B1. Kadernota 2027 RAAD.pdf
Tekst van het document
Kadernota 2027 - 2030
2
INHOUDSOPGAVE Kadernota 2027 - 2030 ............................................................................................... 1 Inhoudsopgave .......................................................................................................... 3 Inleiding .................................................................................................................... 4 Onvermijdelijke ontwikkelingen .................................................................................... 5 Investeringen in balans - Investeringsplanning ............................................................. 11 Uitgangspunten voor opstellen begroting ..................................................................... 12 Risico’s en aandachtspunten ...................................................................................... 13 Bijlagen ................................................................................................................... 14 Niet gehonoreerde zaken Kadernota ........................................................................... 14
3
INLEIDING Voor u ligt de nu Kadernota 2027-2030. Op 6 november 2025 is de Programmabegroting 2026-2029 door uw raad vastgesteld met een fors begrotingsoverschot voor 2027, voor 2028 (verschoven Ravijnjaar) een tekort en voor 2029 een klein overschot. Na vaststelling van de Voorjaarsrapportage 2026 is er nog steeds een overschot in 2027 maar de jaren hierna tekorten. De uitkomst uit de Voorjaarsrapportage 2026 is de start van deze Kadernota. De Kadernota is beleidsarm opgesteld. De mutaties moesten voldoen aan de 3-O's (Onvermijdelijk Onuitstelbaar - Onvoorzien). In de Kadernota is nog geen rekening gehouden met de uitkomsten van de meicirculaire. De algemene uitkering uit het Gemeentefonds is onze grootste inkomstenbron, die schommelt qua hoogte. Ook moet het collegewerkprogramma nog worden uitgewerkt. Gelet op de Oudewaterse financiële situatie denken wij toch een passende Kadernota aan te bieden.
4
ONVERMIJDELIJKE ONTWIKKELINGEN Op basis van de Voorjaarsrapportage 2026 is er voor het jaar 2027 sprake van een begrotingsoverschot en in de jaren daarna van begrotingstekorten. Daarom is kritisch gekeken naar de onvermijdelijke ontwikkelingen. Degene waarvan wij voorstellen deze te honoreren staan opgenoemd in onderstaande tabel. Degene die wij hebben afgewezen staan in de bijlage "Niet gehonoreerde zaken Kadernota"' die bij deze Kadernota is gevoegd. Nr. Omschrijving
2027
2028
2029
2030
Saldo Voorjaarsrapportage 2026
176.614
-656.524 -376.648 -376.648
1.
VRU-GBTP
-71.000
-97.400
-97.800
2.
Gemeenschappelijke regeling Utrecht-West
-20.086
1.431
1.431
1.431
3.
Beheermedewerker Openbare verlichting
-16.200
-16.200
-16.200
-16.200
4.
Beschoeiingen , inventarisatie areaal en onderzoek eigendomssituatie en conditie
-56.000
5.
Onderhoud asfaltverharding en elementenverharding
-400.000
-400.000
PM
PM
6.
Omgevingsplanwijziging landelijk gebied
-55.000
-105.000
-75.000
0
7.
Subsidie Omgevingsplanwijziging landelijk gebied
25.000
25.000
25.000
0
8.
Omgevingskwaliteit: actualisatie welstandsbeleid
-60.000
0
0
0
9.
Afvalinzameling door Woerden (BN - 57.781 tariefstijging)
BN
BN
BN
BN
10. ODU - autonome prijsontwikkeling 11. Ferm Werk 12. Kapitaallasten nieuwe investeringen Subtotaal
-97.800
121
121
121
121
-94.000
-94.000
-94.000
-94.000
0
-107.833 -190.478 -186.212
-570.551 -1.450.405 -823.574 -769.308
13. Correctie incidentele lasten
546.000
480.000
Eindtotaal tekorten
-24.551
-970.405 -773.574 -769.308
50.000
0
1. VRU-GBTP Op basis van de geactualiseerde begroting 2026 en begroting 2027 en verder zoals door de VRU is gecommuniceerd op 1-maart-2026. De budgetten 2027 en verder stijgen materieel door het gekozen toekomstscenario 'Op orde'. 2. Gemeenschappelijke regeling Utrecht-West De invoering van de GR SD UW leidt tot structurele kosten voor de gemeente Oudewater van € 215.169. Deze kosten zijn gebaseerd op de vastgestelde begroting voor de GR SD UW. Tegenover deze kosten staat dat de huidige uitgaven voor IMUW (173.553) bij de gemeente komen te vervallen. Per saldo een lastenverzwaring van € 41.616. De exacte omvang van deze huidige lasten is op dit moment nog niet volledig inzichtelijk. Hierdoor kan het netto financiële effect nog niet worden bepaald. De verwachting is dat sprake is van een verschuiving van bestaande middelen. Dit dient echter nog nader financieel te worden onderbouwd. Wel wordt er een stelpost besparing kosten lokaal backoffice opgenomen van € 43.047, omdat de verwachting is dat hier structureel op gaat worden bespaard. Voor de invoering van de GR SD UW leidt tot incidentele kosten voor de gemeente Oudewater van € 21.517 in het jaar 2027. Deze kosten hebben betrekking op de implementatie van de nieuwe organisatie en werkwijze. 3.
Beheermedewerker Openbare verlichting Eind 2024 is het areaal openbare verlichting overgenomen van City-Tec en in bezit gekomen van onze gemeente. Om het areaal goed te beheren is capaciteit nodig.
5
4. Beschoeiingen, inventarisatie areaal en onderzoek eigendomssituatie en conditie De (staat van de) beschoeiingen in Oudewater is niet goed in beeld. Om bestendig beheer te kunnen voeren op dit kapitaalgoed is het noodzakelijk een goed beeld van het areaal en de staat ervan te hebben. Daar horen dan vervolgens ook instandhoudingsmiddelen bij. Omdat er geen middelen voor dit areaal in de begroting zijn opgenomen vragen wij via deze kadernota middelen aan voor een inventarisatie en onderzoek naar eigendom/technische staat van het areaal. Met de uitkomst kan vervolgens een meerjaren beheerplan worden opgesteld en een bijbehorende meerjarenbegroting worden voorgesteld. Het beheer van beschoeiing is een kerntaak van de gemeente. Om deze taak uit te voeren is inzicht in het areaal noodzakelijk en is het onderdeel van de zorgplicht voor het veilig en betaalbaar houden van de openbare ruimte. Uitstel leidt er toe dat de risico's van de huidige bedrijfsvoering beheer blijven bestaan en uitgaven onvoorzien en onbeheersbaar blijven. Daarnaast kan het niet beheren van beschoeiingen tot verzakkingen, schade en mogelijk afsluiting van wegen, voet- en fietspaden leiden. Het onderzoek moet voor de Kadernota 2028 zijn afgerond, zodat we de lasten in de begroting 2028-2031 goed kunnen verwerken. 5.
Onderhoud asfaltverharding (€ 200.000) en elementenverharding (€ 200.000) Na een eerste visuele inspectie van een gedeelte van het verhardingen areaal is gebleken dat op een behoorlijk aantal locaties de verharding onveilig is. Vanuit de wettelijke zorgplicht is het noodzakelijk deze locaties aan te pakken. Het betreffen hier monodisciplinaire projecten die geen integrale afstemming behoeven met andere disciplines zoals riolering, groen, verkeer, etc.. De financiën zijn voor 2 jaar (€ 400.000 p/jr.) opgenomen. Op dit moment wordt er gewerkt aan een beheersplan (IBOR). Voor de Kadernota 2028 wordt dit aan uw raad voorgelegd, zodat de financiële effecten kunnen worden meegenomen in de begroting 2028-2031. 6. Omgevingsplanwijziging landelijk gebied De gemeente moet uiterlijk in 2031 het omgevingsplan voltooid hebben. Dit is wettelijk verplicht. Hoewel grote delen van het omgevingsplan beleidsneutraal opgebouwd worden, kan dat in het landelijk gebied niet. Het gemeentelijke regels moeten op basis van nieuwe Rijks- en provinciale (instructie)regels aangepast worden. Een deel van de benodigde beleidskeuzes wordt reeds gemaakt in het beleid voor Transformatie van Erven (omgevingsprogramma landelijk gebied). Ook is er in U10-verband een nieuwe sloopmetersystematiek ontwikkeld.
Om nieuwe regelgeving op te kunnen stellen, moet er een inventarisatie plaatsvinden van de huidige activiteiten in het landelijk gebied (bijv. wonen, werken, agrarisch), zodat deze, indien wenselijk en mogelijk, kunnen worden verwerkt in het omgevingsplan. Bij activiteiten die de gemeente niet in het omgevingsplan kan verwerken, geldt de beginselplicht tot handhaving. Tevens moet er voorafgaand aan de vaststelling van nieuwe omgevingsplanregels voor het landelijk gebied participatie en verschillende onderzoeken plaatsvinden, waaronder een milieueffectrapportage. Wanneer de gemeente niet voldoet aan de instructieregels van het Rijk en provincie, krijgt de gemeente te maken met bestuurlijk toezicht van de provincie Utrecht. Op dit moment is er sprake van een transitieperiode, waarin de gemeente de kans krijgt om haar regelgeving aan te passen. Deze transitieperiode eindigt (landelijk) eind 2031. Wanneer het beleid over Transformatie van Erven en de sloopmetersystematiek niet in het omgevingsplan verwerkt worden, kan er in de vergunningsfase niet met dit beleid gewerkt worden en zal het beleid zijn doel missen. 7. Subsidie Omgevingsplan landelijk gebied Voor het Omgevingsplan landelijk gebied wordt subsidie ontvangen. 8.
Omgevingskwaliteit: actualisatie welstandsbeleid Het Omgevingsprogramma Omgevingskwaliteit is een bundeling van wettelijk verplichte maatregelen die we op het gebied van Omgevingskwaliteit (o.a. welstand, cultuurhistorie, monumenten, archeologie) moeten nemen in de aanloop naar de vaststelling van het omgevingsplan in 2032. Deze maatregelen zijn onvermijdelijk en we willen er nu mee starten zodat er voldoende tijd is om deze maatregelen zorgvuldig en gefaseerd uit te werken. We gebruiken het omgevingsprogramma als instrument om alle facetten van omgevingskwaliteit samen te brengen en tegen elkaar af te wegen. Deze aanvraag in de Kadernota doen we voor een specifieke maatregel die onderdeel wordt van het omgevingsprogramma: het actualiseren van de verouderde Welstandsnota Oudewater uit 2010 en omzetten naar beleidsregels over het uiterlijk van bouwwerken, de plaatsing van bouwwerken en omgevingskwaliteit.
6
Dit stemmen we af op de ruimtelijke regels en wordt vastgesteld via een wijziging van het omgevingsplan. Naast de wettelijke verplichting is er ook behoefte aan een actualisatie van het welstandsbeleid. De wereld is veranderd en ruimtevragers ook (denk bijvoorbeeld aan technische installaties, zoals airco's, zonnepanelen en warmtepompen) waar de huidige nota onvoldoende kader voor biedt. Ook vraagt de Omgevingswet om een meer integrale blik, waarop het nieuwe beleid aansluit. Het vernieuwde beleid wordt bovendien in lijn gebracht met de ambities uit de Omgevingsvisie. Het niet actualiseren van het welstandsbeleid leidt tot juridische kwetsbaarheid, verminderde sturingskracht op ruimtelijke kwaliteit en onvoldoende aansluiting op de systematiek en principes van de Omgevingswet. Met als gevolg een grotere kans op inconsistente besluitvorming, kwaliteitsverlies en bestuurlijke risico’s. 9. Afvalinzameling door Woerden (BN – 57.781 tariefstijging) Met ingang van 1-1-2027 gaat gemeente Woerden de afvalinzameling voor Oudewater verzorgen. De opgevoerde kosten betreffen een raming van de loonkosten ven een chauffeur en van twee beladers. Die worden via de SOK aan Oudewater doorbelast. De extra loonkosten en exploitatiekosten voor de afvalinzameling door Woerden in Oudewater worden via de afvalstoffenheffing Oudewater verwerkt.
Per saldo moet de totaalopbrengst van de afvalstoffenheffing stijgen met € 57.781. 10. ODU – autonome prijsontwikkeling Voor de (ontwerp) Programmabegroting 2027 is door de ODU een solide en sluitende basis neergezet, met een beperkte stijging van de deelnemersbijdragen (2,9%) die ruim onder de autonome prijsontwikkeling ligt. Daarbij heeft de ODU gehoor gegeven aan de wens om scherp te sturen op kostenbeheersing en prioritering. Dit betekent dat voor de gemeente Oudewater er een correctie op de begroting van 2027 moet worden gedaan van € 19.859. Ten opzichte van de middelen in de algemene uitkering voor milieutaken is dit een minimaal voordeel. 11. Ferm Werk De kostenstijging wordt met name veroorzaakt door prijstechnische redenen (P) zoals indexaties en stijgingen als gevolg van cao's. Zowel bij de uitvoeringskosten als ook bij de uitkeringen. De aantallen (Q) Wijzigen in lijn met de CPB-raming. De prijsstijgingen verklaren de toename van de kosten meer dan de instroom van statushouders als gevolg van de taakstelling) dat verklaart. 12. Kapitaallasten nieuwe investeringen Dit betreft de extra financiële lasten van de nieuwe investeringen zoals opgenomen in onderstaand schema. Voor de jaren 2029 en 2030 zijn een aantal investeringen op PM gezet.
Hiervoor wordt gewerkt aan planmatige onderbouwingen die voor de Kadernota 2028 aan uw raad worden voorgelegd, zodat de financiële uitkomsten hiervan kunnen worden verwerkt in de begroting 2028-2031. 13. Correctie incidentele lasten In de rode regel "Subtotaal" in bovenstaande tabel staat het begrotingssaldo van de komende 4 jaar opgenomen. In onderstaande tabel is de specificatie van de incidentele lasten opgenomen. Deze komen uiteindelijk in het saldo van de jaarrekening, waarbij dit saldo ten laste komt van de Algemene Reserve. Door deze werkwijze wordt onderaan de streep het structurele begrotingssaldo gepresenteerd. Over deze werkwijze en het bestempelen van deze zaken als incidenteel hebben wij nog overleg met de toezichthouder de Provincie Utrecht. Specificatie correctie incidentele lasten
2027
2028
Beschoeiingen , inventarisatie areaal en onderzoek eigendomssituatie en conditie
56.000
0
0
0
Onderhoud asfaltverharding en elementenverharding
400.000
400.000
0
0
Omgevingsplanwijziging landelijk gebied (saldo)
30.000
80.000
50.000
0
Omgevingskwaliteit: actualisatie welstandsbeleid
60.000
0
0
0
Subtotaal
546.000
480.000
50.000
0
7
2029 2030
Investeringen In het eerste gedeelte van de onderstaande tabel zijn de (vervangings-) investeringen opgenomen voor met name de jaren 2027 en 2028. De investeringen hebben voornamelijk betrekking op het inhalen van achterstanden en zijn noodzakelijk. De investeringsbedragen na 2028 moeten duidelijk worden naar aanleiding van de beheerplannen die voor de diverse onderdelen gaan worden opgesteld. Deze planmatige onderbouwingen betreffen: wegen, civiele kunstwerken, beschoeiingen, verlichting en speeltuinen. Voor verhardingen zijn investeringsbedragen opgenomen voor 2027 en 2028. Deze gelden zijn voor noodzakelijke technische ingrepen. Dit op basis van weginspecties die in 2026 hebben plaatsgevonden. Het betreffen werkzaamheden die op zich staan en geen integrale afstemming behoeven met bijvoorbeeld riolering, verkeer, mobiliteit, etc.. Een totale integrale afstemming is mogelijk als alle beheerplannen bekend zijn. De laatste tabel onderaan het investeringsschema staan investeringen genoemd waarvan de kapitaallasten al in de begroting zijn verwerkt, maar waarvoor nog een onderbouwd raadsvoorstel aan uw raad wordt voorgelegd en de kredieten kunnen worden vertrekt. Meerjarenontwikkelingen 2026-2029 Rente OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2027
3,50%
Investering Afschr.
2028
2029
2030
Bomen 2027
50.000
40
2027
3.000
2.956
2.869
Vervanging beplanting 2027
35.000
20
2.975
2.914
2.791
Masterplan binnenstad tranche 2027 bovengronds (prijsindexatie)
210.000
40
12.600 12.416
12.049
Civiele kunstwerken 2027
135.000
25
10.125
9.936
9.558
Oevers en beschoeiingen 2027 locatie Oude Singel, 1e deel Ruige Weide en Kerkwetering-Vierbergenweg (vervangingsachterstand)
650.000
25
48.750 47.840
46.020
Oevers en beschoeiingen 2027 (veiligheid - noodzakelijk)
200.000
25
15.000 14.720
14.160
Speelvoorzieningen 2027 (diverse locaties)
130.000
12
15.383 15.004
14.246
Renovatie verhardingen 2027
220.000
25
16.500 16.192
15.576
Vervanging verhardingen 2027
350.000
40
21.000 20.694
20.081
107.833 105.786
101.693
NIEUW:
Totaal jaarschijf 2027 OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2028
1.410.000
0
2029
2030
Speelvoorzieningen 2028
Investering Afschr. 20.000
12
2027
2028
2.367
2.250
Bomen 2028
50.000
40
3.000
2.913
Civiele kunstwerken 2028
135.000
25
10.125
9.747
Vervanging beplanting 2028
20.000
20
1.700
1.630
Beschoeiingen 2028 vervangingsachterstand (2e deel Ruige weide)
700.000
25
52.500
50.540
Oevers en beschoeiingen 2028 (veiligheid - noodzakelijk)
200.000
25
15.000
14.440
Renovatie verhardingen 2028
220.000
25
16.500
15.884
Vervanging verhardingen 2028
350.000
40
21.000
20.388
84.692
81.520
NIEUW:
Totaal jaarschijf 2028
1.125.000
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2029
Investering Afschr.
Bomen 2029
50.000
NIEUW: Civiele kunstwerken 2029
PM
Vervanging beplanting 2029
PM
8
40
0
0
2027
2028
2029
2030 3.000
Meerjarenontwikkelingen 2026-2029 Oevers en beschoeiingen 2029 vervangingsachterstand
PM
Oevers en beschoeiingen 2029
PM
Renovatie verhardingen 2029
PM
Vervanging verhardingen 2029
PM
Vervangen 65-WBK-7 Jensen snipperaar (bomenploeg) Totaal jaarschijf 2029 OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2030
PM 50.000 Investering Afschr.
Bomen 2030
PM
40
Civiele kunstwerken 2030
PM
25
Oevers en beschoeiingen 2030 vervangingsachterstand
PM
25
Oevers en beschoeiingen 2030
PM
25
Vervanging beplanting 2030
PM
20
Renovatie verhardingen 2030
PM
25
Vervanging verhardingen 2030
PM
40
Totaal jaarschijf 2030
0
0
0
0
3.000
2027
2028
2029
2030
0
0
0
0
Meerjaren ontwikkelingen 2027-2030 gemeente Oudewater VERVANGINGSPLAN RIOLERING
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2027
Investering
Vervanging vrijvervalriolering 2027
120.000
Totaal jaarschijf 2027
120.000
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2028
2027
2028
2029
2030
7.200
7.095
6.990
0
7.200
7.095
6.990
2027
2028
40
2029
2030
Vervanging vrijvervalriolering 2028
120.000
40
7.200
7.095
Gemalen elektronische deel
100.000
15
10.167
9.933
Drukriolering electronische deel 2028
190.000
15
19.317
18.873
Totaal jaarschijf 2028
410.000
0 36.683
35.902
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2029
Investering
0
Investering
2027
2028
2029
2030
Vervanging vrijvervalriolering 2029
120.000
40
7.200
Gemalen elektronische deel
100.000
15
10.167
Drukriolering electronische deel 2029
190.000
15
Totaal jaarschijf 2029
410.000
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2030
Investering
Vervanging vrijvervalriolering 2030
120.000
40
Gemalen elektronische deel
100.000
15
Drukriolering electronische deel 2030
190.000
15
Totaal jaarschijf 2030
410.000
19.317 0
0
0
36.683
2027
2028
2029
2030
0
0
0
0
2028
Meerjaren ontwikkelingen 2027-2030 gemeente Oudewater VERVANGINGSPLAN AFVAL EN REINIGING
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2027
Investering
Ondergrondse containers vervanging
250.000
10
GFT containers (cocons)
130.000
10
Totaal jaarschijf 2027
380.000
0
Investering
2027
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2028
9
2027
2029
2030
39.438 39.438
39.438
12.135 12.135
12.135
51.573 51.573
51.573
2028
2029
2030
Meerjarenontwikkelingen 2026-2029 Totaal jaarschijf 2028
0
0
0
0
2027
2028
2029
0
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2029
Investering
Ondergrondse containers vervanging
250.000
10
GFT containers (cocons)
130.000
10
Totaal jaarschijf 2029
380.000
0
0
0
78.876
Investering
2027
2028
2029
2030
0
0
0
0
0
2027
2028
2029
TOTAAL
OMSCHRIJVING JAARSCHIJF 2030
Totaal jaarschijf 2030
Nog door de raad te verstrekken kredieten op basis van een raadsvoorstel
2025
2026
2030 39.438 39.438
Tappersheul I en II (bijlage investeringsplanning begroting 2025): Asfaltverharding
4.000.000
Verlichting
400.000
Groen
200.000
Riolering
500.000
Raadsvoorstel bij Begroting 2026-2029: Verhoging krediet Hoenkoopsebrug
3.900.000
Renovatie - asfalt Lange Linschoten
2.000.000
Verlichting: Masten
210000
210.000
210.000 210.000
Verlichting: Armaturen
200000
200.000
200.000 200.000
Fietsplan
150.000 500000
Totaal nog te vertrekken kredieten na expliciet raadsbesluit
150.000 910.000 6.310.000 6.260.000 410.000 14.040.000
10
750.000
INVESTERINGEN IN BALANS - INVESTERINGSPLANNING In de Kadernota 2026 is een eerste stap gezet in het kader van "De investeringen in balans". Het temporiseren en schrappen van investeringen had ook een positief effect op de schuldquote en paste bij de capaciteit die de organisatie moet leveren. De schuldquote is nog aan de (te) hoge kant en een punt van aandacht. Bij vaststelling van de jaarrekening 2025 was deze 80%. Dit is een flink stuk lager dan bij de begroting (126%) werd verwacht. Reden is dat investeringen qua uitvoering te optimistisch worden ingeschat en er dus jaarlijks sprake is van het doorschuiven van investeringen (de zogenaamde boeggolf). In de Financiële verordening 2023 is voor de netto schuldquote een streefwaarde van 90% opgenomen. Tevens gelden de signaleringswaarden >90% en >130%. Om de schuldquote naar beneden te krijgen moeten investeringen beter worden ingepland om een jaarlijkse boeggolf (doorschuiven van investeringen naar het volgende jaar) te voorkomen. Bij het opstellen van de begroting 2027-2030 gaan wij kijken om deze investeringen verder te faseren. Door de investeringen scherper in de tijd weg te zetten, met een reële planning zal de hoogte van de schuldquote dalen. Hiernaast moeten wij voldoen aan hetgeen in de Financiële verordening 2023 is opgenomen.
Hierin staat: Bij het optreden van een begrotingswijziging waardoor er een overschrijding optreedt van de signaalwaarden 1 (90%) en/of 2 (130%) is een besluit van de raad vereist. Bij overschrijding van de signaalwaarde 2 (130%) is de raad voor besluitvorming in kennis gesteld op welke wijze is voldaan aan volgende voorwaarden: * De exploitatie is voor ieder jaar van de komende begrotingsperiode minimaal sluitend; * In de meerjarenbegroting is binnen 3 jaar zicht op verbetering naar minimaal signaleringswaarde 2; * Het risicoprofiel van de leningenportefeuille en de relatie tussen de jaarlijkse investeringsomvang en het afschrijvingsvolume zijn evenwichtig. Bij het vaststellen van de Programmabegroting 2027-2030 geven wij aan of en hoe wij aan de voorwaarden kunnen voldoen.
11
UITGANGSPUNTEN VOOR OPSTELLEN BEGROTING Bij het opstellen van de begroting 2027 – 2030 hanteren wij de volgende uitgangspunten: Omslagpercentage Het omslagpercentage geeft weer welk rentepercentage aan de activa wordt toegerekend. Dit percentage wordt berekend op basis van een raming van de netto door de gemeente te betalen rente en de totale boekwaarde van alle vaste activa van de gemeente. Het percentage wordt afgerond met maximaal 0,5%. Het omslagpercentage wordt bij de begroting 2027-2030 vastgesteld en weergegeven onder paragraaf 6, Financiering. Renteontwikkelingen Prognoses over de rente hebben doorgaans een min of meer ‘’glazenbol’’ niveau. Dit gegeven wordt nog versterkt door de vele onzekerheden in de geopolitiek. De rente op de geld- en kapitaalmarkt is het afgelopen jaar iets gestegen, na twee jaar stijging en weer daarvoor een relatief lange periode van historisch lage rente. Voor nieuwe geldleningen gaan we in de begroting uit van afgerond 3,5% rente, gebaseerd op de gemiddelde rentepercentages bij verschillende looptijden gedurende de eerste 3 maanden van 2026. Kostenstijgingen en subsidies Net als vorig jaar worden in principe de exploitatiebudgetten niet geïndexeerd. Uitzondering hierop zijn de subsidies aan externe partijen en loonkosten. De loonkosten worden geïndexeerd op basis van de reeds gemaakte CAO afspraken tussen werkgevers en werknemers.
Vanuit de compensatie voor Loon- en Prijsontwikkeling vanuit de Algemene Uitkering zullen wij een stelpost voor prijsstijgingen opnemen. Daar waar exploitatiebudgetten als gevolg van externe verplichtingen verhoogd moeten worden, kan zonodig een bijstelling plaatsvinden, waarbij dekking kan plaatsvinden uit deze stelpost. Deze systematiek moet er aan bijdragen dat exploitatiebudgetten niet onnodig verhoogd worden. Subsidies worden geïndexeerd met 4,1%, zie voor een toelichting hieronder over de OZB en heffingen. OZB en heffingen Sinds de begroting 2025 hanteren we de indexatie van de begroting de methodiek van indexatie op basis van het Centraal Economisch Plan (CEP). Deze is gebaseerd op een gewogen gemiddelde. - Loonkosten: 2,0% - Overige (materiële) kosten: 2,1% - Investeringen: 3,0% - Gewogen gemiddelde 2,2% (60% loonindex, 20% materiële kosten, 20% investeringen). Hierbij moet wel een correctie gedaan worden op de indexatie van 2026, omdat in het CEP ook een bijstelling van het lopende jaar plaatsvindt (van 2,2% naar 2,9%, zie hiervoor onderstaande tabel). Op basis van het gewogen gemiddelde, zoals ook bovenstaand weergegeven, is het voorstel om de OZB en heffingen te verhogen met 3,4% en een correctie van 0,7% toe te passen voor de bijstelling van de indexaties voor 2026 volgens het CEP. De OZB en heffingen worden dan dus geïndexeerd met 4,1%. Kerncijfers CEP 2025
2023 2024 2025
Totaal 2026 2023-2025
2026 2027 bijgesteld
Loonvoet sector overheid
5,7
6,4
4,4
16,5
2
3,1
4,2
Prijs materiële overheidsconsumptie (imoc)
4,1
2,9
2,2
9,2
2,1
2,6
2,1
Prijs bruto overheidsinvesteringen (iboi)
4,4
3,0
2,0
9,4
3
2,8
2,3
Gemiddeld *
5,1
5,0
3,5
13,6
2,2
2,9
3,4
* 60% Loonvoet, 20% materiële overheidsconsumptie en 20% investeringen, conform indexatie van Algemene Uitkering
12
RISICO’S EN AANDACHTSPUNTEN Algemene reserve en weerstandsvermogen De Jaarrekening 2025 geeft een flink overschot te zien dat is toegevoegd aan de Algemene Reserve (AR). De Voorjaarsrapportage laat voor 2026 een tekort zien, dat bij vaststelling van de volgende jaarrekening eventueel ten laste komt van de AR. Beide zaken hebben effect op het weerstandsvermogen. Bij vaststelling van de jaarrekening 2025 was deze 3,8. Fors hoger dat de grenswaarde van 1,4 die in de Financiële Verordening is opgenomen. De incidentele correctie van het begrotingssaldo zoals onderaan de toelichting van de onvermijdelijke ontwikkelingen is vermeld heeft zijn effect bij het vaststellen van de jaarrekening op de Algemene Reserve en dus op het weerstandsvermogen. Aandachtspunten Een belangrijk punt in deze Kadernota is het op orde hebben van diverse planmatige onderbouwing van diverse zaken in de openbare ruimte (IBOR). Er lopen (of gaan lopen) diverse onderzoeken die leiden tot eindrapporten. Zoals bijvoorbeeld voor de verhardingen - civiele kunstwerken - speeltuinen etc.. De uitkomsten van deze onderzoeken hopen wij beschikbaar te hebben voor de Kadernota 2028, zoals de effecten hiervan kunnen worden meegenomen in de meerjarenbegroting 2028-2031.
Effecten Coalitieakkoord - College WerkProgramma (CWP) De effecten van het recent gepresenteerde Coalitieakkoord zijn nog niet bekend en niet verwerkt in deze (beleidsarme) Kadernota. Dit geldt ook voor de effecten van het CWP. Bij het aanbieden van de Programmabegroting 2027-2030 hopen wij hier wel een beeld van te hebben.
13
BIJLAGEN NIET GEHONOREERDE ZAKEN KADERNOTA Nummer Omschrijving
2027
2028
2029
2030
Niet akkoord omdat:
1.
Uitvoering warmteprogramma
-40.000
-80.000 -120.000 -160.000 Voldoet niet aan de 3-O's
2.
Bestemmingsreserve Realisatie Aardgasvrije wijken
-100.000 -100.000 -100.000 -100.000 Voldoet niet aan de 3-O's
3.
Sportakkoord
-10.000
-10.000
-10.000
-10.000 Voldoet niet aan de 3-O's
4.
Omgevingsprogramma thema ecologie
-25.000
-15.000
-15.000
-15.000 Voldoet niet aan de 3-O's
5.
Omgevingsprogramma thema hittestress
-40.000
-30.000
-30.000
-30.000 Voldoet niet aan de 3-O's
6.
Omgevingsprogramma werken (Tappersheul en transformatie)
-65.000
0
0
0 Voldoet niet aan de 3-O's
7.
Volkshuisvestingsprogramma: beter benutten woningvoorraad
-11.700
-11.700
0
0 Voldoet niet aan de 3-O's
8.
Volkshuisvestingsprogramma: Uitbreiding Koopgarant.
-100.000 -100.000 -100.000 -100.000 Voldoet niet aan de 3-O's
Totaal
-391.700 -346.700 -375.000 -415.000
De 3 O's- Onvermijdelijk - Onvoorzien - Onuitstelbaar
1.Uitvoering warmteprogramma Uitvoering van het warmteprogramma. Het warmteprogramma is ons spoorboekje om heel Oudewater aardgasvrij te verwarmen. In 2050 moeten alle woningen aardgasvrij zijn. Zo worden we onafhankelijk van fossiele brandstoffen, verlagen we de energierekening en beperken we klimaatverandering. Het warmteprogramma is vastgesteld door de gemeenteraad. Als we niets doen, loopt het warmteprogramma vertraging op. 2. Bestemmingsreserve Realisatie Aardgasvrije wijken In het warmteprogramma is vastgelegd dat we alle wijken aardgasvrij gaan maken. De uitvoering daarvan vraagt om investeringen. Die investering is vooral groot wanneer gekozen wordt voor de aanleg van een warmtenet. Hiervoor willen we bijtijds een bestemmingsreserve aanleggen. 3. Sportakkoord Eind 2026 lopen de rijksmiddelen van het Sportakkoord officieel af. Dit bedrag werd ingezet voor het organiseren van de koningsspelen etc. Het aanvragen van Sportakkoord-gelden is noodzakelijk om ambities op het gebied van sport, gezondheid en inclusie daadwerkelijk te realiseren. De middelen maken het mogelijk om sportvoorzieningen te versterken, deelname voor alle doelgroepen te vergroten en in te zetten op preventie. Daarnaast stimuleren deze gelden samenwerking tussen sport, zorg, onderwijs en welzijn, wat essentieel is voor het aanpakken van maatschappelijke uitdagingen zoals overgewicht en eenzaamheid.
Tevens wordt het vitaliteitsakkoord gefinancierd uit deze gelden. Zonder deze financiële ondersteuning blijven kansen liggen en is de impact van het beleid beperkter. 4. Omgevingsprogramma thema ecologie Uitvoering geven aan de doelen en maatregelen van het integraal omgevingsprogramma Groen, Biodiversiteit en Klimaatadaptatie in het stedelijk gebied van Oudewater. Het omgevingsprogramma is een samenvoeging van het toegezegde programma 'Groen Moet Je Doen!', het Gemeentelijk Waterbeleidsplan (wat sinds 01-01-2025 is verlopen) en het Actieplan Klimaatbestendig Oudewater. Het omgevingsprogramma wordt gekoppeld aan beheer en onderhoud van de openbare ruimte (IBOR). De druk op de openbare ruimte maakt het noodzakelijk om integraal en samenhangend te werken aan beleid. Zonder eigen budget voor de uitvoering van maatregelen in de openbare ruimte blijft het behalen van de doelstellingen afhankelijk van meekoppelkansen in de uitvoering, wat leidt tot vertraging in de besluitvorming van projecten of het niet adequaat meenemen van beleidseisen- of wensen vanwege ontoereikende budgetten.
14
5. Omgevingsprogramma thema hittestress Uitvoering geven aan de doelen en maatregelen van het integraal omgevingsprogramma Groen, Biodiversiteit en Klimaatadaptatie in het stedelijk gebied van Oudewater. Het omgevingsprogramma is een samenvoeging van het toegezegde programma 'Groen Moet Je Doen!', het Gemeentelijk Waterbeleidsplan (wat sinds 01-01-2025 is verlopen) en het Actieplan Klimaatbestendig Oudewater. Het omgevingsprogramma wordt gekoppeld aan beheer en onderhoud van de openbare ruimte (IBOR). De druk op de openbare ruimte maakt het noodzakelijk om integraal en samenhangend te werken aan beleid. Om kennisuitwisseling en bestuurlijke samenwerking op het gebied van nieuwbouw op slappe bodem te versterken, is aansluiting bij het Platform Slappe Bodem bestuurlijk en ambtelijk wenselijk. Om aan te sluiten bij het platform dienen structureel middelen beschikbaar te worden gesteld. 6. Omgevingsprogramma werken (Tappersheul en transformatie) Uitvoering geven aan de doelen en maatregelen van het integraal omgevingsprogramma werken. Doelstellingen omgevingsvisie: A. Bedrijventerrein Tappersheul 3 ontwikkelen wij in samenwerking met de Provincie, tot een klimaat adaptief en duurzaam bedrijventerrein door vergroening en het gebruik van schone energiebronnen. B.
Wij willen Oudewaterse bedrijven een passende locatie in of nabij onze gemeente bieden om een goed aanbod aan werkgelegenheid voor onze beroepsbevolking te kunnen behouden en de vitaliteit van onze gemeente te kunnen waarborgen. De toekomstvisie van Tappersheul is gericht op uitbreiding en een integrale transformatie naar een modern duurzaam en economische vitaal bedrijventerrein. Dit willen wij vastleggen in het fysieke leefomgeving te verbeteren, ter uitwerking van de omgevingsvisie. Het beschrijft acties, projecten en afspraken. 7. Volkshuisvestingsprogramma: beter benutten woningvoorraad In het concept Volkshuisvestingsprogramma is opgenomen om de bestaande woningvoorraad beter te benutten. Gezien de schaarste aan beschikbare nieuwe woningen is dit een noodzakelijke ontwikkeling waar nieuw beleid voor moeten worden gemaakt. De nieuwe instrumenten moeten worden uitgewerkt. Hiervoor is 180 uur aan ambtelijke capaciteit nodig. 8. Volkshuisvestingsprogramma: Uitbreiding koopgarant In het concept Volkshuisvestingsprogramma is dit instrument opgenomen, en blijkt jaarlijks een structurele bijdrage nodig te zijn voor het fonds.
15