CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

Tweede prognose 2023 ODRU

Raadscommissie 21 november 2023, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Voorstel inzake de kadernota 2025 en het uurtarief 2024 van de Omgevingsdienst regio Utrecht1.329 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

NOTITIE algemeen bestuur Aan

de leden van het algemeen bestuur

Van

het dagelijks bestuur

opsteller

P&C

DB portefeuillehouder

Bas Lont

telefoon

088 – 022 50 00

datum

24-8-2023

onderwerp

Tweede prognose 2023

t.b.v.

Vergadering d.d. 28 september 2023, agendapunt 4a

aantal pag.

4

bijlagen

n.v.t.

besluit Voor het besluit wordt verwezen naar de oplegnotitie “Tweede prognose voor 2023 en bestuursrapportage juli 2023”. Samenvatting Het geprognosticeerde resultaat voor 2023 komt uit op een negatief resultaat van €376K en wijkt daarmee €119K positief af van het resultaat in de eerste bijgegestelde begroting 2023 en wijkt tevens met €76K positief af ten opzichte van de eerste prognose. We verwachten dus niet het volledige tekort in 2023 te kunnen terugdringen. Alhoewel we een positieve ontwikkeling zien zijn we daar, als gevolg van de huidige onzekere factoren (zoals de arbeidsmarkt en vraaggestuurde taken), nog niet gerust op en gaat de ODRU volop door met zijn inspanningen om het tekort zo veel mogelijk te beperken. Een daadwerkelijk verlies in 2023 kan, middels een besluit door het AB, worden gedekt uit de algemene reserve en/of door een separate bijdrage van de deelnemende gemeenten. Toelichting Het resultaat in de tweede prognose voor 2023 komt uit op een negatief resultaat van €376K en wijkt daarmee €119K positief af van het resultaat in de eerste bijgegestelde begroting 2023 (negatief resultaat van €494K= ca 2% van de begrote baten). Het vertoont ook een positieve afwijking van €76K t.o.v. het resultaat in de eerste prognose 2023 (negatief €452K). Helaas is de verwachting van de ODRU dat het tekort niet volledig kan worden teruggedrongen.

Alhoewel we nu verwachten dat het tekort kleiner wordt, zijn we daar nog niet gerust op omdat er sprake is van diverse moelijk te beinvloeden factoren (zoals de arbeidsmarkt en de vraaggestuurde taken). De ODRU gaat volop door met de inspanningen om het tekort zo klein mogelijk te houden. Het tekort kan middels bestuursbesluit worden gedekt door een separate bijdrage van de deelnemende gemeenten en/of uit de algemene reserve, t.w. het opgebouwde weerstandsvermogen op basis van de geactualiseerde risicoanalyse die in de eerste bijgestelde begroting 2023 is opgenomen (H4.7)). De opgebouwde algemene reserve is vrij aanwendbaar. De tweede prognose 2023 is o.a. doorgerekend op basis van de vastgestelde CAO en de vastgestelde tariefswijziging (€103,50 in plaats van €98,50).

1 van 4

Zaken die van invloed zijn op het resultaat , waarbij deze wordt vergeleken met de eerdere prognose: -

-

-

-

-

-

Er is een nieuwe inschatting gemaakt van de te leveren uren voor 2023 waarbij deze neerwaarts zijn bijgesteld. Bij klimaat en duurzaamheid, geluidadvisering en juridische taken blijft de omzet naar verwachting achter. In totaal wordt de omzet bijna 4.250 uur lager (ten opzichte van de eerste prognose) wat neerkomt op bijna €440K aan omzet. De oorzaak van de omzetdaling is de teruglopende vraag en de capaciteit bij de ODRU. De lagere capaciteit is het gevolg van personeelswisselingen, arbeidsverzuim en het moeilijk kunnen inhuren van geschikt personeel. De aanvullende omzet blijft in 2023 achter. De verwachting is dat dit in 2023 niet volledig wordt ingelopen. De verwachtingen zijn in de tweede prognose niet verder bijgesteld. Het is nog onduidelijk of het budget voor opleidingen gefinancierd vanuit de SPUK IBP dit jaar volledig kan worden ingezet. De verwachtingen zijn voorlopig neerwaarts bijgesteld. Het lukt niet om de bezettingsgraad voor vast personeel te verhogen. Enerzijds komen er veel nieuwe medewerkers binnen maar anderzijds vertrekken er ook veel ervaren medewerkers. Er volgt in het tweede halfjaar een claim bij de salarislasten. Dit heeft te maken met beloningsverschillen voor medewerkers met een nagenoeg dezelfde functiegroep. In de prognose is hiervoor eenmalig bedrag opgenomen van €100K. De totale salarislasten komen ondanks de stijging t.g.v.

de nieuwe CAO lager uit doordat niet alle vacatures zijn ingevuld. Voor de stijging van de salarislasten werd in de eerste begrotingswijziging rekening gehouden met 5% terwijl de werkelijke stijging uitkomt op 6,8% nu dat de CAO onlangs is vastgesteld. Zoals in eerdere bestuurs-notities vermeld is deze 1,8% wel opgenomen als risico in het weerstandsvermogen. Door de stijging van de rentetarieven ontstaat er een baat van ca €100K voor te ontvangen rente op de schatkistrekening. De ODRU werkt met een klein saldo op de lopende rekening om zoveel mogelijk te profiteren van de rente op de schatkistrekening. De inhuurbehoefte is neerwaarts bijgesteld en afgestemd op de lagere omzet. Bij diverse teams is het moeilijk om geschikte inhuurkrachten te vinden. De prognose is opgesteld met de werkelijke gewogen gemiddelde inhuurtarieven per clusters. Bij de gewijzigde begroting is uitgegaan van een stijging van 5%. De nu verwachte stijging komt uit op gemiddeld ca 6,8%. De tariefstijging houdt daarmee trend met de stijgende salarislasten. Het is wel zo dat de stijging per taakveld erg verschilt. Het arbeidsverzuim daalt. Er is bij juridische zaken nog extra inhuur nodig om de taken uit te voeren. Hiermee is rekening gehouden. In de prognose is rekening gehouden met volledige uitputting van de bestemmingsreserves.

De laatste maanden zal extra worden ingezet op de voorbereiding op de Omgevingswet.

Vanwege de onzekere situatie op de arbeidsmarkt en de veranderende vraag bij de gemeenten is in de planning opgenomen om in oktober/november opnieuw te kijken naar de verwachtingen voor 2023. Onderstaand overzicht van baten en lasten met daarin de tweede prognose 2023:

2 van 4

Het geprognosticeerde tekort en de inspanningen van de ODRU om deze terug te dringen De ODRU streeft er, conform afspraak met het bestuur, naar om het te verwachten tekort, zoals gepresenteerd in deze prognose, zoveel mogelijk terug te dringen. Daarom zetten we onderstaande inspanningen, zoals tevens aangegeven bij de eerste prognose, onverminderd voort: - Het maximale doen om de gecontracteerde uren te maken. Dat betekent dat we nog meer dan anders met individuele gemeenten in gesprek zullen zijn om daar waar de vraag achterblijft ten opzichte van de verwachting, die uren te verschuiven naar een ander werkveld, waar deze uren alsnog nuttig besteed kunnen worden. Uiteraard met inachtneming van de mogelijkheden qua bedrijfsvoering c.q. de benodigde kennis en competenties die in capaciteit te realiseren moet zijn. - De verwachte besparing bij het secretariaat van 1.500 uur als gevolg van de invoering van het nieuwe zaaksysteem en verdere efficiëntieverbetering zal, conform AB besluit van 6 juli 2023, worden omgezet in extra regionale uren voor dit jaar. Deze uren zijn nog niet verwerkt in de tweede prognose maar afdelingshoofden verwachten deze wel met de huidige bezetting te kunnen realiseren. - De personele bezettingsgraad verder opvoeren. De inzet van vaste medewerkers is over het algemeen goedkoper dan het werken met inhuurkrachten.

Deze maatregel wordt al geruime tijd toegepast maar heeft nog niet voldoende het beoogde effect. We bezien of we hier nog iets extra’s kunnen doen. 3 van 4

-

-

-

Het maximale blijven doen om het verzuim te verlagen. Het efficiënt inhuren van personeel. Bedoeld wordt om gekwalificeerde inhuurkrachten met een hoog tarief alleen in te zetten voor het “zware” werk en voor het minder zware werk goedkoper krachten in huren. Door deze werkwijze kan het gewogen gemiddelde inhuurtarief in de hand worden gehouden. Het is wel zo dat de inhuurtarieven voor bepaalde functies harder stijgen dan voor andere functies. De inhuur van dure specialisten (met een hoger tarief dan het verkooptarief) goed bewaken. We maken een bewuste keuze per casus om vervanging wegens ziekte bij overheadtaken wel of niet uit te voeren. We bekijken in hoeverre de bestemmingsreserves worden ingezet. Mogelijk kunnen bepaalde werkzaamheden gefinancierd worden vanuit de bestemmingsreserve zolang deze nog niet volledig zijn uitgeput. We zetten onze SPUK-IBP subsidies zoveel mogelijk in voor activiteiten die niet declarabel zijn. Voor opleidingen in het kader van voldoen aan de kwaliteitscriteria kan bijvoorbeeld gebruik worden gemaakt van de SPUK-IBP subsidie. Met de middelen van deze subsidie kan de opleiding en vervanging voor een groot deel worden gefinancierd.

Daarnaast zal de ODRU exploitatie en de productie nauwgezet monitoren en nieuwe ontwikkelingen daarin met u bespreken.

4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13465037/1