CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

A04. Raadsinformatiebrief Meicirculaire 2026 (233811).pdf

Gemeenteraad 9 juli 2026, gemeente OudewaterBij agendapunt: 5: Vastellen wijze van afdoening van de ingekomen stukken1.996 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF

Van college van burgemeester en wethouders Vergadering van 23 juni 2026 Kenmerk Z/26/103233 / D/26/233811 Portefeuillehouder Dick Stapel Portefeuille Financiën Opsteller Wortman, Esther Onderwerp Meicirculaire 2026

Kernboodschap Met deze raadsinformatiebrief brengen wij u op de hoogte van de recente ontwikkelingen ten aanzien van de algemene uitkering. De mutaties uit de meicirculaire 2026 laten voor de jaren 2026, 2027 en 2028 een positief effect zien op het begrotingssaldo. Na correctie voor middelen met een bestedingsdoel, is echter vanaf 2029 sprake van een meerjarig negatief effect. Daarnaast zijn er nog diverse onderwerpen die nader geanalyseerd moeten worden in aanloop naar de begroting 20272030. Zo komen er nog een flink aantal mutaties zoals de verwerking van de financiële effecten van een aantal verbonden partijen, de noodzakelijk loon- en prijsstijgingen, kapitaallasten van de investeringen en de definitieve hoogte van de DVO-bijdrage. De genoemde saldi zijn dus indicatief, er kunnen dus nog wijzigingen optreden waardoor het uiteindelijke begrotingssaldo wijzigt. Indien de uiteindelijke uitkomsten van de begroting positief blijken kan dit worden ingezet voor de uitwerking van het collegewerkprogramma of het tot honoreren van zaken die nu in de Voorjaarsrapportage en Kadernota zijn afgewezen. Wij nodigen uw raad uit om richtinggevende uitspraken, in kaders – prioriteiten en volgorde, te doen bij de behandeling van de Voorjaarsrapportage en met name de Kadernota die wij bij het opstellen van de Begroting 2027-2030 kunnen meenemen.

De financiële effecten van de meicirculaire worden als volgt verwerkt • De uitkomsten voor het jaar 2026 worden opgenomen in de Najaarsrapportage 2026. • De effecten voor de jaren 2027 tot en met 2030 worden verwerkt in de meerjarenbegroting 2027-2030, die op 12 november ter besluitvorming aan uw raad wordt voorgelegd. Voor de taken waarvoor wij via de algemene uitkering extra middelen ontvangen, gaan wij ervan uit dat deze bedragen nodig zijn om die taken adequaat uit te voeren. We zijn echter niet verplicht het geld ook daadwerkelijk uit te geven aan deze taken, uw raad bepaalt uiteindelijk hoe de middelen worden ingezet.

Toelichting Recent is de meicirculaire 2026 van het gemeentefonds verschenen. Deze circulaire bevat informatie over de uitwerking van de Voorjaarsnota 2026 van de rijksoverheid en de actualisatie van het loon-, prijs en volume accres gebaseerd op de actuele raming van het Centraal Planbureau (CPB; CEP 2026).

In deze raadsinformatiebrief worden de verschillen verklaard tussen de decembercirculaire 2025 en de meicirculaire 2026. Dit geeft een beeld over de gevolgen van de meicirculaire op de actuele begroting van onze gemeente. Na correctie voor middelen met een bestedingsdoel en de stelpost afschaffing huishoudelijke hulp, conform het VNG begrotingsadvies, laat de meicirculaire zowel positieve als negatieve effecten zien op het begrotingssaldo in 2026 t/m 2030. De mutaties uit de meicirculaire 2026 laten samenvattend het volgende beeld zien:

De mutaties uit de meicirculaire worden toegelicht onder de kopjes ‘1. Algemeen’, ‘2. Taakmutaties’ en ‘3. Decentralisatieen Integratie uitkeringen’ (alleen mutaties > € 10.000 worden toegelicht): 1.Algemeen

1.Volume-, loon en prijsstijgingen en overige ontwikkelingen In de meicirculaire 2026 is de raming van het accres geactualiseerd op basis van het Centraal Economisch Plan (CEP) 2026 van het Centraal Planbureau. Het accres bestaat uit een volume- en een prijsdeel. Het volumedeel schommelt de komende jaren rond gemiddeld 1,8% per jaar en is ten opzichte van de eerdere raming nagenoeg ongewijzigd. Daarnaast is het prijsdeel van het accres geactualiseerd. Dit onderdeel ziet op de loon- en prijsontwikkeling en bedraagt de komende jaren gemiddeld circa 2,6% per jaar. Ten opzichte van de eerdere raming is vooral dit prijsdeel opwaarts bijgesteld. Voor de compensatie van prijsstijgingen wordt in de gemeentebegroting aan de uitgavenkant binnen programma 7 een stelpost voor prijsstijgingen opgenomen. 2.Hoeveelheidsverschillen en ontwikkeling uitkeringsbasis In dit onderdeel gaat het om de verschillen in het aantal eenheden per uitkeringsmaatstaaf ten opzichte van de decembercirculaire 2025. In de meicirculaire zijn de eenheden geactualiseerd op basis van de nieuwste peildatum. Dit heeft geleid tot stijgingen bij diverse maatstaven, waaronder: maatstaven inwoners, inwoners 75+, huishoudens met laag inkomen boven drempel, bijstandsontvangers, loonkostensubsidie, oppervlakte woonkernen. Door de actualisatie ontstaat een hoeveelheidsverschil.

Beide effecten (prijs en hoeveelheid) hebben per saldo tot een meerjarig positief financieel effect geleid. 3. WOZ-waarden mutaties en landelijke rekentarieven WOZ In de meicirculaire 2026 is de jaarlijkse aanpassing van de rekentarieven voor het jaar 2027 doorgevoerd. De WOZwaarden fluctueren jaarlijks als gevolg van marktontwikkelingen. Om te voorkomen dat deze waardeschommelingen direct doorwerken in de verdeling van het gemeentefonds, worden de rekentarieven landelijk aangepast. Daarbij is het uitgangspunt dat de OZB-maatstaf alleen meegroeit met de inflatie. Deze mutatie leidt in de meerjarenraming tot een structureel nadeel. Het Rijk houdt hierbij rekening met een WOZ-waarden groei van 6,5% voor woningen en 2,75% voor niet-woningen. 4.Afrekening ruimte onder BCF-plafond 2025 Gemeenten kunnen hun betaalde BTW op overheidsactiviteiten declareren bij het BTW Compensatiefonds (BCF). Het fonds heeft een plafond dat momenteel voor gemeenten € 4,6 miljard bedraagt. Als de gezamenlijke declaraties onder dit plafond blijven, wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding volgt een uitname. Jaarlijks wordt bij de septembercirculaire een voorschot verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar. In de meicirculaire van het volgende jaar volgt dan de afrekening.

Uit deze afrekening blijkt dat onze gemeente in 2025 € 110.000 te veel heeft ontvangen. Dit bedrag wordt daarom in 2026 uitgenomen. 5. Stelpost BCF

De provinciaal toezichthouder staat toe dat in de meerjarenraming een stelpost wordt geraamd voor nog te ontvangen onderschrijdingen op het plafond. Daar was tot nu toe voor opgenomen een bedrag van € 168.000 vanaf 2026. Het maximaal toegestane bedrag vanaf 2027 is in deze circulaire neerwaarts bijgesteld naar € 110.000. Het verschil (€ 58.000) is een structureel budgettair nadeel. 2.Taakmutaties

2. Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo De invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo, ter vervanging van het abonnementstarief, is uitgesteld van 1 januari 2027 naar 1 januari 2028. Hierdoor valt de eerder ingeboekte besparing in 2027 tijdelijk weg. Het gaat om € 114.000. Dit bedrag kan worden verrekend met de hiervoor opgenomen batenpost in onze begroting. 3.Huishoudelijke hulp uit de Wmo Het kabinet heeft besloten dat huishoudelijke hulp niet langer via de Wmo wordt vergoed voor mensen die dit zelf kunnen betalen. Deze maatregel gaat in op 1 januari 2029. Hierdoor stopt huishoudelijke hulp als maatwerkvoorziening binnen de Wmo. Het gevolg is dat gemeenten minder kosten hebben voor deze voorziening. Omdat gemeenten minder hoeven uit te geven, wordt er voor onze gemeente ongeveer € 750.000 uit het gemeentefonds gehaald. 4.Vangnetregeling huishoudelijke hulp uit de Wmo Hoewel huishoudelijke hulp grotendeels uit de Wmo verdwijnt, blijft de gemeente verantwoordelijk voor mensen die niet in staat zijn om dit zelf te regelen of te betalen. Voor deze groep wordt een vangnet ingericht. Hiervoor ontvangen gemeenten vanaf 2029 jaarlijks extra via het gemeentefonds, voor onze gemeente € 225.000. Per saldo is de algemene uitkering vanaf 2029 met ruim € 500.000 verlaagd als gevolg van de correcties met betrekking tot huishoudelijke hulp.

Deze maatregel was eerder al aangekondigd, maar is nu daadwerkelijk verwerkt in het gemeentefonds. Het kabinet heeft de voorgenomen maatregelen echter nog niet nader uitgewerkt. Daardoor is nog onduidelijk hoe deze in de praktijk zullen uitwerken en welke gevolgen zij zullen hebben voor gemeenten en inwoners. Daarnaast moet nog blijken of het minderheidskabinet voldoende steun in het parlement kan verwerven om deze maatregelen daadwerkelijk door te voeren. In de aanloop naar de begroting 2027 zal worden bezien of het kabinet deze maatregelen nader uitwerkt en welke gevolgen dit heeft voor de uitgaven aan huishoudelijke hulp in de gemeente Oudewater. Bovenstaande mutaties worden in de begroting van de gemeente verwerkt, zodat dit een budgettair neutrale uitwerking heeft. 6.Compensatie niet-beoogde jeugdzorgkosten vanwege verblijf De specifieke uitkering (SPUK) ‘ Niet beoogde jeugdzorgkosten vanwege verblijf’ is verlengd voor de zorgkosten over de jaren 2024 en 2025. De uitkering kan in 2026 tot uitkering komen, nadat de ingediende aanvragen zijn beoordeeld. De voeding van deze SPUK verloopt via het gemeentefonds. Voor onze gemeente betekent dit een onttrekking van € 24.000 aan de algemene uitkering. Voor zover onze gemeente kosten heeft gemaakt die binnen de regeling vallen, dienen wij hiervoor een aanvraag in via de SPUK. 3.Decentralisatie- en integratie uitkeringen

1.Integratie uitkering Participatie De integratie-uitkering Participatie wordt bijgesteld als gevolg van de loon- en prijsbijstelling 2026. Deze bijstelling heeft betrekking op de onderdelen binnen de integratie-uitkering Participatie, waaronder de Rijksbijdrage Wsw en beschut werk. De hiermee samenhangende lasten zijn reeds verwerkt in de begroting van Ferm Werk. 5. Alleenverdienersproblematiek Gemeenten kunnen ondersteuning bieden aan alleenverdienerhuishoudens die door een ongunstige samenloop van regelingen te weinig toeslagen ontvangen en daardoor een inkomen onder het bestaansminimum hebben. Voor onze gemeente gaat het om een incidentele compensatie van € 13.000 in 2026. Deze middelen zijn bedoeld voor de uitvoeringskosten en de verstrekkingen aan rechthebbende huishoudens. De hiermee samenhangende lasten zijn reeds verwerkt in de begroting van Ferm Werk. 10. Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE). Voor de uitvoering van gemeentelijke taken op het gebied van klimaat- en energiebeleid stelt het Rijk middelen beschikbaar via de decentralisatie-uitkering CDOKE binnen het gemeentefonds. Deze middelen zijn vanuit de specifieke uitkering overgeheveld naar het gemeentefonds en kunnen worden ingezet voor onder andere personele capaciteit, inhuur en uitvoeringskosten die samenhangen met het klimaat- en energiebeleid.

Voor onze gemeente gaat het in 2027 om een bedrag van € 407.000. In de Voorjaarsrapportage is al rekening gehouden met een stelpost van € 396.000. Deze stelpost valt vrij en wordt vervangen door de werkelijke batenraming op basis van de meicirculaire. Het verschil van € 11.000 wordt aanvullend als stelpost opgenomen, zodat dit beschikbaar blijft voor CDOKE-uitgaven.

Financiën De financiële gevolgen van de meicirculaire 2026 voor het jaar 2026 worden verwerkt in de Najaarsrapportage 2026. De effecten voor 2027 e.v. betrekken wij bij het opstellen van de Begroting 2027-2030. Van de voordelige saldi (bruto verschil meicirculaire – decembercirculaire) uit onderstaande tabel reserveren wij middelen voor de taken waarvoor wij via de algemene uitkering extra financiering ontvangen. We gaan ervan uit dat deze middelen nodig zijn om de betreffende taken op een adequate wijze uit te voeren. We zijn echter niet verplicht het geld ook daadwerkelijk uit te geven aan deze taken, uw raad bepaalt uiteindelijk hoe de middelen worden ingezet. Het is overigens niet noodzakelijk om voor alle taakmutaties middelen te reserveren, omdat hiermee in de begroting al rekening is gehouden.

Conclusie begrotingssaldo 2026-2030

Samenvattend laten de mutaties uit de meicirculaire 2026 voor de begroting 2026-2030 het volgende beeld zien:

Risico’s en aandachtspunten In aanloop naar de begroting 2027-2030 zijn er nog diverse onderwerpen die nader geanalyseerd moeten worden. Het gaat onder andere om de verwerking van de financiële effecten van een aantal verbonden partijen, de noodzakelijk loonen prijsstijgingen, kapitaallasten van de investeringen en de definitieve hoogte van de DVO-bijdrage. De genoemde saldi zijn dus indicatief, er kunnen dus nog wijzigingen optreden waardoor het uiteindelijke begrotingssaldo wijzigt. Daarnaast is de herziening van het gemeentefonds een belangrijke ontwikkeling. Per 1 januari 2023 is een nieuw verdeelmodel van het gemeentefonds ingevoerd. Sindsdien groeien gemeenten in kleine stapjes naar de nieuwe verdeling middels het zogenoemde ingroeipad. Omdat er meer onderzoek nodig is voor de herziening wordt, conform het advies van de Raad van Openbaar Bestuur, het ingroeipad voor de jaren 2027 en 2028 bevroren op het huidige niveau. De aanstaande herziening wordt nu verwacht vanaf 2029. Zodra meer bekend is over het financiële effect hiervan, komen wij hierop terug.

Vervolg • Het college is voornemens om, indien de uiteindelijke uitkomsten van de begroting positief blijken, de beschikbare financiële ruimte in te zetten voor de uitwerking van het collegewerkprogramma of voor het alsnog honoreren van voorstellen die in de Voorjaarsrapportage en de Kadernota niet zijn gehonoreerd. • Het financiële effect op de algemene uitkering voor 2026 wordt verwerkt in de Najaarsrapportage 2026. • Het financiële effect op de algemene uitkering voor 2027 e.v. wordt verwerkt in de Begroting 2027-2030.

Bijlagen Meicirculaire 2026: D/26/233812

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/736/documents/21618