CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

1.1 Bijlage bij presentatie Samenleven

Gemeenteraad 28 mei 2026, gemeente SomerenBij agendapunt: Aanbieden coalitieakkoord5.306 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Achtergrondinformatie Presentatie Samenleving 20-04-2026

Titel: Achtergrondinformatie Presentatie Sociaal Domein 20-04-2026 Datum: 16-04-202

Inhoud Inhoud ............................................................................................................................... 1 1.Inclusief onderwijs (grote strategische opgave met brede gemeentelijke impact) ..................... 2 2. Asielopvang .................................................................................................................... 3 3.Aanvullend zorg- en welzijnsakkoord (AZWA)....................................................................... 4 4. Gezondheidsbeleid “Heel Someren Gezond” ........................................................................ 5 5. De Gemeenschappelijke regelingen ................................................................................... 6 5.1 GR-Peelgemeenten ................................................................................................... 6 5.2 Een 10 voor de Jeugd (Inkoop Jeugdzorg) .................................................................. 10 5.3 GR Senzer .............................................................................................................. 10 5.4 GGD (Volksgezondheid) ........................................................................................... 11 6. Verenigingen en subsidiebeleid ......................................................................................... 12 7.

Openbare Orde en Veiligheid ............................................................................................ 12 7.1 Brandweerzorg ....................................................................................................... 12 7.2 Weerbare overheid .................................................................................................. 13 7.3 Weerbare samenleving............................................................................................. 16

1

1. Inclusief onderwijs (grote strategische opgave met brede gemeentelijke impact) De beweging richting inclusiever onderwijs is één van de meest ingrijpende ontwikkelingen binnen dit taakveld. Landelijk is de ambitie dat in 2035 de meeste scholen de overgang naar inclusief onderwijs hebben gemaakt, waarbij kinderen en jongeren zoveel mogelijk thuisnabij, in een toegankelijke schoolomgeving en met passende ondersteuning onderwijs volgen. Het Rijk benoemt daarbij expliciet dat dit vraagt om schoolgebouwen die toegankelijk zijn, multidisciplinaire ondersteuning in en om de school en nauwe samenwerking met jeugdhulp en zorg. Voor gemeenten betekent dit dat inclusief onderwijs niet alleen een onderwijsinhoudelijk vraagstuk is, maar een bredere stelsel- en uitvoeringsopgave. Ook voor Someren speelt de vraag hoe de gemeente zich hiertoe wil verhouden: afwachtend en faciliterend, of juist actief regisserend in de samenwerking met onderwijs, jeugdhulp en regionale partners. Die positionering is bestuurlijk relevant, omdat de gevolgen van deze ontwikkeling direct doorwerken in meerdere gemeentelijke verantwoordelijkheden. De impact raakt onder meer: •

jeugdhulp en ondersteuning, omdat kinderen eerder en beter in de eigen omgeving

ondersteund moeten worden; •

kansengelijkheid, doordat het doel is dat kinderen minder snel uitvallen of op afstand van

huis onderwijs moeten volgen; •

leerlingenvervoer, omdat inclusiever en thuisnabijer onderwijs op termijn ook druk zet op

hoe vervoer wordt georganiseerd; •

onderwijshuisvesting, omdat inclusiever onderwijs andere eisen stelt aan toegankelijkheid,

ruimtegebruik, ondersteuning en inrichting van schoolgebouwen. Juist dat laatste is bestuurlijk van betekenis. Landelijke partijen benadrukken dat inclusief onderwijs consequenties heeft voor de fysieke leeromgeving. Volgens de PO-Raad vraagt inclusieve huisvesting om onder meer extra bewegings- en circulatieruimte, nabijheid van zorg en ondersteuning en een inrichting waarin alle leerlingen zelfstandig, veilig en gelijkwaardig kunnen functioneren. De onderzoekers adviseren gemeenten en schoolorganisaties daarom om bij nieuwbouw, renovatie en actualisatie van het Integraal Huisvestingsplan expliciet rekening te houden met de vraag wat een dekkend netwerk voor inclusief onderwijs in de regio vraagt. Daar komt bij dat de landelijke discussie over onderwijshuisvesting al fors in beweging is. Sinds januari 2025 ligt een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer dat het Integraal Huisvestingsplan wettelijk verankert als verantwoordelijkheid van de gemeente en renovatie nadrukkelijker positioneert als gemeentelijke voorziening. Tegelijk benadrukt de VNG dat gemeenten voor de enorme vervangings- en kwaliteitsopgave extra middelen nodig hebben, juist omdat schoolgebouwen toekomstbestendig en geschikt voor inclusief onderwijs moeten worden gemaakt. De kern van de bestuurlijke opgave voor Someren is daarmee breder dan “meebewegen met landelijke ontwikkelingen”.

De gemeente zal de komende periode moeten bepalen

2

•

welke bestuurlijke ambitie Someren heeft op inclusief onderwijs;

•

hoe actief de gemeente wil sturen in de samenwerking met onderwijs en jeugdhulp;

•

hoe de relatie wordt gelegd met onderwijshuisvesting en maatschappelijke voorzieningen;

•

welke financiële en organisatorische consequenties de gemeente bereid is te accepteren;

•

en hoe Someren haar belangen regionaal borgt, zodat kinderen niet tussen onderwijs, zorg

en gemeentelijke verantwoordelijkheden in vallen. Inclusief onderwijs vraagt daarmee niet alleen aandacht, maar ook positionering en koersbepaling door het nieuwe college. Het is een thema waarop de gemeente niet volledig kan afwachten, omdat landelijke ambities en stelselwijzigingen uiteindelijk lokaal neerslaan in concrete keuzes over samenwerking, voorzieningen, bereikbaarheid en huisvesting. Dat is precies waarom dit onderwerp bestuurlijk zwaar weegt.

2. Asielopvang Binnen de asielopvang spelen een aantal gelijktijdige woon- en opvangvraagstukken: •

Voor de eerste helft van 2026 bedraagt de taakstelling voor de huisvesting van

statushouders circa 30 personen, waarvan per maart circa 43% is gerealiseerd; •

Voor de nieuwe cyclus binnen de Spreidingswet geldt een indicatieve opgave van circa 110

reguliere opvangplaatsen, naast 7 plaatsen voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV); (117 in totaal) •

Voor de opvang van Oekraïense ontheemden zijn momenteel circa 86 opvangplekken

gerealiseerd, tegenover een opgave van circa 110 plekken, waarbij sprake is van een inspanningsverplichting en geen harde taakstelling; •

Tegelijkertijd is er een groep spoedzoekers en andere inwoners met een urgente

woonvraag. Deze opgaven maken (gedeeltelijk) gebruik van dezelfde schaarse locaties en vragen inzet van dezelfde gemeentelijke organisatie. In de praktijk leidt dit ertoe dat oplossingen veelal ad hoc tot stand komen en de gemeente in belangrijke mate afhankelijk blijft van externe factoren, zoals woning/locatieaanbod, doorstroming en landelijke besluitvorming. Hierdoor ontbreekt het aan samenhang en voorspelbaarheid in de aanpak en is de mogelijkheid om gericht te sturen beperkt. Wij schetsen hierbij verschillende denkrichtingen voor de woon- en opvangopgaven. Daarnaast wordt voorgesteld één voorkeursrichting nader te onderzoeken: de ontwikkeling van een flexibele woonvoorziening voor meerdere doelgroepen, als mogelijke manier om deze opgaven meer in samenhang te benaderen en de sturingsmogelijkheden te vergroten. Door het verkennen van een flexibele woonvoorziening voor meerdere doelgroepen wordt toegewerkt naar een situatie waarin: •

de gemeente beter kan sturen op de inzet en verdeling van schaarse locaties;

•

capaciteit flexibeler kan worden ingezet bij wisselende opgaven;

•

en keuzes rondom huisvesting beter uitlegbaar en evenwichtiger zijn richting inwoners.

3

Argumenten 1. De huidige werkwijze biedt onvoldoende sturingsmogelijkheden. De woon- en opvangopgaven doen gelijktijdig een beroep op dezelfde locaties en organisatie. Hierdoor ontstaan oplossingen vooral per situatie en blijft de gemeente voor een belangrijk deel afhankelijk van externe factoren. 2. Het verkennen van een flexibele woonvoorziening biedt een kans om meer regie en grip te krijgen. Door capaciteit gebundeld en flexibel in te zetten, kan beter worden gestuurd op inzet, timing en benutting van locaties, waardoor minder afhankelijkheid ontstaat van ad-hoc oplossingen. 3. Een flexibele woonvoorziening maakt het mogelijk om meerdere doelgroepen in samenhang te bedienen. Door verschillende doelgroepen te combineren kan efficiënter gebruik worden gemaakt van beschikbare locaties en kan beter worden gestuurd op spreiding en inzet. 4. Een bredere inzet draagt bij aan maatschappelijk draagvlak. Een voorziening die inzetbaar is voor meerdere doelgroepen is evenwichtiger en beter uitlegbaar richting inwoners dan een voorziening voor één specifieke doelgroep. 5. Het meegeven van richting is passend in deze fase. De verdere uitwerking vraagt nadere keuzes over locatie, schaal en organisatie. Deze keuzes horen bij het nieuwe college.

3. Aanvullend zorg- en welzijnsakkoord (AZWA) In Nederland moet iedereen als dat nodig is gelijkwaardigere toegang hebben tot goede en betaalbare zorg en ondersteuning. Ongeacht waar je woont, hoeveel geld je hebt of wat je aandoening is. Het wordt steeds lastiger om de groeiende zorgvraag op te vangen. Inwoners merken dit aan lange wachttijden, het moeilijk vinden van de juiste hulp en hoge werkdruk bij zorgverleners. Zorg is mensenwerk en we moeten voorkomen dat het personeelstekort onbeheersbaar wordt. Hoe blijven we nu en in de toekomst goed voor elkaar zorgen in onze samenleving? AZWA verbindt de projecten Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en Integraal Zorgakkoord (IZA) beter met elkaar. Dit geeft gemeenten veel meer ruimte voor eigen invulling. Het betekent evenwel ook dat gemeenten actief keuzes moet maken welke onderwerpen zij zelf door willen zetten met financiering. Het nieuwe Gezondheidsbeleid “Heel Someren gezond” is daarbij de leidraad. Belangrijkste doelen van dit akkoord zijn: Het toegankelijk en betaalbaar houden van kwalitatief goede zorg en ondersteuning in Nederland. Het personeelstekort in de zorg verminderen met 100.000 personen Meer gezondheid, minder zorg Passende zorg en slimme verschuiving Samen beslissen en mensgerichte zorg Aantrekkelijk werkgeverschap en scholing 4

Transparantie en toegankelijkheid Extra aandacht voor ouderen

4. Gezondheidsbeleid “Heel Someren Gezond” In december 2025 heeft de gemeenteraad nieuw integraal gezondheidsbeleid vastgesteld. Wij roepen bij u in herinnering dat dit beleid is opgebouwd uit 10 thema's. Dit laat zich visueel als volgt weergeven.

5

De komende beleidsperiode zal uitvoering worden gegeven aan het Gezondheidsbeleid.

5. De Gemeenschappelijke regelingen 5.1 GR-Peelgemeenten (Jeugdzorg en WMO) 5.2 Een 10 voor de Jeugd (Inkoop Jeugdzorg) 5.3 Senzer (Werkbedrijf en Participatiewet) 5.4 GGD (Volksgezondheid) 5.1 GR-Peelgemeenten WMO De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) heeft als doel inwoners te ondersteunen zodat zij volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving en zo lang mogelijk zelfstandig kunnen wonen. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het organiseren van passende ondersteuning in de vorm van maatwerkvoorzieningen, zoals begeleiding, dagbesteding, huishoudelijke hulp, hulpmiddelen en woningaanpassingen. Het uitgangspunt is: wat kan iemand zelf, wat kan het sociaal netwerk en wat kan als aanvulling daarop professionele hulp bieden aan inwoners om zo veel mogelijk mee te kunnen doen in de samenleving. Voor de uitvoering van de Wmo werkt Someren samen met de GR Peelgemeenten. Deze regionale samenwerking is gemandateerd voor de wettelijke uitvoeringstaken, waaronder de toegang (indicatiestelling), het contractbeheer met zorgaanbieders en leveranciers, en het toezicht op kwaliteit. Someren werkt hierin samen met vier andere Peelgemeenten. Lokaal ligt de nadruk op preventie en het versterken van de sociale basis, het beperken van instroom in duurdere maatwerkvoorzieningen en het creëren van adequate voorliggende voorzieningen. Druk op het sociaal domein

6

De uitgaven binnen het sociaal domein staan landelijk onder druk, mede door vergrijzing en een toenemende vraag naar ondersteuning. Het blijft noodzakelijk om scherp te sturen op doelmatige inzet van voorzieningen en op tijdige signalering van ontwikkelingen. Om de druk op maatwerkvoorzieningen te beperken, blijft investeren in preventie essentieel. Dit betreft onder meer het versterken van informele netwerken en vrijwilligersinitiatieven, mantelzorgondersteuning, welzijnsactiviteiten en ontmoetingsplekken en het bevorderen van zelfen samenredzaamheid. Deze inzet helpt om zwaardere ondersteuning te voorkomen en draagt bij aan een gezonde sociale basis. In 2026 start de pilot huiskamervoorziening. Wmo-consulenten signaleren dat inwoners met lichte ondersteuningsvragen nu te snel instromen in geïndiceerde dagbesteding, omdat een laagdrempelig alternatief ontbreekt. De huiskamervoorziening biedt een toegankelijke plek voor ontmoeting, structuur en lichte ondersteuning. De pilot loopt één jaar in één van de kernen (nog nader te bepalen). Na evaluatie volgt een advies over structurele voortzetting en mogelijke uitbreiding. Wonen en zorg De samenhang tussen wonen, welzijn en zorg wordt steeds belangrijker. Door vergrijzing en het langer zelfstandig wonen groeit de behoefte aan passende woonvormen en een leefomgeving die ondersteuning mogelijk maakt.

De Woon-welzijn-zorgvisie van Someren vormt hierbij het kader. Deze visie richt zich op voldoende passende woningen voor ouderen en inwoners met een ondersteuningsvraag, een leefomgeving die ontmoeting, veiligheid en toegankelijkheid bevordert en samenwerking tussen gemeente, zorgaanbieders en woningcorporaties. Ontmoetingsplekken spelen hierin een belangrijke rol. Ze versterken sociale netwerken, verminderen eenzaamheid en dragen bij aan zelf- en samenredzaamheid. Actuele aandachtspunten •

Aanbesteding huishoudelijke ondersteuning

Binnen de GR Peelgemeenten loopt momenteel de voorbereiding op een nieuwe aanbesteding voor huishoudelijke ondersteuning. In deze aanbesteding wordt o.a. overgestapt op een andere financieringssystematiek (prijs x hoeveelheid). Deze systematiek maakt de kosten transparanter en kan naar verwachting leiden tot een afname van de totale uitgaven, doordat er beter gestuurd kan worden op daadwerkelijk geleverde uren en doelmatige inzet. De verwachting is dat de nieuwe contracten per januari 2027 ingaan. Op voorhand liggen de stukken voor aan de gemeenteraad, naar verwachting rond juni/juli. •

Brandveilige stallingsmogelijkheden voor scootermobielen.

Een terugkerend vraagstuk betreft de brandveilige stalling van scootermobielen, vooral in appartementencomplexen met gedeelde gangen. Tot op heden ligt er een eerste verzoek van wooncorporatie woCom, voor twee complexen binnen Someren. Jurisprudentie laat zien dat gemeenten zorgvuldig moeten omgaan met stallingsmogelijkheden in relatie tot brandveiligheid en toegankelijkheid en hierin ook een verantwoordelijkheid dragen. Dit vraagt om afstemming met de woningcorporatie en de GR Peelgemeenten, omdat dit naar verwachting een druk legt op de zorgkosten en/of de eigen lokale middelen. Aan de voorkant dienen heldere afspraken gemaakt te worden met de wooncorporatie omtrent nieuwbouw. •

Toenemende complexiteit in voorliggend veld 7

De casuïstiek in het voorliggend veld wordt merkbaar complexer, en dat vraagt om een andere manier van werken van het gehele systeem (zorg, veiligheid, gemeente, welzijnsorganisatie). De kern is dat vraagstukken minder eenduidig zijn, vaker meerdere leefdomeinen raken en dat inwoners met zwaardere of langdurigere problematiek zich vaker melden bij het voorveld. Daarnaast is sinds maart 2026 het driehoek overleg zorg+veiligheid gestart (binnen de peelregio), waarbij de burgemeesters en wethouders zorg aansluiten. Dit overleg zet in op een systeemverandering, en haalt de onderwerpen huiselijk geweld, huisverboden en plegeraanpak aan. •

Femicide en huiselijk geweld

In september 2025 is de motie femicide en huiselijk geweld unaniem aangenomen door de raad. Dit haakt in op het hierboven genoemde punt; toegenomen complexiteit. In de motie wordt het college opgeroepen om te verkennen wat preventief ingezet kan worden, waaronder lesaanbod binnen het onderwijs en dienstverlening vanuit de welzijnsorganisatie, en vanuit daar de nodige acties in gang te zetten. Momenteel zijn eerste gesprekken met het Varendonck geweest over een eventueel in te zetten lesaanbod. Ook wordt met Onis Welzijn onderzocht hoe zij dergelijke thema’s rondom veiligheid kunnen verweven in de eigen dienstverlening. •

Mantelzorg

De druk op mantelzorgers neemt toe door vergrijzing en krapte in de zorg. Landelijk wordt meer nadruk gelegd op tijdige ondersteuning van mantelzorgers, uitbreiding van respijtzorg en betere informatievoorziening en waardering. Someren zal in 2026 (en daarna) verder vormgeven aan de aanbevelingen uit het reeds uitgevoerde onderzoek naar mantelzorgondersteuning binnen de gemeente. Jeugdzorg Sinds 2015 is de gemeente Someren verantwoordelijk voor de hele keten van jeugdhulp. Vanaf de start van de samenwerking doen we dat in samenwerking binnen de GR Peelgemeenten. Zij zijn verantwoordelijk voor de bemensing van het lokaal team. Het lokaal team bestaat uit gezins- en jongerencoaches en een gedragswetenschapper en geeft informatie en advies aan ouders en verzorgt de aanvraag, beoordeling en toeleiding naar jeugdhulp of andere oplossingen. De GR Peelgemeenten is verder verantwoordelijk voor kwaliteit, jeugdhulpbeleid, vertegenwoordiging van vijf gemeenten bij bovenregionale zorg en monitoring. Sinds vorige jaar werken we ook met 11 gemeenten samen in een jeugdhulpregio, zijnde GR Een 10 voor de Jeugd. Zij zijn verantwoordelijk voor inkoop voor alle jeugdhulp en contractbeheer met aanbieders. Lokaal ligt onze taak in het voorkomen van jeugdhulp middels preventieve maatregelen, de financiële afhandeling en verantwoording aan bestuur en politiek.

Daarnaast vertegenwoordigt de lokale beleidsadviseur Someren op alle niveaus van samenwerking. De samenwerking en inzet op preventieve maatregelen is afgesproken in de landelijke hervormingsagenda Jeugd. Beschikbaarheid, toegankelijkheid en betaalbaarheid jeugdhulp In tegenstelling tot andere gemeenten kent de gemeente Someren geen grote tekorten op jeugdhulp. Dit komt dankzij de sterke samenwerking, maar met name door de kwaliteit van ons lokaal team van Gezins- en jongerencoaches. Maar ook wij moeten mee in het hervormen van de jeugdhulp, om het stelsel betaalbaar en toegankelijk te houden voor de kinderen die echt professionele hulp nodig hebben. Dat ligt qua uitvoering voor het overgrote deel bij de GR Peelgemeenten en 10 voor de jeugd, maar lokaal moeten wel de besluiten worden genomen. Het dossier ‘specialistische naschoolse opvang’ in 2025 was een voorproefje. In 2026 en 2027 zullen 8

moeilijke besluiten genomen worden over het ‘schrappen of schrapen’ van jeugdzorgproducten. Het nieuwe college zal die besluiten moeten nemen samen met 10 andere nieuwe colleges. Ook de nieuwe raad moet goed worden meegenomen om het grote plaatje te blijven zien en niet gaan sturen op incidenten, bezorgde ouders en aanbieders met dubbele belangen. In december 2026/januari 2027 zal de lokale verordening jeugdhulp aangepast moeten worden om de nieuwe inkoopafspraken ook mogelijk te maken. Preventief jeugdbeleid Lokaal hebben wij de opgave om de sociale basis rondom jeugd zo goed mogelijk te organiseren. Dit vanuit onze overtuiging dat we ieder kind een goede start en kansrijk opgroeien gunnen, maar ook om kinderen met tegenslagen te helpen buiten de beschikte jeugdhulp. Dat is in het belang van het kind, het gezin en ons als gemeente. Dit raakt verschillende overdrachten: •

Onderwijs, incl. VVE, het IHP, de lokale coalitie kansrijke start en initiatieven als

voorleesexpress. •

De toekomstige rol van Onis Welzijn, o.a. dorpsondersteuner Jeugd- en Gezin, inzet

jongerenwerk en een jongerencentrum in Someren. •

Gezondheidsbeleid Heel Someren Gezondheid, o.a. mentale gezondheid van jongeren en

echtscheidingsproblematiek. •

Nieuwe subsidiebeleid, o.a. over de toekomst van bepaalde subsidies als Corepower.

Verder liggen er op dit gebied de volgende opgaven en bijzonderheden: •

Pilot Buurtgezinnen: in 2026 gestart voor twee jaar. In 2027 moet gekeken worden of we

dit willen voortzetten. •

Inspiratielab de Peel: langer lopend initiatief en dossier, nu gevestigd aan het

Wilhelminaplein. In 2023 t/m 2025 gemeentelijke subsidie ontvangen, in 2026 niet door tegenvallende resultaten in het verleden. Zijn nu met een nieuwe ploeg vrijwilligers goed bezig. In 2026 kijken of Inspiratielab, binnen het nieuwe subsidiebeleid, weer gemeentelijke financiering krijgt. Bij geen ondersteuning sluit het inspiratielab op 1 april 2027. Uitvoeringskosten (bijdrage gemeente Someren) Totaal

€ 2.959.967 (na tweede wijziging)

--------------------------------------------------------------------Wmo

€ 1.063.795

Jeugd

€ 1.408.238

BMS

€ 293.097

Inburgering

€ 194.837

Zorgkosten 9

Totaal

€ 9.033.000 (realisatie)

5.2 Een 10 voor de Jeugd (Inkoop Jeugdzorg) Zie gestelde onder 5.1

5.3 GR Senzer Sinds 2015 is de gemeente Someren verantwoordelijk om uitvoering te geven aan de Participatiewet. Deze wet vormt de basis voor het beleidsterrein werk en inkomen. De Participatiewet heeft tot doel dat meer mensen met arbeidsvermogen aan het werk kunnen, ook mensen met een arbeidsbeperking. Iedere inwoner heeft recht op begeleiding naar werk van de gemeente. Zo nodig biedt de gemeente inkomensondersteuning in de vorm van een uitkering aan inwoners die niet voldoende inkomen hebben (algemene bijstand en/of bijzondere bijstand). Deze wettelijke taak hebben wij grotendeels in delegatie overgedragen aan de gemeenschappelijke regeling (GR) Senzer. Dit wil zeggen dat Senzer zelf bevoegd is om beleid vast te stellen, wat in de meeste gevallen niet meer langs de colleges van de gemeenten komt. Deze GR hebben wij gesloten met 6 andere gemeenten: Gemert-Bakel, Asten, Laarbeek, Deurne, Geldrop-Mierlo en centrumgemeente Helmond. De wethouders van de deelnemende gemeenten vormen samen het algemeen en dagelijks bestuur van Senzer. Participatiewet in balans In 2015 werd de Participatiewet ingevoerd. De nieuwe wet verving de Wet werk en bijstand (Wwb), de Wet sociale werkvoorziening (WSW) en een deel van de Wajong. Eén wet, één uitkering, onder verantwoordelijkheid van de gemeente. In de praktijk zorgde dit voor hardheden, veel regels en weinig flexibiliteit.

Met de Participatiewet in balans komt er meer ruimte en balans in wet en uitvoering. Met als kernbegrippen: eenvoud, vertrouwen en de menselijke maat. Ook wordt er meer gekeken naar inwoners waarvoor betaald werk niet haalbaar is: meedoen aan de samenleving naar vermogen. Deze wetswijziging kent drie sporen: -

Spoor 1 kent 23 wijzigingen die op korte termijn doorgevoerd konden worden, zoals het

vereenvoudigen van de aanvraagprocedure, ruimte voor het bieden van mantelzorg en bijstandsverlening met terugwerkende kracht. Deze maatregelen zijn door Senzer ingevoerd per 1 januari 2026. -

Spoor 2 is de fase waar we dit jaar in verkeren. In deze fase wordt gekeken naar de doelen

en uitgangspunten van de wet en hoe beleid herzien kan worden. In dit jaar betekent dit concreet dat gemeenten hun lokale verordening en werkprocessen aan moeten passen. -

Spoor 3 kent een aantal wijzigingen die per 1 januari 2027 in werking treden en die nu in

voorbereiding zijn. Zo wordt de tegenprestatie vervangen door maatschappelijke participatie en

10

komt er de mogelijkheid om de individuele inkomenstoeslag ambtshalve toe te kennen (pro-actieve dienstverlening). Concreet voor de gemeente Someren betekent dit dat we dit jaar onze re-integratieverordening moeten herzien en door de raad moeten laten vaststellen. Someren sluit aan bij een werkgroep met de gemeenten en Senzer om dit proces voor te bereiden. Ook wordt in GR Peelgemeenten verband onderzocht of de individuele inkomenstoeslag ambtshalve toegekend kan worden in de toekomst. Ook dit ligt vast in een verordening en zou door de raad vastgesteld moeten worden.

Het algemeen deel van € 1.631.575 betreffen de uitvoeringskosten, die worden betaald vanuit het gemeentefonds cluster participatie. De verdeelsleutel voor de bijdrage aan het algemeen deel ligt vast in de bijdrageverordening van Senzer. Als gemeente hebben wij daardoor weinig keuzevrijheid over hoe we onze middelen voor de Participatiewet inzetten. Slechts een klein deel hiervan (2%) blijft voor ons over om lokaal in te zetten. De overige bedragen voor BUIG, Wsw, beschut etc. zetten wij een op een door vanuit het Rijk aan Senzer om de uitkeringen e.d. mee te bekostigen. Ook voor deze middelen hebben we als gemeente dus geen keuzevrijheid.

5.4 GGD (Volksgezondheid) De GGD Brabant-Zuidoost zit midden in een heroriëntatie van de taken. In 2025 zijn hier de volgende besluiten over genomen: •

De GGD richt zich op Primaire en secundaire preventie inclusief de wettelijke taken en stoot

tertiaire preventie en niet-preventieve (administratieve) taken af. •

De preventieve inzet wordt georganiseerd rond een vijftal gezondheidsthema’s.

•

Vijf contracttaken worden opgenomen in het basispakket (Nu Niet Zwanger, Keten op Maat,

VVE op Maat, STORM (STORM stimuleert een goede mentale gezondheid voor alle jongeren op school) en Advisering Omgevingswet). De taak Vroeghulp kritisch wordt juist verwijderd uit het basispakket. •

De GGD organiseert de overige contracttaken voortaan alleen nog op niveau van alle 21

gemeenten of op subregio niveau. Voor ons regio Helmond - De Peel. •

De GGD voert een poortwachtersfunctie in om het aantal nieuwe contracttaken te

beperken. Deze heroriëntatie zal in de nieuwe coalitieperiode zijn verdere uitwerking krijgen. De gemeentelijke bijdrage voor Someren bedraagt € 991.00,--.

11

6. Verenigingen en subsidiebeleid Gemeente Someren kent een ruim subsidieprogramma van welzijns- en sportsubsidies. In grote trekken komt het erop neer dat dit historisch zo is gegroeid: een gemeente, waar wat te doen is. Tegelijk is de noodzaak van (herzien van) subsidies en subsidiebeleid duidelijk. De rechtmatigheidseisen, doelmatigheidseisen, nieuwe werkprocessen, eenvoudiger proces van aanvragen voor de verenigingen en subsidie toekenningen, digitalisering, Wet modernisering elektronisch berichtenverkeer en de Wet Open Overheid (WOO) zijn maar enkele aanleidingen om het subsidiebeleid en de subsidies te herzien. Het huidige college van B&W heeft de ambtelijke organisatie opdracht gegeven voorbereidingen te treffen. Het is nu aan het nieuwe college van B&W en de gemeenteraad daaraan een vervolg te geven.

7. Openbare Orde en Veiligheid 7.1 Brandweerzorg Beleidsplan 2027-2030 Veiligheidsregio Middels een nieuwe visie werkt de VRBZO aan doorontwikkeling. Dit jaar wordt een nieuw Beleidsplan vastgesteld (eerder dit jaar heeft de gemeenteraad daar een zienswijze op kunnen geven). Dit beleidsplan staat in het teken van het invullen van een bestuurlijke opdracht die in 2024 aan de VRBZO werd verstrekt. Deze bestuursopdracht was gericht op een gefaseerde aanpak: •

Deelopdracht 1: Voldoen aan wet- en regelgeving

•

Deelopdracht 2: De basis op orde brengen

•

Deelopdracht 3: Komen tot een toekomstvisie

Bestuurlijke deelopdracht 1” Voldoen aan wet- en regelgeving” is al in 2025 gestart en zal naar verwachting in 2027 worden afgerond. In de Kadernota is aangegeven dat aanvullend een bedrag nodig is van de gemeenten. Het extra bedrag voor Someren bedraagt structureel € 64.611,--. Bestuurlijke deelopdracht 2 “Basis op Orde” zal opgestart worden in 2026 en zal komende jaren doorlopen. Bestuurlijke deelopdracht 3 “Komen tot een toekomstvisie” zal naar verwachting starten vanaf 2028. De stijging van de gemeentelijke bijdrage als gevolg van de indexering en de gevolgen van de bestuurlijke deelopdrachten 1, 2 en 3 betekent voor Someren in totaal een structurele stijging van de bijdrage vanaf 2027 van circa € 278.000. RIN De Risico Index Natuurbranden (RIN) geeft inzicht in de kans op het ontstaan van een onbeheersbare brand en op de mogelijke impact van een brand. Dit helpt de brandweer en natuurbeheerders bij het (voorbereiden op) het voorkomen en bestrijden van natuurbranden. Bijvoorbeeld door het plaatsen van extra bluswatervoorzieningen in risicovolle gebieden. Op basis van de RIN wordt (in opdracht van de provincie Noord-Braabant) een natuurbrandbeheersplan gemaakt. Binnen onze gemeente is voor de Strabrechtse Heide (onder regie van de gemeente 12

Heeze-Leende) een plan ontwikkeld. Het uitvoeren van werkzaamheden en voorzorgsmaatregelen ligt voor het eigen grondgebied bij de gemeente Someren. Met betrekking tot de Rin dienen we alert zijn op ontwikkelingen (bijv. ingebruikname nieuwe objecten) m.b.t. tot bijvoorbeeld bluswatervoorzieningen. In de toekomst komen ook andere natuurgebieden in aanmerking voor RIN en bijbehorende aanpak. 7.2 Weerbare overheid Lokaal Beleid De basis voor het integrale veiligheidsbeleid (IVB) is lokaal vastgelegd in de kadernota Integrale Veiligheid gemeente Someren 2023- 2026. In Someren werken we aan veiligheid(sbeleid) volgens de hoofdlijnen van het kernbeleid Veiligheid van de VNG. In de huidige kadernota zijn de volgende onderwerpen geprioriteerd: •

Zorg en Veiligheid;

•

Aanpak ondermijning;

•

Digitale veiligheid

Prioriteren wil overigens niet zeggen dat dit ten koste gaat van andere veiligheidsthema’s. Samenwerking Peel Het thema veiligheid stopt niet bij de gemeentegrenzen; daar waar samenwerking meerwaarde oplevert slaan we de handen ineen. Denk hierbij aan het delen van expertise en meer efficiëntie in de aanpak. En het voorkomt dat problemen geografisch verplaatst worden binnen de regio in plaats van daadwerkelijk gereduceerd (het waterbedeffect bij de aanpak van misdaad). Daarom hebben de zes Peelgemeenten, politie en Openbaar Ministerie het Veiligheidsplan Peelland 2023-2026 opgesteld met de volgende prioriteiten: 1. Ondermijnende criminaliteit; 2. Gedigitaliseerde criminaliteit en cybercrime; 3. Maatschappelijke onrust, radicalisering en polarisatie; 4. Personen met onbegrepen gedrag; 5. Huiselijk geweld en kindermishandeling. Regionaal Veiligheidsplan Ook op het niveau van de politieregio Oost-Brabant werken 31 gemeenten samen aan veiligheid. Burgemeesters, het Openbaar Ministerie en de politie stellen om de 4 jaar het Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant vast. De in dit plan opgenomen prioriteiten sluiten aan op prioriteiten in de Kadernota en het Veiligheidsplan Peelland: 1. Zorg en Veiligheid; 2. Digitale Veiligheid; 3. Maatschappelijke onrust; 4. Ondermijning; 5. Mensenhandel. 13

Ontwikkeling nieuw beleid 2027-2030 Aan het einde van dit jaar wordt een nieuw veiligheidsbeleid vastgesteld voor de periode 20272030. Gezien de huidige samenwerking binnen de peelgemeenten en grote overlap in doelen en activiteiten; wordt gewerkt aan een gezamenlijk integraal veiligheidsbeleid voor de nieuwe beleidsperiode. Elke gemeente heeft de vrijheid om lokale accenten toe te voegen aan het plan, zodat het een herkenbaar plan wordt. We kunnen hiermee tegelijkertijd een sterke basis leggen voor het nieuwe veiligheidsbeleid op regionaal niveau. Binnen de politieregio Oost-Brabant werken 31 gemeenten samen aan veiligheid. Normaliter zou het Regionaal Veiligheidsplan (RVP) ook dit jaar opnieuw worden vastgesteld; maar om het lokale en regionale niveau beter te verbinden wordt de huidige beleidsperiode met twee jaar verlengd tot en met 2028. We bereiden het nieuwe IVP voor op basis van de volgende uitgangspunten: •

We doen het samen: er komt één Peelland IVP, dat in alle gemeenteraden wordt

voorgelegd. Het wordt gedragen en aangestuurd vanuit de Peelland driehoek. En gaat uit van samenwerking: binnen organisaties, tussen organisaties en met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners. Alle gemeenten, politie en OM leveren hun bijdrage bij de totstandkoming. Waar het gaat om capaciteit zijn we solidair. •

Het plan voelt voor elke gemeente nabij: er is ruimte voor de lokale invulling waardoor elke

gemeente zich erin kan herkennen en het voldoet aan de behoefte van elke gemeente. Door inzet vanuit de wijkagent, boa, wijkteams en gemeentelijke organisatie is er ruimte voor lokale initiatieven. •

Het plan is wendbaar: we kunnen niet in de toekomst kijken. Prioriteiten zijn specifiek

genoeg om te kunnen richten, maar geven ruimte om in de uitvoering de benodigde accenten te bepalen. Daarbij staat het bereiken van impact centraal Verdieping in aantal geprioriteerde thema’s: De weerbare organisatie Er zijn de laatste jaren grote stappen gezet op het punt van bestuurlijke weerbaarheid in relatie tot de aanpak van ondermijning. Er blijft gewerkt worden aan het voldoen aan de Brabantse Norm Weerbare Overheid. Het basisniveau van veiligheid. De overheidsinstanties in Noord-Brabant hebben de intentie uitgesproken deze norm binnen de eigen organisatie te implementeren. Daarnaast zijn er door een extern bureau onderzoeken uitgevoerd naar de ambtelijke weerbaarheid van een aantal afdelingen binnen de gemeente. In deze onderzoeken worden aanbevelingen gedaan die omgezet zijn in actiepunten. We blijven bouwen aan een sterke en integere overheid die weerbaar is tegen de ondermijnende en maatschappelijke uitdagingen van vandaag en morgen. Verbinding Zorg en Veiligheid Een stevige verbinding tussen de domeinen van zorg en veiligheid binnen een gemeente draagt bij aan een optimale balans tussen preventie, zorg en repressie. Naarmate problemen complexer worden, en deze wórden complexer, neemt de noodzaak van deze verbinding toe. Zorg- en veiligheidspartners werken samen aan keten-overstijgende maatschappelijke vraagstukken en bij complexe casuïstiek. 14

De AVE-aanpak is een landelijke programmatische aanpak en bedoeld als kapstok om duidelijkheid te creëren. De AVE-aanpak maakt duidelijk wie de regie (casus -en procesregie) heeft en wie operationeel en bestuurlijk verantwoordelijk is. Er wordt in samenwerking met de GR Peelgemeenten onderzocht hoe procesregie binnen de gemeente Someren ingericht en geborgd kan worden. Via het Zorg- en Veiligheidshuis kunnen we opschalen in complexe casuïstiek waarbij het Openbaar Ministerie betrokken is en integrale afstemming gewenst is. Ook is er de mogelijkheid om op te schalen naar het Zorg- en Veiligheidshuis als de samenwerking tussen netwerkpartners stagneert of niet het gewenste resultaat oplevert. Ondermijning Het Peelland Interventie Team (PIT) speelt een belangrijke rol bij de integrale aanpak van de ondermijnende criminaliteit, handhavingsknelpunten en bij overlast. Het PIT is een interventieteam onder de regie van de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Helmond, Laarbeek en Someren waarbij de aansturing op één centraal punt ligt. Onder de regie van het Peelland Interventie Team zijn er regelmatig controles bij panden en locaties waarvan sterk het vermoeden bestaat dat er sprake is van misstanden of niet voldoen aan wet- en regelgeving. Op het gebied van ondermijning ligt in Someren (ook) focus op het buitengebied.

Er wordt aandacht besteedt aan bewustwording van ondermijnende criminaliteit. Hierbij wordt ook samengewerkt met ZLTO en een vertrouwenspersoon buitengebied. Een belangrijk instrument om ondermijning tegen te gaan is de wet BIBOB. Deze wet blijft zich ontwikkelen en hierin proberen we binnen de organisatie bewustwording te creëren binnen verschillende taakvelden. Personen met onbegrepen gedrag Onze gezamenlijke doelstelling is om de juiste inzet van zorgpartijen beschikbaar te hebben en daarmee de inzet van de politiecapaciteit hierop te verminderen. Primair is dit een lokale aangelegenheid om hier meer preventief op in te zetten. Het meldpunt Niet-Acute-Zorg is belegd bij Onis Welzijn. Er vindt afstemming met Onis Welzijn en het gebiedsteam van Zo-Someren plaats hoe we de meldingen en casuïstiek kunnen oppakken. Maatschappelijke onrust, radicalisering en polarisatie De gemeente Helmond heeft een aanjagende rol om dit thema de benodigde aandacht te geven. Voor de aanpak van mogelijke casuïstiek wordt ook gebruik gemaakt van de ondersteuning vanuit het Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost. Op 1 juli jl. trad de Wet PARTA in werking.

De wet vormt een belangrijke stap in het verder professionaliseren van de lokale aanpak van radicalisering en terrorisme in Nederland en biedt duidelijkheid over taken, verantwoordelijkheden, grondslagen voor multilaterale gegevensverwerking en waarborgen voor gegevensbescherming die aansluiten bij de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Kortom met de inwerkingtreding van de Wet PARTA wordt de bestaande werkwijze over de Persoonsgerichte Aanpak Radicalisering in de wet gecodificeerd. Naast het mandaatbesluit moeten er nog een aantal dingen geregeld worden op middellange termijn. Samengevat gaat het om: - Inrichten/ aanpassen werkprocessen (regionaal project); 15

- Opleiden van medewerkers (regionaal project); - Uitvoeren privacyaspecten.

7.3 Weerbare samenleving Op 25 augustus 2025 is er een brief binnengekomen vanuit de VNG gericht aan het college en de gemeenteraad. Het gaat om weerbaarheid en veerkracht. Team veiligheid is aangesloten bij de werkgroep ‘weerbaarheid en veerkracht’ (vanuit Bevolkingszorg) waarin ambtenaren uit verschillende gemeenten in Brabant-Zuidoost deelnemen. Deze werkgroep zit samen om te kijken hoe invulling gegeven kan worden aan de handreiking ‘Weerbaarheid en veerkracht op lokaal niveau’ die de VNG heeft opgesteld. De handreiking speelt in op de toenemende complexiteit van risico’s, zoals desinformatie, cyberdreigingen en uitval van vitale voorzieningen en biedt concrete adviezen en voorbeelden om gemeenten beter voor te bereiden en het herstelvermogen te vergroten. In de handreiking staan maatregelen die zijn opgesteld aan de hand van 6 pijlers: 1.

Eigen continuïteit

2.

Crisisorganisatie

3.

Vitale voorzieningen

4.

Sociaal weefsel

5.

Zelfredzaamheid inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties

6.

Samenleving als overkoepelend systeem

Weerbaarheid en veerkracht is een opgave die breder gaat dan alleen team veiligheid. Het vraagt inzet van de hele gemeente. We proberen zoveel mogelijk aan te haken bij regionale bevindingen en uitkomsten van pilots op landelijk niveau.

16

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16983524/1