A. Vragen en antwoorden Technische vragen D66 - Raadsvoorstel voorbereidingsbudget tijdelijke huisvesting IHP antwoorden
Tekst van het document
GEMEENTE RHENEN Technische vragen Onderwerp: Raadsvoorstel voorbereidingsbudget tijdelijke huisvesting IHP Commissie: Samenleving Datum: 30 juni 2026 Fractie: D66 Vragen 1. Over onderzoek locaties: Is het mogelijk om in het onderzoek naar locaties mee te wegen, dat ingeval van het bouwrijp maken of aanleggen nutsvoorzieningen, hergebruik mogelijk is voor eventuele toekomstige woningbouw? Bijvoorbeeld locaties die eerder al in beeld zijn gekomen bij onderzoek naar plaatsing flexwoningen, bv Koerheuvel / Achterbergsstraatweg?
Antwoorden Bij het locatieonderzoek verwachten we weinig onderscheid tussen locaties op dit criterium. (Hergebruik na gebruik voor onderwijs zal naar verwachting overal wel kunnen.) Het locatieonderzoek naar tijdelijke huisvesting kijkt alleen naar de geschiktheid voor onderwijshuisvesting en niet naar de geschiktheid voor toekomstige woningbouw.
Als eenmaal een locatie is gekozen kan bij het ontwerp en de technische uitwerking wel bekeken worden of de voorzieningen later ook nuttig kunnen zijn voor woningbouw. 2. Over Acaciagebouw: a) De locatiestudie is nog niet gestart en de a) Wordt in de locatiestudie de criteria zijn nog niet bepaald. maatschappelijke waarde van behoud In de locatiestudie kan, bij beoordeling van van de huidige kinderopvanglocatie locatie Acaciagebouw, het effect op de daar meegewogen? Zo nee, waarom niet aanwezige kinderopvang meegewogen en zo ja, op welke wijze? worden. b) Is het mogelijk om het opzeggen van de huur van Acaciagebouw aan kinderdagverblijf uit te stellen, hangende het onderzoek naar locaties en het eventueel langer in eigendom houden van het Acaciagebouw?
b) Ja, dat is mogelijk. Te lang uitstel kan betekenen dat het gebouw misschien niet tijdig beschikbaar komt voor de geraamde ombuiging. Het gebouw langer in beheer houden kost ook geld: bijv. de ketels moeten vervangen worden.
c) En wat zou het effect zijn op de voorgenomen ombuiging verkoop Acaciagebouw?
c) Bij de ombuiging Acaciagebouw gaat het vanaf 2027 om €36.830 structureel en in 2027 om een incidentele geraamde verkoopopbrengst van €539.000. Deze financiële voordelen komen dan pas later.
d) Wat is de rol van de gemeente ten opzichte van de stichting kinderopvang in het algemeen en ten
opzicht van het aanbieden van VVE plekken in het bijzonder? e) Past het verhuren van het Acaciagebouw aan de Stichting Kinderopvang binnen het Gemeentelijk Vastgoed beleid?
3. Zijn er naast de stichting voor kinderdagopvang Rhenen nog andere huurders die gebruik maken van het Acaciagebouw? En zo ja, wat is daarover overeengekomen? 4. In de tabel op pagina 2, staat een totaalbedrag van €260.878, terwijl het gevraagde budget €327.000 is. Waarom wijkt dit af?
d) De SKR heeft als kinderopvang, peuteropvang en BSO een maatschappelijk belang en de gemeente Rhenen ziet dit ook als een waardevolle organisatie, die bijdraagt aan kansrijke start voor jonge bewoners. De gemeente heeft geen wettelijke taak in het voorzien van huisvesting voor Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) of Kinderopvang, inclusief Buitenschoolseopvang. De wettelijke taak beperkt zicht tot het voorzien in voldoende VVE-plekken, verspreid over de gemeente, om zo (taal) achterstanden te verminderen. Hier richt de gemeente Rhenen zich op. e) Nee, het past niet binnen het Gemeentelijk Vastgoed Beleid. We zien het vastgoed als een faciliterend middel voor beleid en strategie en zetten het alleen in als er een expliciete beleidskeuze aan ten grondslag ligt. Kinderopvang is geen expliciete beleidskeuze. Nee, er zijn geen andere huurders van het Acaciagebouw.
Op pagina 2, argument 1 gaat het alleen over de uren (€260.876). Daar bovenop is ook geld nodig voor onderzoeken en omgevingsplan (zie Aanvullende financiële notities en kanttekening 1.1).