260604-06.2 Bijlage 2 - Gebiedsprogramma Veenkoloniën
Tekst van het document
Gebiedsprogramma Veenkoloniën Een toekomstbestendige landbouw in een waardevol Veenkoloniaal landschap
Voorwoord In juli 2024 heeft Innovatie Veenkoloniën het gebiedsplan aangeboden
Met het tekenen van de intentieverklaring
Het Gebiedsprogramma en de intentieverklaring
aan de partners van Agenda voor de Veenkoloniën. Een plan met daarin
op 23 januari 2026 onderschrijven wij het
sluiten aan bij nationale en Europese verplichtingen
belang van een gebiedsgerichte aanpak
zoals de aanpak Ruimte voor Landbouw en Natuur
die aansluit bij de landbouwpraktijk en
(RLN) (het voormalige NPLG), Kaderrichtlijn Water
de regionale opgaven, een aanpak en activiteiten om de gestelde doelen te gaan halen. Niets voor niets is het plan “Een haalbare kaart
de sociaaleconomische situatie van de
(KRW), Nitraatrichtlijn, Deltaplan Zoetwater en
genoemd”. In vervolg op het gebiedsplan hebben de partners van
Veenkoloniën. Wij willen bijdragen aan een
regionale en provinciale plannen.
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën de handen
toekomstbestendig landbouwsysteem dat
ineengeslagen. Samen is een Gebiedsprogramma opgesteld waarmee de komende 5 jaar flinke stappen worden gezet in de Veenkoloniën naar een toekomstbestendige landbouw in een waardevol Veenkoloniaal landschap. Het programma is opgebouwd uit drie programmalijnen:
ecologische duurzaamheid en economische
Het Gebiedsprogramma biedt kansen voor
vitaliteit combineert. Samen gaan we de
versterking van biodiversiteit, verbetering van
uitdaging aan.
waterkwaliteit en een duurzaam verdienmodel voor de landbouw.
Met deze intentieverklaring spreken de ondertekenende partijen – gemeenten,
De samenwerking tussen overheden,
provincies, waterschappen, ketenpartijen,
vertegenwoordigd in Agenda voor de
agrarische collectieven, advies- en
Veenkoloniën, en ketenpartijen, agrarische
kennisinstellingen – hun gezamenlijke inzet
collectieven, advies- en kennisinstellingen,
uit om een nadere uitwerking en uitvoering te
vertegenwoordigd in Stichting Innovatie
geven aan het Gebiedsprogramma. De verklaring
Veenkoloniën versterkt de uitvoeringskracht.
vormt de basis voor samenwerking, afstemming
Toekomstig Bouwplan
Doelsturing en Monitoring
Landelijk Gebied
Het document bevat per programmalijn
in de vorm van publiek private
alle voorgestelde projecten die zullen
samenwerking om uitvoering te geven
bijdragen aan de gebiedsopgaven en
aan het Gebiedsprogramma.
doelstellingen voor de Veenkoloniën.
2
en gezamenlijke verantwoordelijkheid in de
Gert-Jan Schuinder,
uitvoering van de onderliggende projecten,
voorzitter Agenda voor de Veenkoloniën
volgens de programmalijnen toekomstbestendig bouwplan, doelsturing en monitoring
Marleen de Rond,
en landelijk gebied.
voorzitter Stichting Innovatie Veenkoloniën
De Agenda voor de Veenkoloniën is een samenwerkingsverband van de provincies Groningen
Alle projectvoorstellen worden in
Het programma is een levend document
en Drenthe, de gemeenten Aa en Hunze, Borger-Odoorn, Coevorden, Emmen, Midden-
dit document beknopt toegelicht.
want de transitie in de Veenkoloniën naar
Groningen, Oldambt, Pekela, Stadskanaal, Westerwolde en de waterschappen Hunze
Overkoepelend wordt er een
toekomstbestendigheid is geen statisch
en Aa’s en Vechtstromen
communicatieproject voorgesteld om
proces. Belangrijk onderdeel van het
te waarborgen dat van alle projecten
programma is het gezamenlijk monitoren
Innovatie Veenkoloniën is een unieke samenwerking van Avebe, Cosun en Agrifirm,
resultaten worden gecommuniceerd
van de voortgang, resultaten te
Hilbrandslaboratorium, Delphy, Wageningen Research, LTO-Noord, Rabobank, AAFF, DC Terra,
gedeeld, en benut. Ook werken we aan
evalueren en waar nodig het programma
Agrarische Natuurvereniging Oost Groningen en Agrarische Natuur Drenthe
de opzet van een heldere governance
vervolgens bij te stellen.
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
3
Inhoudsopgave
4
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
6
Programmalijnen Gebiedsprogramma
9
Projecten per programmalijn
10
Programmalijn Toekomstbestendig bouwplan
12
Onderzoeksproject Boerderij van de Toekomst
13
Project Bouwplan van Morgen!
14
Programmalijn Doelsturing & Monitoring
16
Project Nmin metingen
17
Koplopergroep Plantgezondheid
18
Gebiedsproject normoverschrijdingen
19
BiodiversiteitsMonitor
20
Gebiedsmonitoringsplan (dashboard)
21
Programmalijn Landelijk gebied
22
Water en bodem sturend
23
Groenblauwe diensten en dooradering
26
Versterking agrarisch natuur- en landschapsbeheer
27
Communicatieproject Stappen in transitie
28
Governance
29
Financiering
30
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
5
In de afgelopen periode heeft Innovatie Veenkoloniën het gebiedsplan nader uitgewerkt in een
De Veenkoloniën
Gebiedsprogramma. Het Gebiedsprogramma bevat
In het oosten van de provincies Groningen
de overkoepelende strategie en concrete voorstellen
en Drenthe, tussen de Hondsrug in het westen
voor de Veenkoloniën om te werken en te gaan voldoen
en het Bargerveen in het zuiden, liggen de
aan de regionale opgaven. In het programma wordt
Veenkoloniën. Het gebied heeft karakteristieke
fundamenteel onderzoek gecombineerd met een
lintdorpen, kanalen, vaarten en wijken, die
vertaalslag naar de praktijk en daadwerkelijke uitvoering.
herinneren aan de ontstaansgeschiedenis. Met haar strakke lijnen, fijnmazige watersysteem
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
Het Gebiedsprogramma bouwt voort op het
en rechthoekige kavelstructuur is dit gebied
gebiedsplan en is een uitwerking van hoe de partners
uitermate geschikt voor land- en tuinbouw.
in de Veenkoloniën gaan werken aan het bereiken van
Het Gebiedsprogramma richt zich op het
de doelen. Het Gebiedsprogramma is eveneens een
gebied de Veenkoloniën, inclusief bedrijven
bekrachtiging en concretisering van de samenwerking
buiten de gebiedsgrenzen met een
tussen Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de
Veenkoloniaal bouwplan.
Veenkoloniën. Conform het gebiedsplan gaat het daarbij om de thema’s grond- en oppervlaktewaterkwaliteit, stikstof, klimaat, waterkwantiteit, biodiversiteit, landschap en het verdienvermogen van de primaire sector en bijbehorende ketens. De scope van het Gebiedsprogramma is (net als het gebiedsplan) de regio Veenkoloniën en de landbouw buiten deze regio met een Veenkoloniaal bouwplan.
Overzicht regionale opgaven Grond en oppervlaktewaterkwaliteit In juli 2024 heeft Innovatie Veenkoloniën het gebiedsplan voor de Veenkoloniën “Een haalbare kaart” gepresenteerd. Een plan met daarin de doelen van de programma’s Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG), Toekomstgericht Landelijk Gebied Drenthe (TPLD) en Transitie Landelijk Gebied Groningen (TLG) vertaald naar een aanpak en mogelijke maatregelen om de gestelde doelen te behalen. De conclusie van het gebiedsplan is dat het een haalbare opgave is voor de Veenkoloniën om de doelen te halen. Het gaat daarbij om de doelen op het gebied van grondwaterkwaliteit,
Het klimaat verandert met nadelige gevolgen voor de hele samenleving ook voor de landbouw. Veel agrarische ondernemers zijn bezig met duurzamer
De doelen voor grond en oppervlaktewaterkwaliteit
en klimaatbewust produceren. Zo heeft de sector
zijn vastgelegd en/of volgen uit de Kaderrichtlijn
als geheel de broeikasgas-uitstoot de afgelopen
Water, de Nitraatrichtlijn, de Richtlijn prioritaire stoffen
decennia al fors verminderd: de totale emissie
en de Grondwaterrichtlijn. Een goede ecologische als
van de landbouwsector daalde in de periode 1990
ook chemische toestand hangen in de Veenkoloniën
tot 2014 met 20%.
in veel gevallen samen met landbouwactiviteiten.
Waterkwantiteit
Groenblauwe diensten en dooradering
De aanvoer van gebiedsvreemd water is in droge
In de Veenkoloniën is relatief veel groenblauwe
perioden cruciaal voor de landbouw in een groot
dooradering aanwezig en er zijn kansen om middels
deel van het gebied. De historie van het gebied,
groenblauwe diensten de meerwaarde voor natuur
de veenafgravingen, hebben geresulteerd in een
en landschap te verhogen.
fijnmazige blauwe dooradering van het gebied met kanalen, vaarten en wijken. Hierdoor is de
Bouwplan en verdienvermogen
waterhuishouding in het gebied goed te sturen en is
De wereld is sterk aan het veranderen en de
het gebied heel goed ingericht voor de landbouw.
landbouw in de Veenkoloniën verandert mee. Met het Gebiedsprogramma werken we aan een
oppervlaktewaterkwaliteit, klimaat, stikstof,
Stikstof
waterbeschikbaarheid, verdienvermogen en
In Nederland wordt relatief veel stikstof uitgestoten.
wordt op de uitdagingen van de toekomst mét een
In de veehouderij en akkerbouw in Nederland gaat
economisch perspectief voor de agrarische sector.
het hierbij specifiek om de ammoniakemissie naar
Een gezonde bodem, gezonde regio met een gezond
de lucht die vrijkomt in de stal, uit de mestopslag
bouwplan en bijpassend verdienvermogen voor
en bij mestaanwending.
de agrarische sector.
groenblauwe diensten en dooradering. De doelen zijn hiermee ook realistisch.
6
Klimaat
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
toekomstbestendige regio waarbij actief ingespeeld
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
7
Programmalijnen Gebiedsprogramma De partners binnen Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën hebben gezamenlijk het gebiedsplan nader uitgewerkt in een Gebiedsprogramma met drie programmalijnen. Elke programmalijn richt zich op een deelaspect van de opgaven uit het gebiedsplan. De programmalijnen zijn onderling verbonden en dragen bij aan de hoofddoelen van het programma. Het gaat om de volgende programmalijnen:
Toekomstig Bouwplan
Doelsturing en Monitoring
Landelijk Gebied
In het Toekomstbestendig bouwplan
(in samenhang met de landelijke
wordt vooral gekeken naar concrete
ontwikkelingen). De programmalijn
projecten en experimenten die agrariërs
Landelijk Gebied richt zich op projecten
verder helpen in het toekomstbestendig
en experimenten in die impact hebben
maken van hun bouwplan en
op het landelijk gebied in zijn geheel.
bedrijfsvoering. De programmalijn
Samen vormen de programmalijnen
Doelsturing en Monitoring betreft
een totaal programma waarmee
projecten die doelsturing en monitoring
in het gebied stappen worden gezet
vormgeven. Het is daarbij essentieel
naar een toekomstbestendig bouwplan
om te monitoren of de doelen voor
met een duurzaam verdienvermogen
het gebied de komende jaren worden
in een regio die voldoet aan de doelen
gehaald. Dit maakt het mogelijk om
die voor het gebied zijn gesteld. We zijn
bij te sturen indien nodig. Tevens is
samen bereid om stappen te zetten
het voor het bereiken van de regionale
en dat maakt de opgaven voor het
opgaven van belang om doelsturing
gebied een haalbare kaart.
vanuit de Veenkoloniën vorm te geven
8
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
9
Projecten per programmalijn
Binnen elke programmalijn zijn door de partners aangesloten bij Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën concrete projecten geformuleerd. Dit zijn specifieke initiatieven of acties die bijdragen aan de doelen van de programmalijn. Onderdeel van de projecten is het opzetten van een goede gebiedsmonitoring. De gebiedsmonitoring maakt het mogelijk om als overheden en gebiedspartijen jaarlijks de resultaten uit projecten en de voortgang van doelbereik van de regionale opgaven te evalueren en zo nodig projecten bij te sturen en indien nodig nieuwe acties te formuleren. Gebiedsmonitoring is hiermee essentieel om het bereiken van de regionale opgaven te borgen.
10
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
11
Om de resultaten van Boerderij van de Toekomst en de (deel) projecten van Bouwplan van Morgen! goed te laten landen op het boerenerf worden studiegroepen ingezet. In deze groepen worden agrariërs geholpen met de keuzes die ze moeten maken, door inzicht te bieden via monitoring, praktische handleidingen, demonstratiepercelen en workshops. Zo krijgen boeren de handvatten om verschillende scenario’s af te wegen en deze concreet toe te passen op hun eigen bedrijf. Doelstelling is om met ondernemers in het gebied te sparren over het doorvoeren van nieuwe inzichten uit onder andere Boerderij van de Toekomst en Bouwplan van Morgen! Het gaat daarbij mede om mogelijke aanpassingen in de bedrijfsvoering van agrarische ondernemers die bijdragen aan verduurzaming en verdienvermogen. Ervaring wordt verkregen uit een lopend project Boerenperspectief. Hierin wordt veel gesproken over de toekomst en zijn de agrarische ondernemers belangrijke sparringspartners. Bestaande structuren en communicatiekanalen van de
Programmalijn
Toekomstbestendig bouwplan
gebiedspartijen worden benut voor de communicatie.
Onderzoeksproject Boerderij van de Toekomst Boerderij van de Toekomst is een onderzoeksen experimenteerproject dat gericht is op een toekomstgericht bedrijfssysteem voor de Veenkoloniën. Op het proefbedrijf in Valthermond worden diverse
De uitwerking van de programmalijn Toekomstbestendig
innovaties samengebracht waardoor een belangrijke
bouwplan bestaat uit twee belangrijke hoofdonderdelen,
bijdrage wordt geleverd aan de transitie naar een
namelijk het projectvoorstel Boerderij van de Toekomst en het projectvoorstel Bouwplan van Morgen!. Boerderij van de Toekomst en Bouwplan van Morgen! zijn
duurzame, toekomstbestendige landbouw in de Veenkoloniën. Doel van het project is om inzichtelijk te maken welke kansen en bedreigingen het extensiveren van het bouwplan en het toepassen van
gericht op het experimenteren, het voeren van het
perceelmaatregelen, met oog voor biodiversiteit, klimaat
gesprek, demonstreren en implementeren van nieuwe
en bodemleven, hebben in een Veenkoloniaal bouwplan.
inzichten (vertaling naar de praktijk). Beide onderdelen zijn onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Boerderij van de Toekomst is daarbij het onderzoeksproject en Bouwplan van Morgen! is gericht op de verduurzaming van het bouwplan in de hele nabije toekomst. De projectcoördinatoren van Boerderij van de Toekomst (WUR) en Bouwplan van Morgen! (HLB) hebben hierbij een belangrijke verbindende rol. Tot slot is een communicatieproject een sleutelfactor om de opgedane kennis uit deze projecten naar de praktijk te brengen
De volgende thema’s worden binnen Boerderij van de Toekomst opgepakt: 1.1
Toekomstscenario’s en Integrated Crop Management (ICM)
1.2 Monitoring ICM en KPI’s 1.3 Monitoring 3 klimaatadaptieve watersystemen 1.4 Waterzuivering oppervlaktewater met helofytenfilter op perceelsniveau 1.5 Ecologische inrichtingsmaatregelen 1.6 Experimenteren met innovaties (voucherprojecten) 1.7 Experimenteren met nieuwe gewassen
en de verbinding te houden met de landelijke overheid
Projectcoördinatie van Boerderij van de Toekomst ligt bij
en initiateven in andere regio’s.
Wageningen UR. De insteek is om maximaal in te zetten om de verschillende stakeholders in de Veenkoloniën bij de opzet, het onderzoek zelf en de resultaten te betrekken. Op die manier vervult het project Boerderij van de Toekomst de kennisbasis en inspiratiebron voor het Gebiedsprogramma.
12
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
13
Beoogde projectresultaten
De volgende thema’s worden binnen Bouwplan van Morgen! opgepakt:
Het ontwikkelen en experimenteren met agro-
2.1
Veldproeven duurzame rassen
ecologische principes, kringloop-landbouw en
2.2
Veldproeven rassen bemesting
geavanceerde technologieën om uitdagingen
2.2.1 Ruw materiaal, bokasi en compost als bemesting
zoals plantgezondheid, stikstofreductie,
2.3
biodiversiteitsverlies, klimaatadaptatie en
2.3.1 Opbrengstpotentieel NV-gebieden
waterbeheer aan te pakken. De beoogde
2.3.2 Irrigatieproeven gewassen
resultaten zijn gericht op innovaties,
2.3.3 Onderzoek teelt consumptieaardappelen
kennisuitwisseling en inzichten inzake
2.3.4 Toepassing drones voor spuiten en zaaien
systeemsprongen in de landbouw.
2.3.5 Organische stof in het bouwplan 2.4
Praktijkproeven voor optimalisatie van de teelt
Gewasrotatie in het bouwplan
De looptijd van het project is 5 jaar, waarbij
2.4.1 1e Exloërmond
jaarlijks ruimte is om inhoudelijk bij te sturen
2.4.2 2e Exloërmond
op basis van de recente inzichten.
2.4.3 Wijster 2.5
Project Bouwplan van Morgen!
ANLb als onderdeel van het bouwplan
2.6
Businesscases verdienvermogen
2.7
Onderwijs
De agrariërs in de Veenkoloniën moeten veel keuzes maken om de juiste stappen te zetten naar een
Onderdelen 2.1 en 2.2 worden getrokken door de
toekomstbestendig Veenkoloniaal bouwplan, met een
coöperaties Agrifirm, Avebe en Cosun. Onderdelen 2.3
duurzaam verdienvermogen. De partijen binnen Innovatie
inzake praktijkproeven voor optimalisatie van de teelt
Veenkoloniën en de Agenda voor de Veenkoloniën willen de
door Delphy, onderdelen 2.4 door HLB, onderdeel 2.5
agrariërs graag ondersteunen, met kennis en vaardigheden
door AND en ANOG, onderdeel 2.6 door Rabobank en
bij het maken van de juiste keuzes. Daarom is het project
AAFF en onderdeel 2.7 is een samenwerking tussen DC
Bouwplan van Morgen opgezet. In het project Boerderij
Terra en de proefboerderij van de WUR.
van de Toekomst kijken we ver vooruit, in het Bouwplan van Morgen kijken we naar kansen en mogelijkheden, die agrariërs morgen kunnen toepassen. De projecten in het Bouwplan van Morgen richten zich op duurzame
Beoogde resultaten
teeltpraktijken zoals behoud van bodemgezondheid,
Praktische inzichten en cijfermatige
reductie van chemische input en efficiënt gebruik van water
onderbouwingen van aanpassingen in het
en nutriënten. Daarmee wordt de bodemvruchtbaarheid op
bouwplan van telers. Het gaat daarbij om
lange termijn gewaarborgd en blijft de landbouwproductie
inzichten inzake nieuwe rassen via de coöperaties,
rendabel en ecologisch verantwoord.
irrigatie, teelt van nieuwe gewassen, drones, organisatie stof, bouwplanrotatie, ANLb en het
Daarnaast verhoogt het project de weerbaarheid
verdienvermogen. Beoogd is om zoveel mogelijk
tegen klimaatverandering door inzet van droogte-
agrarische ondernemers in de Veenkoloniën te
en ziekteresistente rassen, slim waterbeheer en
informeren over de uitkomsten en om met hun
bescherming tegen extreme weersomstandigheden.
in gesprek te gaan en daarbij ook nadrukkelijk
Flexibiliteit en diversificatie maken het mogelijk
het onderwijs te betrekken. Daarbij maken we
dat boeren hun bouwplan aanpassen aan
gebruik van bestaande overlegstructuren en
marktontwikkelingen en veranderende
communicatiekanalen van de gebiedspartners in
teeltomstandigheden, bijvoorbeeld door gewasrotaties
de Veenkoloniën.
aan te passen of door nieuwe gewassen op te nemen. De looptijd van Bouwplan van Morgen! is 5 jaar. Verder bevordert het project een circulaire en resource-
Ieder jaar wordt het project doorgesproken en
efficiënte aanpak, waarbij reststromen worden benut
kan indien gewenst worden bijgestuurd richting
en water- en energiegebruik worden geminimaliseerd.
nieuwe prioriteiten.
Ook levert het project maatschappelijke meerwaarde door bij te dragen aan lokale voedselvoorziening, werkgelegenheid, onderwijs en een veerkrachtige landbouwsector. Zo helpt het project boeren niet alleen vandaag, maar maakt het hun bouwplan ook duurzaam, flexibel en robuust voor de toekomst.
14
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
15
Project Nmin metingen Dit project is een initiatief in het kader van de Sectoraanpak Nitraat van BO Akkerbouw en sluit aan bij het (concept) 8e Actieprogramma Nitraatrichtlijn van het ministerie van LVVN. Het project is gericht op het vormgeven van doelsturing op het gebied van grondwaterkwaliteit. We willen (waar mogelijk) starten in 2025 met meten om een driejarig gemiddelde op te bouwen. Er is er nog wel behoefte aan duidelijkheid van het ministerie van LVVN op een aantal vlakken (zo is op dit moment (najaar 2025) nog niet bekend wat de N-gebruiksnormen per gewas en grondsoort gaat worden en is niet duidelijk hoe de NV-gebieden eruit komen te zien). Aan de beide provincies (Drenthe en Groningen) is een financiële bijdrage gevraagd voor in ieder geval het eerste jaar. Het tweede en derde jaar zouden (in principe) gefinancierd worden vanuit LVVN, maar gezien de nog gaande formatie van een nieuw kabinet is dit nog onzeker. Achtergrond is dat partijen in de Veenkoloniën actief aan de slag willen met het beperken van nitraatuitspoeling naar het bovenste grondwater. Het doel daarbij is om onder de Europese norm van 50 milligram nitraat per liter in het bovenste grondwater te blijven. Een belangrijke pijler hierin is het meten van minerale stikstof (Nmin) in de bodem na de oogst, in het najaar.
Het project sluit aan op de Sectoraanpak Nitraat van BO Akkerbouw, het Nederlandse 8e Actieprogramma Nitraatrichtlijn en de BiodiversiteitsMonitor Akkerbouw.
Programmalijn
Doelsturing & Monitoring
Voor het inschatten van het risico op normoverschrijding in het bovenste grondwater is een Nmineraal-analyse op een diepte van 0–90 centimeter een goede indicator1. Een bemonstering in het najaar geeft inzicht in de kans op nitraatuitspoeling. Tegelijk laten de resultaten meer zien over het teeltmanagement: denk aan de bemestingshoeveelheid, het type meststoffen en het moment van toediening. Met dit inzicht kan de teler zijn
De programmalijn Doelsturing & monitoring
teeltstrategie verder verbeteren. Met gerichte acties kan
bestaat uit het vormgeven van Nmin
de teler namelijk werken aan de verdere verbetering
metingen gericht op het verbeteren van de grondwaterkwaliteit, de kopgroep gewasbescherming, het gebiedsproject
van de grondwaterkwaliteit en zorgen we samen dat we onder de 50 milligram per liter nitraat in het bovenste grondwater komen.
normoverschrijdingen, pilots in akkerbouw en
De akkerbouwsector heeft een belangrijke rol als
melkveehouderij met de BiodiversiteitsMonitor
het gaat om het vormgeven van Nmin metingen en
in Drenthe en Groningen en een gebiedsmonitoringsplan (dashboard).
verankering daarvan in het landelijke mestbeleid. Voor de regio Veenkoloniën heeft Royal Avebe een centrale functie als het gaat om het vormgeven van pilots met Nmin metingen.
1 Zie het rapport Bedrijfsspecifieke doelsturing op verliezen van stikstof en broeikasgassen: doelen, middelen en borging, Wageningen UR, 2025.
16
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
17
Gebiedsproject normoverschrijdingen oppervlaktewater
Het project bestaat uit drie onderdelen:
Dit projectvoorstel is een aanpak om gericht aan de
Snellere terugkoppeling van monitoringsresultaten
slag te gaan met de gewasbeschermingsmiddelen
Maatregel 2:
(en daarin actieve stoffen) die kunnen zorgen voor
Training van toeleveranciers en teeltadviseurs
normoverschrijdingen. Het project maakt gebruik
Maatregel 3:
van de bestaande metingen van de waterschappen
Gebiedsgerichte aanpak tegengaan
Hunze & Aa’s en Vechtstromen. De aanpak is
normoverschrijdingen
Maatregel 1:
om met behulp van experts van het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW) gericht te kijken hoe
De stap van het betere inzicht naar maatregelen
bepaalde normoverschrijdingen zijn veroorzaakt en
om normoverschrijdingen tegen te gaan en te
hierover in gesprek te gaan met studiegroepen, de
voorkomen wordt gezamenlijk gezet in de studiegroep
koplopergroep plantgezondheid (zie paragraaf 3.2.4.)
met de agrariërs en adviseurs die actief zijn in het
en separaat met de waterschappen. Het plan daarbij is
desbetreffende gebied. Elke groep maakt een
om meer inzichtelijk te krijgen welke teeltactiviteiten
emissiereductieplan met daarin de maatregelen die
bijdragen aan de normoverschrijdingen en wat
worden getroffen om naar de 0-normoverschrijdingen
hiertegen gedaan kan worden. Te denken valt
toe te werken.
bijvoorbeeld aan minder of ander gebruik van middelen (werkzame stoffen), het reduceren van
De communicatieactiviteiten zijn gericht op het
emissies, mitigerende maatregelen zoals akkerranden
blijvend activeren van de deelnemers maar ook op het
of wijzigingen in de teeltwijzen.
organiseren van mediamomenten en op het breder beschikbaar maken van projectresultaten dan voor enkel
Achtergrond is dat in 2027 alle waterlichamen die onder
de projectdeelnemers. Zie ook het hoofdstuk inzake het
de Kaderrichtlijn Water (KRW) vallen, moeten voldoen
communicatieproject ‘Stappen in transitie’.
aan een goede chemische en ecologische toestand. De privacy van gegevens blijft gewaarborgd, maar we willen
Monitoringsgegevens van waterschappen geven echter
de koplopergroep benutten om beter te begrijpen waarom
aan dat er nog normoverschrijdingen zijn door gebruik
Beoogde resultaten
In jaar 1 is beoogd ervaring op te doen met
bepaalde normoverschrijdingen ontstaan en wat hier aan
van gewasbescherming wat maakt dat een gerichte
Inzichten opdoen inzake de relatie tussen
N-mineraal metingen in de Veenkoloniën en te
gedaan kan worden. Het hebben van een kopgroep van
aanpak via dit projectvoorstel nodig is.
de verschillende teeltactiviteiten en
komen tot inzichten over N-verliezen in de teelten.
ondernemers maakt het mogelijk om vraagstukken aan
In eerste instantie is daarbij de bedoeling dat
hen voor te leggen. Bijvoorbeeld over het heel specifiek
DAW is projectcoördinator en speelt een essentiële rol
van een gerichte aanpak om normoverschrijdingen
deelnemers aan BiodiversiteitsMonitor projecten het
voorkomen van bepaalde normoverschrijdingen en
in het ondersteunen van agrariërs bij het verbeteren
tegen te gaan en te gaan voldoen aan de eisen
N-mineraal op hun percelen laten bemonsteren. Op
met welke teeltactiviteiten die dan zouden kunnen
van de waterkwaliteit. Het verminderen van het
van de Kaderrichtlijn Water.
termijn is beoogd dat alle telers en veehouders, die
samenhangen. De inzichten uit de kopgroep zijn ook van
gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en een
dat willen, hun percelen kunnen laten bemonsteren.
belang om de doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water
efficiëntere toepassing ervan dragen niet alleen bij aan
Er wordt een ondernemersgroep opgezet
te kunnen behalen en te komen tot doorontwikkeling en
de verbetering van de waterkwaliteit, maar bieden ook
rondom de metingen in het gebied de
verdere implementatie van Integrated Crop Management.
voordelen voor de bedrijfsvoering van de agrariërs zelf.
Monden. De inzichten zullen echter breder
in jaar 1 ervaring op te doen en langzaam op te
Dit deelproject richt zich specifiek op het terugdringen
worden gecommuniceerd naar alle agrarische
schalen in lijn met de landelijke aanpak.
van de emissie van gewasbeschermingsmiddelen
ondernemers en erfbetreders die in de
naar het oppervlaktewater in de provincies Drenthe en
Veenkoloniën actief zijn.
Beoogd resultaat
Looptijd van dit project is 5 jaar. De bedoeling om
Koplopergroep plantgezondheid
Beoogde resultaten
normoverschrijdingen. Tevens het vormgeven
Het project beoogd diepgaande discussies
Groningen, met als doel een meetbare en duurzame
vorm te geven en handelingsperspectief op te
bijdrage te leveren aan de KRW-doelstellingen.
Coöperatie Royal Agrifirm heeft reeds ervaring in de
leveren over de verduurzaming van teelten en
samenwerking met een actieve koplopergroep van 15
gewasbescherming. Een belangrijk thema is de link
akkerbouwers die aan de slag zijn om hun milieubelasting
tussen teeltactiviteiten en normoverschrijdingen
van gewasbescherming uit te zoeken en vervolgens te
in het oppervlaktewater. Indien meer inzicht wordt
bespreken. De ondernemers blijven eigenaar van de teeltdata
verkregen hoe deze zich tot elkaar verhouden, kan
per perceel, maar de discussies in de koplopergroep leveren
gericht worden gecommuniceerd naar telers en
veel inzichten op die belangrijk zijn voor alle ondernemers
waar nodig gestuurd op maatregelen.
en stakeholders in de regio. Deze inzichten gaan we actief betrekken in het Gebiedsprogramma en zorgen dat er een
Looptijd van dit project is 5 jaar. Projectcoördinatie
goede uitwisseling is met de projecten in programmalijn
is in handen van Royal Agrifirm.
Toekomstbestendig bouwplan en de andere projecten onder de programmalijn Doelsturing en monitoring.
18
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
19
BiodiversiteitsMonitor
Gebiedsmonitoringsplan (dashboard)
Drenthe is reeds van start met een pilot met
de inzet voor biodiversiteit, maar wordt het voor banken,
Doel van dit project is om jaarlijks cijfers te verzamelen
Beoogde resultaten
akkerbouwers en melkveehouders rondom het belonen
overheden en afnemers ook mogelijk om telers te
en vervolgens inzichtelijk te maken hoever de
Jaarlijkse monitoring in hoeverre wordt voldaan
voor duurzaamheid. In de pilot worden de Kritische
belonen voor hun prestaties.
Veenkoloniën is met het behalen van de regionale
aan de regionale opgaven. De monitoring wordt
opgaven. Deze jaarlijkse gebiedsmonitoring is vervolgens
weergegeven in een duidelijk leesbaar dashboard.
Prestatie Indicatoren (KPI’s) uit de Biodiversiteitsmonitor in de praktijk getest. Ook in Groningen willen we een
De Veenkoloniën ligt in twee provincies waardoor
input om met alle partners (en overheden) van Innovatie
pilot starten zowel voor akkerbouwers als veehouders.
de aanpak in het Drentse deel van de Veenkoloniën
Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën te
De looptijd van het project is 5 jaar. Het eerste jaar
Hiervoor is een binnen de EIP-regeling samenwerken
soms iets anders is dan het Groningse deel. Met dit
evalueren in hoeverre doelbereik in zicht komt en in
zal een protocol moeten worden opgesteld voor
voor Innovaties een subsidie aangevraagd. De pilot in
programma proberen we dat in de toekomst meer op
hoeverre bijsturing of aanvullende acties nodig zijn.
eenduidige dataverzameling.
Groningen is gericht op innovatie, onder andere door te
elkaar af te stemmen en zo uniformiteit aan te brengen.
verkennen hoe duurzaamheid in de ketens kan worden beloond. Zowel de pilot in Drenthe alsook de beoogde
De stand van zaken per opgave is ook weergegeven in het gebiedsplan ‘Een haalbare kaart’. Het is echter
Ten behoeve van de gebiedsmonitoring dienen we
belangrijk om in het eerste projectjaar van het
afspraken te maken hoe de bestaande overheidsdata
Het testen en implementeren van een
Gebiedsprogramma de werkwijze hoe gegevens te
in het dashboard kunnen worden opgenomen.
meetinstrument voor biodiversiteitsprestaties in
verzamelen en weer te geven goed eenduidig uit te
Bijvoorbeeld de normoverschrijdingen in het
In de melkveehouderij is reeds veel ervaring met het in
de akkerbouw bij pilotdeelnemers. In Drenthe is
werken, te bespreken met de overheden en vast te
oppervlaktewater en de grondwaterkwaliteitsdata van
beeld brengen van KPI’s op duurzaamheidsthema’s en
maximaal ruimte voor 50 deelnemers en Groningen
leggen. Door de gebiedsmonitoring vorm te geven in de
het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid. We gaan
belonen. Bijvoorbeeld Duurzaam Boeren Drenthe is een
wordt een vergelijkbaar aantal verwacht. De pilots
vorm van een dashboard, kunnen de resultaten ook goed
hier als Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de
lopend initiatief waarbij ondernemers worden beloond
bouwen voort op eerdere ontwikkelingen, zoals de
communicatief worden gebruikt richting agrarische
Veenkoloniën afspraken over maken met de betrokken
als de KPI’s aan bepaalde streefwaarden voldoen.
lancering van de BMA in 2023 en kleinere tests in
ondernemers en andere stakeholders. In de opvolgende
overheden. Tegelijkertijd bezien we in hoeverre het
De BiodiversiteitsMonitor Akkerbouw (BMA) maakt
2021-2022. Het doel is om biodiversiteit inzichtelijk,
jaren is het verzamelen van gegevens en het weergeven
mogelijk is om (geaggregeerde) data uit de projecten te
biodiversiteit en duurzaamheid op het akkerbouwbedrijf
meetbaar en beloond te maken via KPI’s, zoals
van het dashboard minder werk.
genereren ten behoeve van de gebiedsmonitoring.
zichtbaar én meetbaar. Het instrument biedt op een
bodemkwaliteit, milieubelasting, gewasdiversiteit
eenduidige manier inzicht hoe akkerbouwers bijdragen
en natuur en landschap.
pilot in Groningen zien we als onderdeel van het
Beoogde resultaten
Gebiedsprogramma Veenkoloniën.
aan het versterken van biodiversiteit. Dit maakt ook
Projectcoördinator is het programmabureau van Agenda voor de Veenkoloniën en Innovatie Veenkoloniën
waardering en beloning in de akkerbouw mogelijk.
Het project in Drenthe duurt in eerste instantie
in samenwerking met het Deltaplan Agrarisch
De BMA vormt een praktische schakel tussen de
een jaar, maar daarna zal worden besproken of het
Waterbeheer (DAW).
teler en partijen die iets vragen op het gebied van
project kan worden herhaald en opgeschaald. De
duurzaamheid, zoals overheden, ketenpartijen en
pilot in Groningen duurt minimaal 2 jaar.
financiers. Daarmee ondersteunt de BMA niet alleen
20
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
21
Water en bodem sturend Voor de landbouw in de Veenkoloniën is voldoende water van goede kwaliteit van levensbelang. De afgelopen jaren hebben laten zien dat dit zeker niet altijd een vanzelfsprekendheid is. Tevens zorgen weersextremen ook voor steeds grotere uitdagingen. Aan de andere kant hebben boeren ook invloed op de waterkwaliteit door emissies en uitspoeling naar het oppervlaktewater te beperken1. Hierbij wordt ingezet op: •
Instellen van een themateam Water, Bodem en Klimaat Veenkoloniën.
•
Kennisniveau verhogen van de partners en gebruikers binnen Agenda voor de Veenkoloniën ambtelijk en bestuurlijk informeren.
•
Informatiesessies voor projectgroep en vakspecialisten.
•
Informatiesessies voor grondgebruikers (m.n. sector landbouw: uitdragen situatie en belang toekomst).
•
Urgentie in kaart brengen door en voor overheden (knelpunten, kansen en belangen) in samenhang met het Interregproject Blue Transition2.
Waterstructuurvisie Veenkoloniën Voor de Veenkoloniën dient een waterstructuurvisie te worden opgesteld. Dit dient een inventarisatie te zijn van kansen en ontwikkelingen en een samenvattende
Programmalijn
Landelijk Gebied
strategie gericht op de toekomst. Het gaat daarbij om een verdieping op thema’s als landschap, water, bodem en klimaat, die richtinggevend zijn voor de waterinfrastructuur voor de Veenkoloniën. Hierbij wordt een overzicht gegeven van de problematiek en de kansen. Vervolgens worden keuzes gemaakt en de toekomstige koers omschreven. Daarbij richten we ons op het belang en de noodzaak voor een herkenbaar
De programmalijn Landelijk
landschap, voldoende en schoon water, een gezonde
gebied bestaat uit de aanpak
bodem en om voorbereid te zijn op klimaatverandering.
van de waterinfrastructuur (waterbeschikbaarheid), groenblauwe diensten en dooradering en versterking van het agrarisch natuuren landschapsbeheer (ANLb).
De waterstructuurvisie is van belang voor de land- en tuinbouw, maar ook voor het stedelijk gebied. Vanuit de lijn ‘water en bodem sturend” is het belangrijk (structuur) visies van de provincies en gemeenten aansluiten bij de waterstructuurvisie. Het waterschap Hunze & Aa’s is coördinator van het traject om te komen tot de waterstructuurvisie.
22
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
1
Bron: Uitvoeringsprogramma Vervolg Agenda voor de Veenkoloniën (2025)
2
Bron: Uitvoeringsprogramma Vervolg Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
23
Beoogde resultaten
waterschappen zoals Hunze en Aa’s en Noorderzijlvest, zet het initiatief in op duurzame landbouwpraktijken,
Een waterstructuurvisie voor de Veenkoloniën. Het
efficiënt waterbeheer en biodiversiteitsbevordering
dient een koers te worden die door alle overheden
om droogte, bodemdaling door oxidatie en nutriënten
en partijen kan worden herkend en erkend als een
uitspoeling tegen te gaan. Door middel van veldlabs
gezamenlijke focus op het thema water.
en het monitoringsysteem ‘Bedrijfsbodemwaterplan’ werken agrarische ondernemers, bodemcoaches,
Relevante vragen om te komen
onderzoekers en agribusiness samen om maatregelen
tot een waterstructuurvisie:
te testen en te optimaliseren, zoals robuuste
•
Wat zijn de kansen en risico’s voor het huidige
watersystemen en precisielandbouw. Tevens loopt
watersysteem in relatie tot water, bodem
er een pilot met beregening uit het grondwater. De
en klimaat?
inzichten vanuit Blue Transition worden meegenomen
Waar zou een Veenkoloniale waterstructuur
in de programmalijn Toekomstbestendig Bouwplan.
•
aan moeten (blijven) voldoen? •
Wat is ervoor nodig om een
Het waterschap Hunze & Aa’s is de trekker
toekomstbestendige waterstructuur
van Blue Transition.
te realiseren?
Beoogd resultaat Deltaplan Zoetwater
Organiseren en bevorderen van nauwe stakeholder-
Het is inmiddels bekend dat het landelijke programma
betrokkenheid op het gebied van droogte-
Deltaplan Zoetwater een vervolgfase krijgt en
resistentie en waterkwaliteit. Daarnaast beoogd
komende jaren wordt voortgezet. Het Deltaplan
het project bij te dragen aan een veerkrachtige
Zoetwaterbeheer is een Nederlands programma gericht
regio door korte- en langetermijnstrategieën voor
op het waarborgen van voldoende zoetwater voor
droogteresistentie en waterkwaliteit te ontwikkelen.
landbouw, industrie, natuur en drinkwater, in het licht van klimaatverandering en toenemende droogte. Het plan, onderdeel van het bredere Deltaprogramma, omvat
Inzicht bodemmaatregelen via satellietbeelden
maatregelen zoals het optimaliseren van wateraanvoer,
Er is een project in opstart om met behulp van
het vasthouden van regenwater, en het efficiënter
satellietbeelden meer inzicht te krijgen in de effectiviteit
gebruiken van zoetwaterbronnen. Dit gebeurt via
van bodemmaatregelen voor schoon en voldoende
infrastructurele aanpassingen, zoals het versterken
water. Satellietbeelden kunnen namelijk helpen om
van waterbuffers in meren en kanalen, en door
veranderingen in de bodem en gewassen goed te volgen. In
samenwerkingen tussen overheden, waterschappen
dit project wordt onderzocht of deze beelden bruikbaar zijn
en andere partijen. Het doel is om Nederland, en
om te zien wat het effect is van maatregelen in de praktijk.
dus ook de Veenkoloniën, weerbaarder te maken
Zo willen Deltaplan Agrarisch Waterbeheer en Waterschap
tegen watertekorten en de zoetwatervoorziening
Hunze & Aa’s telers en overheden helpen om betere keuzes
toekomstbestendig te maken.
te maken voor water en bodem. Financiering van dit project is geregeld via DAW Impuls en bijdragen van Waterschap
Het waterschap Hunze & Aa’s is de trekker
Hunze & Aa’s, de provincie Groningen, de Europese Unie en
van het Deltaplan Zoetwaterbeheer.
BO Akkerbouw. Het project wordt uitgevoerd in de regio’s Drentsche Aa, Veenkoloniën en Oldambt.
Beoogd resultaat
Het waterschap Hunze & Aa’s is de coördinator
Veenkoloniën weerbaarder tegen watertekorten
van dit project.
en de zoetwatervoorziening daarop voorbereid en toekomstbestendig.
Beoogd resultaat Helder krijgen in hoeverre satellietbeelden bruikbaar
Project Blue Transition
zijn om de effectiviteit van bodemmaatregelen voor
Het lopende Project Blue Transition, onderdeel van
schoon en voldoende water te monitoren en de ver-
het Interreg North Sea-programma, richt zich op de
anderingen in bodem en gewassen goed te volgen.
transitie naar een klimaatadaptief en toekomstbestendig landschap. Met steun van de Provincie Drenthe en
24
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
25
Er is een project in opstart naar de effectiviteit
Wat wordt er verstaan onder groenblauwe
de maatregelen en activiteiten op overheidsgronden
Versterking agrarisch natuuren landschapsbeheer
van infiltratiesleuven. Infiltratiesleuven worden
dooradering?
worden versterkt, en andersom?
Landelijk is aangegeven dat er structureel meer
overigens ook wel infiltratiegreppels genoemd.
Met groenblauwe dooradering wordt een
Op de twee proefboerderijen van WUR op zand
netwerk bedoeld van op een bepaalde manier
In de afgelopen jaren zijn er op gebiedsniveau veel
landschapsbeheer. Het doelenkader wordt komende
(Kooijenburg in Marwijsoord en ‘t Kompas in
ingerichte landschapselementen en waterwegen
schetsen en plannen gemaakt over hoe GBDA er uit kan
jaren door het ministerie van LVVN en provincies herzien
Valthermond) worden proeven aangelegd met
waardoor een verbinding door het agrarisch
zien. Daarnaast zijn er projecten op lokale schaal waarin
en treedt in werking bij de start van het nieuwe GLB.
infiltratiesleuven. In het onderzoek wordt gekeken
gebied ontstaat die de biodiversiteit in het
kennis en ervaring is en wordt opgedaan. Er is behoefte
De rijksoverheid hoopt hiermee het ANLb beter
naar de werking van de sleuven, de bijdrage die ze
gebied verbetert of versterkt. Het gaat hierbij
om toe te werken van abstracte plannen op regionaal
af te stemmen op habitatseisen van de doelsoorten
kunnen leveren aan minder afspoeling van nutriënten
voornamelijk om lineaire landschapselementen
niveau naar concrete uitvoering op lokale schaal. De
om daarmee de effectiviteit van het ANLb te vergroten.
en gewasbeschermingsmiddelen richting het
in en aangrenzend aan agrarisch gebied zoals
werkgroep heeft besloten om in drie gebieden concreet
Dit biedt volgens ons ook dé kans om voor boeren een
oppervlaktewater. Het project wordt uitgevoerd
watergangen, oevers, bermen, akkerranden
aan de slag te gaan en daar de ontwikkelen te volgen.
groen verdienmodel te realiseren. Concreet betekent
in de regio’s Drentsche Aa en Veenkoloniën.
en bomenrijen. Dit is dus niet hetzelfde als
Onderzoek effectiviteit van infiltratiesleuven
•
Beoogd resultaat
Hoe kan het ANLb ingevuld worden zodat
geld wordt vrijgemaakt voor agrarisch natuur- en
het ook dat er, op basis van vrijwillige deelname, meer
agrarisch natuur- en landschapsbeheer dat op
Het gaat hier om:
mogelijkheden gaan komen voor agrarisch natuur-
boerenland plaats vindt of natuurbeheer dat door
•
Een reeds bestaand/ lopend project.
en landschapsbeheer in de Veenkoloniën.
terreinbeherende organisaties wordt uitgevoerd,
•
Een project om in kaart te brengen wat de 0-situatie
Helderheid over de werking van infiltratiesleuven
maar het kan deze maatregelen wél versterken
en dan in het bijzonder de bijdrage die ze kunnen
door verbindingen tussen gebieden te leggen.
•
is ten aanzien van dooradering.
De agrarische collectieven, in de Veenkoloniën zijn
Een nader te bepalen projectgebied (Groninger deel)
dit ANOG en AND, organiseren het agrarisch landschap-
leveren aan minder afspoeling van nutriënten
en natuurbeheer efficiënt en effectief. Ze zijn de spil
en gewasbeschermingsmiddelen richting
tussen de individuele agrariërs die het werk uitvoeren
Voor de Veenkoloniën is een werkgroep opgericht
Beoogd resultaat
bestaande uit collectieven AND en ANOG en
Op basis van bovenste punten kunnen concrete
De landelijke investering in meer agrarisch natuur-
Het waterschap Hunze & Aa’s is de coördinator
vertegenwoordigers van gemeenten, provincies en
aanbevelingen worden gedaan voor de verdere
en landschapsbeheer betekent dat de collectieven
van dit project. Financiering loopt eveneens
waterschappen. Er zijn al diverse projecten in de
opschaling in de gehele Veenkoloniën. Een
zich aan het versterken zijn. Landelijk is hiervoor een
vanuit DAW Impuls en bijdragen van waterschap
Veenkoloniën uitgevoerd en recent zijn ook weer nieuwe
van de aanbevelingen die reeds uit de eerdere
traject ingezet en waarin ANOG en AND meedraaien.
Hunze & Aa’s, de provincie Groningen,
projecten gestart. Voorbeelden hiervan zijn het project
en nog lopende projecten is gekomen is dat
Dit betekent dat er naast deze landelijke investeringen
de Europese Unie en BO Akkerbouw.
Groenblauwe dooradering in de Veenkoloniën van de
men op lokale schaal behoefte heeft aan
geen extra regionale middelen voor versterking van
ANOG en de Pilot Gieterveen van gemeente Aa & Hunze,
coördinatoren die de verbinding kunnen leggen
de agrarische collectieven nodig zijn. Wel is van belang
AND en Landschapsbeheer Drenthe. Er is dus al veel
tussen de verschillende schakels (overheden,
dat de collectieven en het thema agrarisch natuur- en
kennis in het gebied aanwezig. Deels komt deze kennis
grondgebruikers, beheerders) in een gebied.
landschapsbeheer gaat meedraaien in de programmalijn
Een aantal jaren geleden is er voor de Veenkoloniën
en ervaring bijeen in de werkgroep. De vragen waar deze
In de komende tijd worden aanbevelingen
Toekomstbestendig Bouwplan. Op die manier kan
een rapport opgesteld met daarin de kansen en
werkgroep mee aan de slag is gegaan zijn:
als deze, op basis van de praktijk, verder
agrarisch natuur- en landschapsbeheer meer en vaker
mogelijkheden van Groenblauwe Dooradering in
•
geconcretiseerd en uitgewerkt.
onderdeel worden van het bouwplan van akkerbouwers
het oppervlaktewater.
Groenblauwe diensten en dooradering
de Veenkoloniën. Conclusie was dat door het reeds
Hoe kunnen groenblauwe diensten en dooradering (GBDA) eruitzien in de Veenkoloniën?
(en veehouders) in de Veenkoloniën. Versterking van het ANLb is belangrijk om het ANLb onderdeel te laten zijn
aanwezige netwerk van waterlopen en overige
•
Waar liggen kansen en mogelijkheden?
elementen, het gebied kansrijk is om met relatief kleine
•
Welke hobbels moeten nog genomen worden
De planning is om eind 2025 (met uitloop tot begin
om deze kansen te benutten?
2026) gebieden te gaan afbakenen en vervolgens begin
Van welke trajecten kunnen we leren en verder
2026 te starten met drie pilotgebieden. Voor de opstart
voorborduren?
in de drie gebieden is beperkt budget beschikbaar. Na
Welke projecten lopen, welke zijn uitgevoerd
2026 zal opschaling nodig zijn, maar precieze benodigde
en welke rapportages zijn opgeleverd over GBDA?
budgetten hiervoor zijn hier nog niet te benoemen
aanpassingen kwalitatief hoogwaardig te dooraderen. In het gebiedsplan Veenkoloniën is de ambitie opgenomen
•
om deze ideeën te concretiseren richting uitvoering. • Tot nu toe werd er gesproken over Groenblauwe
en de overheid die het beleid en doelen vaststelt.
Dooradering. Binnen de Veenkoloniën spreken we echter
van het bouwplan van de toekomst.
en afhankelijk van de pilotprojecten in 2026. Wel is al
liever over Groenblauwe diensten en dooradering: dus
De focus van de werkgroep is:
de conclusie getrokken dat er voldoende (landelijke)
niet als een verplichting, zoals destijds door het Rijk
•
Wat kan in de eerste plaats op overheidsgronden
middelen zijn voor aanleg van landschapselementen,
voorgesteld. In het licht van de huidige investeringen
(wegbermen, waterschapspaden ed) aan kansen
maar dat de uitdaging is om beheer meerjarig te
in het ANLb (nieuwe budgetten) kijken we dan ook
worden benut? Op welke wijze kunnen beheerders
financieren. De opschaling kan enigszins positief
welke diensten boeren hiervoor kunnen leveren, als
hun beleid zodanig uitvoeren en op andere
beïnvloed worden door het benutten van reststromen
volwaardige activiteit binnen het agrarisch bedrijf.
grondgebruikers afstemmen dat er sprake is van een
zoals snoeihout. Hiervoor willen agrarische ondernemers
dooradering?
regionale samenwerkingen oprichten onder de vlag van
In hoeverre kunnen reststromen zoals bermmaaisel
Agricycling, waarbij uit reststromen compost kan worden
ingezet worden voor toepassing op het agrarisch
gemaakt. Voor de opstart van het concept Agricycling in
bedrijf? Wat zijn de kansen van het Agricycling-
de Veenkoloniën wordt gezocht naar aanvullend budget.
•
concept voor de Veenkoloniën en wat is er voor nodig •
om die werkwijze te implementeren in ons gebied?
Agenda voor de Veenkoloniën is trekker van het
In hoeverre kunnen reststromen zoals bermmaaisel
onderwerp groenblauwe diensten en dooradering.
ingezet worden voor toepassing op het agrarisch bedrijf?
26
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
27
Communicatieproject Stappen in transitie
Governance
Om de uitwerking van de programmalijnen zo efficiënt
De samenwerking om uitvoering te geven aan het
en toepasbaar mogelijk te maken is goede communicatie
gebiedsprogramma is een vorm van publiek private samenwerking.
naar agrarische ondernemers, het overige bedrijfsleven
De intentie is om de benodigde governance als keten- en
en de buitenwereld essentieel. We gaan de diverse
gebiedspartijen en overheden de komende maanden gezamenlijk
communicatiemiddelen van de gebiedspartners inzetten om
nader uit te werken. De uitwerking dient helderheid te brengen
agrarische ondernemers en overig bedrijfsleven te informeren
op het gebied van de taken, rollen en verantwoordelijkheden bij
over de projecten en willen hun actief betrekken om mee
de uitvoering van het Gebiedsprogramma. Daarbij dient ook te
te denken en oplossingen zelf te gaan implementeren. Het
worden uitgewerkt hoe het Gebiedsprogramma samenhangt met
betrekken van de maatschappij is ook een van de hoofddoelen.
overheidsprogramma’s zoals het Gebiedsproces Toekomst Landelijk
Met excursies, cursussen en online communicatie willen we
Gebied in Groningen en Toekomst Landelijk Gebied Drenthe. Waar
bewoners en beleidsmakers in het gebied meenemen in de
mogelijk wordt aangehaakt bij bestaande structuren.
uitdagingen waar de land- en tuinbouw voor staat en hoe we met de sector en innovaties deze uitdagingen proberen aan te
Belangrijke aspecten in de uitwerking van de governance zijn:
gaan. Tevens willen we interactieve discussies vormgeven over
•
Het vormgeven van publiek private samenwerking
•
Het organiseren van evaluatiemomenten en het gezamenlijk sturen
het toekomstig bouwplan.
op voortgang en resultaten •
Budgetbewaking en verantwoording
De communicatie van het Gebiedsprogramma wordt in het project ‘Stappen in
•
Verkennen subsidiemogelijkheden en verantwoording
transitie’ gezamenlijk vormgegeven onder coördinatie van Innovatie Veenkoloniën
•
De koppeling van het Gebiedsprogramma met programma’s vanuit de provincies
en Agenda voor de Veenkoloniën. Per project heeft de uitvoerende partij uiteraard
Drenthe en Groningen en de waterschappen Hunze
een cruciale rol in de afstemming op het gebied van communicatie. Denk bijvoorbeeld
& Aa’s en Vechtstromen
bij Boerderij van de Toekomst aan Wageningen UR, waarbij een onderwerp
•
als maatschappelijk draagvlak voor innovaties gezamenlijk zal worden opgepakt met Bouwplan van Morgen!.
De koppeling met landelijke ontwikkelingen op het gebied van doelsturing in de landbouw
•
Jaarlijks wordt er verslag gedaan om te communiceren naar alle stakeholders in en rondom de Veenkoloniën.
Na het ondertekenen van de intentieverklaring op 23 januari 2026 wordt met alle bij het Gebiedsprogramma betrokken ketenpartijen, gebiedspartijen en overheden de governance verder uitgewerkt.
28
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
29
Kosten en financiering programmalijn Toekomstbestendig Bouwplan: In onderstaande tabellen zijn de kosten van de verschillende onderdelen van programmalijn Toekomstbestendig Bouwplan weergegeven.
1. Boerderij van de toekomst
Financiering
Titel project
Financiën 1 jaar
Financiën totaal 5 jaar
1.1
Toekomstscenarios en ICM
€
65.000,00
€
325.000,00
1.2
Monitoring ICM en KPI’s
€
60.000,00
€
300.000,00
1.3
Monitoring 3 adaptieve watersystemen
€
75.000,00
€
375.000,00
1.4
Waterzuivering met helofytenfilter
€
55.000,00
€
275.000,00
1.5
Ecologische inrichtingsmaatregelen
€
47.000,00
€
235.000,00
1.6
Experimenteren met Innovaties
€
182.000,00
€
910.000,00
1.7
Experimenteren met nieuwe gewassen
€
107.000,00
€
535.000,00
€
591.000,00
€ 2.955.000,00
2.1 Veldproeven duurzame rassen
€
60.000,00
€
300.000,00
2.2 Veldproeven rassen bemesting
€
50.000,00
€
250.000,00
2.2.1 Ruw materiaal, bokasi en compost als bemesting
€
35.000,00
€
70.000,00
2.3.1 Opbrengstpotentieel NV-gebieden
€
15.000,00
€
75.000,00
2.3.2 Irrigatieproeven gewassen
€
40.000,00
€
200.000,00
2.3.3 Onderzoek teelt consumptieaardappelen
€
20.000,00
€
100.000,00
2.3.4 Toepassing Drones voor spuiten en zaaien
€
20.000,00
€
100.000,00
2.3.5 Irrigatieproeven waterbeschikbaarheid
€
20.000,00
€
100.000,00
Subtotaal Boerderij van de Toekomst
2. Bouwplan van morgen!
Met het vervallen van het transitiefonds staat financiering voor de opgaven in het landelijk gebied onder druk. De projecten die zijn opgenomen in dit gebiedsprogramma zijn zowel vanuit de gezamenlijke ambitie om de doelen te bereiken, als ook met een realistische blik op financieringsmogelijkheden opgenomen in het gebiedsprogramma. In onderstaande tabellen zijn de (geschatte) kosten van de verschillende onderdelen van programmalijn Toekomstbestendig Bouwplan weergegeven. Onder de tabellen is per programmalijn een toelichting gegeven op de mogelijke financieringsbronnen.
30
Titel programmalijn
Financiën 1 jaar
Financiën totaal 5 jaar
2.4 Effecten bouwplan rotatie (1e Exloërmond, 2e Exloërmond, Wijster)
€
250.000,00
€ 1.250.000,00
Toekomstbestendig bouwplan
€
1.351.000,00
€
6.750.000,00
2.5 ANLb als onderdeel van het bouwplan
€
50.000,00
€
250.000,00
Doelsturing en Monitoring
€
1.540.000,00
€
11.270.000,00
2.6 Businesscases verdienvermogen
€
100.000,00
€
500.000,00
Landelijk gebied
€
490.000,00
€
1.770.000,00
2.7 Onderwijs
€
100.000,00
€
500.000,00
Coördinatie en communicatie
€
110.000,00
€
550.000,00
Subtotaal Bouwplan van Morgen!
€
760.000,00
€ 3.695.000,00
Totaal
€
3.491.000,00
Totaal programmalijn Toekomstbestendig Bouwplan
€ 1.351.000,00
€ 6.750.000,00
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
€ 20.240.000,00
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
31
Toelichting op de financiering
De projecten 3.1a. Nmin metingen en de 3.4a. BiodiversiteitsMonitor zijn door de provincie
De twee bovenstaande projecten binnen de programmalijn Toekomstbestendig
Drenthe omarmd en voor 2025 en 2026 is geld voor projectactiviteiten beschikbaar gesteld.
Bouwplan, het project Boerderij van de Toekomst en het project Bouwplan van Morgen!,
In overleg met de provincie Groningen proberen we de financiering van vergelijkbare
zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Volgens de huidige planning van het ministerie
projecten 3.1b. en 3.4b. met de EIP regeling “Samenwerken voor Innovaties” voor 2026 en
van LVVN komt er in 2026 een nieuwe openstelling van de subsidieregeling voor
2027 rond te krijgen. Financiering van deze projectonderdelen na 2027 hangt mede af van
experimenteerlocaties. De inzet is om hiervoor met de programmalijn Toekomstbestendig
landelijke ontwikkelingen op het gebied van doelsturing en financieringsmogelijkheden.
Bouwplan te opteren. Waarbij, in lijn met de subsidieregeling, een duidelijke link wordt gelegd met het Gebiedsplan en Gebiedsprogramma van de Veenkoloniën.
Het gebiedsproject normoverschrijdingen is een DAW-project waarbij de financiering een samenwerking zou kunnen zijn van de waterschappen en DAW. Dit zal nog verder
Er worden begin 2026 aanvragen gedaan via de EIP regeling in Drenthe voor
besproken en uitgewerkt worden door DAW in overleg met Waterschap Hunze &
financiering van de onderdelen 1.1., 1.2 en 1.4 van Boerderij van de Toekomst. Dit betreft
Aa’s. Het project Koplopergroep Plantgezondheid is gestart vanuit Agrifirm en heeft
Toekomstscenario’s en Integrated Crop Management, Monitoring Integrated Crop
belangrijke aanknopingspunten met het gebiedsproject normoverschrijdingen. De inzet
Management en KPI’s en waterzuivering met een helofytenfilter.
is om dit project te richten op het verkrijgen van meer inzicht over gewasbescherming en normoverschrijdingen en financiering te verkrijgen vanuit de overheid.
Het verkrijgen van gelden voor het gebiedsprogramma via de subsidieregelingen kost tijd. Dit terwijl het van belang is dat ingezet onderzoek en lopende veldexperimenten
Het vormgeven van gebiedsmonitoring met een dashboard is een belangrijke pijler
kunnen worden doorgezet. Daartoe wordt in januari 2026 een aanvraag gedaan
onder de samenwerking tussen Innovatie Veenkoloniën en de Agenda voor
bij AgroAgenda Noord Nederland voor financiering voor specifiek projectjaar 2026
de Veenkoloniën. De financiering voor de ontwikkeling zou dan ook uit het budget
van de onderdelen 1.1, 1.2, 1.3, 1.4, 1.5 en 2.4. Onderzoek en experimenten kunnen
van beide partijen gefinancierd kunnen worden.
dan worden voortgezet. Met financiering vanuit de AgroAgenda NN kan worden Kosten en financiering programmalijn Landelijk gebied
voorkomen dat langlopende en ingezette trajecten worden onderbroken.
In onderstaande tabel staat het overzicht van projectkosten van de projecten onder Voor de onderdelen 1.7 (nieuwe gewassen), 2.5 (ANLb in het bouwplan) en 2.6
de programmalijn Landelijk Gebied. De projecten in deze programmalijn zijn reeds
(businesscases verdienvermogen) wordt per begin 2026 een aanvraag voorbereid
geheel voorzien van financiering.
voor het programma Fascinating.
4. Water en bodem sturend
Via bovenstaande aanvragen en genoemde regelingen zijn alle projectonderdelen van Boerderij van de Toekomst en Bouwplan van Morgen! potentieel gedekt. Via bovenstaande aanvragen en genoemde regelingen zijn alle projectonderdelen van Boerderij van de Toekomst en Bouwplan van Morgen! potentieel gedekt. We zetten nu in op voornamelijk tijdelijke financieringsbronnen, in gezamenlijkheid gaan we inspanning leveren om tot meer structurele financiering te komen. Daarbij sluiten we aan bij de uitwerking van beleid door de Rijksoverheid en het nieuwe kabinet. Kosten en financiering programmalijn Doelsturing en Monitoring In onderstaande tabel staat het overzicht van projectkosten van de projecten onder de programmalijn Doelsturing & Monitoring.
3. Doelsturing en Monitoring
Financiën 1 jaar
Financiën totaal 5 jaar
4.1
Watervisie Veenkoloniën
Pro Memori
Pro Memori
4.2
Deltaplan Zoetwater
Pro Memori
Pro Memori
4.3
Project Blue Transition
€
€
4.4
Inzicht bodemmaatregelen via satellietbeelden
€ 240.000,00
€ 1.200.000,00
4.5
Onderzoek effectiviteit infiltratiesleuven
€
€
Subtotaal
90.000,00
80.000,00
90.000,00
400.000,00
€ 410.000,00
€ 1.690.000,00
€
30.000,00
€
30.000,00
€
30.000,00
€
30.000,00
50.000,00
€
50.000,00
Titel project
Financiën 1 jaar
Financiën totaal 5 jaar
3.1a
Nmin metingen Drenthe
€
250.000,00
€
3.125.000,00
3.1b
Nminmetingen Groningen
€
250.000,00
€
3.125.000,00
3.2.
Koplopergroep Plantgezondheid
€
30.000,00
€
150.000,00
3.3
Gebiedsproject normoverschrijdingen
€
200.000,00
€
1.000.000,00
6.1
Concept Agricycling
€
3.4a Biodiversiteitsmonitor Akkerbouw Drenthe
€
250.000,00
€
1.250.000,00
6.2
Doorontwikkeling collectieven (landelijk budget)
Pro Memori
Pro Memori
3.4b Biodiversiteitsmonitor Akker/Vee Groningen
€
500.000,00
€
2.500.000,00
Subtotaal
€
€
3.5
€
60.000,00
€
120.000,00
Totaal programmalijn Landelijk gebied
€ 490.000,00
Gebiedsmonitoringsplan (dashboard)
Subtotaal
32
Titel project
Innovatie Veenkoloniën en Agenda voor de Veenkoloniën
€ 1.540.000,00
5. GBDA 5.1
Groenblauwe diensten en dooradering
Subtotaal
6. Versterking agrarische natuur en landschap
50.000,00
50.000,00
€ 1.770.000,00
€ 11.270.000,00
Gebiedsprogramma Veenkoloniën
33
Colofon Kansen voor financiering
De benodigde financiering voor langjarig
Wageningen, 13 januari 2026
Voor de projecten in het kader van ‘Water en bodem
beheersvergoedingen voor groenblauwe diensten
Harry Kager
sturend’ vormt het Waterbeheerprogramma van
en dooradering is nog niet duidelijk. In 2026 wordt eerst
Chanouk Wagner
de waterschappen de basis. Daarbij worden voor
ingezet op drie pilotprojecten. De benodigde financiering
Ivo van Willigen
afzonderlijke projecten ook externe financiering
daarvan loopt via Agenda voor de Veenkoloniën. Na
gezocht. Zo wordt het project Blue Transition
dit traject wordt onderbouwd hoeveel financiering nodig
In opdracht van en in samenwerking
gefinancierd vanuit een Europese subsidie. Totale
is voor aanleg en beheer.
met Innovatie Veenkoloniën en Agenda
omvang van het project, met een looptijd van 2021
voor de Veenkoloniën
t/m 2027 was 4,5 miljoen euro. Afhankelijk van
De provincie Drenthe heeft het Agrarisch Natuur
Tanja Beuling
de resultaten zal moeten worden gekeken of verder
Drenthe een subsidie toegekend voor het invoeren
Gert Noordhoff
onderzoek en financiering noodzakelijk is.
van het concept Agricycling in Drenthe. Hiermee
Sanne van Zon
wil de provincie uitdragen dat ze deze manier van Financiering van het project inzicht bodemmaatregelen
verwerken van groene reststromen breed ondersteunt.
Redactie en uitgave
via satellietbeelden is reeds rond en is afkomstig van
Voor opstart van het concept Agricycling in de
Schuttelaar & Partners
DAW Impuls en bijdragen van Waterschap Hunze
Veenkoloniën wordt gezocht naar aanvullend budget
Zeestraat 84
& Aa’s, de provincie Groningen, de Europese Unie
(eenmalig € 50.000,-). Hiertoe wordt financiering
2518 AD Den Haag
en BO Akkerbouw. Overigens is dit project voor
gevraagd bij AgroAgenda Noord Nederland.
Nederland
een groter gebied dan alleen de Veenkoloniën.
t +31 (0) 70 318 44 44 Voor doorontwikkeling van collectieven is landelijk
f +31 (0) 70 318 44 22
Het onderzoek naar de effectiviteit van infiltratiesleuven
financiering beschikbaar. Dit is nodig vanwege dat
info@schuttelaar.nl
is eveneens rond en komt van DAW Impuls en bijdragen
de budgetten in het ANLb komende jaren toenemen
www.schuttelaar.nl
van waterschap Hunze & Aa’s, de provincie Groningen,
en er veel op de collectieven afkomt. ANOG en AND
de Europese Unie en BO Akkerbouw.
zullen deze middelen gebruiken om hun organisaties
© 2026 Schuttelaar & Partners B.V.
verder te versterken.
Schuttelaar & Partners is onderdeel van de Healthy World Cooperation.