CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Woordelijk verslag van de besluitvormende vergadering van 20 februari 2025.pdf

Besluitvormende Vergadering 20 februari 2025, gemeente Steenbergen9.324 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Woordelijk verslag van de besluitvormende vergadering van 20 februari 2025 01. Opening Voorzitter: Van harte welkom bij deze besluitvormende vergadering van de gemeenteraad van Steenbergen op donderdag 20 februari 2025. In deze vergadering neemt de gemeenteraad besluiten over de onderwerpen die besproken zijn in de oordeelsvormende vergadering van 3 februari. Ik heet alle aanwezigen op de publieke tribune welkom, net als de kijkers thuis. Ik heb geen bericht van verhindering ontvangen en daarmee open ik deze vergadering. 02. Vaststelling van de agenda Voorzitter: Ik kom bij agendapunt twee, het vaststellen van de agenda. Ik heb een verzoek van de heer Verbeek. De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Dank u wel, voorzitter. Er zouden vandaag twee moties van mij behandeld worden, maar ik heb vorige week vrijdag drie vragen gesteld omtrent de financieringsafwikkeling van de Rondweg Oost die hier ook mee te maken hebben. Daar heb ik tot op heden nog geen antwoord op mogen ontvangen, dus ik wacht eerst die antwoorden af voordat ik mijn moties ga behandelen. Dit is helaas tot teleurstelling van velen, daar ben ik van overtuigd. Voorzitter: Dank u wel, waarvan akte. Mevrouw Feskens, had u nog een opmerking? Nee. De heer Van der Wegen? De heer Van der Wegen (Stem0167): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik heb een motie meegenomen, maar ik weet nog niet of ik die in wil dienen.

Dat hangt namelijk af van de beantwoording van het vragenhalfuurtje waarin ik u eerst een vraag wil stellen. Moet ik de motie nu al meedelen, of wachten we het even af? Voorzitter: Dan gaat u de motie straks indienen en dan kunt u het voorlezen. Verder niemand? Daarmee is de agenda vastgesteld. 03. Spreekrecht burgers. Voorzitter: Dan kom ik bij het spreekrecht van onze inwoners. Er heeft zich niemand gemeld. 04. Vaststelling van de besluitenlijst van 30 januari 2025. Voorzitter: Ik ga naar het vaststellen van de besluitenlijst van 30 januari 2025. Ik heb geen opmerkingen gehoord of gehad, dus deze is besloten. 05. Vragenhalfuur. Voorzitter: Dan komen we bij het favoriete vragenhalfuurtje. Het woord is eerst aan Mevrouw Van Caam over de musea en reclamebelasting.

Mevrouw Van Caam (Gewoon Lokaal): Dank u wel, voorzitter. Musea moeten volgens de verordening reclamebelasting betalen. Voor musea is het betalen van reclamebelasting vaak een behoorlijke last. De vraag van Gewoon Lokaal aan het college is of het mogelijk is om bij de aankomende belastingverordeningen een uitzondering te maken voor de musea. Voorzitter: Het woord is aan wethouder Baali. Wethouder Baali: Dank u wel voor de vraag. Het is mogelijk. Ik beantwoord deze vraag omdat ik musea doe en collega Gommeren de reclamebelasting. De reclamebelastingverordening is zo ingesteld conform de richtlijnen van de VNG. Er zijn uitzonderingen in opgenomen en dit is een mogelijke uitzondering. Wat de voorkeur heeft is dat ANBI-stichtingen een uitzondering hebben. Als het museum een ANBI zou worden, zou dat veel makkelijker zijn. Echter zullen we deze mogelijkheid meenemen en dan is het aan de raad om te beslissen of ze uitzonderingen willen maken. Ik denk het wel goed is om te benoemen dat ik uitgebreid in gesprek ben met de museumeigenaar om te kijken of we kunnen helpen om mensen te vinden zodat er een ANBI gevormd kan worden. Zo kan het museum dat we allemaal heel waardevol vinden, ik ben er zelf een keer op fijn bezoek geweest, in de lengte der jaren kan blijven bestaan. Daar zal de inzet ten eerste op gericht zijn, maar de mogelijkheid wordt meegenomen. Voorzitter: Dank u wel.

Dan de heer Rijshouwer over WijZijn Traverse. De heer Rijshouwer (Gewoon Lokaal): Dank u wel, voorzitter. Het is een vraag over WijZijn. Wij vangen signalen op dat er twee fte gekort gaat worden op WijZijn. Klopt dit? Is dit naar aanleiding van het Ernaartoe Team waar we overigens zeker blij mee zijn? Weet de wethouder dat WijZijn een aanzienlijke grotere druk en verhoging van de werkuren ervaart en dat dit alleen maar groter zal worden? Gaat de wethouder in gesprek met WijZijn om te bekijken hoe dit aangepakt en verbeterd kan worden, eventueel door de verdeling van taken? Voorzitter: Wethouder Prent. Wethouder Prent: Voorzitter, dank u wel. We zijn altijd in gesprek met WijZijn, dus dat is het antwoord op uw laatste vraag. Of ze echt aanzienlijke grote druk ervaren herken ik hier niet in, want het gaat hier over de jongerenwerkers die we hebben afgeschaald bij WijZijn. Dat komt omdat we hebben geconstateerd dat ze heel goed werk doen, maar niet op elke doelgroep aansluiten. Uw collega, de heer Stoeldraijer, heeft daar ook al vragen over gesteld. Onze regisseur jeugd hebben we in eigen dienst genomen en die gaat zelfstandig aan de slag met onze jongeren die dat nodig hebben. Dat was het, volgens mij.

Voorzitter: Dank u wel. Dan een vraag van de heer Verbeek over de opvang van statushouders. De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik las iets in het nieuws en ik lees het even voor. Gemeenten krijgen van het Rijk 30.000 euro als zij statushouders opnemen die nu nog in een asielzoekerscentrum van het COA wachten op een huis. Dat schrijft minister Faber van Asiel en Migratie van de PVV aan de Tweede Kamer. Voorzitter, de bron is de NOS. Dat verbaast mij, want ik heb begrepen dat de PVV de partij was die de strengste asielwetgeving ooit ging doen. Als je dit doet en zorgt dat statushouders zo snel mogelijk gehuisvest worden, dan zet je de sluizen wel open. Dat is totaal tegenstrijdig aan wat er gezegd wordt, maar daar gaat mijn vraag niet over. Ik heb een vijftal vragen. Vraag één is of het klopt dat wij 30.000 euro per gehuisveste statushouder krijgen. Dan vraag twee, geldt dit ook voor de nog op te nemen statushouders? Ik heb namelijk begrepen dat wij nog ongeveer vijftig op moeten nemen. Dat zou betekenen dat we 1,5 miljoen euro in gelden zouden krijgen. Dan de derde vraag. We zijn bezig met onderzoek naar de opvang van nieuwkomers. Er staat volgens mij in de spreidingswet dat je niet per se mensen in een AZC op moet nemen, maar dat je ook mag zeggen dat we alleen statushouders opnemen.

Het kan zo zijn dat er de neiging ontstaat om 200 statushouders op te nemen, want dat brengt 6 miljoen euro op. Daar leggen we een halve randweg van aan, voorzitter. Dan zou de financiële puinhoop een beetje opgelost kunnen worden, dus die neiging kan ik me wel voorstellen, voorzitter. Wordt het inderdaad een verdienmodel? Is daarover nagedacht? Dan de vijfde vraag, die gaat over de gedeelde woning. Volgens mij heeft wethouder Baali daar de vorige keer iets over gezegd. Minister Faber heeft het ook over de gedeelde woning. Gaan we daar ook gebruik van maken, voorzitter? Overigens vind ik deze regeling wel dermate gunstig dat zelfs wethouder Baali nog een fan zou kunnen worden van minister Faber. Maar dat is mijn persoonlijke mening, voorzitter. Bedankt. Voorzitter: Het woord is aan wethouder Baali. Wethouder Baali: Dank u wel, voorzitter. Op het moment dat ik fan word van die minister, mag u mij wegsturen. Klopt het dat deze regeling in werking is getreden? Ja, maar de exacte voorwaarden ervan zijn niet heel helder. De informatie die wij nu hebben is dat je 30.000 euro krijgt als je een statushouder huisvest in een soort van doorstroomlocatie. Niet een regulier huis, het wordt een gecombineerde en grootschalige sobere doorstroomvoorziening genoemd. We krijgen 38.000 euro als je iemand in een hotel opvangt.

Nu is het zo dat het beleid van Steenbergen is om mensen hun eigen woonruimte te geven, ten minste een kamer. Een huiskamer kan je nog delen, dus dat valt niet binnen het huidige beleid. Het is ook niet helemaal duidelijk. Op het moment dat

wij preciezer horen wat de minister hier precies mee bedoeld, kunnen we er altijd naar kijken. Vooralsnog lijkt het niet alsof wij hiervoor in aanmerking komen. Zijn we dan voornemens om de achterstand mee te nemen? Die hypothetische vraag gaat niet meer op als de regeling voor ons niet relevant is. Wethouder Baali): U vroeg ook nog of het de bedoeling was om dan extra mensen op te nemen. Nee, of we het geld zouden krijgen of niet. We hebben een achterstand in te halen die grotendeels is veroorzaakt door de IND zelf, dat heb ik al gezegd. Samen met de taakstelling voor dit jaar kunnen we niet meer mensen verantwoordelijk opvangen. Dan zouden we de huizen te veel moeten gaan toewijzen aan die ene doelgroep. We moeten het gebalanceerd toewijzen zodat iedereen kans maakt op een woning. Uitruilmogelijkheden zijn ook hypothetisch, ervan uitgaande dat die regel wel zou gelden voor de manier waarop de meeste gemeenten statushouders huisvesten in een reguliere woning. Als gemeente mogen we niet zeggen dat je in plaats van asielzoekers statushouders opvangt. Wethouder Baali: We hebben een aparte wettelijke verplichting voor asielzoekers, momenteel 61 mensen, en een aparte taakstelling voor statushouders, wat er ook mee mag gebeuren. Ik denk dat we daar ook de Haagse ontwikkelingen voor moeten afwachten. Dan gedeelde woningen.

Zoals ik eerder heb geïnformeerd, kijken we wel naar of een aantal eenpersoonshuishoudens bij elkaar in huis zouden kunnen. Een groot huis, wel te verstaan. Denk bijvoorbeeld aan drie statushouders, zodat ze geen drie huizen bezet houden. De andere twee zouden dan naar andere doelgroepen kunnen. Het is zonde dat een groot deel van je sociaal bestand in een jaar naar de taakstelling toe moet. Je wil dat andere urgentiegroepen en reguliere woningzoekenden de ruimte houden om een woning te vinden. Daar gaan we mee experimenteren voor een pilot met twee huizen. Voorzitter: De heer Verbeek. De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Voorzitter, ik heb nog een aanvullend verzoek. Zou het mogelijk zijn, als het eenmaal duidelijk is of wij die 30.000 euro zouden krijgen, dat we daar een raadsmededeling voor krijgen? Kan daarin gelijk worden vermeld, omdat meerdere mensen huisvesten in één woning in strijd is met wat we hebben gezegd van huishoudens, of daar dan iets van een apart beleid of uitzondering voor zou moeten komen? Dat dat via een raadsmededeling komt. Voorzitter: De wethouder? Wethouder Baali: We zullen de raad op de hoogte houden als hier een wijziging in optreedt. (toezegging) Voor het tweede aspect zijn wij, omdat de taakstelling van statushouders wettelijk is, al zou de raad er iets anders van vinden, bevoegd om als college af te wijken.

We gaan echter eerst alleen een pilot draaien met twee huizen in de

hele gemeente voordat we dat groter uitrollen en daar zullen we uw raad zeker in meenemen. Ik denk dat het ook goed past binnen de kaderstelling, bijvoorbeeld van het project samenleven met nieuwkomers. Ik zeg toe dat we de raad daarin meenemen. Voorzitter: Dank u wel. Meneer Verbeek, u had ook een vraag over de tennisvelden. De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Voorzitter, ik was nog wat oude mails aan het doorlezen en toen kwam ik de raadsmededeling van 16 november 2024 tegen, de vervanging van de toplagen van de tennisbanen TV Steenbergen. Daar heb ik een paar vragen over. We hadden voor de toplagen 304.000 euro gereserveerd. TVS gaat het zelf doen voor 243.200 euro. Er wordt gesteld dat wij dan 60.800 euro besparen. De vraag aan de wethouder is of het klopt wat u zegt. Als wij de toplaag vervangen, wordt de kostendekkende huur doorberekend aan de tennisvereniging. Het is dus helemaal niet zo dat wij 6.800 euro besparen. Normaal gesproken zou het op nul uit moeten komen, want er wordt gezegd er wordt 243.200 euro wordt gegeven. Wordt dat dan inderdaad gegeven of is dat in de vorm van een lening? Als het gegeven wordt, is het een subsidie, voorzitter. Dan vraag drie. Er wordt een harde eis en voorwaarde voor de privatisering gesteld. Het is Right to Challenge, ik denk niet dat het de bedoeling is dat onszelf laten gijzelen een Right to Challenge is.

Bovendien is het de vraag of dit een Right to Challenge is. Als je literatuur van Right to Challenge leest, zijn dat structurele uitgaven. Het bekende voorbeeld is een straat die plantsoenonderhoud heeft. Daarvan zeggen inwoners: ''wij kunnen dat voor het geld beter''. Voorzitter: Kunt u een vraag stellen? De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Dat is ook een vraag, dit is vraag vier. Ik heb er al drie gesteld, dus dat is vraag vier. De vraag is of het een Right to Challenge is. Dat is het verhaal met het onderhoud en daar wordt het allebei beter van. Dit is geen Right to Challenge, dit is een investering. Ik vind dat de Right to Challenge misbruikt wordt om het mogelijk te maken, want dit is een subsidie. Ik hoor graag de mening van de wethouder hierover. Dan de erfpachtovereenkomst. De vraag is of deze al gesloten is of niet. Dan vraag zes. Komen wij als gemeenteraad nog in beeld voor de erfpachtovereenkomst? Ik heb begrepen dat de verkoop van onroerend goed toekomt aan het college. Wij komen slechts in beeld wanneer er onder de boekwaarde verkocht wordt. Dat is ook vreemd, want als je gebouwen hebt die voor 1.000 euro te boek staan en voor 1.100 euro worden verkocht, dan komen wij dus niet in beeld. Misschien dat we dat toch een keer in de verordening moeten zetten. De erfpachtovereenkomst zou je in theorie [onhoorbaar 00:30:10-00:30:12].

Erfpacht is een zakelijk recht, dus dan volgt er een zaak en geef je de grond feitelijk weg. De vraag is of die al is afgesloten. Zo ja, kunnen wij er inzage in

krijgen? Zo nee, kunnen wij dan vooraf onze wensen en bedenkingen kenbaar maken? Voorzitter, dat waren mijn zes vragen. Voorzitter: Wethouder Prent? Wethouder Prent: Voorzitter, ik heb twee vragen doorgekregen, dus ik zal zoveel mogelijk proberen te beantwoorden. Er zitten ook wat technische vragen bij. Als de beantwoording niet voldoende is, verwacht ik dat de vragen schriftelijk worden gesteld. Right to Challenge is als inwoners ons uitdagen dat ze het goedkoper kunnen. Wij interpreteren dat het ook kan met investeringen. Het klopt dat de tennisvereniging heeft gezegd dat er in het maatschappelijk vastgoed is afgesproken dat we kostprijsdekkende huur gaan betalen en privatiseren is ook de stap die we nog moesten nemen. Ver voor mijn tijd heeft de raad al besloten dat we alle gemeentelijke sportparken moeten privatiseren en deze staat nog open. Ik verwacht dat we rond de zomer met een voorstel naar uw raad kunnen komen, want de tennisvereniging heeft nu gezegd dat ze de tennisbanen eerst gaan vervangen en daarna verder gaan met privatiseren. In hoeverre heeft u dan nog inspraak? U gaat altijd over het budget, dus daar mag u iets van vinden. Het wordt als een totaalpakket aangeboden aan de raad. Dat is het volgens mij in het kort, voorzitter. Voorzitter: De heer Verbeek.

De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Als ik het goed begrijp, komt er nog een kostendekkende huur? Heb ik dat goed begrepen? Voorzitter: De wethouder? Wethouder Prent: Dan gaat het over het uitvoeringsprogramma Maatschappelijk Vastgoed. Daarin hebben we ook gezegd dat we toewerken naar kostendekkende huur, maar dat de subsidieverordening ook aangepast moet worden. Dat is ook een verzoek van uw raad: we kunnen niet alleen die ene kant omhoog doen, want dan moeten we ook iets aan de andere kant doen, maar dan krijgen we het wel zuiverder. Dat is een actie in ons uitvoeringsprogramma. Ik kan u nu al verzekeren dat ons dat niet meer gaat lukken voor de verkiezingen. De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Voor de verkiezingen? Ik ben er niet over begonnen, voorzitter. Dat is een ander verhaal. We gaan 243.000 euro geven, begrijp ik. Dat is geen kostendekkende huur, dus dat is al tegenstrijdig met wat er is. Het wordt een subsidie die in strijd is met de subsidieverordening. Moet ik het dan zo zien? Dan de laatste vraag, voorzitter. U gaat over het budget, dat klopt, maar dat is wat ik daarstraks zei. Dat budget komt pas aan bod als er onder de boekwaarde verkocht gaat worden. Als dit gemeentehuis voor 1.000 euro te boek staat en het verkocht wordt voor 1.100 euro,

komen wij helemaal niet in beeld. Daar moeten we als raad een keer een verordening voor maken. Wij komen wat dat betreft niet aan bod. Mijn vraag is of wij dan alsnog expliciet aan bod kunnen komen. Voorzitter: De wethouder. Wethouder Prent: Voorzitter, om het heel plat te slaan berekenen we nog nergens kostprijsdekkende huur, want dan zouden we ook naar de voetbal moeten gaan en daar ook hogere huren moeten gaan vragen. We hadden een investeringsbegroting. U gaf het zelf al aan, we hebben 403.000 euro geïnvesteerd en de tennisvereniging kon het goedkoper doen. Onderaan de streep, los van het feit hoe u daar tegenaan kijkt, besparen we voor de investering 60.000 euro en dat leek ons goed. We maken gebruik van de kracht en kijken ook naar wat we in de toekomst gaan doen. Dat is de reden dat we dit hebben gedaan en dat we u ook mee hebben genomen in de raadsmededeling. Voorzitter: Dit wordt echt de laatste vraag, anders gaat het een debat worden. De heer Verbeek. De heer Verbeek (Fractie Verbeek): De laatste vraag, maar ik krijg geen antwoord. De kostendekkende huur heb ik niet zelf verzonnen, dat staat gewoon in de notulen van de tennisvereniging Steenbergen, dus die is er. U moet niet zeggen dat het er niet is, want het is er wel. U geeft een valse voorstelling van zaken, want u zegt dat we geld besparen, maar we besparen geen geld.

Het kost elk jaar 8.000 tot 10.000 euro en dat ieder jaar weer. Dat is mijn probleem, voorzitter. Voorzitter: Dank u wel, meneer Verbeek. De wethouder. Wethouder Prent: U stelt een aantal technische vragen. Ik wil u toch verzoeken om dat voortaan vooraf te doen, want dan krijgen we daar geen discussie over. Ik heb twee vragen gekregen en ik heb geprobeerd om u daar in hoofdlijnen in te nemen. Als dat antwoord niet voldoende is, beantwoorden wij uw schriftelijke vragen heel graag. Voorzitter: Dank u wel, wethouder. De heer De Neve over de nieuwe stoelen. De heer De Neve (Volkspartij): Voorzitter, het is een jaar of vijf geleden dat wij in een werkgroep zaten met twee mensen van de griffie en twee uit de raad. We hebben toen een excursiedag gehouden en zijn in raadszalen gaan kijken. Er waren geweldige plannen en we gaan geen smoesjes zoals corona verzinnen, maar er is niets gebeurd. Voorzitter, ik heb vorig jaar in juli een motie ingediend die unaniem is aangenomen. Het komt erop neer dat de raad het college de opdracht geeft om stoelen te kopen. Geen tafels en geen toeters en bellen, alleen stoelen. Die motie is unaniem aangenomen op 4 juli en de stoelen zouden uiterlijk op 1 december jongstleden staan. Mijn stoel is bijna versleten en

die van u is weg. Ik had willen zeggen dat u een mooie leren stoel heeft, maar die is nu weg. Voorzitter, mijn vraag aan het college is wanneer de stoelen komen. Dank u wel. Voorzitter: De wethouder. Wethouder Prent: Voorzitter, die toezegging kan ik mij anders herinneren, want we hebben het meegenomen in de begroting en daar heeft u ook goedkeuring voor gegeven. Toen konden we overgaan tot aanschaf. Ik weet dat de offertes vorige week met de griffier zijn doorgenomen. Eerst was de wens om het te combineren met de stoelen van de publieke tribune. We hebben gezegd dat we dat vooral niet doen, want daar is nog geen budget voor. Dat moeten we nog gaan zoeken. We hebben als college gezegd dat de stoelen besteld kunnen worden en dan zijn ze er ergens in mei. De heer De Neve (Volkspartij): Dit jaar, voorzitter? Wethouder Prent: Dat hoop ik wel, voorzitter. Voorzitter: Met een strik. Dan mevrouw Feskens over het leerlingenvervoer. Mevrouw Feskens (VVD): Dank u wel, voorzitter. Het gaat over het leerlingenvervoer. Helaas moet ik u melden dat er erg veel klachten over zijn Het is al gemeld bij de gemeente, maar het leerlingenvervoer blijkt een probleem te blijven. Kinderen moeten of heel vroeg worden opgehaald, en dan heb ik het over zeven uur in de ochtend terwijl het plein van de school waar ze heen moet om kwart over acht opengaat.

Of ze worden pas om tien uur opgehaald als de school om half negen begint. Of ze staan keurig met hun lunchpakketje te wachten en worden niet opgehaald. Voorzitter, dat kan niet. Het gaat over kinderen die een rugzakje hebben. Het gaat het over kinderen waarvan de ouders ook veel zorgen om en met hun kinderen hebben. De vraag van de VVD aan de wethouder is of de wethouder hiervan op de hoogte is. Belangrijker nog, kan de wethouder hier iets aan doen? Wij zijn van mening dat dit echt niet langer kan. Voorzitter: Wethouder Prent? Wethouder Prent: Voorzitter, op dit moment vervoeren wij 195 kinderen. Dat is elke week meer dan 300 ritten en dik 12.000 ritten per jaar. Het ging niet vlekkeloos en daarom zijn we het gesprek aangegaan met Witteveen en hebben we afspraken gemaakt. We hebben bijvoorbeeld gekeken of het mogelijk is om beide ouders of verzorgers te informeren als het taxibusje bijvoorbeeld niet komt. Nu ging het naar één nummer, dus kan dat naar allebei? De live app is ook aangepast. Die wordt steeds verbeterd zodat ouders kunnen volgen wanneer de taxibus komt. Dat er dingen af en toe niet goed gaan, is helaas wel de realiteit.

Wethouder Prent: Wij, en niet alleen wij maar ook landelijk, geven de opdracht aan de vervoerder om de ritten zo goedkoop mogelijk uit te voeren, maar wel binnen een maximaal tijdsbestek. Als je de VNG bekijkt, staat daar ongeveer 90 minuten voor. Negentig minuten is ontiegelijk lang, want dat gun je geen enkel kind. Op dit moment hebben wij één rit die 85 minuten duurt. Dat zijn wel de kinderen die naar het voortgezet onderwijs gaan, dus ik hoop dat ze uiteindelijk zelfstandig met openbaar vervoer kunnen rijden. We hebben afspraken gemaakt en in maart zitten we weer bij elkaar om te kijken hoe het nu op dit moment gaat. Dit jaar hebben we 25 klachten gekregen van 11 kinderen. Elke klacht is er één te veel. Ik ben ermee bekend en we zijn ermee bezig, samen met de vervoerder. Voorzitter: Mevrouw Feskens? Mevrouw Feskens (VVD): De wethouder heeft het over het verleden, maar het is nog steeds gaande en het is vandaag ook weer gaande. Het gaat vaak over hele jonge kinderen die amper tien jaar zijn. De realiteit van nu is dat we als ouders bijna allemaal moeten werken als we kleine kinderen hebben. Die kinderen wachten dan op een bus die niet op komt dagen. Als ouders dan gaan bellen en ze niet eens een excuus of reden krijgen, kan dat echt niet. Ik besef me dat het geen vraag is, maar ik wil er echt op aandringen dat u serieus in gesprek gaat.

Het gaat over onze jeugd en het gaat over kinderen die het al heel erg zwaar hebben. Voorzitter: De wethouder. Wethouder Prent: Dat klopt en dat erkennen wij ook. We zijn ook echt serieus met Witteveen in gesprek. Ik moet ook realistisch zijn, ik kan hier niet beloven dat er nooit iets fout gaat. Ik hoop wel dat ouders van kleine kinderen in ieder geval zorgen dat ze thuis zijn. Ik weet dat dat niet altijd kan, maar misschien kunnen ze thuis zijn totdat de kinderen zijn opgehaald door het taxibusje. Soms is de realiteit ook anders. Voorzitter: Dank u wel, wethouder. We gaan naar de vraag van de heer Kouwen over de Hoofdstraat. De heer Kouwen (Volkspartij): Dank u wel, voorzitter. Vanuit Welberg, vanuit ons nieuwe wijkje daar aan de Zanderij en de Hoofdstraat hebben we vragen gekregen over de afsluiting die daar op dat moment gemaakt is. Die afsluiting is gemaakt om een nieuwe woonwijk te realiseren. Dat begrijpt iedereen en dat is het probleem niet. Ik heb de mailing over het probleem en ik mag dat ook doorgeven. Ik wil het dadelijk ook aan de wethouder geven voor het complete verhaal. Er zitten voorbeelden bij. Als je naar Bakker Broekhoven wil lopen is dat 400 meter en dadelijk is het 4,5 kilometer heen en 4,5 kilometer terug. Zo zijn nog veel meer voorbeelden, want het is nu ook voor voetgangers en fietsers verboden om erdoorheen te gaan.

Wij zoeken een oplossing zodat er, in ieder geval voor voetgangers en fietsers, een tijdelijk pad gemaakt wordt. Ook de mensen die daar wonen zullen er moeten komen, dus dat moet toch haalbaar zijn? Vandaar de vraag of het college op de hoogte is van deze afsluiting. Weet het college ook hoe lang dit gaat duren? Weet het college dat dit voor al het verkeer is, dus ook voor voetgangers? Waarom is er door het college en de aannemer geen oplossing geboden om voetgangers en fietsers altijd doorgang te bieden? Tot zover onze vragen. Voorzitter: Wethouder Remery. Wethouder Remery: Dank u wel, voorzitter. Is het college op de hoogte van deze afsluiting? Ja, daar zijn we van op de hoogte. Deze werkzaamheden zijn afgestemd met onze BRAafdeling. De werkzaamheden hebben betrekking op de aanleg van ondergrondse infra, kabels en leidingen. Weet het college hoe lang dit gaat duren? Ja, de werkzaamheden binnen het afgesloten gebied zullen naar verwachting duren tot en met week dertien. In week acht tot en met negen gaat het om water en elektra en in week tien tot en met dertien om de riolering. De volgende vraag, weet het college dat dit voor al het verkeer is, dus ook voor voetgangers? De afsluiting voor voetgangers stond foutief aangegeven op de bebording. Dit is inmiddels gecorrigeerd. Bewoners kunnen bij hun perceel en voetgangers hebben weer doorgang.

Waarom is er door het college en de aannemer geen oplossing geboden om voetgangers en fietsers altijd doorgang te bieden? Voetgangers hebben doorgang zolang de veiligheid dit toelaat. Ditzelfde geldt voor fietsers. Fietsers zullen gebruik moeten maken van de aangeboden omleidingsroute. De doorgang voor de voetgangers zal ten tijde van de rioolwerkzaamheden mogelijk opgeheven worden wanneer de veiligheid dit toelaat en niet in het geding is. Dit zal gaande het project duidelijk zijn. Wil het college deze gekozen oplossing alsnog heroverwegen? Ik denk dat we dat gedaan hebben en er antwoord gegeven is op de vragen die u gesteld heeft. Wat dat betreft hebben we getracht om zo goed mogelijk aan alle voorzieningen voor voetgangers en fietsers te voldoen. Voorzitter: De heer Kouwen. De heer Kouwen (Volkspartij): Dank u wel, voorzitter. Bedankt voor de snelle reactie. Ik zal dit in ieder geval doorgeven. U kunt zelf contact opnemen of ik kan dat doen, dat maakt niet uit, maar ik denk dat dat de mensen wel tevreden zullen zijn als de doorgang in ieder geval voor voetgangers en fietsers gegarandeerd is. Dank u wel. Wethouder Remery: U ook bedankt voor de vragen.

Voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Maas, voor dezelfde wethouder, over biodiversiteit. De heer Maas (Gewoon Lokaal): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, in Steenbergen staan we voor belangrijke uitdagingen, zoals het versterken van de biodiversiteit, het bouwen van nieuwe huizen en het besparen van energie door isolatie. De provincie ondersteunt de gemeente door maar liefst 19,6 miljoen euro beschikbaar te stellen met de bijdrageregeling versterking biodiversiteit en versnelling energiebesparing. Vanaf 10 februari jongstleden kunnen gemeenten een bijdrage aanvragen en dankzij deze steun helpen gemeenten hun inwoners aan een lagere energierekening en creëren ze meer ruimte voor mens en dier, zoals vleermuizen en vogels. Van de in totaal 19,6 miljoen euro die ter beschikking gesteld wordt, komt 6,5 miljoen euro uit de Brabantse schatkist. Dit bedrag is specifiek bedoeld voor het versnellen van energiebesparing door isolatie. Voor de rest van de middelen heeft Brabant gelobbyd voor rijksmiddelen die nu in Brabant ingezet kunnen worden, dus ook in onze gemeente. Onze vraag is of de gemeente zich al heeft aangemeld voor deze subsidiepot. Voorzitter: De wethouder. Wethouder Remery: Dank u wel, voorzitter. We zijn bekend met deze subsidieregelingen. Dit jaar gaan we een aanvraag doen zodra meer bekend is over de implementatie van ons soortenmanagementplan.

We zijn volop bezig met het soortenmanagementplan. We zijn één van de voorlopers van onze gemeente, want wij zijn één van de weinigen die daar al heel ver in zijn. We willen daar een concrete aanvraag over doen als de gegevens daarover bekend zijn. Momenteel zijn we in de organisatie met andere gemeentes en provincies in gesprek over de implementatie daarvan, dus wat dat betreft zijn we volop bezig om die subsidie zo goed mogelijk in te dienen zodat we die ook gaan verkrijgen. Tot zover. Voorzitter: De heer Maas? De heer Maas (Gewoon Lokaal): Ik heb een korte aanvulling. Dank u wel, voorzitter. Daar zijn we als Gewoon Lokaal ontzettend blij mee. Ik denk niet alleen wij, maar ook de vleermuizen en mensen die hun huizen extra willen isoleren. Is er ook al bekend hoeveel dat wordt? Of krijgen we daar een raadsmededeling over? Hoe gaat het college dat terugkoppelen naar de raad? Wethouder Remery: We zullen u daarover inlichten, ik heb op dit moment geen gedachten over hoe hoog het bedrag kan worden. (toezegging) Voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Geers over het landbouwverkeer.

De heer Geers (Progressief Samen): Dank u wel, voorzitter. Ik heb een korte vraag over een vaak uitgesteld traject, namelijk de haalbaarheidsstudie voor de tijdelijke omleidingsroute voor het zware landbouwverkeer. We kennen de belabberde verkeerssituatie in de Burgemeester van Loonstraat en de Kade allemaal. Er wordt nu gelukkig gewerkt aan een permanente oplossing in de vorm van een randweg, maar het duurt wellicht nog tien jaar voordat die er is. In de rapporten van Antea en Haskoning werden in 2021 al termijnen genoemd van zeven jaar na een tracékeuze en het moet allemaal nog beginnen. In het GVVP en het meerjarig uitvoeringsprogramma werd deze haalbaarheidsstudie tijdelijke omleidingsroute voor landbouwverkeer aangekondigd. Het was een project van 15.000 euro, L.06, wat in het eerste kwartaal van 2022 gereed zou zijn. Het is al vaak uitgesteld, maar enkele maanden geleden werd toegezegd dat het in het eerste kwartaal van 2025 gereed zou zijn. Ik heb nog niets gezien, dus is mijn vraag is hoe het gaat met de haalbaarheidsstudie tijdelijke omleidingsroute voor het landbouwverkeer? Dank u wel. Voorzitter: De wethouder. Wethouder Remery: Dank u wel, voorzitter. Deze wordt dit kwartaal opgeleverd. Op het moment dat het opgeleverd wordt, zal u geïnformeerd worden.

De heer Geers (Progressief Samen): Dus we halen het eerste kwartaal deze keer? Wethouder Remery: Er is ook al een toezegging over geweest in het verleden, dus wat dat betreft loopt het allemaal nog op schema. De heer Geers (Progressief Samen): Ik had nog niets gezien, vandaar. Voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan de vraag van de heer Van der Wegen over bestuurskracht. De heer Van der Wegen (Stem0167): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik heb u twee weken geleden enkele vragen gesteld over de subsidieregeling slagvaardig bestuur in NoordBrabant. Deze zijn keurig netjes beantwoord met een hele uitgebreide onderbouwing, maar ik mis enige concrete toezegging. Dat is een vraag die ik extra gesteld wil hebben. Kunt u toezeggen wanneer het onderzoek er gaat komen? Graag een iets concreter antwoord, want u geeft een heel mooi antwoord. Natuurlijk is het goed om de samenwerking met andere gemeenten op te zoeken, zo lezen wij terug in uw beantwoording. Wat staat ons te wachten? Wat kunnen wij verwachten betreffende dit onderzoek? Dank u wel, voorzitter.

Voorzitter: Wethouder Prent. Wethouder Prent: Voorzitter, we komen bij u terug of we er gebruik van gaan maken of niet. Waarom zeg ik dat zo? Omdat we de commissaris van de Koning gisteren op bezoek hebben gekregen, dus we hebben al even de kans gehad om te vragen of we dit onderzoek bestuurskracht ook kunnen voor de samenwerking in de regio. Voor onze eigen organisatie weten we dat wij kwetsbaar zijn als kleine organisaties. Niet alleen wij, onze buurgemeentes ook. We hebben veel eenpitters en daardoor hebben we de afgelopen jaren de samenwerking gezocht met onze buurpartners in Brabantse Wal, maar nu bijvoorbeeld ook met jeugdzorg. Dat doen we ook met de Wmo en participatie. We hebben hier zelf recent nog een onderzoek gedaan over onze eigen organisatie en daarin wordt u in maart ook meegenomen door de gemeentesecretaris. We willen een beetje voorzichtig zijn in waarvoor we het onderzoek kunnen benutten. Wij dachten in de eerste instantie regionaal. De commissaris heeft gisteren gezegd dat dat er niet in zit. Het is echt voor de gemeente zelf en het is een klein deel van een groter onderzoek wat wij kunnen bijdragen. We hebben in het college afgesproken dat we volgende week samen met onze Brabantse Wal-collega's van gedachten willen wisselen over wat dat eventueel voor meerwaarde zou kunnen hebben.

De toezegging dat als we er beter over na hebben gedacht er bij u op terugkomen heeft u, en dan kunt u zelf bepalen of dat voor u voldoende is of niet. (toezegging) Wellicht gaan we er wel gebruik van maken, maar dat weten we op dit moment niet zeker. Voorzitter: De heer Van der Wegen. De heer Van der Wegen (Stem0167): Dank u wel, voorzitter. Ik hoor de wethouder praten over een onderzoek dat in maart afgerond wordt. Ik weet niet welk onderzoek u precies bedoelt, maar dat is een intern onderzoek. Zo heb ik het verstaan. Zeg ik dat goed en is dat gelijk de datum dat we een antwoord gaan krijgen? Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: De wethouder. Wethouder Prent: Nee, dan ben ik niet duidelijk geweest. We hebben in het verleden met de organisatieontwikkeling ook onderzoeken gedaan, maar in maart komt de gemeentesecretaris naar uw raad om meer te vertellen over de organisatieontwikkeling, waar we staan en wat we allemaal nog willen gaan doen. Voorzitter: Dank u wel. Dan komen we bij de mondelijke beantwoording van artikel vier, de vragen van de heer Hobo over de randweg die inmiddels al gesteld zijn. De vragen heeft u al ontvangen en treft u tevens aan op het RIS. Nu krijgt de wethouder de gelegenheid om de vragen namens het college te beantwoorden. Voor de volgbaarheid van de vragen wil ik aan de wethouder vragen om de vraag op te lezen en dan meteen

het antwoord te geven. Verder gelden dezelfde regels als voor het vragenhalfuurtje. Er zijn geen interrupties toegestaan en na de beantwoording door het college is er gelegenheid om korte, verhelderende vragen te stellen. De wethouder. Wethouder Remery: Dank u wel, voorzitter. Voordat ik de vragen ga beantwoorden, wil ik nog een keer uiteenzetten, ook voor degenen thuis zodat ze alles goed voor ogen hebben, waarom het één en ander zo gebeurd is. De vraag voor de randweg ligt er al heel lang. In de eerste instantie was dat voor de verkeersproblematiek op de Burgemeester van Loonstraat, daar zijn destijds ook moties voor ingediend om het op te lossen middels een randweg. Daarna is er nog een ander argument bijgekomen, namelijk de groei van Steenbergen. Waarom willen we groeien als Steenbergen? Dat is om doorstroming in de woningbouw te laten plaatsvinden en nieuwe bewoners en bedrijven aan te trekken met als doel om onze kosten op een gegeven moment te gaan beheersen en meer inkomsten kan genereren, maar ook dat je het welstandsniveau op peil kan houden voor Steenbergen. Dat is moeilijker op het moment dat je gaat krimpen. Dat is de reden dat we de randweg willen doen. Om die groei te faciliteren heb je de randweg nodig om dat goed af te wikkelen, naast het probleem wat er bij de Burgemeester van Loonstraat al is qua drukte die daarvoor al erkend was door de partijen.

Dan kom ik bij vraag één. Ik zal vanaf het begin beginnen. De externe adviseurs die het gesprek leiden kwam tijdens de informatieavond niet goed over bij meerdere aanwezigen en daarbij werd de vraag gesteld met welke bevoegdheid of opdracht de presentatie werd verzorgd en bepaalde uitspraken werden gedaan. Vraag één vanuit de Volkspartij is: kunt u uitleggen wat de taak en opdracht is van de externe adviseur? De gemeente heeft de externe adviseur gevraagd de informatiebijeenkomst te begeleiden. De inhoud van de presentatie is vanzelfsprekend vooraf tussen de gemeente en de externe adviseur afgestemd. Wij zijn op zich heel tevreden met de wijze waarop de informatiebijeenkomst is geweest. Het is een grote bijeenkomst geweest van 165 mensen. We hebben daar hele goede en positieve verhalen en veel goede uitingen van gehoord. Ook andere uitingen, maar de bijeenkomst is afgesloten met twee keer applaus. Wat dat betreft denk ik dat het een goede bijeenkomst is geweest. Dan vraag twee. Kunt u uitleggen wat de beslissingsbevoegdheid is van een externe adviseur en of de mening van het college wordt meegegeven of dat er gesproken wordt op persoonlijke titel? De presentatie was een verwoording van het vastgestelde variantenonderzoek door de gemeenteraad van eind 2024.

Vooraf is met de extern adviseur afgesproken dat de technische vragen door hem of betrokken ambtenaren zou worden beantwoord en de politieke vragen door desbetreffende wethouders, door mij of mijn collega, de heer Baali. Dat is ook gebeurd, maar we hebben weinig politieke vragen tot ons gekregen. Dan punt drie. Eén van de inwoners merkt op dat de adviseur niet op de hoogte is van de

wensen van manier van leven in Steenbergen. Zo werd de Molenweg 'de Molenstraat' genoemd in de presentatie. Dit schoot bij velen in het verkeerde keelgat en gaf een gevoel van desinteresse. Naar uw mening had de wethouder dit zelf moeten presenteren. Dat had ik kunnen doen en had ik ook graag willen doen, maar daar hebben we niet voor gekozen omdat het in deze omstandigheden vaak gebruikelijk is om een neutraal persoon daarvoor in te huren en hem het te laten doen. Dat heeft hij op zich ook heel goed gedaan. Er was een omissie omdat hij inderdaad een vergissing maakte, maar dat kan iedereen gebeuren. Hij komt hier uit de buurt en ik kan niets anders zeggen dan dat het een hele integere man is en dat hij heel betrokken is. Vanuit het verleden kent hij de situatie, maar hij kan ook een fout maken. Dat is te vergeven. Er werd ook opgemerkt dat er geen nieuwe informatie werd gegeven en dat het meeste oude koek was van een rapport van maanden terug. Hoe kijkt het college hier tegenaan? Dat is het kip-en-eiverhaal. Wij zijn als college bekritiseerd op de behandeling van het raadsvoorstel over de hoofdwegenstructuur... Wellicht hadden we ook iets eerder kunnen komen.

De kritiek hebben we ons aangetrokken en op basis van het aantrekken van die kritiek hebben wij die informatieavond georganiseerd om heel Steenbergen in de gelegenheid te stellen om daar van A tot Z van op de hoogte gebracht te worden. Wat dat betreft hebben wij daar juist naar geluisterd en is het op basis van gesprekken met inwoners die op ons afkwamen en daar meer over wilde weten. We wilden die mensen van dienst zijn. Daarom hebben wij die avond georganiseerd. In de uitnodiging hebben wij heel duidelijk aangekondigd dat we zouden informeren over de voorgeschiedenis, de noodzaak en de wensen van de randweg in Steenbergen. Wat dat betreft hebben wij dat van tevoren goed uiteengezet. Het is een vraag vanuit onze inwoners zelf om met die avond te komen. Dan de volgende vraag. Er werd tijdens de presentatie gezegd dat het nog wel tien jaar duurt voordat de randweg er ligt. Dat is een zware teleurstelling voor velen. Kunt u uitleggen waarom het zo lang moet duren? Er is altijd gesproken over tussen de vijf en tien jaar, dus niet over tien jaar. Het kan tussen de vijf en tien jaar duren omdat er veel onderzoek en procedures doorlopen moeten worden en dat heeft tijd nodig. Als mensen of bedrijven op een gegeven moment besluiten om naar de Raad van State te gaan, heb je daar een aantal jaar voor nodig. Er zijn ook andere procedures en mer-procedures, dus het heeft tijd nodig.

Er moet ook nog grond verworven worden, dus tussen de vijf en tien jaar is heel gebruikelijk. Het is geen tien jaar, maar tussen de vijf en tien jaar. Dan de volgende vraag. Er waren mensen aanwezig met de verwachting dat er ook uitleg gegeven zou worden over de nieuwe woonwijk op West. Klopt het dat daar tussen nu en tien jaar geen woonwijk komt? Kunnen we dat uitleggen? De woningbouw is iets waar u als raad nog toestemming voor moet geven. Het kost tijd voordat daar op een gegeven moment

huizen gebouwd kunnen worden, want je moet ook grond verwerven. De rondweg is nodig voor een goede ontsluiting van de eventuele woonwijk die daar komt. Door al die procedures die net al heb aangegeven zal dat tussen de vijf en tien jaar duren en dat is niet uitzonderlijk. Dan de volgende vraag. In de uitleg is verteld dat de randweg in Steenbergen West de functie van een ontsluitingsweg voor de woonwijken zou krijgen. De bezoekers gaven al aan dat het geen randweg is. Als een weg de functie van een ontsluitingsweg heeft, eruit ziet als een ontsluitingsweg en in de toekomst een ontsluitingsweg is, waarom blijft het college dan volhouden dat het een randweg is en noemt men het geen ontsluitingsweg? Een kip die eieren legt noem je toch ook geen koe? Ik vind het een beetje een nondiscussie, want dan ga je discussiëren over een definitie. Als gemeente Steenbergen hanteren we de volgende definitie. Een randweg is een route die rondom een bepaald gebied loopt met als doel om doorgaand verkeer om dat gebied heen te leiden. Dat is bij variant drie van de randweg het geval voor de kern van Steenbergen. Een randweg kan tevens dienst doen aan de gebiedsontsluitingsweg, dus een randweg kan ook een ontsluitingsweg zijn, voor aanliggende nieuw werk of woonfuncties. Een randweg kan ontsluitingsweg zijn, dus dat is een kwestie van kijken hoe je die definitie invult. Dan de volgende vraag.

Na de bijeenkomst is door enkele mensen met de adviseur gesproken over de rotonde op de Molenweg en Franseweg en de woningen die gesloopt zouden worden. Daarbij werd aangegeven dat er gelukkig een amendement ligt en dat dat niet doorgaat. Het antwoord van de adviseur was schokkend: dan voeren we dat amendement niet uit. Klopt het dat dit college het amendement, dat unaniem is aangenomen, opzij wil leggen? Nee, dat willen we niet opzij leggen. Wij hebben in de lijn van het aangenomen management een verkeerskundig bureau opdracht gegeven om een alternatieve kruispuntvorm en locatie te onderzoeken voor de aansluiting van de randweg op de Franseweg en Molenweg. De bevindingen van deze opdracht verwerken wij in een voorstel aan de raad. U krijgt over een aantal maanden een voorstel waarin alternatieven in opgenomen zijn, met het idee dat u als volkspartij heeft gegeven. Dat wordt keurig uitgewerkt. Er zijn nog een aantal vragen. We hebben een aantal vragen gekregen over de ontsluiting in Steenbergen Noord en dat gaat over de verbinding Steenbergen Noord. Er zijn een viertal vragen. Ik zal antwoord geven nadat ik de vragen heb opgenoemd. Vraag één. Waarom wordt deze niet gelijk doorgetrokken naar Buiten de Veste? Dan ontlast je de Lindenburghlaan, de Fabrieksdijk en de Kade gelijk. De drogreden dat er dan sluipverkeer komt naar de Albert Heijn klopt naar uw mening niet.

Heeft het college een eigen mening hierover en volgt zij zonder weerwoord de computermodellen? Dan vraag twee. Niemand zit te wachten op een wijk zonder verbinding met het centrum. Mensen gaan elders boodschappen doen,

bijvoorbeeld in Fijnaart of Oud Gastel. Ook enkele winkeliers in Steenbergen zijn hier niet content mee. Steenbergen wil een ontsluiting op Noord. Nu is die kans er en komt er volgens de Volkspartij een idioot idee. Kan het college uitleggen hoe dit tegenstrijdige idee ontstaan is? Dan vraag drie. Als men zo goed is met computermodellen, kan men vast ook voorzien dat er een enorme verkeerstoename zal ontstaan op de Nassaulaan en andere straten richting de Albert Heijn van het verkeer dat door de afsluiting elders boodschappen gaat doen. Vraag vier. Een ontsluitingsweg in Steenbergen Noord zal bijdragen aan de afname van de verkeersdruk op de Zeelandweg-Oost, Kade, Fabrieksdijk en Lindenburghlaan. Is het college het hiermee eens? De Volkspartij wil graag een feitelijke onderbouwing waarom men denkt dat het niet zo is. Ten eerste moet ik zeggen dat dit achterhaalde vragen zijn, want het besluit van het college is om de Noord-variant niet uit te werken. Dat is een gepasseerd station. Ik snap dat u de beweegredenen erachter nog een keer wil horen.

Ten aanzien van de gestelde vraag in de besluitvormende vergadering en de discussie achteraf, merken wij op dat uit eerder onderzoek is gebleken dat een tweede ontsluiting van Buiten de Veste richting de Dinteloordseweg via Steenbergen Noord nauwelijks gebruikt gaat worden door het verkeer met een herkomst op bestemmingen Buiten de Veste. Het verkeer uit Buiten de Veste, dat de snelweg A4 en de voorzieningen in de kern Steenbergen wil bereiken, blijft gebruik maken van de route Lindenburghlaan, Fabrieksdijk, Kade en Zeelandweg-Oost. Van een afname van de verkeersdruk op deze wegen zal geen sprake zijn. In 2019 is uw raad hier door middel van raadsmededeling BM19984 over geïnformeerd. Dat is alle informatie die u al tot uw beschikking heeft, plus al die andere onderzoeken die u allemaal al inzichtelijk hebt met alle tellingen. Bij ontwikkeling van Steenbergen Noord gaat het omgekeerde wel plaatsvinden. Het verkeer van en naar deze nieuwbouwwijk zal bij een directe verbinding met Buiten de Veste wel over de route Lindenburghlaan, Fabrieksdijk, Kade, Burgemeester van Loonstraat rijden om naar de voorzieningen in de kern Steenbergen te gaan. Dit resulteert in een verkeerstoename over deze route, waardoor de maximale wegcapaciteit wordt overschreden.

In dat verband wordt opgemerkt dat er onvoldoende ruimte is om deze route op te waarderen naar gebiedsontsluitingsweg met een snelheidsregime van 50 kilometer met dito grotere wegcapaciteit. Ik moet daar ook bij zeggen dat Stem0167 hier niet zo gek lang geleden ook een motie over heeft ingediend om te kijken wat er Buiten de Veste gebeurt omdat daar veel onrust is binnen het verkeer. Het CDA heeft daar ook vragen over gesteld. Dan denk ik: wat is nu idioot? Is het idioot om daar een ontsluitingsweg neer te leggen of juist niet? Het lijkt mij dat het extra belasting oplevert. Zoals Stem0167 en het CDA aangeven is er al een grote drukte, dus je gaat op een gegeven moment alleen maar een grotere drukte creëren. Dat is de beantwoording van de vragen zoals de Volkspartij ze heeft gesteld. Mochten er op

een gegeven moment vragen zijn vanuit de inwoners: er komt nog een heel participatietraject aan. Volg de website goed. Mocht u vragen hebben, kunt u ze altijd op de website stellen en dan zal u daar van ons een antwoord op krijgen. Tot zover. Voorzitter: Er is een verhelderende vraag van de heer Van der Wegen. De heer Van der Wegen (Stem0167): Dank u wel, voorzitter. Het is verhelderend om het hele proces voor mijzelf op een rijtje te krijgen. We hebben niet zo lang geleden de verkeersontsluiting van Stad Steenbergen toch behandeld waarin dit zo precies verwoord is? Heb ik dat goed onthouden? Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: De wethouder. Wethouder Remery: Ik weet niet wat u daar precies mee bedoelt. Voorzitter: De heer Van der Wegen. De heer Van der Wegen (Stem0167): Dank u wel, voorzitter. Het hele verhaal wat u zojuist opnoemde over de ontsluiting Buiten de Veste is toen toch allemaal voorbij gekomen? Wethouder Remery: Dit is allemaal een herhaling, dat klopt. Voorzitter: Dank u wel, wethouder. U kunt een verhelderende vraag stellen en verder gaan we geen debat voeren. De heer Hobo (Volkspartij): Dank u wel, voorzitter. Ik ga geen debat voeren. Met de laatste beantwoording denk ik dat het een beetje fout gaat, want het gaat niet om de Randweg Noord die we met zijn allen hebben weggedrukt.

Het gaat om de nieuwe woonwijk waar een ontsluiting op de Dinteloordseweg zit die ze niet willen doortrekken maar dood willen laten lopen. Dat is de weg waar het over gaat. Als je daar geen verbintenis hebt met het centrum, gaan mensen elders boodschappen doen. Als je aan de mensen Buiten de Veste gaat vragen of ze liever naar de Dinteloordseweg rijden dan naar de A4 over de kade, dat ze dat zullen kiezen als dat korter is om te doen. Dat mag u zo beantwoorden. Ik heb nog twee vragen als ik die nog mag stellen. Voorzitter: Als u het kort doet. De heer Hobo (Volkspartij): Ik ben altijd kort, voorzitter. De inwoners kennen hun gemeente, hun wijk, hun leefomgeving en de straat vele malen beter dan wie dan ook. Onze inwoners zijn, zo bleek ook uit de avond en de vragen, op het gebied van verkeersveiligheid, aanrijroutes, winkels en scholen degenen die dat beter weten dan wie dan ook. Daarom hebben we twee vragen. Deze vragen zijn overigens van onszelf, de andere vragen zijn vragen die wij hebben gekregen van de bezoekers. De vragen van ons

zijn als volgt. Is het college het met de Volkspartij eens dat onze inwoners daarom veel meer betrokken moeten worden bij de ontwikkeling van de nieuwe woonwijken, rondwegen en de ontsluitingsweg? Ik blijf het toch zo noemen. Kan de Volkspartij een toezegging krijgen dat er een eenvoudige schets komt met de wensen van de inwoners, zoals u die ook gekregen heeft op de papiertjes die uitgedeeld of ingeleverd zijn, betreffende de Randweg West en de Zeelandweg-Oost tot de Halsterseweg met de aansluitingsroute vanaf de rotonde in het nieuwe bedrijventerrein en de Franseweg. Op die manier hebben we toch een visueel alternatief. Voorzitter: We zouden korte vragen doen. de heer Hobo (Volkspartij): Dit is een hele korte vraag. Voorzitter: Dit is geen korte vraag. We gaan korte vragen doen, dus stel uw vraag en dan kan er een antwoord komen. de heer Hobo (Volkspartij): Ik ben nu klaar. Kunt u mij die schets geven? Samen met de andere vraag. Dat waren twee korte vragen van mij. Wethouder Remery: Ik moet weer om herhaling vragen. U geeft een paar dingen aan. We zijn er als college van overtuigd dat onze inwoners de wijk zeker kennen en zeker goede participatie kunnen geven. Je zal zien dat verschillende mensen in één wijk verschillende inzichten geven over hetzelfde probleem.

Wat dat betreft is er geen eenduidigheid in en dan moet je op een gegeven gaan wegen en daar heb je onze verkeersdeskundigen bij. Wat betreft uw laatste vraag, zou ik zeggen dat u hem schriftelijk in moet dienen zodat ik hem op die manier kan beantwoorden, want ik kan daar nu geen direct antwoord op geven. De vragen die op die avond zelf gesteld zijn, worden keurig beantwoord. Daar krijgen ze allemaal nog antwoord op. Als u vragen heeft, kunt u die altijd inleveren op de website en dan krijgt u daar antwoord op. In die zin worden alle vragen correct beantwoord. Het is op die avond ook uitgelegd dat er zeker nog participatiemomenten zullen volgen. Op dat moment zal iedereen correct geïnformeerd worden over hoe die participatie plaatsvindt en wat er van iedereen verwacht wordt. Bij participatie moeten we van te voren altijd goed afspreken waar wel over geparticipeerd kan worden en wat niet over geparticipeerd kan worden. We kunnen mensen niet laten meetekenen aan rotondes of kruispunten, want dat is op een gegeven moment specialistenwerk. Dat is op die avond ook goed aangegeven. Als gebiedsspecialist kan je onze inwoners heel goed inzetten, maar dat moeten we per onderdeel goed kenbaar maken. Dat wordt te zijner tijd allemaal goed uitgelegd. Voorzitter: De heer Van der Wegen.

de heer Van der Wegen (Stem0167): Dank u wel, voorzitter. Met de beantwoording van de vragen van de Volkspartij komt er bij mij ineens veel ruis op mijn lijn. Dat zit hem in de woningbouw in Steenbergen West. Voorzitter: Nu gaan we een debat voeren. de heer Van der Wegen (Stem0167): Ik wil hier duidelijkheid over krijgen als dat mogelijk is. Voorzitter: Als u het kunt vertalen naar een korte vraag, dan is het prima. De heer Van der Wegen (Stem0167): Krijgen we woningbouw Steenbergen West of krijgen we woningbouw Steenbergen Noord? Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: De wethouder. Wethouder Remery: Dat is een vraag voor mijn collega Baali, hij kan daar goed antwoord op geven. Er is op dit moment nog helemaal geen beslissing genomen over woningbouw waar dan ook. Voorzitter: De vragen over artikel 40 gaan over een ander onderwerp. De heer Verbeek, u heeft een korte vraag? De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Ik heb twee korte vragen, voorzitter, en ik zal ze kort houden. Het gaat wel over de woningbouw in West. De vragen zijn kort. We kunnen twee routes volgen, want de WVG is eraf. We kunnen zeggen dat een eigenaar van de grond met de projectontwikkelaar daar wil bouwen. Hoe gaat college daar tegenover staan? We kunnen ook zeggen dat de Omgevingsvisie er nog aankomt, we het tot dan aanhouden en het in de Omgevingsvisie pakken.

Wat is de voorkeur van het college of wat gaat het college hiermee doen? Voorzitter: De wethouder? De heer Verbeek (Fractie Verbeek): Mag ik het woord geven aan de heer Baali? Voorzitter: Dat gaan we niet doen. We hebben vragen over artikel 40 ingediend die in het vragenhalfuurtje worden behandeld. Als u deze vragen heeft, kunt u ze schriftelijk stellen en dan worden ze beantwoord. Dank u wel, wethouder. 06. Vaststelling definitief normenkader rechtmatigheid 2024. Voorzitter: We gaan door met agendapunt zes, de vaststelling van het definitieve normenkader rechtmatigheid 2024. Met het vaststellen van het normenkader stelt de gemeenteraad vast op basis van welke wet- en regelgeving de jaarstukken getoetst

moeten worden. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd het normenkader vast te stellen. Vanuit de oordeelsvormende vergadering heeft u dit onderwerp doorgeleid als een hamerstuk, aldus besloten. 07. Vaststelling rentepercentage stimuleringslening kleine VvE’s per 1 januari 2025. Voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt zeven, het vaststellen van het rentepercentage van de stimuleringsregeling. In december heeft de gemeenteraad de belastingverordening vastgesteld. Onderdeel hiervan was het wijzigen van het rentepercentage voor de stimuleringsregeling. Echter was het raadsbesluit niet samen met het raadsvoorstel gewijzigd. Dit was over het hoofd gezien en zodoende is er een verkeerd besluit getekend dat nu gewijzigd dient te worden. In de oordeelsvormende vergadering heeft u dat onderwerp doorgeleid als een hamerstuk, aldus besloten. 09. Mededelingen, toezeggingen- en motielijst en ingekomen stukken. Voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt negen, de mededelingen, ingekomen stukken en toezeggingenlijst. Met dit agendapunt worden de ingekomen stukken van februari afgehandeld, aldus besloten. 10. Sluiting Voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt tien, de heer Van der Wegen? De heer Van der Wegen (Stem0167): Voorzitter, dank u wel.

Voorzitter, vindt u het goed om twee minuten te schorsen voordat u de sluiting afhamert, zodat ik even bij de fractievoorzitters kan informeren of men de motie wil behandelen? Ik heb een motie meegenomen voor vanavond. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Dat is geen probleem. Ik schors de vergadering voor twee minuten. Voorzitter: Ik heropen de vergadering. Het woord is aan de heer Van der Wegen. De heer Van der Wegen (Stem0167): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, we hebben overlegd met alle fractievoorzitters en naar aanleiding van het antwoord van de wethouder wil iedereen de toelichting van de organisatie van de transitie in maart afwachten en dan kunnen we alsnog kiezen om de motie in te dienen. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Dank u wel. We gaan verder met agendapunt tien, de sluiting van deze vergadering. Ik dank alle aanwezigen voor hun inbreng, de aanwezigen in de zaal en de kijkers thuis. Ik wens u een fijne avond en morgen gezond weer op. Ik sluit de vergadering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1754/documents/20913