CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Jaarstukken 2024 SOW

Overige evenementen 13 mei 2025, gemeente Schiedam26.771 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Dit jaar zijn de werkgeversproposities opgesteld, die in 2025 worden uitgevoerd. Maar ook parttime werk krijgt meer aandacht. Zoals in de Strategische Visie Werk en Inkomen is gesteld: ‘iedereen doet mee naar vermogen’ en als parttime werk het maximaal haalbare is, dan doet iemand ‘mee naar vermogen’. Samen met de gemeente Schiedam is de pilot Werkbonus uitgevoerd. Cliënten, die parttime zijn gaan werken, kunnen een gedeelte van hun inkomsten, bovenop de uitkering, behouden. Dit bedrag wordt 2 keer in het jaar uitbetaald. Deze pilot wordt op het moment van schrijven van deze jaarrekening opgesteld, dus de uitkomsten zijn niet worden mee genomen.

De jeugdwerkeloosheid in de MVS-regio is relatief gezien (aanzienlijk) lager dan bij de overige gemeenten uit onze arbeidsmarktregio. De inzet van ons speciale jongerengilde is al jaren succesvol. Het project Jeugdwerkgelegenheid, welke in 2023 is gestart en vanuit de arbeidsmarktregio is gefinancierd, is ook in 2024 voortgezet. In dit project streven wij ernaar om jongeren te activeren en, waar mogelijk, terug naar school of naar werk te begeleiden. Vanwege de successen (bereiken van de jongeren en hen begeleiden naar school of werk) wordt dit project ook in 2025 voortgezet. De samenwerking met het doorstroompunt Leerrecht is een van redenen van het succes van onze jongerenaanpak. Vooruitlopend op de nieuwe wet Van School naar Duurzaam Werk wordt nu ook de samenwerking met het onderwijs verder uitgebreid. ESF Stroomopwaarts spant zich in om de reguliere activiteiten mede te dekken door het verwerven van externe inkomsten. Daarmee kan de bijdrage van de gemeenten worden gematigd. Dit doen wij onder andere door het aanvragen van ESF (Europese subsidie). Om aan de subsidievoorwaarden te voldoen worden scherpe eisen gesteld, ten aanzien van verantwoording. Stand van zaken: • ESF 2022 - 2023 Op dit moment wordt deze subsidie verantwoord. De verwachting is dat dit in Q2 is afgerond. Het gaat om een bedrag van totaal € 639.000.

SROI In de basis is Social Return on Investment (SROI) een aanpak om meer werkgelegenheid te creëren voor mensen met een grote(re) afstand tot de arbeidsmarkt. Via het inzetten van inkoopkracht worden mogelijkheden gerealiseerd voor deze doelgroep. Een SROI-verplichting kan vervolgens op verschillende manieren worden ingevuld. Bijvoorbeeld via: werken (een inwoner in dienst nemen), leren (een inwoner een opleiding bieden), sociaal inkopen (bijvoorbeeld opdrachten afnemen bij een werkleerbedrijf), maatschappelijke activiteiten en sociaal

Programma Werk

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

29

investeren. Waarbij de voorkeur van de invulling in eerste instantie ligt bij werken en leren. Stroomopwaarts ondersteunt de MVS-gemeenten bij de uitvoering van de SROI. Dit betekent dat na het aangaan van een nieuwe overeenkomst (waarop SROI van toepassing is) de accountmanager van Stroomopwaarts namens de inkopende partij in contact komt met de opdrachtnemer. Hierbij wordt besproken op welke wijze de opdrachtnemer invulling kan gaan geven aan de SROI-verplichtingen totaal is er in 2024, MVS-breed, een SR-verplichting van € 4.888.000 opgevoerd in het systeem. Ondernemers hebben voor € 4.945.000 invulling gegeven aan de SR-verplichting. MVS-breed een realisatie-percentage van 101%! SR Maassluis

Realisatie

Realisatie

%

Arbeids

Participatie

Inkopen

Sociaal

5.169.267

91.963

114.002

124%

55.109

460

28.321

30.112

MVS

678.981

379.762

663.410

175%

603.847

-

59.563

-

ROG+

32.398.259

1.467.670

615.203

42%

323.906

74.130

211.667

5.500

Schiedam

144.928.646

1.728.537

2.616.980

151%

2.543.609

35.700

37.670

-

Stroomopwaarts

4.193.914

210.365

136.136

65%

99.247

6.053

18.272

12.564

Vlaardingen

22.797.413

1.009.424

799.567

79%

408.309

232.572

107.815

50.872

Totaal 210.166.481

4.887.721

4.945.299

101%

4.034.028

348.915

463.308

99.048

Programma Werk

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

30

Wat heeft het programma Werk gekost? Programma 2,

Originele Begroting 2024

Begroting na 2e wijziging

Werk

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

0

-2.642

-2.642

260

-3.202

-2.942

586

-3.559

-2.973

326

-357

-31

3.461

-13.274

-9.813

2.076

-9.872

-7.796

2.020

-9.792

-7.772

-56

80

24

0

-1.154

-1.154

0

-774

-774

0

-731

-731

0

43

43

Ontwikkeling Werkgeverdienstverlening Accountmanagement Mobiliteitsnetwerken

Realisatie 2024

Verschil met BW2

0

-87

-87

0

0

0

0

-2

-2

0

-2

-2

3.461

-12.033

-8.572

2.076

-9.098

-7.021

2.020

-9.059

-7.039

-56

39

-17

Totaal Baten & Lasten

3.461

-15.916

-12.455

2.336

-13.074

-10.738

2.606

-13.351

-10.745

270

-276

-7

Reservemutaties

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Resultaat:

3.461

-15.916

-12.455

2.336

-13.074

-10.738

2.606

-13.351

-10.745

270

-276

-7

Externe arbeidsparticipatie

* Betreft openeinderegelingen die op basis van realisatie met de gemeente wordt verrekend.

Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie Ontwikkeling Er zijn € 326.000 meer baten ontvangen dan begroot, aan subsidie is € 245.000 ontvangen dan begroot tevens heeft nog een intern verrekening plaatsgevonden van inzet voor trainers van € 81.000 De lasten zijn € 357.000 meer dan begroting dit is € 245.000 voor de extra inzet van de beroepentuin om onze cliënten verder te ontwikkelen en er is voor € 112.000 aan extra personeel ingezet.

Werkgeverdienstverlening Er zijn minder baten van begroot € 56.000 dit wordt voornamelijk veroorzaakt door lager aantal ID-banen (impact € 33.000 bij baten en lasten). De totale lasten zijn € 39.000 lager dan begroot. De interne detachering van enkele Wsw-medewerkers wordt voor € 240.000 aan andere afdelingen doorbelast. Dit wordt in mindering gebracht bij de lasten van de externe arbeidsparticipatie.

Programma Werk

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

31

Programma Werkleerbedrijf

Baten €

7.212

Lasten -€ 28.761

Wat is er bereikt?

Saldo -€ 21.550

Ambitie 2024 De arbeidsontwikkeling van alle doelgroepen kan alleen optimaal worden vormgegeven dankzij de intensieve samenwerking met ondernemers en andere ketenpartners. Deze samenwerking moet enerzijds leiden tot concrete productie opdrachten voor het Werkleerbedrijf en anderzijds tot arbeidsplaatsen/ vacatures voor onze cliënten bij deze partners. Hierbij wordt altijd uitgegaan van iemands kansen en mogelijkheden in plaats van zijn beperkingen. Stroomopwaarts is daarin een betrouwbare partner, heeft een uitgebreid instrumentarium op dit gebied en vervult zo de rol van de spil tussen publiek en privaat. Stroomopwaarts streeft naar duurzame doorstroom naar reguliere werkgevers. In de eerste plaats door het realiseren van meer detacheringen van WSW-medewerkers. Het mes snijdt daarbij aan twee kanten. In de eerste plaats is detachering economisch aantrekkelijker voor Stroomopwaarts, daarnaast is het de hoogst haalbare vorm van maatschappelijke participatie voor een medewerker. Omzet is hierbij niet leidend, een gezonde mix tussen omzet en arbeidsontwikkeling van werknemers en cliënten met een arbeidsbeperking wel.

Programma Werkleerbedrijf

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

32

In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en de mate waarin de doelstellingen zijn bereikt. Prestatie-indicator

Indicator

In 2023 hebben door de nauwe samenwerking met de praktijkscholen meer inwoners een aanstelling in het kader van beschut werk gekregen. Hierdoor blijft het aantal medewerkers ook in 2024 ver boven de taakstelling.

Stand van Voortgang

WSW-populatie

zaken Ziekteverzuim WSW

< 14%

13%

Ziekteverzuim Nieuw Beschut

< 14%

10%

33%

32%

 

WSW en Beschut: Gemiddelde dekking loonkosten door opbrengsten

Wat is hiervoor gedaan?

De medewerkers die in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening bij Stroomopwaarts in dienst zijn, worden zowel intern ingezet (productie en dienstverlening) als extern (detachering). Deze medewerkers hebben (meer) behoefte aan een veilige werkomgeving. Het is dan moeilijk om de WSW medewerkers, die intern werken (weer) extern te (gaan) detacheren. Zij zijn gewend aan de huidige (veilige) werkplek en vindt het lastig om te moeten veranderen. Omvang Wsw

Gemiddeld aantbal banen per doelgroep

Jaarrekening 2024

Begroting 2024

Jaarschijf 2024

(In Fte’s)

Gemiddelde

(gemiddelde geheel jaar)

Kaderbrief 2025

Totaal

Jaarschijf 2024

Stroomopwaarts

Kaderbrief 2025

Diensten

228

226

223

Gemiddeld aantal banen wsw

691

653

Productie

252

237

247

Gemiddeld aantal banen nieuw beschut

202

200

Detachering

118,2

168

157

Gemiddeld aantal banen LKS (banenafspraak

47

598,2

631

627

Gemiddeld aantal reintegratie banen

18 Totaal

958

Totaal

853

Beschut Inwoners met een beperkte loonwaarde, die meer begeleiding en faciliteiten nodig hebben dan van een reguliere werkgever mag worden verwacht, kunnen een indicatie Beschut Werk aanvragen. Na toekenning door het UWV komen zij in aanmerking voor beschut werk binnen Stroomopwaarts.

Het Werkleerbedrijf blijft investeren in productielijnen, maar ook in de begeleiding van werkgevers en cliënten. Bij deze laatste staat optimale ontwikkeling en sociale activering van mensen voorop. Het Werkleerbedrijf blijft een stabiele vangnetfunctie voor de meest kwetsbaren vervullen. We bieden tijdelijke dienstbetrekkingen aan de doelgroepen uit de banenafspraak aan. Duurzame dienstbetrekkingen zijn beschikbaar voor de doelgroepen WSW (Wet sociale werkvoorziening) en Beschut werk met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een hoge begeleidingsbehoefte. Zoals verwacht zijn er dit jaar vanuit de WSW 20 mensen uitgestroomd vanwege onder andere leeftijd (pensioen) en verhuizingen.

Programma Werkleerbedrijf

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

33

De controles in het werkleerbedrijf bij de productielijnen food voor het FSSC22000-certificering7 zijn beiden goed verlopen. De Food productielijnen voldoen aan de voorwaarden om deze voort te kunnen blijven zetten. Hier zijn we heel trots op. Het werkleerbedrijf is afhankelijk van opdrachtgevers die werkzaamheden door Stroomopwaarts laten uitvoeren. Dit brengt uitdagingen met zich mee, waar goed en flexibel op moet worden ingespeeld. Vanwege een (net niet) faillissement van een relatief grote opdrachtgever is gezocht naar nieuwe opdrachten. Dit is gelukt, waardoor er nu doosjes gevuld worden met zakjes rozijnen. De opdrachtgever die net niet failliet is gegaan, blijft nog steeds samenwerken met Stroomopwaarts, maar alleen in kleinere aantallen. Hierdoor kan een kleine groep nog steeds voor deze opdrachtgever blijven werken. Bij het zoeken naar nieuwe opdrachten, blijven we ons vasthouden aan het principe ‘eerlijke prijzen voor eerlijk werk’. Het zoeken naar nieuwe opdrachten is dan ook een continue proces.

Maar er worden ook trajecten gestart voor specifieke doelgroep, zoals het project Anderstaligen in Maassluis. Dit traject heeft een jaar geduurd en is dit jaar afgerond. De productie die de deelnemers aan dit traject hebben laten zien (en nu niet meer aanwezig is), heeft ook zijn invloed op de resultaten van de werkleerbedrijven. Het is dan ook een grote uitdaging om flexibel om te gaan met de opdrachten die binnenkomen en om in te spelen op het niveau van de medewerkers, die op dat moment werkzaam zijn binnen het Werkleerbedrijf. Deze uitdaging gaan wij met zijn allen aan en zijn dan ook trots dat wij dit steeds weer goed voor elkaar krijgen.

Het werkleerbedrijf is steeds meer een werkontwikkelbedrijf geworden. Niet alleen SW-medewerkers en medewerkers Beschut Werk zijn hier werkzaam, maar ook cliënten vanuit de bijstand doen hier de eerste ervaringen op om zich verder te kunnen ontwikkelen naar een zelfstandig inkomen. Dit kan gebeuren door werkervaringsplaatsen (kennis maken met de verschillende werkzaamheden), het volgen van leerlijnen (opleiding en werkervaring opdoen) tot een interne (of externe) detachering met een arbeidsovereenkomst en inkomsten (waardoor zij uitstromen uit de uitkering). Hierdoor zijn een heleboel verschillende inwoners werkzaam in het Werkleerbedrijf. Het is dan ook belangrijk om verschillende opdrachten te hebben om iedereen een uitdaging te kunnen bieden om zich te blijven ontwikkelen.

De FSSC 22000 is ontwikkeld door de Stichting Certificatie

door veel partijen in de toeleveringsketen van voedingsmiddelen

Voedselveiligheid (SCV) en is de eerste wereldwijde standaard

geaccepteerd.

7 

voor de gehele voedingsmiddelenindustrie. Het certificaat wordt

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma Werkleerbedrijf Programma

34

Wat heeft het programma Werkleerbedrijf gekost? Programma 3,

Originele Begroting 2024

Begroting na 2e wijziging

Werkleerbedrijf

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Werkleerbedrijf

9.124

-28.908

-19.783

6.651

-29.240

-22.589

7.212

-28.761

-21.550

561

479

1.039

Bedrijfsbureau

Realisatie 2024

Verschil met BW2

39

-748

-709

639

-608

31

655

-568

87

16

39

55

Productie & Diensten Maassluis

1.153

-3.241

-2.088

919

-3.769

-2.850

908

-3.994

-3.086

-11

-225

-235

Productie & Diensten Vlaardingen

1.542

-5.277

-3.734

1.024

-5.647

-4.623

1.104

-5.779

-4.675

80

-132

-52

Productie & Diensten Schiedam

3.374

-9.747

-6.372

1.323

-8.666

-7.343

1.344

-8.569

-7.225

21

98

119

Groen & Grijs

1.793

-5.786

-3.993

1.757

-6.688

-4.931

2.025

-6.695

-4.670

268

-7

261

Schoonmaak & Catering

1.223

-4.109

-2.886

989

-3.861

-2.872

1.176

-3.156

-1.981

187

705

892

Totaal Baten & Lasten

9.124

-28.908

-19.783

6.651

-29.240

-22.589

7.212

-28.761

-21.550

561

479

1.039

Reservemutaties

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Resultaat:

9.124

-28.908

-19.783

6.651

-29.240

-22.589

7.212

-28.761

-21.550

561

479

1.039

Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie De baten zijn 561.000 hoger dan begroot. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de extra omzet van € 333.000 (bij Groen& Grijs en Schoonmaak & Cartering) en extra belastingbaten voor Lage Inkomen Voordeel (LIV) van € 234.000.

gerealiseerd: 0,2 miljoen lager dan de 2e begrotingswijziging en 2,2 miljoen lager dan 2023. Er is wel sprake van een sterke toename van de loonkostensubsidie van 1,1 miljoen in 2023 naar 2,8 miljoen in 2024. De lasten van schoonmaak en catering zijn lager dan begroot doordat deze voor interne dienstverlening via een kostenallocatie worden verrekend niet via de baten (impact € 685.000) .

De loonkosten van de doelgroepen zijn met € 22 miljoen en € 2,8 miljoen loonkostensubsidie de grootste kostenposten. Er zijn 81 mensen gestart met een nieuw beschut baan. Deze kosten zijn € 145.000 hoger dan begroot. Een incidentele meevaller van € 835.000 lagere payrollkosten 2023 heeft geleid dat de kosten voor de doelgroepen relatief dicht bij begrote bedragen zijn

Programma Werkleerbedrijf

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

35

Programma Inburgering

Ambitie 2024

Inburgering

De instroom van het aantal statushouders die gestart zijn met een inburgeringstraject heeft in 2024 een piek van 325. Het gemiddeld aantal statushouders dat in 2024 een traject volgt is 585. Voor het aantal gezinsmigranten is dit een gemiddelde van 374. Dit vraagt om een toenemende ambtelijke inzet en inkoop van trajecten. Gezien onzekerheid over de feitelijke ontwikkeling van de aantallen, vullen wij dat zo veel mogelijk op een flexibele manier in. In eerste instantie is uitgegaan van de bekende gegevens ten tijde van de opstelling van de dienstverleningsovereenkomst (DVO) tussen Stroomopwaarts en de MVSgemeenten. Op basis van nieuwe taakstelling over omhooggaan gezien de landelijke vluchtelingenproblematiek.

Gemiddeld aantal trajecten

Stroomopwaarts startte in 2022 met deze taak. Stroomopwaarts neemt ten aanzien van dit programma alleen de uitvoering voor haar rekening. De beleidsinvulling en -coördinatie berust bij de MVS-gemeenten.

2024 Realisatie

Statushouders Maassluis

113

Vlaardingen

231

Schiedam

241

Totaal Statushouders

585

Gezinsmigranten Maassluis

48

Vlaardingen

141

Schiedam

185

Totaal Gezinsmiranten

374

Totaal Inburgering

959

Programma Inburgering

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

36

In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en de mate waarin de doelstellingen zijn bereikt.

inzicht op de prestaties zoals afgesproken in de kpi’s. Er zijn dit jaar twee kpi’s toegevoegd om een beeld te geven van de uitvoering.

Effectindicator

De wachttijden bij DUO zijn ondertussen opgelost. Bij aanvraag is er nu binnen 2 weken een examen (waar in de 2e Berap nog sprake was van 3 maanden) De uitslag van het examen is er nu ook binnen 2 weken in plaats van eerder 2 maanden. Dit houdt in dat binnen een maand bekend is of een inburgeraar is geslaagd of dat er een herexamen moet worden ingepland of niet. Hierdoor is eerder bekend of een inburgeringstraject kan worden afgesloten.

Indicator

Het percentage inburgeraars dat voldoet aan

Realisatie Voortgang

80%

NNB

90%

NNB

60%

NNB

de inburgeringsverplichtingen binnen de inburgeringstermijn die hiervoor is afgesproken De gemiddelde trede zelfredzaamheid van de inburgeraar bij einde inburgering Het taalniveau bij het einde van de inburgeringsplicht

Prestatie-indicator

Indicator

Het percentage statushouders dat een opleiding volgt

Realisatie Voortgang

80%

NNB

95%

100%

80%

74%8

of werk heeft, 3 jaren na de start van de uitkering Percentage Plan Inburgering en Participatie (PIP) dat binnen tien weken na huisvesting gereed is Percentage inburgeraars op B1 route, Z route of onderwijsroute

Wat is er voor gedaan? 2024 is het derde jaar dat Stroomopwaarts de wet Inburgering 2021 uitvoert. Op dit moment kunnen 2 kpi’s gevuld worden, omdat nog niet alle informatie voorhanden is. Een inburgeringstraject heeft namelijk een doorlooptijd van maximaal 3 jaar. Tegen het einde van dit jaar zijn de eerste inburgeraars 3 jaar bezig met hun inburgeringstraject. Vanaf dat moment ontstaat er

Gezinsmigranten zijn niet verplicht om een opleiding te volgen

8 

De instroom van gezinsmigranten is nog steeds hoger dan is begroot. Hierdoor is een wachtlijst ontstaan. Om deze wachtlijst weg te werken, zetten alle consulenten zich in om de brede intake te versnellen en een PIP9 op te stellen, zodat de inburgeraars zo snel mogelijk kunnen starten met inburgeren. De kwaliteit van de PIP’s staat hierbij bovenaan, omdat de PIP de basis voor het inburgeringstraject vormt. Er is een goede samenwerking met de teams Ontwikkeling en Werkgeversdienstverlening en team Inburgering. De trajecten zijn laagdrempelig met activiteiten in de wijk of vrijwilligerswerk. Zodra een kandidaat klaar is voor een traject naar werk, sluit de ontwikkelcoach en de matchmaker aan. De Beroepentuin is onder andere een traject waar statushouders kunnen aansluiten. Van de doelgroep statushouders die aan het inburgeren is, is inmiddels 20% aan het werk (zowel parttime als fulltime). Dit is een grote stijging ten aanzien van de 7% in de laatste bestuursrapportage. Van de doelgroep gezinsmigranten is dit niet bijgehouden, omdat zij geen bijstand ontvangen vanwege een werkende partner.

9

Plan Inburgering en Participatie

en kiezen vaak voor zelfstudie. Als we de gezinsmigranten buiten beschouwing laten, komt de prestatie indicator uit op 74%.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma Inburgering Programma

37

Wat heeft het programma Inburgering gekost? Programma 4,

Originele Begroting 2024

Begroting na 2e wijziging

Inburgering

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Realisatie 2024 Lasten

Saldo

Baten

Verschil met BW2 Lasten

Saldo

Inburgering

0

-4.955

-4.955

0

-3.491

-3.491

0

-1.330

-1.330

0

2.161

2.161

Inburgering

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Trajecten wet inburgering 2024***

0

-3.218

-3.218

0

-2.143

-2.143

0

-2.134

-2.134

0

9

9

Vrijval trajecten 2022-2023***

0

0

0

0

0

0

0

2.181

2.181

0

2.181

2.181

Inburgering uitvoeringskosten

0

-1.737

-1.737

0

-1.348

-1.348

0

-1.377

-1.377

0

-29

-29

Totaal Baten & Lasten

0

-4.955

-4.955

0

-3.491

-3.491

0

-1.330

-1.330

0

2.161

2.161

Reservemutaties

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Resultaat

0

-4.955

-4.955

0

-3.491

-3.491

0

-1.330

-1.330

0

2.161

2.161

Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie In 2023 is er een bedrag van € 2.181.000 minder uitgegeven aan inburgering dan is doorbelast in de bevoorschotting. Wegens de onzekerheid over toekomstige totale kosten en de duur van de inburgeringstrajecten is dat bedrag niet in 2023 verrekend. Op basis van het positieve saldo op de reguliere uitvoering in 2024 is pas na de tweede begrotingswijzing 2024 is besloten om dit bedrag te aan gemeenten terug te geven. Hiermee verschuift het risico van hogere kosten inburgering voor mensen die langer in trajecten zitten naar gemeenten. Dit bedrag is in 2024 direct verrekend met de gemeenten en vormt dus geen onderdeel van het positieve resultaat van Stroomopwaarts, maar heeft direct tot lagere dekkingsmiddelen geleid.

Programma Inburgering

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

38

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien Wat hebben de Overhead en Onvoorzien gekost? Overige onderwerpen

Originele Begroting 2024

Begroting na 2e wijziging

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Overhead

20

-20.714

-20.694

0

-20.039

-20.039

378

-20.453

-20.075

378

-414

-36

Vennootschapsbelasting

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien

0

-200

-200

0

-155

-155

0

0

0

0

155

155

20

-20.914

-20.894

0

-20.194

-20.194

378

-20.453

-20.075

378

-259

119

0

40

0

40

24

0

24

-16

0

-16

-20.894

40

-20.194

-20.154

402

-20.453

-20.052

362

-259

103

Totaal Baten & Lasten Reservemutaties Resultaat

20

-20.914

Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie Baten Er is in 2024 € 293.000 aan rente baten geboekt, welke in de begroting als negatieve lasten opgenomen zijn. De extra subsidie voor Jeugdwerkgelegenheid van € 79.000. Lasten Er is vacatureruimte binnen overhead, welke niet ingevuld is 2024 voor een bedrag van € 92.000. De verhogen van de reserve van het spaarverlof voor de SW alsmede de ambtenaren bedraagt € 435.000.

Realisatie 2024

Verschil met BW2

Een bedrag van € 61.000 is als lasten opgenomen voor de nabetaling de van de UFO-premie voor 2019 t/m 2022. Eveneens is er een bedrag opgenomen van € 24.000 voor de nog te betalen lasten van de WW-premie voor de RVUregeling van 2022. Reserves Er zijn € 16.00 minder lasten gemaakt met betrekking tot de thuiswerkvoorziening.

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

39

Algemene dekkingsmiddelen en gemeentelijke bijdrage Programma Dekkingsmiddelen

Bijdragen gemeenten

Originele Begroting 2024

Begroting na 2e wijziging

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Realisatie 2024

Lasten

Saldo

Baten

Verschil met BW2

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

166.875

0

166.875

174.653

0

174.653

172.907

0

172.907

-1.746

0

-1.746

Bijdrage armoedevoorziening *

7.646

0

7.646

7.329

0

7.329

7.218

0

7.218

-111

0

-111

Bijdrage inkomensvoorziening *

90.736

0

90.736

94.773

0

94.773

94.448

0

94.448

-324

0

-324

0

0

0

3.702

0

3.702

4.582

0

4.582

880

0

880

3.218

0

3.218

2.143

0

2.143

2.134

0

0

0

0

0

0

0

-2.181

Bijdrage dienstverlening

26.330

0

26.330

26.087

0

26.087

26.087

Bijdrage werkleerbedrijf

18.350

0

18.350

20.066

0

20.066

20.066

Bijdrage overhead

20.594

0

20.594

20.554

0

20.554

300

0

300

0

0

167.175

0

167.175

174.653

0

0

0

167.175

0

167.175

Bijdrage loonkostensubsidie * Bijdrage inburgering * Afrekening Inburgering 2022-2023*

Overige dekkingsmiddelen Totaal Baten & Lasten Reservemutaties Resultaat:

2.134

-9

0

-9

-2.181

-2.181

0

-2.181

0

26.087

0

0

0

0

20.066

0

0

0

20.554

0

20.554

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

174.653

172.907

0

172.907

-1.746

0

-1.746

0

0

0

0

0

0

0

0

0

174.653

0

174.653

172.907

0

172.907

-1.746

0

-1.746

Het overzicht van dekkingsmiddelen laat voornamelijk de belangrijkste bijdragen van de gemeenten zien. Deze bestaan uit de compensatie voor individuele verstrekkingen op basis van gerealiseerde lasten (weergegeven met een *) en de dekkingsbijdrage aan uitvoeringskosten op basis van de begroting. Daarnaast is er maatwerk (niet in deze tabel). De lasten voor Armoedevoorziening, Inkomensvoorziening, Loonkostensubsidie en Inburgeringstrajecten worden jaarlijkse afgerekend met de gemeenten op basis van realisatie.

De lagere dekkingsbijdrage van gemeenten wordt voornamelijk veroorzaakt door de verrekening van niet gerealiseerde kosten voor inburgering voor de jaren 2022 en 2023. De kosten voor loonkostensubsidie zijn hoger door het wegwerken van achterstanden in de administratie. De tabellen op de volgende pagina’s geven inzicht in de deelnemersbijdragen per gemeente en de uitsplitsing van de inkomens- en armoedevoorzieningen over de verschillende onderdelen binnen de regelingen.

Algemene dekkingsmiddelen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

40

Gemeentelijke bijdrage

Dekkingsmiddelen

Begroting na

Realisatie

De gemeenten betalen maandelijks een voorschot, gebaseerd op de vastgestelde begroting. De onderdelen van de uitvoeringslasten worden verdeeld volgens een jaarlijks door de gemeenten vastgestelde verdeelsleutel. Jaarlijks rekent Stroomopwaarts het verschil af tussen de individuele verstrekkingen en de realisatie.

(bedragen x 1.000)

2e wijziging

2024

De definitieve verdeelsleutel zoals deze in de 1e begrotingswijziging 2024 is vastgesteld, is als volgt:

Baten

Baten

Vlaardingen

74.266

73.670

-596

Totaal verstrekkingen (basis realisatie)

46.917

46.322

-595

Armoedevoorziening

3.135

3.050

-85

Inkomensvoorziening

41.564

41.718

154

Loonkostensubsidie

1.365

1.557

192

Inburgering 2024

853

858

5

0

-861

-861

Totaal uitvoeringskosten (verdeelsleutel)

27.350

27.349

-1

Dienstverlening

10.696

10.695

-1

Werkleerbedrijf

8.227

8.227

0

Overhead

8.427

8.427

0

Schiedam

73.077

72.140

-936

Totaal verstrekkingen (basis realisatie)

44.726

43.790

-936

Armoedevoorziening

3.075

3.016

-59

Inkomensvoorziening

39.121

38.768

-354

Loonkostensubsidie

1.654

2.158

504

Inburgering 2024

876

835

-41

0

-987

-987

Afrekening Inburgering 2022-2023

Verdeelsleutel

2024

Saldo uitvoeringskosten

Definitief

Maassluis

16,5%

Vlaardingen

41,0%

Schiedam

42,5% Totaal

100,0%

Dekkingsmiddelen

Begroting na

Realisatie

(bedragen x 1.000)

2e wijziging

2024

Verschil

Verschil

Afrekening Inburgering 2022-2023

Baten

Baten

Totaal uitvoeringskosten (verdeelsleutel)

28.350

28.350

0

Maassluis

27.310

27.096

-214

Dienstverlening

11.087

11.087

0

Totaal verstrekkingen (basis realisatie)

16.303

16.089

-215

Werkleerbedrijf

8.528

8.528

0

Armoedevoorziening

1.119

1.151

32

Overhead

8.735

8.735

0

Inkomensvoorziening

14.087

13.963

-124

Loonkostensubsidie

683

867

184

Totaal Dekkingsmiddelen

174.653

172.907

-1.746

Inburgering 2024

414

440

27

Waarvan verstrekkingen

107.946

106.200

-1.746

0

-333

-333

Totaal uitvoeringskosten (verdeelsleutel)

11.007

11.007

1

Algemene dienstverlening

4.304

4.305

1

Werkleerbedrijf

3.311

3.311

0

Overhead

3.391

3.391

0

Afrekening inburgering 2022-2023

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

41

Gemeentelijke bijdrage Verstrekkingen

Individuele verstrekkingen

In dit overzicht worden de lasten uit de programma’s uitgesplitst per gemeente. Het netto saldo van Lasten en baten (vaak inhoudingen) wordt jaarlijks verrekend met gemeenten.

per gemeente (bedragen x 1.000)

De bijdrage voor uitkeringen Armoedevoorziening is gesplitst in Armoedevoorziening, Bewind voering, Maatschappelijke participatie kinderen en Inkomensvoorziening De verstrekkingen voor armoedevoorziening wordt voor € 155.000 gecompenseerd uit de bestemmingsreserve Middelen Decembercirculaire 2020. De loonkostensubsidie en trajecten inburgering worden niet direct aan de inwoners verstrekt.

Realisatie 2024 Baten

Lasten

Saldo

Maassluis

480

-16.569

-16.089

Armoedevoorziening*

178

-1.329

-1.151

Armoedevoorziening

160

-811

-651

Participatie kinderen

0

-274

-274

Bewindvoering

0

-244

-244

Middelen Decembercirculaire 2020

17

17

Inkomensvoorziening

302

-14.265

-13.963

Loonkostensubsidie

0

-867

-867

Inburgering

0

-107

-107

Vlaardingen

1.234

-47.556

-46.322

Armoedevoorziening*

384

-3.434

-3.050

Armoedevoorziening

314

-1.688

-1.374

Participatie kinderen

0

-758

-758

Bewindvoering

0

-989

-989

Middelen Decembercirculaire 2020

71

71

Inkomensvoorziening

849

-42.567

-41.718

Loonkostensubsidie

0

-1.557

-1.557

Inburgering

0

3

3

Schiedam

1.306

-45.096

-43.790

Armoedevoorziening*

336

-3.352

-3.016

Armoedevoorziening

269

-1.729

-1.460

Participatie kinderen

0

-688

-688

Bewindvoering

0

-936

-936

Middelen Decembercirculaire 2020

67

67

Inkomensvoorziening

970

-39.738

-38.768

Loonkostensubsidie

0

-2.158

-2.158

Inburgering

0

152

152

3.020

-109.220

-106.200

Totaal Baten & Lasten

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

42

Maatwerk

Maatwerk

Begroting na

Realisatie

Naast de algemene dekkingsmiddelen wordt er ook maatwerk geleverd. De gemeentelijke bijdragen voor maatwerk worden hiernaast per onderwerp inzichtelijk gemaakt.

(bedragen x 1.000)

2e wijziging

2024

Saldo

Baten

Baten

Maassluis

98

1.002

-904

Garantievoorwaarden

64

29

35

Sociale kredieten

10

-2

13

Per balansdatum stelt Stroomopwaarts saldoafstemmingen op worden gedeeld met de deelnemende gemeenten. Dit betreft alle openstaande facturen en nog te verrekenen bedragen op basis van de realisatie 2024. Dit betreft zowel de reguliere dekkingsmiddelen als het maatwerk.

Meldpunt Kinderopvang Toeslag

0

925

-925

Uitvoeringskosten leefgeld

0

10

-10

Oekraïnse vluchtelingen

0

80

-80

TOZO

0

-63

63

Energietoeslag

24

24

0

Vorderingen en schulden deelnemende gemeenten Saldo per 31 december 2024

Vlaardingen

-89

2.987

-3.076

Garantievoorwaarden

267

282

-15

Sociale kredieten

53

10

43

Meldpunt Kinderopvang Toeslag

0

1.867

-1.867

Uitvoeringskosten leefgeld

0

146

-146

Oekraïnse vluchtelingen

0

1.215

-1.215

TOZO

0

-136

136

Energietoeslag

-863

-863

0

JPF

155

106

49

Vertrouwensexperiment

300

300

0

0

60

-60

-316

1.222

-1.539

34

55

-21

Balanspositie

Gemeente

Vorderingen

Schulden

Saldo

Maassluis

1.815

91

1.724

Vlaardingen

8.258

511

7.747

Schiedam

1.260

377

883

11.332

979

10.353

Totaal

Pilot Westwijk Schiedam Garantievoorwaarden Sociale kredieten

27

15

12

Externe arbeidsparticipatie

332

300

32

Extra inzet armoedebeleid

45

45

0

Meldpunt Kinderopvang Toeslag

0

1.718

-1.718

Uitvoeringskosten leefgeld

0

16

-16

Oekraïnse vluchtelingen

0

136

-136

TOZO

0

-309

309

-755

-755

0

-307

5.211

-5.519

Energietoeslag Totaal Maatwerk

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

43

Paragrafen De begroting en de jaarstukken bestaan uit programma’s en paragrafen. De programma’s betreffen het beleid en de uitvoering van dit programma. Paragrafen zijn dwarsdoorsneden van de begroting over bepaalde organisatie brede onderwerpen als bedrijfsvoering en financiering. Deze zijn bedoeld om onderwerpen die verspreid in de begroting staan, als een geheel weer te geven. Hierbij gaat het vooral om de aspecten die van belang zijn voor het realiseren van de beleidsvoornemens of de financiën.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Onderhoud kapitaalgoederen

In de financiële verordening Stroomopwaarts MVS is aangegeven dat de volgende paragrafen in ieder geval moeten worden opgenomen: - Weerstandsvermogen en risicobeheersing; - Onderhoud kapitaalgoederen; - Financiering; - Bedrijfsvoering; - Openbaarheid.

Financiering

Bedrijfsvoering

Openbaarheid

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

44

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste risico’s voor het primaire proces van Stroomopwaarts. Per risico worden de beheersmaatregelen benoemd. Door de beheersmaatregelen toe te passen - zo is het streven - wordt de impactscore van risico’s lager. Vervolgens wordt het weerstandsvermogen van Stroomopwaarts behandeld in relatie tot de genoemde risico’s. Tenslotte volgt een korte samenvatting van de financiële positie. Risico’s van materieel belang In de volgende tabel zijn de risico’s geïnventariseerd en benoemd. De risico’s zijn beoordeeld aan de hand van een risicotabel. Daarbij is een score 1 tot en met maximaal 10 toegekend voor de kans dat een risico zich voordoet en voor de impact van het risico. Het totaal aan risico’s wordt gecalculeerd op € 3,1 miljoen voor de algemene dienstverlening (A) en € 4,0 miljoen voor de individuele dienstverlening(B). Dit was in 2023 respectievelijk € 2,1 miljoen en € 1,3 miljoen. Dit laatste risico wordt, door de jaarlijkse afrekening op basis van realisatie, gedragen door de MVS-gemeenten. In de eerste begrotingswijziging 2025 zullen een deel van het risico worden verlaagd door aangepaste begroting voor individuele verstrekkingen.

De toename in het risicoprofiel komt door de implementatiekosten van de aangekondigde bezuinigingen in de Kaderbrief 2026 die op het moment van het vaststellen van de jaarrekening nog niet zijn gedekt door extra incidentele inkomsten (zie laatste risico in onderstaande tabel deel A).

Op basis van de gehanteerde normen is een vrije algemene reserve voor risico van de algemene dienstverlening van circa € 4,3 mln noodzakelijk (€ 3,1 mln x 1,4).

Risicomanagement Een belangrijk punt is het risicobewustzijn in de organisatie van Stroomopwaarts. Het managen van risico’s is een integrale verantwoordelijkheid van het management. Om de vinger goed aan de pols te houden, maken de benoemde risico’s onderdeel uit van de interne en externe rapportages. Zo wordt verzekerd dat er continu aandacht voor is. Ook wordt het mogelijk om het tijdig te melden wanneer zich risico’s voordoen, zodat er bijgestuurd kan worden.

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

45

Risico’s bij Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing (bedrag x € 1.000) Deze analyse is geactualiseerd in het licht van de laatste Cao ontwikkelingen en impact Ravijnjaar voor Stroomopwaarts.

A. Algemene dienstverlening Risico Realiseren van de toegevoegde

Kans

Impact

Score

Bedrag

Toelichting

Beheersmaatregelen

4

3

12

€ 490

In de begroting wordt uitgegaan van een gemiddelde

• Intensieve werkgeversbenadering en acquisitie

waarde die gebaseerd is op de

loonwaarde (WSW, Beschut, loonkostensubsidies).

• Tijdige loonwaardemeting

loonwaarde

Daadwerkelijke realisatie hangt mede af van niveau van

• Begeleiding

de instroom, afspraken met klanten en beschikbaarheid

• Ontwikkelen PMC's die aansluiten op ontwikkeling

Beschikbare capaciteit voor

3

3

9

doelgroep en arbeidsmarkt

achterblijven verwachte opbrengsten PMC's participatie,

• Juiste, volledige en tijdige inrichting en registratie in

beschut en WSW met 10%.

drie systemen: Civision, Navision en HR

Het ambtelijke ziekteverzuim over 2024 was gemiddeld

• Professionaliseren managementinformatie verzuim, verlof

kwalitatieve dienstverlening

circa 7,9%. Om de kwaliteit van de dienstverlening te

en analyse

(ziekteverzuim, werkdruk)

kunnen verbeteren (doorontwikkeling) en te voorkomen,

• Aanpak ziekteverzuim

dat er een te hoge werkdruk ontstaat, is er voldoende

• Samenwerking met arbodienst

capaciteit nodig. Zo nodig moet er worden ingehuurd.

• Procesmanagement

Hier is uitgegaan van 1,5% extra inhuur.

• Flexibele schil

Vanaf 1 april 2025 is er nog geen nieuwe CAO SGO

•Tijdige actualisatie begroting, aanpassing indexatie door

voor de ambtelijke dienstverbanden. Er is ook nog

de gemeenten voor 2024

Ontwikkeling gemiddelde

4

3

10

€ 143

van werk en diensten. Genoemd bedrag is gebaseerd op

€ 696

salarissen en sociale premies

geen CAO Aan de Slag en nog geen CAO Wsw bekend. Voor de ambtelijke dienstverbanden hebben de MVSgemeenten ambtelijk aangegeven geen automatische begrotingswijziging voor te stellen als CAO stijgingen hoger zijn dan de begroting. Mogelijke impact 2,5% over ambtelijke loonsom gedurende 2 jaar, loonsom doelgroepen 2,5% gedurende 1 jaar).

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

46

Risico Overdracht bedrijfsvoering,

Kans

Impact

Score

Bedrag

Toelichting

Beheersmaatregelen

3

4

10

€ 320

Per 2022 is de bedrijfsvoering overgebracht naar

• Evaluatie overdracht bedrijfsvoering door BMC • Opstellen

Stroomopwaarts. Een echt inzicht in de feitelijke kosten

ontwikkelagenda ICT

van deze bedrijfsvoeringstaken ontbrak, deze werden bij

• Optimale inrichting Procesmanagement

de gemeenten vaak niet geregistreerd en er heeft in de

• Optimale inrichting Informatiemanagement

afgelopen jaren geen nacalculatie plaatsgevonden. Het

• Tijdelijke middelen beschikbaar stellen (gemeente) voor

externe advies gaf aan, dat de overgedragen budgetten

de uitvoering, doordat de ICT-maatregelen vertragen

naar verwachting circa € 0,8 mln te laag zijn om de

• Regeling aanpassen, waardoor Stroomopwaarts meer

taken op een voldoende niveau te kunnen uitvoeren.

mogelijkheden heeft om koppelingen (DKD) te realiseren

Evaluatie door BMC volgt in het 1 halfjaar 2025.

• Voldoende middelen (tijd en geld) voor de

inclusief ICT, aan Stroomopwaarts

e

ontwikkelopgave Cyber aanval

1

5

5

€ 50

Steeds vaker worden organisatie geconfronteerd met

• Voldoen aan door overheid gestelde normen ICT-

cyber aanvallen (ransomware, DDoS-aanvallen). Dat

veiligheid (Baseline Informatiebeveiliging Overheid).

leidt tot uitval van de systemen en het stilvallen van de

• Uitvoeren jaarlijkse IT-audits en testen

dienstverlening. Er zijn dan maatregelen nodig om deze

• Up-to-date houden software

weer te herstellen. Achterstalling onderhoud panden

3

3

9

€ 350

Werkleerbedrijf

Bij het Werkleerbedrijf zijn in alle drie de

• Inventarisatie onderhoudstoestand panden

gemeenten panden in gebruik ten behoeve van

• Beschikbaar stellen voldoende middelen voor planmatig

productiewerkzaamheden en het opzetten van

en groot onderhoud

leerlijnen voor werkzoekenden. Het onderhoud van

• Op sterkte brengen capaciteit gebouwenbeheer

de betreffende panden is een punt van zorg. Het risico bestaat, dat door de onvoldoende staat van onderhoud productieverlies plaatsvindt of leerlijnen en re-integratie activiteiten (tijdelijk) dienen te worden stilgelegd. Implementatie voorgestelde

3

4

10

€ 1.024

ombuigingen

Om de besparingen in de uitvoeringskosten ter

• Duidelijk implementatieplan

realiseren van 2,7 miljoen vanaf 2026 zijn er incidentele

• Tijdige maatregelen

lasten te verwachten, deze kosten kunnen worden

• Inzet flexibele schil

gerealiseerd in verschillende vormen waaronder ook een iets aangepast tijdspad. Totaal Algemene dienstverlening

€ 3.072

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

47

B. Individuele dienstverlening Risico Armoede-voorzieningen

Kans

Impact

Score

Bedrag

2

2

4

€ 61

Toelichting

Beheersmaatregelen

Begin 2025 hebben de gemeenten nieuw beleid

• Monitoren gebruik voorzieningen

vastgesteld. Het karakter van een openeinde-regeling

• Aanpassen proces op verschillende regelgeving per

levert een financieel risico op budgetoverschrijding

gemeente

(5%). Met name op de onderdelen bewindvoering. Inkomensvoorziening

3

4

12

€ 3.800

(uitkeringen)

In de begroting 2025 wordt uitgegaan van een

• Actieve werkgeversbenadering voor het creëren en/of

gemiddeld aantal bijstandsuitkeringen van 5.288.

faciliteren van nieuwe plaatsingen

Het feitelijke standcijfer eind 2024 ligt daar licht

• Vernieuwende/innovatieve training voor ontwikkeling

boven (5.353), er zou dus een daling moeten worden

doelgroep

gerealiseerd in 2025 om het begrote gemiddelde te

• Handhaving/maatregelen

realiseren. De verwachting (BUIG) voor 2025 is dat

• Experimenten vanuit middelen gemeentefonds 2020

het aantal uitkeringen stijgt met 3,2% naar gemiddeld

• Sluitende aanpak, in samenwerking met onderwijs

5.469. De gemeenten ontvangen overigens een

• Aanpak statushouders gericht op werk

ruimschoots toereikende BUIG uitkering ter dekking

• Inzet voorliggende voorzieningen

hiervan (blijkens de voorlopige beschikkingen in

• Flexibiliteit in bemiddeling naar werk (parttime inkomsten

september 2024). Daarnaast ligt het verwachte prijspeil

die verrekend worden met de uitkering)

van eeen gemiddeld uitkering 4,85% hoger dan

• Leerlijnen

voorzien in de begroting 2025. Inkomensvoorziening (dubieuze

3

3

9

€ 91

uitkeringsdebiteuren)

In de afgelopen jaren zijn er maatregelen genomen

• Inrichten sturingsproces op het incassoproces, mijlpaal

om de incassoquote te verbeteren. Het openstaande

inbouwen om de methodiek te herzien

saldo is verlaagd van 12,4 miljoen eind 2023 naar

• Beoordelen impact van de gewijzigde BBZ-regelgeving op

11,2 miljoen. De verwachte incassoquote is verhoogd

de voorziening

21,5% naar 26%. De voorziening is hierdoor verlaagd

• Verminderen terugvorderingen door tijdige signalering

naar 8,3 miljoen. Het risico op aanpassing van de

• Inzet op handhaving

debiteurenvoorziening naar het oude niveau blijft aanwezig.

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

48

Risico Loonkostensubsidie

Kans

Impact

Score

Bedrag

1

1

2

€ 34

Toelichting

Beheersmaatregelen

Het aantal plaatsingen met loonkostensubsidie wordt

• Overschrijding valt zeer waarschijnlijk binnen beschikbare

sterk gestimuleerd. Mogelijk is de begrotingsruimte

rijksmiddelen of wordt anders aangevuld in jaar T+1

onvoldoende. Deze kans is op basis van begroting 2025 erg laag. SPUK inburgering

2

2

4

€ 45

Het is nog onzeker of de middelen die het Rijk hiervoor

• Monitoren gebruik voorzieningen, tijdig bijsturen

ter beschikking stelt voldoende zijn (zeker voor trajecten die langer dan 3 jaar lopen. Berekening gaat uit van een tekort van 10% op de specifieke uitkering (SPUK). Totaal Individuele dienstverlening

€ 4.032

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

49

Het financieel weerstandsvermogen van Stroomopwaarts is het vermogen om niet-structurele financiële risico’s op te vangen, zonder dat het uitvoeren van de taken in het gedrang komt. Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de bekende risico’s. Dit zijn risico’s waarvoor niet afdoende stuur- en beheersmaatregelen kunnen worden getroffen of waarvoor geen voorzieningen bestaan. In de begroting is als beheersmaatregel ruimte opgenomen voor onvoorziene ontwikkelingen. Als zich risico’s voordoen, kan dit gevolgen hebben voor de financiën van Stroomopwaarts wanneer de post ‘onvoorzien’ al is benut. Hiervoor zijn er reserves opgebouwd om de kosten voor risico’s te dekken. Voor het risico op dubieuze handels- en inkomensdebiteuren is een voorziening opgenomen. In de voorziening voor inkomensdebiteuren is een storting en een realisatie geraamd. Voor de handelsdebiteuren wordt de hoogte van de betreffende voorziening geraamd op basis van de uitkomsten van het incassobeleid. De stand van de algemene reserve is als volgt: Algemene Reserve (bedragen x € 1.000)

Vorderingen

Stand per 1 januari

2.145

Resultaat voorgaand boekjaar

110

Afrekening resultaat voorgaand boekjaar met gemeenten Vorming bestemmingsreserves

-116

Begrote storting

-

Begrote onttrekking

Stand per 31 december

2.138

De algemene reserve bedraagt eind 2024 € 2,1 miljoen. Zonder aanvulling van het eigen vermogen of toevoeging van bestemmingsreserves voor specifieke risico’s blijft SOW tijdelijk onder de vastgestelde norm van de financiële regeling. Volgens deze norm is op basis van het bovengenoemde risicoprofiel € 3,1 -4,3 miljoen. In de 1e concept begrotingswijziging met zienswijze

wordt een bestemmingsreserve implementatie ombuigingen voorgesteld van € 1,6 miljoen om het risicoprofiel te verlagen.

Financiële positie en kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat een aantal kengetallen wordt gepresenteerd in de jaarstukken. Deze kengetallen geven, samen met de duiding die eraan gegeven wordt, inzicht in de financiële positie. De kengetallen zijn niet bij uitstek geschikt om Stroomopwaarts als opstartende gemeenschappelijke regeling mee te beoordelen. Ze zijn meer geschikt om iets te zeggen over een organisatie met een historie van bezittingen en schulden. Hiervan is bij Stroomopwaarts nog geen sprake. Dit betekent dat scores grillig kunnen verlopen en met enige voorzichtigheid beschouwd moeten worden. Kengetal

Realisatie

Begroting

Realisatie

2023

na 2e

2024

wijziging Netto schuldquote

2,58%

6,68%

6,63%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

-2,58%

-2,08%

-2,06%

Solvabiliteitsratio

27,99%

31,64%

31,64%

Grondexploitatie

-

-

-

199,64%

-0,42%

-0,47%

-

-

-

Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

Met ingang van 2020 is er een overschot op de begroting. De financiële positie is eind 2024 verbeterd ten opzichte van eind 2023. Er zijn weinig bezittingen. Er is een positief eigen vermogen en er is sprake van korte schulden. In de begroting zijn meerjarige maatwerken financieringsafspraken en subsidiebaten niet als incidenteel aangemerkt. Bij het opstellen van de jaarstukken was de notitie ‘structurele en incidentele baten en lasten’ van de Commissie BBV leidend. Deze schrijft voor dat dergelijke afspraken als incidenteel worden beschouwd. De gemeenten hebben zich gecommitteerd aan de continuïteit van Stroomopwaarts en dienen indien nodig als vangnet.

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

50

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen De paragraaf ‘Onderhoud kapitaalgoederen’ is kort, omdat er slechts op beperkte schaal sprake is van vaste activa. De vaste activa bestaan naast bedrijfswagens en machines voornamelijk uit laptops, beeldschermen en accessoires. De vaste activa zijn opgenomen en toegelicht op de balans. Daarnaast zijn de afschrijvingslasten in de jaarrekening verwerkt. Het afschrijvingsbeleid is vastgelegd in de bijlage bij artikel 8 van de Financiële verordening Stroomopwaarts 2023.

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

51

Paragraaf Financiering De paragraaf ‘Financiering’ bevat de verantwoording van activiteiten die vanwege de financierings- of treasury-functie zijn uitgevoerd. Dit is het geheel van activiteiten dat zich richt op het sturen en beheersen, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, geldstromen, posities en de hieraan verbonden risico’s. Samengevat In 2024 voerde de treasury geen geldmarkttransacties uit. Bij het uitoefenen van de treasury-functie bleef Stroomopwaarts binnen de wettelijke kaders van renterisico en kasgeldlimiet.

Ontwikkelingen en rentevisie In 2024 is er een positief renteresultaat van € 293.000 gerealiseerd. Met een beperkt eigen vermogen en maandelijkse voorfinanciering van de maandelijkse lasten door gemeenten is de verwachte renteopbrengsten voor 2025 lager. Alle beschikbare liquide middelen worden via de BNG bij op een schatkistrekening aangehouden.

Liquiditeitsrisico Door de geldstromen bij te houden en te werken met prognoses, is in 2023 tijdig voorzien in de liquiditeitsbehoefte van Stroomopwaarts. De liquiditeitsprognose op maandbasis wordt aan de daadwerkelijke geldstromen getoetst. De meerjarige liquiditeitenplanning vormt de basis voor de begroting.

Renterisico en kasgeldlimiet Door de geldstromen bij te houden en te werken met geactualiseerde prognoses, is in 2024 tijdig voorzien in de liquiditeitsbehoefte van Stroomopwaarts. De

liquiditeitsprognose op maandbasis wordt aan de daadwerkelijke geldstromen getoetst. De meerjarige liquiditeitenplanning vormt de basis voor de begroting.

Kasgeldnorm De kasgeldnorm bepaalt hoeveel kasgeld (dat is kort geleend geld) Stroomopwaarts gemiddeld mag hebben geleend in een kwartaal, zoals vastgelegd in de wet. De norm is 8,2 procent van het begrotingstotaal. In het volgende schema zijn de normen opgenomen.

Renterisico De Renterisiconorm bepaalt hoeveel Stroomopwaarts maximaal in een jaar aan aflossingen op langlopende leningen mag hebben. Deze norm is gesteld op 20 procent van de begrotingsomvang. Er zijn in 2024 geen langlopende leningen aangegaan of afgelost. Limiet

Doellimiet

Bijzonderheden

Norm in % van

Bedrag in

begrotingstotaal € miljoen Kasgeld limiet

Maximalisering financiering met kortlopende leningen (tot één jaar)

Overschrijding is toegestaan (maximaal twee achtereenvolgende kwartalen)

8,2%

13,6

Renterisico norm

Beheersing renterisico bij (her)financieringen (vanaf één jaar) door

Geen

20,0%

33,1

spreiding van de financieringsmomenten

Stroomopwaarts bleef in 2024 binnen deze wettelijke kaders.

Paragraaf Financiering

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

52

Paragraaf Bedrijfsvoering Wat is er bereikt? Ambitie 2024 Binnen de unit bedrijfsvoering worden voorwaarden gecreëerd om de uitvoering van de diverse wetten, die Stroomopwaarts uitvoert, zo optimaal mogelijk te kunnen uitvoeren. Dit heeft niet alleen invloed op het werkcomfort van medewerkers van Stroomopwaarts, maar (indirect) ook een positieve invloed op de dienstverlening aan cliënten. Effectindicator

Indicator

Het ziekteverzuim van het ambtelijk personeel Absoluut aantal bezwaarschriften Het % bezwaarschriften dat gegrond wordt verklaard

Realisatie Voortgang

< 7,5%

7,9%

970

401

< 25%

25,8%

  

Paragraaf Bedrijfsvoering

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

53

Wat is hiervoor gedaan? In 2024 heeft Stroomopwaarts de tijd gehad om de overname van de hosting een plek te geven in de staande Stroomopwaarts organisatie. Begin 2025 wordt er conform de afspraken tussen de betrokken gemeenten en Stroomopwaarts een formele evaluatie gedaan ten aanzien van de vraag of Stroomopwaarts over voldoende middelen beschikt om de bedrijfsvoeringsfunctie goed en doelmatig in te richten. De aanbesteding om de evaluatie uit te voeren is in 2024 afgerond. Dit jaar is Stroomopwaarts overgegaan op een nieuw financieel systeem. Dit heeft grote inzet gevraagd van bij collega’s bij ICT en Financiën. De implementatie van het systeem is afgerond en werkt naar wens. In het tweede kwartaal is de ontvlechting van het ICT landschap met Vlaardingen uitgerold. Vanaf 1 juli zijn de meeste systemen en servers volledig overgezet naar Stroomopwaarts. Een paar restpunten zijn in kwartaal 3 afgerond. Nu is Stroomopwaarts zelfstandig in staat om ICT besluiten te nemen en investeringen te doen om zo de dienstverlening naar de medewerkers van Stroomopwaarts en haar klanten verder te gaan optimaliseren. De vacatureruimte is gedurende het jaar gebruikt voor inhuur. Daarnaast is er extra ingehuurd voor extra maatwerk en tijdelijke opdrachten. Het gaat hier om een totaal van 66 fte in 2024. Formatie 31 december 2024

Het persoonlijk benaderen van cliënten om een beslissing toe te lichten, resulteert nog steeds in positief beeld bij het aantal bezwaarschriften wat wordt ingediend. Dit blijkt wel uit het steeds verder dalend aantal ingediende bezwaarschriften. Het aantal gegrond verklaarde bezwaarschriften wordt nagenoeg gerealiseerd. Met name de boetebesluiten en besluiten terug vordering bijstand worden vaker gegrond verklaard. Dit kan deels verklaard worden door gewijzigde jurisprudentie (menselijke maat, evenredigheidsbeginsel), terwijl de aangekondigde wijzigingen in wettelijk kader (zoals het wetsvoorstel PW in balans, versterken waarborgfunctie Awb) maar niet loskomen. Daar gaan we aandacht aan besteden in 2025. Bij het ziekteverzuim onder het ambtelijk personeel blijft de dalende trend duidelijk te zien. In 2024 is het ziekteverzuim 7,9% hetgeen gelijk is aan het landelijk gemiddelde van 7,9%. HRM heeft het naar beneden krijgen van het percentage ziekteverzuim hoog op de agenda staan. Ook vanuit het bestuur is hier aandacht voor. Door de uitvoering van een Europese aanbesteding voor Arbo dienstverlening (bedrijfsarts) is voldoende capaciteit beschikbaar voor preventieve maatregelen en de begeleiding van zieke medewerkers.

Tabel Bezetting SW

Tabel ambtelijk (in FTE) Formatie Bezetting Vacatureruimte

(in FTE)

2024

2023

Directie

7,0

6,0

1,0

Detachering

115,9

120,3

Bedrijfsvoering

106,4

94,9

11,4

Productie

222,8

268,7

Inkomen

166,6

155,5

11,2

Diensten

241,6

236,2

Werk

63,6

59,3

4,3

Stroomopwaarts

580,3

625,1

Werkleerbedrijf

38,2

35,6

2,6

Inburgering

22,7

17,9

4,8

404,4

369,1

35,3

Totaal

Paragraaf Bedrijfsvoering

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

54

Rechtmatigheidsverantwoording Ingaande het boekjaar 2023 is de rechtmatigheid niet langer een onderdeel van het accountantsoordeel, maar dienen organisaties zich daar zelf over te verantwoorden. Bij gemeenten aan de gemeenteraad, in het geval van Stroomopwaarts (via het Dagelijks Bestuur) aan het Algemeen Bestuur. De accountant richt nog vooral op het getrouwheidsonderzoek (zijn de cijfers in de jaarstukken correct en volledig?), waarbij de eigen verantwoording van de organisatie over rechtmatigheid overigens wel betrokken wordt. Rechtmatigheid is een juridische term, die aangeeft dat een (voorgenomen) handelwijze in overeenstemming is met de geldende regels en besluiten. Rechtmatig handelen is essentieel voor een overheidsorganisatie, een overheid hoort te voldoen aan wet- en regelgeving. Het begrip rechtmatigheid in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarstukken is echter een minder omvattend begrip. Er bestaat in dit geval een duidelijke beperking tot het financiële beheer.

Drie specifieke rechtmatigheidscriteria komen tot uitdrukking in de rechtmatigheidsverantwoording: 1. De financiële handelingen passen binnen het kader van de geautoriseerde begroting (begrotingscriterium); 2. Voorwaarden in wet- en regelgeving worden nageleefd, zoals subsidievoorwaarden (voorwaardencriterium); 3. De toetsing op juistheid en volledigheid van gegevens die door derden zijn verstrekt met het oog op het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van regelingen (M&O criterium). Ten aanzien van het M&O criterium is het handhavingsbeleid en het uitvoeringsplan handhaving (vastgesteld in dagelijks bestuur 12 december 2024) van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik.

Overschrijdingen van lasten en investeringsbudgetten zijn o.b.v. de Gemeentewet altijd onrechtmatig. Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves die niet door het algemeen bestuur zijn geautoriseerd zijn ook onrechtmatig. Voor onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten en/of lagere of hogere baten geldt dat deze onrechtmatig zijn als deze niet tijdig zijn gemeld aan het algemeen bestuur. Voor stroomopwaarts geldt dat indien deze binnen 8 weken na afloop van het verslagjaar zijn gecommuniceerd voldaan wordt aan de tijdigheid zoals bedoeld in de kadernota rechtmatigheid. Een begrotingsonrechtmatigheid kan geduid worden als “acceptabel”, indien - Er sprake is van direct gerelateerde inkomsten; - Er sprake is van een open einde regeling; - De afwijking tijdig is gemeld via een tussentijdse rapportage en besproken in het Algemeen Bestuur (bij voorkeur ook met begrotingswijziging). Maar wat wel of niet acceptabel is, is uiteindelijk onderwerp van gesprek met het Algemeen Bestuur bij de behandeling van de jaarstukken. Dat was uiteindelijk het diepere doel van de veranderde rechtmatigheidsverantwoording: het stimuleren van het inhoudelijke gesprek. De rechtmatigheidsverantwoording behoeft formeel alleen te worden gevuld als de geconstateerde fouten de drempel van 1% overschrijden (of bij meer dan 3% onduidelijkheid). Die grens overschrijdt Stroomopwaarts inderdaad.

Voor het grootste deel betreft het formele fouten in het kader van de aanbesteding van inhuur. In onderstaande wordt dat nader toegelicht. Stroomopwaarts heeft in de afgelopen periode veel meer moeten inhuren. In onderstaande worden de geconstateerde rechtmatigheidsfouten gespecificeerd en nader toegelicht.

In overleg met de gemeenten is ervoor gekozen om de rapportagegrens voor de afwijkingen op begrotingsniveau te stellen op € 50.000. Dat is betrekkelijk laag. Maar hierbij wordt voorkomen, dat voor drie gemeenten drie verschillende normen worden gehanteerd en het draagt bij aan de transparantie.

Paragraaf Bedrijfsvoering

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

55

Rechtmatigheid Begrotingscriterium 1A. Overschrijding

Baten Lasten Totaal

2e begrotings- Verschil%

lasten programma’s

wijziging

Er is sprake van direct gerelateerde inkomsten: Programma Werk: Extra lasten voor re-integratie activiteiten worden gefinancierd door extra subsidies. Deze zijn in 2024 al afgerond en worden niet, zoals verwacht in de begroting, doorgeschoven naar 2025.

Bedragen x € 1.000.000 Programma Inkomen

0,2

0,2

125,2

0,1%

Programma Werk

0,3

0,3

13,1

2,1%

Programma Werkleerbedrijf

0,2

0,2

29,2

0,0%

-

-

3,5

0,0%

0,4

0,4

20

2,1%

0,8

0,8

191,1

0,4%

n.v.t.

0

n.v.t.

0

Programma Inburgering Programma Bedrijfsvoering Totaal 1A 1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) 2.  Ongeautoriseerde reservemutaties

De overschrijding van de lasten van programma’s zijn per definitie onrechtmatig. Het betreft hier 0,8 miljoen (0,4% van de totale lasten van de begroting). Deze uitgaven zijn echter als acceptabel te classificeren op basis van de volgende onderbouwing:

De afwijking tijdig is gemeld via deze tussentijdse rapportage: Bij het Programma Bedrijfsvoering heeft de verplichte voorziening voor spaarverlof geleid tot een begrotingsoverschrijding van € 435.000. Dit wordt wel gecompenseerd door € 293.000 extra rente inkomsten en een deel wordt gedekt door de post onvoorzien € 155.000. De begrotingsafwijkingen zijn beoordeeld op rechtmatigheid en opgenomen in onderstaande tabel. Er is geen sprake van administratieve onrechtmatigheid van de geconstateerde kostenoverschrijdingen. Het AB is begin maart ingelicht over de verschillen in de realisatie met begroting. Dit betreft de extra begrotingsruimte van 5,2 miljoen (2,7%) door extra baten en onderschrijding van lasten. Deze is gedeeltelijk gebruikt voor extra uitgaven. Hiermee zijn de onderstaande overschrijdingen niet meer onrechtmatig. 3. Overschrijding van baten

Baten Lasten Totaal

2e begrotings- Verschil%

en.of onderschrijding van lasten

Er is sprake van een open einde regeling en er is sprake van direct gerelateerde inkomsten:

wijziging

Bedragen x € 1.000.000

Bij het Programma Inkomen wordt de overschrijding van de lasten veroorzaakt door hogere lasten van de kindertoeslag van € 617.000 hier staan baten tegenover van de gemeente die hier 1op1 gecompenseerd worden door het rijk na het invullen van de SiSa van de kindertoeslagaffaire. Tevens € 450.000 lagere uitvoeringkosten inkomensvoorziening (incl. TOZO).

Inkomen (overschrijding baten)

1,1

Werk (overschrijding baten)

0,3

Werkleerbedrijf (overschrijding baten)

0,6

Inburgering (onderschrijding lasten Bedrijfsvoering (overschrijding baten)

Totaal over/onderschrijdingen

3,3

125,2

0,9%

0,3

13,1

2,1%

0,5

1,0

29,2

1,9%

2,2

2,2

3,5

0,0%

0,4

20,0

1,9%

0,2

0,2

0,2

0,0%

2,8

5,2

191,2

2,7%

0,4

Onvoorzien (onderschrijding lasten

1,1

Paragraaf Bedrijfsvoering

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

56

De toelichting kan worden opgesplitst in twee delen. Er is sprake van een open einde regeling: dit zijn de direct gerelateerde inkomsten: • Inkomen heeft 1,2 miljoen extra baten als dekking voor de hogere verstrekkingen van steunpunt Kinderopvangtoeslag affaire welke gemeenten via SPUKS van het Rijk ontvangen. De afwijking tijdig is gemeld via deze tussentijdse rapportage: • Werk: extra subsidie-inkomsten voor beroepentuin etc. die reeds in 2024 zijn bevestigd (verwachting was 2025). • Werkleerbedrijf hogere baten: belastingbaten LIV, en hogere omzet Groen en Schoonmaak; lagere lasten door incidentele afrekening payroll 2023. • Inburgering: Vrijval niet gerealiseerde kosten 2023 (terugbetaald aan gemeenten via dekkingsbijdrage 2024) • Bedrijfsvoering: 293.000 renteopbrengsten. • De onvoorziene lasten zijn gerealiseerd in de programma's zodat deze kosten daar zichtbaar blijven. Een klein deel van beide type overschrijdingen had door reeds in de 2e begrotingswijziging opgenomen kunnen worden. Het voornaamste deel is pas tijdens de jaarafsluiting naar voren gekomen.

Nadere toelichting voorwaardencriterium De afdeling Verbijzonderde Interne Controle heeft onderzoek gedaan naar het voorwaardencriterium. Hierbij zijn de volgende rechtmatigheidsfouten geconstateerd. Energietoeslag € 118.000 (geëxtrapoleerde fout) In één dossier ontbreekt informatie om het recht de energietoeslag vast te stellen. Daarnaast is bij de afhandeling van de schriftelijke aanvragen geen rekening gehouden met de eerdere screening van dit dossier door het IB-bureau. Extrapolatie veroorzaakt een financiële onrechtmatigheid van € 117.593.

Aankoop ICT Hardware € 84.000 Contractwaarde van de raamovereenkomsten voor de inkoop van ICT Hardware is overschreden. Uit jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie blijkt dat de raamovereenkomst bij het bereiken van de maximumwaarde geen effect meer sorteert. Met andere woorden: de raamovereenkomst is uitgewerkt en bestaat daarom niet meer. Er kan geen beroep gedaan worden op de uitzonderingsgrond van een wijziging op basis van onvoorziene omstandigheden. Inkoop voorkeursleveranciers van externe inhuur € 2.900.000 De geraamde contractwaarde voor inhuur van sociaal domein – Inkomen (perceel 1) is in 2023 overschreden. De raamovereenkomst voor inhuur van het perceel is uitgewerkt en bestaat daarom niet meer. Een nieuwe Europese aanbesteding voor externe inhuur is in 2024 gedaan (ingangsdatum 10 december 2024.) Deze bevinding betreft een doorloopfout vanuit 2023. Voor verdere toelichting wordt verwezen naar de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. Inkoop broker € 2.400.000 De geraamde contractwaarde voor de brokerdienstverlening is in 2022 al overschreden ten gevolge van een onrealistische raming. Brokerdienstverlening betreft een tussenpersoon bij inhuur van externe medewerkers, waarbij de voorkeursleveranciers geen kandidaten beschikbaar hebben. De raamovereenkomst voor de brokerdienstverlening is uitgewerkt en bestaat daarom niet meer.

Een nieuwe Europese aanbesteding voor externe inhuur is in 2024 gedaan (ingangsdatum 10 december 2024.) Deze bevinding betreft een doorloopfout vanuit 2023. Voor verdere toelichting wordt verwezen naar de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening.

Nadere toelichting Misbruik & oneigenlijk gebruik criterium In de organisatie is binnen het proces van de uitkeringen sprake van geconstateerd misbruik, welke binnen het proces correct is teruggevorderd en indien noodzakelijk het boetebeleid is gevolgd. Uit de interne beheersing en de verbijzonderde interne controle blijkt dat het M&O beleid juist is uitgevoerd en dit misbruik ook verwerkt is in de jaarrekening. De financiële impact van dit geconstateerde misbruik is € 328.817.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15461070/1