CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

B14.5 Bijlage 4 - ontvangen zienswijzen deelnemers ODU.pdf

Gemeenteraad 6 november 2025, gemeente OudewaterBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken21.754 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Niet gevonden in dit document.

-4.,

mersfoort

7 3 SEP. 2025 AMERSFOORT Raadsvoorstel

Van

Burgemeester en wethouders

Portefeuillehouder

Van Lammeren

Aan

Gemeenteraad

BEtW vergadering

15 juli 2025

Agenda Het Besluit

23 september 2025

Vergadering Commissie

2 september 2025

Vastgesteld besluit

23 september 2025

Zaaknummer

2037249

Opsteller

Van Uden

Titel Treffen van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Utrecht (ODU) en zienswijze Ontwerpbegroting ODU 2026 en Ontwerpbijdrageverordening Beslispunten De raad besluit: 1. Het college toestemming te verlenen te mogen overgaan tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht; 2. Een zienswijze ten aanzien van de Ontwerpbegroting Omgevingsdienst Utrecht 2026 en Ontwerpbijdrageverordening ODU in te dienen. De zienswijze bestaat uit de volgende punten: a. De gemeente Amersfoort steunt de begroting en de bijdrageverordening b. De gemeente Amersfoort roept op om in de meerjarenbegroting vanaf 2027 efficiency te behalen of duidelijk te maken hoe de kostenvoordelen die een fusie met zich meebrengt zijn geïnvesteerd in de kwaliteit die de dienst levert. Aanleiding Op 17 oktober 2024 heeft het algemeen bestuur van de ODRU en de RUD Utrecht de ontwerpGemeenschappelijke regeling ODU vastgesteld. Het dagelijks bestuur heeft dit ontwerp op 24 oktober 2024 aan de colleges van de deelnemende gemeenten en provincie gezonden. Conform het vereiste in de Wet gemeenschappelijke regelingen (verder: Wgr) hebben de colleges hun gemeenteraden/staten om zienswijzen op dit ontwerp gevraagd. Op 18 februari 2025 heeft uw raad deze zienswijze vastgesteld.

Inmiddels hebben vrijwel alle colleges een reactie met zienswijze gegeven en zijn deze beoordeeld door het (gezamenlijk) algemeen bestuur van de ODRU en RUD Utrecht. De ingezonden zienswijzen tonen brede steun voor de fusie en het beoogde kwaliteitsvoordeel. Er wordt erkend dat de vorming van één Omgevingsdienst kansen biedt voor synergie en verbetering van de dienstverlening. De gemeenten Bunnik en De Bilt hebben verzocht om een zeer beperkte tekstuele wijziging. Tegelijkertijd hebben verschillende gemeenten aandacht gevraagd voor de financiële consequenties van de fusie en de planning. Het college is voornemens deel te nemen aan deze nieuwe, nog op te richten, Omgevingsdienst in Utrecht. Zij vraagt daarom de gemeenteraad om toestemming tot deelname aan de nog op te richten Omgevingsdienst Utrecht door het treffen van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Utrecht (GR ODU).

Ook stelt zij voor om een (positieve) zienswijze te geven op de Ontwerpbegroting ODU 2026 en de Ontwerpbijdrageverordening ODU. Beoogd effect Met dit voorstel zorgen we ervoor dat de oprichting van één robuuste omgevingsdienst in de provincie Utrecht mogelijk wordt. Deze Omgevingsdienst Utrecht bereikt beter haar doelen, draagt bij aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Daarbij levert zij een gelijk speelveld op voor inwoners en bedrijven voor de hele provincie Utrecht. Argumenten 1.1 Het college heeft toestemming van de raad nodig voordat zij de GR ODU kan treffen. Het college is volgens artikel 51, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) bevoegd een gemeenschappelijke regeling te treffen tussen gemeenten en de provincie. Hiervoor is op grond van artikel 51, vierde lid Wgr voorafgaand toestemming nodig van de raad. De raad kan deze toestemming alleen weigeren op grond van strijd met het recht of strijd met het algemeen belang. Zij kan geen voorwaarden aan de toestemming verbinden. 1.2 Er is brede steun voor de voorgestelde GR-ODU. De deelnemende gemeenten en provincie Utrecht hebben in hun zienswijze een brede steun en betrokkenheid uitgesproken naar de besturen van de ODRU en RUD Utrecht. 1.3 De gemeenteraad heeft een inhoudelijke reactie ontvangen die recht doet aan de ingediende zienswijze.

Het college heeft de door de raad op 18 februari 2025 vastgestelde zienswijze ingediend. De beantwoording van deze zienswijze komt tegemoet aan het verzoek om tijdig de financiële consequenties voor gemeente Amersfoort in beeld te brengen (zie ook de financiële paragraaf). Het proces en de planning is nu zodanig aangepast dat het college nu inclusief de financiële consequenties het verzoek aan de raad kan doen om toestemming te verlenen tot het treffen van de nieuwe gemeenschappelijke regeling (en deelname hierin). De (financiële) consequenties voor de gemeente als gevolg van de nieuwe Omgevingsdienst ODU zijn helder. Bovendien blijkt uit de Ontwerpbegroting dat er efficiencyvoordelen worden behaald welke al in 2026 worden geïnvesteerd in de nieuwe dienst in het voldoen aan de (financiële) robuustheidscriteria van het Rijk en een investering in taken met een gezamenlijk belang. 1.4. Uit de zienswijzen van twee gemeenten volgen enkele aanpassingen in de definitieve GR. De gemeenten Bunnik en De Bilt hebben opmerkingen geplaatst die tot tekstuele aanpassingen hebben geleid van de ontwerp-GR ODU. De overweging en wijzigingen zijn opgenomen in bijlage 3. 2.1 De Ontwerpbegroting ODU 2026 is zorgvuldig tot stand gekomen. De basis voor deze ontwerpbegroting en bijdrageverordening zijn de bestuurlijke afspraken zoals verwoord in het Richtingsplan.

Ook is ingegaan op kwaliteitsverbetering, innovatie en de actuele robuustheidscriteria waar Omgevingsdiensten aan moeten voldoen. Voor gemeente Amersfoort is in de basis uitgegaan van een kleine taakafname van 5% ten opzichte van de taakafname in 2025. Bij het afsluiten van de nieuw dienstverleningsovereenkomst voor 2026 kan het college definitief besluiten welke taken zij door de ODU laat uitvoeren., De Ontwerpbegroting ODU 2026 en Ontwerpbijdrageverordening ODU onderbouwt de gemeentelijke bijdrage. Het integraal uurtarief (variabel deel + vast deel) bedraagt € 81,75 2.2 De structurele verhoging van de Amersfoortse bijdrage is 3,1% en is vrijwel volledig door indexatie/ inflatiecorrectie. Op dit moment is nog niet duidelijk met welk percentage de raad de budgetten in de begroting van Amersfoort zal indexeren. Wel is duidelijk dat de oprichting van de ODU an sich niet geleid heeft tot een hogere bijdrage vanuit Amersfoort. In de meerjarenbegroting 2026-2029 wordt in de begroting van Amersfoort rekening gehouden met een indexatie van 2,7%. Dit percentage is onder voorbehoud van instemming door de raad. 2.3 De basis voor de bijdrageverordening zijn de bestuurlijke afspraken zoals verwoord in het Richtingsplan en wijkt weinig tot niet af van de huidige bijdrageverordening van de RUD. Financieringssystematiek

Net als de RUD hanteert de ODU een (gemengde) output-financieringssystematiek waarbij de variabele bijdrage wordt gebaseerd op de afname van het aantal producten en diensten. Elk product/dienst heeft een prijskaartje, gebaseerd op het aantal uren dat dit product/dienst kost. Op deze wijze wordt het variabele deel van de bijdrage van de deelnemers vastgesteld. Samen met het vaste deel (naar rato), ter financiering van de vaste kosten, wordt de totale bijdrage per deelnemer bepaald. Deze totale bijdragen zijn verwerkt in de Ontwerpbegroting ODU 2026. Voor aanvullende opdrachten geldt een uurtarief van € 94,- en bij een overschrijding van het aantal uur dat meer is dan 10% van de meerjarige dienstverleningsovereenkomst vindt een herrekening van de vaste bijdrage plaats. Projectmatige opdrachten zijn ook mogelijk. Voor projecten geldt een hoger uurtarief (opslag van 15% dan wel minimaal de verwachte inhuurkosten indien deze hoger zijn dan het reguliere uurtarief). Facturatie De ODU factureert (net als de RUD) per kwartaal een voorschot van de structurele bijdrage aan de gemeente. Verdeelsleutel bij een negatief exploitatiesaldo Is er sprake van een negatief exploitatiesaldo dan wordt dit saldo onttrokken aan de algemene reserve, tenzij het algemeen bestuur een andere resultaatverdeling vaststelt.

Als het negatieve exploitatiesaldo niet kan worden opgevangen door de algemene reserve van de Omgevingsdienst, dan dragen de deelnemers bij naar rato. Het dagelijks bestuur informeert de deelnemers wanneer een negatief exploitatiesaldo dreigt, zo spoedig mogelijk na de constatering daarvan, en wanneer dit effect zal hebben op de deelnemersbijdragen. Verdeelsleutel bij een positief exploitatiesaldo Is er sprake van een positief exploitatiesaldo, dan wordt dit saldo toegevoegd aan de algemene reserve als weerstandsvermogen. Bereikt de algemene reserve een niveau van meer dan 7% van het totaal van de opbrengsten zoals opgenomen in de jaarrekening van het desbetreffende jaar, dan wordt het surplus terugbetaald aan de deelnemers (GR art.28, lid 3). 2.4 Inzicht in de eventuele efficiencyvoordelen als gevolg van de fusie zijn in deze fase nog niet in te schatten maar op termijn is dit inzicht wél wenselijk. Een fusieproces heeft tijd nodig om volledig tot ontplooiing te komen. Hoewel efficiencyvoordelen een logisch gevolg kunnen zijn van schaalvergroting, is het op dit moment niet passend om deze direct te onderzoeken. De prioriteit ligt bij een stabiele overgang en het garanderen van een hoogwaardige dienstverlening. Binnen een termijn van twee a drie jaar moeten schaalvoordelen en procesoptimalisaties hebben bijgedragen aan een efficiëntere uitvoering van taken.

Dat is het moment waarop van de nieuwe dienst een uitgebreide evaluatie kan worden gevraagd waarbij alle mogelijkheden tot kostenbesparing in kaart worden gebracht en tot uiting komen in de meerjarenbegroting. De door de gemeente Amersfoort gevraagde evaluatie wordt door de stuurgroep onderschreven en meegegeven aan de nieuwe dienst. Kanttekeningen 1.1 In principe is er geen realistisch alternatief Indien de raad niet instemt met het treffen van de ontwerp gemeenschappelijke regeling dan is de gemeente per 1 januari 2026 geen deelnemer in de Omgevingsdienst Utrecht. De gemeente is verplicht om de aangewezen wettelijke milieutaken te beleggen bij de Omgevingsdienst van de provincie waarin zij zich bevindt. Dat is binnen de provincie Utrecht alleen de ODU omdat de RUD en ODRU op dat moment niet meer operationeel zijn. 1.2 De GR RUD en de GR ODRU blijven in verband met een zorgvuldige liquidatie voorlopig nog naast de GR ODU bestaan. Dit betekent o.a. ook dat er nog een dagelijks bestuur en een algemeen bestuur nodig zal zijn, naast de nieuwe structuur van de GR-ODU. Gemeente Amersfoort zal hier ten minste één AB-lid voor moeten blijven leveren. Vanuit de GR RUD en GR ODRU worden per 1-1-2026 geen inhoudelijke (VTH) taken meer uitgevoerd.

1.3 In het najaar volgt nog een liquidatieplan van de RUD Utrecht. Als gevolg van de oprichting van de nieuwe GR ODU zal de RUD Utrecht (en ODRU) moeten worden geliquideerd. Uit de eerste resultaten van een financiële quickscan (SWOT-analyse) blijkt dat de financiële risico's en gevolgen beperkt zijn. Eventuele financiële gevolgen zijn voor de oorspronkelijke deelnemers van de betreffende diensten en zijn incidenteel. Het liquidatieplan wordt in het najaar door het AB vastgesteld en ter zienswijze aangeboden.

Duurzaamheid N.v.t. Financiën De jaarlijkse bijdrage van Amersfoort aan de ODU komt in 2026 uit op € 2.280.100,- Dit is € 27.900 minder dan de bijdrage in 2025. Dat is te wijten een aan voorgenomen kleine afname van taken die de ODU voor Amersfoort gaat uitvoeren. De kostenstijging, wat kosten de producten, bedraagt 3,1% en is vrijwel uitsluitend te wijten is aan indexactie/ inflatie en zal naar verwachting ook niet veel afwijken van de indexatie binnen de gemeente Amersfoort. Voor het jaar 2026 is rekening gehouden met een indexering van 2,7%. Dit onder voorbehoud van goedkeuring van de meerjarenbegroting 2026-2029. De voorlopige deelnemersbijdrage voor Amersfoort blijft binnen de daarvoor beschikbare budgetten in de begroting van de gemeente Amersfoort. De definitieve deelnemersbijdrage wordt vastgesteld als alle deelnemers haar Dienstverleningsovereenkomsten met de ODU hebben afgesloten.

Onderwerp

2026

2027

2028

2029

Kosten en dekking in het deelprogramma

VS

Lasten Programmabegroting OD Utrecht 2026

2.280

2.280

2.280

2.280

S

4.1.3 Dienstverlening

Dekking begroting Amersfoort (zonder indexering van 2025 naar 2026)

1802

Dekking 1802

1802

1802

S

4.1.3 Dienstverlening

Veronderstelde indexering van 2.7 % naar 2026

49

49

49

49

S

4.1.3 Dienstverlening

Raming bijdrage Rijk voor apparaatskosten Bodem

295

295

295

295

S

1.1.4 Milieu

Raming bijdrage vanuit programma 1.1.4 Milieu voor milieuadvisering

134

134

134

134

S

1.1.4 Milieu

Totale dekking

2280

2280

2280

2280

0

0

0

0

Totaal saldo 1= € 1.000 Risicoparagraaf

Bij niet voorziene grote ontwikkelingen en/of milieucalamiteiten kan de bijdrage hoger uitvallen. Wanneer op jaarbasis het aantal afgesproken DVO-uren wordt overschreden met 10% of meer, vindt er tevens een herrekening plaats van de vaste bijdrage. Door monitoring en zo mogelijk prioritering houden we dit risico beperkt. De gemeentelijke financiële bijdrage staat, los van de indexeringen, voor de aankomende twee 2 jaar vast. Wel is in de GR ODU een regeling opgenomen dat na de vaste periode van

twee jaar weer wijzigingen mogelijk zijn. Hieraan zijn net als in de huidige GR RUD in bepaalde situaties voorwaarden en verplichtingen gekoppeld (zoals bijvoorbeeld een doorrekening van frictiekosten). Communicatie De twee bestaande omgevingsdiensten in de provincie Utrecht worden samengevoegd tot één Omgevingsdienst, de Omgevingsdienst Utrecht (ODU). De gemeenteraad geeft toestemming aan het college om akkoord te gaan met de 'Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht', waarmee deze samenvoeging wordt geregeld. De samengevoegde dienst werkt efficiënter dan twee aparte diensten, draagt bij aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving voor inwoners en bedrijven. Ook betekent dit dat de diensten die de ODU levert voor alle gemeenten in de provincie Utrecht gelijk zijn.

Participatie Ook voor de fase van 'inrichting van de ODU' is een programmaorganisatie ingericht met programmateam en stuurgroep. Er zijn verschillende werkgroepen aan het slag om samen met de projectorganisatie en vertegenwoordigers van de deelnemers (gemeenten en provincie) vraagstukken voor de inrichting te bespreken en stukken op te stellen. (Uitvoeringsprogramma Financieringssystematiek - governance - Begroting 2026 - Informatielandschap - Juridisch). Terugkoppeling naar alle Regievoerders vindt regulier plaats waarbij ruimte is voor reactie. Net als in 2024 worden raadsleden met nieuwsbrieven op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen. Ook in het bestuurlijk besluitvormingsproces wordt samengewerkt met de betrokken Regievoerders. Zowel in de voorbereiding op de bestuursvergadering van het Algemeen Bestuur ODRU en RUD (gezamenlijke annotatie). Vervolgstappen De gemeenschappelijke regeling ODU komt tot stand nadat de in de ODRU en RUD Utrecht deelnemende colleges hebben ingestemd (ieder college na toestemming van zijn raad/staten). De tekst van de gemeenschappelijke regeling ODU wordt bekendgemaakt in het Provincieblad Utrecht. Tevens draagt het provinciebestuur zorg dat de gewijzigde tekst wordt gepubliceerd bij de decentrale regelgeving op overheid.nl. De dag na de bekendmaking in het Provincieblad treedt de regeling Omgevingsdienst Utrecht in werking.

Na de inwerkingtreding van de GR ODU kunnen de benodigde inschrijvingen bij de Kamer van koophandel, Belastingdienst, UWV, BNG, etc. worden gerealiseerd. Per 1 januari 2026 zal de taakuitvoering voor de deelnemers dan worden uitgevoerd door de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht. Na de start van Omgevingsdienst Utrecht per 1 januari 2026 worden de colleges en raden/staten betrokken in het besluitvormingsproces om de gemeenschappelijke regelingen RUD Utrecht en ODRU op te heffen. Daartoe stellen het algemeen bestuur van de ODRU en het algemeen bestuur van de RUD Utrecht een liquidatieplan (en een begroting 2026 ) op. Burgemeester en ethouders van Amersfoort,

e burgem

ster

Bijlage(n):

1: Concept GR ODU ongemarkeerd 2: Concept GR ODU met wijzigingen 3: Artikelsgewijze toelichting bij ontwerp Gemeenschappelijke regeling 4: Reactie op zienswijze van Gemeente Amersfoort 5: Ontwerpbegroting ODU en kaderbrief 2026 6: Ontwerp bijdrageverordening ODU

Raadsbesluit

Opsteller:

M. van Uden

Zaaknummer:

2037249

De raad van de gemeente Amersfoort; op basis van het voorstel van het college van 15 juli 2025, besluit: 1. het college toestemming te verlenen te mogen overgaan tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht; 2. een zienswijze ten aanzien van de Ontwerpbegroting Omgevingsdienst Utrecht 2026 en Ontwerpbijdrageverordening ODU in te dienen; de zienswijze bestaat uit de volgende punten: a. De gemeente Amersfoort steunt de begroting en de bijdrageverordening. b. De gemeente Amersfoort roept op om in de meerjarenbegroting vanaf 2027 efficiency te behalen of duidelijk te maken hoe de kostenvoordelen die een fusie met zich meebrengt zijn geïnvesteerd in de kwaliteit die de dienst levert.

Vastgesteld in de openbare vergadering van 23 september 2025

de voorzitter

on„ sctiolt+

De stuurgroep "Naar één Omgevingsdienst Utrecht Via 1od@ODRU.nl

Uw kenmerk:

Ons kenmerk: 1224740

Behandeld door: Judith Stijger

Bunschoten-Spakenburg, 30 september 2025

Onderwerp: zienswijze Ontwerpbegroting 2026 en Ontwerpbijdrageverordening ODU

Geachte Stuurgroep, De gemeenteraad van de gemeente Bunschoten heeft kennisgenomen van de voorgelegde Ontwerpbegroting ODU 2026, inclusief de bijbehorende kadernota en de Ontwerpbijdrageverordening 2026. Wij willen allereerst onze waardering uitspreken voor het bereikte resultaat en de afwegingen die hierbij gemaakt zijn. Er is met aandacht en expertise gewerkt aan het vormgeven van de financiële en organisatorische kaders van de Omgevingsdienst voor het komende jaar. De gemeenteraad van Bunschoten heeft in haar raadsvergadering van 25 september 2025 besloten aan het college toestemming te verlenen om te mogen overgaan tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht. Het getekende raadsbesluit treft u in de bijlage. Bij de behandeling van het raadsvoorstel op 25 september is tevens een motie door de gemeenteraad aangenomen (zie bijlage). Het verzoek van de raad om u over te brengen dat de gemeenteraad van Bunschoten in de begroting van 2027 van de ODU concrete, en significante besparingen wenst terug te zien, maakt deel uit van deze zienswijze. Onderstaand treft u dan ook onze zienswijze op de voorgelegde Ontwerpbegroting ODU 2026, inclusief de bijbehorende kadernota en de Ontwerpbijdrageverordening 2026. Zienswijze Efficiency en kostenbesparing De gemeenteraad onderkent dat een fusieproces tijd nodig heeft om volledig tot ontplooiing te komen.

Hoewel efficiencyvoordelen een logisch gevolg kunnen zijn van schaalvergroting, is het op dit moment niet passend om deze direct te onderzoeken. De prioriteit ligt bij een stabiele overgang en het garanderen van een hoogwaardige dienstverlening. De raad stelt echter duidelijk dat zij in de begroting van 2027 van de ODU concrete, en significante besparingen wenst terug te zien. Hierbij verwijzen wij naar de aangenomen motie,

Stadsspul 1 Postbus 200 3750 GE Bunschoten-Spakenburg

Telefoon. 033 299 1411 www.bunschoten.nl KvK: 32165160

IBAN. NL35RAB00311488250 BIC: RABONL2U BTW: NL002508631B01

Evenredige samenstelling Dagelijks Bestuur Voor gemeente Bunschoten is het van groot belang dat, bij de invulling van het Dagelijks Bestuur van de nieuwe Omgevingsdienst, er een samenstelling wordt gekozen die recht doet aan de diversiteit van de regio en de verschillende belangen die daarin spelen. Wij verzoeken nadrukkelijk dat het Dagelijks Bestuur evenredig wordt samengesteld op basis van de verschillende gebiedskenmerken (stedelijk, landelijk etc), verdeling ODRU-gemeenten / RUDgemeenten / Provincie. Deze afspiegeling is essentieel om een goed functionerende en representatieve Omgevingsdienst te waarborgen, die niet alleen bestuurlijk, maar ook inhoudelijk in staat is om de uiteenlopende vraagstukken en uitdagingen van de regio effectief aan te pakken. Een evenwichtige vertegenwoordiging is niet alleen wenselijk, maar ook noodzakelijk voor het creëren van een breed gedragen beleid en voor het realiseren van transparantie in de besluitvorming. De diversiteit in de samenstelling zal bijdragen aan het versterken van de samenwerking tussen de verschillende gemeenten en de provincie, wat uiteindelijk ten goede zal komen aan de kwaliteit van de dienstverlening en het behalen van de beoogde doelstellingen op het gebied van milieu.

Wij kijken uit naar verdere samenwerking en gaan ervan uit dat er voldoende aandacht zal zijn voor deze aspecten bij de uiteindelijke benoeming van het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst.

Met vriendeljjkp groet, wethouders van Bunschoten burgemee

drs. .F.H. Jennekens sec etaris/directeur

2/2

/151

SGP ChristenUnie

Motie Meer aandacht voor kostenbesparing bij ODU De raad van de gemeente Bunschoten, in vergadering bijeen op 25 september 2025 bij de behandeling van agendapunt: Raadsvoorstel Nummer 1225024 - Toestemming treffen van Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht (ODU) en Zienswijze Ontwerpbegroting ODU 2026 en Ontwerpbijdrageverordening, 'Kadernota 2024-2027'. Overwegend dat:

-

De gemeenteraad van Bunschoten op 7 maart 2024 een motie heeft aangenomen met het verzoek aan gemeenschappelijke regelingen en samenwerkingen terughoudend te zijn met het vragen van extra financiële middelen en met een open blik te kijken naar besparingsmogelijkheden en verdere efficiency. Een fusie kwaliteitsverbetering of besparingen als doel dient te hebben. We tevreden zijn over de kwaliteit van de huidige dienstverlening van de ODRU en RUD Utrecht dus een besparing een belangrijk doel dient te zijn. De fusie extra kosten met zich meebrengt maar de ODU geen besparingen heeft begroot en ons ook geen besparingen in het vooruitzicht stelt. Als er geen besparingen te verwachten zijn een fusie achteraf onnodig was en alleen maar onnodige kosten met zich mee heeft gebracht.

Verzoekt het college: Aan de ODU over te brengen dat de gemeenteraad van Bunschoten in de begroting van 2027 van de ODU concrete, en significante, besparingen wenst terug te zien. En gaat over tot de orde van de dag. Namens de fractie i

VVD

L

CDA

AP

uis

Alfred

SGP Stara-van-Geer--

1'i P n c`€-elA :P..kr~

nevdd

SGP

/151

CU Voor Tegen

VVD

CDA

SGP

CAP

Aangenomen/verworpen/ingetrokken/stemmen staken

Totaal

Griffier

Raadsvoorstel

Nummer 1225024 - Toestemming treffen van Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht (ODU) en Zienswijze Ontwerpbegroting ODU 2026 en Ontwerpbijdrageverordening

Aan de commissie: Ruimte Portefeuillehouder. W. de Jong Beleidskader: Wet gemeenschappelijke regelingen en Omgevingswet Opmerkingen griffie: Team: Omgevingsontwikkeling Ambtenaar: SA-QNHPROD SA-QNHPROD Telefoonnummer: 033 - 299 1457 E-mailadres: j.stiigerabunschoten.nl Datum raadsvergadering: 25 september 2025 Aanvullende stukken 1. A.Titel: Concept Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht (ODU) Bijlagen digitaal beschikbaar: Ter inzage: n.v.t. Met de volgende onderliggende stukken: B. Br. Beantwoording zienswijzen ontwerp gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht (22 april 2025) C.Concept Gemeenschappelijke regeling gemarkeerd (versie met veranderingen n.a.v. zienswijzen) D.Overwegingen en wijzigingen Gemeenschappelijke regeling naar aanleidingen van reacties Bunnik en De Bilt 2. Titel: Ontwerpbegroting ODU 2026 Bijlagen digitaal beschikbaar: Ter inzage: 3. Titel: Ontwerpbijdrageverordening ODU Bijlagen digitaal beschikbaar: Ter inzage: 4. Titel: Concept zienswijzebrief op ontwerpbegroting en ontwerpbijdrageverordening Bijlagen: digitaal beschikbaar Ter inzage: n.B. deze brief is tevens toegevoegd als bijlage op bladzijde 9/10 van dit document. 5. Titel: Zienswijzebrief behorende bij ontwerpbegroting ODU 2026 Bijlagen: digitaal beschikbaar Ter inzage: 6.

Titel: Zienswijzebrief behorende bij ontwerpbijdrageverordening Bijlagen: digitaal beschikbaar Ter inzage: Voorstel 1. Verleen het college toestemming te mogen overgaan tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht; 2. Dien met de bijgevoegde brief een zienswijze in op de Ontwerpbegroting ODU 2026 (inclusief Kadernota 2026) en de ontwerpbijdrageverordening. Inleiding Al een aantal jaren leeft de wens voor één omgevingsdienst binnen de provincie Utrecht in plaats van de twee huidige omgevingsdiensten RUD Utrecht en ODRU.

In de eerste besluitvormingstukken over dit onderwerp (raadsvoorstel 2024: httos://zaaksvsteem-bunschoten-prod.crrn4.dvnamics.com/main.aspx?appid=lbad 6d8e-830445ea-a7e8-84450686a263&pacietvpe=entitvrecord&etn=pv zaak&id=ff631c70-279c-ef 118a6a-000d3ab5d054&lid=1749638892661 ) zijn de inhoudelijke argumenten aangegeven waarom een omgevingsdienst, die het gehele werkterrein van de provincie beslaat wenselijk is. Als belangrijke reden is hierbij de verbeterde robuustheid van de nieuwe omgevingsdienst aangegeven ten opzichte van de huidige omgevingsdiensten RUD en ODRU. Deze Omgevingsdienst Utrecht bereikt beter haar doelen, draagt bij aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Daarbij levert zij een gelijk speelveld op voor inwoners en bedrijven voor de hele provincie Utrecht. Op 17 oktober 2024 heeft het algemeen bestuur van de ODRU en de RUD Utrecht de ontwerpGemeenschappelijke regeling ODU (ontwerp GR-ODU) vastgesteld. Het dagelijks bestuur heeft dit ontwerp op 24 oktober 2024 aan de colleges van de deelnemende gemeenten en provincie gezonden. Conform het vereiste in de Wet gemeenschappelijke regelingen (verder: Wgr) hebben de colleges hun gemeenteraden/staten om zienswijzen op dit ontwerp gevraagd. Onze gemeente heeft op ontwerp GR ODU een zienswijze gegeven met als inhoud onduidelijkheden op het vlak van financiën en risico's.

Zo kon tijdens de zienswijzeperiode in 2024 geen inschatting gemaakt worden van de kosten voor de deelnemers onder de nieuwe omgevingsdienst vanaf 2026. Inmiddels hebben alle colleges een reactie met zienswijze gegeven, en zijn deze beoordeeld door het (gezamenlijk) algemeen bestuur van de ODRU en RUD Utrecht. Het (gezamenlijk) algemeen bestuur heeft in zijn vergadering van 18 april 2025 een aangepast voorstel aan de colleges vastgesteld, teneinde de GR-ODU te treffen. Bij brief d.d. 22 april 2025 (bijlagel) heeft het (gezamenlijk) algemeen bestuur van de ODRU en de RUD Utrecht de colleges een voorstel gezonden tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling ODU. Die brief met als bijlage de concept-Gemeenschappelijke regeling ODU (bijlage 1A) bevat een reactie op de door onze gemeente ingediende zienswijze (bijlage 1B). Tevens bevat de brief een toelichting en argumentatie voor de aanpassingen (bijlage 1C). Op 15 juli 2025 heeft ons college vervolgens besloten uw raad toestemming te vragen om als college te mogen overgaan tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling ODU, welke daarna door ons college definitief zal worden vastgesteld.

Ontwerpbegroting en ontwerp bijdrageverordening Op 11 juli 2025 heeft het algemeen bestuur van de ODRU en de RUD Utrecht ingestemd met de Ontwerpbegroting ODU 2026 (inclusief kademota 2026) en de Ontwerpbijdrageverordening ODU. Op 14 juli 2025 heeft het dagelijks bestuur de Ontwerpbegroting ODU 2026 (inclusief kadernota 2026) en de Ontwerpbijdrageverordening ODU ter zienswijzen aan de deelnemende gemeenten en provincie gezonden. De jaarlijkse totale bijdrage aan de ODU is vanaf 2026 € 630.400,-. Dit is een verschil van € 19.400,ten opzichte van het jaar 2025 (RUD). Onder financiën is een verdere toelichting opgenomen. Argumenten 1Brede steun voorgestelde Gemeenschappelijke regeling ODU Van alle gemeenten en de provincie is schriftelijk bericht ontvangen. Alle gemeenten en de provincie kunnen zich vinden in het voorstel. De ingezonden zienswijzen tonen brede steun voor de fusie en het beoogde kwaliteitsvoordeel. Er wordt erkend dat de vorming van één Omgevingsdienst kansen biedt voor synergie en verbetering van de dienstverlening. Tegelijkertijd hebben verschillende gemeenten aandacht gevraagd voor de financiële consequenties van de fusie en de planning. Uit de zienswijzen blijkt dat er brede steun is voor de voorgestelde GR-ODU.

2 U heeft een inhoudelijke reactie ontvangen die recht doet aan uw zienswijze. Uw college heeft een zienswijze ingediend waarin de input vanuit de gemeenteraad is meegenomen. De inhoud van de zienswijze betrof het risico van toestemming verlenen zonder de financiële consequenties in beeld te hebben. De beantwoording van deze zienswijze komt tegemoet aan het verzoek om tijdig de financiële consequenties voor onze gemeente in beeld te brengen. Het proces en de planning zijn nu namelijk zodanig aangepast dat het college nu inclusief de financiële consequenties het verzoek aan de raad kan doen om toestemming te verlenen tot het treffen van de nieuwe gemeenschappelijke regeling (en deelname hierin). De (financiële) consequenties voor de gemeente als gevolg van de nieuwe Omgevingsdienst ODU zijn hiermee helder. 3 Aantal opmerkingen gaf aanleiding tot aanpassing De colleges van Bunnik en De Bilt hebben enkele opmerkingen geplaatst bij de tekst van de GR-ODU. Naar aanleiding daarvan heeft heroverweging plaatsgevonden voor artikelen 4, 8, 9, 18 en 34. De concept GR-ODU is op deze punten aangepast (zie bijlage 1C). De overwegingen en wijzigingen vanuit de gemeenten De Bilt en Bunnik zijn opgenomen in bijlage 1D.

4 Lopend traject met beperkte "uitstapmogelijkheden" Inhoudelijk kan gesteld worden dat wij als gemeente verplicht de aangewezen wettelijke milieutaken afnemen bij een omgevingsdienst en ons belang hierbij een goede taakuitvoering is tegen een redelijke prijs. Wij hebben geen aanwijzingen dat de nieuwe ODU dit niet zou kunnen leveren. Conform de Wgr is de toestemming daarbij slechts te weigeren op grond van strijd met het recht of strijd met het algemeen belang. Daarnaast moet bedacht worden wat het alternatief is: als gemeente zijn we verplicht aan de sluiten bij een omgevingsdienst voor de basistaken milieu. In dit traject wordt de GR van onze huidige omgevingsdienst RUD beëindigd per 1-1-2026. 5 College is bevoegd besluit te nemen. Het college is volgens de Wgr bevoegd een besluit te nemen over het treffen van een regeling. Het college heeft hiervoor, op grond van artikel 51, vierde lid Wgr, de voorgaande toestemming nodig van de raad/staten nodig. Volgens de Wgr kan uw raad deze toestemming overigens slechts weigeren op grond van strijd met het recht of strijd met het algemeen belang. De gemeenteraad kan alleen toestemming geven of weigeren, en geen voorwaarden aan de toestemming verbinden. Na de toestemming besluit ons college nogmaals om definitief in te stemmen met het treffen van de GR-ODU.

6 De Ontwerpbegroting ODU 2026 is zorgvuldig tot stand gekomen De basis voor deze ontwerpbegroting en bijdrageverordening zijn de bestuurlijke afspraken zoals verwoord in het Richtingsplan. Ook is ingegaan op kwaliteitsverbetering, innovatie en de actuele robuustheidscriteria waar Omgevingsdiensten aan moeten voldoen. Voor onze gemeente is in de basis uitgegaan van het voortzetten van de taken met bijbehorende inzet conform de Dienstverleningsovereenkomst RUD 2025. Hierop is in het voorjaar van 2025 besloten een bezuiniging van 1% toe te passen. Deze is verwerkt in ons Uitvoeringsprogramma 2026, dat vervolgens als basis diende voor deze begroting. De Ontwerpbegroting ODU 2026 en Ontwerpbijdrageverordening ODU onderbouwt de gemeentelijke bijdrage. De totale kostenstijging betreft 3,2%.

Opgemerkt wordt dat de provincie Utrecht in 2026 een deel van de kosten van regionale taken voor haar rekening zal nemen. 7 De basis voor de bijdrageverordening zijn de bestuurlijke afspraken zoals verwoord Richtingsplan en wijkt weinig tot niet af van de Bijdrageverordening RUD.

in het

Financieringssystematiek Net als de RUD hanteert de ODU een (gemengde) output-financieringssystematiek waarbij de variabele bijdrage wordt gebaseerd op de afname van het aantal producten en diensten. Elk product/dienst heeft een prijskaartje, gebaseerd op het aantal uren dat dit product/dienst kost. Facturatie De ODU factureert (net als de RUD) per kwartaal een voorschot van de structurele bijdrage aan de gemeente. Verdeelsleutel bij een negatief exploitatiesaldo Is er sprake van een negatief exploitatiesaldo dan wordt dit saldo onttrokken aan de algemene reserve, tenzij het algemeen bestuur een andere resultaatverdeling vaststelt. Als het negatieve exploitatiesaldo niet kan worden opgevangen door de algemene reserve van de Omgevingsdienst, dan dragen de deelnemers bij naar rato. Het dagelijks bestuur informeert de deelnemers wanneer een negatief exploitatiesaldo dreigt, zo spoedig mogelijk na de constatering daarvan, en wanneer dit effect zal hebben op de deelnemersbijd ragen. Verdeelsleutel bij een positief exploitatiesaldo Is er sprake van een positief exploitatiesaldo, dan wordt dit saldo toegevoegd aan de algemene reserve als weerstandsvermogen. Bereikt de algemene reserve een niveau van meer dan 7% van het totaal van de opbrengsten zoals opgenomen in de jaarrekening van het desbetreffende jaar, dan wordt het surplus terugbetaald aan de deelnemers (GR art.28, lid 3).

Kanttekening I Financiële consequenties nu inzichtelijk maar pas op langere termijn zekerheid Kort gezegd komt het erop neer dat onze gemeente in deze fase toestemming geeft zonder een compleet overzicht te hebben van met name de financiële gevolgen. Dit betreft bijvoorbeeld: Totale kosten fusieproces. Totale kosten beëindiging huidige omgevingsdiensten. De uitkomsten van de quick scan van de liquidatiekosten zijn bijvoorbeeld pas in september bekend. Kostenontwikkeling nieuwe organisatie. 2 Goede werking omgevingsdienst afhankelijk van veel factoren die buiten dit besluitvormingstraject vallen De samenwerking tussen gemeente en omgevingsdienst en de uiteindelijke resultaten zijn afhankelijk van een palet aan factoren die nu nog niet bekend zijn. Denk hierbij aan goede governance, maatwerkmogelijkheden, vergaderstructuren, organisatiestructuren etc.

3 Inzicht in de eventuele efficiencyvoordelen als gevolg van de fusie zijn in deze fase nog niet in te schatten maar op termijn is dit inzicht wél wenselijk. Een fusieproces heeft tijd nodig om volledig tot ontplooiing te komen. Hoewel efficiencyvoordelen een logisch gevolg kunnen zijn van schaalvergroting, is het op dit moment niet passend om deze direct te onderzoeken. De prioriteit ligt bij een stabiele overgang en het garanderen van een hoogwaardige dienstverlening . Binnen een termijn van twee à drie jaar moeten schaalvoordelen en procesoptimalisaties hebben bijgedragen aan een efficiëntere uitvoering van taken. Dat is het moment waarop van de nieuwe

dienst een uitgebreide evaluatie kan worden gevraagd waarbij alle mogelijkheden tot kostenbesparing in kaart worden gebracht. 4 De gemeentelijke financiële bijdrage staat voor de aankomende twee jaar vast. %CHO' Wel is in de GR ODU een regeling opgenomen dat na de vaste periode van twee jaar weer wijzigingen mogelijk zijn. Hieraan zijn net als in de huidige GR RUD in bepaalde situaties voorwaarden en verplichtingen gekoppeld (zoals bijvoorbeeld een doorrekening van frictiekosten). 5 Bij niet voorziene grote ontwikkelingen en/of milieucalamiteiten kan de bijdrage hoger uitvallen. Wanneer op jaarbasis het aantal afgesproken DVO-uren wordt overschreden met 10% of meer, vindt er tevens een herrekening plaats van de vaste bijdrage. Door monitoring en zo mogelijk prioritering houden we dit risico beperkt.

Financiën De Ontwerp Programmabegroting 2026 is structureel sluitend. De deelnemersbijdragen stijgen in 2026 gemiddeld met 3,4% - 3,9%, bij gelijkblijvende afname. Dit ligt in lijn met de loon- en prijsontwikkelingen conform de septembercirculaire 2024. Ondanks toevoeging van circa € 1 miljoen aan nieuwe structurele lasten, onder andere voor de invulling van robuustheidscriteria en gezamenlijke voorzieningen, is dankzij gerealiseerde efficiencywinst binnen de fusieorganisatie geen aanvullende lastenverzwaring voor de deelnemers nodig. De begroting is opgebouwd op basis van de outputgerichte financieringssystematiek met een vaste bijdrage voor bedrijfsvoering en een variabele bijdrage op basis van afgenomen producten en uren. Deelnemers betalen voor de producten en diensten die zij daadwerkelijk afnemen. Deze systematiek is een voortzetting van de werkwijze die bij de RUD Utrecht al werd toegepast. De bijdrage voor Bunschoten komt als volgt uit voor 2026, inclusief vergelijking 2025: Variabele bijdrage Vaste bijdrage Totaal

2025 € 394.000,€ 217.000,€ 611.000,-

2026 € 405.200,€ 225.200,€ 630.400,-

Verschil € 11.200,€ 8.200,€ 19.400,-

Verschil % 3,2%

De jaarlijkse totale bijdrage is in 2026 € 630.400,-. Dit is een verschil van € 19.400,- ten opzichte van het jaar 2025 (RUD). De kosten zijn in 2026 3,2% hoger en wordt veroorzaakt door indexatie. Er is een besparing doorgevoerd, door 1% minder uren af te nemen. Daarentegen zijn er meer uren ingezet voor o.a. innovatie, waardoor er per saldo een minder hoge stijging is in de bijdrage dan wanneer de besparing niet was doorgevoerd. Het totale verschil van € 19.400,- ten opzichte van 2025 wordt verwerkt in de programmabegroting 2026 van gemeente Bunschoten. Bunschoten heeft binnen de ODU een aandeel van 1,4% (bij de RUD 2,9%). De activa en passiva van de RUD en ODRU zullen per 1 januari 2026 tegen boekwaarde (op basis van jaarrekening 2025) worden overgedragen. Op dit moment zijn de uitkomsten van de 'Financiële Quick scan' nog niet bekend. Derhalve is er nog geen zicht op de standen per 1 januari 2026 van de afzonderlijke balansposten. In de begroting 2026 wordt om deze reden uitgegaan van een inschatting van de beginstanden per begin boekjaar 2026. In de meerjarenraming zijn de reeds verwachte bezuinigingen verwerkt. Vooralsnog betreft dit alleen kostenbesparingen die op termijn mogelijk zijn op ICT-gebied. Het gaat om licentie-, en applicatiekosten, omdat deze kosten door schaalvergroting kunnen dalen.

Uiteindelijk lopen deze besparingen naar verwachting op tot jaarlijks €250.000. De verwachting is dat meer kostenbesparingen behaald kunnen worden in de toekomst. Naast de vaste bijdrage wordt er jaarlijks een urenbudget beschikbaar gesteld voor projecten met een gezamenlijk of regionaal karakter. Iedere deelnemer draagt hiervoor 4% van het afgesproken DVOurenpakket extra bij, met een maximum van 350 uur. Voor de voormalige RUD-deelnemers geldt in

2026 een ingroeimodel. De provincie stelt hiervoor eenmalig extra middelen beschikbaar, waarmee de inzet op regionale projecten in het eerste jaar gefaseerd wordt opgebouwd. De precieze inrichting van het besluitvormingsproces en de governance rond regionale projecten wordt in de tweede helft van 2025 uitgewerkt. Verantwoording over de uitvoering van deze projecten vindt plaats via de reguliere rapportages. Uitvoering Voor de fase van 'inrichting van de ODU' is een programmaorganisatie ingericht met programmateam en stuurgroep. Er zijn verschillende werkgroepen aan het slag om samen met de projectorganisatie en vertegenwoordigers van de deelnemers (gemeenten en provincie) vraagstukken voor de inrichting te bespreken en stukken op te stellen (Uitvoeringsprogramma — Financieringssystematiek — governance — Begroting 2026 Informatielandschap — Juridisch). Terugkoppeling naar alle Regievoerders vindt regulier plaats waarbij ruimte is voor reactie. Net als in 2024 worden raadsleden met nieuwsbrieven op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen. Ook in het bestuurlijk besluitvormingsproces wordt samengewerkt met de betrokken Regievoerders. Zowel in de voorbereiding op de bestuursvergadering van het Algemeen Bestuur ODRU en RUD (gezamenlijke annotatie).

De gemeenschappelijke regeling ODU komt tot stand nadat de in de ODRU en RUD Utrecht deelnemende colleges hebben ingestemd (ieder college na toestemming van zijn raad/staten). De tekst van de gemeenschappelijke regeling ODU wordt op grond van artikel 52 jo 26 Wgr bekendgemaakt in het Provincieblad Utrecht. Tevens draagt het provinciebestuur zorg dat de gewijzigde tekst wordt gepubliceerd bij de decentrale regelgeving op overheid.nl. De dag na de bekendmaking in het Provincieblad treedt de regeling Omgevingsdienst Utrecht in werking. Na de inwerkingtreding van de GR ODU kunnen de benodigde inschrijvingen bij de Kamer van koophandel, Belastingdienst, UWV, BNG, etc. worden gerealiseerd. Per 1 januari 2026 zal de taakuitvoering voor de deelnemers dan worden uitgevoerd door de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht. Voor de start van de Omgevingsdienst Utrecht per 1 januari 2026 dient een aantal formele stappen genomen te worden. Zo dient het college het mandaatbesluit vast te stellen en dient het (nieuwe) Algemeen Bestuur van de ODU de bijdrageverordening en begroting 2026 (inclusief kademota) vast te stellen. Dit zal gebeuren in de AB-vergadering van 10 november 2025, nadat de diverse raden/staten om zienswijzen is gevraagd.

Na de start van Omgevingsdienst Utrecht per 1 januari 2026 zullen de colleges en raden/staten worden betrokken in het besluitvormingsproces om de gemeenschappelijke regelingen RUD Utrecht en ODRU op te heffen. Daartoe stellen het algemeen bestuur van de ODRU en het algemeen bestuur van de RUD Utrecht een liquidatieplan op.

Communicatie De gemeente zal zelf niet actief communiceren over dit besluit. In het algemeen zal de nieuwe Omgevingsdienst communiceren over de nieuwe dienst.

De raad van de gemeente Bunschoten, Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 15 juli 2025 nummer 1224740; Gelet op de Gemeentewet: Besluit 1. Het college toestemming te verlenen te mogen overgaan tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht; 2. Met de bijgevoegde brief een zienswijze in te dienen op de Ontwerpbegroting ODU 2026 (inclusief Kadernota 2026) en de ontwerpbijdrageverordening. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bunschoten van 25 september 2025, Griffier drs. E. Hoogstrate Voorzitte J.L. G

gemeente Baarn

inlichtingen bij

A.J. van 'tRiet

team

Ontwikkeling Ruimte en Omgeving

doorkiesnummer

De voorzitters van RUD Utrecht en ODRU per e-mail: naar10D@odru.nl

(035) 54816 11

uw brief van uw kenmerk ons kenmerk

1331285

datum

24 september 2025

onderwerp

Zienswijze ontwerpbegroting ODU 2026

Geachte heren Spelt en Fröhlich,

Met belangstelling hebben wij kennis genomen van de Ontwerpbegroting 2026 van de op te richten Omgevingsdienst Utrecht. Deze is in lijn met de eerder door ons financiële kaders, namelijk geen

kostenstijging ten opzichte van 2025 behalve indexatie. Ook op inhoud kunnen wij ons vinden in de Ontwerpbegroting. Wij zien verder geen belemmeringen om de oprichting van de nieuwe

omgevingsdienst ODU niet Voort te zetten. Wij wensen u en met name de medewerkers van de nieuwe ODU veel succes. Tot slot willen we u melden dat de gemeenteraad van Baarn op 16 april 2025 een motie heeft

aangenomen. De strekking van deze motie is bij alle gemeenschappelijke regelingen te pleiten voor een bevriezing van de groei van de uitgaven, een zgn. O-lijn, minimaal voor de begrotingen voor 2026 en 2027.

Met vriendelijke groet,

namens de gemeenteraad van Baarn,

2

C. Heusingveld griffier

AL A. Röell

voorzitter

Stationsweg 18 Postbus 1003 3740 BA Baarn t (035)548 1611 e gemeente@baarn.nl / Voor ons privacybeleid zie www.baarn.nl Bij beantwoording graag datum en kenmerk brief vermelden.

nn En

.

‚ gemeente Bunnik

Aan: De stuurgroep ‘Naar Eén Omgevingsdienst Utrecht’

Ons kenmerk Datum Bijlagen Verzonden

» zaaknr. 1356539 : 2 oktober 2025 De

Onderwerp

: Zienswijze ontwerpbegroting en ontwerp bijdrageverordening ODU 2026

Uw kenmerk Medewerker Doorkiesnummer

: NT20.1011-2415 : Dhr. R. Belger : 030 — 659 48 48

Geachte leden van de stuurgroep ‘Naar Eén Omgevingsdienst Utrecht’,

In uw brief van 11 juli 2025 bood u ons de ontwerpbijdrageverordening en de ontwerpbe

groting (inclusief

de bijbehorende kadernota) Omgevingsdienst Utrecht 2026 voor zienswijze aan.

Wij spreken onze waardering uit over het voorliggende resultaat en de zorgvuldige afweging en die hierbij gemaakt zijn. Hetis duidelijk dat er met betrokkenheid, inzet en deskundigheid gewerkt is aan het vormgeven van de financiële en organisatorische kaders voor de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht. Wij

waarderen het dat er ondanks de strakke planning voldoende ruimte is genomen

om intensief met de

deelnemers af te stemmen. Dit draagt bij aan een breed draagvlak voor de begroting en bijdrageverordening Omgevingsdienst Utrecht. U legt hiermee een solide basis voor de toekomstige werkzaamheden van de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht.

De gemeenteraad van gemeente Bunnik heeft kennisgenomen van de voorgelegde ontwerpbe groting, inclusief de bijbehorende kadernota en de ontwerpbijdrageverordening. In haar raadsvergadering van 25 september heeft de gemeenteraad besloten om toestemming aan het college te verlenen om te mogen overgaan tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht. Daarnaas t is besloten om deze zienswijze in te dienen op de voorgelegde ontwerpbegroting,

kadernota en de ontwerpbijdrageverordening 2026.

inclusief de bijbehorende

Zienswijze De gemeenteraad benadrukt dat de vorming van de Omgevingsdienst Utrecht een zorgvuldig fusieproces vereist dat tijd nodig heeft om volledig tot ontplooiing te komen. Hierbij zijn de volgende punten van belang:

Efficiency Uit uw begroting 2026 maken we op dat de fusie en schaalvergroting hebben geleid tot substantiële efficiencywinst. Hierdoor kan er in 2026 invulling worden gegeven aan nieuwe taken, zoals de uitvoering van de robuustheidscriteria en gezamenlijke voorzieningen. We begrijpen dat bij de oprichting van de nieuwe dienstin eerste instantie de focus gericht is op een stabiele overgang en het garanderen van continuïteit in de dienstverlening. We verwachten ook dat een grote organisatie als de Omgevingsdienst Utrecht nog meer mogelijkheden biedt om efficiënter te werken. Hoewel efficiencyvoordelen een logisch gevolg kunnen zijn van schaalvergroting, vinden wij het op dit moment niet passend om deze nu te

onderzoeken. Wij vinden het wel reëel dat schaalvoordelen en procesoptimalisaties

correspondentieadres:

Postbus 5, 3980 CA Bunnik bezoekadres: Singelpark 1, 3984 NC Odijk

Tel

(030) 659 48 48

Fax (030) 657 03 85 info@bunnik.nl IBAN NL71 BNGH 028.50.01.566

Wii verzoeken u bij eventuele beantwoordina van deze brief ons kenmerk te vermelden.

binnen een termijn

Zaaknummer 1332673

2

van drie jaar hebben bijgedragen aan een efficiëntere uitvoering van taken. Dat is het moment waarop wij aan u een uitgebreide evaluatie vragen waarbij u de mogelijkheden tot kostenbesparing in kaart brengt.

In samenhang hiermee vragen wij ons af of de voorgestelde evaluatietermijn van vier jaar voor de bijdrageverordening niet kan worden verkort tot een initiële termijn van twee jaar. Een kortere eerste evaluatieperiode biedt sneller inzicht in de effectiviteit en knelpunten van de verordening, waarna een periodieke evaluatie om de vier jaar voldoende kan zijn. Wij verzoeken u deze optie te overwegen. Samenstelling Dagelijks Bestuur

Wij vinden het belangrijk dat, bij de invulling van het Dagelijks Bestuur van de nieuwe Omgevingsdienst,

er een samenstelling wordt gekozen die recht doet aan de diversiteit van de regio en de verschillende belangen die daar spelen. Wij verzoeken daarom nadrukkelijk dat het Dagelijks Bestuur divers en

evenredig wordt samengesteld op basis van de verschillende gebiedskenmerken (stedelijk, landelijk etc),

verdeling voormalig ODRU-gemeenten en RUD-gemeenten en Provincie. Een evenwichtige vertegenwoordiging is wat ons betreft noodzakelijk om een goed functionerende en representatieve Omgevingsdienst te waarborgen, die niet alleen bestuurlijk maar ook inhoudelijk in staat is om de uiteenlopende vraagstukken en uitdagingen van de regio effectief aan te pakken. De diversiteit in de samenstelling zal bijdragen aan het versterken van de samenwerking tussen de verschillende gemeenten en de provincie, wat uiteindelijk ten goede zal komen aan de kwaliteit van de dienstverlening en het behalen van de beoogde doelstellingen op het gebied van milieu. Mogelijk is dit beter te garanderen 7 DB-leden dan met 5 DB-leden (rekening houdend met hetgeen in de gemeenschappelijke regeling ODU mogelijk is).

Evaluatie De kaderstellende stukken voor de nieuwe Omgevingsdienst ODU zijn in een kort tijdsbestek opgesteld. Hierbij is geprobeerd om het goede van huidige twee omgevingsdiensten te behouden. De praktijk moet uitwijzen of de gemaakte afspraken werken zoals deze bedoeld zijn. Het is daarom van belang om

afspraken te maken hoe te evalueren. Wij vragen u daarom om ons inzicht te geven hoe, wat en wanneer

u gaat evalueren.

Risicobeheersing

Wij begrijpen dat bepaalde risico's in dit stadium nog niet volledig kunnen worden ingeschat. Desondanks verzoeken wij u om proactief risico's te monitoren en deze in een zo vroeg mogelijk stadium te identificeren. Een regelmatige rapportage hierover, bijvoorbeeld in combinatie met de begrotingsverantwoording, helpttijdige bijsturing mogelijk te maken en voorkomt ongewenste verrassingen. De robuustheid van de Omgevingsdienst Utrecht is voor ons van groot belang. Wij verzoeken u om in periodieke rapportages inzicht te geven in de organisatorische stabiliteit en de maatregelen die worden genomen om de robuustheid te waarborgen. Dit draagt bij aan een transparante verantwoording van zowel de begroting als de organisatorische ontwikkeling. Tot slot Wij kijken uit naar verdere samenwerking en wensen de Stuurgroep succes met de verdere voorbereiding van de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht wij en blijven graag op de hoogte van de voortgang hiervan. Heeft u nog vragen? Belt u dan met ons op telefoonnummer 030 — 659 48 48. U kunt ook een e-mail sturen naar post@bunnik.nl. Vermeld daarbij zaaknummer 1356539 dan kunnen wij u sneller helpen.

Hoogachtend,

Namens de gemeenteraad van de gemeente Bunnik,

Zaaknummer 1332673

de voorzitter,

dhr.

‘van der Lubbe

dens

dhr. R. van Bennekom

“5

Soestdijkseweg Zuid 173 * 3721 AB Bilthoven * Postbus 300 * 3720 AH Bilthoven T (030) 228 94 11 * F (030) 228 94 57 * info@debilt.nl * www.debilt.nl

Aan: De stuurgroep

‘Naar Eén Omgevingsdienst Utrecht’ (via email: naar1OD@odru.nl)

datum:

01-10-2025

uw kenmerk:

_INT20.1011-2401

ons kenmerk:

Zaaknr. 1044794

e-mail: r.belger@debilt.nl doorkiesnr.: 030-2289173 contactpersoon:

R.J. Belger

bijlage: afdeling: Team ruimtelijke leefbaarheid onderwerp:

Zienswijze ontwerpbegroting en

ontwerpbijdrageverordening ODU 2026

Geachte leden van de stuurgroep ‘Naar Eén Omgevingsdienst Utrecht’, In uw brief van 11 juli 2025 bood u ons de ontwerpbijdrageverordening en de ontwerpbegroting (inclusief de bijbehorende kadernota) Omgevingsdienst Utrecht 2026 voorzienswijze aan. Wij spreken onze waardering uit over het voorliggende resultaat en de zorgvuldige afwegingen die hierbij gemaakt zijn. Hetis duidelijk dat er met betrokkenheid, inzet en deskundigheid gewerkt is aan het vormgeven van de financiële en organisatorische kaders voor de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht. Wij waarderen het dat er ondanks de strakke planning voldoende ruimte is genomen om intensief met de deelnemers af te stemmen. Deze aanpak draagt bij aan een breed draagvlak voor de begroting en bijdrageverordening Omgevingsdienst Utrecht. U legt hiermee een solide basis voor de toekomstige werkzaamheden van de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht. De gemeenteraad van gemeente De Bilt heeft kennisgenomen van de voorgelegde ontwerpbegroting, inclusief de bijbehorende kadernota en de ontwerpbijdrageverordening. In haar raadsvergadering van 25 september heeft de gemeenteraad besloten om toestemming aan het college te verlenen om te mogen overgaan tot het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht.

Daarnaast is besloten om deze zienswijze in te dienen op de voorgelegde ontwerpbegroting, inclusief de bijbehorende kadernota en de ontwerpbijdrageverordening 2026. Zienswijze De gemeenteraad benadrukt dat de vorming van de Omgevingsdienst Utrecht een zorgvuldig fusieproces vereist dat tijd nodig heeft om volledig tot ontplooiing te komen. Hierbij zijn de volgende punten van belang:

Efficiency Uit uw begroting 2026 maken we op datde fusie en schaalvergroting hebben geleid tot substantiële efficiencywinst. Hierdoor kan er in 2026 invulling worden gegeven aan nieuwe taken, zoals de uitvoering van de robuustheidscriteria en gezamenlijke voorzieningen. We begrijpen dat bij de oprichting van de nieuwe dienst in eerste instantie de focus gericht is op een stabiele overgang en het garanderen van continuïteit in

de dienstverlening. We verwachten ook dat een grote organisatie als de Omgevingsdienst Utrecht nog meer mogelijkheden biedt om efficiënter te werken. Hoewel efficiencyvoordelen een logisch gevolg kunnen zijn

van schaalvergroting, vinden wij het op dit moment niet passend om deze nu te onderzoeken. Wij vinden het wel reëel dat schaalvoordelen en procesoptimalisaties binnen een termijn van drie jaar hebben bijgedragen

aan een efficiëntere uitvoering van taken. Dat is het moment waarop wij aan u een uitgebreide evaluatie vragen waarbij u de mogelijkheden tot kostenbesparing in kaart brengt. In samenhang hiermee vragen wij ons af of de voorgestelde evaluatietermijn van vier jaar voor de bijdrageverordening niet kan worden verkort tot een initiële termijn van twee jaar. Een kortere eerste evaluatieperiode biedt sneller inzicht in de effectiviteit en knelpunten van de verordening, waarna een periodieke evaluatie om de vier jaar voldoende kan zijn. Wij verzoeken u deze optie te

overwegen. Samenstelling Dagelijks Bestuur Wij vinden het belangrijk dat, bij de invulling van het Dagelijks Bestuur van de nieuwe Omgevingsdienst, er een samenstelling wordt gekozen die recht doet aan de diversiteit van de regio en de verschillende belangen

die daar spelen. Wij verzoeken daarom nadrukkelijk dat het Dagelijks Bestuur divers en evenredig wordt samengesteld op basis van de verschillende gebiedskenmerken (stedelijk, landelijk etc), verdeling voormalig ODRU-gemeenten en RUD-gemeenten en Provincie. Een evenwichtige vertegenwoordiging is wat ons betreft noodzakelijk om een goed functionerende en representatieve Omgevingsdienst te waarborgen, die niet alleen bestuurlijk maar ook inhoudelijk in staat is

om de uiteenlopende vraagstukken en uitdagingen van de regio effectief aan te pakken. De diversiteit in de samenstelling zal bijdragen aan het versterken van de samenwerking tussen de verschillende gemeenten en de provincie, wat uiteindelijk ten goede zal komen aan de kwaliteit van de dienstverlening en het behalen

van de beoogde doelstellingen op het gebied van milieu. Mogelijk is dit beter te garanderen 7 DB-leden dan met 5 DB-leden (rekening houdend met hetgeen in de

gemeenschappelijke regeling ODU mogelijk is). Evaluatie

De kaderstellende stukken voor de nieuwe Omgevingsdienst ODU zijn in een kort tijdsbestek opgesteld. Hierbij is geprobeerd om het goede van huidige twee omgevingsdiensten te behouden. De praktijk moet uitwijzen of de gemaakte afspraken werken zoals deze bedoeld zijn. Het is daarom van belang om afspraken te maken hoe te evalueren. Wij vragen u daarom om ons inzicht te geven hoe, wat en wanneer u gaat evalueren. Risicobeheersing Wij begrijpen dat bepaalde risico's in dit stadium nog niet volledig kunnen worden ingeschat. Desondanks verzoeken wij u om proactief risico’s te monitoren en deze in een zo vroeg mogelijk stadium te identificeren. Een regelmatige rapportage hierover, bijvoorbeeld in combinatie met de begrotingsverantwoording, helpt tijdige bijsturing mogelijk te maken en voorkomt ongewenste verrassingen. De robuustheid van de Omgevingsdienst Utrecht is voor ons van groot belang. Wij verzoeken u om in periodieke rapportages inzicht te geven in de organisatorische stabiliteit en de maatregelen die worden

genomen om de robuustheid te waarborgen. Dit draagt bij aan een transparante verantwoording van zowel de begroting als de organisatorische ontwikkeling.

Tot slot Wij kijken uit naar verdere samenwerking en wensen de Stuurgroep succes met de verdere voorbereiding van de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht wij en blijven graag op de hoogte van de voortgang hiervan.

Hoogachtend,

Namens de gemeenteraad van De Bilt,

de griffier,

A

de burgemeester,

Á°

p4 ‘ y j/

„B.W.M. van der Torre

(

drs. M.C. Haverkamp

POSTADRES

BEZOEKADRES

Postbus 250

T

0297 29 16 16

3640 AG Mijdrecht

F

0297 28 42 81

Croonstadtlaan 111

E

gemeente@derondevenen.nl

3641 AL Mijdrecht

I

www.derondevenen.nl

Algemeen bestuur van de ODRU en het algemeen bestuur RUD DATUM

25-9-2025

Archimedeslaan 6

ONS KENMERK

1130226

3584 BA Utrecht

UW BERICHT VAN

11-7-2025

CONTACTPERSOON

Mick Hoogendoorn

E-MAIL

m.hoogendoorn@derondevenen.nl

Utrecht

ONDERWERP

Zienswijze gemeente De Ronde Venen op ontwerpbegroting en ontwerpbijdrageverordening Geachte voorzitters algemeen bestuur ODRU en RUD, De gemeenteraad van de gemeente De Ronde Venen heeft kennisgenomen van de Ontwerpbegroting Omgevingsdienst Utrecht (ODU) 2026, inclusief de bijbehorende kadernota en de Ontwerpbijdrageverordening 2026. Tijdens de raadsvergadering van 25 september 2025 heeft de raad besloten het college toestemming te verlenen voor het treffen van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Utrecht. Daarnaast is besloten een zienswijze in te dienen op de voorgelegde documenten. Met deze brief delen wij onze inzichten en suggesties. Wij spreken onze waardering uit voor het bereikte resultaat en de zorgvuldige afwegingen die zijn toegepast bij het opstellen van de Ontwerpbegroting (inclusief kadernota) 2026 en de Ontwerpbijdrageverordening 2026. Het is duidelijk dat er met aandacht en expertise gewerkt is aan het vormgeven van de financiële en organisatorische kaders van de Omgevingsdienst voor het komende jaar. Wij erkennen de inzet van alle betrokken partijen en zijn positief met de gemaakte vooruitgangen die bijdragen aan een solide basis voor de toekomstige werkzaamheden van de nieuwe robuuste Omgevingsdienst Utrecht.

Zienswijze De gemeenteraad benadrukt dat de vorming van de Omgevingsdienst Utrecht een zorgvuldig fusieproces vereist dat tijd nodig heeft om volledig tot ontplooiing te komen. Hierbij zijn de volgende punten van belang: 1. Stabiliteit en evaluatie van efficiency De prioriteit ligt momenteel bij een stabiele overgang en het garanderen van hoogwaardige dienstverlening. Hoewel schaalvergroting op termijn efficiencyvoordelen kan opleveren, achten wij het nu niet passend om deze direct te onderzoeken. Wij verwachten echter dat binnen twee à drie jaar concrete inzichten beschikbaar zijn over hoe schaalvoordelen en procesoptimalisaties bijdragen aan een efficiëntere taakuitvoering. Een uitgebreide evaluatie op dat moment, waarin alle mogelijkheden tot kostenbesparing worden onderzocht, is essentieel. In samenhang hiermee vragen wij ons af of de voorgestelde evaluatietermijn van vier jaar voor de bijdrageverordening niet kan worden verkort tot een initiële termijn van twee VERZONDEN

30-9-2025

POSTADRES

BEZOEKADRES

Postbus 250

T

0297 29 16 16

3640 AG Mijdrecht

F

0297 28 42 81

Croonstadtlaan 111

E

gemeente@derondevenen.nl

3641 AL Mijdrecht

I

www.derondevenen.nl

jaar. Een kortere eerste evaluatieperiode biedt sneller inzicht in de effectiviteit en knelpunten van de verordening, waarna een periodieke evaluatie om de vier jaar voldoende kan zijn. Wij verzoeken u deze optie te overwegen. 2. Risicobeheersing Wij begrijpen dat bepaalde risico’s in dit stadium nog niet volledig kunnen worden ingeschat. Desondanks verzoeken wij u om proactief risico’s te monitoren en deze in een zo vroeg mogelijk stadium te identificeren. Een regelmatige rapportage hierover, bijvoorbeeld in combinatie met de begrotingsverantwoording, helpt tijdige bijsturing mogelijk te maken en voorkomt ongewenste verrassingen. 3. Robuustheid van de organisatie De robuustheid van de Omgevingsdienst Utrecht is voor ons van groot belang. Wij verzoeken u om in periodieke rapportages inzicht te geven in de organisatorische stabiliteit en de maatregelen die worden genomen om de robuustheid te waarborgen. Dit draagt bij aan een transparante verantwoording van zowel de begroting als de organisatorische ontwikkeling.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/657/documents/20438