CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2026-2031

Raadsvergadering Papendrecht 9 juli 2026, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 5: Raadsvoorstel Perspectiefnota 2026-203127.177 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

3 alinea's met “bopa”: 884 959 3139

Ook werken wij blijvend aan ons fundament, een goede informatiehuishouding. Dat vraagt structurele investering in projecten, die ook hun beslag zullen leggen op de capaciteit van onze gemeente. Ondersteunend hierin is het project “Processen op orde”. Een doorlopend traject waarin werkprocessen worden beschreven en geoptimaliseerd. Dit draagt bij aan de naleving van wet- en regelgeving en de borging van privacy en informatieveiligheid binnen de dagelijkse werkwijzen van de organisatie. Informatiebeveiliging De Baseline Informatiebeveiliging Overheid 2 (BIO2) vormt het nieuwe kader voor informatiebeveiliging binnen de overheid en wordt wettelijk verankerd in de Cyberbeveiligingswet (Cbw). De Cbw brengt extra verplichtingen en kosten met zich mee. Binnen de Drechtsteden is een project gestart om de impact van deze wettelijke verplichtingen voor de komende jaren in kaart te brengen en een gezamenlijke aanpak op te stellen. De focus nu ligt op het borgen van risico’s en maatregelen. In de vervolgfase staan monitoring en continue verbetering centraal. De gemeente verwacht hier de komende jaren kosten voor te maken. Dit bedrag ligt tussen de € 0,2 en € 0,3 mln.

Om beheersmaatregelen in kaart te brengen, systematisch vast te leggen, en te toetsen (voor zowel de Cbw als andere normen) is regionaal een applicatie aangeschaft om een Information Security Management System (ISMS) in te richten. Papendrecht sluit hierbij komend jaar aan.

27

2. BELEIDSONTWIKKELINGEN

Gemeente Papendrecht is daarnaast gestart met een brede inventarisatie om de maatschappelijke weerbaarheid in kaart te brengen. De uitkomsten van deze inventarisatie worden waar nodig geïntegreerd in Business Continuïteit Management (BCM). BCM is een randvoorwaarde voor een weerbare organisatie en geeft structureel inzicht in kritieke processen, afhankelijkheden en potentiële verstoringen. BCM biedt daarmee een kader voor het tijdig treffen van maatregelen die de continuïteit van de gemeente borgen. Ook op het gebied van BCM wordt regionaal samengewerkt. Met de Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENSIA) wordt verantwoording afgelegd op het gebied van informatiebeveiliging en informatiekwaliteit. Er wordt onderzocht of er beleidsterreinen kunnen worden toegevoegd. Denk daarbij aan een AVG product en de interne audit voor de Wet politiegegevens (Wpg). Privacy De uitkomsten van het rekenkameronderzoek naar privacy worden benut om verdere verbeterpunten te identificeren en de privacy-aanpak te versterken. Deze worden opgenomen in het privacy verbeterplan. Hierbij wordt onder andere ingezet op het opstellen van periodieke rapportages en het structureel toetsen van afspraken uit verwerkersovereenkomsten. Daarnaast worden verwerkersovereenkomsten verder in kaart gebracht en geactualiseerd.

Ten aanzien van de Wet politiegegevens (Wpg) is de aanbesteding voor een nieuwe audit afgerond en is een externe partij geselecteerd. De externe audit is in 2025 uitgevoerd en wordt in 2026 afgerond, waarmee de naleving en kwaliteit van het Wpg-beleid verder wordt geborgd. Wet open overheid Het onderdeel ‘actieve openbaarmaking’ van de Wet open overheid (Woo) verplicht ons om documenten, die vallen onder één van de zeventien verplichte informatiecategorieën, uit eigen beweging vanaf 1 januari 2027 openbaar te maken. Om aan de vereisten hiervoor te voldoen is via een regionaal aanbestedingstraject gekozen voor een nieuwe publicatietool. Ook documenten die niet onder de verplichting vallen, maar ook niet zomaar op onze website geplaatst kunnen worden, kunnen hiermee worden gepubliceerd. Het ontsluiten van deze documenten zal in eerste instantie via ons klant-zaak-archiefsysteem plaatsvinden. Op een later moment wordt op regionaal niveau gekeken naar het ontsluiten via andere systemen. Parallel aan de implementatie van de publicatietool wordt regionaal gekeken naar een nieuwe anonimiseringstool. Een (nieuwe), goed functionerende, anonimiseringstool wordt in de toekomst nóg belangrijker, omdat ambtenaren zelf verantwoordelijk zijn voor het anonimiseren en publiceren van documenten.

28

2. BELEIDSONTWIKKELINGEN

Integriteit Integriteit vormt een essentiële randvoorwaarde voor betrouwbaar en professioneel bestuur. Voor een gemeente van onze omvang, met circa 200 medewerkers en diverse maatschappelijke opgaven, is een sterke integriteitscultuur noodzakelijk om het vertrouwen van inwoners, partners en bestuur te behouden. Integriteit betekent niet alleen het voorkomen van overtredingen, maar vooral het bewust en transparant omgaan met morele dilemma’s in het dagelijks werk. De komende jaren richten wij ons op het verder versterken van een veilige, open en lerende organisatiecultuur. Dit doen wij door blijvende aandacht voor voorbeeldgedrag en het gaan borgen van integriteit in de HR-cyclus, onboardingsproces en leiderschapsontwikkeling. Daarnaast worden meldstructuren verder geprofessionaliseerd, met duidelijke procedures en goed toegankelijke vertrouwenspersonen. Ook in onze dienstverlening en bedrijfsvoering blijft integriteit een belangrijke prioriteit. Wij actualiseren gedragscodes, registeren nevenfuncties en maken afspraken rondom het gebruik van (digitale) informatie. De financiële impact blijft beperkt en richt zich hoofdzakelijk op interne communicatie, opleiding, ondersteuning van meldvoorzieningen en noodzakelijke privacy- en beveiligingsmaatregelen.

De organisatie werkt zo structureel aan een betrouwbare overheid waarin inwoners en partners kunnen vertrouwen op zorgvuldige, integere besluitvorming en uitvoering. Inhuurkosten Met de raad zijn afspraken gemaakt om de inhuur terug te brengen naar het landelijke gemiddelde. Op basis van de Personeelsmonitor 2024 van A&O-fonds is het landelijke gemiddelde inhuurpercentage voor gemeenten tussen de 20.000 en 50.000 inwoners 18,8%. De gemeente Papendrecht heeft in 2025 een inhuurpercentage van 17,5%. Ter vergelijking met 2024 lag dit percentage nog op 25%. De inhuur zal altijd nodig zijn in gevallen van langdurig openstaande vacatures, ziekteverzuim en benodigde specialistische kennis. Voor de dekking van de inhuurkosten wordt gebruik gemaakt van de beschikbare inhuur- en activiteitenbudgetten, onderuitputting op de salarislasten, vacatureruimte en projectbudgetten zoals investeringen en specifieke uitkeringen. Op dit moment is de verwachting dat de inhuurkosten binnen de beschikbare budgetten gedekt kunnen worden. In het najaar bij de concernrapportage 2026 zal duidelijk zijn of er extra middelen nodig zijn.

29

VERKEER & VERVOER

Financiële Titel met3. onderwerp? Lopende tekst

ontwikkelingen

30

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

3. Financiële ontwikkelingen 3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN In dit hoofdstuk zijn verwachte ontwikkelingen financieel vertaald. Denk aan eerdere besluitvorming, bijdragen verbonden partijen en financiële gevolgen van het rijksbeleid. Daarnaast kan bepaalde ontwikkelingen ook om extra middelen vragen.

3.1 BIJSTELLING BEGROTINGSJAAR 2026

In de Perspectiefnota 2026-2031 wordt enkel de begroting 2026 bijgesteld. Hieronder worden de verschillende financiële ontwikkelingen toegelicht. De ontwikkelingen worden onderverdeeld in structurele (S) en incidentele (I) ontwikkelingen en waarbij per ontwikkeling wordt aangegeven of er sprake is van wettelijk/autonome ontwikkeling (W) of keuzes met bandbreedtes (K). OMSCHRIJVING

U/I

I/S

2026

1

Septembercirculaire 2025

I

S

€ 1.147.000

W

2

Gelabelde uitgaven Septembercirculaire 2025

U

S

€ -801.000

W

W/K

3

Voorziening Personele verplichtingen

I

S

€ 63.000

W

4

Voorziening RVU

I

S

€ 49.000

W

5

Contributie VNG

U

S

€ -48.000

W

6

Smart Delta - Groeiagenda

U

S

€ 18.000

W

7

Inburgering Statushouders

U

S

€ 31.000

W

8

Parkeergarage De Meent

U

S

€ -174.000

W

9

Groen onderhoud

U

S

€ -43.000

W

10

Verkiezingen

U

S

€ -60.000

W

11

Bijdrage regionale maatregelen jeugd

U

I

€ -45.000

W

12

Afbouw Beschermd Wonen 2026

I

I

€ -555.000

W

13

OZHZ - Aanvulling Uitvoeringsprogramma 2026

U

I

€ -70.000

W

14

Valbeveiliging kernpanden

U

I

€ -130.000

W

15

Onderzoek woonwagenlocaties

U

I

€ -110.000

W

16

Bestemmingsreserve Onderhoud Gebouwen

I

I

€ 2.198.603

W

17

Voorziening onderhoud gebouwen

U

I

€ -2.198.603

W

18

Herstelwerkzaamheden Degeneratie kabels en leidingen

U

I

€ -95.000

W

19

Inzet Algemene reserve - Degeneratie kabels en leidingen

I

I

€ 95.000

W

20

Actualisatie Renteresultaat GREX

U

I

€ 2.178

W

21

Actualisatie Meerjarig Perspectief Grondexploitatie (MPG)

U

I

€ -1.878.039

W

22

Actualisatie Meerjarig Perspectief Grondexploitatie (MPG)

I

I

€ 1.878.039

W

23

Voorziening Civiele kunstwerken

U

I

€ -200.000

W

24

Verkoop roerende containers HVC

I

I

€ 143.000

W

25

Inzet Bestemmingsreserve Duurzame Inzetbaarheid

U

I

€ 38.000

W

26

Inhuur Team Griffie

U

I

€ -135.000

W

27

Tijdelijke archiefkosten

U

I

€ -10.000

W

28

Inzet Algemene reserve - Digitalisering bouwbesluiten

I

I

€ 10.000

W W

29

Collectief voorliggend aanbod

U

I

€ -150.000

30

Uitbreiding inzet POH Jeugd (IZA)

U

I

€ -55.000

K

31

Regionale inkomsten IZA

I

I

€ 110.000

K

32

Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties - POH Jeugd

U

I

€ -55.000

K

33

Intensieve hulpverlening Jeugd

U

I

€ -150.000

K

34

Inzet ER Rijksstromen Taakmutaties - Intensieve hulpverlening

I

I

€ 150.000

K

35

Samen in de Buurt (IZA)

U

I

€ -334.000

K

36

Uitbreiding Odensehuis (IZA)

U

I

€ -8.000

K

37

Welzijn op recept (IZA)

U

I

€ -100.000

K

38

Dekking SPUK IZA

I

I

€ 534.000

K

39

Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties - Odensehuis

U

I

€ -92.000

K

40

Uitvoeringsprogramma Centrum

U

I

€ -75.000

K

41

Inzet Algemene Reserve - Uitvoeringsprogramma Centrum

I

I

€ 75.000

K

42

Suswachters

U

I

€ -25.000

K

TOTAAL

€ -1.054.822 ( - = hogere lasten / lagere baten)

31

( + = lagere lasten / hogere baten)

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

1. Septembercirculaire 2025 Op basis van de RIB “Septembercirculaire 2025” (d.d. 14 oktober 2025) worden de stand van de Algemene Uitkering in 2026 bijgesteld. 2. Gelabelde uitgaven – Septembercirculaire 2025 Op basis van de RIB “Septembercirculaire 2025” (d.d. 14 oktober 2025) worden de gelabelde uitgaven verwerkt in 2026. Hierbij valt een deel van de gelabelde uitgaven vrij. Het gaat om een gedeelte gelabelde uitgaven van € 300.000 voor CDOKE. 3. Voorziening personele verplichtingen De voorziening personele verplichtingen is bedoeld om toekomstige uitgaven op te vangen die voortvloeien uit personeelsverplichtingen (frictiekosten). De onttrekkingen in de jaren 2026, 2027 en 2028 zijn ter dekking van de te maken frictiekosten in die jaren. 4. Voorziening RVU Vanuit de Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) kunnen een bepaalde groep medewerkers van de gemeente onder voorwaarden met vervroegd pensioen. Voor deze groep medewerkers is een voorziening gevormd. In 2026 wordt voor een bedrag van € 63.000 onttrokken uit deze voorziening. 5. Contributie VNG Alle gemeenten betalen aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) contributie. Het budget voor de contributie aan de VNG is een aantal jaren niet geïndexeerd. Hiervoor is een structurele bijstelling van € 49.000 nodig. 6.

Smart Delta – Groeiagenda De begroting 2027 Smart Delta Drechtsteden laat een lagere benodigde inwonerbijdrage van de 7 gemeenten zien. Voor Papendrecht een voordeel van € 18.000. 7. Inburgering statushouders Voor statushouders kan de maatschappelijke begeleiding, die wordt afgenomen door Vluchtelingenwerk, worden doorbelast naar de specifieke regeling Wet Inburgering 2021. Dit levert een structureel voordeel van 30.000 op. 8. Parkeergarage De Meent Bij de accountantscontrole van de jaarrekening 2024 is een onzekerheid opgenomen met betrekking tot het niet afschrijven van de parkeergarage De Meent. Hier is in 2025 een onderzoek naar gedaan om op basis van de resterende technische levensduur de parkeergarage De Meent af te schrijven. Dit is bij het opstellen van de jaarrekening 2025 verwerkt. Het structurele effect van deze aanpassing is een nadeel van € 174.000 per jaar. 9. Groen onderhoud Voor 2026 zijn door nieuwe aanbestedingen en herziening van inkoopcontracten voor onderhoud groen mutaties ontstaan. Per saldo wordt een verhoging van de budgetten onderhoud groen voorgesteld van € 43.000 om het onderhoud op de vastgestelde kwaliteitsniveaus uit te voeren.

32

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

10. Verkiezingen De kosten voor het organiseren van de gemeenteraadsverkiezingen 2026 zijn hoger uitgevallen dan begroot. De begroting 2026 wordt met € 60.000 nadelig bijgesteld. 11. Bijdrage regionale maatregelen jeugd In de jeugdzorgregio wordt samengewerkt aan het programma Toekomstscenario Jeugd en gezin en aan een programma om de beschikbaarheid en betaalbaarheid van jeugdhulp te verbeteren. Het doel hiervan is om zowel de kwaliteit van jeugdhulp te verbeteren als de kosten hiervan te verminderen. De uitbreiding van de programma’s en projecten vraagt een extra financiële bijdrage van de 10 deelnemende gemeenten. Voor de gemeente Papendrecht betekent dit een bijdrage van € 45.000 in 2026 en 2027. 12. Afbouw Beschermd Wonen De centrumgemeente Dordrecht is op basis van het zogenaamde historische model Beschermd Wonen en opvang een voordeelgemeente. De deelnemende gemeenten, waaronder de gemeente Papendrecht ontvingen hierdoor voor dit onderdeel meer middelen dan de gezamenlijke gemeenten die voor dit doel uitgaven. Doordat de middelen niet geoormerkt waren, werden deze middelen door de centrumgemeente aan de deelnemende gemeenten uitbetaald. Deze inkomsten zijn geraamd binnen de gemeentelijke begroting.

Met verwijzing naar het raadsbesluit “Ontwikkelingen en samenwerkingsovereenkomst Beschermd Wonen & Opvang” van 29 januari 2026 keert de centrumgemeente Dordrecht de overschotmiddelen over 2026 en 2027 niet uit. Met deze overschotmiddelen wordt een regionale reserve Beschermd Wonen en opvang gevormd. Conform raadsbesluit zal het nadeel voor onze gemeente over 2026 worden opgevangen binnen de exploitatie. Het nadeel over 2027 zal worden gedekt uit de algemene reserve. Het Rijk werkt toe naar een andere verdeelsystematiek. Daarin krijgen alle gemeenten middelen voor hun eigen inwoners die nieuw instromen in beschermd wonen. Hiermee is het nog onduidelijk of en in welke mate de inkomsten vanaf 2028 wegvallen. Met het deels aframen van de inkomsten anticiperen wij op de nieuwe systematiek. 13. OZHZ – Uitvoeringsprogramma 2026 In maart 2026 heeft het college het jaarprogramma 2026 van de Omgevingsdienst ZuidHolland Zuid (OZHZ) vastgesteld. Hierin zijn ook incidentele middelen opgenomen voor verscherpt toezicht waarvoor geen rekening is gehouden in de bestaande begroting 2026. In totaal is er voor 2026 een tekort van afgerond €70.000 om de verwachte kosten van OZHZ te dekken. 14.

Valbeveiliging kernpanden In de concernrapportage 2025 is een investering opgenomen voor het aanbrengen van valbeveiliging op de daken van de kernpanden zodat er in de toekomst onderhoudswerkzaamheden op het dak kunnen plaatsvinden. Er is gebleken dat de administratieve verwerking per pand dient plaats te vinden waardoor deze uitgaven niet meer voldoet aan de eis van een minimale omvang van € 25.000 om als een investering te worden beschouwd. Het bedrag van € 130.000 zal eenmalig in 2026 ten laste zal worden gebracht van de exploitatie. 33

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

15. Onderzoek woonwagenlocaties Conform het raadsbesluit “Aanvraag exploitatiebudget voor nader onderzoek en uitwerking 4 kansrijke locaties voor nieuwe woonwagenstandplaatsen” van 29 januari 2026 wordt een exploitatiebudget van € 110.000 beschikbaar gesteld voor nader onderzoek en uitwerking van 4 kansrijke locaties voor nieuwe woonwagenstandplaatsen. 16. Bestemmingsreserve Onderhoud Gebouwen In 2025 zijn de meerjaren onderhoudsplannen (MJOP’s) voor het gemeentelijk vastgoed vastgesteld. Bij de Perspectiefnota 2025 zijn de benodigde middelen hiervoor opgenomen voor een periode van 4 jaar van 2026 tot en met 2029 in de vorm van een bestemmingsreserve. Deze reserve wordt omgezet tot een voorziening. De resterende middelen van afgerond € 2,2 miljoen in de Bestemmingsreserve Onderhoud Gebouwen wordt volledig onttrokken. 17. Voorziening Onderhoud Gebouwen In 2025 zijn de meerjaren onderhoudsplannen (MJOP’s) voor het gemeentelijk vastgoed vastgesteld. Bij de Perspectiefnota 2025 zijn de benodigde middelen hiervoor opgenomen voor een periode van 4 jaar van 2026 tot en met 2029 in de vorm van een bestemmingsreserve. Deze reserve wordt omgezet tot een voorziening. De resterende middelen van afgerond € 2,2 miljoen worden eenmalig gestort in deze voorziening. De bestaande onderhoudsbudgetten in de exploitatie worden administratief omgezet tot een structurele storting in de voorziening.

Dit is budgetneutraal en wordt gepresenteerd in het overzicht van administratieve wijzigingen. 18. Herstelwerkzaamheden Degeneratie kabels en leidingen Vanuit de Jaarrekening 2025 wordt een bedrag van € 405.000 als resultaatbestemming voorgesteld voor de degeneratievergoeding van wegen door het aanleggen van kabels en leidingen. Deze degeneratievergoeding heeft de gemeente ontvangen voor de schade die is ontstaan door de vermindering van kwaliteit en/of verkorting van de levensduur veroorzaakt door het aanleggen van kabels en leidingen. Voor 2026 wordt voor herstel van deze ontstane schade aan verharding een inzet geraamd van indicatief € 500.000. Dat houdt in dat er een aanvullende onttrekking van € 95.000 nodig is uit de Algemene Reserve van het gelabelde middelen voor de degeneratie van kabels en leidingen. 19. Inzet Algemene Reserve - Degeneratie kabels en leidingen De aanvullende uitgaven voor de herstelwerkzaamheden die voortvloeien uit degeneratie door aanleg van kabels en leidingen kunnen gedekt worden uit de beklemde middelen “Degeneratie kabels en leidingen” in de Algemene Reserve. 20. Actualisatie Renteresultaat GREX Bij de jaarrekening 2025 is het Meerjarig Perspectief Grondexploitaties (MPG) geactualiseerd. Met uitzondering van de aan de grondexploitaties toegerekende rente staan de complexen neutraal in de begroting.

Op basis van het meerjarig perspectief grondexploitaties bedraagt het renteresultaat van de actualisatie in 2026 afgerond € 2.000 nadelig en in 2027 afgerond € 135.000 voordelig.

34

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

21. Actualisatie Meerjarig Perspectief Grondexploitatie (MPG) Bij de jaarrekening 2025 is het Meerjarig Perspectief Grondexploitaties (MPG) geactualiseerd. Het verwerken van de aangepaste plannen in de begroting heeft een neutraal karakter en betreft een administratieve wijziging binnen programma 3 – Fysieke Leefomgeving. Voor (duo-)raadsleden ligt ter onderbouwing, onder oplegging van geheimhouding door het college (artikel 87 van de Gemeentewet), het MPG ter kennisname bij de griffie. 22. Actualisatie Meerjarig Perspectief Grondexploitatie (MPG) Bij de jaarrekening 2025 is het Meerjarig Perspectief Grondexploitaties (MPG) geactualiseerd. Het verwerken van de aangepaste plannen in de begroting heeft een neutraal karakter en betreft een administratieve wijziging binnen programma 3 – Fysieke Leefomgeving. Voor (duo-)raadsleden ligt ter onderbouwing, onder oplegging van geheimhouding door het college (artikel 87 van de Gemeentewet), het MPG ter kennisname bij de griffie. 23. Voorziening civiele kunstwerken Door het college is het meerjarenplan civiele kunstwerken (bruggen, vlonders) vastgesteld. Om beter te voldoen aan de voorschriften van het Besluit Begroting & Verantwoording (BBV) en door de groeiende behoefte aan meer planmatig onderhoud, is het noodzakelijk onderscheid te maken tussen investeringen en planmatig groot onderhoud.

Voor het planmatig groot onderhoud wordt voorgesteld om een voorziening in te richten, zodat toekomstige onderhoudsopgaven tijdig en structureel worden gefinancierd. Het kenmerkende verschil tussen een investering en gebruik van een voorziening is dat een investering wordt gefinancierd met achteraf rente en aflossing en bij een voorziening wordt vooraf gespaard. Met de huidige investeringskredieten civiele kunstwerken tot en met 2030 is circa € 1.500.000 beschikbaar voor vervanging. Vanuit het geactualiseerde meerjarenplan blijft circa € 1.000.000 als investering beschikbaar voor vervanging en renovatie van de civiele kunstwerken. Het resterende deel wordt in de komende jaren ingezet voor groot onderhoud via de in te stellen voorziening civiele kunstwerken. Voor de nieuwe voorziening wordt nu in 2026 een eenmalige storting van € 200.000 gevraagd die de komende jaren 2027 tot en met 2033 wordt aangevuld met een jaarlijkse storting van € 81.000. 24. Verkoop roerende containers HVC In vervolg op de nieuwe dienstverleningsovereenkomst Afvalinzameling met HVC is het streven naar meer uniformiteit inzamelmiddelen waarbij de gemeente eigenaar wordt van alle ondergrondse betonbakken die dienen als behuizing voor de ondergrondse afvalcontainers (het onroerende deel in de grond). De afvalcontainers die nog in eigendom zijn van de gemeente gaan over naar HVC (de roerende onderdelen).

Dit biedt de gemeente flexibiliteit bij reconstructies en aanpassingen in de openbare ruimte. De gemeente behoudt de regie en voert de participatie met bewoners. Voor de overname van de betonputten aan de gemeente is een investering van € 503.435 nodig. Deze staat opgenomen in de bijstelling van het investeringsprogramma 2026. Van HVC ontvangt de gemeente € 142.862 voor de verkoop van roerende afvalcontainers. Bij de jaarrekening 2026 zal bij eventuele voordeel een storting plaatsvinden in de voorziening Aval. 35

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

25. Inzet Bestemmingsreserve Duurzame Inzetbaarheid De Bestemmingsreserve Duurzame Inzetbaarheid is ingesteld om een duurzame transities plaats te laten vinden van medewerkers van de gemeenten tijdens verschillende levensfasen. Komende jaren zullen een aantal medewerkers uittreden. Om een duurzame transitie plaats te laten vinden wordt de bestemmingsreserve ingezet een goede overdracht van taken. 26. Inhuur team Griffie Conform het raadsbesluit “Dekking inhuur raadscommunicatieadviseur en griffiemedewerker” van 5 maart wordt een budget van € 135.000 beschikbaar gesteld om de continuïteit van de werkzaamheden binnen de griffie te waarborgen. 27. Tijdelijke archiefkosten Het archief zal tijdelijk overgeplaatst moeten worden naar de Gemeente Tiel. De geraamde kosten voor de huur en overige kosten om onder andere de bouwbesluiten te digitaliseren zijn € 10.000 per jaar. Er wordt voorgesteld om voor vijf jaar een budget van € 10.000 per jaar beschikbaar te stellen. De volledige kosten hiervan kunnen gedekt worden uit de beklemde middelen in de Algemene Reserve. 28. Inzet Algemene Reserve – Digitalisering bouwbesluiten De uitgaven voor de tijdelijke archiefkosten kunnen gedekt worden uit de beklemde middelen “Digitalisering bouwbesluiten” in de Algemene Reserve. 29. Collectief voorliggend aanbod Collectief werken wordt vormgegeven als een wijkgerichte, signaal gestuurde aanpak.

Professionals — waaronder maatschappelijk werk op school en brugfunctionarissen — bundelen signalen en vertalen deze naar thematische groepsinterventies. Deze aanpak biedt een stevige preventieve basis die overbelasting van maatwerkvoorzieningen helpt voorkomen, maar vervangt individuele ondersteuning niet. De pilot starten we op twee basisscholen en omvat per school uitbreiding van uren maatschappelijk werk en inzet van een jeugdprofessional (voor het ontwikkelen en uitvoeren van aanbod). Ook worden trainingen gegeven. In het voortgezet onderwijs continueren we de extra inzet in 2027 van maatschappelijk werk op school. Daarnaast organiseren we samen met aanbieders van jeugdhulp enkele pilots, waaronder een Pilot Jeugdhulp op school (KPJ) op het Willem de Zwijgercollege. Doel van deze pilot is het voorkomen van schooluitval. Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie levert een jeugdprofessional die zowel individuele hulp als groepsaanbod inzet. 30. Uitbreiding inzet POH Jeugd Naast preventie wordt ook ingezet op het verminderen van de toeleiding naar specialistische individuele hulp door de huisartsen. De inzet van praktijkondersteuners huisartsen (POH) is daar een effectief middel in gebleken. De intensivering van de inzet van POH-ers kunnen vanuit de SPUK-middelen Integrale Zorgakkoord (IZA) worden gedekt.

36

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

31. Dekking regionale IZA Vanuit de regio ontvangt de gemeente Papendrecht middelen voor IZA. Voor de intensivering van POH ontvangt de gemeente Papendrecht € 110.000. De helft van deze middelen worden ingezet in 2026. Er wordt voorgesteld om de ander helft van deze middelen te storten in de Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties om de kosten in 2027 te kunnen dekken. 32. Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties – POH Jeugd Vanuit de regio ontvangt de gemeente Papendrecht middelen voor IZA. Voor de intensivering van POH ontvangt de gemeente Papendrecht € 110.000. De helft van deze middelen worden ingezet in 2026. Er wordt voorgesteld om de ander helft van deze middelen te storten in de Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties om de kosten in 2027 te kunnen dekken. 33. Intensieve hulpverlening Jeugd Er wordt geconstateerd dat er een toename is van complexe casuïstiek in gezinnen, vaak met een veiligheidsaspect, wat leidt tot uithuisplaatsingen en onder toezichtstellingen. Door personeelstekorten bij de jeugdbeschermingsorganisaties en de grote druk op woonvoorzieningen lukt het vaak niet snel passende hulp aan de gezinnen te bieden. Dit leidt ertoe dat hulptrajecten lang duren. Met de inzet van Intensieve Hulpverlening is het doel vroeg, bij de eerste signalen, te interveniëren in gezinnen met potentieel complexe en/of veiligheidsproblematiek.

Door inzet van gespecialiseerde hulpverleners, die systeemgericht en domein overstijgend werken, kunnen uithuisplaatsingen voorkomen worden en kosten op de jeugdhulp te besparen. 34. Inzet Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties – Intensieve hulpverlening De uitgaven voor de Intensieve hulpverlening Jeugd kunnen incidenteel gedekt worden uit middelen in de Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties. 35. Samen in de Buurt (IZA) De gemeente Papendrecht doet mee aan een landelijke IZA-project onder de werktitel Samen in de Buurt. De aanleiding voor het project zijn de stijgende zorgkosten en de toenemende personeelstekorten. Voor het lokale project is door het Rijk via een specifieke regeling tot en met 2028 € 1,6 miljoen beschikbaar gesteld, waarvan € 414.000 is toegekend aan de gemeente ten behoeve van het sociaal domein. Onder de lokale werktitel Samen in de Buurt wordt er op vier buurten van de wijk Westpolder gericht. 36. Uitbreiding Odensehuis (IZA) Het Odensehuis biedt preventieve ondersteuning aan inwoners met beginnende geheugenklachten. Hierdoor kunnen zij langer zelfstandig blijven en wordt zwaardere zorg uitgesteld. Door de groei van het aantal mensen met dementie neemt de vraag naar deze voorziening toe. Daarom wordt voorgesteld IZA-middelen uit 2026 incidenteel in te zetten voor de huur van een tweede zaal voor een periode van vier jaar.

De zaal dient om extra activiteiten te blijven organiseren en de groeiende doelgroep goed te kunnen bedienen. De middelen worden ondergebracht in de Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties en kunnen tot en met 2029 worden ingezet.

37

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

37. Welzijn op recept (IZA) Sinds 2024 loopt de interventie Welzijn op Recept. Welzijn op recept is een alternatief voor mensen met psychosociale klachten. In plaats van de medicatie voor te schrijven, kan de huisarts patiënten ook doorverwijzen naar een welzijnscoach als de onderliggende problematiek daarom vraagt. De financiering van Welzijn op recept kan in 2026 worden gecontinueerd vanuit de regionale IZA-middelen. 38. Dekking regionale IZA Vanuit de regio ontvangt de gemeente Papendrecht middelen voor IZA. Voor de projecten Samen in de Buurt en Welzijn op Recept en de uitbreiding van de Odensehuid ontvangt de gemeente Papendrecht € 534.000. De middelen voor de uitbreiding van de Odensehuis is bedoeld voor de uitvoering tot en met 2029. Er wordt voorgesteld om dit deel van de middelen te storten in de Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties om de kosten voor de uitbreiding van de Odensehuis tot en met 2029 te dekken. 39. Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties – Odensehuis Vanuit de regio ontvangt de gemeente Papendrecht middelen voor IZA. Er wordt voorgesteld om een deel van deze middelen te storten in de Egalisatiereserve Rijksstromen Taakmutaties om de kosten voor de uitbreiding van de Odensehuis tot en met 2029 te kunnen dekken. 40. Uitvoeringsprogramma Centrum In september 2025 heeft het college het Programma Centrum vastgesteld.

Hierin zijn vier thematische focusgebieden opgenomen: Markt 2040, Winkelpark De Meent 2040, Verbindingen en Waterkant 2040. Daarbij heeft het college besloten eenmalig € 75.000 beschikbaar te stellen voor het opstellen van het Uitvoeringsprogramma Centrum 2040 voor de vier focusgebieden. Dit wordt gedekt via het budget voor de implementatie van de Omgevingsvisie wat is beklemd in de Algemene Reserve. 41. Inzet Algemene Reserve Uitvoeringsprogramma Centrum Met betrekking tot de opgenomen post “Uitvoeringsprogramma centrum” vindt dekking plaats door de middelen in de algemene reserve wat is beklemd voor de implementatie van de Omgevingswet. 42. Suswachters In 2025 zijn suswachters ingezet tijdens de avonduren op de winkelcentra naar aanleiding van aanhoudende jeugdoverlast en gevoelens van onveiligheid. Deze inzet heeft bijgedragen aan meer zichtbaarheid van toezicht, een verbeterd veiligheidsgevoel en het doorbreken van anonimiteit van overlastgevers. Omdat de gemeentelijke handhavingscapaciteit onvoldoende is om avonddiensten structureel te bemensen en de overlast aanhoudt, bestaat de wens deze inzet voort te zetten, mede in het licht van de geplande opening van een nieuwe opvanglocatie voor vluchtelingen.

Het onderzoek naar de BOA‑capaciteit is afgerond; de inzet van suswachters wordt betrokken bij de verdere afweging tussen de uitgewerkte scenario’s, waaronder de keuze tussen structurele inbedding of voortzetting via inhuur. De verwachte kosten voor 2026 bedragen € 25.000.

38

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

3.2 INVESTERINGSPROGRAMMA 2026 Naast financiële bijstelling van de exploitatie is ook het investeringsprogramma geactualiseerd. De mutaties worden in onderstaande tabel toegelicht.

INVESTERINGSKREDIETEN

2026

Nieuw Ondergrondse afvalcontainers

€ 503.500

Atletiekbaan AV Passaat

€ 50.000

Kunstgrasveld VV Drechtstreek

€ 40.000

Vervanging wagenpark Fase 2

€ 1.224.000

Vervanging wagen handhaving

€ 112.000

Parkeersysteem Den Briel

€ 45.000

Verbouwing Veerweg

€ 70.000

Aanpassing bestaande investeringen Verduurzaming J. Vermeerstraat

€ -45.000

Reconstructie Grondmolen

€ 386.500

Reconstructie Boomgaardstraat

€ -386.500

Civiele kunstwerken 2022

€ 320.000

Project Reconstructie riool 2026

€ -3.500.000

Herverdeling reconstructieprojecten - Beukmolen

€ 250.000

Herverdeling reconstructieprojecten - Elzenzoom fase 1

€ 1.400.000

Herverdeling reconstructieprojecten - Genestetstraat

€ 1.150.000

Herverdeling reconstructieprojecten - Oosteind + Matena (aanleg HWA)

€ 600.000

Herverdeling reconstructieprojecten - Hoofdstraat fase 1+2

€ 50.000

Herverdeling reconstructieprojecten Elzenzoom fase 2+3

€ 50.000

Aanbrengen valbeveiliging kernpanden

€ -136.000

Totaal

€ 2.183.500

39

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

Ondergronds afvalcontainers In vervolg op de nieuwe dienstverleningsovereenkomst Afvalinzameling met HVC is het streven naar meer uniformiteit inzamelmiddelen waarbij de gemeente eigenaar wordt van alle ondergrondse betonbakken die dienen als behuizing voor de ondergrondse afvalcontainers (het onroerende deel in de grond). De afvalcontainers die nog in eigendom zijn van de gemeente gaan over naar HVC (de roerende onderdelen). Dit biedt de gemeente flexibiliteit bij reconstructies en aanpassingen in de openbare ruimte. De gemeente behoudt de regie en voert de participatie met bewoners. Voor de overname van de betonputten aan de gemeente is een investering van € 503.435 nodig. Hiermee wordt de jaarlijkse bijdrage aan HVC verlaagd waardoor de kosten voor afval jaarlijks minder hard zullen stijgen. Atletiekbaan AV Passaat Om de vervanging van de atletiekbaan in 2027 mogelijk te maken wordt u in deze Perspectiefnota onderdeel Investeringsprogramma 2026 voorgesteld een voorbereidingskrediet van € 50.000 beschikbaar te stellen voor de ontwerp- en voorbereidingsfase van deze vervanging. In deze Perspectiefnota wordt in het onderdeel “Duiding investeringsprogramma 2027- 2031” voor de vervanging atletiekbaan in 2027 de benodigde investering met de bijbehorende kapitaallasten opgenomen. Aansluitend kan de integrale afweging plaatsvinden bij de Begroting 2027- 2031.

De kosten voor de fundering en constructie zijn hierbij voor rekening van de gemeente, kosten van de toplaag voor rekening van AV Passaat. De geraamde kosten voor vervanging bedragen in totaal € 3.080.000, waarvan AV Passaat € 564.000 bijdraagt voor de toplaag. Papendrecht is met gemeente Sliedrecht in overleg over een bijdrage voor de vervanging. De bijdrage van de gemeente Papendrecht komt, vooralsnog, uit op € 2.516.000. Kunstgrasveld VV Drechtstreek Voetbalvereniging Drechtstreek heeft sterk de behoefte aan een nieuw hoofdveld van kunstgras als vervanging van het huidige hoofdveld. De benodigde speel- en trainingscapaciteit voor de voetbalteams groeit al jaren structureel ondanks een selectieve spelersstop per jaargang en lange speeldagen met snelle doorloop van wedstrijden. De capaciteitsberekening voor het complex laat al jaren een tekort aan speelruimte zien. Uitbreiding met een vijfde veld in het Park Oostpolder is afgewezen voor behoud van het park. Vijf jaar geleden is een grasveld vervangen door een tweede kunstgrasveld waarmee de speelzekerheid toen is toegenomen. Daarnaast neemt de kwaliteit van het bestaande hoofdveld af waardoor met name in de winterperiode en na regen meer dan gemiddeld afkeur plaatsvind. Het bestaande hoofdveld wordt nu beperkt ingezet en zoveel mogelijk ontzien om wedstrijden van de selectie daar te houden.

Bij afkeur op trainingsdagen betekent dit dat voor lagere teams de trainingsmogelijkheid dan vervalt. Het vervangen van het huidige veld door kunstgras is de mogelijkheid de speel- en trainingscapaciteit voor een belangrijk deel te compenseren. Kunstgras biedt hierbij duidelijke voordelen, zoals een hogere bespeelbaarheid in de huidige conditie 100 uur per jaar een kunstgrasveld 800 uur, minder afgelastingen en een efficiënter gebruik van de beschikbare ruimte. Dit is in lijn met het beleidskader aanleg en renovatie buitensportaccommodaties.

40

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

Voor de aanleg van een nieuw kunstgrasveld op deze locatie worden de totale kosten geraamd op circa € 900.000. Voor het herstel van de bovenlaag is in de begroting reeds rekening gehouden met een krediet van € 101.000 in 2027. Er wordt voorgesteld om in 2026 een investeringskrediet van € 40.000 beschikbaar te stellen voor de ontwerp en voorbereidingsfase voor deze vervanging. Vervanging wagenpark fase 2 De eerste fase van het vervangen van het wagenpark van wijkonderhoud is afgerond. Voor de tweede fase worden de resterende voertuigen die geleased worden en die aan vervanging toe zijn vervangen door duurzame voertuigen. De totale investeringssom is € 1.224.000. De kapitaallasten en overige kosten die hieruit voortvloeien kunnen volledig gedekt worden uit de vrijvallende budgetten van de geleasede voertuigen. Vervanging wagen handhaving Binnen toezicht en handhaving wordt op dit moment twee voertuigen geleased. Deze twee voertuigen kunnen vervangen worden door 2 voertuigen aan te schaffen. De totale investeringssom voor de vervanging van de wagens voor toezicht en handhaving is € 112.000. De kapitaallasten en overige kosten die hieruit voortvloeien kunnen volledig gedekt worden uit de vrijvallende budgetten van de geleasede voertuigen. Parkeersysteem Den Briel De gemeente is, samen met Rivas, gedeeld eigenaar van het gebouw Den Briel.

Parkeergarage Den Briel is een garagebox liggend op het parkeerterrein van gebouw Den Briel. In de laatste jaren hebben zich veel problemen voorgedaan als gevolg van een niet deugdelijk parkeersysteem die toegang geeft tot het terrein. Een nieuw parkeermanagementsysteem lost de problemen op. De uitgaven hiervoor zijn €80.000, waarvan Rivas en de gemeente ieder 50% vanuit de VvE Den Briel op zich nemen. Hiervoor wordt voorgesteld het krediet Verduurzaming J. Vermeerstraat in te zetten aangezien deze niet meer gebruikt gaat worden. Verbouwing Veerweg Op verzoek van de gemeente heeft in 2024 de chiropractor, destijds gehuisvest in een pand aan de Poldermolen, zijn huurcontract beëindigd. De chiropractor is een locatie aangeboden in de plint van Den Briel aan de Veerweg 135, met een perspectief voor permanente huisvesting. Voor de invulling van de casco ruimte aan de Veerweg is € 70.000 nodig om de ruimten geschikt te maken voor gebruik door de chiropractor. De ruimte wordt tegen een commerciële huurprijs verhuurd en wordt jaarlijks geïndexeerd. De kosten van deze investering worden via de huurprijs verrekend. Verduurzaming J.

Vermeerstraat De huidige positie waarin het vastgoed zich bevindt, van scheiding kernpanden/ dispositiepanden, bestuursopdracht Brink, verduurzamingsonderzoek tussen de relatie nieuwbouw en investeren in oude gebouwen, zorgen ervoor dat dit krediet nu geen bestemming heeft. Een eventuele verduurzaming voor deze locatie, als deze er überhaupt komt, zal naar verwachting worden bekostigd vanuit een toekomstig project. Voorgesteld wordt daarom dit krediet te laten vervallen en het bedrag in te zetten voor het parkeersysteem bij parkeergarage Den Briel. 41

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

Reconstructie Grondmolen Voor de uitvoering van het project ‘Herinrichting Grondmolen e.o. – fase 2 (Grondmolen en Standerdmolen)’ heeft het college in december 2025 besloten een bedrag van € 386.500 over te hevelen vanuit het project Boomgaardstraat. Hierdoor wordt het reconstructiebudget voor de Grondmolen met € 386.500 verhoogd. Reconstructie Boomgaardstraat Als gevolg van voornoemd besluit betreft het project ‘Herinrichting Grondmolen e.o. – fase 2 (Grondmolen en Standerdmolen)’, wordt het reconstructiebudget voor de Boomgaardstraat met € 386.500 verlaagd. Civiele kunstwerken 2022 In het jaarprogramma civiele kunstwerken 2022 is de gedeeltelijke vervanging van de duikerbrug Veerweg/Wieklaan opgenomen. Door de ligging in een primaire watergang is volledige vervanging technisch complex, kostbaar en leidt dit tot langdurige hinder. Op basis van onderzoeken en constructieve beschouwingen wordt als maatregel een overkluizing over het westelijk deel van de duikerconstructie aangebracht. Voor het veiligstellen van de duikerbrug is een aanvullende financiering noodzakelijk. De geraamde kostenmaatregel is € 400.000. Het beschikbaar gestelde krediet is € 80.000, daarmee is een aanvullend bedrag van € 320.000 nodig. Project reconstructie riool 2026 De investering project reconstructie riool wordt bij de begroting verdeeld in verschillende reconstructieprojecten.

Deze is bij het opstellen van de Begroting 2026 per abuis niet verdeeld. Dit betreft een administratieve wijziging. Aanbrengen valbeveiliging kernpanden In de concernrapportage 2025 is een investering opgenomen voor het aanbrengen van valbeveiliging op de daken van de kernpanden zodat er in de toekomst onderhoudswerkzaamheden op het dak kunnen plaatsvinden. Er is gebleken dat de administratieve verwerking per pand dient plaats te vinden waardoor deze uitgaven niet meer voldoet aan de eis van een minimale omvang van € 25.000 om als een investering te worden beschouwd. De investering zal via de exploitatie lopen.

3.3 FINANCIËLE DUIDING MEERJARENPERSPECTIEF 2027-2031 In de Perspectiefnota 2026-2031 worden voor de jaren 2027 en verder een financiële duiding gegeven op het financiële meerjarenperspectief. De ontwikkelingen worden onderverdeeld in structurele (S) en incidentele (I) ontwikkelingen en waarbij per ontwikkeling wordt aangegeven of er sprake is van wettelijk/autonome ontwikkeling (W) of keuzes met bandbreedtes (K). Duiding structurele ontwikkelingen Hieronder wordt een duiding gegeven van de structurele ontwikkelingen voor het meerjarenperspectief 2027 en verder. De structurele ontwikkelingen betreffen ontwikkelingen die een structurele doorwerking heeft op de meerjarenbegroting en/of zijn van wettelijke/ verplichte aard. 42

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

Wettelijk en autonoom OMSCHRIJVING

U/I

I/S

2027

2028

2029

2030

2031

W/K

43

Indexatie stelpost salariskosten

U

S

€-

€-

€-

€-

€ -410.000

W

44

Indexatie stelpost prijsindexatie

U

S

€-

€ -232.000

€ -294.000

€ -195.000

€ -410.000

W

45

Indexatie subsidieplafond

U

S

€ -90.000

€ -100.000

€ -100.000

€ -100.000

€ -200.000

W

46

Begroting GR Sociaal

U

S

€ -2.257.000

€ -2.387.000

€ -2.933.000

€ -3.423.000

€ -3.633.000

W

47

Begroting DG&J

U

S

€ -69.000

€ -32.000

€ -32.000

€ -32.000

€ -57.000

W

48

Begroting SOJ

U

S

€ -1.559.000

€ -1.421.000

€ -1.415.000

€ -1.432.000

€ -1.574.000

W

49

Begroting VRZHZ

U

S

€-

€-

€-

€-

€ -74.000

W

50

Begroting OZHZ

U

S

€-

€-

€-

€ 18.000

€ 36.000

W

51

Begroting RCH

U

S

€ -41.000

€ -10.000

€ -11.000

€ -12.000

€ -63.000

W

52

Claim Algemene Uitkering - Dekking volumegroei en prijs- en looneffect

I

S

€ 1.354.000

€ 1.046.000

€ 1.196.000

€ 1.294.000

€ 1.596.000

W

53

Claim Algemene Uitkering - Volumegroei

I

S

€-

€-

€-

€-

€ 516.000

W

54

Budget toekomstige investeringen

U

S

€-

€-

€-

€-

€ -685.000

W

55

Indexatie OZB

I

S

€-

€-

€-

€-

€ 449.400

W

56

Septembercirculaire 2025

I

S

€ -25.000

€ 21.000

€ -14.000

€ -48.000

€ -48.000

W

57

Gelabelde uitgaven Septembercirculaire 2025

U

S

€ -81.000

€ -28.000

€ -28.000

€ -28.000

€ -28.000

W

58

Kapitaallasten investeringsprogramma

U

S

€ -23.000

€ -182.000

€ -178.000

€ -177.000

€ -186.000

W

59

Voorziening Personele verplichtingen

I

S

€ 49.000

€ 31.000

€-

€-

€-

W

60

Voorziening RVU

I

S

€ 44.000

€ 9.000

€-

€-

€-

W

61

Contributie VNG

U

S

€ -48.000

€ -48.000

€ -48.000

€ -48.000

€ -48.000

W

62

Smart Delta - Groeiagenda

U

S

€ 18.000

€ 18.000

€ 18.000

€ 18.000

€ 18.000

W

63

Inburgering Statushouders

U

S

€ 31.000

€ 31.000

€ 31.000

€ 31.000

€ 31.000

W

64

Collectief voorliggend aanbod

U

S

€ -250.000

€ -250.000

€ -250.000

€ -250.000

€ -250.000

W

65

Besparing voorliggend aanbod Jeugd

U

S

€ 530.000

€ 800.000

€ 850.000

€ 850.000

€ 850.000

W

66

Intensieve hulpverlening Jeugd

U

S

€ -300.000

€ -300.000

€ -300.000

€ -300.000

€ -300.000

W

67

Besparing intensieve hulpverlening Jeugd

U

S

€ 320.000

€ 520.000

€ 560.000

€ 560.000

€ 560.000

W

68

Afbouw Beschermd Wonen

I

S

€-

€ -200.000

€ -200.000

€ -200.000

€ -200.000

W

69

Parkeergarage De Meent

U

S

€ -174.000

€ -174.000

€ -174.000

€ -174.000

€ -174.000

W

70

Deal!

U

S

€ 47.000

€ 47.000

€ 47.000

€ 47.000

€ 47.000

W

71

Voorziening Onderhoud gebouwen

U

S

€-

€-

€-

€ -530.000

€ -530.000

W

72

Huurinkomsten Veerweg

I

S

€ 4.000

€ 4.000

€ 4.000

€ 4.000

€ 4.000

W

73

Voorziening Civiele kunstwerken

U

S

€ -81.000

€ -81.000

€ -81.000

€ -81.000

€ -81.000

W

74

Groen onderhoud

U

S

€ -43.000

€ -43.000

€ -43.000

€ -43.000

€ -43.000

W

75

Bijdrage HVC

U

S

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

W

76

Buitenreclame

I

S

€ 30.000

€ 30.000

€ 30.000

€ 30.000

€ 30.000

W

77

Omgevingsplannen - BOPA

U

S

€ -73.000

€-

€-

€-

€-

W

78

Raadsconferentie

U

S

€-

€-

€-

€ -30.000

€-

W

79

Verkiezingen

U

S

€ -18.000

€ -18.000

€ -42.000

€ -62.000

€-

W

80

Aanpak Voorkomen Escalatie (AVE)

U

S

€ -153.000

€ -153.000

€ -153.000

€ -153.000

€ -153.000

W

€ -2.843.000

€ -3.087.000

€ -3.545.000

€ -4.451.000

€ -4.994.600

TOTAAL

( - = hogere lasten / lagere baten) ( + = lagere lasten / hogere baten)

43. Indexatie stelpost salariskosten De stelpost salariskosten is het jaarschijf 2031 toegevoegd. Voor de stelpost wordt rekening gehouden met een jaarlijkse indexering van 1,5%. Dit zou leiden toe een nadelige bijstelling van € 410.000 in 2031. 44. Indexatie stelpost prijsindexatie De stelpost prijsindexatie is het jaarschijf 2031 toegevoegd. Voor de stelpost wordt rekening gehouden met een jaarlijkse indexering van 2,0%. Dit zou leiden toe een nadelige bijstelling van € 232.000 in 2028 tot een nadelige bijstelling van € 410.000 in 2031. 43

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

45. Indexatie subsidieplafond De stelpost indexatie subsidieplafond is het jaarschijf 2031 toegevoegd. Voor de stelpost wordt rekening gehouden met een indexering van 3,5% in 2027 en vanaf 2028 2%. Dit zou leiden toe een nadelige bijstelling van € 90.000 in 2027 tot een nadelige bijstelling van € 200.000 in 2031. 46. Begroting GR Sociaal Het concept Begroting 2027-2030 van de GR Sociaal laat voor de deelnemende gemeenten een forse stijging van de bijdrage zien. Deze stijging wordt vooral veroorzaakt door kosten, die moeilijk te beïnvloeden zijn, zoals autonome groei in klantenaantallen en de ontwikkeling van loon- en prijsindexaties binnen het huidige beleid. Aan de hand van de bestuurlijke opdracht “Toekomstbestendig Sociaal domein” onderzoekt de GR Sociaal met de deelnemende gemeenten welke mogelijkheden er zijn om bij te dragen aan het beheersbaar houden van de kosten binnen het sociaal domein. Het kabinet heeft besloten om voor alle Wmo-voorzieningen waar nu het abonnementstarief voor geldt een inkomensafhankelijke eigen bijdrage in te voeren. Het kabinet gaat er van uit, dat de gemeenten hierdoor per saldo minder zullen uitgeven voor de Wmo-voorzieningen. Vooruitlopend op wetgeving, die hierbij nodig is heeft het kabinet al wel de algemene uitkering vanaf 2028 neerwaarts bijgesteld, terwijl de GRS hier nog geen rekening mag houden van de provinciale toezichthouder.

Daarnaast ligt er nog een opdracht bij de GRS om ombuigingen door te voeren. Samen met de GRS en de andere regiogemeenten werken we aan financieel-technische en inhoudelijke maatregelen om de begroting van de GRS te dempen. Deze kunnen niet meer in de Perspectiefnota worden meegenomen. Een deel van de maatregelen zal naar verwachting al bij het opstellen van de begroting van 2027 meegenomen kunnen worden, een ander deel vraagt een langere adem en mogelijk lokale investeringen om een breder voordeel te behalen op de kosten. In de zienswijze op de GR Sociaal kan de gemeenteraad een eerste richting meegeven ten aanzien van de uitwerking van de maatregelen. Het Rijk heeft aangekondigd om de inkomensafhankelijke eigen bijdrage WMO na uitstel vanaf 2028 in te voeren. De korting op de algemene uitkering is reeds door het Rijk verwerkt en worden gemeenten jaarlijks tot de invoering van de wet gecompenseerd. Vanaf 2028 en verder zijn de uitgaven van de gemeente Papendrecht aan de GR Sociaal op basis van de invoering van inkomensafhankelijke eigen bijdrage met € 350.000 positief bijgesteld. 47. Begroting DG&J De financiële basis van de concept Begroting 2027 van de GR Dienst Gezondheid en Jeugd is de Kadernota 2027, die door het algemeen bestuur op 18 december 2025 is vastgesteld.

Het algemeen bestuur heeft besloten de begroting 2026 plus indexatie, met uitzondering van het jeugdhulpbudget, als kader voor de begroting 2027 te gebruiken. Onderdeel van de zogenaamde nullijnbegroting 2026 zijn een tweetal incidentele posten voor de formatie van OGGZ en Veilig Thuis. Bij de begroting 2027 worden deze posten nog éénmaal incidenteel opgenomen. Het uitgangspunt van de nullijn heet impact op de dienstverlening aan inwoners en gemeenten. Deze komt vanwege het aantal meldingen onder druk te staan.

44

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

De ontvangen concept begroting 2027 van de Dienst Gezondheid & Jeugd zal financieel door worden gerekend in de begroting. De begroting 2027 van deze dienst zal via de reguliere zienswijzeprocedure aan de gemeenteraad worden voorgelegd. 48. Begroting SOJ De raming jeugdhulpuitgaven 2027 is vanuit de GR Dienst Gezondheid & Jeugd opgesteld met als peilmaand januari 2026. De jeugdhulpuitgaven laat voor alle gemeenten, waaronder voor Papendrecht een forse stijging zien. Regionaal en lokaal wordt in het programma “Betaalbare en beschikbare jeugdhulp” gewerkt aan het afbakenen van het recht op jeugdhulp. Vooruitlopend op de uitkomsten hiervan wordt via de zienswijzeprocedure op de begroting 2027 een verzoek gedaan om de gemeentelijke bijdrage op de begroting Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) te verlagen met een bedrag van € 300.000. Vooruitlopend op de maatregelen, die volgen uit het programma “Betaalbare en beschikbare jeugdhulp” denken we vooral aan besparingen, die te halen zijn uit: Met het uitvoeren van rechtmatigheidsonderzoeken bij zorgaanbieders wordt door de Serviceorganisatie Jeugd beoogd om te besparen op jeugdhulpuitgaven. Het doel van het project is om de rechtmatigheid en doelmatigheid van de zorguitgaven te vergroten, risico’s beter te beheersen en gemeenten meer inzicht te geven in de kwaliteit en juistheid van ingekochte zorg.

Dit project is gestart in 2025 en loopt in ieder geval door in 2026. De verlaging uit de programma “Betaalbare en beschikbare jeugdhulp” zal verder worden aangevuld met netto besparingen van in totaal € 0,3 mln. in 2027, oplopend tot € 0,8 mln. die voort zullen vloeien uit de aanvullende lokale maatregelen collectief aanbod jeugd en intensivering hulpverlening jeugd. De aanvullende besparingen zullen nog getoetst moeten worden door de provinciaal toezichthouder. De ontvangen concept begroting 2027 van de Serviceorganisatie Jeugd zal financieel door worden gerekend in de begroting. De begroting 2027 van de DG&J en SOJ zal incl. de voorgestelde besparingen via de reguliere zienswijzeprocedure aan de gemeenteraad worden voorgelegd. 49. Begroting VRZHZ Op basis van de begroting 2027 van de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid is een doorrekening gemaakt op de begroting van de gemeente Papendrecht. Op basis hiervan dient enkel jaarschijf 2031 bijgesteld te worden met € 74.000. 50. Begroting OZHZ Op basis van de begroting 2027 van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid is een doorrekening gemaakt op de begroting van de gemeente Papendrecht. Op basis hiervan dient een bijstelling van € 18.000 in 2030 en € 36.000 in 2031 gemaakt te worden.

45

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

51. Begroting RCH De exploitatiebijdrage aan de Recreatie & Cultuur Holding is in 2025 bijgesteld. De exploitatiebijdrage wordt met een vaste indexatiemethodiek geïndexeerd. Op basis van deze methodiek, dient de begroting voor de RCH te worden bijgesteld. Dit zal een negatieve bijstelling van € 41.000 in 2027 oplopend tot € 63.000 in 2031. 52. Claim Algemene Uitkering – Dekking Volumegroei en prijs- en looneffect Op basis van de voorjaarsnota 2026 houden we rekening met een gedeeltelijke compensatie van de algemene uitkering voor hogere indexatie van de loon- en prijsstijgingen en de begrotingen van de verbonden partijen. Hier bestaat een risico dat het Rijk met een lagere compensatie komt dan dat er bij de Perspectiefnota 2026 rekening is gehouden. Over het jaar 2027 wordt wel aanvullend rekening gehouden met een compensatie van € 350.000 voor het later ingaan van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage WMO.

53. Claim Algemene Uitkering – Volumegroei In de RIB “Toekomstig financieel perspectief in relatie tot investeringen” (d.d. 30 januari 2025) is een voorzichtige inschatting gemaakt dat het Rijk zal gaan bewegen binnen de financiële verhouding met de gemeenten. Er is een inschatting gemaakt dat er sprake is van 0,7% volumegroei in de Algemene Uitkering. Deze claim op de Algemene Uitkering wordt vanaf 2030 opgenomen in de begroting en betreft hier een verwerking voor de jaarschijf 2031. 54. Budget toekomstige investeringen Conform de afspraken die zijn gemaakt rondom de financiering huisvesting VO-scholen en herontwikkeling Van der Palmgebied vindt er jaarlijks een structurele verhoging plaats van het budget toekomstige investeringen ter dekking van de kapitaallasten. 55. Indexatie OZB Conform de afspraken die zijn gemaakt rondom de financiering huisvesting VO-scholen vindt jaarlijks buiten de reguliere indexatie van de OZB een extra verhoging (1,5%) plaats van de OZB. Dit moet nog verwerkt worden voor de jaarschijf 2031. 56. Septembercirculaire 2025 Op basis van de RIB “Septembercirculaire 2025” (d.d. 14 oktober 2025) worden de stand van de Algemene Uitkering in 2026 bijgesteld. 57. Gelabelde uitgaven Septembercirculaire 2025 Op basis van de RIB “Septembercirculaire 2025” (d.d. 14 oktober 2025) worden de gelabelde uitgaven verwerkt in 2026. 58.

Kapitaallasten Investeringsprogramma Op basis van de bijstellingen van het investeringsprogramma 2026 en de duiding van de bijstelling van het investeringsprogramma 2027-2031 zijn de aanvullende kapitaallasten geprognosticeerd. De bijstelling van de kapitaallasten zullen betrokken worden bij het opstellen van de begroting 2027 op basis van het gehele investeringsprogramma.

46

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

59. Voorziening personele verplichtingen De voorziening personele verplichtingen is bedoeld om toekomstige uitgaven op te vangen die voortvloeien uit personeelsverplichtingen (frictiekosten). De onttrekkingen in de jaren 2026, 2027 en 2028 zijn ter dekking van de te maken frictiekosten in die jaren. 60. Voorziening RVU Vanuit de Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) kunnen een bepaalde groep medewerkers van de gemeente onder voorwaarden met vervroegd pensioen. Voor deze groep medewerkers is een voorziening gevormd. In 2027 wordt voor een bedrag van € 9.000 onttrokken uit deze voorziening. 61. Contributie VNG Alle gemeenten betalen aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) contributie. Het budget voor de contributie aan de VNG is een aantal jaren niet geïndexeerd. Hiervoor is een structurele bijstelling van € 49.000 nodig. 62. Smart Delta - Groeiagenda De begroting 2027 Smart Delta Drechtsteden laat een lagere benodigde inwonerbijdrage van de 7 gemeenten zien. Voor Papendrecht een voordeel van € 18.000. 63. Inburgering statushouders Voor statushouders kan de maatschappelijke begeleiding, die wordt afgenomen door Vluchtelingenwerk worden doorbelast naar de specifieke regeling wet inburgering 2021. Dit levert een structureel voordeel op van € 30.000 per jaar. 64.

Collectief voorliggend aanbod Collectief werken wordt vormgegeven als een wijkgerichte, signaal gestuurde aanpak. Professionals — waaronder maatschappelijk werk op school en brugfunctionarissen — bundelen signalen en vertalen deze naar thematische groepsinterventies. Deze aanpak biedt een stevige preventieve basis die overbelasting van maatwerkvoorzieningen helpt voorkomen, maar vervangt individuele ondersteuning niet. De pilot starten we op twee basisscholen en omvat per school uitbreiding van uren maatschappelijk werk en inzet van een jeugdprofessional (voor het ontwikkelen en uitvoeren van aanbod). Ook worden trainingen gegeven. In het voortgezet onderwijs continueren we de extra inzet in 2027 van maatschappelijk werk op school. Daarnaast organiseren we samen met aanbieders van jeugdhulp enkele pilots, waaronder een Pilot Jeugdhulp op school (KPJ) op het Willem de Zwijgercollege. Doel van deze pilot is het voorkomen van schooluitval. Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie levert een jeugdprofessional die zowel individuele hulp als groepsaanbod inzet.

47

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

65. Besparing collectief voorliggend aanbod jeugd Door extra te investeren in collectief voorliggend aanbod jeugd wordt er naar toegewerkt dat minimaal 20% van de gezinnen en jeugdigen die met een hulpvraag aanmelden bij Sterk Papendrecht doorgeleid wordt naar collectief aanbod in plaats van een intensief individueel traject. Hiermee wordt een besparing gerealiseerd op jeugdzorgkosten. Bij de zienswijze van de GR Dienst Gezondheid & Jeugd wordt een verzoek gedaan om de gemeentelijke bijdrage van Papendrecht te verlagen met deze besparing. 66. Intensieve hulpverlening Jeugd Er wordt geconstateerd dat er een toename is van complexe casuïstiek in gezinnen, vaak met een veiligheidsaspect, wat leidt tot uithuisplaatsingen en onder toezichtstellingen. Door personeelstekorten bij de jeugdbeschermingsorganisaties en de grote druk op woonvoorzieningen lukt het vaak niet snel passende hulp aan de gezinnen te bieden. Dit leidt ertoe dat hulptrajecten lang duren. Met de inzet van Intensieve Hulpverlening is het doel vroeg, bij de eerste signalen, te interveniëren in gezinnen met potentieel complexe en/of veiligheidsproblematiek. Door inzet van gespecialiseerde hulpverleners, die systeemgericht en domein overstijgend werken, kunnen uithuisplaatsingen voorkomen worden en kosten op de jeugdhulp te besparen. 67.

Besparing intensieve hulpverlening jeugd Door extra te investeren in intensieve hulpverlening jeugd wordt er naar toegewerkt dat de omvang van ambulante hulp aan gezinnen afneemt en uithuisplaatsing van ten minste één kind vermeden wordt. Hiermee wordt een besparing gerealiseerd op jeugdzorgkosten. Bij de zienswijze van de GR Dienst Gezondheid & Jeugd wordt een verzoek gedaan om de gemeentelijke bijdrage van Papendrecht te verlagen met deze besparing. 68. Afbouw Beschermd Wonen Met verwijzing naar het raadsbesluit “Ontwikkelingen en samenwerkingsovereenkomst Beschermd Wonen & Opvang” van 29 januari 2026 keert de centrumgemeente Dordrecht de overschotmiddelen over 2026 en 2027 niet uit. Met deze overschotmiddelen wordt een regionale reserve Beschermd Wonen en opvang gevormd. Conform raadsbesluit zal het nadeel voor onze gemeente over 2026 worden opgevangen binnen de exploitatie. Het nadeel over 2027 zal worden gedekt uit de algemene reserve. Het Rijk werkt toe naar een andere verdeelsystematiek. Daarin krijgen alle gemeenten middelen voor hun eigen inwoners die nieuw instromen in beschermd wonen. Hiermee is het nog onduidelijk of en in welke mate de overschotten in de inkomsten vanaf 2028 wegvallen. Voor de begroting 2028 en verder wordt ingeschat dat de overtollige middelen van beschermd wonen met € 0,2 mln. afnemen. Hiermee blijft een risico ca. € 0,2 mln. per jaar over.

Wanneer meer duidelijkheid is, zal de raad hierover worden geïnformeerd. Vooralsnog wordt ervan uit gegaan dat de overtollige middelen voor een deel gehandhaafd blijft. 69. Parkeergarage De Meent Bij de accountantscontrole van de jaarrekening 2024 is een onzekerheid opgenomen met betrekking tot het niet afschrijven van de parkeergarage De Meent. Hier is in 2025 een onderzoek naar gedaan om op basis van de resterende technische levensduur de parkeergarage De Meent af te schrijven. Dit is bij het opstellen van de jaarrekening 2025 verwerkt. Het structurele effect van deze aanpassing is een nadeel van € 174.000 per jaar. 48

3. FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN

70. Deal! De samenwerking met DEAL! Drecht Cities is beëindigd. Het gevolg is dat voor 2027 geen bijdrage meer betaald hoeft te worden. Dit levert een structureel voordeel van € 47.000 per jaar op. 71. Voorziening Onderhoud Gebouwen In 2025 zijn de meerjaren onderhoudsplannen (MJOP’s) voor het gemeentelijk vastgoed vastgesteld. Bij de Perspectiefnota 2025 zijn de benodigde middelen hiervoor opgenomen voor een periode van 4 jaar van 2026 tot en met 2029 in de vorm van een bestemmingsreserve. Deze reserve wordt omgezet tot een voorziening. Voor het benodigde onderhoud is vanaf 2030 structureel een jaarlijkse storting van € 530.000 per jaar nodig in de voorziening Onderhoud. 72. Huurinkomsten Veerweg Op verzoek van de gemeente heeft in 2024 de chiropractor, destijds gehuisvest in een pand aan de Poldermolen, zijn huurcontract beëindigd. De chiropractor is een locatie aangeboden in de plint van Den Briel aan de Veerweg 135, met een perspectief voor permanente huisvesting. Voor de invulling van de casco ruimte aan de Veerweg is een investering nodig om de ruimten geschikt te maken voor gebruik door de chiropractor. De ruimte wordt tegen een commerciële huurprijs verhuurd en wordt jaarlijks geïndexeerd. De kosten van deze investering worden via de huurprijs verrekend. De aanvullende huurinkomsten door de investering is € 4.000 per jaar. 73.

Voorziening Civiele kunstwerken Door het college is het meerjarenplan civiele kunstwerken (bruggen, vlonders) vastgesteld. Om beter te voldoen aan de voorschriften van het Besluit Begroting & Verantwoording (BBV) en door de groeiende behoefte aan meer planmatig onderhoud, is het noodzakelijk onderscheid te maken tussen investeringen en planmatig groot onderhoud. Voor het planmatig groot onderhoud wordt voorgesteld om een voorziening in te richten, zodat toekomstige onderhoudsopgaven tijdig en structureel worden gefinancierd. Het kenmerkende verschil tussen een investering en gebruik van een voorziening is dat een investering wordt gefinancierd met achteraf rente en aflossing en bij een voorziening wordt vooraf gespaard. Met de huidige investeringskredieten civiele kunstwerken tot en met 2030 is circa € 1.500.000 beschikbaar voor vervanging. Vanuit het geactualiseerde meerjarenplan blijft circa € 1.000.000 als investering beschikbaar voor vervanging en renovatie van de civiele kunstwerken. Het resterende deel wordt in de komende jaren ingezet voor groot onderhoud via de in te stellen voorziening civiele kunstwerken. Voor de nieuwe voorziening wordt voor de komende jaren 2027 tot en met 2033 aangevuld met een jaarlijkse storting van € 81.000 per jaar. 74.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1237/documents/18284