CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

beleidsplan SKAR 2025-2029

Commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport (2022 - 2026) 9 april 2025, gemeente Rotterdam13.088 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Dat levert soms aandoenlijke en eenmalige producten op, maar zelden een permanente artistieke kwaliteit. SKAR zoekt naar een vorm van branchering waarbij de professionele kracht van kunstenaars en makers en van professionals in de andere sectoren het uitgangspunt zijn. Oftewel, hoe kunnen kunst en andere disciplines vanuit hun professionaliteit combinaties maken die een onverwachte kwaliteit voor leerling, wijkbewoner of kunstliefhebber opleveren. Samenwerken met anderen Sinds 2024 is er een Atelieroverleg. Hier spreken vertegenwoordigers van ateliers, broedplaatsen, het Groot Rotterdams Atelierweekend, de gemeente en SKAR elkaar op regelmatige basis. Hoewel hij nog echt moet beginnen, is dit overleg een goede aanleiding om te blijven samenwerken, en vooral te kijken naar wat er echt nodig is. We zullen de komende periode hier veel ruimte aan geven. Maar ook andere samenwerkingen, met organisaties als NAC in Charlois zullen we opzoeken. Samenwerken in de omgeving Tegelijk wordt met diverse partijen in de omgeving besproken welke verbindingen interessant zijn. Het benutten van de ruimte om de panden heen is daarbij een belangrijk middel: veel buitenterreinen van de gebouwen maken we, al dan niet in samenwerking met initiatieven in de stad, groener. In de afgelopen jaren zijn er voorbeelden van prachtige tuinen die door huurders en buurt gebruikt kunnen worden.

Of er zijn mini-voedselbossen aangelegd met een initiatief dat de ecologie van de stad wil versterken (Stichting Ondergrond). Daarnaast blijft SKAR samenwerken met energiecoöperatieven door ruimte op daken ter beschikking te stellen aan energiecoöperaties om zonnepanelen op te installeren. Ook inhoudelijk zijn verbindingen mogelijk. Zo heeft SKAR in samenwerking met de kinderopvang IKC De Lis, gelegen naast het atelierpand Ackersdijkstraat, kunstenaars en kinderen bij elkaar gebracht om wekelijks in een echt kunstatelier aan de slag te gaan. Zowel de betrokken kunstenaars als de kinderen zijn hier heel enthousiast over.

beleidsplan SKAR 2025-2029

16

Clusters in ontwikkeling De inbedding van een broedplaats in de wijk heeft veel tijd en aandacht nodig om tot wasdom te komen. Cultuur wordt daarmee een onlosmakelijk onderdeel van het gebied. Sinds 2021 is SKAR voor een cluster in ontwikkeling, Het Archief in de Robert Fruinstraat, in gesprek met de gemeente en met andere financiers over een mogelijke aankoop. Dit cluster heeft veel potentie om langdurig impact te genereren in het culturele veld, voor de makers, voor de wijk en voor de stad. SKAR werkt momenteel aan een cluster voor ‘lense based arts’ (film, fotografie, video) in de Breevaartstraat. Deze locatie in de Spaanse polder is begin 2022 aangekocht. SKAR zal op deze locatie voor het eerst in haar bestaan de ontwikkeling van een nieuwbouwtraject doormaken, indien de financiering rondkomt. Dit kan de positie van fotografie en film als discipline verder helpen. Op de zuidoever van de Maas, pal naast De Hef, heeft Unilever decennialang haar productie voor pindakaas en margarine gehad. Inmiddels is het bedrijf vertrokken en wordt het terrein herontwikkeld tot een woon- en werkgebied, De Kaaij. Door de ontwikkelaars is SKAR uitgenodigd te participeren voor de invulling van het culturele programma, samen met Villa Zebra. Dat heeft geresulteerd in plannen voor een cluster rond cultuureducatie.

In het oosten van de stad, waar relatief weinig cultuuraanbod is, ontwikkelt SKAR een cluster specifiek voor de wijk. Samen met Hart voor Alexander en in de wijk gevestigde makers ontstaat hier een nieuwe broedplaats. Hier willen we aan jongeren (MBO’ers) de kans geven de eerste stappen te zetten om professioneel kunstenaar of maker te worden. Ook groeit de vraag naar plekken voor muziek sterk. Er is in Rotterdam veel te weinig ruimte voor musici om te oefenen en spelen. SKAR onderzoekt of het gebied M4H de ruimte hiervoor heeft. Van talentontwikkeling naar excellentie Lange tijd was Rotterdam de stad waar aankomend talent kon beginnen. Maar ook waar ze niet kon doorgroeien. Talentontwikkeling is goed geborgd, de volgende stap is talentbevestiging. Hoe hou je de veelbelovende kunstenaars in de stad? Hiervoor kijken we graag naar Amsterdam, dat er succesvol in is. Daar is al meerdere jaren een programma waarin kunstenaars voor een periode van een jaar zowel een atelier, een woning als een inkomen krijgen, met een afsluitende presentatie. We gaan onderzoeken of voor Rotterdam dit ook mogelijk is. Scherpte in keuze panden: welk vastgoed zoeken we SKAR heeft traditioneel voormalige schoolgebouwen in beheer.

Dit komt voort uit een traditie van beschikbaarheid – veel maatschappelijk vastgoed was van het type schoolgebouw – en uit voorkeur van een deel van de doelgroep, de autonoom kunstenaars die baat hebben bij een ‘klooster’ als type werkplek. Inmiddels is het aandeel voormalige schoolgebouwen dat beschikbaar is afgenomen. Ook zijn de voorkeuren van de doelgroep gewijzigd. Kunstenaars en makers met een meer toegepaste of hybride vorm van werken hebben meer aan gebouwen die een cluster mogelijk maken. De klassieke schoolgebouwen zijn daar minder geschikt voor. Daarnaast zijn deze gebouwen lastiger aan te passen aan gewijzigde eisen. Zo is het aanbieden van kleinere ruimtes omwille van de betaalbaarheid lastig. Om in de komende tien jaar een breder scala aan doelgroepen te helpen, zullen we meer en andere typen gebouwen zoeken. Bijvoorbeeld: - Gebouwen die flexibel in te richten zijn voor het creëren van grote en kleine werkplekken, het delen of opsplitsen van ruimtes; - Gebouwen waar een combinatie van kunst, cultuur en maatschappelijke functievermenging kan plaatsvinden; - Gebouwen die energetisch voldoende op orde zijn of verduurzaamd kunnen worden om bijkomende kosten laag te houden. We zullen meer zoeken naar panden met een open plattegrond, waarin werkplekken van een basismaat gerealiseerd worden.

Daarbij is flexibiliteit van belang, zodat kunstenaars en makers afhankelijk van hun situatie ateliers kunnen samenvoegen of juist splitsen. gebouwtypen

beleidsplan SKAR 2025-2029

toevoeging Totaal Kloosters Clusters

Totaal in m2 34.000 13.600 20.400

SKAR in m2

17

CHO in m2 17.000 5.000 12.000

17.000 8.600 8.400

Dit is lastig te vertalen naar afzonderlijke gebouwen. Voor een duidelijk beeld van wat mogelijk is maken we hier toch gebruik van twee typen, met daarin de gemiddelde maat. Het typische schoolgebouw, dat voor SKAR een belangrijk type is en via de CHO met name wordt aangeboden, is 950 m2 BVO. Het type voor clusters, een gebouwcomplex met een open plattegrond, varieert sterk. De Wasserij en Het Archief (Robert Fruinstraat) zijn twee goede voorbeelden. Het gemiddelde vloeroppervlak van deze complexen is 3.500 – 4.000 m2. Met het oog op investeringen in duurzaamheid zal onze zoektocht zich richten op gebouwen van minimaal 500 m2 BVO die relatief weinig gevel- en dakoppervlak hebben, aangezien dat minder isolatie inhoudt. Daarnaast willen we panden met kwetsbare installaties en voorzieningen bij voorkeur mijden: die zijn in gebruik erg duur. Verdeling kloosters en clusters per eigenaar Voor de uitbreiding houden we rekening met de behoefte van de kunstenaar/creatieven zoals die blijkt uit de recente aanmeldingen. Uit de analyse blijkt dat 40% zichzelf autonoom kunstenaar noemt en behoefte heeft aan een atelier in een ‘klooster’-pand. Teruggerekend naar beschikbaar oppervlak voor deze periode betekent dit 13.600 m2 BVO aan kloosters en 20.400 m2 BVO aan clusters. Het typische klooster is een schoolgebouw, met een gemiddelde BVO van 900 m2.

Voor clusters kijken we naar gebouwen van 1.500 – 4.000 m2. - Via de CHO met de gemeente Rotterdam: Aangezien schoolgebouwen primair gemeentelijk eigendom zijn, zal het grootse deel van de nieuwe klooster-ruimte via de gemeente worden gerealiseerd. - De uitbreiding van kloosterruimte in SKAR-panden zoeken we door aan de bestaande bouw, via uitbreidingen met extra verdiepingen (optopping), ruimte toe te voegen. Daarnaast zal ze nog een opgave voor twee gebouwen hebben. Daarmee zal SKAR zich voor de eigen opgave voor een belangrijk deel moeten richten op clusters, door hiervan drie tot vier complexen à 3.500 m2 BVO toe te voegen (vergelijkbaar met De Wasserij). Dan komen we op deze onderverdeling : toevoeging

SKAR

Kloosters

uitbreiding en 2 gebouwen 3 tot 4 complexen

Clusters

CHO gemeente Rotterdam 9 (school)gebouwen 2 tot 3 complexen

totaal uitbreiding en 11 (school)gebouwen 5 tot 7 complexen

4.5: Duurzaamheid: betaalbaarheid door de bijkomende kosten te beheersen Verduurzaming is zo vanzelfsprekend geworden, dat er weinig vragen gesteld worden hoe dat het beste gebeurt. En of iedere aanpak het gewenste effect heeft; ons standpunt is, dat we verduurzamen om de huurders te helpen. Kader: Deelvragen vierkamermodel: Kunstkamer: hoe kunnen we verduurzamen op een manier die past bij de huurders? Maatschappelijke kamer: hoe brengen we SKAR van het gas af? Vastgoedkamer: hoe houden we de huurlasten beperkt voor huurders en voor ons? Vermogenskamer: hoe verlengen we de levensduur van onze panden? Einde kader Een deel van de kosten die huurders voor een werkplek maken is tot nu toe lastig te controleren. Dat zijn de diensten die door externen aangeboden worden en door ons in de vorm van servicekosten doorbelast

beleidsplan SKAR 2025-2029

18

worden. Met name energie is hiervan een onderdeel dat steeds duurder wordt. Op basis van gegevens van het Centraal Bureau van Statistiek hebben we de gemiddelde inkomensgroei in de periode 2000 – 2020 van kunstenaars en makers gelegd naast de gemiddelde stijging van de gasprijzen over diezelfde periode. Hieruit bleek dat de gasprijzen gemiddeld driemaal zo snel stijgen als het inkomen. Wat voor kunstenaars en makers in 2015 betaalbaar was, is dat in 2025 niet meer. De kale huurprijs is niet meer voldoende als norm voor betaalbaarheid – we zullen het over de huurlasten als geheel moeten gaan hebben. Op basis van deze constatering zijn we het gesprek met onze grootste partner, de gemeente Rotterdam aangegaan. We willen de panden duurzaam betaalbaar houden. Dat houdt voor ons in dat de komende twintig tot veertig jaar de panden voor kunstenaars beschikbaar zijn en dat de totale huurlasten betaalbaar blijven. De kosten voor het verduurzamen zijn hoog, en kunnen niet zomaar betaald worden. Dit komt met name omdat, zoals we het nu geregeld hebben, de besparing bij de huurder komt, en de kosten bij de verhuurder. Daar zal geen bank financiering beschikbaar voor stellen. Door met de huurders af te spreken dat de gasrekening ingeruild wordt voor een Energiebesparingsvergoeding (EBV) ontstaan er wel mogelijkheden.

Dan kan de huurder er zeker van zijn dat de kosten stabiel blijven, en heeft SKAR de mogelijkheid om een financiering voor de verduurzaming aan te vragen en de rente en aflossing te betalen. Op basis van deze constructie is door SKAR en de gemeente in 2021 een opdracht verstrekt aan Facility2 om een business case te maken, met als centrale vraag of het mogelijk is om de panden te verduurzamen zonder dat de huurlasten als geheel veel stijgen. De uitkomsten zijn dat de investeringen kunnen worden terugverdiend (op basis van het prijspeil 2022). We zullen dit voor onze eigen panden uitvoeren, de gemeente doet dat voor haar bezit. Minstens zo belangrijk is, dat dit niet een eenmalige operatie is. Niet alleen de huidige panden worden hierin meegenomen, ook toekomstige panden die SKAR in eigendom neemt of huurt van de gemeente Rotterdam zullen op een vergelijkbare wijze worden verbeterd. Deze verduurzaming wordt onderdeel van de nieuwe Collectieve Huurovereenkomst – die daarmee op onderdelen wordt gewijzigd. Een belangrijk punt is dat over planmatig onderhoud en de kosten daarvoor nieuwe afspraken gemaakt zullen worden. We streven ernaar de gevolgen voor de huurders zo laag mogelijk te houden. We gaan dus volledig stoppen met gas als middel om te verwarmen. Dat betekent wel dat we meer elektriciteit zullen moeten gebruiken – de energie moet ergens vandaan komen.

Die willen we zoveel mogelijk zelf opwekken. Zonnepanelen zijn daarvoor een goede investering – we hebben immers ruim veertig daken. Máár niet alle daken zijn geschikt. En de opgewekte elektriciteit komt in principe alleen de gebruikers van het gebouw waarop de panelen liggen ten goede. De ene huurder kan daarmee profiteren van goedkope zonne-energie en de andere niet. Dat past niet bij hoe we willen werken – liever bieden we iedereen elektriciteit tegen dezelfde prijs. We zijn daarom in gesprek met coöperatie Energie voor Rotterdam om te kijken of we zonne-energie aan iedere huurder tegen hetzelfde lage tarief kunnen bieden. Voor de huurder Wat betekent dit voor de huurder? Allereerst zal die merken dat naast huur en servicekosten ook een component EBV in de factuur te zien zal zijn. De huurlasten als geheel zullen niet veel moeten verschillen van wat eerst alleen huur en servicekosten waren. Op de lange termijn zal het merkbaar zijn in de huurlasten: die stijgen minder snel. Maar er is meer. We gaan de verduurzaming samen met de huurders uitvoeren, en een eigen methode uitvinden, die verre van standaard is. Standaard wordt bij verduurzaming het gebouw als startpunt genomen, met een zeer grote nadruk op hoe verwarmd wordt (de installaties).

En er wordt gekeken naar hoe een gebouw ooit bedoeld was, niet hoe het nu gebruikt wordt (klaslokalen voor dertig leerlingen in plaats van voor één kunstenaar). Bovendien moet het zelfs in extreme situaties warm zijn. Dit zijn allemaal aspecten die de verduurzaming kostbaar maken. We beginnen daarom door met huurders te praten wordt over hoe ze hun atelier gebruiken en wat voor hun werk belangrijk is. Dat is een belangrijk uitgangspunt. Het volgende is dat huurders meer mogelijkheden hebben hun verbruik zelf in de hand te houden. Belangrijk hierin is dat het gebouw tot een basistemperatuur worden verwarmd en dat huurders hun eigen ruimte vervolgens zelf bij-verwarmen. Hiermee lukt het om maatwerk te leveren in de verduurzaming, op een wijze die past bij hoe kunstenaars werken en bij de wens ateliers betaalbaar te

beleidsplan SKAR 2025-2029

19

houden. We doen dit samen met een klein team, onder begeleiding van architectenbureau Superuse. Veel van het werk willen we met huurders uitvoeren (klussen voor de huur).

beleidsplan SKAR 2025-2029

20

4 SKAR als organisatie Hoe zijn we tot hier gekomen? Voorop staat, dat we bij SKAR altijd proberen de organisatie of overheadkosten zo laag mogelijk te houden – omdat dit helpt bij de betaalbaarheid van de huren. We hebben de groei in de eerste periode (2016-2021) gerealiseerd met een team van aanvankelijk drie, later zeven personen. Hiervan waren drie in dienst van SKAR en vier in de flexibele schil. Met dat team is het gelukt. Wat hielp was dat ze van pionieren hielden: SKAR kwam van relatieve stilstand in een hoge dynamiek terecht. Toch vergde het veel van de medewerkers. Sinds 2021 hebben we daarom de focus verlegd naar het verduurzamen van de bedrijfsvoering. De vaste kern van medewerkers is uitgebreid en we investeren samen sterk in de specialisatie op drie rollen: verhuur, ontwikkeling en bedrijfsvoering. In 2022 is het team van SKAR gegroeid naar zes medewerkers in vaste dienst en vijf in de flexibele schil. Voor een volgende stap in de groei van het aantal ateliers en broedplaatsen is dat niet genoeg. We hebben een uitbreiding nodig. Allereerst in de basis, door aan de bedrijfsvoering de functie van officemanagement toe te voegen. Dat geeft andere medewerkers de ruimte om zich meer op de eigen werkzaamheden te concentreren. Verder willen we per rol meerdere medewerkers hebben, om onderling te kunnen sparren over hoe je effectiever (en leuker) werkt.

Groeien, maar hoe? We moeten groeien, als we aan de vraag willen voldoen. Zowel in de hoeveelheid ateliers als in medewerkers. We weten hoeveel we aan ateliers kunnen toevoegen: dat is gemiddeld drie panden per jaar. Maar hoe bepaal je wat je nodig hebt in de organisatie? En hoe hou je daarin vast aan de waarden van SKAR? Ook hiervoor kan het vierkamermodel werken. Deelvragen vierkamermodel: Kunstkamer: hoe kunnen we kunstenaars en makers goed blijven helpen en informeren? Maatschappelijke kamer: hoe kunnen we helpen en adviseren bij goede groei? Vastgoedkamer: Hoe zorgen we ervoor dat we nieuwe gebouwen goed kunnen verhuren? Vermogenskamer: Hoe zorgen we ervoor dat we gedoseerd groeien (en voorkomen we uitputting)? Meer panden en meer maatwerk betekenen ook dat we onze aandacht meer moeten verdelen. We kunnen dat niet alleen, daar zullen we meer samen moeten optrekken met de (nieuwe) huurders. De jaren waarin Covid-19, inflatie en energieprijzen huurders in het nauw drongen hebben ons geleerd dat juist dan communicatie van groot belang is, en dat daarin veel mis kan gaan. Daarbij hebben we aandacht nodig voor bestaande huurders, maar net zo goed voor nieuwe huurders. En we zullen goed zicht moeten houden op aanstaande huurders en mensen die zich via de website bij ons melden voor een werkplek (de kandidatenlijst).

Die verschillende groepen moeten ieder op een eigen manier benaderd worden. Maar we hebben ook te maken met aanvullende vragen die aan ons gesteld worden. Daarbij gaat het om de rol die SKAR vervult als intermediair en ondersteuner, zowel voor de stad als voor de huurdersgroepen of communities. Sinds 2021 is SKAR een intermediaire organisatie, naast de culturele organisaties in het cultuurplan. De gemeente vraagt om een goede groei, wat we vertalen als het goed inbedden van de kloosters en clusters in de omgeving. Daarnaast vergaren we informatie en halen daar kennis uit. Ook dat wordt nu specifiek door de gemeente van ons gevraagd. Voor de communities is eveneens meer ondersteuning nodig. We zullen hiervoor meer aandacht moeten besteden aan de communicatie met huurders en stad, op verschillende manieren. Door beter en anders in gesprek te gaan, door huurders en stad meer mee te nemen in waar we tegenaan lopen, maar ook meer te laten zien wat we met vragen van huurders doen (en kunnen doen). Om aan deze vragen te kunnen voldoen, zullen we één fte extra nodig hebben.

beleidsplan SKAR 2025-2029

21

Hoeveel werk is het om te groeien? Het toevoegen van nieuwe panden met ateliers betekent dat de panden geschikt gemaakt moeten worden, en een nieuwe huurdergroep gevonden moet worden – dat is eenmalig. Maar daarna vergen zowel de huurders als het gebouw aandacht, zo lang als het gebouw in beheer is. Voor de verschillende typen panden en groepen huurders hebben we op basis van eerdere ervaringen inschattingen gemaakt. Daarin gaat het dus om tijd die eenmalig is en de tijd die permanent is. Eenmalig is de tijd die het kost om een gebouw in gebruik te nemen. Met alle voorbereidingen en zaken die we tegenkomen – vaak zijn de gebouwen in relatieve slechte staat van onderhoud – kost het zestien tot zeventien weken om een gebouw in gebruik te nemen (teruggerekend naar één werknemer of fte). Om drie gebouwen op jaarbasis te kunnen inrichten, zullen we per saldo ten minste één extra medewerker moeten aannemen. Daarnaast is er ook de permanente tijd, ofwel, iedere nieuwe huurder, iedere nieuwe community en ieder nieuw gebouw heeft tijd nodig. Om een pand in gebruik te nemen, met huurders en wat daar verder nodig is, kost aan onderhoud en begeleiding vijf weken. Dat betekent dat als SKAR in de aankomende drie jaar negen panden toevoegt, we voor de ontwikkeling en inrichting één fte extra nodig hebben, en voor de dagelijkse werkzaamheden een derde tot een half fte.

Om de groei te realiseren zullen we anderhalf fte erbij nodig hebben. Digitale hulpmiddelen De administratie van SKAR zal intensiever worden door de groei. Hierin zijn al veel stappen gezet, in de afgelopen periode. Toch lopen we aan tegen de grenzen van de huidige softwarematige ondersteuning. In de komende periode gaan we onderzoeken op welke wijze hierin verbeteringen kunnen worden aangebracht. Met name op een wijze die de huurder meer ontzorgt, door bijvoorbeeld on-line meer inzicht te hebben in de eigen huurgeschiedenis en facturatie. Daarnaast gaan we de focus leggen op hoe we de van de administratieve druk in de eigen organisatie lichter kunnen maken. Hiermee kan er ruimte komen om toekomstige ontwikkelingen in de verduurzaming en de opschaling te kunnen opvangen. Hoe willen we werken? Bij SKAR hebben we ons werk georganiseerd naar drie rollen die we hebben: verhuren, ontwikkelen en bedrijfsvoeren. Die rollen staan naast elkaar, we hebben elkaar nodig in alles wat we doen. Als kleine organisatie willen we een platte, en benaderbare organisatie zijn, ook als we groeien. Wel gaan we meer specialiseren. Voor iedere rol hebben we eigen doelstellingen geformuleerd, en iedere rol heeft zijn eigen doelgroep. Zo heeft Verhuren als doel om duurzaam huurgenot te realiseren, en zijn de huurders de belangrijkste doelgroep.

Ontwikkelen heeft het realiseren van nieuwe en vitale werklocaties als doel, en richt zich daarbij op kunstenaars, makers en de stad. En Bedrijfsvoeren heeft als doel om de andere rollen in hun kracht te zetten door hen effectief en efficiënt te ondersteunen in wat ze nodig hebben. Binnen die rollen werken meerdere medewerkers, ieder aan een eigen deel. En daarin werken ze samen met de andere rollen. Bij uitbreidingen kijken we altijd eerst naar de drie belangrijkste rollen, en hoe de medewerkers daarin beter toegerust zijn op wat nodig is. Daarnaast werken we met het vierkamermodel. Hierin willen we ook in ieder vraagstuk dat voorbijkomt, dat vanuit de vier verschillende perspectieven (kunst-, maatschappelijk, vastgoed, vermogen) aanlichten. Binnen iedere rol kunnen de vier kamers een verschillende inbreng opleveren. Om het vierkamermodel stevig in de organisatie in te bedden, gaan we bij ieder vraagstuk steeds de inbreng vanuit de kamers verdelen over medewerkers uit verschillende rollen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=0bf5edff-a41f-40d8-b598-a426b76411dd