CConstaterende datHulst
Koppel je AI →
Document · PDF

Samenwerkingsovereenkomst VVE juli 2025- december 2026

Commissie Samenleving 3 december 2025, gemeente HulstBij agendapunt: Ingekomen stukken2.756 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Samenwerkingsovereenkomst Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) Jeugdgezondheidszorg GGD-Zeeland, Voorschoolse voorzieningen, Vroegschoolse voorzieningen, Gemeenten regio Zeeuws-Vlaanderen

Versie juli 2025 t/m december 2026

Inhoudsopgave 1.

Algemeen ................................................................................................... 3 Inleiding .......................................................................................................... 3 Doel ............................................................................................................... 3 Actualisatie....................................................................................................... 3 Communicatie en afstemming ................................................................................. 4 Privacy en gegevensdeling ..................................................................................... 4 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling ......................................................... 4

2.

Inhoudelijke uitvoeringsafspraken ...................................................................... 6 Uitvoeringsafspraken jeugdgezondheidszorg GGD-Zeeland (ZVL) ........................................ 6 Uitvoeringsafspraken voorschoolse voorzieningen .......................................................... 6 Uitvoeringsafspraken vroegschoolse voorzieningen ........................................................ 7

3.

Monitor en evaluatie ...................................................................................... 8

Bijlage 1:

Zeeuws-Vlaamse doelgroep definitie VVE ....................................................... 9

Bijlage 2:

Stroomschema VVE Monitor .......................................................................10

Bijlage 3:

Verwerkersovereenkomst Dimensional Insight/ GGD ……………………………………………………..11

2

1.

Algemeen

Inleiding In de wet is in artikel 167 WPO lid 1 vastgelegd dat burgemeester en wethouders met betrekking tot VVE ten minste jaarlijks overleg voeren en zorgdragen voor het maken van afspraken over: a. met het oog op een zo groot mogelijke deelname van het aantal kinderen aan voorschoolse educatie: 1°. het vaststellen welke kinderen met een risico op een achterstand in de Nederlandse taal in aanmerking komen voor voorschoolse educatie, 2°. de wijze waarop die kinderen worden toegeleid naar voorschoolse en vroegschoolse educatie, en 3°. de organisatie van een doorlopende leerlijn van voorschoolse naar vroegschoolse educatie, en b. resultaten van vroegschoolse educatie. Op grond van artikel 167 WPO lid 2 dienen burgemeester en wethouders overleg te voeren en afspraken te maken, voor onderdeel a, met de bevoegde gezagsorganen van scholen en de houders van kindercentra als bedoeld in de Wet Kinderopvang en voor onderdeel b met de bevoegde gezagsorganen van scholen. Alle partijen werken mee aan de totstandkoming van de afspraken. In 2003 sloten de Zeeuws-Vlaamse partners (schoolbesturen, kinderopvanginstellingen, GGD-JGZ en drie gemeenten), de Zeeuws-Vlaamse samenwerkingsovereenkomst VVE af. Hiermee geven we uitvoering aan het bepaalde in artikel 167 lid 1, onderdeel a, sub 1 en 2 en lid 2. Daarnaast leveren we een bijdrage aan artikel 167 lid 1, onderdeel a, sub 3.

In 2024 besloten de drie Zeeuws- Vlaamse gemeenten te starten met de voorschool in ZeeuwsVlaanderen. Periodiek actualiseren we de samenwerkingsovereenkomst. Nu, in 2025 passen we de afspraken aan in verband met de start van de voorschool in Zeeuws- Vlaanderen. Deze samenwerkingsovereenkomst vervangt tijdelijk de afspraken, zoals deze in 2024 zijn vastgesteld voor de periode van 1 juli 2025 tot en met december 2026. Daarna treed de samenwerkingsovereenkomst 2024 terug in werking. Daar waar in dit document ‘ouders’ staat geschreven, bedoelen wij vanzelfsprekend ouder(s) en/of verzorger(s) en/of wettelijk vertegenwoordiger(s). Doel De Zeeuws-Vlaamse partners basisonderwijs, kinderopvang, GGD-JGZ en gemeenten werken samen om achterstanden bij kinderen te voorkomen en bestrijden. Door middel van deze bijgestelde samenwerkingsovereenkomst hernieuwen we de afspraken om de toeleiding van ‘doelgroeppeuters’ (voor definitie zie bijlage 1) tot de voorschoolse voorzieningen (met een specifiek VVE-aanbod) te verbeteren en daarmee de doorgaande lijn tussen voorschoolse en vroegschoolse voorzieningen te bevorderen. Om onderwijsachterstanden te voorkomen is het van belang om kinderen die risico lopen op een achterstand bij aanvang van de basisschool te laten deelnemen aan voorschoolse educatie. Voorschoolse educatie is een onderdeel van voor- en vroegschoolse educatie.

VVE zet in op het bevorderen van taal, rekenen, sociaal-emotionele en motorische ontwikkeling. Het aanbod aan voorschoolse educatie is er in Zeeuws-Vlaanderen voor alle peuters.. Actualisatie Met ingang van 1 juli 2025 t/m 31 december 2026 geven we een vervolg aan de uitvoering van de afspraken in deze overeenkomst.

3

Communicatie en afstemming • De schoolbesturen en bestuurders kinderopvang zijn primair verantwoordelijk voor de communicatie van deze afspraken binnen hun organisaties. • De jeugdverpleegkundigen in de werkgroep JGZ-KO-gemeente zijn verantwoordelijk voor de communicatie over de nieuwe werkwijze zoals geformuleerd in deze notitie naar de jeugdverpleegkundigen binnen de teams Terneuzen, Hulst en Sluis. • De voor-, vroegscholen en GGD-JGZ hebben afspraken over de afstemming/ communicatie over kinderen. Hieronder vallen ook doelgroepkinderen. Privacy en gegevensdeling In de provincie Zeeland wordt voor verwijzing van met VVE geïndiceerde kinderen gebruik gemaakt van de VVE monitor. Voor deze monitor is tussen Dimensional Insight (VVE Monitor) en de GGD een verwerkingsovereenkomst opgesteld (bijlage 3). Als kinderen in aanmerking komen voor een VVE indicatie wordt er, met toestemming van de ouders, door de GGD via de VVE- monitor doorverwezen naar een VVE locatie naar keuze. Deze VVE locatie ontvangt vervolgens de naam, het geslacht, de geboortedatum van het kind en adres, telefoonnummer en email van ouder(s). Deze gegevens worden gebruikt om de plaatsing van het kind te realiseren. Gemeenten verwerken geen data en persoonsgegevens. Ook zien gemeenten geen kind gegevens en zien zij in de VVE Monitor alles alleen op een geaggregeerd niveau.

Bij de samenwerking en contacten tussen de verschillende organisaties worden de reguliere eisen op het gebied van privacy en de AVG in acht genomen, evenals de afspraken binnen de eigen organisaties. In artikel 167 van de WPO is het volgende vastgelegd over privacy en gegevensdeling: “Een houder van een kindercentrum of peuterspeelzaal verwerkt persoonsgegevens met als doel de bevordering van een goede doorstroom naar het basisonderwijs. De gegevens die een houder van een kindercentrum of peutergroep verplicht overdraagt aan het bevoegd gezag van een basisschool over leerlingen die op de basisschool zijn ingeschreven, zijn het programma van voorschoolse educatie dat een leerling heeft gevolgd en de duur van het programma dat is gevolgd. Houders van kindercentra of peuterspeelzalen maken afspraken met de basisscholen binnen een gemeente over de wijze van gegevenslevering. De bewaartermijn voor de overgedragen gegevens is twee jaar nadat het kind het kindercentrum of peuterspeelzaal heeft verlaten.” In het kader van ouderbetrokkenheid gaan we er in beginsel van uit dat iedere bespreking rondom een kind samen met de ouders plaatsvindt.

Geheimhouding Partijen nemen conform de toepasselijke wettelijke bepalingen en ongeacht de duur van deze samenwerkingsovereenkomst strikte geheimhouding in acht over elkaars organisatie, over informatie die ten behoeve van de uitvoering van deze samenwerkingsovereenkomst bij en/of tussen partijen bekend wordt en vertrouwelijk is. Beveiliging Partijen nemen ieder voor zich adequate technische en organisatorische maatregelen om informatie te beschermen tegen verlies of onrechtmatige verwerking, waaronder ten minste het bewaren, verstrekken, verzenden en archiveren van informatie. Melding van datalekken In het geval dat er onbedoeld informatie van een betrokkene terecht komt bij een onbedoelde ontvanger, dan is er sprake van een beveiligingsincident. Degene die dit constateert meldt dit onmiddellijk bij hun bestuur, zodat deze in de rol van verwerkersverantwoordelijk, de benodigde acties kan ondernemen en melding maakt van een datalek. Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Om te zorgen voor veiligheid en de juiste hulp is het van belang dat signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling goed in beeld zijn bij mensen die hier in hun werk zicht op hebben. De ‘Wet Verplichte Meldcode Huiselijk Geweld en kindermishandeling’ verplicht een aantal beroepsgroepen, waaronder de partners van deze samenwerkingsovereenkomst, om te werken met een meldcode.

De meldcode is een stappenplan voor professionals om bij signalen van huiselijk geweld of

4

kindermishandeling te bepalen of een melding bij Veilig Thuis nodig is én of er hulp verleend/ georganiseerd kan of moet worden. Per 01 januari 2019 is de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling aangescherpt. Melden bij Veilig Thuis wordt de norm bij vermoedens structurele onveiligheid. Ook als professionals zelf nog hulp kunnen verlenen in de lokale zorg. Veilig Thuis heeft een radarfunctie. Elke organisatie die met de meldcode werkt, heeft een beroepscode en een aandachtfunctionaris. Deze implementeert de meldcode in de organisatie, bewaakt de procedures, is aanspreekpunt voor de ketenpartners en adviseert en ondersteunt medewerkers die met deze signalen worden geconfronteerd of daarover twijfelen.

5

2.

Inhoudelijke uitvoeringsafspraken

De diverse partijen hebben met betrekking tot de toeleiding van de peuters de volgende afspraken gemaakt. Overleg 1. De coördinator van het kerngroep overleg/ clusteroverleg neemt het initiatief voor een overleg tussen de voor- en vroegschoolse voorziening, minimaal twee keer per jaar. JGZ schuift hierbij op uitnodiging aan. (Indien van toepassing) Uitvoeringsafspraken jeugdgezondheidszorg GGD-Zeeland (ZVL) Zie bijlage 2: Zie stroomschema VE-monitor (bijlage 2) en verwerkingsovereenkomst Dimensional Insight (bijlage 3). Uitvoeringsafspraken voorschoolse voorzieningen 1. De voorschoolse voorzieningen moeten ingeschreven zijn in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en zijn geregistreerd voor VVE. 2. De voorschoolse voorzieningen werken met een erkend VVE programma. 3. De voorschoolse voorzieningen die in het LRK geregistreerd zijn voor VVE bieden aan doelgroepkinderen een VVE-aanbod conform het wettelijk kader en de gemeentelijke subsidievoorwaarden. 4. Doelgroepkinderen krijgen voorrang op niet-doelgroepkinderen bij plaatsing. 5. Na definitieve vaststelling van de VVE-indicatie door JGZ, wordt het kind digitaal aangemeld via de VVE- monitor bij de voorschoolse voorziening. 6. De voorschoolse voorziening signaleert op basis van KIJK! bij de jeugdverpleegkundige. 7.

Het is de verantwoording van de organisaties om de KIJK! op de juiste datum in te vullen en het ‘vinkje’ doelgroepkind VVE aan te zetten en te houden in KIJK!. 8. De doelgroepkinderen die een erkend VVE programma krijgen aangeboden, worden gevolgd in hun ontwikkeling aan de hand van de registratiemethode KIJK!-peuters. Deze registratie wordt tenminste drie maal tijdens de peuterperiode afgenomen (2 jaar 6 maanden, 3 jaar 2 maanden, 3 jaar 10 maanden). 9. Wanneer een kind een VVE-indicatie en verwijzing heeft gekregen, maar in de praktijk pas later start en er daardoor nog geen volledig beeld is, worden bij het eerstvolgende KIJK!moment (dus bij 2 jaar en 6 maanden of 3 jaar en 2 maanden) enkel de basiskenmerken, risicofactoren en de taal ingevuld. Indicatiestelling 10. Als in de voorschoolse voorziening de indruk bestaat dat een niet-doelgroepkind een ontwikkelingsachterstand heeft, wordt een registratie KIJK!-peuters gedaan. Als uit deze registratie blijkt dat het kind een taal/spraak ontwikkelingsscore in de Nederlandse taal heeft welke tenminste 4 maanden onder het niveau van leeftijdsgenootjes ligt en er naar het professionele oordeel van de pedagogisch medewerker geen sprake is van ‘een sprongetje’ in de ontwikkeling van het kind signaleert de voorschool dit bij de jeugdverpleegkundige. 11.

Wanneer een kind géén VVE-indicatie heeft op het moment dat de KIJK! wordt ingevuld, signaleren de voorscholen in elk geval bij de jeugdverpleegkundige wanneer het kind een taal/spraak ontwikkelingsscore in de Nederlandse taal heeft welke tenminste 4 maanden onder het niveau van leeftijdsgenootjes ligt èn er naar het professionele oordeel van de pedagogisch medewerker geen sprake is van ‘een sprongetje’ in de ontwikkeling van het kind. Overdracht 12. De voorschoolse en vroegschoolse voorzieningen verplichten zich tot een warme overdracht van het doelgroepkind. Houders van voorschoolse en vroegschoolse voorzieningen verplichten zich tot het maken van afspraken over: 1. de wijze waarop de warme overdracht plaats vindt 2. de inhoud van de warme overdracht. Minimaal te verstrekken gegevens zijn: het programma dat is gevolgd, de duur van dit programma en de KIJK!-registratie. Aangevuld met de afspraken rondom de doorgaande lijn

6

en de clusterplannen (indien van toepassing). Hierbij wordt altijd gehandeld volgens de kaders van de AVG. Uitvoeringsafspraken vroegschoolse voorzieningen 1. Houders van voorschoolse voorzieningen en basisonderwijs verplichten zich tot het maken van afspraken over de wijze van warme overdracht en de inhoud hiervan. Minimaal te verstrekken gegevens zijn: het programma dat is gevolgd, de duur van dit programma en de KIJK!-registratie. Ouders/verzorgers worden hier altijd actief bij betrokken 2. Over de monitoring van vroegschoolse educatie in het basisonderwijs kunnen nadere afspraken worden gemaakt met de gemeente. 3. Tijdens het intakegesprek op de vroegschool wordt de gezinssituatie nagevraagd en worden mogelijke jongere broertjes en zusjes toegeleid naar de voorschoolse voorziening. 4. De afspraken rondom de doorgaande lijn en de clusterplannen worden uitgevoerd

7

3.

Monitor en evaluatie

Monitoring vindt plaats aan de hand van de VVE- monitor. De monitoring/ evaluatie vindt twee keer per jaar plaats na de tel data, te weten eind mei en eind november. Tijdens deze monitoringsmomenten worden gegevens van kinderopvangorganisaties en gemeenten naast elkaar gelegd. Voor deze bijeenkomst worden deze gegevens met elkaar gedeeld. In de subsidieverantwoording peuterwerk/VVE leveren de voorschoolse voorzieningen het volgende aan: Informatie Aantal peuters per peildatum 1 oktober + 1 april per groep/locatie Aantal doelgroeppeuters per peildatum 1 oktober + 1 april bij de voorschoolse voorziening

Bron Registratie voorschools Registratie voorschools

Wie levert aan Voorschoolse voorziening Voorschoolse voorziening

Met het basisonderwijs kunnen aparte afspraken worden gemaakt over het registreren en aanleveren van gegevens in het kader van de verplichte resultaatafspraken VVE. De samenwerkingsovereenkomst VVE Zeeuws-Vlaanderen wordt iedere twee jaar geëvalueerd. De evaluatie van de samenwerkingsafspraken op uitvoeringsniveau maakt onderdeel uit van het clusteroverleg/ kerngroepoverleg.

8

Bijlage 1:

Zeeuws-Vlaamse doelgroep definitie VVE

Doelgroep definitie VVE (voorschoolse periode) Alle peuters in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar vallen onder de definitie doelgroep peuter. In de gemeente Sluis betreft het alle peuters van 2 tot 4 jaar. Doelgroep + (extra aanbod) Voor Kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar: • die een feitelijke achterstand hebben óf die een hoog risico lopen op spraak/taalachterstand in de Nederlandse taal bij aanvang van de basisschool en waarbij ouder(s) onvoldoende in staat zijn om de ontwikkeling van het kind zodanig te stimuleren dat deze achterstand wordt ingelopen, en/of; • waarvan het opleidingsniveau van (beide) ouder(s) ten hoogste mbo-1 niveau of lager is, en/of; • waarbij de thuistaal niet Nederlands is en (beide) ouder(s) een opleidingsniveau heeft van mbo-2 niveau of lager, en/of; • waarbij uit de onderbouwde observatie gegevens van JGZ/GGD of de samenwerkingspartners (onderwijs, opvang, toegang) naar oordeel van JGZ/GGD blijkt dat het kind baat heeft bij VE vanwege een sociaal-emotionele ontwikkelingsachterstand en/of; • waarvan de ouders in de schuldsanering of schuldhulpverlening via de gemeente zitten. Aandachtspunten • Uitgangspunt is dat er altijd advies wordt gevraagd aan de voorschoolse voorziening als het gaat om kinderen tussen 2 – 4 jaar (Sluis) en 2,5 tot 4 jaar (Hulst en Terneuzen), indien het kind hiervan al gebruik maakt.

• Wanneer een voorschoolse voorziening op basis van observatiegegevens constateert dat er zorgen zijn over de taalontwikkeling en/of sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind, dan kan de houder (met toestemming van de ouder(s) van het kind) in contact treden met JGZ/GGD. • Wanneer ouders in staat worden geacht om de Nederlandse taal/spraak ontwikkeling van hun kind te stimuleren, dan krijgen zij hiervoor tips vanuit de JGZ. • Wanneer sprake is van kind eigen factoren is mogelijk een andere interventie meer op zijn plaats dan VVE. Wanneer een kind wacht op plaatsing bij een gespecialiseerde instelling is een VVE-indicatie mogelijk gerechtvaardigd gedurende de wachttijd. De professional dient een weloverwogen besluit hierop te nemen. Wanneer een andere interventie plaats vindt, bestaat de mogelijkheid om daarnaast VVE in te zetten, bijv. omdat een TOS nog niet is vast te stellen op jonge leeftijd. De professional dient hier een weloverwogen besluit op te nemen. • Kinderen die niet vallen onder de doelgroep definitie VVE, maar bij wie wel een noodzaak bestaat tot een aanbod van extra dagdelen op de voorschoolse voorziening, komen mogelijk in aanmerking voor opvang op Sociaal Medische Indicatie (indien van toepassing). Dit werkproces valt buiten de afspraken in deze samenwerkingsovereenkomst.

Vooraf bepaalde signaleringssystemen Doelgroepkinderen worden door de JGZ onder andere op basis van SPARK /Van Wiechenmethode geïndiceerd. Voor de omgevingsanalyse maakt JGZ gebruik van de hiertoe ontwikkelde geldende richtlijn. Doelgroepkinderen worden door de voorschoolse voorzieningen op basis van KIJK! gesignaleerd volgens de afspraken in deze overeenkomst.

Bijlage 2:

Stroomschema VVE Monitor

Instroom via het consultatiebureau: 1.

De GGD- verpleegkundige stelt tijdens een consult vast dat een kind een VE+ aanbod nodig heeft. Dit wordt besproken met de ouder(s). Als de ouder(s) instemmen met het extra aanbod kunnen zij een voorkeurslocatie aangeven. Dit wordt door de GGDverpleegkundige ingevoerd in de VVE- monitor.

2. De door de ouders gekozen aanbieder voor VE ontvangt een melding vanuit de VVEtoeleidingsmonitor dat er een nieuwe toeleiding klaar staat voor het VE+ aanbod.. 3. De VE-locatie start de plaatsingsprocedure en geeft aan in de VVE- toeleidingsmonitor of het kind geplaatst is, op een wachtlijst staat of dat ouders alsnog hebben besloten geen VE+ af te nemen. 4. Indien een ouder besluit geen VE+ af te nemen wordt dit, met de reden, geregistreerd in de VVE- toeleidingsmonitor. Indien een kind al geplaatst is op een groep: Als een pedagogisch medewerker/ pedagogisch coach oordeelt dat een kind VE+ aanbod nodig heeft, gaan zij in gesprek met ouders en GGD-verpleegkundige. Als deze het met elkaar eens zijn meldt de GGD- verpleegkundige het kind aan bij de VE- locatie naar keuze via de toeleidingsmonitor.

Kind krijgt VE indicatie

•ouder akkoord

Ouder kiest aanbieder

•Ouder niet akkoord

ouder niet akkoord

•JGZ meldt het kind aan bij de monitor •Proces stopt. melding in monitor met reden geen vve

10

Kind is aangemeld bij aanbieder via monitor

•aanbieder start het proces voor plaatsing •plaatsing wordt gemeld in de monitor.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16060228/1