CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

03. Bijlage aanwijzingsprocedure lokale publieke media-instelling

Raadsvergadering 27 oktober 2022, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Aanwijzingsprocedure lokale publieke media-instelling9.078 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Niet gevonden in dit document.

q^2 6

COMMISSARIAAT VOOR DE MEDIA

COt :j6ó ^ <9g

No. -1 AÜG. 2022

Hoge Naarderweg 78 Kil 1217 AH Hilversum llll Postbus 1426 lllll 1200 BK Hilversum HUI cvdm@cvdm.nl lllll www.cvdm.nl lllll T 035 773 77 00 lil» F 035 773 77 99 lllll

Gemeente Midden-Groningen T.a.v. de raadsgriffier Postbus 75 9600 AB HOOGEZAND Per e-mail vooruit: qemeente@midden-qroninqen.nl en iuzette.brouwer@midden-qroninqen.nl

Datum

Onderwerp

29 juli 2022

Aanwijzingsprocedure lokale publieke media-instelling

Uw kenmerk

Ons kenmerk

Contactpersoon

Doorki esnummer

894278/913055

Michiel Willemsen

+31 35 7737700

Geachte griffier, Per brief van 22 december 2021 hebben wij uw gemeente geïnformeerd over de openstelling van de procedure tot aanwijzing van een lokale publieke media-instelling voor uw gemeente, voor de vijfjarige periode vanaf 1 januari 2023. In deze brief informeren wij u over de ingediende aanvraag. Ook informeren wij u in deze brief over wat er in de _______ _ «anwijzingsprocedure van uw gemeente wordt verwacht. Ingekomen aanvraag Het Commissariaat voor de Media (hierna: het Commissariaat) heeft een aanwijzingsaanvraag voor uw gemeente ontvangen van Stichting Mediagroep Midden Groningen. Stichting Mediagroep Midden Groningen is de huidige lokale publieke media-instelling voor uw gemeente. Alle documenten die onderdeel uitmaken van de aanvraag van Stichting Mediagroep Midden Groningen treft u bijgaand aan. Wettelijk advies gemeenteraad Voordat het Commissariaat een beslissing neemt over de ingediende aanvraag, dient uw gemeenteraad op grond van artikel 2.61, derde lid, van de Mediawet 2008 het Commissariaat te adviseren over de vraag of de aanvragende partij voldoet aan de eisen om voor aanwijzing als lokale publieke media-instelling in aanmerking te komen. Vereisten om voor aanwijzing in aanmerking te komen Artikel 2.61, tweede lid, van de Mediawet 2008 bepaalt dat voor aanwijzing slechts in aanmerking komen instellingen die: a.

rechtspersoon naar Nederlands recht met volledige rechtsbevoegdheid zijn; b. zich volgens de statuten uitsluitend of hoofdzakelijk ten doel stellen het op regionaal respectievelijk lokaal niveau uitvoeren van de publieke mediaopdracht door het verzorgen van media-aanbod dat gericht is op de bevrediging van maatschappelijke behoeften die in een provincie, een gemeente of een deel van de provincie waarop de instelling zich richt leven, en het verrichten van alle activiteiten die nodig zijn om daarmee een publieke taak te vervullen; en c. volgens de statuten een orgaan hebben dat het beleid voor het media-aanbod bepaalt en dat representatief is voor de belangrijkste in de desbetreffende provincie of gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen.

COMMISSARIAAT VOOR DE MEDIA

Wat verwacht het Commissariaat in het wettelijk advies van de gemeenteraad? De raad van uw gemeente moet in zijn advies de volgende vragen gemotiveerd met ja of nee beantwoorden: Is de aanvrager een rechtspersonen naar Nederlands recht met volledige rechtsbevoegdheid? Met andere woorden: is het een stichting of vereniging? Stelt de aanvrager zich ten doel op lokaal niveau de publieke mediaopdracht uit te voeren door media-aanbod te verzorgen dat is gericht op de bevrediging van maatschappelijke behoeften die in de gemeente leven? Heeft de aanvrager volgens de statuten een orgaan dat het beleid voor het mediaaanbod bepaalt? Is dit programmabeleidbepalende organen (pbo) representatief samengesteld? Aanvullende stukken/wijzigingen Voor de goede orde wijzen wij u erop dat uw gemeente zelf dient te beoordelen in hoeverre de door de aanvrager ingediende stukken, die u bijgaand aantreft, toereikend zijn voor het kunnen geven van een gemotiveerd advies door uw gemeenteraad. Desgewenst dient uw gemeente aanvullende informatie in te winnen bij de aanvrager. Als zich wijzigingen voordoen die van invloed zijn op de aanwijzingsprocedure of op de advisering door uw raad, dan stellen wij u daarvan op de hoogte.

Termijn voor het advies Artikel 6, tweede lid, van de Mediaregeling 2008, bepaalt dat de gemeenteraad binnen achttien weken na ontvangst van de aanvraag advies uitbrengt aan het Commissariaat. Wrf ontvangen het advies van uw gemeenteraad graag uiterlijk 30 november 2022. Tijdige advisering is van belang om vóór het aflopen van de lopende aanwijzingsperiode een besluit te kunnen nemen voor de opvolgende periode. De huidige aanwijzing vervalt van rechtswege na 5 jaar. Het is daarom belangrijk dat de adviseringstermijn niet wordt overschreden. Het Commissariaat kan periodiek contact opnemen met de gemeente om te overleggen over de voortgang van het advies. Mocht de gestelde termijn problemen opleveren, dan kunt u een (onderbouwd) verzoek tot uitstel indienen bij het Commissariaat. U kunt hierover contact opnemen met de contactpersoon van het Commissariaat. De contactinformatie vindt u onderaan deze brief.

Welke stukken moet de gemeente toesturen? Uw gemeenteraad brengt advies uit aan het Commissariaat door toezending van de volgende documenten aan het e-mailadres aanwiizinq@cvdm.nl: • een ondertekend en gemotiveerd raadsbesluit, waarin het wettelijk advies is opgenomen; • het bijbehorende raadsvoorstel, met daarin de motivering van het raadsbesluit; • een link naar de website waarop de raadsvergadering teruggeluisterd of -gekeken kan worden; • eventuele andere documenten die aan het advies ten grondslag zijn gelegd en waarvan de inhoud bij het Commissariaat niet bekend is. Vervolg procedure na advies Nadat uw gemeenteraad advies aan het Commissariaat heeft uitgebracht, toetst het Commissariaat of het advies zorgvuldig tot stand is gekomen en deugdelijk gemotiveerd is. Is dat het geval, dan gaat het Commissariaat in beginsel tot besluitvorming over.

-2-

COMMISSARIAAT VOOR DE MEDIA

Ontvangstbevestiging sturen Wij verzoeken u binnen twee weken na de ontvangst van deze brief, bij voorkeur via een e-mailbericht aan aanwiizinq@cvdm.nl. een ontvangstbevestiging aan ons toe te sturen. Wij stellen het op prijs als u bij uw reactie het bovengenoemde kenmerk vermeldt. Contactpersoon Commissariaat Mochten er nog vragen zijn dan kunt u contact opnemen met de behandelaar van dit dossier binnen het Commissariaat, Michiel Willemsen. Hij is op werkdagen tussen 11:00 en 12:00 uur telefonisch bereikbaar via het bovenstaande telefoonnummer of via e-mail naar aanwiizinq@cvdm.nl. Een afschrift van deze brief gaat naar het bestuur van Stichting Mediagroep Midden Groningen. Hoogachtend, COMMISSARIA/V

if^E MEDIA,

mr. loovers Practice Lead Markttoegang a.i. Bijlagen: documenten behorende bij de aanvraag van Stichting Mediagroep Midden Groningen.

-3-

AANVRAAG AANWIJZING LGKALE PUBLIEKE MEDIA-lNSTELLING

Statutaire naam:

Mediagroep Midden Groningen

Station-call:

Regio FM, Regionieuws TV en www.middenaroninaennieuws.nl

Correspondentieadres: Hoofdweg 118 9628CS Siddeburen

Studioadres:

Hoofdweg 118 9628CS Siddeburen

Telefoonnummer

0598-423200

E-malladres:

info@middengroningennieuws.nl

Internetadres:

www.middengroningennieuws.nl

Contactpersoon:

A. Bos

Telefoonnummer:

0598-423200 (tijdens kantooruren)

Voorde gemeente(n); Midden-Groningen Deze aanvraag gaat vergezeld van; p uittreksel inschrijving bij de Kamer van Koophandel p samenstelling programmabeleidbepalend orgaan p notarieel vastgestelde statuten p redactiestatuut p huishoudelijk reglement

Datum: 20 mei 2022

Handtekening namens het bestuur, secretaris (A. Bos).-

^f'ohting '^9roep Midden Q ''oningen

^Sr^enjent

In dit huishoudelijke reglement zijn de interne regels voor de stichting Mediagroep Midden Groningen medewerkers geregeld. Het niet naleven kan tot consequenties leiden. INHOUDSOPGAVE 1. 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6.1 1.6.2 1.7 1.8 1.9

Algemene regels Algemene gedragsregels Aansprakelijkheid Diefstal Roken Ziekmelding Mededelingen/Publikaties intern Mededelingen/Publikaties extern Vergaderingen Huisdieren Legitimatie

2. 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

Gebruik ruimtes Algemeen gebruik Kantine Bestuurskamer Redactie ruimte Automatisering

3. 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6

Gebruik apparatuur — Techniek Opname apparatuur ten behoeve van locatie Uitlenen apparatuur Telefoon Kopieermachine Computers

4. 4.1 4.2

Fonotheek Gebruik geluidsdragers Uitlenen geluidsdragers

5.

Sleutelgebruik

6.

Bijzonderheden

Pagina: 2

1. 1.1

ALGEMENE REGELS Algemene gedragsregels: Medewerkers van stichting Mediagroep Midden Groningen dienen zich zowel in de studio als ook tijdens lokatie-werkzaamheden correct en representatief te gedragen. Elke medewerker is in principe bij individueel handelen het visitekaartje van de organisatie. Een negatieve indruk van één medewerker leidt immers al snel tot een negatief beeld van de gehele organisatie. b. Medewerkers van stichting Mediagroep Midden Groningen dienen zich tijdens studio-uitzendingen zodanig rustig en stil te gedragen dat dienstdoende programmateams hiervan geen hinder ondervinden. c. Het is medewerkers van stichting Mediagroep Midden Groningen ten strengste verboden om in de presentatie-, fonotheek, techniekruimten en op locatie, alcoholische dranken, drugs en/of verdovende middelen te gebruiken. Een medewerker die bij aankomst reeds onder invloed van alcohol, drugs en/of verdovende middelen is, wordt de toegang tot de studio en locatie ontzegd. d. Het is medewerkers van stichting Mediagroep Midden Groningen, behalve de dienstdoende barmedewerker niet toegestaan zich achter de bar op te houden. e. Het bovenstaande is tevens van toepassing voor gasten/bezoekers f. Medewerkers van stichting Mediagroep Midden Groningen zijn verantwoordelijk voor het gedrag van hun gasten/ bezoekers en dienen er op toe te zien dat bovenstaande regels ook door hun worden nageleefd.

g. Medewerkers van stichting Mediagroep Midden Groningen dragen er zorg voor dat uitgenodigde gasten voor hen of een ander programma op een correcte wijze worden ontvangen. h. Medewerkers van stichting Mediagroep Midden Groningen gaan met de eigendommen/apparatuur van de omroep als een goed "huisvader" om. i. Alle medewerkers van Stichting Mediagroep Midden Groningen dienen zich bewust te zijn van de in dit huishoudelijk reglement gemaakte afspraken. Indien zij handelen in strijd met deze afspraken, is de programmaleiding of het bestuur bevoegd om noodzakelijke maatregelen te treffen. j. De programmaleiding of het bestuur is bevoegd om een medewerker urt zijn/haar functie binnen de omroep te zetten of te schorsen, wanneer zij van mening is dat die functie door de betrokken medewerker onjuist of onvoldoende wordt uitgeoefend. k. Een medewerker is pas bevoegd tot het actief deelnemen aan omroepactiviteiten, als hij/zij daartoe door de programmaleiding geschikt is bevonden. l. Er wordt met de medewerker een medewerkersovereenkomst afgesloten. Middels deze overeenkomst verklaart de medewerker akkoord te gaan met het huishoudelijk reglement van de omroep. Voor elke nieuwe medewerker geldt een proeftijd van drie maanden, waarna een evaluatiegesprek zal plaatsvinden. m.

Het is voor medewerkers van Stichting Mediagroep Midden Groningen niet toegestaan om ook medewerker te zijn van een andere lokale omroep, hiervoor dient schriftelijk bij het bestuur om toestemming worden gevraagd. a.

1.2

Aansprakelijkheid: Stichting Mediagroep Midden Groningen is niet aansprakelijk voor vermissing of beschadiging van voorwerpen en goederen van medewerkers en gasten/bezoekers. Medewerkers, die opzettelijk, dan wel door grove nalatigheid, schade veroorzaken aan voorwerpen/goederen van de omroep, medewerkers of gasten/bezoekers worden hiervoor persoonlijk aansprakelijk gesteld. De schade dient in die gevallen door de betreffende medewerker(s) zelf te worden vergoed.

1.3

Diefstal: Bij constatering van diefstal zal de politie onvenwijld ingeschakeld worden. Zodra de schuld vaststaat, zal het vrijwillige dienstverband met de betreffende medewerker met onmiddellijke ingang beëindigd worden. Voor gasten/bezoekers geldt in dergelijke situaties dat hun de toegang tot de studio voor onbepaalde tijd wordt ontzegd.

1.4

Roken: Er is in het gehele gebouw een rookverbod Tijdens live-uitzendingen, is er in het gehele gebouw een alcoholverbod, dit verbod is van kracht een half uur voor en na de uitzending.

Pagina: 3

1.5

Ziekmelding: Medewerkers van Stichting Mediagroep Midden Groningen dienen zich bij ziekte zo spoedig mogelijk af te melden bij hun eindverantwoordelijke

1.6.1

Mededelingen/Publicaties intern: Mededelingen die betrekking hebben op programma's en aanverwante zaken worden gepubliceerd op het mededelingenbord in de kantine en/of redactieruimte en in de wekelijkse nieuwsbrief. Mededelingen van andere aard worden gepubliceerd op het mededelingenbord in de redactieruimte De mededelingenborden mogen niet worden gebruikt voor commerciële doeleinden. Publikaties, die niet voldoen aan de gestelde criteria worden van de mededelingenborden venwijderd.

1.6.2.

MededelingenlPublikaties extern: Alle mededelingen/publikaties/informatie Stichting Mediagroep Midden Groningen betreffende, zoals persberichten, posters, flyers en andere uitingen dienen eerst ter goedkeuring aan het bestuur cq programmaleider te worden voorgelegd. Dit geldt ook voor het externe gebruik van het Stichting Mediagroep Midden Groningen logo.

1.7

Vergaderingen: Reservering van vergaderruimte is verplicht. Reservering kan geschieden door de geplande vergadering direct te vermelden in de "vergaderagenda", onder toevoeging van tijdstip en verwachte duur van de vergadering, evenals de naam van het programma/werkgroep of team.

1.8

Huisdieren: Het is medewerkers en hun gasten/bezoekers niet toegestaan huisdieren mee te nemen. Een uitzondering hierop vormt wanneer de aanwezigheid van een huisdier in de studio ten behoeve van een programma gewenst is. Dit dient echter vooraf met de programmaleider overlegd te worden.

1.9

Legitimatie: Medewerkers van Stichting Mediagroep Midden Groningen dienen in het bezit te zijn van een geldige legitimatie, welke door Stichting Mediagroep Midden Groningen is afgegeven en daarop vermeld de bevoegdheden van de desbetreffende medewerker. Bezoekers die als gast bij een programma o.i. d. aanwezig zijn, dienen een VISITOR pas te dragen en na hun bezoek weer af te geven. De gastgever is verantwoordelijk voor de bezoekers.

2.

GEBRUIK RUIMTES

2.1

Algemeen gebruik: De ruimtes/apparatuur in de studio dienen na gebruik: - schoon achtergelaten te worden; - gecontroleerd te worden of de ramen goed afgesloten zijn; - gecontroleerd te worden of alle apparatuur uit is. Apparatuur, welke gebruikt is tijdens uitzendingen/lokatie-uitzendingen of apparatuur welke tijdens uitzendingen verplaatst is, dient direct na gebruik in/op de gebruikelijke plaats te worden terug­ gelegd/gezet. Gebruik en verplaatsing van apparatuur tijdens speciale uitzendingen dient vooraf toestemming van het Hoofd Technische Staf worden gevraagd.

2.2

Kantine: De kantine wordt beheerd door een dienstdoende barmedewerker, die daartoe is aangesteld. Consumpties dienen altijd dezelfde dag, voor het verlaten van de studio, te worden afgerekend. Misbruik leidt onvenwijld tot maatregelen. Voor de uitgifte van sleutels van de studieruimtes dient te worden gevraagd. Indien van de vergaderruimte in de kantine gebruik wordt gemaakt, dan dienen de medewerkers/barbezoekers, die zich aan de bar ophouden, stilte te betrachten, zodanig dat de vergadering hiervan geen hinder ondervindt. f. Tijdens uitzendingen is de in de kantine aanwezige radio/tuner afgestemd op Stichting Mediagroep Midden Groningen g. De dienstdoende medewerker is hiervoor verantwoordelijk. a. b. c. d. e.

Pagina: 4

2.3

Bestuurskamer; De bestuurskamer is uitsluitend toegankelijk voor de leden van het bestuur en eventueel anderen die daartoe uitdrukkelijk toestemming hebben gekregen.

2.4

Redactieruimte: Het kantoor van de redactieruimte is uitsluitend toegankelijk voor medewerkers die redactiewerkzaamheden verrichten en anderen die daartoe toestemming hebben verkregen.

3.

GEBRUIK APPARATUUR

3.1 a.

Techniek: De apparatuur t.b.v. de techniek mag alleen door daartoe bevoegde techniekmedewerkers, door het Hoofd Technische Staf daartoe aangewezen, worden bediend.

b.

Medewerkers, die nog geen voltooide techniekopleiding hebben gehad mogen de apparatuur niet bedienen. Tenzij men door het Hoofd Technische Staf daartoe gemachtigd is.

c.

Koffie, thee en andere dranken e.d., mogen niet in de techniekruimte, genuttigd worden, Etenswaren, uitgezonderd snoepgoed, zijn niet toegestaan in deze ruimten.

3.2

Opnameapparatuur t.b.v. lokatie: De programmaleiding beslist over de lokatie-uitzendingen die buiten de studio gemaakt worden. Voor het maken van deze uitzendingen beschikt Stichting Mediagroep Midden Groningen over verschillende apparaten die uitsluitend gebruikt mogen worden na goedkeuring van het Hoofd Technische Staf. Opnameapparatuur is en dient te worden geplaatst op een daarvoor gereserveerde plaats. Deze plaats wordt door de Hoof Technische Staf vastgesteld en bekend gemaakt. Indien een medewerker c.q. programma gebruik wenst te maken van deze apparatuur dient hij/zij dit vooraf te reserveren bij het Hoofd Technische Staf. Voor het gebruik van deze apparatuur dient worden getekend. Opnameapparatuur dient zo spoedig mogelijk na gebruik te worden teruggezet, nadat eerst grondige controle is gedaan op de compleetheid van de set. Van vermissing van onderdelen van de apparatuur dient direct melding te worden gemaakt bij het Hoofd Technische Staf. Apparatuur, waaraan een defect is opgetreden dient direct ter reparatie bij het Hoofd Technische Staf worden aangeboden. De defecte apparatuur dient te zijn voorzien van een memo, waarin staat vermeld de naam van de gebruiker/ medewerker en datum en een omschrijving van de klacht.

3.3

Uitlenen van apparatuur: Apparatuur in eigendom van Stichting Mediagroep Midden Groningen wordt niet uitgeleend, niet voor privé-gebruik en niet voor gebruik door derden.

3.4

Telefoon en Internet: Privé-gebruik van telefoon en internet bij Stichting Mediagroep Midden Groningen is niet toegestaan, anders dan dat hiertoe toestemming is verkregen. Gebruik ten behoeve van programma's is uiteraard vrij.

3.5

Kopieermachine: Privé-gebruik van de kopieermachine bij Stichting Mediagroep Midden Groningen is niet toegestaan anders dan nadat hiertoe toestemming is verkregen. Gebruik ten behoeve van programma's/ administratie/acquisitie en dergelijke is uiteraard vrij.

3.6

Computers: Computers voor algemeen gebruik bevinden zich in de redactieruimte, fonotheek en presentatieruimte. Eenmalige documenten dienen bij voorkeur niet opgeslagen te worden op de harde schijf. De computers in de bestuurskamer, de registratie zijn niet bestemd voor algemeen gebruik en mogen niet voor andere doeleinden gebruikt worden.

4.

FONOTHEEK

4.1

Gebruik van geluidsdragers: a. Om behoud van kwaliteit en verlenging van de levensduur te bevorderen dient voorzichtig met de geluidsdragers te worden omgegaan.

Pagina: 5

b. De geluidsdragers zijn gecodeerd en dienen na gebruik op de juiste plek teruggezet te worden. c. Afluisterapparatuur en computer(s) dienen na gebruik te worden uitgezet. e. Bij beschadiging/vernieling/vermissing van geluidsdragers dient de beheerder van de fonotheek hierover zo spoedig mogelijk ingelicht te worden. 4.2

Uitlenen van geluidsdragers: Uitlenen van geluidsdragers in eigendom van Stichting Mediagroep Midden Groningen is niet toegestaan, niet voor privé-doeleinden en niet voor derden. Geluidsdragers in eigendom van Stichting Mediagroep Midden Groningen mogen de studio niet verlaten. Gebruik van geluidsdragers voor bijzonderde doeleinden, kan alleen na toestemming van de fonotheekbeheerder

5.

SLEUTELGEBRUIK De medewerker, die als laatste het pand verlaat, dient er voor zorg te dragen dat het pand op b. de juiste wijze wordt afgesloten, dat het alarm wordt ingeschakeld en de voordeur op correcte wijze wordt afgesloten. Indien geen medewerker meer aanwezig is die geautoriseerd is een en ander af te handelen, dan dient direct de sleutelbeheerder te worden ingeschakeld.

6. BIJZONDERHEDEN In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet beslist het Dagelijks Bestuur van Stichting Mediagroep Midden Groningen. Het DB gaat er vanuit dat alle medewerkers van de inhoud van dit reglement op de hoogte zijn en deze zullen naleven. Aldus gewijzigd en vastgesteld door het bestuur op 20 juli 2018

Pagina: 6

Inzien uittreksel - Stichting Mediagroep Midden Groningen (69248109) Kamer van Koophandel, 28 juni 2022 - 08:39 KvK-nummer 69248109 De onderneming / organisatie wil niet dat haar adresgegevens worden gebruikt voor ongevraagde postreclame en verkoop aan de deur. Rechtspersoon RSIN Rechtsvorm Statutaire naam Statutaire zetel Bezoekadres Telefoonnummers Eerste inschrijving handelsregister Datum akte van oprichting Datum akte laatste statutenwijziging Activiteiten

Onderneming Handelsnamen Startdatum onderneming Activiteiten _ _ Werkzame personen Vestiging Vestigingsnummer Handelsnamen

857801259 Stichting Stichting Mediagroep Midden Groningen gemeente Midden Groningen Hoofdweg 34 E, 9939PE Tjuchem 0598423200

20-07-2017 17-07-2017 29-07-2019 SBI-code: 6010 - Radio-omroepen Omroep-organisatie.

Stichting Mediagroep Midden Groningen Mediagroep Midden Groningen 17-07-2017 (datum registratie: 20-07-2017) SBI-code; 60iO^ Radio-omroepen---------------0

000037611097

Werkzame personen

Stichting Mediagroep Midden Groningen Mediagroep Midden Groningen Hoofdweg 118, 9628CS Siddeburen 0598423200 0598321042 17-07-2017 (datum registratie: 20-07-2017) SBI-code: 6010 - Radio-omroepen Radio-omroep. 0

Bestuurders Naam Geboortedatum Datum in functie Titel Bevoegdheid

Bos, Abel 06-01-1968 17-07-2017 (datum registratie: 20-07-2017) Secretaris Gezamenlijk bevoegd (met andere bestuurder(s), zie statuten)

Naam Geboortedatum Datum in functie Titel Bevoegdheid

Kuijer, Franklin Delwyn 26-04-1948 02-08-2019 (datum registratie: 26-08-2019) Voorzitter Gezamenlijk bevoegd (met andere bestuurder(s), zie statuten)

Naam Geboortedatum Datum in functie Titel Bevoegdheid

Bos - Bats, Karin Miranda 24-04-1969 01-06-2022 (datum registratie: 13-06-2022) Penningmeester Gezamenlijk bevoegd (met andere bestuurder(s), zie statuten)

Bezoekadres Telefoonnummers Datum vestiging Activiteiten

Gegevens zijn vervaardigd op 28-06-2022 om 08.39 uur.

LEDEN VAN DE PROGRAMMARAAD, MEDIAGROEP MIDDEN-GRONINGEN Stroming

Maatschappelijke zorg, welzijn en minderheden

Cultuur en kunst

Kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke Grondslag Werkgevers

Agrarische sector

Onderwijs en educatie

Sport en recreatie

Werknemers

Naam en adresgegevens Dhr. Bert Kolk Voorzitter Hoofdstraat 97J Hoogezand 06-53715695 Mevr. Dorothee Hopma Specialist Sociaal Domein Gorecht Oost 157 Hoogezand 06-45179869 Dhr. Jan Onne Bosman Rentmeester Hoofdweg 89 Siddeburen 06-11853820 Dhr. Klaas Boer Voorzitter Hoofdweg 170 Siddeburen 06-45444949 Mevr. Alma Hertog- Fluks Melkveehouderij Luddeweersterweg Luddeweer 06-30073001 Mevr. Jolanda Klunder, PR &. Communicatie Rembrandtiaan 45 Hoogezand 06-11756870 Mevr .Lijda Bijma Trainer W.A. Scholtenweg 84 Zuidbroek

Organisatie/instelling en adresgegevens Humanitas Midden-Groningen Troelstralaan 7 Hoogezand 0598-383048 Biblionet Groningen Midden Groningen De Mudden 18 Groningen 088 506 1911 Hervormde Kerk Hoofdweg 124 Siddeburen

06-11853820 Ondernemersvereniging OverMG Hoofdweg 170 Siddeburen 088-8855050 LTO noord (secretariaat) AE Gorterweg 33 Woldendorp

06-30073001 Dr. Aletta Jacobs College Laan van de Sport 4 Hoogezand

0598-350250 Sportvereniging SOS Muntendam W.A. Scholtenweg 84 Zuidbroek

06-22738523

06-22738523

Dhr. Frits Kramer Kaderlid FNV Berkenweg 28A Hoogezand 06-48515606

FNV regio Noord Leonard Springerlaan 23 Groningen

06-20493079

Redactiestatuut st. Mediagroep Midden Groningen Doelstelling lokale publieke media-instelling Artikel 1 De lokale publieke media-instelling (hierna: lokale omroep) stelt zich volgens de statuten uitsluitend of hoofdzakelijk ten doel het op lokaal niveau uitvoeren van de publieke media-opdracht door het verzorgen van media-aanbod dat gericht is op de bevrediging van maatschappelijke behoeften die in het verzorgingsgebied waarop de instelling zich richt leven, en het verrichten van alle activiteiten die nodig zijn om daarmee een publieke taak te vervullen. Beginselverklaring Artikel 2

1. De uitgangspunten die betrekking hebben op het samenstellen van het omroepprogramma/media-aanbod van de lokale omroep zijn neergelegd in de Mediawet, in de statuten van die instelling, in het door het programmabeleid bepalend orgaan (pbo) vastgestelde programmabeleid en in de door de lokale omroep vastgestelde regelingen. De hoofdredacteur en de programmastaf zijn aan deze uitgangspunten gebonden. De desbetreffende stukken worden geacht bij hen bekend te zijn. 2.

Dit redactiestatuut beoogt de programmamedewerkers waarborgen te bieden voor het onafhankelijk uitoefenen van de uit het redactiestatuut voortvloeiende taken, zonder rechtstreekse beïnvloeding door of van wie dan ook anders dan op de wijze als in dit redactiestatuut is voorzien.

3.

Deze onafhankelijke taakuitoefening houdt in dat de programmamedewerkers bij de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod: zonder vooroordelen te werk gaan en streven naar een zo nauwgezet mogelijke weergave van de werkelijkheid; de informatievoorziening en de uitwisseling van verschillende meningen voorop stellen; zorgvuldige verificatie betrachten van hetgeen zij voornemens zijn te publiceren; een zo herkenbaar mogelijk onderscheid maken tussen feiten, analyses en meningen; betrokkenen de gelegenheid geven tot hoor en wederhoor in die zin dat zij een eerlijke kans krijgen, in tijd en in informatie, om te reageren; zich niet dienstbaar maken aan winst van derden, sluikreclame weren en zich terughoudend opstellen tegenover sponsoractiviteiten; geen (neven)activiteiten verrichten die met hun onafhankelijke taakuitvoering strijdig zijn.

Bevoegdheden/verplichtingen betrokken organen De lokale omroep Artikel 3 Het bestuur van de lokale omroep is verantwoordelijk voor de vorm en de inhoud van het door de lokale omroep verzorgde omroepprogramma/media-aanbod. De samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod is opgedragen aan de hoofdredacteur met inachtneming van het door het pbo vastgestelde programmabeleid. Het bestuur van de lokale omroep oefent achteraf en met terughoudendheid toezicht uit op de naleving van de statuten, de naleving van het door het pbo vastgestelde programmabeleid en de naleving van de uit de statuten en het programmabeleid voortvloeiende regelingen.

pagina 4

De programmamedewerker Artikel 4 De programmamedewerker is de medewerker van de lokale omroep die is belast met werkzaamheden in het kader van de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod, voor zover deze een arbeidscontract of medewerker-overeenkomst heeft gesloten. Uitgangspunten voor het beleid bij benoeming, schorsing of ontslag van de programmamedewerker is vastgelegd in door het bestuur en de hoofdredacteur opgestelde regelingen. De hoofdredacteur Artikel 5 De hoofdredacteur is degene aan wie op grond van het bepaalde in de statuten de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod van de lokale omroep is opgedragen. Uitgangspunten voor het beleid bij benoeming, schorsing of ontslag van de hoofdredacteur zijn vastgelegd in de statuten van de lokale omroep. Artikel 6 1. Bij voorziening in een vacature voor de functie van hoofdredacteur wordt, met inachtneming van hetgeen hierover is opgenomen in de statuten, door het bestuur een sollicitatie- en selectiecommissie ingesteld. 2. In de sollicitatie- en selectiecommissie hebben zitting; twee leden van het bestuur, waaronder det bestuurslid betast metrhet personeelsbeleid; een lid, aangewezen door de redactieraad. 3. Het bestuurslid belast met het personeelsbeleid zit de vergaderingen van de sollicitatie- en selectiecommissie voor. 4.

De sollicitatie- en selectiecommissie stelt een voordracht op en legt deze, vergezeld van een verslag van haar werkzaamheden, voor aan het bestuur. Artikel 7 1.

De hoofdredacteur kan worden ontslagen overeenkomstig de betreffende bepalingen in de statuten van de lokale omroep.

2.

De redactieraad is bevoegd een voorstel tot ontslag of schorsing van de hoofdredacteur in te dienen bij het bestuur. Een dergelijke voorstel vereist de instemming van twee-derde van de leden van de redactieraad.

Artikel 8 1.

De hoofdredacteur is verantwoordelijk voor de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod van de lokale omroep, waaronder begrepen: hij/zij is met betrekking tot het omroepprogramma/media-aanbod verantwoordelijk voor de naleving van statuten, programmabeleid en regelingen; hij/zij draagt binnen dit kader de verantwoordelijkheid voor de inhoud van het omroepprogramma/media-aanbod; hij/zij heeft de dagelijkse leiding over de programmastaf; hij/zij bepaalt de inzet van menskracht en budget en bindt hieraan eventueel nadere instructies.

pagina 5

2.

De hoofdredacteur woont de vergaderingen van het bestuur bij. Hij/zij heeft bij die gelegenheid een adviserende stem.

De programmastaf Artikel 9 1.

De gezamenlijke programmamedewerkers vormen de programmastaf.

2.

De programmastaf kiest periodiek uit zijn midden een afvaardiging voor de redactieraad, zodanig dat deze een afspiegeling vormt van de diverse bij de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod betrokken geledingen van de programmastaf.

3.

De programmastaf vergadert tenminste éénmaal per jaar. Voorts vergadert hij telkenmale wanneer de hoofdredacteur dit wenselijk acht of wanneer tenminste één vijfde van de leden van de programmastaf daartoe de hoofdredacteur verzoekt.

4.

De oproeping tot de vergadering geschiedt door de hoofdredacteur, die tevens de vergadering voorzit en zorgdraagt voor de verslaglegging.

De redactieraad Artikel 10 1.

De redactieraad is door de programmastaf uit zijn midden aangewezen vertegenwoordiging die bestaat uit minimaal drie personen. 2. De redactieraad ondersteunt de hoofdredacteur bij de vormgeving van de uitgangspunten van ___ het te voeren redactioneel beleid. De redactteraaekèezlet in het kader daarvan onder rnéen - de coördinatie van het omroepprogramma/media-aanbod; -de bewaking van de interne en externe communicatie; - de technische kwaliteit van het omroepprogramma/media-aanbod. 3. De redactieraad kiest uit zijn midden een voorzitter en een secretaris; de secretaris draagt zorg voor de verslaglegging van de vergaderingen van de redactieraad in de vorm van ten minste een besluitenlijst. 4. De hoofdredacteur kan de vergaderingen van de redactieraad bijwonen; de hoofdredacteur heeft in die vergadering geen stemrecht. 5. De redactieraad kan besluiten vertegenwoordigers van andere geledingen binnen de lokale omroep aan zijn vergaderingen deel te laten nemen. Zij hebben een adviserende stem. Verhouding/samenwerking bestuur, hoofd redacteur en redactieraad Artikel 11 1. Alvorens het bestuur en/of de hoofdredacteur een beslissing neemt/nemen over zaken die van wezenlijk belang zijn voor de werkzaamheden van de programmastaf, wordt de redactieraad zo tijdig mogelijk geïnformeerd en gehoord. 2. Zaken van wezenlijk belang zijn in ieder geval: a.

ingrijpende wijzigingen in statuten, programmabeleid en regelingen, voor zover deze wijzigingen betrekking hebben op het voorbereiden en samenstellen van het omroepprogramma/media-aanbod;

b.

ingrijpende wijzigingen in het uitzendschema van het omroepprogramma/media-aanbod;

c.

ingrijpende wijzigingen in de huisvestingssituatie;

pagina 6

d.

overeenkomsten voor programmatische samenwerking met derden voor zover deze een ander dan incidenteel karakter hebben;

e.

de benoeming van de hoofdredacteur, met inachtneming van het bepaalde daaromtrent in de statuten en in het redactiestatuut;

f.

ingrijpende wijziging in de samenstelling van de programmastaf;

g.

wijzigingen in het redactiestatuut, met inachtneming van het daaromtrent in het redactiestatuut bepaalde;

h. wijzigingen in de techniek, voor zover deze ingrijpende gevolgen hebben voor de werkzaamheden van de programmastaf; i.

disciplinaire maatregelen ten aanzien van medewerkers van de lokale omroep, voor zover deze ingrijpende gevolgen hebben voor de werkzaamheden van de programmastaf.

3. Tijdig voordat het bestuur van de lokale omroep de begroting vaststelt, legt het bestuur deze voor aan de redactieraad en wel in ieder geval voor wat betreft de posten die rechtstreeks betrekking hebben op de werkzaamheden van de programmastaf. De redactieraad brengt zijn opmerkingen bij de begroting ter kennis van het bestuur. Persoonlijke verantwoordelijkheid programmamedewerker Artikel 12

1. Wanneer een programmamedewerker ernstige (gewetens)bezwaren heeft tegen een aan hem/haar verstrekte opdracht met betrekking tot een omroepprogramma en hij/zij zich niet kan neerleggen bij een door de hoofdredacteur ter zake te nemen of genomen beslissing, dan kan hij/zij zich wenden tot de redactieraad met het verzoek om een uitspraak. 2.

Wanneer de hoofdredacteur besluit ingrijpende wijzigingen aan te brengen ofte doen aanbrengen in een omroepprogramma, dan kan de betrokken programmamedewerker verzoeken om het omroepprogramma niet uit te zenden. Indien de hoofdredacteur niettemin besluit tot uitzending, dan zal het omroepprogramma niet van de naam van de betrokken programmamedewerker worden voorzien. Als de betrokken programmamedewerker het niet met deze beslissing eens is, dan kan hij/zij zich achteraf wenden tot de redactieraad met het verzoek om een uitspraak.

3.

Indien de hoofdredacteur een uitspraak van de redactieraad, zoals hierboven in het eerste en het tweede lid bedoeld, niet aanvaardt, dan maakt hij zijn/haar standpunt gemotiveerd kenbaar aan de redactieraad.

4.

Indien het bestuur van de lokale omroep ernstige klachten heeft over het gevoerde redactioneel beleid of over een uitgezonden omroepprogramma, dan dienen de hoofdredacteur en de betrokken leden van de programmastaf ter zake te worden gehoord. Als het bestuur daarna de klacht handhaaft, kan het maatregelen ten aanzien van de hoofdredacteur treffen zoals in de statuten voorzien.

pagina 7

Geschillen Artikel 13 Geschillen omtrent dit redactiestatuut of het redactioneel beleid worden voorgelegd aan een geschillencommissie. Artikel 14 Deze geschillencommissie bestaat uit drie leden: een lid aan te wijzen door de redactieraad, een lid aan te wijzen door het bestuur en een lid aan te wijzen door redactieraad en bestuur gezamenlijk. Artikel 15 De uitspraken van de geschillencommissie zijn voor alle betrokkenen bindend. Wijziging redactiestatuut Artikel 16 Met inachtneming van het bepaalde daaromtrent in de Mediawet kan het bestuur het redactiestatuut wijzigen met instemming de voltallige redactieraad.

pagina 8

Toelichting Model redactiestatuut Algemene toelichting De respectievelijk in artikel 1 en in artikel 2 verwoorde doelstelling en beginselverklaring vormen het mediawettelijke kader waarbinnen de lokale omroep functioneert. De rechten en plichten van de programmamedewerkers vormen de kern van het redactiestatuut. Voorgeschreven is dat enkel het redactiestatuut beperkingen kan opleggen aan de onafhankelijkheid van de programmamedewerkers. In de beginselverklaring (artikel 2, derde lid) zijn de in acht te nemen algemene journalistieke normen opgenomen. Vervolgens zijn de diverse organen en hun bevoegdheden beschreven. De hoofdredacteur is programmatisch gezien de eerstverantwoordelijke. Hij/zij neemt de finale beslissingen daarover en is de intermediair tussen de bestuurlijke organen en de programmamedewerkers. In artikel 3 is, overeenkomstig artikel 2.88, eerste lid van de Mediawet, buiten twijfel gesteld dat (het bestuur van) de lokale omroep verantwoordelijk is voor de vorm en inhoud van het omroepprogramma/media-aanbod van de lokale omroep. Tegelijkertijd is verzekerd dat de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod is gedelegeerd/opgedragen aan de hoofdredacteur. Het bestuur van de lokale omroep kan achteraf en met terughoudendheid toezicht uitoefenen, conform hetgeen daaromtrent in de statuten of anderszins is geregeld.

Programmamedewerkers zijn alle met redactionele en programma-inhoudelijke taken belast personen. Om een zo ruim mogelijk bescherming te bieden is bewust niet gekozen voor een functiecriterium maar een taakinhoudelijke afbakening. De gezamenlijke programmamedewerkers vormen de programmastaf. De hoofdredacteur heeft bij de concretisering van het redactionele beleid de steun van de redactieraad, een vertegenwoordiging uit de programmastaf. Aan de vergaderingen van de redactieraad kunnen in voorkomende gevallen ook niet-leden van de programmastaf deelnemen, bijvoorbeeld het hoofd van de technische dienst. Met betrekking tot de inrichting van de redactionele organisatie is in dit model geen bepaling opgenomen. Deze verschilt per lokale omroep. Om een goede verstandhouding tussen bestuur, hoofdredacteur en de overige programmamedewerkers te verzekeren, is communicatie in de vorm van (structureel) overleg noodzakelijk. Wanneer het bestuur en/of de hoofdredacteur voornemens is/zijn een beslissing te nemen die van wezenlijk belang is voor het functioneren van de programmastaf, dan ligt overleg daarover met de redactieraad voor de hand. De programmastaf is immers vertegenwoordigd in de redactieraad. Ter afronding is in dit model ingegaan op de persoonlijke verantwoordelijkheid van de programmamedewerker.

Wat kan hij/zij doen indien de hoofdredacteur een opdracht geeft of een beslissing neemt met betrekking tot een door hem/haar gemaakt programma waar hij/zij het niet mee eens is? En welke procedure moet worden gevolgd bij ernstige klachten over een programma? Geschillen, die ontstaan naar aanleiding van het redactiestatuut of een andere regeling met programmatische implicaties, worden voorgelegd aan een geschillencommissie van drie leden, waarvan een benoemd door het bestuur, een door de redactieraad en een door bestuur en redactieraad gezamenlijk.

pagina 9

Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 Het eerste artikel van het model redactiestatuut is een weergave van de wettelijk voorgeschreven doelstelling van een lokale omroep (artikel 2.61, tweede lid, onder b van de Mediawet). Om in aanmerking te komen voor een aanwijzing dient dit doel in de statuten te zijn opgenomen. Artikel 2, lid 1 De eerste zinsnede is bedoeld om duidelijk te stellen dat het uitgangspunt voor het samenstellen van het omroepprogramma/media-aanbod een gegeven is voor de programmamedewerkers van de lokale omroep. Ingevolge artikel 2.61, tweede lid, onder c van de Mediawet kent elke lokale omroep een representatief samengesteld orgaan dat belast is met het vaststellen van het programmabeleid: het programmabeleid bepalende orgaan (pbo). Dit programmabeleid is derhalve niet door het bestuur, de hoofdredacteur of de programmastaf bepaald. Artikel 2, lid 2 Dit artikellid is een beknopte weergave van de redenen waarom een redactiestatuut noodzakelijk is. De programmamedewerkers kunnen hun taken alleen dan onafhankelijk uitoefenen wanneer zij niet blootgesteld zijn aan druk van binnen of buiten de lokale omroep. Artikel 2, lid 3 In dit artikellid is aangegeven waaraan de programmamedewerkers zich bij hun onafhankelijke taakuitoefening dienen te houden.

De opsomming is weliswaar niet uitputtend, maar geefLeen___ aantal belangrijke journalistieke principes weer die de kern vormen van het redactiestatuut. Als evidente voorbeelden van strijdigheid met deze principes kan worden gedacht aan het overnemen zonder bronvermelding (plagiaat), het verzinnen/vervalsen van feiten dan wel het manipuleren van beeld- of geluidsmateriaal. Overigens zij voor de duidelijkheid er op gewezen dat de mogelijkheid van hoor en wederhoor niet betekent dat betrokkenen in hetzelfde programma op elkaar moeten reageren. Programmamedewerkers worden geacht geen nevenactiviteiten te verrichten die op gespannen voet staan met hun onafhankelijke taakuitoefening. In het bijzonder moet de programmamedewerker zich terughoudend opstellen tegenover sponsoractiviteiten. Deze bepaling heeft raakvlakken met de bepalingen van de Mediawet inzake het dienstbaarheidsverbod (artikel 2.141 van de Mediawet) en nevenactiviteiten (2.132 e.v. van de Mediawet). Die richten zich weliswaar tot de lokale omroep, maar de (programma)medewerkers van de lokale omroep hebben in deze een eigen verantwoordelijkheid. Artikels De in de tweede volzin genoemde delegatie impliceert dat niet het bestuur maar de hoofdredacteur beslist over de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod.

Het bestuur kan de delegatie wijzigen of intrekken, dit is maatregelen treffen jegens de hoofdredacteur, binnen de daarvoor geldende statutaire bepalingen. Artikel 4 en artikel 5 Zie voor de desbetreffende uitgangspunten onder meer de statuten.

pagina 10

Artikel 6, lid 2 Het lid van de sollicitatie- en selectiecommissie dat wordt aangewezen door de redactieraad kan zijn een lid van die raad, iemand van de programmastaf dan wel een derde. Artikel 6, lid 4 Het bestuur zal zonder gegronde redenen niet van deze voordracht afwijken. De statuten kunnen hieromtrent nadere voorschriften bevatten. Artikel 7, lid 1 Het orgaan dat de hoofdredacteur benoemt, kan hem/haar ook schorsen of ontslaan. Artikel 7, lid 2 Een redactieraad die om wat voor reden dan ook niet overweg kan met de hoofdredacteur zal niet goed functioneren en moet dit aan het bestuur duidelijk kunnen maken. Het bestuur kan reageren met bemiddeling, schorsing of ontslag op de wijze zoals in de statuten voorzien. Artikels, lid 1 Op grond van artikel 3 van het redactiestatuut is de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod aan de hoofdredacteur gedelegeerd, dit artikel omschrijft in dat kader de taken en verantwoordelijkheden van de hoofdredacteur. Artikels, lid2 De aanwezigheid van de tTöötdredacteur bij de Bestuursvergaderingen is noodzakelijk om de hierna in artikel 11 bedoelde verhouding tussen het bestuur, de hoofdredacteur en de redactieraad te bewerkstelligen. Artikel 9, lid 1 De uitgangspunten van het te voeren redactioneel beleid zijn niet de uitgangspunten van het programmabeleid. Immers, laatstgenoemde uitgangspunten zijn vastgesteld door het pbo.

De uitgangspunten van het te voeren redactioneel beleid zijn de uitgangspunten met betrekking tot de wijze waarop de hoofdredacteur zijn verantwoordelijkheid inzake de samenstelling van het omroepprogramma/media-aanbod invult. Artikel 9, lid 2 Elke geleding moet om te kunnen meebeslissen over de programmering vertegenwoordigd zijn in de redactieraad. Bij geledingen moet worden gedacht aan redactiestaven, productiegroepen, etc. Bij periodiek is jaarlijks de voorkeur. Artikel 9, lid 4 Er is gekozen voor een verslag en niet voor enkel een besluitenlijst omdat bij gelegenheid van dergelijke vergaderingen uitgebreid discussiepunten naar voren worden gebracht die nadere bestudering vergen. Dergelijke punten dienen dan goed gedocumenteerd te zijn waarvan ook de andere organen van de lokale omroep kennis kunnen nemen.

pagina 11

Artikel 10, lid 1 De redactieraad is met name verantwoordelijk voor de totstandkoming van het omroepprogramma/media-aanbod. Een drietal centrale taken zijn expliciet geformuleerd. Een daarvan, de bewaking van de interne en externe communicatie, houdt onder meer in: het voorkomen van dubbele afspraken naar buiten; het voorkomen van overlappingen in de programmering; onderlinge uitwisseling van informatie; onderlinge afstemming van techniek en programmering. Artikel 10, lid 2 Een besluitenlijst moet als minimumvorm van verslaglegging van de vergaderingen van de redactieraad voldoende worden geacht. Grotendeels zijn de besluiten immers van feitelijke aard. Artikel 10, lid 4 In de redactieraad kunnen ook anderen dan (vertegenwoordigers van ) programmamedewerkers zitting hebben. Het is evenwel aan de redactieraad om te beoordelen of het wenselijk is dat bijvoorbeeld (vertegenwoordigers van) technische medewerkers en/of medewerkers van de huishoudelijke dienst deelnemen aan de vergaderingen van de redactieraad. Artikel 11, lid 1 Besluiten van het bestuur en/of de hoofdredacteur die in belangrijke mate de programmastaf raken, behoren tenminste onderwerp van overleg te zijn tussen hoofdredacteur en redactieraad.____ Artikel 11, lid 2 Hierin is een - niet uitputtende - opsomming opgenomen van de onderwerpen ("zaken van wezenlijk belang") die tenminste overleg behoeven.

Artikel 11, lid 3 Omdat de financiële positie van de lokale omroep onlosmakelijk verbonden is met de mogelijkheid een omroepprogramma/media-aanbod tot stand te brengen, is om het belang daarvan te benadrukken een afzonderlijke bepaling opgenomen. Artikel 12 De individuele verantwoordelijkheid van de afzonderlijke medewerkers is reeds benadrukt. Dit artikel geeft aan hoe met deze individuele verantwoordelijkheid in probleemgevallen moet worden omgegaan. Artikelen 13 t/m 15 De geschillenregeling, waarbij is voorzien in een geschillencommissie, kan een overhaaste gang naar het bestuur of de rechter voorkomen. Artikel 16 Met instemming van de voltallige redactieraad bewerkstelligt dat ook de hoofdredacteur moet instemmen met de wijziging.

pagina 12

1 STATUTENWIJZIGING STICHTING MEDIAGROEP MIDDEN GRONINGEN

Zaaknummer: 72941 MP/mp/sb Vandaag, negen en twintig juli tweeduizend negentien, verschenen voor mij, -----------mr. Metje Henderika Marieke Poort, hierna te noemen: notaris, waarnemer van mr. Jan Gerard Hunderman, notaris te Groningen:------------------------------------------------------------1. de heer Abel Bos, geboren te Delfzijl op zes januari negentienhonderd---------------achtenzestig, zich identificerende met zijn Nederlands rijbewijs, nummer ----------5541526596, afgegeven in de gemeente Slochteren op twaalf oktober --------------tweeduizend achttien, wonende Hoofdweg 34E te 9939 PE Tjuchem, gehuwd;------2. de heer Evert Ubbo Luiken, geboren te Hoogezand op veertien december ----------negentienhonderd negenendertig, zich identificerende met zijn Nederlandse-------identiteitskaart, nummer IKKD6D0H9, afgegeven in de gemeente Hoogezand-------Sappemeer op dertig juli tweeduizend vijftien, wonende Stadhouderslaan 82 te — 9602 GD Hoogezand,------------- —........................................................................

handelend als bestuurders van de stichting: STICHTING MEDIAGROEP MIDDEN -------GRONINGEN, statutair gevestigd in de gemeente Midden-Groningen (voorheen de — gemeente Hoogezand-Sappemeer], feitelijk gevestigd aan het adres Hoofdweg 34E te— 9939 PE Tjuchem (postadres: Hoofdweg 34E, 9939 PE Tjuchem), ingeschreven in het — Handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer 69248109, hierna te — noemen: 'de Stichting' en als zodanig bevoegd op grond van artikel 15 van de statuten van de Stichting de statutenwijziging bij notariële akte vast te leggen.---------------------De verschenen personen hebben mij, notaris, het volgende verklaard:-----------------------INLEIDING-----------------------------------------------------------------------------------------------------1. De Stichting is opgericht bij notariële akte op zeventien juli tweeduizend zeventien voor mr. J. van der Ploeg, notaris te Slochteren verleden.----------------------------------2. De statuten van de Stichting zijn daarna niet gewijzigd.-----------------------------------3.

Het bestuur van de Stichting heeft op vier en twintig juli tweeduizend negentien besloten de statuten te wijzigen.------------------------------------------------------------------STATUTENWIJZIGING--------------------------------------------------------------------------------------Als gevolg van het besluit tot statutenwijziging luiden de statuten met onmiddellijke — ingang als volgt:----------------------------------------------------------------------------------------------statuten voortaan zullen luiden als volgt:------------------------------------------------------------Artikel 1--------------------------------------------------------------------------------------------------------Naam------------------------------------------------------------------------------------------------------------1. De stichting draagt de naam: "Stichting Mediagroep Midden Groningen", handelende onder de naam "Mediagroep Midden Groningen". -----------Artikel 2

Zetel-------------------------------------------------------Zij heeft haar zetel in de gemeente Midden Groningen. Artikel 3-------------------------------------------------------------

Doel 1. De stichting heeft tot doel:

2 a.

het uitzenden van omroepprogramma's bestemd voor de gemeente Midden — Groningen, hierna te noemen de gemeente;----------------------------------------b. een programma te verzorgen dat in zodanige mate is gericht op de ----------bevrediging van de in de gemeente levende maatschappelijke, culturele, ----godsdienstige en geestelijke behoeften, dat haar programma geacht kan ----worden van algemeen nut te zijn.----------------------------------------------------2. De stichting gebruikt haar zendtijd geheel voor een programma dat in het -------bijzonder betrekking heeft op de gemeente. --------------------------------------------3. Zij tracht dit doel en al hetgeen daarmee in de ruimste zin verband houdt te-----verwezenlijken door het aanwenden van alle geoorloofde middelen, welke voor de verwezenlijking van het doel der stichting bevorderlijk zijn.--------------------------Artikel 4 Begunstigers 1. Begunstigers zijn zij die zich bereid verklaard hebben de stichting financieel te — steunen met een door het bestuur vast te stellen minimum bijdrage.-----------------2. Het bestuur beslist omtrent de toelating van begunstigers.----------------------------3. de rechten en plichten van een begunstiger kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd.---------------------------------------------------------------4.

De begunstigers zijn gehouden tot het betalen van de bijdrage, die door het ------bestuur is vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld die een verschillende bijdrage betalen.--------------------------------------------------------------5. Begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.-----------------------------------Artikel 5 Geldmiddelen 1. De geldmiddelen der stichting bestaan uit de bijdragen van de begunstigers, uit — opbrengsten van de uitgifte van een programmablad, uit eventuele verkrijging----ingevolge erfstellingen, legaten en schenkingen en tenslotte uit eventuele overige geoorloofde baten.----------------------------------------------------------------------------2. De stichting beoogt niet het maken van winst.-------------------------------------------Artikel 6----------------------------------------------------------------------------------------------Bestuur--------------------------------------------------------------------------- —----------------1. Het bestuur bestaat uit tenminste twee personen. ----------------------------------------2. De voorzitter, secretaris en penningmeester worden in functie benoemd.-----------3. De functies van secretaris en penningmeester kunnen in één persoon verenigd zijn 4.

De leden van het bestuur worden ingevolge artikel 30 sub c, laatste volzin, van de Mediawet, op bindende voordracht van het bestuur of leden van het bestuur -----benoemd eveneens met inachtneming van het hierna bepaalde.----------------------5. Bij het ontstaan van een (of meer) vacature(s) in het bestuur, zullen de------------overblijvende bestuursleden (of zal het enig overblijvende bestuurslid) zo spoedig mogelijk na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming — van een (of meer) opvolger(s).---------------------------------------------------------------6. Mocht(en) in het bestuur om welke reden dan ook één of meer leden ontbreken, — dan vormen de overblijvende bestuursleden, of vormt het enige overblijvende-----bestuurslid niettemin een wettig bestuur.-------------------------------------------------

3 7.

De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen gemaakte kosten.--------------

Artikel 7 Einde bestuurslidmaatschap 1. Het bestuurslidmaatschap eindigt:----------------------------------------------------a. door ontslag op grond van artikel 298 boek 2 van het Burgerlijk Wetboek; b. door bedanken.----------------------------------------------------------------------c. Door meerderheid in bestuur voor beëindiging bestuurslidmaatschap. Artikel 8 Bestuursvergaderingen en Besluitvorming in het Bestuur----------------------------------1. leder jaar worden tenminste vier vergadering (eenmaal per kwartaal) gehouden.— 2. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer de voorzitter dit wenselijk acht of indien één der andere bestuursleden daartoe schriftelijk en — onder nauwkeurige opgave der te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg geeft in dier-----voege, dat de vergadering kan worden gehouden binnen drie weken na het-------verzoek, is de verzoeker bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met-------inachtneming van de vereiste formaliteiten.---------------------------------------------3. De oproeping tot de vergadering geschiedt behoudenshetin lid 2 bepaalde door— de voorzitter, tenminste zeven dagen tevoren, de dag der oproeping en die der — vergadering niet meegerekend, door middel van oproepingsbrieven.------------------4.

De oproepingsbrieven vermelden, behalve plaats en tijdstip der vergadering, de te behandelen onderwerpen.--------------------------------------------------------------------5. Zolang in een bestuursvergadering alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig — zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende — onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten-------gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in — acht genomen.---------------------------------------------------------------------------------6. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur; bij diens-----afwezigheid wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan.----------------------------7. Van het verhandelde in de vergaderingen worden notulen gehouden door de -----secretaris of door één der andere aanwezigen, door de voorzitter daartoe verzocht. De notulen worden vastgesteld door de eerstvolgende bestuursvergadering en----getekend door degenen, die in die vergadering als voorzitter en secretaris---------fungeren.----------------------------------------------------------------------------------------8.

Het bestuur kan ter vergadering alleen dan geldige besluiten nemen indien de — meerderheid zijner in functie zijnde leden ter vergadering aanwezig of-------------vertegenwoordigd is.-------------------------------------------------------------------------Een bestuurslid kan zich ter vergadering door een medebestuurslid laten----------vertegenwoordigen op overlegging van een schriftelijke, ter beoordeling van de — voorzitter der vergadering voldoende, volmacht. Een bestuurslid kan daarbij slechts voor één medebestuurslid als gevolmachtigde optreden.-------------------------------9. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuursleden in de gelegenheid zijn gesteld schriftelijk, telegrafisch, per telex, per fax of per e- -

4 mail hun mening te uiten. Van een aldus genomen besluit wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na — medeondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.-----------------10. leder bestuurslid heeft het recht tot het uitbrengen van één stem. Wanneer een — bestuurslid een dubbele functie bekleed heeft deze een dubbele stem. Voorzover — deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden alle--------------------bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid der geldig uitgebrachte — stemmen. Bij staking der stemmen wordt geacht dat het voorstel is verworpen----11. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een — schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden dit vóór de------stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten — briefjes.----------------------------------------------------------------------------------------------------12. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.-----------------------Artikel 9 Bestuurstaak - Vertegenwoordiging - Dagelijks Bestuur ------------------------------ — 1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.-----------------------------------2.

Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door andere organen van de stichting.----------------------3. Het bestuur is uitsluitend gezamenlijk bevoegd tot het sluiten van --------------------—overeenkomsten, tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen. — 4. Het bestuur is niet bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten, waarbij de--------stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling van een schuld van een derde verbindt. — 5. De stichting wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd:---------------------------------a. hetzij door het bestuur;---------------------------------------------------------------------------b. hetzij door de voorzitter tezamen met de secretaris of de penningmeester;-------6.

Het dagelijks bestuur wordt gevormd door de voorzitter, secretaris, -------------------penningmeester.----------------------------------------------------------------------------------------Het dagelijks bestuur is belast met de behartiging van de dagelijkse gang van ----zaken alsmede de voorbereiding en uitvoering van bestuursbesluiten.-----------------Artikel 10------------------------------------------------------------------------------------------------------Programmaraad----------------------------------------------------------------------------------------------1. De stichting kent een programmaraad. Deze heeft tot taak;------------------------------a. het vaststellen van het programmabeleid;------------------------------------------------b. toetsing van de in het programmabeleid verwoorde uitgangspunten;---------------c. het geven van programmatische adviezen, gevraagd en ongevraagd, aan het — bestuur;--------------------------------------------------------------------------------------------d. het opstellen van een jaarlijkse rapportage aangaande het gevoerde en--------gerealiseerde programmabeleid.---------------------------------------------—-----------2. Het aantal leden wordt door de programmaraad, met inachtneming van lid 3------vastgesteld.---------------------------------------------------------------------------------------------3.

De programmaraad dient zodanig te worden samengesteld, dat deze representatief is voor de in de gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen. In de programmaraad hebben tenminste zitting---------vertegenwoordigers van de navolgende stromingen:-----------------------------------------

if9\ t iPR Ï I, 'ÊSr''.-:

2

5 - maatschappelijke zorg en welzijn;--------------------------------------------------------- cultuur en kunst;----------------------------------------------------------------------------- kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag;------------------ werknemers;---------------------------------------------------------------------------------- werkgevers;------------------------------------------------------------------------------------ onderwijs en educatie;----------------------------------------------------------------------- etnische en culturele minderheden;------------------------------------------------------- sport en recreatie.---------------------------------------------------------------------------Bij reglement kunnen nadere regelen aangaande de samenstelling van de---------programmaraad worden gegeven.----------------------------------------------------------4. De programmaraad wijst uit haar midden een voorzitter aan. Zij kan voor elk-----hunner een vervanger aanwijzen.-----------------------------------------------------------5. De vergaderingen van de programmaraad worden bijgewoond door een -----------vertegenwoordiger van het bestuur.--------------------------------------------------------6. De leden van de programmaraad worden door de programmaraad benoemd uit een of meer voordrachten van het bestuur.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12810517/1