20211216 Gemeente Maassluis - Transcript
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE MAASSLUIS d.d. 16 december 2021
1.
Opening openbare raadsvergadering De voorzitter: Ja. Mijnheer Van den Hoek, welkom. We zijn voltallig vanavond voor deze extra openbare raadsvergadering met alleen maar één bespreekstuk.
2.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dat is het raadsvoorstel tot instemmen tijdelijke noodopvang vluchtelingen en de gestelde voorwaarden.
3.
Spreekrecht De voorzitter: Er zijn geen aanmeldingen voor het spreekrecht. Dus ik neem aan dat we de vergadering, de agenda zo kunnen vaststellen.
Debat 4.
Raadsvoorstel tot instemmen tijdelijke noodopvang vluchtelingen en de gestelde voorwaarden De voorzitter: Agendapunt 4. We beginnen met twee minuten per fractie en twintig minuten voor het college in de eerste termijn en in de tweede termijn één minuut per fractie en vijf minuten voor het college. Ik neem aan dat u allen het woord wil voeren. Zal ik dan over rechts beginnen of over links? Ik begin over rechts. De heer De Jong: Ik weet niet of dit nou een compliment is maar ik voel me overal prettig, dat moge duidelijk zijn. De voorzitter: Mijnheer De Jong. De heer De Jong: Ja, dank voorzitter. Nou, het is duidelijk waar we het vandaag over hebben, de opvang van vluchtelingen op een schip. En ik zou willen beginnen: wat mooi dat we dit in Maassluis kunnen doen, dat wij ons het kunnen veroorloven om een stukje van onze stad beschikbaar te stellen voor mensen die het zo hard nodig hebben. En tegelijkertijd is het wel treurig dat het nodig is want het zijn mensen die hun familie achterlaten en een gevaarlijke reis hebben ondernomen om hier te komen met maar één doel en dat is hoop. En het is nog treuriger eigenlijk als je ziet dat de nood in Nederland zo hoog is dat er extra tijdelijke opvang nodig is waar we nu als Maassluis voor staan. En in Maassluis helpen we natuurlijk, wat D66 betreft, dat kunnen we en dat past bij onze stad.
Ik heb twee zaken waar ik graag iets meer zo over zou willen horen van het college. Allereerst, een periode van acht weken is relatief kort terwijl deze mensen wel allemaal al een procedure zijn begonnen. En hoe zorgen wij als stad dat we deze mensen een zinvolle tijd geven hier in Maassluis? Ik heb bij de informatiebijeenkomst al gehoord dat er veel hulp wordt geboden van verschillende kanten. Ontstaan er al initiatieven voor bijvoorbeeld taallessen, wil ik graag weten? En wat is er te verwachten aan programma's voor overdag voor deze mensen tijdens hun verblijf? Daarnaast vind ik het zorgelijk, iets actueler, dat er door het Rijk gemeenten worden aangewezen waar vluchtelingen moeten worden opgenomen. Vlaardingen is al opgedragen om de hotelboot daar voor zes maanden te laten liggen en dat doet
wat mij betreft geen recht aan de inspanningen die we al leveren in deze regio en aan de zelfstandige positie van gemeenten. Wat betekent de aanwijzing die nu aan regio Rotterdam is gedaan voor Maassluis en voor ons besluit hier vanavond? En Vlaardingen maar ook Rotterdam waren nogal overvallen door het bericht en hoe verlopen nu de gesprekken in de regio vanuit de positie van Maassluis? Tot zover. De voorzitter: Ja, dank u wel. De heer Kleijwegt van GroenLinks. De heer Kleijwegt: Ja, voorzitter dank u wel. Ja, je zal maar moeten vluchten voor oorlog en geweld. Alles achterlaten, geen dak boven je hoofd en vluchten met gevaar voor eigen leven, hoop op een betere toekomst. Ja, vluchten doe je dan ook niet voor je lol. Na een lange reis hoop je in een land verder te kunnen bouwen aan je toekomst. Helaas heeft Nederland op dit moment zijn zaakjes niet goed voor elkaar. Ten eerste duurt de gehele procedure hartstikke lang, ten tweede heeft het kabinet niet genoeg opvangcapaciteit geregeld. Mensen moeten in sommige gevallen zelfs op de grond slapen op dit moment. Nou, wij vinden dit mensonterend en we willen dit koste wat het kost voorkomen in de toekomst. Met deze tijdelijke opvang kunnen we een klein steentje bijdragen aan een humaan opvang van vluchtelingen. Door de vluchtelingen tijdelijk op te vangen op een boot verdringen zij de woningzoekenden zo bovendien ook niet.
Wel hebben we nog een vraag. De opvang van vluchtelingen duurt twee maanden. Is dat niet wat kort en waar gaan de mensen daarna naartoe? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u zeer. De heer Dolstra, ChristenUnie. De heer Dolstra: Dank u wel voorzitter. De nood in de wereld is hoog. Bijna tachtig miljoen vluchtelingen wereldwijd, vaak mensen zoals u en ik met een leven, gezin, opleiding en een baan. Maar ze hebben huis en haard moeten verlaten en de lange tocht naar een veilige plek moeten ondernemen met alle gevaren die daar onderweg bijkomen. Ook in Nederland is het aantal vluchtelingen toegenomen en om de wachttijden in de aanmeldcentrum Ter Apel te verminderen heeft dit college een voorstel gedaan om in Maassluis voor de periode van acht weken maximaal zeventig mensen tijdelijk op te vangen in een hotelschip aan de buitenhaven. Overigens staat er in de brief van de minister een langere termijn dan acht weken genoemd. Omdat vluchtelingen die in een asielprocedure zitten beperkt zijn in de bewegingsvrijheid vindt de ChristenUnie dat er oog en handelen is voor een goede dagbesteding gedurende hun tijdelijk verblijf in Maassluis. Te denken valt aan diverse activiteiten door vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties die dan kunnen worden verzorgd. Ook D66 sprak hier al over.
Voorzitter, allereerst zijn we blij dat Maassluis haar verantwoordelijkheid heeft genomen om mee te werken aan deze opvang. Wij hebben de volgende vragen: hoe zijn de gesprekken verlopen met de museumschepen, omliggende bedrijven, Van Nieuwpoort en andere schepen, die gebruik maken van de buitenhaven? Hoe gaat u de vrijwilligersorganisaties in de stad benaderen en waar kunnen organisaties of inwoners zich melden die willen helpen in het organiseren van dagbesteding van vluchtelingen? Hoe gaat het doorlopende contact eruitzien met directe omwonenden, organisaties en betrokken inwoners? Het is belangrijk dat u hier al een plan voor heeft. En tot slot, voorzitter, ook hebben we vandaag een brief ontvangen dat de nood in de landelijke opvang nog verder stijgt. Zo zal het schip in Vlaardingen langer blijven liggen. Wij vinden belangrijk dat deze grote problematiek in de regio gezamenlijk wordt opgepakt en dat iedere gemeente hierin zijn verantwoordelijkheid neemt. Hoe staat de gemeente Maassluis hierin en wat is uw visie hierop? Ik dank u wel. De voorzitter: Dank u zeer. De heer Keijzer, Partij van de Arbeid. De heer Keijzer: Ja, voorzitter dank u wel. Voorzitter, inderdaad hebben wij op dit moment als land door de grote toestroom van vluchtelingen een ernstige crisis bij de opvang van deze personen. Om die reden
ontvingen wij dan ook als raad afgelopen maandag het bericht dat het college in is gegaan op het verzoek van het kabinet en de commissaris van de Koning om een bijdrage te leveren aan de tijdelijke noodopvang van vluchtelingen. Ik kan me dan ook aansluiten bij de vorige sprekers, dat het voor die mensen vreselijk moet zijn om hun land en naasten te moeten verlaten. Voorzitter, wij willen het college complimenteren in hoe zij, sinds wij het bericht hebben gekregen afgelopen maandag, zijn omgegaan met de informatievoorziening. Door de belronde naar bedrijven, door gewoon weer eens de telefoon op te pakken en mensen gewoon op te bellen, maar ook door gewoon weer een ouderwetse brief door de brievenbus bij direct omwonenden te doen en hun uit te nodigen voor een informatieavond op het stadhuis waarbij ook alle tijd en ruimte was om alle vragen te stellen en informatie te krijgen. Niet alleen van de gemeente maar ook van handhaving en toezicht, de politie en ook van het COA. Voorzitter, hierop aansluitend hebben wij nog wel een vraag, want wij hebben ook begrepen dat die bij de omwonenden leefde.
En dat is: hoe zorgt u ervoor dat ook de komende weken voor de boot en voor de vluchtelingen zullen arriveren en ook tijdens de tijdelijke opvang van de vluchtelingen de lijntjes tussen de gemeente, de omwonenden, de bedrijven en het COA kort zijn? En daarnaast ook de vraag, naast dat de omwonenden en bedrijven op de hoogte worden gehouden, op welke manier worden wij ook als raad de komende periode hierin meegenomen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer 't Hart, CDA. De heer ‘t Hart: Ja, dank u wel voorzitter. Maassluis is een gastvrije gemeente. En wij zijn van mening dat we de helpende hand moeten bieden aan mensen die hun hele hebben en houden hebben moeten achterlaten en voor hun veiligheid hebben moeten vluchten. Gelukkig kennen we die situaties in Nederland niet, maar mocht het onverhoopt gebeuren dan zou iedereen willen dat er een veilige plek is om naartoe te gaan. Al eerder gaf de landelijke overheid een signaal af in de richting van de gemeentes om zich gastvrij op te stellen en noodopvang te organiseren en te faciliteren. En Maassluis is gastvrij. Dat leren ons de eerdere ervaringen in de crisisopvang. En ook gisteravond tijdens de bewonersavond is er al gesproken over vrijwilligersinitiatieven. En we zijn er trots op dat er alweer vrijwilligers klaar staan, terwijl de boot nog moet aanmeren.
Dat wil niet zeggen dat er geen zorgen zijn, want die werden gisteravond ook wel geuit. En waar nodig zijn communicatielijnen gelegd en vragen beantwoord waar dat nodig was. Tenslotte, voorzitter. Het asielbeleid in Nederland is streng doch rechtvaardig. Maar ook gemeentes hebben de plicht statushouders op te nemen en Maassluis is daarin geen uitzondering. Of eigenlijk zijn wij die wel: want wij voldoen al jaren netjes aan onze plicht en over het hoofd van het college heen roepen we andere gemeentes op om hier ook aan te voldoen. Als elke gemeente zijn deel vluchtelingen zou opvangen, dan was de behoefte hieraan, voor noodopvang, veel minder groot geweest. Voorzitter, we zijn gevraagd om acht weken te helpen. En de mate, vorm en omvang past bij onze stad. En samen met het COA gaan we dat doen. We gaan er dan ook vanuit dat de voorwaarden die geschetst zijn worden gehandhaafd en dat andere gemeentes ook hun verantwoording nemen. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Mulder, Maassluis Belang. Mevrouw Mulder: Dank u wel voorzitter. Deze week werden wij overvallen door de mededeling dat wij in Maassluis vijftig tot zeventig mensen gaan opvangen op een boot in de buitenhaven. Het COA is op zoek naar tijdelijke extra plaatsen zoals bleek uit de brief van 14 oktober jongstleden.
Op basis van deze brief heeft Maassluis Belang een aantal schriftelijke vragen gesteld. Wij wilden weten hoe u met dit verzoek om zou gaan. We waren niet voor of tegen op het moment van het verzoek, maar slechts geïnteresseerd in de wijze waarop u de politiek en de samenleving zou betrekken bij het verkrijgen van draagvlak voor een eventueel besluit, welke deze dan ook moge zijn. Helaas liet en laat het antwoord op deze vragen op zich wachten, vandaar dat
wij ons overvallen voelden. Dit had in onze ogen anders gekund. Waarom hebt u ons niet eerder meegenomen in het proces door de vragen te beantwoorden? Wij werden daarna voor de tweede keer overvallen, deze maal door een besluit van burgemeester Aboutaleb die uit, naar het lijkt, niets even bepaalt dat Vlaardingen zes maanden langer mensen moet opvangen. Wat betekent dit voor Maassluis? Hangt dit zwaard van Damocles ons ook boven het hoofd? Voorzitter, heeft u al gesproken met uw collega uit Rotterdam? We vinden het fijn dat we dit met elkaar samen kunnen doen, want dat is wat Maassluis doet. Als het nodig is werken wij samen en helpen we elkaar, ook anderen van buiten de stadsgrenzen, zeker als de nood zo hoog is als nu. Als mensen voor hun eigen veiligheid moeten vluchten, dan helpen wij. Tegelijkertijd is er onder de inwoners van onze stad, en dat is begrijpelijk, vrees voor overlast. De beelden in de media spreken immers af en toe boekdelen. Of heeft u, sinds de bijeenkomst van gisteravond, hier een ietwat genuanceerder beeld over? In de randvoorwaarden lezen we onder punt 6: het COA doet er alles aan om overlast te voorkomen door het inzetten van de juiste middelen zoals bewaking aan boord. En bij punt 7: het COA treedt op als er overlast ontstaat.
Nu is de vraag: wat vindt het COA overlast en hoe snel kunnen zij dan optreden? Heeft u daar een beeld van? Daarnaast vinden wij het opvallend en de vraag is of dit bij ons aan de hand is want we weten natuurlijk nog niet precies wie er op de boot plaatsnemen, dat de leerplicht geldt ook voor de kinderen in de opvanglocatie vanaf het moment dat deze kinderen staan ingeschreven in de BRP. Heeft de gemeente de wettelijke taak de leerplicht, het leerrecht van deze kinderen, te handhaven? Op welke wijze gaat de gemeente dit vormgeven? Tot zover voor de eerste termijn. De voorzitter: Ja, dank u wel. De heer Luijendijk. De heer Luijendijk: Voorzitter, vanavond ligt het voorstel op tafel om akkoord te gaan met de opvang van maximaal zeventig asielzoekers op een schip in de buitenhaven. Dit voorstel is het resultaat van toenemende druk van de Rijksoverheid richting de gemeente om extra opvangplekken te realiseren. Het is duidelijk dat die nodig zijn omdat de beleidsmakers in Den Haag onvoldoende voorbereid waren op de voorzienbare grotere toestroom van vluchtelingen met name uit Afghanistan. De VSP is een partij die zich inzet voor mensen die een steuntje in de rug kunnen gebruiken, de mensen waarover we het vanavond hebben vallen voor ons nadrukkelijk in die categorie. Dus wat ons betreft gaan we hen in Maassluis tijdelijk onderdak en vooral ook rust bieden.
Rust is wat de VSP betreft ook het trefwoord als het gaat om de omgang met dit onderwerp. Ik zeg met nadruk omdat het voorstel van het college op een aantal vlakken tot ongerustheid heeft geleid. Daarom is het goed dat het college op de website een uitgebreide lijst met vragen en antwoorden over de noodopvang heeft staan. Het zou goed zijn als iedereen die eerst zou lezen alvorens via de sociale media een oordeel daarover te geven. Voorzitter, ondanks de uitgebreide informatie die we hebben gekregen heeft mijn fractie nog een aantal vragen. In de bijgevoegde stukken zit een brandbrief van de provincie, ondertekend door de commissaris van de Koning, gedateerd 3 september. Waarom is op dat moment de raad nog niet ingelicht? Dat verzoek heeft geleid tot een conceptovereenkomst met het COA, gedateerd 3 november. Opnieuw: waarom hierover de raad niet geïnformeerd? Waarom staat in de overeenkomst dat het schip aan de Burgemeester de Jonghkade zou komen te liggen? We lezen dat de asielzoekers een covidvaccinatie is aangeboden en bij aankomst in Maassluis zal dit worden herhaald. Het schip is, hoewel misschien redelijk groot, toch een besloten ruimte.
Hoe gaat u de covid-situatie monitoren? Gaat uw frequent testen? En bij positieve uitslag, hoe gaat u quarantaine uitvoeren en handhaven? Hoe is de situatie met betrekking tot de medische zorg geregeld? Is er vrije toegang geregeld voor artsenbezoek of komt er een speciaal spreekuur bijvoorbeeld aan boord? En is het schip een open huis of is er een nachtregime dat regelt dat de mensen op een bepaald tijdstip aan boord moeten zijn? Voorzitter, tot slot. In het voorstel en in de andere stukken is sprake van opvang van maximaal acht weken. Dat was ook in Vlaardingen afgesproken, maar daar is de burgemeester van Rotterdam overheen gewalst en heeft daar een half jaar van gemaakt. In welke
hoedanigheid kan de heer Aboutaleb een besluit van een andere gemeente overrulen en hoe groot acht het college de kans dat dit ook in Maassluis gaat gebeuren? De brief die ons vandaag bereikte van de minister eindigt als volgt, ik bedoel het laatste deel van de laatste zin: zodat het opvangsysteem, ik citeer, kan stabiliseren en de acute noodopvanglocatie in uw gemeente zo spoedig mogelijk kan sluiten. Dit lijkt op wat onbepaalde toekomende tijd en niet op acht weken. Hoe waarschijnlijk acht u het, in het licht van deze slotzin van de minister, vandaag geschreven, dat de opvang in Maassluis voor twee maanden is? Dank u. De voorzitter: Ja. De heer Snoeck, VVD. De heer Snoeck: Ja, dank u wel voorzitter. Toen wij dit bericht kregen toen dachten wij van de VVD: dit gaan we wel kneizen. Acht weken, dan kunnen we die mensen een bed geven, onderdak, brood, komen ze tot rust. We hadden wat vragen over het regelement op het schip. En dit allemaal in het kader van de coronamaatregelen en veiligheidsrisico's en de zorgen die eventueel binnen Maassluis liggen. Dus welke huisregels zijn er aan boord van het schip zodat die mensen in dit kader, ja, wel enige controle hebben en niet door Maassluis alle vrijheid hebben. En ik realiseer me: het is geen gevangenis maar ik vind het wel belangrijk dat dit benoemd is en hoe dit geregeld is.
Zeker ook omdat we met alle coronamaatregelen allemaal aan alle inwoners ook allerlei beperkingen en vragen dingen in te perken. Ik ben wel geschrokken door het bericht gister van Vlaardingen. Want hoe zeker is het dat we acht weken, niet zoals de VSP het ook zei, een overruling krijgen van de voorzitter van de veiligheidsregio. Dat lijkt ons namelijk niet wenselijk. Ik heb liever dat we aan de voorkant zeggen: maak het vier maanden zoals in de brief van Ollongren staat, dan dat we achteraf democratisch geschoffeerd worden door een overrule van een VRR, wat feitelijk niet een democratisch stelsel is. Want daar voel ik eerlijkgezegd niet zoveel voor. Daarnaast hebben we al eerder even aangegeven: de zorgverlening ging door de huisartsen. De VSP had het er ook al over: u gaf aan dat daar nog over gesproken moet worden. Wij zijn namelijk van mening dat de huidige zorg voor alle inwoners inmiddels onder druk staat als gevolg van corona en als deze vluchtelingen op een bepaalde manier voorrang zouden krijgen in de zorg van huisartsen, dan doet dat wat met de draagkracht onder de inwoners. Dus graag uw toelichting. Dus in z’n algemeenheid: wij gaan ze opvangen maar we zijn wel kritisch over het democratisch besluit wat bij onze buren is neergelegd.
En ik heb liever, nogmaals, dat we duidelijkheid hebben over de termijn en als dat dan wat langer is, zoals in de brief van Ollongren is, dan moeten we dat van tevoren maar gewoon duidelijk afspreken. Want ik realiseer me dat we deze mensen niet onder de brug kunnen laten liggen en dat die een bepaald moment van rust moeten krijgen. Dus tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Hoek, Forum voor Maassluis. De heer Van den Hoek: Ja, bedankt voorzitter. Voorzitter, we hebben het vanavond over de boot voor de vluchtelingen aan de Govert Van Wijnkade. Er is al veel over gezegd dus ik wou maar gaan beginnen bij mijn stuk. Voorzitter, u was in gesprek vanaf 9 september. Wij als raad kregen hier pas bericht van op 9 december. En het moest allemaal overhaast gebeuren. Waarom hebben wij er niet eerder van vernomen wat u van plan was? Het was toch niet, het was toch alleen maar een verzoek, nog geen verplichting, opvang? Dan voorzitter, gezien de grote besmettingshaard in Maassluis, zijn deze mensen als ze in Maassluis komen getest en gevaccineerd voor corona? En zo niet, waarom worden ze dan niet getest? Want zoals we al hebben vernomen hebben ze de vrijheid om door heel Maassluis te wandelen. Dan, voorzitter, zegt mevrouw Broekers-Knol, we kunnen toch geen vluchtelingen op straat laten liggen. Maar hoeveel landgenoten liggen er op straat? 32.000 waarvan 16.000 jongeren.
Daar was geen boot voor. Tot slot, voorzitter, kunt u ons garanderen dat dit voor precies acht weken is en als er geen plek is elders, wat dan? Blijven ze dan toch gewoon, of hoe wordt dan opgelost? Kunt u ons dus voor honderd procent garanderen dat het voor de acht
weken is of gaat het net zoals in Vlaardingen en blijven er dan nog even? Voorzitter, in de bijlage staat dat de projectleider betaald moet worden door Maassluis. Zijn dit echt de enige kosten en hoeveel bedragen deze dan? Is er ook al een verzoek gedaan voor extra politie? Dank u. De voorzitter: Ja, wethouder Kuiper zal als eerste het woord voeren en daarna zal ik zelf het woord voeren. De heer Kuiper: Voorzitter, ik zal het eerste deel van de beantwoording voor mijn rekening nemen, de burgemeester zal het deel over de veiligheid voor zijn rekening nemen en daarbij nadrukkelijk ook ingaan op de recente ontwikkeling vanuit de voorzitter van de veiligheidsregio. Vanavond spreken we over de tijdelijke noodopvang van de vluchtelingen. En wij horen bij een aantal fracties hele warme woorden en tegelijkertijd natuurlijk ook woorden van zorg. En beide kanten begrijpt het college heel goed. We hebben de afgelopen maanden gezien dat de asielopvang in Nederland klem is gelopen. Door de grote toestroom van mensen onder andere uit Afghanistan zijn de AZC-locaties veel te vol en kan er geen menswaardige opvang meer worden geboden. En als college hebben we daarom mede op verzoek van enkele van uw fracties verkend welke bijdrage Maassluis kan leveren aan het acute probleem.
Zowel de staatssecretaris Broekers-Knol, commissaris van de Koning, ook de veiligheidsregio hebben ons bij herhaling gevraagd een tijdelijke bijdrage te leveren aan deze problematiek. Pak ik meteen een aantal vragen over het proces. Sinds deze zomer, dat staat ook in de brief, worden wij allen, alle gemeenten in Nederland, nadrukkelijk opgeroepen om meer te doen dan het normale en hebben wij overleg gevoerd in onze regio. Daarbij zitten wij in de normale statushoudersvestiging en de heer ’t Hart van het CDA zei het ook heel nadrukkelijk: zitten wij heel goed, doen wij dat keurig netjes en al jaren. Later werd de druk zo hoog dat er initiatieven zijn genomen, onder andere in onze regio, door de wethouder van Rotterdam samen met een aantal gemeenten in de regio om als eerste zo'n schip als tijdelijke noodopvang te doen. En dit was in de periode dat scenario van de crisisnoodopvang in de sporthallen nog maar enkele dagen bij ons vandaan was. Wij hebben de gemeenteraad op, nou, kort voor de Begrotingsraad in ieder geval, een keer op een dinsdagmiddag, laten weten dat wij aan het onderzoeken zijn, aan het verkennen zijn welke mogelijkheden wij ook op dat scenario zouden doen. En dat was kort nadat Rotterdam, Ridderkerk, Vlaardingen, Hellevoetsluis daarmee naar buiten zijn gekomen. Wij zaten niet in die kopgroep maar we zitten in een iets groepje daar achteraan.
Na gesprekken in de regio met het COA en een bezoek aan een vergelijkbaar schip hebben we daarom u eindelijk dit voorstel gedaan. Past het ons betreft bij de maat van Maassluis? Wij helpen bij het acute probleem, bieden mensen inderdaad een rustig moment en een dak boven het hoofd en een veilige slaapplaats en tegelijkertijd is het ook een tijdelijke maatregel die geen druk legt op onze reguliere voorzieningen. Voorzitter, er zijn wat vragen gesteld over de communicatie. Ik heb het proces nog even geschetst waarin we bezig zijn geweest en vanaf begin november hebben wij u als raad daarover geïnformeerd. Toen het concreet wordt hebben we de fractievoorzitters vertrouwelijk geïnformeerd en de burgemeester en ik hebben maandagochtend bedrijven in de directe omgeving ook zelf geïnformeerd. Dat is denk ik één van de vragen die de heer Dolstra ook stelde en inclusief de schepen die daar ook afgemeerd zijn. De bewoners hebben allemaal persoonlijk door onze mensen een brief in de bus gehad, direct omwonend. En daarna is er ook een website live gegaan en ik ben blij dat de heer Luijendijk die ook noemde, ook met een Q&A, met alle mogelijke misverstanden te kunnen wegnemen. En we hebben hier gisteravond een uitgebreide inwonersavond gehad, een informatieavond.
Sommige van u waren daarbij aanwezig en hebben ook kunnen zien dat mensen vragen konden stellen aan het COA, de politie, handhaving, wijkcoördinatoren, vrijwilligerssteunpunt, et cetera. Dat was een goede avond waarin iedereen rustig de tijd kreeg om alles te vragen wat hij wilde. Andere mensen vroegen naar de communicatie in de fase straks, als u instemt met dit voorstel. Er worden telefoonnummers uitgewisseld, er is een dagelijkse leiding gewoon aanspreekbaar op het schip, ook voor bewoners, er is een klankbordgroep wordt er opgericht met buurtbewoners en bedrijven daarin, waarin ook de COA, wijkagenten en de gemeente participeren. En de
eerste aanmeldingen daarvoor zijn binnen. En als u als raad hier vanavond toe besluit dan houden we u uiteraard niet alleen op de hoogte van het proces maar bieden wij u net aan als de direct omwonenden om wanneer het schip is afgemeerd en is ingericht voordat de mensen komen ook een kijkje aan boord te komen nemen zodat u een indruk heeft en u ook zelf uw vragen nog kan stellen aan het COA. De heer Keijzer: Voorzitter. De heer Kuiper: Er zijn ook een aantal zorgpunten naar voren gebracht. O. De voorzitter: De heer Keijzer. De heer Keijzer: Misschien nog op dit punt van communicatie, hartstikke mooi inderdaad, die klankbordgroep en zo komen. Ik denk dat dat alleen maar goed is. In de stukken heb ik ook volgens mij gelezen dat er wekelijks een overleg is zeg maar tussen de gemeente, het COA en nou, misschien nog andere betrokkenen, is het dan inderdaad de bedoeling dat daar vanuit de klankbord… dingen vanuit de klankbordgroep daarin meegenomen worden en weer teruggekoppeld worden, of hoe zie ik dat daarmee omgegaan wordt? De heer Kuiper: Zeker, dus er is een klankbordgroep op het niveau van met inwoners, het COA, onze mensen en er is ook een speciale groep met de burgemeester en de veiligheidsdiensten erin die ook nadrukkelijk de vinger aan de pols houdt. En dan gaat het natuurlijk over iets andere zaken dan misschien wat vuilnis hier of daar. Dan terug eventjes.
Er zijn wat vragen gesteld over strakke huisregels. Nou, die hebben we zeker. De burgemeester en ik zijn ook aan boord geweest aan het schip in Vlaardingen met onze mensen. Het COA voert een strak regime en tegelijkertijd ook de mensen van wie het schip is en die dat beheren. Dus er is 24 uur per dag twee man beveiliging aan boord maar er is ook gewoon een crew aan boord omdat het een schip betreft, hè, dus er zijn technische mensen aan boord, er zijn mensen voor catering aan boord, de schoonmaak. Dus er wordt daar strak gehandhaafd tot op het waar je mag roken aan toe. Er is ook een vraag gesteld over de zorg, zowel de VSP als de VVD vroegen daarnaar. En de COA, die draagt zorg voor de gezondheidszorg aan boord, die hebben daar hun reguliere dienst voor, die vragen daar artsen voor op het moment dat het helder is dat het schip ergens wordt afgemeerd en die hebben ook contacten met de GGD. En ook in het stuk hebben we al gezegd, hè, alle mensen worden getest voordat ze komen, mogen ook gevaccineerd worden, kunnen gevaccineerd worden en als er een uitbraak is dan worden daar acuut maatregelen voor genomen. Dan vroegen verschillende partijen ook naar de dagbesteding en dat is een punt wat nadrukkelijk ook onze aandacht heeft. Die gaan we coördineren.
We zagen al bij de avond maar ook na de eerste oproep hebben wij een speciaal e-mailadres in het leven geroepen, volgens mij is dat noodopvang@maassluis.nl. Klopt. En daar melden zich de eerste organisaties en ook gisteravond hier waren er al vijf zes zowel individuele inwoners als organisaties die hun diensten aanbieden. En dat gaat van sport tot activiteiten tot taalles. Dus wij zijn voornemens op het moment dat u hiermee instemt om daar ook echt een actief programma op te zetten zodat er ook voor ieder wat wils is. Dan ging ik nog even verder de vragen langs. De dagbesteding heb ik gehad, waar inwoners en mensen zich kunnen melden heb ik gehad, dan … Communicatie. Leerplicht stelde Maassluis Belang nog vragen over, mevrouw Mulder. In het stuk staat ook: we hebben hier, het COA kiest heel bewust voor om op een schip geen kinderen onder de achttien te plaatsen. Dat is strikt beleid, daar hebben ze in het verleden wel eens hele nare ervaring mee gehad omdat dit mensen zijn die ook geen zwemdiploma hebben. Dus ze doen daar nadrukkelijk geen kinderen aan boord, dus het zijn geen, niemand onder de achttien dus wij hebben niet te maken met leerplichtige kinderen op dit moment in Maassluis. Dan vond ik heel mooi hoe de heer Luijendijk ook sprak over de rust in de omgang met dit onderwerp.
En we zien dat het natuurlijk de tongen los maakt in de stad, dat is altijd rondom dit onderwerp. Wij proberen dat wat ons betreft goed te doen. De heer Luijendijk zag heel scherp dat wij ook eerst de Burgemeester De Jonghkade ergens in
stond. Nou, in een eerdere fase in het proces is die locatie ook in beeld geweest maar uiteindelijk hebben we voor de Govert van Wijnkade aan de buitenhaven gekozen en daar ook het schip op gedaan. Er is geen sprake van een open huis, mensen moeten zich identificeren met hun pasje om naar binnen te kunnen aldaar. Dus alleen de mensen die daar kunnen, of als mensen een afspraak hebben en dat mag ook alleen overdag, dat mensen aan boord kunnen komen als zij daar eventueel iemand zouden bezoeken. Dan denk ik, voorzitter … O ja, Forum vroeg nog over de testen en de eventuele coronabesmettingen. Nou, iedereen is getest, deels is gevaccineerd, iedereen mag gevaccineerd worden en het wordt nauw gemonitord. De vergelijking met de thuislozen die horen we natuurlijk vaak in de media en dat is … er zijn schrijnende situaties en daar hebben wij onze reguliere opgaven voor zoals we dat bij het Klooster doen. Voorzitter, ik rond af. De heer De Jong: Voorzitter. De voorzitter: Ja, de heer De Jong. De heer De Jong: Ja voorzitter, voor dit punt. Is het ook zo dat, daar ga ik vanuit, dat het COA ook de geldende coronamaatregelen handhaaft op het schip en daaromheen? De heer Kuiper: Zeker, dus er worden daar mondkapjes gedragen. Uiteindelijk zitten er twee mensen in een hut dus die zitten echt wel in de buurt van elkaar en dat wordt ook zorgvuldig ingedeeld.
Dus dat kan je wel als een gezin zien. Maar verder wordt er zoveel mogelijk aan alle coronaregels voldaan. De heer Dolstra: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Dolstra. De heer Dolstra: Ik wilde nog een vraag stellen aan de wethouder. Het gaat er even over dat, in vraag vier had ik gesteld dat het schip in Vlaardingen langer zou blijven liggen. Omdat wij vinden dat deze problematiek ook in de regio gezamenlijk moet worden opgepakt, had ik gevraagd van dat iedere gemeente hierin zijn verantwoordelijkheid neemt en hoe staat de gemeente Maassluis hierin en wat is uw visie daarop? Dat is nog even … De heer Kuiper: Die pakt de burgemeester mee. De voorzitter: Ja, dus zeg maar daar gelijk op instekend en ook … er waren meerdere vragen over. Volgens mij is de situatie als volgt. Dus de brief die u vandaag gekregen heeft, die spreekt over vijfhonderd extra plekken voor vier maanden. De gemeente Rotterdam heeft aangeboden om daar de helft van voor zijn rekening te nemen, dus 250, en de gemeente Vlaardingen doet dus zeventig. Het schip wat nu in Vlaardingen ligt dat ligt er al bijna vier maanden dus dat zal aflopen eind van dit jaar en dat wordt dus op zijn minst voor vier maanden verlengd. Nou, dan heb je dus 250 plus 70 is 320, van die vijfhonderd.
Dan heb je dus 180 plekken te gaan en daarvan is zeg maar intern overleg geweest met alle burgemeesters, we hadden maandagochtend Algemeen Bestuur van de VRR. En het is zo dat dus, zeg maar, half oktober op initiatief van wethouder Karremans van Rotterdam zeg maar dat idee geboren is van die boten. Daar hebben dus een aantal gemeenten op ingestoken, dus dat zijn Rotterdam zelf, Nissewaard, Hellevoetsluis, Goeree Overflakkee en Nissewaard, maar dan niet via een boot maar anderszins en wijzelf. Dus wij zitten in die eerste tranche zeg maar en we hebben dus als burgemeesters tegen elkaar gezegd: die 180 die nou nog overblijft, daarvan vinden wij dat de andere gemeenten die nog geen schip hebben, dat die dat gezamenlijk moete oplossen. En dat is ook wel zeg maar de leidraad waar nu langs gewerkt wordt. Dus dat is de stand van zaken en ik ga er dus vanuit dat ons aanbod
voor twee maanden zeg maar daarmee ook gestand blijft. Maar ja, er is wel een crisis tussen het kan, hè, wat natuurlijk nu aan de hand is, wat het kabinet dus noopt tot ingrijpende maatregelen en het gaat nogal ver vind ik ook zelf en ook anderen, om een aanwijzing te geven. Dit is zeg maar nu conform de brief die u vandaag gehad had, hoe wij gezamenlijk als gemeenten in de regio er tegenaan kijken en hoe we het ook gezamenlijk willen oppakken. De heer De Jong: Voorzitter. De voorzitter: Ja. Mijnheer De Jong. De heer De Jong: Als ik een vraag mag stellen? Is het dan uiteindelijk de voorzitter van de veiligheidsregio of de regio die dat dan besluit of is dat in gezamenlijkheid dat je tot die overeenstemming komt? Want Vlaardingen was er zelf niet zo gelukkig mee, met de extra … De voorzitter: Nee, maar dit is wel de lijn waarvan we, waarlangs we maandagavond, of maandagochtend, gepraat hebben en wat nu ook verder uitgewerkt wordt. Dus je ziet in allerlei steden zeg maar dat men nu kijkt hoe en wat. Dus er bereiken mij nu ook verhalen over andere boten in andere steden of andere oplossingen als het niet via een boot kan. Hè, maar ik ben het dus helemaal mee eens met wat de heer Dolstra zegt: elke stad heeft zijn eigen verantwoordelijkheid om zijn steentje bij te dragen. En ik vind dus dat wij zeg maar met ons aanbod, nou, dat keurig netjes invullen. De heer Snoeck: Voorzitter.
De voorzitter: Dat is dat. Mijnheer Snoeck. De heer Snoeck: Dus even recapitulerend: we hebben een extra opgave van vijfhonderd, die is in de brief van vandaag of van de week in … en dat is bovenop wat we nu al doen? De voorzitter: Ja, dat staat in wezen los van die eerste tranche van die Karremans. De heer Snoeck: En in die eerste tranche zitten de zeventig ongeveer die naar Maassluis komen? De voorzitter: Ja. De heer Snoeck: Oké. En die 180 waar u het over heeft, dan is het streven om dat bij de gemeentes te leggen die dat nog niet doen. De voorzitter: Juist. De heer Snoeck: Oké. En in de brief van Ollongren wordt gesproken dat de opvang tenminste vier maanden nodig zal zijn. De voorzitter: Ja. De heer Snoeck: Dus is het dan niet logisch om dan gewoon met elkaar gewoon rechtuit te zeggen, dan hebben we ook geen gezeur over acht weken dat we het vier maanden zouden doen. Want dan is het gewoon rechtuit praten met mekaar.
De voorzitter: Want de kennis die ik dus nu heb en die deel ik nu met u, dus daaruit geredeneerd ga ik ervanuit, mogen wij ervan uitgaan dat ons aanbod van twee maanden voldoende is. Maar ik maak wel voorbehoud dat dus, ja, de ontwikkelingen gaan zoals ze gaan. En de vluchtelingenstroom is moeilijk in te dammen. Maar goed, daar gaan wij verder als gemeente niet over. Dit is de situatie zoals we die nu kennen. En, nou ja, ik wijs dus naar de brief die u vandaag gekregen heeft, die was geloof ik van eergisteren. En dat willen we op deze manier dus gezamenlijk oplossen. En ik moet zeggen: dat gaat ook in goed collegiaal overleg. Dan waren er nog een aantal andere specifieke vragen. Ik denk dat ik de vraag van GroenLinks, is twee maanden niet wat kort, hiermee wel beantwoord heb. Dan de vraag van Maassluis Belang: is er overleg geweest met Aboutaleb? Ja, ik heb vandaag nog contact gehad onder andere met Aboutaleb. Wat is overlast volgens de COA? Nou ik, ik heb ook wel met andere burgemeesters gesproken, met name burgemeester Hellevoetsluis, daar ligt het schip al een paar weken, er zitten geloof ik 98 mensen op het schip. De burgemeester daar zei mij dat daar eigenlijk niks raars gebeurd is. Maar u vroeg: wat is overlast? Nou ja, overlast is zeg maar roken aan boord, mag niet. En natuurlijk je gewoon op straat behoorlijk gedragen zoals we dat in Nederland gewend zijn.
Dan nog even toch naar de VSP voor alle duidelijkheid, dus bij de stukken zat inderdaad een conceptovereenkomst met de COA van 3 november, maar dat is dus een concept, die is niet getekend. En wat er vanavond aan u gevraagd wordt is zeg maar om zo'n overeenkomst, aangepast dus inderdaad, niet de Burgemeester De Jonghkade maar natuurlijk de Wijnkade, dat dus. Nou, dat gaan we ondertekenen plus nog zeg maar dat aanhangsel erbij. En daarnaast vroeg nog Forum, is er sprake van extra politie? Nou, ik heb ook vandaag met de politie gesproken. Die hebben zeg maar ook nu ervaring opgedaan met Vlaardingen. Wij zitten in hetzelfde team, als politie. En natuurlijk: de politie gaat dat extra in de gaten houden. Ik ga ook elke week spreken met de COA en met de politie gezamenlijk om te kijken hoe het gaat. Ik heb ook met de bedrijven afgesproken dat er een appgroepje komt, de wethouder zei het al. Dus dat is vooral ook om signalen op te vangen als er wat in avonduren aan de hand zou zijn. Zo proberen we de lijnen kort te houden en met de inwoners komt dus zeg maar een overlegcommissie, wat ook al net gezegd is. Dus volgens mij hebben we het op die manier, nou, bij de aanvang goed in de touwen. Nog andere vragen? Anders dan gaan we met de tweede ronde verder. Mevrouw Mulder nog.
Mevrouw Mulder: Nou, op zich zou ik nog wel graag een antwoord willen hebben op het feit waarom u voor deze route heeft gekozen en waarom jullie er niet voor hebben gekozen om onze vragen eerst te beantwoorden. De voorzitter: Nou, kijk, dat initiatief van Karremans was ongeveer tegelijkertijd met de vragen die u stelde. We hebben ons daar dus over beraden, dat was half oktober. En we hebben, nou, eerst goed moeten kijken: waar kan zo’n schip eigenlijk liggen? Dus dat, hè, we hebben een aantal plekken natuurlijk onderzocht. De plek die nu gekozen was eerder afgevallen omdat we uitgingen van een schip à la een schip wat in Vlaardingen ligt. En dat zou te breed geworden zijn, dan heb je de doorgang eigenlijk niet gegarandeerd door de Keersluis. Dus dat nam enige tijd in beslag en ondertussen zeg maar, nou ja, de laatste weken is natuurlijk alles in een stroomversnelling gekomen. Zeker nadat de staatssecretaris vrijdagavond is gaan bellen. Mevrouw Mulder: Voorzitter, mag ik nog reageren? De voorzitter: Ja. Mevrouw Mulder: Ik snap wel wat u zegt, maar op zich hebben wij toch ook gewoon met elkaar een afspraak dat als er vragen gesteld worden dat die binnen een termijn beantwoord worden? Die lopen nu uit de termijn en om ze nu nog te gaan beantwoorden wordt een beetje mosterd na de maaltijd.
De voorzitter: Als we uit de termijn gelopen zijn is dat gewoon niet goed, dan heeft u daar gewoon gelijk in dat we dat eerder hadden moeten doen. Ja, kunnen we beginnen aan de tweede termijn? Dan begin ik weer bij de heer De Jong. De heer De Jong: Dank u wel voorzitter. En dank voor deze goede toelichting op het hele proces, op de gang van zaken de komende weken en juist ook daarna. En ook het proces richting andere gemeenten en hoe het nu landelijk eigenlijk met het hele probleem gaat. Het is misschien wel een Europees probleem of een mondiaal probleem, maar we hebben wel gemeenten die gaan over de aanwijzing van dit soort plekken en over de democratisch proces hieromheen. Dus ik wil me ook aansluiten bij de onvrede van burgemeesters en onze burgemeester zei dat ook net, dat het niet zo prettig is als er landelijk wordt aangewezen: en jij als gemeente zal zoveel vluchtelingen voor zo'n termijn huisvesten. Tegelijkertijd vind ik het fijn om te horen dat er in de stad Maassluis korte lijnen bestaan. Het is op korte termijn dit besluit, korte termijn qua informatie, maar dan zie je wel dat de gemeente zich van de beste kant laat zien en alles op alles stelt om omwonenden, bedrijven, het COA en alle organisaties eromheen goed te bedienen.
En sowieso laat Maassluis zich van zijn beste kant zien door, wat mij betreft, wat D66 betreft, deze boot hier toe te staan, deze vluchtelingen hier voor een periode van acht weken een prettige plek, een veilige plek, een rustige plek te geven. En daar kan ik het bij laten. De voorzitter: Ja dank u wel. Mijnheer Kleijwegt. De heer Kleijwegt: Ja, dank u wel voorzitter. Goed dat de gemeente Maassluis een steentje gaat bijdragen door te helpen met de tijdelijke opvang voor vluchtelingen. Fijn te horen dat er al vrijwilligers zijn die zich hebben gemeld. Nou, dat kenmerkt eigenlijk ook wel echt Maassluis, hè, een sociale stad waar mensen echt naar elkaar omkijken als het erop aankomt. Ik vind het ook overigens fijn om van anderen te horen, andere fracties zo positief te horen over de opvang. Dat doet mij goed. Dus ik ben heel positief en wij kunnen zeker instemmen met dit raadsvoorstel. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u. De heer Dolstra. De heer Dolstra: Ja, dank u wel voorzitter. Dank voor de beantwoording van de vragen. Wij kunnen ons vast nog wel de opvang herinneren in september 2015 toen de vrijwilligers in Maassluis spontaan, hartverwarmend en overweldigend met initiatieven uit de samenleving opkwamen voor de opvang van vluchtelingen. Zo kennen wij de stad, sociaal en bewogen met een lot voor de vluchteling.
Toch gaat het nu om een langere periode van acht weken en we hebben naar aanleiding van de antwoorden een goed beeld gekregen over de inwonersbijeenkomst en de stappen die het college verder … De heer Luijendijk: Voorzitter, voorzitter. De voorzitter: De heer Luijendijk. De heer Luijendijk: Ik heb de indruk dat mijnheer Dolstra een andere eerste termijn gehoord heeft als wij want ik heb gehoord dat wij juist aan de acht weken houden, mijnheer Dolstra. Dus ik begrijp niet waar u nu op doelt. De heer Dolstra: Nou, volgens mij heb ik de tekst uitgesproken: toch gaat het nu om een langere periode van acht weken. En dat slaat op deze periode.
De heer Luijendijk: Ik verstond dan acht weken. De heer Dolstra: Dat heb ik niet gezegd, voorzitter. Voorzitter, de burgemeester sprak dat ons aanbod is voor twee maanden. En wij vinden het juist dat het college hierin, gelet op de problematiek, zoals de burgemeester dat ook aangaf, op dit moment een voorbehoud nog heeft gemaakt. Voorzitter, ik ga nog even verder. Maar wij hebben er vertrouwen in dat deze tijdelijke noodopvang op een goede en verantwoorde wijze zal plaatsvinden en Maassluis daarmee haar steentje gaat bijdragen aan het lot van de vluchteling. Dat alles in de hoop dat wij in de periode dat deze mensen in Maassluis zijn, zij de stad en inwoners na afloop zullen herinneren als een plek waar zij welkom waren gedurende hun verblijf. Het behoeft verder geen betoog dat de ChristenUnie met dit voorstel van harte kan instemmen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Keijzer. De heer Keijzer: Dank u wel voorzitter en dank voor de beantwoording in de eerste termijn. Het is goed om te horen dat u ook tijdens de tijdelijke opvang van de vluchtelingen de lijntjes naar de inwoners en bedrijven kort wilt houden. En voorzitter, het is ook goed om te zien dat Maassluis haar verantwoordelijkheid pakt, zeker nu de crisis van de opvang van vluchtelingen zo groot is in ons land.
En het CDA had er eerder ook al over: het is ook zo dat wij als stad Maassluis ons ook altijd houden aan bijvoorbeeld de taakstelling van de huisvesting van vergunninghouders en het zou inderdaad goed zijn als ook binnen de directe omgeving de andere steden zich daar ook rekening van geven. Voorzitter, het is belangrijk dat we mensen die in hun land niet meer veilig zijn een plek bieden. Tegelijkertijd en dat is ook al ter sprake gekomen, moet er goed rekening worden gehouden met de omgeving en de leefbaarheid van zowel de vluchtelingen als de omwonenden. Daarbij is communicatie en het gesprek met elkaar aangaan van groot belang. Goed om te zien dat u dit heeft gedaan en zal blijven doen. Als PvdA Maassluis steunen wij dit voorstel en hebben er ook alle vertrouwen in dat we dit samen met elkaar op een goede manier kunnen doen om ervoor te zorgen dat deze mensen zich voor de periode dat zij in Maassluis opgevangen worden zich zullen welkom voelen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u. De heer 't Hart. De heer 't Hart: Dank u wel voorzitter en dank voor de beantwoording eerste termijn. En ook dank voor het proces tot nu toe inclusief de informatieavond gisteravond die, ja, veel zorgen en vragen heeft weggenomen bij een kleine groep inwoners. Voorzitter, wij kennen Maassluis als gastvrij, warm en dat laat zich altijd blijken op dit soort momenten. Daar zijn we blij om.
Voorzitter, een hardnekkig misverstand wat steeds de ronde doet in onze stad is dat deze actie een druk zou geven op onze woningmarkt. Dat is niet zo. En wellicht is het goed als het college dat nog eens bevestigt. Voorzitter, voor de rest wat ons betreft: schouders eronder en we hebben geen twijfel dat dat zal gebeuren. Succes aan alle vrijwilligers maar ook aan alle betrokken medewerkers. En we gaan ervan uit dat we als raad nader worden geïnformeerd als dat nodig is. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Mulder. Mevrouw Mulder: Dank u wel voorzitter. De wethouder zei het al: een tijdelijke bijdrage van acht weken voor de opvang. De nood werd hoger dus we hebben alle mogelijkheden onderzocht. Nou, wat ik net al zei, we hadden er graag eerder in meegenomen willen worden wat uw ideeën waren maar uiteindelijk ligt er nu een voorstel en wat ons betreft is dat goed. Want dat is ook wat wij als Maassluis met elkaar doen: wij zorgen voor degenen die het op dat moment nodig hebben. Het is goed om te horen dat u daar goede gesprekken met de omliggende gemeentes en de collega's daarvan heeft, dat de tijdelijke maatregelen geen druk leggen op onze eigen voorzieningen voor onze inwoners, dat er heel veel vrijwilligers klaar staan om deze mensen een zinnige
dagbesteding, taallessen en andere vormen van activiteiten te laten meemaken, want ook dat is wat wij samen in Maassluis doen. Wat betreft de veiligheid en de overlast, wat wij u vroegen, nou, laten we ervan uitgaan dat het meevalt en zolang we in deze situatie zitten, genaamd corona, kunnen we sowieso niet zo heel erg veel dus gaan we ervan uit dat ook daar de overlast dan mee zal vallen. De periode van acht weken, ik vind hem wel spannend want ik heb niet het idee dat … U zegt wel: ik ga ervan uit dat het acht weken is. Aan de andere kant, als u afgelopen maandag zei u geloof ik overleg heeft gehad met de VRR en de volgende dag kan de burgemeester van Vlaardingen vertellen dat het hem een soort koud op zijn dak komt vallen, die was daar neem ik aan ook bij, dan vind ik dat toch ietwat bijzonder. En dan voel ik wel een beetje voor het idee van de VVD: laten we dan nu eerlijk zeggen, we gaan het voor een langere tijd doen. Maar als u echt denkt dat dat niet nodig is dan kunnen wij hiermee instemmen en dan wensen wij alle belanghebbenden en alle partijen die hieraan mee gaan werken heel veel succes. De voorzitter: Ja. De heer Luijendijk. De heer Luijendijk: Voorzitter, allereerst willen wij uitspreken dat we het college willen ondersteunen en vooral ook complimenteren voor de wijze waarop dit proces is aangepakt.
En vooral ook dat we niet hebben gewacht tot we een aanwijzing krijgen want dat zou toch eigenlijk een beschamende vertoning geweest zijn. Ik denk dat de juiste stappen gezet zijn. Wij denken dat het goed is om het op deze manier aan te pakken met een rivierboot. Het is denk ik een goed idee om dat op deze wijze te doen. Het nadeel is dan inderdaad dat je gezinnetjes met kinderen niet kan opvangen, dat vind ik persoonlijk dan weer jammer, maar goed, dat is dan zo. Ik denk dat het ook goed is om nog een keer hardop te vermelden hier, voor iedereen die daar misschien nog niet helemaal van op de hoogte is, maar uiteindelijk praten we hier over mensen met asielstatus. En die asielstatus die komt na een uitvoerige screening. Dat betekent ook en dat wil ik dan ook nog maar een keer hardop gezegd hebben, hier zitten dus geen veiligelanders bij, dus mensen die geen kans maken op een asielstatus. Dit zijn mensen die zijn al door die screening gekomen. Dus uiteindelijk denk ik dat dat een goede actie is dat we die mensen een onderdak bieden en rust bieden. Ik denk dat ook, maar goed, het gaat natuurlijk ook maar om twee weken, maar bij dagbesteding hoort ook deze mensen moeten voorbereid worden op hun plek strakjes in de maatschappij, want die gaan ze innemen, waar dan ook. Dus laat het geen nutteloze tijd worden.
Ook in de vorige periode waar we die oproep gedaan hadden en hebben is toch uiteindelijk, als je terugkijkt en terug hoort, is er veel dingen toch ook niet helemaal goed gegaan en is er toch ook veel dingen, nou ja, toch dat je zegt: nou, dat is nou niet echt een optimale voorbereiding voor je nieuwe plek in zo'n maatschappij. Dus laten we daar kijken wat voor aanzetten we kunnen geven ook al is het maar voor twee maanden, maar dan nemen ze in ieder geval iets wat in gang gezet is weer mee naar een volgende plek. Wij stemmen dus in met dit voorstel en wij hopen dat dit een zinvolle en mooie periode zal opleveren. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. De heer Snoeck. De heer Snoeck: Ja, dank u wel voorzitter. Ik dank u en de heer Kuiper voor het beantwoorden van de vragen. Zoals in de eerste termijn gezegd, dit kneizen we wel, acht weken. En het zit niet zozeer in die opvang. En ik ben zoals meerdere sprekers het zeiden eens, die acht weken en de sociale harten in Maassluis zorgen wel dat die mensen hier een warm welkom hebben. Daar zit ook niet mijn bezwaar. Mijn bezwaar zit in de overrule van een VRR die zomaar een andere beslissing kan nemen. En daar ageer ik op want wij nemen een besluit nu waarin maximaal gezegd wordt acht weken en met een pennenstreek is dat zomaar langer.
En dan vind ik in het kader van verantwoord bestuur, vertrouwen in de overheid, waar we allemaal onze mond van vol hebben, dan moeten we van de voorkant maar duidelijk zijn. En als het langer moet zijn dan moet het langer zijn maar
nu houd ik u aan acht weken. En ik zou het echt buitengewoon vervelend vinden als er dan iemand, niet onder ons, zegt: pennenstreek, jongens, we redden het niet, het wordt langer. Want dan voel ik me echt niet oké. Want dat is niet oké voor het vertrouwen in wat we hier met z'n allen elke dag proberen te doen. Daarbij komt dat als dat zo makkelijk gaat, wat is dan überhaupt, hè, en de COA wordt al door heel veel partijen genoemd als de kwade genius van het hele problematiek, dat er niet adequaat wordt gehandeld, maar als wij op deze manier overruled worden, wat is dan de urgentie en de echte noodzaak van de COA om echt tot oplossingen te komen? Want dan ligt het wel bij ons op het bordje. Tot zover. De heer De Jong: Voorzitter. De voorzitter: De heer De Jong. De heer De Jong: Ik zou graag aan de heer Snoeck willen vragen, hij verwijst naar de veiligheidsregio maar volgens mij is toch echt de staatssecretaris of de minister die uiteindelijk de aanwijzingen doen. En dan zou ik het op prijs stellen … Of bent u het dan met me eens dat we juist ook naar de landelijke beleid rondom integratie moeten kijken waar nou juist ook, nou ja, door uw partij maar ook door de mijne al jarenlang misschien er een potje van maken. Laten we dan nu die arena aanspreken en niet zozeer hier daar onze burgemeester die met goed eer en geweten dit maar uitvoeren ook.
De heer Snoeck: Ik denk dat het niet chique is om nu naar landelijk te wijzen, ik adresseer hier een probleem. Als u het echt wil weten dan heb ik daar een hele bepaalde mening op maar die ga ik nu niet uiten, want we kunnen jij-bakken wat je wil over hoe het in het verleden is gegaan, we moeten nu even vooruitkijken. Ik geef alleen maar aan dat ik democratisch het niet oké vind als iemand over ons besluit heen in onze gemeenschap zegt: en zo gaan we het doen. Daar gaat het om. Dat is vertrouwen in het openbaar bestuur en dat is waar ik hier een punt van maak. Dat is het enige. En dat het landelijk niet is, ik geef wel één ding want het staat ook echt in de brief: er staan 12.000 mensen die nu een, het is overvol met 12.000 mensen. Daar hebben mensen een status van maar in de bijzin staat ook dat er mensen terug moeten. En waarom gebeurt dat dan niet? Want als dat gewoon gebeurd was dan hadden we wellicht het probleem niet gehad. De heer De Jong: Voorzitter. De voorzitter: Ja, de heer De Jong mag nog even reageren. De heer De Jong: Toch graag toch besluitend. Kijk, we zeggen eigenlijk hetzelfde, de heer Snoeck en ik, dat het gaat of het nou landelijk ‘…’ is, dat is degene die de bevoegdheid heeft om aanwijzingen te sturen richting gemeenten.
Dus daar zou ook de discussie moeten voeren over of het COA zijn werk goed doet of het daar goede beleid gevoerd wordt, ook over terugzenden. Dus we zeggen inderdaad hetzelfde. De voorzitter: De heer 't Hart. De heer 't Hart: Ja voorzitter, ik sluit me aan bij de woorden van de heer De Jong. Ik denk dat niemand zit te wachten op een aanwijzing omdat dat een ondemocratisch instrument is, zoals de heer Snoeck dat ook al aangeeft. Maar het lijkt me helder als we hier niet landelijke zaken gaan bespreken. Als er een aanwijzing komt dan is dat iets vanuit het landelijke waar we hier eigenlijk weinig invloed op hebben. De voorzitter: Goed, komen we bij de heer Van den Hoek.
De heer Van den Hoek: Ja, bedankt voorzitter. Voorzitter, ik vind het heel erg fijn dat er gezegd wordt dat er een aantal mensen getest zijn. Alleen jammer dat dat gedeeltelijk is, want wat is gedeeltelijk van de zeventig? Ook geeft u aan dat het geen open huis is, maar ze mogen van boord af. Wat is dan het verschil? Voorzitter, u gaat ervan uit dat het dus twee maanden is. Maar u kunt ons geen enkele zekerheid geven en de stroom vluchtelingen gaat ook gewoon nog door. Ik vroeg me echt af: waar moet dat naartoe? Moeten wij straks ook al deze mensen dan maar even gaan huisvesten? Ik vraag me af hoe dat verder moet. De voorzitter: Ja, dank u wel. De wethouder. De heer Kuiper: Voorzitter, allereerst dank voor de bijdragen en het is mooi om te zien hoe de fracties er zo warm reageren. Een paar dingen adresseer ik, ik ga ze niet allemaal stuk voor stuk af, ik denk dat er een heel aantal rode draden te herkennen zijn. Het CDA en eigenlijk in de laatste opmerking van de heer Van den Hoek ook, die wees nog eventjes het misverstand wat in de samenleving nog wel eens eerst. Wij hebben heel bewust gekozen voor deze groep mensen. Dit zijn inderdaad erkende asielzoekers, ik geloof dat de heer Luijendijk dit ook zei, die zijn intake maar die zitten nog helemaal in het proces. Dus die zijn nog lang geen statushouders, daar moet nog een proces worden gevoerd.
Dus dit zijn niet mensen die hier doorstromen naar een woning, die moeten dat hele circus nog door en die zijn er, er is ook een deel van waar ze mee bezig zijn in die periode dat ze hier aan boord zijn want ze zijn, nou ja, in een soort mini-dependance van een AZC hier en zijn daar bezig met hun proces. Dus inderdaad: dit is niet een groep mensen die bij ons op de woningmarkt komt. Dan kom ik op een ander punt … De voorzitter: Mevrouw Mulder. Mevrouw Mulder: Ja, nog even aanvullend want ik heb hem net niet gesteld maar het komt hier weer terug. De groep mensen die hierheen komen, dat zijn zoals het ook in de stukken staat, niet opgevangen worden statushouders, dat zei u al. Alleenstaande minderjarigen onder de achttien, dat zei ook al toen u zei van leerplicht geldt dus niet want ze mogen niet komen, maar er staat geen kinderen onder de twaalf in het belang van de veiligheid op het schip. Maar kunnen het dan wel kinderen van veertien zijn? Want die zijn nog steeds leerplichtig. Nee, maar kinderen als ze bij een volwassene zitten, die mogen er dus wel komen? Dat staat er namelijk niet expliciet in, dat die niet mogen komen. Dus er zouden wel gezinnen met kinderen boven de twaalf kunnen komen die dan nog steeds leerplichtig zijn. De heer Kuiper: Ik heb door dat het echt boven de achttien is.
Oké, dan staat het misschien onhandig geformuleerd maar juist, hè, iedereen ziet de gezinnetjes op televisie en heeft daar sympathie voor, precies wat de heer Luijendijk ook zei. Dat hadden we graag gedaan maar het COA zegt gewoon: daar beginnen wij niet aan op een boot. Dus jullie hebben comfort dat het makkelijk neer te leggen is maar dan krijg je dus geen gezinnen. En, nou, ruggespraak net even met de ambtelijke ondersteuning leert dat het echt een achttien plus groep is. Mevrouw Mulder: Hebben wij die randvoorwaarden opgesteld of is dat opgesteld door … Zouden we dat toch niet moeten aanpassen? De heer Kuiper: Dat is in samenspraak, maar als daar onduidelijkheid voor is dan kunnen we dat volgens mij … De voorzitter: Dat is een standaardregel voor alle schepen wat de COA … Dus iedereen is boven de achttien.
De heer Kuiper: Dan nog een ander punt over hoe het … Nou ja, er ontspon zich even een debatje en wij gaan natuurlijk niet over de landelijke politiek. Wat we wel zien is dat en dat is waar we in de regio na de regionale tafel asielzoekers en statushouders ook over hebben, is natuurlijk die plaatsing en doet iedere gemeente nou zijn best? En de heer Keijzer maar ook de heer 't Hart spraken erover. Dus dat is wel degelijk natuurlijk iets, als alle gemeenten aan hun taakstelling zouden voldoen, zou die druk enorm veel lager zijn. Dat is die 12.000 waar de heer Snoeck het ook over had. Natuurlijk zit er ook een deel wat niet lukt om terug te zenden maar het grootste gedeelte daarvan is mensen die eigenlijk al door het proces heen zijn en eigenlijk moeten uitstromen, dat niet gebeurt waardoor de keten ook verstopt zit. En dat is het probleem en wij staan daar gelukkig al jarenlang aan de goede kant van de streep. De gezinnetjes helpen we indirect wel doordat we door dit soort maatregelen in ieder geval zorgen dat er elders wel plek is voor een fatsoenlijke opvang voor die mensen. Liever geen verloren tijd, eens. En daarom proberen we ook een mooi programma op te tuigen en als ik zo aan proef dan hebben we hier brede steun voor en dan gaan we extra met onze mensen inzetten om dat programma te vullen. Richting de heer Van den Hoek: ze zijn allemaal getest, krijg ik door.
Voordat ze aan boord komen bij ons worden ze allemaal getest, dus dat is honderd procent. Het is geen gevangenis, mensen worden niet opgesloten daar, maar je mag ook niet zomaar aan boord komen, dus het is ook geen open huis. En voorzitter, uiteindelijk gaat de burgemeester er vast nog verder op in, dit hele overrulen, ja, de brieven die zijn wel in een oplopende urgentie. Hè, dus een heleboel gemeenten zijn natuurlijk gevraagd: doe nou je reguliere taakstelling, doe nou iets extra's, doe nou iets extra’s, waardoor uiteindelijk ook het kabinet en de staatssecretaris voorop uiteindelijk tot zo’n maatregel komt. En wij zitten er altijd zo in dat wij dat te allen tijde willen voorkomen door gewoon netjes ons werk te doen. Niet alleen in het belang van tabellen of statushouders of wat iets meer zij, maar omdat we dat fatsoenlijk vinden, menswaardige opvang ook in onze stad mogelijk te maken. Dank u wel. De voorzitter: Ja. Voor mij nog een paar puntjes. Even de heer Dolstra, u zei het voorbehoud van de burgemeester, maar ik maak geen voorbehoud verder. De heer Dolstra: Misschien moet ik het dan iets anders formuleren, burgemeester.
De discussie en het punt gaat er natuurlijk ook over, die 180 die worden dan verdeeld over andere gemeentes maar het zou best wel kunnen dat in voortschrijdend inzicht, zeg maar even, de problematiek die we nu hebben, dat die toch nog weer anders oploopt. En wat ik bedoelde te zeggen is dat die acht weken, daar heeft u het over gehad, maar wij vonden het verantwoord om dan te zeggen: ja, halen we dan die acht weken als straks bij voortschrijdend inzicht toch blijkt dat de zaken anders zijn? En ik heb het van u zo begrepen, ja, dan moet je wel zeggen acht weken is acht weken, maar een voorbehoud, als er dus ‘…’ andere ontwikkelingen komen. En zo heb ik het eigenlijk meer bedoeld. Dus vanuit de verantwoording die je dan als bestuurder ook … De voorzitter: Nee, dus wij vragen akkoord van de raad om zeg maar een schip van acht weken hier neer te leggen. Dat leggen we ook vast in een contract met de COA en dat is het. Maar ik heb ook gezegd, ja, er is wel sprake van een vluchtelingencrisis dus ik geef geen garanties. Zo moet het wel verstaan worden. De heer Dolstra: Ja, zo heb ik het ook bedoeld. De voorzitter: Ja? Dan, ik permitteer mij even de opmerking dat zeg maar de lessen uit het Klooster van 2016 waren buitengewoon positief in de wereld van vrijwilligerswerk en dergelijke.