Notitie college inzake BOT-sessie Detailhandelsvisie 14 september
Tekst van het document
Notitie aan de raad t.b.v. BOT-sessie detailhandels- en horecastructuurvisie Contactpersoon: Michel Noorlander Inleiding Eind juni bent u geïnformeerd over het voorgenomen proces om te komen tot een nieuwe detailhandels- en horecastructuurvisie. Dit proces wordt geleid door adviesbureau DTNPO. Inmiddels is er een concreet tijdpad met diverse bijeenkomsten, waarvan een BOT-sessie met uw raad onderdeel is. BOT-sessie Op dinsdag 14 september vanaf 20.00.u. wordt u uitgenodigd om deze BOT-sessie bij te wonen. De bijeenkomst start met een presentatie door DTNP over de huidige situatie, de ontwikkelingen van de achterliggende jaren, de trends en toekomstverwachtingen. Aansluitend zal u worden gevraagd om te reflecteren op hetgeen gepresenteerd is. Voorafgaand aan de BOT-sessie vindt op woensdag 1 september een bijeenkomst plaats met (detailhandel)vastgoedeigenaren. Deze bijeenkomst is qua inhoud van een gelijke opzet als de BOT-sessie. Tot slot vindt op woensdag 6 oktober een afsluitende bijeenkomst plaats waarvoor alle winkeliers uitgenodigd worden. Voor deze bijeenkomst bent u van harte welkom om de reacties te horen op hetgeen gepresenteerd wordt. Na afloop van de drie bijeenkomsten zullen wij als college alle input verwerken en ons een beeld vormen van een richting die op draagvlak kan rekenen.
Wij verwachten de detailhandels- en horecastructuurvisie in het eerste kwartaal van 2022 bij uw raad ter besluitvorming aan te bieden. Keuzes te maken in een structuurvisie Een structuurvisie is altijd een keuze over de mate van concentratie en spreiding. Om de discussie richting te geven schetsen wij daarom een keuze. Op basis van de geformuleerde uitgangspunten zien wij op hoofdlijnen twee scenario’s om uit te kiezen: 1. Concentratie en diversiteit van het aanbod 2. Spreiding en nabijheid van het aanbod Concentratie en diversiteit van het aanbod Voordelen: • Een zo divers en compleet mogelijk voorzieningenniveau in de eigen gemeente; • Concentratie van functies draagt hieraan bij, door de synergie die optreedt. Biedt over het geheel de beste kansen en investeringsperspectief voor ondernemers en eigenaren; • Zorgt ervoor dat de inwoners voor de meeste zaken de gemeente niet uit hoeven; • Concentratie van functies en bezoekers draagt bij aan het voortbestaan van een ‘ontmoetingsplek’ voor de hele gemeenschap; • Mogelijkheden om commercieel vastgoed buiten de hoofdstructuur aan te pakken.
Spreiding en nabijheid van het aanbod Spreiding van het winkel- en horeca-aanbod, waarmee we de positionering van centra binnen de hoofdwinkelstructuur loslaten en mogelijk ook meer ontwikkelingen buiten de bestaande hoofdwinkelstructuur toestaan. Voordelen: • De nabijheid van functies gericht op de primaire levensbehoeften kan de leefbaarheid voor een deel van onze inwoners vergroten, zoals voor de minder mobiele, vergrijzende bevolking. • In de huidige marktsituatie is dit scenario minder ingewikkeld en vraagt daarmee ook om minder inzet van de gemeente (tijd, middelen) op de korte termijn; De volgende uitgangspunten heeft DTNP geformuleerd in haar analyse: Op basis van de huidige structuur, ontwikkelingen in de markt, analyses van DTNP en de uitkomsten van een enquête onder ondernemers in detailhandel en horeca, zijn de onderstaande uitgangspunten geformuleerd die de basis vormen voor de nieuwe detailhandels- en horecastructuurvisie: • Huidige structuur: de gemeente kent een hoofdwinkelstructuur, bestaande uit drie centrumgebieden: de Crimpenhof, De Korf en De Olm. Daarbuiten zijn er relatief veel verspreid gelegen winkel- en horecafuncties; • Dagelijkse winkels: dit is de bepalende winkelsector voor Krimpen aan den IJssel. Supermarkten vervullen een spilfunctie in de structuur.
In de supermarktsector van Krimpen aan den IJssel is er geen kwantitatieve marktruimte voor uitbreiding, terwijl vanuit de markt wel schaalvergrotingsinitiatieven te verwachten zijn. Ambities voor supermarkten moeten goed worden afgewogen vanwege de invloed op bezoekersstromen; • Niet-dagelijkse winkels: het niet-dagelijkse winkelaanbod staat onder druk. De eigen trekkracht van deze winkels neemt in veel gevallen af waarmee de afhankelijkheid van ‘impuls’ aankopen van passanten toeneemt. Dit aanbod is de afgelopen jaren al afgenomen en zal naar verwachting verder krimpen, mede door de effecten van de coronacrisis. De mate waarin die krimp doorzet is mede afhankelijk van de keuzes in en uitwerking van de detailhandels- en horecastructuurvisie. Een groot deel van het kwetsbare niet-dagelijkse winkelaanbod is te vinden in de Crimpenhof; • De horecasector: eet- en drinkgelegenheden in de gemeente zijn nu voor een groot deel buiten de centrumgebieden gevestigd. Mede hierdoor is de wisselwerking tussen de horeca en de winkelsector matig. Het potentieel voor horecaontwikkeling in de gemeente is nu beperkt, mede door het ontbreken van aantrekkelijke locaties. Bovendien heeft juist de horecasector door de coronacrisis een flinke klap gekregen; • Bevolkingsontwikkeling: de bestaande plannen zorgen voor een beperkte netto toevoeging van woningen.
Rekening houdend met de huishoudensverdunning in de bestaande wijken, betekent dat een stabiele bevolkingsomvang dan wel een zeer bescheiden groei van het inwonertal; • Leegstand: op basis van bovenstaande uitgangspunten is het onwaarschijnlijk dat de reeds ontstane leegstand de komende jaren weer met nieuwe winkels of horecagelegenheden wordt gevuld. Zonder ingrepen is eerder een toenemende leegstandsproblematiek te verwachten;