Beeldvormende vragen Fractie Graafland – Verplaatsing dierenpension Oude Polder
Tekst van het document
Beeldvormende vragen Fractie Graafland – Verplaatsing dierenpension Oude Polder Onderwerp: Verplaatsing dierenpension Oude Polder Fractie Graafland dd. 2-6-2025 Vraag 1 In het voorliggende participatiekader wordt terecht ingezet op ‘meebeslissen’ als hoogste vorm van participatie, waarbij van de participatiegroep wordt verwacht dat zij met een gedragen ontwerp komt. Tegelijkertijd ontbreekt in het kader een duidelijke omschrijving van wat verstaan wordt onder een succesvol participatieproces. Aangezien het enkel opleveren van een ontwerp niet garandeert dat het proces ook representatief, transparant en gedragen is verlopen — en de gemeenteraad straks moet beoordelen of het participatietraject zorgvuldig is uitgevoerd — is mijn vraag: Waarom zijn er in dit kader geen participatiecriteria opgenomen die vooraf helder maken wat we onder een geslaagd participatieproces verstaan, en is het college bereid deze alsnog expliciet op te nemen zodat er toetsbare maatstaven zijn voor kwaliteit, inclusiviteit en draagvlak van het proces? Vraag 2 In het participatiekader staat dat “de verwachting is dat de raad met het ontwerp van het groengebied onvoorwaardelijk kan instemmen omdat het past binnen het door de raad afgegeven kader en het een door de omgeving gedragen ontwerp is.” Tegelijkertijd wordt een participatieverslag toegevoegd als weergave van het doorlopen proces.
Mijn vraag is: Als uit het participatieverslag blijkt dat het proces niet representatief, niet transparant of onvoldoende zorgvuldig is verlopen — kan dat dan voor de raad een legitieme reden zijn om het ontwerp af te wijzen, ook al voldoet het formeel aan de inhoudelijke kaders? Vraag 3 In het participatiekader staat dat een representatieve participatiegroep wordt samengesteld op basis van gesprekken met belanghebbenden en een inventarisatie uit het participatieplan. Tegelijkertijd is het onduidelijk hoe belanghebbenden precies in beeld worden gebracht en op welke manier zij betrokken of benaderd worden. Hoe worden belanghebbenden geselecteerd of benaderd voor deelname aan de participatiegroep? Is er sprake van een open aanmeldprocedure of andere transparante werkwijze om ervoor te zorgen dat iedere belanghebbende gelijke kansen heeft om mee te doen? Op welke wijze wordt geborgd dat de participatiegroep representatief is voor alle belanghebbenden (zowel de voor als tegenstanders), inclusief jongeren en minder mondige inwoners?
Vraag 4 Het participatiekader beschrijft dat een afvaardiging van belanghebbenden zitting neemt in de participatiegroep, met eventueel toevoeging van extra expertise. Echter, het is onduidelijk op basis van welke selectiecriteria deze groep precies wordt samengesteld, wie daar uiteindelijk over beslist, en hoe wordt omgegaan met belanghebbenden die zich niet vertegenwoordigd voelen. Welke inhoudelijke en procedurele criteria worden gehanteerd bij de selectie van participanten in de participatiegroep, wie neemt de uiteindelijke selectiebeslissing, en is er een mogelijkheid voor belanghebbenden om bezwaar te maken of in beroep te gaan tegen uitsluiting van deelname Vraag 5 In het participatiekader voor de Oude Polder wordt benadrukt dat het participatieproces en de bestemmingsplanprocedure nauw met elkaar verweven zijn en als één integraal traject worden opgepakt. Tegelijkertijd wordt in de aanbiedingsnota opgemerkt dat “het aangeven van kaders als beperkend kan worden opgevat” richting de participatiegroep. Die beleidsmatige terughoudendheid in het expliciet benoemen van kaders roept vragen op, zeker nu inmiddels duidelijk is dat er — mede naar aanleiding van zienswijzen van bewoners — een wijziging in de inrichting van de kavel van het dierenpension wordt voorbereid, zoals het omdraaien van de hokken, om deze beter te kunnen afstemmen op de groenzone.
Deze ruimtelijke wijziging heeft directe gevolgen voor de ontwerpvrijheid van de participatiegroep en dus ook voor de wijze waarop het participatieproces kan worden ingericht. Hoe verhoudt de terughoudendheid in het benoemen van kaders zich tot het feit dat er feitelijk al ruimtelijke keuzes worden voorbereid die het participatieproces mede vormgeven? En acht het college het niet wenselijk om dit soort cruciale informatie vooraf met de raad te delen, zodat de raad haar rol als kadersteller goed en volledig geïnformeerd kan invullen?