CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

OUD 4247 Jaarstukken 2025_Raadsversie

Gecombineerde Commissie 24 juni 2026, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen jaarstukken 202538.894 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

1 alinea's met “gecombineerde”: 873

- Het bevorderen van schoolafspraken en het vroegtijdig bieden van beroepsinspiratie en beroepsperspectief, zodat kinderen en hun ouders de juiste begeleiding krijgen en een positief ontwikkel- en beroepsperspectief hebben. Onderwijshuisvesting In 2024 besluit de gemeenteraad over het nieuwe Integrale Huisvestingsplan (IHP), dat tot stand is gekomen na een intensief proces met schoolbesturen, kinderopvangorganisaties, maatschappelijke partners, kinderen en andere belanghebbenden. Centraal staat de (talent)ontwikkeling van het kind en hoe een gebouw daaraan kan bijdragen, waarbij we verder kijken dan alleen onderwijs en kinderopvang. Naast functionaliteit zijn toegankelijkheid, inclusie, duurzaamheid en bereikbaarheid belangrijke thema's. Door primair onderwijs (PO) en voortgezet onderwijs (VO) te bundelen in één IHP is betere afstemming in planning mogelijk en wordt de samenwerking tussen PO en VO bevorderd. In het IHP wordt voor de eerste 4 jaar een uitvoeringsplanning gemaakt en er wordt een doorkijk gegeven voor de volgende 12 jaar. Het IHP heeft een realistische planning waarin zowel de projecten als de te verwachten stichtingskosten aan bod komen.

45

Wat hebben we daarvoor gedaan? Onderwijsbeleid We hebben verder gewerkt aan het uitvoeren van het uitvoeringsplan van de LEA binnen de drie bovengenoemde leerlijnen. Naast de implementatie van de peutermonitor en gesprekken over verhoging van het bereik is een nieuwe groep voor voorschoolse educatie (hierna: VE) gestart bij DAK Elzendreef (bij basisschool de Essensteijn). Binnen de SJO is in het kader van de LEA gekozen om met het beperkte budget een pilot inclusieve kinderopvang te ondersteunen uitgevoerd door Vlietkinderen. Doel hierbij is zicht krijgen op de ondersteuningsbehoefte van de jongste kinderen om zonder achterstand aan het onderwijs te beginnen. Binnen de LEA-leerlijn 2 is een onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden om het Brede School programma voor meer kinderen toegankelijk te maken. De uitkomsten zullen in 2026 worden geïmplementeerd. Ook binnen leerlijn 2 is een onderzoek uitgevoerd naar de bestaande zorgstructuren op zes basisscholen om zo input op te halen over het gesprek over inclusiever onderwijs. Met name het versterken van de pedagogische basis. De gemeente speelt daar een rol in met subsidies in het voorliggend veld aan o.a. jongerenwerk dat ook op school wordt ingezet, net als het schoolmaatschappelijk werk. Speerpunten: •

Uitbreiden aanbod voor kinderen in een kwetsbare positie We streven ernaar het bereik van voorschoolse educatie (VE) voor kinderen met een indicatie te verhogen naar boven het huidige niveau van 88% Dit doen we door: o Het uitbreiden van het VE-aanbod en het onderzoeken van mogelijkheden voor passende kinderopvang. o Het versterken van de betrokkenheid van ouders bij de voorschoolse educatie. o Het verkennen van de mogelijkheid om VE aan te bieden vanaf 2 jaar. Daarnaast verkennen we welke preventieve maatregelen mogelijk zijn om de oorzaken van ontwikkelingsachterstanden aan te pakken en daarmee de pedagogische basis te versterken. Toelichting:

46

In 2025 is gewerkt aan het verbeteren van de registratie en analyse van de Peutermonitor, een monitoringssysteem waarbij de gemeente, jeugdgezondheidsorganisatie en kinderopvangorganisaties zicht krijgen op het bereik en non-bereik van doelgroeppeuters op de VE. Hierdoor is dit jaar bij de gemeente en VE-partners een eenduidiger beeld ontstaan van het bereik, non-bereik en andere inzichten die we halen uit de Peutermonitor. De voortgang van de twee eerste punten is volgens doelstelling en planning terwijl het laatste punt niet meer zal worden uitgevoerd, dit zorgt voor een gemiddelde van een oranje score. Het uitbreiden van het VE-aanbod en het onderzoeken van mogelijkheden voor passende kinderopvang. • In 2025 is een nieuwe VE-groep gestart bij DAK Elzendreef (bij basisschool Essesteijn). In IKC de MMIXX is in 2025 een nieuwe VE-locatie in de opstartfase. Deze locatie opent in 2026. • De gemeente en kinderopvangorganisaties werkten in 2025 aan de doorontwikkeling van vormen van passende kinderopvang voor peuters waarvoor VE, reguliere opvang en jeugdhulp niet passend is. Met de huidige pilots kunnen we onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om kinderen met een VE-indicatie en een (lichte) zorgvraag de ondersteuning te bieden die ze nodig hebben binnen de reguliere kinderopvang.

In 2025 werden incidenteel pilots uitgevoerd (pilot VE+, stoeltjesgroep en inclusieve kinderopvang) en gesprekken over het doorontwikkelen van aanvullende ondersteuning op de VE-groepen gevoerd. Het versterken van de betrokkenheid van ouders bij de voorschoolse educatie. • Kinderopvangorganisaties de VE-aanbieders hebben een aanpak om de ouderbetrokkenheid te verhogen. Daarnaast is de boekstart in de kinderopvang doorontwikkeld en zijn gesprekken gevoerd over mogelijke uitbreiding naar meerdere locaties. Bij de boekstart in de kinderopvang worden ouders betrokken bij het leesproces van hun kind. Het verkennen van de mogelijkheid om VE aan te bieden vanaf 2 jaar. • Er is in 2025 voor gekozen om het vervroegen van het VE-aanbod naar 2 jaar niet door te zetten. Prioriteit wordt gegeven aan het verhogen van het bereik op de VE en het doorontwikkelen van passende en inclusieve kinderopvang. • Daarnaast verkennen we welke preventieve maatregelen mogelijk zijn om de oorzaken van ontwikkelingsachterstanden aan te pakken en daarmee de pedagogische basis te versterken.

•

Aanpak schooluitval en toeleiding naar werk versterken Verder geven we vorm aan de invoering van de ‘wet van school naar duurzaam werk’, waar we alle jongeren tot 27 jaar een toekomstperspectief bieden in de vorm van een opleiding of duurzaam werk. Toelichting: De voorbereiding om uitvoering te geven aan de wet van school naar duurzaam werk heeft plaatsgevonden. Het nieuwe jongerenwerk op school gaat hier een belangrijke rol in spelen.

Onderwijshuisvesting De gemeente heeft als wettelijke taak om te zorgen voor voldoende en kwalitatief goede huisvesting voor het primair en voortgezet onderwijs en bewegingsonderwijs. In december 2025 heeft de gemeenteraad ingestemd met het nieuwe Integraal Huisvestingsplan (IHP) voor Primair en Voortgezet onderwijs en de daarbij behorende financiële middelen. Dit IHP vervangt de afzonderlijke IHP’s voor Primair Onderwijs (2019-2023) en Voorgezet Onderwijs (2017-2026). Er lopen nog drie projecten uit de vorige IHP’s. Deze projecten worden verder uitgewerkt en gerealiseerd. In het uitvoeringskader bij het nieuwe IHP zijn de projecten omschreven die in de periode 2025-2029 worden opgestart. Speerpunten:

47

•

Voorbereiding/realisatie van onderwijshuisvesting Aan de planvorming en realisatie van De Vijverhof, St. Maartenscollege en KC Ruysdael (Maria Bernadette school) wordt gewerkt in samenwerking met de verantwoordelijke schoolbesturen. Toelichting: De drie projecten uit de oude Integrale Huisvestingsplannen (Vijverhof, Maria Bernadette en Sint-Maartenscollege) zijn nog niet afgerond. De planning staat onder druk door zaken als netcongestie, beschikbaarheid van tijdelijke huisvesting en andere projectgerelateerde risico’s. De stand van zaken per project is als volgt: • Renovatie CBS De Vijverhof De realisatie is in 2025 gestart en naar verwachting wordt er in Q1 2027 opgeleverd. • Nieuwbouw Sint-Maartenscollege Het definitief ontwerp wordt met bijbehorende raming in Q1 2026 voorgelegd aan de raad. De gefaseerde realisatie start naar verwachting na de zomer van 2026. • Nieuwbouw Kindcentrum Ruysdael (RKBS Maria Bernadette) Het definitief ontwerp en bijbehorend krediet is in december 2025 vastgesteld door de raad. Naar verwachting start de realisatie na de zomer van 2026.

•

Haalbaarheidsonderzoek onderwijsvoorziening in Klein Plaspoelpolder Binnen het project Klein Plaspoelpolder wordt de haalbaarheid van een onderwijsvoorziening, in de vorm van een dislocatie, verder onderzocht. De uitkomsten worden in het derde kwartaal van 2025 aan de raad voorgelegd. Toelichting: In 2025 is het haalbaarheidsonderzoek voor een dislocatie van PCBS De Zonnewijzer in Klein Plaspoelpolder afgerond. De dislocatie is als project opgenomen in het uitvoeringskader bij het nieuwe IHP wat in december 2025 is vastgesteld door de raad.

•

Beschikbaar stellen voorzieningen voor tijdelijke onderwijshuisvesting Scholen die in aanmerking komen voor (ver)nieuwbouw hebben behoefte aan tijdelijke huisvesting. Het is onderdeel van de wettelijke zorgplicht van de gemeente om hierin te voorzien. Er worden hiervoor aparte voorzieningen gerealiseerd voor PO en VO in Voorburg en voor PO in Leidschendam. Toelichting: De voorbereidingen voor de tijdelijke huisvestingslocaties 1 en 2 (van de vier locaties) lopen, maar blijken mede vanwege de aanbesteding en het vergunningentraject complex. Het is nog onzeker of de locaties tijdig, aansluitend op de planningen voor nieuwbouw, kunnen worden opgeleverd. Omdat er geen geschikte bestaande gebouwen zijn voor tijdelijke onderwijshuisvesting wordt er gebruik gemaakt van modulaire bouw (units) op meerdere locaties. Hiervoor is in Q4 2025 een Europese Aanbesteding gestart. In Q2 2026 wordt een leverancier geselecteerd voor de realisatie van alle locaties. Naar verwachting maken de eerste scholen vanaf september 2026 gebruik van tijdelijke huisvesting.

Wat heeft het gekost? Onderwijs

Primitieve Begrotings- Begroting begroting wijzigingen na wijziging 2025 2025 2025

Realisatie 2025

Verschil 2025

Baten

2.326

287

2.614

2.426

-188

Lasten

10.693

-729

9.965

8.628

1.336

Saldo van lasten en baten

-8.367

1.016

-7.351

-6.203

1.148

Bedragen x € 1.000

48

Financiële toelichting op de afwijkingen Het saldo van baten en lasten van het programma Onderwijs is ten opzichte van de begroting 2025 in totaal € 1.148.000 voordelig. Hieronder wordt ingegaan op de onder- en overschrijdingen. Baten € 188.000 nadelig Onderwijshuisvesting (€ 106.000 nadeel) Tegenover dit nadeel staat een voordeel op de baten van programma 6 Sociaal domein. Dit wordt verklaard doordat de begrote huurinkomsten van de Integrale Kind Centra (IKC) op dit programma staan en de realisatie op programma 6 verantwoord wordt. Overige afwijkingen Het totaal van de overige kleine afwijkingen is € 82.000 nadelig. Lasten € 1.336.000 voordelig Onderwijsbeleid (€ 751.000 voordeel) De specifieke uitkering voor het OAB is niet volledig uitgegeven in 2025, maar dit kan worden uitgegeven in 2026 (€ 496.000). Er zijn in 2025 bedragen retour ontvangen over voorgaande jaren omdat het aantal peuters bij nieuwe locaties soms lager blijken te zijn dan de eerder afgegeven beschikking. Door onderbezetting is niet het volledige budget uitgeven voor het Lokaal Onderwijs Beleid (€ 80.000 voordeel). Er is een verschuiving van de uitgaven met het programma 5 (Cultuur) met de subsidie laaggeletterdheid uit de subsidieregeling Zelfredzame en (digi)taalvaardige inwoners (€ 92.000 voordeel).

Voor het Nationaal Programma Onderwijs waren nog kosten geraamd, maar in 2025 waren er geen kosten meer als gevolg van onderwijsachterstanden als gevolg van Covid (€ 30.000 voordeel), tegenover dit voordeel staat hetzelfde bedrag aan nadeel onder de baten. Daarnaast waren de kosten voor leerlingenvervoer lager dan geraamd (€ 71.000 voordeel) Onderwijshuisvesting (€ 591.000 voordeel) De lasten voor de bestaande scholen zijn € 249.000 lager dan geraamd. Dit komt onder andere door het vervallen van een huurovereenkomst en hogere klokuren. Een aantal onderzoeken welke gepland waren in het Jaarprogramma worden uitgevoerd in 2026 (€ 137.000 voordeel). De vertraging zorgt er voor dat de meerjarenplanning opgeschoven is. De onderzoeken hadden betrekking op de dislocatie in het Klein Plaspoel Polder (KPP), de Montessori school en het IHP. Tot slot zijn de kosten voor de tijdelijke onderwijshuisvesting voor de Oude Bleijk lager dan in eerste instantie was aangevraagd (€ 205.000 voordeel). Overige afwijkingen Het totaal van de overige kleine afwijkingen is € 6.000 nadelig. Relevante documenten Lokale Educatieve Agenda (LEA) (iBabs nr. 3230) Integraal Huisvestingsplan primair onderwijs (IHP) (iBabs nr. 900) Monitor Sociaal domein (iBabs nr. 3819)

49

5. Sport, cultuur en recreatie De gemeente heeft verschillende wettelijke taken die verband houden met cultuur en faciliteert een bruisend cultureel veld in de gemeente. Het gaat om het aanbieden van een bibliotheekfunctie, zorgdragen voor een toereikend lokaal media-aanbod en het beschermen en toegankelijk maken van cultureel erfgoed (archeologisch en cultuurhistorisch). De gemeente heeft tevens de wettelijke taak om speelvoorzieningen in de openbare ruimte te inspecteren en veilig te houden en een zorgplicht ten aanzien van bomen in de openbare ruimte. We zetten met het Groenactieplan in op een natuur inclusieve gemeente. De gemeente zet zich in op het behouden, versterken en vergroten van de hoeveelheid groen in onze gemeente. Dit draagt onder andere bij aan het klimaatbestendig maken van ons stedelijk gebied, het creëren van een prettige, gezonde leefomgeving voor mens, plant en dier en aan het versterken van de biodiversiteit. Op het gebied van sport en bewegen heeft de gemeente een rol bij het aanbieden van preventieprogramma's in samenwerking met sportverenigingen en beweegpartners. Daarnaast beheert, onderhoudt en exploiteert de gemeente de sportaccommodaties, zodat die van goede kwaliteit zijn. Wat wilden we bereiken Sport, kunst, cultuur en recreatie spelen een cruciale rol in het creëren van levendigheid en aantrekkelijkheid in onze gemeente.

Ze dragen bij aan de publieke gezondheid, samenhang en verbinding in de maatschappij (sociale cohesie), de ontwikkeling van vaardigheden en bieden plezier aan onze inwoners. De gemeente moedigt ondernemers en vrijwilligers aan en ondersteunt hen bij het organiseren van evenementen en activiteiten. De gemeente ondersteunt sportverenigingen om sport en bewegen toegankelijk te maken voor alle inwoners van onze gemeente, met speciale aandacht voor hen die op dit moment (nog) geen gebruik (kunnen) maken van deze voorzieningen. Samen met sportverenigingen blijft de gemeente investeren in hoogwaardige sportfaciliteiten. Op het gebied van cultuur richt de gemeente zich op het verwelkomen van doelgroepen in het culturele veld die een afstand hiertoe ervaren, vanwege financiële, fysieke of andere drempels. De gemeente wil hiermee bereiken dat cultuur toegankelijk wordt voor alle inwoners. Daarnaast wordt cultuur specifieker ingezet om sociaal maatschappelijke doelen te bereiken, zoals het bevorderen van talentontwikkeling. Om Leidschendam-Voorburg de komende jaren zichtbaar groener, meer biodivers en klimaatbestendiger te maken, en daarmee een positieve bijdrage te leveren aan de fysieke, mentale en sociale gezondheid van onze inwoners.

Wat hebben we bereikt De uitvoering van het Lokaal Sportakkoord is voortgezet. Zo ook de inzet van buurtsport- en cultuurcoaches om kinderen en 55-plussers te stimuleren tot sport en beweging. Het Sportnetwerkcafé bracht sportbestuurders en vrijwilligers samen voor kennisdeling over vitale verenigingen, gezonde sportomgevingen, vrijwilligersbeleid en inclusiviteit binnen sportclubs. Via de cultuurmakelaar zijn (culturele) ondernemers en vrijwilligers aangemoedigd en ondersteund bij het organiseren van activiteiten en evenementen, zoals bijvoorbeeld bij de opzet van de Pitch Parade en Cultuurkans. Daarnaast is een masterclass vrijwilligersmanagement voor cultuur- en sportorganisaties georganiseerd. Via de cultuurmakelaar zijn meerdere initiatieven ondersteund bij het aanvragen van externe financiering, specifiek voor projecten met sociaal-maatschappelijke relevantie in het cultureel veld. Via het uitvoeringsplan cultuureducatie is talentontwikkeling een onderdeel geworden van het beleid op cultuureducatie in het basis- en voortgezet onderwijs, samen met een brede kennismaking met cultuur voor ieder kind. Vanuit het Groenactieplan zijn negen locaties in de openbare ruimte vergroend als bijdrage aan klimaatadaptatie. Hier lag de focus op wijken waar veel wateroverlast en hittestress is. Er zijn

50

maatregelen genomen om de leefomstandigheden voor diverse (icoon)soorten te verbeteren. Er zijn op drie locaties mussentorens en mussentillen geplaatst. In 172 straatputten zijn paddentrappen geïnstalleerd. Ook is er een oeverzwaluwwand geplaatst. De gemeente is aangesloten bij het Programma Gezonde Schoolpleinen (IVN Natuureducatie, Jantje Beton en Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport). Twee basisscholen zijn het traject ingegaan voor een transformatie naar een groenblauw schoolplein. Indicatoren Verplichte indicatoren Nr. Naam

Eenheid

Peiljaar

Waarde

Bron

20 Niet-sporters

%

2024

40,0 (landelijk 42,5)

Gezondheidsmonitor volwassenen, GGD’en, CBS en RIVM

Toelichting op de indicatoren 20 Niet-sporters Het percentage niet-wekelijks sporters t.o.v. bevolking van 19 jaar en ouder. Bevolking van 19 jaar en ouder dat niet minstens één keer per week aan sport doet. Overige indicatoren Wat gingen we ervoor doen? Sport Samen met sportclubs, aanbieders en maatschappelijke organisaties is een lokaal Sportakkoord 2023-2026 gesloten, waaraan in 2025 verder uitvoering wordt gegeven. We willen hiermee bereiken dat we met elkaar meer inwoners laten sporten en bewegen. Niet alleen omdat het goed is voor de vitaliteit, maar ook omdat sporten en bewegen een breder positief effect hebben op de gezondheid en het welzijn als geheel. Denk bijvoorbeeld aan het bestrijden van eenzaamheid. Het Sportakkoord maakt onderdeel uit van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) Leidschendam-Voorburg, waarin zorg, gemeente en maatschappelijke partijen met elkaar toewerken naar een gezonde generatie in 2040. De ambitie is om nog meer de verbinding en samenwerking te bevorderen tussen de sport- en beweegaanbieders (verenigingen en commercieel) onderling, maar ook met bijvoorbeeld kinderopvang en onderwijs, cultuur en organisaties vanuit welzijn en gezondheidszorg, zodat de doelstellingen kunnen worden gerealiseerd.

Cultuur Cultuureducatie en cultuurparticipatie worden versterkt door binnen de culturele sector in te zetten op sociaal maatschappelijke waarde van cultuur en daar aan gerelateerde projecten en activiteiten, bijvoorbeeld door de module welzijn op recept uit te breiden met cultuur op recept. Drempels nemen we weg door subsidiemogelijkheden en andere regelingen bekender te maken onder verschillende doelgroepen. Het cultureel erfgoed van de gemeente is zichtbaar in de openbare ruimte en wordt beleefbaar gemaakt in het museum en door vrijwilligersorganisaties. Daarnaast werkt de gemeente aan het visualiseren van de omgeving in de 17e eeuw via een app. Hierdoor wordt de rijke historie van de gemeente virtueel ondersteund. De eerste visualisaties zijn in 2024 gepresenteerd en dit programma wordt doorgezet in 2025. Een cultuurmakelaar zorgt voor het aanjagen van het culturele veld en helpt bij het werven van fondsen.

51

Openbaar groen De gemeente zet in op het behoud en versterking van haar groene karakter in de omgevingsvisie (2025/2026). Er wordt geïnvesteerd in het vergroten van de variatie, beleving en areaal van het openbaar groen, en in verbeterde verbindingen tussen stedelijk en buitengebied. Een ecologische scan helpt knelpunten te identificeren, waarna tactische maatregelen in 2025 de biodiversiteit en ecologische waarde moeten vergroten. Het Groenactieplan (2024-2026) bevat maatregelen voor vergroening, biodiversiteit en klimaatgbestendigheid, zoals groen-blauwe schoolpleinen, tiny forests en het ondersteunen van bewonersinitiatieven. Bij rioolvervanging en herbestratingsprojecten worden vergroenings- en klimaatadaptieve maatregelen genomen. In 2025 worden nieuwe buurtvisies en ontwerpen uitgewerkt. Projecten zoals de Loozone, Park Vreugd & Rust en Duin Horst & Weide richten zich op restauratie, landschapsontwikkeling en het versterken van de natuurkwaliteit, met een integrale aanpak voor een gezond en aantrekkelijk leefgebied. Daarnaast wordt in 2025 het beheer en onderhoud van de openbare ruimte uitgevoerd conform de wijkgroenbeheerplannen. Wat hebben we daarvoor gedaan? Sport De uitvoering van het Lokaal Sportakkoord is voortgezet, evenals de inzet van buurtsport- en cultuurcoaches gericht op kinderen en 55-plussers om bewegen en sporten te stimuleren.

De QR-fit routes in de openbare ruimte zijn verder benut om inwoners laagdrempelig te laten bewegen. Aangemoedigd door het organiseren van wandelgroepen. Het Sportnetwerkcafé bracht sportbestuurders en vrijwilligers samen voor kennisdeling over vitale verenigingen, gezonde sportomgevingen, vrijwilligersbeleid en inclusiviteit binnen sportclubs. Er zijn fietspompen geplaatst nabij sportaccommodaties om fietsgebruik te stimuleren. Er is samenwerking gezocht met de Beweegalliantie (de kopgroep Sport) voor het stimuleren van bewegen in de dagelijkse praktijk. Deze kopgroep kwam regelmatig bijeen om de verbinding tussen verenigingen, zorgorganisaties en de gemeente te maken en de uitvoering van het sportakkoord af te stemmen. Speerpunten: •

Sportakkoord 2.0 Hierin staan afspraken met organisaties voor sport en bewegen over het beleid rondom sporten en bewegen voor de periode 2023-2026 met de focus op 6 thema’s. In 2025 ligt de focus op het thema Vitale sportaanbieders. Het versterken van sportverenigingen door bijvoorbeeld opleidingen en ondersteuning voor vrijwilligers en verenigingen. We doen dat vooral door financiële bijdrage via de voucherregeling van het sportakkoord en door de sportservices van NOC/NSF. Toelichting: Er is gewerkt aan het versterken van vitale sportaanbieders binnen het kader van het Sportakkoord 2.0. In samenspraak met de kopgroep zijn meerdere vouchers toegekend aan sportverenigingen, waarmee zij opleidingen, deskundigheidsbevordering en verenigingsondersteuning hebben kunnen inzetten. Daarnaast is de vitaliteitsscan aangeschaft en is de bijbehorende vragenlijst ontwikkeld. Deze wordt in 2026 uitgezet door Sport & Welzijn onder sportverenigingen en scouting. Hiermee wordt structureel inzicht verkregen in de organisatorische gezondheid van clubs, zodat gerichte ondersteuning kan worden aangeboden. Voor verenigingen is een masterclass vrijwilligersmanagement aangeboden en uitgevoerd waarin sport- en cultuurverenigingen uitleg kregen over het succesvol behouden, aantrekken en onderhouden van vrijwilligers binnen de vereniging.

52

•

Start 'rolmodellen in de wijk' voor zowel sport als cultuur De gemeente gaat meer werken met rolmodellen in de gemeente om inwoners te inspireren meer gebruik te maken van sportfaciliteiten en cultuuraanbod. Met combinatiefunctionarissen worden projecten ontwikkeld op het gebied van cultuurparticipatie en sport- en bewegen om deze rolmodellen te vinden en in te zetten. Toelichting: Met Stichting Studielokalen is er invulling gegeven aan het rolmodellen project. Zij hebben het project Moeders en Dochters samen in beweging opgezet, met moeders en dochters van 1018 jaar uit diverse culturen onder leiding van een fitte moeder uit Noord die fitness instructeur is (het rolmodel). De jongerenwerkers waren aangesloten bij bovenstaande activiteit om voorlichting te geven aan wat er nog meer aan activiteiten is voor de meiden.

•

Sportaccommodaties Bij sportaccommodaties vinden naast de reguliere onderhoudswerkzaamheden (zie beheerplan sportparken 2024-2028) op de sportparken de volgende projecten plaats; Voor de Voorburgse Rugby Club vindt de planvorming en realisatie van de kleedruimten plaats. De banen op tennispark Overdam in Leidschendam worden gerenoveerd. Het project veiligheid in en rond sportparken wordt afgerond. Toelichting: De kleedruimten bij de Voorburgse Rugby Club zijn gerealiseerd. De officiële oplevering is op 5 maart 2026. Daarmee is dit onderdeel volgens planning afgerond. Op tennispark Overdam zijn 14 oude tennisbanen vervangen door 11 nieuwe roodzandbanen. De drie overgebleven banen heeft Tennispark Overdam zelf omgebouwd naar 6 padelbanen. Het park is daarmee vernieuwd en beter passend bij de huidige vraag. Het project veiligheid in en rondom sportparken is uitgevoerd binnen het beschikbare budget. Bij Cartouche hebben we de parkeerplaats aangepast en veiliger gemaakt.

•

Sport en bewegen in de buitenruimte De gemeente gaat aan de slag met het bevorderen en stimuleren van inwoners om meer te gaan bewegen. Met de combinatiefunctionarissen worden aanvullende activiteiten ontwikkeld voor sport en bewegen, ook voor in de openbare buitenruimte. Daarbij worden de bestaande voorzieningen, beweegprogramma’s en activiteiten opgenomen in een digitaal platform voor inwoners en organisaties die zich bezighouden met sporten en bewegen in de openbare buitenruimte. Toelichting: Samen met de combinatiefunctionarissen zijn aanvullende activiteiten ontwikkeld die inwoners stimuleren om laagdrempelig en dichtbij huis te bewegen. Een belangrijk onderdeel hiervan is de uitbreiding van de QR-fitvoorzieningen: er zijn nieuwe routes gerealiseerd en wandelgroepen opgezet, waardoor inwoners zowel individueel als in groepen kunnen deelnemen aan beweegactiviteiten. Parallel hieraan zijn bestaande voorzieningen, activiteiten en beweegprogramma’s in één digitaal platform samengebracht, zodat inwoners en aanbieders eenvoudig inzichtelijk hebben wat het totale aanbod in de buitenruimte is. Dit is een doorlopende actie.

Cultuur

53

2025 stond in het teken van het uitvoeren van de cultuurvisie Een rijk cultureel leven voor iedereen die in 2024 is vastgesteld Het Uitvoeringsplan Cultuureducatie is geschreven en de module Cultuur op Recept is een vast onderdeel gemaakt van het bredere concept Welzijn op Recept. Via de nieuwe subsidieregeling Ontmoeten en Ontwikkelenis er € 90.000,- extra vrijgemaakt voor de projecten van cultuureducatie en zijn de kaders voor cultuureducatiesubsidies duidelijk gemaakt onder nieuwe en bestaande cultuurpartners. De cultuurmakelaar heeft individuele begeleiding geboden bij het werven van fondsen bij bestaande en nieuwe initiatiefnemers uit het culturele veld en heeft onder andere bijeenkomsten georganiseerd om partners te informeren hoe zij dit in de toekomst ook zelfstandig kunnen doen. Er zijn meerdere visualisaties van de gemeente uit het verleden in het kader van het project De Verborgen Stad gelanceerd. De website is bereikbaar. De gebiedsbiografie Leidschendam-Voorburg is uitgegeven. Dit boek draagt bij aan het beleefbaar maken van ons ruimtelijke cultureel erfgoed, en biedt een basis voor verdere beleidsontwikkeling naar aanleiding van de Omgevingsvisie. Speerpunten: •

Uitvoeringsplan cultuureducatie met culturele basis De gemeente stelt een Uitvoeringsplan cultuureducatie voor Culturele basis op. De kern hierbij wordt gevormd door: aandacht voor de jeugd, opstellen kaders en opdrachtomschrijving voor basisprogramma. Toelichting: Het uitvoeringsplan Cultuureducatie is opgesteld, na aandachtige participatie met het cultuuren onderwijsveld.

•

Opstellen meerjaren-exploitatieovereenkomst met Huygensmuseum De gemeente stelt samen met het museum een exploitatieovereenkomst op met een inhoudelijke en financiële paragraaf. Belangrijke punten hierbij zijn een gedegen bedrijfsvoering, toekomstbestendigheid en de cultuurvisie. Toelichting: De meerjarenovereenkomst met het Huygensmuseum is op 15 juli 2025 vastgesteld door het college. Hier in is een duidelijk toekomstperspectief opgenomen met duidelijke kaders. Daaruit is daarna een samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente en het museum opgesteldmet daarin afspraken om samen te zorgen voor het behoud van een toegankelijk en aantrekkelijk museum. De samenwerkingsovereenkomst loopt tot 2030 en is vastgesteld op 9 december 2025 door het college en ondertekend door beide partijen op 17 december 2025.

•

Bibliotheken van de toekomst in Voorburg en Leidschendam Er worden twee nieuwe bibliotheeklocaties ontwikkeld. Op de nieuwe bibliotheeklocatie op het Fluitpolderplein in Leidschendam wordt de bibliotheek van de toekomst gebouwd. Voor de bibliotheeklocatie bij de Julianabaan worden de verschillende scenario’s ter besluitvorming voorgelegd. Toelichting: Er worden twee nieuwe bibliotheeklocaties ontwikkeld. Op de nieuwe bibliotheeklocatie op het Fluitpolderplein in Leidschendam wordt de bibliotheek van de toekomst gebouwd. Naar verwachting gaat deze locatie begin 2027 open. In het kader van de doorontwikkeling van het winkelcentrum Julianabaan is onlangs de gebiedsvisie vastgesteld door de gemeenteraad, met daarin ook de contouren voor de bibliotheeklocatie in Voorburg. Deze plannen worden de komende tijd verder uitgewerkt.

Openbaar groen

54

De gemeente heeft in 2025 verder ingezet op het behouden en versterken van haar groene karakter. In 2025 zijn negen locaties in de openbare ruimte vergroend, met aandacht voor wijken met wateroverlast en hittestress. Hierbij is gewerkt met inheemse beplanting en zijn maatregelen getroffen voor icoonsoorten, zoals het plaatsen van mussentorens en paddentrappen en het realiseren van een oeverzwaluwwand. Ook zijn twee basisscholen gestart met de ontwikkeling van een groenblauw schoolplein, een schoolplein dat wordt omgevormd tot een groene en watervriendelijke omgeving die bijdraagt aan spelen, leren en klimaatadaptatie. Vergroening en klimaatadaptatie zijn meegenomen in rioolvervangingen en herinrichtingsprojecten. Daarnaast zijn voorbereidingen getroffen voor nieuwe buurtvisies en ontwerpen en zijn projecten zoals de Loozone en Leidschendammerhout verder uitgewerkt. Speerpunten: •

Uitvoeren van acties uit het Groenactieplan Met het Groenactieplan willen we de biodiversiteit en ecologische waarde van het landschap vergroten. Een ecologische scan helpt hierbij knelpunten te identificeren, waarna gerichte maatregelen uitgevoerd worden. Voor de jaren 2026-2027 stellen wij een nieuw Groenactieplan op. Toelichting: In 2025 zijn er negen locaties in de openbare ruimte vergroend en zijn er maatregelen genomen voor het verbeteren van de leefomgeving van de huismus, de pad en de oeverzwaluw. De ecologische scan is in 2023 uitgevoerd en vormt de basis voor de maatregelen die in 2025 zijn opgepakt.

•

Inventarisatie vergroeningsmaatregelen herinrichting buitenruimte Voorburg Noord-noord Om biodiversiteit te versterken en hittestress tegen te gaan, inventariseren we in 2025 de vergroenings- en klimaatadaptieve maatregelen voor de integrale herinrichting van de buitenruimte in Voorburg Noord-noord. Toelichting: In 2025 is de voorbereiding voor de inventarisatie gestart. Er is een ontwerpbureau geselecteerd dat de vergroenings- en klimaatadaptieve maatregelen in 2026 verder uitwerkt op basis van de vastgestelde buurtvisie. De selectie van het ontwerpbureau heeft langer geduurd dan voorzien. Het ontwerp wordt opgeleverd in 2026.

•

Afronden herontwikkeling en restauratie park Vreugd & Rust In 2025 realiseren we een nieuwe brug langs de Vliet en renoveren we de plantvakken op de overplaats van park Vreugd & Rust (deel tussen het Oosteinde en de Parkweg) zoals in het instandhoudingsplan is voorgesteld. Toelichting: In 2025 zijn diverse plantvakken gerenoveerd conform het instandhoudingsplan en is de voorbereiding voor de nieuwe brug langs de Vliet afgerond. De uitvoering van de brug vindt in 2026 plaats, in lijn met de geactualiseerde planning. In het vierde kwartaal van 2025 is begonnen met de bouw van een nieuw hertenverblijf. Dit wordt in maart 2026 opgeleverd.

•

Uitwerken programma Duin, Horst & Weide In 2025 geven we uitvoering aan de projecten van Leidschendam-Voorburg uit het uitvoeringsprogramma; de Loozone en Leidschendammerhout. Toelichting: Voor het project Loozone is in 2025 de ontwerpstudie gestart. Voor Leidschendammerhout is het planvormingsproces in gang gezet.

•

Planvorming Leidschendammerhout (Uitvoeringsagenda Vlietzone) In 2025 leveren we, in samenwerking met de provincie, een gebiedsplan voor de ontwikkeling van het Leidschendammerhout ten behoeve van een integrale gebiedsaanpak. Hierbij leggen we een koppeling met DHW. Toelichting:

55

Voor het gebiedsplanproces is er in 2025 een bureau geselecteerd en is het traject opgestart. De gebiedsvisie en het gebiedsplan worden in 2026 opgesteld. Het opstellen van de uitvraag heeft langer geduurd, onder andere vanwege afstemming met partners wat de complexiteit van het traject onderstreept.

Betrokken verbonden partijen Dunea Groen Betrokkenheid bij het programma: Levering betrouwbaar drinkwater.

Wat heeft het gekost? Sport, cultuur en recreatie

Primitieve Begrotings- Begroting begroting wijzigingen na wijziging 2025 2025 2025

Realisatie 2025

Verschil 2025

Baten

3.531

113

3.644

3.792

148

Lasten

22.440

1.193

23.633

23.250

383

Saldo van lasten en baten

-18.910

-1.079

-19.989

-19.458

531

Bedragen x € 1.000

Financiële toelichting op de afwijkingen Het saldo van baten en lasten van het programma Sport, cultuur en recreatie is ten opzichte van de begroting 2025 in totaal € 531.000 voordelig. Hieronder wordt ingegaan op de onder- en overschrijdingen. Baten € 148.000 voordelig Verkoop snippergroen Ondanks de afronding van het project snippergroen, zijn er aan het einde van het jaar op verzoek van inwoners nog een aantal verkopen gedaan die niet waren begroot. Dit levert een voordeel op van € 170.000. Overige afwijkingen Het totaal van de overige kleine afwijkingen is € 22.000 nadelig. Lasten € 383.000 voordelig Sportparken Er is minder onderhoud nodig geweest aan de sportparken dan vooraf verwacht. Daarnaast zijn de energiekosten lager uitgevallen. Dit levert een voordeel van € 165.000 op. Baggerwerkzaamheden Er is minder baggerwerk uitgevoerd dan verwacht. Dit levert een voordeel op van € 110.000, die gestort wordt in de voorziening Riool. Voorgestelde overhevelingen: • Groen-blauwe projecten (voordeel € 88.000): In 2025 heeft de selectie-uitvraag voor een ontwerpbureau en afstemming met betrokkenen vertraging opgeleverd. Hierdoor kon de ontwerpstudie pas later van start gaan.

56

•

Stadsbakens (voordeel € 80.000) Het gaat om de revitalisatie van 12 van de 15 stadsbakens in Leidschendam-Voorburg, vanwege hun slechte onderhoudsstaat. Een deel van deze werkzaamheden is in 2025 uitgevoerd. De resterende werkzaamheden zijn vertraagd en worden daarom doorgeschoven naar 2026.

Overige afwijkingen Het totaal van de overig, diverse kleine afwijkingen verdeeld over het programma is € 60.000 nadelig. Relevante documenten Integraal zorgakkoord (IZA) (iBabs nr. 3733) Gezond en actief leven akkoord (GALA) (iBabs nr. 3482) Aangaan samenwerkingsovereenkomst project Gezonde Buurten in Leidschendam-Voorburg 20232024 (iBabs nr. 3592) Cultuurvisie (iBabs nr. 3597) Groenactieplan 2024-2026 (iBabs nr. 3443) Samenwerkingsovereenkomst Landschapstafel Duin, Horst en Weiden (iBabs nr. 4005) Lokaal Sportakkoord (iBabs nr. 1373)

57

6. Sociaal domein De gemeente is in het Sociaal Domein verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) en Jeugdzorg. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voor de Inkomensondersteuning en de (re-)integratie naar werk. Sinds 2022 draagt de gemeente de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Wet Inburgering. Wat wilden we bereiken De taken van de gemeente in het sociaal domein zijn belegd in onder andere de volgende wetten: Jeugdwet, Wet maatschappelijke ondersteuning, Participatiewet, Wet inburgering, Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en de Wet hersteloperatie toeslagen. De gemeente vindt het vanuit deze wetten belangrijk dat het inwoners lukt alledaagse taken zelf te doen en met elkaar in contact te komen zodat maximaal haalbare participatie in de samenleving mogelijk is voor elke inwoner. De gemeente zet hier, samen met partners en inwoners op in, door: • Inwoners te helpen die dit het hardst nodig hebben. • Inwoners te ondersteunen om zoveel mogelijk op eigen benen te staan. • Inwoners sneller ondersteuning te bieden zodat problemen niet groter worden. • Inwoners aan te moedigen sociaal te participeren in de gemeenschap. • De samenwerking met onze partners verder te versterken. • Te kijken hoe hulpverleners ondersteuning kunnen combineren, zodat inwoners met minder instanties te maken hebben.

• De maatschappelijke kracht in de gemeente te versterken. Deze uitgangspunten komen terug in verschillend sociaal beleid van de gemeente, zoals het aangescherpte sociaal kompas, minimabeleid, schuldhulpverleningsbeleid, re-integratie- en participatiebeleid, Wmo beleid, lokale jeugdbeleid en de visie sociaal minimum. Sociaal-maatschappelijke vraagstukken zijn steeds meer onderling verweven en daarom vraagt dit van ons om de uitvoering in samenhang te organiseren. Ook de toegang tot de dienstverlening vanuit het sociaal domein is hierin meegenomen. In de toekomst gaat mogelijk landelijk de Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) van kracht. Het is nog onbekend wanneer deze wet daadwerkelijk wordt ingevoerd. Om de sociale basis verder te versterken gaan we in 2025 verder met het aanpassen van de subsidiesystematiek en het laten vaststellen van de nieuwe subsidieregelingen. In de Visie Sociale basis (najaar 2024) hebben we uitgewerkt wat er wel en niet onder sociale basis valt en wat de leidende principes zijn zodat dit meer richting geeft voor de ontwikkeling van de diverse beleidsdocumenten. Belangrijk uitgangspunt hierbij is dat de gemeente de regierol pakt. Dit geeft duidelijkheid voor alle betrokken partijen en kunnen doelen beter behaald worden. We zetten in op het vergroten en ondersteunen van de maatschappelijke kracht.

Daarnaast beoordelen we of de huidige voorzieningen (informatievoorziening en locaties) nog passend en toegankelijk zijn voor iedereen in LeidschendamVoorburg die dit nodig heeft.

Wat hebben we bereikt Met ondersteuning vanuit de verschillende domeinen zijn inwoners geholpen die (tijdelijk) ondersteuning nodig hadden. Voor jeugdhulp hebben 2.256 jongeren jeugdhulp ontvangen (9 feb 2026, nog niet uitgedeclareerd). In 2025 is de samenhang in het sociaal domein versterkt onder meer door de aanpassingen van de subsidiesystematiek, de nieuwe subsidieregelingen, het vaststellen van verschillende beleidsplannen en de voorbereiding op de ontwerp-Wet Aanpak Meervoudige problematiek in het Sociaal Domein (Wams). • In 2025 is uitvoering gegeven aan de geprioriteerde acties vanuit het Actieplan Jeugd. (iBabs 4202)

58

• Het college stelde op 4 februari 2025 de nieuwe subsidieregelingen vast. De nieuwe subsidiesystematiek moet leiden tot effectievere en efficiëntere sturing vanuit de gemeente én vanuit de tafelpartners op de uitvoering van de activiteiten die moeten bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen. (iBabs 3966) • In april 2025 is het Beleidsplan schuldhulpverlening door de raad vastgesteld. Het plan richt zich op het versterken van curatieve schuldhulpverlening, doeltreffende vroegsignalering, het verstevigen van het netwerk van schuldhulporganisaties en preventie afgestemd op trends in de schuldenproblematiek. (iBbas 3844) • In september 2025 zijn het beleidsplan en de verordening voor de Wmo vastgesteld door de raad. (iBabs 3907) • Het project VAMS (Versterken Aanpak Meervoudige problematiek Sociaal domein) is in oktober 2025 van start gegaan ter voorbereiding van de Wams. Het doel van dit project is om duidelijk in beeld te krijgen hoe inwoners met meervoudige problematiek en een behoefte aan een gecoördineerde aanpak het beste kunnen worden ondersteund, en wat hiervoor binnen onze gemeente nodig is. Indicatoren Verplichte indicatoren Nr. Naam

Eenheid

Peiljaar

Waarde

Bron

21 Banen

per 1.000 inwoners 15-74 jaar

2024

423,0 (landelijk 726,4)

CBS Bevolkingsstatistiek / LISA bewerking ABF Research

22 Jeugdcriminaliteit

% 12 t/m 21 jarigen

2023

1,2 (landelijk CBS - Jeugd 1,0) 6,0 (landelijk CBS - Jeugd 6,0) 71,7 CBS (landelijk Arbeidsdeelname 73,2)

23 Kinderen in % kinderen tot 18 jaar uitkeringsgezin 24 Netto arbeidsparticipatie % van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking 26 Achterstand onder jeugd % - Werkloze jongeren 27 Personen met een Aantal per 1.000 inwoners bijstandsuitkering van 18 jaar en ouder 28 Lopende reAantal per 10.000 integratievoorzieningen inwoners van 15 – 65 jaar

2024

29 Jongeren met jeugdhulp % van alle jongeren tot 18 jaar

2025

30 Jongeren met jeugdbescherming

% van alle jongeren tot 18 jaar

2025

0,8 (landelijk CBS - Indicatoren 0,9) jeugdzorg in natura

31 Jongeren met jeugdreclassering 32 Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo

% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar Aantal per 10.000 inwoners

2025

0,3 (landelijk CBS - Jeugd 0,3) 590 (landelijk CBS - Monitor 660) sociaal domein Wmo

2025

2024 2025 2024

2025

2,0 (landelijk CBS 2,0) Jeugdmonitor 30 (landelijk CBS 28) Participatiewet 233,7 CBS - Re-integratie (landelijk 203,1) 11,2 CBS - Indicatoren (landelijk jeugdzorg in natura 11,4)

59

Toelichting op de indicatoren 21 Banen Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot 65 jaar. 22 Jeugdcriminaliteit Het percentage jongeren (12 tot 21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS. 23 Kinderen in uitkeringsgezin Het percentage kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. Bijstandshuishouden is een huishouden waarvan minimaal één lid een bijstandsuitkering ontvangt. Onder bijstand wordt hier uitkeringen aan huishoudens op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, tot 2015) en de Participatiewet (vanaf 2015) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) verstaan. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS. 24 Netto arbeidsparticipatie Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking.

26 Achterstand onder jeugd - Werkloze jongeren Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV Werkbedrijf en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer volgens de Polisadministratie. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS. 27 Personen met een bijstandsuitkering Het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) en de Participatiewet (vanaf 2015). De uitkeringen (leefgeld) aan personen in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook de uitkeringen aan dak- en thuislozen zijn niet inbegrepen. 28 Lopende re-integratievoorzieningen Het aantal re-integratievoorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot 65 jaar. 29 Jongeren met jeugdhulp Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. Jeugdhulp is de hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014). Het betreft hulp en zorg aan jongeren en hun ouders bij psychische, psychosociale en of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking van de jongere, of opvoedingsproblemen van de ouders.

30 Jongeren met jeugdbescherming Jongeren met jeugdbescherming betreft jongeren tot 18 jaar die op enig moment in de verslagperiode een maatregel door de rechter dwingend opgelegd hebben gekregen. Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt. Dat gebeurt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt. Een kind of jongere wordt dan onder toezicht gesteld of onder voogdij geplaatst. In uitzonderlijke gevallen wordt de hulp of zorg voortgezet tot de leeftijd van 23 jaar. 31 Jongeren met jeugdreclassering

60

Het percentage jongeren (12 tot 23 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12 tot 23 jaar). Jeugdreclassering is een combinatie van begeleiding en controle voor jongeren vanaf 12 jaar, die voor hun 18e verjaardag met de politie in aanraking zijn geweest en een proces-verbaal hebben gekregen. Indien de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder het misdrijf is begaan daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld bij jongvolwassenen met een verstandelijke beperking, kan het jeugdstrafrecht eveneens worden toegepast op jongvolwassenen in de leeftijd 18 tot en met 23 jaar. De jongere krijgt op maat gesneden begeleiding van een jeugdreclasseringswerker om te voorkomen dat hij of zij opnieuw de fout ingaat. Jeugdreclassering kan worden opgelegd door kinderrechter of de officier van Justitie. Jeugdreclassering kan ook op initiatief van de Raad voor de Kinderbescherming in het vrijwillige kader worden opgestart. De begeleiding kan doorlopen tot de jongere 23 jaar wordt. 32 Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmogegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeenten.

Overige indicatoren Wat gingen we ervoor doen? Jeugdhulp Ieder kind heeft recht op een veilige omgeving waarin het zich naar vermogen kan ontwikkelen tot een zelfredzame inwoner die positief bijdraagt aan de samenleving. Om dat te bereiken wordt ingezet op het realiseren van een kansrijke, veilige en gezonde omgeving in en om het gezin. Die omgeving staat onder druk door maatschappelijke kwesties zoals prestatiedruk en bestaansonzekerheid die niet alleen met jeugdhulp kunnen worden opgelost. Door het voeren van het 'fundamentele gesprek' over opgroeien, opvoeden en ontwikkelen, wordt ingezet op een gezamenlijke verantwoordelijkheid, gericht op duurzame oplossingen die bewezen effectief zijn en gebaseerd zijn op een brede, stevige analyse in plaats van symptoombestrijding. Dat betekent dat een probleem niet automatisch wordt opgelost met jeugdhulp wanneer de oorzaak in onderwijs, prestatiedruk of schuldenproblematiek ligt. We zien het kind als talent. Deze maatschappelijke uitdaging doen we samen met ouders, jeugdigen, onderwijs, huisartsen, zorgaanbieders en overige maatschappelijke partners. Uitgangspunt daarbij is dat jeugdhulp beschikbaar en toegankelijk is als hulp noodzakelijk is. Halverwege 2024 maken circa 1.489 kinderen gebruik van een vorm van geïndiceerde jeugdhulp.

Wet maatschappelijke ondersteuning Het hoofddoel van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is om inwoners zo lang mogelijk, prettig en veilig, zelfstandig thuis te laten wonen en te laten participeren in de maatschappij. Onder de Wmo vallen maatwerkvoorzieningen, zoals bijvoorbeeld huishoudelijke ondersteuning, begeleiding en hulpmiddelen. Daarnaast ook welzijnsactiviteiten zoals mantelzorgondersteuning en maatschappelijk werk. Behoud van eigen regie en ondersteuning van de zelfredzaamheid staan hierin centraal. Halverwege 2024 ontvingen circa 4.000 inwoners een individuele Wmo-voorziening. De verwachting is dat dit aantal in 2025 door vergrijzing en doordat inwoners langer zelfstandig thuis wonen, licht zal stijgen Werk en inkomen Zowel landelijk, regionaal als lokaal spelen verschillende ontwikkelingen die invloed hebben op Werk en Inkomen. Landelijk staan in 2025 de herziening van de Participatiewet en de invoering van de Wet van school naar duurzaam werk op de agenda van het Rijk. De implementatie hiervan is aan gemeenten. Regionaal werken we aan het opzetten van een Regionaal Werkcentrum en lokaal implementeren we in 2025 het herziene schuldhulpverleningsbeleid en het nieuwe minimabeleid. Verder werken we samen met de Binnenbaan aan meer variëteit in beschut werk en in de reintegratietrajecten die deze organisatie aanbiedt.

61

Ook is er aandacht voor het versterken van de dualiteit (het tegelijk leren van de taal en participeren in de maatschappij) binnen inburgering en voor het opstellen van nieuw inburgeringsbeleid. Tot en met 2024 ontvingen we extra middelen van het Rijk om de Wet Inburgering uit te kunnen voeren, vanaf 2025 zijn de structurele middelen te laag om de uitvoeringskosten te compenseren. De VNG heeft een brief gestuurd naar het Rijk en aangegeven dat alle gemeenten vanaf 2025 tekorten hebben. Het Rijk heeft toegezegd dit in ieder geval vanaf 2026 te compenseren. Wat betreft de uitvoering: halverwege 2024 ontvingen circa 1.600 inwoners een bijstandsuitkering. In vergelijking met begin dit jaar is het bijstandsbestand licht gedaald. Landelijk wordt vanuit het Centraal Planbureau verwacht dat het aantal uitkeringsgerechtigden juist licht gaat stijgen in 2025. Hoewel we op dit moment een lichte daling zien, wordt het wel steeds lastiger om inwoners met een uitkering uit te laten stromen naar werk. We merken dat inwoners een steeds langere afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Dit wordt landelijk ook gezien. Voor het aantal kinderen in armoede is de landelijke verwachting dat dit licht stijgt. Zo zetten we specifiek in op kinderen in het nieuwe gemeentelijke minimabeleid.

Versterkingsprogramma Sterk voor Noord De wijken Heuvel/Amstel en Prinsenhof worden extra ondersteund vanuit drie opgaven: Jeugd en Onderwijs, Financiële zelfredzaamheid en Fijn en veilig wonen. Het versterkingsprogramma Sterk voor Noord is een wijkgerichte aanpak, die extra inzet op ondersteuning van inwoners in deze wijken om de kansengelijkheid te vergroten en de leefomgeving te verbeteren. Om kinderen met achterstanden eerder in beeld te hebben wordt er ingezet op versterken van de voorschools educatie en huiswerkbegeleiding. Om ouders te versterken in hun rol, wordt ook ouderparticipatie vergroot. Vanuit Financiële Zelfredzaamheid, wordt ingezet op het voorkomen en begeleiden bij schulden. Ook op het versterken van het taalonderwijs bij laaggeletterdheid (in het Nederlands) en verhogen van maatschappelijke participatie van inwoners met een uitkering door het inzetten van participatieconsulenten. Om de sociale cohesie te versterken worden flatcoaches, lief en leed straatjes en activiteiten in de wijk ingezet. De activiteiten hebben daarbij een tweeledig doel zoals verminderen van afval en overlast en gelijktijdig inwoners met elkaar te verbinden.

Wat hebben we daarvoor gedaan? Jeugdhulp

62

Met de start van het fundamentele gesprek over opvoeden en opgroeien en het actieplan jeugd is beweging in gang gezet waarbij jeugdhulp niet als antwoord wordt gezien bij vraagstukken die vaak te maken hebben met opvoeden en opgroeien, onderwijs of problematiek van ouders (schulden, scheiding, psychische problemen, etc). Het individuele kind staat niet meer centraal, maar het kind in de omgeving waarin het opgroeit. Om intern en extern deze beweging verder te brengen is de gemeente doorlopend in gesprek met ouders, jeugdigen en partners. Hiervoor zijn in 2025 meerdere bijeenkomsten georganiseerd: • In 2025 is een alliantie gevormd tussen verschillende partners die zich betrokken voelen bij de ingezette beweging en zich hiervoor willen inzetten. De gemeente Leidschendam-Voorburg faciliteert deze bijeenkomsten. Op 14 februari was de eerste van vijf bijeenkomsten van de alliantie. De alliantie is actief betrokken bij de start van de nieuwe verordening jeugd en de formulering van de uitganspunten ‘Sterke basis voor de jeugd’. • In april een ‘meet and greet’ tussen partners, huisartsen en de gemeente. Tijdens deze bijeenkomst hebben de verschillende partners kennisgenomen van elkaars aanbod en zijn er gesprekken gevoerd over het verstevigen van de pedagogische basis. • In juni een bijeenkomst van de Oudersraad Haaglanden over ervaringsdeskundigheid en liefdevolle jeugdhulp.

• In juni een werkdiner met partners en een vertegenwoordiging vanuit ouders en jongeren, onder leiding van professor Gabriel van den Brink filosofisch, waarin is gereflecteerd en nagedacht over hoe de jeugdzorg anders kan worden georganiseerd. • In november een bijeenkomst van Jong doet Mee, een bijeenkomst georganiseerd door jongeren met ervaringen in de jeugdhulp. Het thema van de bijeenkomst was ‘Jezelf kunnen zijn’. Naast de bijeenkomsten en het vormgeven van een alliantie, is vanuit het actieplan gewerkt aan meerdere acties. De raad is hierover geïnformeerd in november 2025. (iBabs 4493) • Verordening jeugdhulp en stopstrategie: in 2025 is het proces gestart om tot een nieuwe verordening jeugdhulp te komen.  Op 15 juli heeft het college de raadsbrief uitgangspunten ‘Sterkere basis voor de jeugd’ vastgesteld. (iBabs 4373)  Met ouders en partners zijn participatiebijeenkomsten georganiseerd ter voorbereiding van de nieuwe verordening jeugd.  Met externe adviseurs zijn gesprekken gevoerd om met een ander perspectief te kijken naar jeugdhulp en de verordening jeugd.  In de raad van 23 september is de startnotitie fundamentele herziening verordening jeugdhulp vastgesteld.

(iBabs 4342) • De samenwerking met huisartsen en praktijkondersteuners jeugd (POH) is versterkt door verbeterde vertegenwoordiging van de praktijkondersteuners en structurele overleggen tussen huisartsen, POH en gemeente en schoolmaatschappelijk werk. • In 2025 is gestart met de training “het begint bij mij” waarin ouders gezamenlijk reflecteren op positief opvoeden. • Met de inzet van de toetsmedewerker en vanuit de jeugdconsulenten wordt scherper gestuurd op aanvragen voor verlenging van jeugdhulp. • Om inclusieve kinderopvang en inclusief onderwijs te realiseren wordt onderzocht wat nodig is om dit te realiseren. In 2025 is onderzoek naar zorgstructuren gestart en is door middel van de pilots “de stoeltjesgroep” en “VE+” invulling gegeven aan motie 922 “recht op passende kinderopvang”. Hiermee wordt onderzocht of deze vorm bijdraagt aan de beoogde doelen en geborgd moet worden of niet. Daarnaast is gestart met de psycholoog op school ter verbetering van de zorgstructuur op het onderwijs. En zijn er extra middelen ingezet om de pilot ‘Inclusieve kinderopvang’ te starten. • Om beter te sturen op aanvragen voor de Wet langdurige zorg (Wlz) is verbinding gelegd tussen het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) en het jeugdteam over de toename van de afwijzingen vanuit de Wlz.

Tot slot is naast het actieplan gewerkt aan de volgende ontwikkelingen: • Het regionale inkoopkader jeugdhulp is vastgesteld door de raad (iBabs 4180) waarna verdere voorbereidingen voor de inkoop van jeugdhulp zijn vormgegeven. • In regionaal verband is de overeenkomst met het kennisnetwerk jeugdhulp getekend wat bijdraagt aan een lerend stelsel van jeugdhulp (iBabs 4319) • In 2025 is het rapport “verkenning voor integrale toegang sociaal domein” opgeleverd waar de raad over is geïnformeerd door middel van raadsbrief informeren over actieplan jeugd, toegang en

63

regionale inkoop jeugdhulp (iBabs 4493) • De visie op jongerenwerk en de subsidieregeling jongerenwerk zijn vastgesteld. (iBabs 4192). Het jongerenwerk is belegd bij een nieuwe uitvoerende hoofdpartner, GRO UP. • De subsidieregeling sterke pedagogische basis is vastgesteld. • Vanuit leerlijn 2 van de Lokale Educatieve Agenda (LEA) wordt onderzocht hoe meer gebruik kan worden gemaakt van de verrijkte schooldag en talentontwikkeling op of na school. • In de uitvoering is de wachtlijst voor jeugdhulp weggewerkt. • Met het integraal huisvestingsplan (IHP) is rekening gehouden met extra ruimte die nodig is om inclusief onderwijs te realiseren. Het IHP is onlosmakelijk verbonden met de LEA.

64

Speerpunten: •

De pedagogische basis versterken In 2025 wordt de pedagogische sociale basis in beeld gebracht en waar nodig verstevigd, zodat een sterke pedagogische basis wordt gerealiseerd. Pedagogische partners werken vanuit een gedeelde visie waarbij het kind centraal staat. Veel problemen liggen niet bij het kind maar in de context rond het kind. Passende ondersteuning voor het normale opvoeden, opgroeien en ontwikkelen is beschikbaar. Ook hier is ondersteuning zo veel mogelijk collectief, zodat ouders en jongeren ook van elkaar kunnen leren. Om de pedagogische sociale basis te versterken wordt er budget beschikbaar gesteld voor interventies binnen het voorliggend veld. Dit is in lijn met de Lokale Educatieve Agenda (LEA), met als doel de inzet van jeugdhulp te voorkomen. Toelichting: Het versterken van de pedagogische basis is een meerjarige beweging en die een fundamenteel andere denkwijze en benadering vraagt. Om de pedagogische basis in 2025 te versterken is ingezet op de reeks acties die in het vorenstaande is opgesomd onder ‘Jeugdhulp – Wat hebben we hiervoor gedaan?’.

•

In 2030 is het gebruik van jeugdhulp op het niveau van 2015 en hiermee zetten we in op een halvering van jeugdhulp. De alsmaar toenemende kosten in de jeugdhulp zijn een symptoom van dieper liggende maatschappelijke vraagstukken, waarbij inmiddels 1 op de 7 kinderen een vorm van jeugdhulp ontvangt. Het bewijst dat het huidige stelsel van jeugdhulp onhoudbaar is, en in zichzelf een prikkel heeft om uit te breiden. In het belang van de ontwikkeling van kinderen en jongeren in deze gemeente, is het zaak om de pedagogische basis te versterken en de jeugdzorg beschikbaar te houden voor die groep die vanwege hun zware problematiek hier het meest baat bij hebben. Het college werkt aan een actieplan om met dit doel voor ogen de jeugdhulp fundamenteel anders vorm te geven. In aanvulling op de acties uit de Hervormingsagenda, wordt ingezet op meerjarige interventies om maatschappelijke problemen die nu nog worden opgelost met jeugdhulp, anders aan te pakken. Ook wordt ingezet op afbakenen van de jeugdhulp, op het versterken van de toegang en op collectief aanbod in plaats van individueel. Zo wordt in 2025 collectief aanbod georganiseerd zoals de psycholoog op school of collectieve ambulante ondersteuning aanvullend op de zorgstructuur van de scholen zelf.

De maatregelen uit dit actieplan moeten, in aanvulling op de besparing uit de Hervormingsagenda jeugd, een financieel effect hebben van € 600.000 in 2025, oplopend tot € 2,1 miljoen in 2028. Daarnaast vormt deze inhoudelijk gedreven aanpak een kans om het niet alleen écht anders te gaan doen, maar het ook écht beter te gaan doen voor onze jeugd in onze gemeente. Toelichting: Met dit speerpunt is een fundamentele beweging in gang gezet waarbij jeugdhulp niet meer als oplossing wordt gezien van maatschappelijke problemen. Het is een meerjarige opgave waar in 2025 op is ingezet door middel het actieplan. Deze acties staan beschreven onder Jeugdhulp – Wat hebben we hiervoor gedaan?’. Een belangrijk onderdeel van het actieplan zijn de monitoring en de ontwikkeling van een dashboard. Vanuit het dashboard zijn verschillende effecten zichtbaar die in meer ofmindere mate te herleiden zijn naar de inzet vanuit het Actieplan Jeugd. Naast dit positieve effect als gevolg van de inzet vanuit het Actieplan Jeugd, waarin de focus ligt op lichte vormen van ondersteuning en op verwijzingen via de huisartsen, is een stijging in kosten op de duurdere verblijfsvormen en op geïntegreerde en hoogspecialistische GGZ.

•

Programma's voor jeugdhulp realiseren Landelijk en regionaal lopen er meerdere programma’s die niet vrijblijvend zijn, zoals de Hervormingsagenda jeugd en het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. De noodzakelijke acties worden uitgevoerd, waarbij de lokale lijn rond collectieve inzet en het normale opvoeden, opgroeien en ontwikkelen als uitgangspunt wordt gehanteerd.

65

Toelichting: De landelijke en regionale programma's zijn meerjarig. In 2025 zijn de in deze jaarrekening beschreven acties ondernomen. Dit speerpunt staat op oranje omdat deze acties niet binnen een jaar kunnen worden gerealiseerd en het tempo vaak afhankelijk is van landelijke ontwikkelingen. De onderwerpen uit de Hervormingsagenda jeugd zijn grotendeels opgenomen bij het actieplan jeugd, de regionale inkoop van jeugdhulp en de ontwikkeling van de lokale toegang. In de regio Haaglanden zijn voor het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming proeftuinen gerealiseerd om in de praktijk tot een betere samenwerking te komen in de jeugdbeschermingsketen. De raad is in een raadsbrief geïnformeerd over alle relevante ontwikkelingen. (iBabs 4175) Met ‘de beweging van 0’ wordt beoogd om het aantal uithuisplaatsingen te verminderen en uiteindelijk volledig te voorkomen. Met raadsbrief informeren over JeugdhulpPlus oktober 2025 (iBabs 4456) is de raad geïnformeerd over de belangrijkste ontwikkelingen. Op regionaal niveau is gewerkt aan een nieuwe regiovisie aanpak huiselijk geweld Haaglanden. In de raadsbrief met wensen en bedenkingen over initiatiefvoorstel ‘aanpak veiligheid vrouwen en meisjes en tegengaan femicide (vrouwenmoord)’ (iBabs 4453) is de raad geïnformeerd over dit proces en de manier waarop wordt omgegaan met het initiatiefvoorstel (ID16).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=dd33a56d-8c9d-4704-a46c-62715ca90591