Beantwoording technische vragen Cie WM
Tekst van het document
Vragenronde: Programmabegroting 2022 / Tweede Voortgangsrapportage 2021 Aangemaakt op: 15-10-2021 05:02 Gesorteerd op volgnummer (oplopend gesorteerd) Geselecteerd op commissie: WM
Nr
Stuk
15
Programmabegroting 2022
Pro g
Blz
Vraag
A D
221
Hoe hoog is de maximale belastingcapaciteit die een gemeente mag benutten (door het Rijk vastgesteld)?
WM CDA
T. Sandoval Garcia
Paul Dirkse
15
Gemeentelijke belastingen zijn te verdelen in algemene belastingen, bestemmingsbelastingen (= ter dekking van specifieke uitgaven ongeacht feitelijk gebruik belastingplichtige) en retributies (= ter dekking van uitgaven bij feitelijk gebruik door belastingplichtige). Zie hiervoor ook de toelichting op de VNG-website (Belastingtypen | VNG). Voor bestemmingsbelastingen en retributies geldt dat de begrote opbrengst niet hoger mag zijn dan de begrote kosten die met de activiteit samenhangen. In de paragraaf lokale heffingen (Lokale heffingen | Programmabegroting 2022 (leiden.nl) verantwoorden we de kostendekkendheid van deze belastingen en retributies. Hieruit blijkt dat de grootste inkomstenstromen (riool- en afvalstoffenheffing) - rekening houdend met enige veiligheidsmarge - volledig kostendekkend zijn. Voor algemene belastingen geldt geen formele wettelijke maximering: een gemeenteraad mag zelf bepalen hoe hoog hij de OZB, parkeerbelasting of toeristenbelasting vaststelt. In de houdbaarheidstest financiën (Nieuwe versie houdbaarheidstest gemeentefinanciën | VNG) zet de VNG de OZB af tegen het redelijke peil om in aanmerking te komen voor artikel 12-steun (= 120% van de landelijk gemiddelde OZB). Oordelen over 'onbenutte belastingcapaciteit' gebruiken veelal dit kengetal. In 2021 zat het gewogen gemiddelde van de OZB woningen en niet-woningen van Leiden boven dit redelijke peil.
Nr
Stuk
16
Programmabegroting 2022
Pro g
Blz
Vraag
A D
221
Op pagina 221 valt het solvabiliteitsratio te zien van de gemeente. In 2025 is deze gedaald tot 16,9%. Welke codering hanteert de VNG voor de solvabiliteitsratio's? Is een solvabiliteitsratio van 16,9% (of 18,3% in 2023) goed volgens de VNG?
WM CDA
T. Sandoval Garcia
Paul Dirkse
16
In de handleiding van de houdbaarheidstest gemeentefinanciën (Houdbaarheidstest gemeentefinanciën 2020 beschikbaar | VNG) geeft VNG op pg. 15 de onderstaande kwalificatie van de solvabiliteitsratio: "Voor de solvabiliteitsratio wordt uitgegaan van de signaalwaarden 20% en 0%. Bij een solvabiliteitsratio lager dan 20% springt het licht op oranje en vindt een half punt aftrek plaats. Bij een negatieve solvabiliteitsratio springt het licht op rood en vindt een vol punt aftrek plaats voor het bepalen van de uitkomst van de financiële conditie index. Een gemeente heeft in dat geval een erg hoge schuldbelasting van het bezit."
17
Programmabegroting 2022
A D
235
WM CDA Paul Dirkse
T. Sandoval Garcia
Benut de gemeente Leiden haar kasgeldlimiet maximaal?
Nr 17
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
De kasgeldlimiet limiteert de mate waarin de gemeente zijn financieringsbehoefte met kortlopende schuld mag financieren. De gemiddelde korte schuld over drie maanden mag maximaal 8,5% van het begrotingstotaal zijn. Kortlopende financiering ("rood staan") is op dit moment voor de gemeente voordeliger dan het aantrekken van langlopende financiering. Bij het uitvoeren van de financieringsfunctie zorgt het college er daarom voor dat sprake is van een negatieve stand van de gemeentelijke rekeningen. Zodra mogelijke overschrijding van de kasgeldlimiet in beeld komt trekt het college langlopende financiering aan. Hiermee wordt binnen de grenzen van de kasgeldlimiet gestuurd op een doelmatige uitvoering van de financieringsfunctie.
19
Programmabegroting 2022
10 0
WM PvdA
Elwin Wolters
in hoeverre vraagt de gemeente bij mensen die, ihkv vroegsignalering van schulden, een beginnende betalingsachterstand hebben bij de zorgverzekering van deze mensen naar zorgmijding? En als er sprake is van zorgmijding wordt er dan ook actie ondernomen om deze mensen bij te staan die deze noodzakelijke zorgkosten hebben en die dit niet kunnen betalen?
Marleen Damen
19
De medewerkers van het team Eerste Hulp Bij Geldzorgen (vroegsignalering) zijn getraind om breed de problematiek op meerdere leefgebieden in kaart te brengen. Als er sprake lijkt te zijn van zorgmijding wordt hierop doorgevraagd en wordt actie ondernomen. Een actie is bijvoorbeeld een aanvraag bijzondere bijstand, maatwerkbudget of advisering over de meest passende (collectieve) aanvullende zorgverzekering. Zorgmijding in brede zin – niet alleen ziektekosten – heeft bij vroegsignalering de volle aandacht. In het beleidsplan schuldhulpverlening 2021-2024 is het een speerpunt, en uit de evaluatie (juli 2020) bleek dat het team hierin ‘het verschil maakt’.
22
Programmabegroting 2022
10 200
WM PvdA Yvonne van Delft
Elwin Wolters
Wat is het absolute aantal mensen dat nu een bijstandsuitkering ontvangt? In hoeverre wordt de doelstelling van minder dan 3000 bijstandsgerechtigden in 2022 gehaald (uit beleidsplan werk & participatie)?
Nr
Stuk
Pro g
22
In week 40 bedraagt het aantal participatiewet uitkeringen 2955 (omdat hier ook echtparen in zitten betreft dit 3374 personen). Dat is de laagste stand van dit jaar. Leiden ligt op koers om de doelstelling te halen.
23
Programmabegroting 2022
10 195
WM PvdA Marleen Damen Yvonne van Delft
23
Blz
Elwin Wolters
Vraag
Wat is de status van de aanbestedingstraject van het taalonderwijs voor de Wet inburgering (B1- & Zroute)? Voor hoe lang wordt het taalonderwijs aanbesteed? Welke waarborgen zijn in het aanbestedingstrajecten meegenomen om onderbetaling van zzp’ers en werknemers en in hoeverre wordt er gestuurd op zekere (vaste) contracten voor NT2-docenten? Wordt hierbij rekening gehouden met de cao onderwijs? Zijn tarieven/vaste contracten een zwaarwegend onderdeel van het aanbestedingstraject?
De status van de aanbesteding is dat deze is afgerond en Perceel 1 (B1 Route) en Perceel 3 (Z-Route) definitief zijn gegund aan de partijen Vluchtelingenwerk (Perceel 1), NL-training (Perceel 3) en Danner & Danner (Perceel 1 en 3). Het taalonderwijs wordt gecontracteerd voor een periode van 3 jaar met 2 verlengingsmogelijkheden van 2 jaar (dus 7 jaar in totaal vanaf 01-01-2022). In het programma van eisen is in artikel 5.2 opgenomen dat gecontracteerde aanbieders docenten een fatsoenlijke salariëring dienen te bieden op basis van de COA MBO en dat een minimale uurprijs voor ZZP-ers wordt gehanteerd van €50,- per uur. Ook de mogelijkheid tot deskundigheidsbevordering en inhoudelijke ontwikkeling is geëist. Er is niet specifiek gestuurd op het aanbieden van vaste contracten door aanbieders (is waarschijnlijk ook niet proportioneel). Wel biedt de langere duur van de overeenkomst (maximaal 7 jaar in vergelijking met de gebruikelijke maximaal 4 jaar) de aanbieders meer zekerheid binnen hun bedrijfsvoering. Aanbieders dienen te voldoen aan het plan van eisen. In die zin zijn tarieven/verloning een zwaarwegend onderdeel van het aanbestedingstraject.
Nr
Stuk
24
Pro g
Programmabegroting 2022
Blz
10 196
Vraag Welke werkzaamheden verricht het ‘Regionaal Mobiliteitsteam Holland Rijnland voor werk-naar-werk dienstverlening’? Kan hier meer toelichting over worden gegeven (inzet, doel, resultaat etc)?
WM PvdA
Elwin Wolters
Yvonne van Delft
24
De regionale mobiliteitsteams zijn een samenwerkingsverband tussen gemeenten, UWV, onderwijs, Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs en Bedrijfsleven (SBB), vakbonden en werkgeversorganisaties. De bedoeling is om werkloosheid te voorkomen of zo kort mogelijk te laten duren, door die dienstverlening te bieden die nodig is voor de (over)stap naar nieuw werk. De dienstverlening van de regionale mobiliteitsteams richt zich op mensen die sinds de coronacrisis hun baan zijn verloren of dreigen kwijt te raken én extra ondersteuning nodig hebben bij het vinden van nieuw werk, waaronder ook zelfstandig ondernemers en jongeren. De teams zorgen met hun aanpak voor meer kansen voor werkzoekenden, ook voor mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt, en een betere match met het beschikbare werk in Nederland. De teams zetten de dienstverlening ‘ontschot’ in en kunnen ook mensen helpen die nog niet hebben aangeklopt voor een uitkering bij UWV of gemeenten.
25
Tweede 10 74 Voortgangsrapportage 2021
Waaruit bestaan de 0,1 mln euro aan extra terugvorderingen? Wat is de achtergrond van deze terugvorderingen, dus welke overtredingen zijn er gesignaleerd? Wat is de reden dat er extra terugvorderingen zijn binnengekomen?
WM PvdA
Elwin Wolters
Yvonne van Delft
25
De € 0,1 miljoen heeft betrekking op de bijstandsuitkeringen voor zelfstandigen (Bbz). De achtergrond is niet dat er overtredingen zijn gesignaleerd, maar dat de bedrijfsinkomsten hoger zijn dan verwacht waardoor bijstand wordt teruggevorderd.
Nr
Stuk
26
Pro g
Programmabegroting 2022
Blz
10 201
WM PvdA
Vraag Klopt het dat de realisatie 1% was in 2020 bij “10D1.c Het percentage aanvragers voor schuldhulpverlening, dat eerder (binnen een periode van 3 jaar voorafgaand aan de aanvraag) een minnelijk of wettelijk traject hebben doorlopen”?
Elwin Wolters
Marleen Damen
26
Het exacte percentage is 1,2%. Het gaat om twee personen die in 2020 schuldhulpverlening hebben aangevraagd. In de rapportage over realisatiewaardes van indicatoren is het gebruikelijk dat percentages worden afgerond op hele getallen.
27
Programmabegroting 2022
10 200
Er wordt een onderuitputting verwacht op de TONK. Aan welk bedrag moet hierbij gedacht worden?
WM D66
Eric Krijgsman
Yvonne van Delft
27
De verwachte onderuitputting is € 2,0 miljoen. Dit is opgenomen in paragraaf 3.10.2 Financiële afwijkingen begroting 2021 programma 10 Werk en Inkomen. Het bedrag wordt opgenomen in het de reserve sociaal domein en daarbinnen geoormerkt voor het Social Impact Team zodat het alsnog kan worden besteed aan corona-gerelateerde problematiek, waarbij we ook kijken naar wat de oorspronkelijke doelgroep van de TONK, werkenden en ondernemers aan ondersteuning nodig hebben.
Nr
Stuk
28
Pro g
Programmabegroting 2022
Blz
10 196
WM D66
Eric Krijgsman
Vraag Beschreven wordt dat het onderwerp 'breed offensief' door het demissionaire kabinet controversieel is verklaard en pas bij een nieuw kabinet verder kan worden ontwikkeld. Ziet de gemeente kansen op onderdelen van het 'breed offensief' al pro-actief aan de slag te gaan en in gang te zetten? Zo ja, voor welke onderdelen, zo nee waarom niet?
Yvonne van Delft
28
Voor een deel van het Breed offensief geldt dat er wetswijzigingen nodig zijn. De al aangeboden voorstellen voor wetswijzigingen zijn controversieel verklaard. Tegelijkertijd heeft het demissionaire kabinet besloten om overige voorstellen voor wetswijzigingen niet meer aan de kamer aan te bieden. Daarnaast is een deel van de maatregelen uit het programma Breed Offensief in lagere regelgeving aangepast of doorgevoerd. Dit betreft maatregelen die daardoor wel doorgaan of zelfs al zijn ingevoerd: SUWI-regelgeving werkgeversdienstverlening (ingevoerd per 1 januari 2021); uniformering loonwaardebepaling en kwaliteit professionals (ingevoerd per 1 juli 2021); stroomlijning werkprocessen loonkostensubsidie (wetsvoorstel is niet nodig); andere financiering loonkostensubsidies (per 1 januari 2022); wegnemen knelpunten forfaitaire loonkostensubsidie (VNG neemt dit onderwerp mee in de modelverordening). Zowel op het niveau van de arbeidsmarktregio Holland Rijnland als op lokaal niveau (Leiden) worden bovengenoemde maatregelen uitgevoerd.
29
Programmabegroting 2022
10 199
WM D66 Yvonne van Delft
Eric Krijgsman
Bij 42 personen kan geen indicatie gegeven worden op welke trede van de participatieladder deze personen staan. Waarom kunnen deze personen niet geïndiceerd worden? Wat wordt er aangedaan om deze personen wel een indicatie van een trede op de participatieladder te geven? Is het reëel om te verwachten dat iedereen geïndiceerd kan worden op een trede? Wat kan er aan gedaan worden om het aantal personen dat niet op een trede op de participatieladder geïndiceerd kan worden te verlagen?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
29
De indeling op de participatieladder gebeurt in het uitkeringssysteem CSam door middel van invulling van een veld. Soms wordt dit veld over het hoofd gezien en wordt er dus niets ingevuld. Hiervan komt geen foutmelding omdat het geen verplichte registratie is. Regelmatig wordt aan de hand van lijsten een veegactie gedaan om te bezien welke velden ongevuld zijn en wordt dit door klantmanagers achteraf hersteld. Van de genoemde 42 personen kan dus wel een indeling op de participatieladder gegeven worden, alleen is dit op het meetmoment door een administratieve omissie niet gedaan.
30
Programmabegroting 2022
10 201
Vraag
Welk bedrag is ervoor nodig om de individuele studietoeslag voor studenten met een beperking in 2022 te verhogen naar 300 euro per maand?
WM D66
Eric Krijgsman
Is er een voorziening getroffen om dit mogelijk te maken zodra een aanpassing van de wet regelt dat dit verplicht 300 euro per maand moet worden?
Marleen Damen
30
In de afgelopen 12 maanden is € 41.500 aan individuele studietoeslag verstrekt. Als de maandelijkse toeslag € 300 wordt, dan bedragen de kosten € 124.500 op jaarbasis als het aantal studenten gelijk blijft. Er is geen voorziening getroffen. Een eventuele verhoging van de studietoeslag zal betrokken worden bij de komende kaderbrief.
31
Programmabegroting 2022
10 198
WM PvdA Yvonne van Delft
Elwin Wolters
Wat is de reden dat het aantal lopende re-integratievoorzieningen zo enorm, zelfs nog voor de coronacrisis, is gedaald?
Nr
Stuk
Pro g
31
Uit navraag bij VNG en CBS blijkt dat de trendbreuk van het aantal lopende re-integratievoorzieningen is te verklaren door een wijziging in definitie van wat onder een re-integratievoorziening verstaan wordt vanaf 2019. Tot en met 2018 was dit het aantal re-integratievoorzieningen aan het eind van een half jaar + het aantal beëindigde voorzieningen per maand. Vanaf 2019 was dit alleen het aantal re-integratievoorzieningen aan het eind van een half jaar. Door deze technische wijziging met ingang van 2019 is het aantal lager.
32
Tweede 10 74 Voortgangsrapportage 2021
WM D66 Yvonne van Delft
Eric Krijgsman
Blz
Vraag
Er wordt een incidenteel voordeel van 2,1 miljoen euro op de bijstand verwacht. Dit door een daling in het aantal bijstandsgerechtigden waar een stijging was verwacht. Aangegeven wordt dat begin oktober 2021 het definitieve rijksbudget bekend wordt gemaakt. Is dit inmiddels bekend en wordt dit voordeel nog steeds verwacht, of is er een aanpassing te verwachten? Is ook al inzicht te geven in het aantal bijstandsgerechtigden in de meest recente maanden tot heden, en is er daarmee nog een steeds een verdere daling te zien in het aantal bijstandsgerechtigden?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
32
Het definitieve budget voor 2021 is bekend. Het definitieve bedrag is € 53.807.545 en dit is afgerond € 540.000 lager dan het nader voorlopige budget. Doordat de daling van het aantal bijstandsgerechtigden zich voortzet zal er in de decemberwijziging ondanks het lagere definitieve budget een extra voordeel worden gemeld. Onderstaande tabel geeft inzicht in het aantal bijstandsgerechtigden in de meest recente maanden tot heden. Hier is een daling te zien in het aantal bijstandsgerechtigden. Peildatum 31-12-2020 23-2-2021 30-3-2021 29-4-2021 27-5-2021 29-6-2021 27-7-2021 31-8-2021 28-9-2021 5-10-2021
Totaal aantal personen 3430 3431 3451 3466 3471 3459 3448 3410 3383 3374
Nr
Stuk
33
Pro g
Blz
Tweede 10 70 Voortgangsrapportage 2021
WM
Vraag Bij de toelichting op DZB over de voorgang wordt het volgende opgenomen: 'De intakeperiode duurt echter langer dan voorheen omdat kandidaten meer moeten worden 'aangespoord'.'. Kan worden aangegeven waarom het woord aangespoord tussen aanhalingstekens staat?
D66
Eric Krijgsman
Wat wordt met dit aangespoord bedoeld?
Yvonne van Delft Hoe wordt dit aansporen in de praktijk gedaan door DZB? Wat gebeurd er als iemand niet 'aangespoord' wil worden?
33
Er staan aanhalingstekens om aan te geven dat het niet om de letterlijke betekenis gaat van aansporen. Er wordt bedoeld dat sommige kandidaten gestimuleerd moesten worden om weer naar DZB Leiden te komen om deel te nemen aan een re-integratietraject of activeringstraject. Tijdens de coronaperiode zijn er periodes geweest waarin het niet mogelijk was om werkzoekenden bij DZB Leiden uit te nodigen voor gesprekken of trainingen. Contact verliep veelal telefonisch, via videogesprekken en in een enkel geval heeft een gesprek plaatsgevonden tijdens een wandeling. Vanaf het voorjaar 2021 konden weer gesprekken bij DZB plaatsvinden. Tijdens de contacten die er waren is duidelijk geworden dat veel werkzoekenden in een sociaal isolement waren terecht gekomen. Bij een deel van hen bestond angst en zorg om naar DZB te komen. Bij het opstarten van gesprekken bij DZB Leiden is daar extra tijd en aandacht aan besteed. Voordat mensen werden uitgenodigd werden ze eerst telefonisch benaderd om te bespreken of het mogelijk was om naar DZB Leiden te komen of dat er redenen waren waarom dat (nog) niet zou kunnen (bijv. kwetsbare gezondheid). Ook is uitgelegd welke maatregelen DZB Leiden heeft getroffen om te zorgen voor een veilige setting voor het voeren van gesprekken. Hierdoor duurde de intakeperiode langer dan voorheen.
Wanneer een werkzoekende niet bereid is om naar DZB te komen om in gesprek te gaan over een traject wordt dit met de klantmanager van de afdeling Werk en Inkomen besproken en kan een driegesprek plaatsvinden tussen klantmanager, werkzoekende en de consulent van DZB Leiden.
Nr
Stuk
34
Pro g
Tweede 10 74 Voortgangsrapportage 2021
WM D66 Marleen Damen Yvonne van Delft
34
Blz
Eric Krijgsman
Vraag Er is € 1,35 miljoen ontvangen van het Rijk voor extra re-integratie inspanningen om de nadelige effecten van corona op te vangen. Hiervan wordt 1,3 miljoen niet aan dit doel besteed en wordt teruggestort in de reserve sociaal domein en geoormerkt wordt voor uitgaven voor het social impact team. Blijven deze middelen daarmee volledig beschikbaar voor uitgaven binnen programma 10? Kan de Raad een andere keuze maken dan oormerken voor het sociaal imapct team en bijvoorbeeld (deels) besteden aan andere onderdelen binnen programma 10?
De middelen die geoormerkt zijn voor het social impact team hebben tot doel de nadelige effecten van corona op te vangen, wat in lijn is met de verstrekking van het Rijk. De middelen zullen beschikbaar zijn voor uitgaven binnen de programma’s 7, 9 en 10, binnen het hek van het sociaal domein. Het college kiest ervoor het budget beschikbaar te houden voor de effecten van de coronacrisis, waarbij we ons richten op de sociale en maatschappelijke gevolgen op de middellange termijn. Daarom wordt het budget geoormerkt voor uitgaven vanuit het social impact team, waaronder uitgaven binnen programma 10. De raad kan altijd besluiten om deze corona-middelen anders te besteden. Dit kan voor 2021 via een amendement op (de begrotingswijziging bij) de tweede voortgangsrapportage 2021. Voor 2022 kan dit via een motie of een amendement op de programmabegroting 2022 of eerste begrotingswijziging 2022 waarbij wordt besloten (het college op te roepen) om de in de tweede voortgangsrapportage aan de reserve sociaal domein toegevoegde middelen in 2022 anders te besteden.” Het college stelt wel voor om de middelen te koppelen aan de coronagerelateerde sociale gevolgen, waarvoor het social impact team diverse aanbevelingen gedaan heeft.
Nr
Stuk
35
Pro g
Blz
Tweede 10 74 Voortgangsrapportage 2021
Vraag Er is in totaal € 420.000 ontvangen voor extra schuldhulp als gevolg van corona. Hiervan zal € 350.000 niet aan dit doel besteed worden en wordt dit teruggestort in de reserve sociaal domein en geoormerkt wordt voor uitgaven voor het social impact team.
WM D66
Blijven deze middelen daarmee volledig beschikbaar voor uitgaven binnen programma 10, meer specifiek voor schuldhulpverlening?
Eric Krijgsman
Marleen Damen Kan de Raad een andere keuze maken dan oormerken voor het sociaal impact team en bijvoorbeeld (deels) besteden aan andere onderdelen binnen programma 10?
35
Zie vraag 34. Dit geldt ook voor schuldhulpverlening en ook hierbij heeft de raad de mogelijkheid om een andere keuze te maken. Daarbij houden we rekening met een, mogelijk verlate, stijging van het aantal mensen met schulden mede door de coronasituatie en de hiervoor benodigde capaciteit. We zetten budget in op het versterken van de aanpak Snelle hulp bij geldzorgen.
36
Programmabegroting 2022
BI J
WM D66 Marleen Damen Yvonne van Delft
Eric Krijgsman
13
Bij de voortgangsrapportage worden diverse niet uitgegeven budgetten uit programma 10 bestemd voor het uitvoering geven aan de aanbevelingen van het social impact team. In de programmabegroting staat het uitvoeren van de aanbevelingen van het social impact team expliciet genoemd bij de vooruitblik op pagina 13 en komt het inhoudelijk terug in programma 7 en 9, maar niet in programma 10. Hoeveel budget is voor het uitvoeren van de aanbevelingen van het social impact team? Welke concrete plannen zijn er hiervoor op dit moment? Welke van deze plannen vallen binnen hoofdstuk 10 Werk & Inkomen, welke binnen programma 7 en welke binnen programma 9?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
36
In programma 10 wordt gewezen op de inzet van steun- en herstelpakketten en de diverse effecten van de coronacrisis, deze lijn volgt de aanbevelingen van het social impact team (conform rapportage juni 2021, kenmerk Z/21/3270921), hoewel niet bij name genoemd. Er is in de aanbevelingen onder andere ook ingegaan op inzet op taal, participatie, ondersteuning van huishoudens en ondernemers, vroegsignalering schulden. Momenteel worden de aanbevelingen uitgewerkt, integraal tussen programma 7, 8, 9 en 10. Eind 2021 ontvangt u meer informatie. Een voorbeeld is dat inmiddels een extra opdracht verstrekt is aan BuZz, Incluzio en SOL om met de effecten aan de slag te gaan. Specifiek voor BuZz gaat dit ook om extra huisbezoeken conform de inzet bij programma 10B1. Ook willen we de vroegsignalering Snelle hulp bij geldzorgen versterken, evenals het geven aan een impuls aan de sociale wijkteams. Een tweede voorbeeld is de onderbesteding op de TONK, waarbij waarbij we ook kijken naar wat de oorspronkelijke doelgroep van de TONK, werkenden en ondernemers, aan ondersteuning nodig heeft. Zie over de TONK ook vraag 27. In totaal wordt er middels deze Tweede Voortgangsrapportage 2021 een bedrag van € 3.650.000 gestort in de Reserve Sociaal Domein, geoormerkt deel voor het sociaal impact team.
Via de 4e Technische wijziging 2021 zal aanvullend een bedrag van € 428.000 worden gestort, betreft coronamiddelen die we in 2021 ontvangen hebben voor het begeleiden van kwetsbare groepen en het bestrijden van eenzaamheid onder ouderen. Hiermee komt het totale budget vooralsnog op € 4.078.000. Het is mogelijk dat er bij het samenstellen van de Jaarrekening 2021 via resultaatbestemming nog een extra storting in de Reserve Sociaal Domein wordt voorgesteld, vanuit andere niet bestede coronacompensatiemiddelen. Dat is op dit moment echter nog niet goed in te schatten.
50
Programmabegroting 2022
10 196
Zijn de mensen onderaan de participatieladder, die tijdens de corona crisis uit beeld waren geraakt inmiddels weer in beeld?
WM Groen Links Marleen Damen
Marcel Terlouw
Wat zijn de gevolgen voor deze groep geweest?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
50
Het grootste deel van de oude contacten van BuZz is weer in beeld, een deel heeft momenteel geen behoefte aan stappen maken en een klein deel is nog niet in beeld. Acties die BuZz onderneemt zijn: * In de locaties van BuZz, die weer volop open zijn, ontvangen ze mensen en begeleiden ze ze. * Huisbezoeken: naast de focus op de programmering en het openstellen van nieuwe locaties zijn de huisbezoeken weer opgestart. Hierdoor krijgt BuZz stapsgewijs weer contact met mensen waar ze eerder in contact mee stonden en contact met mensen die ze nog niet kenden. Ook nemen oude bekenden de mensen mee die ze een tijdje niet hebben gesproken. Gevolgen: door lang niet actief te zijn geweest moeten sommige mensen het vertrouwen weer opbouwen en even wennen aan mensen om zich heen en buiten de deur komen. Een ander deel stond juist te springen en is weer volop aanwezig bij activiteiten en ontmoeting. Er is ook een groepje dat ‘bij moet komen’ van alle gebeurtenissen en (nog) geen behoefte heeft om bij BuZz actief te zijn.
51
Programmabegroting 2022
10 196
Vraag
Kan er een overzicht gedeeld worden voor welke groepen de participatiewet niet goed werkt, en wat wordt er gedaan om dit te verbeteren?
WM Groen Links
Marcel Terlouw
Wat zijn de gevolgen voor deze groepen?
Yvonne van Delft
51
Het college beschikt zelf niet over een overzicht waarin staat voor welke groepen de Participatiewet niet goed werkt. In 2019 heeft het Sociaal Cultureel Planbureau uitgebreid onderzoek gedaan naar de doelgroepen in de Landelijke Evaluatie Participatiewet 2019. Binnen de kaders van de Participatiewet beschikken we over uitgebreide participatie- en re-integratievoorzieningen in Leiden. Onze medewerkers zetten zich elke dag in om mensen aan het werk te helpen. Daarnaast steunt het college de oproep richting het Rijk om de Participatiewet op onderdelen aan te passen. Juiste randvoorwaarden vanuit het Rijk zijn nodig. Dit vergt een systeemverandering. Meer informatie over de oproep is te vinden in de VNG Propositie Sociaal Domein (bestaanszekerheid herstellen).
Nr
52
Stuk
Pro g
Programmabegroting 2022
Blz
10 196
Vraag Nu het demissionaire kabinet het onderwerp "breed offensief" controversieel verklaard heeft, wat betekent dat voor de groep mensen met een handicap in Leiden?
WM Groen Links
Marcel Terlouw
Hoe probeert de gemeente deze groep nu wel te helpen?
Yvonne van Delft
52
De Participatiewet en de Wet Banenafspraak zijn nog steeds van toepassing. Beide wetten bieden mogelijkheden voor mensen met een arbeidsbeperking die onverkort worden uitgevoerd. Dit geldt bijvoorbeeld voor het realiseren van garantiebanen (Banenafspraak), beschutte werkplekken en het bieden van jobcoaching. Een deel van de maatregelen in het kader van het Breed offensief wordt of is al van toepassing. Zie hiervoor het antwoord op vraag 28. Daarnaast wordt bij DZB op dit moment extra capaciteit geworven voor bemiddeling en begeleiding van mensen met een arbeidsbeperking naar betaald werk.
53
Programmabegroting 2022
10 196
Hoe verhouden de werkloosheidscijfers van jongeren tot 27 jaar uit Leiden zich tot de landelijke cijfers?
WM Groen Links
Marcel Terlouw
Yvonne van Delft
53
Op de website Waarstaatjegemeente.nl is het mogelijk om de gegevens van Leiden te vergelijken met die van heel Nederland: https://www.waarstaatjegemeente.nl/jive?workspace_guid=b389f485-c9f4-4f69-87b5-d59cef1915ab. Hieruit blijkt dat de jeugdwerkloosheid in Leiden lager ligt dan het gemiddelde in Nederland. Een deel van de verklaring is waarschijnlijk dat een groot deel van de jongeren in Leiden studeert.
Nr
54
Stuk
Pro g
Programmabegroting 2022
Blz
10 199
WM
Vraag wanneer krijgt de raad inzicht in het onderzoek rond het functioneren van het maatwerkbudget? Is dit bij de evaluatie armoede bestrijding?
Groen Links
Marcel Terlouw
Worden er dan voorstellen voor wijziging aan de raad gepresenteerd?
Marleen Damen
54
In november wordt de Raad geïnformeerd over de resultaten van het onderzoek naar het maatwerkbudget met een wethoudersbrief, met daarin ter informatie de rapportages van de onderzoeken en het plan van aanpak om de barrières van het maatwerkbudget te verlagen. Deze stukken zullen niet gelijktijdig met maar vóór de evaluatie van het armoedebeleid verstuurd worden.
55
Programmabegroting 2022
10 199
Wat gaat er gedaan worden om de enerzijds meer werklozen te matchen aan banen waar geen personeel voor te vinden is?
WM Groen Links
Marcel Terlouw
komen of zijn er extra scholingsmogelijkheden?
Yvonne van Delft
55
Om de mismatch te overbruggen lopen er verschillende initiatieven. Hieronder de belangrijkste: Het college werkt met haar partners van Economie071 samen in het stagepact om studenten goed voor te bereiden op de arbeidsmarkt na hun studie. De gemeente als werkgever vervult hierin een voorbeeldrol. Initiatieven in de stad om zij-instromers op te leiden in het onderwijs, de techniek en de zorg en wordt in de horeca personeel on the job opgeleid voor een nieuwe carrière. Veel van deze initiatieven en andere initiatieven om mens en arbeid te koppelen, komen voort uit de samenwerking binnen Economie071, waar de gemeente Leiden partner van is. De gemeente Leiden vervult een actieve rol in de CIV’s (Centrum voor Innovatief Vakmanschap). Dit zijn publiek private
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
samenwerkingsconstructies van onderwijs, bedrijfsleven en overheid. Naast de reeds bestaande CIV’s Welzijn & Zorg en Smart Technologie zal binnenkort ook de CIV Bio Sciences en Levenlang Flex worden ondertekend. Gemeente Leiden heeft zitting in de stuurgroep van de CIV Bio Sciences. Een van de belangrijke speerpunten is een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt en het stimuleren van hybride vormen van onderwijs samen met het bedrijfsleven. Binnen de Economic Board Zuid-Holland wordt samengewerkt aan de human capital agenda waar, vanuit een leven lang ontwikkelen, wordt gewerkt aan het blijvend op orde krijgen van de (kwalitatieve en kwantitatieve) match op de arbeidsmarkt tussen vraag en aanbod van werk. Gemeente Leiden neemt actief deel aan de EBZ en het onderdeel human capital agenda. Gemeente Leiden heeft als centrumgemeente van arbeidsmarktregio Holland Rijnland de regiefunctie in de regionale werkgeversdienstverlening. In de uitvoering is deze functie belegd bij DZB. De regionale werkgeversdienstverlening heeft in het kader van Perspectief op Werk vanaf 2019 een impuls gekregen zodat op regionaal niveau werkgevers beter bediend kunnen worden bij het invullen van vacatures. Door regionaal samen te werken weten gemeenten, UWV, SW-/-re-integratiebedrijven en werkgevers elkaar steeds beter te vinden.
Voor Leidse werkzoekenden komen op die manier meer vacatures in beeld en voor Leidse ondernemers meer werkzoekenden om vacatures in te vullen. In het kader van de crisisdienstverlening (corona) is een regionaal mobiliteitsteam opgezet om, in aanvulling op de reguliere dienstverlening van UWV en gemeenten, mensen te bemiddelen die als gevolg van de coronacrisis hun baan dreigen kwijt te raken of al kwijtgeraakt zijn. Gemeente Leiden neemt ook in het vormgeven van deze crisisdienstverlening de regierol op zich. Mbt scholingsmogelijkheden: scholing wordt ingezet als dit de kans op (betaald) werk vergroot, daarbij wordt maatwerk toegepast. Waar mogelijk worden met werkgevers afspraken gemaakt over baangaranties bij het succesvol afronden van een opleiding. Het huidig budget biedt voldoende mogelijkheden om scholing waar nuttig en nodig in te zetten.
Nr
56
Stuk
Pro g
Programmabegroting 2022
Blz
10 202
Vraag Is het rijksbudget van 281.000 voldoende om de laaggeletterdheid in de regio Holland Rijnland te bestrijden?
WM Groen Links Yvonne van Delft
56
Marcel Terlouw
zo nee, hoeveel is dit te weinig? Hoe wordt aan de middelen gekomen om de ambitie om in 2024 alle laaggeletterden een taal opleiding of cursus aan te bieden waargemaakt?
De decentralisatie-uitkering ad € 134.944,- in 2020 en ad € 147.999,- in 2021 die Holland Rijnland van het rijk ontvangt, wordt ingezet om voorwaarden te scheppen om laaggeletterdheid te bestrijden. De middelen van de decentralisatie-uitkering kunnen de Taalpacten ondersteuning bieden om de actielijnen uitvoerbaar te maken en doelstellingen te realiseren. Omdat het Taalpact Leiden en Leiderdorp onlangs is vastgesteld door het college en de andere regio’s nog bezig zijn met het opstellen van Taalpacten, is het op dit moment lastig te zeggen hoeveel middelen er nodig zijn. Een aanvraag voor een groter project in Leiden zoals Duidelijke Taal van € 108.000,- kon bij de Kaderbrief niet worden gehonoreerd vanwege ontoereikend budget. Voor Leiden en Leiderdorp samen is in 2021 na toepassing van een verdeelsleutel €51.490 beschikbaar. De decentralisatie-uitkering is niet het enige budget dat beschikbaar is om laaggeletterdheid in de regio Holland Rijnland te bestrijden. Voor de scholing van laaggeletterden in Holland Rijnland is de specifieke uitkering voor de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) van circa € 1,5 miljoen per jaar beschikbaar.
Nr
57
Stuk
Pro g
Programmabegroting 2022
Blz
03 62
WM
Vraag - Wat houdt het in dat in 2030 gemeentelijke bouwprojecten 100% circulair uitgevraagd worden? - hoeveel wordt er dan concreet circulair gebouwd?
Groen Links
Marcel Terlouw
- Kan een ontwikkelaar van gemeentelijke bouwprojecten dan nog steeds zeggen dat dat niet lukt?
Yvonne van Delft - Wat worden de acties om werkelijk 100% circulair te bouwen en wanneer is dat? - wat betekent dit voor niet gemeentelijke bouwprojecten, wanneer moeten die 100% circulair worden uitgevoerd?
57
- Wat houdt het in dat in 2030 gemeentelijke bouwprojecten 100% circulair uitgevraagd worden? Dat zijn we momenteel aan het uitwerken qua interne kaders, beginnend bij projecten in de openbare ruimte. Naar verwachting wordt u hier eind dit jaar verder over geïnformeerd. Om een tipje van de sluier op te lichten: 100% circulair uitvragen betekent dat we uitvragen met 100% van de circulaire principes die op dat moment beschikbaar zijn. Ter illustratie, een verharding van 100% secundair materiaal is op dit moment nog niet realistisch maar over een paar jaar wellicht wel. We gaan een norm stellen die op dit moment het hoogst haalbare is in de markt, volgen de ontwikkelingen en passen de kaders daarop aan. Op deze manier blijven we de markt uitdagen met onze uitvragen. - Hoeveel wordt er dan concreet circulair gebouwd? - Kan een ontwikkelaar van gemeentelijke bouwprojecten dan nog steeds zeggen dat dat niet lukt? 100% circulair uitvragen betekent echter niet dat ook 100% circulair gecontracteerd zal worden, ook andere aspecten zoals financiën of planning kunnen een barrière opwerpen. Uiteraard gaan we hierover altijd zoveel mogelijk in overleg, om zo tot de best passende oplossing te komen.
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
- Wat worden de acties om werkelijk 100% circulair te bouwen en wanneer is dat? - Wat betekent dit voor niet gemeentelijke bouwprojecten, wanneer moeten die 100% circulair worden uitgevoerd? De huidige strategie Circulaire Economie richt zich op gemeentelijke uitvragen. Voor niet-gemeentelijke bouwprojecten bestaat nog geen Leids doel. De Rijksoverheid heeft als landelijk doel gesteld om in 2030 50% minder grondstoffen te verbruiken, en in 2050 een economie zonder afval gerealiseerd te hebben. Dit vraagt uiteraard ook veel van marktpartijen. Daarom werken we momenteel samen met marktpartijen, overheden en kennisinstellingen aan inspiratie en invulling zodat we samen de mogelijkheden en sturingsinstrumenten kunnen onderzoeken. In de nieuwe strategie Circulaire Economie zal in worden gegaan op eventuele doelstellingen voor niet-gemeentelijke bouwprojecten.
58
Programmabegroting 2022
03 64
WM Groen Links Yvonne van Delft
Marcel Terlouw
Gaat het college moeite doen om de plastic afval stromen (zowel huishoudelijk als bedrijfsmatig) beter te scheiden (na of voorscheiding) om de kwaliteit van het afval en daarmee het nieuwe product te verbeteren? Wat zijn de acties die ondernomen gaan worden?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
58
Het college is alleen verantwoordelijk voor de inzameling en verwerking van het huishoudelijk afval, waaronder plastic stromen. Een bedrijf is zelf verantwoordelijk voor de inzameling van bedrijfsafval. Bedrijfsafval moet verplicht worden gescheiden conform de regels uit het Activiteitenbesluit Milieubeheer. Voor wat betreft de plasticstroom uit het huishoudelijk restafval heeft de gemeente Leiden een grote slag gemaakt met de keuze voor nascheiding van de stroom PMD (Plastic, Metaal en Drankenkartons). Sinds 1-1-2019 wordt het PMD afval door onze afvalverwerker AVR nagescheiden uit het Leidse huishoudelijk restafval. De AVR rapporteert maandelijks de resultaten. Het scheidingsrendement over augustus 2021 was 58%. M.a.w. dit is het aandeel van plastic en drankenkartons dat wordt gescheiden en beschikbaar komt voor hergebruik. Ter vergelijking, in 2017 was het scheidingspercentage van plastic in Leiden 9%. De installatie wordt nog beter ingeregeld en de verwachting is dat het rendement komende periode verder zal stijgen. Elke Europeaan ‘produceert’ gemiddeld 31 kilo plastic afval per jaar. Volgens de doelstellingen van het Europees Plastics Pact moet in 2025 al het plastic dat we dagelijks gebruiken recyclebaar of herbruikbaar zijn. Het Europees Plastics Pact beschrijft afspraken tussen plasticproducenten, grote bedrijven, overheden en recyclers.
Samen moeten we ervoor zorgen dat we minder plastic gebruiken en meer hergebruiken of recyclen. Ongeveer 10% van het huishoudelijk restafval dat over de band van de nascheidingsinstallatie van onze afvalverwerker gaat, bestaat uit plastics en drankkartons (melkpakken, plastic zakken en plastic flesjes) die worden gescheiden van het overige afval. Daarvoor is de nascheidingsinstallatie uitgerust met vlakzeven, windshifters, ballistische scheiders, een schredder en near-infrarood scanners. De folies, harde kunststoffen en drankkartons worden van het restafval gescheiden en in balen samengeperst. Recyclingbedrijven in Europa verwerken de materialen tot nieuwe producten. Het overgebleven restafval gaat verder via een band naar de afval- en energiecentrale om er energie en grondstoffen van te maken. Door de nieuwe techniek van nascheiding haalt AVR niet alleen méér plastic en drankkartons uit het restafval dan in de oude situatie met bronscheiding, het recyclebare materiaal voldoet aan dezelfde kwaliteitseisen als bij de verwerking van het brongescheiden afval. Wat verder bijdraagt aan een verhoging van het aandeel gerecycled plastic is de landelijke invoering van statiegeld op kleine plastic flesjes.
De gemeente Leiden heeft tenslotte een aantal maatregelen uitgevoerd om het aandeel plastic (zwerf) afval te verminderen door de verplichting tot het gebruik van herbruikbare statiegeldbekers bij evenementen en het uitvoeren van het Afvalpreventieplan 2020-2022 met een focus op de afvalstromen PMD (plastic, metaal en drankenkartons), voedsel, textiel, zwerfafval, papier en karton. We zetten de eerste stappen om ook herbruikbare bekers voor coffee-to-go te introduceren in de stad.
Nr
60
Stuk
Programmabegroting 2022
Pro g
Blz
Vraag
O V G
00
2 Is gemeente leiden in control?
WM REK Leiden Participeert
A. Jitan
Paul Dirkse
60
Het antwoord op deze vraag hangt af van wat men precies onder ‘in control’ verstaat. In Leiden bedoelen we daar het volgende mee: Sinds boekjaar 2011 is in de jaarrekening van de gemeente Leiden een In Control Statement opgenomen. Deze verklaring komt voort uit de afspraak die tussen de gemeenteraad en het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Leiden is gemaakt zoals vastgelegd in artikel 36 lid 3 van de Financiële verordening gemeente Leiden 2020 (ex artikel 212 GW). Per organisatieonderdeel wordt elk jaar een intern In Control Statement afgegeven door de eindverantwoordelijk directeur / manager. Deze interne In Control Statements vormen de basis voor het In Control Statement dat het college afgeeft voor de totale organisatie in de jaarstukken. De reikwijdte van het in controlstatement hebben we in eerdere rapportages als volgt geformuleerd: ‘Leiden is, in het kader van dit in control statement, in control als de organisatie erin slaagt: de administratieve organisatie/ interne beheersing dusdanig in te richten en te laten werken dat de uitvoering van de processen rechtmatig en getrouw worden uitgevoerd, en een lerende organisatie te zijn: de in de lijn zelf of door de Internal Audit Functie geconstateerde fouten en verbeterpunten worden adequaat opgepakt en de voortgang wordt bewaakt.’ De werkzaamheden t.b.v.
dit in control statement betreffen dus niet beoordeling van de effectiviteit (doeltreffendheid) en efficiency (doelmatigheid) van de processen.
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
In het kader van Leiden in control voert de organisatie voor de belangrijkste (financiële) processen op systematische en risicogerichte wijze (verbijzonderde) interne controlewerkzaamheden om de mate van in control per proces vast te kunnen stellen. In control betekent niet foutloos of dat de administratieve organisatie op sommige punten geen verbetering behoeft. Het betekent dat Leiden interne controles uitvoert om die fouten of verbeterpunten zelf te constateren, op te pakken en de voortgang van de verbeteringen te bewaken. Door de risicogerichte aanpak zullen fouten nooit helemaal uitgesloten kunnen worden. Hierbij spelen ook kosten-batenafwegingen een rol. De goedkeurings- en rapporteringstoleranties voor het in control statement zijn dezelfde als welke de externe accountant hanteert voor de jaarrekeningcontrole. Deze zijn vastgelegd in de door de gemeenteraad vastgesteld controleprotocol. Dit houdt in dat een "schoon" In Control Statement wordt afgegeven als de geconstateerde fouten minder zijn dan 1% (€ ca. 5,5 miljoen) van de werkelijke lasten en de onzekerheden minder dan 3% (€ 17,5 miljoen). Over de bevindingen van de interne controles rapporteert de interne accountant twee keer per jaar. Deze rapportages licht de interne accountant ook toe aan de Commissie voor de Rekeningen.
Ook de externe accountant brengt twee rapportages uit, die eveneens worden toegelicht in de commissie. Uit deze rapportages blijkt steeds de mate waarin de gemeente 'in control' is.
64
Programmabegroting 2022
BI J
00
6 Welk bedrag gaat het college bezuinigen in het Sociaal domein?
WM Leiden Participeert
A. Jitan
Marleen Damen
64
In deze begroting worden geen nieuwe voorstellen gedaan om te bezuinigen in het sociaal domein. Er staan weliswaar nog taakstellingen open binnen het hek rond het sociaal domein, echter de verwachting is dat de hervormingsagenda jeugd, en verdere keuzes in een nieuw regeerakkoord ons in staat stellen om de kosten en baten structureel in evenwicht te brengen.
Nr
72
Stuk
Pro g
Programmabegroting 2022
Blz
03 51
WM Partij voor de Dieren
Vraag Past de gemeente wifitracking toe in de openbare ruimte? Zo ja, waar gebeurt dat en waarom? Weten we of wifitracking in de openbare ruimte wordt toegepast door anderen (bijv. ondernemers)? Onder welke voorwaarden is dit toegestaan? Hebben we hier richtlijnen voor?
M. van Schaik
Yvonne van Delft
72
Nee, de gemeente past geen wifitracking toe in de openbare ruimte. We weten niet welke bedrijven gebruik maken van wifitracking. Mochten andere organisaties hier gebruik van maken, is dit gebonden aan de landelijke AVG-wetgeving.
73
Programmabegroting 2022
O H
WM Partij voor de Dieren Paul Dirkse
M. van Schaik
239
Ik meen me te herinneren dat gemeente Leiden groene stroom met GVO (Garantie van Oorsprong) inkoopt. Klopt dat? WISE wees erop dat ook bij groene stroom met GVO nog flinke duurzaamheidswinst te behalen is (zie https://wisenederland.nl/wp-content/uploads/2021/02/Onderzoek-Gemeentes-opGroen.pdf), bijvoorbeeld door te kiezen voor Nederlandse GVO, + PPAs + additionaliteit. Is het mogelijk om als gemeente ook hier nog een extra stap te zetten? Wat zijn de financiële gevolgen als we kiezen voor Nederlandse GVO + PPAs gekoppeld aan additionaliteit?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
73
De gemeente Leiden koopt haar energie, elektriciteit en aardgas, met de regio gezamenlijk in. Dit Collectief Leiden e.o. bestaat uit de gemeenten Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest, Voorschoten, Wassenaar, Zoeterwoude en het Servicepunt71. De huidige leveringsovereenkomsten met Eneco lopen vanaf 1 januari 2019 en zijn verlengd tot en met 31 december 2024. Elektriciteit en aardgas zijn als volgt verduurzaamd: het elektriciteitsverbruik wordt voor 100% verduurzaamd middels CertiQ gecertificeerde Garanties van Oorsprong Nederlandse Wind. het aardgasverbruik wordt voor 100% verduurzaamd middels Vertogas gecertificeerde Garanties van Oorsprong Groen Gas. Dit zijn GvO’s met NTA 8080 certificering, welke een garantie van de duurzame herkomst bieden. Op 21 april heeft het regionaal bestuurlijk overleg warmte plaats gevonden waarbij de energie inkoop van het Collectief Leiden e.o. is besproken. Hierbij waren alle betrokken wethouders aanwezig van de deelnemende gemeenten. Tijdens het overleg hebben alle gemeenten hun akkoord gegeven op: het gebruik maken van de tweede verlengingsoptie van twee jaar, te weten tot en met 31 december 2024; dit betreft de verlenging van de levering van elektriciteit en gas door Eneco inclusief GvO’s Nederlandse wind en GvO’s groen gas.
het “on hold” zetten van een nieuwe aanbesteding (met additionaliteit) totdat er meer beleidsmatige beslissingen bekend zijn. Hiermee o.a. rekening houdend met de uitkomsten uit de RES (regionale energiestrategie). het maken van een Plan van Aanpak t.b.v. het vervolgtraject. Inclusief eventueel het opstellen van een nieuw en actueel visiedocument. Dit betreft o.a. een marktverkenning van welke vormen van vergroening en inkoop voor energie er nu beschikbaar zijn. In dit visiedocument worden een aantal scenario’s beschreven, welke allemaal een financieel effect hebben. Mogelijkheden extra duurzaamheidswinst WISE wijst erop dat ook bij groene stroom met GvO’s nog flinke duurzaamheidswinst te behalen is. Zij benoemen met name de combinatie van Nederlandse GvO’s met PPA’s en additionaliteit. Hiermee doelt WISE er niet op dat de gemeente zelf PPA’s (Power Purchase Agreement) moeten aangaan, maar dat de gemeente in haar uitvraag rekening houdt met waar de GvO’s vandaan komen.
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
Een PPA is de overeenkomst die de producent van duurzame elektriciteit aangaat met de afnemer van de opgewekte elektriciteit en de bijbehorende GvO’s. Deze afnemers zijn vaak de energieleveranciers die vervolgens de elektriciteit en de GvO’s al dan niet apart aan eindgebruikers zoals gemeenten verkopen. WISE is van mening dat gemeenten GvO’s moet inkopen bij een leverancier die tevens de elektriciteit heeft ingekocht; oftewel de leverancier die met de producent een PPA is aangegaan. Door de juiste eisen te stellen in een aanbesteding aan de te leveren GvO’s, onder andere dat de leverancier een PPA moet hebben van bijbehorende GvO’s, draagt een gemeente dan middels de inkoop van elektriciteit maximaal bij aan de energietransitie. Momenteel zijn de kosten voor deze GvO’s beperkt hoger dan reguliere GvO’s. Verder is dit afhankelijk van de type aanbesteding en het moment. Daarnaast noemt WISE de term additionaliteit. Additionaliteit betekent dat de GvO’s die de gemeente geleverd krijgt van “nieuwe” duurzame opwek installaties (zonneparken, windmolens, etc.) afkomstig zijn. Daarmee kan de gemeente claimen dat de inkoop van duurzame energie bijdraagt aan de ontwikkeling van dat specifieke zonne- of windpark. Ook hierbij geldt dat de juiste eisen opgenomen moeten worden in de aanbesteding om additionele GvO’s geleverd te kunnen krijgen.
Momenteel zijn ook de kosten voor deze GvO’s beperkt hoger dan reguliere GvO’s. Dit is ook afhankelijk van de type aanbesteding en het moment. Zoals gezegd koopt het Collectief Leiden e.o. al volledig duurzaam in voor elektriciteit en aardgas. Door het gasverbruik ook volledig te verduurzamen met groen gas GvO’s koopt het Collectief Leiden e.o. ruim bovengemiddeld duurzaam in. Marktontwikkeling De focus op additionaliteit is enige jaren aanwezig, waarbij het uitgangspunt altijd is geweest om met de energie inkoop van de gemeente bij te dragen de ontwikkeling van nieuwe duurzame opwek. Aansluitend is de focus gericht op lokale of regionale duurzame opwek en initiatieven zoals energie coöperaties. Recenter is de ontwikkeling waarbij een gemeente een actieve rol neemt in het koppelen van regionale duurzame opwekprojecten, burgerinitiatieven en de inkoop van duurzame energie. Dit model heet in de markt zelflevering en is een stap richting gemeentelijke of regionale
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
energie bedrijven. Vervolgtraject Het Collectief Leiden e.o. heeft zich, zoals geschreven, gecommitteerd aan het maken van een Plan van Aanpak voor het vervolgtraject, de nieuwe aanbesteding voor 2025 e.v. Het doel van de gemeenten is om zoveel mogelijk aan te sluiten bij het Beleid wat hiervoor beschikbaar is, het Energieakkoord Holland Rijnland, de 2050 doelstellingen vanuit het Klimaatakkoord, de uitkomsten van de RES, etc. Bovendien willen de gemeenten een voorbeeldfunctie bekleden. Additionaliteit (nieuwe opwek) en regionaliteit zijn aandachtspunten bij de specificatie van duurzaamheid bij deze aanbesteding.
74
Programmabegroting 2022
03 257
WM Partij voor de Dieren Paul Dirkse
M. van Schaik
Waarom subsidiëren wij de ondernemersvereniging LBSP met 237.368 euro? Is dit een nieuwe subsidie of wordt die al langer verstrekt? Kunnen ondernemingen dat zelf niet opbrengen? Wat gebeurt er als we de subsidie voortaan niet meer verlenen?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
74
Wij subsidiëren niet de ondernemersvereniging LBSP maar de Stichting LBSP. Deze stichting is een triple helix organisatie waar partners uit onderwijs/onderzoek, ondernemers en overheden met elkaar samenwerken. De founding partners zijn: Universiteit Leiden, LUMC, Ondernemersvereniging BSP, Janssen, gemeenten Oegstgeest en Leiden. De gemeente Leiden verstrekt al jaren een subsidie voor deze samenwerking. Eerst via de Foundation LBSP. Later werd dit ondergebracht bij de Ondernemersvereniging LBSP en vanaf 2020 is de stichting LBSP opgericht. Als de gemeente Leiden de subsidie niet meer zou verstrekken, is de verwachting dat de stichting moet inkrimpen of ophoudt te bestaan. Dit vermindert de samenwerking op het park en heeft een minder voorspoedige groei als gevolg. De Stichting LBSP verricht taken volgens de vier programmalijnen: Profilering, Programmering, Positionering/Governance en Gebiedsontwikkeling. De stichting LBSP, partners en wij zijn via deze vier lijnen bezig om het Leiden Bio Science Park te transformeren in een innovatiedistrict.
Nr
75
Stuk
Pro g
Programmabegroting 2022
WM Partij voor de Dieren Yvonne van Delft
L. Raat
Blz
03 0
Vraag In het raadsvoorstel Afdoen moties 2021 II wordt wordt motie 3 bij RV 18.0121 "Ontmoedigingsbeleid verkoop levende kreeften en krabben" afgedaan. Het college heeft de de vishandelaren en -verkopers uitgenodigd voor een gesprek, op dit gesprek dat op 15 juli 2019 heeft plaatsgevonden is slechts een marktkoopman afgekomen. 1) Waarom wordt deze motie nu pas afgedaan als het gesprek ruim twee jaar geleden al heeft plaatsgevonden. 2) Zijn er aantekeningen gemaakt van het gesprek dat op 15 juli 2019 heeft plaatsgevonden? Zo ja, kunt u die aan ons toesturen? 3) In Utrecht heeft ook een gesprek plaatsgevonden tussen de wethouder en verkopers van levende kreeften en krabben. Als resultaat daarvan zijn een groot aantal ondernemers gestopt met de verkoop van levende kreeften en krabben, zie ook https://utrechtgemeente.partijvoordedieren.nl/nieuws/utrechtse-ondernemers-stoppen-metverkoop-levende-kreeften-krabben-en-vissen-voor-consumptie. Kunt u verklaren waarom dat hier in Leiden niet is gelukt? 4) In 2019 was het college van mening dat een verbod op de verkoop van levende kreeften en krabben op de markt niet mogelijk was, omdat een dergelijk verbod alleen door de Rijksoverheid kan worden ingesteld.
Is dit nog steeds de mening van het college nu de verkoop van levende kreeften en krabben op alle markten in Amsterdam per 2022 verboden middels een bepaling in de Marktverordening in Amsterdam?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
75
Vraag 1: de motie was nog niet officieel afgedaan. Bij de behandeling van de jaarstukken 2020 / eerste voortgangsrapportage 2021 en Kaderbrief 2021-2025 is aangekondigd de motie alsnog te zullen afdoen. Daaraan is onlangs gevolg gegeven. Vraag 2: er is geen verslag van het gesprek dat met de ondernemer heeft plaatsgevonden. Vraag 3: allereerst bleek de opkomst teleurstellend. Slechts één ondernemer is het gesprek met de gemeente aangegaan. Er bleek ook tijdens dit gesprek geen draagvlak voor het niet meer verhandelen van levende kreeften en krabben. Vraag 4: De gemeente Amsterdam heeft in haar marktverordening opgenomen dat het college de handel van bepaalde waren op de markt kan verbieden (artikel 3.2. Verbodsbepaling waren verhandelen). Op grond daarvan heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een conceptbesluit genomen wat thans voor inspraak ligt en beoogd is om 2022 in te gaan. Het Amsterdamse verbod is dus nog niet in werking. De Leidse Verordening fysieke leefomgeving kent nu niet een bepaling die het college de mogelijkheid geeft om de handel van bepaalde waren op de markt te verbieden. Het Amsterdamse verbod is inhoudelijke gestoeld op de nieuwe Wet dieren die op 1 juli van dit jaar in werking is getreden. In die wet ziet het college van Amsterdam aanknopingspunten voor dit verbod.
Zij is daarin landelijk tot nu toe de enige, verder heeft de branchevereniging van de ambulante handel (CVAH) al aangegeven tegen dit besluit in bezwaar te komen omdat zij de Amsterdamse lezing van de wet niet delen. Daarom en omdat het naar de mening van het college nog steeds een economische activiteit betreft die landelijk is toegestaan acht het college het voor dit moment wijs om af te wachten hoe het verbod in Amsterdam uitwerkt en op basis daarvan te bepalen of het opportuun is om de raad een voorstel van deze strekking te doen.
76
Programmabegroting 2022
WM Partij voor de Dieren Yvonne van Delft
L. Raat
03 62
De gemeente heeft als doelstelling om in 2050 een volledig circulaire economie te hebben gerealiseerd. Kunt u aangeven waarom sommige 'open deuren' op dit gebied niet worden aangepakt? Zoals bijvoorbeeld de wegwerpbekertjes in Level? De wegwerpbekertjes staan op het aanrecht, de mokken en glazen in de lades onder het aanrecht? Waarom kiest de gemeente er voor om in 2021 nog wegwerpbekertjes te gebruiken in haar panden?
Nr
Stuk
Pro g
76
De transitie naar een circulaire economie vergt grote veranderingen in de hele keten, ook van leveranciers, logistiek en gedrag van de gebruiker. Dat geldt ook voor de koffie in de gemeentekantoren. Hiervoor zijn we momenteel bezig om te onderzoeken welk soort herbruikbare beker we zouden kunnen gebruiken in plaats van de wegwerpvariant waar het huidige contract nog op gebaseerd is.
95
Programmabegroting 2022
A D
Blz
213
Vraag
De precariobelasting voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond komt per 2022 te vervallen. Het voordeel komt ten goede van de Leidse burger, met een gemiddelde verlaging van de energie- en waterrekening van 80 euro per huishouden.
WM PvdA Paul Dirkse
Tiny Klever
1. Hoe komt het college tot dit bedrag van 80 euro? 2. Is dit een eenmalige korting, alleen geldend in 2022? 3. Netbeheerders (of in ieder geval Alliander, zie hun recente vraag om meer investeringen) hebben veel geld nodig om de overgang naar een meer duurzame energie verstrekking te maken. Hoe gaat het college er voor zorgen dat dit bedrag ook daadwerkelijk bij de burger terecht komt?
Nr
Stuk
95
Vraag 1
Pro g
Blz
Vraag
Het bedrag is opgebouwd uit €32,48 op de rekening van drinkwaterbedrijf Dunea en bij benadering €50 op de rekening van netbeheerder Liander. In 2018 gingen we nog uit van een vrijval van €55 euro op de rekening van Liander. Een aantal gemeenten is al gestopt met heffen van precario. Daardoor is het gemiddelde bedrag per aansluiting bij Liander in 2021 iets gedaald. Vraag 2 Nee, dit is een structurele vrijval op de energierekening. Vraag 3 Dit is geborgd in het wettelijk kader waarbinnen de netbeheerders en drinkwaterbedrijven moeten werken. Dunea mag de gemeentelijke precario doorrekenen aan de klanten in die zelfde gemeente en is dus afzonderlijk zichtbaar op de waterrekening. De netbeheerders van energienetwerken moeten het totaal van de precariobelasting omslaan over alle klanten in het verzorgingsgebied. Ook die klanten waarvan de gemeente geen precario heft.
98
Programmabegroting 2022
WM PvdA Paul Dirkse
Tiny Klever
A D
212
De eigenaar/gebruiker van een onroerende zaak is op 1 januari van enig jaar belastingplichtig voor het hele jaar. Is dit een wettelijke verplichting of hebben wij dit lokaal zo afgesproken? Als we dit lokaal besloten hebben, wat is de redenering hierachter?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
98
Dit volgt uit Artikel 220 Gemeentewet waarin is vastgelegd dat de belasting wordt geheven van eigenaren / gebruikers "bij het begin van het kalenderjaar".
102 Tweede 03 21 Voortgangsrapportage 2021 WM PvdA Yvonne van Delft
Tiny Klever
Vraag
Zijn er al resultaten bekend van de online stagebeurs die in september gehouden is? Hetzelfde geldt voor de stagejager; er wordt gezegd dat die goede resultaten boekt. Wat zijn die resultaten? Zijn er meer leerwerkbedrijven, is het aantal stages uitgebreid, zijn er meer stagiaires geplaatst?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
10 2
Op 2 september is de online (vanwege corona) stagebeurs gehouden. Voor de stagebeurs hebben ruim 80 bedrijven 605 stageplekken aangemeld. De beurs zelf verliep wat stroef. Uit de evaluatie met bedrijven komt dan ook naar voren dat het initiatief van de beurs wordt gewaardeerd, maar dat de methodiek niet goed heeft gewerkt. De bij de stagebeurs aangemelde plekken zijn voor mboRijnland echter zeer waardevolle leads. Hier wordt dan ook volop in geïnvesteerd. Dit hebben zij gedaan door alle bedrijven persoonlijk na te bellen en afspraken te maken over een vervolg. Dat wil zeggen: stages nu nog ingevuld krijgen of benutten bij de volgende stageperiode. Uit de tot nu toe gevoerde gesprekken met de bedrijven blijkt dat deze nazorg wordt gewaardeerd. De nazorg van deze beurs loopt nog steeds vanwege dat een aantal studenten en bedrijven nog in gesprek zijn. Ondertussen zijn we gelukkig ten opzichte van de start van het Stagepact071 in ander economisch vaarwater terecht gekomen voor wat betreft de stagetekorten. Door de opstart van de economie zijn er veel stageplaatsen. Geen enkele student hoeft zonder een stage- of leerwerkplek te zitten. Het gaat nog wel steeds om het maken van de juiste match.
Oude tekort-sectoren (onderwijs, zorg en techniek) hebben echter nog steeds een tekort en een aantal studenten (met name vanuit de opleiding entree en servicemedewerker) is lastiger te plaatsen. Vanuit mboRijnland is hier extra aandacht en begeleiding voor. De Stagejager heeft de opdracht meegekregen passende stageplekken te werven en zo de samenwerking tussen onderwijs overheid en ondernemers te versterken: Het ontzorgen van bedrijven Verbinden bedrijven, school, SBB en andere relevante partners Doet voorlichting en denkt creatief mee Volgt leads op en genereert ze in praktijkplekken Vertaalt de behoefte van bedrijven De stagejager heeft tot nu toe met circa 85 bedrijven contact gehad. Ook was de stagejager betrokken bij de nazorg van de stagebeurs. Verder is zij in gesprek met mboRijnland hoe zij hun proces om een goede match te krijgen tussen een student en een stageplek kunnen verbeteren. Het opbouwen van een duurzaam relatienetwerk is voor mbo Rijnland hierin erg belangrijk. De stagejager helpt hierbij.
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
103 Tweede O Voortgangsrapportage 2021 H
86
Van de taakstelling VRIS is nog niet bekend of en in welke mate deze kan worden ingevuld. Wanneer is dit wel bekend?
WM PvdA
Tiny Klever
Paul Dirkse
10 3
De precieze invulling van deze taakstelling wordt meegenomen bij de realisatie van het nieuwe samenwerkingsmodel voor SP71. Naar verwachting is dit in de loop van 2022.
116 Programmabegroting 2022
08 169
WM D66 Yvonne van Delft
S.V. Herman
Wat zijn de gemiddelde kosten en opbrengsten per dag van de Lakenhal? Dus wat kost 1 dag openstelling van het museum?
Nr
Stuk
Pro g
Blz
Vraag
11 6
Wanneer de kosten en opbrengsen in euro uitgedrukt worden, zijn deze onderdeel van prestatie 8A.1.8 in hoofdstuk 5.2 blz. 335. Deze cijfers zien deels op de exploitatie van het museum en deels op het vastgoed. De kosten van het museum zijn € 3.023.654 (lasten € 3,9 mln, baten € 0,9 mln). Gevraagd wordt de begroting niet per jaar, maar per dag te presenteren. 2022 kent 365 dagen. Per dag is dit € 8.284 (lasten € 10.752, baten € 2.468). De openstelling is gedurende iets meer dan zes dagen per jaar (ook maandagen open voor bijvoorbeeld de viering van 3 October, en prikkelarme openingen). Per openstellingsdag zijn de totale lasten van het geheel van activiteiten van het museum € 12.420, de baten € 2.851, per saldo dus € 9.569. Daar waar het grootste deel van de inkomsten direct uit de openstelling worden gegenereerd, zijn de directe kosten van openstelling lager. Het grootste deel van de kosten houdt eerder verband met het beheer, behoud en onderzoek van en naar de Leidse collectie en het gebouw.