CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording vragen PO over Pilot Jeugdhulp.pdf

Forum Samenleving en Ruimte 4 maart 2024, gemeente OudewaterBij agendapunt: 9: Raadsinformatiebrief Pilot jeugdhulp in speciaal onderwijs (132995)949 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Onderwerp Datum Toelichting Door

Pilot jeugdhulp in speciaal onderwijs 1-3-2024 Fractie Progressief Oudewater

We hebben kennis genomen van de Raadsinformatiebrief over de pilot jeugdhulp in speciaal onderwijs. De bedoeling van de pilot is inzet van (zwaardere) individuele trajecten te voorkomen door een collectief aanbod in onderwijs. Wij willen ons een beter beeld vormen van de pilot en hebben hierover de volgende vragen: 1.

De brief beschrijft summier wat de pilot inhoudt. Kunt u meer informatie verschaffen over de opzet? Antwoord: Door de samenwerkende gemeenten in de regio Utrecht (jeugdhulpregio’s Lekstroom, Utrecht Stad, Utrecht West en Zuid Oost Utrecht) is een collectief budget beschikbaar gesteld aan twee speciaal onderwijsscholen voor de inzet van jeugdhulp op school. Het betreft de Rafaelschool en het Heuvelrug College. De gemeente Utrecht Stad heeft namens de samenwerkende gemeenten de opdracht verstrekt, treedt op als penvoerder en voert het contractmanagement voor de opdracht uit. Vanuit de gemeente Oudewater volgen er 7 leerlingen onderwijs op de Rafaelschool en 1 leerling op het Heuvelrug College. Voor de ingang van deze pilot moest elke leerling die jeugdhulp nodig had binnen de onderwijssetting een individuele voorziening aanvragen bij de eigen gemeente. Leerlingen op de twee scholen komen uit veel verschillende gemeenten en elke gemeente kent haar eigen procedures in de aanvraag van individuele voorzieningen. Dit is tijdrovend, leidde tot een versnipperde aanpak en zorgde ervoor dat leerlingen niet tijdig de juiste hulp konden krijgen. Daarnaast liepen op de scholen verschillende jeugdhulpaanbieders rond. Door de inzet van een collectieve financiering, wordt één jeugdhulpaanbieder per school ingezet die de jeugdhulp op school levert.

Tussen de gemeenten en de pilot scholen zijn uitvoeringsafspraken gemaakt. In deze uitvoeringsafspraken zijn afspraken gemaakt over hoe wordt bepaald of de inzet van jeugdhulp nodig is en hoe de afstemming tussen jeugdhulp op school en jeugdhulp thuis plaatsvindt.

2.

Welk bureau voert de pilot uit? Antwoord: Op de Rafaelschool wordt de jeugdhulp verleend door zorgaanbieder Reinaerde. Op het Heuvelrug College wordt de jeugdhulp verleend door zorgaanbieder Youké.

3.

Hoe ziet de doelgroep van deze pilot eruit? Op wat voor hulpvragen worden momenteel de individuele trajecten ingezet? Ofwel: wat gaat de collectieve inzet op scholen precies vervangen? Antwoord: De doelgroep van de pilot zijn de jeugdigen die zijn ingeschreven op de Rafaelschool en het Heuvelrugcollege en woonachtig zijn in één van de aan de pilot deelnemende gemeenten, conform het woonplaatsbeginsel uit de Jeugdwet. Op de Rafael wordt veel gebruik gemaakt van jeugdhulp om de juiste voorwaardes te kunnen scheppen om tot leren te komen. Veelal zitten de doelen op de vertraagde ontwikkeling, niet alleen de cognitieve ontwikkeling is vertraagd, maar ook de motorische ontwikkeling of zelfredzaamheid. Andere veel voorkomende doelen hebben te maken met een stoornis die leerlingen hebben naast de vertraagde

1

ontwikkeling, bijvoorbeeld autisme of hechtingsproblematieken. Daarnaast kunnen kindfactoren en omgevingsfactoren (opvoedsituaties en leersituaties) ook een reden zijn voor jeugdhulp op school. Ook op het Heuvelrug college wordt gebruik gemaakt van jeugdhulp om de juiste voorwaardes te kunnen scheppen om tot leren te komen. Kenmerkend voor de leerlingen op het VSO Heuvelrug College is de combinatie van een psychiatrische problematiek met een licht verstandelijke beperking en/of een disharmonisch intelligentieprofiel. De leerlingen hebben vaak een rugzak aan negatieve (traumatische) ervaringen die zij meebrengen naar school. Deze combinatie maakt het voor de leerling lastig om zijn/haar ontwikkelingspotentieel goed te benutten en tot leren te komen. Daarbij zullen de leerlingen voldoende begeleiding en de juiste sturing nodig hebben om sociale interacties aan te kunnen gaan. 4.

Welke waarde levert deze aanpak op voor de jeugdige hulpvragers? Antwoord: Scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs hebben vaak te maken met tientallen gemeenten voor het organiseren van jeugdhulp binnen de school. Dit kost veel tijd, waardoor kinderen vaak lang wachten op hulp. Door de pilot hoeven jeugdigen geen individuele beschikkingen meer aan te vragen voor jeugdhulp. Dit kan snel op school worden gerealiseerd. Voor leerlingen betekent dit dat zij sneller hulp hebben wanneer nodig. Voor school betekent dit dat zij maar met één zorgaanbieder (i.p.v. velen) hoeven af te stemmen en meer collectief aanbod kunnen realiseren. Voor gemeenten levert dit op dat zij geen tijd kwijt zijn aan het afgeven van beschikkingen en de zorginzet efficiënter is.

5.

Kunt u aangeven wanneer de pilot als succesvol wordt beoordeeld? Wat zijn de beoogde effecten, hoe wordt dit gemonitord? Antwoord: Ten aanzien van de jeugdhulp op de twee scholen zijn convenanten opgesteld. In deze convenanten is per actor (leerling, ouders, scholen, professionals in de uitvoering, jeugdhulpaanbieders, gemeenten, samenwerkingsverbanden onderwijs) omschreven naar welke resultaten gestreefd wordt door middel van de pilot. Samengevat komt dit neer op: -

-

6.

De effecten van de jeugdhulp op school op het kunnen voldoen aan de specialistische ondersteuningsvraag van de leerling (waaronder voorkomen schooluitval en het in ontwikkeling blijven van de leerling) De ervaren vereenvoudiging en laagdrempeligheid van het regelen van jeugdhulp in het onderwijs voor ouders De afname van de (individuele) zorgbehoefte van leerlingen; De doorlooptijd om jeugdhulp in het onderwijs in te zetten door zorgprofessionals; De duur van de ondersteuning per leerling en de kosten die daarmee gemoeid zijn; De algemene inzet op gemeentelijk niveau (toename/afname van het aantal leerlingen die jeugdhulp met een beschikking op school ontvangt)

Hoe en met welke frequentie vindt terugkoppeling aan de raad plaats? Antwoord: De pilot loopt gedurende de schooljaren 2023-2024 en 2024-2025. Er wordt continu gekeken of de pilot de gewenste effecten heeft en wat we hiervan kunnen leren voor alle andere scholen in het speciaal onderwijs. Door de projectleider wordt ieder half jaar een monitoringsverslag opgesteld en deze wordt bovenregionaal vastgesteld. Na bovenregionale vaststelling zullen uitkomsten van deze monitoring via een raadsinformatiebrief met uw raad worden gedeeld.

Fractie Progressief Oudewater, Femke Stoop

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/575/documents/17955