkomen 0 0 0 0 Bestrijden en beheersen -476.954 -477 -477 -477 Totaal exploitatiebaten -476.954 -477 -477 -477 Saldo's Voorkomen 2.422.840 2.423 2.423 2.423 Bestrijden en beheersen 35.751.454 35.841 35.816 35.816 Totaal programma Veiligheid 38.174.294 38.264 38.239 38.239 28 Saldo algemene lasten en dekkingsmiddelen -46.579.608 -46.853 -46.900 -46.900 Overige baten en lasten 0 0 0 0 Overzicht overhead 8.726.290 8.726 8.726 8.726 Heffing voor de vennootschapsbelasting 0 0 0 0 Gerealiseerde totaal saldo baten en lasten 320.976 138 65 0 Bij: onttrekkingen aan reserves Programma Veiligheid -287.980 -90 -65 0 Algemene lasten en dekkingsmiddelen -96.318 -48 0 0 Totaal onttrekkingen aan reserves -384.298 -138 -65 0 Af: stortingen in reserves Programma Veiligheid 0 0 0 0 Algemene lasten en dekkingsmiddelen 63.322 0 0 0 Totaal stortingen in reserves 63.322 0 0 0 Saldo reserve mutaties -320.976 -138 -65 0 Gerealiseerde resultaat 0 0 0 0 Gemeentelijke bijdrage (algemene dekkingsmiddelen) De specifieke bijdrage per gemeente is berekend overeenkomstig de besluitvorming over de verdeelmethode op 8 december 2021.

Het algemeen bestuur heeft gekozen voor de variant 50% gebaseerd op de historische kosten en 50% gebaseerd op de uitkering uit het gemeentefonds. De bijdrage per gemeente staat in de bijlage. De bijdrage is onderverdeeld in een vast aandeel en een maatwerkdeel. De maatwerkafspraken bestaan uit de FLO- bijdragen van de gemeente Zwolle, Deventer en Kampen, alsmede de afspraak met de gemeente Olst-Wijhe op het vlak van de continuering van de advisering van eenvoudige taken op het gebied van toezicht en handhaving. De cijfers van 2024 zijn geïndexeerd voor lonen (4,2%) en prijzen (5,7%), conform de vastgestelde uitgangspunten in de vergadering van het algemeen bestuur op 15 februari 2023. Dit wordt ook de stijging in de lasten van het programma Veiligheid. Vanaf het jaar 2018 wordt er een bijdrage betaald voor bevolkingszorg. Conform de bestuurlijke afspraken naar aanleiding van de businesscase bevolkingszorg wordt deze op basis van inwoneraantallen verdeeld. In onderstaand blauwe kader is een opbouw van de gemeentelijke bijdrage weergeven. Rijksbijdrage (algemene dekkingsmiddelen) Van het ministerie van Justitie & Veiligheid wordt een rijksbijdrage ontvangen. Jaarlijks worden in de maanden juni en december budgetcirculaires van het ministerie ontvangen. Hierin wordt de bijdrage die de veiligheidsregio ontvangt, bekend gemaakt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/ea24386e-2b14-47f6-bab8-38d60ccc951d?agendaItemId=8028478c-cba9-4210-a230-d3fccf4ab520