Raadsvoorstel minimabeleid
Tekst van het document
Raadsvoorstel Voorstel van de rekenkamer IJsselstein Opgesteld door: Commissie: Vergaderdatum: Zaaknummer: Portefeuillehouder: Geheim : Bijlage: Informatie bij:
Rekenkamer IJsselstein Samenleving 22 september 2021 1041992 E. Schell Nee Rapport “Evaluatie minimabeleid gemeente IJsselstein”, inclusief de bestuurlijke reactie Barbara IJsselmuiden (rekenkamerijsselstein@gmail.com)
Rekenkameronderzoek: ‘Evaluatie minimabeleid gemeente IJsselstein; een onderzoek naar de leefwereld van minima en het bereik, de toegankelijkheid en impact van regelingen vanuit het minimabeleid’. Voorstel: De rekenkamer stelt de raad voor te besluiten om het college van burgemeesters en wethouders te verzoeken: 1. SMART-geformuleerde doelstellingen op te stellen voor het minimabeleid met een heldere afbakening van de doelgroep voor de verschillende regelingen en streefwaarden voor het gebruik en bereik van de regelingen, opdat er een adequaat inzicht ontstaat over de ontwikkeling van het gebruik en bereik. 2. Om op basis van deze doelstellingen (zie punt 1) sturingsinformatie te ontwikkelen waarmee een beeld kan worden gevormd van de doeltreffendheid van het minimabeleid en er van de beleidsuitvoering geleerd kan worden. 3. In afstemming met de partijen die betrokken zijn bij de uitvoering van de verschillende regelingen de kaders voor het minimabeleid verder uit te werken in een aanpak waarin de doelgroep actief en persoonlijk en gericht op het gehele huishouden wordt benaderd. 4. Om met minima en professionals in gesprek te gaan over de noodzaak om de informatievoorziening over de regelingen en de toegankelijkheid hiervan te verbeteren door aan te sluiten bij de behoeften van de doelgroep en de ervaringen professionals.
Aan de hand van de gesprekken concrete verbeterpunten te formuleren en de raad hierover te informeren. 5. De raad voor het einde van het jaar te informeren over het tijdspad waarbinnen de aanbevelingen kunnen worden uitgevoerd.
De rekenkamer,
De secretaris,
De voorzitter,
Drs. B. IJsselmuiden
Drs. R.J.F. Paulussen
1
Raadsvoorstel Aanleiding voor dit voorstel Goed minimabeleid door inkomensondersteuning of andere voorzieningen kan ervoor zorgen dat mensen die weinig te besteden hebben, toch kunnen blijven participeren in de maatschappij. Uit eerder onderzoek van de rekenkamercommissie (2014) bleek dat alleen het hebben van beleid en voorzieningen geen garantie biedt dat inwoners ook daadwerkelijk gebruik maken van de voorzieningen. De rekenkamercommissie benadrukte destijds het belang van goede communicatie naar de doelgroep om het gebruik van de regelingen te stimuleren. Het advies van destijds en de belangstelling vanuit de raad voor dit onderwerp bracht de rekenkamer ertoe opnieuw onderzoek te doen naar het minimabeleid. Ditmaal met een bredere insteek. De rekenkamer was benieuwd in hoeverre het advies dat eerder werd gegeven, is verwerkt in beleid en heeft gevraagd om een evaluatie van het beleid en de beleidsuitvoering voor de periode 2016-2020. Daarnaast wilde de rekenkamer met dit onderzoek inzicht krijgen in de ervaringen van inwoners die gebruik maken van deze maatregelen en inzicht krijgen in de doeltreffendheid van het minimabeleid.
Kernboodschap In het rapport ‘Evaluatie minimabeleid gemeente IJsselstein; een onderzoek naar de leefwereld van minima en het bereik, de toegankelijkheid en impact van regelingen vanuit het minimabeleid’ is de hoofdconclusie van de rekenkamer verwoord in een kernboodschap. De kernboodschap is als volgt: De rekenkamer ziet dat er over de onderzoekperiode 2016-2020 verschillende acties zijn ondernomen om de informatievoorziening aan inwoners van de gemeente IJsselstein te verbeteren. Tegelijk blijkt uit de ervaringen van minima en professionals dat zowel de informatievoorziening als de wijze waarop de informatie beschikbaar wordt gesteld, verbeterd kan worden voor mensen die de taal niet beheersen of laaggeletterd zijn. Omdat de huidige nota minimabeleid geen SMARTgeformuleerde doelstellingen biedt over bijvoorbeeld de doelgroep, het gebruik en bereik van de verschillende regelingen, is het met dit onderzoek niet mogelijk om de doeltreffendheid van het beleid vast te stellen.
Toelichting op de voorgestelde beslispunten De kernboodschap, conclusies, aanbevelingen, toelichtingen en bevindingen zijn opgenomen in de rapportage. De rekenkamer doet vijf aanbevelingen, die verwoord zijn in de voorliggende beslispunten. Beslispunt 1. SMART-geformuleerde doelstellingen op te stellen voor het minimabeleid met een heldere afbakening van de doelgroep voor de verschillende regelingen en streefwaarden voor het gebruik en bereik van de regelingen, opdat er een adequaat inzicht ontstaat over de ontwikkeling van het gebruik en bereik. Toelichting 1.1. De huidige nota minimabeleid biedt geen SMART-geformuleerde doelstellingen over bijvoorbeeld de doelgroep, het gebruik en bereik van de verschillende regelingen. 1.2. Zonder heldere doelstellingen over de omvang van de doelgroep en streefwaarden voor het gebruik en bereik is het niet mogelijk om de doeltreffendheid van het beleid vast te stellen.
2
Raadsvoorstel 1.3. Ook beperkt het gebrek aan SMART-geformuleerde doelstellingen de mogelijkheid om sturingsinformatie over het gebruik en bereik in kaart te brengen. Beslispunt 2. Om op basis van deze doelstellingen (zie punt 1) sturingsinformatie te ontwikkelen waarmee een beeld kan worden gevormd van de doeltreffendheid van het minimabeleid en er van de beleidsuitvoering geleerd kan worden. Toelichting 2.1. Zie punt 1 Beslispunt 3. In afstemming met de partijen die betrokken zijn bij de uitvoering van de verschillende regelingen de kaders voor het minimabeleid verder uit te werken in een aanpak waarin de doelgroep actief en persoonlijk en gericht op het gehele huishouden wordt benaderd. Toelichting 3.1. Het huidige beleid leunt sterk op de gedachte van eigen initiatief en zelfredzaamheid. Echter, armoede en schulden – en dat illustreert ook dit onderzoek – zorgen ook voor mentale problemen en gevoelens van schaamte. 3.2. Mensen zijn zich bewust van hun problemen, maar zijn vaak niet in staat om actie te initiëren om deze op te lossen. 3.3. Dat vraagt om een aanpak waarin de doelgroepen – ondanks hun diversiteit – scherp omschreven zijn en waarin het armoedevraagstuk niet beperkt wordt tot één persoon. 3.4. Kaders kunnen bijdragen om de beperkte kennis die er is bij hulpverleners over de minimaregelingen te verbeteren. 3.5.
Aangezien er veel samenwerking tussen organisaties in IJsselstein is op het gebied minimabeleid, lijkt het verstandig dit onder regie, maar in gezamenlijkheid op te pakken. Beslispunt 4. Om met minima en professionals in gesprek te gaan over de noodzaak om de informatievoorziening over de regelingen en de toegankelijkheid hiervan te verbeteren door aan te sluiten bij de behoeften van de doelgroep en de ervaringen van professionals. Aan de hand van de gesprekken concrete verbeterpunten te formuleren en de raad hierover te informeren. Toelichting 4.1. In 2014 adviseerde de rekenkamercommissie onder andere om de voorlichting aan en de communicatie naar de doelgroep te verbeteren. 4.2. In het onderzoek constateert de rekenkamer dat er sindsdien verschillende acties ondernomen zijn om de informatievoorziening te verbeteren. 4.3. Tegelijk blijkt uit de ervaringen van minima en professionals dat zowel de informatievoorziening als de wijze waarop de informatie beschikbaar wordt gesteld, verbeterd kan worden voor mensen die de taal niet beheersen of laaggeletterd zijn. Beslispunt 5. De raad voor het einde van het jaar te informeren over het tijdspad waarbinnen de aanbevelingen kunnen worden uitgevoerd.
3
Raadsvoorstel Toelichting 5.1. De rekenkamer vindt het belangrijk dat de raad door het college geïnformeerd wordt over het tijdspad waarbinnen de aanbevelingen kunnen worden uitgevoerd. 5.2. Bij de formulering van de aanbevelingen heeft de rekenkamer concrete voorstellen gedaan en tegelijkertijd ruimte gelaten aan het college om de aanbevelingen nader in te vullen. 5.3. Indien nuttig kan de raad besluiten een andere termijn af te spreken.
4
Raadsbesluit Raadsbesluit De raad van de gemeente IJsselstein; Gelezen het voorstel van het presidium van 8 september 2021, zaaknummer 1041992
BESLUIT: het college van burgemeesters en wethouders te verzoeken: 1. SMART-geformuleerde doelstellingen op te stellen voor het minimabeleid met een heldere afbakening van de doelgroep voor de verschillende regelingen en streefwaarden voor het gebruik en bereik van de regelingen, opdat er een adequaat inzicht ontstaat over de ontwikkeling van het gebruik en bereik. 2. Om op basis van deze doelstellingen (zie punt 1) sturingsinformatie te ontwikkelen waarmee een beeld kan worden gevormd van de doeltreffendheid van het minimabeleid en er van de beleidsuitvoering geleerd kan worden. 3. In afstemming met de partijen die betrokken zijn bij de uitvoering van de verschillende regelingen de kaders voor het minimabeleid verder uit te werken in een aanpak waarin de doelgroep actief en persoonlijk en gericht op het gehele huishouden wordt benaderd. 4. Om met minima en professionals in gesprek te gaan over de noodzaak om de informatievoorziening over de regelingen en de toegankelijkheid hiervan te verbeteren door aan te sluiten bij de behoeften van de doelgroep en de ervaringen van professionals. Aan de hand van de gesprekken concrete verbeterpunten te formuleren en de raad hierover te informeren. 5. De raad voor het einde van het jaar te informeren over het tijdspad waarbinnen de aanbevelingen kunnen worden uitgevoerd.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente IJsselstein, gehouden op 7 oktober 2021.
De griffier
De voorzitter
A.J.O. van Kooij
mr. P.J.M. van Domburg
5