03A Stede Broec Raadsbrief Verbeteragenda kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd
Tekst van het document
Raadsbrief Verbeteragenda kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd Informerend Zaaknummer: 720061 Bijlage: Voortgangsrapportage kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd
Geachte raad, Aanleiding Deze informatiebrief ontvangt u, omdat de inspecties van Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en Veiligheid en Justitie (IVenJ) hebben gesignaleerd dat kinderen in de jeugdbescherming te lang moeten wachten op hulp. Dit is een landelijk signaal en is in een rapport beschreven. De informatie hieromtrent wordt aan alle raden bovenregionaal (NHN) per informatiebrief verstuurd. Om die problematiek op te lossen moesten de Gecertificeerde Instellingen1 (GI’s) van hun eigen situatie een ‘foto’ maken en in samenwerking met de regio’s een verbeteragenda opstellen. Uit de foto’s bleek dat de problemen door verschillende oorzaken zijn ontstaan, zoals een groot verloop van personeel bij de GI’s, maar ook door wachtlijsten van jeugdhulpaanbieders. De GI’s en de gemeenten herkenden de problemen en zijn aan de slag gegaan met het opstellen en uitvoeren van verbeterplannen. De inspecties zijn in de afgelopen periode de verbeteracties blijven monitoren. In de voortgangsrapportage van oktober 2020, concluderen de inspecties dat er stappen zijn gezet, maar ook dat het beter moet. Eind november 2019 presenteerde de Inspecties Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en Veiligheid en Justitie (IVenJ) de rapportage ‘Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd’. Hierop is vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid een beleidsreactie opgesteld. Deze is meegezonden met de raadsbrief.
Hiaten in de jeugdbescherming De inspecties vinden dat de verbeteragenda’s teveel gericht zijn op de lange termijn en dat er onvoldoende is gebeurd om acute en onveilige situaties van kinderen op korte termijn op te lossen. In de voortgangsrapportage worden 2 hiaten benoemd: 1. Kinderen wachten nog steeds te lang op een jeugdbeschermer. 2. Het is met enige regelmaat niet voldoende mogelijk om tijdige en passende jeugdhulp in te zetten voor kinderen met een maatregel. Dit rapport schetst een beeld, dat de problematiek landelijk is, terwijl er juist grote regionale verschillen zijn. Nog steeds zijn er bij de GI’s verschillen in wachttijden en personele tekorten. Wat echter wel een landelijk gedeeld beeld is, is het tekort aan (hoog) specialistische hulp. Het gaat om kinderen die specialistische, zwaardere en langdurige hulp nodig hebben, vaak gecombineerd met een woonvoorziening. De meeste regio’s herkennen dit beeld en hebben in de uitvoering met deze belemmeringen te maken. De regio’s zijn ook van mening dat deze tekorten niet alleen binnen de uitvoering van de verbeteragenda’s kunnen worden opgelost. Daarvoor is het probleem te groot en is het nodig dit in breder verband te bespreken, dus ook aan landelijke tafels. Kernboodschap De inspecties stellen een doorbraakmethode voor waarin regio’s met de betrokken GI’s en jeugdhulpaanbieders per casus een oplossing zoeken.
Dit advies is overgenomen door het ministerie van Justitie en Veiligheid. De inspecties toetsen of de doorbraakmethode wordt uitgevoerd en of deze aanpak ook resultaten oplevert. 1
Gecertificeerde Instellingen (GI’s); zijn de organisaties die uitvoering geven aan maatregelen jeugdbescherming en jeugdreclassering, die opgelegd zijn door de Rechtbank.
Het ministerie van VWS hebben de volgende acties opgelegd: 1.
2.
3.
Gemeenten hebben zicht op welke kinderen met een gerechtelijke maatregel geen tijdige jeugdbescherming/jeugdreclassering krijgen en/of welke kinderen met een gerechtelijke maatregel niet tijdig passende jeugdhulp krijgen. Dit doen gemeenten in samenspraak met de GI’s. Onder regie van de verantwoordelijke gemeente maken lokale teams, zorgaanbieders en GI’s vervolgens per kind afspraken om jeugdbescherming en passende jeugdhulp te organiseren. Deze individuele benadering is de kern van de door de inspecties beoogde doorbraakaanpak. Als het op gemeentelijk niveau niet lukt om passende jeugdhulp of bovenstaande aanpak snel en adequaat te organiseren, zetten gemeenten ter ondersteuning van bovenstaande doorbraakaanpak hun eigen regionale expertteams in. Deze teams hebben als taak om voor kinderen tijdig passende hulp te organiseren, ongeacht de complexiteit van de zorgvraag en wachtlijsten bij jeugdhulpaanbieders (inclusief Jeugd-GGZ). De expertteams kunnen voor bovenstaande afspraken ondersteund worden door het Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd (OZJ). Het Rijk faciliteert dit.
Consequenties Bij de GI’s is een uitvraag gedaan om zicht te krijgen op het aantal kinderen. In november bleek dit na uitvraag voor twaalf kinderen in West-Friesland te gelden, die wachten op passende specialistische jeugdhulp en het ging om twee kinderen die op een vaste jeugdbeschermer/ jeugdreclasseerder in West-Friesland zaten te wachten. Dit is een momentopname. Voor sommige kinderen is de passende jeugdhulp inmiddels gestart. Op 8 december waren dit geen kinderen in de gemeente Stede Broec. Het signaal van de inspectie en de aanpak van gemeenten hierop, hebben het zicht op de wachttijden bij de GI’s vergroot. Door toezicht hierop en het verplichtende karakter vanuit de inspecties richting gemeenten en GI’s om hier vroegtijdig op in te zetten, is passende jeugdhulp versneld ingezet voor betrokken kinderen. Vervolg De West-Friese gemeenten hebben voldaan aan de opdracht van de inspecties om kinderen die wachten op jeugdbescherming en jeugdreclassering middels de doorbraakaanpak in beeld te krijgen. Er zijn afspraken gemaakt dat GI’s de gemeenten op casusniveau informeren indien er termijnen overschreden worden. De borging van de aanpak vraagt nog een nadere uitwerking. Met deze informatiebrief gaan wij er vanuit dat wij u voldoende hebben geïnformeerd over de huidige stand van zaken over de voortgangsrapportage van de Inspecties Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd.
Bij relevante vervolgontwikkelingen wordt u weer op de hoogte gesteld.
Bovenkarspel, 26 januari 2021 Burgemeester en wethouders van Stede Broec De secretaris, De burgemeester,
A. Huisman
R.A.P. Wortelboer