NME uitvoeringsagenda (def) jan 24
Tekst van het document
Inleiding Een schone, groene stad met frisse lucht verleidt Rotterdammers om vaker buiten te bewegen. Bewegen draagt bij aan de fysieke en mentale gezondheid van Rotterdammers. De transitie naar een gezonde en duurzame stad vergt inspanningen van iedereen; overheid, ondernemers, onderwijs, en van alle bewoners van de stad. Natuur- en Milieueducatie (NME, ook wel Natuur-en Duurzaamheidseducatie genoemd) is gelinkt aan leeractiviteiten over natuur, milieu en duurzaamheid. Begrijpen en beleven hoe de natuur werkt en op welke manier we ervan afhankelijk zijn. Met die opgedane kennis wordt een basis gelegd voor een gezond en duurzaam leven via een verantwoord consumptie- en leefpatroon. NME levert een bijdrage door te inspireren om die gezonde, duurzame samenleving te maken. En dat begint van kleins af aan. De uitvoeringsagenda beschrijft de ambities voor NME tot en met het einde van de huidige collegeperiode in 2026, de rol van de gemeente daarin met haar partners en welke acties we ondernemen om de ambities voor NME dichterbij te brengen. De vigerende nota natuur- en milieueducatie dateert van 2013, en in tien jaar is veel veranderd in de stad en samenleving. Deze uitvoeringsagenda sluit
aan bij wat de gemeente Rotterdam doet én wat internationaal gaande is.
Knelpunten en doelen De NME-sector is sterk gericht op het primair onderwijs. Rotterdam heeft meer dan 200 basisscholen, een aantal scholen hebben meerdere locaties. Met het huidige educatieve lesaanbod werd in 2022 zo’n 94% van de basisscholen bereikt. Het bereik is daarmee hoog, maar de intensiteit van het bereik is laag. Veelal gaat het om een frequentie van 1 of 2 NME-lessen per klas per jaar. Geïnventariseerde knelpunten binnen het huidige aanbod zijn de lage intensiteit van het aanbod en de reisafstand voor basisscholen naar de locaties waar de lessen plaatsvinden. Daarnaast zijn er knelpunten die overstijgend van toepassing zijn. Dan gaat het om het ontbreken van een sterke NME-coalitie van organisaties in de stad. Idealiter werken zij als partners professioneel samen om tot een compleet aanbod te komen voor de verschillende NME-thema’s en locaties. We zoeken daarom oplossingen om dit verbeteren, en dat doen we door: • • • •
De infrastructuur voor NME te verbeteren Het aanbod meer vraaggestuurd in te richten Belevingsgerichte activiteiten te borgen in het aanbod Samenwerking tussen NME-aanbieders te professionaliseren
Pijlers en beleven van NME in Rotterdam We willen dat elk kind in Rotterdam in aanraking komt met NME. Dat gebeurt op school maar ook op andere plekken. Want NME komt vooral buiten tot leven. Uit onderzoek naar de effecten van NME blijkt dat de praktijklessen het beste blijft hangen. Excursies, veldwerk en tuinieren dragen bij aan die beleving en moeten vooral gestimuleerd worden in het NME-aanbod. De groenbeleving willen we bereikbaar en dichtbij huis hebben; zo bereikbaar en toegankelijk mogelijk voor jonge Rotterdammers. In de uitvoeringsagenda onderscheiden we vier soorten belevenisplekken voor NME die elk een groot bereik hebben: • • • •
Kinderboerderijen Schooltuinen/educatieve tuinen Diergaarde Blijdorp Scouting en speeltuinverenigingen
1) Kinderboerderijen Kinderboerderijen zijn belangrijk om kinderen met dieren in contact te brengen. Spelenderwijs leren kinderen over dieren, wat zij nodig hebben en hoe belangrijk het is om ze goed te verzorgen. Kinderboerderijen worden gerund door professionals, die rekening houden met het welzijn van de dieren. De gemeente ziet kinderboerderijen als een essentieel onderdeel van natuur-en milieueducatie. Stichting Natuurstad Rotterdam (hierna Natuurstad) is de grootste uitvoeringsorganisatie voor natuur- en milieueducatie in Rotterdam en heeft acht kinderboerderijen, jaarlijks zijn er ruim 800.000 bezoekers. De gemeente maakt het mogelijk dat jaarlijks 50.000 kinderen op basisscholen in de hele stad het lesprogramma met NME-lessen kunnen volgen. De kinderboerderijen zijn openbaar toegankelijk en bieden daarmee ook aantrekkelijke, recreatieve vrijetijdsbesteding op een groene
plek in de stad. De lessen op basisscholen vinden veelal plaats op locatie, bijvoorbeeld op de lescentra van Natuurstad. Qua spreiding over de stad zien we dat de lescentra van Natuurstad (bestaande uit kinderboerderijen en educatieve tuinen) aan de buitenrand van Rotterdam liggen en niet in de oude stadswijken waar veel Rotterdammers wonen en scholen zitten. Dit kan een logistieke drempel zijn voor een school om een NME-les op locatie te bezoeken. In de Sportnota 2021+ (Rotterdam, wereldse sportstad) is het begrip de Sportcirkel geïntroduceerd om het sportbeleid en ruimtelijk beleid met elkaar te verbinden. Uitgangspunt is dat elke Rotterdammer in de buurt van zijn huis kan sporten. Door het behouden van een aantal buitensportcomplexen (die zich als een cirkel rondom de stadswijken verspreiden) krijgen zij een sterkere positie in de ruimtelijke ordeningsopgaven van de stad. Hetzelfde gedachtengoed kan worden gebruikt voor de locaties van Natuurstad, die rondom de stad zijn gelegen. We zoeken naar mogelijkheden om de NME-structuur te versterken en het lokale NME-programma te ondersteunen.
Geel = educatieve tuin Natuurstad Rood = kinderboerderij Natuurstad
Daarnaast zijn er drie particuliere kinderboerderijen in de stad die ondersteuning krijgen. Zij fungeren als wijkvoorziening en zijn een ontmoetingsplek. Dit zijn kinderboerderijen in Pernis, Hoek van Holland en Heijplaat. 2) Schooltuinen/educatieve tuinen In Rotterdam kan iedere basisschoolgroep eens per jaar een NMEles volgen via de natuurlessen van Natuurstad. Educatieve lessen worden aangeboden aan de kinderen van de groepen 1 tot en met 8 van alle basisscholen binnen de gemeente. Aanvullend op het lesprogramma biedt Natuurstad een intensief programma voor schooltuinieren door de basisschoolgroepen 6 tot en met 8. Ongeveer 30% van de scholen doet mee aan schooltuinieren, het programma bevat 15 lessen. Op de schooltuinen gaan kinderen een seizoen lang aan de slag met een programma dat speciaal ontwikkeld is om directe natuurervaring op te doen. Natuurstad heeft 14 educatieve tuinen verspreid door Rotterdam, er worden verschillende activiteiten georganiseerd en op een deel van de tuin kan getuinierd worden. Wijkbewoners zijn welkom om kruiden en bloemen te plukken of rond te wandelen. 3) Diergaarde Blijdorp Diergaarde Blijdorp is een icoon in Rotterdam en ontvangt jaarlijks 1,5 miljoen bezoekers. De missie van Diergaarde Blijdorp is om van iedere bezoeker een natuurbeschermer te maken.
De bezoeker krijgt tips aangereikt voor een duurzame leefstijl, die invloed hebben op het behoud van biodiversiteit. Dit kan zowel in Diergaarde Blijdorp als daarbuiten, in de stad. Diergaarde Blijdorp biedt (interactieve) lessen voor het primair onderwijs, die door Diergaarde Blijdorp begeleid worden of waarvoor de docent zelf voorbereidingen treft. De focus ligt op educatie met een gedragsverandering als doel. Zij experimenteren met vormen van informatieoverdracht; informatie die op een bord staat weergegeven alleen is volgens Diergaarde Blijdorp niet meer
voldoende. Er zijn verschillende aansprekende nieuwe middelen nodig om informatie over te brengen en om verschillende doelgroepen te verleiden tot een gedragsverandering. De ambitie van Diergaarde Blijdorp is om te groeien naar het minimaal éénmaal bereiken van alle leerlingen van Rotterdamse scholen tijdens hun schoolcarrière met een leerervaring in of buiten de dierentuin in 2030. Die ambitie past bij de doelen van deze Uitvoeringsagenda om de belevenisgerichte activiteiten te borgen in het aanbod. 4) Scouting en speeltuinverenigingen Rotterdam heeft 30 scoutingverenigingen met ongeveer 3000 leden. Scouting is gericht op spelen en leren in de natuur, op het land of op het water. Scouting levert een belangrijke bijdrage aan de persoonlijke ontwikkeling van kinderen en jongeren. De scoutinggroepen zijn opgedeeld in leeftijden van 5 tot 21 jaar. Rotterdam heeft scoutingverenigingen van diverse achtergronden om zoveel mogelijk kinderen aan te spreken. Rotterdam heeft 57 speeltuinverenigingen. Sommige speeltuinen bieden mogelijkheden voor groenbelevingen. Die hebben moestuintjes, groene terreinen of maken gebruiken de natuur om mee te spelen, zoals stenen, takken en water. Kinderen mogen zelf bepalen hoe het spel er uitziet en worden uitgedaagd om alle zintuigen te gebruiken. Spelen en leren door onderzoeken, ervaren, vallen en opstaan.
Tot op heden zijn de verenigingen niet betrokken bij het NME-beleid geweest. Dit biedt mogelijkheden om de locaties voor NME uit te breiden.
Organisatie van NME in Rotterdam Naast deze vier belevenisplekken zijn er in Rotterdam andere NMEaanbieders en locaties, denk hierbij aan lokale initiatieven, wijktuinen, volkstuinen, natuurlijke speelplekken en groene activiteiten in de wijk. Met de verscheidenheid aan kleinere NMEaanbieders ligt versnippering op de loer. Wie heeft welke rol? Kunnen de aanbieders elkaar versterken? Kan er samenhang in het aanbod worden gecreëerd?
Door samen te werken kan het educatieve antwoord op maatschappelijke vragen veel effectiever worden gegeven en benutten we de diversiteit aan partners in de stad. Op die wijze kunnen ook een betere taakverdeling en expertise-uitwisseling van de grond komen. Expertise over wat de afnemers van NME (scholen, docenten en scholieren zelf) willen. Met vraag gestuurd werken wordt aansluiting gezocht bij de behoefte van de doelgroep en wordt het aantrekkelijker om frequenter met NME aan de slag te gaan.
In het verleden zijn diverse NME-samenwerkingen gestrand. Het blijkt lastig een dergelijk netwerk in stand te houden als er geen inkomsten uit worden gegenereerd. Deze organisaties zijn sterk afhankelijk van (niet altijd kostendekkende) overheidssubsidies. Een aantal ontbreekt het aan capaciteit om recente ontwikkelingen te volgen en professionalisering te organiseren. Natuurstad heeft als grootste aanbieder in Rotterdam het bereik en de slagkracht om dit wel te doen en heeft als doel meer vraaggestuurd te opereren. Natuurstad wil meer doen samen met de wijken, zij kunnen met scholen in de wijk kijken naar NME-lessen op en rond de school. Hierbij kan Natuurstad tweedelijns ondersteuning bieden. Zij inventariseren wat nodig is en verwijzen door naar een andere NMEaanbieder.
In onderstaande tabel zijn de doelen en acties schematisch weergegeven.
4 Pijlers 1. Kinderboerderijen
Doel Borgen van belevingsgerichte activiteiten
2. School-/educatieve tuinen
Verhogen deelname schooltuinieren naar 100%
3. Diergaarde Blijdorp
Ieder Rotterdamse scholier bezoekt minimaal éénmaal in zijn schoolcarrière Diergaarde Blijdorp Uitbreiden van de NME-infrastructuur met nieuwe partners en locaties
4. Scouting en speeltuinverenigingen
NME -infrastructuur
NME-coalitie
Voor scholen met een lage of geen deelname aan NME-activiteiten is er binnen 300 meter (loopafstand) een geschikte plek om een NME-les te kunnen geven Compleet aanbod van NME-thema’s en locaties
Actie We zorgen ervoor dat het huidige aanbod van belevingsgerichte activiteiten wordt voortgezet voor alle basisscholen. We registreren de aantallen NME-lessen die zijn gegeven aan scholen Scholen maken gebruik van moestuintjes of mobiele pop-up voorzieningen om zo schooltuinieren dichtbij en bereikbaar te hebben Meedenken met mogelijke oplossingen voor (logistieke) knelpunten voor scholen. We checken welke scholen jaarlijks Blijdorp bezoeken Er wordt een werkgroep opgericht die samen met de verenigingen achterhaalt hoe de buitenruimte van scouting- en speeltuinverenigingen ingezet kunnen worden voor NMEactiviteiten
Startdatum Doorlopend
We maken gebruik van verschillende uitvoeringspartners voor NME in de wijken met lage of geen deelname aan NMEactiviteiten en nodigen hen uit om nieuwe NME-locaties te verkennen. We hebben inzicht in welke NME-activiteiten worden afgenomen per wijk Met een aantal scholen wordt een pilot vraaggestuurd aanbod gestart
Q4 2024
Q1 2025
Doorlopend
Q2 2024
Q4 2024
Achtergrondschets Steeds meer wordt de noodzaak gezien om in onze grootstedelijke omgeving kinderen op jonge leeftijd in aanraking te laten komen met de natuur. Om de natuur met alle zintuigen te beleven en hierover te leren. De waarde van natuur begrijpen en leren over een gezond leven begint bij kinderen. In contact komen met natuur is niet vanzelfsprekend. Niet alle kinderen beschikken over dezelfde middelen. NME-activiteiten via school zijn een uitgelezen kans om de jeugd in iedere wijk te bereiken. Verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat er een relatie is tussen NME en kennis, houding en gedrag op latere leeftijd. Kinderen die op school actief bezig zijn geweest met NME hebben als volwassenen meer kennis en een positievere houding ten opzichte van natuur en milieu, dan kinderen die op school geen of nauwelijks NME hebben gehad. Natuureducatie en natuurlijke speelgelegenheden leveren een wezenlijke bijdrage aan een gezonde leefstijl, prettige leefomgeving en draagvlak voor natuurbehoud en duurzaamheidsbeleid. Een natuurinclusieve stad gaat over de mate waarin maatschappelijke en economische activiteiten ‘verweven’ zijn met de natuur. Het is een uitgangspunt waarbij we rekening houden met de natuurlijke omgeving, en ook rekenen op de ecologische voordelen die een groene omgeving aan ons verleent.
Met de inzichten vanuit NME worden diverse doelen bereikt: Voor de Rotterdammer • Stimuleren tot bewegen: dit verlaagt het risico op welvaartsziektes, zoals obesitas en overgewicht. • Stress verlagend: een groene omgeving heeft een gunstig effect op mentaal welzijn. • Sociale interactie: groen stimuleert ontmoetingen tussen mensen en zorgt voor gevarieerder spel van kinderen. • Inzicht in de voedselketen: weten waar je voedsel vandaan komt en hoe gezonde voeding bijdraagt aan een gezonde levensstijl. • Omgang met dieren: leren over dierenwelzijn en leefomstandigheden van dieren. Voor de wijk en de stad • Vergroening draagt bij aan een weerbare stad. Het verbetert het milieu, zorgt voor een rijke biodiversiteit, vermindert luchtvervuiling, zorgt voor waterberging, dempt geluidshinder en verkoelt in warme periodes. • Groen verhoogt de aantrekkelijkheid van de omgeving. Het educatieve karakter van NME staat centraal in deze uitvoeringsagenda. Onze ambitie op natuur- en milieueducatie in 2026 is als volgt: ‘In 2026 is natuur- en milieueducatie gericht op jonge Rotterdammers en gezinnen, en voor iedereen toegankelijk. Het educatieve aanbod past bij de actuele maatschappelijke context en bevat concrete tips voor een duurzaam leef-en consumptiepatroon. De NME-aanbieders werken samen en stimuleren een gezond en duurzaam leven voor alle Rotterdammers en Rotterdamse organisaties.
De groene infrastructuur ondersteunt het lokale NME-programma en maakt gezond en duurzaam leven voor Rotterdammers mogelijk.’ Een belangrijke opgave is om het aanbod niet alleen inhoudelijk, maar ook in vorm en taal beter passend te krijgen bij de doelgroep. Van zendergericht naar ontvangergericht. De NME uitvoeringsagenda wil hierop inspelen. De uitvoeringsagenda is een aanvulling op het beleidskader “NME heeft de toekomst; vernieuwing van natuur- en milieueducatie”(2013).