CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

2021.04.13 Raadsinformatiebrief 'Concept-Afwegingskader vrijgegeven voor schriftelijke reactieronde en vervolg besluitvorming in de raad' M.pdf

Forum Ruimte 1 juni 2021, gemeente OudewaterBij agendapunt: 7.: Ter inzage liggende stukken17.076 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Niet gevonden in dit document.

RAADSINFORMATIEBRIEF

Van college van burgemeester en wethouders Vergadering van 13 april 2021 Kenmerk Z/21/012354 / D/21/015468 Portefeuillehouder Bas Lont Portefeuille Duurzaamheid en milieu, inclusief klimaatadaptatie Opsteller Greven, Hanny Onderwerp Concept-Afwegingskader vrijgegeven voor schriftelijke reactieronde en vervolg besluitvorming in de raad.

Kennisnemen van het vrijgeven voor schriftelijke reactie door het college van het concept-Afwegingskader duurzame energie opwekken in Oudewater en het vervolg van de besluitvorming in de raad.

Inleiding Op 11 maart jl. heeft de raad het geamendeerde raadsvoorstel Bijdrage regionale energiestrategie U16 (D/21/006712) met de grootst mogelijke meerderheid aangenomen. Het concept-Afwegingskader met de bijbehorende stukken is op basis van het geamendeerde raadsvoorstel aangepast en vrijgegeven voor schriftelijke reactie. Met deze raadsinformatiebrief informeert het college uw raad over het concept-Afwegingskader en over de schriftelijke reactieronde voor inwoners en belanghebbenden. Deze schriftelijke reactieronde vindt plaats van 14 april t/m 16 mei 2021. Het concept-Afwegingskader met bijbehorende stukken wordt ter inzage gelegd via de gemeentelijke website. Het concept-Afwegingskader is met de bijbehorende stukken ook ter informatie bij deze raadsinformatiebrief gevoegd. Tevens informeert het college in deze raadsinformatiebrief uw raad over de aanvullende uitgangspunten die de raad bij de definitieve besluitvorming over het Afwegingskader nog zullen worden voorgelegd.

Kernboodschap In de vergadering van 11 maart jl. is aan uw raad het raadsvoorstel Bijdrage regionale energiestrategie U16 (D/21/006712) ter besluitvorming voorgelegd. Hierop is een amendement ingediend door alle fracties (CDA, VVD/D66, De Onafhankelijken, ChristenUnie/SGP en De Wakkere Geelbuik) om de zes aan de raad voorgelegde beslispunten te vervangen door vijf nieuwe beslispunten. Het geamendeerde raadsvoorstel is met de grootst mogelijke meerderheid aangenomen. Het concept-Afwegingskader met de bijbehorende stukken is hierna aangepast en op 13 april 2021 aan het college voorgelegd. Het college heeft met de nieuwe versie ingestemd en heeft het concept-Afwegingskader vrijgegeven voor een schriftelijke reactieronde voor inwoners en belanghebbenden van 14 april t/m 16 mei 2021. Dit conceptAfwegingskader is gebaseerd op de inbreng vanuit de samenleving, de technische analyses, de ruimtelijke visie, het

advies van experts over de lokale zeggenschap en natuurlijk uw besluitvorming tot dit moment. Na de schriftelijke reactieronde zal het college de reacties beantwoorden en deze verwerken in het Afwegingskader. Het Afwegingskader wordt naar verwachting in juli 2021 aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. Naast de al op 11 maart jl. genomen besluiten zal de raad daarbij een aantal besluiten voorgelegd krijgen, die hieronder verder worden toegelicht. Vrijgeven concept-Afwegingskader voor schriftelijke reacties Bijgevoegd vindt u ter informatie de nieuwe versie van het concept-Afwegingskader grootschalige duurzame energie. Inwoners en andere belanghebbenden krijgen van 14 april tot en met 16 mei 2021 de mogelijkheid om hierop schriftelijk te reageren. Dit wordt breed bekend gemaakt via onder meer alle gemeentelijke kanalen en de Nieuwsbrief Duurzame Energie Oudewater. Het college benadert ook actief de inwonerscomités en de landschappelijke organisaties voor een schriftelijke reactie. Tot eind mei 2021 worden alle schriftelijke reacties beantwoord en verwerkt. Tegelijkertijd met de reactieronde wordt nog een formeel advies gevraagd aan GGD, ODRU, VRU en Commissie MooiSticht, en vindt er nog een juridische toets plaats. Besluitpunten raad in maart jl.

In deze raadsinformatiebrief informeert het college de raad tevens over de besluitpunten die het college bij de raadsbehandeling van het Afwegingskader in juni-juli 2021 bij de definitieve besluitvorming nog wil voorleggen. Al besloten in de raadsvergadering op 11 maart jl. zijn de volgende punten: 1. In te stemmen met een bijdrage aan de RES 1.0 om duurzame opwek te realiseren met een capaciteit die overeenkomt met 19 GWh (= 0,019 TWh). 2. De bijdrage voor 2030 voor Gemeente Oudewater in te vullen zoals in de zonneladder, met zon op dak, kleinschalige windmolens en één of meer grondgebonden zonneparken. 3. De bijdrage van Gemeente Oudewater te leveren aan de regio via een gezamenlijke bijdrage met de andere gemeenten van de Lopikerwaard, te weten IJsselstein, Montfoort, Lopik en Woerden. 4. Bij de realisatie van de opgave voor 2030 samen te werken met de andere Lopikerwaard gemeenten, waarbij de bijdrage van Oudewater kan oplopen tot maximaal 28,5 GWh (75% van het verwachte elektriciteitsverbruik) in 2030. 5. Bij zicht op overschrijding van 19 GWh opwek in 2030 doormiddel van grootschalig zon op veld of grootschalige wind dit als nieuw voorstel aan de raad voor te leggen.

Besluitpunten raad in juni/juli 2021 Aanvullend op de reeds genomen besluiten zal het college de raad in juni/juli 2021 nog een aantal uitgangspunten met betrekking tot het Afwegingskader voorleggen ter besluitvorming. Ter informatie hieronder de belangrijkste punten: 1. Afwegingskader & Omgevingswet Het afwegingskader zal worden verankerd in de gemeentelijke omgevingsvisie en het gemeentelijk omgevingsplan. Ook zal het aansluiten bij de Omgevingsagenda Lopikerwaard. 2. Gezondheid Tot 2030 wordt grootschalige windenergie niet toegestaan. Voor eventuele initiatieven na 2030 wordt om gezondheidsredenen een minimale afstand tussen woningen en windturbines voorgesteld, gebaseerd op de WHOgeluidsnorm (>500 meter) i.p.v. het Activiteitenbesluit (>350 meter). Tevens worden initiatiefnemers gestimuleerd om stillere types windturbines te gebruiken. 3. Lopikerwaard Gemeente Oudewater werkt samen met de andere Lopikerwaard gemeenten, te weten Lopik, IJsselstein, Montfoort en Woerden. De Lopikerwaard gemeenten leveren gezamenlijk een bijdrage van 260 GWh (0,26 TWh) bij aan het bod van RES U16. 4. Zoekgebieden Het belang van het landschap en de cultuurhistorische waarde maakt dat Oudewater restrictief wil omgaan met het openstellen van gebieden voor grootschalige windenergie en (drijvende) zonnevelden. Initiatieven worden daarom slechts in een beperkt aantal zoekgebieden toegestaan.

Het alternatief zou zijn om alle zoekgebieden gelijktijdig open te stellen voor initiatieven en te sluiten zodra er voldoende projecten vergund zijn om aan de bijdrage aan de regio te voldoen. Ook de provinciale adviseurs ruimtelijke kwaliteit (PARKs) pleitten in hun in 2020 uitgebrachte advies over energietransitie in het Groene Hart voor het maken van keuzes en clustering, ook over de gemeentegrenzen heen. Zij adviseren om zonnevelden en windturbines daar te plaatsen waar het landschap dat het beste aankan en om het meest kwetsbare en hoogwaardige landschap te ontzien. Dit vraagt om regionale afstemming. Het openstellen van een gebied voor initiatieven kan ingrijpende gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving. Ook

andere opgaven, zoals bodemdaling, de aanwezigheid van weidevogels of bedrijfsopvolging, kunnen effect hebben op de volgorde van openstellen van een zoekgebied. Daarom hanteert gemeente Oudewater een beperkend beleid, dat wil zeggen dat niet alle zoekgebieden tegelijkertijd opengesteld worden voor initiatieven en ook dat daarvoor instemming van de gemeenteraad moet zijn. Voor de zoekgebieden is een vierdeling gemaakt waaraan concrete zoeklocaties worden gekoppeld: 1. Zones waar direct initiatieven gestart kunnen worden die voldoen aan de randvoorwaarden van het Afwegingskader grootschalige duurzame energie (bijv. zon op dak, kleinschalig zonneveld of kleine windturbine); 2. Zones waar meer onderzoek gewenst of noodzakelijk is ten behoeve van de opgave vóór 2030 (bijv. zonnevelden in combinatie met bodemdaling); 3. Zones waar meer onderzoek gewenst of noodzakelijk is ten behoeve van de opgave na 2030; onderzoek uitvoeren voor 2030 (bijv. grootschalige windenergie); 4. Zones die uitgesloten worden als zoekgebied (bijv. Natura 2000). De positie van een aangewezen zone in deze vierdeling kan wijzigen naar aanleiding van bijvoorbeeld nieuwe (technische) inzichten of een gewijzigde behoefte aan de hoeveelheid opwek. Het is aan de raad om daartoe te besluiten. 5. Participatie en zeggenschap Hoewel het laatste voorgestelde beslispunt, is zeggenschap van inwoners belangrijk.

Omwonenden dienen vanaf de initiatieffase betrokken te worden. In gebieden waar meer onderzoek nodig is, dient een gebiedsproces plaats te vinden, voordat initiatieven gerealiseerd kunnen worden. Een initiatief moet bestaan uit een consortium van grondeigenaar, projectontwikkelaar/energiebedrijf en coöperatie of vereniging die 50% eigendom kan realiseren. Vervolgplanning Na beantwoording en verwerking van de schriftelijke reacties volgt naar verwachting half juni 2021 collegebehandeling van het Afwegingskader. Daarna wordt het Afwegingskader in juli 2021 aan de raad voorgelegd ter besluitvorming.

Financiën De kosten voor de participatie worden gedekt uit het budget voor Energietransitie.

Vervolg De vervolgplanning is naar verwachting: • Half april – half mei 2021. Schriftelijke consultatieronde voor inwoners en belanghebbenden. • Half mei – eind mei 2021. Beantwoorden en verwerken reacties. • Half juni 2021. Collegebehandeling van het raadsvoorstel Afwegingskader grootschalige duurzame energie. • Half juli 2021. Raadsbehandeling en raadsbesluit Afwegingskader grootschalige duurzame energie. • September 2021. Raadsbehandeling RES 1.0.

Bijlagen 1. Concept-Afwegingkader grootschalige duurzame energie (D/21/015679) 2. Bijlage: Kaarten Stedin netinfrastructuur voor wind en zon op land – Provincie Utrecht (D/21/015642) 3. Bijlage: Bijlagen Oudewater (D/21/015643) 4. Bijlage: Stappenplan (D/21/015673)

Afwegingskader duurzame energie opwekken in Oudewater Inhoudsopgave Afwegingskader duurzame energie opwekken in Oudewater................................................... 0 Begrippenlijst ................................................................................................................................ 1 1. Naar een Afwegingskader........................................................................................................... 3 1.1. Inleiding ............................................................................................................................. 3 1.2. Toelichting afwegingskader................................................................................................ 3 1.3. Toelichting op het participatietraject .................................................................................. 7 2. Afwegingskader ....................................................................................................................... 11 2.1 Algemene voorwaarden .................................................................................................... 11 2.2 Totstandkoming zones ...................................................................................................... 15 2.3 Voorwaarden per locatie....................................................................................................

16 2.4 Prioritering ........................................................................................................................ 20 3. Participatie .............................................................................................................................. 27 3.1 De totstandkoming van een initiatief ................................................................................. 27 3.2 De verschillende fases van een initiatief ............................................................................. 27 3.3 De betrokkenheid van bewoners ........................................................................................ 28 3.4 Financiële participatie........................................................................................................ 29 4. Bijlagen ................................................................................................................................... 30

Gemeente Oudewater

Begrippenlijst Begrip

Omschrijving

Afwegingskader

Het kader dat de gemeente gebruikt bij de afweging of bepaalde gebieden open worden gesteld voor vergunningsaanvragen voor opwek van duurzame elektriciteit.

Zone

Een gebied dat op basis van ruimtelijk-functionele eigenschappen is gedefinieerd als één, hierbij wordt ook rekening gehouden met schaalgrootte en landschapsstructuren.

RES

Regionale Energie Strategie (RES) ; de gemeente is onderdeel van de RES-regio U16.

Potentie

De hoeveelheid duurzame opwek die in een zone als technisch haalbaar wordt gezien.

Kleinschalig/groots chalig

In de RES wordt een indeling gemaakt in grootschalige en kleinschalige opwek, waarbij voor zonne-energie de grens ligt op een vermogen van 15 kWp. Alleen grootschalige opwek telt mee met het bod dat de RES-regio naar het rijk doet. 1. In dit afwegingskader wordt voor zon op daken de grens van 15 kWp uit de RES gehanteerd. Voor grondgebonden zon geldt dat zonneparken tot 1 hectare worden beschouwd als kleinschalig. 2. Daarnaast wordt er in het afwegingskader een onderscheid gemaakt in grootschalig en kleinschalig wind. Dit gaat over de schaalgrootte: kleinschalige windmolens zijn kleine molens met een maximale ashoogte van 20 m. Grootschalige turbines zijn turbines met een ashoogte groter dan 20 m.

Restricties

Dit zijn beperkingen die gelden voor de ontwikkeling van windturbines of zonnevelden; er is onderscheid te maken in het type beperking; er zijn wettelijke beperkingen rondom veiligheid en milieu (dit gaat bijvoorbeeld over geluidsnormen of veiligheidsafstanden), deze worden restricties genoemd. Daarnaast zijn er toetsingsvlakken: dit betekent dat er beleid geldt dat kan conflicteren met de ontwikkeling van een windturbine of zonneveld. Er moet getoetst worden in hoeverre een ontwikkeling botst met het beleid en er kan gekeken worden of er mogelijkheden zijn om te compenseren of aan te passen zodat een ontwikkeling wel mogelijk is. Zie ook de bijlage restricties.

Toetsingsvlakken

Dit zijn beperkingen die gelden voor de ontwikkeling van windturbines of zonnevelden; er is onderscheid te maken in het type beperking; er zijn wettelijke beperkingen rondom veiligheid en milieu (dit gaat bijvoorbeeld over geluidsnormen of veiligheidsafstanden), deze worden restricties genoemd. Daarnaast zijn er toetsingsvlakken: dit betekent dat er beleid geldt dat kan conflicteren met de ontwikkeling van een windturbine of zonneveld. Er moet getoetst worden in hoeverre een ontwikkeling botst met het beleid en er kan gekeken worden of er mogelijkheden zijn om te compenseren of aan te passen zodat een ontwikkeling wel mogelijk is. Zie ook de bijlage restricties.

Thema’s

Naast de ontwikkeling van hernieuwbare energie spelen er in de gemeente ook andere onderwerpen, zoals bijvoorbeeld bodemdaling, droogte en de stand van de biodiversiteit. Deze onderwerpen worden in het afwegingskader en de bijbehorende bijlagen aangeduid als thema’s. De relevantie van deze thema’s kan verschillen per locatie (zone); bij de realisatie van een grootschalige zonneveld dient gekeken te worden hoe er een koppeling kan worden gemaakt met de thema’s die daar een rol spelen. In de

P1

Gemeente Oudewater

bijlage worden de verschillende thema’s en de zones waar deze een rol spelen in beeld gebracht. Opstelling

Voor zon betreft dit de manier waarop zonnevelden worden opgebouwd: dit kan met panelen in oost-west oriëntatie, of juist zuidoriëntatie. Ook kan de hoogte van de draagconstructie onder de panelen hoger of lager zijn. In het open landschap mag de opstelling niet hoger dan 2,5 m worden en bij voorkeur niet hoger dan 1,5 m, zodat men over de panelen heen kan kijken. Voor wind is de opstelling ook de ordening van de turbines: een solitaire windturbine staat ‘alleen’, een rij-opstelling gaat over minimaal 3 windturbines, en een cluster is een groep windturbines die niet in een rij staan.

Draagkracht

Het oppervlakte aan zonnepark en/of het aantal windturbines dat in een landschap mogelijk is zonder de identiteit van het landschap te veel te verstoren.

P2

Gemeente Oudewater

1. Naar een Afwegingskader 1.1. Inleiding Het klimaat verandert en de effecten daarvan zijn steeds beter te zien. In het landelijke Klimaatakkoord zijn daarom afspraken gemaakt om klimaatverandering tegen te gaan. In dat Klimaatakkoord en de daaruit volgende de Regionale Energiestrategie (RES) staan verplichtingen waaraan gemeenten moeten voldoen. Om in Oudewater invulling aan te geven aan het Klimaatakkoord is het ‘Uitvoeringsplan Energietransitie Oudewater’ vastgesteld. In dit uitvoeringsplan is opgenomen dat gemeente Oudewater in samenspraak met haar inwoners een afwegingskader wil opstellen. Hiermee bepalen we welke uitgangspunten gelden voor de inpassing van duurzame energie opwekking (bijvoorbeeld met zonnevelden en windturbines). We weten dat we duurzame energie moeten gaan opwekken. Dit heeft effect op de leefomgeving en het landschap. Aan de andere kant biedt het ook kansen voor Oudewater, zoals bijvoorbeeld mogelijke opbrengsten uit financiële deelname in projecten. Om samen te bepalen hoe Oudewater kan bijdragen aan de landelijke klimaatopgave, zijn we met inwoners in gesprek over de manier waarop we duurzaam energie gaan opwekken en wat we hierbij belangrijk vinden. Dit wordt vastgesteld in het Afwegingskader duurzame energie opwekken in Oudewater.

Het afwegingskader zal planologisch geborgd worden in de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en in het programma grootschalige duurzame energie.

1.2. Toelichting afwegingskader Wat is een afwegingskader? In het afwegingskader wordt vastgelegd onder welke voorwaarden (grootschalige) duurzame energieprojecten toegestaan worden. Deze voorwaarden kunnen ruimtelijk, technisch of financieel zijn, maar gaan ook over wat Oudewater maatschappelijk acceptabel vindt. Het afwegingskader wordt gebruikt om aanvragen van ontwikkelaars te beoordelen. En het is de belangrijke input voor de bijdrage van Oudewater aan de RES U16. Een afwegingskader maakt het enerzijds makkelijker om te reageren op initiatieven in de gemeente. Anderzijds maakt het kader inzichtelijk welke locaties en types opwek (bv. zon op dak, zonnevelden of windturbines) actief gestimuleerd kunnen worden om invulling te geven aan de opgave van duurzame energie opwekking die in de RES beschreven staat. Tenslotte biedt het afwegingskader een beschrijving van het te doorlopen proces voor het indienen en beoordelen van initiatieven. Hoe is het Afwegingskader tot stand gekomen? Het afwegingskader is opgesteld op basis van: • • • •

Participatie: de opbrengsten van de inloopavonden met bewoners. Een technische analyse: voldoen de plannen bijvoorbeeld aan wettelijke regels en de mogelijkheden van het elektriciteitsnetwerk. De ruimtelijke visie: wat vinden stedenbouwkundigen, landschapsexperts en de adviescommissie MooiSticht. Het advies van experts over lokale zeggenschap: hoe gaan we bijvoorbeeld om met opbrengsten?

P3

Gemeente Oudewater

Uit welke onderdelen bestaat het afwegingskader? Het afwegingskader bestaat enerzijds uit een kaart met daarop gebieden en voorwaarden, en anderzijds uit een prioriteringsoverzicht (voorkeursvolgorde). Beide worden toegelicht in begeleidende teksten of begeleidende onderliggende kaarten. De hoofdkaart is opgedeeld in zones. Op basis van verschillen in het type en schaal van het landschap en verschillen in functie zijn er zones op de kaart gedefinieerd. Voor iedere zone staat beschreven wat de draagkracht is voor de ontwikkelingen van opwek van duurzame elektriciteit door zon of wind. Het prioriteringsoverzicht ordent de verschillende zones in een volgorde met bovenaan de zones waarop als eerste ingezet gaat worden voor de ontwikkeling van duurzame energie. Ruimtelijke visie regio RES-U16 Bij het uitwerken van de ruimtelijke visie is rekening gehouden met de denklijnen voor windenergie en zonne-energie uit het onderzoeksrapport 'Energielandschappen RES U16'.

Denklijnen windenergie Lopikerwaard uit onderzoeksrapport 'Energielandschappen RES U16'. De denklijnen kent één relevante denklijn op het grondgebied van Oudewater. Het conceptAfwegingskader is aangepast voor windenergie, mede naar aanleiding van de regionale denklijnen.

P4

Gemeente Oudewater

Denklijnen zonne-energie Lopikerwaard uit 'Energielandschappen RES U16'. De denklijnen voor zonne-energie van de regio zijn bestudeerd door gemeente Oudewater. In de keuze van zoekgebieden zijn nadere keuzes gemaakt ten aanzien van de mogelijkheden voor zonne-energie. Waarom wordt er gefocust op de opwek door zonnepanelen en windturbines? De focus van het afwegingskader ligt op technieken die op dit moment technisch en financieel haalbaar zijn voor de grootschalige opwek van duurzame elektriciteit. Dit komt overeen met de RES waarin (naast warmte) de focus ligt op het realiseren van grootschalige opwek uit zonne- en windenergie vóór 2030. Op de korte termijn worden de pijlen vooral gericht op technieken die technisch en financieel haalbaar zijn, zoals voorgeschreven in de handreiking Regionale Energie Strategie. Binnen de energietransitie vindt echter veel innovatie plaats, zowel binnen de zonne- en windenergie, als rondom nieuwe technieken. Op het moment dat andere technieken ook technisch en financieel haalbaar worden, kan dit invloed hebben op het afwegingskader. Net als de RES is het afwegingsdocument niet een statisch document, het wordt periodiek aangepast. De bijdrage van gemeente Oudewater aan de RES U16 is 19 GWh, hetgeen gelijk is aan 50% van het eigen elektriciteitsverbruik.

Een belangrijk deel hiervan zal moeten worden opgewekt met behulp van grondgebonden zonnevelden. Om dit aandeel te bepalen wordt de volgorde van de landelijke zonneladder gevolgd, namelijk: eerst zon op dak, daarna langs infrastructuur en daarna op veld.1 Daarbij blijft het ook mogelijk duurzame energie op te wekken door kleine windmolens (van 20 meter). Echter is er geen sprake van volgordelijkheid in de uitvoering, het kan dus voorkomen dat een zonneveld wordt gerealiseerd voordat de opgave voor zon op dak volledig is ingevuld. Gemeente Oudewater heeft in 2020 een inventarisatie laten maken op basis van luchtfoto’s en satellietbeelden van de potentie van zon op dak in de gemeente. Op basis hiervan lijkt 12 hectare

1 Zie ook geamendeerd raadsbesluit ‘Bijdrage regionale energiestrategie U16’ van 11 maart 2021.

P5

Gemeente Oudewater

aan dakoppervlak geschikt voor grootschalige zonnestroominstallaties (meer dan 15 kilowattpiek, zo’n 50 panelen van 300 Wattpiek). In de praktijk zijn er veel knelpunten voor het realiseren van een zonnedak, die niet zichtbaar zijn op luchtfoto’s. Het kan bijvoorbeeld gaan om de kwaliteit van de dakconstructie of gebrek aan netwerkcapaciteit. De gemeente schat daarom in dat op maximaal 30% van deze daken daadwerkelijk een zonnestroominstallatie gerealiseerd kan worden. Daarmee kan naar verwachting 6 GWh opgewekt worden in 2030. Op basis van toegekende subsidies (de landelijke SDE+-regeling) voor zon op dak was hiervan in januari 2021 0,8 GWh gerealiseerd en zat er 0,9-1,2 GWh in de pijplijn (subsidie toegekend, maar installatie nog niet gerealiseerd). De gemeente verwacht daarnaast dat er 20 kleine windmolens gerealiseerd zullen worden in 2030, deze leveren naar verwachting 1 GWh op. Begin 2021 is er 0,08 GWh aan kleine windmolens gerealiseerd. De gemeente verwacht dat er 12 GWh aan zonnevelden nodig is voor de bijdrage van Oudewater aan de RES. Uitgaande van een zuidopstelling met 100% benutting van de grond gaat het om 15 hectare. Het aantal hectare kan anders uitvallen als gekozen wordt voor een andere opstelling of een lagere benutting van de grond voor zonnepanelen.

Het laatste is doorgaans het geval aangezien een deel van de gronden wordt benut voor maatregelen ten behoeve van de landschappelijke en ecologische inpassing, zoals groenstroken en beplanting. Wat wordt er met het afwegingskader gedaan? Het afwegingskader wordt ingezet om af te wegen welke locaties open worden gesteld voor vergunningsprocedures voor zonnevelden of windturbines. De voorwaarden die zijn opgesteld in het afwegingskader moeten aantoonbaar worden gemaakt door de aanvrager van de vergunning. De vergunning is van tijdelijke aard. Bovendien is er een opruimplicht. Voorwaarden Er kan op verschillende locaties meer of minder landschappelijke draagkracht zijn voor inpassing van zon of wind. Soms kunnen voorwaarden voor inrichtingselementen bijdragen in de inpassing. Dit kunnen voorwaarden zijn omtrent verschillende aspecten zoals omvang, ontwerp en opstelling, of combinatie met andere functies. Daarnaast kunnen er voorwaarden gesteld worden op basis van proces of participatie: wie moet er (financieel) betrokken worden voordat er overgegaan wordt tot projectontwikkeling? Naast de voorwaarden die gelden op het niveau van de gemeente, worden er ook vanuit het Rijk of de provincie voorwaarden gesteld. Zie voor een voorbeeld de instructieregel windenergielocatie uit de interim omgevingsverordening van de provincie Utrecht.

P6

Gemeente Oudewater

1.3. Toelichting op het participatietraject Doel participatietraject Zoals gezegd onderzoekt gemeente Oudewater samen met o.a. technische experts, ondernemers en inwoners waar en onder welke voorwaarden het mogelijk is om grootschalig duurzame energie op te wekken. Het participatietraject heeft als voornaamste doel: in kaart brengen van voorkeuren van inwoners van gemeente Oudewater ten aanzien van de opwek van duurzame energie. Mede aan de hand van de uitkomsten van het participatietraject wordt bepaald in welke gebieden bepaalde typen opwek aanvaardbaar zijn en welke gebieden op dit moment worden uitgesloten. De gemeente heeft gepoogd een zo divers mogelijke groep inwoners te spreken. Daardoor kwam een zo groot mogelijke diversiteit aan argumenten, invalshoeken en zienswijzen aan bod in het traject. Het is daarbij geen doel geweest om een statistisch representatieve groep mee te laten praten. Er kunnen dus meer mensen uit een bepaalde groep mee hebben gepraat, dan uit een andere bevolkingsgroep. Alle fases van het participatietraject • • •

• •

Fase 0 (januari t/m februari 2020): sessies met lokale experts/specialisten en interviews met stakeholders. Fase 1 (maart 2020): in gesprek met inwoners over soorten opwek en de keuze tussen clustering en spreiding van duurzame energieopwekking. Fase 2a (september t/m begin oktober 2020): in gesprek met inwoners over het conceptAfwegingskader. In verband met de coronamaatregelen is deze fase een aantal maanden uitgesteld. Fase 2b (december 2020 – februari 2021): terugkoppelen naar inwoners over hun verwerkte input in het afwegingskader. Fase 3 (14 april – juli 2021): bestuurlijke besluitvorming en schriftelijke reacties.

P7

Gemeente Oudewater

Breed gedeelde opvattingen uit fase 0, 1 en 2a Fase 0 Geïnterviewden • Energiecoöperatie Lek en IJsselstroom • Energie Oudewater • Bedrijven Vereniging Ouderwater • Stichting Hugo Kotestein • LTO-Noord, afdeling Zuid-West Utrecht • MooiSticht Belangrijkste geluiden • In het merendeel van de interviews gehoord: • De gemeente is te afwachtend • Beleid is onduidelijk. De gemeente loopt achter het Rijk aan. • Samenwerking met andere gemeenten en Omgevingsvisie ontbreekt. • Communicatie ontbreekt. • De gemeente onderneemt geen concrete actie: uitzetten van subsidies, begrip en bewustwording creëren bij inwoners, faciliteren van ondernemers. • Verschil van mening over beperkingen voor windturbines en zonnevelden in Oudewater door natuurgebieden en cultuurhistorische waarden. Goed dat ze er zijn vs. regelgeving houdt duurzame energieprojecten tegen. • In het merendeel van de interviews gehoord: het behoud van het (open) landschap is belangrijk. Dit argument wordt gebruikt tegen zowel windturbines als zonnevelden. • Vaker gehoord: inwoners Oudewater zijn nog weinig bezig met de energietransitie. Er zijn weinig collectieve initiatieven. Wel zijn er individuele initiatieven voor zonnepanelen op huizen van inwoners en ondernemers. • LTO: Boeren willen agrarische grond niet opgeven voor zonnevelden. • Enkele sturende opmerkingen: • Eerst kijken naar de mogelijkheden van zonnepanelen.

Daarna kleine windmolens en dan pas grotere windturbines. • Opwek zoveel mogelijk in structuur inpassen. De eventuele ontwikkeling van grootschalige wind moet bijvoorbeeld onderdeel zijn van lange (regionale) lijnen. • Grootschalige windprojecten moeten worden afgestemd met regio; deze schaal is zo groot dat het de gemeentegrens overschrijdt. Fase 1 • •

In fase 1 is geen duidelijke voorkeur ontdekt voor het opwekken van duurzame energie door zonnevelden of windturbines. Beide manieren van opwekken ontvingen tijdens de inloopavonden voor- en tegenargumenten. Wel lijkt er een brede overeenstemming te bestaan over de soorten windturbines en zonnepanelen, en over enkele voorwaarden voor het opwekken van duurzame energie. • Met betrekking tot windturbines werd in de eerste fase de optie om door de hele gemeente grote aantallen kleine windmolens (maximale ashoogte 20 m) te spreiden, door een meerderheid van de inwoners afgewezen. Het andere uiterste, een kleiner aantal grote windturbines, werd door een meerderheid gezien als de betere of minder slechte optie (‘als het dan toch moet’). Het voornaamste argument hiervoor was dat veel kleine windmolens zouden zorgen voor “verrommeling van het landschap”. • Ook met betrekking tot zonnepanelen werd de optie van kleinschalig en gespreid door een groot deel afgewezen, en door vrijwel niemand als positief aangemerkt. Voor zonnepanelen ging tijdens de eerste avonden de voorkeur uit naar clustering op een beperkt aantal locaties. Bij voorkeur wordt er voor grootschalig zon één locatie aangewezen.

P8

Gemeente Oudewater

• • •

Een vaak gehoorde opmerking bij zonnevelden: “Benut alle daken maximaal, vooral van bedrijven en industrie, zodat het open landschap behouden blijft en agrarisch grondgebied beschikbaar blijft”. Het open landschap wordt algemeen hooggewaardeerd en moet zoveel mogelijk behouden blijven. ‘Dichtbij’ (lint)bebouwing wil men geen windturbines of zonnepanelen; wat als dichtbij gezien wordt zal nader onderzocht moeten worden. Bij het opwekken van duurzame energie moet worden gekeken hoe er een combinatie gemaakt kan worden met andere opgaven, zoals bijvoorbeeld bodemdaling.

Fase 2a • •

•

•

• •

• •

• • •

Inwoners willen meer inzicht in de totstandkoming van de verschillende zones en bijbehorende voorwaarden. Het is belangrijk dat de gemeente duidelijk communiceert wat de status van het afwegingskader is. Meerdere inwoners maken zich zorgen dat er onverwachts grote projecten gerealiseerd worden. Gedurende het participatietraject hebben tegenstanders van windturbines zich steeds beter georganiseerd en zijn in grote aantallen naar de inloopavonden gekomen. In deze fase is een veel sterker geluid tegen grootschalige windturbines te horen dan tijdens de eerste fase in maart. Aanwezige inwoners zijn vrijwel unaniem tegen de komst van grootschalige (met een ashoogte boven de 20 meter) windturbines. Inwoners staan in deze fase veel positiever tegenover kleinschalige windmolens (20 m ashoogte) op het eigen erf. Waar in fase 1 nog een merendeel van de inwoners tegen de komst van veel kleinschalige windmolens was, zijn inwoners in deze fase positiever over kleinschalige windmolens. Inwoners maken zich zorgen over de gezondheidseffecten van windturbines en vinden dat deze aspecten een duidelijkere plek moeten krijgen in het afwegingskader.

In het afwegingskader moet volgens inwoners meer rekening gehouden worden met: o Slagschaduw van windturbines o Gezondheidseffecten van windturbines o Laagfrequent geluid dat windturbines produceren Inwoners vinden zonnepanelen op daken een maatschappelijk geaccepteerde manier om duurzame energie op te wekken. Als zonnepanelen op daken niet genoeg energie opleveren om te voldoen aan de opgave, willen inwoners zonnepanelen het liefst op plekken waar ze de zonnevelden zo min mogelijk kunnen zien. Inwoners vinden dat er meer rekening gehouden moet worden met het negatieve effect dat zonnevelden hebben op biodiversiteit, weidevogels en natuurgrond. Op het moment dat er een initiatief voor een concreet energieproject ligt, willen inwoners zo vroeg mogelijk betrokken worden. Gesprekken over financiële participatie komen lastiger op gang dan procesparticipatie. Inwoners hebben daarvoor vaak te weinig zicht op de verschillende mogelijkheden voor het participeren in een energieproject en geven daarbij aan dat ze graag meer concrete voorbeelden zouden zien.

Fase 2b •

In deze fase is terugkoppeling gegeven aan inwoners over de totstandkoming van het afwegingskader en de wijze waarop hun input daarin is verwerkt.

P9

Gemeente Oudewater

Alle participatiemomenten op een rij Fase 0

Fase 1

Fase 2a

Fase 2b

Fase 3

Interviews met stakeholders

2 fysieke inloopavonden

2 fysieke inloopavonden

2 digitale avonden

Schriftelijke reacties

Sessies met lokale experts/specialisten

2 digitale avonden

Bestuurlijke besluitvorming

Communicatiemiddelen ingezet om inwoners te benaderen • • • • • • •

Nieuwsbrief op website gemeente Oudewater IJsselbode Digitaal bord in de gemeente Facebook (zowel via de bestaande gemeente-Facebook als betaalde advertenties) Twitter Instagram LinkedIn

P10

Gemeente Oudewater

2. Afwegingskader 2.1 Algemene voorwaarden Het afwegingskader kijkt verder dan de opgave voor het opwekken van duurzame energie in 2030. Het is een kader dat gebruikt kan worden om te kijken op welke plek en onder welke voorwaarden initiatieven gestart kunnen worden. De voorwaarden worden verdeeld in ‘algemene voorwaarden’ en ‘voorwaarden per zone’. De algemene voorwaarden kunnen ruimtelijk, financieel, technisch, prioritair of procesmatig van aard zijn. Hieronder wordt eerst ingegaan op de algemene voorwaarden. Vervolgens wordt de totstandkoming van de zones en de voorwaarden per ‘zone’ toegelicht in respectievelijk paragraaf 2.2 en paragraaf 2.3. Algemene voorwaarden duurzame opwek Ruimtelijk •

• •

• • • • •

De ontwikkeling van een initiatief voor het opwekken van duurzame energie heeft invloed op andere initiatieven in een mogelijke zone. Indien er meerdere initiatieven zijn in dezelfde zone geeft de gemeente de voorkeur aan bundeling van initiatieven in één project. Bij ontwikkeling van een hernieuwbaar energieproject moet de huidige functie worden meegenomen in de afweging. Er moet zoveel als mogelijk een combinatie worden gemaakt met minimaal één ander thema zoals recreatie, natuurontwikkeling, waterbeheer, bodemdaling, landschapsversterking etc. De ruimtelijke kwaliteit van een gebied moet zoveel mogelijk behouden blijven of zelfs versterkt worden. Ontwikkeling van zonnevelden of windturbines mag de kernkwaliteit van een gebied geen onevenredige schade toebrengen. Bij de afweging van een initiatief moet ook rekening worden gehouden met inpassing van extra elementen zoals omvormers of trafohuisjes. Voor kleinschalige ontwikkelingen voor eigen gebruik geldt dat deze algemeen worden toegestaan bij boerenerven en lintbebouwing. Er geldt een monitoringsverplichting voor initiatiefnemers van grootschalige windturbines en van zonnevelden groter dan 10 ha.

Door middel van periodieke verslaglegging dienen initiatiefnemers aan te tonen dat de projecten blijven voldoen aan de gestelde voorwaarden, bijvoorbeeld op het gebied van windturbinegeluid of ten aanzien van de vereiste koppelingen bij een zonnepark met thema’s als bodemdaling of biodiversiteit. Initiatiefnemers van deze projecten voeren daarnaast een nulmeting uit van de betreffende effecten.

Financieel •

Voor ieder initiatief geldt dat een participatieplan moet worden opgesteld en een voorstel voor financiële participatie moet worden ingediend.

Technisch •

Er moet ook rekening worden gehouden met de huidige en toekomstige capaciteit van het elektriciteitsnetwerk. Door zowel op zonne-energie als op kleine windmolens in te zetten wordt de capaciteit van het elektriciteitsnetwerk beter benut. Bovendien biedt een combinatie van wind- en zonne-energie op jaarbasis meer evenwicht in aanbod van en

P11

Gemeente Oudewater

vraag naar elektriciteit. Voor de toekomst kan dit mogelijk ook gaan spelen voor de combinatie van zonnevelden en grootschalige windenergie. Initiatiefnemers in zones waar zowel wind- als zonne-energie mogelijk is dienen aan te tonen dat de ontwikkeling van de ene techniek de ontwikkeling van de andere techniek op dezelfde locatie niet uitsluit. Daarnaast wordt van deze initiatiefnemers verwacht dat zij de mogelijkheden voor een combinatie van wind- en zonne-energie in deze zones onderzoeken. Prioritair •

• •

Zon op (grootschalig) dak wordt gezien als iets waar sterk op moet worden ingezet in Oudewater, conform de zonneladder. Het gaat om al het geschikte dakoppervlak, onafhankelijk van de locatie (in het buitengebied of juist in de stedelijke context). Kleinschalige opwek voor eigen gebruik (zon op dak, windmolens tot 20 meter ashoogte en zonnevelden tot 1 ha) is toegestaan. Zonnevelden hebben de voorkeur boven windturbines.

Procesmatig •

•

•

De planologische toestemming voor de bouw en het gebruik van een zonneveld of een windpark wordt voor bepaalde tijd verleend. Daarmee wordt zeker gesteld dat de activiteiten een tijdelijk karakter hebben. Op basis van het afwegingskader worden bepaalde zones opengesteld voor het indienen van projectvoorstellen. Bij de omgevingsvergunningaanvraag moet door middel van een analyse voor de betreffende locatie worden aangetoond dat aan de voorwaarden wordt voldaan. Zie de Hoofdstuk 3 en de bijlage Stappenplan voor meer informatie over het te doorlopen proces.

Algemene voorwaarden Wind2 Ruimtelijk • • •

•

Er worden twee typen windturbines onderscheiden: kleine windmolens (boerenmolens van circa 15 kW en met een maximale ashoogte van 20 m) en grootschalige windturbines. Bij ontwikkeling van grootschalige turbines moeten deze een grootschalige landschappelijke lijn versterken (in overleg met buurgemeenten). Wanneer verschillende windparken worden gerealiseerd in het open landschap en binnen 10 km afstand van elkaar, bestaat volgens het PlanMER Omgevingsvisie provincie Utrecht het risico van visuele interferentie. Om dit te voorkomen mogen windparken in het open landschap binnen deze afstand van elkaar maximaal 10% afwijken in tiphoogte. Daarnaast vindt er afstemming plaats met buurgemeenten. Voor kleinschalige windmolens geldt dat deze algemeen worden toegestaan bij boerenerven en lintbebouwing. Deze windmolens moeten aan de volgende voorwaarden voldoen: o Maximaal 2 kleine windmolens per perceel o De windmolens moeten zo dicht mogelijk bij of in het bouwblok worden gerealiseerd

2 Opgenomen met het oog op mogelijke ontwikkelingen na 2030 en om in normstelling gelijk op te lopen met de gemeenten in de

Lopikerwaard, te weten Montfoort, Lopik, Woerden en IJsselstein.

P12

Gemeente Oudewater

Technisch: •

Er worden twee typen windturbines onderscheiden: kleine windmolens (boerenmolens van circa 15 kW en met een maximale ashoogte van 20 m) en grootschalige windturbines. • Er gelden restricties voor veiligheid en milieu. Binnen deze restricties mogen er geen windturbines ontwikkeld worden. Deze restricties gaan naast veiligheidsmarges ook over afstanden voor geluidsoverlast en slagschaduw. De restrictie-afstanden zijn afhankelijk van het type turbine. Gemeente Oudewater hanteert een strengere geluidsnorm dan wettelijk is opgelegd. Dit in het kader van geluidshinder door windturbines. In de Bijlage Restricties wordt uitgelegd dat de geluidsnorm voor geluid door windturbines (47 dB (Lden) is vertaald naar een afstand van 300 meter bij losse bebouwing en 500 meter voor woonkernen. Dit is een vuistregel; bij een meer concrete windlocatie moet altijd onderzoek gedaan worden of de norm niet overschreden wordt. Hierin spelen ook andere factoren een rol, zoals de overheersende windrichting. Gemeente Oudewater vergroot deze afstand tot ten minste 500 meter bij bebouwing om zo geluidshinder nog verder te beperken. Dit heeft invloed op de locaties waar in theorie mogelijkheden zijn voor windturbines. Meer informatie hierover is opgenomen in de Bijlage Restricties. • In de Provinciale Omgevingsverordening Utrecht zijn beleidsregels opgenomen voor windenergie.

Er zijn gebieden benoemd waar specifieke bescherming geldt voor natuur, stilte, cultuur of een andere bescherming. Het karakter van deze regelgeving is dat een toets zou moeten uitwijzen of er daadwerkelijk een significant effect is op deze beschermde gebieden. • Voor kleine windmolens met een rotordiameter gelijk aan of groter dan 2 m is het Activiteitenbesluit milieubeheer (en de ministeriële Activiteitenregeling milieubeheer) van toepassing. Financieel •

Initiatiefnemers moeten in ieder geval de gedragscode Wind op Land van brancheorganisaties NWEA onderschrijven en aan de bijbehorende voorwaarden voldoen. Procesmatig • •

Grootschalige windturbines zijn vanaf grote afstand zichtbaar. Grootschalige wind moet daarom altijd bovenlokaal (met buurgemeenten) worden afgestemd. Initiatiefnemers van grootschalige windprojecten publiceren jaarlijks een rapportage over ontvangen klachten en klachtenafhandeling.

Algemene voorwaarden Zon Ruimtelijk • •

•

Er wordt een onderscheid gemaakt in kleinschalige zonnevelden bedoeld voor eigen gebruik (max 1 hectare3) en grootschalige zonnevelden (>1 hectare) Bij het ontwerp van een zonneveld moet rekening worden gehouden met bodembederf, in het bijzonder in zones waar sprake is van bodemdroogte en/of waar de bodemecologie onder druk staat. Ook dient men rekening te houden met de Wet Bodembescherming (in verband met draagconstructies). Voor de maximaal toegestane hoogte van zonnevelden wordt onderscheid gemaakt tussen zuidgeoriënteerde opstellingen en oost-west georiënteerde opstellingen. Dit heeft te

3 Concept PARK-advies RES, geeft aan 2 hectare als kleinschalig. Met aanscherping vanuit veenweide in beweging (gemeente

Woerden) is dit teruggebracht tot 1 hectare wegens het kleinschalige karakter van het landschap.

P13

Gemeente Oudewater

maken met de afweging tussen effecten op de bodemkwaliteit enerzijds en behoud van het zicht over de zonnepanelen anderzijds: 1.

Bij zuidgeoriënteerde opstellingen is het mogelijk om negatieve effecten op de bodem te beperken door voldoende ruimte vrij te houden onder (en tussen) de rijen met panelen. Zeker in gebieden waar sprake is van bodemdroogte en/of waar de bodemecologie onder druk staat verdient dit de voorkeur. Om enige ruimte onder de panelen mogelijk te maken geldt voor zuidgeoriënteerde zonnevelden een maximale hoogte van 2,5 m.

2.

•

•

•

•

Bij een oost-west georiënteerde opstelling is echter altijd sprake van een negatieve invloed op de bodem, ongeacht de hoeveelheid ruimte die vrij blijft onder de panelen. Er komt bij deze paneeloriëntatie immers weinig zonlicht tot de bodem en het regenwater wordt in te hoge mate ongelijkmatig verdeeld. Bij de afweging tussen zichtlijnen en het tegengaan van bodembederf heeft daarom in deze gevallen het behoud van het zicht over de panelen de voorkeur. Om die reden geldt voor oost-west georiënteerde zonnevelden een maximale hoogte van 1,5 m. Voor kleinschalige zonnevelden geldt dat deze algemeen worden toegestaan bij boerenerven en lintbebouwing. Deze zonnevelden moeten aan de volgende voorwaarden voldoen: o Inpassing in het groen en de structuur van het landschap i.v.m open zichtlijnen o Maximaal 2,5 m hoog o Meenemen transformatorhuisjes ed. in inpassingsplan o Panelen zoveel mogelijk in de richting van het landschap o Kleinschalige zonnevelden moeten zo dicht mogelijk bij of in bouwblokken worden gerealiseerd Er moet bij grootschalig zon een combinatie worden gemaakt met minimaal één van de thema’s die in de betreffende zone spelen, zoals recreatie, natuurontwikkeling, waterbeheer, bodemdaling, landschapsversterking etc.

Het inpassen van een zonneveld blijft altijd een locatiespecifieke aangelegenheid; Hierbij moet aandacht besteed worden aan de structuur van het onderliggende landschap en aan de randen van het zonneveld. Afscheidingen kunnen gemaakt worden door wallen, lage begroeiing, sloten of hekwerken. Hierbij geldt dat bij open landschappen de omheining niet boven de 1,5 m uit dient te komen. Beplanting of hekwerken rondom de zonnevelden mogen namelijk niet het open zicht belemmeren. Het is niet toegestaan om sloten te dempen bij de ontwikkeling van een zonneveld. De bestaande kavelstructuur moet in stand blijven.

Technisch: •

• •

In de gemeente gelden naast restricties voor zonnevelden, ook ‘toetsingsvlakken’ . Dit betekent dat er beleid geldt dat kan conflicteren met de ontwikkeling van een zonneveld. Er moet getoetst worden in hoeverre een ontwikkeling botst met het beleid en er kan gekeken worden of er mogelijkheden zijn om te compenseren of aan te passen zodat een ontwikkeling wel mogelijk is. Voor concrete initiatieven dient getoetst te worden of deze niet in strijd zijn met de betreffende waarden die worden beschermd, zoals bijvoorbeeld Unesco Werelderfgoed (cultuurhistorie) of weidevogel gebieden (natuurwaarden). Er mogen geen zonnevelden worden ontwikkeld in Natuurnetwerk Nederland gebieden of Natura 2000 gebieden. De maximaal toegestane hoogte voor zonnevelden in de gemeente is 2,5 m. Zonnevelden tot een hoogte van 1,5 m, hebben echter als voordeel dat men over de panelen heen kan

P14

Gemeente Oudewater

kijken. Wanneer er sprake is van een zonneveld hoger dan 1,5 m dient er onderbouwd te worden waarom dat het geval is en met welk thema er een koppeling plaatsvindt. Financieel •

Initiatiefnemers moeten in ieder geval de gedragscode Zon op Land van brancheorganisatie Holland Solar onderschrijven en aan de bijbehorende voorwaarden voldoen.

Criteria bij nader onderzoek In het afwegingskader worden verschillende zones beschreven. Per zone wordt aangegeven wat de draagkracht is voor grootschalige opwek door zon of wind. Ook binnen iedere zone is er een variëteit in landschap, schaal, richting of functie. Voordat er kan worden overgegaan op verdere stappen richting ontwikkeling zal de gemeente inzichtelijk maken wat de maximale landschappelijke draagkracht is van de potentiële zoekgebieden is voor zonne- en windenergie. Dit wil zeggen dat het maximale aantal hectare zonne-energie en/of het maximale aantal windturbines per zone wordt bepaald. Daarbij wordt rekening gehouden met meerdere landschappelijke criteria (conform het planMER ontwerp provinciale omgevingsvisie Utrecht). Deze lijst is niet uitputtend, maar geeft een beeld van de vervolgvragen die de gemeente gaat uitwerken per zone. • • • • •

In welke mate wordt de leefbaarheid van het landschap beïnvloed? In welke mate wordt de openheid van het gebied beïnvloed? In welke mate wordt de schaal van het landschap beïnvloed? In welke mate worden de zichtlijnen in het landschap beïnvloed? In welke mate blijft het reliëf van het landschap herkenbaar?

Door een grondige landschappelijke analyse uit te voeren op basis van simulaties vanuit meerdere zichtpunten kan er een meer gegrond antwoord op deze vragen komen.

2.2 Totstandkoming zones Ten behoeve van het afwegingskader wordt het grondgebied van gemeente Oudewater ingedeeld in verschillende zones. De algemene voorwaarden van paragraaf 2.1 gelden voor alle zones op de kaart. De zones zijn op basis van een aantal lijnen tot stand gekomen: •

•

•

Allereerst is een zonering tot stand gekomen op basis van de eerste inloopavonden met bewoners. Bewoners is gevraagd om zon of wind als ‘fiches’ op een kaart te verschuiven. Daarbij zijn bewoners gevraagd naar het ‘waarom’ . Waarom zien zij op bepaalde plekken landschappelijke draagkracht? Of waarom juist niet? Vaak leggen bewoners de link tussen een functie: ‘langs het spoor’ of ‘langs het industrieterrein’. Zo is bijvoorbeeld zone H ‘langs het industrieterrein’ en zone F ‘spoorzone’ tot stand gekomen, maar ook het onderscheid bebouwing en open landschap kwam hieruit naar voren. De zoneringen zijn aangescherpt op basis van landschappelijke eigenschappen in overleg met landschapsexperts. Zo hebben de gebieden in het open landschap een verschillende structuur en maatvoering; zone C is een uiterwaardenlandschap en heeft een andere structuur dan zones die een veenweidelandschap beslaan. Ook zijn er verschillen in de verkavelingspatronen sommige historische verkavelingen zijn meer intact. Er is dus meer onderscheid gemaakt tussen de verschillende zones ‘open landschap’. Tevens zijn de zones aangescherpt op basis van de specifieke opgaven of waarden die in het gebied gelden, wederom in gesprek met landschapsexperts en erfgoedexperts. Zo wordt gebied B gekenmerkt door hoge cultuurhistorische waarden, en wordt gebied J gekenmerkt door relatief veel bodemdaling.

P15

Gemeente Oudewater

•

De zones zijn dus tot stand gekomen vanuit functionele, ruimtelijke en landschappelijke aspecten. De zones zijn kortgezegd ingedeeld op basis van functies (bebouwd/agrarisch etc.), schaalgrootte van het landschap (open, besloten) en richting of structuur van het landschap.

De begrenzing van de zones is indicatief. Dit komt door het verschil in het open zicht dat op een specifieke locatie aanwezig is. Voor bebouwingszones geldt de richtlijn dat de bebouwingszones ongeveer 200 meter rondom de fysieke bebouwing gelden. Bij ontwikkelingen op grotere afstand gelegen in het open landschap, moet wel altijd nog getoetst worden wat dit betekent voor het horizonbeeld van omwonenden.

Figuur 1. Indeling zones op kaart.

2.3 Voorwaarden per locatie Per zone wordt aangegeven wat de draagkracht is voor (grootschalige) opwek door zon of wind. Per zone wordt er daarnaast verwezen naar thema’s die (kunnen) raken aan de opwek van duurzame energie. Tien zones Zone A, B, C, D en G, H en J delen het open landschap in. Het onderscheid is gemaakt op basis van verschil in grootte en structuur van de veenweidegebieden. Dit verschil is voornamelijk te zien tussen gebieden ten noorden of ten zuiden van de Hollandsche IJssel. Verder is er een onderscheid gemaakt in de mate van bodemdaling. De zones zijn vaak omkaderd door de lintbebouwing..

P16

Gemeente Oudewater

A. Veenweidegebied met veel bodemdaling • • •

•

Geen wind Grootschalige zonnevelden clusteren, niet versnipperd Zonnevelden inpassen in groen en de structuur van het landschap i.v.m. open zichtlijnen. o Meenemen transformatorhuisjes ed. in inpassingsplan o Panelen zoveel mogelijk in de richting van het landschap Ontwikkeling van grootschalig zon moet gekoppeld worden aan in ieder geval één van de thema’s die hier spelen. Bovendien mogen de waarden van deze thema’s niet onevenredig geschaad worden o Landschappelijke structuren o Lage waarden biodiversiteit o Bodemdaling o Cultuurhistorische waarde

B. Veenweidegebied van hoge cultuurhistorische waarde • • •

•

Geen grootschalig wind Grootschalige zonnevelden in zone B-3 clusteren, niet versnipperd Zonnevelden inpassen in groen en de structuur van het landschap i.v.m. open zichtlijnen. o Meenemen transformatorhuisjes ed. in inpassingsplan o Panelen zoveel mogelijk in de richting van het landschap Ontwikkeling van grootschalig zon wordt alleen toegestaan in zone B-3 en moet gekoppeld worden aan in ieder geval één van de thema’s die hier spelen. Bovendien mogen de waarden van deze thema’s niet onevenredig geschaad worden o Landschappelijke structuren o Lage waarden biodiversiteit o Droogte, o Cultuurhistorische waarde in B4 o Grenszone natuurgebied B4

C. Uiterwaardenlandschap tussen de lintbebouwing • •

Geen grootschalig wind Geen grootschalig zon

D. Veenweidegebied, zuidzijde IJssel • • •

•

Geen grootschalig wind Grootschalige zonnevelden clusteren, niet versnipperd Zonnevelden inpassen in groen en de structuur van het landschap i.v.m. open zichtlijnen. o Meenemen transformatorhuisjes ed. in inpassingsplan o Panelen zoveel mogelijk in de richting van het landschap Ontwikkeling van grootschalig zon moet gekoppeld worden aan in ieder geval één van de thema’s die hier spelen. Bovendien mogen de waarden van deze thema’s niet onevenredig geschaad worden o Landschappelijke structuren o Lage waarden biodiversiteit o Hoge waarden van biodiversiteit behouden o Bodemdaling, o Cultuurhistorische waarde o Aangrenzende natuurzone (D8) o Hoge kansrijkheid archeologische waarden

P17

Gemeente Oudewater

E. Bebouwd gebied • • •

•

Geen wind Geen zonnevelden Zonnepanelen op alle daken o Rekening houden met monumentale daken, zodat stadsgezicht niet wordt aangetast In deze zone zijn elementen van cultuurhistorische waarde aanwezig. Dit heeft invloed op de inpassing van duurzame energie

F. Spoorzone en Hoogspanningslijn • •

•

Geen grootschalig wind Zonnevelden in afstemming met buurgemeenten, en met ontwikkelingen in zone J. Tevens Inpassen in groen en de structuur van het landschap i.v.m. open zichtlijnen o Meenemen transformatorhuisjes ed. in inpassingsplan o Panelen zoveel mogelijk in de richting van het landschap o Voor (kleinschalige) zonneparken langs het spoor geldt geen maximale omvang in ha. In plaats daarvan kan er worden gewerkt met een maximale breedte vanaf het spoor (bv. 25 m breed over een lengteafstand langs de weg van 500 m). In dit geval dienen de initiatiefnemers een landschapsarchitect te betrekken om een maximale breedte te bepalen en te zorgen voor een goede landschappelijke inpassing o Waar mogelijk dient een koppeling te worden gemaakt met geluidsschermen Ontwikkeling van grootschalige zon moet gekoppeld worden aan in ieder geval één van de thema’s die hier spelen. Bovendien moeten de waarden van deze thema’s niet onevenredig geschaad worden o Landschappelijke structuren o Hoge waarden van biodiversiteit behouden o Bodemdaling o Cultuurhistorische waarde o Geluidsoverlast o Aangrenzende natuurzone

G. Grens met Lopik • • •

•

Optioneel zoekgebied voor grote windturbines op landschapslijn langs gemeentegrens. Regionale afstemming is daarbij noodzakelijk. Geen kleinschalige windmolens Zonnevelden inpassen in groen en de structuur van het landschap i.v.m. open zichtlijnen. o Meenemen transformatorhuisjes ed. in inpassingsplan o Panelen zoveel mogelijk in de richting van het landschap Ontwikkeling van grootschalig zon moet gekoppeld worden aan in ieder geval één van de thema’s die hier spelen. Bovendien mogen de waarden van deze thema’s niet onevenredig geschaad worden o Landschappelijke structuren o Hoge waarden van biodiversiteit behouden o Bodemdaling o Aangrenzende natuurzone, rondom Willeskop o Hoge archeologische verwachtingswaarde

P18

Gemeente Oudewater

H. Strook langs industrieterrein Tappersheul • • •

Geen grootschalig wind Zonnevelden inpassen in het groen. Het zoekgebied ligt ten oosten van de recreatieve groenstrook Ontwikkeling van grootschalige zon moet gekoppeld worden aan in ieder geval één van de thema’s die hier spelen. Bovendien mogen de waarden van deze thema’s niet onevenredig geschaad worden o Landschappelijke structuren o Lage waarden van biodiversiteit o Droogte o Geluidsoverlast o Recreatie

I. Lintbebouwing • •

• •

•

•

Geen grootschalig wind Kleinschalige windmolens voor eigen gebruik op boerenerven kunnen ontwikkeld worden mits ze visueel onderdeel zijn van het erfensemble o Maximaal 2 kleine windmolens per perceel o De windmolens moeten zo dicht mogelijk bij of in het bouwblok worden gerealiseerd Geen grootschalig zon Kleinschalige zonnevelden voor ‘eigen gebruik’ mogelijk op bebouwd oppervlak (erf) zolang het visueel onderdeel blijft van erfensemble o Inpassen in groen en de structuur van het landschap i.v.m. open zichtlijnen. o Meenemen transformatorhuisjes ed. in inpassingsplan o Panelen zoveel mogelijk in de richting van het landschap o Kleinschalige zonnevelden moeten zoveel mogelijk in of nabij bouwblokken worden gerealiseerd Kleinschalige bedrijfsterreinen (grondbedrijven, aannemerijen e.d.) langs de linten in het buitengebied kunnen transformeren naar zonnevelden als de bedrijfsgebouwen worden gesaneerd In deze zone zijn elementen van cultuurhistorische waarde aanwezig. Dit heeft invloed op de inpassing van duurzame energie. Zie bijlage voor toetsingsvlak cultuurhistorische waarde.

J. Veenweidegebied met veel bodemdaling, langs spoor • •

Geen grootschalig wind Zonnevelden in afstemming met buurgemeenten en met ontwikkelingen in zone F. Tevens inpassen in groen en de structuur van het landschap i.v.m. open zichtlijnen. o Meenemen transformatorhuisjes ed. in inpassingsplan o Panelen zoveel mogelijk in de richting van het landschap o Voor (kleinschalige) zonneparken langs het spoor geldt geen maximale omvang in ha. In plaats daarvan kan er worden gewerkt maximale breedte vanaf het spoor (bv. 25 m breed over een lengteafstand langs de weg van 500 m). In dit geval dienen de initiatiefnemers een landschapsarchitect te betrekken om een maximale breedte te bepalen en te zorgen voor een goede landschappelijke inpassing

P19

Gemeente Oudewater

•

Ontwikkeling van grootschalig zon moet gekoppeld worden aan in ieder geval één van de thema’s die hier spelen. Bovendien moeten de waarden van deze thema’s niet onevenredig geschaad worden o Landschappelijke structuren o Hoge waarden van biodiversiteit behouden o Bodemdaling o Cultuurhistorische waarde o Geluidsoverlast o Aangrenzende natuurzone

2.4 Prioritering In de beschrijving van de verschillende zones (A-J) wordt niet ingegaan op een voorkeursvolgorde voor gebieden die als eerste zouden moeten worden benut voor de opwek van duurzame energie. Tijdens meerdere sessies met bewoners en experts is het gegaan over de gebieden die als eerste of juist als laatste opgesteld zouden moeten worden voor vergunningverlening van projecten omtrent duurzame opwek. Deze volgorde kan voor zon en wind verschillend zijn. De volgorde toont aan in welke zones als eerste gezocht kan worden naar ontwikkelingen in het kader van de opwek van duurzame elektriciteit. Dit afwegingskader maakt het enerzijds makkelijker om te reageren op initiatieven in de gemeente. Anderzijds kan er gekeken worden welke locaties actief gestimuleerd kunnen worden om invulling te geven aan de opgave duurzame energie opwek die in de RES beschreven staat. De prioritering van voorliggend afwegingskader is gebaseerd op de zonneladder Er is in de prioritering een vierdeling gemaakt: 1. 2. 3. 4.

Zones die worden opengesteld voor vergunningverlening Zones die worden onderzocht ten behoeve van realisatie voor 2030 Zones die worden onderzocht ten behoeve van realisatie 2030-2050 Zones die uitgesloten worden en ook niet onderzocht worden

Deze vier categorieën worden hieronder op kaartmateriaal gepresenteerd:

P20

Gemeente Oudewater

Figuur 2. Voorkeurszones

Figuur 3. Verdiepend onderzoek nodig, realisatie voor 2030.

P21

Gemeente Oudewater

Figuur 4. Verdiepend onderzoek nodig, realisatie tussen 2030 en 2050.

Figuur 5. Zones die zijn uitgesloten als zoekgebied voor hernieuwbare energie.

P22

Gemeente Oudewater

Het meest relevant zijn de zones in categorie 1. Deze zullen immers als eerste worden opgesteld voor eventuele ontwikkelingen (met inachtneming van de gestelde voorwaarden). De indeling van de zones in één van de vier categorieën kan gedurende de tijd veranderen. Zo kunnen zones die in eerste instantie nog niet worden opgesteld voor ontwikkelingen in verloop van tijd toch ook in de eerste categorie met hoogste prioriteit komen: •

•

Het kan zijn dat de benodigde hoeveelheid opwek groter of kleiner wordt. Dit kan van invloed zijn op de inzet die nodig is van de gemeente. Sommige zones kunnen hierdoor in een latere fase toch worden opengesteld voor vergunningsverlening, met inachtneming van de gestelde voorwaarden en zolang de hoeveelheid past binnen de door de raad vastgestelde opgave. De totale hoeveelheid opwek door middel van grootschalige zonnevelden en/of grootschalige windenergie kan enkel groter worden wanneer de raad daarmee instemt. Het kan zijn dat nieuw onderzoek nieuwe inzichten geeft. Naar aanleiding van dergelijk onderzoek kan een zone een andere positie op het kader krijgen.

De hoofdbevindingen van de voorkeursvolgorde komen uit de punten die zijn opgehaald tijdens de inloopavonden met bewoners en de verdiepende sessies met ruimtelijke experts vanuit de gemeente (Zie paragraaf 1.3). In sommige gevallen sluiten de bevindingen tijdens de bewonersavonden niet volledig aan met de bevindingen op ruimtelijk gebied. Het belang van het landschap en de cultuurhistorische waarde van de gemeente Oudewater maakt dat de gemeente restrictief wil omgegaan met het openstellen van gebieden voor grootschalige energieprojecten. Dat betekent dat initiatieven in eerste instantie slechts in een beperkt aantal zoekgebieden mogelijk zijn. Pas wanneer de opgave niet haalbaar blijkt in deze zoekgebieden wordt een volgend zoekgebied opengesteld. Het alternatief zou zijn om te kiezen voor een meer evenredige verdeling van de opgave over de verschillende zoekgebieden van Oudewater door de zoekgebieden gelijktijdig open te stellen voor initiatieven en te sluiten zodra er voldoende projecten vergund zijn om in de bijdrage aan de regio te voldoen. De gemeente vind deze laatste optie onwenselijk vanuit het oogpunt van ruimtelijke kwaliteit. Er zijn ook specifieke zones waarin de bevindingen tijdens de bewonersavonden niet volledig aansluiten bij de bevindingen op ruimtelijk gebied, dit speelt in de te onderzoeken zones ten behoeve van realisatie voor 2030.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/392/documents/11905