CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

D03. inwoner, bezwaarschrift tegen vestiging voorkeursrecht Kerkwetering (geanonimiseerd).pdf

Gemeenteraad 29 september 2022, gemeente OudewaterBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken3.257 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

UAN DER FELTZ

de 22 TB A Oen aag

advocaten

Postbus 85615

2508 CH Den Haag

+31 (0)70 3131050

E

info@feltz.nl

w

w

feitznl

AANTEKENEN

Raad van de gemeente Oudewater

t.a.v. de heer B. Verwijmeren

Postbus 100 3420

DC

14 JULI 2022

OUDEWATER

Vooraf per e-mail: verwijmeren.b@woerden.nl

Datum:

13 juli 2022

Onzeref.:

Van:

_ 20227767/JEvdH

W.J.E. van der Werf en J.E. van der Holst, advocaten

Eetreft:

e

T:

+317031 31058

M:

+31653781179

E:

vanderwerf@feltz.nl

Germeente Oudewater

Bezwaarschrift tegen Wvg-aanwijzing d.d. 9 juni 2022

Geach te leden van de raad, L

Inleiding

Namens onze ciiënten, N E -

E

maken wij hierbij bezwaar tegen uw besluit van 9 juni 2022, zoals gepubliceerd op 10 juni 2022 (Gemeenteblad Oudewater 2022, 259881) (hierna: ‘het bestreden besluit’) (bijlage 1). Met het bestreden besluit heeft uw raad besloten het voorlopig voorkeursrecht te

bestendigen, zoals omschreven in het besluit van het college van burgemeester en wethouders van uw gemeente (hierna: ‘het college’) van 22 maart 2022, zoals

gepubliceerd op 24 maart 2022 (Gemeenteblad Oudewater 2022, 132064) (bijlage 2). Dit op grond van artikel 2 in samenhang gelezen met artikel 5 van de Wet

voorkeursrecht gemeenten (hierna: ‘Wvg'). Het betreft de gronden grenzend aan de Dijkgraaflaan, Kerkwetering en Ruige Weide, te Oudewater, kadastraal bekend Hekendorp, sectie C, nummers 404, 405, 528, 555, 556 en 557 (hierna: de aangewezen gronden’) (zie figuur 1).

gronden die in eigendom zijn van (geanonimiseerd) B

B aan B

exploiteert een landbouwbedrijf aan de N

t B

op de

in eigendom toebehorende percelen kadastraal bekend Hekendorp,

sectie C, nummers Het aanwijzingsbesluit strekt zich onder meer uit over een groot deel het perceel C

. Het voorkeursrecht is volgens de kaart behorend bij dat besluit gevestigd op ca. 23.563 m2. Het totale percee! BNis groot 37.885 m. B

kan zich niet met het bestreden besluit verenigen. De gronden waarop dit

bezwaar berust zullen hierna uiteen worden gezet. Voordat daaraan toe wordt gekomen wordt eerst aandacht besteed aan de feiten en het procedureverloop tot nu toe. Afgesloten wordt met een conclusie en een verzoek. Feiten en procedureverloop

Op 5 oktober 2021 heeft het college bekend gemaakt dat een ontwerp Omgevingsvisie is opgesteld (Gemeenteblad Oudewater 2021, 358865). De ontwerp

2/7

Omgevingsvisie heeft ter inzage gelegen van 13 oktober 2021 tot en met 23 november 2021. Deze ontwerp Omgevingsvisie bevat een koers die richting zal

moeten gaan geven aan gewenste ontwikkelingen binnen de gemeente.! Met de ontwerp Omgevingsvisie wordt vooruitgelopen op de nog niet in werking getreden Omgevingswet; in het document wordt ingegaan op de relatie met de Omgevingswet en wordt aan de Omgevingsvisie gerefereerd als een officieel instrument zoals bedoeld

in die wet.

In de ontwerp Omgevingsvisie worden randvoorwaarden in het leven geroepen die dienen te worden gehanteerd bij het maken van een afweging voor een locatiekeuze voor nieuwbouw. Na een eerste beschouwing voldoen twee locaties aan deze

randvoorwaarden, waaronder de locatie Kerkwetering (welke locatie qua grootte gelijk

is aan de gronden waarop nu een voorkeursrecht is gevestigd).? In de ontwerp Omgevingsvisie wordt dan ook aan de locatie Kerkwetering gerefereerd als zijnde een ‘onderzoekslocatie voor woningbouw’,

Bij besluit van 22 maart 2022 heeft het college de aangewezen gronden voorlopig aangewezen als gronden waarop een voorkeursrecht van toepassing is, zoals bedoeld in artikel 6 Wvg. 10.

Op 9 juni 2022 heeft de raad de Omgevingsvisie “Nu: de toekomst van Oudewater, Omgevingsvisie Oudewater 2022-2040” vastgesteld (hierna: ‘de Omgevingsvisie’) (bijlage 3). De Omgevingsvisie is tot op heden nog niet gepubliceerd.

11.

Met het bestreden besluit heeft uw raad de voorlopige vestiging door het college in feite bestendigd. Dit op grond van artikel 2 in samenhang gelezen met artikel 4/5 Wwvg. Gronden

van bezwaar

IIL.a

Algemeen

12.

Aan het bestreden besluit is het bepaalde in artikel 2 in samenhang gelezen met artikel 4 of 5 Wvg ten grondslag gelegd. Zowel artikel 4 als artikel 5 Wvg wordt genoemd als grondslag in het aan het bestreden besluit ten grondslag gelegde raadsvoorstel. Dit omdat de te kiezen grondslag afhankelijk was van het moment van vaststelling van de Omgevingsvisie, zo volgt uit het raadsvoorstel. Op pagina 2 van het raadsvoorstel valt verder te lezen dat deze werkwijze rechtmatig wordt geacht,

: Ontwerp Omgevingsvisie, p. 7.

2 Ontwerp Omgevingsvisie, p 51-52.

3/7

omdat de gevolgen voor de eigenaren en beperkt gerechtigden gelijk zijn, "welke grondslag ook van toepassing is”. 13.

In de publicatie wordt aangegeven dat het besluit genomen is op grond van artikel 4 W.

14.

B

stelt dat het bestreden besluit onrechtmatig is. Kort samengevat vanwege de

volgende redenen:

a.

Het bestreden besluit is onzorgvuldig opgesteld, bevat veel

b.

tegenstrijdigheden en is daarmee tevens ondeugdelijk gemotiveerd; Dat het bestreden besluit gebaseerd is op een dubbele grondslag laat zich niet verdragen met de Wvg;

c.

Dat het bestreden besluit gebaseerd is op artikel 4 Wvg is überhaupt niet rechtmatig, nu een Omgevingsvisie niet gelijk kan worden gesteld met een structuurvisie zoals n dat artikel bedoeld.

15.

In het hiernavolgende wordt dit toegelicht.

HIb

Het bestreden besluit is onzorgvuldig opgestelden ondeugdelijk gemotiveerd

16.

Het bestreden besluit en de daarbij behorende publicatie bevatten veel

tegenstrijdigheden en zorgen daardoor voor veel onduidelijkheid. 17.

Zo wordt n de rechtsmiddelenclausule aangegeven dat bezwaar kan worden gemaakt

tegen het besluit van het college, terwijl het bestreden besluit een besluit van uw raad betreft. Verder wordt aangegeven dat het bezwaarschrift dient te worden ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Molenlanden, terwijl het bestreden besluit een besluit van de gemeente Oudewater betreft. Ook

vermeldt de publicatie een e-mailadres van de behandelend ambtenaar dat behoort tot de gemeente Woerden. 18.

Dat het aan de raad voorgelegde besluit is gebaseerd op twee verschillende

grondslagen is onduidelijk, innerlijk tegenstrijdig en in strijd met de rechtszekerheid. Het feit dat de verschillende grondslagen ieder een eigen motivering behoren te hebben en die motivering niet uit het bestreden besluit volgt, maakt verder dat de

motivering van het bestreden besluit ondeugdelijk is en niet ondubbelzinnig. Daarmee is het in strijd met artikel 3:46 (en artikel 3:2) van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: ‘Awb'). 19.

De tegenstrijdigheden in het bestreden besluit en de daarbij behorende publicatie, en het feit dat het bestreden besluit op verschillende — niet nader gemotiveerde —

417

grondslagen is gebaseerd, maken al dat het bestreden besluit geen stand kan houden en dient te worden herroepen. HLc

Een dubbele grondslag verdraagt zich niet met aard en structuur van de Wvg

20.

Uw raad heeft de vestiging (c.q. bestendiging van de vestiging) van het voorkeursrecht gebaseerd op zowel artikel 4 als artikel 5 van de Wvg. Artikel 4 Wvg biedt de mogelijkheid voor de gemeenteraad om een voorkeursrecht te vestigen, ook

als er nog geen bestemmingsplan voor de betreffende gronden is vastgesteld, maar wel een structuurvisie. Artikel 5 Wvg biedt de mogelijkheid voor de gemeenteraad om vervroegd een voorkeursrecht te vestigen, dat wil zeggen wanneer er nog geen

wettelijk voorgeschreven planvorm voor de betreffende gronden is vastgesteld (bestemmingsplan of structuurvisie). 21.

Uit de parlementaire geschiedenis volgt dat de gedachte achter het creëren van de mogelijkheid voor een gemeenteraad om vooruitlopend op een ontwerp voor een

structuurvisie of een bestemmingsplan vervroegd een voorkeursrecht te vestigen, is as om de gemeente daadkracht te geven en om te voorkomen dat de gemeenteraad wordt ingehaald door de feitelijke ontwikkelingen op de grondmarkt. De Memorie van

‘Toelichting bij de Wijzigingswet uit 1996 stelt dat3: “(a)rtikel 8 [het huidige artikel 5, opm. ondergetekenden] wordt nu zodanig gewijzigd dat het, met behoud van de oorspronkelijk intentie van het artikel, voor de gemeenteraad

mogelijk wordt voortvarend een voorkeursrechtte vestigenop

gronden waarvan de bestemmingswijziging die aan die gronden is toegedacht op een kaart is aangegeven. Daarmee kan de gemeenteraad — vooruitlopend op een ontwerp voor een structuur- of bestemmingsplan, waarin bijvoorbeeldde verstedelijking van het bestaande agrarisch gebied wordt vastgelegd — een alert grondbeleid voeren en inspelen op actuele ontwikkelingen op de markt.” m.

Uit de parlementaire geschiedenis volgt verder dat bij het vestigen van een

voorkeursrecht op grond van dit artikel groot belang wordt gehecht aan het geven van inzicht in het vervolgtraject. Juist omdat er nog geen ontwerp structuurvisie of

ontwerp bestemmingsplan is en de vestiging wel verstrekkende gevolgen voor grondeigenaren heeft, is dit later ook in de wettekst opgenomen. 23.

Het voorgaande illustreert dat de vervroegde vestiging van een voorkeursrecht (in een stadium voordat er een ontwerp ligt, zoals bedoeld in artikel 5 Wvg) echt als een ander instrument dient te worden gezien dan de reguliere vestiging van een voorkeursrecht (wanneer er al wel sprake is van een bestemmingsplan of een

3 Kamerstukken II 1994/95, 24 235, nr. 3, p. 11.

5/7

structuurvisie, zoals bedoeld in de artikelen 3 en 4 Wvg). Iedere aparte grondslag kent een eigen motiveringsplicht. Uit het bestreden besluit volgt niet de motivering die behoort bij beide grondslagen. Tevens ontbreekt een onderscheid in de motivering die bij het bestreden besluit is gegeven. 24.

Het voorgaande maakt dat het bestreden besluit in strijd is met de Wvg.

NB: Indien ervan uit kan worden gegaan dat de Omgevingsvisie gelijk kan worden

gesteld aan een structuurvisie zoals bedoeld in artikel 5 Wg - wat W betwist Zie randnummer 19 e.v‚, laat het voorgaande tevens zien dat het bestreden besluit Überhaupt nietop artikel5 Wvg gebaseerd had kunnen zijn. Immers is dat artikel bedoeld voor de situatie waarin er nog geen sprake is van een concept structuurvisie, terwijl in dit geval zelfs al sprake was van een concept dat in een

zodanig vergevorderd stadium was dat het bij dezelfde raadsvergadering kon worden vastgesteld. Voor dergelijke situaties is artikel 5 Wvg niet bedoeld. Tevens verdraagt het zich niet met de rechtsregel dat de meest recente planologische

grondslag als uitgangspunt moet worden gekozen. Indien er een plan is dat een concrete vestigingsgrondslag biedt, zoals een structuurvisie of een bestemmingsplan,

mag geen gebruik (meer) worden gemaakt van de bevoegdheid

om een vervroegd voorkeursrecht te vestigen. De meest concrete en beschikbare planologische grondslag moet worden gebruikt (ABRS 18 november 1999, Gst. 2000, 7114, 8, Roermond en ABRS 26 september 2001, Gst. 2002, 7161, 7, Tilburg). Ook

dit gegeven bevestigt daarmee dat het zich niet met de wet laat verdragen om te besluiten op twee (verschillende) grondslagen. II.d

Het bestreden besluit is ten onrechte gebaseerd op artikel 4 Wvg

25.

Op grond van artikel 4 Wvg kunnen gronden worden aangewezen die zijn begrepen in een structuurvisie, waarbij aanwijzingen zijn gegeven voor de bestemming en waaraan bij de structuurvisie een niet-agrarische bestemming is toegedacht en waarvan het gebruik afwijkt van de toegedachte bestemming. De betreffende gronden zijn niet begrepen in een structuurvisie zoals bedoeld in artikel 2.1 e.v. van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: ‘Wro’), maar in een Omgevingsvisie. De grondslag voor het opstellen van de Omgevingsvisie is niet gelegen in de Wro, maar n de nog niet in werking getreden Omgevingswet. Dit volgt ook letterlijk uit dat document.

26.

Ook in deze context wordt overigens duidelijk dat de motivering van het bestreden besluit ondeugdelijk is; immers wordt artikel 4 Wvg als grondslag genoemd, maar wordt nergens genoemd aan welke structuurvisie wordt gerefereerd. In het bestreden besluit zelf volgt ter onderbouwing van het gebruik van het instrument ter vestiging van een voorkeursrecht slechts het volgende: "De gemeente is voornemensop deze gronden een woonwijk met bijbehorende voorzieningen te realiseren”. Dat het

6/7

bestreden besluit is vastgesteld vanwege hetgeen is opgenomen in de Omgevingsvisie volgt enkel uit het raadsvoorstel. De vigerende structuurvisie voorziet in elk geval niet in voldoende grondslag. 27.

Het voorgaande maakt dat het bestreden besluit niet in overeenstemming is met artikel 4 Wvg, zodat ook om deze reden het geen stand kan houden en dient te worden herroepen.

Conclusie en verzoek

28.

In dit bezwaarschrift is namens B

uiteengezet waarom het bestreden besluit

onrechtmatig is genomen en geen stand kan houden. Het is genomen in strijd met het recht en de in dat kader relevante rechtspraak, alsook met het doel en de strekking

van de Wvg. Verder geldt dat het bestreden besluit geen deugdelijke motivering bevat.

29.

Gelet op het voorgaande verzoekt B

uw raad om dit bezwaar gegrond te

verklaren en het bestreden besluit te herroepen. Verder verzoekt B

u om

vergoeding van de kosten die zij in verband met de behandeling van dit door haar

gemaakte bezwaar redelijkerwijs heeft moeten maken, zoals bedoeld in artikel 7:15, tweede lid, van de Awb.

Bijlagen: 3

7/7

UAN

DER

FELTZ

advocaten

Bijlage 1

#

OUDEWATER

GEMEENTEBLAD

“

Officiële uitgave van de gemeente Oudewater

Vestiging voorkeursrecht (Kerkwetering) Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oudewater maken

ingevolge artikel 7

lid 1 van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) bekend dat de gemeenteraad bij besluit van 9 juni 2022, op grond van het bepaalde in artikel 4 van de Wvg, heeft besloten, gronden grenzend aan de

Dijkgraafiaan, Kerkwetering en Ruige Weide aan te wijzen, waarop de artikelen 10 /m 15, 24 en 26 van de Wvg van toepassi gronden die op dît moment worden gebruiktals agrarische grond. De gemeente is voornemens op deze gronden een woonwijk met bijbehorende voorzieningen te realiseren.

Besluit gemeenteraad

De gemeenteraad heeft als volgt besloten, welk besluit hieronder integraal is opgenomen: De raad van de gemeente Oudewater; gelezen het voorstel d.d. 22 maart 2022. van: - burgemeester en wethouders

gelet op het bepaalde in de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb); besluit:

1

op basis van artikel 2 en 4 van de Wet voorkeursrecht gemeenten de percelen aangegeven op de aan dit besluit gehechte ljst en tekening aan te wijzen als gronden waarop de Wet voorkeursrecht gemeenten van toepassing s;

2.

De uitvoering van dit besluit (waaronder het informeren van rechthebbenden) op te dragen

n

het college van burgemeester en wethouders, met inachtneming van de voorschriften van de Wet voorkeursrecht gemeenten. De griffier De burgemeester mr. M.W.

Bosma

drs. D.C.

de Vries

De bijlagen bij het besluit zijn

bijlagen:

erne bijlage

raadsvoorstel, geanonimiseerde lijst met

deze publicatie gehecht. Het gaat om de volgende jenaren en beperkt gerechtigden en de tekening

van het Wvg-gebied.

Gevolgen De aanwijzing heeft tot gevolg dat na inwerkingtreding van het besluit de eigenaren en beperkt gerechtigden van de aangewezen gronden, wanneer zij die gronden respectievelijk de beperkte rechten daarop wensen te vervreemden, deze eerst aan de gemeente te koop moeten aanbieden. Ter inzage

De eigenaren en beperkt gerechtigden van deze percelen ontvangen ieder afzonderlijk, per brief, bericht over de inhoud van dit besluit en de gevolgen hiervan. Het besluit met di

g

art en de lijst

weken, van 11 juni tot en met 22 van aangewezen gronden en het raadsvoorstel, ligt gedurende jdens kantooruren ter inzage op het gemeentehuis in Oudewater aan de Waardsedijk 219. juli2022, De stukken kunt u na het maken van een afspr: k via een bericht aan het emailadres: verwijmeren.b@woerden.nl

inzi

Bezwaar en voorlopige voorziening Naast het indienen van zienswijzen bij de raad kunnen belanghebbenden ook rechtstreeks bezwaar

maken tegen het besluit van burgemeester en wethouders. Ingevolge de Awb kunnen belanghebbenden gedurende een termijn van zes weken, ingaande de dag nadat dit besluit bekend is gemaakt in het Gemeenteblad, bij het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden tegen voormeld besluit een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift moet worden ondertekend 1. De naam en adres van de indiener;

en moet tenminste bevatten:

2. De dagteke: 3. Een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar gericht is; 4. De gronden van het bezwaar. Het bezwaarschrift kan tot en met 22 juli 2022 aan de gemeenteraad van Oudewater, ter attentie van de heer B. Verwijmeren, postbus 100, 3420 DC Oudewater worden gestuurd.

Gemeenteblad 2022 nr. 259881

OUDEWATER

Indien een belanghebbende bezwaar heeft ingediend kan hij/zij tevens een verzoek om voorlopige

voorziening indienen bij de Rechtbank Midden Nederland, afdeling Bestuursrecht (postbus 16005, 3500 DA Utrecht).

Gemeenteblad 2022 nr.259881

_10 juni 2022

UAN

DER

FELTZ

advocaten

Bijlage 2

#%«

OUDEWATER

GEMEENTEBLAD

’*

Officiële uitgave van de gemeente Oudewater

Publicatie Vestiging voorlopig voorkeursrecht Kerkwetering Het college van Burgemeester en wethouders van de gemeente Oudewater maken ingevolge artikel 7 lid 1 van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) bekend dat zij bij besluit van 22 maart 2022, op grond

van het bepaalde in artikel 6 van de Wvg, heeft besloten, gronden grenzend aan de Dijkgraaflaan, Kerkwetering en Ruige Weide voorlopig

aan te wijzen,

waarop de artikelen 10 U/m 15, 24 en 26 van de

Wvg van toepassing zijn. Aangewezen zijn gronden die op dit moment worden gebruikt als agrarische grond. De gemeente is voornemens op deze gronden een woonwijk met bijbehorende voorzieningen te realiseren.

Gevolgen _

van voorlopig aangewezen gronden en het raadsvoorstel,

‚en met 5 mei 2022,

ligt gedurende zes weken, van 25 maart t

tijdens kantooruren ter inzageop het gemeentehuis in Oudewater

aan de Waardsedijk

219. De stukken kunt u na het maken van een afspraak via een bericht aan het emailadres: verwijmeren.b@woerden.nl inzien. Zienswijzen

Binnen drie maanden dient de gemeenteraad de voorlopige aanwijzing van de percelen te bestendigen. Op grond van artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) worden belanghebbenden in de gelegenheid gesteld om gedurende een termijn van

vier weken, ingaande op 25 maart 2022 en eindi-

de raad van de gemeente Oudewater, ter attentie van de heer B. Verwijmen postbus 100, 3420 DC Oudewater. Mondeling kunnen belanghebbenden hun zienswijze kenbaar maken aan de raad via de heer Verwijmeren, Hij is te bereiken via het emailad:

Bezwaar en voorlopige voorziening Naast het indienen van zienswijzen bij de raad kunnen belanghebbenden ook rechtstreeks bezwaar maken tegen het besluit van burgemeester en wethouders. Ingevolge de Awb kunnen belanghebbenden

gedurende een termijn van zes weken, ingaande de dag nadat Gemeenteblad, bij het college besluit een

bezwaarschrift

dit besluit bekend is gemaakt in het

van burgemeester en wethouders van Molenlanden tegen voormeld

indienen.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend 1. De naam en adres van de indiener;

en moet tenminste bevatten:

2. De dagtekening; 3. Een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar gericht

is;

4 De gronden van het bezw: Het bezwaarschrift kan tot en met 5 mei 2022 aan het college van de gemeente Oudewater, ter attentie van de heer B. Verwijmeren, postbus 100, 3420 DC Oudewater. Indien de gemeenteraad het besluit van het college van burgemeester en wethouders bestendigt in een raadsbesluit, kunnen belanghebbenden ingevolge de Algemene wet bestuursrecht eveneens bezwaar (en eventueel beroep) maken tegen het raadsbesluit. Indien belanghebbenden er voor kiezen om nu

reeds bezwaarte maken tegen het besluit

van het college van burgemeester en wethouders, dan wordt

dat bezwaarschrift ingevolge artikel 6, lid 3 Wvg aangemerkt als tevens te zijn ingediend tegen het raadsbesluit.

Indien een belanghebbende bezwaar heeft ingediend kan hijzij tevens een verzoek om voorlopige

voorziening indienen bij de Rechtbank Midden Nederland, afdeling Bestuursrecht (postbus 16005, 3500 DA Utrecht).

UAN

DER

FELTZ

advocaten

Bijlage 3

RAADSBESLUIT

Oudewater

D/22/049849

Z/21/023393

Agendapunt:

Onderwerp:

Omgevingsvisie "Nu: de toekomst van Oudewater, Omgevingsvisie Oudewater 2022-2040"

De raad

van de gemeente

gelezen het voorsteld.d.

Oudewater;

25 januari 2022

van:

- burgemeester en wethouders;

gelet op artikel 108 en 147 in de Gemeentewet; besluit:

“-

n te stemmen met de Nota van beantwoording zienswijzen Omgevingsvisie Oudewater; de Staat van wijzigingen vast te stellen; de Omgevingsvisie "Nu: de Toekomst van Oudewater, Omgevingsvisie Oudewater 20222040" vast te stellen.

Aldus besloten door de raad van de gemeente Oudewater in zijn openbare vergadering, gehouden op

9 juni 2022, de griffier,

mr. M.W.

de voorzitter,

Bosma

drs. D.C. de Vries

Pagina 1 van 2

Pagina 2 van 2

77777777 ............ Postbus ccccc

nnnnnnnnnnnn

eeeeeeeeeeeeeeeee

DDDDDDDDDDDDD

SSSSSSSSSSSSS

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/480/documents/14972