2022-08-12 Wmo
Tekst van het document
Datum: 19 december
Verordeningen Jeugd en Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) 2023
Tijdens de raadscommissie van 8 december heeft wethouder Offereins het volgende toegezegd: “De wethouder zegt toe schriftelijke terug te komen op de vraag wat de consequenties zijn met betrekking tot het verkrijgen van een pgb als zij niet of niet volledig hun persoonsgegevens willen delen.” Antwoord: Voor het verkrijgen van een pgb wordt er eerst onderzoek gedaan naar de hulpvraag van inwoners aan de hand van een stappenplan. De laatste stap is pas de leveringsvorm van de ondersteuning: ZIN of pgb. Gedurende het onderzoek worden gegevens gevraagd aan de inwoner. Zo kent de Wmo 2015 een identificatieplicht (artikel 2.3.4 Wmo 2015) en de Jeugdwet kent een verificatieplicht van het BSN bij het eerste contact (artikel 7.2.2. Jw). Daarnaast wordt er vanuit de Awb eisen gesteld waaraan een aanvraag moet voldoen. Verder kent zowel de Wmo 2015 als de Jeugdwet een medewerkingsplicht voor inwoners. Als de inwoner niet mee wil werken door het niet of niet volledig willen delen van gegevens, dan kan dat gevolgen hebben voor de mogelijkheid tot onderzoek en daarmee dus ook voor het wel of niet kunnen indiceren. Dit is afhankelijk van welke gegevens iemand wel of niet wil delen. Als de casemanager geen goed onderzoek kan doen, dan stopt de aanvraag. Er kan dan niet bepaald worden wat passende ondersteuning is en dus welke indicatie nodig is. En zonder indicatie wordt er geen pgb verstrekt.
Wat betreft het delen van de gegevens met zorgaanbieders: In het geval van een pgb is de inwoner zelf opdrachtgever van de zorgaanbieder, en deelt deze dus ook zelf zijn gegevens. De gemeente deelt alleen de contactgegevens van de inwoner met de Sociale Verzekeringsbank zodat deze het pgb kan uitkeren.