CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

16 Verankering beleid ontheffing verboden handelingen burgercommissieleden in de commissieverordening

Gemeenteraad 13 oktober 2022, gemeente Maasdriel3.104 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NAASDRIET Raadsbesluit Zaaknummer:370718

Raadsbesluit De raad van de gemeente Maasdriel, Gelezen het voorstel van het Presidium van 4 oktober 2022, Gelet op artikel 82, lid I van de Gemeentewet,

besluit: Tot vaststelling van de Verordening op de raadscommissies 2022

Hoofdstuk l. Algemene bepalingen Artikel l. Begripsbepalingen ln deze verordening wordt verstaan onder:

1. commissievoorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens plaatsvervanger; 2. griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger. 3. commissiegriffier: griffier van een raadscommissie of diens plaatsvervanger; 4. commissielid: lid van een raadscommissie of diens plaatsvervanger; 5. ronde tafelgesprek: informeeloverleg tussen commissieleden en burgers, bedrijven, organisaties of instellingen ter ondersteuning van de oordeelsvorming van de commissieleden.

6. wet:Gemeentewet

Artikel 2. lnstelling raadscommissies Er is een:

a. raadscommissie Samenleving en Financiên, waarvan de werkzaamheden de volgende programmaondeniverpen betreffen - algemeen bestuurlijke en juridische zaken, waaronder bestuurlijke samenwerking - dienstverlening - openbare orde en veiligheid - onderwijs en jeugd - sport, kunst, cultuur en welzijn - zotg en volksgezondheid - leefbaarheid, burgerparticipatieen accommodaties - dorpsraden - bedrijfsvoering waaronder: personeel en organisatie, en informatie en automatisering - financien b. raadscommissie Ruimte, waarvan de werkzaamheden de volgende program maonderwerpen betreffen - economische en grondzaken - verkeer en vervoer - beheer openbare ruimte - leefbaarheid - bouwen, milieu en monumenten - ruimte, volkshuisvesting en waterstaat - recreatie en toerisme - natuur en landschap :

:

-

TAASDRIET toezicht en (integrale) handhaving

Artikel 3. Taken Een raadscommissie:

a. brengt advies uit aan de raad over die ondenrverpen waarop haar werkzaamheden betrekking hebben en

b. kan advies uitbrengen aan de raad over andere onderwerpen dan bedoeld onder a' c. voert overleg met het college of de burgemeester over in ieder geval de door hen verstrekte inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de ondenruerpen, bedoeld onder a.

Artikel 4. Samenstelling; benoeming commissievoor¿itter

1. Het Presidium bepaalt bij aanvang van een nieuwe raadstermijn het aantal commissieleden per fractie. Een raadscommissie bestaat uit ten minste 2 en maximaal 4 commissieleden per fractie. De raad kan meer burgercommissieleden per fractie benoemen dan dat volgens deze verordening in de vergadering aanwezig mogen zijn. Deze burgerleden kunnen rouleren, mits het maximaaltoegestane aantal burgercommissieleden per fractie per vergadering niet wordt overschreden. Per fractie is ten minste één commissielid tevens raadslid. Deze eis geldt niet voor eenpersoonsfracties.

2. Ðe commissieleden worden door de raad op voordracht van de fracties benoemd. 3. Zowel raadsleden als niet-raadsleden kunnen lid zijn. De artikelen 10, 11 , 12, 13en 15 van de wet, zijn van overeenkomstige toepassing op commissieleden die geen raadslid zun. 4. leder raadslid en elk nietraadslidcommissielid kan als plaatsvervangend commissielid een commissielid binnen zijn fractie vervangen. Daarnaast kan de raad kan op voordracht van de fracties voor iedere raadscommissie ten minste één plaatsvervangend lid per fractie benoemen, dat bij afuezigheid van een commissielid zitting heeft in een raadscommissie. 5. De raad benoemt de commissievoorzitters. aan bu mmissieleden ontheffi van het bepaalde in artikel 15 lid 1 aanhef en onder d van de Gemeentewet als voldaan wordt aan de beleidsreqels voor de beoordelinq van aanvraqen om ontheffing voor het aanqaan va¡ overeenkomsten als bedoeld in artikel 15 Gemeentewet als vastqesteld door het college van qedeputeerde staten van Gelderland.

Artikel 5. Zittingsduur en vacatures

1. De zittingsperiode van een commissielid en -voorzitter eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad.

2. Het lidmaatschap van een commissielid eindigt als niet meer wordt voldaan aan de in artikel4, derde lid, gestelde eisen.

3. De raad kan een commissielid ontslaan op voorstel van de fractie die het lid voorbenoeming heeft voorgedragen.

4. De raad kan de commissievoozitter ontslaan. 5. Een commissielid en de -voorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. 6. Als door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan. 7. Het lidmaatschap van commissieleden, benoemd op voordracht van een fractie die niet langer is vertegenwoordigd in de raad, vervalt van rechtswege.

2

TAASDRIEL Artikel 6. De commissiegriffier

1. De griffier van de raad wijst ter ondersteuning van iedere raadscommissie zichzelf of een op de griffie werkzame ambtenaar aan als commissiegriffier.

2. Een commissiegriffier is aanwezig in vergaderingen. 3. Bij verhindering of afwezigheid wordt de commissiegriffier vervangen door een daartoe door de griffier van de raad aangewezen op de gritfie werkzame ambtenaar of, in samenspraak met de secretaris, een niet op de griffie werkzame ambtenaar. 4. Een commissiegriffier kan op uitnodiging van de commissievoorzitter aan beraadslagingen in vergaderingen deelnemen.

Hoofdstuk 2. Vergaderingen Paragraaf 1. Voorbereiding

Artikel 7. Oproep en agenda

1. De commissievoozitter zendt ten minste zeven dagen voor een vergadering de

commissieleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken. 2. ln spoedeisende gevallen kan de commissievoozitter na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering, wordt deze met de daarbij behorende stukken aan de leden gezonden. 3. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 8, derde lid, van toepassing. 4. De agenda wordt bij aanvang van een vergadering door de raadscommissie vastgesteld

Artikel 8. Ter inzage leggen van stukken

1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen,

worden gelryktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis ter inzage gelegd. Als na het vezenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raadscommissie en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 2. Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de raad geplaatst. 3. Als omtrent stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier en biedt deze de commissieleden gelegenheid tot inzage.

Artlkel 9 Openbare kennisgeving

'1. Commissievergaderingen worden ter openbare kennis gebracht door aankondiging in de Bommelerwaardqids en elektronische publicatie op de website van de gemeente en van de raad. 2. ln spoedeisende gevallen kan de openbare kennis uitsluitend langs elektronische weg plaatsvinden. Paragraaf 2. Vergadering

Artikel 10. Presentielijst

1. De commissiegriffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van vergaderingen.

2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen commissieleden de presentielijst die aan het einde van elke vergadering door de commissievoorzitter en de commissiegriffier door onderteken ing wordt vastgesteld.

3

T/IASDRIEt Artikel 11. Opening vergadering en quorum

1. Een vergadering wordt niet geopend voordat blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende commissieleden aanwezig is.

2. Op grond van het eerste lid de vergadering niet kan worden geopend, belegt de commissievoorzitter opnieuw een vergadering op een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de oproeping is gelegen. 3. Op een vergadering als bedoeld in het tweede lid is het eerste lid niet van toepassing. Een raadscommissie kan echter over andere aangelegenheden dan die waarvoor de ingevolge het eerste lid niet geopende vergadering was belegd alleen beraadslagen of besluiten, als blijkens de presentielijstmeer dan de helft van het aantal zitting hebbende commissieleden tegenwoordig is.

Artikel 12. Advies; geen stemmingen

1. Als een raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt, beslissen de leden op voorstel van de commissievoorzitter over de inhoud van het advies.

2. ln het advies worden opgenomen de standpunten van alle fracties en commissieleden die geen raadslidzijn.

3. ln een vergadering vinden geen stemmingen plaats, met uitzondering van stemmingen over geheimhouding en met betrekking tot de orde.

Artikel 13. Aantal spreektermijnen

1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders beslist.

2. Spreektermijnen worden door de commissievoorzitter afgesloten. 3. Commissieleden mogen in een termijn niet meer dan eenmaal het woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.

4. Bij de bepaling hoeveel keer een commissielid over hetzelfde onderuverp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstelvan orde.

Artikel 14. Deelname aan de beraadslaging door anderen Een raadscommissie kan op besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.

Artikel 15. Spreekrecht burgers en deelname aan de informatieronde.

1. Burgers kunnen in een vergadering het woord voeren over onden¡yerpen die geagendeerd zijn.

2. Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, en/of wil deelnemen aan een informatieronde meldt d¡t 36 uur b¡Fne*+ce'++eae¡¡j*e+e+m¡j+woor aanvang van de vergadering aan de commissiegriffier onder vermelding van zijn naam, (e-mail)adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wenst te voeren. 3. De commissievoorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De commissievoorzitter kan van de volgorde afwijken, als dit in het belang is van de orde van de vergadering. 4. De inspreker voert het woord, nadat de commissievoorzitter hem dit heeft verleend. De commissievoozitter kan de deelnemers aan de vergadering toestaan aan insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering. 5. lndien bij een geagendeerd ondenruerp een informatieronde is opgenomen, kan degene die wil deelnemen aan de informatieronde, actief informatie uitwisselen met de deelnemers aan de vergadering. 6. De commissievoorzitter of een commissielid doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de inspreker.

4

ftIASDRIEL Artikel 16. Handhaving orde en schorsing

1. De commissievoorzitter handhaaft de orde in de vergadering. 2. Hij kan de raadscommissie voorstellen aan een commissielid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het commissielid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de commissievoorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het commissielid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd. 3. Hij kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en, als na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord, de vergaderingsluiten. 4. Hij roept sprekers tot de orde als deze zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaten, afwijken van het in behandeling zijnde onderwerp, andere sprekers herhaaldelijk interrumperen, dan wel anderszins de orde verstoren. Sprekers die hieraan geen gevolggeven, kunnen door hem het woord ontnomen worden over het aanhangige onderuverp.

Artikel 17. Voorstellen van orde Commissieleden kunnen tijdens een vergadering mondeling een voorstelvan orde betreffende de vergadering doen. Ðe raadscommissie beslist hier terstond over.

Artikel 18. Verslag

1. Een commissiegriffier draagt zorg voor verslagen van vergaderingen. 2. Uit een verslag blijkt in ieder geval: a. de namen van de commissievoor¿itter, de griffier, de commissiegriffier, de burgemeester, de wethouders en de commissieleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben; b. een aantekening van welke commissieleden añrezig waren; c. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; d. een summiere zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding van de namen van de sprekers; e. een samenvatting van het advies aan de raad met vermelding van de namen van de commissieleden die mededeling hebben gedaan van hun goed- of afkeuring en met aantekening van de namen van de commissieleden die zich niet hebben uitgelaten, en

f. bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van artikel 14 door de raadscommissie is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen. 4. Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending aan de commissieleden verzonden aan de overige personen die het woord hebben gevoerd in de vergadering waarop het betrekking heeft. 5. Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de commissievoorzitter en commissiegriffier. 6. Elektronisch beschikbare verslagen worden op de website van de gemeente geplaatst.

Paragraaf 3. Besloten vergaderingen

Artikel 19. Toepassing verordening op besloten vergaderingen Op besloten vergaderingen is deze verordening van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering.

Artikel 20. Verslag besloten vergadering

1. Conceptverslagen van besloten vergaderingen worden niet verspreid, maar uitsluitend voor de commissieleden en degenen die gerechtigd waren de besloten vergadering bij te wonen ter inzage gelegd bij de commissiegriffier.

5

NAASDRIET 2. Deze verslagen worden zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raadscommissie een besluit over het al dan niet openbaar maken van het verslag. 3. De vastgestelde verslagen worden door de commissievoorzitter en de commissiegriffier ondertekend. 4. De vastgestelde verslagen worden in het gemeentearchief opgenomen.

Artikel 21. Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten vergadering met de raadscommissieoverleg gevoerd. Paragraaf 4. Toehoorders en pers

Artikel22. Toehoorders en pers

1. Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare vergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.

2. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.

3. De commissievoor¿itter is bevoegd, wanneer de orde in de vergadering op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen vertrekken. 4. Hij is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering verstoren voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering te ontzeggen.

Artikel 23. Geluid- en beeldregistraties Degenen die van een openbare vergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de commissievoorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.

Hoofdstuk 3. Ronde tafelgesprekken Artikel 24. Presidium belegt ronde tafelgesprek Ronde tafelgesprekken worden door het presidium belegd in overleg met de betrokken commissievoorzitter.

Artikel 25. Deelname ronde tafelgesprek

1. Aan een ronde tafelgesprek kunnen alle raads- en commissieleden deelnemen.

2. Het ronde tafelgesprek kent geen vast aantal deelnemers. 3. Het presidium kan burgers, bedrijven, organisaties en instellingen voor deelname uitnodigen.

Artikel 26. Voorzitterschap ronde tafel ges prek

1. Het presidium wijst de voorzitter van het ronde tafelgesprek aan. Wanneer het gesprek

2.

wordt gehouden ter voorbereiding op een commissievergadering, wordt het voorgezeten door de voorzitter of een lid van de betreffende commissie. De voorzitter wordt ondersteund door de (commissie)griffier.

Artikel 27. Verslaglegging ronde tafelgesprek Van een ronde tafelgesprek wordt geen schriftelijk verslag gemaakt. Het presidium kan wel besluiten dat er een video of geluidsopname wordt gemaakt en beschikbaar wordt gesteld.

Hoofdstuk 4. Slotbepal¡ngen Artikel 28. lntrekken oude verordening De Verordening op de raadscommissies 20't8 wordt ingetrokken 6

MAASDRIEL Artikel 29. lnwerkingtreding en citeertitel

1. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de dag van bekendmaking. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de raadscommissies 2022. Aldus vastgesteld door de raad van Maasdriel in zijn vergadering van 13 oktober 2022. De gemeenteraad voornoemd, de griffier a.i.,

U

de voorzitter,

3d( {

tæ

-t

G.A.L. van Schijndel

H. van Kooten

7

NAASDRIEL $amenvatti nq raadsvoorstel

Onderwerp

: Verordening op de raadscommissies 2022

Kern van het raadsvoorstel Raadsleden en burgercommissieleden mogen op grond van de Gemeentewet niet zondermeer overeenkomsten slu¡ten met hun gemeente. Raadsleden kunnen daarvoor ontheffing krijgen van gedeputeerde staten. Met deze wijziging van de verordening op de raadscommissies kunnen ook burgercommissieleden ontheffing vragen onder dezelfde voorwaarden als voor raadsleden.

Gerelateerde raadsstu kken Raadsbesluit van 27 september 2O18 (Verordening op de raadscommissies 2018) Raadsbesluit van '19 mei 2022 (wijziging artikel 4 van de verordening)

. r

NAASDRIEL Raadsvoorstel

Onderwerp

: Verordening op de raadscommissies 2022

Zaaknummer Datum Presidium

4oklober 2022

Datum raadsbesluit

1

Datum raadsvergadering

13 oktober 2022

Portefeuillehouder

N.v.t.

lnlichtingen bij

Griffier, Berry van Schijndel

3 oktober 2022

Voorstêl Voorgesteld wordt te besluiten tot vaststelling van de Verordening op de raadscommissies 2022.

lnleiding Raadsleden en burgercommissieleden mogen op grond van de Gemeentewet niet zondermeer overeenkomsten sluiten met hun gemeente. Raadsleden kunnen daarvoor onthetfing krijgen van gedeputeerde staten. Met deze wiiziging van de verordening op de raadscommissies kunnen ook burgercommissieleden ontheffing vragen onder dezelfde voorwaarden als voor raadsleden. Verder worden enkele kleine wijzigingen voorgesteld.

Participatie Niet van toepassing. Argumenten 1. Ontheffing verboden handelingen voor burgercommissieleden ln artikel4 lid 3 van de verordening is bepaald dat de artikelen 10 tot en met 13 en 15 van de Gemeentewet van toepassing zijn op burgercommissieleden. Daarmee zijn ook de zogenaamde'verboden handelingen'uit artikel 15 Gemeentewet van toepassing op burgercommissieleden. Burgercommissieleden mogen dus net als raadsleden niet als advocaat of adviseur werkzaam zijn bij geschillen met de gemeente. Ook mag een burgercommissielid diverse soorten overeenkomsten met de gemeente niet aangaan. Bijvoorbeeld het aannemen van werk of de levering van goederen en onderhands huren of pachten.

Voor het aangaan van diverse overeenkomsten kunnen gedeputeerde staten ontheffing verlenen. Deze ontheffingsmogelijkheid in de Gemeentewet is echter exclusief voor raadsleden bedoeld. Gedeputeerde staten kunnen géén ontheffing verlenen aan burgercommissieleden.

2

MAASDR¡Et Dat is natuurlijk niet helemaal eerlijk. Als burgercommissieleden voldoen aan de strenge normen die voor raadsleden gelden voor verboden handelingen, dan zou er ook voor hen een ontheffing mogelijk moeten zijn. Dit voorstel regelt dat.

2. Termijn aanmelden insprekers ln afiikel 15 van de verordening was geregeld dat degenen die van het inspreekrecht gebruik willen maken, dit binnen redelijke termijn voor aanvang van de vergadering meldt aan de commissiegriffier. Het ontbreken van een concrete termijn leidde in de praktijk soms tot discussies. Redelijk is dat een ieder zich goed kan voorbereiden op de commissievergadering. Daarom stelt het Presidium voor 36 uur voor aanvang van de vergadering te hanteren als redelijke termijn (de modelverordening hanteert 48 uur).

3. Nog geen aanpassrngen n.a.v. de VNG-modelverordening van maart 2022 Met de VNG-ledenbrief van 24 maart2022heeft de VNG aanpassingen van de modelverordening doorgevoerd in verband met het wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur. Omdat deze wet nog n¡et in werking is getreden kunnen de door de VNG voorgestelde wijzigingen nog niet worden doorgevoerd. U ontvangt daarvoor t.z.t. een nieuw voorstel.

Kantteken in gen/risico's Niet van toepassing.

Inclusie Niet van toepassing

Programma duurzaamheid Niet van toepassing.

Financiën (incl. BTW-effect) Het voorliggend voorstel heeft geen financiële consequenties Bedrijfsvoering Het aantal verzoeken om ontheffing is naar verwachting gering. De advisering aan de voorzitter over individuele verzoeken wordt belegd bij de integriteitscoördinator. Deze rol is nog niet structureel belegd in de organisatie. Uitvoering Planning De gewijzigde verordening wordt van kracht daags na de bekendmaking

Handhaving Niet van toepassing Communicatie De verordening wordt op de gebruikelijke wijze bekendgemaakt in het gemeenteblad Evaluatie / controle Onze verordeningen worden periodiek geactualiseerd op basis van de nieuwe modellen van de VNG.

3

NAASDRIET Bijlagen

1. Concept raadsbesluit tot vaststelling van de Verordening op de raadscommissies 2022. 2. Ter informatie het beleid van Gedeputeerde Staten van Gelderland voor ontheffingen als bedoeld in artikel 15 Gemeentewet.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11949944/1