5b.1 Begroting 2022 GR Peelgemeenten
Tekst van het document
Begroting 2022 Meerjarenraming 2023 - 2025 GR Peelgemeenten
Gemeenschappelijke Regeling Peelgemeenten Opgesteld door: Bedrijfsbureau Peelgemeenten Definitieve versie (vastgesteld in het Algemeen Bestuur van 15 juli 2021)
2
Inhoud
Inleiding................................................................................................................................................ 4 1. Financiële begroting 2022 ..................................................................................................... 5 1.1. Toelichting lasten begroting 2022 .............................................................................. 6 1.2. Toelichting baten begroting 2022 .............................................................................. 7 1.3. Investeringen ..................................................................................................................... 8 1.4. Zorgkosten .......................................................................................................................... 9 2. Beleidsbegroting...................................................................................................................... 10 2.1. Ontwikkelingen sociaal domein breed .................................................................... 10 2.2. Ontwikkelingen Wmo..................................................................................................... 12 2.3. Ontwikkelingen Jeugd ................................................................................................... 14 2.4.
Ontwikkelingen Bijzondere bijstand, Minimaregelingen en Schulddienstverlening (BMS) ................................................................................................. 17 2.5. Paragrafen ......................................................................................................................... 19 2.5.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................... 19 2.5.2. Financiële kengetallen ........................................................................................... 24 2.5.3. Financiering................................................................................................................ 25 2.5.4. Verbonden partijen ................................................................................................. 25 2.5.5. Bedrijfsvoering.......................................................................................................... 26 3. Bijlagen ....................................................................................................................................... 27 3.1. Begroting 2022 naar taakvelden en overzicht overhead ................................ 27 3.2. EMU-saldo .......................................................................................................................... 28 3.3.
Balans .................................................................................................................................. 29 3.4. Overzichten met bijdrage per gemeente 2022 – 2025 .................................... 30
3
Inleiding Voor u ligt de ontwerpbegroting 2022 van de Gemeenschappelijke regeling Peelgemeenten (hierna: GR Peelgemeenten). De GR Peelgemeenten voert de taken van het sociaal domein uit ten behoeve van de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Someren. De begroting 2022 is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het “Besluit Begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV)”. Deze begroting bestaat uit een Financiële begroting en een Beleidsbegroting. In de financiële begroting worden de lasten en baten kort toegelicht. Vervolgens wordt in de beleidsbegroting ingegaan op de ontwikkelingen die spelen op de verschillende beleidsterreinen. Een onderdeel van de Beleidsbegroting zijn de zogenaamde verplichte paragrafen.
4
1. Financiële begroting 2022 De basis voor de begroting 2022 is de begroting 2021 inclusief de gevolgen van de 1e begrotingswijziging 2021. In deze 1e wijziging op de begroting 2021 zijn de kosten van 10voordejeugd als uitvoeringskosten in de begroting 2021 van GR Peelgemeenten verwerkt. De cijfers 2021 en de meerjarenramingen zijn vervolgens geïndexeerd conform de indexen uit de Kadernota 2022.
*) de incidentele lasten in de kolom realisatie 2020 zijn niet apart gespecificeerd
5
In deze begroting is uitgegaan van 25,2 formatieplaatsen voor de basistaken en organisatietaken van de Wmo-consulenten. De flexibele schil voor Wmo basistaken bestaat uit 1,0 fte en wordt gedekt vanuit het inhuurbudget. De formatie van de Wmo consulenten is inclusief 2,2 fte formatie voor het vervullen van diverse aanvullende taken voor de gemeenten Asten, Laarbeek en Someren. De verdeelsystematiek die in de begroting 2021 is opgenomen voor de kosten van de Wmo-consulenten is ook in de conceptbegroting van 2022 opgenomen, verhoogd met een indexering voor loonkosten. Verschuiving posten ten opzichte van de begroting 2021 Bij de opzet van de begroting 2022 is in de basis uitgegaan van de begroting 2021, verhoogd met een indexcijfer op basis van de Macro Economische Verkenning (MEV) zoals in de kadernota is aangegeven. Wij blijven dan ook vanuit financieel oogpunt binnen de financiële kaders. Wel hebben we een interne verschuiving aangebracht van ca. € 30.000 tussen de post overige personeelskosten en huisvestingskosten. Omdat vanaf 2022 een nieuw huurcontact is afgesloten en wij in de toekomst minder kantoorruimte gaan huren, verwachten wij een voordeel op de post huisvestingskosten. Echter, door een wetswijziging zijn wij vanaf 2020 genoodzaakt transitievergoedingen uit te keren aan medewerkers waarvan wij afscheid nemen.
Hiervoor is geen budget opgenomen in de begroting waardoor een toekomstig knelpunt ontstaat. Het budget overige personeelskosten is opgehoogd met het voordeel vanuit het budget huisvesting. In de begroting is deze post budgettair neutraal verwerkt. De baten bestaan volledig uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten en sluiten aan bij het totaal van de lasten. Baten
Realisatie 2020
Begr 2021 na wijz.
Structurele inw.bijdr. basistaken
7.255.710
7.654.810
Incidentele inw.bijdr.basistaken
378.800
89.600
1.500.540
1.885.600
Bijdr. plustaken jeugd struct
13.700
Bijdr. plustaken jeugd, inc.
-
Bijdr. aanvullende taken Wmo Totaal baten
Begr 2022
MJR 2023
MJR 2024
7.792.300
7.929.300
8.068.600
-
-
-
2.191.350
-
-
144.800
2.230.800
-
172.000
8.210.400 -
2.271.000
-
169.000
MJR 2025
2.311.900 -
175.100
178.300
9.148.750
9.774.810
25.277
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Saldo van lasten en baten Reservemutatie
75.045
Totaal resultaat
100.322
10.152.650 10.332.100 10.514.700 10.700.600
1.1. Toelichting lasten begroting 2022 De lasten in de begroting 2022 stijgen ten opzichte van de gewijzigde begroting 2021 met totaal € 377.840. In onderstaand overzicht worden de meest opvallende verschillen tussen de begroting 2021 en 2022 uiteengezet. Lasten gewijzigde begroting 2021
9.774.810
Aanpassingen salariskosten
229.400
Aanpassingen inhuurbudgetten
-120.100
Vervallen formatie incidenteel met ingang van 2022
-89.600
Indexatie plustaken jeugd en uitbreiding taken
305.750
Indexatie aanvullende taken Wmo en uitbreiding
23.100
Indexatie overige prijs- en loongevoelige kosten
29.290
Lasten begroting 2022
10.152.650
6
Doordat er meer formatieplaatsen zijn ingevuld door vaste formatie wordt een verschuiving zichtbaar tussen salariskosten en inhuurbudgetten waarbij de salariskosten toenemen en de inhuurbudgetten afnemen. De post incidentele baten en lasten is met ingang van begrotingsjaar 2022 vervallen. De plustaken jeugd zijn vanaf april 2021 uitgebreid met twee gedragswetenschappers en een GZ psycholoog. Deze uitbreiding is vanaf 2022 structureel in de begroting verwerkt. De overige posten betreft een aanpassing in verband met prijs- en loongevoelige kosten.
1.2. Toelichting baten begroting 2022 De baten in de begroting bestaan volledig uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten. Deze baten zijn uit te splitsen in de bijdrage voor de basistaken, zijnde de taken die voor alle gemeenten gelden en de bijdrage voor de plustaken. Deze plustaken betreft de inzet van de gezins- en jongerencoaches die per 1-1-2020 in dienst zijn van Peelgemeenten en werkzaam zijn voor de gemeenten Asten, Laarbeek en Someren. De verdeelsleutel voor de uitvoeringskosten voor de basistaken worden verdeeld naar rato van het aantal inwoners per gemeenten. De kosten van de Wmo-consulenten worden verdeeld op basis van de werkelijke inzet. Uitgezonderd hierop is de berekende formatie aan organisatietaken, die worden ook op basis van inwoneraantal verdeeld. De kosten voor de gezins- en jongerencoaches worden verdeeld over de betreffende gemeenten op basis van het aantal formatieplaatsen dat wordt ingezet in de gemeente. De verdeelsleutels zijn als volgt: Gemeente
Inwoners per 1-12021
Inwoners in %
Asten
16.804
13,75%
Deurne
32.432
26,54%
Gemert-Bakel
Aantal fte Fte Wmo Wmo in % consulent basistaken 4,10 16,3% 6,80 27,0%
Aantal fte plustaken jeugd
Fte jeugd in %
4,94
23%
30.766
25,17%
5,90
23,4%
Laarbeek
22.800
18,65%
4,20
16,7%
8,96
42%
Someren
19.418
15,89%
4,20
16,7%
7,40
35%
Totaal
122.220
100%
25,20
100,0%
21,3
100%
Gemeente
Kosten verdeling obv inwonertal
Wmo consulenten basis
Plustaken jeugd
Aanvullende taken WMO
Asten
839.000
238.080
506.200
38.400
1.621.680
Deurne
1.619.500
499.200
-
-
2.118.700
Gemert-Bakel
1.536.200
430.080
-
-
1.966.280
Laarbeek
1.138.500
276.480
926.200
38.400
2.379.580
Someren
969.700
245.760
758.950
92.200
2.066.610
6.102.900
1.689.600
2.191.350
169.000
10.152.850
Totaal
Totaal
7
1.3. Investeringen De investeringen van Peelgemeenten zijn beperkt van omvang en bestaan alleen uit investeringen voor automatisering-hardware (laptops). Deze investeringen worden na 3 jaar vervangen. Voor 2022 staan vervangingsinvesteringen gepland voor een bedrag van € 15.000; de afschrijvingslasten bedragen € 5.000 per jaar. Met deze lasten is rekening gehouden bij de uitwerking van de begroting 2022.
8
1.4. Zorgkosten Zorgkosten zijn de uitgaven exclusief de uitvoeringskosten die gemeenten maken voor het realiseren van de zorg. Dit zijn voor bijvoorbeeld Wmo de uitgaven voor hulp bij huishouden die worden betaald aan zorgaanbieders (Zorg In Natura) en aan de Sociale Verzekeringsbank (Persoons Gebonden Budget). De 5 Peelgemeenten betalen per kwartaal een voorschot aan de GR Peelgemeenten voor de zorgkosten. Vervolgens worden de daadwerkelijke zorgkosten betaald aan de aanbieders door de GR Peelgemeenten. Tenslotte wordt het voorschot verrekend met de betaalde kosten. De zorgkosten zijn geen onderdeel van de begroting van Peelgemeenten. Het verwerken van ontwikkelingen zorgkosten in de lokale begroting is een verantwoordelijkheid van iedere lokale gemeenten, waarbij GR Peelgemeenten een adviserende rol heeft.
9
2. Beleidsbegroting In de beleidsbegroting wordt het beleid geschetst voor het komende jaar en de daarop volgende drie jaren. Dit wordt gedaan aan de hand van de beantwoording van drie vragen: • • •
Wat willen we bereiken? Wat gaan we ervoor doen? Wat mag het kosten?
De vraag “Wat mag het kosten?” is beantwoord in het eerste hoofdstuk. De andere vragen worden in dit hoofdstuk beantwoord. De beleidsbegroting wordt afgesloten met de paragrafen over risico’s en weerstandsvermogen, financiering, verbonden partijen en bedrijfsvoering.
2.1. Ontwikkelingen sociaal domein breed Algemene ontwikkelingen kunnen betrekking hebben op het sociaal domein (Wmo, Jeugd en BMS) of op de organisatie van de GR Peelgemeenten zelf. Een aantal onderwerpen wordt uitgelicht omdat deze een bijzondere impact hebben, hetzij in samenwerkingsvraagstukken, in financieel of in organisatorisch opzicht. Beïnvloedende factoren voor nagenoeg alle onderwerpen zijn de landelijke en juridische ontwikkelingen, de samenwerking tussen de lokale gemeenten onderling, de samenwerking van de GR Peelgemeenten met andere organisaties zoals de gemeente Helmond, Senzer en zorgaanbieders. In alles geldt dat de ontwikkelingen nauwgezet worden gevolgd.
Koersdocument: Samenwerken door Samen Werken Wat willen we bereiken? GR Peelgemeenten is nu bijna 4 jaar onderweg. De organisatie presteert goed en de doelstellingen met de samenwerking worden in redelijke tot behoorlijke mate ingevuld. De teams beschikken over veel inhoudelijke, beleidsmatige en bedrijfskundige expertise. De systemen en processen zijn goed ingericht. De sfeer is energiek, er is een kundig en toekomstbestendig MT en de organisatie is logisch ingedeeld. Kortom: de basis staat stevig. Nu de structuren en werkprocessen stevig staan is het van belang dat GR Peelgemeenten en de vijf gemeenten samen de volgende stap gaan zetten. Daartoe wordt een Koersagenda opgesteld. Wat gaan we ervoor doen? In de Koersagenda worden de gezamenlijke strategische doelstellingen en maatschappelijke opgaven die gelden voor de vijf gemeenten omschreven en daaraan gekoppeld de gekozen programma’s inclusief visie en doelstellingen waaraan in gezamenlijkheid gewerkt wordt. De koers 2021-2024 Samenwerken door Samen Werken is op 3 juni 2021 vastgesteld door het Dagelijks Bestuur. Vanaf de zomer/najaar 2021 gaan we op naar een volgende fase waarin we verder zullen verbinden met inwoners en organisaties in het werkveld om samen aan onze gezamenlijke opgaven te werken.
Excellent werkgeverschap Wat willen we bereiken? Als GR Peelgemeenten zijn wij werkgever voor professionals werkzaam in het sociaal domein. Als organisatie willen wij excelleren in dit werkgeverschap. Wij willen in de toekomst in de regio bekend staan als aantrekkelijke werkgever voor (specialistisch) personeel binnen het sociaal domein: een werkgever waarin leren en ontwikkelen centraal staat. Wij streven naar een deskundig, vitaal, bevlogen en divers medewerkersbestand. Als werkgever zetten wij ons in om onze werknemers te faciliteren zodat deze optimaal in
10
staat zijn om uitvoering te geven aan de gezamenlijke opgaven in het sociaal domein die samenkomen in de Koersagenda. Het intern organisatieprogramma genaamd excellent werkgeverschap wordt daarvoor opgezet. Wat gaan we ervoor doen? De voorbereidingen voor het programma excellent werkgeverschap zijn in volle gang. Medewerkers worden actief benaderd om hierin te participeren. Thema’s als leren en ontwikkelen, vitaliteit en facilitering komen zeker terug in het programma. Naar verwachting lopen in 2022 diverse projecten onder de vlag van het excellent werkgeverschap.
Aan de hand van data monitoren en sturen in het sociaal domein Wat willen we bereiken? Middels aandacht voor datamanagement en het genereren van up to date stuurinformatie maken gemeenten en GR Peelgemeenten in 2021 al een eerste aanzet naar het datagedreven werken. Hierdoor ontstaat meer grip op de uitvoering en de kostenontwikkeling binnen het sociaal domein. In 2022 zullen we een doorontwikkeling maken waarbij beschikbare data wordt vertaald naar bruikbare informatie die bijdraagt aan het uitwerken en behalen van de ambities en doelen behorend bij de opgaves uit de koersagenda 2022 (bijvoorbeeld t.b.v. opgave integraal werken: inzicht in aantallen met samenloop binnen meerdere regelingen, aard van de inzet). Aansluitend zal ook de monitoring van de beoogde resultaten op basis van data opgezet worden, zodat bijsturing mogelijk is en steeds beter aansluitende managementinformatie gegenereerd wordt. Wat gaan we ervoor doen? Voor het genereren van adequate beleids-en sturingsinformatie maken we gebruik van onze BI-tool (business intelligence tool) van Microsoft in combinatie met een datawarehouse waar ook gegevens vanuit externe bronnen geïntegreerd kunnen worden. In het kader van de opgaves wordt samen met de programmamanager/projectleden van de opgave(s) naar de volgende vragen gekeken: -
Welke informatie is noodzakelijk c.q. gewenst voor het uitwerken van de opgave? (kernvraag: wat wil je bereiken en welke informatie is hiervoor nodig?) Welke data is beschikbaar en is om te zetten naar bruikbare informatie? Welke data missen we, kunnen we deze ophalen en wat is daarvoor nodig? Is verbinding met andere databronnen nodig? Wat is de planning en bijbehorende capaciteitsberekening?
Geld voor zorg moet daadwerkelijk besteed worden aan zorg Wat willen we bereiken? In het sociaal domein is rechtmatige zorg een belangrijk aandachtspunt. Het uitgangspunt is dat geld dat voor de zorg bestemd is, ook daadwerkelijk aan zorg besteed wordt. Daartoe is het primair van belang dat betrokkenen daarvan doordrongen zijn en dat vervolgens de juiste stappen worden gezet om dat uitgangspunt ook daadwerkelijk te realiseren. We maken ons sterk om onrechtmatig gebruik van zorggeld terug te dringen en te voorkomen. Wat gaan we ervoor doen? Het aanpakken van signalen in het kader van rechtmatige zorg is een continu proces. Het in 2021 ingevoerde en geoptimaliseerde proces waarin signalen betrekking hebbende op de kwaliteit en rechtmatigheid van de zorginzet actief opgehaald, samengebracht en opgepakt worden, wordt uitgevoerd en waar nodig verder verfijnd. Met als doel een goed beeld te krijgen van mogelijk onrechtmatige zorg en het zo doelmatig mogelijk aanpakken ervan.
11
In het kader van contractmanagement voeren we gesprekken met aanbieders, maken waar nodig afspraken en houden vervolgens de vinger aan de pols. Ook in de primaire werkprocessen worden stappen ingebouwd om onrechtmatigheden sneller te signaleren. Dit wordt al werkende weg steeds verder verbeterd en met elkaar verbonden, waardoor de kans op onrechtmatigheden steeds kleiner wordt en de aanpak steeds effectiever.
Wetsvoorstel Aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) Wat willen we bereiken? Deze wet is beoogd in werking te treden eind 2022, en zal dan worden geïmplementeerd. Het college moet op basis van deze wet een melding van een inwoner of een professional onderzoeken of sprake is van meervoudige problematiek. Dit moet leiden tot een integrale en gecoördineerde aanpak vanuit Wmo, Jeugdwet, Wgs en PW. De wet maakt het eenvoudiger om gegevens te delen tussen de wetten. Wat gaan we ervoor doen? De wet -als deze wordt ingevoerd- zal een flinke impact hebben op de uitvoering. Het betekent dat mogelijk aanpassing van de verordeningen en beleid op grond van de Wmo 2015, Jeugdwet, Wgs en PW nodig is. Het zal daarnaast leiden tot aanpassing van de processen van de toegang en de backoffice. Implementatie van het wetsvoorstel (in de huidige vorm) zal een majeur project vormen.
2.2. Ontwikkelingen Wmo Inkoop WMO Helmond-Peelgemeenten Wat willen we bereiken? Een zorgvuldig voorbereidingstraject van de Wmo inkoop: Onze raamovereenkomsten Wmo voor begeleiding, kortdurend verblijf en beschermd wonen hebben een looptijd van 10 jaar en zijn gestart per 1-1-2015. Deze lopen derhalve af per 31-12-2024. We werken hierin op dit moment nauw samen met gemeente Helmond. In 2022 zullen we een start maken met de voorbereiding van de nieuwe inkoopafspraken. Daarbij is het essentieel om een evaluatie uit te voeren op de huidige inkoopconstructie en op basis daarvan te bepalen of we dezelfde koers handhaven of hier een wending aan geven. Indien we een nieuwe koers gaan varen dan zal een nieuwe inkoopvisie moeten worden opgesteld. De ervaring leert dat hiervoor een zorgvuldig voorbereidingstraject doorlopen dient te worden richting lokale gemeenten en aanbieders, maar vervolgens ook tijdige besluitvorming. Vandaar dat we dit starten in 2022. Wat gaan we daarvoor doen? Het plan is om aan de slag te gaan vanuit de basisleergang inkoop Wmo. Dit traject wordt begeleid door adviesbureau EHdK vanuit het landelijke programma Inkoop en Aanbesteden Sociaal Domein. Deze leergang is bedoeld voor gemeenten die (gezamenlijk) aan de start staan van een contracteringsronde. Al lerend wordt een passende inkoopstrategie ontwikkeld.
Decentralisatie Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen Wat willen we bereiken? Alle gemeenten worden in 2022 verantwoordelijk voor Beschermd wonen. De nieuwe financiële verdeling over gemeenten is met een jaar uitgesteld en wordt pas per 2023 ingevoerd. In dat jaar wordt ook het woonplaatsbeginsel ingevoerd. Het doel is mensen met een psychische kwetsbaarheid zoveel mogelijk in de wijken te ondersteunen. Dat vraagt een basisniveau van voorzieningen, kennis, geschikte woningen, en vooral samenwerking tussen en met gemeenten, ketenpartners en zorgverzekeraars.
12
Een flinke opgave, ook voor de Peelgemeenten. De doordecentralisatie van de Maatschappelijke opvang is voorlopig uitgesteld. Wat gaan we ervoor doen? In 2021 zijn we samen met (centrum)gemeente Helmond de doorontwikkeling van de uitvoeringsorganisatie van het Beschermd wonen gestart. Deze doorontwikkeling en de implementatie ervan loopt door in 2022. Ondersteuning bieden in de nabijheid van mensen met een psychische kwetsbaarheid staat hierbij centraal. Daarbij is de rol van het eigen (lokale) sociaal netwerk essentieel. Daarnaast is het belangrijk dat in alle gemeenten faciliteiten worden ontwikkeld waardoor doorstroom mogelijk wordt van de intramurale setting beschermd wonen naar extramuraal beschermd thuis en vervolgens zelfstandig wonen met lichtere vormen van begeleiding. Samen met lokale gemeenten en ketenpartners zal gewerkt worden aan faciliteiten ten behoeve van deze doelgroep, zoals bijvoorbeeld de woonagenda en sociale initiatieven. Wij blijven onze bijdrage leveren aan de Fysieke Overleg Tafel contractering, waarin overleg wordt gevoerd met aanbieders over de regionale ontwikkelingen binnen Beschermd wonen. Ook worden de landelijke ontwikkelingen op dit gebied gevolgd.
Invoering PGB 2.0 Wat willen we bereiken? In het laatste kwartaal van 2021 zullen alle gemeenten gefaseerd aan gaan sluiten bij het nieuwe systeem PGB 2.0. De laatste gemeenten zullen in het derde kwartaal van 2022 overgaan naar PGB 2.0. Wij houden de ontwikkeling hiervan en de voorbereidingen bij onze softwareleverancier ZorgNed nauw in de gaten. De invoering van PGB 2.0 is een overgang met een technisch karakter het leidt in eerste instantie niet tot nieuw beleid met betrekking tot de aard of regelgeving van het persoonsgebonden budget. Het PGB 2.0 programma verzorgt de doorontwikkeling en uitrol van een oplossing waarmee de budgethouder met het toegekende budget zorg kan inkopen en laten betalen. Naast de budgethouder en de zorgverlener werken ook de betrokken partijen in de uitvoering met dit systeem: gemeente, zorgkantoor, zorgverzekeraar en SVB. Wat gaan we ervoor doen? We verkennen via deelname aan webinars en instructiebijeenkomsten eerst wat deelname aan Pgb 2.0 technisch en administratief betekent. Er zal een plan van aanpak worden opgesteld, waarin -in samenspraak met de leverancier van ZorgNed- de impact op de processen wordt bepaald. De daadwerkelijke implementatie zal vervolgens planmatig worden uitgerold, waarbij er zo nodig training en scholing van de backofficemedewerkers en frontofficemedewerkers plaatsvindt.
Resultaatgericht indiceren van HO Wat willen we bereiken? Het jaar 2021 zal naar verwachting duidelijkheid bieden over de toekomst van resultaatgericht indiceren van huishoudelijke ondersteuning. Er is op dit moment een wetsvoorstel resultaatgericht indiceren voorbereid, maar het nieuwe kabinet zal besluiten of het wetsvoorstel daadwerkelijk wordt ingediend. Ook lopen er op dit moment meerdere zaken over resultaatgericht indiceren van huishoudelijke ondersteuning bij de Centrale Raad van Beroep (CRvB). De verwachting is dat er eind 2021, of begin 2022, uitspraak wordt gedaan over het beleid binnen de Peelgemeenten.
13
In het meest ongunstige scenario (er komt geen nieuwe wetgeving en de CRvB beoordeelt het beleid van Peelgemeenten kritisch) zal er in 2022 een heroriëntatie op het beleid moeten plaatsvinden. Wat gaan we ervoor doen? Het wetsvoorstel resultaatgericht indiceren is in voorbereiding. In de consultatiefase is dit wetsvoorstel naast de huidige werkwijze van de GR Peelgemeenten gelegd en zien wij voldoende aanknopingspunten om het beleid met betrekking tot resultaatgericht indiceren te handhaven. Een risico/kanttekening die we hierbij moeten plaatsen is het feit dat het wetsvoorstel alleen nog maar voorbereid is en nog niet behandeld is in het kabinet. Een ander risico is dat de CRvB zich in hoogste instantie kritisch uitlaat over ons huidige beleid. De kans bestaat daarmee dat resultaatgericht werken van tafel gaat. Mocht dit het geval zijn, dan heeft dat grote impact. Niet alleen voor de huishoudelijke ondersteuning, maar voor alle producten waar we resultaat gericht werken. In de bedrijfsvoering moeten we dan de werkprocessen aanpassen, er zullen nieuwe indicaties gesteld moeten worden, wat incidenteel extra inzet (en mogelijk formatie) gaat vragen van medewerkers (in de hele keten van beleid, kwaliteit, consulenten en procesondersteuning).
Een dergelijke aanpassing heeft bovendien een structureel nadelig effect op de omvang van de zorgkosten huishoudelijke ondersteuning, terwijl de kwaliteit van zorg naar verwachting niet zal verbeteren. Aangezien de optische controle aangeeft dat onze inwoners over het algemeen ruim tevreden zijn met de huidige inzet van zorg.
2.3.
Ontwikkelingen Jeugd
Samenwerking op verschillende niveaus Voor de uitvoering van de jeugdwet werken wij op verschillende niveaus samen. Voor een aantal wettelijke taken is dat met de 21 gemeenten in de regio Zuidoost Brabant. Voor de overige jeugdzorg werken wij samen met Helmond, Dommelvallei+ en Veldhoven in de inkoopsamenwerking ‘10voordejeugd’. Wat willen we bereiken? 21 voor de jeugd Voor de wettelijke taken rondom dwang en drang (Veilig Thuis, Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, JeugdzorgPlus en Spoed voor Jeugd) werken we samen met de 21 gemeenten in de regio Zuidoost Brabant. De inkoop en het contractmanagement van deze aanbieders is geborgd in de DVO21 die we met de gemeente Eindhoven hebben afgesloten. Alleen JeugdzorgPlus vormt hiervoor een uitzondering, de gemeente Roermond is voor landsdeel Zuid de contracterende gemeente. Beleidsmatig houden wij de ontwikkelingen bij en leveren input op diverse thema's waaronder de op handen zijnde stelselwijziging jeugdbeschermingsketen. Verder houden we ons bezig met de transformatie agenda van de jeugdzorgPlus. Door inbedding van het Civiel Trajectberaad hopen we op een afname van het aantal jongeren binnen de JeugdzorgPlus, zeker in het vrijwillig kader. Voor 2022 wordt er een nieuw DVO opgesteld met aangescherpte afspraken. Aanleiding hiervoor is dat we zo lokaal mogelijk willen organiseren. De beschermtafel is hiervan een mooi voorbeeld.
Indien mogelijk organiseren we ‘dicht bij huis'. De dwang- en drangroute moet dicht tegen de lokale teams aan bewegen. Professionals werken ontschot samen voor een gezin/jeugdige. Wat gaan we ervoor doen? 21 voor de jeugd We sluiten aan bij relevant beleidsoverleg in de regio en halen input op bij de lokale beleidsmedewerkers en de gebiedsteams. We verzorgen presentaties over relevante ontwikkelingen en proberen bij alle beleidsmatige stappen de consequenties voor de
14
gebiedsteams mee te nemen. Overleg- en casustafels moeten helpend zijn voor de lokale toegang. Processen dienen helder beschreven te zijn. Normaliseren en integraal werken zijn de sleutelwoorden.
Wat willen we bereiken? 10 voor de jeugd In 2020 werd de inkoopsamenwerking ‘Een 10 voor de jeugd’ geformaliseerd in een samenwerkingsovereenkomst, een programmaplan en een begroting. De financiering van de incidentele en structurele lasten van de netwerksamenwerking vindt plaats volgens een vooraf overeengekomen verdeelsleutel. Uitgangspunt is een netwerksamenwerking, waarbij namens iedere gemeente op basis van inwoneraantal een gelijkelijke bijdrage geleverd wordt. De GR vertegenwoordig de vijf Peelgemeenten en levert namens deze gemeenten ofwel ambtelijke capaciteit ofwel een financiële bijdrage. Jaarlijks wordt het programmaplan en de begroting bijgesteld. In de aanloop naar 2022 hebben we de jeugdzorg in 5 segmenten opgedeeld te weten; 1. Hoogcomplexe zorg 2. Wonen 3. Dagbesteding/dagbesteding 4. Specialistische veel voorkomende zorg 5. Crisis In 2021 vindt er een nieuwe aanbesteding plaats voor alle jeugdzorg binnen genoemde segmenten. Het jaar 2022 zal in het teken staan van de implementatie van de nieuwe overeenkomsten, verdere transformatie van de jeugdhulp en het (verder) ontwikkelen van een duurzaam partnership met de systeemaanbieders voor segment 1. Wat gaan we ervoor doen ? 10 voor de jeugd We nemen deel aan de Digitale Ontwikkeltafels (DOT’s) en Fysieke Ontwikkeltafels (FOT’s), waarin overleg plaatsvindt met aanbieders over contracten en doorontwikkeling.
We leveren een actieve bijdrage in de inkoopsamenwerking 10voordejeugd. Voor beleidsontwikkeling, projectleiders en procesregie wordt vanuit de GR Peelgemeenten al veel capaciteit ingebracht. En voor contractbeheer en -management wordt vanuit de vijf Peelgemeenten capaciteit vanuit BIZOB ingebracht. Vanaf 2022 willen we via de GR Peelgemeenten op basis van kwaliteit en competenties zo optimaal mogelijk capaciteit vanuit het team organisatie en ontwikkeling én BIZOB inzetten. Hierdoor beperken we de gevraagde financiële ‘out of pocket bijdrage’ tot een minimum. Op het moment dat de visie op en uitvoering van het gezamenlijke contractbeheer en -management helemaal uitgewerkt is, zorgen we voor een advies waarin onderzocht is hoe de inzet van BIZOB het beste via de GR geborgd kan worden en niet meer via de vijf individuele gemeenten. Om onze inhoudelijke ambities waar te kunnen maken, sturen we op verdere transformatie, samenwerking en normaliseren middels partnership met zorgaanbieders. Dit door o.a. het opzetten van een gezamenlijk toegangsteam voor hoogcomplexe zorg, een aanmeld- en matchingsteam voor wonen en samenwerking met zogenaamde schilorganisaties zoals onderwijs en huisartsen. Ook hier geldt dat ontwikkelingen helpend moeten zijn voor de toegang en het organiseren van zo passend en thuis nabij mogelijke hulp voor jeugdigen en gezinnen.
Samenwerking op projectbasis Wat willen we bereiken? Via diverse projecten willen we regionaal samenwerken aan thema’s die in potentie van grote toegevoegde waarde zijn als het gaat om integraal werken en afschaling. • Vanuit het project ‘Geweld hoort nergens thuis ook niet in Zuidoost Brabant’ werken alle lokale toegangsteams op het niveau van 21 voor de jeugd in 2022 met het
15
•
kwaliteitskader. GR Peelgemeenten zal hierin een ondersteunende rol vervullen richting de lokale teams en Veilig Thuis. Vanuit het project ‘Scheiden zonder schade’ worden er diverse deelprojecten in de arrondissementsregio Oost-Brabant uitgerold, om meer grip te krijgen op scheidingsproblematiek, in het bijzonder de brug tussen zorg en recht.
Wat gaan we ervoor doen? In het kader van het project Geweld hoort nergens thuis is er een zelfscan voor gemeenten ontwikkeld. Die biedt een goede basis om te evalueren wat er ontbreekt in de gemeentelijke aanpak van geweld. En om hierop vervolgens een meerjarenplan te ontwikkelen. Peelgemeenten volgt de ontwikkelingen binnen de het project nauwgezet en deelt deze informatie. Daarnaast wordt inzet op verbinding van de lokale initiatieven tot een aanpak op het niveau van de vijf Peelgemeenten. Peelgemeenten participeert ook in 2022 in het gemeentelijk regieteam, dat de gemeentelijke inbreng binnen het Regiolab Scheiden zonder schade coördineert. Vanuit het regieteam worden ook in 2022 bijeenkomsten georganiseerd rondom deskundigheidsbevordering en samenwerking voor alle functionarissen in de keten van zorg en recht.
Aanpassing woonplaatsbeginsel Wat willen we bereiken? Op basis van het woonplaatsbeginsel wordt bepaald welke gemeente verantwoordelijk is voor de organisatie en financiering van de jeugdhulp voor een jeugdige. Per 1 januari 2021 zou het woonplaatsbeginsel in de jeugdwet gewijzigd worden. Op 19 mei 2020 heeft de minister de Kamer per brief geïnformeerd dat de invoering van deze wetswijziging opnieuw met een jaar uitgesteld wordt. In deze brief schrijft de minister dat de wijziging van het woonplaatsbeginsel om twee redenen later ingevoerd wordt: • De invoering van de aangepaste objectieve verdeelmodellen in het gemeentefonds is door het ministerie van BZK uitgesteld tot 1 januari 2022. Hierdoor kan komend jaar het budget voor voogdij en 18+ nog niet objectief worden verdeeld. Wanneer de wijziging van het woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022 wordt ingevoerd, houden beide wijzigingen gelijke tred. • De invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel behoeft eenmalig uitzoekwerk van gemeenten en jeugdhulpaanbieders om na te gaan voor welke jeugdigen de financieel verantwoordelijke gemeente wijzigt aan de hand van het nieuwe woonplaatsbeginsel. De coronacrisis vergt nu echter veel tijd en werk van gemeenten en jeugdhulpaanbieders om de continuïteit van zorg te waarborgen. Hierdoor ontstaan risico’s voor een zorgvuldige invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel.
Uitstel naar 1 januari 2022 geeft gemeenten en aanbieders meer tijd. Om ook volgend jaar een eerlijke verdeling van de voogdijgelden onder gemeenten te waarborgen, wordt de huidige compensatieregeling Voogdij/18+ met een jaar verlengd. Wat gaan we ervoor doen? We gaan nog steeds voor een zo soepel mogelijke overgang, voor zowel jeugdigen als professionals. Waar mogelijk sorteren we voor op de wijziging met werkinstructies en werkprocessen. De implementatie van het nieuwe woonplaatsbeginsel wordt een traject, dat van gemeenten en jeugdhulpaanbieders incidenteel extra inspanning vraagt. Het accent van de werkzaamheden hiervoor verschuift nu van 2020 naar 2021. Voor deze werkzaamheden zijn we afhankelijk van instrumenten en gegevens die door o.a. het ketenbureau I-sociaal Domein, VNG en het Rijk opgeleverd worden. Door de Coronacrisis is daar nu dus vertraging in ontstaan. Verder zullen naar verwachting ook in het eerste
16
kwartaal 2022 een groot aantal mutaties in zorgtoewijzingen doorgevoerd moeten worden, waarvoor voornamelijk administratieve inzet nodig is vanuit onze backoffice. De werkzaamheden in het kader van de overgang naar een nieuw Woonplaatsbeginsel in de eerste drie kwartalen van 2021 zal een extra belasting van de backoffice betekenen daar hier aan de hand van lijstwerk moet worden onderzocht bij welke gemeente een jeugdige na 1-1-2022 thuishoort. In de tweede helft van 2021 breidt deze extra belasting zich uit naar de GJC en de Kwaliteitsmedewerker. De lokale GJC is verantwoordelijk voor de warme overdracht van “vertrekkende” jongeren naar hun “nieuwe” gemeente en het “ontvangen” van de overdracht van “komende” jongeren vanuit de rest van de Nederlandse gemeenten. De kwaliteitsmedewerker zal tijdens de overdracht een rol krijgen bij het vastleggen van (maatwerk)contracten met aanbieders van buiten de regio daar de nieuwe jeugdcliënten tot maximaal twee jaar na 1-1-2022 recht houden op de in de vorige gemeente toegekende voorziening. Landelijk zal er rond augustus 2021 meer duidelijk zijn over aantallen “verhuizende” jeugdcliënten. Voor juli dienen de gemeenten een overzicht van hun eerste onderzoek te delen met de landelijke werkgroep.
2.4.
Ontwikkelingen Bijzondere bijstand, Minimaregelingen en Schulddienstverlening (BMS)
Beleid en uitvoering BMS algemeen Wat willen we bereiken? Naar de toekomst toe streven wij ernaar dat de gezamenlijke opgaven op het sociaal domein (normaliseren, bevlogen & zakelijke samenwerking rondom de inwoner) ook gestalte krijgt op het terrein van de financiële dienstverlening en in het bijzonder op het terrein BMS. De toegang en regierol voor financiële dienstverlening aan inwoners is belegd bij de lokale teams. Wij als GR Peelgemeenten faciliteren de toegangsteams om het leefgebied ‘financiën’ integraal deel te laten uitmaken van de aanpak die voor een klant of gezin gekozen wordt. Wat gaan we ervoor doen? We informeren en adviseren gemeenten over de landelijke ontwikkelingen op het gebied van BMS; − Wij brengen het thema BMS in, in de teams die aan de slag gaan met de opgaven ‘normaliseren’ en ‘bevlogen samenwerking rondom de inwoner’. − Vanuit de verantwoordelijkheid van de GR Peelgemeenten, faciliteren wij de lokale toegangsteams om uitvoering te geven aan de gezamenlijke opgaven (normaliseren en bevlogen samenwerking rondom de inwoner). − Wij onderzoeken de mogelijkheden tot digitalisering; − We zorgen voor een doorontwikkeling van de kwartaalrapportages BMS.
Sluitende keten schuldhulpverlening Voor inwoners met financiële problematiek wordt een plan opgesteld, waarin diverse interventies (BMS) samenkomen. Indien er sprake is van problematische schulden, dan wordt in de keten van schuldhulpverlening intensief samengewerkt en zorgen wij er gezamenlijk dat er een snelle toeleiding naar een schuldregeling (minnelijk en wettelijk) wordt gerealiseerd op weg naar financiële zelfredzaamheid en een schone lei.
17
Wat gaan we ervoor doen? − Wij haken aan op de fase van vroegsignalering en bevorderen het ‘leren van elkaar’ op dit gebied − Wij faciliteren desgewenst het werkgeverschap van schuldhulpverleners fase 1 en 2. − We onderhouden korte lijnen met ketenpartners die actief zijn in de keten van de schuldhulpverlening en maken afspraken over taken en verantwoordelijkheden − Wij zorgen ervoor dat de werkprocessen en applicatie vanuit de GR Peelgemeenten dusdanig zijn ingericht dat de overgang van cliënten met financiële problemen van de lokale toegang naar regionaal (en vice versa) efficiënt en effectief verloopt. − Wij volgen de ontwikkelingen op het terrein van schuldhulpverlening aan ondernemers en nemen daar waar nodig onze verantwoordelijkheid − Wij leveren relevantie sturingsinformatie.
Uitvoering Bijzondere Bijstand en Maatschappelijke Participatie Wat willen we bereiken? Wij streven ernaar dat de uitvoering van de bijzondere bijstand en maatschappelijke participatie passen in de gezamenlijke opgaven op het terrein van het sociaal domein. We zetten ons in voor samenhang in de lokale en bovenregionale dienstverlening met betrekking tot de bijzondere bijstand en maatschappelijke participatie. We bevorderen ruimte voor maatwerk, vanuit een geharmoniseerd beleidskader. Wat gaan we ervoor doen? In het eerste halfjaar 2021 evalueren we de huidige DVO bijzondere bijstand; In het tweede halfjaar stellen we een nieuwe DVO bijzondere bijstand op; Wij nemen de vertaling van de opgaven ‘normaliseren’ en ‘bevlogen samenwerking rondom de inwoner’ mee in de wijze waarop de bijzondere bijstand vanaf 2022 wordt uitgevoerd. We zorgen dat de verantwoording en monitoring bijzondere bijstand met ingang van 1-1-2022 voldoet aan de wensen van de gemeenten. Wij onderzoeken de mogelijkheid om het beleid op het terrein van de maatschappelijke participatie te harmoniseren en de uitvoering meer te digitaliseren.
18
2.5. Paragrafen Zowel in begroting als in de jaarrekening worden, cf. artikel 9 van het BBV, in afzonderlijke paragrafen de beleidslijnen vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten. De voorgeschreven paragrafen zijn niet allen van toepassing op de GR Peelgemeenten. De volgende paragrafen worden beschreven: • Weerstandsvermogen en risicobeheersing; • Financiering; • Bedrijfsvoering; • Verbonden partijen.
2.5.1.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Het weerstandsvermogen kan worden omschreven als de mate waarin de organisatie in staat is om niet structurele financiële tegenvallers op te vangen zonder dat dit gevolgen heeft voor de uitvoering van de taken. Op 9 december 2019 is door het algemeen bestuur de “Nota weerstandsvermogen en risicobeheer GR Peelgemeenten 2019” vastgesteld. Het totaal aan benodigde weerstandscapaciteit (de risico’s) is berekend op € 304.000. De ratio is afgerond 1; dit is in de nota weerstandsvermogen ook vastgesteld als minimum. Met het vaststellen van de nota Weerstandsvermogen is ingestemd met het instellen van een algemene reserve die als dekking (buffer) dient voor het opvangen van de risico’s. Het minimumbedrag van de Algemene reserve is bepaald op € 300.000 en het maximumbedrag is bepaald op € 600.000. Per 31 december 2020 bedraagt het saldo van de algemene reserve € 325.277 (na resultaatbestemming) en voldoet hiermee aan de minimale eis. Voor de begroting 2022 zijn de risico’s niet opnieuw beoordeeld, maar is aangesloten bij de risico-inventarisatie zoals die eind 2019 is gedaan en is opgenomen in de nota weerstandsvermogen en risicobeheer. De inventarisatie heeft de volgende risico’s opgeleverd: 1. Ziekteverzuim (risicoscore: 16) Ziekteverzuim is iets dat bij elke organisatie voorkomt, een ziekteverzuim van circa 5,5% wordt binnen de sector overheid als gemiddeld gezien.
Het verzuimpercentage lag bij Peelgemeenten hoger dan het landelijke gemiddelde met een verzuim van 10,3% in 2017 en 7,1% in 2018. Over de eerste 3 kwartalen van 2019 is het verzuimpercentage 10,3. Ziekteverzuim kan leiden tot inhuur, afhankelijk van de duur van het verzuim en van de functie. Niet iedereen hoeft direct te worden vervangen, maar de kosten van inhuur zijn hoger dan de kosten van ambtelijk personeel. Het risicobedrag wordt ingeschat op 5% van de salariskosten van het eigen personeel (afgerond € 5 mln.) Dit komt neer op een bedrag van € 250.000. Omdat in de begroting van Peelgemeenten al een budget is opgenomen voor extra inhuur dat ook deels ingezet kan worden voor inhuur bij ziekte, wordt het risicobedrag aangepast naar € 150.000. De kans dat het zich voor doet wordt op basis van het ziekteverzuimpercentage van de afgelopen jaren als groot ingeschat. Beheersmaatregelen: Het terugdringen van het ziekteverzuim heeft de aandacht binnen Peelgemeenten. Door extra inzet ziekteverzuimbegeleiding en zo nodig (tijdelijke) werkaanpassing wordt getracht dit risico te beheersen. Ook door een intensieve samenwerking met de Arboarts wordt ingezet op het verlagen van het ziekteverzuim.
19
2. Beveiliging van data/ privacy (risicoscore 12) Binnen het sociaal domein wordt veel gewerkt met gegevens van personen. Daaronder vallen ook gevoelige gegevens zoals medische gegevens. Dit brengt bijvoorbeeld een risico van een datalek met zich mee. Het vormt een inbreuk op de privacy van de burgers en kan leiden tot negatieve publiciteit, imagoschade en eventuele boetes. Onder de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) zijn organisaties verplicht om hun organisatie zo in te richten dat de privacyregels structureel worden nageleefd, en dat organisatie dit kan verantwoorden en bewijzen. Als de beveiliging van persoonsgegevens niet op orde is, kan de Autoriteit Persoonsgegevens een boete opleggen. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat betrokkenen een claim indienen voor compensatie voor geleden schade. In Nederland heeft zich dat tot nu toe nog niet voorgedaan. Tenslotte is er nog imagoschade, het herstellen hiervan kost tijd en geld. Een financiële vertaling hiervan is echter lastig te maken. De kans op boetes / imagoschade wordt als gemiddeld (klasse 3) geschat met een inschatting van het risicobedrag, gelet op omvang begroting, tussen € 75.000 en € 150.000 (risicoklasse 4).
Beheersmaatregelen: Binnen Peelgemeenten is een functionaris gegevensbescherming en een privacy officer werkzaam met als belangrijke taak de bewustwording van het belang beveiliging van persoonsgegevens. Dit gebeurt bijvoorbeeld door het bespreken van cases waar de beveiliging van gegevens in het geding is. Op deze manier kan de organisatie leren van de gemaakte fouten. Daarnaast zijn er ook technische maatregelen genomen (bijvoorbeeld Zorgmail) om de privacygevoelige data zo goed mogelijk te beveiligen. 3. Kwetsbaarheid organisatie (risicoscore: 9) Uit de in 2019 uitgevoerde evaluatie van de samenwerking binnen GR Peelgemeenten is duidelijk naar voren gekomen dat de organisatie zeer kwetsbaar is georganiseerd op de bedrijfsvoeringstaken1. De formatie van een aantal bedrijfsvoeringsfuncties is lager dan gemiddeld en vaak zijn het eenmansposten. Het risico bestaat dat de werklast (te) hoog wordt en dat werknemers hierdoor wegvallen (vertrek of ziekte), met kosten voor inhuur als gevolg. Met ingang van 2019 is de kwetsbaarheid van de organisatie verminderd door de uitbreiding van het team Bedrijfsvoering met 2,9 fte structureel. Ondanks deze uitbreiding blijft de organisatie kwetsbaar omdat er nog steeds werkzaamheden zijn die zijn belegd bij één persoon. Het risico bij ziekte en de hierbij behorende kosten zijn al meegenomen in het risico van ziekteverzuim.
Bij vertrek van werknemers op kwetsbare posities, is vervanging op korte termijn nodig; (tijdelijke) inhuur kan dan een oplossing zijn. De financiële omvang van dit risico’s wordt ingeschat op 10% van de personele lasten van de bedrijfsvoeringsfuncties, afgerond ca. € 90.000. Hiermee valt dit risico in klasse 3. De kans dat het zich voor doet, wordt als gemiddeld ingeschat (kans-klasse 3). Beheersmaatregelen: Maatregelen om de kwetsbaarheid van de organisatie risico te verminderen zijn bijvoorbeeld het hebben van actuele beschrijvingen van werkprocessen en -instructies. Daarnaast wordt de werkzaamheden zoveel zodanig verdeeld dat de medewerkers bekend zijn met alle aspecten van het werk en elkaar makkelijker kunnen vervangen. Voor bepaalde functies kan ook bewust worden gekozen om deze via inhuur in te vullen of via outsourcing. Naar aanleiding van het evaluatierapport zijn de bedrijfvoeringsfuncties 1
Eindrapport “Kiezen of (op)delen!” Evaluatie en versterking van de GR Peelgemeenten én de samenwerking tussen de vijf deelnemende gemeenten. Stan van de Laar/ Renée Kuin Utrecht, 01 april 2019
20
per functies beoordeeld op de best mogelijke positionering van de functies om zo te kwetsbaarheid van de organisatie te verminderen. 4. Juridische risico’s (risicoscore: 8) Als er niet voldoende personele capaciteit is om de aanvragen voor de verschillende voorzieningen (Wmo, Jeugd en BMS) af te handelen, ontstaat er mogelijk achterstanden in de werkvoorraad. Dit kan leiden tot een overschrijding van de termijnen met het risico op het betalen van boetes als gevolg. Daarnaast zijn er, inherent aan het verstrekken en beëindigen van voorzieningen, werkzaamheden in het kader van bezwaar/beroep. Door drukke werkzaamheden en (lokale) mogelijkheden tot tijdig plannen van hoorzittingen, kunnen termijnen om tot een tijdig besluit op bezwaar te komen onder druk komen staan. Overschrijding van termijnen kan vervolgens leiden tot ontvangst van zgn. ingebrekestellingen en het vervolgens moeten betalen van dwangsommen. Daar waar een bezwaar- of beroepschrift (bij rechtbank) leidt tot gegrondverklaring, kunnen gemeenten gehouden zijn tot vergoeden van proceskosten. De kans dat dit zich voordoet is groot (kans-klasse: 4). De financiële omvang wordt, op basis van betaalde dwangsommen in voorgaande jaren, geschat tussen de € 25.000 en € 75.000 (risicoklasse 2).
Betaalde boetes worden afgehandeld via de zorgkosten en vormen daarmee geen financieel risico voor de GR maar wel voor de afzonderlijke gemeenten. Beheersmaatregelen: De beheersmaatregelen zijn vooral gelegen in een goede interne organisatie. Binnen GR Peelgemeenten wordt de betaling van dwangsommen en proceskosten-veroordelingen zoveel als mogelijk tegengegaan door het zoveel als mogelijk tijdig handelen en het zo goed als mogelijk inschatten van de juridische haalbaarheid van procedures. In het nog niet ontgonnen sociale domein (denk met name ook aan het thema uren versus resultaat) zijn juridische procedures (en betaling van proceskosten) evenwel inherent aan het werk en zullen dus ook altijd wel blijven. 5. Niet-functioneren (risicoscore: 6) Het risico bestaat dat mensen op een positie belanden waarvoor zij niet geschikt zijn: mismatch. De inschatting, op basis van eigen ervaringscijfers, is dat hooguit 1 fte van het personeel in een niet-geschikte functie komt. Het niet-functioneren van mensen kost geld door bijvoorbeeld een lager productiviteit of omdat iemand anders moet worden ingehuurd. De kosten hiervan worden berekend op basis van de gemiddelde personeelskosten per fte (€ 75.000 per fte). Daarnaast kunnen er kosten zijn voor outplacement of het betalen van een transitievergoeding.
De kosten voor outplacement liggen volgens landelijke cijfers tussen de € 3.000 en € 5.000. De transitievergoeding wordt vanaf 2020 aangepast waardoor de kosten een stuk lager zijn. De kosten hiervan zijn afhankelijk van het aantal dienstjaren en kunnen uiteenlopen van € 0 tot max. € 81.000 (maximum voor 2020). Omdat het niet de verwachting is dat dit maximum bedrag ook daadwerkelijk de komende jaren wordt betaald, wordt het totale financiële effect geschat te vallen in risicoklasse 3 (€ 75.000 - € 150.000). De kans dat dit scenario optreedt wordt als klein (klasse: 2) geschat. Beheersmaatregelen: Maatregelen om dit te beheersen liggen op het terrein van het personeelsbeleid. Indien een dergelijke situatie zich voordoet, wordt een persoon zo goed en zo snel mogelijk begeleidt naar een nieuwe baan binnen of buiten de Peelgemeenten-organisatie. 6. Inkoop (risicoscore: 3). Voor de uitvoering van de zorgtaken binnen het sociaal domein wordt op verschillende niveaus’s samengewerkt. Onjuiste inkoop kan leiden tot schadeclaims en mogelijk opnieuw doorlopen van de aanbestedingsprocedure gemiste kansen qua prijs/kwaliteitverhouding.
21
Een belangrijke partner voor Peelgemeenten is het Bureau Inkoop Zuioost Brabant (Bizob). Bizob regelt in samenwerking met de aangesloten partijen de inkoop en aanbestedingen voor het sociaal domein. Peelgemeenten regelt dit voor de deelnemende gemeenten; de contracten staan dan ook op naam van de betrokken gemeenten. Het inkooprisico voor de zorgkosten ligt dan ook niet bij Peelgemeenten maar bij de afzonderlijke gemeenten. Naast de inkoop van zorg, heeft Peelgemeenten te maken met inkoop op het gebied van automatisering (onderdeel van de uitvoeringsorganisatie). Voor dit onderdeel ligt het risico bij Peelgemeenten. Ook op dit terrein wordt samengewerkt met Bizob. Door deze samenwerking is het inkooprisico zeer klein. Het inkoopvolume is jaarlijks gemiddeld € 100.000, met een inschatting dat dit risico zeer klein is. Beheersmaatregelen: Zoals hiervoor al vermeld, is het Bizob een belangrijke partner in het inkoopproces. Door deze samenwerking worden de risico’s verminderd en wordt de kwaliteit van het inkoopproces verbeterd en daarmee van de in te kopen producten. 7. Contractbeheer en -management (risicoscore: 1) Contractbeheer omvat het beheren (fysiek en/of digitaal) van contracten binnen de organisatie, zodat de juiste informatie op het juiste tijdstip op de juiste plaats beschikbaar is.
Contractmanagement is het bewaken of alle partijen bij een overeenkomst volledig voldoen aan hun verplichtingen. Slecht contractbeheer en -management kan leiden tot een stilzwijgende verlening die niet-gewenst is of tot onterecht betalen van facturen. In de GR Peelgemeenten is het aantal contracten gering en zijn met betrekking tot contractbeheer en -management duidelijke afspraken gemaakt over het proces en de verantwoordelijkheden. Daarnaast wordt ook in het kader van de implementatie van het nieuwe zaaksysteem gekeken hoe het contractbeheer binnen dit systeem geborgd kan worden. Het risico van slecht contractbeheer en -management wordt daarom ook als zeer klein (risicoklasse 1) ingeschat en de financiele effecten zijn minder dan € 25.000 (bedragklasse: 1). 8. Uitvoering taken door andere gemeenten (risicoscore: 2) Een aantal taken, zoals salarisadministratie, archief en de financiële administratie, worden voor Peelgemeenten uitgevoerd door één van de deelnemende gemeenten. De omvang van de taken die door andere gemeenten worden uitgevoerd bedraagt ca 2 fte. De uitvoering van deze taken is op dit moment niet vastgelegd in bijvoorbeeld een dienstverleningsovereenkomst. Het risico bestaat dat de taken niet (volledig) worden uitgevoerd of dat de kwaliteit van de taken niet voldoende is.
Het “repareren” van de niet (goed) uitgevoerde werkzaamheden kost geld omdat er bijvoorbeeld extra ingehuurd moet worden. Het risico van het niet-goed uitvoeren wordt als klein ingeschat. De financiële gevolgen zijn naar verwachting gering (< € 25.000) omdat in principe van het niet-leveren van de werkzaamheden er niet hoeft te worden betaald. Beheersmaatregelen: Door het vastleggen van afspraken in een dienstverleningsovereenkomst (DVO) is het duidelijk hoe om wordt gegaan met meer of minder kosten. Deze DVO’s zullen waarschijnlijk in 2020 worden vastgesteld. 9. ICT-voorzieningen (risicoscore: 1) Het goed functioneren van computersystemen is binnen de organisatie van groot belang voor de uitwisseling van gegevens. Uitval en/of storingen vormen een bedreiging voor de bedrijfsvoering en daarmee de dienstverlening. De impact van de storing hangt voor een groot deel af van de duur (in tijd) van de storing. De inschatting is dat een kortdurende storing (minder dan een halve dag) niet tot extra kosten leidt. Een langdurige storing zal naar verwachting wel tot kosten leiden zoals bijvoorbeeld verlies aan productiviteit. De financiële omvang is naar verwachting gering (minder dan € 25.000; berekend o.b.v.
22
verlies van 4 uur productiviteit voor 70 personen en een uurtarief van € 70). De kans dat een langdurige storing of uitval zich voordoet, wordt als zeer klein ingeschat (kans-klasse 1). Beheersmaatregelen: Voor de meeste systemen en applicaties wordt er gebruik gemaakt van zogenaamde SaaS oplossing; gegevens worden opgeslagen in de Cloud en gaan dan niet verloren. Daarnaast worst via afspraken in een Service Level agreement met de aanbieder afgesproken dat de aanbieder maatregelen moet treffen om uitval en storingen tegen te gaan dan wel ze zo spoedig mogelijk op te lossen. 10.Politiek-bestuurlijke risico’s (risicoscore: PM) GR Peelgemeenten heeft als samenwerkingsverband te maken met 5 gemeenten en daarmee ook met 5 gemeentebesturen. Het risico bestaat dat het lokaal belang boven het regionale belang gaat. Door regelmatig in dialoog te gaan met het lokale bestuur over ontwikkelingen die spelen bij Peelgemeenten wordt geprobeerd dit risico te beperken. Dit is inherent aan de organisatievorm van een gemeenschappelijke regeling. Het risico wordt pm meegenomen. 11.Landelijke ontwikkelingen (risicoscore: PM) Landelijke wet-en regelgeving kunnen ertoe leiden dat er extra taken bijkomen voor Peelgemeenten. Als er geen aanvullende middelen tegenover staan, legt dat een extra beslag op de beschikbare capaciteit van Peelgemeenten.
Dit kan vervolgens leiden tot kwaliteitsverlies en/of wachtlijsten voor de beoordeling van de aanvragen van voorzieningen. De GR Peelgemeenten is voor de dekking van de kosten volledig afhankelijk van de gemeentelijke bijdragen. Wijzigingen in beleid vragen om afzonderlijke bestuurlijke besluitvorming, waarbij de financiële consequenties worden meegenomen. Deze risicocategorie wordt in deze nota alleen benoemd en hoeft niet te worden gerelateerd aan het weerstandsvermogen van de GR. Inzet formatie Wmo In verband met demografische ontwikkelingen bestaat het risico dat er een groei ontstaat in zorgvragen en ondersteuning wat kan leiden tot noodzakelijke uitbreiding van de formatie van Wmo-consulenten. Daarnaast is het nu nog onduidelijk wat de effecten van corona op de langere termijn zullen zijn en of dit zal leiden tot meer behoefte aan zorgvragen, waarvoor ook extra capaciteit nodig zal zijn. Van de geïnventariseerde risico’s is onderstaande risicomatrix opgesteld:
Risico
Kans
ziekteverzuim
Groot (70%)
Beveiliging van data / privacy
Gemiddeld (50%)
kwetsbaarheid organisatie
Gemiddeld (50%)
Kans-
Risico-
Risicok financieel lasse gevolg
Risicoscore
klasse
Bedrag (gemiddeld)
4
€ 225.000
4
€ 157.500
16
3
€ 112.500
3
€ 56.250
9
3
€ 112.500
3
€ 56.250
9
23
Juridische risico’s
Groot (70%)
4
€ 50.000
2
Telt niet mee. Risico ligt bij gemeenten
8
niet-functioneren
Klein (30%)
2
€ 112.500
3
€ 33.750
6
Inkoop en contractbeheer
Zeer klein (10%)
Niet (goed) uitvoeren taken andere gemeenten
Telt niet mee. Risico ligt bij gemeenten
1
€ 112.500
3
Klein (30%)
2
< € 25.000
1
Telt niet mee
2
ICT-voorzieningen
Zeer klein
1
< € 25.000
1
Telt niet mee
1
Politiek-bestuurlijk
PM
PM
PM
PM
PM
PM.
PM
PM
PM
PM
PM
PM.
Landelijke ontwikkelingen TOTAAL
2.5.2.
3
€ 303.750
Financiële kengetallen
Deze paragraaf bevat de financiële kengetallen die elke gemeente of gemeenschappelijke regeling verplicht moet opnemen. Omdat de kengetallen voor grondexploitatie en belastingcapaciteit niet van toepassing zijn GR Peelgemeenten, zijn deze niet opgenomen. Kengetallen kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van een gemeente en maken het mogelijk om gemeenten onderling te vergelijken. Omdat de GR Peelgemeenten een uitvoeringsorganisatie is die middels bevoorschotting wordt gefinancierd door de deelnemende gemeenten en dus geen schulden heeft, en doordat de GR Peelgemeenten behalve het rekeningresultaat geen eigen vermogen heeft, hebben de financiële kengetallen een beperkte waarde.
Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
Realisatie 2020
Begr 2021
Begr 2022
Mjr 2023
Mjr 2024
Mjr 2025
-2,3%
-2,2%
-2,6%
-1,8%
-2,4%
-3,0%
-2,3% 1,7% 0,0%
-2,2% 2,1% 0,0%
-2,6% 2,1% 0,0%
-1,8% 2,1% 0,0%
-2,4% 2,1% 0,0%
-3,0% 2,1% 0,0%
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de totale baten en zegt iets over de mate waarin de schuld van de gemeenschappelijke regeling met de inkomsten kan worden gedragen. De VNG hanteert voor de schuldquote de volgende norm: onder de 100% is goed, tussen de 100% en 130% is matig en boven de 130% is onvoldoende.
24
De netto schuldquote is voor GR Peelgemeente in de begroting 2021 is -2,6% en dus meer dan goed. Omdat Peelgemeenten geen leningen verstrekt is het kengetal “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen” gelijk aan de “gewone” netto schuldquote. Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft de verhouding tussen het eigen vermogen (reserves) en het totale vermogen (= eigen vermogen + vreemd vermogen) weer. Het gaat erom inzicht te krijgen in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling, in geval van nood, in staat is aan zijn financiële verplichtingen (vooral de verschaffers van vreemd vermogen) te voldoen. Voor gemeenten geldt normaal gesproken hoe hoger het solvabiliteitspercentage, hoe beter. Bij de jaarrekening 2020 is besloten de algemene reserve op peil te houden conform de minimum eis voor het weerstandsvermogen van € 300.000. De algemene reserve bedraagt per 31 december € 325.277 en voldoet hiermee aan de minimum eis. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte wordt berekend door het saldo van de structurele baten en lasten af te zetten tegen de totale baten. Peelgemeenten dekt de structurele lasten volledig door structurele baten, waardoor het percentage nihil is.
2.5.3.
Financiering
De GR Peelgemeenten wordt gefinancierd door de 5 deelnemende gemeenten. Het uiteindelijke financiële risico ligt dan ook bij die gemeenten. Tussen GR Peelgemeenten en de deelnemende gemeenten vinden twee verschillende financieringsstromen plaats, nl. uitvoeringskosten en zorgkosten. De uitvoeringskosten worden betaald door GR Peelgemeenten, waarbij GR Peelgemeenten per kwartaal op basis van inwonertal een voorschot in rekening brengt aan de 5 deelnemende gemeenten. Na afloop van het jaar wordt afgerekend op basis van werkelijke kosten. De zorgkosten worden eveneens betaald aan aanbieders door GR Peelgemeenten, waarbij de GR Peelgemeenten per kwartaal een voorschot in rekening brengt aan de 5 deelnemende gemeenten. Na afloop van het kwartaal wordt het voorschot vervolgens verrekend met de gerealiseerde zorgkosten. Decentrale overheden (provincies, gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen in de vorm van een openbaar lichaam) zijn, op basis van de Regeling Schatkistbankieren verplicht om hun overtollige middelen, boven een bepaald drempelbedrag, in de schatkist aan te houden. Voor Peelgemeenten is het drempelbedrag € 250.000.
2.5.4.
Verbonden partijen
De deelnemende gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Someren worden niet aangemerkt als verbonden partijen in het kader van de GR Peelgemeenten. Wel is GR Peelgemeenten een verbonden partij van de 5 deelnemende gemeenten. Met Senzer is een dienstverleningsovereenkomst aangegaan voor de uitvoering van de bijzondere bijstand. Deze dienstverleningsovereenkomst loopt tot 1 mei 2022. In de begroting 2022 is uitgegaan van kosten van de dienstverlening van Senzer voor een volledig jaar.