02A Plan van aanpak zendtijdtoewijzing West-Friesland 2023 - 2027
Tekst van het document
Plan van aanpak zendtijdtoewijzing lokale omroep West-Friesland 2023 – 2027 Aanleiding De zendtijdtoewijzing van de lokale omroep vindt om de vijf jaar plaats. Bij de laatste ronde is Stichting Streekomroep West-Friesland, beter bekend als WeeFF aangewezen als lokale publieke mediainstelling1. Het Commissariaat voor de Media neemt het besluit over de aanwijzing, maar vraagt de betrokken gemeenteraden om advies als er twee of meer gegadigden zijn. Voor de nieuwe periode zijn er vier gegadigde partijen, waarvan er één alleen de zendtijd in de gemeente Hoorn aanvraagt. De andere drie partijen vragen de zendtijd aan in alle zeven West-Friese gemeenten.
Randvoorwaarden en uitgangspunten - Per gemeente kan er één lokale publieke media-instelling aangewezen worden; - Deze media-instelling moet voldoen aan de wettelijke vereisten, ofwel voor aanwijzing komen alleen instellingen die; o rechtspersoon naar Nederlands recht met volledige rechtsbevoegdheid zijn; o zich volgens de statuten uitsluitend of hoofdzakelijk ten doel stellen het op regionaal respectievelijk lokaal niveau uitvoeren van de publieke mediaopdracht door het verzorgen van media-aanbod dat gericht is op de bevrediging van maatschappelijke behoeften die in een provincie, een gemeente of een deel van de provincie waarop de instelling zich richt leven, en het verrichten van alle activiteiten die nodig zijn om daarmee een publieke taak te vervullen; en o volgens de statuten een orgaan hebben dat het beleid voor het media-aanbod bepaalt en dat representatief is voor de belangrijkste in de desbetreffende provincie of gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen.
- Artikel 2:63 lid 1 Mediawet 2008 geeft aan dat bij twee of meer gegadigden het college van burgemeester en wethouders voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is het samengaan van die instellingen bevordert; - Als samengaan niet mogelijk is wordt aan de gemeenteraden een voorkeursadvies gevraagd, ofwel welke aanvrager wordt het beste in staat geacht de functie van lokale publieke media-instelling te vervullen; - Gemeenten hebben 18 weken om een advies uit te brengen nadat ze door het Commissariaat geïnformeerd zijn over de aanvragende partijen. Plan van aanpak 7 West-Friese gemeenten De aanpak van de zeven West-Friese gemeenten ziet er als volgt uit: 1. Het opstellen van aanvullende criteria om een gefundeerde keuze te kunnen maken uit de gegadigde partijen. Deze criteria worden gebaseerd op de criteria zoals weergegeven in hoofdstuk zes van het ‘Vernieuwingsconvenant Gemeenten – Lokale Omroepen 2015 – 2018’ en worden vastgesteld door middel van een collegebesluit in zeven gemeenten; 2. Voor het beoordelen van de plannen aan de hand van de criteria wordt een beoordelingsformulier opgesteld; 3. Ondertussen wordt op een geschikt moment volgens artikel 2:63 Mediawet de vier aanvragende partijen gevraagd of zij bereid zijn om zich samen te voegen tot één partij; 4.
Indien het samengaan van de partijen niet mogelijk of gewenst blijkt worden de door gegadigde partijen ingediende plannen ambtelijk beoordeeld; 5. Uit de ambtelijke beoordeling volgt een onderbouwde keuze en daarmee een voorkeurspartij; 6. Deze voorkeurspartij wordt voorgelegd aan de zeven portefeuillehouders; 7. Na instemming van de portefeuillehouders wordt de voorkeurspartij vervolgens voorgelegd aan de zeven gemeenteraden in West-Friesland. Voorwaarde in dit proces is om te waarborgen dat gelijke kansen aan alle partijen geboden worden. Misschien goed om toe te lichten dat het niet mogelijk is om stap 6 via het Madivosa te laten verlopen. Het aantal vergaderingen van het Madivosa is beperkt en de aanlevertermijn van stukken is 3,5 week. Het is niet mogelijk om dit in te passen binnen het tijdsbestek van 18 weken. Daarom worden de portefeuillehouders in een aparte (Teams)vergadering bij elkaar geroepen. 1 Besluit in brief Commissariaat voor de Media van 9 april 2018: Na toetsing van uw aanvraag hebben wij besloten Weeff aan te
wijzen van 3 april 2018 tot 3 april 2023 als lokale publieke media-instelling voor de verzorging van de publieke mediadiensten in de gemeenten Drechterland, Enkhuizen, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer en Stede Broec.
Criteria Los van de wettelijke vereisten uit de Mediawet wordt in het eerder genoemde Vernieuwingsconvenant een aantal criteria op een rijtje gezet, als voorwaarden voor een lokaal toereikend media-aanbod. Deze zijn samen te vatten in de volgende punten: - Productaanbod (inhoud + kanalen); - Kwaliteit van de omroep; - Effectiviteit en efficiency van de exploitatie. Hierna volgt een nadere uitwerking van deze criteria. Productaanbod: inhoud + kanalen Gegeven de missie van de lokale omroep zou de content tenminste aan de volgende criteria moeten voldoen: - gericht op de natuurlijke habitat van de burger dat wil zeggen het gebied waarin deze woont, leeft, werkt, de dagelijkse of niet-dagelijkse inkopen doet, uitgaat, sport, voortgezet onderwijs volgt e.d. Het gaat om een streek of centrumstad met een eigen geografische, economische en sociaalculturele identiteit, dus vaak ook gemeentegrens overstijgend; - met evenwichtige en volledig dekkende redactionele aandacht voor burgers, straten, buurten, dorpen en steden in het verzorgingsgebied; - (werk)dagelijks op alle kanalen multimediaal nieuws en informatie; - met interactie en participatie van burgers en groeperingen; - waarbij tenminste 50% van de mediaproducties informatief, cultureel en/of educatief is.
De huidige Informatie, Cultuur en Educatie (ICE)-norm op basis van de Mediawet 2008 staat daarbij kwalitatief niet ter discussie. Maar de wijze waarop de norm wordt berekend, zou daarbij nadere invulling moeten krijgen als 50% van de content die over alle kanalen geaggregeerd gebracht wordt. Hierover is nader overleg met het CvdM nodig. In antwoord op een nadere vraag over het gebruik van kanalen schrijft het Commissariaat voor de Media in een mail op 19 juli 2022 het volgende: Uit de Mediawet 2008 volgt momenteel geen verplichting voor lokale publieke media-instellingen om zowel op televisie, radio als internet media-aanbod te verzorgen. Voormalig minister van Media, de heer Slob, schreef in een brief aan de Tweede kamer op 11 december 2019 daarover het volgende: “De bepaling in de Mediawet 2008 ten aanzien van de publieke mediaopdracht is bedoeld om lokale omroepen de ruimte te geven om naar eigen inzicht van de hen beschikbare aanbodkanalen gebruik te maken. Met deze bepaling is beoogd om een techniek-neutrale taakopdracht voor publieke omroepen tot stand te brengen die voldoet aan Europese regels. Van een verplichting voor lokale publieke omroepen om voor alle aanbodkanalen uitzendingen te verzorgen is geen sprake.
Lokale publieke omroepen kunnen nu dus al zelf bepalen welke aanbodkanalen zij gebruiken voor hun uitzendingen.” Wél kunnen de plannen van de aanvragers via welke wegen zij van plan zijn media-aanbod te verzorgen van belang zijn bij het bepalen van een voorkeurspartij. Kwaliteit van de omroep De tweede dimensie betreft kwaliteit: op welke wijze kan kwaliteit worden gemeten, maar belangrijker nog, hoe kan kwaliteit structureel worden geborgd? Daartoe kwalificeert het convenant de bedrijfsvoering en de journalistiek als volgt: Bedrijfsvoering - Professioneel geborgde organisatie, in de praktijk veelal met vrijwilligers/onbetaalde krachten; - Kwalitatieve toets/visitatie binnen planning- en controlcyclus door OLON; - Lokale productie (omroepfunctie), paraplu in streek of regio (regiefunctie); - Gebruikmaking van landelijke infrastructuur (o.a. distributie: mediahub); - Kijk- en luisteronderzoek (bovenop reguliere bekostiging). Redactie/journalistiek - Professioneel geborgde journalistiek: kwaliteit en onafhankelijkheid; - Lokale samenwerking met bibliotheken, scholen en culturele en maatschappelijke organisaties;
-
Publieke toegankelijkheid (van iedereen, voor iedereen, door iedereen); Representatief en goed functionerend programmabeleidbepalend orgaan (PBO); Samenwerking binnen het publieke bestel.
Effectiviteit en efficiency van de exploitatie Twee belangrijke zinsneden uit het convenant: Van omroepen wordt verwacht dat zij minimaal de helft van de bekostiging zelf acquireert. Overigens is de lokale omroep daarbij tevens een "reguliere" marktpartij voor overheidscommunicatie door gemeenten en andere overheden. En twee: Samenwerken op landelijk niveau én in de streek is het sleutelwoord voor gelijktijdige verhoging van de kwaliteit en maatschappelijke waarde en verlaging van de productiekosten daarvan. Landelijk gebeurt dat door de Stichting Nederlandse Lokale Pubieke Omroepen gelieerd aan de OLON, die steeds meer voorzieningen centraal inkoopt en/of faciliteert. Lokaal dient dat te gebeuren via een regionale regierol vanuit een "parapluorganisatie" van samenwerkende omroepen: die vorm van streekomroepen is voor de mediasector het leidende principe bij de vernieuwing. Planning Wat
Wanneer
1
Het opstellen van aanvullende criteria om een gefundeerde keuze te kunnen maken uit de gegadigde partijen. Deze criteria worden gebaseerd op de criteria zoals weergegeven in hoofdstuk zes van het ‘Vernieuwingsconvenant Gemeenten – Lokale Omroepen 2015 – 2018’ en worden vastgesteld door middel van een collegebesluit in zeven gemeenten.
Voorliggend besluit
2
Voor het beoordelen van de plannen aan de hand van de criteria wordt (ambtelijk) een beoordelingsformulier opgesteld.
24 – 31 oktober
3
Ondertussen wordt op een geschikt moment volgens artikel 2:63 Mediawet de vier aanvragende partijen gevraagd of zij bereid zijn om zich samen te voegen tot één partij.
1 – 15 november
4
Indien het samengaan van de partijen niet mogelijk of gewenst blijkt worden de door gegadigde partijen ingediende plannen ambtelijk beoordeeld.
7 – 18 november
5
Uit de ambtelijke beoordeling volgt een onderbouwde keuze en daarmee een voorkeurspartij.
Uiterlijk 18 november
6
Deze voorkeurspartij wordt voorgelegd aan de zeven portefeuillehouders via een Teamsoverleg.
21 – 25 november
7
Na instemming van de portefeuillehouders wordt de voorkeurspartij vervolgens voorgelegd aan de zeven gemeenteraden in West-Friesland.
College: januari 2023 Gemeenteraad: februari 2023
Gegevens per gemeente De betrokken portefeuillehouders van dit onderwerp per gemeenten zijn: - Gemeente Medemblik: Dhr. Dennis Straat - Gemeente Stede Broec: Dhr. Thijs Visser - Gemeente Drechterland: Mw. Simone Visser - Botman - Gemeente Enkhuizen: Dhr. Wim Hoogervorst - Gemeente Koggenland: Mw. Monique Bonsen - Lemmers
-
Gemeente Opmeer: Dhr. Robert Tesselaar Gemeente Hoorn: Dhr. Axel Boomgaars
Belangrijke bronnen - Mediawet 2008: wetten.nl - Regeling - Mediawet 2008 - BWBR0025028 (overheid.nl) - Commissariaat voor de Media: Lokale omroep | Commissariaat voor de media (cvdm.nl) - Vernieuwingsconvenant Gemeenten – Lokale Omroepen 2015 – 2018: 20151111vernieuwingsconvenant-gemeenten-lokale-omroepen.pdf (vng.nl)