01. Raadsvoorstel voorjaarsnota 2022
Tekst van het document
Voorstel Gemeenteraad
Datum: 9 juni 2022 Zaak: 905587 Portefeuillehouder: Markus Ploeger Onderwerp:
1.
Opsteller: Contactgegevens:
Marcel Moerman Marcel.moerman@midden-groningen.nl
Voorjaarsnota 2022
Voorstel
1. De Voorjaarsnota 2022 van de gemeente Midden-Groningen vast te stellen; 2. Een aanvullend investeringskrediet van € 64.000 voor het project Eendrachtsbrug beschikbaar te stellen; 3. Een aanvullend investeringskrediet van € 50.000 voor het project Middelste Klap beschikbaar te stellen; 4. Een aanvullend investeringskrediet van € 450.000 voor het project Brengpunt Vosholen beschikbaar te stellen; 5. De financiële ontwikkelingen over 2022 met begrotingswijziging 2022-017 vast te stellen; 6. De administratief-technische wijzigingen overeenkomstig met de daarvoor opgenomen begrotingswijziging 2022-015 vast te stellen; 7. Kennis te nemen van de meerjarige ontwikkelingen 2023-2026.
2. Inleiding Bijgaand treft u de Voorjaarsnota 2022 van de gemeente Midden-Groningen aan. De Voorjaarsnota heeft drie doelen. We vragen u – waar nodig – de budgetten over het lopende jaar 2022 bij te stellen, geven een beeld van de verwachte ontwikkelingen voor de komende vier jaar én nodigen uw raad uit om bij de bespreking op 14 juli uw overwegingen en aandachtspunten mee te geven. Met deze nota verzoeken wij u ook een drietal aanvullende investeringskredieten beschikbaar te stellen. Deze Voorjaarsnota is beleidsarm. Dit betekent dat we zowel onze ideeën als die van uw raad nog geen plek geven, maar wel een financieel kader schetsen dat aansluit bij de financiële paragraaf uit ons collegeprogramma. De financiële effecten van de meicirculaire verwerken we in een brief die u voor de behandeling van de Voorjaarsnota in uw raad, op 14 juli, ontvangt. In deze brief is een actualisatie van de cijfers opgenomen. We vinden het belangrijk u zo snel mogelijk te informeren over de effecten uit de meicirculaire om u van de meest actuele informatie te voorzien tijdens het debat. De input uit de bespreking van de Voorjaarsnota zullen we gebruiken bij het opstellen van de begroting 2023-2026. Dit is ook het moment waarop wij onze plannen zullen concretiseren.
Voor de bijsturing over 2022 baseren we ons op de ontwikkelingen in het eerste kwartaal. We denken dat onze inschattingen voor dit jaar redelijk betrouwbaar zijn, maar voor de jaren daarna neemt de onzekerheid toe. We zien dat de onstuimige geopolitieke en macro-economische ontwikkelingen een directe invloed hebben op onze aannames om tot een realistische begroting te komen. Meest in het oog springend is de extreme stijging van de inflatie sinds begin dit jaar, die tot gevolg heeft dat we de indexatie van de afgelopen jaren niet op dezelfde wijze kunnen doortrekken. Voor 2022 geven we de verwachte stijging van de inflatie een plaats in de begroting. Voor het meerjarenperspectief vinden we dit te vroeg. Het vraagt flexibiliteit om mee te bewegen op basis van de beschikbare informatie en we zullen dan ook de vinger aan de pols houden. Daarnaast zijn er een aantal andere zaken, zogenaamde PM-posten, in de Voorjaarsnota opgenomen die we voor het meerjarenperspectief vooralsnog onvoldoende kunnen becijferen. We streven ernaar dit in de begroting te verwerken. Financiële resultaten Het vertrekpunt is de prognose uit het overdrachtsdocument inclusief de op geld gezette ambities uit de financiële paragraaf van ons collegeakkoord, het terugdraaien van de bezuiniging hervorming jeugd en de technische begrotingswijzigingen en eerdere besluiten.
Voor 2026 is het vertrekpunt een eerste inschatting. De informatie uit de meicirculaire van het Rijk hebben we nog niet kunnen verwerken door het late moment van verschijnen en de complexiteit hiervan. Hieronder is het geprognotiseerd financieel resultaat van deze Voorjaarsnota weergegeven: Bedragen x € 1.000
2022
Prognose n.a.v. regeerakkoord (incl. stelpost indexatie)
2023
2024
2025
2026
4.200
5.150
5.300
3.800
-750
Beheer- en investeringsopgave openbare ruimte
-
-2.000
-2.000
-2.000
-2.000
Verduurzaming, dienstverlening en participatie
-
-1.000
-1.000
-1.000
-1.000
Terugdraaien bezuiniging hervorming jeugd Technische begrotingswijzigingen en eerdere besluiten
64
-218
450 -112
2.250 -106
-106
4.264
1.932
2.638
2.944
-3.856
Vertrekpunt Voorjaarsnota Zekere ontwikkelingen
-717
-119
-610
-508
-687
Positieve, maar onzekere ontwikkelingen
+3.471
-
-
-
-
Financiële ruimte voor opvangen inflatierisico
-3.471
-
-
-
-
Geprognotiseerd financieel resultaat
3.547
1.813
2.028
2.436
-4.543
Hieronder volgt een korte toelichting op de opgenomen ontwikkelingen die leiden tot het geprognotiseerd financieel resultaat. •
•
•
In het overdrachtsdocument is een claim opgenomen voor de beheer- en investeringsopgave openbare ruimte. De daarin opgenomen bandbreedte (€ 1,8 – 2,2 miljoen) hebben we vervangen door € 2 miljoen uit het collegeakkoord. Ook het bedrag van € 1 miljoen uit ons collegeakkoord voor verduurzaming, dienstverlening en participatie is hierin meegenomen. In de eerder afgegeven prognose in het overdrachtsdocument is rekening gehouden met een bezuiniging op jeugd. Het Rijk heeft echter besloten dat gemeenten niet verantwoordelijk worden voor de structurele bezuinigingen op jeugdzorg. Voor nu gaan we ervan uit dat deze bezuiniging volledig wordt teruggedraaid. De technische begrotingswijzigingen en eerder genomen besluiten zijn opgenomen in de bijlage van de Voorjaarsnota. Het gaat hier om wijzigingen waar uw raad eerder een besluit over heeft genomen, wijzigingen met een beperkt financieel effect of wijzigingen die enkel een administratief karakter hebben.
2
•
•
•
De zekere ontwikkelingen hebben betrekking op diverse producten. Voor 2022 leiden deze ontwikkelen tot een nadeel van € 717.000. De meerjarige nadelige ontwikkelingen lopen tussen 2023 en 2026 op van € 119.000 tot € 687.000. De positieve, maar onzekere ontwikkelingen hebben betrekking op de coronacompensatie (overhevelingsvoorstel jaarrekening 2021), het verwachte voordeel op de BUIG en de geprognotiseerde winst van de grondexploitatie Rengerspark. We stellen voor deze verwachte voordelen te reserveren voor het inflatierisico in 2022. Het ingeschatte inflatierisico voor 2022 is € 5 miljoen. Om dit op te vangen stellen we voor om, naast de hierboven genoemde positieve maar onzekere ontwikkelingen, ook de in het overdrachtsdocument opgenomen stelpost voor indexatie (€1,5 miljoen) te gebruiken. Zo creëren we een buffer in de begroting van grofweg € 5 miljoen. We verwachten dan alsnog onderaan de streep een verwachte positieve resultaat over 2022 van afgerond € 3,5 miljoen.
De hierboven genoemde ontwikkelingen maken dat we in aanloop naar de begroting flexibel moeten zijn over hoe we om willen gaan met de beperkte financiële ruimte die er nu is (2026 nu nog fors negatief) én de extra middelen die bij de meicirculaire beschikbaar komen. In de kern geldt, dat als de inflatie enigszins meevalt, we enige ruimte hebben om te investeren in nieuw beleid. Omgekeerd is dit uiteraard ook het geval en zou de inflatie de financiële ruimte op kunnen eten. De komende maanden zullen we de inflatieontwikkeling nauwgezet volgen en onze verwachtingen aanpassen waar nodig. We stellen uw raad ook voor een drietal kredieten te verstrekken voor de voorbereiding en uitvoering van projecten. De hiermee samenhangende kapitaallasten zijn onderdeel van het saldo ‘technische begrotingswijzigingen en eerdere besluiten’. • Eendrachtsbrug (€ 64.000 aanvullend krediet); De brug is in slechte staat en moet gerenoveerd worden. Het eerder beschikbaar gestelde krediet is onvoldoende om de noodzakelijke werkzaamheden uit te voeren door stijgende bouwkosten en hogere startkosten aannemer. • Middelste klap (€ 50.000 aanvullend krediet); De Middelste klap is in slechte staat en moet gerenoveerd worden. Stijgende bouwkosten en hogere startkosten zorgen er ook hier voor dat het huidige krediet niet toereikend is.
• Investeringskrediet Brengpunt Vosholen (€ 450.000 aanvullend krediet); Het Brengpunt is ingericht voor het verwerken en composteren van groenafval en het tijdelijk opslaan van slib, veegvuil en afval. Uit (milieutechnische-) controles is gebleken dat het terrein niet voldoet en aanpassingen noodzakelijk zijn voor gegarandeerde dienstverlening. Deze aanpassingen vereisen een investering van € 700.000, waarvan uw raad eerder € 250.000 beschikbaar heeft gesteld. De kosten vallen hoger uit door extra geconstateerde gebreken na detailonderzoek. De verwachte begrotingssaldi hebben invloed op het ingeschatte verloop van de Algemene Reserve (vermogenspositie) en de weerstandsratio. Hier zullen wij u over informeren in een aparte raadsbrief, waarin we de effecten uit de meicirculaire opnemen.
3
3. Publiekssamenvatting Met de Voorjaarsnota 2022 kijken we naar de inhoudelijke en financiële ontwikkelingen over 2022 en maken we een inschatting voor de komende vier jaar. Daarnaast wordt er een voorstel gedaan voor het beschikbaar stellen van een drietal investeringskredieten. De geschetste ontwikkelingen laten een positief geprognotiseerd financieel resultaat van afgerond € 3,5 miljoen zien. Voor 2023 – 2025 wordt ook een positief resultaat verwacht dat tussen de € 1,8 en € 2,5 miljoen ligt. Een eerste doorkijk naar 2026 laat een kanteling zien wat resulteert in een negatief resultaat van afgerond € 4,5 miljoen. Een belangrijke kanttekening is dat de effecten van de meicirculaire, actualisatie van de te ontvangen middelen van het Rijk, hier nog niet in verwerkt zijn. 4. Bevoegdheid van de raad De Raad heeft het budgetrecht en daarmee bevoegd de Voorjaarsnota 2022 vast te stellen. 5. Beoogd effect Door de Voorjaarsnota worden de budgetten over 2022, waar nodig, aangepast op de huidige inzichten. Daarnaast schetst de Voorjaarsnota het kader waarbinnen de begroting wordt opgesteld. 6. Historische context In de Voorjaarsnota zijn afwijkingen opgenomen ten opzichte van de prognose uit het overdrachtsdocument. Deze prognose voorzag een positief resultaat van € 4,2 miljoen aan het eind van 2022.
De geschetste ontwikkelingen geven aanleiding om dit beeld bij te stellen voor zowel 2022 als 2023 – 2026. 7. Argumenten De Voorjaarsnota 2022 stelt de budgetten in 2022 bij en geeft inzicht in het verwachte meerjarenbeeld. De argumenten voor de benodigde bijstelling van budgetten zijn in de Voorjaarsnota opgenomen. Dit geldt ook voor de beschikbaar te stellen kredieten. 8. Kanttekeningen en risico’s In de Voorjaarsnota zijn zowel ontwikkelingen voor 2022 als voor 2023 tot 2026 opgenomen. Waar sommige ontwikkelingen voor 2022 met redelijke zekerheid in te schatten zijn, geldt dit niet voor alle. Dit geldt zeker voor de meerjarige ontwikkelingen. Des te verder in de toekomst, des te onzekerder de inschatting. Het is belangrijk om de gestelde prognoses in dit licht te bekijken. De Voorjaarsnota kent daarnaast een aantal PM-posten. Voor deze posten is nader onderzoek nodig om het financiële effect te duiden. De drie belangrijkste PM-posten zijn hieronder opgesomd: •
Jeugd laat voor 2022 een verwacht nadeel zien van afgerond € 2 miljoen. De meerjarige effecten kunnen we momenteel onvoldoende duiden, maar een structureel hoger benodigd budget licht voor de hand. Het geprognotiseerd financieel resultaat zal daarmee nadelig worden geraakt. Voor het zomerreces verwachten we een eerste doorrekening te kunnen maken, die we mee willen nemen in de begroting 2023-2026.
•
Wmo laat in 2022 een verwacht voordeel zien van bijna € 900.000 ten opzichte van de begroting. De doorrekening van de meerjarige effecten betrekken we bij de doorrekening voor Jeugd. Een eventueel structureel voordeel kan de extra begrotingsdruk vanuit Jeugd enigszins opvangen.
4
•
Het duiden van het inflatie-effect is uitdagend, zeker voor het meerjarenperspectief. De inflatieontwikkelingen moeten nauwgezet gemonitord worden. De in het overdrachtsdocument opgenomen stelpost voor inflatie (indexatie) is in 2023 € 3 miljoen en loopt op naar € 5 miljoen in 2025. Voor 2026 is deze opbouw lineair doorgetrokken naar € 6 miljoen. Met de voorgestelde financiële buffer van bijna € 5 miljoen voor het inflatierisico in 2022, ziet de meerjarige financiële ruimte in relatie tot het inflatierisico er als volgt uit:
Bedragen x € 1.000
2022
2023
2024
2025
2026
Buffer voor opvangen inflatierisico
4.971
3.000
4.000
5.000
6.000
Het is echter uiterst onzeker in hoeverre de hierboven genoemde ruimte toereikend zal zijn. De komende periode zullen we dit monitoren, duiden en bijstellen waar nodig. Hierbij betrekken we de mogelijke compensatie vanuit het Rijk (meicirculaire). 9. Financiële paragraaf In de Voorjaarsnota 2022 zijn de ontwikkelingen voor 2022 – 2026 beschreven. Voor 2022 is er sprake van ‘harde’ ontwikkelingen en onzekere ontwikkelingen. De ‘harde’ ontwikkelingen willen we functioneel in de begroting verwerken. De financiële middelen van onzekere, maar positieve ontwikkelingen willen we reserveren voor het opvangen van het inflatierisico in 2022. Hieronder is de begrotingswijziging van de Voorjaarsnota 2022 weergegeven.
5
6
Hieronder is de begrotingswijziging met betrekking tot de administratief-technische wijzigingen weergegeven.
10. Communicatie Aan de Voorjaarsnota wordt bekendheid gegeven door publicaties op de Gemeentelijke website, door publicatie op sociale media (publicatie en samenvatting) die door gemeente Midden-Groningen worden gebruikt én door de nieuwsmedia actief te informeren tijdens een persbijeenkomst. 11. Draagvlak en vervolgtraject (afstemming, tijdpad) De Voorjaarsnota 2022 stuurt bij op het lopende jaar 2022 en kijkt vooruit naar de komende vier jaren. Het eerstvolgende moment waarop we integraal bijsturen over 2022 is in de najaarsnota 2022. De prognoses voor de komende vier jaar, die we in de Voorjaarsnota hebben opgenomen, krijgen hun beslag bij de begroting 2023-2026. Beide documenten worden aan uw raad voorgelegd op 10 november 2022.
7
Bijlagen: 1. Concept-raadsbesluit Voorjaarsnota 2022 2. Voorjaarsnota 2022
8