04. Bijlage 2 - Concept-zienswijze Midden-Groningen Meerjarig Uitvoeringsplan Economische Agenda
Tekst van het document
Datum: Behandeld door: Zaak:
4 juni 2026 Jesper Stap 1663425
Verzenddatum: 5 juni 2026 Mailadres: Jesper.stap@midden-groningen.nl
Onderwerp:
Zienswijze meerjarig uitvoeringsplan Economische Agenda
Geacht college,
Op 1 april heeft de raad via uw college het eerste ontwerp-meerjarig uitvoeringsplan (MUP) voor de Economische Agenda aangeboden gekregen in het kader van de zienswijzeprocedure. In de commissievergadering van 21 mei 2026 is het ontwerp-MUP besproken. Op basis hiervan hebben wij de onderstaande zienswijze geformuleerd. Wij willen vooropstellen dat wij verheugd zijn dat er met dit meerjarig uitvoeringsplan spoedig kan worden gestart met de uitvoering van de Economische Agenda. We onderschrijven de noodzaak voor langdurige investeringen in de brede welvaart en zijn blij dat wordt benoemd dat economische ontwikkelingen ook maatschappelijk voelbaar moeten zijn. Wel willen wij een aantal punten meegeven, zoals onderstaand verwoord.
1. Verantwoording en rol volksvertegenwoordigers Net als in de eerdere zienswijzen bij de concept-doelen van de Economische Agenda en het concept van de Economische Agenda zelf, vragen wij aandacht voor de positie van volksvertegenwoordigers. 30 jaar lang investeren in de toekomst van Groningen en NoordDrenthe vraagt om transparantie en zichtbare verantwoording richting raadsleden. Volksvertegenwoordigers zijn het eerste aanspreekpunt voor inwoners en de selectie van projecten moet ook door de volksvertegenwoordigers uit te leggen zijn. Het moet duidelijk zijn hoe een project ‘een plus’ is voor de regio. Daarvoor is het volgende nodig: -
Vooraf: duidelijkheid over selectiecriteria voor de uit te voeren projecten;
-
Tussentijds: tijdige betrokkenheid van volksvertegenwoordigers om kaders te stellen bij koerswijzigingen en besluiten over grote projecten; en
-
Achteraf: verantwoording over de gemeten effecten op basis van concrete indicatoren en een uitgebreide terugkoppeling op ingebrachte zienswijzen met aandacht voor de politieke keuzes die zijn gemaakt.
2. Midden- en kleinbedrijf Een sterke en toekomstbestendige midden- en kleinbedrijf (mkb) is cruciaal voor het behalen van de doelstellingen van de Economische Agenda. Het mkb vormt de ruggengraat van de regionale economie en is een belangrijke aanjager van innovatie, werkgelegenheid en brede welvaart. Hoewel in het uitvoeringsplan ondersteuning van kleine ondernemers wordt benadrukt, zien wij dat de focus nu met name ligt op grotere initiatieven. Wij maken ons zorgen dat de concentratie van investeringen rond hubs, het werken met een triple helix en de gevraagde cofinanciering het zullen bemoeilijken voor het mkb om te profiteren van de effecten van de Economische Agenda. Wij zouden graag zien dat wordt gemeten in hoeverre er sprake is van synergie, zodat duidelijk is in hoeverre het mkb ook profiteert van de Economische Agenda. Hoewel kan worden geleerd van Eindhoven, is de vergelijking scheef; Groningen is een aanzienlijk minder kapitaalkrachtige regio.
3. Middelbaar beroepsonderwijs Wij constateren dat de cruciale rol van het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) nog onvoldoende expliciet en structureel is verankerd in het uitvoeringsplan. De regio kent van oorsprong een grote maakindustrie, en de beroepsbevolking in Noord-Nederland bestaat uit bovengemiddeld veel mensen met een mbo-achtergrond. Gezien de grote vraag naar praktisch opgeleide vakmensen in sectoren als techniek, energie, zorg en logistiek is een versterkte focus op het mbo noodzakelijk om de uitvoerbaarheid en effectiviteit van de agenda te borgen.
4. Risico’s AI Daarnaast constateren wij dat er grote ambities zijn op het gebied van technologie, met name rondom kunstmatige intelligentie (AI). Wij vragen aandacht voor de risico’s van AI. Met name waar het gaat om de vraag in hoeverre AI het werk van praktisch geschoolde inwoners gaat verdringen. Technologische innovatie moet ten goede komen aan álle inwoners, en niet leiden tot een tweedeling tussen hoogopgeleide kenniswerkers en praktisch geschoolde inwoners.
5. Randvoorwaarden Naast de bovengenoemde punten vragen wij aandacht voor een aantal randvoorwaardelijke thema’s. Allereerst is het van belang om economische ontwikkeling in samenhang te zien met sociale vraagstukken. Dit vraagt om een integrale benadering. Ten tweede spreken wij ons uit voor het betrekken van jongeren bij de Economische Agenda en het behoud van jong talent in de regio. Dit laatste vraagt om inspanningen ten aanzien van een aantrekkelijke leefomgeving
op tal van aspecten. Daarnaast is het zaak om rekening te houden met én in te spelen op de verschillen tussen Stad en Ommeland. Zet in op synergie en maak gebruik van organisaties, bedrijven en initiatieven die al bestaan. Tot slot vragen wij aandacht voor kwesties die buiten de Economische Agenda vallen, maar wel impact hebben op de uitvoering daarvan, zoals het oplossen van de netcongestie en het verbeteren van het openbaar vervoer.
Met vriendelijke groet, Namens de gemeenteraad van Midden-Groningen
Indra Oosting Griffier