Kaderbrief ODR 2026
Tekst van het document
Kaderbrief 2026
Inhoudsopgave Voorwoord
3
Inleiding
4
Besturingscyclus
5
Missie, visie & koers
6
Ontwikkelingen
8
Robuustheid ODR en financiële situatie gemeenten
9
Overige ontwikkelingen
10
Financiën
13
Begrotingsrichtlijnen
14
Financiële mutaties
15
Toelichting indexaties
16
Kaderbrief 2026 ODR
2
Voorwoord Een kaderbrief in uitdagende tijden In Rivierenland spelen veel dingen waar ODR een rol in speelt en een bijdrage aan levert. U kunt hierbij denken aan de uitvoering van de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. En bijvoorbeeld de opvang van vluchtelingen en huisvesting arbeidsmigranten. Ook op het vlak van ondermijning voert ODR regelmatig controles uit. En niet te vergeten, de energietransitie en stikstofcrisis. Deze zaken voert ODR vaak goed, zonder ruchtbaarheid uit. En daar is het bestuur trots op. Maatschappelijk wordt de lat steeds hoger gelegd op het vlak van milieu- en duurzaamheidseisen. Ook aan bedrijven en gebouwen. Rijk en provincie verwachten van omgevingsdiensten een hoger kwaliteitsniveau om aan deze maatschappelijke verwachtingen te voldoen, wat vertaald is in robuustheidscriteria waar ook ODR aan moet voldoen per 1 april 2026. ODR voldoet aan vrijwel alle gestelde eisen. Aan 2 eisen wordt nog niet voldaan; een hogere omzet voor milieutaken en een geïmplementeerde visie op datagedreven werken. Hetzelfde Rijk maakt de financiële situatie voor gemeenten moeilijker door steeds meer te vragen en minder uit te keren. Dit vooral vanaf 2026. Het is een grote uitdaging om hier oplossingen voor te vinden. Oplossingen die gevonden kunnen worden in samenwerking met onze eigenaren en andere gemeenschappelijke regelingen in de regio.
Hier gaan we in 2025 mee aan de slag. Het bestuur heeft er het volste vertrouwen in dat ODR deze uitdagende tijden zal doorstaan en haar dienstverlening aan burgers en bedrijven en onze eigenaren goed zal blijven uitvoeren.
Monica Wichgers Voorzitter bestuur ODR
Kaderbrief 2026 ODR
3
Inleiding Voor u ligt de kaderbrief 2026 van Omgevingsdienst Rivierenland (ODR). Hierin leest u hoe wij ook in 2026 een bijdrage leveren aan een fijne, gezonde, veilige en duurzame leefomgeving in Rivierenland. Algemeen De kaderbrief 2026 is opgesteld conform het vastgestelde Informatieprotocol Rivierenland. In deze kaderbrief informeren wij u over de verschillende ontwikkelingen en de financiële uitgangspunten die de basis vormen voor het opstellen van de Begroting 2026. De jaarlijkse werkplannen blijven leidend voor het opstellen van de definitieve begroting. In deze werkplannen worden jaarlijks de afspraken over de af te nemen producten en diensten vastgelegd tussen gemeenten en ODR. Vanwege de outputfinanciering zijn de werkelijke kosten afhankelijk van de werkelijke productie. Leeswijzer
− Deze kaderbrief start met onze besturingscyclus en missie & visie, waarbij u kunt lezen hoe wij hieraan invulling geven door middel van ons programma voor kwaliteit en ontwikkeling “de koers”. − De relevante ontwikkelingen bij ODR worden benoemd. − Verder zijn de financiële begrotingsrichtlijnen opgenomen. − Tenslotte worden de (indicatieve) financiële mutaties voor dit begrotingsjaar toegelicht.
Kaderbrief 2026 ODR
4
Besturingscyclus Het schema aan de rechterkant laat zien hoe de deelnemers afspraken maken met ODR. En hoe zij de (financiële) voortgang kunnen bewaken van de afgesproken taken. Hieronder wordt dit verder toegelicht. VTH-beleidscyclus (BIG-8)
Strategisch beleidskader
De VTH-beleidscyclus bestaat uit een beleidsvormende (strategische) en uitvoerende (operationele) cyclus met op het snijvlak van beide cycli het regionaal uitvoeringsprogramma (RUP). De VTH-beleidscyclus (BIG-8) omschrijft een proces van plannen, uitvoeren, evalueren en bijsturen.
Strategische cyclus
Rapportage en evaluatie
Het VTH-beleid Rivierenland is het strategische beleidskader. Op basis daarvan worden jaarlijks werk- en uitvoeringsprogramma’s opgesteld waarin per deelnemer de producten en diensten staan beschreven die men afneemt. Ook komt hierin steeds meer aandacht voor de te bereiken (milieu)effecten. Elk jaar wordt er gerapporteerd over de bereikte resultaten in het VTH-jaarverslag. Zowel de uitvoeringsprogramma’s als het VTH-jaarverslag zijn in ontwikkeling en worden ieder jaar completer.
Strategisch
Operationeel beleidskader
Uitvoeringsprogramma
Operationele cyclus De werk- en uitvoeringsprogramma’s vormen de basis van de programmabegroting. Elk trimester ontvangen de deelnemers een managementrapportage, waarin de voortgang van de werk- en uitvoeringsprogramma’s wordt gerapporteerd. Levert ODR conform de afspraken of zijn er afwijkingen? De afwijkingen worden toegelicht in de rapportage, en ieder kwartaal worden de werkelijke kosten afgerekend met deelnemers. Jaarlijks wordt bekeken of er aanpassingen nodig zijn in de producten en diensten die de ODR levert. Deze worden verwerkt in het productenboek. Dat vormt vervolgens weer de basis voor het opstellen van de werk- en uitvoeringsprogramma’s.
Monitoren
Operationeel Voorbereiden
Uitvoeren
Koers – programma kwaliteit en ontwikkeling Naast de werk- en uitvoeringsprogramma’s beschrijft ODR per planperiode (3-5 jaar) hoe zij de koers en doorontwikkeling van de organisatie wil realiseren. De uitvoering daarvan vindt voor een groot deel plaats binnen het programma kwaliteit en ontwikkeling.
Kaderbrief 2026 ODR
5
Strategische koers van meerwaarde voor u
Bron: Strategische koers van meerwaarde voor u 2020-2025
6
Nieuwe koers vanaf 2026 De komende periode staat dan ook in het teken van het realiseren van een nieuwe strategische koers. Het belangrijkste thema zal zijn hoe we de meerwaarde van ODR voor onze gemeenten en de regio verder kunnen versterken. Dit betekent dat we met elkaar, ODR, opdrachtgevers en bestuur vooruit kijken naar de periode 2026 en verder.
Doorontwikkeling organisatie en voorbereiding nieuwe Koers De reorganisatie die in 2023 is ingezet is medio 2024 geëvalueerd. Daaruit bleek dat er op een aantal vlakken bijsturing nodig is om de doelen te behalen. De doelen die we nastreven zijn: • Basis beter op orde • Procesgericht samenwerken • Versterken professionaliteit • Bestuurlijke sensitiviteit vergroten • Ruimte voor kwaliteit
Hoe zien wij die toekomst, wat is onze missie, onze visie en welke strategie past daarbij. Wat zijn onze strategische doelen en hoe vertaalt zich dit in de uitvoering. Wat is hiervoor nodig en hoe gaan we dat doen. Hierbij wordt ook teruggekeken naar de lessen uit koersperiode 2021-2025.
Er wordt in 2024 en 2025 een volgende fase van de organisatieontwikkeling ingezet, waarbij het accent zal liggen op verdere leiderschapsontwikkeling, het herijken van de organisatiestructuur, vastleggen en borgen processen en het versterken van de keten samenwerking. We laten ons hierbij begeleiden door het bureau Decido. We beginnen dit proces met een heroriëntatie op de Koers, ter voorbereiding van een Nieuwe Koers. Hierbij zal een aantal actuele ontwikkelingen in ons vakgebied en in onze omgeving worden betrokken, o.a.: • Nieuwe wetgeving (Ow, Wkb) • De resultaten en consequenties van het IBP VTH • De energietransitie/duurzaamheid • De financiële positie van de gemeenten
Kaderbrief 2026 ODR
7
Ontwikkelingen
Kaderbrief 2026 ODR
8
Robuustheid ODR en financiële situatie gemeenten Robuustheid ODR ODR moet voldoen aan de landelijke robuustheidscriteria per 1 april 2026. Om hier aan te gaan voldoen, is in 2023 een plan van aanpak opgesteld en vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Dit plan en de uitvoering daarvan worden getoetst door het Rijk. ODR voldoet al jaren behoorlijk goed aan deze criteria, wat recent is bevestigd in een Rijksrapportage. Het belangrijkste criterium waar op dit moment niet aan voldaan wordt, is het criteria van voldoende omzet op het vlak van milieutaken. Hiervoor is nog minimaal €1,5 miljoen extra omzet nodig bovenop de € 15 miljoen milieuomzet (2023). Hier kan aan voldaan worden door het toevoegen van bestaande en toekomstige milieutaken van regio en gemeenten (en provincie) aan het werkpakket van ODR. Hiervoor is bestuurlijk draagvlak in het AB van ODR. Het leveren van meerwaarde en kosten efficiënte dienstverlening aan gemeenten is hierbij een vanzelfsprekend uitgangspunt. In de zomer van 2024 is landelijk en provinciaal ingezet op een verandering van het stelsel van omgevingsdiensten om de uitvoering van VTH taken op een hoger kwaliteitsniveau te brengen. Hierbij wordt ingezet op schaalvergroting, wat o.a. gevolgen heeft voor het principe van “nabijheid” wat burgers, bedrijven en gemeenten in Rivierenland zeer belangrijk vinden.
De landelijke en provinciale ideeën (provincie streeft naar 1 omgevingsdienst voor alle taken die ODR uitvoert, bouw en milieu) maken de uitvoering van het plan van aanpak van ODR op onderdelen moeilijker, maar bieden ook mogelijkheden. Duidelijk is hierbij wel dat het voldoen aan alle robuustheidseisen de kans vergroot dat de gemeenten in Rivierenland zelf kunnen blijven bepalen hoe, en op welke schaal, VTH taken worden uitgevoerd.
Financiële situatie gemeenten ODR beseft dat in 2026 de meeste van onze gemeenten een grote financiële uitdaging hebben. ODR heeft hierop in de begroting 2025 al proactief geanticipeerd door kostenbesparingen van structureel € 700.000 in te boeken. Meerdere deelnemers hebben aan ODR gevraagd om besparingsscenario’s uit te werken voor 2026 en verder. Een mogelijke besparingsoptie ligt in het aanpassen van het uitvoeringsniveau van taken. Het uitvoeringsniveau van (niet-)wettelijk verplichte taken die ODR uitvoert, is vastgelegd in het wettelijk verplichte regionale VTH beleid 2022-2025). In 2025 wordt het huidige beleid geëvalueerd om te komen tot een nieuw beleid voor de periode 2026-2029.
Verdere besparingsscenario’s (b.v. het niet of minder uitvoeren van niet-wettelijke taken) zullen vorm moeten krijgen in afspraken per individuele gemeente. Gemeenten laten verschillende taken uitvoeren door ODR en de financiële noodzaak is per deelnemer verschillend. De komende periode (t/m januari 2025) zal in afstemming tussen de ODR en gemeenten individueel gekeken worden wat de mogelijkheden zijn om de uitvoering van bepaalde taken in 2026 te verminderen. Vermindering van taken en/of het op een lager niveau uitvoeren daarvan brengt risico’s met zich mee voor de leefomgeving en heeft impact op de kwaliteit van dienstverlening en kan gevolgen hebben voor de legesinkomsten.
Robuustheidseisen en de financiële situatie bij gemeenten Het verlagen van de kosten voor gemeenten leidt tot een lagere omzet van ODR. Dit staat op gespannen voet met de robuustheidseisen die het Rijk stelt en de landelijk en provinciaal beoogde kwaliteitsverbetering. ODR zoekt in opdracht van het DB in 2025 naar mogelijkheden om samen met deelnemers en Regio Rivierenland ambities van gemeenten in een financieel moeilijke tijd te combineren met een omzetvergroting van ODR. Door bundeling van kennis of activiteiten in de gehele regio kunnen beide doelen worden gerealiseerd. Een voorbeeld hiervan is dat ODR voor alle deelnemers gezamenlijk specialistische paragrafen in de omgevingsplannen kan voorbereiden. Die hoeven dan niet allemaal individueel opgesteld te worden en/of door gemeenten aan verschillende stedenbouwkundige bureaus uitbesteed te worden. Dit biedt ook voordelen op het vlak van uniformiteit in omgevingsplannen, waar burgers en bedrijven van profiteren. En dit kan per saldo een bezuiniging voor gemeenten opleveren, gecombineerd met het sneller vastleggen van gemeentelijke ambities in deze omgevingsplannen. Een ander voorbeeld is dat ODR een grotere bijdrage kan leveren op het vlak van duurzaamheid en energietransitie.
Hier kunnen dezelfde voordelen gelden: voordelen voor burgers en bedrijven en gemeenten (waaronder kostenbesparing, gecombineerd met een hogere omzet bij ODR). Kaderbrief 2026 ODR
9
Overige ontwikkelingen
Nieuw VTH-beleid
Aanpassing financieringssystematiek
Dienstverlening
In 2025 wordt het VTH-beleid voor de periode vanaf 2026 opgesteld. Dit gebeurt samen met opdrachtgevers en betrokkenen. In dit beleid wordt onder andere bepaald welke focuspunten er gelden in de planperiode en welk kwaliteitsniveau van de VTH-werkzaamheden wordt nagestreefd. De bezuinigingsscenario’s waar hiervoor over werd gesproken zullen in dat licht moeten worden bezien.
Medio 2024 is de ‘Rapportage Financieringssystematiek Omgevingsdiensten’ opgeleverd binnen het Interbestuurlijk Programma. Het doel daarvan is:
In 2026 verwacht ODR een verdergaande vraag naar meer digitale dienstverlening, 24 uur per dag, 7 dagen in de week, snel en zonder persoonlijk contact.
Robuuste omgevingsdiensten (OD’s) met een stabiele financiering voor hun taken en opgaven.
Tegelijkertijd blijft bereikbaarheid per telefoon en mail van belang. Omdat niet iedereen even digitaal onderlegd is en de inhoudelijke wetgeving in het DSO ingewikkeld blijft.
Kaderbrief 2026 ODR
De rapportage bevat een uitwerking van de financieringssystematiek van OD’s, waarmee deelnemers de financiering van OD’s stabiel, opgavegericht én toekomstgericht kunnen inrichten. ODR gaat onderzoeken welke consequenties de hierin voorgestelde financieringssystematiek heeft binnen Rivierenland. De systematiek is vooralsnog een onverplichte richtlijn dus ODR zal eveneens bezien of en waar de systematiek toegevoegde waarde heeft ten opzichte van de huidige systematiek. Waarschijnlijk zal de invoering hiervan op zijn vroegst in de Begroting 2027 kunnen worden opgenomen.
ODR zet ook in 2026 in op een verdere verbetering van digitale informatievoorziening met, waar mogelijk, een versnelling in afhandeling van (aan)vragen en verzoeken. ODR verwacht in 2026 een toename qua dienstverlening aan onze opdrachtgevers. De urgentie, complexiteit en integraliteit van vraagstukken op het vlak van bouwen, duurzaamheid, milieu en ruimtelijke ordening blijven toenemen (zoals stikstofproblematiek, water en bodem als leidende principes in de ruimtelijke ordening, huisvesting van arbeidsmigranten, verduurzaming, et cetera). 10
Overige ontwikkelingen
Omgevingswet en Wkb
Bodemtaken
Energietransitie
De invoering van de Omgevingswet gaat nog gedurende 10 jaar bij gemeenten door, met name rondom het maken van omgevingsplannen en actualiseren van beleid. ODR zal hier bij ondersteunen en uitvoering geven aan de veranderingen die gemeenten doorvoeren in omgevingsplannen e.d. Dit in samenwerking tussen gemeenten en ODR in regionaal verband.
Onder de Omgevingswet is een deel van de bodemtaken overgedragen van de provincie naar de gemeenten, zoals bodemsanering. Ook zijn er taken bij gekomen, zoals toezicht op graafwerkzaamheden. ODR voert deze taken voor de gemeenten uit. Daarnaast wordt bodem meer sturend bij ruimtelijke keuzes, zoals blijkt uit de beleidsbrief van het Ministerie van I&W van november 2022. ODR wil samen met gemeenten invulling geven aan beleid, waarbij water en bodem sturend zijn bij ruimtelijke keuzes en we verstandig en slim omgaan met onze bodem, zodat de bodem haar functies kan blijven vervullen en de natuurlijk aanwezige potentie wordt benut. Voor 2026 betekent dit dat we ook voor water en bodem sturend invulling geven aan onze adviserende, faciliterende rol in ruimtelijke plannen en bij concrete initiatieven.
Energietransitie is één van de grote speerpunten globaal, maar ook in Gelderland. De provincie heeft als doel gesteld dat we in 2030 minimaal 55% minder CO2-uitstoot produceren en in 2050 geheel klimaatneutraal zijn.
Per 1 juli 2025 gaat de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen ook voor verbouwingen gelden. Landelijk verwacht men dat dit in de praktijk moeizaam zal gaan en ook in 2026 veel problemen zal geven. ODR zal bij de uitvoering van haar taken initiatiefnemers, gemeenten, bouwbedrijven, architecten, enz. zo goed mogelijk ondersteunen.
Kaderbrief 2026 ODR
Dat lukt alleen door samen te werken. Er wordt steeds vaker door ondernemers, inwoners en gemeenten een beroep gedaan op onze deskundigheid. Het gaat hierbij niet alleen om energiecontroles bij bedrijven en het toetsen van duurzaamheidsdoelstellingen bijvoorbeeld bij bouwaanvragen. We zijn eerder gestart met een pilot zonnepanelen bedrijfsdaken in de gemeente Buren opdat daken van bedrijfsgebouwen vaker gebruikt worden voor zonne-energie. Daarnaast neemt ODR deel aan een expertisecentrum voor ondernemers van de Regionale Energie Strategie. Ook in 2026 zullen we met ondernemers, S-tec en RES nog gerichter en zo praktisch als mogelijk onze bijdrage leveren zodat de genoemde doelen worden 11 gehaald.
Overige ontwikkelingen
Datagedreven werken
Professionalisering programmamanagement
Drone toezicht
Toenemend gebruik van data is een belangrijke pijler van onze toekomstige groei en innovatie. Er is veel informatie beschikbaar over bedrijven, goederen of afvalketens. Door informatie uit meerdere bronnen te ontsluiten, te bundelen en in onderlinge samenhang te analyseren kunnen we slimmer werken. Samen met andere omgevingsdiensten heeft ODR een gezamenlijke datavoorziening ontwikkeld.
Er wordt in 2025 een start gemaakt met een heroriëntatie op de Koers. Hiervoor zetten we in op het versterken van programmamanagement voor het realiseren van deze inhoudelijke ambities.
ODR onderzoekt momenteel de mogelijkheden en voordelen van dronetoezicht. Drones worden ingezet voor specifieke toepassingen, zoals volumemetingen, het constateren van asbest en het in beeld brengen van terreinen die moeilijk toegankelijk zijn. Deze technologie biedt kansen om sneller en effectiever toezicht te houden. We onderzoeken momenteel hoe en in welke vorm dronetechnologie structureel kan worden ingezet binnen onze organisatie, bijvoorbeeld door deze projectmatig toe te passen. Verdere uitkomsten en besluiten volgen zodra het onderzoek is afgerond.
In lijn met dit bestaande initiatief intensiveren wij de inzet op datagedreven werken en business intelligence (ondersteund door een incidentele subsidie vanuit het IBP). Vanuit de subsidie hebben we een pilot voor dashboarding voor onze VTH- en bedrijfsvoeringstaken gerealiseerd. Daarnaast is een roadmap (visie) opgesteld. Deze visie, in combinatie met de robuustheidseisen, laat de noodzaak zien van structureel extra inzet op dit vlak. Kaderbrief 2025 ODR
Met het versterken van programmamanagement zetten we in op het beter vertalen van de missie en visie naar concrete doelstellingen en daaraan gekoppeld de juiste activiteiten die ervoor zorgen dat wij onze doelrealisatie waarborgen. Dat doen we onder andere door een goede inrichting van het programma, het monitoren van de voortgang op outcome- en output doelstellingen en bijsturen waar nodig. In 2026 wordt zichtbaar dat we met behulp van de juiste inrichting en sturing de doelen gaan realiseren die wij voor ogen hebben als ODR.
12
Financiën
Kaderbrief 2026 ODR
13
Begrotingsrichtlijnen Dit betreffen de jaarlijks terugkerende algemene financiële uitgangspunten voor het opstellen van de begroting. Deze zijn niet veranderd ten opzichte van vorig jaar. 1. De begroting 2026 heeft als vertrekpunt het bestaande structurele beleid 2025. 2. Geautoriseerde beleidswijzigingen die consequenties hebben voor de begroting 2026 (en volgende jaren) worden in de begroting 2026 verwerkt. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van de meest actuele werkprogramma’s. 3. De meerjarenraming wordt op basis van constante prijzen geraamd. 4. De raming van het percentage voor de lonen en prijzen voor het jaar 2026 worden gebaseerd op de percentages van het CPB genoemd in de septembercirculaire 2024: a. Voor de prijzen wordt het percentage voor de netto materiële overheidsconsumptie gehanteerd b. Voor de lonen wordt de laatst bekende Cao gehanteerd en voor de eventueel resterende tijd naar rato de loonvoet voor de sector overheid toegepast. Daarnaast worden, indien nodig, ook oude jaren gecorrigeerd en daarmee op het juiste prijsniveau gebracht. Hierbij vindt afstemming plaats met de andere regionale gemeenschappelijke regelingen. 5. Onvoorzien wordt geraamd op € 45.000,-.
6. De deelnemersbijdrage wordt uitgesplist per programma. 7. Er wordt een budget begroot van 2% van de loonsom voor reiskosten, abonnementen en verzekeringen. 8. Er wordt een budget begroot van 3% van de loonsom voor opleidingen en business-intelligence (BI). 9. Voor de overhead taken wordt uitgegaan van een minimaal benodigde overhead waarmee de organisatie op een kwalitatief goede manier wordt ondersteund. 10. Voor kennis en kwaliteit wordt een percentage van 5% van de formatie gehanteerd.
Kaderbrief 2026 ODR
14
Financiële mutaties Dit betreffen de (indicatieve) financiële mutaties voor het specifieke begrotingsjaar. Hier wordt invulling gegeven aan de algemene begrotingsrichtlijnen. Omschrijving
Bedrag (€)
A.
Loonindexaties
610.000
B.
Prijsindexaties
90.000
C.
Datagedreven werken en business intelligence
200.000
Totaal mutaties begroting 2026
900.000
Hieronder staan de mutaties toegelicht: A. Conform de septembercirculaire 2024 gaan we voor 2026 uit van een loonstijging van 3,8%. Daarnaast is er sprake van een correctie op de indexatie 2025 van - 1,1%. Dat betekent dat de totale indexatie 2026 uitkomt op 3,3%. Dit percentage is afgestemd met de gemeenten en andere gemeenschappelijke regelingen in Rivierenland. Het indicatieve bedrag in bovenstaande tabel is gebaseerd op de huidige werkprogramma’s 2024. De definitieve mutaties zijn afhankelijk van de werkprogramma’s 2025. Zie voor meer toelichting pagina 14 (Toelichting indexaties).
B. De prijsindexering van de goederen en diensten is ook gebaseerd op de septembercirculaire 2024. Hiervoor wordt een prijsontwikkeling van 2,2% gehanteerd. Daarnaast is er sprake van een correctie op de indexatie 2025 van 1,1%. Dat betekent dat de totale indexatie 2026 uitkomt op 3,3%. Dit percentage is afgestemd met de gemeenten en andere gemeenschappelijke regelingen in Rivierenland. Het indicatieve bedrag in bovenstaande tabel is gebaseerd op de huidige werkprogramma’s 2024. De definitieve mutaties zijn afhankelijk van de werkprogramma’s 2025. Zie voor meer toelichting pagina 14 (Toelichting indexaties). C. Voor de robuustheid van de omgevingsdiensten zijn landelijke normen bepaald, onder andere voor business intelligence (BI)/datagedreven werken. Het is van belang dat ODR op dit gebied investeert, in navolging van andere OD’s in Nederland. Het doel hiervan is meer inzicht, voor zowel ODR als de deelnemers, en een effectievere inzet van de VTHinstrumenten. Door te investeren in BI kan ODR de informatiebehoefte van opdrachtgevers beter vervullen, wat ervoor zorgt dat actuele data sneller beschikbaar is, zonder tussenkomst van een medewerker. De structurele kosten hiervan bedragen naar verwachting € 400.000 per jaar. Gezien de moeilijke financiële situatie van de deelnemers vraagt ODR een bijdrage van 50% (= € 200.000).
De andere 50% wordt binnen de ODR-begroting gezocht, waarbij het uitgangspunt is dat datagedreven werken naast een kwaliteitsimpuls ook een kostenbesparing kan opleveren. Kaderbrief 2026 ODR
15
Toelichting indexaties Loonindexatie Gehanteerde loonindexatie in begroting 2025 Index septembercirculaire gemeentefonds 2024 Verschil
2025 5,80% 4,70% - 1,10%
2026
met correctie vorig jaar 2026
3,80% 3,80%
2,70%
Prijsindexatie Gehanteerde prijsindexatie in begroting 2025 Index septembercirculaire gemeentefonds 2024 Verschil
1,60% 2,70% 1,10%
2,20% 2,20%
3,30%
Hieronder staan de indexaties toegelicht: Loonindexatie Voor de lonen wordt als basis de laatst bekende CAO gehanteerd. De huidige CAO heeft een looptijd tot en met 31 maart 2025. Vanaf 1 april 2025 wordt daarom aansluiting gezocht bij de door het CPB geraamde stijging van de lonen (loonvoet sector overheid), die in de door BZK uitgebrachte septembercirculaire 2024 is gepubliceerd. Hierin wordt ook de correctie op het jaar 2025 meegenomen. Voor de begroting 2026 betekent dit een stijging van 2,7%. Uitgangspunt in de kadernota is dat de sociale lasten en pensioenpremies in 2025 en 2026 per saldo niet stijgen. Prijsindexatie De prijsindexering wordt toegepast conform de door het CPB opgestelde cijfers (‘prijs overheidsconsumptie, netto materieel (IMOC)’) zoals opgenomen in de septembercirculaire 2024. Om de budgetten op het niveau van 2026 conform het CPB te brengen moeten we daarvoor ook het jaar 2025 corrigeren. Voor de begroting 2026 betekent dit een stijging van 3,3% (inclusief correctie indexatie 2025). Alleen indien voor specifieke kostencategorieën andere indexeringspercentages gelden, wordt afgeweken van het algemene indexeringspercentage en worden de marktconforme kostenstijgingen in de begrotingscijfers verwerkt. Deze uitgangspunten zijn afgestemd met de gemeenten en overige gemeenschappelijke regelingen in Rivierenland. Kaderbrief 2026 ODR
16