Bijlage 5 Watertoets
Tekst van het document
Stolperbasculebrug Onderzoeken RO1 - 3303C - Watertoets 90 % versie
Provincie Noord-Holland 5 mei 2021
Project Opdrachtgever
Document Status Datum Referentie
Projectcode Projectleider Projectdirecteur
Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door
Stolperbasculebrug Provincie Noord-Holland
Onderzoeken RO1 - 3303C - Watertoets 90 % versie 90 % versie 5 mei 2021 119096/21-007.174
119096 ing. W.P. de Vries ir. drs. J.L.C.M. van Daelen
mw. ing. M. Maas, ir. D.B. van den Heuvel E.H.J. Kuppen MSc, ing. S.G. Wetzels, ir. P.H. Roeleveld ing. W.P. de Vries
Paraaf
Adres
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer +31 (0)570 69 79 11 www.witteveenbos.com KvK 38020751
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd , behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING
5
1.1
Projectomschrijving
5
1.2
Rapport
6
1.2.1 1.2.2 1.2.3 1.2.4
3303C - Onderzoeken RO1 - Watertoets Scope rapportage Doel Leeswijzer
6 6 6 6
2
VIGEREND BELEID
7
2.1
Europees beleid
7
2.2
Nationaal beleid
7
2.2.1 2.2.2 2.2.3 2.2.4
7 7 8 8
2.3
Nationaal waterplan Deltaprogramma 2020 Waterwet Besluit lozen buiten inrichtingen
Regionaal beleid
8
2.3.1 2.3.2
8 9
Provincie Noord-Holland Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier
2.4
Lokaal beleid gemeente Schagen
10
3
HUIDIGE SITUATIE
11
3.1
Locatie
11
3.2
Maaiveldhoogte
11
3.3
Bodemopbouw en geohydrologie
12
3.4
Oppervlaktewater en watersysteem
14
3.5
Hemelwater en verharding
16
3.6
Waterkeringen
16
4
TOEKOMSTIGE SITUATIE/ONTWERP
18
4.1
Effecten op bodem en grondwater
18
4.2
Effecten op het watersysteem
18
4.3
Watercompensatie
19
4.4
Effecten op waterkeringen
21
4.5
Effecten op waterkwaliteit
22
5
CONCLUSIES EN AANDACHTSPUNTEN
23
5.1
Afgeleide eisen
23
5.2
Risico’s
23
6
REFERENTIES
25
Laatste pagina
25
Bijlage(n)
Aantal pagina's
I
Verificatie resultaatsdocument
1
II
Gespreksverslagen Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier
32
III
Overzicht klanteisen HHNK
2
IV
Sonderingen t.p.v. Stolperophaalbrug
2
V
Boringen
1
90 % VERSIE VOETNOOT Deze 90 % versie dient ter toetsing / afstemming van: - relevant vigerend beleid van overheden voor deze locatie; - opzet en eerste invulling van de huidige situatie; - bespreken van visie op het project met Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier; - beschrijven van de voorziene toekomstige situatie op basis van het ontwerp; - bepalen van de verwachte effecten van het ontwerp op de waterhuishoudkundige situatie; - bepalen van compenserende maatregelen; - opstellen van de conclusie, afgeleide eisen en risico’s. Nog aan te vullen in 100 % versie: - reacties hoogheemraadschap Holland Noorderkwartier; - eventuele aanvullende inzichten vanuit geohydrologisch onderzoek ter plaatse.
1 INLEIDING 1.1
Projectomschrijving
Stolperbasculebrug De Stolperbasculebrug heeft een belangrijke regionale en lokale functie als kruising over het Noordhollandsch kanaal. De brug dateert van 1936 en is aan vervanging toe omdat de ontwerplevensduur van 80 jaar is overschreden en de brug al langere tijd intensief onderhoud nodig h eeft om te blijven functioneren. Tevens is het dwarsprofiel op de brug te smal en voldoet de brug niet meer aan de Machinerichtlijn op meerdere aspecten. Na een studie van verschillende opties heeft de provincie Noord-Holland ervoor gekozen om de brug te vervangen door een nieuwe brug ten noorden van de bestaande brug. Daarnaast heeft de provincie de voorkeur uitgesproken om er een ophaalbrug van te maken. De brug dient te voldoen aan de vigerende wet- en regelgeving, provinciale standaarden en op afstand bedienbaar te zijn vanuit de 24-uurs bediencentrale te Heerhugowaard.
Afbeelding 1.1 Bestaande Stolperbasculebrug
5 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
1.2
Rapport
1.2.1
3303C - Onderzoeken RO1 - Watertoets
Dit rapport is een resultaatsproduct van werkpakket 3303C - Onderzoeken RO1, onderdeel watertoets, van het project Stolperbasculebrug. De eisen aan dit resultaatsproduct zijn afgeleid van de uitvraag en onze inschrijving. Deze zijn opgenomen in bijlage II en de aan dit document gekoppelde eisen geverifieerd in bijlage I.
1.2.2
Scope rapportage
De scope van dit rapport wordt bepaald door het statusrapport en de uitkomst van verschillende variantenstudies die zijn verwerkt in het Voorontwerp. Aanpassingen in het voorontwerp kunnen een effect hebbenop de waterparagraaf. De bestaande brug dient te worden vervangen door een nieuwe brug (direct) aan de noordzijde van de bestaande brug. De aansluitende wegen dienen te worden aangepast op de nieuwe locatie van de brug.
1.2.3
Doel
De watertoets is de onderbouwing ten behoeve van de RO-procedure voor de Stolperbasculebrug. De watertoets is een instrument om waterbeleid en regelgeving te waarborgen in ruimtelijke plannen, omdat water een belangrijk onderdeel is van de ruimtelijke planvorming en daarom vroeg betrokken dient te worden in het planproces. De watertoets vormt een proces dat de initiatiefnemer Provincie Noord-Holland en de waterbeheerder Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier zo vroeg mogelijk in het proces met elkaar in gesprek brengt. Deze rapportage vormt een eerste versie van de waterparagraaf op basis van het ontwerp. Van de nieuw te realiseren brug en aanpassingen aan de inrichting worden in de effecten op de waterhuishouding beschreven. Daarbij wordt ingegaan op eventuele effecten op het Noordhollandsch kanaal, het omliggende watersysteem, waterkeringen en grondwater. Eventuele aandachtspunten of knelpunten vanuit waterhuishoudkundig oogpunt worden aangekaart.
1.2.4
Leeswijzer
De waterparagraaf is als volgt gestructureerd: - hoofdstuk 2 geeft een overzicht van het relevante vigerende beleid; - hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de huidige waterhuishoudkundige situatie; - hoofdstuk 4 geeft een beschrijving van de toekomstige situatie en toetst of deze situatie voldoet aan het vigerende beleid; - hoofdstuk 5 bevat de gevonden aandachtspunten en een conclusie.
6 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
2 VIGEREND BELEID Dit hoofdstuk geeft een beschrijving van het vigerend beleid op het gebied van water.
2.1
Europees beleid
De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) [1] is in 2000 ingevoerd met als doelstelling het bereiken van een goede ecologische en chemische toestand voor alle oppervlaktewaterlichamen en het beschermen en herstellen van alle grondwaterlichamen (verbinding infiltratie- en kwelgebieden). Door de inrichting van watergangen af te stemmen op de ecologie kan de ecologische toestand verbeterd worden. De KRW heeft het streven om emissies naar oppervlakte- en grondwater terug te dringen. Daarnaast gaat het Europees beleid uit van het ‘standstill’ principe dat bij veranderingen de waterhuishoudkundige of ecologische situatie in een gebied enkel gelijk blijft of verbetert. Deze mag dus niet verslechteren.
2.2
Nationaal beleid
Het nationaal beleid is uiteengezet in het Nationaal Waterplan 2016-2021 [2]. Dit beleid vindt een verdere meer gebiedsgerichte uitwerking in het Deltaprogramma [3]. Wet- en regelgeving op nationaal niveau ten behoeve van water is vastgelegd in de Waterwet [4]. De Waterwet zal per 1 januari 2022 vallen onder de Omgevingswet en daarin worden opgenomen.
2.2.1
Nationaal waterplan
Het Nationaal Waterplan 2016-2021 [ref. 2] kent een beschouwing van waterkwaliteit, waterveiligheid en zoetwater met daarnaast een gebiedsgerichte uitwerking. Als gevolg van klimaatverandering krijgen we te maken met langere perioden van droogte en hevigere neerslag. In het Nationaal Waterplan wordt de ambitie uitgesproken om Nederland in 2050 zo goed mogelijk waterrobuust en klimaatbestendig in te richten. Hierbij is klimaatbestendig en waterrobuust beleid en handelen uiterlijk in 2020 aan de orde. Stolpen is gelegen in de Provincie Noord-Holland. De trits ‘vasthouden-bergen-afvoeren’ wordt in het Nationaal Waterplan benoemd om afwenteling van het waterkwaliteitsprobleem te voorkomen en is daarom voor Stolpen van belang.
2.2.2
Deltaprogramma 2020
In het Deltaprogramma [3] worden de onderwerpen waterveiligheid, zoetwater en klimaatadaptatie besproken. Met het oog op waterveiligheid wordt niet alleen gekeken naar het versterken van waterkeringen ten behoeve van veranderende waterpeilen en langere droge perioden. Er wordt ook gekeken naar risicovermindering bij overstroming, door de omgeving zo in te richten dat belangrijke routes bereikbaar blijven en concrete handelingsperspectieven met bewoners te bespreken. Verder is het van belang regenwater waar mogelijk vast te houden voor perioden met droogte. In het Deltaprogramma wordt het
7 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
belang van het meekoppelen van klimaatadaptieve maatregelen benoemd, om toekomstige hevigere regenval en langere perioden van droogte te kunnen opvangen. Het lukt alleen om de ambitie voor een waterrobuust en klimaatadaptief Nederland te halen op het moment dat we lopende projecten waterrobuust en klimaatadaptief insteken.
2.2.3
Waterwet
De Waterwet beschrijft het functioneren van het watersysteem. Ook bepaalt de Waterwet wie verantwoordelijk is voor welk watersysteem en welke taken daarbij horen. In het kader van de Waterwet dient er een watertoets worden uitgevoerd. Wanneer er aanpassingen worden gedaan aan het watersysteem moet er een vergunning worden aangevraagd waarin is aangetoond dat het toekomstige systeem geen negatieve effecten heeft.
2.2.4
Besluit lozen buiten inrichtingen
Op nationaal niveau is daarnaast het Besluit Lozen Buiten Inrichtingen (Blbi) [5] van belang. Het Blbi bevat regels voor het lozen van water buiten inrichtingen zoals bedoeld in de Wet milieubeheer (Wm). Hierbij geldt dat de regels voor: - indirecte lozingen en lozingen op rioolstelsels gebaseerd zijn op de Wm; - directe lozingen op of in de bodem gebaseerd zijn op de Wet bodembescherming; - directe lozingen op het oppervlaktewater gebaseerd zijn op de Waterwet. Voor de eerste twee categorieën is de gemeente het bevoegd gezag. Voor de laatste categorie is de waterbeheerder het bevoegd gezag. De afstroming van hemelwater van wegen betreft eveneens een lozing. Hierbij is met name de voorkeursvolgorde van lozen is van belang: 1 infiltratie in de bodem; 2 lozing in oppervlaktewaterlichamen die geen bijzondere bescherming behoeven; 3 lozing op regenwaterriolering; 4 lozing in oppervlaktewater die een bijzondere bescherming behoeven.
2.3
Regionaal beleid
In onderstaande paragrafen is het beleid uitgezet betreft de Provincie Noord-Holland, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.
2.3.1
Provincie Noord-Holland
De provincie Noord Holland heeft het waterbeleid vastgelegd in de Watervisie 2021 [6] en het Uitvoeringsprogramma watervisie 2016-2021 [7]. In de watervisie wordt met een gebiedsgerichte blik gekeken naar ruimtelijke adaptatie. Voor de kop van Noord-Holland betekend dat ruimtelijke adaptatie op het gebied van waterveiligheid, maar ook het vinden van toekomstgerichte oplossingen voor de schoon- en zoetwaterproblematiek die speelt in Noord-Holland. Waterveiligheid wordt benaderd van uit het principe meerlaagse veiligheid, daarnaast wordt er ingezet op ruimtelijke kwaliteit bij waterveiligheidsprojecten. Om zo ruimtelijke inpassing en een meerwaarde voor de omgeving te realiseren.
8 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
In het uitvoeringsprogramma uit dit zich in het meekoppelen met ruimtelijke projecten die om de ruimtelijke inrichting zo aan te passen dat vitale functies en infrastructuur minder kwetsbaar zijn. Verder worden brug en sluitbedieningen op elkaar afgestemd voor doorstroom van het vaarverkeer.
2.3.2
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier
De regelgeving en het beleid van HHNK (Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier) staat beschreven in de Keur met bijbehorende Legger [8] en in de Beleidsregels watervergunningen [9]. De beleidsregels zijn gebaseerd op het vastgestelde beleid (toebehorende wet- en regelgeving). De meest relevante punten zijn hieronder benoemd. De volgende activiteiten zijn vergunningsplichtig: - gebruik maken van of werken aan een waterstaatswerk (lees: oppervlaktewaterlichaam of kunstwerk) of bijbehorende beschermingszone; - werken binnen het profiel van vrije ruimte voor de beschermingszone: · het verrichten van afgravingen en seismische onderzoeken; - werken of handelingen verrichten aan een waterstaatswerk of bijbehorende beschermingszones; - het toevoegen van verhard oppervlak; - het plaatsen van een brug over oppervlaktewater; - onttrekken of inbrengen van water aan oppervlaktewaterlichamen. Hiervoor gelden de uitzonderingen genoemd in tabel 2.1. Aanvullend geldt: · dat onttrekking mag niet leiden tot onderschrijding van het laagst toegestane peil en inbrengen niet tot een overschrijding van het hoogst toegestane peil; · dat de onttrekking of het inbrengen van water niet tot schade mag leiden aan een waterstaatkundig werk of het watersysteem.
Tabel 2.1 Beperkingen betreft lozen en onttrekken van oppervlaktewater
Verhard oppervlak leidt tot de versnelde afstroming van hemelwater en daarmee mogelijk tot problemen voor het watersysteem. Als een verhardingstoename leidt tot versnelde afstroming richting het omliggende watersysteem, dient het toevoegen van verhard oppervlak gecompenseerd te worden. In tabel 2.2 is weergegeven welke eisen HHNK stelt aan de compensatie van verhard oppervlak. Daarbij wordt voor compensatie de volgende voorkeursvolgorde aangehouden: - behoud van infiltratie; - compensatie door realisatie van extra oppervlaktewater; - compensatie door middel van alternatieve vormen van waterberging. Bovendien dient watercompensatie in principe aangelegd te worden in hetzelfde peilgebied als waar de verhardingstoename plaatsvindt. Watercompensatie dient gerealiseerd te zijn voordat de verhardingstoename heeft plaatsgevonden.
9 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Tabel 2.2 Beperkingen en maatregelen betreft het aanleggen van extra verhard oppervlak
De vrijstelling voor vergunningplicht bij een verhardingstoename kleiner dan 800 m 2 geldt alleen als: - de bebouwing of verharding van de onverharde grond door een of meer aaneengesloten bouwplannen met een gezamenlijke oppervlakte minder dan 800 m² bedraagt en; - de aanleg van nieuw verhard oppervlak minder dan 10 % van het oppervlak van het desbetreffende peilvak beslaat en; - het desbetreffende watersysteem de toename van de piekafvoer kan verwerken. Een compleet overzicht van de eisen van HHNK is opgenomen als bijlage III.
2.4
Lokaal beleid gemeente Schagen
Lokaal beleid van de gemeente Schagen is beschreven in het Beheerplan Riolering [10] en het Gezamenlijk gemeentelijk Rioleringsplan Noordkop [11]. In het gemeentelijk rioleringsplan wordt aangegeven dat bij het ontwerp voor nieuwe riolering aan de eisen van de LIOR (Leidraad Inrichting Openbare Ruimte) en het moederbestek van de gemeente Schagen voldaan moet worden. De laagste onderhoudskosten voor de beheerfase zijn daarbij doorslaggevend voor de keuze voor een ontwerp. Daarbij wordt de voorkeursvolgorde: schoonhouden - scheiden - zuiveren meegenomen in de overweging voor een ontwerpkeuze.
10 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
3 HUIDIGE SITUATIE 3.1
Locatie
De Stolperbasculebrug ligt aan de Noordoostzijde van De Stolpen en vormt een belangrijke verbinding over het Noordhollandsch kanaal. De brug is onderdeel van de provinciale weg N248. Vlak ten zuiden van de Stolperbasculebrug sluit het Kanaal Stolpen-Schagen aan op het Noordhollandsch Kanaal. In de omgeving vindt veel akkerbouw plaats, grotendeels ten behoeve van bloembollenteelt. Afbeelding 3.1 bevat een kaart van de omgeving. De bestaande Stolperbasculebrug is hierin gemarkeerd.
Afbeelding 3.1 Overzicht omgeving Stolperbasculebrug
3.2
Maaiveldhoogte
Afbeelding 3.2 bevat een kaart met de maaiveldhoogte in de omgeving van de Stolperbasculebrug vanuit het AHN3 [12]. De kaart laat het hoogteverschil tussen de weglichamen en waterkeringen met de omgeving zien. Het maaiveld in het landelijk gebied aan de westzijde van het Noordhollandsch Kanaal varieert tussen
11 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
circa NAP +0,10 en +0,25 m. Het maaiveld in het gebied ten noordoosten van de brug varieert tussen circa NAP –0,10 en +0,05 m. Het brugdek zelf bevindt zich op een hoogte van NAP +4,90 m. Het gebied is redelijk vlak, op de brug, de toegangsweg aan de westzijde en de dijken na.
Afbeelding 3.2 Hoogtekaart op basis van de AHN3
3.3
Bodemopbouw en geohydrologie
Voor inzicht in de bodemopbouw is DINOloket geraadpleegd [13]. In de omgeving van de Stolperbasculebrug zijn diverse booronderzoeken geregistreerd. Drie van deze boringen bevatten een interpretatie volgens het GeoTOP-model en zijn geselecteerd voor analyse. De locaties van deze drie boringen zijn op kaart weergegeven in afbeelding 3.3.
12 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Afbeelding 3.3 Overzicht van de locaties van de boorprofielen van Dinoloket
De bodemprofielen ter plaatse van de geselecteerde boringen zijn weergegeven in bijlagen IV en V. Hieruit blijkt dat de ondiepe bodemopbouw (tot 5 m beneden maaiveld) ter plaatse diffuus is. Zand- en kleilagen wisselen elkaar hier af. Vanaf een diepte van 5 m -mv bevinden zich vooral waterdoorlatende zandlagen. Recent zijn peilbuizen geplaatst rondom het studiegebied als onderdeel van het geohydrologisch onderzoek. Er zijn nog onvoldoende gegevens beschikbaar om een goede analyse te maken in de 90 % versie. De 100 % versie van de waterparagraaf wordt aangevuld met inzichten uit het geohydrologisch onderzoek. Er bevinden zich in en rond het studiegebied geen peilbuizen waarvan de gegevens worden ontsloten via het DINO-loket. HHNK heeft een kaart met stijghoogten en isohypsen in het eerste watervoerend pakket. Een uitsnede hiervan is weergegeven in afbeelding 3.4. De kaart laat zien dat ter plaatse van het plangebied de stijghoogte in het eerste watervoerend pakket indicatief -0,50 tot -1,0 m NAP is. De stijghoogte neemt af richting het oosten. De stromingsrichting van het grondwater in het eerste watervoerend pakket is daardoor waarschijnlijk oostelijk.
13 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Afbeelding 3.4 Uitsnede uit de kaart met stijghoogtes en isohypsen in het eerste watervoerend pakket
3.4
Oppervlaktewater en watersysteem
Afbeelding 3.5 bevat een uitsnede uit de legger oppervlaktewateren van HHNK. Deze laat zien dat zowel het Noordhollandsch Kanaal als het Kanaal Stolpen-Schagen primaire watergangen zijn. Beide zijn onderdeel van de Schermerboezem en in het beheer van de Provincie Noord-Holland. De Legger beschrijft voor het doorstroomprofiel van het Noordhollandsch Kanaal ter hoogte van de brug: - een minimale bodembreedte van 22 m; - een vastgestelde bodemhoogte van NAP -4,20 m (waterdiepte van 3,70 m bij een peil van NAP -0,50 m); - een maximaal talud aan weerszijden van 1:2 (niet steiler); - een benodigde waterbreedte van circa 36,80 m. Verder geldt: - een streefpeil van NAP -0,50 m; - maalstop op NAP +0.00 m. Dit is het maximale peil van de Schermerboezem. Wanneer dit peil wordt bereikt, mag geen water meer worden afgevoerd van de polders naar de boezem; - een gemiddelde breedte op het niveau van de waterlijn van 38,40 m.
14 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Afbeelding 3.5 Legger oppervlaktewateren HHNK
De waterbreedte ter plaatse van de brug is nauwelijks meer dan de benodigde waterbreedte voor de waterbeheersing. Er is dus geen overbreedte aanwezig. Dit vormt een aandachtspunt voor de verdere uitwerking. Als de waterbreedte tijdens de uitvoering beperkt wordt (bijvoorbeeld door bouwkuipen om in den droge te werken), moet dit gecompenseerd worden. Direct ten zuidwesten van de brug bevinden zich twee open waterpartijen die onderling verbonden zijn met een duiker. De Legger laat zien dat het Noordhollandsch Kanaal aan de westzijde middels een duiker verbonden is met een gemaal. Dit is een aanvoertracé waar water ingelaten wordt in de polder. Aan de oostzijde van het kanaal bevindt zich nog een primaire watergang die is aangesloten op het Kanaal Stolpen-Schagen. Deze watergang is onderdeel van de boezem. De stroomrichting van het Noordhollandsch Kanaal is richting het noorden. Het kanaal watert af bij gemaal de Helsdeur in Den Helder.
Er worden drie verschillende peilvakken aan weerszijden van het kanaal onderscheiden, zie afbeelding 3.6: - het peilgebied ten westen van het kanaal (bruin; 2751D) heeft een zomer- en winterpeil van respectievelijk NAP -0,30 m en -0,70 m; - het peilgebied ten oosten van het kanaal tot de Egalementsloot (blauw; 2769C) heeft een zomer- en winterpeil van respectievelijk NAP -0,55 m en -0,85 m; - het peilgebied ten oosten van de Egalementsloot (oranje; 2769B) heeft een zomer- en winterpeil van respectievelijk NAP -0,70 m en -1,10 m.
15 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Afbeelding 3.6 Peilgebieden in de omgeving van het studiegebied
3.5
Hemelwater en verharding
Het studiegebied bevindt zich in landelijk gebied. De voornaamste verharding bestaat uit het wegennetwerk in de omgeving. De hoofdwegen beschikken niet over een over een hemelwaterafvoer. Hemelwater dat op deze verharding valt, stroomt af richting de berm(sloten) en het open water. Dit geldt ook voor de Stolperbasculebrug zelf. Lokale wegen en erftoegangswegen beschikken in de meeste gevallen wel over kolken die overtollig hemelwater afvoeren naar de gemengde riolering. Dit betreft bijvoorbeeld de erftoegangswegen juist ten westen van het Noordhollandsch Kanaal.
3.6
Waterkeringen
Afbeelding 3.6 bevat een uitsnede uit de Legger regionale waterkeringen van HHNK. Aan weerszijden van zowel het Noordhollandsch Kanaal als het Kanaal Stolpen-Schagen bevinden zich boezemwaterkeringen. Hierbij zijn de volgende minimale dijkhoogten van toepassing: - voor verharde dijken: NAP +0,10 m; - voor groene dijken: NAP +0,20 m. In de praktijk liggen de kruinen van de dijken hoger dan de minimale dijkhoogte. De maaiveldhoogtekaart in afbeelding 3.2 laat zien dat de dijkhoogte nergens lager is dan NAP +1,0 m. De keringen zijn voorzien van een beschermingszone. Wijzigingen aan keringen of in de beschermingszones van keringen zijn sterk gereguleerd volgens de Keur van HHNK. Het uitgangspunt is dat de waterveiligheid te allen tijde blijft gewaarborgd, ook tijdens de aanlegfase.
16 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Afbeelding 3.6 Legger regionale waterkeringen HHNK
De huidige brugconstructie is gefundeerd op palen. In het algemeen hanteert HHNK het beleid dat palen bij wijzigingen zoveel mogelijk in de grond gehouden worden. Dit om piping en instabiliteit van de keringen te voorkomen. In overleg met HHNK is vastgesteld dat het risico op piping, instabiliteit en kwel bij dit project zeer beperkt zijn. Dit komt door de lokale bodemopbouw en het geringe peilverschil tussen peilgebieden en het waterniveau van het kanaal.
17 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
4 TOEKOMSTIGE SITUATIE/ONTWERP Dit hoofdstuk beschrijft de effecten van het weg- en brugontwerp op de verschillende wateraspecten.
4.1
Effecten op bodem en grondwater
De effecten op de grondwatersituatie zijn in de gebruiksfase beperkt. De funderingsconstructie van de nieuwe brug bestaat uit palen. Hierdoor is de opstuwing van het grondwater zeer gering. In overleg met HHNK is vastgesteld dat het risico op piping en kwel klein is in dit gebied. Daarom is het toegestaan de funderingspalen van de oude brug in de grond te laten zitten. In verband met beheer en onderhoud dienen deze palen afgeknepen te worden tussen 0,50 m en 0,30 m onder de vaste waterbodem. Tijdens de realisatiefase is mogelijk bemaling noodzakelijk. Er dient te worden nagegaan of hiervoor een vergunning vereist is. Er is geen vergunning vereist indien: - minder dan 15.000 m 3 per maand onttrokken wordt en de onttrekking niet langer duurt dan zes maanden; - het grondwater uitsluitend wordt onttrokken uit het eerste watervoerend pakket; - de freatische grondwaterstand en de stijghoogte in het eerste watervoerende pakket wordt niet verder verlaagd dan ten hoogste 0,5 meter beneden het ontgravingsniveau. In overige gevallen dient een vergunning te worden aangevraagd bij HHNK. Daarnaast geldt in alle gevallen een meldingsplicht. Het lozen van grondwater is eveneens gebonden aan regels. De voorkeursvolgorde hiervoor is als volgt: (1) lozen in de bodem, (2) lozen op het oppervlaktewater en (3) lozen op de riolering.
Voor het lozen van het bemalen grondwater geldt eveneens een meldingsplicht en mogelijk een vergunningplicht. Dit dient in de vervolgfase te worden nagegaan.
4.2
Effecten op het watersysteem
Het Noordhollandsch Kanaal is belangrijk voor de afvoer en aanvoer van water in de regio. Het is daarom belangrijk dat het doorstroomprofiel ter plaatse van de brug gewaarborgd blijft. Dit geldt voor zowel de realisatie- als voor de gebruiksfase. Tijdens de realisatiefase wordt het doorstroomprofiel tijdelijk verkleind ten behoeve van de werkzaamheden. Deze beperking dient gecompenseerd te worden met pompen zodat de doorstroming gewaarborgd blijft. Het noodzakelijke debiet van de pompen is afhankelijk van de profielverkleining en is nader te bepalen. In afbeelding 4.1 is een langsdoorsnede weergegeven van de bestaande brug en het brugontwerp. Deze laat zien dat het doorstroomprofiel van het Noordhollandsch Kanaal in de gebruiksfase toeneemt van 98,5 naar 102 m2. De breedte op de waterlijn en de waterdiepte veranderen niet ten opzichte van de huidige situatie. Er zijn geen veranderingen voorzien aan de ruwheid van de kanaalbodem of het verhang. De doorstroming verbetert daardoor in de toekomstige situatie.
18 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Afbeelding 4.1 Dwarsdoorsnede van de bestaande brug (boven) en het schetsontwerp van de nieuwe brug (onder)
4.3
Watercompensatie
De Keur van HHNK schrijft voor dat een verhardingstoename gecompenseerd dient te worden met de aanleg van open water indien dit leidt tot versnelde afwatering van hemelwater naar het omliggend watersysteem. Afbeelding 4.2 laat het wegontwerp aan de oostzijde van het Noordhollandsch Kanaal zien. Hier wordt de bestaande weg iets verschoven om aan te sluiten op de nieuwe brug. Daarnaast wordt een nieuwe erfontsluitingsweg aangelegd ten zuiden van de bestaande weg. Afbeelding 4.3 laat het wegontwerp aan de westzijde van het kanaal zien. De bestaande rotonde verschuift noordwaarts om aan te sluiten op de nieuwe brug.
19 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Afbeelding 4.2 Wegontwerp ten oosten van de Stolperbrug
Afbeelding 4.3 Wegontwerp ten westen van de Stolperbrug
20 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Aan de oostzijde is de verhardingstoename naar verwachting circa 1.000 m 2 (exclusief het brugdek). Deze verharding watert volledig af in de naastgelegen bermen. Aan weerszijden van de weg bevinden zich braakliggende velden. Deze liggen circa 2 meter lager dan de weg , zie ook afbeelding 4.4. De velden hebben voldoende capaciteit om het hemelwater dat op de weg valt, vast te houden. Er vindt daardoor geen versnelde afvoer van water richting het watersysteem plaats en het watersysteem wordt niet extra belast door het wegontwerp. Daarom is er geen watercompensatie vereist.
Afbeelding 4.4 Hoogteligging van het maaiveld rond de brug en de laaggelegen bermen
Aan de westzijde wordt de huidige rotonde vervangen door een nieuwe rotonde. Naar verwachting is er geen verhardingstoename of is deze gering (indicatief 100 m2 exclusief het brugdek). Hemelwater dat ter plaatse valt, stroomt door het hoogteverschil af richting de ruime berm en het open water ten zuiden van de weg (zie afbeeldingen 3.2, 3.5 en 4.4). Door de geringe verhardingstoename en grote bergingscapaciteit van de berm wordt het oppervlaktewater niet extra belast. Watercompensatie is hierom niet verplicht. In overleg met HHNK is besloten dat een verhardingstoename ter plaatse van het brugdek niet gecompenseerd hoeft te worden. Hemelwater watert af richting de bermen.
4.4
Effecten op waterkeringen
Het weg- en brugontwerp heeft in de gebruiksfase geen effect op de kerende functie van waterkeringen. In de realisatiefase vinden werkzaamheden plaats in de kern- en beschermingszones van verschillende keringen. Hiervoor is een vergunning van HHNK vereist. Het uitgangspunt is dat de waterveiligheid te allen tijde blijft gewaarborgd, ook tijdens de realisatiefase.
21 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
4.5
Effecten op waterkwaliteit
De effecten van het ontwerp op de waterkwaliteit zijn gering. Waar verhardingstoename plaatsvindt, watert de verharding af naar de berm. Afstromend hemelwater ondergaat daardoor een uitgebreide bermpassage voordat het oppervlakte- of grondwater bereikt. Eventuele verontreinigingen blijven hierdoor achter in de berm en bereiken en oppervlakte- en grondwater niet. Hemelwater dat op het brugdek valt, mag op basis van artikel 3.5 van het Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi; [5]) geloosd worden op of in de bodem. Zoals eerder beschreven hebben de bermen in de omgeving voldoende capaciteit om afstromend hemelwater op te vangen. In het ontwerp dient rekening te worden gehouden met een afwateringsvoorziening dat hemelwater van het brugdek naar de omliggende bermen brengt. Het hemelwater ondergaat hier een bermpassage, waardoor verontreinigingen het water niet bereiken.
22 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
5 CONCLUSIES EN AANDACHTSPUNTEN De aanleg van een nieuwe brug in het plangebied is op meerdere gronden vergunningsplichtig. Er dient in ieder geval een vergunning bij HHNK te worden aangevraagd voor het plaatsen van een brug en het werken in de kern- en beschermingszones van keringen. Daarnaast is mogelijk een vergunning nodig voor het bemalen en lozen van grondwater in de realisatiefase. De lokale verhardingstoename is niet vergunningsplichtig, omdat deze niet leidt tot een versnelde afstroming richting het oppervlaktewater. Voor de verdere uitwerking worden de volgende aandachtspunten gesignaleerd: - de funderingspalen van de oude brug mogen achterblijven in de bodem, mits deze worden afgeknepen op 0,30 tot 0,50 m onder de vaste waterbodem; - indien er in de realisatiefase grondwater onttrokken en geloosd wordt, is een vergunning van HHNK vereist; - tijdens de realisatiefase wordt het doorstroomprofiel tijdelijk verkleind ten behoeve van de werkzaamheden. Deze beperking dient gecompenseerd te worden met pompen zodat de doorstroming gewaarborgd blijft. Het noodzakelijke debiet van de pompen is afhankelijk van de profielverkleining en is nader te bepalen; - in zowel de realisatie- als de gebruiksfase is het uitgangspunt dat de waterveiligheid gewaarborgd blijft.
Voor het werken rondom keringen is een vergunning van HHNK vereist; - hemelwater dat op het brugdek valt, dient te worden afgevoerd richting de bermen in de omgeving. Hier dient rekening mee gehouden te worden in het brugontwerp. Het hemelwater ondergaat een bermpassage, waardoor er geen effecten op de waterkwaliteit worden verwacht. De resultaten van dit werkpakket zijn verwerkt in afgeleide eisen en risico’s.
5.1
Afgeleide eisen
De klanteisen van HHNK zijn weergegeven in bijlage III.
5.2
Risico’s
De volgende risico’s zijn geïnventariseerd en worden opgenomen in het risicodossier.
23 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Tabel 5.1 Risico’s Nr.
Risico
Beheersmaatregel
3303C_IV - R 01
Aanvullende pompcapaciteit tijdens uitvoeringsfase valt uit door technische storing waardoor opstuwing van kanaal volgt.
- aanvullend plan eisen voor pompcapaciteit in noodgevallen; - separate pompsystemen toepassen - plan eisen voor aanvullende doorstroomoppervlak door verwijderen elementen.
3303C_IV - R 02
onvoldoende pompcapaciteit aanwezig voor onverwachte piekafvoer in Noordhollandsch kanaal
- aanvullend plan eisen voor pompcapaciteit in noodgevallen;
24 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
6 REFERENTIES 1
Het Europees Parlement en De Raad Van De Europese Unie (2000) - Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad. 2 Rijksoverheid (2016). Nationaal Waterplan 2016-2021. 3 Rijksoverheid (2020). Deltaprogramma 2020. 4 Rijksoverheid (2009). Waterwet. 5 Wetten.overheid.nl, Besluit lozen buiten inrichtingen. https://wetten.overheid.nl/BWBR0029789/2018-0701. Geraadpleegd op 03-05-2021. 6 Provincie Noord-Holland (2015). Watervisie 2021 ‘Buiten de oevers’. 7 Provincie Noord-Holland (2015). Watervisie 2021 ‘Buiten de oevers’ Uitvoeringsprogramma 2016-2021. 8 Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (2016). Keur Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. 9 Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (2017). Beleidsregels watervergunningen 2017. 10 Gemeente Schagen (2018). Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen. 11 Gemeente Schagen (2018). Gezamenlijk gemeentelijk rioleringsplan Noordkop 2018 tot en met 2022: ‘Ruimte voor Water’. 12 Algemeen Hoogtebestand Nederland 3: https://ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer/ 13 DINO-loket: https://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens
25 | 25
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | 90 % versie
Bijlage(n)
I BIJLAGE: VERIFICATIE RESULTAATSDOCUMENT
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | Bijlage I | 90 % versie
3303C ONDERZOEKEN RO1 - WATERTOETS
VERIFICATIE RESULTAATSDOCUMENT
project
Stolperbasculebrug
verificatie door
S.G. Wetzels
opdrachtgever
Provincie Noord-Holland
toetsing
ing. W.P. de Vries
projectcode
119096
werkpakkettrekker
ing. S.G. Wetzels
status
90% versie
datum
27-4-2021
producteisen
(inclusief verificatieplan - zover mogelijk)
verificatiemethode
verificatie
bewijs
proceseisen S2 - 31
Onderzoeken opnemen in BIM Viewer
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 | Postbus 233 | 7400 AE Deventer | +31 (0)570 69 79 11 | www.witteveenbos.com | KvK 38020751
Niet van toepassing
Geen locatiespecifieke gegevens beschikbaar
II BIJLAGE: GESPREKSVERSLAGEN HOOGHEEMRAADSCHAP HOLLANDS NOORDERKWARTIER
Witteveen+Bos | 119096/21-007.174 | Bijlage II | 90 % versie
HaskoningDHV Nederland B.V. Transport & Planning
Notitie / Memo Aan: Van: Datum: Kopie: Ons kenmerk: Classificatie:
-Elien Haspels-Neep 29 september 2017 Projectteam RHDHV en PNH T&PBE4853M002F0.1 Projectgerelateerd
Onderwerp:
Gespreksverslag KES Stolperbasculebrug NHNK
1. Welke functies heeft de dijk? Het dijklichaam heeft de functie: Regionale boezemwaterkering. Dit 2. Wat betekent dit voor het ontwerp van de brug, de tijdelijke verkeersmaatregelen en de realisatie? Welke aandachtspunten en restricties stelt het waterschap aan de uitvoeringswijze/ontwerp? • •
Eis: Waterveiligheid mag niet in het geding komen EIS ontwerp: Een constructie in de kering moet de waterveiligheid garanderen en krijgt dan ook de functie waterkering (levensduur 100 jr). Hier zitten ontwerp eisen aan. o Gebied ligt redelijk hoog op huidige plek, de kern van de dijk ligt wat meer landinwaarts en dieper waardoor deze mogelijk voor (voor een deel) buiten het beoordelingsprofiel waterkering ligt. Hoe dichter je bij de waterkerende constructie komt des te meer maatregelen je moet nemen tijdens uitvoering en in het ontwerp tbv de waterkerende functie van de dijk.
•
Regionale boezemwaterkering : In de KEUR is de groen lijn op de kaart de tracé lijn (kern, hoogste punt) van de waterkering (zie nog kaart KEUR). De dijk heeft twee beschermingszones, A en B. • Voor Beschermingszone A geldt: alle werken die hierin plaats vinden hebben een vergunningplicht, • Eisen werkwijze: o EIS: Te alle tijden moet de waterveiligheid worden geborgd, dit geldt zowel tijdens als na realisatie o eisen die van toepassingen zijn op werken in deze zone, zone A, stuurt Jeroen per email toe. Waterschap NHNK heeft een PVE opgesteld nav andere brug projecten dat ook van toepassing is op het project Stolperbascule brug. • Eisen ontwerp: afhankelijk van waar de tijdelijk brug komt en de definitieve brug, maakt de constructie onderdeel uit van de waterkering. o EIS: De constructie (landhoofden) van de brug of tijdelijke maatregel in de dijk/dijklichaam moet voldoen aan de landelijke eisen die gesteld worden aan waterkeringen (een EIS is: levensduur 100 jaar) o Aandachtpunt tbv ontwerp locatie nieuwe brug en BMTU: Op de huidige locatie ligt genoeg dijklichaam en zou het best kunnen zijn dat graven en de nieuwe constructie geen negatieve invloed heeft op de waterkende functie van de rest van de dijk. Dit stuk is de dijk al flink verhoogd en verbreed met zand door de bestaande infrastructuur.
Hoe meer je van de huidige locatie afwijkt des te groter de kans is dat je meer maatregelen moet treffen rondom je constructie om negatieve invloed op de waterkering te voorkomen (=risico)
3. Welke beleid is van toepassing waar we rekening mee moeten houden?
29 september 2017
T&PBE4853M002F0.1
1/2
-
Bouwbeleid van toepassing, uitzonderingen zijn o.a. maatschappelijk functie waaronder bruggen.
4. Zijn er nog belemmeringen/beperkingen waar we rekening mee moeten houden? - Er zijn geen beperkingen kwa moment waarop je het werk uitvoert: stormseizoen is niet van toepassing. - EIS uitvoering: In het uitzonderlijke geval van extreem hoog water situatie waarbij de waterveiligheid in het geding is kan het werk worden stilgelegd ivm risico wateroverlast/waterkerende functie. - Eis uitvoering: K&L mogen niet gelegd worden als de grond heel nat is ivm probleem verdichten van de bodem (dit ikv waterveiligeheid). - Bestaand groen op de dijk: Bossages die nu langs de dijk staan kunnen weg gehaald worden. 5. Welke informatie is beschikbaar: bodemopbouw, opbouw van de dijk? Zoekt NHNK uit. Let op: waterbodemdiepten. Het is gebeleken in eerder werken dat de waterbodem kwa diepte grote verschillen kan hebben (tot 3 meter verschil) dit is de ervaring uit eerdere werken in het NH-kanaal. Tip altijd inmeten vooraf tbv dimensionering. 4. Welke risico’s ziet het waterschap? •
•
• •
Vervangen remmingswerken: Risico op kortsluiting (kwel uit de ondergrond in de boezem) in de ondergrond bij het trekken van palen van de remmingswerken (dit bepaald uitvoeringswijze). o EIS uitvoering: Onderzoek kans op kortsluiting (ervaring met eerder projecten dat dit optreedt bij het trekken van palen met grote diameter). Wateroverlast bij erplaatsen woning naast brughoofd Schagerkant. Verplaatsen van de bestaande woning naar het zuiden (naar provincie grond) is verplaatsen van op de dijk naar buitendijkse grond. In geval van wateroverlast wordt dan geen bescherming geboden tegen wateroverlast uit de boezem! Dit deel ligt onder NAP. Beheersmaatregel: terp maken voor nieuwe woning. (Tijdelijke) grond aanvullingen tbv BMTU risico op ongewenste zetting van de dijk. Beheersmaatregel: Herstellen van de dijk. (Tijdelijke) grond aanvullingen op een locatie waar leidingen (bv gasleidingen) risico op zetting met nadelig effect op leidingen (met name gasleidingen).
29 september 2017
T&PBE4853M002F0.1
2/2
VERSLAG
Onderwerp Project Projectcode Verslagnummer Datum overleg Plaats Referentie Auteur(s) Datum verslag Bijlage(n)
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier Witteveen+Bos
Aanwezig
Provincie Noord-Holland
Afwezig
1
KES gesprek HHNK Stolperbasculebrug 119096 18 december 2020 Digitaal, Microsoft Teams 119096/21-000.007 A. Vellekoop Msc 4 januari 2021 I Presentatie Tino Abels Stijn Wetzels, Jalien Oegema, Daniël van den Heuvel, Amber Vellekoop André de Bruyn
INLEIDING
Op vrijdag 18 december 2020 is er een klanteisengesprek over het project Stolperbasculebrug gevoerd met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Het doel van het gesprek was de aandachtspunten van de watertoets te bespreken, in te zoomen op het vergunningstraject en bestemmingsplan, verduidelijking te krijgen over reeds opgehaalde wensen en nieuwe wensen op te halen. De heer Looijenstijn is vanuit het HHNK betrokken geweest in het voortraject van het project. Omdat de heer Looijenstijn uit dienst is bij het HHNK is Tino Abels het nieuwe aanspreekpunt.
2
NIEUWE KLANTWENSEN
Tabel 2.1 bevat de nieuwe opgehaalde klantwensen.
Tabel 2.1 Nieuwe klantwensen HHNK Nr.
Naam
Wens
Honoreringsadvies
1
Watercompensatie
De compensatie voor de toename van het verharde oppervlak dient in hetzelfde peilgebied te worden aangelegd.
Honoreren
2
Doorstroomprofiel
Het minimale doorstroomprofiel is opgenomen in de legger van het HHNK en beschrijft: een minimale bodembreedte van 22m;
Honoreren
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Hoogoorddreef 15 | Postbus 12205 | 1100 AE Amsterdam | +31 (0)20 312 55 55 | www.witteveenbos.com | KvK 38020751
Nr.
Naam
Wens -
Honoreringsadvies
een minimale waterdiepte van NAP-4.2m; een maximaal talud van 1:2.
3
Waterhoogte
Onderstaande waterstanden zijn van toepassing op het project: een streefpeil van NAP -0.5 m; maximale waterhoogte is NAP +0.0 m.
4
waterveiligheid, hoogte waterkering
Onderstaande minimale dijkhoogten zijn van toepassing: verharde dijk NAP +0.1 m; groene dijk NAP +0.2 m.
5
waterpeil omliggende peilgebieden
Het systeem dient de peilen van omliggende peilgebieden te handhaven: het peilgebied aan de westzijde van het kanaal heeft een peil van zomer/winter NAP-0.3/-0.7m; het peilgebied aan de oostzijde van het kanaal een peil zomer/winter NAP-0.55/-0.85m.
Honoreren
6
vergunningen
Voordat een vergunning wordt ingediend dient een vooroverleg plaats te vinden. Gebruik het PVE als input voor de vergunning.
Honoreren
7
levensduur
-
de waterkerende constructies dienen een levensduur te hebben van 100 jaar; de waterkerende grondconstructies dienen een levensduur te hebben van 50 jaar; de sterkte en hoogte dient als gevolg hiervan 50 jaar lang afdoende te zijn.
Honoreren
-
Honoreren
8
oeverconstructie, erosie
Indien er poelen worden aangelegd in de oeverconstructie dient erosie tegengegaan te worden.
Honoreren
9
aanplant bomen, dijk
De aanplant van bomen op de dijk is mogelijk indien de dijk over gedimensioneerd is.
Honoreren
3
REEDS OPGEHAALDE KLANTWENSEN
Tabel 3.1 bevat de wensen die vooraf aan het gesprek ter discussie stonden
Tabel 3.1 Wensen die vooraf ter discussie stonden ID
Originele Eistekst
Nieuw Honoreringsadvies
Honoreringsadvies toelichting
KES0067
In het uitzonderlijke geval van extreem hoog water situatie waarbij de waterveiligheid in het geding is kan het werk worden stilgelegd i.v.m. risico wateroverlast/waterkerende functie.
Niet honoreren
KES-gesprek HHNK 18-12-2020: Stopzetten werk is niet van toepassing
KES0069
Onderzoek kans op kortsluiting via onderliggende lagen waterbodem (ervaring met eerder projecten dat dit optreedt bij het trekken van palen met grote diameter).
Niet honoreren
KES-gesprek HHNK 18-12-2020: risico niet aanwezig door gelijkwaardige peilgebieden in omgeving. Palen mogen getrokken worden
2|4
Witteveen+Bos | 119096/21-000.007
ID
Originele Eistekst
Nieuw Honoreringsadvies
Honoreringsadvies toelichting
KES0084
Naast de constructie dient ook de (aangrenzende) waterkering altijd goed te onderhouden te zijn
Honoreren
HHNK is bevoegd gezag. PNH is beheerder van het kanaal. Onderhoud opnemen met beheer.
KES0085
Ontwerplevensduur grondconstructies bedraagt 50 jaar
Honoreren
KES-gesprek HHNK 18-12-2020: Zie ook nieuwe klantwens 7.
KES0086
Als aan de hand hiervan het ontwerp met tekeningen is uitgewerkt en is aangetoond dat aan de gestelde eisen wordt voldaan dan kan in overleg met hoogheemraadschap de Watervergunning worden aangevraagd.
Honoreren
HHNK is bevoegd gezag. PVE is input. Vooroverleg is gewenst. Zie ook opgehaalde nieuwe klantwens 6.
KES0088
Voor aanvang van het ontwerpen is het raadzaam om de randvoorwaarden te overleggen met het hoogheemraadschap. Hierbij te letten op bijvoorbeeld de maximale (100 jaar) boezem- of buitenwaterstand (hydraulische randvoorwaarden), ligging, locatie en afmetingen van de waterkering, benodigd grondonderzoek etc. Zie voor bepaling van de benodigde waterkerende hoogte ook de leidraad kunstwerken (TAW).
Honoreren
HHNK is stakeholder categorie ‘Meebeslissen’. HHNK is bevoegd gezag. Overleg is gevoerd op 18-12-2020.
KES0089
Bij voorkeur de bestaande palen/damwanden niet trekken. Als dit wel nodig is moet aangetoond zijn dat er geen risico is voor de waterkerende veiligheid of er moeten hiervoor maatregelen worden getroffen;
Niet honoreren
KES-gesprek HHNK 18-12-2020: HHNK ziet geen risico voor de waterkerende veiligheid.
KES0097
In verband met mogelijk toekomstige ontwikkelingen, dient de kade t.p.v. het kunstwerk te voldoen aan IPO-klasse V;
Honoreren
KES-gesprek HHNK 18-12-2020: Hanteer IPO 5.
KES0102
De ontgraving dient zo minimaal mogelijk te zijn om zo weinig mogelijk verstoring en structuurverlies van het dijklichaam te veroorzaken. Minder ontgraving beperkt ook de zettingen na de aanvulling. De aanvulling rond een kunstwerk dient met waterdicht en erosiebestendig materiaal, klei van minimaal categorie 2, uitgevoerd te worden. Hiermee wordt het risico op lekkages langs en over de constructie verder ingeperkt;
Honoreren
3|4
Witteveen+Bos | 119096/21-000.007
HHNK is bevoegd gezag KES-gesprek HHNK 18-12-2020: minimaal ontgraven. Aanvulling alleen van belang onder NAP +0.2 m.
ID
Originele Eistekst
Nieuw Honoreringsadvies
Honoreringsadvies toelichting
KES0103
De voor aanleg verwijderde dijkbekleding (bv steen, asfalt, klei en/of gras, beschoeiing of damwand) dient volledig hersteld te worden. De detaillering van de aansluiting op de constructieve delen dient zeer zorgvuldig te gebeuren, deze overgangsconstructies kunnen zeer kwetsbaar zijn onder met name golfaanval (indien van toepassing).
Niet honoreren
HHNK is bevoegd gezag KES-gesprek HHNK 18-12-2020: Golfaanval niet van toepassing. Waterkerende laag dient hersteld te worden. Dit is opgenomen in KES-102.
KES0104
Na realisatie van het ontwerp dienen er digitale revisietekeningen te worden aangeleverd.
Honoreren
HHNK is stakeholder categorie ‘Meebeslissen’.
Een constructie in de kering moet de waterveiligheid garanderen en krijgt dan ook de functie waterkering (levensduur 100 jr.). Er zitten ontwerpeisen aan het beoordelingsprofiel.
Honoreren
KES0126
4
HHNK is bevoegd gezag.
HHNK is stakeholder categorie ‘Meebeslissen’. HHNK is bevoegd gezag.
ACTIES EN VERVOLG
Tabel 4.1 Acties en vervolg Nr.
Actiehouder
Actie
Deadline
1
Tino
Uitvragen aan welke voorwaarden de watercompensatie dient te voldoen.
15-1-2021
2
Tino
Uitvragen of de brug ook meegerekend moet worden met het toename verhard oppervlak aangezien het water bijna direct afstroomt in het oppervlaktewater.
15-1-2021
3
Tino
Uitvragen of er voorwaarden van toepassing zijn aan het af te stromen water van de brug op het oppervlaktewater.
15-1-2021
4
Tino
Randvoorwaarden doorstroomprofiel bepalen tijdens de uitvoering. Het gemaal in Den Helder moet blijven werken.
15-1-2021
5
Tino
Leveren van dwarsprofielen dijken ter plaatse van project.
15-1-2021
6
Amber
Bespreken omleidingsroutes met vaarwegbeheerder.
15-1-2021
7
Amber
Inplannen vervolgoverleg.
15-1-2021
4|4
Witteveen+Bos | 119096/21-000.007
I BIJLAGE: PRESENTATIE
Witteveen+Bos | 119096/21-000.007 | Bijlage I
Klanteisengesprek Stolperbrug
HHNK
17-12-2020
Agenda 1. Inleiding project 2. Aandachtspunten - waterparagraaf 3. Vergunnignen 4. Bestemmingsplan 5. Openstaande wensen 6. WVTTK
2
Agenda 1. Inleiding project 2. Aandachtspunten - waterparagraaf 3. Vergunningen 4. Bestemmingsplan 5. Openstaande wensen 6. WVTTK
3
1. Inleiding project - Vervangen Stolperbasculebrug door ophaalbrug ten noorden van bestaande - Watertoetsproces - Vergunningen - KES-gesprek - Samenwerking verleden: -
KES-gesprek dhr. Looijenstijn
-
PVE Kunstwerken in Kering
4
Planning
5
Agenda 1. Inleiding project 2. Aandachtspunten - waterparagraaf 3. Vergunningen 4. Bestemmingsplan 5. Openstaande wensen 6. WVTTK
6
2. Aandachtspunten Waterparagraaf 1. Watercompensatie/toename verharding 1. Grenswaarde per peilgebied? 2. Indicatie
7
2. Aandachtspunten Waterparagraaf 1. Watercompensatie/toename verharding 1. Grenswaarde per peilgebied? 2. Indicatie
8
2. Aandachtspunten Waterparagraaf 2. Doorstroming 1. Grenswaarden 2. Toelichten plaatje
9
2. Aandachtspunten Waterparagraaf 3. Werkzaamheden in kering 1. Waterveiligheid 1. Aantoning hiervan?
2. Verwerken in eisen uitvoering 1. PVE 2.Uitvoering
1. Faseringsplan 3.Verwijderen bestaande fundering 4.Tijdelijke damwanden, en oeverconstructie vervangen 1. Constructies dienen getrokken te worden - knelpunt
10
2. Aandachtspunten Waterparagraaf 4. Lozing en onttrekkingen a. Wellicht bij sloop oude brug 5. Waterkwaliteit
a. Lozing hemelwater
11
Agenda 1. Inleiding project 2. Aandachtspunten - waterparagraaf 3. Vergunningen 4. Bestemmingsplan 5. Openstaande wensen 6. WVTTK
12
3. Vergunningen - Inventarisatie
Vergunningen
Bevoegd gezag
Proceduretijd
Bezwaar- of beroepster mijn
Watervergunning Waterstaatwerken hoogheemraadschap
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.
8 weken.
6 weken.
Watervergunning toename verhard oppervlak Veiligheidshalve opgenomen
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.
8 weken.
6 weken.
Watervergunning/-melding lozen en/of onttrekken aan oppervlaktewater Veiligheidshalve opgenomen
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.
8 weken, melding: uiterlijk 6 weken voor lozing indienen.
6 weken melding: n.v.t.
Melding Blbi - lozing bemalingswater (kwalitatief) en lozing ten gevolge van sloop- of renovatiewerkzaamheden aan of nieuwbouw van vaste objecten (kwalitatief) Veiligheidshalve opgenomen
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.
Melding: uiterlijk 4 weken voor aanvang lozing indienen.
n.v.t.
- Proces - Aanvullende wensen?
13
Agenda 1. Inleiding project 2. Aandachtspunten - waterparagraaf 3. Vergunningen 4. Bestemmingsplan 5. Openstaande wensen 6. WVTTK
14
4. Bestemmingsplan - Bestaande bestemmingsplan zijn geen regels opgenomen - Willen jullie specifieke regels terugzien?
15
Agenda 1. Inleiding project 2. Aandachtspunten - waterparagraaf 3. Vergunningen 4. Bestemmingsplan 5. Openstaande wensen 6. WVTTK
16
Ga naar sheet
17
Agenda 1. Inleiding project 2. Aandachtspunten - waterparagraaf 3. Vergunningen 4. Bestemmingsplan 5. Openstaande wensen 6. WVTTK
18
www.witteveenbos.com
Agenda 1. Stand van zaken project 2. Klanteisen (KES)-proces 3. Status ontwerp 4. Opgehaalde wensen 5. Aanvullende thema’s ter bespreking 6. WVTTK
20
2. Klanteisen (KES)-proces - 2 gesprekken
21
2. Klanteisen (KES)-proces - Stoplichtmethode
22
Agenda 1. Stand van zaken project 2. Klanteisen (KES)-proces 3. Status ontwerp 4. Opgehaalde wensen 5. Aanvullende thema’s ter bespreking 6. WVTTK
23
3. Status ontwerp
24
Agenda 1. Stand van zaken project 2. Klanteisen (KES)-proces 3. Status ontwerp 4. Opgehaalde wensen 5. Aanvullende thema’s ter bespreking 6. WVTTK
25
26
Einde
27
VERSLAG
Klanteisengesprek Nieuwe Stolperbrug Stolperbasculebrug 119096 29 maart 2021 Teams 119096/21-005.081 ing S.G. Wetzels, A. Vellekoop Msc 29 maart 2021 I Presentatie II Verslag HHNK
Onderwerp Project Projectcode Verslagnummer Datum overleg Plaats Referentie Auteur(s) Datum verslag Bijlage(n)
Aanwezig
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier Witteveen+Bos
M. Dubbeld, T. Abels
Provincie Noord-Holland
A. de Bruyn
S. Wetzels, D. van den Heuvel, A. Vellekoop
Afwezig Kopie
1
INLEIDING
Op maandag 29 maart 2021 heeft het tweede klanteisengesprek tussen Waterschap HHNK en Witteveen+Bos plaatsgevonden over het project Stolperbasculebrug. De presentatie is opgenomen als bijlage I. Het eerste gesprek is gevoerd op 18 december 2020. Het verslag, inclusief latere aanpassingen is opgenomen als bijlage II.
2
OPGEHAALDE WENSEN
Tabel 2.1 Nieuwe wensen Nr.
Naam
Wens
HHNK-10
Afvoer brug
het water mag niet direct van de brug afgevoerd worden op het oppervlakte water. Het water dient via een bermpassage afgevoerd te worden
HHNK-11
Delen watertoets
HHNK ontvangt graag de 50 %, en 90 %, watertoets ter review. De 100 % watertoets deelt Witteveen+Bos
HHNK-12
Debiet doorstroming water
het afvoerdebiet van het Noord-Hollands kanaal moet ten alle tijden ten minste XX m3/uur zijn
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 | Postbus 233 | 7400 AE Deventer | +31 (0)570 69 79 11 | www.witteveenbos.com | KvK 38020751
Nr.
Naam
Wens Actie 04 - Mara: Aanleveren minimale debieten voor doorstroming tijdens de uitvoering. (en eventueel seizoensgebonden debieten)
HHNK-13
Brug erfontsluiting
de kleine brug van de erfontsluiting is geprojecteerd in een waterkering. Echter is deze waterkering vele malen hoger dan noodzakelijk
HHNK-14
PVR Egalementsloot
doorvaarthoogte van de brug over de Egalementsloot dient 1,10 m te zijn; De doorvaartbreedte van de brug over de Egalementsloot dient 2,50 m te zijn
HHNK-15
Halfverharding
Bij het berekenen van het aantal m2 verhard oppervlak tellen grasbetontegels als 50 %
HHNK-16
Compensatie directe afstroom
verhard oppervlak hoeft alleen gecompenseerd te worden indien meer dan 800 m2 versnelt afvoert op het watersysteem. Als de weg naar de berm afvoert de grond in is dit geen versnelde afvoer
HHNK-17
Tekening waterstromen
het is gewenst om een tekening te ontvangen met maaiveldhoogtes waaruit duidelijk wordt hoe het water van het verharde oppervlak afstroomt naar de omliggende omgeving incl. afstanden tot open water en hoogtegegevens
3
BESTAANDE WENSEN
Tabel 3.1 Aangevulde, reeds opgehaalde wensen Nr.
Naam
Wens
HHNK-02
Doorstroomprofiel
het minimale doorstroomprofiel is opgenomen in de legger van het HHNK en beschrijft: - een minimale bodembreedte van 22 m - een vastgestelde bodemhoogte van NAP-4.2 m; - een maximaal talud van 1:2. - dit leidt tot een minimaal benodigde waterbreedte van 36,8 m. - het benodigde doorstroomprofiel zou dan 108,8 m2 zijn. Echter is dat op locatie niet haalbaar het doorstroomprofiel is in de huidige situatie 98,5 m2 - eis is dat er geen vermindering van het doorstroomprofiel mag optreden - in het huidige ontwerp is het doorstroomoppervlakte circa 102 m2. Dit is een voldoende grootte oppervlakte - voor de uitvoering zie wens HHNK-12
4
ACTIES
Tabel 4.1 Acties Nr.
Actiehouder
Actie
Deadline
01
Amber
versturen 50 % watertoets naar HHNK
2 april 2021
02
Tino
delen stijghoogtes van de locatie
Afgerond
03
Daniel
gevoeligheid gebied voor zoute kwel door bollenboeren opnemen in de watertoets 90 %. (De kans van optreden is echter zeer klein)
90 % versie watertoets
04
Mara
aanleveren minimale debieten voor doorstroming tijdens de uitvoering. (en eventueel seizoensgebonden debieten)
9 april 2021
2|2
Witteveen+Bos | 119096/21-005.081
I BIJLAGE: PRESENTATIE
Witteveen+Bos | 119096/21-005.081 | Bijlage I
Klanteisengesprek Stolperbrug
HHNK
17-12-2020
Agenda 1. Inleiding 2. Watertoets 50 %-versie 3. Doorstroomprofiel 4. Status ontwerp 5. Watercompensatie 6. WVTTK
2
1. Inleiding Stolperbrug wordt vervangen door een ophaalbrug ten noorden van de bestaande -
-
Vorige gesprek
-
Watertoetsproces
-
Vergunningen
-
KES-gesprek
Stand van zaken ontwerp
3
1. Inleiding - acties Nr Wie 1 Tino Abels
2 Tino Abels
3 Tino Abels
4 Tino Abels 5 Tino Abels 6 Amber 7 Amber
Actie Uitvragen aan welke voorwaarden de watercompensatie dient te voldoen. Uitvragen of de brug ook meegerekend moet worden met het toename verhard oppervlak aangezien het water bijna direct afstroomt in het oppervlaktewater. Uitvragen of er voorwaarden van toepassing zijn aan het af te stromen water van de brug op het oppervlaktewater. Randvoorwaarden doorstroomprofiel bepalen tijdens de uitvoering. Het gemaal in Den Helder moet blijven werken. Leveren van dwarsprofielen dijken ter plaatse van project. Bespreken omleidingsroutes met vaarwegbeheerder. Inplannen vervolgoverleg.
Deadline Status
Toelichting
15-1-2021 Afgerond
Mail van Mara
15-1-2021 Afgerond
Mail van Mara
15-1-2021 Loopt
bespreken watertoets
15-1-2021 Afgerond
Actie Amber: vernieuwd verslag sturen
15-1-2021 Afgerond 15-1-2021 afgerond 15-1-2021 Afgerond
gemaild
4
Planning
5
Agenda 1. Inleiding 2. Watertoets 50 %-versie 3. Doorstroomprofiel 4. Status ontwerp 5. Watercompensatie 6. WVTTK
6
2. Watertoets 50 % Mv westzijde: NAP +0,10 tot +0,25 m Mv NO: NAP -0,10 tot +0,05 m Brugdek: NAP +4,90 m Geologie diffuus: afwisselend zand en klei
7
2. Watertoets 50 %
8
2. Watertoets 50 % Minimale dijkhoogte: NAP +0,10 tot 0,20 m Werkelijke dijkhoogte minstens NAP +1,0 m Uitgangspunt is waarborgen waterveiligheid, ook tijdens realisatie Het risico op piping, instabiliteit en kwel is zeer beperkt door gering peilverschil > palen trekken is toegestaan
9
Agenda 1. Inleiding 2. Watertoets 50 %-versie 3. Doorstroomprofiel 4. Status ontwerp 5. Watercompensatie 6. WVTTK
10
3. Doorstroomprofiel - Definitieve situatie - Uitvoeringsfase - Periodes in het jaar - pompcapaciteit
11
Agenda 1. Inleiding 2. Watertoets 50 %-versie 3. Doorstroomprofiel 4. Status ontwerp 5. Watercompensatie 6. WVTTK
12
4. Status ontwerp
13
4. Status ontwerp Perceelontsluiting en brug - Doorvaart h=1,0 m (cfr. bestaand) - Leggen 2019-2020 (sec. sloot)
14
Agenda 1. Inleiding 2. Watertoets 50 %-versie 3. Doorstroomprofiel 4. Status ontwerp 5. Watercompensatie 6. WVTTK
15
5. Watercompensatie Mogelijk verhardingstoename boven grenswaarde (800 m 2) ten oosten van de brug
16
Einde
17
www.witteveenbos.com
II BIJLAGE: VERSLAG HHNK
Witteveen+Bos | 119096/21-005.081 | Bijlage II
VERSLAG
Onderwerp Project Projectcode Verslagnummer Datum overleg Plaats Referentie Auteur(s) Datum verslag Bijlage(n)
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier Witteveen+Bos
Aanwezig
Provincie Noord-Holland
Afwezig
1
KES gesprek HHNK Stolperbasculebrug 119096 18 december 2020 Digitaal, Microsoft Teams 119096/21-001.579 A. Vellekoop Msc 29 januari 2021 I Presentatie Tino Abels Stijn Wetzels, Jalien Oegema, Daniël van den Heuvel, Amber Vellekoop André de Bruyn
INLEIDING
Op vrijdag 18 december 2020 is er een klanteisengesprek over het project Stolperbasculebrug gevoerd met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Het doel van het gesprek was de aandachtspunten van de watertoets te bespreken, in te zoomen op het vergunningstraject en bestemmingsplan, verduidelijking te krijgen over reeds opgehaalde wensen en nieuwe wensen op te halen. De heer Looijenstijn is vanuit het HHNK betrokken geweest in het voortraject van het project. Omdat de heer Looijenstijn uit dienst is bij het HHNK is Tino Abels het nieuwe aanspreekpunt.
2
NIEUWE KLANTWENSEN
Tabel 2.1 bevat de nieuwe opgehaalde klantwensen.
Tabel 2.1 Nieuwe klantwensen HHNK Nr.
Naam
Wens
Honoreringsadvies
1
Watercompensatie
De compensatie voor de toename van het verharde oppervlak dient in hetzelfde peilgebied te worden aangelegd.
Honoreren
2
Doorstroomprofiel
Het minimale doorstroomprofiel is opgenomen in de legger van het HHNK en beschrijft: een minimale bodembreedte van 22m;
Honoreren
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Hoogoorddreef 15 | Postbus 12205 | 1100 AE Amsterdam | +31 (0)20 312 55 55 | www.witteveenbos.com | KvK 38020751
Nr.
Naam
Wens -
Honoreringsadvies
een minimale waterdiepte vastgestelde bodemhoogte van NAP-4.2m; een maximaal talud van 1:2. Dit leidt tot een minimaal benodigde waterbreedte van 36,8m. Dit minimale doorstroomprofiel dient ten alle tijden (ook tijdens de uitvoering) behouden te worden.
3
Waterhoogte
Onderstaande waterstanden zijn van toepassing op het project: een streefpeil van NAP -0.5 m; maximale waterhoogte is NAP +0.0 m.
4
waterveiligheid, hoogte waterkering
Onderstaande minimale dijkhoogten zijn van toepassing: verharde dijk NAP +0.1 m; groene dijk NAP +0.2 m.
5
waterpeil omliggende peilgebieden
Het systeem dient de peilen van omliggende peilgebieden te handhaven: het peilgebied aan de westzijde van het kanaal heeft een peil van zomer/winter NAP-0.3/-0.7m; het peilgebied aan de oostzijde van het kanaal een peil zomer/winter NAP-0.55/-0.85m.
Honoreren
6
vergunningen
Voordat een vergunning wordt ingediend dient een vooroverleg plaats te vinden. Gebruik het PVE als input voor de vergunning.
Honoreren
7
levensduur
-
de waterkerende constructies dienen een levensduur te hebben van 100 jaar; de waterkerende grondconstructies dienen een levensduur te hebben van 50 jaar; de sterkte en hoogte dient als gevolg hiervan 50 jaar lang afdoende te zijn.
Honoreren
-
Honoreren
8
oeverconstructie, erosie
Indien er poelen worden aangelegd in de oeverconstructie dient erosie tegengegaan te worden.
Honoreren
9
aanplant bomen, dijk
De aanplant van bomen op de dijk is mogelijk indien de dijk over gedimensioneerd is.
Honoreren
3
REEDS OPGEHAALDE KLANTWENSEN
Tabel 3.1 bevat de wensen die vooraf aan het gesprek ter discussie stonden