CConstaterende datStede Broec
Koppel je AI →
Document · PDF

Projectplan zorgzame buurt - DEFINITIEF

Commissie Samenleving 14 maart 2023, gemeente Stede BroecBij agendapunt: Aanpak Zorgzame buurt, incl. presentatie6.932 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Zorgzame Buurt Stede Broec

31-01-2022

Suzanne Kok, Ons Stede Broec - Projectleider PROJECTVOORSTEL IN OPDRACHT VAN GEMEENTE STEDE BROEC, OMRING, DE WOONSCHAKEL.

Inhoud Voorwoord .............................................................................................................................................. 2 Inleiding & voorgeschiedenis .................................................................................................................. 3 Doelstelling(en) ....................................................................................................................................... 4 Doelgroep & Scope .................................................................................................................................. 6 Scope ................................................................................................................................................... 6 Doelgroep ............................................................................................................................................ 6 Het gebied van de zorgzame buurt ..................................................................................................... 6 Duur van het project ........................................................................................................................... 7 Plan van aanpak.......................................................................................................................................

7 ABCD .................................................................................................................................................... 7 Bolk-model voor Positieve Gezondheid en Leefomgeving.................................................................. 8 Wijkondersteuner & buurtverbinders ................................................................................................. 8 Project fasering.................................................................................................................................... 9 Verwachte resultaten & effecten .......................................................................................................... 10 Resultaten ......................................................................................................................................... 10 Effecten ............................................................................................................................................. 11 Projectorganisatie ................................................................................................................................. 11 De opdrachtgever ..............................................................................................................................

12 De opdrachtnemer ............................................................................................................................ 12 De projectgroep................................................................................................................................. 12 De projectleider ................................................................................................................................. 13 De wijkondersteuner ......................................................................................................................... 13 De buurtverbinder ............................................................................................................................. 13 Tijdspad ................................................................................................................................................. 13 Evaluatie & onderzoek .......................................................................................................................... 14 Financiering, kosten en baten ............................................................................................................... 14 Bijlage 1 .................................................................................................................................................

15 Startnotitie ‘Samenwerken in Stede Broec’, september 2020 .......................................................... 15 Bijlage 2 ................................................................................................................................................. 17 Bijdrage van deelnemers tijdens de buurtbijeenkomsten. ............................................................... 17 Over de toegankelijkheid en promotie van activiteiten ................................................................ 17 Bijlage 3 ................................................................................................................................................. 20 Model positieve gezondheid ............................................................................................................. 20 Onderzoek Louis Bolk Instituut ......................................................................................................... 20 Bijlage 4 ................................................................................................................................................. 22 Leefbaarometer ................................................................................................................................. 22

1

Voorwoord Het verhaal van mevr. Stevens (77 jaar)* Mevr. Stevens is 77 jaar en woont in Bovenkarspel Plan Zuid. Haar moeder is tijdens de bevalling van mevr. Stevens overleden. Dat ze haar moeder nooit gekend heeft doet mevr. Stevens nog steeds veel verdriet. Mevr. kreeg een stiefmoeder, maar die is nooit liefdevol naar haar geweest. Op jonge leeftijd ging mevr. uit huis om in de huishouding te gaan werken. Lange tijd heeft ze zich een éénling gevoeld. Totdat ze op haar 25e meneer Stevens ontmoette. Hij wist haar vertrouwen te winnen en gaf haar zelfvertrouwen. Ze trouwden en kregen twee kinderen. Meneer Stevens was een sociale en actieve man. Hij nam mevr. op sleeptouw en met hem aan haar zijde had zij het vertrouwen om sociale contacten aan te gaan. Drie jaar geleden is meneer Stevens overleden. Sindsdien kan mevr. Stevens haar draai niet meer vinden. De kinderen komen wekelijks langs en daar geniet ze van. Maar de rest van de week is ze alleen. Het idee om alleen op sociale situaties af te gaan benauwd haar. Ze zegt zich zonder haar man weer de éénling te voelen die ze eigenlijk altijd al was. Mevr. wordt via de huisarts doorverwezen naar de welzijnscoach. Zo begint ze aan de cursus Creatief Leven. De training helpt haar om haar verleden te verwerken en haar zelfvertrouwen te vergroten. Ook oefent ze met sociale vaardigheden. Tegen het eind van de training voelt mevr.

zich veel energieker en vrolijker. Nu valt haar oog op een advertentie voor een bijeenkomst betrokken buurtbewoners. Ze vindt het spannend, maar trekt de stoute schoenen aan en gaat er heen. Tot haar eigen verbazing heeft ze een leuke en gezellige avond. Het verhaal van mevr. Stevens is een succes verhaal. Zulke successen willen we nog veel meer hebben in de gemeente Stede Broec. Uit de Gezondheidsmonitor van de GGD blijkt dat 40,9 % van de ouderen zich matig eenzaam voelt en 6,1 % zich ernstig eenzaam voelt. Uit dezelfde monitor blijkt dat 20-40% van de jongeren eenzaamheid ervaart in Nederland, voor Stede Broec zijn hier helaas geen cijfers van. Het is in de eerste plaats behoorlijk onaangenaam voor de mensen die zich eenzaam voelen. Ze voelen zich minder gelukkig en gevoelens van eenzaamheid brengen gezondheidsrisico’s met zich mee. Maar het is ook een enorm gemis voor de lokale samenleving. Mensen die zich eenzaam voelen doen vaak minder actief mee in de samenleving. Hun unieke persoonlijkheden en talenten komen onvoldoende aan bod. De bijeenkomst kan een start zijn om mevrouw Stevens structureel te betrekken bij haar buurt. Een wijkondersteuner kan hierin de eerste aanzet geven. Wordt de eerste stap van mevrouw Stevens de eerste stap in een zorgzame buurt?

* Mevr. Stevens is een fictief persoon. Haar verhaal is samengesteld uit de verhalen van verschillende inwoners die bij Ons Stede Broec de afgelopen jaren ondersteund zijn bij gevoelens van eenzaamheid.

2

Inleiding & voorgeschiedenis Achtergrond Nederland staat voor een enorme uitdaging om de zorg voor kwetsbare inwoners op een duurzame wijze te organiseren. Zo staan we in Nederland nog maar aan het begin van de vergrijzingsgolf, en de ouderenzorg kraakt nu al in zijn voegen. In de komende tijd stijgt het aantal mensen van 65 jaar of ouder rap. Op 1 januari 2022 is 20% van de Nederlandse bevolking 65 jaar of ouder. Nederland vergrijst: de leeftijdsopbouw van de bevolking verandert en het aandeel van oudere leeftijdsgroepen wordt groter, waardoor de gemiddelde leeftijd van de bevolking toeneemt. In 2022 was de grijze druk 34 procent: op elke 65-plusser zijn er 3 mensen in de werkzame leeftijd (20 tot 65 jaar). De komende jaren zal dit nog toenemen tot bijna 50 procent, om daarna licht af te nemen, zo is de verwachting in de bevolkingsprognose.1 De populatie in Stede Broec – de gezamenlijke dorpskernen van Lutjebroek, Grootebroek en Bovenkarspel - zal de komende 20 jaar nog sterker vergrijzen dan andere delen van Nederland. Daarnaast worden er, door de extramuralisering van kwetsbare inwoners en het strikte inkomensbeleid voor de sociale huursector, meer mensen met uiteenlopende (sociale) problemen gehuisvest. Denk hierbij aan een laag inkomen, schulden, eenzaamheid en mensen met een lichamelijke, psychische of geestelijke beperking. De buurt van weleer is er niet meer.

Onze samenleving individualiseert en digitaliseert. Dit kan leiden tot situaties waarbij de levenskwaliteit van bewoners ondermaats wordt omdat ze niet op de hoogte zijn van het aanbod aan diensten. De drempel naar hulp- en dienstverlening blijft hoog en de kennis over het aanbod laag. Het zijn vaak de meest kwetsbare bewoners die aansluiting missen met de buurt en het zorgaanbod. Om de leefbaarheid in de wijk te bevorderen, is het belangrijk de bewoners, in het bijzonder bewoners met zorg- of ondersteuningsbehoeften, te ondersteunen. Ook is het belangrijk dat we problemen bij bewoners die geen ondersteuning vragen, doordat ze de juiste weg niet weten te bewandelen of omdat ze de zorg mijden, op tijd signaleren zodat we waar mogelijk tijdig kunnen handelen. Beter oud worden in Stede Broec Veel van bovenstaande problemen clusteren zich niet rondom één levensdomein, problemen hangen veelal met elkaar samen. Om tot structurele oplossingen te komen is het dan ook belangrijk met meerdere partijen samen te werken. Dit is de reden dat in September 2020 een samenwerking is gestart tussen zorgorganisatie Omring, gemeente Stede Broec, woningbouwcorporatie De Woonschakel, de seniorenraad van Stede Broec en ONS Stede Broec. Deze samenwerking heet “Beter oud worden in Stede Broec”.

De brede doelstelling is om het mogelijk te maken dat de inwoners van Stede Broec zo lang mogelijk gezond thuis kunnen wonen met passende ondersteuning in een leefbare wijk. De opgave is breed; wat kunnen wij doen om de omgeving geschikt te maken om daar zo lang mogelijk zo goed mogelijk te leven? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat mensen, ongeacht leeftijd, grote of kleine

1

https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/dashboardbevolking/leeftijd/ouderen#:~:text=Op%201%20januari%202022%20telt,van%20de%20inwoners%2065%2Dplu s.&text=Er%20zijn%202%20672%20346,en%20853%20107%2080%2Dplussers.

3

ondersteuningsbehoeften op meerdere levensdomeinen, comfortabel in hun woning of vertrouwde buurt kunnen (blijven) wonen. Vanuit de brede coalitie Beter oud worden in Stede Broec is er eind 2021 / begin 2022 een actieonderzoek uitgevoerd, in Stede Broec Zuid, waarin er twee hoofdvragen centraal stonden: 1. Welke informele en particuliere initiatieven helpen om mensen langer gezond thuis te wonen in Stede Broec? 2. Wat is er voor nodig om meer van deze initiatieven te ontwikkelen om langer thuis te kunnen wonen? De coalitie ‘Beter oud worden in Stede Broec’ richt zich op meerdere onderdelen, onder andere: 1. Woonzorg opgave 2. Mantelzorgondersteuning 3. Zorgzame buurt Dit projectvoorstel focust zich op onderdeel 3, de zorgzame buurt. Zorgzame buurt De opbrengsten van het hierboven genoemde actieonderzoek hebben geleid tot een projectformulering door Omring, de Woonschakel, Ons en gemeente Stede Broec. Dit projectvoorstel is een uitwerking van deze opdrachtformulering. In de bijlage treft u de startnotitie aan, ‘Samenwerken in Stede Broec - Over een goede oude dag, een leefbare woonomgeving en een zorgzame samenleving’ (bijlage 1) en de informatie die opgehaald is uit de buurtbijeenkomsten (bijlage 2). In dit project zullen we de scoop verleggen, vanaf 23 jaar, en ons niet alleen richten op de ouderen.

Dit kwam wel uit de scoop van de overkoepelende coalitie ‘beter oud worden in Stede Broec.’ Het uitgangspunt van een zorgzame buurt is om een buurt te creëren waar jong en oud samenleven, waar alle mensen zich goed en geborgen voelen, waar levenskwaliteit centraal staat, waar bewoners elkaar kennen en helpen, waar personen en gezinnen met grote en kleine ondersteuningsnoden ondersteuning krijgen en waar diensten en voorzieningen toegankelijk en beschikbaar zijn.

Doelstelling(en) In de opdrachtformulering luidt de doelstelling als volgt; de doelstelling is om tot een zorgzame buurt te komen in Stede Broec Zuid. De zorgzame Buurt beoogt een samenhangende én buurtgerichte aanpak van wonen, zorg en welzijn zodat inwoners zo lang mogelijk thuis of in de vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen. Meer sociale samenhang en duurzame verbindingen zijn hier van cruciaal belang. Een zorgzame buurt is een zelfsturende buurt. Dat wil zeggen dat bewoners sturen en zelf problemen aanpakken. De invloed van de professionele inzet in de buurt is op den duur klein. Bij het realiseren van een zorgzame buurt richten wij ons op twee hoofddoelstellingen en één subdoelstelling.

4

Doelstellingen: 1. Participatie en inclusie Een zorgzame buurt focust op de opbouw van sociaal weefsel, solidariteit en zorgzaam samenleven. Elkaar ontmoeten is hierbij van belang, omdat dit aan de basis van solidariteit ligt. Het gaat om "het kleine helpen", als toevoeging aan het bestaande aanbod van professionele hulp en dienstverlening. Iedereen is betrokken bij een zorgzame buurt, en zorgzame buurten streven naar inclusie. 2. Het verbinden van informele en formele zorg Een zorgzame buurt legt de link tussen de informele zorg (zoals zelfzorg, mantelzorg, burenhulp en vrijwilligers werk) en de formele of professionele zorg (zoals huisartsen, ouderenzorg en het wijkteam). Deze link is noodzakelijk voor de vroeg detectie van kwetsbare mensen, de preventie van gezondheidsongelijkheid, en de ondersteuning van informele zorgverleners. Subdoelstelling: 1. Intersectorale samenwerking In een zorgzame buurt werken welzijns- en zorgpartners samen met partners uit andere sectoren (zoals De Woonschakel). Zo ontstaat er een lokaal netwerk dat bestaat uit de buurt, het lokale bestuur en de welzijns- en zorgpartners. Zij kiezen samen waarop de zorgzame buurt focust. Het netwerk is gericht op preventie, gezondheidsbevordering en integrale zorgverlening. Omdat levenskwaliteit centraal staat, worden er stappen gezet naar geïntegreerde zorg.

De subdoelstelling ‘intersectorale samenwerking’ is een belangrijk onderdeel, en randvoorwaarde bij een zorgzame buurt. We beseffen ons ook dat dit een lastig traject is. Als randvoorwaarde is de doelstelling ingevuld, door de samenwerking tussen vier partijen (gemeente, Omring, Woonschakel en ONS Stede Broec). Als doelstelling is hij niet cruciaal voor het slagen van het plan maar ligt het wel in de verwachting dat doelstelling 1 en 2 hieraan bij zullen dragen. Voor Ons, gemeente SB, De Woonschakel en Omring is mee doen aan dit project van grote waarde. Door de extramuralisering van kwetsbare inwoners en het strikte inkomensbeleid voor de sociale huursector worden er meer mensen gehuisvest met uiteenlopende (sociale) problemen zoals laag inkomen, schulden, eenzaamheid. Het is voor alle partijen een pre de leefbaarheid in de wijk te bevorderen en te ondersteunen.

5

Doelgroep & Scope Scope De doelstellingen van een zorgzame buurt richten zich op de domeinen: welzijn, zorg en wonen. Er zijn in Stede Broec diverse lokale of regionale initiatieven te noemen die zich ook op deze domeinen richten en bijdragen aan de doelstellingen: participatie en inclusie en het verbinden van informele hulp en formele zorg. Om dit projectvoorstel uitvoerbaar te houden hebben we ervoor gekozen deze initiatieven en projecten niet als apart te ontwikkelen onderdelen op te nemen. Het wordt een taak van de wijkondersteuner om dit soort initiatieven en projecten te inventariseren en waar nodig de verbinding mee te leggen.

Doelgroep In het project Zorgzame buurt Stede Broec Zuid zijn de doelstellingen primair gericht op het ondersteunen van de kwaliteit van leven en het welzijn van iedereen met een leeftijd van 23 jaar en ouder, in het bijzonder voor mensen met zorg- of ondersteuningsbehoeften. Meer specifiek de doelgroepen waar het risico op zorgafhankelijkheid en kwetsbaarheid het grootst is omwille van financiële, sociale, culturele, psychologische en/of gezondheidsredenen. Dit betekent niet dat mensen jonger dan 23 jaar uitgesloten zijn van de zorgzame buurt. Mensen jonger dan 23 jaar zijn alleen niet de primaire focus van de projectgroep.

Het gebied van de zorgzame buurt

Fase 2

Fase 1

In de projectopdracht wordt het project geografisch afgebakend. De zorgzame buurt wordt ontwikkeld in de wijken van Stede Broec die ten zuiden van het spoor zijn gesitueerd. Deze twee gebieden zijn: • • 6

Plan Zuid-Princenhof – Broekerhaven (eerste fase) Kloosterhof – Oostersluis (tweede fase)

Werken voor en met de buurt begint met een grondige kennis en analyse van de buurt. Naast de bestaande behoeften en leemtes in het aanbod, moeten ook de sterktes en mogelijkheden van de buurt zorgvuldig in kaart worden gebracht. Daarnaast is het belangrijk om zicht te krijgen op de lokale context. Wat leeft er in de buurt? Welke actoren moeten zeker mee betrokken worden? De keuze om te starten in Stede Broec Zuid komt voort uit de conclusies van het onderzoek dat door Nederland zorgt voor elkaar in Stede Broec is uitgerold en geëvalueerd (Maart 2022). In dit stuk komt naar voren dat er in Stede Broec Zuid relatief veel mensen zijn die naar de voedselbank gaan en in armoede leven, in verhouding zijn er veel sociale huurwoningen, drugsproblematiek, er is sprake van rivaliserende scholen en het ontbreken van een buurthuis in de directe omgeving. Ook blijkt uit de leefbaarometer dat de wijken onder het spoor minder goed scoren dan boven het spoor (zie bijlage 4) In de eerste fase zal gestart worden in het gebied Princenhof-Broekerhaven. Voor deze wijk hebben zich al twee buurtverbinders gemeld. Samen met ’t Stadsplein, sociaal cultureel centrum onder de vlag van Ons Stede Broec, willen zij in de sporthal in de wijk (de Flint) activiteiten op schuifelafstand starten.

Duur van het project Het ontwikkelen van een zorgzame buurt duurt een generatie. Door intensief in te zetten op boven benoemde doelstellingen leggen we de basis voor een zorgzame buurt. De duur van het project is 2 jaar. Tussentijds wordt geëvalueerd en waar nodig bijgestuurd.

Plan van aanpak De aanpak gebeurt vanuit het gedachtegoed van ABCD (Asset Based Community Building). Met de wijkondersteuner als centrale ruggengraat en uitvoerder van het project. De uitvoering gebeurt met behulp van de door het Louis Bolk ontwikkelde wijkaanpak waarbij het spinnenweb van positieve gezondheid centraal staat.

ABCD Om tot een zorgzame buurt te komen werken we vanuit het gedachtegoed van de ABCD. Werken vanuit de ABCD betekent: zichtbaar maken van een gemeenschap en het versterken en onderhouden ervan. Vertrekpunt zijn de assets van de gemeenschap: alles wat al aanwezig is aan talenten, vaardigheden en passies. Maar ook de culturele, historische, economische en fysieke bronnen en middelen. Community building verbindt dit zodat mensen in de gemeenschap alles wat al aanwezig is zelf gaan ervaren en benutten. In relatie tot elkaar (zoals hulp bieden), voor de buurt en in relatie tot professionele organisaties. Asset Based Community Development is het proces dat mensen samen brengt om in hun buurt, wijk of dorp samen verandering teweeg te brengen. Het is een bottom-up activiteit; niet gericht op het bereiken van een doel, maar op het verwerven van middelen door bewoners om hun eigen doelen te bereiken. Een zorgzame buurt is niet vóór bewoners maar dóór bewoners. Een buurt is meer dan een plaats waar je woont en slaapt. Buurten zijn een ontmoetingsplaats voor bewoners. Maar ook verenigingen, voorzieningen, overheden kruisen er elkaar. De sterkte van een buurt begint bij de talenten en vaardigheden van iedereen die er komt en woont Hoe vaker mensen 7

elkaar ontmoeten, samenwerken en samen de agenda van hun buurt bepalen, des te hoger de veerkracht.

Bolk-model voor Positieve Gezondheid en Leefomgeving Om goed te meten of de interventies die binnen dit project plaats vinden het gewenste effect heeft op de leefbaarheid en cohesie in de wijk wordt gewerkt aan de hand van het Bolk-model. Het Bolkmodel is zowel een methode die houvast geeft bij de uitvoering als een middel om de beleving van de inwoners in de wijk te meten. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van het concept Positieve Gezondheid en Leefomgeving. Het Bolk-model heeft het bestaande concept Positieve Gezondheid doorontwikkeld (zie bijlage 3 voor respectievelijk het raamwerk en een invulvoorbeeld). Twee vragen staan centraal in het Bolk-model: 1. Wat zijn kenmerken van een zorgzame buurt (zowel fysiek als sociaal) voor verschillende typen cliënten en burgers met een zorgbehoefte? 2.

Met welke interventies kunnen we de leefomgeving in buurten optimaliseren en welke rol kan een buurtverbinder daarbij spelen? Dit kunnen zowel interventies zijn gericht op meer sociale cohesie als op meer eigen regie.

Wijkondersteuner & buurtverbinders De uitvoering van het project ligt in handen van de wijkondersteuner die ondersteund wordt door de buurtverbinders (de vrijwilliger). De wijkondersteuner biedt ondersteuning als dat nodig is, maar neemt niet de regie en verantwoordelijkheid van de inwoners uit handen. Onderstaande geeft een taakomschrijving en competenties weer van de wijkondersteuner. Taken wijkondersteuner De wijkondersteuner is het eerste aanspreekpunt voor bewoners en de verbindende schakel met zorgverleners, gemeente, welzijnswerkers en andere professionals. Ze brengt mensen bij elkaar, signaleert hulpvragen en stimuleert ‘samen’ redzaamheid. Elk dorp en elke wijk is uniek en daarmee is ook elke wijkondersteuner uniek. In algemene zin houdt de opdracht voor de wijkondersteuner het volgende in: - Het bieden van één loket voor hulpvragen van inwoners - Werven van buurtverbinders (vrijwilligers uit de wijk die zich inzetten vóór de wijk) - Het verbinden van de individuele wensen en behoeften van hulpvragers met het aanbod van het informele en formele netwerk. Het op elkaar laten aansluiten van het informele en het formele netwerk.

Meer in detail doet de wijkondersteuner het volgende - Versterken en daar waar nodig opzetten van het informele netwerk Stimuleren van de samenredzaamheid van de inwoners - Vraagbaak voor de thema’s wonen, welzijn, zorg en meer verhelderen van de vraag - Ondersteunen van inwoners bij het zelfstandig blijven wonen - Informatie verstrekken en adviseren over mogelijke oplossingen en gemeentelijke voorzieningen - Oppakken van signalen die kunnen leiden tot gezamenlijke voorzieningen, zoals bijvoorbeeld een huiskamerproject, wandelgroep en een internetcursus - Organiseren van deze gezamenlijke voorzieningen, waarbij de uitvoering meestal bij anderen ligt - Begeleiden van inwoners bij het zoeken naar praktische oplossingen 8

-

Samenwerken met professionele netwerken in en rond het dorp of de wijk

Competenties wijkondersteuner -

-

-

-

Het is cruciaal dat de wijkondersteuner beseft dat inwoners zeggenschap en regie moeten houden, ook als er problemen zijn. Dat betekent intensief overleg voeren met familie, vrienden en buren en samen beslissingen nemen. De wijkondersteuner legt de verbinding tussen deze ‘leefwereld’ van de inwoner en de ‘systeemwereld’ van bijvoorbeeld wijkverpleging en welzijnswerk. De wijkondersteuner beschikt over een natuurlijke autoriteit. Wat hij/zij zegt heeft waarde. Mensen luisteren naar hem/haar. Je zou hem/haar kunnen vergelijken met de ouderwetse ‘dorpsdokter’ of wijkverpleger. De wijkondersteuner spreekt de taal van de bewoners en vermijdt vakjargon. Ook wordt hij/zij door de (zorg)professionals als een volwaardige gesprekspartner gezien. De wijkondersteuner komt bij de bewoners over de vloer. Voor hem/haar gaan letterlijk de deuren open. Dat vergt goede sociale vaardigheden, zoals empathie, toegankelijkheid en tact. De wijkondersteuner kijkt verder dan alleen de individuele zorg of hulpvraag. Hij/zij zoekt waar mogelijk naar een collectieve oplossing waarvan alle inwoners kunnen profiteren.

Project fasering Het onderzoek verloopt in twee fasen. In de eerste fase wordt de context onderzocht en worden er workshops georganiseerd waaruit interventies om tot een zorgzame buurt te komen worden opgehaald bij verschillende doelgroepen. In de tweede fase worden deze interventies uitgevoerd (onder leiding van de wijkondersteuner in verbinding met de onderzoekers van het Louis Bolk instituut). Gedurende het proces worden zowel de effecten van de interventies gemonitord als het proces in het geheel. Gelijktijdig met de start van de zorgzame buurt in Stede Broec start een soortgelijk project op Texel. Op Texel wordt de aanpak ook vormgegeven aan de hand van het Bolk-model en is een onderzoeker van het Louis Bolk instituut betrokken bij de monitoring. Achteraf kunnen de verschillende projecten met elkaar vergeleken worden. Fase 1, onderzoek van gewenste interventies en werving wijkondersteuner: 1. Voorbereiding 2. Afstemming tussen onderzoeker(s) vanuit het Louis Bolk instituut en de projectleider zorgzame buurt. Onderzoeker(s) lopen mee in de wijk. 3. In overleg met projectleider in beeld brengen typen cliënten/burgers, ontwikkelingsfasen en gewenste omgeving. Voorbeelden zijn: a. ontwikkelingsfasen van relatief jonge cliënten (bijvoorbeeld aankomen, verbinden, loslaten, verdiepen). b. verschillende doelgroepen in kaart brengen, zoals: cliënten / wijkbewoners. c.

Context van de wijk in kaart brengen: mogelijke rol voor dieren / veehouderij, planten / akker- en tuinbouw, natuur en groenvoorziening, winkel, vrijwilligerswerk, 9

4. 5. 6.

7.

8.

ondernemerschap, sociale context, bebouwde omgeving, etc. Beknopte literatuurstudie gericht op opbrengsten voorgaande activiteiten: wat is hierover in de wetenschappelijke literatuur bekend? Gelijktijdig gaat de werving van een wijkondersteuner van start. Hij/zij kan dan instromen bij het vormgeven van de workshops (stap 6). Invullen Bolk-model voor Positieve Gezondheid en Leefomgeving (workshops) door a. cliënten/wijkbewoners. b. betrokken medewerkers (zorg- en welzijnsinstelling, gemeente, etc.) en c. gezamenlijk (groep a en b). Uitgegaan wordt van drie workshops in Stede Broec. Dit vindt plaats in meerdere rondes, waarin achtereenvolgens de focus ligt bij 1) wensen en behoeften, 2) aanwezige kwaliteiten (bij betrokken mensen, organisaties en de buurt zelf) en 3) optimaliserings-acties. Optimaliserings-acties (interventies) a. Opstellen verbetermogelijkheden leefomgeving Uitgangspunt is drie à vier interventies, waaronder de inzet van een wijkondersteuner. Rapportage in PowerPoint fase 1.

Fase 2, monitoring van het effect van interventies: 9. Kwalitatieve en kwantitatieve monitoring gedurende twee jaar, met behulp van interviews, enquête, bij cliënten/wijkbewoners en medewerkers op drie tijdstippen: nul-situatie, halverwege, en de eindsituatie. De monitoring vindt zowel plaats op de inhoud als op het proces van de interventies. 10. Evaluatie en rapportage fase 1+2 in PowerPoint. 11. Communicatie, onder meer bijdrage aan symposium en publicatie, bijvoorbeeld in vaktijdschrift. Voor de gehele looptijd van het project zal een klankbordgroep in het leven worden geroepen, die vier maal bijeen zal komen. Naast ONS Stede Broec, en Louis Bolk worden externe partijen gevraagd om deel te nemen. Doel is het verkrijgen van een goede afstemming met het werkveld, en opmerkingen en suggesties met betrekking tot het onderzoek.

Verwachte resultaten & effecten Resultaten De volgende resultaten worden verwacht: • • • • • • • 10

Duidelijkheid in welke interventies bijdragen aan de optimalisatie van de leefomgeving om te komen tot een zorgzame buurt. In het afgebakende gebied in Stede Broec Evaluatie van de rol die de wijkondersteuner daarbij kan spelen Ontwikkelen van informele netwerken Informele communicatiemiddelen uit de buurt zijn in kaart gebracht en versterkt door de wijkondersteuner Meerdere vrijwilligers actief in buurt 3 workshops zijn gehouden met een juiste afspiegeling van de verschillende doelgroepen. Meer op maat toewijzen van woningen om de wijk sterker te maken, en sociale cohesie stimuleren

• •

Lokaal netwerk tussen welzijns- en (zorg)partners op wijkniveau gecreëerd door wijkondersteuner Krachten en kansen van buurtbewoners en de wijk zijn in kaart gebracht en aan elkaar verbonden (asset mapping)

Effecten Het effect van een zorgzame buurt is het ontstaan van een wijk waar jong en oud samenleven, waar mensen zich goed en geborgen voelen, waar levenskwaliteit centraal staat, waar bewoners elkaar kennen en helpen en waar personen en gezinnen met grote en kleine ondersteuningsnoden ondersteuning krijgen en waar diensten en voorzieningen toegankelijk en beschikbaar zijn. Hierom is er ook voor gekozen de leeftijdsgroep te verbreden en niet alleen toegespitst op de oudere inwoner in de beide wijken. De effectmetingen worden gedaan vanuit het model van positieve gezondheid (leefomgevingsmodel, bijlage 3). Er wordt een nul-meting gedaan waar naar alle 6 domeinen van de positieve gezondheid wordt gekeken. Hierdoor wordt inzichtelijk waar nog kansen ter verbetering liggen. De interventies zetten hierop in en worden gemonitord op effectiviteit. Bij de tweede meting moeten er positieve effecten te zien zijn op de aspecten van positieve gezondheid waar de interventies op gericht zijn.

Projectorganisatie Voortraject Om te komen tot een gedragen plan van aanpak is de projectgroep verschillende keren bij elkaar gekomen om de uitgangspunten te formuleren voor het plan van aanpak. De projectgroep bestaat uit medewerkers van Omring, gemeente SB, de Woonschakel en Ons Stede Broec. Projectstructuur

11

Voor een succesvolle aanpak is het van belang dat de vier partijen allen een bijdrage leveren. Gemeente Stede Broec, woningbouwvereniging de Woonschakel en zorg organisatie de Omring als opdrachtgevers en welzijnsorganisatie Ons Stede Broec als opdrachtnemer en uitvoerder. Om de gezamenlijke verantwoordelijkheid te benadrukken zullen de opdrachtgevers, ieder voor gelijke inzet in de projectstructuur leveren en in gelijke mate bijdragen aan de kosten. Om te komen tot het voor u liggende plan van aanpak hebben 2 medewerkers namens alle partijen meegeschreven.

De opdrachtgever Drie organisaties vormen gezamenlijk als groep de rol van opdrachtgever. De groep bestaat uit een wethouder van de gemeente Stede Broec, bestuurder van Omring, bestuurder van De Woonschakel. Deze groep vormt samen met de bestuurder van Ons Stede Broec de stuurgroep van dit project. Wat doet elk groepslid in de rol van gezamenlijk opdrachtgever? • • • • • • • •

Vormen de ambassadeur binnen de eigen organisatie en daarbuiten op dit thema, Het vaste aanspreekpunten voor de stuurgroep, Zorgen voor draagvlak binnen de eigen organisatie, Dragen bestuurlijk bij aan het welslagen van het project, Bieden financieel commitment, Overleggen, minimaal 2 keer per jaar, over de voortgang in het project, Nemen van beslissingen in situaties zoals bij knelpunten, bij keuzes in de voortgang, planning financiën en evaluatie, Elk lid zorgt voor een afgevaardigde met bevoegdheid om: o beslissingen namens de organisatie te kunnen nemen, o zaken in gang te zetten in de eigen organisatie, o uren en inzet voor het bijwonen van projectgroepoverleggen en het ondersteunen van de projectleider.

De opdrachtnemer De opdrachtnemer, Ons Stede Broec, voert het project uit. De projectleider zal de stuurgroep volgens de eerder genoemde doelstellingen informeren over de voortgang.

De projectgroep Projectgroep bestaat uit: een afvaardiging vanuit de drie initiatief nemende organisaties. Zij zal eens in het halfjaar samen komen om de voortgang te bespreken De projectgroep vormt een stevig netwerk waar de projectleider bij vragen advies kan vragen. De projectgroep is beslissingsbevoegd om in uitvoering keuzes te maken Wat doen projectgroepsleden? • Vormen de ambassadeur binnen de eigen organisatie en daarbuiten op dit thema, • Zorgen voor draagvlak binnen de eigen organisatie, • Zijn de vaste aanspreekpunten voor de projectleider, • Nemen beslissingen namens de organisatie, • Zetten zaken in gang in de eigen organisatie, • Wonen projectgroep overleggen bij, 12

• •

Ondersteunen van de projectleider, Verzorgen de interne en externe communicatie over het project binnen de eigen organisatie en in het werkgebied van de eigen organisatie.

De projectleider Wat doet de projectleider? • Zorgt voor de uitvoering van het projectplan, • Begeleidt de wijkondersteuner, in de vorm van 1 of 2 wekelijks overleg, • Biedt een goede introductie van de wijkondersteuner in de wijk, • Coördineert vergaderingen van de project- en stuurgroep (in ieder geval 2 keer per jaar, projectgroep vermoedelijk vaker), • Houdt de voortgang in de gaten en informeert de stuurgroep daarover (2 jaarlijks), • Coördineert de projectgroep en benut deze door hulpvragen neer te legen, • Beheert het beschikbare budget en de middelen, • Coördineert de informatievoorziening omtrent het project, • Coördineert na anderhalf jaar de evaluatie inclusief vooruitblik hoe gaan we na de projectperiode verder?

De wijkondersteuner De wijkondersteuner is verantwoordelijk voor de sturing van de processen om tot een zorgzame buurt te komen. De wijkondersteuner is een betaalde kracht in dienst van ONS Stede Broec. De wijkondersteuner zal vanuit de ABCD werken aan community building in de wijk. De kern is het bouwen aan een sterke gemeenschap waar iedereen zich welkom voelt en op eigen wijze meedoet. Het functieprofiel is al eerder beschreven. Deze professional heeft een spilfunctie binnen dit project. Voor de eerste twee jaar van het project is het daarom noodzakelijk om hier een functie van 24 uur aan te verbinden. Doel is om de wijk steeds zelfredzamer te maken waardoor er steeds minder professionele uren benodigd zijn in de loop van de tijd. Dit zelfde geldt voor de projectleider. Hij/zij zal het eerste jaar ongeveer een dag per week actief zijn om het project goed op de kaart te zetten, de verwachting is dat na een jaar de wijkondersteuner kan volstaan met coaching / begeleiding vanuit Ons Stede Broec en de projectgroep.

De buurtverbinder De buurtverbinder is de verbinder van de buurt, dit zijn de vrijwilligers in de buurt of wijk. Zij staat in contact met één vaste buurt en weet hierdoor goed wat er speelt en wat die buurt nodig heeft om samen te groeien. Zij kan altijd terugvallen op de wijkondersteuner en moet zo min mogelijk belast worden met wet en regeltaken.

Tijdspad Het tijdspad is een grove opzet en wordt aangevuld met de wensen van de buurtbewoners die we ophalen tijdens de buurtworkshops. Fase 1 Wijk Princenhof/Broekerhaven Ontwikkelen plan van aanpak

13

tijdspad Dec 2022

Kennismaking projectgroep en onderzoeker Louis Bolk Instituut Indienen plan van aanpak bij opdrachtgever Indienen plan van aanpak bij de Raad Onderzoeksplan opstellen met Louis Bolk Instituut Start werving wijkondersteuner Informeren van de wijk en uitnodigen workshops Uitnodigen van ketenpartners en belangrijke instanties in de wijk Workshop wijkbewoners en belangrijke ketenpartners Conclusies verwerken door Louis Bollk instituut Plan van aanpak opstellen vanuit conclusies Buurtverbinders in stelling Tussentijdse terug koppeling voortgang projectgroep Tussentijdse terugkoppeling opdrachtgever Tweede terug koppeling projectgroep en opdrachtgever Start zorgzame wijk Kloosterhof/Oostersluis Tussen evaluatie na 1,5 jaar, evt bijsturing voor toekomst fase 2 met bijsturing Start zorgzame wijk Kloosterhof/Oostersluis

Maart 2023 Jan 2023 Maart 2023 Maart 2023 Mei 2023 Mei Juni 2023 Mei-Juni 2023 Aug 2023 Sept 2023 Okt 2023 Okt 2023 November 2023 November 2023 April 2024

Oktober 2024

Evaluatie & onderzoek Het proces wordt gemonitord en onderzocht door het Louis Bolk Instituut in samenspraak met de wijkondersteuner en projectleider. De onderzoeksvragen worden aan de hand van de workshops opgesteld. Er wordt tenminste een nulmeting en twee effectmetingen gedaan.

Financiering, kosten en baten Onderstaand de financiering voor de duur van 2 jaar. Grotere interventies zullen apart begroot moeten worden Project onderdeel Salaris wijkondersteuner 14

Kosten €125.259 (gebaseerd op inzet van 24 uur / week)*

Salaris projectleider

€27.853 (gebaseerd op inzet van 8 uur /week in het eerste jaar)* €2.000 €5.000 €15.000

PR en Communicatie Activiteiten budget Interventies (b.v. aankleden en huren van ruimtes/ lief en leed potjes/workshops) Onvoorzien €5.000 Kosten onderzoeker Louis Bolk Instituut €35.000 Totaal kosten voor project van 2 jaar €215.112 *Door ervaren MBO-er of beginnende HBO-er, gebaseerd op de CAO Sociaal Werk (2023)

De kosten zullen gelijk verdeeld worden over gemeente Stede Broec, Omring en de Woonschakel. Met dien verstande dat Omring in zijn/haar contractafspraken met VGZ zorgkantoor Noord-Holland Noord voor 2023 aanspraak heeft kunnen maken op een budget vanuit de transitiemiddelen WOZO van 75K in 2023. Omring zal dit aanwenden voor de financiering van dit project en daarmee de regionale samenwerking ‘Beter Oud Worden Stede Broec’. Dat betekent dat de bijdrage voor elk van de participerende organisaties (Woonschakel, gemeente Stede Broec en Omring) in het eerste jaar met 25K omlaag gaat. Dit resulteert in de volgende verdeelsleutel:

Organisatie Periode 01-04-2023 tot 01-04-2024 Periode 01-04-2024 tot 01-04-2025 Gemeente Stede Broec €35.852 - €25.000 = € 10.852 €35.852 De Woonschakel €35.852 - €25.000 = € 10.852 €35.852 Omring €35.852 - €25.000 = € 10.852 €35.852 Ons Stede Broec zal de kosten vóóraf en per jaar factureren. Eventuele indexatie van de lonen (CAO Sociaal Werk) zullen doorgevoerd worden in de facturatie.

Bijlage 1 Startnotitie ‘Samenwerken in Stede Broec’, september 2020

Samenwerken in Stede Broec Over een goede oude dag, een leefbare woonomgeving en een zorgzame samenleving Aanleiding. Stede Broec vergrijst en ontgroent meer dan de andere delen van Nederland. Het aantal 75PLUSsers stijgt t.o.v. 2018 met ruim 1.500 en verdubbelt dus vrijwel in slechts 12 jaren. Dat betekent heel veel vitale senioren er bij, maar ook het aantal kwetsbare ouderen neemt navenant toe. De behoefte aan beschermd wonen-plekken stijgt met ca 87% (van 134 naar 250). Maar ook kwetsbare ouderen, die geen verpleeghuisplek hoeven, hebben zorg en een passende woning nodig. Dat hoeft niet altijd formele zorg te zijn, ook een goed netwerk van informele hulp en ondersteuning kan een groot verschil maken voor deze ouderen. Vraagstuk. Meerdere partijen zijn direct betrokken bij dit vraagstuk dat ontegenzeggelijk een grote impact heeft op Stede Broec. Samenwerking en dus coördinatie is van groot belang. Dat is niet alleen een taak van de gemeente, veel partijen zijn en voelen zich medeverantwoordelijk. We wachten dus niet op een woon- en zorgvisie voordat we iets kunnen doen, deze visie is ook van ons! (vanzelfsprekend met respect voor democratische spelregels). Als een goede oude dag het doel is, zijn in ieder geval drie domeinen cruciaal: de woonomgeving, de zorg en de ondersteuning. Kort 15

gezegd: het gaat om stenen en steun; voldoende passende woningen, in een logische ruimtelijke ordening, de juiste zorg dichtbij en zorgzame buurten. Een helder beeld en een concrete agenda. Samenwerkingsafspraken over concrete oplossingen worden gestoeld op inzicht in wat er gaat gebeuren, allereerst in de demografische transitie. Economische en sociale feiten en cijfers en een beschrijving van de bestaande voorzieningen bieden houvast. Dat is de basis om ons Stede Broec in 2030 voor te stellen en welke acties we moeten nemen. Maar ook wie! Dat is uiteindelijk de gezamenlijke agenda, een samenhangende set van activiteiten. En hoe maken we dat? We nemen de komende maanden om dat beeld en die agenda te maken. De regie in dat proces ligt bij ONS Stede Broec. De Seniorenraad Stede Broec, de gemeente Stede Broec, De Woonschakel en Omring doen mee bij de totstandkoming van het gezamenlijk document en committeren zich met een pro-actieve houding. Andere partijen geven inbreng op een voor hun passende wijze. Doel is dat er voor het einde van het jaar een duidelijke visie is hoe Stede Broec ook in 2030 een plek is waar het goed oud worden is. De visie is niet alleen hoe dat er uit ziet, maar vooral ook een concrete lijst van randvoorwaarden om dit te bereiken.

16

Bijlage 2 Bijdrage van deelnemers tijdens de buurtbijeenkomsten. • • • • •

Er is behoefte aan een huiskamer in Plan Zuid, als ontmoetingsplek, liefst met gratis koffie en thee want geldgebrek- zeker in plan Zuid - houdt mensen op afstand. Meldpunt eenzaamheid – is dat er (deels) al? een eenzaam iemand zal zich echter niet snel melden Koffietafel en buurtsoep is elke maand in ’t Stadsplein, maar dat is voor sommigen in Plan Zuid te ver Luisterend oor bij ontmoetingen is erg welkom Taart voor nieuwe bewoners van de buurt: hadden we vroeger

Over de lief-en-leedpotjes • •

Je zou een soort straat-burgemeester kunnen hebben die aandacht geeft aan de straat, en die dat potje beheert met een paar straat-wethouders En al die straatburgemeesters samen kunnen een wijkcomité zijn.

Over de Dorpsondersteuner •

• • • •

Er is een proef aan de gang vanuit Ons Stede Broec met ‘welzijn op recept’ bij een huisarts: deze medewerker verwijst mensen o.a. door naar Wonen Plus of de buurtcoach en beschikbare activiteiten. Iemand die vanuit de buurt komt, heeft een lage drempel, een soort wijkcoach of straatburgemeester, kan een bijdrage leveren aan zorgzame buurten. De Dorpsondersteuner lijkt op ‘Wonen Plus’, maar dat vraagt een jaarlijks inleggeld. Voor sommigen is dat helaas te veel. Je wil eigenlijk een dorpsondersteuner per wijk, zeg per 2000 tot 3000 mensen: want je moet mensen kennen. Plan Zuid is te groot (10.000 mensen?) voor 1 dorpsondersteuner.. “De jeugd krijg je hier niet in mee.. die zijn met hun computer bezig”

Over de toegankelijkheid en promotie van activiteiten: •

• •

• •

17

Er wordt veel georganiseerd, ook in het stadsplein, maar dat weet je niet altijd. Niet iedereen leest, en de Nee-Nee stikker houdt veel informatie tegen. Een bord bij de Lidl kan ook veel tam-tam geven, bereikt mensen die niet lezen. De drempel om naar een ‘zorg-instantie’ te gaan is hoog, iemand uit de buurt vragen, is veel makkelijker Er is veel mogelijk in het welzijnswerk, maar dat is te vinden in veel lettertjes.. Voor je het gevonden en voor elkaar hebt, vraagt dat heel veel van iemand. Dat kun je niet als je slecht leest of veel moet werken om je centen bij elkaar te schrapen.. Als je je problemen in de buurt kunt oplossen, met ervaringsdeskundigen uit je buurt, is veel fijner. We moeten weer normaliseren dat je iets aan een ander vraagt

•

• •

• • •

Esther heeft een poll-gehouden op de facebook-pagina van de Princenhof: 300 gezinnen hebben antwoord gegeven op wat zij belangrijk vinden: tip voor de raadsleden uit de fracties, nuttig om in te zien voor de coalitie-onderhandelingen. Tips voor het organiseren van een zorgzame buurt in Plan Zuid er zijn een aantal organisaties die proberen om zorgzaamheid te verspreiden. die werken allemaal naast elkaar. Je zou ze kunnen verbinden en hen een rol geven in de coördinatie, denk aan parochie-werk, zonnebloem, en andere organisaties Het Vrijwilligerspunt is een sociale kaart aan het maken – per wijk(?) Sparwijk Hufter-proof Plan Zuid-groep: die bestond al Esther Scheper wil graag meedenken met de ontwikkeling van een wijkcomité in Plan Zuid

Gebouwen die als wijkhuis kunnen fungeren De behoefte aan ontmoetingsruimten in de wijk(en) wordt zeker herkend. Postkantoor is niet voor iedereen beloopbaar vanwege conditie, stok, krukken of rollator. Gebouwen die ook als ontmoetingsplek zouden kunnen dienen zijn: • • • •

De Flint (met stip op 1) Pampus IJsbaan Nassaupark

Aan welke activiteiten is behoefte in Plan Zuid? We vroegen de aanwezigen om 5 stikkers te verdelen over activiteiten die waarde zouden toevoegen aan Plan Zuid, en wat ze zelf zouden willen toevoegen aan plan Zuid. De volgende activiteiten kregen allemaal stickers: • • • • • • • • • • • • •

18

kook- en eetclubs (10) … Vanessa wil 1x/mnd buurtsoep begeleiden gratis koffietje/thee doen (5) .. Vanessa wil 1x /week begeleiden kledingruilbeurs (4) groen in de buurt (3) tuinen kijken/ tuinen wedstrijd (1) leesclub (1) … Esther wil deze trekken verhalen schrijven (1) vilten/haken (1) Resto van harte (1) - diners koken en serveren door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt hulp bij administratie (1) klussen-club (1) fietsclub (1) kleren maken (1)

Overige opmerkingen: De lief-en leed-potjes, het concept van de dorpsondersteuner en opbouwwerk onder aansturing van een wijkcomité worden positief ontvangen. Ze hebben allemaal hun eigen werking die complementair zijn. Er is met enige overlappende concepten al ervaring in Stede Broec: o voor de lief-en-leedpotjes moet de huidige gemeentelijke regeling iets aangepast worden voor de dorpsondersteuner kan de welzijn-op-recept-pilot wat uitgebreid worden: niet alleen zingevingsvragen, maar ook de organisatie van steun zou in het pakket van welzijn op recept moeten vallen. met opbouwwerk onder aansturing van een wijkcomité is nog geen ervaring. Een fijnmazig wijkaansturing zou gevormd kunnen worden door een structuur van: straatburgemeesters (met hun wethouders) die steun geven met de lief en leed-potjes, maar ook een link kunnen zijn naar formulieren invullen, ed. meerdere straat burgemeesters samen kunnen een wijkcomité vormen, die aangeeft aan de opbouwwerker wat er nodig is in de buurt. De verwachting is dat als de samenhang in een wijk sterker wordt, de zorgkosten lager zullen worden, omdat het individuele oplossend vermogen groter wordt, omdat de vraag verlegenheid minder wordt, en omdat de omgeving bewust iz van behoeften van een buum of buuf, en omdat er meer spontaan hulp wordt aangeboden. Het hele idee achter deze suggesties is dat dit de zorgkosten zal doen dalen.

Dit vraag om investering en maatwerk per wijk en ruimte voor een proefperiode. De kost gaat voor de baat uit.

19

Bijlage 3 Model positieve gezondheid Dit model biedt de mogelijkheid om met iedereen het gesprek over gezondheid en leefomgeving te voeren. Bewoners en andere stakeholders worden uitgenodigd om met elkaar de 6 domeinen in te vullen van het model voor de leefomgeving. Belangrijke vragen daarbij zijn: Wat kan er volgens jou verbeteren? En wie van ons pakt welk punt op? Aan de hand van de invulling wordt vanzelf duidelijk wie daarbij de regie dient te hebben. Dat kan de gemeente zijn of de wijkondersteuner, maar ook de buurtambassadeur of een bewoner. Wat dicht bij huis ligt, kunnen bewoners prima zelf oppakken. Bijvoorbeeld een wekelijks koffiemoment organiseren. Liggen de verbeterpunten minder dichtbij, zoals een bankje plaatsen of een fietspad aanleggen, dan is de gemeente de aangewezen partij om ze op te pakken.

Onderzoek Louis Bolk Instituut Louis Bolk Instituut neemt het spinnenweg van Positieve gezondheid als leidraad en gebruikt deze om gezondere wijken te creëren. Het model ziet er als volgt uit:

20

Bolk-model voor Positieve Gezondheid en Leefomgeving (invulvoorbeeld)

https://www.louisbolk.nl/projecten/positieve-gezondheid-en-leefomgeving

21

Bijlage 4 Leefbaarometer De Leefbaarometer geeft informatie over de leefbaarheid van o.a. in Stede Broec. Leefbaarheid wordt gedefinieerd als de mate waarin de leefomgeving aansluit bij de voorwaarden en behoeften die er door de mens aan worden gesteld. Het geeft de situatie in de wijk weer, maar ook ontwikkelingen en achtergronden van de buurt. In onderstaand overzicht is te zien dat de wijken waar gestart wordt met de zorgzame buurt de leefbaarheid lager wordt ervaren dan de wijken boven het spoor.

www.leefbaarometer.nl

Om leefbaarheid in beeld te brengen wordt gebruik gemaakt van 100 indicatoren, onderverdeeld in 5 dimensies. Deze 100 indicatoren zijn in de Leefbaarometer opgenomen omdat uit uitvoerig statistisch onderzoek gebleken is dat met deze indicatoren het oordeel over leefbaarheid het beste ingeschat kan worden. Dat wil dus zeggen dat de Leefbaarometer op basis van 100 (voornamelijk) objectieve indicatoren (kenmerken van de woonomgeving) een inschatting geeft van de leefbaarheidssituatie en -ontwikkeling.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12535156/1