Bijlage 1 Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand.pdf
Tekst van het document
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
Inhoud 1. Aanleiding.........................................................................................................................................2 2. De bestuursopdracht........................................................................................................................2 3. Opzet haalbaarheidsonderzoek........................................................................................................3 4. Financiën...........................................................................................................................................4 4.1. Uitgangspunten en resultaten businesscase............................................................................4 4.2. Investeringsoverzicht.................................................................................................................5 4.3. CO2-emissierechten...................................................................................................................5 4.4. Inzicht in de kosten voor de eindgebruikers.............................................................................5 5. Techniek............................................................................................................................................7 6.
Juridisch............................................................................................................................................8 6.1. AKD-advies en rol DER...................................................................................................................8 6.2. Intentieovereenkomst met Alwel................................................................................................10 6.3. Contractuele afspraken met PreZero..........................................................................................10 7. Participatie en communicatie.........................................................................................................10 7.1. Communicatie en participatie met particulieren........................................................................10 7.2. Communicatie en participatie met huurders..............................................................................11 8. Koppelkansen..................................................................................................................................11 9. Aandachtspunten en risico’s.......................................................................................................12 9.1. Capaciteit Enexis..........................................................................................................................12 9.2.
Deelname Alwel...........................................................................................................................13 9.3. Volloopscenario particuliere woningeigenaren.......................................................................... 13 9.4. De langdurige beschikbaarheid van de bron PreZero.................................................................13 9.5. De provinciale subsidie is onzeker...............................................................................................14 10. Conclusie...................................................................................................................................14 11. Vervolgfase...............................................................................................................................15
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
1. Aanleiding Het klimaatverdrag van Parijs 2015 heeft zich in Nederland vertaald in het Klimaatakkoord. In dat Klimaatakkoord is de doelstelling opgenomen om de gebouwde omgeving in 2050 aardgasvrij te hebben. Met gemeenten is afgesproken dat tot 2030 1,5 miljoen woningen aardgasvrij worden gemaakt of daarop worden voorbereid. De warmtetransitie is één van de grote opgaven om de gebouwde omgeving in 2050 uitstoot- en aardgas vrij te krijgen. Warmtenetten zijn daarbij een uitgelezen kans met veel potentie. Zeker ook in Roosendaal en specifiek in de Westrand. In uw collegeprogramma 2022 – 2026 heeft uw college de realisatie van een warmtenet in de wijk Westrand opgenomen als één van de doelen die bij moeten dragen aan een groene gemeente. Deze ambitie vormde de basis voor de bestuursopdracht voor een haalbaarheidsonderzoek die het college in mei 2024 vaststelde. Dit voorstel geeft antwoord op de vragen uit de bestuursopdracht, gericht op de bestaande bouw in de wijk Westrand. Daar waar antwoorden nog ontbreken wordt toegelicht wat daarvan de reden is.
2. De bestuursopdracht In de bestuursopdracht is de doelstelling als volgt geformuleerd: Het doel is de realisatie van een warmtenet waarbij: De gemeente de regie neemt en behoudt; De totale kosten (TCO) voor de afnemer van warmte niet hoger uitvallen dan een aardgasvrij individueel alternatief; De leveringszekerheid gegarandeerd wordt voor een periode van minstens 15 jaar; De aanleg van het warmtenet kan rekenen op voldoende draagvlak onder de inwoners van de wijk Westrand Dit alles dient plaats te vinden tegen de achtergrond van een beperkt middelenkader. De bestuursopdracht moet leiden tot inzicht in en informatie over alle belangrijke aspecten die onderdeel zijn van de finale besluitvorming inzake een collectieve warmtevoorziening in de wijk Westrand.
Gevraagd is om: Een matrix waarin alternatieven voor een warmtenet met elkaar worden vergeleken Intentieovereenkomsten tot samenwerken met share- en stakeholders Het vaststellen van de businesscase (en eventueel tussentijdse iteraties) Pre-advies over de vorm en juridische entiteit van het warmtebedrijf voor kavel ‘Westrand’ Subsidieaanvragen Strategisch beleid inzake bodem (kabels en leidingen) Koppelkansen (met bodemwerken, klimaatadaptatie en schaalsprong) Advies over het in te zetten wettelijk instrumentarium om het vollooprisico te beteugelen Plan van Aanpak participatie en communicatie Een geactualiseerde Transitie Visie Warmte (TVW 2.0) De te verwachte investeringen initieel en structureel Pas nadat het college positief besloten heeft over de realisatie van de collectieve warmtevoorziening zal ze besluiten over: - Het aanwijzen van één of meerdere warmtekavels - De vorm en juridische entiteit van het warmtebedrijf voor kavel ‘Westrand’.
Onderdeel
Locatie in het haalbaarheidsonderzoek
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
Een matrix waarin alternatieven voor een warmtenet met elkaar worden vergeleken
Hoofdstuk 4
Intentieovereenkomsten tot samenwerken met share- en stakeholders Het vaststellen van de businesscase (en eventueel tussentijdse iteraties) Pre-advies over de vorm en juridische entiteit van het warmtebedrijf voor kavel ‘Westrand’ Subsidieaanvragen Strategisch beleid inzake bodem (kabels en leidingen) Koppelkansen (met bodemwerken, klimaatadaptatie en schaalsprong) Advies over het in te zetten wettelijk instrumentarium om het vollooprisico te beteugelen Plan van Aanpak participatie en communicatie Een geactualiseerde Transitie Visie Warmte (TVW 2.0)
Hoofdstuk 6
De te verwachte investeringen initieel en structureel
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 6 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 8 Hoofdstuk 8 Hoofdstuk 6 Hoofdstuk 7 Het opstellen van een nieuw warmteprogramma (TVW2.0) is een apart traject en staat gepland voor 2026 Hoofdstuk 4
3. Opzet haalbaarheidsonderzoek
BO gemeente Alwel
PoHo wethouder Koenraad
Projectleider Regiegroep
Voor dit haalbaarheidsonderzoek is een projectorganisatie opgezet bestaande uit 5 thematafels: Financiën Techniek Juridisch Koppelkansen Communicatie en Participatie
Elke thematafel heeft een trekker. Deze heeft zitting in de ambtelijke Communicatie Koppelkansen Juridisch Techniek Financiën & participatie regiegroep. De regiegroep draagt Duurzame Energie Roosendaal zorg voor de algehele afstemming en regie. De projectleider is voorzitter van de regiegroep en is verantwoordelijk voor de algehele voortgang en onderhoud het contact met de portefeuillehouder en bestuurlijk opdrachtgever. De projectleider treedt ook op als ambtelijk secretaris van het Bestuurlijk Overleg met woningcorporatie Alwel. DER heeft als beoogd warmtebedrijf en kennispartner geadviseerd aan de thematafels en had zitting in de regiegroep.
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
4. Financiën Een belangrijk onderdeel van de haalbaarheid van een warmtenet voor de Westrand is het financiële plaatje. Om dit inzichtelijk te maken is er een businesscase opgesteld voor de exploitatie. Deze businesscase laat zien het warmtenet in de wijk Westrand gerekend over de economische levensduur (60 jaar) kan leiden tot een rendabele onderneming. De belangrijkste factor in het verkrijgen van een positieve businesscase is het aantal aansluitingen. De businesscase is tegen gelezen door ingenieursbureau Innoforte en in afstemming met DER en de collega's van de afdeling financiën opgewerkt tot het nu voorliggende resultaat.
4.1. Uitgangspunten en resultaten businesscase Het deelgebied in de wijk Westrand dat in de businesscase is doorgerekend beslaat 1188 aansluitingen. Gegeven de hoge investeringen faciliteert de rijksoverheid en provincie deze ontwikkeling met diverse subsidies, waarmee in deze businesscase rekening is gehouden. Het risico van deze subsidies is dat ze in de toekomst misschien niet beschikbaar zijn. Dat betekent ook dat een tweetal variabelen verplicht is voorgeschreven, namelijk de rentevoet op het vreemd vermogen van maximaal 4,23% en de periode van zeven jaar waarin het totaal aantal aansluitingen moet worden gerealiseerd. Dit te rekenen vanaf de start van de exploitatie. Het aantal van 1188 aansluitingen komt nagenoeg overeen met het aantal aansluitingen dat gerealiseerd gaat worden in de wijk Stadsoevers, waardoor DER beschikt over een groot aantal ervaringsgegevens voor technisch beheer, onderhoud, administratie, incasso en verzekeringen. Bij de uitwerking van de businesscase is hier gebruik van gemaakt. Er is gekozen voor een model dat is ontwikkeld door een extern adviesbureau en daarmee gezien kan worden als een robuuste en getoetste businesscase. In het model is uitgegaan van een aansluitpercentage van 100%. Dit is wel het meest optimistische scenario en is ook niet het scenario wat realistisch geacht wordt.
Daarom is ook bepaald welk aansluitpercentage minimaal nodig is om een neutrale exploitatie te draaien, uitgaande van een periode van 60 jaar. Ook zijn er meerdere scenario’s uitgewerkt, namelijk met en zonder combinatie met Stadsoevers. Scenario Zelfstandige exploitatie Westrand Zelfstandige exploitatie Westrand Gezamenlijke exploitatie Westrand-Stadsoevers Gezamenlijke exploitatie Westrand-Stadsoevers
Aansluitpercentage Alwel
Aansluitpercentage particulieren
Rendement eigen vermogen
100
100
6,25%
100
85
0
100
100
7,25%
100
80
0
Bovenstaande tabel laat zien dat een rendabele exploitatie van een warmtenet mogelijk is. Wel is hiervoor een hoog aansluitpercentage randvoorwaardelijk. De hoge noodzakelijke
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
aansluitpercentages zijn het gevolg van de hoge investeringskosten, die weer voortvloeien uit het werken in bestaand gebied en de sterke kostenstijging van de laatste jaren. Om de hoge participatiegraad te realiseren, is het nodig dat Alwel volledig deelneemt en dat er voldoende deelname is vanuit particuliere woningeigenaren. Een goede participatiestrategie is hierbij cruciaal. Daarnaast laat de tabel zien dat het voor de businesscase positief is als de synergievoordelen tussen Stadsoevers en Westrand benut kunnen worden. Het rendement stijgt door deze gezamenlijke exploitatie, en ook het benodigde aansluitpercentage voor een neutrale businesscase wordt gunstiger.
4.2. Investeringsoverzicht Op basis van het schetswerp is in afstemming tussen DER en een technisch ingenieursbureau een investeringskostenraming uitgewerkt, die getoetst is door een tweede bureau. Hierdoor kunnen wij het volgende geobjectiveerde totaaloverzicht presenteren: Omschrijving Bruto-investering Af: Bijdrage Aansluitkosten (BAK) Subsidies Subtotaal bijdragen door derden Netto-investering
Totaal Per aansluiting € 29.704.000 € 25.000 € 6.734.000 € 8.628.000 € 15.362.000
€ 5.700 € 7.300 € 13.000
€ 14.342.000
€ 12.000
4.3. CO2-emissierechten De beprijzing van CO2-uitstoot is politiek-bestuurlijk middel om verduurzaming te stimuleren. Voor die beprijzing is een Europees Tarifering Systeem (ETS) ingericht, waarin de prijs per uitgestoten CO2ton wordt vastgesteld en verrekend. Momenteel is deze prijs per CO2-ton € 80. De verwachting is dat deze prijs de komende jaren gaat oplopen naar een niveau tussen €150 en €200 per ton. Bij het gasloos maken van de eerste fase van de wijk Westrand wordt uiteraard een forse hoeveelheid CO2uitstoot voorkomen en daarmee maatschappelijk rendement gecreëerd. Dit maatschappelijk rendement kan worden uitgedrukt in de bespaarde CO2-emissierechten over de gehele periode. Uitgaande van een gemiddelde prijs per CO2-ton van € 175 bedraagt de contante waarde van bespaarde CO2-emissierechten ongeveer € 3,4 miljoen. Op deze manier wordt het maatschappelijk rendement van de businesscase veel gunstiger.
4.4. Inzicht in de kosten voor de eindgebruikers. Een van de belangrijkste aspecten van een warmtenet is de betaalbaarheid voor de eindgebruikers. Hierbij is het nodig om onderscheid te maken tussen de investeringskosten en gebruikskosten. De investeringskosten bestaan uit de directe aansluitkosten van het warmtenet, maar ook bijkomende
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
kosten die nodig zijn om de woning verder te isoleren en over te stappen op elektrisch koken. De gebruikskosten zijn de jaarlijkse kosten en bestaan uit het vastrecht en de energiekosten. Daarnaast zit er ook nog een onderscheid tussen woningeigenaren en huurders. Woningeigenaren zijn zelf verantwoordelijk voor de investeringskosten en gebruikskosten, terwijl dit bij huurwoningen anders is. Daar betaalt de huurder de gebruikskosten, maar de verhuurder de investeringskosten. Onder de nieuwe warmtewet wordt het wel mogelijk dat de verhuurder een deel van de gebruikskosten op zich neemt, om het voor de huurder aantrekkelijker te maken. Voor nu wordt er nog geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende eindgebruikers en worden deze kosten nog op één hoop gegooid in de vergelijking. De totale kosten moeten daarna vergeleken worden met de huidige situatie op aardgas, en met andere duurzame alternatieven zoals een (hybride-)warmtepomp. Hierin worden ook de beschikbare subsidies meegenomen. Het maken van een objectieve, eenduidige vergelijking is hierbij lastig omdat dit per woning en bewoner sterk kan verschillen. Het huidige gasverbruik, isolatieniveau en aanwezige installaties spelen hier allemaal een rol. De belangrijkste aspecten worden in onderstaande tabel kwalitatief met elkaar vergeleken. Hier worden de volgende parameters met elkaar vergeleken:
Benodigd isolatieniveau: De mate van isolatie die nodig is om de warmteoplossing effectief te laten functioneren. Dit is voornamelijk afhankelijk van het temperatuurniveau van de warmteoplossing. Investeringskosten: De benodigde investeringskosten van de warmteoplossing. Dit zijn bijvoorbeeld de aansluitkosten van een warmtenet, of de aanschaf van een warmtepomp. Dit zijn alleen de directe kosten voor de warmteoplossing en niet de bijkomende kosten. Gebruikskosten: De jaarlijkse kosten voor de warmteoplossing. Dit zijn de leveringskosten van gas, warmte en elektriciteit, het vastrecht en de onderhoudskosten. TCO (15 jaar): De Total Cost of Ownership, oftewel de totale kosten over de levensduur van een warmteoplossing voor de eindgebruiker. In dit geval wordt er gekeken over een periode van 15 jaar. Duurzaamheid: De duurzaamheid van een warmteoplossing. Hier wordt gekeken naar het gebruik van fossiele brandstof en toekomstbestendigheid.
Warmteoplossing
Benodigd isolatieniveau
Investeringskosten
Gebruikskosten
TCO (15 jaar)
Duurzaamheid
Aardgas Warmtenet Hybride L/W warmtepomp All electric L/W warmtepomp All electric W/W warmtepomp
++ +
++ +
--
+/--
-++
+
+/-
+
+
+/-
-
-
++
++
+
-
--
++
-
++
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
De huidige stand van zaken is dat er nog geen eenduidige beste oplossing is. Er is geen enkele warmteoplossing die goed scoort op duurzaamheid, totale kosten, en benodigd isolatieniveau. Een aansluiting op een warmtenet is een relatief goedkope investering waar er beperkt geïsoleerd hoeft te worden, maar waar de totale kosten hoog uitvallen. Een L/W warmtepomp daarentegen heeft relatief lage totale kosten, maar de meeste kosten zitten aan de voorkant waardoor er een grotere voorinvestering nodig is. Op aardgas blijven is niet toekomstbestendig en daarmee op lange termijn geen optie. Een hybride L/W warmtepomp blinkt nergens echt in uit, maar biedt wel een laagdrempeligere manier om een eerste stap te zetten in de warmtetransitie. Betaalbaarheid voor de eindgebruikers is één van de eisen waaraan moet worden voldaan voordat de aanwijsbevoegdheid kan worden ingezet. In een vervolgfase zal de betaalbaarheid op basis van de definitie uit de het Bgiw (Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie) kwantitatief worden gemaakt. Op basis daarvan wordt bepaald of het warmtenet aan deze eis voldoet.
5. Techniek Het uitgangspunt voor het warmtenet is dat het wordt uitgevoerd als een midden temperatuur warmtenet (aanvoer 70°C, retour 40°C) en gevoed door de bestaande uitkoppeling vanuit het bestaande lage temperatuur warmtenet van DER. Een schaalbare techniekruimte met warmtepompen voedt het distributienetwerk met midden temperatuur warmte. De beoogde locatie voor de techniekruimte is voorzien in de oksel van de Jan Vermeerlaan en Scherpdeel. In de voorlopig ontwerpfase dient deze locatiekeuze verdere bouw- en vergunning-technische invulling te krijgen. Er is door twee ingenieursbureaus gerekend aan het tracé-ontwerp en dit is de basis geweest voor de investeringsraming. De primaire leiding volgt nu de hoofdontsluitingswegen van de wijk in de vorm van een ringstructuur. Vanuit de ringstructuur gaan inprikkers verder de aanliggende straten in. Het volledige ontwerp van primaire leiding tot aan de huisaansluitingen past in de beschikbare ruimte.
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
Backbone Fase 1: • Aanleg backbone, aansluiting op bestand warmtenet • Aanleg primaire ringleiding • Realisatie bouwkundige techniekruimte • Realisatie technieke volloop 1 scenario Vervolgfasen 2 tot en met 8 (7 jaar) Na ondertekening realisatiecontract • Secundair leidingen (woonstraten) • Huisaansluitingen
Techniekruimte
Primaire leiding (ringleiding)
Huisaansluitingen Aansluitleiding tussen de straat en de woning Secundaire leiding (woonstraten)
Door de primaire leiding aan te leggen als ringstructuur wordt het mogelijk om verdere uitrol gefaseerd en beheersbaar te maken. Ook het aanleggen van de ringstructuur zelf kan gefaseerd worden om het vollooprisico te verkleinen. Per fase kan dan een cluster van ca 350 woningen worden aangesloten waarbij steeds een deel huurwoningen en een deel particuliere woningen in beeld komen.
6. Juridisch De Wcw (Wet collectieve warmte) en Wgiw (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie) vormen de basis waarop de gemeente uitvoering kan geven aan haar regiefunctie in de warmtetransitie. Beide wetten treden op zijn vroegst pas begin 2026 in werking. Het gebruik van het instrumentarium dat de Wgiw aan gemeenten biedt is randvoorwaardelijk om grip te houden op het volloopscenario. De Wgiw biedt aan gemeenten de mogelijkheid om een gebied aan te wijzen dat binnen een minimale termijn van 8 jaar aardgasvrij wordt. Dit is de aanwijsbevoegdheid.
6.1. AKD-advies en rol DER DER is vooralsnog het beoogde warmtebedrijf voor een te realiseren warmtenet in de wijk Westrand, opererend vanuit een nader vast te stellen juridisch kader. De eerdere verkenning met Enexisdochter Enpuls heeft niet geleid tot een verdere samenwerking in deze initiërende fase. De benodigde inhoudelijke kennis bleek in voldoende mate aanwezig binnen DER. Daarnaast is gedurende het onderzoek naar de financiële haalbaarheid gebleken dat er efficiëntievoordelen optreden als één warmtebedrijf meerdere warmtekavels exploiteert. AKD heeft een advies uitgebracht voor de juridische constructie waaronder DER het warmtenet in de Westrand kan ontwikkelen en exploiteren: 1. DER aanwijzen als warmtebedrijf.
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
2. DER richt een dochter op die aangewezen wordt als warmtebedrijf. 3. Het warmtebedrijf wordt een nieuwe vennootschap (los van DER). 4. De aandelen in DER gaan over van de Gemeente naar een nieuwe vennootschap (holding). Deze vennootschap wordt aangewezen als warmtebedrijf. Schematisch ziet dat er als volgt uit:
Voor de keuze voor DER gelden een aantal argumenten: - Er hoeft geen nieuwe overeenkomst te worden opgesteld; - De businesscase laat zien dat de overheadkosten van DER over 2 kavels kunnen worden verdeeld. Als een tweede warmtebedrijf binnen Roosendaal actief zou worden kunnen de efficiencyvoordelen van één warmtebedrijf niet benut worden; - Een tweede warmtebedrijf zal onder de nieuwe warmtewet aan door de ACM opgelegde kwaliteitseisen moeten voldoen. De algehele verwachting is dat dit zware eisen zullen zijn. DER is hier in het voordeel, omdat het kan terugvallen op de ervaring, kennis en kunde die al is opgedaan bij de ontwikkeling en exploitatie van het LT-warmtenet in Stadsoevers Hieruit volgt dat de opties 1 en 2 het meest voor de hand liggen om in de vervolgfase nader uit te werken. In alle gevallen geldt als uitgangspunt dat onder de nieuwe warmtewet de gemeente een meerderheidsbelang moet hebben. Een ander uitgangspunt moet zijn dat de juridisch constructie
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
deelname op enig moment van een andere publieke entiteit niet uitsluit. Schaalvergroting kan op termijn betekenen dat de behoefte bestaat een warmtebedrijf op regionale schaal te organiseren.
6.2. Intentieovereenkomst met Alwel Voor de samenwerking met woningcorporatie Alwel is een Intentieovereenkomst voorbereid, maar deze is uiteindelijk niet getekend. Alwel heeft in bestuurlijke overleggen meerdere keren benadrukt dat zij een warmtenet zien als een belangrijk onderdeel van de energietransitie, omdat een volledig all-electric oplossing op korte termijn waarschijnlijk niet haalbaar is. Tegelijkertijd is duidelijk dat er op dit moment nog veel vragen zijn over de verdere uitwerking van het warmtenet. Bovendien leidt het warmtenet op dit moment tot hogere kosten voor bewoners, onder meer door de hoge vaste kosten. Ook het verschil met een all-electric oplossing is voor huurders op dit moment veel te groot. Het versterken van de samenwerking en het gezamenlijk voorbereiden van participatie in de toekomst is een cruciaal onderdeel van de vervolgfase. Daarmee kan pas worden gestart als het betaalbaarheidsprobleem (landelijk) wordt opgelost. Alwel ondersteunt een warmtenet in de nieuwbouw. Onder de huidige omstandigheden is een warmtenet in de bestaande bouw niet haalbaar.
6.3. Contractuele afspraken met PreZero Warmtebedrijf DER heeft een bestaand contract met PreZero voor de uitkoppeling van warmte. Dit zal moeten worden aangepast om de levering van warmte aan de wijk Westrand voor bepaalde tijd te waarborgen. Recent heeft PreZero laten weten substantieel te gaan investeren in de verduurzaming van hun primaire processen in de plant in Roosendaal. Daarvoor gaan zij een deel van hun restwarmte omzetten in stroom. De verwachting is dat ook na 2045 nog voldoende restwarmte beschikbaar blijft voor de voeding van het warmtenet. Toch doet de gemeente er verstandig aan op zoek te gaan naar alternatieve warmtebronnen. Ook al omdat er meer wijken in aanmerking komen voor een collectieve warmtevoorziening en de bron PreZero met de levering aan Stadsoevers en Westrand aan de grens van zijn capaciteit zit.
7. Participatie en communicatie Een warmtenet is niet mogelijk zonder mensen die erop aan willen sluiten. Bij het aansluiten op een warmtenet spelen verschillende belangen mee, die soms tegenstrijdig kunnen zijn. Het maatschappelijke belang om te verduurzamen komt niet altijd overeen met de belangen van individuele bewoners. Om ervoor te zorgen dat deze belangen begrepen worden en dat er voldoende invulling aan gegeven kan worden zijn communicatie en participatie enorm belangrijk.
7.1. Communicatie en participatie met particulieren De afgelopen periode is in de wijk Westrand vooral gecommuniceerd over wat inwoners in het kader van de energie- en warmtetransitie kunnen besparen. Daarvoor is de samenwerking met Energiebox aangegaan. Ten behoeve van het haalbaarheidsonderzoek is een online onderzoek uitgezet onder 50 particulieren wooneigenaren. Daarmee is inzicht verschaft in een aantal verschillende woningen. De vragen gingen onder andere over het huidige verbruik, de kosten en installaties. Deze input is gebruikt om een beter beeld te krijgen van de daadwerkelijke kosten en situatie in plaats van enkel te vertrouwen op globale gegevens.
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
De verdere communicatie en participatie kan pas effectief gestart worden als er een besluit is genomen om deze initiatiefase om te zetten naar een volgende fase. Dan pas kan met meer duidelijkheid over de consequenties voor de inwoners gecommuniceerd worden. Hierbij is het cruciaal dat woningcorporatie Alwel ook aansluit. Het hierbij enorm belangrijk dat Alwel en de gemeente samen optrekken en afstemmen hoe de communicatie en participatie opgepakt gaat worden. Dat betekent niet dat in deze fase al niet is nagedacht over een succesvolle communicatiestrategie. Deze is nauw afgestemd met de communicatie en participatiestrategie die ontwikkeld is in het kader van de gebiedsontwikkeling en het NPLW. Een uitgebreide toelichting op de communicatie- en participatiestrategie is opgenomen in bijlage 2.
7.2. Communicatie en participatie met huurders Voor Alwel geldt dat minimaal 70% van de huurders moet instemmen met een verduurzamingsvoorstel voordat zij zich formeel kunnen verbinden aan een uitvoeringsovereenkomst. Dit betekent dat draagvlak onder huurders een belangrijke succesfactor is voor het warmtenet. Het betrekken van huurders in een vroeg stadium vergroot de kans op een positief besluit en draagt bij aan vertrouwen in het project. Omdat huurwoningen een sleutelrol spelen in het slagen van het warmtenet, is deze gezamenlijke aanpak van participatie een belangrijk aandachtspunt in de toekomstige vervolgfase.
8. Koppelkansen Er is onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden om werk met werk te maken. De zogenaamde koppelkansen. Daarbij is in deze fase vooral gekeken naar mogelijk synergie-effecten die ontstaan bij een gelijktijdige realisatie van (delen van) het warmtenet met andere opgaven, zoals de vervanging van rioleringen, werken aan nutsvoorzieningen, gebiedsontwikkeling en nieuwbouw en renovatieplannen van Alwel. Concrete koppelkansen doen zich slechts in zeer beperkte mate voor. Een klein deel van de primaire leiding kan al in de grond worden gebracht als er gewerkt wordt aan de riolering, maar dit is enkel bij een optimistische planning van het warmtenet. Koppelkansen voor 2027 zijn hiervoor eigenlijk al te kort dag, waardoor enkel de opties voor 2030 overblijven. Daar waar dit zich voor doet vraagt dit om nadere afstemming en besluitvorming. Koppelkansen van andere aard (toekomstig parkeren, klimaatadaptatie, sociaal domein, NPR, onderwijs) zijn in dit haalbaarheidsonderzoek nog niet meegenomen. Als er wat stappen zijn gemaakt in het concretiseren van de planning van het warmtenet moet hier opnieuw naar worden gekeken. Op dit moment is de onzekerheid hiervoor nog te groot.
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
Koppelkansen fase 1 o.b.v. huidige programmering Beheer/riolering •
Ten oosten van Jan Vermeerlaan (2030) gedeeltelijk
•
Fragmentarische aanleg ten westen van Jan Vermeerlaan (2027)(loze warmteleiding onder stikstof, niet gekoppeld)
9. Aandachtspunten en risico’s In Nederland is er een grote ambitie op het gebied van collectieve warmtenetten, maar de doelen komen steeds verder uit het zicht. Het succesvol aanleggen van een (gemeentelijk) warmtenet is enorm complex en er moeten veel aspecten samenkomen om dit te realiseren. Voor Roosendaal en de Westrand ligt er een uitgelezen kans, maar er moeten nog wel een aantal hordes worden genomen.
9.1. Capaciteit Enexis Voordat begonnen kan worden met de aansluiting van woningen op het warmtenet zal het elektriciteitsnetwerk in de wijk Westrand verzwaard moeten worden. In alle woningen moet elektrisch koken mogelijk worden gemaakt en daarnaast moet er een aparte grootverbruik aansluiting worden gerealiseerd voor het opwaardeerstation. Netbeheerder Enexis heeft aangegeven daar in hun planning tot 2037 geen rekening mee te houden. Zonder netverzwaring geen warmtenet. Binnen Roosendaal concurreert het warmtenet met andere energie-vragende opgaven, zoals nieuwe woningen of de uitbreiding van bedrijven. Tegenmaatregelen Er loopt momenteel een intern project om de energie-vragende opgaven te prioriteren waardoor het (bestuurlijk) gesprek met Enexis beter gevoerd kan worden. Onderdeel van de netverzwaring is ook de uitbreiding van het aantal middenspanningsstations van Enexis op het grondgebied van de gemeente Roosendaal. De aard en omvang van deze gebouwen vragen om een tijdige start van de ruimtelijke procedures.
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
9.2. Deelname Alwel De inbreng van het bezit van Alwel bestaat uit hoogbouw en grondgebonden woningen. Met een aandeel van ca 50% van de 1176 wooneenheden in het plangebied kan deze inbreng gezien worden als startmotor. De deelname van Alwel is hierbij randvoorwaardelijk voor realisatie. Tegenmaatregelen Het warmtenet zal op de lange termijn planning van Alwel een plek moeten krijgen. Op deze manier kan het traject van start gaan en er kan worden begonnen met onder andere de participatie en inventarisatie. Hiervoor zal de gemeente ook duidelijkheid richting Alwel moeten verschaffen. Het is belangrijk dat de gemeente en Alwel samen optrekken om de planning en de benodigde investeringen aan de kant van Alwel inzichtelijk te krijgen.
9.3. Volloopscenario particuliere woningeigenaren Uit de businesscase komt dat minimaal 85% van de particuliere woningeigenaren moeten aansluiten op het warmtenet om de businesscase over de economische levensduur nog sluitend te laten zijn. Dit bovenop 100% van de woningen van Alwel. Het risico is dat dit streefpercentage niet of pas heel ver in de tijd wordt gerealiseerd. In dat geval zal de businesscase negatief worden. Tegenmaatregelen Gemeenten krijgen, nadat de Wet gemeentelijke instrumenten warmtewet (Wgiw) in werking is getreden, de bevoegdheid om een gebied aan te wijzen en aardgasvrij te verklaren na een periode van minstens 8 jaar. Door van deze bevoegdheid gebruik te maken oefent de gemeente regie uit op het verloop van het volloopscenario. Immers; inwoners moeten dan binnen 8 jaar een keuze maken voor een aardgasvrij alternatief voor warmte en warm water. Daarbij moet worden opgemerkt dat inwoners niet verplicht zijn om te kiezen voor het warmtenet. Om particuliere woningeigenaren te stimuleren en te verleiden om toch voor het warmtenet te kiezen moet deze optie zo aantrekkelijk en laagdrempelig mogelijk worden gemaakt. Dit kan door het bieden van financiële prikkels, zoals subsidies of een aansluitbijdrage. Ook helpt het als de overstap technisch eenvoudig wordt gemaakt. Heldere communicatie over de voordelen, kosten en planning is daarbij essentieel.
Tot slot is het belangrijk dat bewoners vertrouwen hebben in de betrouwbaarheid en betaalbaarheid van het warmtenet op de lange termijn.
9.4. De langdurige beschikbaarheid van de bron PreZero De betrouwbaarheid en betaalbaarheid van een warmtenet hangt nauw samen met de gebruikte warmtebron. Voor het huidige warmtenet in Stadsoevers en het potentiële warmtenet in de Westrand is er slechts één bron voorzien, namelijk de afvalenergiecentrale van PreZero. Het huidige contract met PreZero loopt tot en met 2053, maar mag door beide partijen tussentijds worden opgezegd. De opzegtermijn is standaard 5 jaar, maar in sommige gevallen kan het zelfs worden verkort naar 2 jaar. Gezien de lange looptijd van dit soort trajecten is dit een risico met een grote impact. Tegenmaatregelen Om dit risico te mitigeren, kan worden gekeken naar een alternatieve bron. Er is lokaal echter geen bestaande bron beschikbaar die als volwaardige vervanging kan dienen. Een andere optie is het ontwikkelen van een maakbare bron, zoals een collectieve warmtepomp. Dit vereist wel aanzienlijke investeringen en heeft grote impact op de businesscase.
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
Daarnaast kan het risico worden beperkt door nieuwe contractuele afspraken te maken met PreZero voor het warmtenet in de Westrand, bijvoorbeeld door een langere looptijd af te spreken en strengere voorwaarden te stellen aan tussentijdse opzegging.
9.5. De provinciale subsidie is onzeker In 2023 is er door provincie Noord-Brabant een subsidie verleend voor het project duurzaam warmtenet Westrand. Deze subsidie is gekoppeld aan een investeringsbesluit, of garantstelling van de gemeente. In eerste instantie was de deadline voor deze verplichting 31 december 2023, maar deze is gewijzigd naar 31 december 2025. Op dit moment zijn er nog te veel onzekerheden om een goed onderbouwd investeringsbesluit voor te leggen. De subsidie van 1,5 miljoen euro is nu wel opgenomen in de businesscase, maar het is onzeker of er voldoende aan de eisen van de provincie is voldaan. Tegenmaatregelen Om de subsidie te houden is het belangrijk om in contact te blijven met de provincie Noord-Brabant. Beide op ambtelijk als bestuurlijk niveau. Het is nog steeds de wens van de provincie om initiatieven zoals het warmtenet Westrand te stimuleren, maar de tijd begint wel te dringen. De provincie is zelf ook bezig met het ontwikkelen van een warmtebedrijf. De koppeling tussen lokaal en provinciaal kan verder onderzocht worden om de synergie en mogelijke voordelen in kaart te brengen. Het risico zou gemitigeerd kunnen worden door externe financiering aan te trekken of op zoek te gaan naar aanvullende subsidieregelingen. Dit heeft de grootste slagingskans als er een concreet uitvoeringsplan voorligt.
10.
Conclusie
Op basis van het uitgevoerde haalbaarheidsonderzoek is het op dit moment niet opportuun om door te gaan met de verdere uitwerking van een warmtenet in de wijk Westrand. Hoewel het onderzoek laat zien dat een warmtenet technisch realiseerbaar is en op lange termijn kan bijdragen aan de verduurzaming van Roosendaal, zijn er op dit moment te veel onzekere factoren:
Betaalbaarheid: De totale kosten voor bewoners liggen momenteel hoger dan bij alternatieve oplossingen, waardoor draagvlak ontbreekt. Randvoorwaarden: Deelname van woningcorporatie Alwel is onzeker en cruciaal voor het slagen van het project. Infrastructuur: Verzwaring van het elektriciteitsnet door Enexis is niet op korte termijn voorzien, wat een harde blokkade vormt. Risico’s: Er is een hoge afhankelijkheid van één warmtebron (PreZero) en er is onzekerheid over wettelijke instrumenten die pas in 2026 beschikbaar komen. Participatie: Zonder duidelijkheid over betaalbaarheid en planning is effectieve participatie niet mogelijk.
Gezien deze omstandigheden is het verstandiger om het project voorlopig te parkeren en pas opnieuw te beoordelen wanneer de landelijke betaalbaarheidsproblematiek is opgelost, de wettelijke kaders (Wcw en Wgiw) in werking zijn getreden, en er duidelijkheid is over netverzwaring.
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
11.
Vervolgfase
De vervolgfase moet leiden tot een voorlopig en uiteindelijk definitief (technisch) ontwerp van het warmtenet inclusief technische ruimte. De belangrijkste onderdelen hiervan zijn het opstarten van communicatie en participatie in de wijk en het verplichte vooronderzoek voor het inzetten van de aanwijsbevoegdheid in het kader van de Wgiw. Parallel hieraan zal er gewerkt worden aan onder andere de uitrol van het Roosendaals Isolatie Programma. Communicatie en participatie moet worden opgestart Tot dusver heeft er nog maar beperkt communicatie plaats gevonden over het warmtenet. Voor de wijk Westrand is een uitgebreid communicatie- en participatieplan opgesteld. Dit plan is integraal opgesteld en houdt rekening met andere ontwikkelingen in de Westrand. Na besluitvorming zal hier gericht invulling aan gegeven worden. Daarbij wordt zoveel mogelijk samengewerkt met Alwel. Wettelijk verplicht vooronderzoek in het kader van de Wgiw Om als gemeente gebruik te kunnen maken van de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw), is een zorgvuldig en goed onderbouwd voortraject vereist. Dit traject is nodig om te kunnen overgaan tot het aanwijzen van een gebied waar de aardgasaansluiting vervalt (het aanwijsbesluit). De expliciete eisen aan de onderbouwing en besluitvorming moeten nog nader worden gespecificeerd in het Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie.
Deze wordt medio 2026 verwacht. Checklist: Verplichte onderdelen voor inzet aanwijsbevoegdheid Wgiw
Onderdeel
Omschrijving
Warmteprogramma
Gemeentelijke visie op de warmtetransitie, inclusief planning en afwegingskader.
Wijkuitvoeringsplan
Specifiek plan per wijk met technische, financiële en sociale onderbouwing.
Participatieproces
Aantoonbare participatie van bewoners, bedrijven en andere stakeholders.
Alternatief aanbod
Er moet een redelijk alternatief zijn voor aardgas, zoals een warmtenet of allelectric oplossing.
Kostenneutraliteit voor bewoners
De overstap mag niet leiden tot hogere woonlasten voor bewoners.
Besluitvorming gemeenteraad
De gemeenteraad moet instemmen met het WUP en het gebruik van de aanwijsbevoegdheid.
Afstemming met netbeheerders
Overleg en afstemming met de netbeheerder over de planning en uitvoering.
Communicatieplan
Heldere communicatie over het besluit, de planning en de gevolgen voor bewoners.
Juridische onderbouwing
De aanwijsbevoegdheid moet juridisch correct worden toegepast volgens de
Haalbaarheidsonderzoek warmtenet Westrand
Wgiw. Monitoring en evaluatieplan
Plan voor het volgen van de voortgang en het evalueren van de effecten.