Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10 Toelichting
Tekst van het document
Pouderoyen Compagnons
INHOUD
BLZ
1.
INLEIDING .................................................................................... 3
1.1. 1.2. 1.3. 1.4. 1.5.
Aanleiding en doelstelling ............................................................ 3 Plangebied .................................................................................. 3 Geldend bestemmingsplan .......................................................... 4 Beleidsoverweging ...................................................................... 4 Leeswijzer ................................................................................... 5
2.
PLANGEBIED EN PLANONTWIKKELING ................................. 7
2.1. 2.2.
Ruimtelijke en functionele structuur ............................................. 7 Beschrijving planontwikkeling ...................................................... 8
3.
BELEIDSKADER ........................................................................ 10
3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5.
Europees- en Rijksbeleid ............................................................10 Provinciaal beleid .......................................................................13 Regionaal beleid ........................................................................17 Beleid Waterschap .....................................................................17 Gemeentelijk beleid ....................................................................18
4.
MILIEU- & OMGEVINGSASPECTEN ........................................ 21
4.1. 4.2. 4.3. 4.4. 4.5. 4.6. 4.7.
Archeologie en cultuurhistorie.....................................................21 Leidingen ...................................................................................23 Milieu .........................................................................................23 Natuur ........................................................................................32 MER beoordeling .......................................................................33 Verkeer en parkeren...................................................................34 Waterhuishouding ......................................................................36
5.
TOELICHTING OP DE JURIDISCHE REGELS......................... 44
5.1. 5.2. 5.3. 5.4.
Algemeen ...................................................................................44 Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012) .....44 Regels .......................................................................................44 Bestemmingsregeling .................................................................45
6. ECONOMISCHE EN MAATSCHAPPELIJKE AANVAARDBAARHEID.................................................................... 46 6.1. 6.2.
Economische uitvoerbaarheid.....................................................46 Maatschappelijke aanvaardbaarheid...........................................46
7.
HANDHAVING ............................................................................ 48
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
1
Pouderoyen Compagnons
7.1. 7.2. 7.3.
Duidelijke regelingen voor duidelijke doelen................................48 Handhaving binnen het kader van het bestemmingsplan ............48 Afwijking van de bouwregels; overgangsrecht.............................48
Uitsnede luchtfoto (Bingmaps) met planlocatie in wit kader
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
2
Pouderoyen Compagnons
1.
INLEIDING
1.1. Aanleiding en doelstelling Aanleiding voor het opstellen van de voorliggende herziening van het bestemmingsplan is het voornemen om aan de Nieuwstraat 10 te Kerkdriel vervangende bouw te realiseren in de vorm van een tweeonder-een-kap met 2 woningen en parkeren op eigen terrein. Dit omdat ter plaatse de bebouwing is afgebrand en daardoor volledig verwijderd diende te worden. Inmiddels is herbouw van een woongebouw de meest passende invulling op deze locatie. De gemeente Maasdriel ziet aanknopingspunten in het ruimtelijk beleid voor deze herinvulling. Ten behoeve van de ontwikkeling dient het bestemmingsplan ter plekke te worden herzien. Voorliggend document voorziet in de vereiste toelichting die hoort bij deze planologische functiewijziging.
1.2. Plangebied Het plangebied is gelegen aan de Nieuwstraat 10 te Kerkdriel en ligt in het centrumgebied van de kern Kerkdriel (zie nevenstaande afbeelding). De locatie is braakliggend, aangezien door een brand in 2011 de bebouwing is verdwenen. Een gedeelte van de fundering is nog aanwezig. De locatie heeft een oppervlakte van ruim 500 m2.
Planlocatie, bezien vanaf de hoek Nieuwstraat - Molenstraat
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
3
Pouderoyen Compagnons
1.3. Geldend bestemmingsplan Voor de locatie geldt bestemmingsplan "Kerkdriel en Hoenzadriel 2013'. Het perceel heeft de bestemming 'Dienstverlening' voor een uitzendbureau en een bedrijfswoning (als gevolg van aanduidingen op de bestemming). Het realiseren van twee woningen onder één kap is in strijd met het bestemmingsplan, omdat daarvoor een woonbestemming nodig is waarop een aparte aanduiding voor de twee aaneen gebouwde woningen is gelegd. Het beoogde plan kan, mits vanuit beleidsoverwegingen gewenst, gerealiseerd worden met een herziening of afwijking van het bestemmingsplan.
Uitsnede vigerend plan (planlocatie met blauwe aanduiding)
Na het bestemmingsplan "Kerkdriel en Hoenzadriel 2013' zijn nog de volgende bestemmingsplannen (facetplannen) in werking getreden: Parapluherziening verkamering woningen 2020, onherroepelijk (vastgesteld 2020-10-08); Parapluherziening parkeren 2022, onherroepelijk (vastgesteld 202305-11); Parapluplan Klimaat 2023, ontwerp (2023-10-04). Deze plannen zullen integraal onderdeel zijn van de voorliggende actualisatie.
1.4. Beleidsoverweging Initiatiefnemer is niet van plan het pand in vergelijkbare staat en vergelijkbaar gebruik terug te bouwen. In het bestemmingsplan zijn het laatst bekende gebruik en de bebouwingsmogelijkheden conserverend overgenomen. Het plan bevat niet voldoende ruime ontwikkelingsmogelijkheden. Het is evenwel van belang om de leegstaande, verpauperende locatie van een nieuwe functie te voorzien. Er kan daarom, binnen acceptabele kaders, meegewerkt worden aan een nieuwe invulling die niet direct past in het bestemmingsplan. Deze kaders dienen ervoor te zorgen dat er een acceptabel straatbeeld en haalbare inrichting ontstaat.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
4
Pouderoyen Compagnons
Vanuit stedenbouwkunde wordt opgemerkt dat, mits het binnen de (bouw)bepalingen in het geldende bestemmingsplan past, de beoogde bebouwing akkoord is. Uiteraard dient één en ander uitgewerkt te worden en dient het plan door de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit te worden goedgekeurd. Daartoe is een schetsontwerp bouwplan aan de commissie voorgelegd. De commissie heeft aangegeven dat de detaillering van de gevels nog wat aanpassing vraagt. Dit zal t.z.t. worden meegenomen bij een definitieve bouwaanvraag. Een eerder voorstel om op de locatie 5 appartementen te realiseren, is aangepast tot het nu voorliggende plan voor 2 aaneengebouwde woningen, omdat het eerdere plan qua dichtheid en programma door de gemeente als erg vol is beoordeeld, gegeven de beperkte ruimte die beschikbaar is. Dit vertaalt zich ook in de gevolgen voor verkeer en parkeren. Bij een programma van 2 woningen dienen 6 parkeerplaatsen te worden gerealiseerd. Deze zijn ruimtelijk goed inpasbaar op de locatie. De nabijheid van het centrum maakt dat de vorm (grondgebonden woningen) volkshuisvestelijk niet bezwaarlijk is.
1.5. Leeswijzer In voorliggende toelichting wordt na dit inleidende hoofdstuk in hoofdstuk twee het ruimtelijk plan beschreven. In hoofdstuk drie wordt ingegaan op het beleid van de verschillende overheden dat van toepassing is. In hoofdstuk vier wordt de haalbaarheid van het plan getoetst aan de hand van thema’s als archeologie, verkeer en parkeren, milieu, etc. In hoofdstuk vijf is een toelichting op de juridische regels opgenomen. In hoofdstuk zes komen de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid aan de orde. Tenslotte is in hoofdstuk 7 beschreven hoe het bestemmingsplan gehandhaafd wordt.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
5
Pouderoyen Compagnons
Nieuwstraat, zicht in oostelijke richting
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
6
Pouderoyen Compagnons
2.
PLANGEBIED EN PLANONTWIKKELING
2.1. Ruimtelijke en functionele structuur Omgeving De Nieuwstraat is één van de aanloopstraten naar het centrum van Kerkdriel, die loopt vanaf de Maasdijk naar het Monseigneur Zwijsenplein. Deze straten worden gekenmerkt door een hoge bebouwingsdichtheid waarbij in de loop van de tijd een perceelsgewijze verdichting heeft plaatsgevonden. Inmiddels is daarbij hoofdzakelijk aaneengesloten of zeer dicht op elkaar gebouwde bebouwing ontstaan in het centrum en een minder dichte opzet aan de kernranden. Ter plaatse van Nieuwstraat 10 is het bebouwingsbeeld eveneens sterk verdicht, althans, tot voor het afbranden van het betreffende pand. Onderstaand beeld toont de gevelindeling van het voormalige pand en de buurpanden. Daaronder is de beoogde nieuwe situatie aangegeven. Het doel is om de gevelkarakteristieken in de straat te respecteren en om met de vervangende nieuwbouw aan te sluiten bij het beeld zoals dat voorheen in de straat aanwezig was.
Voormalige en beoogde gevelreeks (bron:Cees Vogel)
Planlocatie Op de planlocatie zijn momenteel uitsluitend nog de fundamenten van het voormalige gebouw aanwezig en de terreinverharding op het achterste terreindeel. Aan de noordelijke en westelijke randen van het perceel grenst het straatprofiel van de Nieuwstraat en Molenstraat. De voor- en zijgevelrooilijnen van het voormalige gebouw vormden tevens de grens openbaar gebied. De oostgevel (zijgevel) van het pand was een dichte gevel, die in de perceelsrand was geplaatst. Het buurperceel grenst met een oprit aan onderhavige locatie. Nieuwstraat 10 was daardoor een vrijstaande pand. Aan de achterzijde was tevens een open inrichting.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
7
Pouderoyen Compagnons
Hier grenst een langgerekt woongebouw met smalle buitenruimte, omzoomd door een lage haag, aan het plangebied.
2.2. Beschrijving planontwikkeling Programma Zoals in hoofdstuk 1 is toegelicht, is het wenselijk om het stedenbouwkundige beeld te herstellen, door herbouw van een woongebouw. Gezien de mogelijkheden die de locatie biedt en de woningmarkt van dit moment, is de invulling met 2 grondgebonden woningen een logische ontwikkeling. Daarmee vervalt de bedrijfsruimte met voormalige bedrijfswoning. Aldus wordt er met deze ontwikkeling per saldo één woning toegevoegd. Conform de gemeentelijke parkeernorm worden er per woning 3 parkeerplaatsen op eigen terrein gerealiseerd; 2 naast de woning en 4 op het achterterrein. Deze worden via een gezamenlijke terreintoegang vanaf de Molenstraat ontsloten. Ruimtelijk Op de locatie wordt aan de straatzijde één gebouw herbouwd, met een vergelijkbare bouwmassa en architectuur als waar voorheen spraken van was. Om aan te sluiten bij de bebouwingskarakteristieken in de straat, is een klassiek schilddak ontworpen. Het straatbeeld aan de zijde Nieuwstraat is hierna weergegeven.
(bron: Cees Vogel)
Het symmetrische aanzicht met voorgevel aan de straat blijft behouden. De voorgevel bestaat uit 2 bouwlagen en een overigens regelmatige indeling met raampartijen.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
8
Pouderoyen Compagnons
Eenvoudige details als rollagen, banden en geaccentueerde gootlijn met overstek verrijken de gevel en maken deze passend in de historische omgeving.
(bron: Cees Vogel)
In aanvulling dienen op het terrein naast de woningen 2 parkeerplaatsen en op het achterterrein nog 4 parkeerplaatsen te worden ingericht (allen ontsloten op de Molenweg), zodat er per woning 3 parkeerplaatsen beschikbaar zijn. De inrichting is met de gemeente vooraf overeengekomen. Het bebouwingsbeeld is dusdanig gekozen dat de gevels als samenhangend woongebouw zijn uitgewerkt. Hierdoor past het gebouw met een klassieke uitstraling op een juiste wijze in het historische centrumgebied van Kerkdriel. Het bouwplan is inmiddels door welstand op stedenbouwkundige aspecten goedgekeurd (brief van 21 oktober 2022, kenmerk ODR2208379) . Bij de definitieve aanvraag vraagt welstand om aandacht voor de detailleringen in het gebouw.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
9
Pouderoyen Compagnons
3.
BELEIDSKADER
In dit hoofdstuk wordt het actuele algemene ruimtelijke beleidskader behandeld met conclusies over de betekenis van het beleidskader voor de planlocatie. Het specifieke sectorale beleid gericht op bepaalde thema's komt in Hoofdstuk 4 Milieu- & omgevingsaspecten nader aan bod.
3.1. Europees- en Rijksbeleid EU kaderrichtlijn Water De EU Kaderrichtlijn Water is een Europese richtlijn uit 2000. De richtlijn heeft tot doel om op Europese schaal water en de daarvan afhankelijke ecosystemen te beschermen tegen verontreiniging, duurzaam gebruik van water te bevorderen, de toestand van het aquatisch milieu te verbeteren en de gevolgen van overstromingen en perioden van droogte te verminderen. De richtlijn stelt zich ten doel dat alle Europese wateren in 2015 een 'goede toestand' hebben bereikt. De Kaderrichtlijn Water omvat regelgeving ter bescherming van het binnenlandse oppervlaktewater en grondwater. De uitvoering van de Richtlijn ligt in handen van de regionale waterbeheerders. De voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling heeft betrekking op binnenstedelijke herbouw die hydrologisch neutraal wordt uitgevoerd, door regenwater niet te mengen met vuil water, maar apart af te voeren. Daarmee is o.a. het belang van de waterkwaliteit (grondwater) geborgd. Het voornemen leidt niet tot strijdigheid met de EU kaderrichtlijn Water. Vogel- en habitatrichtlijn De belangrijkste internationale verplichtingen op het gebied van natuurbescherming zijn neergelegd in twee richtlijnen van de Europese Unie: de Vogelrichtlijn (1979) en de Habitatrichtlijn (1992), gezamenlijk aangeduid als de Vogel- en Habitatrichtlijn.
Lidstaten van de Europese Unie hebben zich verplicht alle nodige maatregelen te nemen om voorkomende populaties op een ecologisch verantwoord peil te houden. In Nederland wordt deze taakstelling verder uitgewerkt in de begrenzing van Natura-2000 gebieden met bijbehorende beheersplannen. De planlocatie ligt binnenstedelijk en is onbeplant. Ook is er geen bebouwing aanwezig die van ecologische betekenis zou kunnen zijn. De planlocatie ligt op circa 3 km afstand van het Natura-2000 gebied ‘Rijntakken, deelgebied Uiterwaarden Waal’. De voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling heeft betrekking op herbouw van verdwenen bebouwing met inbegrip van de oprichting van 1 extra burgerwoning, daar waar al één woning bestemd was. Dit betreft een kleinschalige ingreep, die niet leidt tot een significant negatief effect op het Natura2000 gebied, zie ook par. 4.4. De uitgewerkte stikstoftoets bevestigt dit (zie bijlage 4).
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
10
Pouderoyen Compagnons
Nationale omgevingsvisie (NOVI) In het kader van de nieuwe Omgevingswet, wordt momenteel de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) door het Rijk opgesteld. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 wordt hierin de langetermijnvisie in beeld gebracht. Op nationale belangen wil het Rijk (net als nu) sturen en richting geven. Hiervoor worden vier prioriteiten onderscheiden: Ruimte voor klimaatadaptatie Duurzaam economisch groeipotentieel Sterke en gezonde steden en regio's Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Om invulling te kunnen geven aan deze vier prioriteiten hanteert het Rijk de volgende drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaat voor enkelvoudige functies. 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal 3. Afwentelen wordt voorkomen Onderhavige ontwikkeling is niet gelegen in of nabij een gebied waarin het rijk een nationaal belang heeft aangewezen, derhalve heeft de SVIR geen consequenties voor voorliggend plan.
De voorgenomen transformatie, waarbij een afgebrande binnenstedelijke locatie wordt ingevuld met 2 nieuwe burgerwoningen en een goede parkeeroplossing op eigen terrein en een goede stedenbouwkundige inpassing ter plaatse, past binnen de rijksstrategie Besluit algemene regels ruimtelijke ordening In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), ook wel bekend als de AMvB Ruimte, zijn 13 nationale belangen opgenomen die juridische borging vereisen met het oog op een goede ruimtelijke ordening. Het Barro is op 30 december 2011 deels in werking getreden en met enkele onderwerpen aangevuld per 1 oktober 2012. Het besluit is gericht op doorwerking van de nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Dit betreft onder meer de Ecologische Hoofdstructuur en Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. Onderhavige ontwikkeling is niet gelegen in of nabij een gebied waarin het rijk een nationaal belang heeft aangewezen, derhalve heeft het Barro geen consequenties voor voorliggend plan. Bro; ladder voor duurzame verstedelijking In artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de 'motivering duurzame verstedelijking' (voormalige ladder) opgenomen. Dit stelt eisen aan de onderbouwing in bestemmingsplannen die nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk maken.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
11
Pouderoyen Compagnons
De motivering duurzame verstedelijking richt zich op substantiële veranderingen en bouwplannen, die qua aard en omvang zodanig zijn, dat voor mogelijke leegstand elders gevreesd zou kunnen worden. Het doel is om overbodige bouwplannen (kantoren, woningen) te voorkomen en hergebruik te stimuleren. Indien een bestemmingsplan een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, dient de toelichting een beschrijving te bevatten van de behoefte aan de ontwikkeling. Indien de nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt buiten het bestaand stedelijk gebied, dient de toelichting, aanvullend op de beschrijving van de behoefte tevens een motivering te bevatten waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in de behoefte kan worden voorzien. Daarbij kunnen de beschikbaarheid en geschiktheid van de ontwikkelingsmogelijkheden in bestaand stedelijk gebied een rol spelen. Echter, het planvoornemen betreft het toestaan van één extra woning (een woning is gesloopt/afgebrand, twee woningen worden gebouwd). Op basis van vaste jurisprudentie is er bij het mogelijk maken van één extra woning geen sprake van een stedelijke ontwikkeling. Dit betekent dat er - op basis van de regels van het Bro - geen behoeftemotivering behoeft te worden opgenomen in de toelichting.
Met onderhavig initiatief (beëindiging bestemming dienstverlening met bedrijfswoning in ruil voor toevoeging van 1 extra woning (in totaal 2 woningen) is geen sprake van een stedelijke ontwikkeling. Nadere toetsing aan de ladder is derhalve niet noodzakelijk. Flora- en faunawet De flora- en faunawet beschermt een groot aantal soorten (waaronder vrijwel alle gewervelde dieren en een aantal planten). Deze mogen onder meer niet gedood, verjaagd, gevangen of verontrust worden. De uitvoering van werkzaamheden, te beginnen met de sloop van de fundamenten, kan leiden tot handelingen die in strijd zijn met deze verbodsbepalingen. De werkzaamheden kunnen immers leiden tot het verstoren of doden van dieren en het vernietigen van groeiplaatsen van beschermde planten. In veel gevallen kan het plan overigens zo uitgevoerd worden dat overtreding van de genoemde verbodsbepalingen niet aan de orde is. Wanneer dit niet mogelijk blijkt te zijn, en de wet geen mogelijkheden biedt voor een vrijstelling, dan moet een ontheffing aangevraagd worden.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
12
Pouderoyen Compagnons
In het kader van de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling dient geen sloop van gebouwen plaats te vinden (wel van de fundering) en ook geen verwijdering van beplanting (zie ook paragraaf 4.4. van deze toelichting), waardoor dit aspect niet nader onderzocht hoeft te worden. Wel is er een stikstoftoets uitgevoerd in het kader van de nabijheid van Natura 2000 gebied. De sloop van eventuele resten van de fundering is in de bouwactiviteit meegerekend.
3.2. Provinciaal beleid Omgevingsvisie Gaaf Gelderland Op 19 december 2018 hebben de Provinciale Staten de nieuwe omgevingsvisie van de provincie Gelderland vastgesteld. De omgevingsvisie is op 1 maart 2019 in werking getreden. De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland is een structuurplan van de provincie Gelderland, met als doel een gaaf Gelderland te behouden en te ontwikkelen voor de toekomst. Daarbij staat een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland centraal. In de omgevingsvisie is een zevental ambities opgenomen. Deze omvatten, in grote lijnen, de volgende onderwerpen: Energietransitie: van fossiel naar duurzaam Klimaatadaptatie: omgaan met veranderend weer Circulaire economie: sluiten van kringlopen Biodiversiteit: werken met de natuur Bereikbaarheid: duurzaam verbonden Vestigingsklimaat: een krachtige, duurzame topregio Woon- en leefomgeving: dynamisch, divers, duurzaam De provincie Gelderland geeft invulling aan voorgenoemde ambities door de zogenoemde 'DOE-principes' Doen: Er wordt breed gekeken en consequent gewerkt vanuit het perspectief van duurzaam én verbonden én economisch krachtig.
Waar nodig worden regels en kaders gesteld; Laten: zaken die niet aansluiten op de omgevingsvisie worden niet gestimuleerd; Zelf: het goede voorbeeld wordt zelf gegeven, de nodige verantwoordelijkheid wordt genomen, en er is voldoende doorzettingsvermogen; Samen: er wordt met open vizier gewerkt en gebouwd aan gezamenlijke agenda's met partners, en er worden kansen voor innovatie en kennisdeling gestimuleerd. Het provinciaal belang is gelegen in het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit. De klimaatbestendigheid wordt vergroot, de mogelijkheden om zonne- en windenergie op te wekken zijn in kaart gebracht en de natuuren landschappelijke kwaliteit blijft behouden.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
13
Pouderoyen Compagnons
De provincie zet zich in voor vitale steden en dorpen en voor een duurzame verstedelijking, gericht op versterking van de stedelijke netwerken, gecombineerd met aandacht voor de vitaliteit van kleine kernen en dorpen. De kwalitatieve regionale opgave voor wonen is van provinciaal belang, net als het belang dat bij locaties met een bovenlokaal ontwikkelpotentieel die potenties benut worden. Het beleid voorziet in provinciale kaders voor het terugdringen van leegstand en overcapaciteit in gemeentelijke plannen en voor zorgvuldige locatie-afwegingen op regionaal niveau. Voor wonen en werken geldt een regionale aanpak die gericht is op een gezonde en veilige woonomgeving, waarin mensen zich met elkaar verbonden voelen en die goed bereikbaar is en goede voorzieningen heeft. Na de brand en sloop van de voormalige bebouwing en de realisatie van twee nieuwe aaneengebouwde woningen kan gesteld worden dat aangesloten wordt bij deze ontwikkelingen. Het planvoornemen draagt bij aan een opwaardering van de woningvoorraad in het centrum van Kerkdriel. Het plangebied is niet gelegen binnen één van de invloedsferen van de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland. Het ruimtelijk beleid van de Omgevingsvisie vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik Nieuwe stedelijke functies dienen te worden afgewogen in het licht van de Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik. De Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik vervangt het beleid van de woningbouwcontour en de zoekzones. De provincie verwacht van gemeenten dat zij bij grotere initiatieven voor functieverandering nagaan of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling die afgewogen moet worden. Als de nieuwe situatie qua omvang (aantallen woningen of oppervlaktes) of qua effecten (milieuhinder, verkeersaantrekkende werking e.d.) dusdanig is dat de aard van het betreffende gebied qua karakter verandert, is er sprake van een grootschalige ontwikkeling. In die gevallen is een afweging op grond van de Gelderse Ladder voor duurzaam ruimtegebruik aan de orde en zal de behoefte aangetoond dienen te worden.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
14
Pouderoyen Compagnons
Onderhavige herinvulling van een binnenstedelijke locatie, met ongeveer gelijkblijvend bebouwd oppervlak en functieverandering van detailhandel met een woning naar 2 grondgebonden woningen is kleinschalig van aard, zodat een expliciete afweging met de Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik niet aan de orde is. Wel dient bij dergelijke kleinschalige initiatieven voor functieverandering aangetoond te worden, dat deze de aanwezige en te ontwikkeling economie en gebiedskwaliteiten versterken. Met als primair doel om binnenstedelijke verpaupering tegen te gaan wordt bovendien een beperkte invulling gegeven aan het bouwprogramma binnen de gemeente Maasdriel, dat aansluit op de behoefte. Het voornemen leidt tot herstel van de historisch gegroeide stedenbouwkundige structuur en past daarmee in de Omgevingsvisie. Omgevingsverordening Gelderland De Omgevingsverordening Gelderland is door Provinciale Staten op 24 september 2014 vastgesteld ter vervanging van de Ruimtelijke verordening Gelderland en op 18 oktober 2014 in werking getreden. De omgevingsverordening is meermaals geactualiseerd (voor het laatst december 2022). De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is hiermee dus beleidsneutraal.
De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, verkeer en bodem. De planlocatie is binnenstedelijk gelegen, niet in het Gelderse natuurnetwerk, een waardevol gebied of Nationaal landschap. De afstand tot deze gebieden is dusdanig groot, dat het initiatief geen invloed heeft
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
15
Pouderoyen Compagnons
op de daar beschermde ecologische waarden en potenties.
Uitsnede Omgevingsverordening, kaart natuur
Voor het plangebied zijn derhalve uitsluitend de sectorale bepaling met betrekking tot nieuwe woonlocaties (artikel 2.2.1.1) van belang. Nieuwe woonlocaties kunnen slechts worden toegestaan wanneer dit past in het vigerende door Gedeputeerde Staten vastgestelde Kwalitatief Woonprogramma en de successievelijk door Gedeputeerde Staten vastgestelde kwantitatieve opgave wonen voor de betreffende regio. Op dit woonprogramma wordt bij het gemeentelijk beleid nader ingegaan (Woningbouwprogramma gemeente Maasdriel 2021-2030). Voor zover een bestemmingsplan een nieuwe activiteit of ontwikkeling mogelijk maakt, bevat op basis van art. 2.65 b ‘klimaatadaptatie’ de toelichting bij het bestemmingsplan een beschrijving van de maatregelen of voorzieningen die worden getroffen om de risico’s van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Daartoe zijn in voorliggende toelichting de waterhuishoudkundige maatregelen toegelicht en is in de planregels ook een regeling opgenomen die de hemelwaterafkoppeling borgt. Gelet hierop levert de Omgevingsverordening Gelderland geen belemmering op voor het planvoornemen.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
16
Pouderoyen Compagnons
3.3. Regionaal beleid Regionale Woonagenda Rivierenland De Regionale Woonagenda Rivierenland 2020–2030 is de opvolger van de ‘Woonagenda regio Rivierenland: Samen werken aan wonen’ uit 2015 en vormt een belangrijk kader voor de samenwerking in de regio Rivierenland op het beleidsveld wonen. De gemeente Maasdriel zet zich daarin in voor een passend aanbod in elke kern naar de behoefte van de bewoners. Vanwege de druk op de woningmarkt wil Maasdriel de woningbouwproductie verder versnellen, waarbij nadrukkelijk aandacht blijft voor de kwalitatieve aspecten. Dit betekent dat de gemeente tussen 2020 en 2025 verwachten meer dan 50% van de woningbouwopgave tot 2030 te kunnen realiseren. Voor het onderhavige initiatief, waarbij er sprake is van het toevoegen van één extra woning is het woningbouwprogramma niet relevant. Wel is duidelijk dat de gemeente Maasdriel, samen met de regio-gemeenten de woningbouwproductie wil versnellen.
3.4. Beleid Waterschap Waterbeheerprogramma 2022-2027 Het Waterbeheerprogramma 2022-2027 'Versterken, verbinden, vergroenen' beschrijft wat Waterschap Rivierenland in de planperiode 2022-2027 wil bereiken, met wie, hoe men dat wil gaan doen en waarom. In het waterbeheerprogramma zijn voor het waterbeheer de kaders gegeven en de opgaven gedefinieerd. De visie van Waterschap Rivierenland is vertaald in 8 hoofdthema's: beschermen tegen overstromingen; water eerlijk verdelen; voorbereiden op extreem weer; streven naar schoon water van een goede biologische kwaliteit; bijdragen aan een fijne leefomgeving voor mens en natuur; kwaliteitsverbetering zwemwater; toewerken naar klimaat- en energieneutraliteit; toewerken naar circulariteit. Keur waterkeringen en wateren In de Keur waterkeringen en wateren (Waterschap Rivierenland) staan de geboden en verboden die betrekking hebben op watergangen en waterkeringen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden zal een vergunning nodig zijn. De werkzaamheden in of nabij de waterkeringen worden getoetst aan de beleidsregels. Zie voor de inhoudelijke toetsing de paragraaf watertoets.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
17
Pouderoyen Compagnons
Het initiatief heeft betrekking op een functieverandering en herbouw en leidt tot een ongeveer gelijkblijvend verhard oppervlak. Het voornemen leidt niet tot negatieve effecten voor de waterhuishouding, zie ook paragraaf 4.7.
3.5. Gemeentelijk beleid Visie Maasdriel 2020+ Doel van de visie is richting te geven aan de lange termijn ontwikkeling van de gemeente. Onder de lange termijn wordt verstaan het jaar 2020 en verder. Daarom heet de visie 'Maasdriel 2020+'. Om de gewenste leefbaarheid in de elf kernen te borgen, is het noodzakelijk dat Maasdriel groeit richting 26.000 inwoners in 2020, om in de jaren daarna mogelijk door te groeien tot 29.000 inwoners. Deze doorgroei is wel afhankelijk van de lange termijn demografische ontwikkeling in Nederland waarbij op dit moment tot medio 2030 voorzien is in groei in de Randstad en Brabantstad. Uitgangspunt voor het woningbouwprogramma is te bouwen voor in elk geval de behoeften van de eigen bevolking, met daarbinnen specifiek aandacht voor de huisvesting van ouderen en jongeren en de ontwikkeling van nieuwe concepten zoals het creëren van werklandschappen en het bouwen in eigen beheer. Parallel daaraan wordt ingezet op het bouwen voor groei. De beoogde groei wordt bereikt door te bouwen voor jongeren uit de eigen gemeente en daarnaast het verleiden van jonge koopkrachtige gezinnen van buiten de gemeente om in Maasdriel te komen wonen. Het voorliggend plan past binnen de “Visie Maasdriel 2020+” door 2 woningen te realiseren in centrumgebied in plaats van de voormalige detailhandelsfunctie met woning.
Structuurvisie en plan-MER Maasdriel Op 20 oktober 2011 heeft de gemeenteraad van de gemeente Maasdriel de 'Structuurvisie en plan-MER gemeente Maasdriel' vastgesteld. Deze structuurvisie is de ruimtelijke vertaling van de 'Visie Maasdriel 2020+'. De structuurvisie is een kaderstellend plan, dat duidelijkheid geeft over de plannen en beleidsstukken, die voor de gemeente Maasdriel van belang zijn. Het uiteindelijke ruimtelijke beleid van de gemeente Maasdriel wordt de komende jaren ingevuld door het uitvoeren en uitwerken van tientallen projecten. Hierbij gaat het om woningbouw (in alle segmenten en prijscategorieën), ontwikkeling van bedrijventerreinen en concentratiegebieden voor glastuinbouw en paddenstoelenteelt.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
18
Pouderoyen Compagnons
Voorliggend project bestaat uit het oprichten van 1 extra woning, daar waar reeds 1 woning was toegestaan. In de Structuurvisie en plan-MER Maasdriel is het volgende bepaald ten aanzien van het bouwen van nieuwe woningen: “In Maasdriel is een blijvende behoefte aan woningbouw. Deze behoefte komt in eerste instantie voort uit de bevolkingsontwikkeling (en de gezinsverdunning) in Maasdriel. De woningbouw en de toename van de woningvoorraad zijn de laatste jaren daarnaast aanzienlijk achter gebleven bij de taakstellingen.” Ook het volgende is in de structuurvisie en de plan-MER opgenomen “Nieuwe woningbouwlocaties kunnen worden gevonden zowel binnen als buiten de bebouwingscontour. Kwaliteit staat hierbij voorop, meer dan het strakke keurslijf van de bebouwingscontouren”. Uit de kaart Bebouwingscontouren van de Structuurvisie blijkt dat de locatie binnen de bebouwingscontouren is gelegen. Vanuit milieuoptiek dienen bij voorkeur eerst de woningbouwprojecten binnen de bebouwingscontouren van de kernen Hedel, Ammerzoden, Kerkdriel en Velddriel te worden gerealiseerd.
Fragment kaartbeeld Bebouwingscontouren Structuurvisie en plan-MER Maasdriel
Voorliggend initiatief voorziet in het oprichten van nieuwe woningen in het centrumgebied van de kern Kerkdriel. Hiermee wordt er bijgedragen aan het uitbreiden van de woningvoorraad, één van de beleidsvoornemens uit de structuurvisie en plan-MER. Daarnaast is het één van de locaties die als eerste benut dient te worden in het kader van inbreiding voor uitbreiding en daarnaast ook om verpaupering te voorkomen.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
19
Pouderoyen Compagnons
Woningbouwprogramma gemeente Maasdriel 2021-2030 Tot 1 januari 2020 zijn 489 woningen van de 1063 woningen die in het woningbouwprogramma 2015-2025 waren opgenomen, gerealiseerd. Deze productie is tussen 2015 en 2019 gestaag toegenomen en daarmee is in 5 jaar bijna 50% van de opgave gerealiseerd. Ondanks dat daarmee werd voldaan aan de gemiddelde woningbouwopgave, is de druk op de woningmarkt alleen maar groter geworden. Om de voortgang van de woningbouwproductie juist nu op gang te houden en waar mogelijk nog te versnellen, is het woningbouwprogramma 2021-2030 opgesteld. Met het woningbouwprogramma 2021-2030, (vastgesteld 10 december 2020), dat voorziet in de realisatie van 988 woningen, kan voor een substantieel deel voldaan worden aan de geprognotiseerde woningbehoefte voor de komende tien jaar. De geprognotiseerde woningbehoefte, de bandbreedte van 700 tot 1250 woningen, is vastgelegd in de Regionale Woonagenda Rivierenland 2020-2030. Het voorgenomen bouwplan is ten tijde van het principeverzoek (juli 2020) getoetst aan het beleid zoals verwoord in het woningbouwprogramma 2015-2025. Dit beleid luidde als volgt: 'Voor de bouw van 'niet projectmatige' woningen is een aantal van 110 woningen opgenomen (+/- 10 per jaar).Hiervan is al een groot gedeelte 'belegd' met aanvragen of vergunningen.
Om deze aantallen enigszins te beperken en niet ten koste te laten gaan van projecten waarvoor samenwerkingsovereenkomsten zijn gesloten, komen alleen nog de 'eigen huis en tuin' (maximaal twee woningen) en de verzoeken voor vrijkomende agrarische bebouwing hiervoor in aanmerking.' Ter plaatse van het plangebied is sprake van een inbreiding van geringe schaal. De toevoeging valt daarom binnen het woningbouwprogramma.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
20
Pouderoyen Compagnons
4.
MILIEU- & OMGEVINGSASPECTEN
4.1. Archeologie en cultuurhistorie Archeologie Het beleid met betrekking tot archeologische waarden dient er op gericht te zijn archeologisch belangrijke terreinen zoveel mogelijk te ontzien. In het geval dat dit niet mogelijk is, dient voldoende ruimte te zijn voor het uitvoeren van verantwoord archeologisch onderzoek, zodat de informatie in het deel van het bodemarchief dat verloren gaat, ook verantwoord kan worden vastgelegd. Het gemeentelijke archeologiebeleid dat in april 2013 is vastgesteld door de raad, dient daarom in het bestemmingsplan te worden vertaald. De gemeentelijke beleidskaart bepaalt de norm c.q. het vrijstellingsregime. Binnen de planlocatie zijn geen archeologische waarden bekend. Wel maakt de locatie onderdeel uit van een stroomrug, waar de archeologische verwachtingswaarden middelhoog (waarde – archeologie 3) zijn. Voor dergelijke gebieden geldt een beleid dat vroegtijdig in de planvorming onderzoek dient te worden verricht om verstoring van mogelijke archeologische waarden te voorkomen. Het gaat dan om een plangebied groter dan 500 m2 en waarbij voorzien is dat ingrepen dieper dan 30 cm zullen plaatsvinden. De zone waarvoor deze onderzoeksplicht geldt, is met een dubbelbestemming in het vigerende bestemmingsplan vastgelegd. Nevenstaande uitsnede toont het gebied waarvoor deze regeling van toepassing is.
Het plan voorziet in de herbouw van een woongebouw ter plaatse van de oorspronkelijke fundamenten van de inmiddels gesaneerde bebouwing. Omdat het voornemen niet leidt tot een bodemverstoring van meer dan 500 m2, gegeven het feit dat ter plaatse reeds gronden geroerd zijn vanwege bouwactiviteiten die in het verleden hebben plaatsgevonden, is nader vooronderzoek in het kader van het bestemmingsplan niet noodzakelijk. In het plan is overeenkomstig het gemeentelijk archeologisch beleid wel een archeologische dubbelbestemming opgenomen om eventuele toekomstige verstoring van het mogelijk aanwezige bodemarchief te voorkomen. Gelet op vorenstaande geldt dat het aspect archeologie geen belemmering vormt voor onderhavig plan. Cultuurhistorie Per 1 januari 2012 is de Modernisering Monumentenzorg in werking getreden. Als gevolg van de MoMo is het Bro (artikel 3.6.1, lid 2) gewijzigd.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
21
Pouderoyen Compagnons
In een bestemmingsplan dient een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten, rekening is gehouden. Ook de facetten historische bouwkunde en historische geografie dienen te worden meegenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. Zowel de Nieuwstraat als de Molenstraat zijn oude straten in de kern van Kerkdriel, die de basis vormen voor het historisch bepaalde stratenpatroon. De Nieuwstraat is een verbindende straat tussen het centrum en de dijk en anderzijds naar Velddriel; de Molenstraat is een parallelstraat aan de Dalemstraat en Maasbandijk. Onderstaande uitsnede van de topografische kaart rond 1850 toont de structuur. De planlocatie ligt direct aan de kruising van beide wegen.
Onderhavig planvoornemen voorziet in het plangebied in vervangende nieuwbouw waarbij de karakteristieke van het historische centrumgebied van Kerkdriel worden hersteld. Dit door karakteristieke rooilijnen van bebouwing te volgen, passende architectuur toe te passen en gevelopbouw en dakvormen toe te passen die zich voegen naar de karakteristiek van individuele panden met een traditionele uitstraling. Met onderhavig initiatief vindt geen aantasting plaats van het historisch wegprofiel alsmede overige historische waarden. Voor de nieuwbouw zal worden aangesloten bij de beschreven kenmerken van de omgeving. Vanuit welstand is het voorlopige schetsplan voor de bouwlocatie dan ook positief beoordeeld, mits bij de definitieve bouwaanvraag nog iets meer aandacht wordt gegeven aan geveldetaillering. Gelet op vorenstaande geldt dat het aspect cultuurhistorie geen belemmering vormt voor onderhavig plan en dat in het plan rekening wordt gehouden met herstel en versterking van historisch bepaalde structuren en kenmerken.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
22
Pouderoyen Compagnons
Molenstraat, zicht in noordelijke richting
4.2. Leidingen Door het plangebied lopen geen boven- en/of ondergrondse leidingen. Er is op dat gebied derhalve geen sprake van bijbehorende (planologische) beschermingszones en/of belangen van derden op dit punt. Ter plaatse zijn de gronden in het vigerende bestemmingsplan wel primair bestemd voor een onverstoorde instandhouding van het radarverstoringsgebied Volkel. Op en in de gronden mag de bouwhoogte van nieuw op te richten bouwwerken niet boven de 65 m NAP uitkomen. Dit is voor voorliggende bouwplan geen beperking. De regeling wordt wel overgenomen in het bestemmingsplan. De aanwezigheid van kabels en leidingen met betrekking tot de nutsvoorzieningen in de omgeving is evident. Te zijner tijd zal bij het bouw en woonrijp maken van de extra bouwkavel contact moeten worden opgenomen met de leidingbeheerders i.v.m. de aansluiting op de diverse netten. Het aspect leidingen vormt geen belemmering voor het plan.
4.3. Milieu Bedrijven en milieuzonering In de ruimtelijke ordeningspraktijk geldt de VNG-brochuren ‘bedrijven en milieuzonering’ als belangrijkste en – volgens vaste jurisprudentie – maatgevende handreiking voor het bepalen van de milieueffecten van een activiteit op zijn omgeving. Bovenstaande moet op twee manieren getoetst worden.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
23
Pouderoyen Compagnons
Enerzijds wordt er gekeken of de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling zelf veroorzaker is van hinder en anderzijds wordt bekeken of de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling kwetsbaar is voor hinder en/of bestaande functies belemmert in hun bedrijfsvoering. Woningen als veroorzaker De beoogde woonfunctie is geen bron van milieuhinder en zal als zodanig geen negatieve invloed hebben op functies in de omgeving. Ook zal, gezien de gemengde woonomgeving waarin de locatie is gelegen, en het gegeven dat in de vigerende regeling ook reeds wonen in het gebouw is toegestaan, de omgeving en de aanwezige milieuruimte niet worden verengd door de nieuwe appartementen. Woningen als gevoelig object De VNG heeft een handreiking voor de ruimtelijke ordeningspraktijk ontwikkeld, waardoor rekening kan worden gehouden met de effecten van voorgenomen of bestaande activiteiten: de VNG brochure ‘bedrijven en milieuzonering’. De brochure maakt een onderscheid tussen locaties waar functiescheiding feitelijk aanwezig en/of beleidsmatig gewenst is (bijv. bedrijventerrein ten opzichte van woonwijk) en locaties waar functiemenging feitelijk aanwezig en/of beleidsmatig gewenst is (bijv. een dorpskern). Dit laatste is in het centrumgebied van Kerkdriel aan de orde. Bij het toestaan van de verschillende functies is functiemenging het uitgangpunt.
Een gevarieerde functiestructuur is van toegevoegde waarde voor de leefbaarheid van de kern. Bij functiemenging is bijlage 4 van de VNG brochure ‘bedrijven en milieuzonering’ van toepassing: Staat van Bedrijfsactiviteiten functiemenging. Derhalve vormt de specifieke Staat van Bedrijfsactiviteiten voor gebieden met functiemenging het toetsingskader. De Staat van Bedrijfsactiviteiten voor functiemenging geeft een overzicht van bedrijfsactiviteiten, die vanuit oogpunt van hinder en gevaar goed inpasbaar zijn in gebieden met functiemenging, zoals een dorpskern. Dit impliceert dat deze ook mogelijk zijn in de directe nabijheid van (toe te voegen) woningen. De categorie-indeling bij de Staat van Inrichtingen voor gebieden met functiemenging is als volgt: A. Activiteiten die zodanig weinig milieubelastend voor hun omgeving zijn, dat deze aanpandig aan woningen kunnen worden uitgevoerd. De eisen uit het Bouwbesluit voor scheiding tussen wonen en bedrijven zijn daarbij toereikend. B. Actviteiten die in gemengd gebied kunnen worden uitgeoefend, echter met een zodanige milieubelasting voor hun omgeving dat zij bouwkundig afgescheiden van woningen en andere gevoelige functies dienen plaats te vinden.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
24
Pouderoyen Compagnons
C. Activiteiten zoals genoemd onder B, waarbij vanwege de relatief grote verkeersaantrekkende werking een onsluiting op de hoofdinfrastructuur is aangewezen. Binnen de planlocatie wordt de bestemming ‘Dienstverlening’ opgeheven. Deze zal aldus verder buiten beschouwing worden gelaten. Aan de noordelijke overzijde van de weg en op de aangrenzende percelen oostelijk en zuidelijk van de planlocatie is een bestemming ‘Wonen’ van toepassing. Ook deze bestemmingen leiden niet tot milieueffecten op de planlocatie.
Centrumbestemming (roze) en dienstverlening (planlocatie, paars)
Westelijk van de locatie (overzijde Molenstraat) en noordwestelijk (overzijde Nieuwstraat) geldt de bestemming ‘Centrum - 1’ met specifieke aanduiding 'specifieke vorm van centrum - zone detailhandel en horeca'. Hier zijn de functies detailhandel, kleinschalige dienstverlening (bruto vloeroppervlak maximaal 200 m²), horeca (categorie 1 en 2), kleinschalige kantoren (bruto vloeroppervlak maximaal 200 m²) en wonen toegestaan. Voorts geldt voor het naastgelegen pand de aanduiding horeca, overeenkomstig de huidige functie. Alleen hier is de horecafunctie toegestaan. De genoemde toegestane functies detailhandel, kleinschalige dienstverlening (bruto vloeroppervlak maximaal 200 m²), horeca (categorie 1 en 2), kleinschalige kantoren (bruto vloeroppervlak maximaal 200 m²) behoren allen tot de categorieen A en B uit bijlage 4 van de VNG brochure ‘bedrijven en milieuzonering’ (Staat van Bedrijfsactiviteiten functiemenging).
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
25
Pouderoyen Compagnons
Café ’t Luchtschip, Nieuwstraat 8
Dit betekent dat deze geen onacceptabel milieueffect hebben op de omgeving indien deze bouwkundig zijn afgescheiden van woningen en andere gevoelige functies. Dit is in onderhavige situatie het geval, daar de functies aan overzijden van de aanwezige straten zijn gelegen. Bodem Indien sprake is van een planologische functiewijziging, dient te worden bezien of de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse geschikt is voor het voorgenomen gebruik. Het plan voorziet in de oprichting van een nieuw woongebouw voor 2 woningen. Om inzicht te krijgen in milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse is een verkennend onderzoek uitgevoerd. De rapportage van het onderzoek is als bijlage 1 toegevoegd. De onderzoeken, in het kader van de voorgenomen nieuwbouw, zijn uitgevoerd conform de normen NEN 5725:2009, NEN 5740:2009 en NEN 5707:2003/C1:2006 door Verhoeven Milieutechniek B.V. Conclusies historisch onderzoek en locatiebezoek Uit de resultaten van het historisch onderzoek blijkt dat ter plaatse van de Nieuwstraat 10 in 2011 een brand is geweest, waarbij de bebouwing is verwoest. Uit het dossieronderzoek blijkt daarnaast dat tijdens de bouw van de garage en/of bijgebouw tijdelijk 2 containers met bouwafval gestaan hebben. Bij de Gemeente zijn geen gegevens bekend met betrekking tot de bodemkwaliteit en andere (voormalige) bodembedreigende activiteiten.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
26
Pouderoyen Compagnons
In verband met de brand, voormalige aanwezigheid van bebouwing en tijdelijk opslag van 2 containers met bouwafval dient voor de algemene kwaliteit te worden uitgegaan van de verdachte strategie (VED-HE). Tevens dient een verkennend onderzoek naar asbest te worden uitgevoerd conform de verdachte strategie. Conclusies diverse onderzoeken Middels de diverse onderzoeken is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie gelegen aan de Nieuwstraat 10 te Kerkdriel vastgelegd. Conclusies verkennend onderzoek naar asbest Middels het uitgevoerde onderzoek naar asbest is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem met betrekking tot asbest onderzocht. Voor de locatie werd de hypothese gesteld van een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een verontreiniging met asbest. Op basis van de resultaten van het verkennend onderzoek naar asbest blijkt dat de hypothese dient te worden verworpen, aangezien zowel zintuiglijk (fractie > 16 mm) als analytisch geen asbest (fractie < 16 mm) is aangetoond. Aangezien de restconcentratienorm voor asbest (100 mg/kg d.s.) niet wordt overschreden is derhalve geen sprake van een ernstige verontreiniging en is geen nader onderzoek noodzakelijk. De aangetroffen puinbijmengingen hebben niet geleid tot een verontreiniging met asbest.
Conclusies verkennend bodemonderzoek Voor de locatie werd de hypothese gesteld van een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een bodemverontreiniging, aangezien sterke verontreinigingen werden verwacht. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de gestelde hypothese vooralsnog verworpen, aangezien in de grondmengmonsters maximaal licht verhoogde gehalten zijn aangetoond. De aangetoonde verontreinigingen betreffen overschrijdingen van de achtergrondwaarden. In het grondmengmonster MM02 wordt voor zink en lood de index van 0,5 marginaal overschreden. Formeel dienen de deelmonsters uit MM02 echter afzonderlijk te worden geanalyseerd op deze parameters om vast te stellen of mogelijk sprake is van ernstige verontreinigingen in de deelmonsters. Ter plaatse van de locatie is geen grondwateronderzoek conform NEN 5740 uitgevoerd, aangezien de grondwaterstand zich dieper dan 5,0 mmv bevindt.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
27
Pouderoyen Compagnons
Nader en actualiserend onderzoek Aangezien voorgaand onderzoek inmiddels meer dan 5 jaar oud is, is deze verjaard en dient een actualiserend grondonderzoek conform de NEN 5740 plaats te vinden voor herontwikkeling. Aangezien op basis van voorgaand onderzoek matig (index > 0,5) verhoogde gehalten voor lood en zink in de bovengrond (0,0-0,5 m-mv) van boringen B06 en B07 zijn aangetoond en destijds geen vervolgonderzoek heeft plaatsgevonden dient de locatie als verdacht te worden beschouwd. Als gevolg van de bluswerkzaamheden in 2011 dient tevens de locatie als verdacht te worden beschouwd op PFAS, waarmee in voorgaand onderzoek geen rekening is gehouden, omdat dat destijds volgens de toen geldende onderzoeksregels niet nodig was. Een onderzoek naar asbest conform de NEN 5707 / NEN 5897 wordt niet noodzakelijk geacht, aangezien asbest in voorgaande onderzoek in voldoende mate is onderzocht. Daarnaast dient voorafgaand aan het actualiserend grondonderzoek een aanvullend historisch onderzoek afgeleid van de NEN 5725 te worden uitgevoerd. Hierbij dient te worden nagegaan of er in de periode van november 2015 tot heden bijzonderheden hebben plaatsgevonden, die mogelijk van invloed zijn geweest voor de bodemkwaliteit op de onderzoekslocatie. Het aanvullend onderzoek is inmiddels uitgevoerd en opgenomen in Bijlage 1.
Middels het uitgevoerde actualiserende- en nadere grondonderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de grond voor de onderzoekslocatie gelegen aan de Nieuwstraat 10 te Kerkdriel in voldoende mate onderzocht. Op basis van de onderzoeksresultaten zijn geen vervolgstappen in het kader van de Wbb noodzakelijk en bestaan vanuit milieuhygiënisch oogpunt geen belemmeringen tegen de voorgenomen herontwikkeling (nieuwbouw), rekening houdend met de matige bodemkwaliteit ten aanzien van lood in de bovengrond ter plaatse van boringen B108 en B202. De aangetroffen gehalten voor lood in de onbedekte bovengrond vormen geen aanleiding tot het nemen van directe aanvullende maatregelen bij het gebruik van de locatie als wonen met (moes)tuin of als plaats waar kinderen spelen. Aangezien het maximaal gemeten gehalte voor lood van 220 mg/kg d.s. beneden de norm voor slechte kwaliteit (370 mg/kg d.s.) ligt, kan worden volstaan met de algemene communicatie over de gebruiksadviezen van de GGD.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
28
Pouderoyen Compagnons
Bij herstructurering wordt wel geadviseerd maatregelen te nemen door middel van het aanbrengen van schone grond/valzand (kunst)gras en/of (rubber)tegels (met daaronder schoon zand). Op basis van de diverse bodemvreemde materialen in de opgeboorde grond zijn de matig verhoogde gehalten voor lood en zink in de bovengrond vermoedelijk te relateren aan een ophogingslaag met bodemvreemde bijmengingen. Voor wat betreft eventuele graafwerkzaamheden is conform de CROW 400 tevens geen veiligheidsklasse van toepassing (basishygiëne). Bij eventuele afvoer van de grond dient rekening te worden gehouden met de resultaten van voorliggende onderzoeken. Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat bij ontgraven, afvoeren en toepassen elders de regels van de Regeling en het Besluit bodemkwaliteit van toepassing zijn en aanvullende onderzoeken of keuringen worden verlangd. Externe veiligheid De doelstelling van het externe veiligheidsbeleid (is het realiseren van een veilige woon- en leefomgeving door het beheersen van risico’s van industriële activiteiten met opslag en transport van gevaarlijke stoffen. Het beleid is er op gericht te voorkomen dat er te dicht bij gevoelige bestemmingen activiteiten met gevaarlijke stoffen plaatsvinden. De risiconormen voor externe veiligheid zijn vastgelegd in het BEVI. In dit besluit zijn milieukwaliteitseisen op het gebied van externe veiligheid geformuleerd.
De bij het besluit behorende ministeriële regeling “Regeling externe veiligheid inrichtingen” (REVI) werkt de afstanden, de referentiepunten en de wijze van berekenen van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico verder uit ter uitvoering van het BEVI. Het BEVI verplicht het bevoegd gezag op basis van de Wet milieubeheer om veiligheidsafstanden aan te houden tussen gevoelige objecten en risicovolle bedrijven. In het besluit zijn gevoelige objecten gedefinieerd als kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten. Plaatsgebonden risico (PR) In het BEVI zijn normen opgenomen voor de kans dat één persoon buiten het inrichtingsterrein overlijdt als gevolg van een calamiteit bij het bedrijf (plaatsgebonden risico). Groepsrisico (GR) In het BEVI zijn tevens normen opgenomen voor de kans dat meerdere personen buiten het inrichtingsterrein overlijden als gevolg van een calamiteit bij het bedrijf (groepsrisico). Voor het groepsrisico wordt een oriëntatiewaarde gegeven en geldt voor nieuwe situaties een verantwoordingsplicht voor het bevoegd gezag.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
29
Pouderoyen Compagnons
De voorgenomen ontwikkeling voorziet niet in activiteiten waarin sprake is van veiligheidsrisico’s voor de omgeving. De locatie is formeel aan te merken als een kwetsbaar object (toevoegen van woningen), conform het Besluit externe veiligheid inrichtingen. Derhalve is de provinciale risicokaart geraadpleegd. In navolgende afbeelding is een uitsnede hiervan weergegeven.
Uitsnede risicokaart
Alle risicobronnen bevinden zich op geruime afstand van de projectlocatie. Op 1 km bevindt zich weliswaar de opslag van Agib, dit is echter buiten het invloedsgebied van deze inrichting. De projectlocatie bevindt zich tevens buiten de risicosfeer van overige risicobronnen. Het aspect externe veiligheid vormt derhalve geen belemmering voor onderhavig initiatief. Geluid Bij ruimtelijke ontwikkelingen dient er, op basis van de Wet geluidhinder, onderzocht te worden of er sprake is van geluidsoverlast, in het bijzonder in verband met verkeer, spoor of bedrijven. Het plangebied is niet gelegen in de akoestische milieuzone van een spoorbaan of bedrijf. Ten behoeve van het plan is een akoestisch onderzoek verricht naar de geluidsbelasting als gevolg van wegverkeerslawaai op de nieuwe woningen door Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV. De rapportage van dit onderzoek is toegevoegd als bijlage 2. Het onderzoek is destijds uitgevoerd voor een woongebouw met 5 appartementen, daar waar nu wordt uitgegaan van een woongebouw met 2 woningen, waarvan de voorgevel en zijgevel van de woningen t.o.v. de wegen op dezelfde locatie zijn geprojecteerd. Daarmee is het onderzoek dus nog actueel. De planlocatie is geheel gelegen aan 30 km/u-wegen.
In het kader van een goed woon- en leefklimaat en ter bepaling van de karakteristieke geluidwering van de gevel is derhalve onderhavig onderzoek opgesteld en zijn deze wegen beschouwd.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
30
Pouderoyen Compagnons
Uit het onderzoek blijkt dat de voorkeursgrenswaarde, zijnde 48 dB voor wegverkeerslawaai, op de gevels aan de Nieuwstraat en Molenstraat overschreden wordt. Op de gevels aan de Nieuwstraat en Molenstraat is de geluidbelasting respectievelijk maximaal 54 dB en 52 dB. Een normale gevel van een woning heeft minimaal een geluidwering van 20 dB. Het is echter aannemelijk dat een gevel van een nieuwbouwwoning, als gevolg van de sinds 1 januari 2011 geldende strengere EPC-normen, een grotere geluidreductie tot gevolg heeft dan de 20 dB die in het Bouwbesluit worden gehanteerd. Geconcludeerd wordt dat het binnenniveau van 33 dB op de gevels aan de Nieuwstraat en Molenstraat gewaarborgd is. Een vervolgonderzoek naar de karakteristieke gevelwering is niet noodzakelijk. Luchtkwaliteit In hoofdstuk 5, titel 5.2 van de Wet milieubeheer (hierna ook: Wmb), zijn de belangrijkste bepalingen inzake de luchtkwaliteit opgenomen. Dit hoofdstuk staat ook wel bekend als de ‘Wet luchtkwaliteit’. Het doel van titel 5.2 Wmb is om de mensen te beschermen tegen de negatieve gevolgen van luchtverontreiniging op hun gezondheid. In de wet- en regelgeving zijn de richtlijnen uit de Europese regelgeving opgenomen, waaraan voorgenomen ontwikkelingen dienen te voldoen. In dit artikel is opgenomen dat er bij het wijzigen van het bestemmingsplan altijd sprake is van een project.
Derhalve is bekeken of de luchtkwaliteit onderzocht moet worden. De Regeling Niet In Betekenende Mate (NIBM) kent voor woningbouw de volgende criteria waaronder de verslechtering van de luchtkwaliteit per definitie ‘niet in betekenende mate’ is: NIBM-grens woningbouwlocatie, 3% criterium: < 1500 woningen (netto) bij minimaal 1 ontsluitingsweg, met een gelijkmatige verkeersverdeling, < 3000 woningen bij minimaal 2 ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling. 3
De wijziging van het plan voorziet in het bouwen van slechts 2 woningen waar voorheen een dienstverlenende functie en woning toegestaan waren en voldoet derhalve ruimschoots aan de NIBM-grens. Op basis hiervan, kan dan ook gesteld worden dat het project niet in betekenende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Daarnaast geldt in het kader van het aspect luchtkwaliteit het Besluit gevoelige bestemmingen. Dit besluit is gericht op de beperking van de vestiging in de nabijheid van provinciale en rijkswegen van gevoelige bestemmingen, zoals gebouwen voor kinderopvang, scholen, verzorgings- of verpleegtehuizen. Dit besluit is om die reden niet op onderhavig bouwplan van toepassing.
Kerkdriel herziening 2023, Nieuwstraat 10
31
Pouderoyen Compagnons
Gelet op vorenstaande vormt het aspect luchtkwaliteit geen belemmeringen voor onderhavige planontwikkeling.
4.4. Natuur Gebieden – Wet natuurbescherming (Wnb) Het plangebied bevindt zich niet in of direct nabij Natura-2000 gebieden (gelegen op 3.0 km afstand), Wetlands of Beschermde- of Staatsnatuurmonumenten. Daarnaast is het plangebied niet gelegen binnen het Natuur Netwerk Nederland (NNN), door de provincie vertaald naar GNN en GO. Het NNN (GNN en GO) kent geen externe werking. Een Natura-2000 gebied kent wel externe werking. Gezien de aard van het plan (kleinschalige woningbouw) en de afstand tot een Natura 2000 gebied, zijn significant negatieve effecten op een Natura 2000 gebied echter uitgesloten. Wel is het aspect stikstof nader onderzocht. Stikstoftoets De realisatie en in gebruikname van de 2 woningen is op het aspect stikstof doorgerekend. Het onderzoek is als Bijlage 4 bij de toelichting gevoegd. Vast staat dat in zowel de bouwfase als de gebruiksfase de geldende normeringen voor stikstofuitstoot en belasting van gevoelig Natura 2000 gebied niet worden overschreden en dat het plan op dit aspect uitvoerbaar is. Soorten – flora en fauna De Wet natuurbescherming vormt het wettelijk kader voor de bescherming van een groot aantal inheemse bedreigde dier- en plantsoorten. Bij nieuwe ruimtelijke ingrepen en activiteiten dient te worden nagegaan of deze ingrepen en /of activiteiten eventueel negatieve gevolgen hebben voor aanwezige dier- en plantensoorten in de omgeving.