CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

2611845 VRMWB Jaarstukken 2025.pdf

Besluitvormende Vergadering 25 juni 2026, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 06.: Begrotingen verbonden partijen 2027.31.188 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Jaarstukken 2025

Inhoudsopgave Leeswijzer ................................................................................................................................... 4 1. Algemeen................................................................................................................................ 5 1.1

Korte terugblik .............................................................................................................. 5

1.3

Beleidsresultaten........................................................................................................... 8

1.4

Resultaat ....................................................................................................................... 9

1.5

Reservepositie ............................................................................................................. 11

1.6

Bestuur ....................................................................................................................... 12

2. Programma Veiligheid .......................................................................................................... 13

3.

2.1

Algemeen .................................................................................................................... 13

2.2

Stimuleren van een redzame samenleving .................................................................... 13

2.3

Bijdragen aan een veilige leefomgeving ........................................................................ 17

2.4

Hulpvaardige en slagvaardige inzet .............................................................................. 21

2.5

Wendbare en duurzame organisatie............................................................................. 26

2.6

Inzet langdurige crisis: opvang ontheemden ................................................................. 30

2.7

Extra BDuR CB/IP: versterking crisisbeheersing en informatiepositie ............................. 32

Paragrafen ......................................................................................................................... 33 3.1

Bedrijfsvoering ............................................................................................................ 33

3.2

Openbaarheid (Wet open overheid) ............................................................................. 43

3.3

Financiering ................................................................................................................. 44

3.4

Onderhoud kapitaalgoederen ...................................................................................... 46

3.5

Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................... 48

3.6

Verbonden partijen ..................................................................................................... 54

4. Jaarrekening ......................................................................................................................... 56 4.1

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ...................................................... 56

4.2

Balans ......................................................................................................................... 60

4.3

Toelichting op de balans .............................................................................................. 61

4.4

Investeringen .............................................................................................................. 70

4.5

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen .................................................. 72

4.6

Baten en lasten............................................................................................................ 72

4.7

Verschillen analyse baten en lasten.............................................................................. 74

4.8

Overzicht van de aanwending van het bedrag onvoorzien............................................. 77

Jaarstukken 2025

2

5.

4.9

Incidentele baten en lasten en structurele toevoegingen en onttrekkingen ................... 77

4.10

Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector .......... 79

4.11

Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen (SiSa) ............................................. 81

4.12

Rechtmatigheidsverantwoording Dagelijks Bestuur ...................................................... 82

4.13

Financieel overzicht op taakvelden .............................................................................. 84

Overige gegevens .............................................................................................................. 85 5.1

Gebeurtenissen na balansdatum .................................................................................. 85

5.2

Controleverklaring ....................................................................................................... 85

Bijlagen ..................................................................................................................................... 86 Bijlage 1

Intekentaken........................................................................................................ 86

Bijlage 2

Gemeentelijke bijdrage en Rijksbijdrage BDuR ...................................................... 87

Bijlage 3

Samenvatting totale bijdragen gemeenten en Rijk ................................................ 88

Bijlage 4

Rapportage van incidenten ................................................................................... 89

Bijlage 5

Lijst van gebruikte afkortingen ............................................................................. 95

Jaarstukken 2025

3

Leeswijzer Met deze jaarstukken geven we ons bestuur, partners en inwoners inzicht in hoe we onze middelen hebben ingezet en welke resultaten we in 2025 hebben behaald. De jaarstukken 2025 bestaan uit het jaarverslag, de jaarrekening en overige gegevens. Het jaarverslag is opgenomen in hoofdstuk 2 en 3 en de jaarrekening in hoofdstuk 4.

Hoofdstuk 1 Algemeen Dit hoofdstuk geeft een korte terugblik, een samenvatting op beleidsresultaten, een analyse van het behaalde resultaat op hoofdlijnen, een overzicht van de reservepositie en een beschrijving van het bestuur.

Hoofdstuk 2 Programma Veiligheid Hoofdstuk 2 geeft inzicht in de realisatie van de doelstellingen en de inzet van de financiële middelen over onze drie pijlers en onze wendbare en duurzame organisatie.

Hoofdstuk 3 Paragrafen In dit hoofdstuk zijn de paragrafen opgenomen conform het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Dit betreft een verantwoording over de beheersmatige aspecten.

Hoofdstuk 4 Financiële rapportages Hoofdstuk 4 bestaat onder andere uit de balans, de toelichting erop en een overzicht van baten en lasten.

Hoofdstuk 5 Overige gegevens In dit hoofdstuk staan de overige gegevens van de jaarstukken; gebeurtenissen na balansdatum en de controle verklaring van de accountant.

Hoofdstuk 6 Bijlagen In de bijlagen is de lijst met gebruikte afkortingen en een overzicht van de intekentaken en kazernes opgenomen.

Jaarstukken 2025

4

1. Algemeen Als Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant (VRMWB) staan we voor veiligheid en zijn voor elk incident of crisis paraat. Of het nu gaat om het bestrijden van branden, wateroverlast of grootschalige rampen, of het herkennen en voorkomen van mogelijke dreigingen: met daadkracht werken we samen aan de veiligheid van Midden- en West-Brabant. Vakbekwaam en verbonden, en altijd gericht op de uitdagingen van vandaag en morgen. Met inwoners, gemeenten, hulpdiensten en andere partners zetten we alles op alles om onze regio veilig en weerbaar te maken. Wij zijn hulpverleners, verbinders en aanpakkers. Bekijk Ons verhaal - Samen staan we voor veiligheid.

1.1

Korte terugblik

Incidenten Het jaar 2025 was zeer droog en één van de warmste jaren ooit gemeten. Het neerslagtekort was groot en bedroeg in het zuiden eind augustus circa 300 mm. Ook december was nog zeer zacht en droog, dit had grote impact op de Brabantse natuur en watersystemen. De klimaatomstandigheden maken Nederland gevoeliger voor natuurbranden. Dit risico zien we terug in het aantal meldingen natuurbrand. In heel 2024 zijn er in onze regio vijf natuurbrandmeldingen geregistreerd. Dit jaar waren er 73 incidenten met natuurbranden. Dat aantal is sinds 2012 nog nooit zo hoog geweest. In 2025 kende de brandweer het aantal van 7.742 incidenten. Dit ligt 2% boven het gemiddelde van circa 7.600 van de afgelopen acht jaar. Van dit aantal leverden we 311 keer bijstand buiten de regio. We schaalden in 2025 10 keer multidisciplinair op tot GRIP-incident: 9 GRIP-1 incidenten en 1 GRIP-2 incident. Op vrijdagochtend 7 februari was er gedurende 2 uur een grote stroomstoring in Breda/Prinsenbeek waarbij circa 29.000 aansluitingen getroffen werden. Op een industrieterrein in Bergen op Zoom werd op 3 maart een flinke hoeveelheid flitspoeder en ander materiaal aangetroffen voor het maken van explosieven. Uit voorzorg is een gebied van 50 tot 100 meter rondom de loods afgezet. Aan de Burgstsedreef in Breda brak in de nacht van 1 juni een brand uit in een monumentaal landhuis.

De uitslaande brand woedde in een bosrijk gebied en redelijk dicht bij een woonwijk. Er werden 18 mensen uit het pand opgevangen. Op 15 november woedde een grote brand in een woonzorgcentrum in Tilburg. Ongeveer tweehonderd bewoners werden geëvacueerd en opgevangen in een naastgelegen hotel, met aandacht voor hun zorg en het contact met familie en vrienden. De GRIP 2 betrof de grote brand bij Ecco in Dongen op 4 mei, waarbij de rookoverlast en verspreiding van glasdeeltjes van de zonnepanelen over een uitgestrekt gebied de grootste uitdagingen gaven.

Evenementen De reguliere grote evenementen, zoals Decibel Outdoor Festival, het carnaval, het Bloemencorso in Zundert en 538 in Breda hebben zonder grote incidenten plaatsgevonden. Voorafgaand aan evenementen wordt door de sector Risico- en Crisisbeheersing en de GHOR veel meegedacht met en geadviseerd aan gemeenten, organisatoren en aanvragers van vergunningen. We begeleiden evenementenorganisatoren goed met het doen van een juiste vergunningaanvraag en verzorgen hierover trainingen.

Jaarstukken 2025

5

Jaarwisseling ’25/’26 De jaarwisseling ‘25/’26 verliep uitzonderlijk heftig, met extreem veel vuurwerk, agressie en geweld tegen hulpverleners. De brandweer rukte maar liefst 440 keer uit vooral voor container-, auto- en scooterbranden, met Breda als zwaartepunt. Ook ziekenhuizen zagen veel vuurwerkslachtoffers en patiënten door alcohol- en drugsgebruik. In meerdere steden moesten politie en ME ingrijpen, en in Breda werd zelfs een waterwerper ingezet. Dankzij goede voorbereiding en samenwerking tussen hulpdiensten bleef verdere escalatie uit, ondanks een ongekende landelijke meldingenpiek van 1.200 per kwartier rond middernacht. Er zijn 2 aangiften gedaan vanuit ons als werkgever van agressie en geweld tegen brandweercollega’s.

Focus Internationale dreiging, klimaatveiligheid met als mogelijke effecten verstoring van (digitale) infrastructuur en maatschappelijke onrust waren dit jaar de belangrijkste ontwikkelingen die extra aandacht vereisten. Voor 2025 hebben we ons aangesloten bij de landelijke focus op de effecten van 72 uur stroomuitval, waar ook de in het najaar gestarte campagne Denk vooruit zich op richt. Het onderzoek naar noodsteunpunten, de impactanalyse militaire dreiging en de opgave om de bedrijfscontinuïteit van onze kritieke brandweer-, crisisbeheersings- en crisiscommunicatieprocessen te waarborgen — inclusief het treffen van passende maatregelen — hebben aanzienlijk meer capaciteit gevraagd dan vooraf begroot. Ook werden we geconfronteerd met financiële uitdagingen, mede doordat gemeenten verwachtten minder geld te ontvangen vanuit het Rijk. Ook kregen de veiligheidsregio’s te maken met een korting op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR), die uiteindelijk grotendeels door het rijk is gecompenseerd. Op basis van deze ontwikkelingen hebben we vijf focuspunten geformuleerd, die in 2025 prioriteit kregen: 1.

Toekomstbestendige brandweerzorg: een ‘Masterplan brandweer’ voor het borgen van beschikbaarheid en paraatheid en de rol van de brandweer vanwege internationale, landelijke en regionale ontwikkelingen, interne thema's zoals paraatheid en duurzame inzetbaarheid en mogelijk nieuwe taken die vragen om een meer flexibele, wendbare en duurzame organisatie. 2. Versterken van crisisbeheersing: uitvoering van de Landelijke Agenda Crisisbeheersing, voorbereiden op (digitale) verstoring infrastructuur en effecten van klimaatveiligheid, en bovenregionale kennisdeling en samenwerking. 3. Veerkracht en weerbaarheid van de samenleving: ontwikkelen/onderzoeken van een aanpak voor weerbaar gedrag en redzaamheid, burgerhulpverlening voor civiel militaire samenwerking, een impact analyse militaire dreiging en een verkenning van lokale noodsteunpunten. 4. Bedrijfscontinuïteit van onze veiligheidsregio: maatregelen voor continuïteit van onze kritieke processen bij een verstoring. 5. Financiële uitdagingen: de gevolgen van de financiële uitdagingen het hoofd bieden door twee onderzoeken uit te voeren, namelijk het ontwikkelen van een masterplan brandweer en een onderzoek naar onze risicobeheersingstaken. De laatste twee opgaven stonden nog niet in onze begroting 2025.

De andere drie zijn op onderdelen bijgesteld als antwoord op de actuele ontwikkelingen (internationale dreiging en klimaatveiligheid).

Bestuurlijke thema’s Het Algemeen Bestuur heeft in 2025 thematisch extra aandacht besteed aan maatschappelijke weerbaarheid en de continuïteit van onze brandweerzorg- en crisisbeheersingsprocessen. Ook het grote dossier ‘Toekomstbestendige brandweerzorg’ in relatie tot de financiële uitdagingen is meerdere keren bestuurlijk geagendeerd. Dit leidde tot een bestuurlijk akkoord in december om een transformatieproces van tien jaar te starten voor onze brandweerzorg.

Jaarstukken 2025

6

De GHOR bestond landelijk 25 jaar. Hierbij werd uitgebreid stilgestaan met landelijke e-magazines, video's en een landelijk congres. Dit vond plaats in Den Bosch waar de GHOR Brabant Midden West Noord een actieve bijdrage aan leverde. De zichtbaarheid en bekendheid van de GHOR is hierdoor verder versterkt.

Duurzame inzetbaarheid - SEmFire onderzoek Landelijk wordt het SEmFire onderzoek uitgevoerd wat tot doel heeft de belemmerende en bevorderende factoren van duurzame inzetbaarheid van brandweermedewerkers te onderzoeken. Het onderzoeksteam doet dit door gedetailleerd de werkbelasting in kaart te brengen en de gevolgen daarvan in tijd te onderzoeken. Tussentijdse resultaten tonen aan dat naast de algemene fysieke, mentale en emotionele werkbelasting, ook de taak-specifieke werkbelastingen (bijvoorbeeld werken met ademlucht, hanteren zwaar gereedschap) daadwerkelijk een verband hebben met de inzetbaarheid van de medewerkers met een repressieve functie. Kortom de specifieke belasting is verbonden met een verminderde inzetbaarheid van de medewerkers in een repressieve functie. Er wordt nu nog gewerkt aan de laatste stappen van het SEmFire onderzoek zodat in mei 2026 de eindrapportage opgeleverd kan worden.

Nieuwe CAO Op 21 januari 2026 bereikten de overlegpartners een voorlopig onderhandelingsresultaat met een looptijd van 2 jaar (1 augustus 2025 tot 1 augustus 2027) met de volgende loonmutaties: 1. 4,1% per 1 augustus 2025 (verwerkt in deze jaarstukken) 2. 3,1% per 1 augustus 2026 3. 0,1% per 1 januari 2027 Deze percentages gelden ook voor de jaar- en uurvergoedingen van de brandweervrijwilligers en instructeursvergoedingen. Daarnaast zijn afspraken gemaakt over onder andere reiskosten en het individuele keuzebudget (IKB). Dit resultaat creëert rust en duidelijkheid. Het Landelijk Overleg Arbeidsvoorwaarden (LOAV) heeft op 2 februari 2026 het onderhandelingsresultaat ondertekend.

Voorzitter Brandweer Nederland Jolanda Trijselaar, Algemeen Directeur en regionaal commandant VRMWB, is eind 2025 de nieuwe voorzitter van Brandweer Nederland geworden. Ze is enthousiast over haar voorzitterschap: “De brandweer is een fantastisch mooie organisatie. We zijn betrouwbaar en staan midden in de samenleving. Dat rode brandweerhart, dat klopt bij mij nog net zo hard als 30 jaar geleden. Er zijn 25 regio’s, maar ook één brandweer in Nederland. Voor mij is het tijd om door te pakken op de ingeslagen weg, omdat ik geloof dat we samen het verschil kunnen maken.”

Grootschalig en Specialistisch Brandweer Optreden (GBO-SO) De inspectie heeft op 25 november 2025 een rapport gepubliceerd. Dit gaat over hoe de veiligheidsregio’s presteren bij het opschalen van mensen en middelen bij grote landelijke incidenten. Volgens de visie van het GBO-SO moeten veiligheidsregio’s goed samenwerken om landelijke slagkracht te garanderen. De Inspectie zegt dat het landelijke kader voor bovenregionale samenwerking slechts gedeeltelijk en versnipperd ingevoerd is. Daardoor kan bij gelijktijdige of langdurige grote incidenten de basisbrandweerzorg onder druk komen te staan, met risico’s voor burgers en hulpverleners. Onze regio voldoet samen met nog 5 andere veiligheidsregio’s wél aan de eisen voor interregionale slagkracht en beschikt over het vereiste aantal pelotons. De Inspectie heeft in haar rapport bevestigd dat we voldoen aan de collectieve afspraak dat de regio’s

Jaarstukken 2025

7

minimaal moeten beschikken over één peloton Basisbrandweerzorg, één peloton Grootschalige Watervoorziening en één peloton Redding en Technische hulpverlening.

Veiligheidsberaad (VB) en Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio’s (RCDV) De grootste thema’s waar de RCDV zich mee bezighoudt worden de “Grote werken” genoemd. Deze thema’s gaan onder meer over crisisbeheersing, informatievoorziening, onderwijs en de organisatie van toekomstig bestendige brandweerzorg en werkgeverschap. Deze ‘Grote Werken’ vragen om landelijke oplossingen, aanpassing van wet- en regelgeving en gaan over ons stelsel en de grondbeginselen waarop onze organisatie gebouwd is. Landelijk zijn hiervoor programmadirecteuren aangesteld. We laten als regio’s zien op deze dossiers echt samen te willen werken. Het Veiligheidsberaad en de RCDV hebben in 2025 de nieuwe Vakraad Informatievoorziening (IV) ingesteld. De Vakraad IV heeft in 2025 het Masterprogramma 2025-2030 “Samen meer slagkracht” opgesteld. We hebben dit programma omarmd, nemen deel in de landelijke netwerken en vertalen het programma naar de Strategische IV Agenda 2025 – 2030 voor de eigen organisatie. We gaan hier vanaf 2026 mee aan de slag.

1.3

Beleidsresultaten

De resultaten uit de beleidsbegroting 2025 zijn grotendeels behaald of volgens planning verlopen. Enkele resultaten zijn niet of slechts gedeeltelijk behaald, of het tempo ervan is aangepast. De hoofdreden hiervoor is dat we ons sterker hebben gericht op de focuspunten ‘Weerbaarheid’ en ‘Bedrijfscontinuïteit’. De voorbereidingen, planning, deels testen en implementatie van maatregelen op (hybride) dreigingen en langdurige verstoring van de maatschappij vergden veel inspanning. Deze thema’s lopen door met activiteiten in 2026. De tabel hieronder geeft een overzicht van de resultaten in 2025. Met een kleur (groen, oranje en rood) geven we aan wat de status van deze resultaten is. Verloopt (vrijwel helemaal) volgens plan Wijkt gedeeltelijk af van het plan Plan wordt niet behaald

Stimuleren redzame samenleving Veerkracht en weerbaarheid van de samenleving Burgerhulpverlening (Brand)veilig leven

Jaarstukken 2025

Bijdragen aan een veilige leefomgeving Impact op een veilige leefomgeving Producten en diensten Risicobeheersing Ketensamenwerking Aandacht voor kwetsbaarheden in de fysieke omgeving (GGO) Bovenregionale kennisdeling en samenwerking

8

Leveren van hulpvaardige en slagvaardige inzet

Wendbare en duurzame organisatie

Beschikbaarheid en paraatheid

Onze mensen

Toekomstbestendige brandweerzorg

Fysieke en mentale gezondheid

Informatiegestuurd werken vanuit de meldkamer

Duurzaamheid

Versterking crisisbeheersing

Bedrijfscontinuïteit van onze veiligheidsregio Financiële uitdagingen

De stand van zaken van bovenstaande resultaten is uitgebreider toegelicht in hoofdstuk 2 van de jaarstukken.

1.4

Resultaat

We sluiten het boekjaar 2025 met een negatief resultaat voor bestemming van € 1.045k, dit is 1% van de begroting. Bij de slotwijziging in het Algemeen Bestuur van 4 december 2025 is een onjuistheid geslopen. De kolommen van baten en lasten waren omgekeerd in de tabel. In het verslag van de AB vergadering 4 december is dit ook toegelicht. De begroting die in de slotwijziging gepresenteerd is van € 103.711.831 komt met de juiste invulling van de baten en lastenkolom op € 102.980.229. Met inachtneming van deze omissie is in deze gehele jaarrekening gerekend met de juiste cijfers van € 102.980.229. Het gerealiseerde resultaat 2025 ziet er op programmaniveau als volgt uit:

Met een totstandkoming van de volgende financiële verschillen op hoofdkostencategorie:

Jaarstukken 2025

9

Het gerealiseerde resultaat wordt op hoofdlijnen als volgt verklaard: Nr.

Toelichting

1

De kosten voor advies en uitbesteding zijn lager dan begroot. Dit wordt veroorzaakt door de inzet van eigen personeel, het doorschuiven van werkzaamheden naar 2026 en lagere uitgaven aan piketkosten. Daarnaast zijn twee informatieveiligheidsprojecten doorgeschoven naar 2026, namelijk het uitvoeren van Red Teaming (testen van ons beveiligingsniveau) en het implementeren van Information Security Management System (ISMS). Overigens heeft het doorschuiven van deze projecten geen invloed op het totaalresultaat, omdat ze verrekend worden met de SaaS-reserve (zie nr. 6).

2

De hogere kosten op facilitair zijn te verklaren door niet voorziene vervanging van membranen en vulslangen ten behoeve van ademluchtmaskers en hogere energielasten. Op meerdere (nieuwbouw)kazernes is overgestapt op duurzame installaties die van het gas af gaan en volledig elektrisch verwarmen. Aangezien deze installaties continu moeten draaien, leidt dit tot een hogere elektriciteitsbehoefte. Voorheen gebruikten we de gasgestookte Cvinstallaties alleen bij aanwezigheid op de kazerne. Door een toename van werkzaamheden op onbemande posten worden deze locaties bovendien vaker en langer gebruikt. Hierdoor neemt het gebruik van verlichting, klimaatinstallaties en overige voorzieningen toe, wat doorwerkt in het energieverbruik.

3

De financiële realisatie van de Gemeentelijke- en Rijksbedragen is nagenoeg conform de begroting. Eerder dit jaar is via een begrotingswijziging de te veel ontvangen gemeentelijke bijdrage 2025, die het gevolg was van een indexatiefout in onze begroting, gecorrigeerd.

4

Bij de investeringen en kapitaallasten is een voordeel ontstaan vanwege lagere kapitaallasten omdat investeringen zijn doorgeschoven. Een toelichting op deze investeringen is opgenomen in paragraaf 4.4.

5

Op de lonen en salarissen hebben we een voordeel. De gevolgen van de CAO-verhoging van 4,1% per 1 augustus 2025 zijn daarin meegenomen. Met deze CAO-verhoging hadden we bij de slotwijziging al rekening gehouden en met een begrotingswijziging verwerkt. Daarnaast ontstaat een voordeel doordat vacatures later zijn ingevuld en door medewerkers die spaarverlof kopen vanuit het IKB (individueel keuze budget) in plaats van dit te laten uitbetalen.

Jaarstukken 2025

10

6

Er is veel gebruik gemaakt van de spaarverlofregeling wat heeft geleid tot een extra storting in de voorziening van € 528k. Veel collega’s besluiten pas aan het einde van het jaar om hun verlofoverschot of IKB aan het spaarverlof toe te voegen, waardoor deze post lastig te voorspellen en te beïnvloeden is. Daarnaast hebben we in de tweede helft van 2025 te maken gehad met een hoog ziekteverzuim binnen de 24-uursdienst, wat heeft geleid tot meer overuren dan gebruikelijk. Deze overuren zijn door de collega’s in de 24-uursdienst grotendeels toegevoegd aan het spaarverlof. Verder is minder uit de SaaS-reserve onttrokken omdat projecten nog doorlopen in 2026. Ook is een storting gedaan in de reserve BDUR Crisisbeheersing als gevolg van onderbesteding van gelabelde versterkingsgelden Crisisbeheersing en informatiepositie.

7

Het ontstane voordeel is het resultaat van meerdere afwijkingen. Zo zijn organisatie breed niet alle scholingsbudgetten volledig benut en zijn de oefenkosten lager uitgevallen dan gepland.

8

Onder hoofdkostencategorie "Overig" zijn veel verschillende budgetten ondergebracht. De overschrijding op deze categorie wordt mede veroorzaakt door een nadeel op de kledingbudgetten. Verder zijn er diverse andere beperkte onder- en overschrijdingen.

9

De kosten voor het onderhoud van zowel de kleine als de grote voertuigen, inclusief bepakking, vallen € 209k hoger uit dan begroot. Vooral de reparatie- en onderhoudswerkzaamheden waren duurder dan begroot. In kader van onze bedrijfscontinuïteit bij langdurige stroomuitval zijn noodaggregaten aangeschaft voor al onze brandweerposten. Hiervoor is extra brandstof ingekocht voor 72 uur.

10

Het tekort op de vrijwilligersvergoedingen wordt grotendeels veroorzaakt door de nieuwe CAO die ook voor onze vrijwilligers van toepassing is en hoger uitpakt dan verwacht. Daarnaast hadden we dit jaar meer incidenten (7.742) dan het gemiddelde van circa 7.600 van afgelopen acht jaar, wat leidt tot meer vergoedingen. Dit jaar is ook ons vrijwilligersbestand, met 1.352 vrijwilligers, hoger dan de vastgestelde formatie van 1.334. Op lokaal niveau zijn er verschillen tussen posten in (onder)bezetting. Daarnaast is er met deze overbezetting al geanticipeerd op de uitstroom van een aantal vrijwilligers per 1 januari 2026.

11

De hogere kosten hebben betrekking op de GHOR. Dit betreft inhuurkosten door langdurige uitval en de aangepaste piketregeling.

Een nadere toelichting op het resultaat vindt u in paragraaf 4.7 verschillenanalyse.

1.5

Reservepositie

De omvang van de reserves vertoont over het boekjaar 2025 onderstaand verloop. De toelichting van de individuele reserves is opgenomen in paragraaf 4.3 Toelichting op de balans. Bedragen x 1000 Algemene reserve Bestemmingsreserves Nog te bestemmen exploitatieresultaat Totaal

Jaarstukken 2025

Stand per 31-12-2024 Stand per 31-12-2025 € 1.770.255 € 1.919.778 € € 4.750.488 € 5.544.655 € € 175.909 € -1.045.114 € € 6.696.652 € 6.419.318 €

Verschil 149.522 794.166 -1.221.023 -277.334

11

1.6

Bestuur

Ons bestuur is verantwoordelijk voor een efficiënte en kwalitatief hoogwaardige organisatie van de brandweerzorg, de geneeskundige hulpverlening, de gemeenschappelijke meldkamer en de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Sinds 2023 is de verantwoordelijkheid van het Dagelijks Bestuur voor de rechtmatigheid extra benadrukt doordat het Dagelijks Bestuur een verantwoording over rechtmatigheid afgeeft in plaats van de accountant. Deze verantwoording geeft het Dagelijks Bestuur af bij deze jaarrekening. Het Algemeen Bestuur (AB) bestaat uit de burgemeesters van de 24 deelnemende gemeenten. Het Dagelijks Bestuur (DB) is samengesteld uit een voorzitter, een plaatsvervangend voorzitter en vijf portefeuillehouders. De heer Weterings nam eind augustus afscheid als burgemeester van Tilburg. De heer Depla nam vanaf dat moment deze rol als plaatsvervangend voorzitter waar.

Dagelijks Bestuur per 31-12-2025 Burgemeester

Functie

Portefeuille

O. Hoes (Wnd.)

Lid

Crisisbeheersing, Crisiscommunicatie, Grensoverschrijdende samenwerking, Bestuurlijke adviescommissie (BAC) Crisisbeheersing

P.F.G. Depla

Wnd. Voorzitter

Brandweerzorg, Bestuurlijke adviescommissie (BAC) Brandweer, Voorzitter Werkgeversvereniging samenwerkende Veiligheidsregio’s, Veiligheidsberaad

J.F.M. Janssen

Lid

Personeel en Financiën, Interregionale samenwerking

A. Moerkerke

Lid

Waarborging verbinding Veiligheidsregio – Omgevingsdienst, lid Bestuurlijk Platform Omgevingsrecht

M. Mulder

Lid

Veiligheid en Zorg, Bestuurlijke adviescommissie GHOR, Stuurgroep Risk Factory

Vacature (waargenomen door Mw. M. Mulder)

Lid

Meldkamer en informatiemanagement, Bestuurlijke adviescommissie (BAC) Informatievoorziening en ICT/Meldkamer

M. Buijs

Lid

Bevolkingszorg, Bestuurlijke adviescommissie (BAC) Bevolkingszorg

Jaarstukken 2025

12

2. Programma Veiligheid 2.1

Algemeen

Na vaststelling van het meerjarenbeleidsplan 2023-20291 met onze voornemens voor de komende jaren, zijn op basis daarvan strategische ontwikkellijnen uitgezet voor 2025. Dit omvat voor 2025 resultaten, verdeeld over onze drie inhoudelijke beleidspijlers en 'wendbare en duurzame organisatie' als ons fundament. De resultaten vormen daarmee coherente stappen op weg naar het bereiken van onze doelstellingen in 2029. In dit hoofdstuk beschrijven we de stand van zaken aan de hand van onderstaande vragen: • •

Wat hebben we dit jaar bereikt? o wat was ons plan? o waar staan we nu? Wat zijn de kosten?

Met een kleur (groen, oranje en rood) geven we aan wat de status van de doelstelling is: Verloopt (vrijwel helemaal) volgens plan Wijkt gedeeltelijk af van het plan Plan wordt niet behaald De status van een plan beoordelen we aan de hand van meerdere aspecten: inhoud, tijd (planning), kwaliteit, kwantiteit en financiën.

2.2

Stimuleren van een redzame samenleving

Een samenleving wordt gevormd door de mensen die er wonen, werken, recreëren, ondernemen en studeren; iedereen draagt daar op de één of andere manier een steentje aan bij. De manier waarop verschilt per persoon en per moment. Om ons als samenleving op de nieuwe dreigingen voor te bereiden is inzet van de hele samenleving nodig. Het is onze taak om inwoners bewust te maken van veiligheidsrisico's en handelingsperspectief te bieden voorafgaand aan, tijdens en na afloop van incidenten en crises. Om met onze interventies effectief te zijn bij de verschillende doelgroepen moeten we begrijpen wat er speelt in de samenleving. Daarom zitten we al in een vroeg stadium met stakeholders uit ons netwerk om tafel. We bundelen kennis en kunde en werken preventief aan het vergroten van de samenredzaamheid van inwoners. Nederland heeft te maken met een toenemend aantal risico’s op het vlak van klimaat, energie, digitalisering en geopolitiek. Deze hebben de potentie om de samenleving te ontwrichten. We nemen daarom samen met partners extra maatregelen om deze dreigingen het hoofd te bieden en onze inwoners weerbaar te maken tegen crisissituaties of mogelijk zelfs oorlog.

1 Op 6 februari 2025 heeft het Algemeen Bestuur besloten de looptijd van het Beleidsplan te verlengen tot en met 2029. Dit n.a.v. diverse

verzoeken vanuit gemeenteraden om onze beleidsvoornemens te temporiseren in relatie tot de financiële opgaven van gemeenten.

Jaarstukken 2025

13

Wat hebben we dit jaar bereikt? Veerkracht en weerbaarheid van de samenleving Wat was het plan? We onderzoeken een basisaanpak die veilig gedrag en redzaamheid op de thema’s natuurbrandbeheersing en extreem weer (focus wateroverlast) bevordert. Risicocommunicatie draagt bij aan handelingsperspectieven voor inwoners. Deze ambitie draagt ook bij aan het onderdeel ‘Versterken van de weerbare samenleving’ van de Landelijke Agenda Crisisbeheersing. In 2025 is deze basisaanpak geïmplementeerd en gebruiken we die om het thema ‘Maatschappelijke onrust’ op te pakken. In samenwerking met (nieuwe) partners binnen en buiten de veiligheidsregio experimenteren we met methoden om het effect van de aanpak te meten. Wat is er bereikt? • Het onderzoek naar weerbaarheidsgedrag is afgerond en de resultaten zijn gedeeld binnen VRMWB en met onze gemeenten. De resultaten zijn geïmplementeerd in een regionale campagne voor risicocommunicatie en andere (gemeentelijke) interventies om weerbaarheid bij inwoners te stimuleren. We hebben gemeenten actief ondersteund met middelen om hun lokale communicatiecampagne vorm te geven. De regionale en landelijke Denk Vooruit campagne is uitgerold. Een nieuw onderzoek naar weerbaarheidsgedrag in 2026 is voorbereid. We gaan onderzoeken of het gedrag van inwoners ten opzichte van het eerste onderzoek verbeterd is.

• We hebben de campagne ‘Voorkomen van vuur is jouw natuur’ uitgevoerd. We verspreidden doelgroepgerichte communicatiemiddelen via onze sociale mediakanalen en we boden gemeenten diverse middelen aan zoals informatieborden, presentaties, bewonersbrieven, posters, flyers, artikelen en video’s die ze zelf ingezet hebben. In de regionale kranten, radio en TV is uitgebreid aandacht voor natuurbrand geweest en we hebben een goed bezochte interactieve natuurbrand wandeling georganiseerd. • We hebben intensief gewerkt aan vier grote campagnes: Denk Vooruit, Natuurbrand, Veilig Laden en Veilige Warme Winter. We zetten daarbij zowel online als offlinemiddelen in en voerden gedragsonderzoek uit voor Denk Vooruit en Veilige Warme Winter. De focus ligt steeds meer op kwaliteit in plaats van kwantiteit: evalueren, verdiepen, doorontwikkelen en samenwerken met gemeenten en andere regio’s. Hierdoor nam het bereik van alle vier de campagnes verder toe. Daarnaast houden we campagnemateriaal voor storm en spoorveiligheid paraat voor momenten waarop dit relevant is. • VRMWB was trekker van een landelijk project waarin veiligheidsregio’s, gemeenten, Rode Kruis, NIPV, VNG en Politie in opdracht van het Veiligheidsberaad en de VNG de landelijke uitgangspunten, maatstaf, basisbehoeften en structuur & functionaliteiten van noodsteunpunten hebben uitgewerkt.

Uit dit project is eind 2025 een opzet voor pilots in alle regio’s voortgekomen. In de gemeenten Woensdrecht, Roosendaal, Oosterhout en Tilburg is eind 2025 een pilot gestart naar hoe noodsteunpunten in onze regio ingericht moeten worden. Dit zijn plekken in gemeenten waar inwoners naar toe kunnen als ze informatie of hulp nodig hebben wanneer de reguliere kanalen niet meer bereikbaar zijn. • We hebben een impactanalyse militaire dreiging uitgevoerd. Deze analyse heeft ons inzicht gegeven in onze risico’s en kwetsbaarheden in relatie tot de nieuwe hybride dreigingen in de wereld. Dit inzicht verwerken we onder andere in plannen en maatregelen om onze bedrijfscontinuïteit te verbeteren. • Ter ondersteuning van gemeenten bij hun weerbaarheidsopgave hebben we begin 2025 een regionaal gemeentelijk Projectteam Weerbaarheid opgericht. Dit in navolging van eerdere crises (Corona, Opvang vluchtelingen) waarin dit heel goed gewerkt heeft. Het doel van het team is

Jaarstukken 2025

14

•

tweeledig: a) informatieschakel zijn tussen Rijk en gemeenten en b) ophalen en uitwisselen van best practices om van elkaar te leren. De GHOR organiseerde 4 november een webinar over weerbaarheid, gericht op de zorgorganisaties.

Burgerhulpverlening Wat was het plan? We hebben inzichtelijk gemaakt hoe burgerhulpverlening van meerwaarde is voor de veiligheidsregio en hebben hiervoor beleidsuitgangspunten bepaald. Wat is er bereikt? •

Na drie doorleefsessies/scenario oefeningen – intern, met piketfunctionarissen en met partners/vrijwilligersorganisaties - hebben we de uitgangspunten voor burgerhulpverlening bepaald en is er een aanpak voor spontane burgerhulpverlening opgesteld. o

•

We maken onderscheid in twee typen burgerhulpverlening: Spontane burgerhulpverlening en Burgerhulpverlening op verzoek.

De uitgangspunten die we voor burgerhulpverlening bepaald hebben zijn:

Samenredzaamheid als basis Vertrouwen in burgerinitiatief Faciliteren, niet aansturen Aansluiting van burgerhulpverlening op de crisisstructuur is een gedeelde verantwoordelijkheid o Heldere kaders en communicatie o Veiligheid en professionaliteit Onze focus verschuift met ingang van 2026 naar de inzet van burgerhulpverlening op verzoek van hulpdiensten in het kader van een weerbare samenleving. o o o o

(Brand)veilig leven Wat was het plan? We hebben een bredere visie geformuleerd op (brand)veilig leven. Een bredere inzet van de Risk Factory maakt daar onderdeel van uit. Denk aan aandacht voor (on)leefbaarheid en welbevinden in de woonomgeving van inwoners. Wat is er bereikt? In 2025 hebben we de landelijke lijn in een regionale visie uitgewerkt. Daarin hebben we bepaald dat we ons de komende jaren primair richten op de (on)leefbaarheid en welbevinden van inwoners in de woonomgeving. We investeren daarvoor in netwerken, voorlichting en campagnes. We werken risicogericht, met interventies die zijn onderbouwd door onderzoek en data en gericht zijn op specifieke risico’s en risicogroepen in de woonomgeving. Dit doen we uiteraard in nauwe

Jaarstukken 2025

15

samenwerking met interne en externe partners, zoals woningcorporaties en Verenigingen van Eigenaren. De scope van de Risk Factory overstijgt het thema brand en is al gericht op een veelheid aan thema's onder de paraplu van ‘Gezond en veilig’. De Risk Factory is een belangrijk instrument dat past binnen het toekomstperspectief en de beweging die we willen maken van ‘Brandveilig leven’ naar ‘Veilig leven’. In september 2025 is de Risk Factory geopend voor de doelgroep senioren met onder andere een nieuw scenario ‘Valpreventie’. Ook het scenario ‘Brand’ heeft een update gekregen.

Overige resultaten In een samenwerking met het Waterschap Brabantse Delta en Interpolis zetten we gezamenlijk stappen in het proberen te beperken van de impact van klimaatscenario’s. Doelstelling: Hoe kunnen we de impact beperken én het herstellend vermogen in de regio vergroten. Zo is er een afspraak gemaakt over het uitwisselen van informatie en de inrichting van een verzekeringsinformatiepunt voor bewoners in geval van een overstroming. Regulier werk & prestaties Naast nieuwe ontwikkelingen zijn er uiteraard ook reguliere werkzaamheden (‘going concern’) die bijdragen aan deze pijler zoals risicocommunicatie en de voorbereidingen voor de brandpreventieweek. Realisatie 2024

Begroting 2025

Realisatie 2025

8

10

41

4.350 bezoekers

6.000 bezoekers

5.863 bezoekers (waarvan 310 senioren

Aantal campagnes op social media voor bewustzijnsverhoging inwoners Aantal deelnemers dat Risk Factory bezoekt

1 Het gaat om de campagnes Denk Vooruit, Natuurbrand, Veilig Laden en Veilige Warme Winter, waarbij de focus ligt op

kwaliteit (samenwerking en bereik).

Wat zijn de kosten? Weergave van de kosten voor het stimuleren van de redzame samenleving: Begroting na wijziging Stimuleren redzaamheid in de samenleving (bedragen x € 1.000) Advies en uitbesteding Facilitaire kosten Gemeentelijke- en Rijksbijdragen Investeringen en kapitaallasten Lonen en salarissen Mutaties reserves en voorzieningen Opleiden en oefenen Overig Vrijwilligers Gerealiseerde Resultaat

Jaarstukken 2025

Lasten € € € € € € € € € €

444 145 53 295 3 11 95 14 1.059

Rekening

Baten € € € € € € € € € €

-256 -245 -501

Lasten € € € € € € € € € €

452 151 53 292 3 88 15 1.055

Verschil (begroting -/- rekening)

Baten € € € € € € € € € €

-255 -28 -17 -229 -529

Lasten € € € € € € € € € €

-8 -7 2 3 8 7 -1 4

Baten € € € € € € € € € €

-1 28 17 -17 27

Totaal € € € € € € € € € €

-8 -7 -1 30 21 8 -10 -1 31

16

2.3

Bijdragen aan een veilige leefomgeving

De inrichting van een veilige leefomgeving creëer je niet alleen, maar samen. Inwoners, ondernemers, zorg- en hulpverleners, iedereen draagt zijn steentje bij. De regierol voor een veilige leefomgeving ligt bij de gemeenten. We adviseren gemeenten, initiatiefnemers en bedrijven bij specifieke projecten, evenementen, objecten en gebieden. We kijken daarbij breder naar de aanwezige risico’s met betrekking tot het object en omgeving én er is aandacht voor nieuwe risico’s. We adviseren tijdig en op een eenduidige manier over het beheersen van risico’s om incidenten, rampen en crises te voorkomen.

Wat hebben we dit jaar bereikt? Impact op de veilige leefomgeving Wat was het plan? We hebben onze kennis en kunde versterkt op het prioritaire risico ‘Effecten van maatschappelijke onrust’ en op het thema ‘Veilige Energietransitie’. We weten op deze onderwerpen welke informatie nodig is om te monitoren, met wie we moeten samenwerken en hoe te handelen. We hebben bepaald wat nodig is om expert te zijn en zo ook te worden gezien. Wat is er bereikt? We voeren het Meerjarenplan Veilige Energietransitie (VEt) uit. Onderdeel daarvan is dat we als verantwoordelijk kennisregisseur voor de laadinfrastructuur voor Brandweer Nederland de Aandachtskaart ‘Brandweeroptreden nabij laadinfrastructuur’ opgeleverd hebben. We blijven werken aan kennis over en maatregelen voor de drie prioritaire VEt-thema’s die door het Veiligheidsberaad bepaald zijn: 1. transport van gevaarlijke stoffen (met name transport ammoniak voor waterstof), 2. grootschalige energieopslagsystemen EOS (onder andere buurtbatterijen), 3. elektrificatie van processen binnenshuis, in combinatie met het gebruik van duurzame bouwmaterialen. We hebben in 2025 het vakbekwaamheidsprogramma ‘Veilig optreden bij elektrische voertuigen’ afgerond en zijn gestart met het lesprogramma ‘Waterstof’ voor operationeel leidinggevenden.

Het Ultra-Hogedruk team (UHD) is getraind in het blussen van branden in batterijpakketten van auto's en energieopslagsystemen. Het team is inmiddels operationeel inzetbaar voor het blussen van dit soort branden en daarvoor al ook ingezet. Het prioritaire risico ‘Effecten van maatschappelijke onrust’ is meegenomen in de resultaten van ‘Veerkracht en weerbaarheid van de samenleving’. Producten en diensten risicobeheersing Wat was het plan? Het onderzoek naar het takenpakket van Risicobeheersing leidt tot risicogerichte- en informatie gestuurde producten en diensten (Dienstenpalet) die in 2025 verder worden uitgewerkt. Ook hebben we nieuwe processen beschreven die hiervoor nodig zijn en hebben we een plan van aanpak gemaakt

Jaarstukken 2025

17

voor (door)ontwikkeling van onze kennis en kunde, zodat die aansluiten op de nieuwe dienstverlening van Risicobeheersing. Wat is er bereikt? • Na de vaststelling van het Dienstenpalet Risicobeheersing in het Algemeen Bestuur van december 2024, zijn we gestart met de implementatie die meerdere jaren duurt. In het Dienstenpalet zijn de focusrisico’s Natuurbrand, Brand bebouwde omgeving, Incidenten met gevaarlijke stoffen, Vervoer gevaarlijke stoffen en Incidenten tijdens evenementen voor een belangrijk deel uitgewerkt in een Praktijkgids. Deze gids wordt in 2026 gefaseerd ingevoerd en waar nodig bijgesteld. • De Accounthouders Veilige Leefomgeving informeren gemeenten en andere partners over het nieuwe dienstenpalet en bespreken hoe de samenwerking hier het beste op kan worden afgestemd. • We zetten mooie inhoudelijke stappen met betrekking tot het dienstenpalet en de daarin genoemde 6 sporen van beïnvloeding. Zo schrijven we minder vaak een brief naar een initiatiefnemer, zoals een bouwer, ondernemer of evenementenorganisator, maar gaan we het gesprek aan. Dit leidt tot goede en soms zelfs betere voorzieningen dan strikt volgens de wet noodzakelijk. Een ander mooi voorbeeld is een themamiddag op de kazerne van Tilburg met alle evenementenorganisatoren die actief zijn in onze regio.

• In december is er een trainingstraject gestart om onze medewerkers van risicobeheersing nieuwe vaardigheden te leren die komen kijken bij de nieuwe werkwijze binnen het dienstenpalet. Ketensamenwerking Wat was het plan? We hebben ketensamenwerking en -regie in de basis uitgebreid op de thema’s ‘Effecten van maatschappelijke onrust’ en de ‘Veilige energietransitie’. Ketenregie zorgt voor meer overzicht en coördinatie van veiligheidsthema's waarmee accountmanagement (de aandacht voor goede relaties met onze partners) versterkt wordt. Wat is er bereikt? • Ketenregie op het thema van de energietransitie is nader uitgewerkt in een meerjarenplan. • De coördinatie van het thema “Veilige energietransitie“ en het daaraan gekoppelde accountmanagement hebben, mede door ziekte van de trekker van dit onderwerp, nog onvoldoende vorm gekregen en zijn doorgeschoven naar 2026. • Voor het thema ‘Maatschappelijke onrust’ is gekozen voor integratie in bestaande regionale programma’s voor weerbaarheid en burgerhulpverlening. Aandacht voor kwetsbaarheden in de fysieke omgeving Wat was het plan? Vanuit risicogerichtheid en gebiedsgerichte opkomsttijden (GGO) werken we samen met gemeenten aan de kwetsbaarheden inclusief aandachtsobjecten, bepalen we samen de prioriteiten en benodigde interventies.

Jaarstukken 2025

18

Wat is er bereikt? • GGO deelt onze regio in drie gebiedscategorieën in. Iedere categorie heeft een eigen referentiewaarde en een bandbreedte voor de opkomsttijd. Afgezet tegen de locaties van de kazernes maakt dit inzichtelijk waar de opkomsttijd hoger is dan de maximale bandbreedte. Die gebieden worden als ‘aandachtsgebieden’ bestempeld. Daarnaast levert GGO inzicht in Categorie-1 bouwwerken waar de opkomsttijd hoger is dan 10 minuten. Dit ongeacht in welke categorie het gebied heeft waar het bouwwerk in ligt. Deze bouwwerken worden ‘aandachtsobjecten’ genoemd. • De Accounthouder Veilige Leefomgeving (AVL) voert gesprekken met gemeenten over deze aandachtsgebieden. Samen wordt besproken wat de impact is. Leidt dit tot het nemen van maatregelen en zo ja welke dan wel? Of is de afwijking acceptabel en hoeven er geen aanvullende maatregelen genomen te worden? Deze gesprekken maken deel uit van de reguliere afstemming tussen gemeenten en AVL. • Waar we betrokken worden bij de herinrichting van een gebied, wordt de impact van GGO meegenomen in de advisering aan gemeenten. Bovenregionale kennisdeling en samenwerking Wat was het plan? We hebben de landelijke werkwijze voor kennisdeling en gecoördineerde samenwerking (KCR2) geïmplementeerd, waarmee we beter zicht krijgen op bovenregionale en landelijke bedreigingen, kwetsbaarheden en risico's.

Wat is er bereikt? • We hebben onze informatie uit het regionale veiligheidsbeeld gekoppeld aan het landelijke veiligheidsbeeld. Hierdoor krijgt KCR2 een landelijk beeld, vanuit alle veiligheidsregio’s. In 2025 is het landelijke informatiemodel – de harmonisatie van alle informatiemodellen en definities – opgesteld en vastgesteld. • Het delen van landelijk beschikbare informatie van partners en ministeries met de veiligheidregio’s brengt, mede door de vertrouwelijkheid van bepaalde gegevens, nog de nodige uitdagingen met zich mee. Technisch is het delen mogelijk, maar samen met de landelijke partners en ministeries verkennen we momenteel welke specifieke informatiebehoeften er zijn en hoe deze zich verhouden tot de vertrouwelijkheid. KCR2 vervult daarbij een belangrijke verbindende rol. • Dit jaar heeft het Landelijk Operationeel Coördinatiecentrum (LOCC) samen met de veiligheidsregio’s ervaring opgedaan met de landelijke afstemming en coördinatie bij acute dreigingen, zoals extreem weer en grote natuurbranden. • Voor ons regionale informatiemanagement is een proces ingericht waarmee we snel kunnen aanhaken en de verkregen informatie tijdig kunnen delen met onze regionale functionarissen. Zodoende kunnen we regionaal en bovenregionaal beter optreden in geval van grote en langdurige crises.

Overige resultaten • In 2025 werkten zorgpartners met het Uitvoeringsprogramma zorgrisicoprofiel (ZRP) samen aan concrete producten: een scenariokaart met maatregelen bij cyberaanvallen, inzicht in mogelijkheden garanderen zorgcontinuïteit bij stroomuitval van >72 uur, evacuatiechecklist voor instellingen langdurige zorg en inzicht in redundante middelen van zorgorganisaties. Daarnaast zijn vier werksessies georganiseerd voor de zorgpartners waarin de prioritaire risico's uit het ZRP

Jaarstukken 2025

19

•

•

centraal stonden: cyberveiligheid, langdurige stroomuitval, uitval spraak- en datacommunicatie en uitbraak infectieziekte. Onze rol bij het versterken van de omgevingsveiligheid, onze betrokkenheid bij de totstandkoming van omgevingsplannen in de gemeenten en onze positie aan de Strategische programmeertafel beginnen duidelijk hun vruchten af te werpen. We worden steeds vaker in in de gelegenheid gesteld om vroegtijdig mee te denken over ruimtelijke en stedenbouwkundige ontwikkelingen. Een goede voorbereiding op deze ontwikkelingen en goede advisering zijn belangrijk voor een veilige en gezonde leefomgeving. Onze betrokkenheid bij belangrijke ruimtelijke en economische ontwikkelingen zoals het havengebied in Waalwijk, Crossmark in Breda, de Parkring Tilburg en de nieuwbouw van het Bravis Ziekenhuis in Roosendaal, zijn hier voorbeelden van. Binnen het Fieldlab zijn diverse pilots gestart om beter inzicht te krijgen in risico's (waaronder de signaalkalender, geautomatiseerd vullen van het veiligheidsbeeld, gebruik van AI, evacuatietool) en hoe deze inzichten kunnen worden verbonden aan het veiligheidsbeeld. Daarnaast is ingezet op de onderlinge samenwerking, vertegenwoordiging bij landelijke overleggen en de wijze waarop we inspraak/invloed kunnen uitoefenen in het land als het gaat om informatiegestuurde veiligheid.

Regulier werk & prestaties Naast nieuwe ontwikkelingen zijn er uiteraard ook reguliere werkzaamheden die bijdragen aan deze pijler en waarvoor we een groot deel van onze capaciteit inzetten. We verbeteren ons reguliere werk continu. Permanente risicomonitoring is een belangrijk fundament voor het effectief inzetten van de zes sporen van beïnvloeding. Deze zes sporen bevatten alle werkzaamheden van de veiligheidsregio, verdeeld over verschillende sectoren. In de onderstaande tabel tonen we prestatie-indicatoren en kengetallen. Realisatie 2024

Begroting 2025

Realisatie 2025

Seveso en bedrijfsbrandweer Aantal afgesproken Seveso-inspecties

53

40

43

Aantal onaangekondigde controles Sevesobedrijven

53

30

39

Toelichting: Voor toezicht risicovolle bedrijven (niet Seveso-inrichtingen) is het lastig een prognose te geven omdat we deze uitvoeren op verzoek van de omgevingsdienst (OMWB). We bepalen jaarlijks risicogericht samen met de OMWB en Arbeidsinspectie welke bedrijven we – afgesproken of onaangekondigd - bezoeken. De resultaten van de inspecties van het voorgaande jaar (2024) bepalen of en hoe vaak een bedrijf geïnspecteerd wordt en in welke vorm. Het totaal kan dan hoger of lager uitvallen dan begroot, ook vanwege de omvang en complexiteit van bepaalde bedrijven.

Wat zijn de kosten? Weergave van de kosten van de bijdragen aan een veilige leefomgeving.

Jaarstukken 2025

20

Begroting na wijziging Bijdragen aan een veilige leefomgeving (bedragen x € 1.000) Advies en uitbesteding Facilitaire kosten Lonen en salarissen Mutaties reserves en voorzieningen Opleiden en oefenen Overig Kosten Gemene Rekening Gerealiseerde Resultaat

2.4

Lasten € € € € € € € €

309 22 6.475 71 176 75 2.346 9.475

Rekening

Baten € € € € € € € €

-21 -99 -119

Lasten € € € € € € € €

264 23 6.459 127 170 85 2.387 9.515

Verschil (begroting -/- rekening)

Baten € € € € € € € €

-37 -7 -119 -163

Lasten € € € € € € € €

45 -1 16 -56 6 -10 -40 -40

Baten € € € € € € € €

16 7 21 44

Totaal € € € € € € € €

45 -1 32 -49 6 10 -40 4

Hulpvaardige en slagvaardige inzet

Nieuwe risico’s leiden tot nieuwe type incidenten, rampen en crises. Het risicobeeld wordt steeds dynamischer, informatie dient steeds sneller geanalyseerd en geduid te worden en scenario’s zijn vaker (inter-) nationaal en hybride. In die veranderende omgeving staan de meldkamercentralisten, brandweer- en crisisteams 24/7 paraat. Onze daadkracht en hulpvaardigheid, adequaat materieel en betrouwbare operationele informatie zijn daarom essentieel voor een slagvaardige inzet. We ondersteunen bovendien ook onze gemeenten en de bestuurders die verantwoordelijk zijn voor Bevolkingszorg en de beheersing en bestrijding van crises en incidenten.

Wat hebben we dit jaar bereikt? Beschikbaarheid en paraatheid Wat was het plan? Eind 2025 hebben we een toolbox met oplossingen gereed om regionaal op beschikbaarheid en paraatheid flexibel te kunnen sturen, met inachtneming van restdekking (achterblijvende eenheden die de paraatheid in een gebied kunnen verzorgen) en gelijktijdigheid (incidenten die gelijktijdig plaatsvinden). Wat is er bereikt? • Het in 2024 gestarte onderzoek naar het verbeteren van de beschikbaarheid laat zien dat het inzichtelijk maken daarvan veel inspanningen vergt en eigenlijk niet goed mogelijk is omdat de menselijke factor hierin bepalend is. Wel zijn er enkele hulpmiddelen ontwikkeld om bekende knelpunten rond beschikbaarheid beter aan te pakken. • In 2025 is de flexpoule, bestaande uit geoefende kantoormedewerkers met geldige brandweerdiploma’s, structureel verankerd in onze organisatie en daarmee onderdeel van ons paraatheidsmodel. De flexpoule levert tussen 08:00 en 18:00 uur een stabiele en voorspelbare bijdrage aan de paraatheid. Dankzij een voldoende grote en inzetbare flexibele schil zijn we in staat om ziekteverzuim en kortdurend verlof direct op te vangen, de paraatheid van acht kazernes zonder onderbreking te borgen en vraagpieken en roosterkrapte op te vangen zonder concessies aan kwaliteit of beschikbaarheid.

• Twee projectplannen zijn eind 2025 uitgewerkt en worden in 2026 uitgerold om de beschikbaarheid te verbeteren: een project om de flexpoule uit te breiden en een project voor het maken van een koppeling tussen de interne database buitendienstmeldingen en dynamisch alarmeren (ART). Met het laatste project kunnen we het buitendienstmelden van een post vereenvoudigen met als doel dat we meer inzicht krijgen in de daadwerkelijk beschikbaarheid.

Jaarstukken 2025

21

Toekomstbestendige brandweerzorg Wat was het plan? In 2025 zijn de ontwikkelde toekomstscenario’s voor brandweerzorg verder ontwikkeld naar toepasbare brandweerzorgconcepten en (flexibele) arbeidsarrangementen met inachtneming van landelijke afspraken hierover. Wat is er bereikt? Het onderzoek Toekomstbestendige Brandweerzorg heeft geresulteerd in een informatieve bespreking in het Algemeen Bestuur van 24 september en vaststelling van een transformatieproces van tien jaar in het Algemeen Bestuur van 4 december. We hebben een stip op de horizon in 2035 geschetst: een toekomstbestendige brandweerzorg die betrouwbaar, risicogericht, op maat, duurzaam en betaalbaar is. Belangrijk ook is te vermelden dat de Ondernemingsraad de gekozen richting ondersteunt en de ambitie tot modernisering waardeert. Belangrijke uitgangspunten blijven: • Paraatheid en slagkracht als basis. Met behoud van de 24-uurs posten als betrouwbare ruggengraat. • Maatwerk voor posten en vrijwilligers, zodat vrijwilligheid aantrekkelijk en houdbaar blijft. • Flexibele arbeidsconcepten voor beroepskrachten, gericht op duurzame inzetbaarheid. • Innovatie en slimme oplossingen om kosten te beheersen.

Informatiegestuurd werken vanuit de meldkamer Wat was het plan? In 2024 hebben we een plan van aanpak opgeleverd om meer informatie gestuurd te werken vanuit Operationeel Centrum Brandweer/Veiligheidsregio (OCB/VR). We optimaliseren in 2025 het proces van decentrale uitgifte (DCU) op de meldkamer. DCU is voornamelijk bedoeld om bij extreme drukte op de meldkamer, zoals bijvoorbeeld bij storm, de meldkamer te ontlasten. We ontwikkelen ook informatiesystemen die beeld, oordeelsvorming en besluitvorming bij incidenten afhandeling verder kunnen optimaliseren. In 2025 hebben we onderdelen van dit meerjarige plan van aanpak geïmplementeerd. Wat is er bereikt? • Een applicatie voor decentrale uitgifte is aangekocht en geïmplementeerd. Dit maakt opschalen een stuk eenvoudiger en sneller. Op de meldkamer is een pilot gestart met een intake van de nietspoedlijn door vrijwilligers. Dit heeft goed gewerkt tijdens het piekmoment tijdens de jaarwisseling 2025/2026. • Alle centralisten beschikken over een account voor beeldbellen met de melder. Hierdoor krijgen zij direct inzicht in het incident, wat ondersteunt bij het maken van keuzes rondom op- en afschalen. Daarnaast kan relevante informatie direct worden gedeeld met de aanrijdende eenheden. Hiermee sluiten we aan bij het landelijke project ‘Beeldregie op de meldkamer’.

Jaarstukken 2025

22

Versterking crisisbeheersing Wat was het plan? Vanaf 2025 gaan we uitvoering geven aan onderdelen van de Landelijke Agenda Crisisbeheersing, waarbij de landelijke samenwerking verder wordt verstevigd. We voeren fase 2 bestedingsplan extra BDUR-gelden uit (zie financieel overzicht paragraaf 2.7). Wat is er bereikt? • In november is het Ambitiedocument Crisisbeheersing ambtelijk behandeld. De ambitie sluit aan bij de Landelijke Agenda Crisisbeheersing en bouwt ook voort op eigen ervaringen en verbeterpunten. De visie rust op drie pijlers: versterken voorbereiding en paraatheid, versterken van een weerbare samenleving, bevorderen van kwaliteit en professionaliteit. • We hebben een meerjarenplanning en prioritering opgesteld om de volledige planvorming te actualiseren en aan te laten sluiten op landelijke crisisplannen. We zijn gestart met de crisistypen die ook als prioritair risico zijn aangemerkt in het Regionaal Risicoprofiel. We zoeken daarbij de samenwerking en afstemming met andere regio's. Voorbeelden zijn het multidisciplinair plan stroomuitval met de Brabantse regio's en het thema hoogwater/overstromingen met de Brabantse regio's, de provincie en partners. • We hebben een crisisuitzendbureau voor langdurige crises ingericht. Meer dan 70 medewerkers zijn aangesloten en worden waar nodig opgeleid.

Daarmee zijn we in staat om (ondersteunende) functies binnen de crisisstructuur langdurig en kwalitatief goed in te vullen. Ook worden deze medewerkers ingezet om onze eigen bedrijfscontinuïteit (BCM) te versterken/ borgen bij een langdurige stroomuitval. • De GHOR werkt momenteel aan het vormgeven van het Wit Informatie Knooppunt (WIK) om informatie te verzamelen, duiden en delen met de zorgpartners. Implementatie wordt verwacht in 2026. • Het beheer van de crisisruimtes en de continuïteit ervan is tegen het licht gehouden. Hiervoor zijn ook direct verbetermaatregelen getroffen. Zo zijn beheerders aangewezen, plannen en contactgegevens offline beschikbaar gemaakt en de noodcommunicatievoorzieningen getest/geüpdatet/vervangen.

Overige resultaten • De huidige situatie en knelpunten van Safety Village zijn in beeld gebracht en gedeeld met de bestuurlijke Commissie Brandweerzorg. Het Algemeen Bestuur heeft in september het eerder uitgesproken uitgangspunt – een opleidings- en oefencentrum in eigen beheer – herbevestigd, als basis voor de businesscase. Er is richting gegeven aan het vervolg: het in een business case uitwerken van scenario’s voor een toekomstbestendig Opleidings- en Oefencentrum, afgestemd op diverse (nog lopende) regionale en landelijke ontwikkelingen. • De impact van externe ontwikkelingen op de beschikbaarheid, stijgende onderhoudskosten, krapte op de technische arbeidsmarkt, flexibiliteit in de planning en kwaliteit van het materieelonderhoud is in kaart gebracht. Dit heeft geleid tot het opstarten van een businesscase waarin de mogelijkheden voor structureel onderhoud en keuringen in eigen beheer worden onderzocht. • Het overdrachtsdocument Post Moerdijk Haven, waarin zowel de huidige situatie tot 1 januari 2027 als de toekomstige inrichting van de publieke brandweerpost worden beschreven, is in

Jaarstukken 2025

23

ontwikkeling. De toekomstbeschrijving omvat de organisatorische inrichting van de brandweerpost, de vakbekwaamheidseisen en financiële gevolgen. Het proces verloopt in nauwe samenwerking met de betrokken bedrijven, de Stichting Bedrijven Moerdijk, vakinhoudelijke medewerkers en uitrukpersoneel. Het concept inrichtingsdocument wordt in het eerste kwartaal van 2026 aan het MTVR voorgelegd en met omliggende vrijwillige posten gedeeld.

Regulier werk & prestaties Naast nieuwe ontwikkelingen bestaat de bijdrage aan deze pijler voor het grootste deel uit reguliere werkzaamheden (‘going concern’). Dit zijn taken op het gebied van: • • • • • • • • • •

Repressie (paraatheid en incidentbestrijding brandweer) Operationeel Centrum Brandweer Crisisbeheersing (paraatheid en incidentenbestrijding multidisciplinair) Bevolkingszorg (Multidisciplinaire) operationele voorbereiding en planvorming Techniek Facilitair en Logistiek Informatie gestuurd werken Onderzoek en analyse Mono en Multidisciplinair opleiden trainen en oefenen Risico- en Crisiscommunicatie

In onderstaande tabel tonen we prestatie-indicatoren en kengetallen. De weergegeven cijfers zijn daadwerkelijke cijfers die op basis van aanvraag worden gepresenteerd. Daar waar de prognoses ontbreken, wordt geen prognose meer aangeleverd. De cijfers van de meldkamer (Operationeel Centrum Brandweer, OCB) krijgen geen verwachting of streefwaarde. Realisatie 2024

Begroting 2025

Realisatie 2025

Repressie Aantal vrijwilligers

1.318

1.334

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1845/documents/22681