CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen SP en PvdA n.a.v. Deltaplan Cultuur

raadscommissie Werk en Middelen 20 mei 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Technische vragen1.963 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Beantwoording technische vragen SP en PvdA n.a.v. Deltaplan Cultuur

Technische vragen SP Deltaplan Cultuur Vraag 1 SP:

Kan het Wethouder ingaan op de afspraken die met de Vereniging Nieuwplaatz gemaakt zijn betreffende de huurruimte op de Sumatrastraat specifiek betreffende de mogelijkheid voor de Vereniging Nieuwplaatz om het hele pand te huren?

Antwoord 1 SP:

Het voorbehoud dat wij hebben gemaakt voor het huren van het gehele pand (en dat als zodanig is vastgelegd in de huurovereenkomst met Nieuwplaatz) is dat uitbreiding van ruimte alleen mogelijk is als de ruimten die in gebruik zijn voor het onderwijs, hier niet meer voor nodig zijn. Begin 2021 heeft de gemeenteraad het Integraal Huisvestingsplan voor het Onderwijs 2020-2032 (IHP 2020-2032) vastgesteld. In het IHP 2020-2032 wordt er van uit gegaan dat de thans voor onderwijsdoeleinden in het gebouw Sumatrastraat 201 in gebruik zijnde lokalen, mede i.v.m. de vernieuwbouwing van diverse scholen, nog geruime tijd daarvoor noodzakelijk zijn.

Vraag 2 SP:

Kan de Wethouder ingaan op de plannen en recente communicatie met de Vereniging Nieuwplaatz over de toekomst van de Vereniging Nieuwplaatz?

Antwoord 2 SP:

Met de vereniging Nieuwplaatz is besproken dat het ons streven is om het pand Sumatrastraat 201 op termijn volledig aan de Vereniging Nieuwplaatz te verhuren, maar dat de concretisering van dit plan niet op korte termijn mogelijk is gezien de behoefte aan onderwijsruimte in de komende jaren.

Technische vragen Marc Newsome (PvdA) Deltaplan Cultuur en bijbehorende collegebrief Vraag 1: Weet het college of en hoeveel creatieven, makers en zzp-ers uit de cultuursector gebruik maken van de generieke corona-regelingen? Antwoord 1: Creatieven, makers en zzp-ers in de cultuursector vormen een brede en zeer diverse groep individuen. Van muziekleraren tot fotografen; van decorbouwers tot game ontwikkelaars; van webdesigners tot kunstschilders. Wij hebben er vanuit de gemeente geen zicht op in welke mate deze personen gebruik maken van de generieke corona-regelingen. Vraag 2: Op welke manier helpt de verruimde TONK-regeling hen? Antwoord 2: Zie antwoord 1. Vraag 3: Is het college in gesprek met creatieven, makers en zzp-ers over hoe ze getroffen zijn / last hebben van de coronacrisis en wat mogelijkheden zijn om ze te helpen? Antwoord 3:

Met de ons bekende makers in de cultuursector zijn wij goed in gesprek, met name ook over de wijze waarop zij financieel kunnen worden ondersteund. Vorig jaar heeft het college van B&W de 'Tijdelijke regeling compensatie coronaschade cultuur' vastgesteld. Deze regeling is opgesteld als grondslag voor de toekenning en verdeling van het cultuurspecifieke compensatiebudget vanuit de Rijksoverheid om daarmee de financiële positie van de culturele instellingen, die als gevolg van de coronamaatregelen in hun voortbestaan werden bedreigd, te verbeteren. De regeling had een looptijd van 15 maart 2020 tot en met 31 december 2020. Omdat de cultuursector ook dit jaar nog ernstig te lijden heeft onder de gevolgen van de maatregelen om de besmetting als gevolg van de coronapandemie zo veel mogelijk te reduceren, heeft het college op 2 maart jl. besloten opnieuw een compensatieregeling in het leven te roepen, nu voor de periode van 1 januari tot en met 31 december 2021. De 2021-regeling is uitgebreid met een nieuw onderdeel. Dit onderdeel heeft betrekking op de ondersteuning van innovatieve culturele initiatieven die – ondanks beperkende maatregelen i.v.m. de coronabesmettingen - bijdragen aan het corona-proof mogelijk maken van culturele activiteiten. Op basis hiervan kunnen ook initiatieven van (individuele) makers financieel worden ondersteund.

Daarnaast bestaat voor de makers de mogelijkheid om een subsidieaanvraag in te dienen voor culturele projecten in de aanloop naar ECS Leiden 2022. Zowel de aanvragen van makers voor subsidie t.b.v. corona-proof innovatieve culturele initiatieven, als voor culturele projecten in de aanloop naar ECS Leiden 2022 die inmiddels zijn ontvangen, kunnen we – voor zover ze aan de criteria voldoen en voor wat de ECS-aanvragen betreft een positief advies krijgen van het bureau Leiden 2022 – voor een belangrijk deel financieel ondersteunen. Vraag 4: Zo nee, of als dit gesprek nog niet specifiek met de groep zelfstandigen en makers is geweest, overweegt het college zo'n gesprek te faciliteren? Antwoord 4: Zie bovenstaand antwoord 3. De groep culturele makers waarmee we (o.a. samen met Bureau Leiden 2022 en de Cultuurmakelaar) in contact zijn bedraagt ongeveer 75 personen Vraag 5: Wanneer verwacht het college afspraken te kunnen maken over een nieuwe Uvok en verdere versterking van de sturing via de subsidiebeschikking? Hoe wordt de gemeenteraad betrokken? Antwoord 5: Het college werkt met prioriteit aan een nieuwe Uvok en wil daarbij zowel een verdere kwaliteitsslag maken als huidige ontwikkelingen (bijvoorbeeld rond het muziekonderwijs) meenemen.

Gezien het feit dat sommige zaken die hun beslag moeten krijgen in de nieuwe Uvok inhoudelijk nog niet zijn afgerond, is nog niet duidelijk of het lukt om voor het einde van 2021 een nieuwe Uvok klaar te hebben. Uiteraard is dat wel het streven. Het college werk aan een herijking van de subsidiebeschikking. Ook daarvoor geldt dat de kwaliteit belangrijker is dan de snelheid. De gemeenteraad wordt in oktober geïnformeerd over de voortgang. Vraag 6: Kan het college iets meer vertellen over het breder sturingsinstrumentarium? Hoe ziet dat eruit? Hoe ziet het proces eruit om daartoe te komen? Antwoord 6: Het college is van mening dat een nieuwe Uvok met BplusC, versterking van de sturing via de subsidiebeschikking en een intensieve dialoog met BplusC over een breder sturingsinstrumentarium

de juiste manier is om beleidsdoelen te bereiken. We maken daarbij ook gebruik van de expertise en inzet van de medewerkers van BplusC. Niet door alleen op output te sturen met de Uvok, maar ook door andere sturingsinstrumenten in te zetten, zoals specifieke voorwaarden in de subsidiebeschikking of juist via gezamenlijke afstemming op de programmering, en door goed te kijken naar de invulling van de rol van eigenaar in relatie tot de begrotingen van zowel BplusC als de gemeente. We sturen nu niet meer alleen op Kpi’s. We kijken ook mee naar het “hoe”, en gaan sturen op onder andere meer transparantie en huurdersonderhoud. Het college zoekt per instelling naar het juiste arrangement, ook om zo de voorliggende vragen vanuit de verschillende perspectieven te kunnen bekijken. We voeren vaker intensieve gesprekken over de beleidsdoelstellingen. Deze gesprekken voert het college met zowel de Raad van Toezicht (half jaarlijkse gesprekken), als in combinatie met de directie en de coördinatoren. Vraag 7: Over de samenwerking BplusC en Stadsgehoorzaal/Leidse Schouwburg: is de onafhankelijke deskundige al aan de slag? Antwoord 7: Samen met BplusC en de Leidse Schouwburg – Stadsgehoorzaal is een opdrachtformulering gemaakt om de samenwerkingsmogelijkheden tussen beide instellingen verder te onderzoeken.

Er zijn vergevorderde gesprekken met een externe deskundige over het uitvoeren van de opdracht Vraag 8: Welke locaties zijn in beeld als mogelijke nieuwe plek voor samenwerking BplusC en Stadsgehoorzaal/Leidse Schouwburg? Antwoord 8: Voor de muziekschool is dat de locatie aan de Oude Vest/ Hazewindsteeg. Voor de bibliotheek zijn dit de locaties om en nabij de stadsgehoorzaal. Vraag 9: Hoe ziet het proces eruit en wanneer verwacht het college de gemeenteraad om een voorstel te kunnen doen (over de inzet van benodigde middelen) Antwoord 9: In juni 2021 start een onderzoek naar de verhuizing van de muziekeducatie- en muziekprogrammeringsactiviteiten die nu plaatsvinden in de muziekschool op het Rapenburg en het Muziekhuis aan de Middelstegracht. In deze zomer start ook het verkennende onderzoek naar de locatie van de bibliotheek. Dit gebeurt op basis van de mate van inpassing van het programma van eisen, de ruimtelijk economische effecten van een mogelijke verhuizing en de betaalbaarheid. Het college streeft ernaar om in het najaar een voorstel te kunnen doen over de inzet van de benodigde middelen. Vraag 10: Hoe verlopen de gesprekken over een mogelijk hernieuwde/nieuwe invulling van het Leidse Volkshuis? Wanneer verwacht het college hier meer over te weten? Hoe ziet het proces eruit? Antwoord 10: Stichting H.L.

Druckerfonds heeft op 8 april 2021 een presentatie gegeven over het onderzoek dat zij wil doen naar een alternatieve programmering en exploitatie van het Volkshuis. Er zal onderzoek worden gedaan naar de (nieuwe) kernwaarden voor het Volkshuis die in lijn zijn met de oorspronkelijke bedoeling van het Volkshuis. Het onderzoek wordt door de stichting aan de gemeente aangeboden. Een planning volgt nog.

Vraag 11: Welke mogelijkheden ziet het college om binnen bestaande budgetten toch meer te doen aan talentontwikkeling en makersklimaat? (een van de aanbevelingen van het rapport) Antwoord 11: . Het college zet in op cultuureducatie, waar een groot deel van de talentontwikkeling plaatsvindt. Bij ARS worden activiteiten voor jonge talenten georganiseerd. De jeugdtheaterscholen bieden met lessen en voorstellingen ontwikkelingskansen. Het college steunt ook een aantal met name jonge makers via het Makersstipendium, waarbij de gemeente deze makers gedurende een periode van 3 jaar een subsidie biedt. Het college ondersteunt ook de broedplaatsen, zoals Nieuwplaatz. Via projectsubsidies steunt het college ook incidenteel projecten van makers. Vraag 12: Is het college in gesprek met de X en Hot House (als gebruikers van het Muziekhuis). Wanneer vond het laatste gesprek plaats en wanneer staat het volgende gesprek gepland? Antwoord 12: Er worden gesprekken gevoerd met de X en Hot House. Er is, samen met Hot House en de X, een eerste inventarisatie gemaakt van hun wensen en eisen. Die is afgerond in maart. In juni start de projectleider verkenning herhuisvesting muziekeducatie en gaat met hen verder in gesprek over de mogelijkheden.

Vraag 13: Wat is het proces? Wanneer verwacht het college met een structurele oplossing te komen waar ook Hot House en de X zich in kunnen vinden? Antwoord 13: In juni start de projectleider herhuisvesting muziekeducatie en gaat met hen verder in gesprek over de mogelijkheden. In september ligt er een verkenning herhuisvesting muziekeducatie waarin ook de optie voor podium voor de programmering van de X en Hot House zullen zijn meegenomen. Vraag 14: Ik zou het prettig vinden als het college iets uitgebreider kan reflecteren op de aanbevelingen die het rapport doet inzake het gemeentelijke vastgoedbeleid en de knelpunten die BMC signaleert + de reactie van het college daarop. Het college zegt te willen opereren binnen de geldende vastgoedkaders. Op welke manier denkt het College dan toch de knelpunten die BMC signaleert te kunnen wegnemen of te bestrijden? Antwoord 14: Het BMC advies met betrekking tot het gemeentelijk vastgoedbeleid richt zich op twee punten. Ten eerste wordt het advies gegeven om de culturele vastgoed portefeuille te herordenen waarvoor investeringen nodig zijn. Het BMC rapport suggereert dat het vastgoedbeleid mogelijk aangepast moet worden om de investeringen mogelijk te maken. Het college is van mening dat binnen het bestaande vastgoedbeleid voldoende mogelijkheden zijn om dekking te vinden voor de nodige investeringen.

Ten tweede wordt gesuggereerd dat het verhuren van het vastgoed niet eenduidig plaatsvindt omdat sommige culturele instellingen een kostprijsdekkende huur betalen en andere culturele instellingen een marktconforme huurprijs. Het BMC rapport adviseert om dit te harmoniseren. Het college is van mening dat het Beleidskader Vastgoed een duidelijk en transparant kader biedt voor de verhuur van

het vastgoed, namelijk verhuur tegen marktconforme huurprijzen. Op deze manier is er een eenduidige standaard. Als uitzondering op deze regel is in het Beleidskader Vastgoed bepaald dat enkele culturele instellingen (Stadsgehoorzaal, Schouwburg en De Nobel) een kostprijsdekkende huurprijs dienen te betalen omdat deze gebouwen een specifiek en bijzonder (veelal monumentaal) karakter hebben. Een aanpassing naar een kostprijsdekkende huur is in principe ook budgetneutraal voor zowel de gemeente als de huurder omdat de huur en de subsidie communicerende vaten zijn. Daarom is dit ook geen oplossing voor de financiële problemen. Het college is van mening dat dit kader helder en transparant is en op dit moment geen aanpassing behoeft. Een aanpassing van het vastgoedbeleid ziet het college niet als een oplossing voor de financiële knelpunten in de culturele sector. Het college is positief over de mogelijkheden die ontstaan wanneer er verdichting plaatsvindt van de culturele infrastructuur.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10150355/1