CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

R-2 Bijlage, beoordelingsformulier Interbestuurlijk toezicht Provincie inzake IBT Omgevingsrecht 2024

Gemeenteraad 7 november 2024, gemeente SomerenBij agendapunt: Ter informatie5.816 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Beoordelingsformulier 2024 systematisch toezicht IBT-omgevingsrecht Gemeente Someren Procesinformatie Beoordeelde documenten: Uitvoerings- & handhavingsstrategie: Uitvoerings- & Handhavingsstrategie (U&HS) 2023 - 2026 Uitvoeringsprogramma U&H 2024: Uitvoerings- & Handhavingsprogramma (U&HP) 2024 Evaluatieverslag VTH 2023: Jaarverslag VTH 2023 Beoordeling afgerond: Reactie gevraagd vóór: Reactie ontvangen: Reactie verwerkt: 17 mei 2024 1 juni 2024 13 juni 2024 29 juni 2024

Beoordelingsvragen Deze beoordelingsvragen zien op de tijdigheid/actualiteit en kwaliteit van de wettelijk vereiste documenten voor de uitoefening van de uitvoerings- en handhavingstaak (hierna: U&H-documenten of ook wel VTHdocumenten) van gemeenten. De wettelijke basis daarvan ligt in de Omgevingswet met bijbehorende

uitvoeringsbesluiten (Omgevingsbesluit met de zogeheten procescriteria U&H) en de provinciale Verordening systematisch toezichtinformatie Noord-Brabant. Het doel van de wetgever is dat provincies, gemeenten en waterschappen hun U&H-organisatie zodanig professioneel inrichten dat een goede kwaliteit van de uitvoering van die taken is gewaarborgd. Daaronder verstaat de wetgever met name dat de U&H-taken op een strategische en programmatische manier worden gedaan met aandacht voor onderlinge afstemming van de werkzaamheden. Dat levert een stevige bijdrage op aan het realiseren van een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. En deze op een duurzame en doelmatige wijze te behouden en te ontwikkelen voor het bereiken van maatschappelijke opgaven.

Met interbestuurlijk toezicht draagt de provincie bij aan een bestendig en veilig Brabant met een sterke kwaliteit van het openbaar bestuur. Een bestuur dat het goede voorbeeld geeft richting burgers en bedrijven. Een bestuur waar

de mensen op kunnen vertrouwen.

Een tijdige en goede naleving van de procescriteria U&H is niet alleen wettelijke verplicht. Het is ook belangrijk voor een goede sturing op de U&H-beleidscyclus en voor de instandhouding van een professionele U&Hstructuur om risico’s te voorkomen op het gebied van volksgezondheid, veiligheid of onomkeerbare schade aan

de leefomgeving. De ambitie van de provincie is samen met gemeenten en waterschappen ervoor te zorgen dat alle U&Hdocumenten 100% actueel en op tijd zijn en voldoen aan de procescriteria U&H. De normering voor het eindoordeel is toegelicht onderaan dit format van het beoordelingsformulier. De conceptbeoordelingsvragen met bijbehorende beoordelingscriteria zijn via de mail op 20 december 2023 bekend gemaakt aan de contactpersonen IBT Omgevingsrecht bij gemeenten en waterschappen met gelegenheid voor reactie. Er zijn een aantal reacties ontvangen. Het definitieve beoordelingsformulier samen met een overzicht van de ingekomen reacties en de reactie van IBT daarop is vervolgens op 1 februari 2024

gemaild aan de contactpersonen en ook geplaatst op de website IBT-omgevingsrecht in de SharePoint werkomgeving.

1

Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht) Vraag 1: Stelt de gemeenteraad regels over de uitoefening van de U&H-taken of de daarmee samenhangende werkzaamheden die in opdracht van B&W worden uitgevoerd

goede kwaliteit van de uitoefening van die taken door de omgevingsdiensten te waarborgen? (Ow art. 18. 23, lid 1, onder a (kwaliteit basistakenpakket omgevingsdiensten) Toelichting wetgever: Voor de invulling van deze verplichting is door de VNG en het IPO een Modelverordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht opgesteld, die voor gemeenten en provincies gelijkluidend is. om een

Definitief oordeel: Voldoet. In de openbare vergadering van 2 maart 2023 heeft de gemeenteraad van Someren de Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht) gemeente Someren 2023 vastgesteld. Vraag 2. a. Evalueren B&W jaarlijks over de naleving van de actuele kwaliteitscriteria U&H voor de eigen organisatie en de omgevingsdienst en doen zij daarover mededeling aan de

gemeenteraad? Vraag 2. b. Als blijkt dat de kwaliteitscriteria U&H niet zijn of niet konden worden nageleefd, motiveren B&W dan de reden waarom en hoe wel voor de gestelde kwaliteit wordt gezorgd? (Modelverordening U&H omgevingsrecht art. 5, lid 2 en 3) Toelichting wetgever: Over de naleving van de kwaliteitscriteria wordt jaarlijks mededeling gedaan aan de gemeenteraad. Het gaat hier om een belangrijke inhoudelijke mededelingsplicht die kan worden meegenomen in bestaande jaarlijkse rapportages, in de op grond van het Omgevingsbesluit op te stellen documenten. Voorlopig oordeel: Voldoet niet. Tekortkomingen: Uit de toegezonden VTH-documenten blijkt niet dat B&W jaarlijks evalueren over de naleving van de actuele kwaliteitscriteria U&H voor de eigen organisatie en de omgevingsdienst. Evenmin is duidelijk dat daarover mededeling aan de gemeenteraad is gedaan. Verbeterpunten: Evalueer jaarlijks over de naleving van de actuele kwaliteitscriteria U&H voor de eigen organisatie en de omgevingsdienst en doen zij daarover mededeling aan de gemeenteraad. Bij het systematisch onderzoek in 2023 is bij dit procescriterium ook al een tekortkoming geconstateerd. Hierop is vervolgens geen inhoudelijke reactie ontvangen van gemeente Someren. Deze evaluatie dient te zijn uitgevoerd én bestuurlijk vastgesteld vóór 1 september 2024.

Stuur de evaluatie binnen 14 dagen na bestuurlijke vaststelling toe aan IBT Omgevingsrecht. Aangezien het een herhaalde tekortkoming betreft, betekent dit dat gemeente Someren onder actief toezicht (fase 3A) wordt geplaatst. Hierover wordt in de brief met het toezichtoordeel nadere mededeling gedaan. Reactie gemeente: We willen voorop stellen dat we dankbaar zijn voor deze feedback. De beoordeling heeft gezorgd nieuwe inzichten waardoor wij gemotiveerd zijn om een aanzien van de beoordeling hierboven het volgende.

voor

verbeterslag te maken in onze U&H-documenten. Ten

2

Uit de evaluatie van 2022 kwam naar voren dat wij voldoen aan de gestelde kwaliteitscriteria. In 2023 hebben we er voor gekozen om geen evaluatie van de kwaliteitscriteria uit te voeren, gelet op het feit dat er geen personele wijzigingen waren die van invloed waren op de evaluatie van 2022. Het is ons helder dat er een verplichting is om een jaarlijks terugkerende evaluatie uit te voeren, zelfs bij geen wijzigingen. Wij

hebben naar aanleiding van deze IBT-beoordeling dan ook gelijk de voorbereidende stappen gezet om een nieuwe evaluatie te laten plaatsvinden. Hiervoor hebben wij structureel budget ontvangen, zodat dit door een externe partij uitgevoerd kan worden. Begin juli starten wij het evaluatietraject met de externe partij. We streven ernaar om bovengenoemde deadline te halen. Verwerking reactie: Goed om te vernemen dat gemeente Someren bewust is van de naleving van wet- en regelgeving, zeker als deze door de eigen gemeenteraad is vastgesteld, zoals de Verordening. De ODZOB heeft in het najaar opdracht gegeven aan een extern bureau om na te gaan in hoeverre de omgevingsdienst voldoet aan de Kwaliteitscriteria 2. 3. Het resultaat van deze doorlichting is in maart 2024 gepubliceerd. De ODZOB laat zien robuust te zijn als het gaat om expertise binnen de kwaliteitscriteria. De organisatie toont aan binnen 20 van de 27 deskundigheidsgebieden genoeg kennis en kunde te hebben (comply). Een aantal deskundigheidsgebieden wordt belegd bij gemeenten, de Veiligheidsregio of andere omgevingsdiensten. Daarnaast zijn er binnen bepaalde deskundigheidsgebieden samenwerkingsafspraken gemaakt met andere omgevingsdiensten. Voor 7 van 27 deskundigheidsgebieden wordt daarom voldaan

middels explain. De deeltaken gericht op Afval, binnen Vergunningverlening milieu en Toezicht milieu, zijn door de omgevingsdienst nog onvoldoende in beeld gebracht. Dit komt naar voren als een verbeteractie. De organisatie voldoet aan alle deskundigheidsgebieden door middel van ‘comply or explain’. De basiscursussen natuurregelgeving, bouwregelgeving, afvalwater, energie en erfgoed komen naar voren als aandachtspunt in het organiseren van aanvullende opleidingen. Geconcludeerd wordt dat de ODZOB voldoet aan de VTH Kwaliteitscriteria 2. 3. Daarmee voldoet ook gemeente Waalre aan de naleving van de kwaliteitscriteria waar het betreft de uitbestede werkzaamheden. De door gemeente Someren gegeven toelichting geeft geen aanleiding het oordeel te herzien, echter het voldoen van de ODZOB aan de kwaliteitscriteria VTH, versie 2. 3, betekent een aanpassing van het oordeel in positieve zin: voldoet gedeeltelijk. Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Vraag 3. Voldoen B&W aan deskundigheidsgebied 27 (Cultuurhistorie) van de actuele kwaliteitscriteria U&H?

Toelichting wetgever: Deskundigheidsgebied 27 van de actuele kwaliteitscriteria 2. 3 (deel B kritieke massa) bevat de eisen aan de U&H-medewerkers en aan de organisaties die de daar genoemde activiteiten op het gebied van cultuurhistorie uitvoeren. De criteria voor kritieke massa hebben geen relatie met de omvang van het werkaanbod. Ze geven de organisaties een ondergrens van het aantal medewerkers en hun deskundigheid, die nodig is om activiteiten in continuïteit uit te kunnen voeren. Voorlopig oordeel: Voldoet niet.

3

Tekortkomingen: Uit de toegezonden VTH-documenten blijkt niet dat B&W voldoen aan dit deskundigheidsgebied. Indien de uitvoering van dit deskundigheidsgebied niet door de eigen organisatie wordt uitgevoerd, dient een leveranciersbeoordeling te worden overgelegd waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de kwaliteitscriteria. Verbeterpunten: Evalueer in hoeverre voldaan wordt aan deskundigheidsgebied 27 (Cultuurhistorie) van de actuele kwaliteitscriteria. Vraag aan externe partijen een verklaring waaruit blijkt voor het betreffende deskundigheidsgebied voldaan wordt aan de geldende kwaliteitscriteria. Reactie gemeente:

Zoals aangegeven bij de reactie op vraag 2 gaan wij aan de slag om dit onderdeel mee te nemen in de evaluatie kwaliteitscriteria. In de tijd die wij hebben ontvangen om een reactie op de beoordeling te schrijven is uitgezocht of wij voldoen aan deskundigheidsgebied 27. We hebben vanuit de ODZOB, onze externe partij, een verklaring ontvangen waarin staat dat wordt voldaan aan de geldende kwaliteitscriteria. Deze hebben we voor de volledigheid toegevoegd aan de reactie (bijlage 1). Daarnaast hebben wij ook een medewerker in ons VTH-team die optreedt als Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit (ARK). Onze ARK voldoet aan de eisen die zijn gesteld in deskundigheidsgebied 27 en voert de activiteiten uit zoals benoemd en krijgt hierbij, indien nodig, ondersteuning van de ODZOB. Dit is geborgd in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit Someren 2023 (bijlage 2) en in het werkprogramma 2024 van de ODZOB/Gemeente Someren (bijlage 3, onder ‘buiten werkprogramma’, ‘Advies erfgoed en

omgevingskwaliteit’). Verwerking reactie: Akkoord met de toelichting. Het oordeel wordt in positieve zin gewijzigd: voldoet. Definitief oordeel: Voldoet. Uitvoerings- en handhavingsstrategie (U&H-strategie) Vraag 4: Stellen B&W

een U&H-strategie vast in een of meer documenten waarin gemotiveerd wordt aangegeven welke U&H-doelen worden gesteld en welke werkzaamheden met het oog op die doelen zullen worden verricht? (Ob art. 13. 5, lid 1 en Ob art. 13. 6) Toelichting wetgever: Het is de bedoeling dat gemeenten en waterschappen ieder voor zich een U&H-strategie vaststellen en schriftelijk vastleggen. Dat kan in een gezamenlijk U&H-document of apart. U&H-strategie bevat het geheel van prioriteiten, doelstellingen, strategie en werkwijze. Voor uitvoering hoort daar een analyse van inzichten, technieken en werkwijzen bij. Het op elkaar afstemmen van doelen van uitvoering en handhaving is belangrijk. U&H-strategie wordt, indien nodig, ook afgestemd met andere bestuursorganen. Met wie hangt af van de vraag welke andere bestuursorganen door het beleid worden geraakt, bijvoorbeeld omdat samenwerking aan de orde is. Een goede interne afstemming tussen de werkeenheden uitvoering en handhaving en met andere werkterreinen binnen de eigen organisatie is ook van belang.

Definitief oordeel: Voldoet. De UH&S is op 20 december 2022 door het college van B&W vastgesteld. De strategische doelstellingen, onderverdeeld in een algemene VTH-doelstelling (gebaseerd op de Omgevingswet) en een drietal kwaliteitsdoelstellingen voortkomend uit de kwaliteitsverordening Uitvoering en Handhaving, zijn beschreven in hoofdstuk 3. 4

Van deze doelstellingen zijn afzonderlijke, SMART-geformuleerde doelen afgeleid, waarvan sommige voorzien zijn van een KPI. Een woord van waardering is op z’n plaats! Vraag 5: Wordt de handhavingsstrategie gebaseerd op een analyse van de problemen die zich kunnen voordoen bij de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet? (Ob art. 13. 5, lid 4)

Toelichting wetgever: Er moet sprake zijn van door het bestuursorgaan schriftelijk vastgelegde handhavingsdoelstellingen. Deze moeten gebaseerd zijn op een probleemanalyse waarbij het bestuursorgaan in kaart heeft gebracht voor welke regelgeving (de Ow en het bij of krachtens de andere betrokken wetten bepaalde) het de zorg voor de bestuursrechtelijke handhaving is opgedragen, wat de kansen op overtredingen van die regelgeving zijn en wat de effecten van die overtredingen voor de fysieke leefomgeving zijn. Een goede probleem- of risicoanalyse is één van de belangrijkste factoren om een kwalitatief goede beleidscyclus te realiseren. Op basis van de probleemanalyse bepaalt het bestuursorgaan welke activiteiten nodig zijn om de in kaart gebrachte handhavingsdoelen te bereiken en welke prioriteiten het daarbij stelt. Definitief oordeel: Voldoet. In hoofdstuk 4 (Probleemanalyse VTH) wordt in § 4. 1 eerst een omgevingsanalyse uitgevoerd. Vervolgens is er de risicoanalyse, waarbij gemeente Someren heeft gekozen voor een kwalitatieve risicomethode. Een compliment voor deze wijze van benadering. Bijlage 5 (Handleiding risicoanalyse) van de U&H-strategie beschrijft de methode hoe de risicoanalyse wordt uitgevoerd, die uiteindelijk leidt tot een prioriteitstelling ten behoeve van het integraal vergunning- en handhavingsprogramma.

Bijlage 6 (Uitkomsten risicoanalyse) geeft in tabellen de problemen dan wel overtredingssoorten weer met de berekening om het risico te bepalen en daarmee de prioriteit. Vraag 6: Gaan B&W in de U&H-strategie ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1. 2 en Ob art. 13. 5)

Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1. 2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat. Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in de omgevings-/probleemanalyse en de prioriteitenstelling die tot de U&Hstrategie behoren wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat. Voorlopig oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Bijlage 6 (Uitkomsten risicoanalyse) geeft in tabellen de problemen dan wel overtredingssoorten weer met de berekening om het risico te bepalen en daarmee de prioriteit. Daarbij worden binnen het domein Erfgoed mogelijke overtredingssoorten aangeduid en de mate van het risico. Tekortkoming: De vergunningenstrategie gaat in beperkte mate in op de rijksmonumentenactiviteit. De rol van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit in de vergunningenstrategie is niet beschreven.

Verbeterpunt: Ga in de vergunningen en toezichtstrategie dieper in op het onderdeel cultureel erfgoed. Betrek hierbij de rol van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. 5

Reactie gemeente: Wij maken gebruik van het verbeterpunt die hierboven staat beschreven en zullen dieper ingaan op het onderdeel cultureel erfgoed en de rol van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit in onze nieuwe U&H-strategie. Zoals eerder aangegeven bij de reactie op vraag 3 maken wij gebruik van een ARK, die nauw samenwerkt met de CRK, zoals geborgd in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit Someren 2023.

Verwerking reactie: De gegeven toelichting geeft geen aanleiding het oordeel te herzien. Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Vraag 7: Gaan B&W in de U&H-strategie ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het omgevingsplan? (Ow art. 1. 2, 2. 4 en Ob art. 13. 5)

Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2. 4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in de omgevings-/probleemanalyse en de prioriteitenstelling die tot de U&H-strategie behoren wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Definitief oordeel: Voldoet. De vergunningenstrategie (Bijlage 8) gaat in op de uitoefening van uitvoering van de regels in het omgevingsplan. Daar is ook de werkwijze bij het vooroverleg aan de intaketafel beschreven. In § 4. 2. 2 (Domein Ruimtelijke Ordening en Erfgoed) benoemt gemeente Someren de activiteiten die de komende beleidsperiode aandacht krijgen, waaronder gebruik in strijd met omgevingsplan bij landschappelijke inpassing/ruimtelijke kwaliteitsverbetering en het illegaal bouwen in strijd met het omgevingsplan. Bijlage 6 (Uitkomsten risicoanalyse) geeft in tabellen de problemen dan wel overtredingssoorten weer met de berekening om het risico te bepalen en daarmee de prioriteit. Daarbij worden binnen het domein Ruimtelijke Ordening mogelijke overtredingssoorten aangeduid en de mate van het risico. Landschappelijke inpassing /ruimtelijke kwaliteitsverbetering heeft een hoge risicoscore.

Uitvoeringsprogramma Vraag 8. Werken B&W jaarlijks de U&H-strategie uit in een uitvoeringsprogramma, waarin wordt aangegeven welke werkzaamheden het komende jaar zullen worden verricht, waarbij zij rekening houden met de gestelde doelen en gestelde prioriteiten? (Ob art. 13. 6 lid 1)

Toelichting wetgever: Het uitvoeringsprogramma dat het bestuursorgaan jaarlijks moet opstellen voor zijn activiteiten, legt een relatie met de geldende vastgestelde U&H-strategie. Het programmeren van de activiteiten moet plaatsvinden in lijn

de prioriteitenstelling van activiteiten die op haar beurt weer in relatie moet staan met het bereiken van de door het bestuursorgaan geformuleerde doelen. met

Voorlopig oordeel: Voldoet gedeeltelijk. De doelstellingen uit de U&HS komen niet terug in het U&HP. In hoofdstuk 2 staat aangegeven wat men wil bereiken, maar de doelen zoals die zijn geformuleerd in de U&HS zien hier niet in terug te vinden. De U&HS is wel als bijlage aan dit U&HP toegevoegd. In hoofdstuk 3 zijn de activiteiten benoemd. 6

Tekortkomingen: De SMART-geformuleerde doelen met KPI uit de U&HS komen niet terug in het U&HP. Bij het systematisch onderzoek in 2023 is deze tekortkoming ook al opgemerkt. Aangezien het een herhaalde tekortkoming betreft, betekent dit dat gemeente Someren onder actief toezicht (fase 3A) wordt geplaatst. Hierover wordt in de brief met het toezichtoordeel nadere mededeling gedaan. Verbeterpunten: Neem de SMART-geformuleerde doelen met KPI uit de U&HS

op

in het U&HP.

Reactie gemeente: We nemen de SMART-geformuleerde doelen met KPI uit de U&HS op in het volgende U&HP. De noodzaak

om

hier actief toezicht uit te voeren is naar

ons inziens niet aanwezig. Daarbij willen we benadrukken dat, ondanks doelen niet hebben opgeschreven in het U&HP, dit niet betekent dat we er

dat we de SMART-geformuleerde niet actief mee bezig zijn en werken aan het behalen van de doelstellingen en bijsturen indien nodig.

Verwerking reactie: Actief toezicht wordt opgelegd wanneer bij herhaling niet voldaan wordt aan een procescriterium ondanks voorgaande waarschuwingen om verbetering aan te brengen. De gegeven toelichting geeft geen aanleiding het oordeel te herzien. Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Vraag 9. Gaan B&W in het uitvoeringsprogramma U&H ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1. 2 en Ob art. 13. 6 lid 1)

Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1. 2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat. Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het uitvoeringsprogramma ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat. Definitief oordeel: Voldoet. In § 3. 5. 2 (Monumenten) staat dat ook in 2024 aanvragen verwacht worden. Onder de Omgevingswet zijn in principe gemeenten bevoegd gezag voor vergunningverlening voor de rijksmonumentenactiviteit bij zogeheten meervoudige aanvragen. Dus bijvoorbeeld in combinatie met een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit of een omgevingsplanactiviteit. Ook ten aanzien van handhaving is er toezicht op de naleving van een omgevingsvergunning voor de wijziging van monumenten. Zo nodig wordt in een specifieke zaak expertise ingezet vanuit de monumentencommissie (Monumentenhuis Brabant). Vraag 10: Gaan B&W in het uitvoeringsprogramma U&H ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het omgevingsplan? (Ow art. 1. 2, 2. 4 en Ob art. 13. 6 lid 1)

Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2. 4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het uitvoeringsprogramma ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. 7

Definitief oordeel: Voldoet. De uitvoering en handhaving van de regels in het omgevingsplan is in § 3. 1 (Integraal gebiedsgericht toezicht), § 3. 6. 7 (Landschappelijke inpassing) en § 3. 6. 8 (Toezicht op bestemmingsplannen) beschreven. Bijlage 8 van de U&HS gaat in op de verschillende handhavingsstrategieën. Vraag 11: Stellen B&W het uitvoeringsprogramma U&H jaarlijks vóór 1 februari vast?

(Verordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant) Toelichting wetgever: Jaarlijks wordt de U&H-strategie uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma met de uit te voeren activiteiten in het komende jaar. De provincie heeft de wettelijke taak van interbestuurlijk toezichthouder op de kwaliteit van de taakuitvoering door gemeenten en waterschappen onder meer op het domein omgevingsrecht. Doel is om informatie te verschaffen om systematisch toezicht te kunnen uitoefenen. Definitief oordeel: Voldoet. Het college heeft het U&HP 2024 op 30 januari 2024 vastgesteld. Borging van middelen Vraag 12: Dragen B&W er zorg voor dat: a. De voor het bereiken van de doelen en voor het verrichten van de werkzaamheden,

benodigde en beschikbare financiële en personele middelen inzichtelijk worden gemaakt en in de begroting worden gewaarborgd; b. Voor de uitvoering van het uitvoeringsprogramma voldoende financiële en personele middelen beschikbaar zijn? (Ob art. 13. 10) Toelichting wetgever: De gemeente zorgt ervoor dat de voor de uitvoering van de U&H-strategie benodigde en beschikbare financiële en personele middelen in de begroting worden opgenomen en worden toegelicht. Voor de in het uitvoeringsprogramma concreet beschreven activiteiten moet worden aangegeven wat de voor die activiteiten benodigde en beschikbare capaciteit en financiële middelen zijn. Capaciteit en financiële middelen moeten uiteraard toereikend zijn voor de uitvoering van het programma. Dit geldt niet alleen bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma; ook tijdens de uitvoering moeten de capaciteit en financiële middelen worden bewaakt. Voorlopig oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Hoofdstuk 4 geeft inzicht in zowel de beschikbare personele capaciteit als ook de benodigde financiële middelen. Het Werkprogramma van de ODZOB geeft een goed beeld van de benodigde personele capaciteit als ook de financiële middelen. De benodigde middelen zijn in de begroting opgenomen.

Indien tijdens de uitvoering van het programma blijkt dat de beschikbare capaciteit niet toereikend is, wordt, in afstemming met het college van B&W, bijgestuurd op de uitvoering van het programma. Tekortkomingen: § 4. 1 (Financiële middelen) geeft geen overzicht van het benodigde budget voor werkzaamheden die door externe ketenpartners, anders dan de ODZOB, worden uitgevoerd. De benodigde personele capaciteit, bedoeld onder a, is niet inzichtelijk gemaakt. Verbeterpunten: Maak de voor het bereiken van de gestelde doelen en de voor het uitvoeren van de aangegeven activiteiten benodigde personele capaciteit inzichtelijk. 8

Geef een overzicht van het benodigde budget voor werkzaamheden die door externe ketenpartners, anders dan de ODZOB, worden uitgevoerd. Bij het systematisch onderzoek in zowel 2022 als 2023 is deze inhoudelijke opmerking ook al gemaakt, waarna van gemeentewege geen inhoudelijke reactie is gegeven. Aangezien aan deze verbeterpunten geen vervolg is gegeven, volgt hieruit dat gemeente Someren onder actief toezicht (fase 3A interventieproces) wordt geplaatst. Hierover wordt in de brief met het toezichtoordeel nadere mededeling gedaan. Reactie gemeente: De verbeterpunten zijn voor ons helder en we gaan dit meenemen bij de totstandkoming van het volgende U&HP. Ten aanzien van dit jaar willen we in ieder geval aangeven dat we, naast de ODZOB, ook

overzichtelijk hebben wat de Veiligheidsregio Brabant Zuid-Oost (VRBZO) voor ons doet en dat het benodigde budget in overeenstemming is met de werkzaamheden die zij voor ons uitvoeren. De VRZBO heeft een Handhavingsuitvoeringsplan 2024 gemaakt (bijlage 4) dat aansluit bij onze doelen. Het budget hiervoor is geborgd in de algemene bijdrage aan de VRBZO. Het plan wordt 4 maal per jaar besproken qua voortgang in een accountoverleg en kan bijgestuurd worden indien nodig. In de gemeenschappelijke regeling is ook de advisering van de VRBZO omtrent externe veiligheid en brandveiligheid opgenomen. In totaal is er voor de VRBZO een bedrag van 1. 3 miljoen structureel opgenomen in de gemeentebegroting. Verwerking reactie: De gegeven toelichting geeft geen aanleiding het oordeel te herzien. Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Evaluatierapportage Vraag 13. Rapporteren B&W jaarlijks over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen? (Ob art. 13. 11, lid 1)

Toelichting wetgever: Een cyclisch verlopend uitvoeringsproces wordt door middel van evaluatie afgesloten met een rapportage over en verantwoording van de uitgevoerde activiteiten aan de gemeenteraad. Daarbij wordt getoetst of de geleverde inspanningen ook het bereiken van de uitvoeringsdoelstellingen hebben opgeleverd. Indien deze doelstellingen zijn bereikt, zal dit in algemene zin leiden – indirect – tot positieve effecten op de omgevingskwaliteit. Indien deze doelstellingen niet zijn bereikt, kan dit leiden tot conclusies en aanbevelingen over aanpassingen van de U&H-strategie, het uitvoeringsprogramma of de uitgevoerde U&H-activiteiten. Voor input voor het uitvoeringsprogramma van het komende jaar is het belangrijk dat de interne evaluatie voorafgaand aan het opstellen van het uitvoeringsprogramma wordt gedaan. Voorlopig oordeel: Voldoet gedeeltelijk. De evaluatie gaat in op de onderwerpen en activiteiten die zijn benoemd in het U&H-programma 2023. Bij het systematisch onderzoek in 2023 is bij het procescriterium van vraag 8 (Werken B&W jaarlijks het VTH-beleid uit in een uitvoeringsprogramma, waarin wordt aangegeven welke van de vastgestelde activiteiten zij het komende jaar zullen uitvoeren, waarbij zij rekening houden met de gestelde doelen en gestelde prioriteiten?) aangegeven dat de doelstellingen uit de U&HS niet terugkomen in het U&HP.

In hoofdstuk 2 staat aangegeven wat men wil bereiken, maar de doelen zoals die zijn geformuleerd in de U&HS zien hier niet in terug te vinden.

9

Tekortkomingen: In hoeverre de activiteiten in 2023 hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen is niet beschreven in het evaluatierapport. § 3. 1. 7 (Bouwcontroles) geeft aantallen van gestarte bouwlocatie en controles. Inhoudelijk wordt er niet op ingegaan in hoeverre er bijvoorbeeld sprake is van afwijkingen van de verleende omgevingsvergunning, en hoe vervolgens is opgetreden bij overtredingen. Verbeterpunten: Evalueer aan de hand van de SMART-geformuleerde doelen uit de U&HS in hoeverre de activiteiten die zijn opgenomen in het U&HP voor de eigen organisatie en het Werkprogramma van de omgevingsdienst zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van deze gestelde doelen. Bij het systematisch onderzoek in zowel 2022 als 2023 is deze inhoudelijke opmerking ook al gemaakt, waarna van gemeentewege is aangegeven geen aanvullingen te hebben. Aangezien aan deze verbeterpunten geen vervolg is gegeven, volgt hieruit dat gemeente Someren onder actief toezicht (fase 3A interventieproces) wordt geplaatst. Hierover wordt in de brief met het toezichtoordeel nadere mededeling gedaan. Reactie gemeente:

Zoals eerder aangegeven bij de reactie op vraag 8 nemen we de SMART-geformuleerde doelen met KPI uit de U&HS op in het volgende U&HP (en als gevolg dan ook in opvolgende evaluaties). We gaan in de komende jaarverslagen evalueren in hoeverre de activiteiten van dat jaar hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen. De noodzaak om hier actief toezicht uit te voeren is naar ons inziens niet aanwezig. Daarbij willen we benadrukken dat, ondanks dat we de SMART-geformuleerde doelen niet hebben opgeschreven in het U&HP, dit niet betekent dat we er niet actief mee bezig zijn en werken aan het behalen van de doelstellingen en bijsturen indien nodig. Verwerking reactie: Actief toezicht wordt opgelegd wanneer bij herhaling niet voldaan wordt aan een procescriterium ondanks voorgaande waarschuwingen om verbetering aan te brengen. De gegeven toelichting geeft geen aanleiding het oordeel te herzien. Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Vraag 14. Wordt naar aanleiding van het evaluatierapport de uitvoerings- en handhavingsstrategie bezien en zo nodig aangepast? (Ob, art. 13. 11, lid 2)

Toelichting wetgever: De U&H-strategie wordt regelmatig bezien en waar nodig aangepast. De periode waarop de strategie betrekking dient te hebben, is niet voorgeschreven. Het ligt echter voor de hand dat het beleid betrekking heeft op een periode van minstens een jaar. Het bestuursorgaan is vrij om een langere periode te kiezen. Het feit dat de periode waarvoor het beleid wordt vastgesteld meerdere jaren kan bedragen, neemt niet weg dat ten minste eenmaal per jaar moet worden bezien of de vastgestelde strategie door wijziging van het desbetreffende document moet worden aangepast. Tussentijdse aanpassingen doorvoeren en opnemen als strategie is ook mogelijk. Voorlopig oordeel: Voldoet niet. En dat is opmerkelijk, aangezien in de U&HS

op

bladzijde 15 staat:

Analyse In het jaarverslag wordt vastgesteld wat de uitvoering van het voorafgaande jaar is geweest en we hieraan

conformeren en/of aanpassing van het beleid noodzakelijk is.

10

Tekortkomingen: Uit het evaluatierapport blijkt niet dat de uitvoerings- en handhavingsstrategie wordt bezien en zo nodig aangepast.

Verbeterpunten: Neem in de evaluatie een apart hoofdstuk op met conclusies en eventueel vooruitblik naar het nieuwe jaar. Beschrijf hierin dat uit de evaluatie blijkt dat aanpassing van de U&H-strategie al dan niet nodig is. Bij het systematisch onderzoek in 2023 is deze inhoudelijke opmerking ook al gemaakt, waarna van gemeentewege is aangegeven geen aanvullingen te hebben. Aangezien aan deze verbeterpunten geen vervolg is gegeven, volgt hieruit dat gemeente Someren onder actief toezicht (fase 3A interventieproces) wordt geplaatst. Hierover wordt in de brief met het toezichtoordeel nadere mededeling gedaan. Reactie gemeente: We volgen de opmerking dat het niet tekstueel is opgenomen in het jaarverslag. Daarbij willen we wel

dat we weldegelijk hebben gekeken wat de uitvoering van het voorgaande jaar is geweest en hebben geconstateerd dat de taken in het UH&S geen aanpassing of wijziging behoeven. Dit is ook gecommuniceerd naar het college en de Raad in het collegevoorstel en de raadsnotitie (bijlage 5 en 6). Volgende evaluatie zullen we de verbeterpunten verwerken. aangeven

Verwerking reactie: De door gemeente Someren gegeven toelichting geeft aanleiding het oordeel te herzien. Het oordeel wordt in positieve zin aangepast: voldoet gedeeltelijk. Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Vraag 15. Gaan B&W in het evaluatierapport ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1. 2 en Ob art. 13. 11)

Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1. 2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat. Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het evaluatierapport wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Het gaat daarbij mede om de manier waarop is omgegaan met klachten en verzoeken van burgers. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat onroerend cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat. Opmerking IBT: het evaluatierapport gaat over het uitvoeringsjaar 2023. In dat jaar was de Wabo nog van toepassing met verwijzing naar de Monumentenwet 1988 en de Erfgoedwet (Wabo art. 5. 1). Dwz dat in de evaluatie aandacht dient te worden besteed aan de uitvoering en de handhaving van het onderdeel ‘vergunningen tot wijziging, sloop of verwijdering’. Het gaat daarbij mede om de manier waarop is omgegaan met klachten en verzoeken van burgers. Voorlopig oordeel: Voldoet niet. Tekortkomingen: Inhoudelijk gaat de evaluatie niet in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed. Zo staat er bijvoorbeeld niets over de advisering door de Monumentencommissie in het kader van vergunningverlening.

Verbeterpunten: Ga in het evaluatierapport in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed. 11

Reactie gemeente

Zoals inzichtelijk gemaakt bij voorgaande vragen doen we er alles aan om de werkzaamheden omtrent cultureel erfgoed te waarborgen en kwalitatief uit te voeren. In zoverre voldoen we ook aan de kwaliteitscriteria en de feitelijke uitvoering van de werkzaamheden behorende bij dit onderdeel. De beoordeling heeft ons duidelijk gemaakt dat het enkel uitvoeren niet afdoende is. We begrijpen dat het een wettelijk procescriteria is om de werkzaamheden te evalueren en dit te documenteren in het jaarverslag. We

het verbeterpunt graag over en gaan in het volgende jaarverslag in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed. nemen

Verwerking reactie: Het stemt IBT positief dat bij komende evaluaties ook aandacht wordt besteed aan cultureel erfgoed. De toelichting geeft echter geen aanleiding het oordeel te herzien. Definitief oordeel: Voldoet niet. Vraag 16: Gaan B&W in het evaluatierapport ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het bestemmingsplan (oud, vanaf 1-1-2024: omgevingsplan)? (Ow art. 1. 2, 2. 4 en Ob art. 13. 11)

Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2. 4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het evaluatierapport ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Opmerking IBT: het evaluatierapport gaat over het uitvoeringsjaar 2023. In dat jaar was de Wabo nog van toepassing met verwijzing naar de Wet ruimtelijke ordening (Wabo art. 5. 1). Dwz dat in de evaluatie aandacht dient te worden besteed aan de wijze waarop uitvoering is gegeven aan de bestuursrechtelijke handhaving van het bepaalde bij of krachtens de Wro en de verlening van omgevingsvergunningen voor activiteiten als bedoeld in artikel 2. 1, eerste lid, onder a, b, c en g, van de Wabo. De genoemde omgevingsvergunningen gaan over de Wabo activiteiten bouwen van een bouwwerk, het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan, beheerverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit is bepaald, het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheerverordening, een exploitatieplan, de regels gesteld krachtens artikel 4. 1, derde lid, of 4.

3, derde lid, van de Wro of een voorbereidingsbesluit voor zover toepassing is gegeven aan artikel 3. 7, vierde lid, tweede volzin, van die wet en het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheerverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald. Definitief oordeel: Voldoet. § 2. 3 (Aandachtspunten vergunningverlening) gaat in op de gemeentelijke bestemmingsplan. In 2023 is gewerkt aan het actualiseren van het buitengebied in de vorm van deelgebieden. Uit dat project komen aanvragen voor legalisatie naar voren, welke getoetst worden aan het nieuwe beleid. In § 3. 2. 1 (Gebiedsgericht toezicht) wordt uiteengezet welke werkzaamheden zijn uitgevoerd ten aanzien van het bestemmingsplan buitengebied. Vervolgens beschrijft § 4. 4 (Bestemmingsplan buitengebied) dat vanuit het toezicht en de controle binnen het project ‘Bestemmingsplan buitengebied’ een groot aantal overtredingen op met name RO-gebied zijn vastgesteld. Deze worden voor het merendeel gelegaliseerd. In 2023 is gewerkt aan 33 handhavingsdossiers. Een compliment voor deze inhoudelijke evaluatie.

12

Vraag 17. Stellen B&W het evaluatierapport jaarlijks vóór 1 mei vast?

(Verordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant) Toelichting wetgever: Jaarlijks evalueert een gemeente of de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsprogramma’s zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de vastgestelde beleidsdoelen. De provincie heeft de wettelijke taak van interbestuurlijk toezichthouder op de kwaliteit van de taakuitvoering door gemeenten en waterschappen onder meer op het domein omgevingsrecht. Doel is om informatie te verschaffen om systematisch toezicht te kunnen uitoefenen. Definitief oordeel: Voldoet. Het college heeft op 23 april 2024 het Jaarverslag VTH 2023 vastgesteld.

Eindoordeel Op basis van de behaalde scores en conform de vastgestelde beoordelingscriteria en normen, is het

eindoordeel: voldoet gedeeltelijk. Aantal Toetsingsvragen Score Voldoet (2 punten) Score Voldoet gedeeltelijk (1 punt) Score Voldoet niet (0 punten)

Totaal aantal punten Eindoordeel o. b. v. punten Toelichting eindoordeel:

17 10 6 1

Punten -

20 6 0 26 26/34 x 100 = 76,47

≥ 80 = Voldoet ≥ 60 en < 80 = Voldoet gedeeltelijk < 60 = Voldoet niet

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14636223/1