07b Programmaverantwoording 2025
Tekst van het document
Specifiek is besloten de AEDdekkingsgraad in het buitengebied te verhogen door het plaatsen van vier extra AED’s op zorgvuldig geselecteerde locaties. Hiervoor zijn afspraken gemaakt over de exacte locaties en zijn voorbereidingen getroffen om de burgerhulpverlening te versterken, zodat de AED’s optimaal en effectief ingezet kunnen worden.
46
Terugdringen van gezondheidsachterstanden en stimuleren van een gezonde leefomgeving In 2023 is in Nederland het proces gestart rondom de brede specifieke uitkering (Brede SPUK). Deze uitkering is bedoeld voor het ontwikkelen van een samenhangende lokale aanpak op het gebied van gezondheidsbevordering, sport en bewegen, cultuurparticipatie en sociale basis, voor de periode 2023-2026. In 2025 is een bedrag van € 540.234,00 beschikbaar gesteld. Dit budget is onder andere ingezet voor de volgende activiteiten: Aanpak overgewicht en obesitas: In 2025 zijn de boekjes Max Vitaal opgemaakt. In het boekje Max Vitaal hebben we alle activiteiten op het gebied van sport, bewegen, cultuur en vitaliteit gebundeld – voor zowel volwassenen als senioren. Valpreventie en vitaliteit: Er zijn valpreventieve trainingen en diverse screenings georganiseerd, een vitaliteitsdag gehouden, de ketenaanpak doorontwikkeld en passend beweegaanbod voor ouderen gerealiseerd. Ook was er projectcoördinatie rond deze thema’s. Inzet van meedenkcoaches: Zij hebben trajecten begeleid die bijdragen aan de gezondheid en het welzijn van inwoners. Interactief toneelstuk 'Wat wil jij eigenlijk?': Gedurende het schooljaar verzorgde het Helder Theater dit toneelstuk op basisscholen, met voorlichting door de jongerenwerker.
Ouderavond ‘Pubers en Verleidingen’: In februari organiseerden we samen met het Munnikenheide College, Novadic Kentron en het Helder Theater een ouderavond waarin thema’s als alcohol, roken, vapen, drugs en opvoeduitdagingen werden besproken. Stevig Ouderschap: In 2025 zijn zeven trajecten van deze interventie ingekocht. Deze zijn gericht op kwetsbare zwangere en net bevallen ouders die een extra steuntje in de rug nodig hebben, met als doel hen te versterken en verdere opvoedondersteuning te voorkomen. Alle zeven trajecten zijn ingezet. Samenwerking met Stichting Babyspullen: In 2025 is een contract afgesloten met deze stichting, die startpakketten verstrekt met alle noodzakelijke spullen voor pasgeborenen aan inwoners die in armoede leven. In 2025 zijn zeven startpakketten uitgedeeld in onze gemeente. Daarnaast is in 2025 de inzet van buurtsportcoaches voortgezet. Deze coaches richten zich op het stimuleren van sport en bewegen onder alle inwoners van onze gemeente. Zij organiseerden zowel structurele als incidentele activiteiten voor diverse doelgroepen, waaronder jeugd, jongeren, senioren en mensen met een beperking (uniek sporten). Ook is via de verenigingsondersteuner ingezet op het versterken van sportverenigingen. Dit gebeurde onder andere door begeleiding te bieden om te voldoen aan een sociaal veilig sportklimaat.
Daarnaast werden aanvragen ingediend voor ondersteunende diensten, zoals opleidingen en bijscholing van trainers. Dit draagt bij aan sterke en toekomstbestendige sportverenigingen. 7.2 – Riolering Operationeel rioolbeheer Het operationeel rioolbeheer is uitgevoerd en bekostigd zoals gepland in het Gemeentelijk RioleringsProgramma (GRP 2023-2026). Investeringen riolering Er is in 2025 opnieuw ingezet op het meeliften op integrale projecten zoals reconstructies Noorderstraat, Seringenstraat, Tulpstraat en De Gagelrijzen. Bij deze projecten is naast rioolvervanging ook regenwater afgekoppeld vanwege klimaatadaptatie ter bestrijding van verdroging en wateroverlast. Hierbij is ingezet op participatie van inwoners bij het afkoppelen van regenwater bij zowel koop- als huurwoningen. Ook is de voorbereiding en opdrachtverstrekking voor reparatie van rioolstrengen (relining) met een totale lengte van 870 meter in Schijf, Rucphen en Sprundel in 2025 gedaan. Verder zijn diverse mechanische installaties zoals rioolgemalen en bergbezinkvoorzieningen gerenoveerd. Subsidie Voor klimaatadaptatie-projecten die in 2026 en 2027 gepland staan, is in samenwerking met ‘water- en klimaatkring De Baronie’ € 850.000,00 Rijkssubsidie toegekend in 2025.
De aanleg van retentie Rucphen-Noord die gepland stond en waarvoor in 2025 grond is aangekocht, is vanwege deze subsidie uitgevoerd in en doorgeschoven naar 2026. Er mag niet begonnen worden voordat de subsidie verstrekt is.
47
Individuele Behandelinstallaties voor Afvalwater (IBA’s) Voor wat betreft renovatie van IBA’s is er nieuw Europees beleid. Pas nadat deze ‘EU-richtlijn afvalwater’ is geïmplementeerd in Nederland, zal de uitvoering van de renovatie van IBA’s concreet opgepakt worden. Dit om te voorkomen dat we investeringen doen zonder er zeker van te zijn dat de systemen voldoen aan de nieuwe EU-richtlijn. We stellen voor het krediet voor IBA-renovatie over te brengen naar 2026. Overigens wordt er binnen ‘waterkring De Baronie’ in regionaal verband gewerkt aan een toekomststrategie voor riolering in het buitengebied, waarbij ‘waterschap Brabantse Delta’ een belangrijke partner voor ons is in deze. De meeste IBA’s lozen namelijk effluent (uitstromend water) op oppervlaktewater. 7.3 – Afval Afvalinzameling en bewustwording De reguliere afvalinzameling heeft zonder bijzonderheden plaatsgevonden door Saver. De bewaking hiervan vindt plaats via ambtelijke en bestuurlijke overleggen met Saver. Naar aanleiding van de aangenomen motie ‘Onderzoek plasticinzameling’ is in samenwerking met Saver een onderzoek gestart naar welke mogelijkheden er zijn voor het invoeren of uitbreiden van het gebruik van containers voor plastic verpakkingsafval. De resultaten zullen in het eerste kwartaal 2026 beschikbaar zijn. We hebben specifiek aandacht besteed aan het foutief en/of te vroeg aanbieden van afval.
Via onze social mediakanalen en de Bode is hiervoor gerichte communicatie ingezet. Deze gerichte voorlichting is ingezet om zwerfafval terug te dringen, de overlast van ongedierte te verminderen en het straatbeeld te verbeteren. Het afvalproject ‘Rucphen Schoon’, waaraan onze basisschoolleerlingen en de leerlingen van het Munnikenheide College deelnemen, is succesvol uitgevoerd. Het project richt zich op bewustwording van de leerlingen onder het motto “Afval is grondstof en geen zwerfvuil” en omvat gastlessen en workshops voor de leerlingen. Afvalstoffenheffing Voor een overzicht van de afvalstoffenheffing verwijzen wij u naar de paragraaf lokale heffingen. 7.4 – Milieubeheer Energie- en klimaatneutraal Rucphen Rucphen wil energie- en klimaatneutraal worden. We volgen daarin het landelijk tempo. Een belangrijke pijler hierin is het aardgasvrij en CO2-neutraal maken van de gemeente. Dit gaat stapsgewijs, door eerst te sturen op gedragsverandering en kleine energiebesparende maatregelen. Daarna volgt isolatie en intussen bereiden we ons voor op aardgasvrije warmte-oplossingen op basis van het verplichte Warmteprogramma. Ondersteunend aan deze vraagstukken zijn het anticiperen op netcongestie en (ontzorgen van bewoners bij) soortenbescherming. Aanpak Energiearmoede Kleine energiebesparende maatregelen Voor de aanpak van energiearmoede hebben we gewerkt met energie-fixteams.
Er zijn adviseurs aan huis gekomen die kleine energiebesparende maatregelen toepasten bij woningen met een laag energielabel en hoog energiegebruik. In totaal zijn 410 huisbezoeken voltooid waarbij adviezen werden gegeven en maatregelen werden uitgevoerd. Witgoedregeling De uitvoering van de witgoedregeling is slechts deels gerealiseerd door het faillissement van GroupCard. Het onderzoek naar de voortzetting loopt nog. RPE (voorheen RES 2.0) Het Regionaal Plan Energiesysteem West-Brabant: Energie in Balans (RPE) is een gezamenlijk plan van gemeenten en partners om vraag en aanbod van duurzame energie (zoals zon, wind, warmte, groen gas en waterstof) beter op elkaar af te stemmen, zodat inwoners kunnen rekenen op een betrouwbaar, betaalbaar en toekomstbestendig energiesysteem in hun eigen gemeente. Dit plan is in het tweede kwartaal van 2025 door uw raad vastgesteld. Warmteprogramma Het verplichte Warmteprogramma is in het tweede kwartaal van 2025 aanbesteed. Het betreft een gezamenlijke aanbesteding met de gemeenten Halderberge en Etten-Leur. Het onderzoek is in het derde kwartaal van 2025 gestart.
48
Energiehub Nijverhei Een energiehub is een lokaal samenwerkingsverband waarin bedrijven en soms ook publieke partijen op bijvoorbeeld een bedrijventerrein gezamenlijk hun opwek, opslag en verbruik van energie afstemmen om het elektriciteitsnet efficiënter te gebruiken, waardoor inwoners profiteren van een stabieler stroomnet, minder netcongestie en meer ruimte voor duurzame energie in hun gemeente. In 2025 zijn verkennende gesprekken gevoerd met ondernemers om een energietafel op te richten, die moet uitmonden in een energiehub. De ondernemers waar gesprekken mee zijn gevoerd, hebben aangegeven positief tegenover deelname te staan, waardoor het project gecontinueerd wordt. Nationaal Isolatieprogramma en Soortenmanagementplan Het doel van het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) is het isoleren van 2,5 miljoen (slecht geïsoleerde) woningen tot en met het jaar 2030. Ook wij hebben hiervoor een Specifieke Uitkering (SPUK) Lokale Aanpak Isolatie ontvangen om een eigen isolatieprogramma op te zetten en onze inwoners ondersteuning te bieden bij het verduurzamen van hun woning. Begin 2025 hebben we verkend hoe we de aanpak voor woningisolatie wilden organiseren. In eerste instantie is met meerdere gemeenten ingezet op een Meerjarige Collectieve Ontzorgingsaanpak (MCO) dat gemeenten helpt particuliere woningen grootschalig te verduurzamen.
Gedurende het traject is gebleken dat deze aanpak onvoldoende aansloot bij ons profiel en lokale context. Daarom is gekozen voor een regionale isolatieaanpak op maat, met gezamenlijke programmaorganisatie en thema’s. Samen met gemeente Steenbergen en Halderberge onderzoeken hoe we deze aanbesteding vorm kunnen geven. Voor bijna iedere vorm van woningisolatie moet een ecologisch onderzoek worden uitgevoerd. Om tijd en geld te besparen doen we dit onderzoek niet voor iedere woning afzonderlijk, maar gebiedsgericht via een Soortenmanagementplan (SMP). Op basis van het SMP kan vervolgens een generieke gebiedsontheffing worden verleend. In het vierde kwartaal van 2025 is de opdracht gegund. Het onderzoek is in december 2025 van start gegaan. Dierplaagbestrijding Rattenbestrijding De eerste helft van 2025 is de rattenbestrijding door een commercieel bedrijf uitgevoerd, ten opzichte van voorgaande jaren had dit een ongewenste stijging van ingezette uren en daarmee kosten tot gevolg. Dit heeft geleid tot een overschrijding van het budget. Door de regie terug in eigen hand te nemen is er weer grip op de uitgaven. Onze bestrijding richt zich op het openbare gebied. Inwoners zijn zelf verantwoordelijk voor de bestrijding op eigen terrein. Meldingen geven hierbij zicht op waar bestrijding nodig is zodat we indien mogelijk samen op kunnen trekken.
De communicatie naar de inwoners is hierop aangepast. Bestrijding eikenprocessierups Preventieve bestrijding in het voorjaar heeft geresulteerd in slechts enkele meldingen van overlast door de eikenprocessierups. Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant Voor de werkzaamheden die de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (verder: OMWB) voor onze gemeente uitvoert wordt jaarlijks een werkprogramma opgesteld dat door het college wordt vastgesteld. Deze werkzaamheden bestaan uit (milieu)taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht, handhaving, klachten en advisering. Onze bijdrage aan de OMWB in 2025 bedroeg € 544.939,00. 7.5 - Begraafplaatsen en crematoria De gemeentelijke begraafplaatsen aan de Kaaistraat te St. Willebrord en de Kerkstraat te Rucphen geven invulling aan de verplichting van de gemeente om een algemene begraafplaats te hebben. Beide begraafplaatsen bieden nog voldoende ruimte qua graven en urnenplaatsen. Beheer en onderhoud van de begraafplaatsen heeft op de vastgestelde wijze plaatsgevonden.
49
Beleidsindicatoren
Percentage bekende hernieuwbare elektriciteit percentage 35,0
32,5
30,0 24,9
25,0
22,1 19,1
20,0
16,8
15,0
12,8 10,3
10,0
6,8
5,0 0,0 2019
2020
2021
Rucphen
2022
Nederland bron : berekening | 2019 - 2022
*Percentage bekende hernieuwbare elektriciteit: Het percentage opgewekte elektriciteit uit hernieuwbare bronnen (wind, zon, biomassa).
Omvang huishoudelijk restafval kg per inwoner 170 164
165 160
153
155 150
148
148 144
145
148 145
144
140 135 130 2021
2022
2023
Rucphen
2024
Nederland bron : CBS - Huishoudelijke afval 2021 - 2024
*Omvang huishoudelijk restafval: Het aantal kilogram niet gescheiden ingezameld huishoudelijk afval.
50
Programma 8: Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Beoogd maatschappelijk effect Het is goed wonen in Rucphen; aantrekkelijk en leefbaar. Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Afspraken uit het hoofdlijnenakkoord Bevorderen lokale binding We zetten in op een aantrekkelijk en gevarieerd woningaanbod. We gaan de komende periode nadenken voor wie, wat en waar we willen bouwen. We willen inwoners graag de mogelijkheid bieden om in de gemeente Rucphen te blijven wonen of er naar terug te keren. Hiervoor creëren we voldoende mogelijkheden. Hierbij actualiseren we de Woonvisie. Hierbij nemen we de regie. Optimaliseren dorpskernen De kernen vormen het kloppend hart van de dorpen. We verkennen de mogelijkheden voor het optimaliseren ervan. Huisvesten arbeidsmigranten en statushouders Arbeidsmigranten zijn niet meer weg te denken bij onze bedrijven en zijn nodig voor de economie. We zetten in op goede huisvesting voor deze doelgroep op de daarvoor meest geschikte locaties. Hiervoor trekken we samen op met gemeenten in de regio. Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld
Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Wonen en bouwen
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
TOTAAL
Prim. Beg. 2025
Begr. na wijz. 2025
Rekening 2025
780.299 -244.542 2.223.731 -2.127.368 1.618.578 -562.557
1.072.113 -405.602 2.912.409 -2.899.944 2.349.717 -919.257
1.508.812 -414.646 1.151.452 -819.311 1.491.225 -535.132
1.688.141
2.109.436
2.382.400
De taakvelden 8.1 - Ruimte en leefomgeving Implementatie Omgevingswet In 2025 stond de implementatie van de Omgevingswet vooral in het teken van doorontwikkeling. Processen zijn geëvalueerd en gefinetuned. Een belangrijke mijlpaal was de vaststelling van de Omgevingsvisie 2.0 door uw raad op 24 september 2025, waarmee we onze koers voor de toekomst hebben bepaald. Daarnaast zijn substantiële stappen gezet in de programma’s (o.a. het volkshuisvestings- en warmteprogramma), en is een partner geselecteerd voor het eerste deelproject Omgevingsplan. Met deze stappen zetten wij ons in om onder de Omgevingswet onze integraliteit te bevorderen en de transitie naar de “Ja, mits”-houding verder vorm te geven. Eind 2025 is een inventarisatie uitgevoerd van al het beleid en de verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving moeten op termijn worden opgenomen in het gemeentelijke Omgevingsplan. In 2026 wordt beoordeeld of dit beleid en deze verordeningen nog actueel zijn, moeten worden geactualiseerd of (gedeeltelijk) kunnen worden ingetrokken. Daarnaast zijn in 2025 een geospecialist en een regelanalist/regisseur aangesteld. Deze functies zijn noodzakelijk voor de totstandkoming van één integraal Omgevingsplan voor de gehele gemeente en voor het toekomstige beheer en onderhoud daarvan.
51
Sinds 2025 nemen wij deel aan het regionale samenwerkingsverband SPRONG9 .SPRONG wordt ondersteund door de VNG10 en biedt een ontwikkelaanpak om de transitie naar het gemeentelijke omgevingsplan te kunnen versnellen door kennis en capaciteit regionaal te bundelen en te benutten. Beleid teeltondersteunende voorzieningen (TOV) De agrarische sector in Rucphen heeft in toenemende mate behoefte aan ruimte voor permanente teeltondersteunende voorzieningen (TOV’s). De Provincie biedt hiervoor ruimte in de Omgevingsverordening, mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Een van deze voorwaarden is dat ontwikkelingen passen binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. Om te kunnen voldoen aan de provinciale regels en om duidelijkheid te bieden aan agrarische ondernemers, is in 2025 het TOV-beleid opgesteld en als ontwerp ter inzage gelegd. Na beoordeling en verwerking van de zienswijzen is het TOV-beleid aan uw raad ter vaststelling aangeboden voor de vergadering van 11 maart 2026. Het TOV-beleid is gekoppeld aan het Landschapsontwikkelingsperspectief ‘Daarbuiten’ (LOP) (taakveld 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie). Beide beleidsdocumenten zijn in samenhang met elkaar opgesteld en vormen gezamenlijk de ontwikkelingsrichting. Stedelijke Regio West-Brabant (SRWB) In 2025 is de structuur van de samenwerking tot stand gekomen.
Ook is de samenwerkingsovereenkomst getekend en zijn zowel ambtelijk als bestuurlijk overleggen geweest om de koers uit te zetten. Zo is in samenwerking met de Provincie gewerkt aan de Dorpenstrategie. Dit is een toolbox voor de gemeente om te gebruiken bij het streven naar het behoud van vitale dorpskernen. Ook is een bijdrage geleverd in het kader van de Nationale Omgevingsvisie Executiekracht (NOVEX). Beleid, planvorming en vergunningen 2025 In 2025 zijn, net als in 2024, aanvragen en plannen behandeld onder zowel de oude wetgeving (Wabo en Wro) als onder de nieuwe Omgevingswet. Hieronder volgt een overzicht van de verleende vergunningen en de voortgang van planprocedures. Ruimtelijke planvorming en ontwikkelingsrichtingen Wro afgerond: In 2025 zijn nog twee ruimtelijke plannen vastgesteld op basis van de oude wet- en regelgeving. Dit betreft het bestemmingsplan Nijverhei 2009, uitbreiding Nijverhei 2022 en het wijzigingsplan Buitengebied Rucphen 2020, wijziging Turfstraat 22 te Sprundel. Wro lopend: Twee ruimtelijke plannen zijn onder de oude wet- en regelgeving ingediend, maar kunnen pas in behandeling worden genomen nadat het beleid inzake teeltondersteunende voorzieningen (TOV-beleid) en het Landschapsontwikkelingsperspectief (LOP) zijn vastgesteld. Dit betreft de wijzigingsplannen voor de Waterstraat en de Schijfsebaan.
Omgevingsplan (TAM) afgerond: Op basis van de Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM) is in 2025 het TAM-omgevingsplan voor de woningbouwontwikkeling Vissenberg III vastgesteld. Omgevingsplan (TAM) lopend: In 2025 zijn zeven TAM-omgevingsplannen in procedure gebracht. Het betreft de plannen Heesterbosstraat 4 te Zegge, Omgangsstraat naast nr. 2 te Sprundel, Groenstraat 3A te Sprundel, Fazantendonk te St. Willebrord, Maria Goretti te St. Willebrord, Rucphense Vaartkant 11-13 te Rucphen en Helakkerstraat 22-48 te Rucphen. Wijziging omgevingsplan lopend: In 2025 is gestart met de voorbereiding van omgevingsplanwijzigingen voor de woningbouwontwikkelingen De Leijvelden en de Krommestraat. Dit zijn de eerste plannen die volledig aan de vereisten van de Omgevingswet moeten voldoen. Ontwikkelingsrichtingen: De voorbereiding voor het opstellen van ontwikkelingsrichtingen voor de kern Schijf en de gebieden Schijf-Noord, Schijf-Zuid, de Omgangstraat en Rucphen-Oost is gestart. Het opstellen van deze ontwikkelingsrichtingen is op grond van de provinciale omgevingsverordening een vereiste om nieuwe ontwikkelingen in deze gebieden mogelijk te maken.
9
SPRONG: Samen bouwen met Partners in Regio's aan Omgevingsplannen van Noord-Brabantse Gemeenten Vereniging Nederlandse Gemeenten
10
52
Conceptaanvragen (principeverzoeken) In 2025 zijn in totaal 142 conceptaanvragen in behandeling genomen en/of afgehandeld. Vergunningverlening Wabo: In totaal zijn vier omgevingsvergunningen verleend. Omgevingswet: Er zijn 164 omgevingsvergunningen verleend, waarvan 58 voor een omgevingsplanactiviteit (OPA) en 106 voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Beroepsprocedures Tegen de vaststelling van de ruimtelijke plannen Vissenberg III, Achtmaalsebaan naast 26, Buitengebied Rucphen 2020, wijziging Turfstraat 22 te Sprundel en Nijverhei 2009, uitbreiding Nijverhei 2022 is door belanghebbenden beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. 8.2 - Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Schijf Noord De planvorming voor Schijf Noord is medio 2025 opgestart. In 2026 vindt de verdere uitwerking plaats van het stedenbouwkundig plan en de bijbehorende concept-grondexploitatie. Locatie Maria Goretti Ter plaatse van de huidige basisschool Maria Goretti is de bouw van een appartementengebouw met maximaal 19 koopappartementen voorzien. Voor deze ontwikkeling is eind 2025 de procedure tot wijziging van het omgevingsplan gestart. De vaststelling van dit plan alsmede van de grondexploitatie vindt medio 2026 plaats. Aansluitend vindt de gronduitgifte plaats.
Fazantendonk – Vosdonkseweg Voor de beoogde ontwikkeling van 15 koopwoningen is eind 2025 de procedure tot wijziging van het omgevingsplan gestart. Medio 2026 is de vaststelling van dit plan alsmede de grondexploitatie voorzien, waarna aansluitend de gronduitgifte zal plaatsen. Kaaistraat ong. naast Eekhoornhof De voorbereiding voor het in ontwikkeling brengen van deze gronden is eind 2025 gestart. Rucphense Vaartkant Eind 2025 is de procedure tot wijziging van het omgevingsplan gestart dat voorziet in de bouw van appartementengebouw met 11 wooneenheden. De vaststelling hiervan alsmede van de bijbehorende grondexploitatie is medio 2026 voorzien. Aansluitend vindt de gronduitgifte plaats. Snippergroen In 2025 is er incidenteel snippergroen verkocht. Een grootschalige aanpak op basis van een plan van aanpak is niet doorgezet aangezien dit een enorm tijdsbeslag legt op de organisatie en ten koste gaat van de aan- en verkoop van andere percelen en de uitvoering van het beleid op het gebied van vooral grondzaken, groen en wegen. de Vijfsprong De procedure om te komen tot verkoop van de Vijfsprong heeft niet het gewenste resultaat opgeleverd. Daarnaast is Sporthei 5 aangekocht waardoor er meerdere mogelijkheden voor de ontwikkeling in dit gebied zijn ontstaan, waarbij wij zelf de regie willen houden.
De verkoopprocedure is daarom vroegtijdig afgebroken en is er besloten om tot sloop van de Vijfsprong over te gaan. Op 8 oktober 2025 bent u hierover door middel van een raadsbrief geïnformeerd. 8.3 - Wonen en bouwen Volkshuisvestingsprogramma Op 24 september 2025 heeft uw raad besloten het Volkshuisvestingsprogramma vast te stellen en op 1 oktober 2025 in werking te laten treden. Het programma vervangt de woonvisie en loopt tot 2030. Het volkshuisvestingsprogramma draagt bij aan het realiseren van voldoende, betaalbare en passende woningen voor onze inwoners. Hiermee wordt ingezet op het vergroten van de beschikbaarheid van sociale huur- en midden-huurwoningen, het bevorderen van doorstroming op de woningmarkt en het beheersbaar houden van woonlasten.
53
Met het volkshuisvestingsprogramma sturen we op de toevoeging van de juiste woningen in onze gemeente. We bouwen minimaal 700 woningen tot 2040, waarvan de helft geschikt is voor ouderen. Ouderen die willen verhuizen moeten kunnen doorstromen naar een geschikte woning. De andere helft van de nieuwbouwwoningen is betaalbaar voor starters. Zo komt de markt weer in beweging. We bouwen twee derde van de woningen betaalbaar. Hierbij hebben we oog voor kwaliteit en nieuwe woonvormen. Startersleningen Met de starterslening maken we koopwoningen beter toegankelijk voor starters. Dit is één van de doelen uit het volkshuisvestingsprogramma. De lening overbrugt het verschil tussen de aankoopprijs van de eerste eigen woning en de maximale hypotheek. In 2025 zijn 23 startersleningen aangevraagd en toegewezen. In de zomer van 2025 werd de laatste van drie tranches van € 300.000,00 verstrekt aan SVn (Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten) voor het toekennen van startersleningen. Uw raad heeft in de vergadering van 4 november 2025 een krediet van € 900.000,00 beschikbaar gesteld om het fonds te verruimen. Woningbouwontwikkelingen In 2025 zijn diverse projecten planologisch afgerond of in procedure gebracht, waaronder de pastorie in Schijf, Vissenberg fase III Sprundel, Sint Janstraat 64, 64a en 66 Sprundel (Rozenquartier), De Vennen St.
Willebrord, Rucphense Vaartkant Rucphen(middengebied), Fazantendonk St. Willebrord, Maria Goretti St. Willebrord, Dorpsstraat 113 St. Willebrord, Krommestraat St. Willebrord, Pastoor Palsstraat 4 St. Willebrord en Hoefstraat West Zegge. Daarnaast hebben we een prioritering van woningbouwprojecten tot 2030 opgesteld. We werkten verder projectmatig aan De Leijvelden, Schijf-Noord en Schijf-Zuid. In 2025 zijn in totaal 8011 woningen gerealiseerd. Dit is in lijn met het volkshuisvestingsprogramma. De verwachting is dat we ook de komende jaren gemiddeld ongeveer 80-100 woningen per jaar opleveren. Statushouders Vanwege het tekort aan sociale huurwoningen heeft onze gemeente moeite om te voldoen aan de wettelijke taakstelling huisvesting statushouders die het Rijk jaarlijks voor elke gemeente vaststelt. De taakstelling van de eerste helft (20 personen) en tweede helft (17 personen) is wel behaald. Over heel 2025 is de achterstand ingelopen van 33 naar 21 personen. Prémantelzorgwoningen In mei 2025 is de nieuwe beleidsregel prémantelzorgwoningen in werking getreden. Hiermee faciliteren we dat senioren al in een mantelzorgwoning mogen wonen voordat er intensieve zorg nodig is. Dit helpt hen om op tijd door te stromen naar een geschikte woning. In 2025 zijn vier vergunningen verleend voor prémantelzorgwoningen.
Woonwagencentrum Helakkerstraat We werken samen met Thuisvester aan een uitwerking, calculatie en kostenverdeling van de renovatiewerkzaamheden, bedoeld om de woonwagenlocatie toekomstbestendig te maken. Thuisvester is beheerder en projectleider. De werkzaamheden hebben in 2025 vertraging opgelopen vanwege personeelstekort bij Thuisvester en de juridische basis; de grond is van ons, maar de standplaatsen zijn van Thuisvester. De voorbereidingen zijn nu verder in gang gezet om in 2026 met de werkzaamheden te starten. In het verleden is de functie van de locatie, met het oog op sluiting van het woonwagencentrum, omgezet naar bedrijven. In 2025 is een TAM-IMRO plan opgesteld om de functie van de locatie te wijzigen naar wonen. Het plan is eind 2025 ter inzage gelegd.
11
9 woningen in Rucphen, 20 woningen in Schijf en 51 woningen in St. Willebrord
54
Beleidsindicatoren
Gemiddelde WOZ waarde woningen x € 1.000 450 400 350
378
370
368
352
401
398
317
315
300 250 200 150 100 50 0 2022
2023
2024
Rucphen
2025
Nederland bron : CBS - WOZ | 2020 - 2024
Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishouden euro 1200 1000 800
789
823
957
928
860
838
817
780
600 400 200 0 2022
2023
2024
Rucphen
2025
Nederland bron: COELO, Atlas lokale lasten | 2022 - 2025
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden euro 1200 1050
1014 1000
867
905
942
894
852
918
800 600 400 200 0 2022
2023
2024
Rucphen
2025
Nederland bron: COELO, Atlas lokale lasten | 2022 - 2025
*Woonlasten: Het gemiddelde totaalbedrag per jaar dat een één- of meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten (onroerendezaakbelastingen, rioolheffing en afvalstoffenheffing).
55
Demografische druk percentage 72,7
73,0 72,0
71,3
71,0
70,3
70,1
70,7
70,4
70,3
70,0 69,1 69,0 68,0 67,0 2022
2023
2024
Rucphen
2025
Nederland bron : CBS | 2022 - 2025
*Demografische druk: De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar. Dit cijfer geeft inzicht in de verhouding van het niet-werkende deel van de bevolking tot het werkende deel van de bevolking.
Nieuw gebouwde woningen per 1.000 woningen 30,0
26,5
25,0 20,0 15,0 8,9
10,0 5,0
9,3
7,7
9,1
3,5
8,4
2,1
0,0 2021
2022
2023
Rucphen
2024
Nederland bron : BAG/ABF | 2021 - 2024
56
Overzicht van de algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen zijn inkomsten van een gemeente waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald. Deze inkomsten zijn in principe vrij aanwendbaar: uw raad bepaalt voor welk doel ze worden ingezet.
Overzicht algemene dekkingsmiddelen In onderstaande tabel zijn de baten en lasten van de verschillende algemene dekkingsmiddelen verantwoord. Hierna lichten wij de opbrengsten per onderdeel toe.
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
Lokale heffingen Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds Treasury Overige baten en lasten TOTAAL
Prim. Beg. 2025
Begr. na wijz. 2025
Rekening 2025
396.700 -4.302.911
393.227 -4.358.586
401.483 -4.403.414
-53.641.050 666.719 -705.947 154.260 -332.872
-57.501.788 759.385 -764.779 1.177.757
-57.559.654 785.648 -786.199
-57.765.101
-60.294.784
-61.570.836
-8.700
Lokale heffingen Lokale heffingen zijn de opbrengsten uit rechten (retributies) en de eigen belastingen. Onder de algemene dekkingsmiddelen verstaan we alleen de baten uit de eigen belastingen. Dit zijn de onroerende zaakbelastingen, toeristenbelasting en forensenbelasting. Belastingopbrengsten uit rechten, zoals rioolheffing en afvalstoffenheffing, zijn kostendekkend en daarmee niet vrij besteedbaar. Voor het opleggen en innen van de eigen belastingen betalen we een bijdrage aan de Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB). Deze bijdrage zien we terug aan de lastenkant. Een nadere toelichting over de inkomsten en kostendekking vindt u terug in paragraaf 5.1 ‘Lokale heffingen’.
Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds De algemene uitkering is één van de uitkeringen die gemeenten van het Rijk ontvangen. Dat gebeurt via het Gemeentefonds. We kunnen, met inachtneming van wet- en regelgeving, zelf bepalen of wij de uitkering uitgeven aan taken die het Rijk opdraagt of aan eigen beleid. We hoeven aan het Rijk geen verantwoording af te leggen over de besteding van de algemene uitkering; we verantwoorden de besteding aan uw raad. Algemene uitkering 2025 Aan de hand van de decembercirculaire 2025 van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is de uitkering uit het Gemeentefonds voor het jaar 2025 berekend op € 49.576.820,12. In onderstaand overzicht is de ontwikkeling van de algemene uitkering op de verschillende rapportagemomenten weergegeven. Algemene uitkering van het gemeentefonds 2025 Begroting
Rekening
Verschil
Begroting 2025
46.780.468
1e bestuursrapportage 2025
46.780.468
0
2e bestuursrapportage 2025
49.581.802
2.801.334
Financiële slotwijziging 2025
49.582.031
229
Jaarrekening 2025
49.576.820
(Bedragen excl. afrekening oude jaren, integratie- en decentralisatie-uitkeringen, maar wel incl. taakmutaties).
57
-5.211
Algemene uitkering oude jaren In het dienstjaar 2025 hebben er nog verrekeningen plaatsgevonden met betrekking tot de jaren 2023 en 2024 welke per saldo hebben geleid tot een ontvangst van € 432.831,16. Totaal algemene uitkering Het totale bedrag dat in 2025 wordt verantwoord op het taakveld ‘algemene uitkering’ bedraagt € 57.559.654,28. Voor 2025 was een bedrag begroot van € 53.641.050,00, waardoor per saldo een bedrag van € 3.918.604,28 meer ontvangen is in 2025. In onderstaande tabel is per onderdeel het geraamde en het werkelijke bedrag opgenomen. Totaal algemene uitkering 2025 Omschrijving
Begroting
Begroting na wijziging
Rekening
1
Algemene uitkering uit het gemeentefonds 2024
46.780.468
49.582.031
49.576.820
2
Alg. uitkering uit het gemeentefonds 2024 oude jaren
411.482
432.831
3
Integratie-uitkering Sociaal domein
6.515.345
6.898.646
6.898.645
Decentralisatie-uitkeringen: 4
Voorschoolse voorziening peuters
33.953
34.902
34.902
5
VTH provinciale taken
46.697
46.697
46.697
6
Armoedebestrijding kinderen
87.191
87.191
87.191
7
Openbare Bibliotheken
100.000
100.000
100.000
8
Extra capaciteit BOA's
32.635
32.635
32.635
9
Jeugdhulp kinderen in een AZC
2.244
21.294
21.294
10 Veilig wonen
7.062
7.062
7.062
11 Wet Kwaliteitsborging Bouwen (Wkb)
14.258
14.258
14.258
928
928
13 Spreidingswet
31.104
31.104
14 natuurbrandpreventie en -mitigatie
20.000
25.625
15 Uitvoeringskosten Omgevingswet
138.544
138.544
12 Einde lening inburgeringsplichtig
16 Meerkosten Oekraïne sociaal domein
8.711
17 Antidiscriminatie voorzieningen
3.333
3.333
18 Landelijke aanpak adreskwaliteit
3.227
3.227
19 Versterking omgevingsveiligheidsdiensten
5.131
5.131
20 Register externe veiligheidsrisico 21 Wet betaalbare huur
21.197
22 Alleenverdienersproblematiek
2.485
2.485
21.197
21.730
39.641
39.641
23 Ondersteuning lokale energiehulp
13.556
24 Implementatie Plateau 2
13.304
TOTAAL
53.641.050 57.501.788
57.559.654
Het verschil tussen ‘Begroting na wijziging’ en ‘Rekening’ bedraagt € 57.866,28. Dit wordt met name veroorzaakt door de mutaties uit de decembercirculaire 2025. Hieronder wordt voor de onderdelen met een verschil een toelichting gegeven. Ontwikkelingen n.a.v. de decembercirculaire 2024 Zoals gebruikelijk bevat de decembercirculaire geen nieuwe accresramingen voor het lopende dienstjaar. In de decembercirculaire is wel de omvang van de algemene uitkering voor 2025 gewijzigd. Dit wordt veroorzaakt door diverse taakmutaties die zijn toegevoegd. Gemeenten zijn vrij om deze middelen in de begroting op te nemen voor het uitvoeren van de taken waaraan ze volgens de circulaire aan gelabeld zijn of mogen deze middelen vrij besteden. De middelen zijn namelijk niet geoormerkt. Taakmutatie Wet Versterking regie volkshuisvesting Met de inwerkingtreding van het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting ontstaan extra werkzaamheden voor de medeoverheden. Artikel 2 van de Gemeentefondswet schrijft voor dat bij wetswijzigingen die extra taken of werkzaamheden voor gemeenten met zich meebrengen, moet worden vastgesteld wat de financiële impact daarvan is. Dit onderzoek brengt in kaart welke incidentele en structurele
58
uitvoeringslasten gemeenten hierdoor krijgen. Op basis van dit onderzoek wordt vervolgens bepaald of en hoe deze extra lasten worden gecompenseerd via het gemeentefonds. In het betreffende artikel 2 onderzoek is vastgesteld dat de extra werkzaamheden financiële gevolgen hebben voor gemeenten in de vorm van incidentele en structurele uitvoeringslasten. Ter compensatie van de geïdentificeerde incidentele uitvoeringslasten is landelijk € 48,8 miljoen aan de algemene uitkering toegevoegd. Een bedrag van € 20.000,00 wordt via de resultaatbestemming 2025 overgebracht naar 2026, waardoor dit bedrag door middel van de 1e bestuursrapportage 2026 als stelpost wordt opgenomen. Taakmutatie Kinderopvang pleegouders Bij de Voorjaarsnota 2025 is door het rijk extra geld beschikbaar gesteld als bijdrage voor de kosten die pleegouders maken voor kinderopvang en buitenschoolse opvang van hun pleegkinderen. Pleegouders betalen nu een eigen bijdrage in de kosten van kinderopvang en buitenschoolse opvang; dit zijn kosten die overblijven na het ontvangen van de eventuele kinderopvangtoeslag. In 2025 wordt eenmalig € 10,7 miljoen toegevoegd aan het gemeentefonds. Gemeenten en pleegzorgaanbieders gaan afspraken met elkaar maken hoe pleegouders aanspraak kunnen maken op deze bijdrage. Wij ontvangen hiervoor een bedrag van € 12.978,00.
De middelen worden via de resultaatbestemming 2025 overgebracht naar 2026, waar ze door middel van de 1e bestuursrapportage 2026 als stelpost worden opgenomen. Decentralisatie-uitkeringen decembercirculaire 2025 De decembercirculaire bevat een aantal nieuwe of geactualiseerde decentralisatie uitkeringen met betrekking tot 2025. Decentralisatie-uitkering Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp Deze decentralisatie-uitkering stelt gemeenten in staat de lokale hulp voor huishoudens met een hoge energierekening en laag inkomen te intensiveren. Veel gemeenten hebben met middelen uit de Specifieke Uitkering (SPUK) Energiearmoede al een lokale aanpak ontwikkeld. Uit een halfjaarlijkse monitor van de Nederlandse Organisatie voor toegepast natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO) blijkt dat gemeenten niet altijd de doelgroep goed bereiken. Om hierbij te ondersteunen, hebben het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), het Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE) en de VNG een portaal opgezet waarin contactgegevens van aanvragers met toestemming gedeeld worden. Met deze extra middelen en data kunnen gemeenten huishoudens gericht benaderen en passende ondersteuning bieden via het bestaande hulpaanbod. In 2025 ontvangen gemeenten gezamenlijk € 9,8 miljoen, verdeeld op basis van het percentage energiearmoede per gemeente. Wij ontvangen hiervoor een bedrag van € 13.556,00.
De middelen worden via de resultaatbestemming 2025 overgebracht naar 2026, waar ze door middel van de 1e bestuursrapportage 2026 als stelpost worden opgenomen. Decentralisatie-uitkering Meerkosten Oekraïne sociaal domein De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo, de Jeugdwet en de Wet publieke gezondheid voor de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek ligt voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten. De compensatie is vastgesteld op basis van onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) naar daadwerkelijke opgevangen Oekraïense ontheemden per gemeente in het jaar 2025 en op basis van extern onderzoek naar de gemiddelde gemeentelijke zorgkosten per ontheemde. Op basis daarvan is een bedrag van € 33 miljoen beschikbaar waarbij de verdeelsleutel per gemeente is vastgesteld op basis van bovengenoemde onderzoeken. Wij ontvangen hiervoor een bedrag van € 8.711,00. Omdat deze middelen betrekking hebben op compensatie van eventueel gemaakte kosten in 2025 valt dit bedrag vrij ten gunste van het rekeningresultaat 2025. Decentralisatie-uitkering Natuurbrandpreventie en -mitigatie Nederland ziet steeds meer brandgevoelige dagen met mogelijke omstandigheden waarbij er sprake kan zijn van onbeheersbare natuurbranden.
Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) stelt daarom, naast de in de meicirculaire 2025 beschikbaar gestelde 2,3 miljoen (voor ons € 20.000,00 in 2e bestuursrapportage 2025 verwerkt), € 269.375,00 aanvullend beschikbaar aan gemeenten waar een verhoogd risico op natuurbranden aan de orde is. De desbetreffende gemeenten worden hiermee in staat gesteld om bij te dragen aan het doel om natuurbrandbeheersing te versterken, bijvoorbeeld door natuurbrandbeheersingsplannen op te stellen of betrokken partijen te begeleiden. De verdeling van het budget is gebaseerd op ingediende aanvragen die door de provincies Zeeland en Noord-Brabant voor de desbetreffende gemeenten zijn gedaan bij het ministerie van LVVN. Wij ontvangen hiervoor een bedrag van € 5.625,00. De
59
middelen worden via de resultaatbestemming 2025 overgebracht naar 2026, waar ze door middel van de 1e bestuursrapportage 2026 worden toegevoegd aan het budget natuurbrandpreventie. Implementatie Plateau 2 Gegevens over inburgeraars die vallen onder de Wet inburgering 2021 worden op dit moment veelal handmatig (via portalen en bestanden) uitgewisseld. Dit is niet alleen foutgevoelig, maar ook zeer arbeidsintensief. Om die reden worden op dit moment voorbereidingen getroffen om de geautomatiseerde uitwisseling van gegevens binnen de inburgeringsketen (“plateau 2”) mogelijk te maken. De implementatie hiervan zal stapsgewijs vanaf 2026 gaan plaatsvinden. De bijdrage die gemeenten ontvangen, kan worden gebruikt voor eventuele investeringen die voor deze overstap nodig zijn. Het gaat om een totaalbedrag van € 4,6 miljoen en deze middelen worden evenredig over alle gemeenten verdeeld. Wij ontvangen hiervoor een bedrag van € 13.304,00. De middelen worden via de resultaatbestemming 2025 overgebracht naar 2026, waar ze door middel van de 1e bestuursrapportage 2026 als stelpost worden opgenomen.
Treasury Saldo van de financieringsfunctie Onder financieringsfunctie verstaan we alle activiteiten die te maken hebben met het verwerven en beheren van financiële middelen. Het saldo van de financieringsfunctie is het saldo van (a) de betaalde rente (lasten) over de aangegane leningen en de aangetrokken middelen in rekening-courant en (b) de ontvangen rente (baten) over de uitzettingen inclusief de toegerekende rentelasten aan de programma’s. Begroting na wijziging
Begroting Rente langlopende geldleningen
Rekening
657.006
674.046
697.643
Rente kasgeldleningen
-
75.861
75.861
Rente rekening-courant
-
-
3.125
Rentetoerekening aandelen
862
862
862
8.851
8.616
8.156
TOTAAL LASTEN
666.719
759.385
785.648
Rente toegerekend aan taakvelden
513.961
522.764
522.756
Rentevergoeding grondbedrijf
14.563
38.016
38.016
423
423
423
Rente rekening-courant
100.000
100.000
119.529
Ontvangen dividend
42.000
62.576
62.576
Kosten betalingsverkeer en beheer
Rente hypothecaire geldleningen
Ontvangsten i.v.m. invordering TOTAAL BATEN SALDO
35.000
41.000
41.879
705.947
764.779
785.180
39.228
5.394
-468
Rentekosten rekenen we toe aan die taakvelden waar een boekwaarde van een investering voorkomt. In de Financiële Verordening is bepaald dat we dit doen we via een omslagmethode, tenzij speciaal voor een investering een geldlening is aangegaan. Dan belasten we de werkelijke rentekosten door en die rente blijft dan buiten de omslag. Wij kennen alleen geldleningen voor algemene financiering. Hiervoor geldt dus de omslagmethode. De omslagrente is bij de begroting 2025 bepaald op 0,57%.
60
De verdeling van de reële en bespaarde rente aan de taakvelden is conform de volgende tabel.
Reële en bespaarde rente toegerekend aan taakvelden Begroting
Begroting na wijziging
64
62
62
0.4 Overhead
63.230
62.442
62.442
0.5 Treasury
862
862
862
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
3.421
3.133
3.130
1.2 Openbare orde en veiligheid
554
548
548
2.1 Verkeer en vervoer
159.902
144.387
144.387
2.5. Openbaar vervoer
Taakveld 0.2 Burgerzaken
Rekening
734
734
734
3.1 Economische ontwikkeling
13
13
13
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur
11
11
11
3.4 Economische promotie
100
100
100
4.1 Openbaar basisonderwijs
5.154
5.154
5.154
4.2 Onderwijshuisvesting
41.652
43.068
43.068
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
2.666
2.663
2.663
5.2 Sportaccommodaties
57.921
56.553
56.547
5.5 Cultureel erfgoed
6
6
6
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
16.579
10.885
10.885
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
39.597
39.579
39.579
6.714 Overige maatwerkarrangementen
257
270
270
7.1 Volksgezondheid
207
255
255
94.371
81.650
81.650
7.3 Afval
855
855
855
7.5 Begraafplaatsen en crematoria
176
170
170
7.2 Riolering
8.1 Ruimte en leefomgeving
172
172
172
8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
18.342
63.696
63.696
8.3 Wonen en bouwen
7.115
5.496
5.496
513.961
522.764
522.756
TOTAAL
Dividend Dividend is een winstuitkering van een onderneming aan haar aandeelhouders. In 2025 is dividend ontvangen over boekjaar 2024. Dividend Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Gemeente Rucphen heeft 19.656 aandelen in BNG. Het dividend over 2024 is € 49.336,56; dit is € 2,51 per aandeel. Dividend Saver N.V. Gemeente Rucphen heeft 1.200 aandelen in Saver N.V. Het dividend over 2024 is € 13.239,00; dit is € 11,03 per aandeel.
61
Overige baten en lasten (inclusief onvoorzien) Onder de overige baten en lasten nemen we de onvoorziene uitgaven, stelposten, taakstellingen en de ontvangsten uit dwangsommen op. In de volgende tabel is het verloop te zien, gevolgd door een toelichting.
Omschrijving Onvoorziene uitgaven
Begroting na wijziging
Begroting
Rekening
55.000,00
-
-
-
20.000,00
-
Stelpost Natuurbrandpreventie en -mitigatie Stelpost IBO Problematische schulden
-
18.000,00
-
Stelpost Ambulantisering in de GGZ
39.721,00
24.721,00
-
Stelpost taakmutatie Kinderopvang SMI
5.500,00
5.500,00
-
Stelpost Implementatie Participatiewet in balans
-
36.000,00
-
Stelpost Spreidingswet
-
31.104,00
-
37.084,00
43.333,00
-
Stelpost dienstverlening gemeentelijke aanpak armoede en schulden Stelpost compensatie jeugd 2023 en 2024 Stelpost ruimte plafond BTW compensatiefonds Stelpost subsidieprogramma
-
980.000,00
-
-332.872,00
-
-
15.814,00
19.099,00
-
-
-
-8.700,00
-179.753,00
1.177.757,00
-8.700,00
Dwangsommen TOTAAL
Onvoorziene uitgaven In 2025 is het budget voor onvoorziene uitgaven volledig ingezet (€ 55.000,00). In hoofdstuk 6.4. vindt u een nadere toelichting. Stelposten We nemen een stelpost op wanneer de werkelijke uitgaven nog niet exact bepaald kunnen worden. Onze stelposten bevatten beschikbare middelen waarvoor nog geen beleid is vastgesteld, zoals bijvoorbeeld ontvangen decentralisatie-uitkeringen. Uitgaven ten laste van deze posten kunnen pas worden gedaan wanneer uw raad hierover een besluit heeft genomen. Op dat moment worden de middelen met een begrotingswijziging overgebracht naar een ander (uitvoerings-)budget. Stelpost Natuurbrandpreventie en -mitigatie In meicirculaire 2025 is € 2,3 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten waar een verhoogd risico op natuurbranden aan de orde is. Wij ontvingen hiervoor € 20.000,00 in 2025. In de 2e bestuursrapportage 2025 is dit bedrag als stelpost verwerkt. Bij de resultaatbestemming wordt voorgesteld dit bedrag over te brengen naar 2026. Stelpost Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) Problematische schulden Het kabinet voert een pakket aan maatregelen in om problematische schulden fundamenteel aan te pakken. Dit pakket is gebaseerd op het basispakket uit het IBO problematische schulden. In 2025 zijn voor het onderdeel: ‘vroegsignalering’ middelen overgemaakt naar het gemeentefonds met een totaalbedrag van € 18,7 miljoen.
Voor ons gaat het om een eenmalig bedrag van € 18.000,00. In de 2e bestuursrapportage 2025 is dit bedrag als stelpost verwerkt. Bij de resultaatbestemming wordt voorgesteld dit bedrag over te brengen naar 2026. Stelpost ambulantisering GGZ In het hoofdlijnenakkoord GGZ wordt ingezet op ambulantisering van de zorg. Het kabinet stelt financiële middelen beschikbaar voor het realiseren van de ambities uit het hoofdlijnenakkoord. In 2025 is een bedrag van € 39.721,00 als stelpost opgenomen. Een deel van de stelpost, € 10.000,00, is ingezet voor het subsidieprogramma 2025 en een ander deel, € 5.000,00, voor het in dienst nemen van een maatschappelijk werker. De nog resterende stelpost valt vrij in het rekeningresultaat 2025. Stelpost taakmutatie Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI) De SMI is een gemeentelijke regeling om gezinnen die geen recht hebben op Kinderopvangtoeslag, maar die ook niet in staat zijn de zorg voor hun kinderen volledig te dragen vanwege sociale of medische problematiek,
62
een vergoeding te kunnen bieden voor het gebruik van kinderopvang. Door verschillende ontwikkelingen is de SMI budgettair steeds meer onder druk komen te staan. Om dit te kunnen ondervangen, wordt het SMI budget in een aantal stappen verhoogd. Voor Rucphen gaat het om een bedrag van € 5.500,00 in 2025. De nog resterende stelpost valt vrij in het rekeningresultaat 2025. Stelpost Implementatie Participatiewet in balans Het wetsvoorstel Participatiewet in Balans is een initiatief om de Participatiewet te vereenvoudigen en te verbeteren, met name door meer maatwerk, versoepeling van regels en een menselijkere aanpak. Er wordt € 55,5 miljoen beschikbaar gesteld in de periode 2025-2030 ten behoeve van de implementatie van deze wet. In 2025 ontvingen wij hiervoor een bedrag van € 36.000,00. In de 2e bestuursrapportage 2025 is dit bedrag als stelpost verwerkt. Bij de resultaatbestemming wordt voorgesteld dit bedrag over te brengen naar 2026. Stelpost Spreidingswet Vanuit de Spreidingswet hebben gemeenten een nieuwe taak gekregen in het zoeken naar opvangplekken. Zij ontvangen hiervoor middelen vanuit het gemeentefonds. Voor gemeenten is er een bijdrage van in totaal € 15,3 miljoen beschikbaar. Wij ontvangen hiervoor in 2025 een bedrag van € 31.104,00. In de 2e bestuursrapportage 2025 is dit bedrag als stelpost verwerkt.
Bij de resultaatbestemming wordt voorgesteld dit bedrag over te brengen naar 2026. Stelpost dienstverlening gemeentelijke aanpak armoede en schulden Vanuit de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden heeft het kabinet via het gemeentefonds € 40 miljoen aan structurele middelen voor betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden beschikbaar gesteld. Voor ons gaat het om een structureel bedrag van € 37.084,00. Dit bedrag is verwerkt als stelpost in 2025. Hieraan is bij de 1e bestuursrapportage 2025 het restant van vorig jaar toegevoegd; € 13.514,00. Verder is een deel ingezet voor het in eigen dienst nemen van een maatschappelijk werker; € 7.265,00. Bij de resultaatbestemming wordt voorgesteld het restant van de stelpost over te brengen naar 2026. Stelpost compensatie jeugd 2023 en 2024 Naar aanleiding van de eerdere afspraken in het voorjaar met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft het kabinet besloten tot compensatie van de incidentele tekorten 2023 en 2024 in de jeugdzorg. Gemeenten ontvangen in totaal € 728 miljoen van het Rijk (voor ons € 980.000,00) die ze kunnen inzetten ter ondersteuning van de transformatie van de Jeugdhulp conform de afspraken in de Hervormingsagenda.
Het gaat dan om het versterken van de sociale basis en stevige lokale teams, met tevens aandacht voor het verbeteren van kind- en gezinsbescherming en de bredere integrale aanpak sociaal domein. In de 2e bestuursrapportage 2025 is dit bedrag als stelpost verwerkt. Bij de resultaatbestemming wordt voorgesteld € 150.000,00 van dit bedrag over te brengen naar 2026. Van het resterende bedrag, € 830.000,00, wordt voorgesteld deze te storten in een nieuw te vormen bestemmingsreserve integrale aanpak sociaal domein. Stelpost ruimte plafond BTW compensatie Fonds (BCF) Onderdeel van de algemene uitkering is de stelpost ruimte plafond BTW compensatiefonds. Het Ministerie van BZK heeft in afstemming met de VNG en de provinciale toezichthouders een advies opgesteld over de wijze waarop de ruimte onder het plafond BCF door gemeenten “kan” worden opgenomen als verwachte bate. Dit advies luidt: Gezien de onzekerheid over de toekomstige ontwikkeling van de ruimte onder het plafond BCF, adviseren we om voorzichtigheid in acht te nemen door een raming op te nemen, die maximaal gebaseerd is op de meest recente, gerealiseerde ruimte onder het plafond BCF. In de begroting 2025 hebben wij 50% van het toegestane bedrag opgenomen, wat neerkomt op een bedrag van € 332.872,00.
Aan de hand van Septembercirculaire 2025 is de werkelijk ruimte onder het plafond 2025 verwerkt, waardoor de stelpost kon worden afgeraamd. Stelpost subsidieprogramma De stelpost subsidieprogramma is bedoeld om mutaties op bestaande subsidies en incidentele subsidies te bekostigen. Dwangsommen Dwangsommen worden alleen in uitzonderlijke situaties opgelegd en worden om die reden niet als structurele inkomst geraamd. In 2025 zijn voor € 4.5000,00 aan nieuwe dwangsommen opgelegd. Daarnaast zijn mutaties verwerkt in de lopende invorderingstrajecten. Het bedrag aan vorderingen wat als “dubieus” is aangemerkt, is afgenomen wat een voordeel betekent van € 4.200,00.
63
Overzicht van de kosten van overhead Overhead is niet direct toe te rekenen aan een specifiek taakveld en moet daarom centraal worden begroot en verantwoord. Om vast te stellen wat onder de kosten van overhead valt, is door de commissie BBV de volgende definitie opgesteld: “het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Hiertoe behoren ook de systemen en aanverwante lasten die deze functies ondersteunen”. In onderstaande tabel zijn de verschillende componenten van de overhead in rubrieken onderverdeeld. Rubriek
Begroot
Salariskosten
Werkelijk
Verschil
6.634.394
6.242.727
391.667
Overige personeelskosten
554.653
553.267
1.386
Kapitaallasten
431.620
431.620
-
Juridisch en bestuurlijk advies
646.023
586.142
59.881
1.719.768
1.553.522
166.246
532.942
506.023
26.919
10.519.400
9.873.301
646.099
Informatievoorziening en automatisering Facilitaire zaken en huisvesting Totale overhead Toerekening aan investeringen en grondexploitaties Netto saldo overhead
254.717
259.152
-4.435
10.264.683
9.614.149
650.534
Verschillenverklaring De belangrijkste oorzaak van de daling van de netto overhead zijn de lagere salariskosten, lagere kosten voor juridisch en bestuurlijk advies, en lagere kosten voor informatievoorziening en automatisering. Binnen onze personeelsbegroting hebben we een stelpost voor personele knelpunten die we gedurende het jaar inzetten voor inhuur; bijvoorbeeld bij langdurig ziekteverzuim, zwangerschapsverlof of moeilijk in te vullen vacatures op kritische processen. Gelijktijdig ontstaat er door openstaande vacatures een restant op de salariskosten, wat we gedurende het jaar toevoegen aan dezelfde stelpost. In 2025 is er per saldo sprake van een onderschrijding op de salariskosten, omdat de vrijvallen uit vacatures groter waren dan de personele knelpunten. Hierbij plaatsen we de kanttekening dat zolang ons personeelbestand niet op volle sterkte is, er slechts sprake is van een eenmalig voordeel. De lagere kosten voor juridisch en bestuurlijk advies worden met name veroorzaakt door lagere lasten voor de Wet Open Overheid, interne auditfuncties en rechtskundig en fiscaal advies. De uitnutting van deze budgetten is vraag-gestuurd en vooraf moeilijk te voorspellen. Binnen informatievoorziening en automatisering zijn de kosten voor onderhoud van programmatuur in werkelijkheid lager dan begroot. Dit komt omdat een aantal projecten en aanbestedingen zijn verschoven naar 2026.
64
Bedrag voor de heffing voor de vennootschapsbelasting We zijn voor een aantal activiteiten belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb). Het gaat hier om het grondbedrijf en de opbrengsten uit afval- en reclameactiviteiten. Tegen de definitieve Vpb-aanslagen over de jaren 2019 tot en met 2023 is bezwaar aangetekend. Vanaf het jaar 2019 heeft de gemeente een reclameconcessie verstrekt aan een exploitant voor buitenreclame. Rond de fiscale behandeling van reclameconcessies spelen momenteel landelijke ontwikkelingen. Een aantal gemeenten betwist of dergelijke concessies kwalificeren als een ondernemingsactiviteit waarover Vpb verschuldigd is. Twee zaken hierover liggen momenteel bij de Hoge Raad, die duidelijkheid zal moeten geven over de toepassing van het ondernemingsbegrip en de toepassing van de overheidstaakvrijstelling. In 2025 is de definitieve aanslag over het jaar 2024 ontvangen met een vastgestelde belastbare winst van € 228.159,00. Dit kan volledig verrekend worden met verlies uit voorgaande jaren, waardoor er geen Vpb hoeft te worden afgedragen. De eerder opgelegde voorlopige aanslag bedroeg € 16.063,00 en is in 2025 terugontvangen. Over het jaar 2025 is een rapportage opgesteld inzake de fiscale positie. Hieruit blijkt een belastbare winst van € 423.829,00. Hoofdzakelijk toe te wijzen aan de grondexploitaties.
Deze winst kan volledig worden verrekend met verliezen uit voorgaande jaren, waardoor er geen Vpb verschuldigd is. De voorlopige aanslag over 2025 bedroeg € 200.582,00. Naar verwachting wordt dit bedrag via de definitieve aanslag terugontvangen.
65
De Paragrafen Wij hebben, conform BBV, acht programma overstijgende paragrafen in de begroting opgenomen. De indeling van de jaarstukken is gelijk aan die van de begroting en kent daarom in ieder geval diezelfde paragrafen. In de paragrafen staat informatie voor raadsleden waarmee zij inzicht krijgen in de financiële positie van onze gemeente, de beheersmatige aspecten en de risico’s.
Lokale heffingen Geraamde inkomsten Lokale heffingen zijn de opbrengsten uit rechten (retributies) en de eigen belastingen. In onderstaand overzicht zijn de inkomsten per belastingsoort opgenomen.
Begroting
Begroting na wijziging
Rekening
Algemene dekkingsmiddelen
4.300.911
4.356.586
4.398.540
Onroerendezaakbelastingen
4.165.525
4.219.657
4.224.109
Forensenbelasting
19.528
22.098
26.789
Toeristenbelasting
115.858
114.831
147.642
Leges
1.110.243
1.007.078
1.116.082
Hoofdstuk 1
265.974
316.576
368.355
Hoofdstuk 2
630.569
430.569
492.243
Hoofdstuk 3
7.000
7.800
4.082
Overig
18.100
15.033
15.671
Rijksleges
188.600
237.100
235.730
Overige heffingen (retributies)
5.922.581
6.053.966
6.052.701
Rioolheffing
2.850.612
2.860.709
2.857.815
Afvalstoffenheffing
3.037.787
3.158.632
3.163.195
Lijkbezorgingsrechten
26.932
26.932
24.372
Marktgelden
7.250
7.693
7.319
11.333.735
11.417.630
11.567.322
TOTAAL
Verschillenverklaring Onroerendezaakbelastingen (Ozb) van woning eigenaren De definitieve waardeontwikkeling voor woningen is met gemiddeld 8,20%12 gestegen. Bij de tariefstelling voor 2025 is rekening gehouden met gemiddeld 7,00%. Dit verschil heeft een positief effect op de opbrengst, daar het tarief “te hoog” is vastgesteld. Al eerder, in de 2e bestuursrapportage 2025, is deze inkomstenraming met € 69.683,00 verhoogd. Bij Ozb woningen houden we ieder jaar al rekening met een verwachte meeropbrengst als gevolg van areaaluitbreiding. Hier is een vast bedrag van € 30.000,00 voor geraamd. Per saldo resteerde een positief effect van € 39.683,00. De werkelijke Ozb opbrengsten voor woning-eigenaren zijn € 2.331,00 hoger dan de begroting na wijziging. De debiteurenpositie is verbeterd t.o.v. ultimo 2025. Daarom onttrekken we een bedrag van € 3.445,00 uit de voorziening dubieuze debiteuren. Deze mutatie heeft een positief effect op de werkelijke inkomsten. Ook verklaarden we een bedrag van € 3.011,00 als oninbaar, wat een negatief effect heeft op de inkomsten. Onroerendezaakbelastingen (Ozb) van niet-woningen De definitieve waardeontwikkeling voor niet-woningen is met gemiddeld 4,54%12 gestegen waar bij de tariefstelling voor 2025 rekening is gehouden met gemiddeld 3,16%. Voor niet woningen is er een “te hoog” tarief vastgesteld. De waardeontwikkeling is niet de enige verklaring.
De opbrengst voor niet-woningen wordt ook beïnvloed door areaaluitbreiding en (het opheffen van) leegstand. In de 2e bestuursrapportage 2025 is een bedrag van € 14.449,00 toegevoegd aan de inkomstenraming. De opbrengsten voor niet-woningen zijn gezamenlijk € 2.122,00 hoger dan de begroting na wijziging. Bij jaareinde heeft een onttrekking van € 1.432,00 plaatsgevonden uit de voorziening dubieuze debiteuren. Deze 12
Definitieve waardeontwikkeling 2025 volgens Belastingsamenwerking West-Brabant juli 2025
66
mutatie heeft een positief effect op de inkomsten. Ook verklaarden we een bedrag van € 3.646,00 als oninbaar, wat een negatief effect heeft op de inkomsten. Forensenbelasting De werkelijke opbrengsten forensenbelasting zijn € 4.691,00 hoger dan de geraamde opbrengsten. In de 2e bestuursrapportage 2025 was al rekening gehouden met een hogere opbrengst van € 2.570,00. De opbrengst forensenbelasting is afhankelijk van de waardeontwikkeling van de betreffende woningen en het aantal objecten. Toeristenbelasting Eerder, in de 2e bestuursrapportage 2025, rapporteerden we een lagere opbrengst van € 1.027,00. De werkelijke opbrengsten toeristenbelasting zijn € 32.811,00 hoger dan begroting na wijziging. Er is meer (voorlopige) toeristenbelasting opgelegd dan bij de halfjaarsverantwoording bekend was. Voor toeristenbelasting worden geen prognoses gemaakt. Leges De werkelijke opbrengsten leges ‘Algemene dienstverlening’ zijn alsnog € 50.409,00 hoger dan begroot, nadat € 99.102,00 tussentijds is bijgesteld (Financiële slotwijziging 2025). Dit verschil wordt verklaard door leges Telecommunicatiewet die eind 2025 zijn opgelegd. Ook was er in 2025 een toename in het aantal verkochte reisdocumenten en rijbewijzen. Omdat reisdocumenten bestaan uit een rijksdeel en een gemeentedeel zijn er ook meer rijksleges ontvangen.
Dit heeft geen effect op het rekeningresultaat, omdat deze ontvangsten in zijn geheel worden afgedragen aan het Rijk. De werkelijke opbrengsten leges ‘Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet’ zijn € 61.674,00 hoger dan begroot. In de Financiële Slotwijziging 2025 waren zijn de opbrengsten al eerder verlaagd met € 200.000,00. Hoewel we dit jaar een vergelijkbaar aantal vergunningaanvragen hebben ontvangen als vorig jaar, missen we de grotere projecten. Er zijn zowel minder leges ontvangen op ‘ruimtelijke ordening’ als op wonen en bouwen. In de leges Europese dienstenrichtlijn is er slechts sprake van een minimaal verschil met de begroting (€ 3.718,00). In de 1e bestuursrapportage 2025 was al eerder € 800,00 toegevoegd aan de ramingen. Deze leges zijn afhankelijk van het aantal evenementen-, standplaats- en Alcoholwetvergunningen. Rioolheffing In de 2e bestuursrapportage 2025 is de raming verhoogd met € 10.097,00. In werkelijkheid is € 2.894,00 minder aan opbrengsten gerealiseerd. De initiële meeropbrengst is een gevolg van areaaluitbreiding bij woningen en sterkere waardeontwikkeling van niet-woningen. Het resterende verschil verklaren we door een onttrekking uit de voorziening dubieuze debiteuren van € 604,00 als gevolg van een verbeterde debiteurenpositie. Tot slot is een bedrag van € 3.179,00 oninbaar verklaard.