CConstaterende datKrimpen Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel en besluit Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen regio Rotterdam GETEKEND

Gemeenteraad 1 december 2022, gemeente Krimpen Ad Ijssel2.560 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Datum collegevergadering: Datum raadsvergadering: Portefeuillehouder; Behandelend team: Zaaknummer:

11 oktober 2022 24 november 2022 H. van der Wal Beleid Sociaal Domein 9628

Onderwerp Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen regio Rotterdam Gevraagd raadsbesluit: Geen zienswijze in te dienen over het concept van de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen regio Rotterdam en de bijbehorende artikelsgewijze toelichting. Aanleiding Gemeenten zijn vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) sinds 2015 verantwoordelijk voor Beschermd wonen (BW) en al langer voor Maatschappelijke Opvang (MO). Beschermd wonen is wonen in een accommodatie van een zorgaanbieder met daarbij behorend toezicht en begeleiding. Deze woonvorm is bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die (nog) niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Maatschappelijke Opvang betreft het bieden van tijdelijk verblijf aan mensen zonder dak boven hun hoofd, gekoppeld aan zorg en begeleiding en/of het verhelpen van een crisis. In het centrumgemeentegebied Rotterdam werken zeven gemeenten vanuit een gezamenlijk kader aan de invulling van deze verantwoordelijkheid: Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Ridderkerk en Rotterdam. De samenwerkende gemeenten hebben hiertoe vanaf 2015 een bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst afgesloten. Vanaf 2018 geldt het gezamenlijk regionaal beleidsplan 2018 - 2020 als kader voor de samenwerking.

Dit regionaal beleidsplan werd op 27 oktober 2020 verlengd met een jaar. De zeven gemeenten hebben ervoor gekozen die lokale verantwoordelijkheid gezamenlijk in te vullen en voort te bouwen op de samenwerking die sinds 2015 is ontstaan. Daarom wordt vanaf 2022 gewerkt met een Regionaal Beleidsplan BW en MO 2022-2026. Landelijke doordecentralisatie De landelijk beoogde doordecentralisatie van beschermd wonen moet ertoe leiden dat iedere gemeente meer verantwoordelijkheid neemt in de uitvoering van beschermd wonen. De wetgever wil de verantwoordelijkheid van beschermd wonen doordecentraliseren. Vanaf 2020 zijn de voorbereidingen hiervoor gestart. Elke gemeente krijgt de verantwoordelijkheid en de financiële middelen om beschermd wonen te realiseren. De wetgever wil daarbij regionale samenwerking verplichten. De Gemeenschappelijke Regeling (GR) zorgt ervoor dat we goede afspraken maken over de uitvoering van beschermd wonen binnen de regio Rotterdam en de bijbehorende financiën. Met het aangaan van de GR Beschermd Wonen Regio Rotterdam willen wij de bestaande regionale samenwerking bestendigen en formaliseren. Om daarmee te zorgen voor een kwalitatief goede en efficiënte uitvoering van de gemeentelijke taken. En om invulling te geven aan de wettelijke verplichting tot regionale samenwerking.

1 van 7

Het belangrijkste doel van de decentralisatie is om mensen zoveel mogelijk in hun eigen omgeving, in nabijheid van hun eigen sociale netwerk, te begeleiden en te ondersteunen. Op deze manier blijven mensen meedoen aan de samenleving, hetgeen herstel kan bevorderen. BW ontwikkelt zich steeds meer tot ‘beschermd thuis’ (zo zelfstandig mogelijk wonen met begeleiding). De maatschappelijke opvang voor dak- en thuislozen is tot 2025 geen onderdeel van de doordecentralisatie en blijft een integrale kerntaak van de centrumgemeente Rotterdam. Het Rijk en de VNG hebben afspraken gemaakt over de manier waarop de transitie in BW de komende jaren tot stand moet komen: • •

•

•

Gemeenten zijn verplicht om regionaal samen te werken. De centrumgemeenten blijven verantwoordelijk voor bestaande cliënten. De nieuwe cliënten vallen met ingang van 2023 onder de verantwoordelijkheid van de gemeente waar zij vandaan komen (de Krimpenaar die gaat wonen op een BW-locatie in Rotterdam, valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeente Krimpen aan den Ussel, maar de uitvoering vindt plaats door de gemeente Rotterdam). In een nieuw verdeelmodel worden de middelen verdeeld over alle gemeenten in plaats van alleen de centrumgemeenten. Dit gebeurt op basis van objectieve criteria in plaats van op de historisch gegroeide verdeling. De uitkomsten hiervan zijn nog niet definitief bekend. Er komt een gefaseerde invoering van het objectief verdeelmodel voor BW in 10 jaar, gerekend met ingang van 2024 (2023 is een overgangsjaar). De middelen voor de maatschappelijke opvang worden (vooralsnog) niet doorgedecentraliseerd, maar blijven bij centrumgemeente Rotterdam.

Regionaal Beleidsplan BW en MO 2022-2026 Met onder andere het oog op de doordecentralisatie is een nieuw beleidsplan van kracht gegaan per januari 2022. Op 27 januari 2022 heeft de gemeenteraad het nieuwe gezamenlijke beleidsplan beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2022-2026 vastgesteld. In dit beleidsplan staat het voornemen een gemeenschappelijke regeling (hierna; GR) te treffen. De zeven gemeenten hebben intensief samengewerkt bij het opstellen van de voorliggende concept GR. Hierover is overeenstemming bereikt in het bestuurlijk overleg van 18 mei 2022. Op 5 en 7 oktober 2022 vinden er webinars voor raadsleden plaats over de concept GR. De intentie is om met de zeven gemeenten met wie we al samenwerkten de samenwerking voort te zetten en dit juridisch goed te borgen middels een gemeenschappelijke regeling. Van mandaat naar gemeenschappelijke regeling De aanleiding van dit voorstel is het initiatief van zeven samenwerkende gemeenten om een gemeenschappelijke regeling te treffen, waarin we de samenwerking juridisch vastleggen en waarin de uitvoering van de Wmo-maatwerkvoorziening beschermd wonen wordt belegd bij gemeente Rotterdam. Op dit moment voert de gemeente Rotterdam, op basis van een mandaat, reeds beschermd wonen uit voor de zeven gemeenten.

Gemeente Rotterdam en de overige 42 centrumgemeenten in Nederland, krijgen momenteel voor deze uitvoering bekostiging van het Rijk. Dat zal straks via de deelnemende gemeenten verlopen. Vorm gemeenschappelijke regeling Het is nodig om deze samenwerking (publiekrechtelijk en niet-vrijblijvend) vast te leggen omdat beschermd wonen een eigen gemeentelijke taak betreft én omdat vanaf 2024 de financiële verantwoordelijkheid en geldstroom vanuit het rijk verschuift van de centrumgemeente naar alle individuele gemeenten. Omdat het om afspraken gaat tussen gemeenten en het gaat om de uitvoering van een publieke taak is het logisch om het in een

2 van 7

gemeenschappelijke regeling vorm te geven. Daarmee is het ‘zwaarder’ dan een ondertekend convenant. Een dienstverlenings-overeenkomst past niet goed bij de vormgeving van een intergemeentelijke samenwerking en veronderstelt een opdrachtgeveropdrachtnemer relatie (in de privaatrechtelijke sfeer) en doet geen recht aan de wijze waarop er ambtelijk en bestuurlijk wordt samengewerkt. Centrumregeling Een centrumregeling is een GR waarbij een bestuursorgaan (college of raad) van een gemeente bevoegdheden mandateert aan een bestuursorgaan - of personen werkzaam bij een andere gemeente. Deze mogelijkheid wordt geboden in artikel 8, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regeling (hierna; Wgr). De regeling heeft geen rechtspersoonlijkheid. Er wordt geen openbaar lichaam, gemeenschappelijk orgaan of bedrijfsvoeringsorganisatie ingesteld. Tevens heeft de centrumregeling geen bestuur. De continuïteit van de GR zal moeten worden gewaarborgd middels bestuurlijk en ambtelijk overleg. Daarmee is de centrumregeling de 'lichtste’ vorm van een GR. Collegeregeling Het verstrekken van beschermd wonen is een wettelijke taak van het college (artikel 1.2.1 aanhef en onderdeel b Wmo 2015). Hierdoor is het college het aangewezen orgaan van de gemeente om een GR op het gebied van beschermd wonen in te stellen. De centrumregeling is in dit geval dus ook een collegeregeling.

Instemming van de gemeenteraad is niet nodig. Wel moet voor het treffen van de GR de gemeenteraad toestemming verlenen, aldus artikel 1 lid 4 Wgr. Deze toestemming is ook nodig bij wijziging van de GR of bij het toe- of uittreden uit de GR. De gemeenteraad kan toestemming slechts onthouden wegens strijdigheid met het recht of het algemeen belang. Conform afspraak in het Bestuurlijk overleg is deze GR een zogenaamde centrumregeling. Dit is de lichtste vorm van een GR. Dat betekent dat deze GR geen eigen rechtspersoonlijkheid heeft, geen bevoegdheden krijgt, geen personeel in dienst heeft en geen eigen middelen heeft en geen eigenstandige begroting of jaarrekening voert. Het is daarmee een geheel andere GR dan bijvoorbeeld de 'zware’ GR jeugdhulp Rijnmond. In de GR maken we procesafspraken over verstrekkingen, uitvoering, het maken van beleid, de noodzakelijke regelgeving in de gemeentelijke verordeningen, contracten, contractmanagement, monitoring en de financiering. Deze GR kan geen zelfstandige besluiten nemen. Wel zal het Bestuurlijk overleg, zijnde de betreffende portefeuillehouders van de regiogemeenten, advies geven aan de deelnemende gemeenten om een collegebesluit te nemen. Er moet dus altijd een collegebesluit, en soms daarna een raadsbesluit, genomen worden om iets vast te leggen.

Denk hierbij aan het vaststellen van een regionaal budget, een uitvoeringsplan, het beleidsplan of een verordening. Dit geldt niet voor de taken die in de GR worden gemandateerd (zoals het verstrekken van de individuele maatwerkvoorziening beschermd wonen). Doordat ook bij een lichte GR de instemming van de gemeenteraden vereist is, wordt tevens de noodzakelijke democratische legitimiteit gerealiseerd. De GR publiceren we conform de vereisten aan gemeentelijke regelgeving waarmee we voldoen aan vereisten van transparantie en kenbaarheid voor inwoners.

3 van 7

Gemeenten verantwoordelijk voor Beschermd Wonen Bestuurlijke samenwerkings­ overeenkomst

2018 Gezamenlijk beleidsplan met Rotterdam en gemeenten die onder Rotterdam vallen m.b.t. BW

2021 Verlenging met Ijaar beleidsplan 2018-2020

Vaststellen nieuw beleidsplan 2022-2026

2022

2023

Doordecentralisatie BW

Start samenwerking volgens gemeenschappelijke regeling

Start nieuw beleidsplan BW en MO

Financiële herverdeling middelen BW (niet MO) start ingroeipad (10 jaar).

Impact voor Krimpen aan den IJssel In het algemeen is de impact voor cliënten klein en zijn er dan ook weinig gevolgen. Cliënten die al beschermd wonen blijven dat doen en op dezelfde plek. Ook een cliënt die is/wordt herindiceerd voor de Wet langdurige zorg blijft op dezelfde plek wonen. Omdat het de bedoeling is dat cliënten zoveel mogelijk zelfstandig gaan wonen en we dit willen faciliteren, kan verwacht worden dat meer cliënten eerder (meer) zelfstandig gaan wonen. Dit gebeurt uiteraard alleen voor zover cliënten hier aan toe zijn. Aangezien de uitvoering bij Rotterdam blijft, verandert er ook voor aanvragers weinig tot niets. Tevens bestendigen we de samenwerking en zorgen met elkaar voor voldoende en kwalitatief goed aanbod van beschermd wonen. De daadwerkelijke wijze van samenwerking verandert nauwelijks waardoor inwoners weinig zullen merken van het inwerking treden van de GR. Zij blijven wonen in een woning van hun aanbieder en kunnen via de bij hen bekende wegen aankloppen bij de gemeente. Continuïteit voor deze kwetsbare doelgroep is belangrijk. Door de samenwerking te continueren blijven we gebruik maken van de expertise van de gemeente Rotterdam met betrekking tot de uitvoering. Zij hebben te maken met grote volumes waardoor kennis en kunde daar aanwezig is.

De taken die horen bij de uitvoering van beschermd wonen zijn intake, onderzoek, indicatiestelling, maar ook de inkoop en contractmanagement. Iedere gemeente is zelf eindverantwoordelijk, maar de middels de GR beleggen we de uitvoering bij Rotterdam. Dit is een continuering van de huidige situatie.

Argumenten 1.1. Uw raad heeft het recht een zienswijze in te dienen De Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) is per 1 juli 2022 gewijzigd. De wijziging geeft gemeenteraden de mogelijkheid om een zienswijze te geven bij het treffen, toetreden, wijzigen en uittreden van een regeling. Hiervoor geldt een termijn van acht weken. Indien uw raad geen zienswijze wil inbrengen, dient u dit zo snel als mogelijk aan het college mede te delen. 2.1. We borgen de kwaliteit van het aanbod beschermd wonen We hebben in Krimpen aan den IJssel te maken met een relatief klein aantal inwoners dat beschermd woont. Samenwerking in de regio en uitvoering beleggen bij de gemeente Rotterdam is daarom een logische conclusie. De huidige samenwerking verloopt goed waardoor we het wenselijk vinden om met de huidige regiogemeenten in de toekomst samen te werken. Door expertise te bundelen kunnen we in de regio en daarmee voor Krimpen aan den IJssel zorgen dat het aanbod beschermd wonen aansluit bij de behoefte van de inwoners en we kwalitatief goede aanbieders aan ons binden. Het schetsen van duidelijke kaders in een gemeenschappelijke regeling is noodzakelijk voor een goede samenwerking.

4 van 7

2.2. Het Rijk en de VNG verplichten gemeenten tot een samenwerking betreffende Beschermd Wonen Op 26 juni 2020 stemden gemeenten in VNG-verband in met de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO) voor beschermd wonen. De NvO geeft richting aan de samenwerking tussen gemeenten bij het organiseren en inkopen van beschermd wonen. Gemeenten worden hiermee verplicht om samen te werken in een regio. Binnen de huidige regio werkt de samenwerking goed. Het is daarom logisch om in dit verband de samenwerking voort te zetten. Sluit Krimpen aan den IJssel niet bij de regio Rotterdam als samenwerkingsgebied dan zal het moeten kijken naar andere samenwerkende gemeentes. Als zelfstandige gemeente beschermd wonen uitvoeren is niet mogelijk.

Kanttekeningen 1.1. Zienswijzen dienen afgestemd te worden met de regiogemeenten Wanneer uw raad of andere raden van de regiogemeenten een zienswijze indienen, kan het zijn dat de zienswijzen besproken dienen te worden in het bestuurlijk overleg beschermd wonen en de GR aanpassingen behoeft. Dit kan leiden tot een latere inwerkingtreding van de GR dan de beoogde start op 1 januari 2023. 2.1. Een gemeenschappelijke regeling beperkt ons in flexibiliteit omtrent Beschermd Wonen Door samen te werken binnen een gemeenschappelijke regeling met 7 gemeenten zijn we minder flexibel in het maken van lokale keuzes. We zullen met 7 gemeenten moeten zorgen voor een gezamenlijke besluitvorming. Echter, afgelopen jaren is gebleken dat de regio gemeentes goed op één lijn zitten en samenwerking belangrijk gevonden wordt. Doordat we te maken hebben met een ‘lichte’ GR blijven de individuele gemeenten wel beslissingsbevoegd bij keuzes rondom beschermd wonen. 2.2. De gemeenschappelijke regeling hoeft nog niet per 1 Januari 2023 in werking te treden De gemeenschappelijke regeling regelt ook de financiële verdeling als gevolg van de financiële doordecentralisatie en het ingroeipad. Echter, in het bestuurlijk overleg is afgesproken dat de GR BW zo spoedig als mogelijk van kracht wordt, We hebben geen reden te wachten tot het van kracht worden van de doordecentralisatie op 1 januari 2024.

Met het van kracht worden van de GR BW bestendigen en formaliseren we de (voortgang van de) regionale samenwerking.

Financiële gevolgen Tot en met 2023 ontvangt gemeente Rotterdam de Rijksmiddelen voor beschermd wonen in de regio. Met ingang van 2024 start de decentralisatie van de financiële middelen naar alle gemeenten. Deze herverdeling volgt een ingroeipad van 10 jaar. Voor 2023 zijn er dus geen financiële gevolgen voor onze gemeente. Uit de meerjarenraming van gemeente Rotterdam van augustus 2022 blijkt dat wij de komende jaren uitkomen met de beschikbare middelen. Met ingang van 2030 zou er een tekort kunnen gaan ontstaan dat naar rato wordt verdeeld over de deelnemende gemeenten. De komende jaren werken we aan het voorkomen van een tekort. Dit kan door beschermd thuis in te zetten als nieuwe voorziening, optimale doorstroom in de keten te bevorderen en efficiënt en effectief samen te werken. In de kadernota voor het jaar 2024 doen wij u een voorstel met betrekking tot de te ontvangen rijksmiddelen en de overheveling naar gemeente Rotterdam. Vervolg Na het al dan niet ontvangen van een zienswijze Wanneer uw raad al dan niet een zienswijze heeft ingediend zullen we uw toestemming vragen de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen vast te stellen zodat deze in werking kan treden.

5 van 7

Informeren raad Iedere vier jaar vernieuwen we het beleidsplan Beschermd Wonen en Maatschappelijke opvang. Jaarlijks maken de regiogemeentes de begroting voor op het volgende jaar. Deze leggen we ter vaststelling voor aan uw gemeenteraad. Ook stellen we elke vier jaar een evaluatie van deze regeling op.

Bijlagen 1. Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen 2. Artikelsgewijze toelichting Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen regio Rotterdam

6 van 7

Raadsbesluit De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel; Besluit, na het lezen van het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 oktober 2022, om: Geen zienswijze in te dienen over het concept van de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen regio Rotterdam en de bijbehorende artikelsgewijze toelichting. Dit besloot de raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel in zijn openbare vergadering van 1 december 2022.

7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12187521/1