Beantwoording technische vragen Horecavisie PvdD
Tekst van het document
Technische vragen Horecavisie 1. We zitten op dit moment midden in de tweede coronagolf. Horecaondernemers worden hard getroffen door de beperkende maatregelen. Waarom kiest het college er voor om nu toch de nieuwe Horecavisie voor te leggen aan de commissie en de raad? Onbekend is wanneer ondernemers weer open kunnen. Vervolgens is onbekend wanneer de overige maatregelen (zoals de 1,5 meter) zullen worden opgeheven. De nieuwe horecavisie geeft ondernemers de flexibiliteit die zij nodig hebben om te anticiperen op de gevolgen van die coronamaatregelen. Hoe eerder de visie wordt vastgesteld, hoe eerder de ondernemers maatregelen kunnen treffen om hun bedrijfsvoering aan te passen wanneer dit noodzakelijk is om te kunnen overleven. 2. Wat is het gevolg als we de bespreking van de Horecavisie een halfjaar opschuiven? Indien de vaststelling van de nieuwe horecavisie wordt uitgesteld, dan hangt het er van af hoe lang de termijn is. Indien er voor langere periode wordt uitgesteld, zullen inspraak en onderzoeken opnieuw moeten worden gedaan. Als we geen nieuwe horecavisie vaststellen, blijft de regelgeving uit de huidige visie van kracht. De huidige horecavisie maakt op dit moment meer nieuwe horeca in de binnenstad mogelijk dan de nieuwe visie.
Deze horecauitbreiding zit vaak op onwenselijke locaties en meer in de overlast gevende categorieën dan die de nieuwe horecavisie mogelijk maakt: Zo blijft het bij het in werking laten van de oude visie mogelijk om toe te voegen: • Rapenburg 2 nieuwe vestigingen in de categorie 3, 3* en 3**, ipv H1; • Pieterswijk 2 nieuwe horecavestigingen in de categorie H3, 3*, 3** ipv H1, 1* of 3 (er is 1 aanvraag ingediend voor een restaurant in de Pieterskerk-Choorsteeg) • Nieuwe Beestenmarkt 1 H2 en 1 H4 ipv geen toevoeging • Breestraat/Noordeinde (Aca.cult) 1 H3 en 1 H4 ipv geen toevoeging • Beestenmarkt 1 H3 en 1 H4 ipv geen toevoeging • Garenmarkt 1 H3, 3*, 3** ipv geen toevoeging • Winkelgebied 3 H1 ipv 2 H1, 1* Andere ongewenste gevolgen van het niet vaststellen van de nieuwe visie: • Diverse ondernemers zitten te wachten op de nieuwe horecavisie om een aanpassing in hun bedrijf te kunnen doorvoeren • In het energiepark is dan in gebied Nieuwe stadscultuur (energiepark) 1 H3** i.p.v de wenselijke 3 in de categorie H1, 1*, 3, 3* • Het blijft mogelijk om grootschalige horeca toe te voegen in het zwerfmilieu • Placemaking zal niet mogelijk zijn • Uitbreiding horeca in wijkwinkelcentra blijft onmogelijk • Uitbreiding horeca op bedrijventerreinen (mixed use) blijft onmogelijk • Ondergeschikte horeca/blurring blijft onmogelijk voor bedrijven waarvan het pand geen centrumfunctie heeft •
Zittende horecaondernemers krijgen niet de kansen tot aanpassing van bedrijfsvoering en/of pand terwijl ze die na Corona wellicht wel nodig hebben • Hotelontwikkelingen op ontwikkellocaties zullen niet mogelijk zijn • De verbreding in hotelaanbod kan geen doorgang vinden • De 15 straten die in de nieuwe horecavisie zijn geschrapt voor nieuwe horeca, zullen horecagebied blijven • Moderne snelle maaltijdaanbieders kunnen zich alleen vestigen als H2 categorie, wat vrijwel onmogelijk is
• •
Duurzaam ondernemerschap wordt niet gestimuleerd De vereenvoudiging van de hele visie komt te vervallen
3. Voor de uitbraak van de coronacrisis was er onder bestaande ondernemers de wens om hun hotel uit te breiden. Is deze wens er nog steeds? Is er ook nog steeds een tekort aan hotelaanbod? Ja, voor zover bij ons bekend willen de hoteliers hun uitbreidingsplannen nog steeds doorvoeren. Het tekort aan hotelaanbod is berekend voor de lange termijn periode van 10 jaar. De tweede lockdownperiode is op een dergelijke termijn zeer kort. Om te monitoren of de tekorten aan hotelaanbod op langere termijn valide zijn, is een tweetal evaluatiemomenten gepland. Daarnaast is ook een fasering in het aantal vrij te geven nieuwe hotelkamers aangebracht. 4. “Er wordt met name ingezet op het faciliteren van huidige ondernemers in hun uitbreidingswensen en het genereren van een kwalitatieve verbetering van het aanbod door kamers toe te voegen in segmenten waar volgens het onderzoek te weinig aanbod in is.” Gaat het hier om uitbreidingswensen van bestaande hotelgebouwen of gaat het om uitbreidingswensen in andere panden? Waarom wordt er met name ingezet op het faciliteren van huidige ondernemers? Geven we andere c.q. nieuwe ondernemers geen kans? Het gaat om uitbreidingswensen en kwaliteitsverbetering van het totale hotelaanbod, dus zowel zittende als nieuwe ondernemers.
Er wordt niet met name ingezet op het faciliteren van huidige ondernemers, dat wordt gedaan naast uitbreidingsmogelijkheden voor nieuwkomers. 5. Vraag over Holiday Inn, dat zich meer gaat vestigen op arbeidsmigranten. https://sleutelstad.nl/2020/10/02/holiday-inn-ontslaat-58-medewerkersgaat-zich-richten-op-arbeidsmigranten/ Er staat nu nog dat Holiday Inn met 40 kamers zal worden uitgebreid. Holiday Inn gaat zich meer richten op arbeidsmigranten. Is dat onder de huidige vergunning mogelijk? Of moet deze verandering naar een short-stay concept individueel worden beoordeeld? Zo ja, is dat al gebeurd? Onder de huidige vergunning is dat niet mogelijk. Holiday Inn voert op dit moment vooroverleg met de gemeente Leiden over deze huisvesting van arbeidsmigranten. Dit is een voortraject voor een eventuele aanvraag voor een omgevingsvergunning. Deze is (nog) niet aangevraagd. Over de juridisch technische invulling van dit vraagstuk wordt nu gesproken. Wij kunnen daarom vooruitlopend daarop geen antwoord geven op uw vragen.
6. “Omdat deze horecavisie toeziet op de planologische en economische vraagstukken van horeca en niet gaat over bedrijfsvoering van ondernemers, kunnen in deze visie daartoe ook geen regels, maar worden aanbevelingen in het kader van duurzaamheid opgenomen.” Waarom kan er op gemeenteniveau geen regelgeving worden gemaakt over duurzame bedrijfsvoering door ondernemers? Is dit een keuze of is dit juridisch niet mogelijk? Hoe gaat de gemeente Leiden de aanbevelingen die zij mee geeft aan ondernemers op het gebied van duurzaamheid stimuleren? Dit is juridisch niet mogelijk. De horecavisie beperkt zich tot het doen van aanbevelingen op het gebied van duurzaam ondernemerschap. Buiten het proces van de horecavisie om
stimuleert de gemeente wel diverse duurzaamheidsinitiatieven. Op het gebied van horeca is daarvan een mooi voorbeeld de stimuleringsregeling duurzame terrasverwarming. 7. Wat is placemaking nou precies? Hierover staat het volgende in de visie: In gemeente Leiden wordt voortdurend gewerkt aan nieuwe ontwikkelingen om een aantrekkelijk woon-, werk-, en leefomgeving te creëren. Placemaking biedt ondernemers, bezoekers en toekomstige gebruikers de mogelijkheid om vooruitlopend op deze ontwikkeling deze locaties in de spotlights te zetten en mensen op een informele wijze te informeren over deze toekomstige ontwikkeling aldaar. Soms kan horeca deel uitmaken van placemaking. Deze manier van aankondiging van ontwikkelingen is toegestaan onder de volgende voorwaarden: • De horecagelegenheid krijgt een tijdelijke vergunning van maximaal een half jaar, met mogelijkheid tot verlenging; • Deze past binnen een toets van een goede ruimtelijke ordening; • De horecagelegenheid mag geen ontwrichtende werking hebben op het bestaande horeca aanbod. Het is dus de mogelijkheid om met bijvoorbeeld horeca tijdelijk de aandacht te vestigen op een locatie waar in de toekomst een ontwikkeling zal komen. Een voorbeeld hiervan is “De Buurt” die vooruitlopend op de vestiging van de Lorentz gevestigd is geweest. 8.
“Met de voorgestelde uitbreiding van het aantal hotelkamers zal deze indicator de komende jaren toenemen naar 5 à 6 overnachtingen per inwoner per jaar. Er is, zoals in Amsterdam, sprake van overtoerisme bij een indicator van 15 of meer overnachtingen per inwoner per jaar. De vrees voor overtoerisme bij uitbreiding van het aantal overnachtingen in Leiden is daarom ongegrond.” Aan de hand waarvan wordt bepaald over er sprake is van overtoerisme? Met andere woorden waar komt de indicator van 15 of meer overnachtingen per inwoner per jaar vandaan? Het betreft een internationale indicator voor het groeipotentieel van de vraag naar hotelkamers, die door adviesbureaus en het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen wordt gehanteerd. Uitgangspunt hierbij is ook de balans tussen toerisme en leefbaarheid. Bij een indicator van 15 of meer wordt uitgegaan van overtoerisme.
9.
Wat is de pareltjesregeling (p3)? In de oude visie was dit een mogelijkheid waardoor het college gemotiveerd van de beperkingen in deze visie kan afwijken voor zogenaamde ‘pareltjes’: bedrijven die qua karakter, uitstraling, ligging of concept bijdragen aan een sterke uitstraling van het gebied en die vanwege uniciteit iets toevoegen aan het bestaande aanbod in de stad of de regio.
10. Op p3 staat ‘het college behoudt zich het recht voor om gemotiveerd af te wijken van deze horecavisie’. Op welke wijze wordt zo’n eventuele afwijking van de visie gemotiveerd? Wordt dit bijvoorbeeld per brief aan de raad gemeld? Iedere aanvraag dient te voldoen aan alle voorwaarden van goede ruimtelijke ordening. In de visie wordt hierover het volgende geschreven: Uitzonderingen In deze visie wordt gezien de economische situatie terughoudend omgegaan met het
toevoegen van horeca in de komende periode. Indien zich een ontwikkeling voordoet op het gebied van horeca die toegevoegde waarde heeft voor het verblijfsgebied, behoudt het college zich het recht voor om deze ontwikkeling mogelijk te maken, mits deze voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. Hiertoe zal een collegebesluit worden genomen. Per besluit zal het college de raad hierover schriftelijk informeren. 11. Over het gelijktrekken van H1 en H1*: betekent dit dat nieuwe vestigingen ook licht alcoholische dranken mogen serveren? Waarom betekent dit ook dat huidige vestigingen hun concept niet meer kunnen omzetten naar H1*? Het al dan niet mogen schenken van zwak-alcoholische dranken is het enige verschil tussen H1 en H1*. Bij het opstellen van de visie is per gebied consequent het toevoegen van vestigingen in de categorie H1 en H1* aan elkaar gelijk gesteld. Daar waar een H1 vestiging mag worden toegevoegd, mag dit ook een H1* zijn. Dit is en blijft hetzelfde. De keuze die het college aan de Raad voorlegt ziet op het stuk tekst vanaf: Het gelijktrekken van de vestigingsmogelijkheden voor H1 en H1* heeft, ten opzichte van de huidige regelgeving, effectief als gevolg dat er in het winkelgebied, zoals hieronder in de kaart in het oranje is aangeduid, bestaande H1 ondernemers hun bedrijfsconcept mogen omzetten naar H1*.
Het gelijktrekken van deze categorieën in de bredere zin, ziet erop toe dat juist in het gebied waar nu H1 zit in het oranje gedeelte van de kaart uit het raadsvoorstel, indien door de ondernemer gewenst, een upgrade kan plaatsvinden naar H1*. Dat is een van de keuzemogelijkheden die u als Raad mogelijk kan maken. De andere optie is dat u de upgrades van huidige ondernemers in specifiek dit gebied van H1 naar H1* niet mogelijk maakt. Nieuwe horecavestigingen kunnen dus wel H1 of H1* zijn. En buiten dit gebied waren upgrades van H1 naar H1* al mogelijk. 12. Het aantal hotelovernachtingen is in de loop van de jaren gegroeid. Maar hoe zit het met de bezettingsgraad van de nu aanwezige hotels in de afgelopen jaren? Wat is bijvoorbeeld het bezettingspercentage per jaar en wat is het percentage kamers dat nog jaarlijks beschikbaar was? In het advies ‘Evaluatie hotelbeleid Leiden’ van Bureau Stedelijke Planning (bijlage 3.1 van de concept-Horecavisie 2020) is op blz. 24/figuur 10 een overzicht gegeven van de ontwikkeling van de gemiddelde bezettingsgraad in de afgelopen jaren van de hotels in Leiden. Sinds 2013 is dit van gemiddeld 55% gestegen naar gemiddeld 78% in 2019. Met een dergelijke gemiddelde bezetting is een hotel gedurende het jaar nagenoeg vol, hoewel er perioden zijn dat er nog hotelkamers beschikbaar zijn.