CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport Toekomstbestendig krimpen

Activiteiten 8 februari 2021, gemeente Middelburg6.061 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

We r k l e e r b e d r i j f O r i o n i s Wa l c h e r e n 2 0 2 0 - 2 0 2 4

TOEKOMST BESTENDIG KRIMPEN

d.d. 06 mei 2020

1

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

Inhoudsopgave Inhoudsopgave ........................................................................................................................................ 2 1.

Aanleiding en proces ....................................................................................................................... 3

2.

Managementsamenvatting ............................................................................................................. 4

3.

Waar staan we nu? .......................................................................................................................... 5

4.

Wat zijn de verschillen met de benchmark? ................................................................................... 7

5.

Waar willen we naar toe? ............................................................................................................. 10

6.

Hoe gaan we dit bereiken? ............................................................................................................ 11

7.

Wat zijn de baten, lasten en risico’s? ............................................................................................ 15

Bijlage: Gebruikte afkortingen en verklarende woordenlijst ................................................................ 17

2

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

1. Aanleiding en proces Orionis Walcheren heeft een Werkleerbedrijf De functie hiervan is tweeledig. Enerzijds een passende werkplek bieden aan inwoners met een SW- en Beschut Werk-indicatie. Anderzijds door werkplekleren bijstandsklanten met een afstand tot de arbeidsmarkt voor te bereiden op de arbeidsmarkt. Met de komst van de Participatiewet zijn de kenmerken van de doelgroep deels veranderd. Per 1-1-2015 is de instroom in de SW gestopt. De huidige medewerkers behouden hun rechten totdat ze uitstromen. De omvang van de groep SW-medewerkers neemt dus jaarlijks af. Voor de kwetsbare doelgroep met lage loonwaarde is een nieuwe voorziening gecreëerd: Beschut Werk. Deze doelgroep bestaat uit personen die structureel gebaat zijn bij een beschutte werkomgeving. De omvang van deze groep wordt geschat op een derde deel van de huidige sociale werkvoorziening. Inwoners die voorheen voor een SW-indicatie in aanmerking kwamen, komen nu in veel gevallen bij Orionis Walcheren in beeld op het moment dat ze een bijstandsuitkering aanvragen. De afgelopen jaren hebben in het teken gestaan van het inzetten van het Werkleerbedrijf als re-integratie instrument en door middel van werksoortanalyses het rendement verbeteren. Hiermee zijn eerste stappen gezet. De verdere krimp en huidige financiële resultaten dwingt tot fundamentelere stappen. Hiervoor is een meerjarenplan onmisbaar.

Aan de gemeenteraden is toegezegd om dit plan op te leveren als bijlage bij de begroting 2021. De scope van dit plan beslaat de periode 2020 tot en met 2024. Dit loopt parallel met de meerjarenraming behorende bij de begroting 2021. In het najaar van 2019 heeft het MT samen met de leiding van het Werkleerbedrijf hiervan de eerste contouren vastgesteld. Dit eerste concept rapport was input voor enerzijds het opstellen van de afdelingsplannen 2020 en anderzijds de basis voor verdere verdieping. Begin 2020 is samen met Berenschot het concept rapport besproken. Vooral de noodzakelijke veranderingen in de interne organisatie zijn verder uitgewerkt. Tevens heeft het concept rapport als input gediend voor het gemeentelijke onderzoek naar Orionis Walcheren door Adlasz in februari en maart 2020. Zowel de input van Berenschot als Adlasz is meegenomen in dit uiteindelijke plan.

De Coronacrisis heeft uiteraard invloed op het Werkleerbedrijf. Dit geeft in het bijzonder onzekerheid voor de omzet, zie notitie: Financiële effecten COVID-19, van 01-05-2020 Onze overtuiging is dat deze crisis naar verwachting geen invloed heeft op de in dit meerjarenplan voorgestelde koers.

3

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

2. Managementsamenvatting In 2024 is het aantal werkzame FTE SW in het Werkleerbedrijf met circa 14% afgenomen ten opzichte van 2019. Dit betekent dat de infrastructuur (personeel, huisvesting, machines) van het Werkleerbedrijf mee moet krimpen. Daarnaast blijft het resultaat van het Werkleerbedrijf op dit moment achter bij de Cedris Benchmark. Het Werkleerbedrijf moet zich anders organiseren, maar wel met behoud van de maatschappelijke waarde van de organisatie. Met andere woorden de opdracht voor het Werkleerbedrijf luidt: Toekomst Bestendig Krimpen De achterblijven resultaten ten opzichte van de Landelijke Cedris Benchmark is geanalyseerd. Hieruit blijkt dat hiervoor meerdere oorzaken zijn. Enerzijds liggen deze oorzaken buiten het Werkleerbedrijf: de geografische ligging van Walcheren, de samenwerking met de Walcherse gemeenten en het feit dat het Werkleerbedrijf deel uitmaakt van de brede uitvoeringsorganisatie Orionis Walcheren (Hogere overhead kosten, bijvoorbeeld I&A kosten). Anderzijds liggen de oorzaken in het Werkleerbedrijf. Niet alle oorzaken liggen binnen de invloed van de organisatie, maar er zijn voldoende mogelijkheden om het bedrijfsresultaat te verbeteren. In combinatie met de gepubliceerde verwachting dat de landelijke resultaten afnemen, maakt dat de verschillen met de benchmark de komende jaren fors kleiner worden.

De doelstellingen van het Werkleerbedrijf zijn voor de komende jaren drieledig en als volgt gedefinieerd: Maatschappelijke waarde: Er is een inspirerende marktconforme arbeidsomgeving ten behoeve van ontwikkeling (indien mogelijk naar betaald werk) beschut werk. Krimp: Als gevolg van het dalende personeelsbestand is krimp van de infrastructuur onontkoombaar. Dit betekent keuzes maken in het aantal en de omvang van de werksoorten. Bedrijfseconomisch resultaat: De maatschappelijke waarde moet wel voor gemeenten betaalbaar zijn. Om die reden presteert het Werkleerbedrijf op een zo kort mogelijke termijn financieel gezien conform het landelijk gemiddelde. Om dit te bereiken wordt ingezet op 4 sporen: 1. Omvorming werksoorten: De inrichting van werksoorten moet aangepast worden om de resultaten te verbeteren en de omvang te verkleinen. Tegelijkertijd moet de maatschappelijke waarde behouden blijven 2. Verhogen gerealiseerde loonwaarde medewerkers: Er moet een balans komen tussen de haalbare loonwaarde en gerealiseerde loonwaarde. Door te kijken naar de capaciteiten van de individuele medewerker en zijn gerealiseerde loonwaarde kan vastgesteld worden wie al op de goede werkplek zit en wie nog verder ontwikkeld kan worden. 3. Domein overstijgende samenwerking: Samenwerking met gemeenten geeft door synergie kostenvoordelen op verschillende terreinen.

Voorbeelden hiervan zijn arbeidsmatige dagbesteding, WMO-taken en vergrote inzet van de doelgroep binnen de gemeentelijke organisatie 4. Doorontwikkeling interne organisatie: Ondersteunend aan de eerste drie sporen passen we de interne organisatie hierop aan. In financiële zin leiden deze sporen tot een kostendaling conform de fte sw daling en stijging van de omzet per fte. Tezamen met extra omzet voor gemeenten en opbrengst van nieuwe doelgroepen resulteert dit een forse stijging van het bedrijfsresultaat. In 2019 bedraagt het bedrijfsresultaat € 741.000 negatief. In 2024 wordt het bedrijfsresultaat € 166.000 positief geraamd. Hierdoor daalt ook het negatieve verschil met de branche. In absolute zin daalt het verschil met de branche van € 1.600.000 in 2019 tot € 400.000 in 2024.

4

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

3. Waar staan we nu? Dit hoofdstuk beschrijft de huidige situatie van het Werkleerbedrijf qua uitgangspunten, omvang en rendement

Uitgangspunten Als reactie op de Participatiewet is de strategie van het Werkleerbedrijf herijkt en zijn de volgende uitgangspunten vastgesteld:  Transitie van traditioneel SW1-werkbedrijf naar Werkleerbedrijf voor meerdere doelgroepen2.  Door inzetten van het werkleerbedrijf voor re-integratie doeleinden wordt hiermee maatschappelijke waarde gecreëerd voor de bijstandsgerechte op Walcheren. En tevens worden hiermee opbrengsten gegenereerd.  De infrastructuur is gericht op werkplekleren met heterogene groepen. En het voordeel daarvan is dat er een zo regulier mogelijke bedrijfsomgeving en hiermee wordt samenwerking en van elkaar leren gestimuleerd.  Diversiteit in werksoorten is gewenst voor zowel SW, Beschut Werk als Re-integratie.

Financieel resultaat Hieronder is het resultaat van het Werkleerbedrijf over 2018 en 2019 weergegeven. Dit is gesplitst in een bedrijfsresultaat en een SW saldo. Het bedrijfsresultaat bestaat uit omzet (Productie en Detachering), opbrengst overige doelgroepen en kosten. Opbrengst overige doelgroepen bestaat enerzijds uit re-integratiemiddelen voor werkleertrajecten en anderzijds uit een begeleidingsvergoeding voor Beschut Werk, eveneens vanuit re-integratiemiddelen. Het SW-saldo is het verschil tussen loonkosten SW en Rijkssubsidie, zie onderstaande tabel Resultaat Netto-omzet productie Omzet detachering Opbrengsten overige doelgroepen Kosten Bedrijfsresultaat

2018 4.450.000 998.000 1.624.000 -7.539.000 -467.000

2019 4.140.000 1.020.000 1.758.000 -7.659.000 -741.000

mut. 19-18 -310.000 22.000 134.000 -120.000 -274.000

SW-saldo Resultaat

-2.334.000 -2.801.000

-2.552.000 -3.293.000

-218.000 -492.000

Het resultaat bedraagt circa € 3 miljoen negatief, vooral vanwege een negatief SW saldo. Dit negatieve saldo wordt veroorzaakt door zogenaamde efficiencykortingen die de Rijksoverheid op de Rijkssubsidie toepast als bezuinigingsmaatregel bij invoering van de Participatiewet. Ook het bedrijfsresultaat is negatief. In 2019 bedraagt dit bedrijfsresultaat € 741.000 negatief. Dit is een verslechtering ten opzichte van 2018. Belangrijkste oorzaak hiervoor is een lagere netto-omzet productie. Deze achterblijvende omzet wordt voor 75% door drie grote klanten veroorzaakt. De kosten zijn in 2019 € 120.000 hoger dan in 2018. Dit wordt door een tweetal factoren veroorzaakt:  De ambtelijke loonkosten zijn op basis van de cao gestegen met ruim € 100.000.  Daarnaast is in 2019 een eenmalig boekverlies opgenomen van € 100.000 door de verkoop van de Mercuriusweg. Dit laatste geeft uiteraard lagere kosten vanaf 2020.

1 SW: Sociale werkvoorziening 2 SW, Beschut Werk, werkplekleren voor bijstandsgerechtigde en VSO/PRO

5

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

Omvang Onderstaande tabel geeft de omvang3 weer van de huidige bezetting van het Werkleerbedrijf, afgezet tegen de situatie in 2024 en in 20554. Hierbij dient aangetekend te worden dat het aantal werkleertrajecten als aanname gelijk is gehouden de komende jaren. fte ultimo jaar SW Beschut Werk subtotaal medewerkers Werkleertrajecten Totaal bezetting

2018 503 18 521

2019 482 23 505

2024 378 45 424

95 616

95 600

95 518

2055 226 226 95 321

Re-integratie Werkplekleren is anno 2019 niet meer weg te denken uit het werkleerbedrijf Hiermee leveren we een belangrijke bijdrage aan re-integratie van bijstandsgerechtigden. We constateren dat de doelgroep steeds moeilijker wordt, we zien steeds meer multiproblematiek. Hierdoor zijn meer inspanningen noodzakelijk om het werkplekleren aan te laten sluiten op de vraag van de arbeidsmarkt. De begeleidende rol in het reintegratieproces wordt daardoor intensiever. De Praktijkoriëntatie is omgevormd tot een Praktijkcentrum: Naast het stellen van diagnoses worden in de nieuwe setting ook werknemersvaardigheden aangeleerd met als doel een duurzame uitstoom. Bijvoorbeeld zonnepanelen monteur en bedden opmaken voor de zorg en horeca). Stapsgewijs neemt het aantal doelgroepen toe die gebruik maken van het Werkleerbedrijf:  Vanuit VSO / PRO onderwijs worden klassikale en individuele stages ingezet;  Daarnaast lopen trajecten van het Participatielab en de Arbeidsmarktregio en  Ook wordt een programma voor ex-gedetineerden opgestart.

De Corona-crisis heeft gevolgen voor re-integratie in 2020 en 2021:  Welke vacatures zijn er op de markt?  Welke kandidaten zijn hiervoor beschikbaar?  Wat betekent dit voor de doelgroep(en) van Orionis Walcheren? Een gecombineerde Werkleeromgeving voor zowel bijstand, beschut werk als andere doelgroepen blijft desondanks zowel financieel als maatschappelijk de beste optie voor gemeenten:  Verhoging van het gebruik van de bestaande infrastructuur  Eén loket gedachte  Simpel Switchen met eenvoudige overgangen

Onderzoek Adlasz In het eerste kwartaal 2020 heeft Adlasz op verzoek van de Walcherse gemeenten een onderzoek binnen Orionis Walcheren uitgevoerd. Ook het Werkleerbedrijf was één van de onderzoeksterreinen. De belangrijkste aanbeveling ten aanzien van het Werkleerbedrijf was toepassing van een ‘Loonwaardemodel’ voor SW medewerkers. Hierbij wordt gekeken wat de verhouding is tussen de omzet van de totale SW-populatie uitgedrukt als percentage van het Wettelijk Minimum Loon. Dit is een indicator voor het rendement van het Werkleerbedrijf. Dit heeft als voordelen:  Persoonlijke ontwikkeling voor de medewerker en  Meer omzet voor het werkleerbedrijf. Door deze denkrichting toe te voegen aan de reeds bestaande werksoortanalyses wordt rendement zowel vanuit de werksoort als vanuit de medewerker bezien. 3

Hierbij zijn SW medewerkers in de kantooromgeving en in begeleid werken niet meegenomen. Dit betreft in ca 50 FTE. 4 Eind 2018 is 95% van de SW-populatie ouder dan 30 jaar. Deze medewerkers zijn in 2055 67 jaar of ouder.

6

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

4. Wat zijn de verschillen met de benchmark? In dit hoofdstuk wordt het Werkleerbedrijf vergeleken met de andere SW-bedrijven in Nederland.

Financieel resultaat Het Werkleerbedrijf is al jaren afhankelijk van een gemeentelijke bijdrage. Dit roept de vraag op welke bijdrage acceptabel is? Om die reden wordt sinds een aantal jaren het resultaat vergeleken met de Cedris5 benchmark. Als benchmark wordt het gemiddelde rendement van alle SW-bedrijven gebruikt. Uit de benchmark blijkt ook dat het gemiddelde SW-bedrijf afhankelijk is van een gemeentelijke bijdrage. Dit als gevolg van door het Rijk doorgevoerde besparingen bij introductie van de Participatiewet. De benchmarkcijfers van 2018 zijn de meest recente cijfers. Om die reden wordt 2018 gebruikt voor de vergelijking met de benchmark. Om een eenduidige vergelijking te kunnen maken werkt Cedris met arbeidsjaren SW6. 2018

Netto-omzet productie Omzet detachering Totale omzet

4.450.000 998.000 5.448.000

Opbrengsten overige doelgroepen Kosten Bedrijfsresultaat

1.624.000 -7.539.000 -467.000 -2.334.000 -2.801.000

SW-saldo Resultaat

per Benchmark arbeidsjaar 8.173 7.034 1.833 4.107 10.006 11.141

Verschil

1.139 -2.275 -1.135

2.983 -13.846 -858

3.624 -13.732 1.034

-642 -114 -1.891

-4.287 -5.144

-3.839 -2.805

-448 -2.339

Orionis Walcheren vertoont een negatief resultaat van € 5.144 per arbeidsjaar. Dit is het negatieve resultaat van € 2,8 miljoen gedeeld door 545 arbeidsjaren SW 7. De benchmark laat een negatief resultaat zien van € 2.805 per arbeidsjaar SW. De grootste afwijking met de benchmark zit in het saldo bedrijfsvoering. Orionis Walcheren vertoont een hogere productieomzet maar lagere detacheringsomzet. Dit zijn communicerende vaten, aangezien meer detacheringen een lagere productiecapaciteit betekent. Verder is te zien dat de kosten vergelijkbaar zijn met de branche, maar de opbrengst overige doelgroepen achterblijft. Ook het SW-saldo vertoont een negatieve afwijking. Deze wordt veroorzaakt door keuzes in het verleden ten aanzien van het loongebouw. Dit veroorzaakt een verschil van circa € 170.000 per jaar. Dit SW-saldo is niet of nauwelijks beïnvloedbaar, aangezien dit de (historisch) gegroeide loonkosten en Rijkssubsidie betreft. Dit negatieve saldo wordt overigens vanwege de krimp de komende jaren wel kleiner.

5

Cedris is de landelijke branchevereniging van SW bedrijven Arbeidsjaar SW = fte SW x handicapfactor 7 2018: 503 SW is fte omgerekend 545 arbeidsjaren SW 6

7

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

Onderstaande grafiek geeft het verschil van het bedrijfsresultaat per arbeidsjaar weer tussen Orionis Walcheren en de branche. Hierbij is het SW saldo dus buiten beschouwing gelaten.

In 2016 was sprake van een negatief verschil van bijna € 4.000 per arbeidsjaar SW. Het negatieve verschil daalt in 2017 en 2018 naar circa € 2.500 per arbeidsjaar. In 2019 loopt dit het verschil echter weer op als gevolg van de lagere omzet bij Orionis Walcheren in 2019. In absolute zin geeft het verschil in 2019 een achterstand weer van € 1.600.000 tot de branche.

Verklaringen verschillen Wat zijn mogelijke verklaringen die het verschil met de benchmark kunnen duiden? Hiervoor wordt de volgende indeling gehanteerd: Welke verklaringen zijn binnen het Werkleerbedrijf, Orionis Walcheren, de Walcherse Gemeenten en Walcheren te vinden? Werkleerbedrijf  Het Werkleerbedrijf heeft een sociaal gezicht in de bedrijfsvoering. Dit betekent dat dwang of drang niet gebruikt wordt om het aantal detacheringen te verhogen.  Ook bij de loonontwikkeling van SW medewerkers worden financiële en sociale aspecten afgewogen met als gevolg € 170.000 hogere loonkosten t.o.v. van het landelijke gemiddelde.  Het Werkleerbedrijf moet stappen zetten op het gebied van ondernemerschap. Denk hierbij aan commercieel denken, kostenbewustzijn en eigenaarschap. Orionis Walcheren – brede uitvoeringsorganisatie  Orionis Walcheren gaat strategische relaties aan met Walcherse werkgevers om mensen uit de doelgroep participatiewet uit te plaatsen. In dat kader wordt niet geconcurreerd met lokale werkgevers en dus niet zelf de werkgeversrol vervuld. Dit in tegenstelling tot de landelijke tendens bij SW bedrijven. Orionis Walcheren heeft bijvoorbeeld bewust geen commercieel schoonmaakbedrijf, maar leidt klanten op zodat ze op de arbeidsmarkt geplaatst kunnen worden.

 In het kader van het Plan van Aanpak heeft de plaatsing van bijstandsklanten voorrang gekregen boven detachering van SW medewerkers. Voor de totale organisatie geeft dit grotere besparingen. De resultaten van het Werkleerbedrijf hebben hier uiteraard wel onder geleden. Bij deze afweging is overigens naast financiële ook naar maatschappelijke waarde gekeken. De maatschappelijke winst van een bijstandsklant die aan het werk gaat is als groter beoordeeld dan een SW medewerker die van beschut werk naar een detachering gaat.  Daarnaast is de managementaandacht de afgelopen jaren meer naar beïnvloeding van het bijstandsvolume dan naar het rendement van het Werkleerbedrijf gegaan. Dit op basis van financiële en maatschappelijke aspecten.  Het Werkleerbedrijf heeft als onderdeel van een brede uitvoeringsorganisatie minder keuzevrijheid ten aanzien van de bedrijfsvoering. Voorbeelden hiervan zijn: o Het Werkleerbedrijf heeft het ambtelijk personeel niet ondergebracht in een (goedkopere) B.V., maar is gebonden aan de CAR-UWO (01-01-2020: cao sgo) o Het Werkleerbedrijf is verplicht afnemer van overheadsdiensten, die geënt zijn op het totaal. Denk hierbij aan een (duurdere) goed beveiligde ICT-infrastructuur.

8

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

o

het Werkleerbedrijf wil niet c.q. minimaal concurreren als productiebedrijf met het bedrijfsleven Walcheren. De klanten van het productiebedrijf worden merendeels buiten Walcheren geworven.

Walcherse gemeenten  Landelijk bedraagt de omzet van het SW-bedrijf bij gemeenten 39% van de totale omzet. Op Walcheren is dit lager namelijk 32%. Omgerekend betekent dit een lagere omzet van € 450.000. Om de gemeenten onderling te vergelijken hebben we de omzet per inwoner berekend. Gemeente Omzet per inwoner Middelburg € 18 Veere € 29 Vlissingen € 13 

Walcherse gemeenten hebben geen ondersteunend SROI en/of inbestedingsbeleid. (Openbare ruimte is een positieve uitzondering) gevolg is dat overheidsgelden naar de commerciële markt gaan terwijl deze diensten ook bij Orionis afgenomen zouden kunnen worden. Walcherse Gemeenten subsidiëren het Werkleerbedrijf niet op een indirecte manier. Er zijn voorbeelden waar dit wel gebeurd: leveren van goedkope huisvesting (Den Haag) of vaste vergoedingen (De Betho). Bij deze voorbeelden hebben gemeenten gekozen voorsubsidiering vooraf in plaats van compenseren van verlies achteraf. Per saldo geeft dit wellicht eenzelfde effect voor de financiën van gemeenten, maar dit kan een verklaring zijn voor de afwijking ten opzichte van de benchmark.

Walcheren  De afzetmarkt is beperkt omdat het Walcherse verzorgingsgebied aan drie kanten water heeft.  Daarnaast hebben de Zeeuwse SW bedrijven afgesproken elkaars verzorgingsgebied te respecteren. Dit bemoeilijkt het genereren van opdrachten buiten Walcheren.  De belangrijkste economische activiteiten (horeca, zorg, havenlogistiek) bieden beperkt werk voor het productiebedrijf.  Gemeente Vlissingen is al tientallen jaren centrumgemeente voor Zeeland voor onder andere crisis opvang en dak- en thuislozen opvang. Dit heeft een grote invloed op de sociale structuur in Walcheren. Dit blijkt ook uit de relatieve omvang van het Walcherse bijstandsbudget. De vraag is of dit ook invloed heeft op de samenstelling van de SWpopulatie. Voor 1998 was immers sprake van een regionaal indicatiebeleid.

9

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

5. Waar willen we naar toe? In dit hoofdstuk wordt de gewenste situatie beschreven. Achtereenvolgens komen de doelen vanuit de kadernota, financieel ambitie en de gewenste interne organisatie aan bod. In de kadernota wordt het volgende beschreven voor het Werkleerbedrijf:  Een passende werkplek voor de doelgroepen, SW en Beschut Werk.  Het Werkleerbedrijf wordt ingezet als re-integratie instrument: Werksoorten zijn arbeidsmarktgericht en de begeleiding is gericht op ontwikkeling en duurzame uitstroom.  Switchen in de participatieketen mogelijk maken door de overgang tussen arbeidsmatige dagbesteding en Beschut Werk te verkleinen. Doorgroei vanuit de relatief dure voorziening dagbesteding naar arbeidsmatige dagbesteding.  Als norm voor het rendement van het Werkleerbedrijf wordt het branchegemiddelde aangehouden zoals jaarlijks door Cedris wordt vastgesteld. Op basis hiervan zijn de volgende doelstellingen te formuleren: Maatschappelijke waarde Er is een inspirerende marktconforme arbeidsomgeving waarbij ontwikkeling (indien mogelijk naar betaald werk) centraal staat en waar inwoners een nieuwe start kunnen maken op de arbeidsmarkt. Tevens biedt de arbeidsomgeving de noodzakelijke structuur voor diegene die op een beschutte werkplek zijn aangewezen.

Het Werkleerbedrijf is onderdeel van een groot samenwerkingsverband van diverse stromingen: re-integratie, zorg, onderwijs en inclusieve werkgevers. Krimp Als gevolg van het dalende SW personeelsbestand is krimp van de infrastructuur onontkoombaar. Dit betekent keuzes maken in het aantal en de omvang van de werksoorten.

Bedrijfseconomisch resultaat De maatschappelijke waarde moet wel voor gemeenten betaalbaar zijn. Om die reden presteert het Werkleerbedrijf op een zo kort mogelijke termijn financieel gezien conform het landelijk gemiddelde presteert.8

8 In principe is de ambitie om beter dan landelijk te presteren. Gezien de omgevingsfactoren is dit echter niet realistisch.

10

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

6. Hoe gaan we dit bereiken? In het vorige hoofdstuk zijn de doelstellingen van het Werkleerbedrijf beschreven. Dit komt neer op opsomming behoud cq.  Uitbouw van de maatschappelijke waarde,  Krimp van de infrastructuur en  Een forse verhoging van het financieel resultaat. Dit betekent krimpen gericht op de toekomst, met andere woorden: Toekomst bestendig krimpen. Om dit te bereiken wordt ingezet op 4 sporen: 1. Omvorming werksoorten 2. Verhogen gerealiseerde loonwaarde medewerkers 3. Domein overstijgende samenwerking 4. Doorontwikkeling interne organisatie Elk spoor bevat diverse acties en activiteiten, die hieronder worden uitgewerkt.

6.1 Omvormen werksoorten De omvorming van werksoorten is noodzakelijk voor de twee laatste doelstellingen vanuit het vorige hoofdstuk, namelijk ‘Krimp’ en ‘Bedrijfseconomisch resultaat’. Enerzijds heeft de krimp gevolgen voor alle werksoorten. Anderzijds is de omvorming nodig om het resultaat te verbeteren. Bij deze omvorming is de derde doelstelling ‘Maatschappelijke waarde’ randvoorwaarde, zowel bij de functie van beschut werk als re-integratie. Krimp infrastructuur Om in te spelen op de daling van de SW populatie is krimp van de infrastructuur (huisvesting, personeel, machines) noodzakelijk. De eerste mijlpaal wordt bereikt in de loop van 2020 door het afstoten van de externe locaties Mercuriusweg en Poortersweg. Hiervoor moeten afspraken met gemeenten gemaakt te worden ten aanzien van de huisvesting van het cluster Buitendienst. Daarnaast dienen activiteiten uit de Poortersweg (Metaal en Technische dienst) op de locatie aan de Oostsouburgseweg ingepast te worden. Hiervoor wordt een eerste stap gemaakt in de herstructurering van de cluster Techniek. De komende jaren zal de huisvestingsbehoefte verder afnemen. Bij de bouw van het pand Oostsouburgseweg is rekening gehouden met het afstoten van productiehallen aan derden. Hierdoor kan uiteindelijk een transformatie plaatsvinden naar een bedrijfsverzamelgebouw.

Naast eigen werksoorten kunnen ondernemers een deel van het gebouw huren en/of kunnen andere doelgroepen intrek nemen. Denk hierbij aan (arbeidsmatige) dagbesteding. Naast de huisvesting zal ook de ambtelijke personele inzet mee dalen met de permanente daling van de SW-doelgroep. Een strategische personeelsplanning is hiervoor noodzakelijk: Hoe blijft de personeelsafname door natuurlijk verloop in balans met de noodzakelijke kwantitatieve en kwalitatieve bezetting. Dit heeft sterke samenhang met keuzes (stoppen, omvormen, uitbreiden) binnen het cluster Techniek. Herstructurering cluster Techniek: Cluster techniek is een verliesgevend cluster ondanks de hogere verdiencapaciteit van de medewerkers. Om die reden is een herstructurering noodzakelijk. De eerste wijziging in het cluster Techniek wordt gemaakt door stoppen van de opleiding Schilders en krimp van de huisvesting (zie hiervoor). Daarna is verdere herstructurering noodzakelijk om een toekomst bestendig cluster met minimaal een break-even resultaat te creëren. Hierbij spelen de volgende aspecten een rol:  Hoge gemiddelde leeftijd van de doelgroep,  Afnemende verdiencapaciteit van de doelgroep,  Uitstroom van kritische functionarissen en  Hoge kapitaalsintensiviteit. Daarnaast moet gekeken worden wat de toegevoegde waarde van de leeromgeving is.

11

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

Integratie Buitendienst met gemeenten: Orionis Walcheren gaat intensiever samenwerken met de Walcherse gemeenten ten aanzien van de openbare ruimte. Hiertoe is er een samenwerkingsovereenkomst opgesteld die medio 2020 getekend gaat worden. De volgende stappen zijn besluitvorming door colleges B&W, uitwerken dienstverleningsovereenkomsten en daadwerkelijke uitvoering. Dit heeft tot gevolg dat ten aanzien van de buitendienst de commerciële activiteiten binnen Orionis Walcheren en het inschakelen van marktpartijen door de gemeenten afnemen. Dit leidt minimaal tot de volgende besparing9. Krimp Bedrijfsbureau

89.000

Geen inhuur op maaiwerk

50.000

Aantal maaiers optimaliseren

48.000

Vervallen 1 fte teamleider

75.000

Efficiëntere inzet SW-groep

50.000

Totaal

€ 312.000

Het huurcontract van de locatie Poortersweg per 1 september 2020 opgezegd. Voor de huisvesting van het cluster Buitendienst zal samen met de Walcherse gemeenten in de loop van 2020 naar een oplossing gezocht worden. Rendementsverbetering cluster Buitendienst Naast de integratie van de buitendienst binnen gemeenten is een aanvullende rendementsverbetering noodzakelijk om te komen tot een minimaal break-even resultaat. Hierbij valt te denken aan verdere kostenverlaging, afstoten verliesgevende opdrachten, verhoging van het aantal productieve uren etc.

6.2 Verhogen gerealiseerde loonwaarde medewerkers Dit tweede spoor, verhogen gerealiseerde loonwaarde medewerkers, benadert de rendementsverbetering vanuit de medewerker. Hoe wordt een verhoging van de gerealiseerde loonwaarde van de medewerker gerealiseerd. Dit spoor draagt vooral bij aan de doelstelling ‘Bedrijfseconomisch resultaat’. Denken in loonwaarde Om dit spoor tot een succes te maken, is zorgvuldige introductie van het begrip loonwaarde noodzakelijk: Duidelijk maken wat hieronder wordt verstaan, waarom dit geïntroduceerd wordt en dat dit kan helpen bij vragen als: Zit de medewerker op de juiste plek? Hoe kan de verhogen van de loonwaarde en ontwikkelen van de medewerkers parallel lopen? Wat betekent dit voor de intrinsieke motivatie en dus maatschappelijke waarde van de medewerker? En hoe draagt dit bij aan het verbeteren van de financiële resultaten? Een eerste stap is in groepen vaststellen van de gerealiseerde loonwaarde in de huidige situatie. En aan de hand daarvan ontwikkelmogelijkheden vaststellen. Verhoging duurzame inzetbaarheid Het ziekteverzuim binnen het Werkleerbedrijf lag in 2018 hoger dan het branchegemiddelde. In 2019 is het ziekteverzuim aanpak ingevoerd. Dit heeft geleid tot inlopen van deze achterstand. In 2020 en verder wordt dit verder gecontinueerd. En zal naar verwachting leiden tot een nog verdere daling van het ziekteverzuim.

Daarnaast kunnen sociale en technologische innovaties van belang zijn. Hiermee kunnen SW en Beschut Werk medewerkers op een duurzame manier hun activiteiten blijven uitvoeren en ondersteund worden bij handelingen die ze niet meer kunnen of te moeilijk zijn geworden.

9

Zie voor een onderbouwing ‘Businesscase Inzet SW-groep Orionis Walcheren bij de openbare ruimte van de drie Walcherse gemeenten’ dd. mei 2019 door De Vis Advies B.V.

12

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

Versteviging detachering Door de te focussen op de individuele ontwikkelingen of loonwaarde van onze doelgroep gaan er kansen ontstaan om medewerkers te detacheren bij reguliere bedrijven. Dit raakt uiteraard de interne activiteiten van de werksoorten: Kunnen hierdoor interne activiteiten verder krimpen of zelfs stoppen? En is er interne en externe doorstroom mogelijk van medewerkers van de ene werksoort naar een andere? De detachering wordt geïntegreerd met de processen binnen de afdeling Werk: Bij het vervullen van de personeelsvraag van werkgevers zal naast plaatsing van bijstandsklanten ook detachering van SW-medewerkers meegenomen worden. Op deze manier houdt de werkgever één aanspreekpunt. De verwachting is dat de sterk groeiende werkeloosheid door de Corona-crisis ‘concurrentie’ gaat creëren tussen plaatsingen van bijstandsklanten en detacheringen SW.

6.3 Domein overstijgende samenwerking Domein overstijgende samenwerking kan bijdragen aan de doelstellingen ‘Maatschappelijke waarde’ en ‘Bedrijfseconomisch resultaat’ Bij deze laatste zullen kosten en baten in een breder perspectief; op Walchers niveau bekeken moeten worden. Arbeidsmatige dagbesteding Arbeidsmatige dagbesteding, die vanuit de WMO wordt gefinancierd, kan uitgevoerd worden binnen het Werkleerbedrijf. Deze populatie wijkt immers veelal niet noemenswaardig af van de SW populatie. Daarnaast kunnen aanvullende mogelijkheden ontstaan door arbeidsmatige dagbesteding in publiek private samenwerkingsverbanden buiten Orionis Walcheren. Een voorbeeld is een samenwerkingsverband met Woningcorporaties voor buurtwerkzaamheden zoals dit in andere regio’s is opgezet. Hierbij wordt een deel van de uitvoeringskosten van de arbeidsmatige dagbesteding gefinancierd vanuit Social Return of Investment (SROI) verplichtingen die opdrachtnemers hebben jegens de corporatie. Hierdoor worden buurten leefbaarder, veiliger en bewoners intrinsiek gemotiveerd. Momenteel zijn externe partijen aanbesteed om de arbeidsmatige dagbesteding uit te voeren. Een reguliere arbeidsmatige dagbesteding kost ongeveer € 6.000 per jaar en een specialistische arbeidsmatige dagbesteding bijna het dubbele. Dit betekent dat bij inbesteden door de Walcherse gemeentes financiële voordelen behaald kunnen worden.

Simpel Switchen Het kabinet heeft aangegeven om te willen komen tot een methodiek van Simpel Switchen.

Binnen Orionis Walcheren vormt het Werkleerbedrijf de plaats waar SW medewerkers hun werkplek hebben. Tevens wordt het Werkleerbedrijf gebruikt om mensen vanuit de Participatiewet een traject te geven van maximaal 6 maanden waarna zij uitstromen naar de arbeidsmarkt of zoveel eerder indien mogelijk. Ook biedt het Werkleerbedrijf plaats aan kandidaten voor Beschut Werk. Door hier arbeidsmatige dagbesteding aan toe voegen, wordt Simpel Switchen optimaal in de praktijk gebracht. Kandidaten kunnen Switchen naar

13

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

een positie binnen het Werkleerbedrijf die afhankelijk van de ontstane situatie recht doet een de persoonlijke omstandigheden en zich richt op persoonlijke ontwikkeling. Bij de huidige aanbieders van arbeidsmatige dagbesteding ontbreekt een financieel prikkel om kandidaten te laten doorstromen op de participatie ladder. Meer werkzaamheden ten behoeve van gemeenten Door intensieve samenwerking met gemeenten ontstaan kansen om gemeentelijke werkzaamheden vanuit de doelgroepen in te vullen. Dit betreft verschillende gebieden. Door werkleeromgevingen inrichten voor WMO taken kunnen synergie effecten worden gerealiseerd. Een succesvol voorbeeld is de was-voorziening voor WMO klanten van de gemeente Vlissingen. Daarnaast kan gedacht worden aan mogelijkheden van een werkleertraject huishoudelijke zorg met besparingen op WMO, instroomkansen in de zorg en uitstroom bijstand. Werk kan zo als instrument worden ingezet in zorgtrajecten. Er liggen ook mogelijkheden voor een integrale Walcherse mobiliteitsoplossing ten behoeve van doelgroepenvervoer, toerisme, zorg en woon-werkvervoer naar bijvoorbeeld Vlissingen-Oost. Daarnaast bieden ook de gemeentelijke organisaties zelf kansen. Hiervoor is een inclusieve arbeidsanalyse bij uitstek een middel om deze kansen in kaart te brengen. Als laatste kan een effectief SROI en inbestedingsbeleid bijdragen. Hierover gaan we met elkaar in gesprek.

6.4 Doorontwikkeling interne organisatie Ondersteunend aan de eerste drie sporen is aanpassing en doorontwikkeling van de interne organisatie noodzakelijk. Hieronder worden een aantal ontwikkelingen geschetst. Commerciële activiteiten Diversiteit van werk wat nodig is voor de verschillende doelgroepen, maakt dat accountmanagement een belangrijke rol speelt in het genereren van opdrachten voor het werkleerbedrijf. Dit vraagt om een meer planmatige aanpak. Denk hierbij aan focus aanbrengen, marktvraag en marktontwikkeling in kaart brengen en afhankelijkheid van grote klanten reduceren. De inkooplasten binnen het Werkleerbedrijf bedragen ruim € 1,3 miljoen. Besparingen kunnen bereikt worden door:  Strategisch inkoopbeleid, ook ten aanzien van leveranciers,  Betere onderhandeling van contracten zowel nieuwe als bestaande,  Zoeken naar alternatieve leveranciers en  Stroomlijnen van het inkoopproces. Flexibel inzetten van medewerkers Door personeel uit te wisselen tussen werksoorten kan de capaciteit beter afgestemd worden op het werkaanbod. Een eerste start is hier reeds mee gemaakt. Daarnaast is de evenredige verdeling van de bezetting over de week en aanpassing van de bezetting op de drukte een aandachtspunt. Interne organisatie Structuur, cultuur en leiderschap moet ingezet worden ten behoeve van de genoemde doelen en activiteiten.

Dit vraagt om periodiek monitoren of de organisatiestructuur nog ondersteunend is. Daarnaast is permanent aandacht voor cultuuraspecten en leiderschap een randvoorwaarde. Ondersteuning Naast de directe kosten binnen het Werkleerbedrijf, maakt het Werkleerbedrijf ook gebruik van ondersteunende diensten van de organisatie: Financiële en personeelsadministratie, KCC, ICT, kwaliteit en facilitair. De krimp van het Werkleerbedrijf zal leiden tot een verlaging van het beroep op deze ondersteunende diensten. Dit lagere beroep moet leiden tot daadwerkelijke krimp van deze diensten om kosten te besparen.

14

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

7. Wat zijn de baten, lasten en risico’s? De activiteiten en acties uit de 4 sporen zijn doorgerekend in een meerjarenraming. Hieronder wordt deze toegelicht. Tevens is een risico-paragraaf opgenomen.

Meerjarenperspectief De financiële vertaling van de activiteiten en acties ziet als volgt uit: 2021 4.142.000 1.020.000 -1.032.400 877.540 30.000 5.037.140

2022 3.964.000 1.020.000 -249.200

2023 3.783.000 1.020.000

2024 3.602.000 1.020.000

5.160.000

2020 4.220.000 1.020.000 -2.096.000 1.781.600 4.925.600

40.000 4.774.800

50.000 4.853.000

50.000 4.672.000

Opbrengst bijstand en beschut werk Opbrengst nieuwe doelgroepen

1.758.000 -

1.785.000 -

1.812.000 -

1.839.000 75.000

1.866.000 75.000

1.893.000 150.000

Kosten Onderzoek loonwaarde per mw Projectkosten Bedrijfsresultaat

-7.659.000

-7.616.000 -905.400

-7.162.000 -120.000 -100.000 -532.860

-6.942.000 -120.000 -100.000 -473.200

-6.690.000 -50.000 54.000

-6.526.000 189.000

Netto-omzet productie Omzet detachering Omzetverlies Corona Compensatie NOW regeling Extra omzet gemeenten Totale omzet

2019 4.140.000 1.020.000

-741.000

Voor de jaren 2023 en 2024 wordt een positief bedrijfsresultaat geraamd. In 2024 is een positief bedrijfsresultaat van € 189.000 geraamd. Dit betekent een rendementsverbetering van € 930.000 ten opzichte van 2019, te danken aan:  De kosten dalen mee met de krimp van het aantal FTE, terwijl de productie- en detacheringsomzet per fte licht stijgt: 2019 fte (SW, Beschut Werk, werkleertrajecten) omzet productie+deta per fte Kosten per fte

600 8.600 -12.765

2024 518 9.019 -12.598

mutatie -14% 5% -1%

Inzet op extra omzet voor gemeenten en opbrengst van nieuwe doelgroepen (arbeidsmatige dagbesteding). De inschatting voor 2024 voor deze elementen, tezamen € 200.000, kunnen als voorzichtig worden bestempeld gezien de mogelijkheden.

De omzetramingen voor 2020 en 2021 aannames zijn uiteraard omgeven met een grote onzekerheid door de Corona-crisis. Er is verondersteld dat de productie- en detacheringsomzet in 2020, 2021 en 2022 met respectievelijk 40%, 20% en 5% daalt. Tevens is aangenomen dat omzetdaling in 2020 en 2021 vanuit de Rijksoverheid voor 85% wordt gecompenseerd. Vanwege de krimp is de uiteindelijke omzet in 2024 fors lager begroot dan het huidige niveau. De afhankelijkheid van de omzet wordt dus verkleind, wat het Werkleerbedrijf ook minder vatbaar maakt voor een eventueel structureel lagere economische activiteit. De detacheringsomzet groeit niet in de prognoses. De sterk groeiende werkloosheid door de Corona-crisis creëert alsnog ‘concurrentie’ tussen plaatsingen van bijstandsklanten en detacheringen SW. De kostendaling wordt in essentie niet beïnvloed door de Corona-crisis. De begrote kosten nemen de komende jaren dan ook fors af, wat het bedrijfsresultaat gunstig beïnvloed. Grootste dalingen worden bereikt door natuurlijk verloop van personeel, krimp van de huisvesting en samenwerking met de Walcherse gemeenten ten aanzien van de Buitendienst.

15

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

De opbrengst bijstand en beschut werk stijgt door de vergoeding ten behoeve van plaatsing en begeleiding van deze medewerkers. De loonkosten Beschut Werk zijn deels opgenomen onder de kosten, op basis van de loonwaarde. Het restant wordt vanuit het BUIG budget gefinancierd. Er is aangenomen dat de opbrengst vanuit re-integratietrajecten gelijk blijft. De visie op re-integratie blijft ontwikkelen, vast gegeven is dat re-integratie altijd een toegevoegde waarde heeft. Zowel persoonlijk voor de klant, maar ook als maatschappelijke opbrengst. Om het ‘Loonwaardemodel’ te introduceren zijn initiële onderzoeken en aangepaste werkwijzen noodzakelijk. Hiervoor zijn in 2021 en 2022 kosten opgenomen. De omvangrijke omvorming van het Werkleerbedrijf betreft activiteiten die strakke aansturing vereisen en vaak naast de reguliere bedrijfsvoering staan. Om die reden wordt gekozen voor een projectorganisatie en zijn bijhorende projectkosten opgenomen. Deze aanpak heeft tevens als doelstelling dat cultuur en leiderschap aangepast zijn tot een flexibele, innovatieve, resultaatgericht en extern gerichte organisatie. Vandaar dat na 2023 geen project kosten meer zijn opgenomen.

Branchevergelijking tot en met 2024 De meerjarenraming is afgezet tegen de brancheverwachtingen vanuit Cedris. Ook nu is weer het bedrijfsresultaat exclusief het SW saldo genomen en is dit uitgedrukt in bedrijfsresultaat per arbeidsjaar. Deze brancheverwachtingen zijn op eenzelfde manier benaderd als de toekomstverwachting van Orionis Walcheren: oorspronkelijke verwachtingen in 2020 en 2021 zijn achterhaald door de Corona-crisis, maar de verwachtingen vanaf 2022 zijn gehandhaafd.10 Hierdoor wordt alsnog een realistische vergelijking weergegeven:

Hieruit blijkt dat het negatieve verschil met de branche tussen 2019 en 2024 sterk afneemt. Er is weliswaar in 2024 nog sprake van een achterstand tot de branche, maar deze is gedaald tot € 850 per arbeidsjaar. In 2019 bedroeg deze nog € 3.000 per arbeidsjaar. In absolute zin daalt het verschil met de branche van € 1.600.000 in 2019 tot € 350.000 in 2024.

Risicoparagraaf Welke factoren kunnen het gewenste resultaat bedreigen:  De economische situatie, zowel op landelijk als Walchers niveau, heeft invloed op de productie- en detacheringsomzet. De economische vooruitzichten op korte en lange termijn zijn zeer onzeker. Door de krimp daalt het gewenste omzetniveau.  De noodzakelijke veranderingen doen een groot beroep op alle betrokken medewerkers. Het uiteindelijke succes is mede afhankelijk van de verandercapaciteit van de organisatie.  Een deel van dit plan is afhankelijk van een brede Walcherse visie op samenwerking binnen het Sociaal Domein. De onderlinge samenwerking is hierin bepalend. 10

Vanwege de onzekerheid is het verschil met de branche voor 2020 - 2021 gelijk gehouden aan het verschil in 2019.

16

Werkleerbedrijf Orionis Walcheren 2020 - 2024

Bijlage: Gebruikte afkortingen en verklarende woordenlijst Fte

Fulltime-equivalent

MT

Management Team

Cedris:

Landelijke branchevereniging voor de sociale werkvoorziening

SROI:

Social Return On Investment

SW:

Sociale Werkvoorziening

SZW:

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

VSO/PRO:

Scholen voor speciaal onderwijs en praktijkonderwijs.

Wajong Wet:

Arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten

Werkplekleren:

Leren in de beroepspraktijk

NOW:

Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud

KCC:

Klant Contact Centrum

ICT

Informatie & Communicatie technologie

CAR-UWO

Collectieve Arbeidsvoorwaarde Regeling en UitWerkingsOvereenkomst

cao sgo

Werkgeversvereniging Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9760123/1